CConstaterende datSchiermonnikoog
Koppel je AI →
Document · PDF

Herstelbesluit regels Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog -vs 05 juli

Raadsvergadering 16 juli 2024, gemeente SchiermonnikoogBij agendapunt: Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte dorp24.989 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

c. d.

26.5.2

Voorwaardelijk gebruik

Het gebruik van de gronden ten behoeve van een terras behorend bij een horecabedrijf is uitsluitend toegestaan, ter plaatse van de aanduiding “terras” en met dien verstande dat: 1. de terrasfunctie uitsluitend in gebruik mag zijn, indien door middel van een onderzoek naar de publieksaantrekkende werking en de geluidsbelasting is aangetoond dat het terras geen onevenredige hinder veroorzaakt voor de omgeving; 2. de terrasfunctie vervalt op het moment dat de aangrenzende horecafunctie vervalt.

71

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp

Artikel 27 27.1

Verkeer – Verblijf

Bestemmingsomschrijving

De voor ‘Verkeer – Verblijf’ aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d.

wegen en straten; paden; parkeervoorzieningen en -terreinen; groenvoorzieningen;

met daaraan ondergeschikt: e. nutsvoorzieningen; f. sloten, bermen en beplanting; g. tuinen en erven; h. een terras, uitsluitend op gronden ter plaatse van de aanduiding “specifieke vorm van horeca – terras”; met de daarbij behorende: i. j.

gebouwen; bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, waaronder (ondergrondse) afvalcontainers.

27.2

Bouwregels

27.2.1

Gebouwen

Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. b. c.

als gebouw mogen uitsluitend garageboxen worden gebouwd; garageboxen mogen uitsluitend ter plaatse van de aanduiding “garage” worden gebouwd; de bouwhoogte van een garagebox mag ten hoogste 3,50 m bedragen.

27.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, geldt dat de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, anders dan rechtstreeks ten behoeve van de geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer, ten hoogste 1,00 m mag bedragen. 27.3

Nadere eisen

Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. b. c. d. e. f. g.

het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.

72

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp

Artikel 28 28.1

Wonen

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.

wonen, al dan niet in combinatie met ruimte voor: 1. een aan-huis-verbonden beroep of kleinschalige bedrijfsmatige activiteit; 2. ondergeschikte detailhandel als onderdeel van een aan-huis-verbonden beroep of kleinschalige bedrijfsmatige activiteit;

en tevens voor: b. c. d.

e.

f. g. h.

een pension, uitsluitend op gronden ter plaatse van de aanduiding "pension"; recreatieve bewoning in een recreatiewoning, uitsluitend op gronden ter plaatse van de aanduiding “recreatiewoning”; ondergeschikte recreatieve bewoning van een woning tot ten hoogste 25% van de brutovloeroppervlakte van een woning, uitsluitend op gronden ter plaatse van de aanduiding “specifieke vorm van wonen – ondergeschikte recreatie 1”; ondergeschikte recreatieve bewoning van een woning tot ten hoogste 45% van de brutovloeroppervlakte van een woning, uitsluitend op gronden ter plaatse van de aanduiding “specifieke vorm van wonen – ondergeschikte recreatie 2”; tijdelijke huisvesting in de vorm van noodopvang en personeelshuisvesting, uitsluitend op gronden ter plaatse van de aanduiding "specifieke vorm van wonen – tijdelijke huisvesting"; recreatieve bewoning in een recreatieappartement, uitsluitend op gronden ter plaatse van de aanduiding “specifieke vorm van wonen - recreatieappartement”; bestaande personeelshuisvesting;

met de daarbij behorende: i. tuinen, erven en terreinen; j. gebouwen; k. l.

bijbehorende bouwwerken; bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

28.2

Bouwregels

28.2.1

Hoofdgebouwen

Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a. b. c. d. e. f. g.

h.

als hoofdgebouwen mogen uitsluitend woningen worden gebouwd; hoofdgebouwen dienen binnen een bouwvlak te worden gebouwd; de voorgevel van een hoofdgebouw dient in de naar de weg gekeerde bouwgrens te worden gebouwd; het aantal woningen per bouwvlak mag ten hoogste 1 bedragen dan wel het ter plaatse van de aanduiding "aantal wooneenheden" aangegeven aantal; het samenvoegen van woningen is niet toegestaan; het aantal recreatieappartementen, zoals bedoeld in lid 28.1 sub g mag ten hoogste 2 bedragen; de goot- en bouwhoogte van hoofdgebouwen mag ten hoogste de aangegeven goot- en bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding “maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)” bedragen, met dien verstande dat indien geen goothoogte is aangegeven, de goothoogte ten hoogste de aangegeven bouwhoogte mag bedragen; een hoofdgebouw dient te zijn voorzien van een kap waarbij de dakhelling van gebouwen ter plaatse van de aanduiding "minimum dakhelling (graden), maximum dakhelling (graden)" niet minder en niet meer mag bedragen dan het aangegeven minimum en maximum.

73

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp

28.2.2

Bijbehorende bouwwerken en overkappingen

Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken en/of overkappingen geldt dat de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken en/of overkappingen per hoofdgebouw ten hoogste 20% van de oppervlakte van het gezamenlijk tot het hoofdgebouw behorende bouwperceel mag bedragen tot een maximum van 50 m².

28.2.3

Aangebouwde bijbehorende bouwwerken

Voor het bouwen van aangebouwde bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels: a. aan het hoofdgebouw gebouwde bijbehorende bouwwerken dienen achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd; b.

in afwijking van sub a geldt dat bestaande Lytjhúzen voor de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan mogen worden gebouwd; de bouwhoogte van een aangebouwd bijbehorend bouwwerk mag ten hoogste gelijk zijn aan de bouwhoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw dan wel de bestaande hoogte indien deze meer bedraagt.

c.

28.2.4

Vrijstaande bijbehorende bouwwerken

Voor het bouwen van vrijstaande bijbehorende bouwwerken en overkappingen gelden de volgende regels: a.

voor vrijstaande bijbehorende bouwwerken en overkappingen ten behoeve van het in lid 28.1 genoemde gebruik gelden de volgende bouwregels: 1. bijbehorende bouwwerken dienen achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd; 2. de afstand van bijbehorende bouwwerken tot de zijdelingse perceelgrens bedraagt ten minste 0,50 m tenzij bijbehorende bouwwerken op de zijdelingse perceelgrens worden gebouwd; 3. de goothoogte van bijbehorende bouwwerken mag ten hoogste 3,00 m bedragen; 4. de bouwhoogte van bijbehorend bouwwerken mag ten hoogste 3,50 m bedragen.

b.

in aanvulling op en/of i n afwijking van het bepaalde onder a gelden voor gebouwen ten behoeve van recreatieve bewoning als bedoeld in lid 28.1 sub c tevens de volgende bouwregels:: 1. recreatiewoningen mogen uitsluitend ter plaatse van gronden met de aanduiding “recreatiewoning” worden gebouwd; 2. het aantal recreatiewoningen ter plaatse van de aanduiding “recreatiewoning” mag ten hoogste 1 bedragen; 3. de goothoogte van een gebouw mag ten hoogste 2,75 m bedragen; 4. de bouwhoogte van een gebouw mag ten hoogste 4,50 m bedragen; 5. een recreatiewoning dient te zijn voorzien van een kap, waarvan de dakhelling ten minste 25° en ten hoogste 65° bedraagt.

28.2.5

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. b.

c. d. e.

bouwwerken, geen gebouwen zijnde, dienen, met uitzondering van erf- en terreinafscheidingen, achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd; de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag ten hoogste 1,00 m bedragen, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan ten hoogste 2,00 m mag bedragen; de gezamenlijke oppervlakte van overkappingen mag per bouwperceel ten hoogste 15 m² bedragen; de bouwhoogte van overkappingen mag ten hoogste 3,00 m bedragen; de bouwhoogte van de overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 2,00 m bedragen.

28.3

Nadere eisen

Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: 74

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp a. b. c. d. e. f. g.

het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.

28.4

Afwijken van de bouwregels

28.4.1

Afwijkingsregels

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van: a.

het bepaalde in lid 28.2.1 sub c ten behoeve van het gedeeltelijk voor dan wel achter de naar de weg gekeerde bouwgrens bouwen; het bepaalde in lid 28.2.1 sub d ten behoeve van het splitsen van een woning in 2 of meer zelfstandige woningen; het bepaalde in lid 28.2.1 sub e ten behoeve van het samenvoegen van 2 of meer woningen tot een kleiner aantal woningen; het bepaalde in lid 28.2.1 sub b ten behoeve van het vergroten en/of vernieuwen van het hoofdgebouw buiten het bouwvlak, met dien verstande dat: 1. hoofdgebouwen uitsluitend kunnen worden vergroot en/of vernieuwd ten behoeve van het wonen, zoals genoemd in lid 28.1 sub a; 2. de vergroting past binnen het bouwvlak, zoals dat was vastgelegd in het voorheen geldende bestemmingsplan Schiermonnikoog-Dorp (vastgesteld op 24 maart 2009); 3. de bouwregels zoals genoemd in lid 28.2.1 sub c tot en met h van toepassing zijn; 4. de algemene toetsingscriteria zoals genoemd in lid 28.4.2 sub a van toepassing zijn.

b. c. d.

28.4.2 a

Toetsingscriteria Algemene toetsingscriteria

De in lid 28.4.1 genoemde afwijkingen mogen uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.

het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.

b

Toetsingscriteria voor woningvorming

Aanvullend op het bepaalde in sub a geldt voor de in lid 28.4.1 sub b genoemde afwijking dat deze uitsluitend wordt verleend, mits: 1. 2.

de bruto-vloeroppervlakte van het hoofdgebouw dat wordt verbouwd ten minste 110 m2 bedraagt; na verbouwing alle ontstane woningen een bruto-vloeroppervlakte hebben van tenminste 50 m2.

28.5

Specifieke gebruiksregels

28.5.1

Specifieke gebruiksverboden

Tot een gebruik strijdig met deze bestemming wordt in elk geval gerekend: a. b.

het gebruik van bijbehorende bouwwerken voor bewoning; het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van recreatieve bewoning, met uitzondering van het op grond van lid 28.1 toegestane gebruik; 75

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp c. d.

e.

f.

het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van de uitoefening van detailhandel, met uitzondering van het op grond van lid 28.1 onder a. sub 2 toegestane gebruik; het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van een aan-huis-verbonden beroep of kleinschalige bedrijfsmatige activiteit, indien er sprake is van een milieuvergunningsplichtige of meldingsplichtige activiteit in het kader van de Wet milieubeheer; het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van een aan-huis-verbonden beroep of kleinschalige bedrijfsmatige activiteit voor meer dan 25% van de totale gezamenlijke begane grond vloeroppervlakte van het legaal aanwezige hoofdgebouw, aangebouwde en overige bijbehorende bouwwerken. het naar aard en omvang vergroten van het gebruik van de gronden en bouwwerken voor recreatieve bewoning ter plaatse van de aanduidingen “overige zone – voorwaardelijk recreatief gebruik” en overige zone – voorwaardelijk recreatief gebruik 2”.

28.5.2

Uitsterfregeling 'overige zone - voorwaardelijk recreatief gebruik’

In afwijking van het gestelde in lid 28.5.1 onder b is recreatieve bewoning ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - voorwaardelijk recreatief gebruik 1' toegestaan. Indien recreatieve bewoning ter plaatse van deze aanduiding voor een periode van meer dan 12 aaneengesloten maanden vanaf 19 juli 2022 is gestaakt, mag recreatieve bewoning niet worden hervat.

28.5.3

Uitsterfregeling 'overige zone - voorwaardelijk recreatief gebruik 2'

In afwijking van het gestelde in lid 28.5.1 onder b is recreatieve bewoning ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - voorwaardelijk recreatief gebruik 2' toegestaan. Indien er op de eerste dag van de 13e week na het onherroepelijk worden van het plan, sprake is van permanente bewoning, dan mag recreatieve bewoning niet meer worden hervat. Recreatieve bewoning mag ook niet worden hervat, indien deze voor een periode van meer dan 12 aaneengesloten maanden na inwerkingtreding van het plan, is gestaakt.

28.6

Afwijken van de gebruiksregels

28.6.1

Afwijkingsregels

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van: a.

het bepaalde in lid 28.5 .1 sub b en toestaan dat het hoofdgebouw naast het wonen tevens wordt gebruikt voor recreatieve bewoning, met dien verstande dat: 1. ten hoogste 35% van de bruto-vloeroppervlakte van het binnen het bouwvlak gelegen deel van het hoofdgebouw voor recreatieve bewoning wordt gebruikt; 2. de bruto-vloeroppervlakte van het binnen het bouwvlak gelegen hoofdgebouw ten minste 100 m2 bedraagt; 3.

b.

recreatief gebruik van de begane grond aan de voorzijde van een woning langs de straten Langestreek en Middenstreek (noordzijde), voor zover het de ruimte betreft die grenst aan de naar de weg gekeerde bouwgrens, niet is toegestaan. Het recreatief gebruik kan uitsluitend gerealiseerd worden aan de achterzijde dan wel op de verdieping van de woning; 4. de recreatieve functie geen onevenredige afbreuk doet aan de leefbaarheid van de betrokken straat/buurt; het bepaalde in lid 28.5 sub c en toestaan dat de gronden en bouwwerken worden gebruikt voor detailhandel, mits: 1. de bedrijfsvloeroppervlakte niet meer bedraagt dan 25% van de totale gezamenlijke begane vloeroppervlakte van het legaal aanwezige hoofdgebouw en bijbehorende bouwwerken; 2. de vestiging niet leidt tot een verstoring van de distributieve voorzieningen op Schiermonnikoog en geen verstoring optreedt van de gewenste detailhandelsstructuur; 3. geen sprake is van een milieuvergunningsplichtige of meldingsplichtige activiteit in het kader van de Wet milieubeheer.

76

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp

28.6.2

Toetsingscriteria

De in lid 28.6.1 genoemde afwijkingen mogen uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. b.

het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het

c. d. e. f. g.

beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.

77

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp

Artikel 29 29.1

Wonen - Woongebouw

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Wonen - Woongebouw' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.

wonen, al dan niet in combinatie met ruimte voor: 1. een aan-huis-verbonden beroep of kleinschalige bedrijfsmatige activiteit; 2. ondergeschikte detailhandel als onderdeel van een aan-huis-verbonden beroep of kleinschalige bedrijfsmatige activiteit;

met de daarbij behorende: b. parkeervoorzieningen; c. tuinen, erven en terreinen; d. gebouwen; e. bijbehorende bouwwerken; f. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 29.2

Bouwregels

29.2.1

Hoofdgebouwen

Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a. b. c. d.

als hoofdgebouw mag uitsluitend een woongebouw worden gebouwd; woongebouwen dienen binnen een bouwvlak te worden gebouwd; het aantal woningen in een woongebouw mag niet meer dan het aangegeven aantal ter plaatse van de aanduiding "aantal wooneenheden" bedragen; de bouwhoogte van een woongebouw mag niet meer dan de aangegeven bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding "maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)"bedragen.

29.2.2

Bijbehorende bouwwerken en overkappingen

Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken en/of overkappingen geldt dat bijbehorende bouwwerken en/of overkappingen zijn toegestaan tot een maximale oppervlakte van 17 m2.

29.2.3

Bijbehorende bouwwerken

Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels: a. bijbehorende bouwwerken dienen achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd; b. de afstand van bijbehorende bouwwerken tot de zijdelingse perceelgrens bedraagt ten minste 0,50 m tenzij bijbehorende bouwwerken op de zijdelingse perceelgrens worden gebouwd; c. de goothoogte van bijbehorende bouwwerken mag ten hoogste 3,00 m bedragen; d. de bouwhoogte van bijbehorende bouwwerken mag ten hoogste 3,50 m bedragen.

29.2.4

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a.

bouwwerken, geen gebouwen zijnde, dienen, met uitzondering van erf- en terreinafscheidingen, achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd;

b.

de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag ten hoogste 1,00 m bedragen, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan ten hoogste 2,00 m mag bedragen;

c.

de bouwhoogte van overkappingen mag ten hoogste 3,00 m bedragen;

d.

de bouwhoogte van de overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 2,00 m bedragen.

29.3

Nadere eisen

78

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. b. c. d. e. f. g.

het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.

79

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp

Artikel 30 30.1

Waarde - Archeologie

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Waarde - Archeologie' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud van de aldaar in of op de grond aanwezige archeologische waarden. In geval van strijdigheid van regels gaan de regels van dit artikel vóór de regels die ingevolge andere artikelen op de desbetreffende gronden van toepassing zijn.

30.2

Bouwregels

30.2.1

Omgevingsvergunning voor het bouwen

Voor bouwwerken ten behoeve waarvan bij de bouw grondroerende werkzaamheden over een oppervlakte groter dan 50 m² en dieper dan 0,35 m onder het maaiveld plaatsvinden moet alvorens een omgevingsvergunning voor het bouwen wordt verleend, zijn aangetoond dat: a. b. c.

geen archeologische waarden aanwezig zijn; dan wel dat de archeologische waarden door de bouwactiviteiten niet onevenredig worden geschaad; dan wel dat de archeologische waarden door bouwactiviteiten kunnen worden verstoord.

30.2.2

Voorwaarden omgevingsvergunning voor het bouwen

Indien blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het verlenen van de omgevingsvergunning voor het bouwen kunnen worden verstoord, kunnen één of meerdere van de volgende voorwaarden worden verbonden aan de omgevingsvergunning voor het bouwen: a. b. c.

de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor de archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; de verplichting tot het doen van opgravingen; de verplichting de werken of werkzaamheden die leiden tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg.

30.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden

30.3.1

Vergunningplichtige werken en werkzaamheden

Het is verboden zonder een vergunning van het bevoegd gezag (omgevingsvergunning) of anders dan in zo’n vergunning is vastgelegd, de volgende werken (geen bouwwerken zijnde) of werkzaamheden uit te voeren, te laten uitvoeren en in stand te laten: a. b. c. d. e. f. g.

het aanbrengen van diepwortelende beplanting of bomen over een groter oppervlak dan 50 m²; het rooien of vellen van houtopstanden over een groter oppervlak dan 50 m²; de aanleg van verhardingen met een groter oppervlak dan 50 m² en op een grotere diepte dan 0,35 m; het afgraven, ophogen of egaliseren van gronden met een groter oppervlak dan 50 m² en op een grotere diepte dan 0,35 m; het graven, verbreden of dempen van sloten alsmede het aanleggen en intensiveren van drainage over of met een groter oppervlak dan 50 m² en op een grotere diepte dan 0,35 m; het in de grond brengen van voorwerpen over een groter oppervlak dan 50 m² en op een grotere diepte dan 0,35 m; het verrichten van graafwerkzaamheden over een groter oppervlak dan 50 m² en op een grotere diepte dan 0,35 m;

80

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp h.

het aanbrengen van ondergrondse of bovengrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur over een groter oppervlak dan 50 m² en op een grotere diepte dan 0,35 m.

30.3.2

Uitzondering

Het bepaalde in lid 31.3.1 is niet van toepassing op werken en werkzaamheden die: a. b. c.

het normale onderhoud, gebruik en beheer betreffen, waaronder begrepen het vervangen van drainagewerken; reeds in uitvoering zijn ten tijde van de inwerkingtreding van het plan; in het kader van archeologisch onderzoek en het doen van opgravingen worden uitgevoerd, mits verricht door een daartoe bevoegde instantie.

30.3.3

Toetsingscriteria

De in lid 31.3.1 genoemde omgevingsvergunning wordt slechts verleend, mits: a. b. c.

is aangetoond dat geen archeologische waarden aanwezig zijn dan wel is aangetoond dat de archeologische waarden door de werken, geen bouwwerken zijnde, en/of werkzaamheden niet onevenredig worden geschaad dan wel is aangetoond dat de archeologische waarden door de werken, geen bouwwerken zijnde, en/of werkzaamheden niet worden verstoord.

30.3.4

Voorwaarden omgevingsvergunning

Indien blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en/of werkzaamheden kunnen worden verstoord, kunnen één of meerdere van de volgende voorwaarden worden verbonden aan de omgevingsvergunning: a. b. c.

de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor de archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; de verplichting tot het doen van opgravingen; de verplichting de werken of werkzaamheden die leiden tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg.

30.4

Wijzigingsbevoegdheid

Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen in die zin dat de bestemming ‘Waarde – Archeologie’ geheel of gedeeltelijk wordt verwijderd, indien op basis van archeologisch onderzoek door een archeologisch deskundige is aangetoond dat ter plaatse geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn..

81

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp

Artikel 31 31.1

Waarde - Beschermd dorpsgezicht

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Waarde - Beschermd dorpsgezicht' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en) mede bestemd voor het behoud, het herstel en de uitbouw van de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het gebied en zijn bebouwing. In geval van strijdigheid van regels gaan de regels van dit artikel vóór de regels die ingevolge andere artikelen op de desbetreffende gronden van toepassing zijn.

31.1

Bouwregels

Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a. b.

een hoofdgebouw c.q. een in de rooilijn gebouwd gebouw dient te zijn voorzien van een (afgeknot) schilddak, een zadeldak of samengestelde delen daarvan; de nokrichting van een hoofdgebouw of van een in de rooilijn gebouwd gebouw dient haaks op de weg c.q. de openbare ruimte te liggen, tenzij de bestaande nokrichting afwijkt, in welk geval de bestaande nokrichting gehandhaafd mag blijven.

31.2

Afwijken van de bouwregels

Mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld, de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht, de woonsituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken van het bepaalde in lid 32.2.1 sub a in die zin dat wordt afgeweken van de kapvorm dan wel dat een hoofdgebouw gedeeltelijk wordt voorzien van een plat dak. 31.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden

31.3.1

Vergunningsplichtige werken en werkzaamheden

Het is verboden zonder een vergunning van het bevoegd gezag (omgevingsvergunning) of anders dan in zo’n vergunning is vastgelegd, de volgende werken (geen bouwwerken zijnde) of werkzaamheden uit te voeren, te laten uitvoeren en in stand te laten: a. b. c. d.

het aanleggen, verbreden, verleggen of verharden van wegen, paden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen, alsmede het wijzigen van de verhardingssoort; het aanbrengen of rooien van opgaande beplanting; het ophogen en afgraven van gronden; het aanleggen van ondergrondse en bovengrondse transport-, energie- en telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties en apparatuur.

31.3.2

Uitzondering

Het bepaalde in lid 32.4.1 is niet van toepassing op werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden, die: a. b. c.

het normale onderhoud betreffen; reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan; middels een omgevingsvergunning voor het bouwen vergunningplichtig zijn.

31.3.3

Toetsingscriteria

De omgevingsvergunning mag uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht. 82

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp

Artikel 32 32.1

Waterstaat - Waterkering

Bestemmingsomschrijving

De voor “Waterstaat - Waterkering” aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor: a.

waterkering- en geleiding;

met de daarbij behorende: b. bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde. In geval van strijdigheid van regels gaan de regels van dit artikel vóór de regels die ingevolge andere artikelen op de desbetreffende gronden van toepassing zijn. 32.2

Bouwregels

32.2.1

Algemeen

Op of in deze gronden mogen geen bouwwerken worden gebouwd, anders dan bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, ten behoeve van deze dubbelbestemming.

32.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, ten behoeve van deze dubbelbestemming geldt dat de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, ten hoogste 2,00 m mag bedragen. 32.3

Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan afwijken van het bepaalde in lid 33.2.1 toestaan dat de in de andere voorkomende bestemming(en) genoemde bouwwerken worden gebouwd, mits: a. vooraf advies wordt ingewonnen bij de beheerder van de waterkering; b. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het doelmatig en veilig functioneren van de waterkering.

32.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden

32.4.1 Vergunningplicht Het is verboden zonder een vergunning van het bevoegd gezag (omgevingsvergunning) of anders dan in zo’n vergunning is vastgelegd, de volgende werken (geen bouwwerken zijnde) of werkzaamheden uit te voeren, te laten uitvoeren en in stand te laten: a.

het graven, verbreden of dempen van (erf)sloten, plassen of andere watergangen, en het aanbrengen van kunstwerken zoals dammen, kaden en oeverbeschoeiingen;

b.

het ophogen, afgraven of egaliseren van gronden of het op een andere wijze ingrijpend wijzigen van de bodemstructuur of de bodemsamenstelling dan wel de bodemopbouw;

c.

het inplanten van gronden met bomen of struiken.

32.4.2 Uitzonderingen Het in lid 32.4.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden die: a.

het normale onderhoud of het normale gebruik betreffen;

b.

de bestrijding van een aanwezige of dreigende calamiteit.

32.4.3 Toetsingscriteria 83

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 32.4.1 in die zin dat de in de andere daar voorkomende bestemming(en) genoemde gebouwen, overkappingen en/of andere bouwwerken mogen worden gebouwd, mits: a.

geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het doelmatig en veilig functioneren van de waterkering;

b.

vooraf advies wordt ingewonnen van de betreffende beheerder van de waterkering.

84

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp

Hoofdstuk 3 Artikel 33

Algemene regels

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

85

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp

Artikel 34 34.1

Algemene bouwregels

Bestaande afmetingen

Wanneer een bestaand gebouw en/of bouwwerk, geen gebouw zijnde: a. b. c. d. e. f.

een grotere goothoogte; een grotere bouwhoogte; een grotere oppervlakte; een hogere dakhelling; een lagere dakhelling; een geringere afstand tot de zijdelingse perceelgrens heeft,

dan in de bouwregels in de van toepassing zijnde bestemming is toegestaan, dan mag: 1. 2.

de goot- en/of bouwhoogte en/of oppervlakte en/of dakhelling ten hoogste de bestaande goot- en/of bouwhoogte en/of oppervlakte en of dakhelling bedragen; de dakhelling ten minste de bestaande dakhelling en een geringere afstand tot de zijdelingse perceelgrens ten minste de bestaande afstand tot de zijdelingse bedragen.

Deze bepaling ziet op gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouw zijnde, die in overeenstemming met het bepaalde in de Woningwet of de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht op basis van een verleende bouwvergunning/omgevingsvergunning tot stand zijn gekomen.

34.2 Ondergronds bouwen Het is niet toegestaan om ondergrondse bouwwerken te bouwen, met dien verstande dat bestaande ondergrondse bouwwerken zijn toegestaan.

34.3 a.

b.

34.4

Lytjhúzen Schiermonnikoog Mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld, de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht, de woonsituatie, de milieusituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken van de bouwregels die gelden voor woningen gelegen binnen het beschermd dorpsgezicht voor de wijziging of de nieuwbouw van lytjhúzen. Bij de beoordeling of de omgevingsvergunning als bedoeld onder a kan worden verleend, wordt getoetst aan de op het moment van de indiening van de aanvraag geldende door burgemeester en wethouders vastgestelde beleidsregels ten aanzien van Lytjhúzen Schiermonnikoog, Luifels en overkappingen aan voorgevels

Mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld, de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht, de woonsituatie, de milieusituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken van de bouwregels ten behoeve van de bouw van luifels en/of overkappingen aansluitend aan de gevel van een pand met de bestemming Detailhandel, Horeca of Maatschappelijk, met dien verstande dat: a.

de bouwhoogte van een luifel of overkapping ten hoogte 4,00 m mag bedragen;

b.

de breedte van een luifel en/of overkapping ten hoogste de breedte van de gevel van een pand mag bedragen.

34.5

Overschrijden bouwvlak als gevolg van verduurzamen woning 86

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp

34.5.1 Afwijkingsregels Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het verbod om buiten een op de verbeelding aangegeven bouwvlak te bouwen ten behoeve van het aanbrengen van isolatiemaatregelen aan de buitenzijde van bestaande gevels van een gebouw, mits: a. b.

de grens van een bouwvlak uitsluitend wordt overschreden met de maat die noodzakelijk is om de beoogde isolatie aan te brengen tot een maximum van 0,50 m; het gebouw gelegen is buiten de gronden bestemd met de dubbelbestemming Waarde – Beschermd Dorpsgezicht.

34.5.2 Toetsingscriteria De in lid 35.5.1 genoemde afwijking kan uitsluitend worden verleend, mits : a. isoleren aan de binnenzijde van het gebouw niet mogelijk is zonder onaanvaardbare afbreuk te doen aan het woon- en leefklimaat in of de gebruiksmogelijkheden van het gebouw; b. wanneer met het realiseren van het vergunde een aantoonbaar gunstiger energielabel voor de woning kan worden verkregen. 34.6

Zonnepanelen

Het is verboden om zonnepanelen in een grondopstelling te plaatsen, met uitzondering van vergunde zonnepanelen in een grondopstelling.

87

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp

Artikel 35 35.1

Algemene gebruiksregels

Strijdig gebruik

Tot een gebruik, strijdig met dit bestemmingsplan, wordt in ieder geval gerekend: a.

b. c. d. e. f.

g.

het gebruik van de gronden voor de opslag van schroot en afbraak- en bouwmaterialen, anders dan ten behoeve van de uitvoering van krachtens de bestemming toegelaten bouwactiviteiten en werken en werkzaamheden; de stalling en opslag van (aan het oorspronkelijk gebruik onttrokken) voer-, vaar- of vliegtuigen; het storten van puin en afvalstoffen; het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van een prostitutiebedrijf; het gebruik van de gronden als standplaats voor kampeermiddelen, met uitzondering van de gronden die zijn bestemd als Recreatie - Kampeerterrein; het gebruik van de gronden en bouwwerken voor personeelshuisvesting, met uitzondering van de gronden die zijn bestemd als Recreatie - Kampeerterrein, alsmede bestaande personeelshuisvesting bij andere bestemmingen; het gebruik van de gronden als terras, met uitzondering van bestaande terrassen die bij recht zijn toegestaan en het terras dat voorwaardelijk is toegestaan op grond van de bestemmingsregels (hoofdstuk 2)

35.2

Uitzondering

Tot een gebruik, strijdig met dit bestemmingsplan, wordt in ieder geval niet gerekend het tijdelijk, al dan niet periodiek gebruik van de gronden voor snackkiosks, voorzover de gronden zijn bestemd voor Groen en/of Verkeer - Verblijf.

35.3

Afwijken van de gebruiksregels

35.3.1

Afwijkingsregels

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van: a. b.

het bepaalde in lid 35.1 sub f en toestaan dat gebouwen worden gebruikt ten behoeve van personeelshuisvesting; het bepaalde in lid 35.1 sub g en toestaan dat gronden bestemd voor 'Groen' en/of 'Verkeer - Verblijf' worden ingericht als terras ten behoeve van een aangrenzend horecabedrijf, met dien verstande dat de terrasfunctie vervalt op het moment dat de aangrenzende horecafunctie vervalt.

35.3.2

Toetsingscriteria

De in lid 35.3.1 genoemde afwijkingen mogen uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. b. c. d. e. f. g.

het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.

Artikel 36

Algemene afwijkingsregels 88

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp

36.1

Afwijkingsbevoegdheden

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van: a. b.

c. d. e. f.

g.

36.2

de bij recht in het plan gegeven maten, afmetingen en bebouwingspercentages, tot ten hoogste 10% van die maten, afmetingen en bebouwingspercentages; de bestemmingsregels en toestaan dat het beloop of profiel van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate wordt aangepast, indien de verkeerssituatie en/of -intensiteit daartoe aanleiding geeft; de bestemmingsregels en toestaan dat bouwgrenzen worden overschreden, indien een meetverschil daartoe aanleiding geeft; de bestemmingsregels en toestaan dat de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van zend-, ontvang- en/of sirenemasten wordt vergroot tot ten hoogste 25,00 m; de bestemmingsregels en toestaan dat de bouwhoogte van de bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wordt vergroot tot ten hoogste 10,00 m; het bepaalde in de artikelen Groen en Verkeer - Verblijf en toestaan dat bouwwerken ten behoeve van snackkiosks worden gebouwd, mits: 1. de bouwhoogte van het bouwwerk ten hoogste 3,00 m mag bedragen; 2. de oppervlakte van het bouwwerk ten hoogste 15 m² mag bedragen; de bestemmingsregels en toestaan dat gebouwen worden gebouwd ten behoeve van personeelshuisvesting.

Toetsingscriteria

De in lid 36.1 genoemde afwijkingen mogen uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. b. c. d. e.

het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden .

89

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp

Artikel 37 37.1 a.

b.

Algemene aanduidingsregels

milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied De voor "milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied" aangewezen gronden zijn mede aangewezen voor de bescherming van het grondwater met het oog op de winning van grondwater ten behoeve van de drinkwatervoorziening. Voor deze gebieden is de Provinciale milieuverordening Fryslân van toepassing. Deze verordening bevat rechtsreeks werkende regels ter bescherming van de kwaliteit van het grondwater met het oog op de waterwinning in de bij de verordening aangewezen gebieden.

90

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp

Artikel 38 38.1 a.

b.

c.

Overige regels

Parkeernormen en laad- en losvoorzieningen bouwen, gebruik en afwijking

Bij de verlening van: 1. een omgevingsvergunning voor het bouwen, en/of 2. een omgevingsvergunning voor een gebruiksverandering; en/of 3. een omgevingsvergunning voor het afwijken van het bestemmingsplan, dient, indien de omvang of de bestemming van een gebouw daartoe aanleiding geeft, ten behoeve van: een te verwachten behoefte aan het parkeren of stallen van auto's, (motor)fietsen en/of andere voertuigen krachtens een voorschrift verbonden aan de omgevingsvergunning in voldoende mate verzekerd te zijn dat voldoende parkeervoorzieningen zijn aangebracht in, op of onder het gebouw dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw hoort en dat deze parkeervoorzieningen worden gerealiseerd en in stand worden gehouden; een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden of lossen van goederen, moet in deze behoefte in voldoende mate zijn voorzien aan, in of onder dat gebouw dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort en dat deze laad- en losvoorzieningen worden gerealiseerd en in stand worden gehouden. Het bevoegd gezag kan afwijken van het bepaalde in sub a: 1. indien het voldoen aan die bepalingen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; of 2. voor zover op andere wijze in de benodigde parkeervoorzieningen en/of laad-en losvoorzieningen kan worden voorzien.

De afwijking als bedoeld in sub b kan uitsluitend worden toegepast, indien is aangetoond dat: 1. de parkeerdruk op de omgeving niet toeneemt; en 2. geen sprake is van een onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat.

38.2

Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden

38.2.1

Vergunningplicht

Het is verboden zonder een vergunning van het bevoegd gezag (omgevingsvergunning) of anders dan in zo’n vergunning is vastgelegd, de volgende werken (geen bouwwerken zijnde) of werkzaamheden uit te voeren, te laten uitvoeren en in stand te laten: a. het voor meer dan 35% verharden van voor- en/of overtuinen, ongeacht of de gronden specifiek zijn bestemd voor (over)tuinen; b. het geheel of gedeeltelijk verharden van gronden die zijn bestemd voor 'Groen'; c. het voor meer dan 25 m2 geheel of gedeeltelijk verharden, het afgraven, ophogen of egaliseren van het duinlandschap, zoals dat tot uiting komt in onder andere de openheid en reliëf.

38.2.2

Uitzondering vergunningplicht

Het bepaalde in lid 38.2.1 geldt niet voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden die: a. b.

al legaal in uitvoering waren op het moment van inwerkingtreding van het plan of waar reeds vergunning voor is verleend; middels een omgevingsvergunning voor het bouwen vergunningplichtig zijn.

38.2.3

Beoordelingscriteria lid 38.2.1 sub a

Een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 38.2.1 sub a kan alleen worden verleend als hierdoor geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a.

de watersituatie;

b.

de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht. 91

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp

38.2.4

Beoordelingscriteria lid 38.2.1 sub b

Een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 38.2.1 sub b kan alleen worden verleend als aangrenzend aan de voor 'Groen' bestemde gronden 'Detailhandel' en 'Horeca' zijn gevestigd, waarbij geheel of gedeeltelijke verharding uit het oogpunt van bereikbaarheid en/of vanwege de aard van de functies noodzakelijk is.

38.2.5

Beoordelingscriteria lid 38.2.1 sub c

Een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 38.2.1 sub c kan alleen worden verleend als hierdoor geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de landschappelijke waarden, met onder andere als kenmerken openheid en reliëf.

92

Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp

Hoofdstuk 4 Artikel 39 39.1 1.

2.

3.

2.

3.

4.

Overgangsrecht

Overgangsrecht bouwwerken Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het bepaalde in lid 39.1, sub 1 een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in lid 39.1, sub 1 met maximaal 10%. Het bepaalde in lid 39.1, sub 1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

39.2 1.

Overgangs- en slotregels

Overgangsrecht gebruik

Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid 39.2, sub 1, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. Indien het gebruik, bedoeld in lid 39.2, sub 1, na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. Lid 39.2, sub 1 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

93

Artikel 40

Slotregel

Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan ‘Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp'.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Schiermonnikoog&id=d8f7fdcb-c86f-4a63-9de5-faa6ab392041