Herstelbesluit regels Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog 5 juli
Tekst van het document
39
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp
Artikel 12 12.1
Maatschappelijk - Bezoekerscentrum
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Maatschappelijk - Bezoekerscentrum' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.
b.
een bezoekerscentrum, met daaraan ondergeschikt; 1. kleinschalige horeca activiteiten; 2. kleinschalige detailhandel; dienstverlenend bedrijf en/of dienstverlenende instelling, met inbegrip van kantoren;
met de daarbij behorende: c. d. e. f. g. h.
tuinen, erven en terreinen; groenvoorzieningen; fietsenstalling; gebouwen; overkappingen; bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde.
12.2
Bouwregels
12.2.1
Gebouwen en overkappingen
Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: gebouwen en overkappingen dienen binnen een bouwvlak te worden gebouwd; de goot- en bouwhoogte van gebouwen mag ten hoogste de aangegeven goot- en bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding “maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)” bedragen. c. de gebouwen dienen voorzien te zijn van een kap, met een minimale dakhelling van 20° graden. a. b.
12.2.2
Bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag ten hoogste 1,00 m bedragen, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevel van het gebouw of het verlengde daarvan ten hoogste 2,00 m mag bedragen; b. de bouwhoogte van de overige bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, mag niet meer bedragen dan 5,00 m.
12.3
Afwijken van de bouwregels
12.3.1
Afwijkingsregel
Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 12.2.1 sub a onder 1 en toestaan dat de gebouwen en/of overkappingen buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits de oppervlakte van de gebouwen en/of overkappingen buiten het bouwvlak niet meer bedraagt dan 10% van de oppervlakte van het bouwvlak.
12.3.2
Toetsingscriteria
De in lid 12.3.1 genoemde afwijking mag uitsluitend worden verleend mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. b. c. d.
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie;
e.
natuurlijke waarden; 40
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp f.
de verkeersveiligheid;
g.
de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
12.4
Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming wordt in ieder geval gerekend: a. b. c. d.
het gebruik van de gronden en bouwwerken voor kleinschalige horeca-activiteiten voor zover de oppervlakte ten behoeve van die functie meer dan 15 m2 bedraagt; het gebruik van de gronden en bouwwerken voor bewoning; het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van de uitoefening van een terras; het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van de uitoefening van zelfstandige horeca en/of detailhandel.
41
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp
Artikel 13 13.1
Maatschappelijk - Vuurtoren
Bestemmingsomschrijving
De voor ''Maatschappelijk - Vuurtoren” aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b.
vuurtoren; voorzieningen ten behoeve van het onderhoud en beheer van de vuurtoren;
met de daarbij behorende: c. d. e. f. g. h. i. j.
erven en terreinen; groenvoorzieningen; straten en paden; parkeervoorzieningen; nutsvoorzieningen; sloten, bermen en beplanting; gebouwen; bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde.
13.2
Bouwregels
13.2.1
Vuurtoren
Voor het bouwen van de vuurtoren gelden de volgende regels: a. b.
de vuurtoren dient binnen het bouwvlak te worden gebouwd; de goot- en bouwhoogte van gebouwen mag ten hoogste de aangegeven goot- en bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding “maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)” bedragen, met dien verstande dat indien geen goothoogte is aangegeven, de goothoogte ten hoogste de aangegeven bouwhoogte mag bedragen.
13.2.2
Gebouwen voor onderhoud en beheer
Voor het bouwen van de in lid 13.1 sub b genoemde voorzieningen gelden de volgende regels: a. b.
de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen zal ten hoogste 150 m² bedragen; de bouwhoogte van een gebouw zal ten hoogste 3,00 m bedragen.
13.2.3
Bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, gelden de volgende regels: a.
b. c.
13.3
bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, dienen, met uitzondering van erf- en terreinafscheidingen, achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd; de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag ten hoogste 2,00 m bedragen; de bouwhoogte van de overige bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, mag ten hoogste 5,00 m bedragen. Nadere eisen
Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. b. c.
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie;
d.
milieusituatie;
e.
natuurlijke waarden; 42
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp f. g.
de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
13.4
Afwijken van de bouwregels
13.4.1
Afwijkingsregels
Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 13.2.3 sub a en toestaan dat bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, vóór de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw worden gebouwd.
13.4.2
Toetsingscriteria
De in lid 13.4.1 genoemde afwijking mag uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. b. c. d. e. f. g. 13.5
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming wordt in ieder geval gerekend: a. b.
het gebruik van de gronden en bouwwerken als horecabedrijf; het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van de uitoefening van zelfstandige detailhandel.
43
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp
Artikel 14 14.1
Natuur
Bestemmingsomschrijving
De voor “Natuur” aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.
het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de natuurlijke en landschappelijke waarden;
en tevens voor: b.
een paardenbak, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding "specifieke vorm van recreatie - paardenbak";
met daaraan ondergeschikt: c.
dagrecreatief medegebruik;
met de daarbij behorende: d. e.
wegen en paden, uitsluitend voor zover bestaand; bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde.
14.2
Bouwregels
14.2.1
Gebouwen
Op of in deze gronden mogen geen gebouwen worden gebouwd.
14.2.2
Bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, gelden de volgende regels: a.
de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag ten hoogste 1,00 m bedragen;
b.
de bouwhoogte van de overige bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, mag ten hoogste 2,00 m bedragen.
14.3
Nadere eisen
Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. b. c. d. e. f. g.
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
14.4
Afwijken van de bouwregels
14.4.1
Afwijkingsregels
Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 14.2.1 en toestaan dat gebouwen ten behoeve van het onderhoud en beheer worden gebouwd, mits: 1. deze gebouwen noodzakelijk zijn voor de het behoud, het herstel of de ontwikkeling van de natuurlijke en/of landschappelijke waarden; 2. de oppervlakte van een gebouw ten hoogste 50 m² bedraagt; 44
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp 3.
14.4.2
de bouwhoogte van een gebouw ten hoogste 3,00 m bedraagt.
Toetsingscriteria
De in lid 14.4.1 genoemde afwijking mag uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a.
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld;
b.
de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
c. d. e. f. g.
14.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden
14.5.1
Vergunningplicht
Het is verboden zonder een vergunning van het bevoegd gezag (omgevingsvergunning) of anders dan in zo'n vergunning is vastgelegd, de volgende werken (geen bouwwerken zijnde) of werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren: a. b. c. d. e. f. g.
het planten en/of verwijderen van bebossing en beplanting; het ontgronden, afgraven, egaliseren en ophogen van gronden; het dempen, verbreden, verdiepen en/of graven van sloten en andere watergangen en het al dan niet met behulp van kunstwerken zoals dammen, stuwen en duikers wijzigen van de waterhuishouding; het aanbrengen van drainagemiddelen; het aanleggen, verharden en/of verbreden van wegen en paden; het aanbrengen van dagrecreatieve voorzieningen; het aanleggen van ondergrondse en bovengrondse transport-, energie- en telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties en apparatuur.
14.5.2
Uitzondering vergunningplicht
Lid 14.5.1 geldt niet voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden die: a. b. c.
plaatsvinden in het kader van het normale onderhoud; al legaal in uitvoering waren op het moment van het van kracht worden van het plan of waar reeds vergunning voor is verleend; middels een omgevingsvergunning voor het bouwen vergunningplichtig zijn.
14.5.3
Toetsingscriteria
Een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 14.5.1 kan alleen worden verleend als geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. b. c. d. e.
de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; het bebouwingsbeeld; de verkeersveiligheid; de watersituatie; de natuurlijke en landschappelijke waarden.
45
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp
Artikel 15 15.1
Recreatie - Kampeerboerderij
Bestemmingsomschrijving
De voor “Recreatie - Kampeerboerderij” aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.
voorzieningen ten behoeve van groepsaccommodaties;
met de daarbij behorende: b. c. d. e. f. g. h. i. j.
tuinen, erven en terreinen; sport- en speelterreinen; groenvoorzieningen; parkeervoorzieningen; straten en paden; nutsvoorzieningen; sloten, bermen en beplanting; gebouwen; bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
15.2
Bouwregels
15.2.1
Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. b. c.
gebouwen dienen binnen een bouwvlak te worden gebouwd; indien binnen een bouwvlak de aanduiding "maximum bebouwingspercentage (%)" is opgenomen mag ten hoogste het in die aanduiding aangegeven percentage worden bebouwd; de goot- en bouwhoogte van gebouwen mag ten hoogste de ter plaatse van de aanduiding "maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)" aangegeven hoogte bedragen.
15.2.2
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. b. c. d.
e.
15.3
bouwwerken, geen gebouwen zijnde, dienen, met uitzondering van erf- en terreinafscheidingen, achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd; de gezamenlijke oppervlakte van overkappingen mag per bouwperceel ten hoogste 15 m² bedragen; de bouwhoogte van overkappingen mag ten hoogste 3,00 m bedragen; de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag ten hoogste 1,00 m bedragen, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevel van het gebouw of het verlengde daarvan ten hoogste 2,00 m mag bedragen; de bouwhoogte van de overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 5,00 m bedragen. Nadere eisen
Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. b. c. d. e. f. g.
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. 46
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp 15.4
Afwijken van de bouwregels
15.4.1
Afwijkingsregels
Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van: a. het bepaalde in lid 15.2.1 sub a en toestaan dat de gebouwen buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits de oppervlakte van de gebouwen buiten het bouwvlak niet meer bedraagt dan 10% van de oppervlakte van het bouwvlak; b. het bepaalde in lid 15.2.2 sub a en toestaan dat bouwwerken, geen gebouwen zijnde, vóór de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw worden gebouwd.
15.4.2
Toetsingscriteria
De in lid 15.4.1 genoemde afwijkingen mogen uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. b. c. d. e. f. g. 15.5
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van de gronden en bouwwerken voor bewoning, met uitzondering van het op grond van lid 15.1 toegestane gebruik. b. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van de uitoefening van detailhandel; c. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van een zelfstandig horecabedrijf.
47
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp
Artikel 16 16.1
Recreatie – Kampeerterrein
Bestemmingsomschrijving
De voor Recreatie – Kampeerterrein” aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b.
c. d.
standplaatsen voor kampeermiddelen, niet zijnde (sta)caravans en kampeerwagens; voorzieningen ten dienste van een kampeerterrein, ten behoeve van: 1. onderhoud en beheer; 2. dienstverlening; 3. een kantine; 4. personeelshuisvesting; 5. sanitaire voorzieningen; bedrijfswonen; blokhutten;
met de daarbij behorende: e. f. g. h. i. j.
sport- en speelvoorzieningen; parkeervoorzieningen; groenvoorzieningen; erven en terreinen; gebouwen; bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
16.2
Bouwregels
16.2.1
Gebouwen ten dienste van een kampeerterrein
Voor het bouwen van de in lid 16.1 sub b en c genoemde gebouwen gelden de volgende regels: a. b.
c. d. e.
met uitzondering van de onder lid 16.1 sub b onder 5 genoemde sanitaire voorzieningen dienen gebouwen binnen een bouwvlak te worden gebouwd; de gezamenlijke oppervlakte van gebouwen mag ten hoogste 2.000 m² per bestemmingsvlak bedragen, met dien verstande dat de gezamenlijke oppervlakte voor personeelshuisvesting ten hoogste 200 m² mag bedragen; er mogen ten hoogste 5 gebouwen ten behoeve van personeelshuisvesting worden gebouwd; er mag ten hoogste 1 bedrijfswoning worden gebouwd; de bouwhoogte van een gebouw mag ten hoogste 4,50 m bedragen.
16.2.2
Blokhutten
Voor het bouwen van de in lid 16.1 sub d genoemde gebouwen gelden de volgende regels: a. b. c.
het aantal blokhutten mag ten hoogste 10 bedragen; de oppervlakte van een blokhut mag ten hoogste 35 m² bedragen; de bouwhoogte van een blokhut mag ten hoogste 4,50 m bedragen.
16.2.3
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, dienen, met uitzondering van erf- en terreinafscheidingen, achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd; b. de gezamenlijke oppervlakte van overkappingen mag per bestemmingsvlak ten hoogste 15 m² bedragen; c. de bouwhoogte van overkappingen mag ten hoogste 3,00 m bedragen; d. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag ten hoogste 1,00 m bedragen, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevel van het gebouw of het verlengde daarvan ten hoogste 2,00 m mag bedragen; e. de bouwhoogte van de overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 5,00 m bedragen. 48
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp
16.3
Nadere eisen
Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. b. c. d. e. f. g.
de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; een goede landschappelijke inpassing; een goede woonsituatie; de milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
16.4
Afwijken van de bouwregels
16.4.1
Afwijkingsregels
Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 16.2.3 sub a en toestaan dat bouwwerken, geen gebouwen zijnde, vóór de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw worden gebouwd.
16.4.2
Toetsingscriteria
De in lid 16.4.1. genoemde afwijking mag uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. b. c. d. e. f. g. 16.5
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming wordt in ieder geval gerekend: a. b.
het gebruik van de gronden voor meer dan 400 standplaatsen voor kampeermiddelen; het gebruik van de gronden en bouwwerken voor bewoning, met uitzondering van het op grond van lid 16.1 toegestane gebruik.
49
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp
Artikel 17 17.1
Recreatie – Recreatieappartement
Bestemmingsomschrijving
De voor “Recreatie – Recreatieappartement” aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b.
recreatieve bewoning van recreatieappartementen; het bedrijfswonen;
met de daarbij behorende: c. d. e. f. g. h. i. j. k.
tuinen, erven en terreinen; sport- en speelterreinen; groenvoorzieningen; parkeervoorzieningen; straten en paden; nutsvoorzieningen; sloten, bermen en beplanting; gebouwen; bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
17.2
Bouwregels
17.2.1
Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. b. c.
d.
gebouwen dienen binnen een bouwvlak te worden gebouwd; de goot- en bouwhoogte van gebouwen mag ten hoogste de ter plaatse van de aanduiding “maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)” aangegeven hoogte bedragen; het aantal recreatieappartementen mag ten hoogste het ter plaatse van de aanduiding “aantal” aangegeven aantal bedragen en recreatieappartementen zijn uitsluitend ter plaatse van deze aanduiding toegestaan; ter plaatse van de aanduiding “bedrijfswoning” is uitsluitend een bedrijfswoning toegestaan.
17.2.2
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. b. c. d.
e.
17.3
bouwwerken, geen gebouwen zijnde, dienen, met uitzondering van erf- en terreinafscheidingen, achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd; de gezamenlijke oppervlakte van overkappingen mag per bouwperceel ten hoogste 15 m² bedragen; de bouwhoogte van overkappingen mag ten hoogste 3,00 m bedragen; de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag ten hoogste 1,00 m bedragen, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevel van het gebouw of het verlengde daarvan ten hoogste 2,00 m mag bedragen; de bouwhoogte van de overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 5,00 m bedragen. Nadere eisen
Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. b. c. d. e.
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; 50
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp f.
de verkeersveiligheid;
g.
de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
17.4
Afwijken van de bouwregels
17.4.1
Afwijkingsregels
Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van: a.
b.
het bepaalde in lid 17.2.1 sub a en toestaan dat de gebouwen buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits de oppervlakte van de gebouwen buiten het bouwvlak niet meer bedraagt dan 10% van de oppervlakte van het bouwvlak; het bepaalde in lid 17.2.2 sub a en toestaan dat bouwwerken, geen gebouwen zijnde, vóór de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw worden gebouwd.
17.4.2
Toetsingscriteria
De in lid 17.4.1 genoemde afwijkingen mogen uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. b. c. d. e. f. g. 17.5
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van de gronden en bouwwerken voor bewoning, met uitzondering van het op grond van lid 17.1 toegestane gebruik. b. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van de uitoefening van detailhandel; c. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van een zelfstandig horecabedrijf.
51
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp
Artikel 18 18.1
Recreatie - Recreatiewoningen 1
Bestemmingsomschrijving
De voor “Recreatie - Recreatiewoningen 1” aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b.
recreatieve bewoning van recreatiewoningen; voorzieningen ten behoeve van gemeenschappelijk onderhoud en beheer van het zomerhuizenterrein, ter plaatse van de aanduiding “specifieke bouwaanduiding - gebouw”;
met de daarbij behorende: c. d. e. f. g. h.
tuinen, erven en terreinen; parkeervoorzieningen; nutsvoorzieningen; gebouwen; bijbehorende bouwwerken; bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
18.2
Bouwregels
18.2.1
Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen geldt dat de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen per bouwperceel ten hoogste 110 m² mag bedragen.
18.2.2
Hoofdgebouwen
Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a. b. c.
d. e.
f.
als hoofdgebouw mogen uitsluitend recreatiewoningen worden gebouwd; een hoofdgebouw moet voor ten minste 75% binnen een bouwvlak worden gebouwd, met dien verstande dat de naar de weg gekeerde bouwgrens niet mag worden overschreden; het aantal hoofdgebouwen mag per bouwvlak ten hoogste 1 bedragen, tenzij in het bouwvlak de aanduiding " aantal wooneenheden" is aangegeven, in welk geval: 1. hoofdgebouwen aaneen mogen worden gebouwd; 2. het aantal hoofdgebouwen ten hoogste het ter plaatse van de aanduiding "aantal wooneenheden" aangegeven aantal mag bedragen; de oppervlakte van een hoofdgebouw mag ten hoogste 100 m² bedragen; de onderlinge afstand tussen de hoofdgebouwen dan wel een blok van aaneen gebouwde hoofdgebouwen zal ten minste 6,00 m bedragen, dan wel ten minste de onderlinge afstand tussen de bouwvlakken; de goot- en bouwhoogte van gebouwen mag ten hoogste de ter plaatse van de aanduiding "maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)" aangegeven hoogte bedragen.
18.2.3
Bijbehorende bouwwerken
Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken bij een recreatiewoning gelden de volgende regels: a. bijbehorende bouwwerken dienen achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd; b. c. d. e.
ter plaatse van de aanduiding “vrijstaand uitgesloten” mogen geen vrijstaande bijbehorende bouwwerken worden gebouwd; per recreatiewoning mag ten hoogste 1 bijbehorend bouwwerk worden gebouwd; de oppervlakte van een bijbehorend bouwwerk mag ten hoogste 10 m² bedragen; de bouwhoogte van een bijbehorend bouwwerk mag ten hoogste 3,00 m bedragen dan wel ten hoogste de goothoogte van het hoofdgebouw indien deze hoger is en sprake is van een aangebouwd bijbehorend bouwwerk.
52
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp
18.2.4
Onderhoud- en beheergebouw
Voor het bouwen van het in lid 18.1 sub b bedoelde gebouw gelden de volgende regels: a. b. c.
een onderhoud- en beheergebouw mag uitsluitend worden gebouwd ter plaatse van de aanduiding “specifieke bouwaanduiding - gebouw”; er mag ten hoogste 1 gebouw worden gebouwd; de bouwhoogte van een gebouw mag ten hoogste 4,00 m bedragen.
18.2.5
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, dienen, met uitzondering van erf- en terreinafscheidingen, achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd; b. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde mag ten hoogste 1,00 m bedragen; c. per recreatiewoning mag de gezamenlijke oppervlakte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten hoogste 25 m² bedragen. 18.3
Nadere eisen
Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. b. c. d. e. f. g.
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
18.4
Afwijken van de bouwregels
18.4.1
Afwijkingsregels
Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van: a.
b. c.
het bepaalde in lid 18.2.2 sub b en d ten behoeve van het vergroten van een hoofdgebouw met ten hoogste 10 m2, met dien verstande dat de totale bebouwde oppervlakte aan hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken niet groter mag zijn dan de krachtens lid 18.2.1 toegestane oppervlakte; het bepaalde in lid 18.2.3 sub a en toestaan dat bijbehorende bouwwerken, vóór de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw worden gebouwd; het bepaalde in lid 18.2.5 sub a en toestaan dat bouwwerken, geen gebouwen zijnde, vóór de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw worden gebouwd.
18.4.2
Toetsingscriteria
De in lid 18.4.1 genoemde afwijkingen mogen uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. b. c. d. e. f. g.
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
53
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp 18.5
Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming wordt in ieder geval gerekend het gebruik van de gronden en bouwwerken voor bewoning, met uitzondering van het op grond van lid 18.1 toegestane gebruik.
54
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp
Artikel 19 19.1
Recreatie - Recreatiewoningen 2
Bestemmingsomschrijving
De voor “Recreatie - Recreatiewoningen 2” aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.
recreatieve bewoning van recreatiewoningen;
met de daarbij behorende: b. c. d.
tuinen, erven en terreinen; parkeervoorzieningen; nutsvoorzieningen;
e.
gebouwen;
f. g.
bijbehorende bouwwerken; bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
19.2
Bouwregels
19.2.1
Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen geldt dat de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen per bouwperceel ten hoogste 120 m² mag bedragen.
19.2.2
Hoofdgebouwen
Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a. b. c. d. e. f.
als hoofdgebouw mogen uitsluitend recreatiewoningen worden gebouwd; een hoofdgebouw dient voor ten minste 75% binnen een bouwvlak worden gebouwd, met dien verstande dat de naar de weg gekeerde bouwgrens niet mag worden overschreden; het aantal hoofdgebouwen mag per bouwvlak ten hoogste 1 bedragen; de oppervlakte van hoofdgebouw mag ten hoogste 110 m² bedragen; de afstand van een hoofdgebouw tot de zijdelingse bouwperceelgrens zal ten minste 5,00 m bedragen; de goot- en bouwhoogte van gebouwen mag ten hoogste de ter plaatse van de aanduiding "maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)" aangegeven hoogte bedragen.
19.2.3
Bijbehorende bouwwerken
Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken bij een recreatiewoning gelden de volgende regels: a. bijbehorende bouwwerken dienen achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd; b. c. d.
per recreatiewoning mag ten hoogste 1 bijbehorend bouwwerk worden gebouwd; de oppervlakte van een bijbehorend bouwwerk mag ten hoogste 10 m² bedragen; de bouwhoogte van een bijbehorend bouwwerk mag ten hoogste 3,00 m bedragen dan wel ten hoogste de goothoogte van het hoofdgebouw indien deze hoger is en sprake is van een aangebouwd bijbehorend bouwwerk.
19.2.4
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, dienen, met uitzondering van erf- en terreinafscheidingen, achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd; b. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 1,00 m bedragen; c. per recreatiewoning mag de gezamenlijke oppervlakte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten hoogste 25 m² bedragen.
55
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp
19.3
Nadere eisen
Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. b. c. d. e. f. g.
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
19.4
Afwijken van de bouwregels
19.4.1
Afwijkingsregels
Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van: a.
het bepaalde in lid 19.2.2 sub b en d ten behoeve van het vergroten van een hoofdgebouw met ten hoogste 10 m2, met dien verstande dat de totale bebouwde oppervlakte aan hoofdgebouw en bijbehorende bouwwerken niet groter mag zijn dan de krachtens lid 19.2.1 toegestane oppervlakte;
b. c.
het bepaalde in lid 19.2.3 sub a en toestaan dat bijbehorende bouwwerken, vóór de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw worden gebouwd; het bepaalde in lid 19.2.4 sub a en toestaan dat bouwwerken, geen gebouwen zijnde, vóór de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw worden gebouwd.
19.4.2
Toetsingscriteria
De in lid 19.4.1 genoemde afwijkingen mogen uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. b. c. d. e. f. g.
19.5
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming wordt in ieder geval gerekend het gebruik van de gronden en bouwwerken voor bewoning, met uitzondering van het op grond van lid 19.1 toegestane gebruik.
56
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp
Artikel 20 20.1
Recreatie - Recreatiewoningen 3
Bestemmingsomschrijving
De voor “Recreatie - Recreatiewoningen 3'' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b.
recreatieve bewoning van recreatiewoningen, waar tevens permanent mag worden gewoond; uitsluitend recreatieve bewoning ter plaatse van de aanduiding "recreatiewoning";
met de daarbij behorende: c. d. e. f. g. h.
tuinen, erven en terreinen; parkeervoorzieningen; nutsvoorzieningen; gebouwen; bijbehorende bouwwerken; bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
20.2
Bouwregels
20.2.1
Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. b. c.
de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen mag per bouwperceel, indien het een vrijstaand hoofdgebouw betreft, ten hoogste 95 m² bedragen; de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen mag per bouwperceel, indien het een aangebouwd hoofdgebouw betreft, ten hoogste 75 m² bedragen; in afwijking van het bepaalde in sub a is ter plaatse van de aanduiding "recreatiewoning" uitsluitend de bestaande oppervlakte toegestaan.
20.2.2
Hoofdgebouwen
Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a. b. c.
d.
e. f.
als hoofdgebouw mogen uitsluitend recreatiewoningen worden gebouwd; een hoofdgebouw dient voor ten minste 75% binnen een bouwvlak worden gebouwd, met dien verstande dat de naar de weg gekeerde bouwgrens niet mag worden overschreden; het aantal hoofdgebouwen mag per bouwvlak ten hoogste 1 bedragen, tenzij in het bouwvlak de aanduiding "aantal wooneenheden" is aangegeven, in welk geval: 1. hoofdgebouwen aaneen mogen worden gebouwd; 2. het aantal hoofdgebouwen ten hoogste het ter plaatse van de aanduiding "aantal wooneenheden" aangegeven aantal mag bedragen; de oppervlakte van een hoofdgebouw mag ten hoogste: 1. 85 m² bedragen, indien het een vrijstaand hoofdgebouw betreft; 2. 65 m² bedragen, indien het een aangebouwd hoofdgebouw betreft; de goot- en bouwhoogte van gebouwen mag ten hoogste de ter plaatse van de aanduiding "maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)" aangegeven hoogte bedragen ; in afwijking van het bepaalde in sub a tot en met e is ter plaatse van de aanduiding "recreatiewoning" uitsluitend de bestaande recreatiewoning toegestaan met de bestaande maatvoering.
20.2.3
Bijbehorende bouwwerken
Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken bij een recreatiewoning gelden de volgende regels: a. bijbehorende bouwwerken dienen achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd; b. c.
per recreatiewoning mag ten hoogste 1 bijbehorend bouwwerk worden gebouwd; de oppervlakte van een bijbehorend bouwwerk mag ten hoogste 10 m² bedragen;
57
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp d.
de bouwhoogte van een bijbehorend bouwwerk mag ten hoogste 3,00 m bedragen dan wel ten hoogste de goothoogte van het hoofdgebouw indien deze hoger is en sprake is van een aangebouwd bijbehorend bouwwerk; ter plaatse van de aanduiding "recreatiewoning" zijn geen bijbehorende bouwwerken toegestaan.
e.
20.2.4
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, dienen, met uitzondering van erf- en terreinafscheidingen, achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd; b. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 1,00 m bedragen; c. per recreatiewoning mag de gezamenlijke oppervlakte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten hoogste 25 m² bedragen. 20.3
Nadere eisen
Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. b.
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
c. d. e. f. g. 20.4
Afwijken van de bouwregels
20.4.1
Afwijkingsregels
Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van: a. het bepaalde in lid 20.2.2 sub b en d ten behoeve van het vergroten van een hoofdgebouw met ten 2
hoogste 10 m , met dien verstande dat de totale bebouwde oppervlakte aan hoofdgebouw en bijbehorende bouwwerken niet groter mag zijn dan de krachtens lid 20.2.1 toegestane oppervlakte; b. het bepaalde in lid 20.2.3 sub a en toestaan dat bijbehorende bouwwerken, vóór de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw worden gebouwd; c. het bepaalde in lid 20.2.4 sub a en toestaan dat bouwwerken, geen gebouwen zijnde, vóór de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw worden gebouwd.
20.4.2
Toetsingscriteria
De in lid 20.4.1 genoemde afwijkingen mogen uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. b. c. d. e. f. g.
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. 58
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp 20.5
Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming wordt in ieder geval gerekend het gebruik van de gronden en bouwwerken voor bewoning, met uitzondering van het op grond van lid 20.1 toegestane gebruik.
59
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp
Artikel 21 21.1
Recreatie - Recreatiewoningen 4
Bestemmingsomschrijving
De voor “Recreatie - Recreatiewoningen 4” aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. recreatieve bewoning van recreatiewoningen; met de daarbij behorende: b. c. d. e. f. g.
tuinen, erven en terreinen; parkeervoorzieningen; nutsvoorzieningen; gebouwen; bijbehorende bouwwerken; bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
21.2
Bouwregels
21.2.1
Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. b.
de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen mag per bouwperceel, indien het een vrijstaand hoofdgebouw, ten hoogste 95 m² bedragen; de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen mag per bouwperceel, indien het een aangebouwd hoofdgebouw betreft, ten hoogste 75 m² bedragen.
21.2.2
Hoofdgebouwen
Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a. b. c.
d.
e.
als hoofdgebouw mogen uitsluitend recreatiewoningen worden gebouwd; een hoofdgebouw dient voor ten minste 75% binnen een bouwvlak worden gebouwd, met dien verstande dat de naar de weg gekeerde bouwgrens niet mag worden overschreden; het aantal hoofdgebouwen mag per bouwvlak ten hoogste 1 bedragen, tenzij in het bouwvlak de aanduiding "aantal wooneenheden" is aangegeven, in welk geval: 1. hoofdgebouwen aaneen mogen worden gebouwd; 2. het aantal hoofdgebouwen ten hoogste het ter plaatse van de aanduiding "aantal wooneenheden" aangegeven aantal mag bedragen; de oppervlakte van hoofdgebouw mag ten hoogste: 1. 85 m² bedragen, indien het een vrijstaand hoofdgebouw betreft; 2. 65 m² bedragen, indien het een aangebouwd hoofdgebouw betreft; de goot- en bouwhoogte van gebouwen mag ten hoogste de ter plaatse van de aanduiding "maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)" aangegeven hoogte bedragen.
21.2.3
Bijbehorende bouwwerken
Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken bij een recreatiewoning gelden de volgende regels: a. bijbehorende bouwwerken dienen achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd; b.
per recreatiewoning mag ten hoogste 1 bijbehorend bouwwerk worden gebouwd;
c. d.
de oppervlakte van een bijbehorend bouwwerk mag ten hoogste 10 m² bedragen; de bouwhoogte van een bijbehorend bouwwerk mag ten hoogste 3,00 m bedragen dan wel ten hoogste de goothoogte van het hoofdgebouw indien deze hoger is en sprake is van een aangebouwd bijbehorend bouwwerk.
21.2.4
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: 60
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp a. b. c.
bouwwerken, geen gebouwen zijnde, dienen, met uitzondering van erf- en terreinafscheidingen, achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd; de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 1,00 m bedragen; per recreatiewoning mag de gezamenlijke oppervlakte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten hoogste 25 m² bedragen.
21.3
Nadere eisen
Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. b. c. d. e. f. g.
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
21.4
Afwijken van de bouwregels
21.4.1
Afwijkingsregels
Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van: a. het bepaalde in lid 21.2.2 sub b en e ten behoeve van het vergroten van een hoofdgebouw met ten hoogste 10 m2, met dien verstande dat de totale bebouwde oppervlakte aan hoofdgebouw en b. c.
bijbehorende bouwwerken niet groter mag zijn dan de krachtens lid 21.2.1 toegestane oppervlakte; het bepaalde in lid 21.2.3 sub a en toestaan dat bijbehorende bouwwerken, vóór de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw worden gebouwd; het bepaalde in lid 21.2.4 sub a en toestaan dat bouwwerken, geen gebouwen zijnde, vóór de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw worden gebouwd.
21.4.2
Toetsingscriteria
De in lid 21.4.1 genoemde afwijkingen mogen uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. b. c. d. e. f. g.
21.5
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming wordt in ieder geval gerekend het gebruik van de gronden en bouwwerken voor bewoning, met uitzondering van het op grond van lid 21.1 toegestane gebruik.
61
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp
Artikel 22 22.1
Recreatie - Recreatiewoningen 5
Bestemmingsomschrijving
De voor “Recreatie - Recreatiewoningen 5” aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.
recreatieve bewoning van recreatiewoningen;
met de daarbij behorende: b. tuinen, erven en terreinen; c. parkeervoorzieningen; d. nutsvoorzieningen; e. gebouwen; f. bijbehorende bouwwerken; g. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 22.2
Bouwregels
22.2.1
Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen geldt dat de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen per bouwperceel ten hoogste 75 m² mag bedragen dan wel de bestaande oppervlakte indien deze meer bedraagt.
22.2.2
Hoofdgebouwen
Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a. b. c.
d.
als hoofdgebouw mogen uitsluitend recreatiewoningen worden gebouwd; een hoofdgebouw dient binnen een bouwvlak te worden gebouwd; het aantal hoofdgebouwen mag per bouwvlak ten hoogste 1 bedragen, tenzij in het bouwvlak een maximum aantal aaneen te bouwen hoofdgebouwen ter plaatse van de aanduiding "aantal wooneenheden" is aangegeven, in welk geval: 1. de hoofdgebouwen aaneen mogen worden gebouwd; 2. het aantal hoofdgebouwen ten hoogste het ter plaatse van de aanduiding "aantal wooneenheden" aangegeven aantal mag bedragen; de goot- en bouwhoogte van gebouwen mag ten hoogste de aangegeven goot- en bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding "maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)" bedragen.
22.2.3
Bijbehorende bouwwerken
Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken bij een recreatiewoning gelden de volgende regels: a. bijbehorende bouwwerken dienen achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd; b. c. d.
per recreatiewoning mag ten hoogste 1 bijbehorend bouwwerk worden gebouwd; de oppervlakte van een bijbehorend bouwwerk mag ten hoogste 15 m² bedragen; de bouwhoogte van een bijbehorend bouwwerk mag ten hoogste 3,00 m bedragen dan wel ten hoogste de goothoogte van het hoofdgebouw indien deze hoger is en sprake is van een aangebouwd bijbehorend bouwwerk.
22.2.4
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. b.
c.
bouwwerken, geen gebouwen zijnde, dienen, met uitzondering van erf- en terreinafscheidingen, achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd; de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag ten hoogste 1,00 m bedragen, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan ten hoogste 2,00 m mag bedragen; de bouwhoogte van de overige bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, mag ten hoogste 5,00 m bedragen; 62
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp d.
per recreatiewoning mag de gezamenlijke oppervlakte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten hoogste 25 m² bedragen.
22.3
Nadere eisen
Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. b. c. d. e. f. g.
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
22.4
Afwijken van de bouwregels
22.4.1
Afwijkingsregels
Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van: a.
b. c.
het bepaalde in lid 22.2.2 sub b ten behoeve van het vergroten van een hoofdgebouw met ten hoogste 15 m2, met dien verstande dat de totale bebouwde oppervlakte aan hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken niet groter mag zijn dan de krachtens lid 22.2.1 toegestane oppervlakte; het bepaalde in lid 22.2.3 sub a en toestaan dat bijbehorende bouwwerken vóór de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw worden gebouwd; het bepaalde in lid 22.2.4 sub a en toestaan dat bouwwerken, geen gebouwen zijnde, vóór de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw worden gebouwd.
22.4.2
Toetsingscriteria
De in lid 22.4.1 genoemde afwijkingen mogen uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. b. c. d. e. f. g. 22.5
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming wordt in ieder geval gerekend het gebruik van het gebruik van de gronden en bouwwerken voor bewoning, met uitzondering van het op grond van lid 22.1 toegestane gebruik.
63
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp
Artikel 23 23.1
Recreatie - Recreatiewoningen 6
Bestemmingsomschrijving
De voor “Recreatie - Recreatiewoningen 6” aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.
recreatieve bewoning van recreatiewoningen;
met de daarbij behorende: b. tuinen, erven en terreinen; c. parkeervoorzieningen; d. nutsvoorzieningen; e. gebouwen; f. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 23.2
Bouwregels
23.2.1
Hoofdgebouwen
Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels a. b. c. d.
als hoofdgebouw mogen uitsluitend recreatiewoningen worden gebouwd; een hoofdgebouw dient binnen een bouwvlak te worden gebouwd; het aantal recreatiewoningen mag per bestemmingsvlak ten hoogste 11 bedragen; de bouwhoogte van een hoofdgebouw mag ten hoogste 6,00 m bedragen.
23.2.2
Bijbehorende bouwwerken
Binnen de bestemming zijn geen bijbehorende bouwwerken toegestaan.
23.2.3
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. b. c.
23.3
bouwwerken, geen gebouwen zijnde, dienen, met uitzondering van erf- en terreinafscheidingen, achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd; de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 1,00 m bedragen; per recreatiewoning mag de gezamenlijke oppervlakte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten hoogste 25 m² bedragen. Nadere eisen
Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. b. c. d. e. f. g. 23.4
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming wordt in ieder geval gerekend het gebruik van de gronden en bouwwerken voor bewoning, met uitzondering van het op grond van lid 23.1 toegestane gebruik.
64
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp
Artikel 24 24.1
Sport
Bestemmingsomschrijving
De voor “Sport” aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d.
e.
sport- en speelterreinen; zwembad; ijsbaan; voorzieningen ten behoeve van: 1. sport- en recreatie; 2. een kantine; 3. kleedruimtes; 4. onderhoud en beheer; personeelshuisvesting, uitsluitend op gronden ter plaatse van de aanduiding "specifieke vorm van wonen - personeelshuisvesting";
met de daarbij behorende: f. g. h. i. j. k. l.
groenvoorzieningen; paden en verhardingen; parkeervoorzieningen; nutsvoorzieningen; sloten, bermen en beplanting; gebouwen; bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
24.2
Bouwregels
24.2.1
Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. b.
gebouwen dienen binnen een bouwvlak te worden gebouwd; de goot- en bouwhoogte van gebouwen mag ten hoogste de aangegeven goot- en bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding “maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)” bedragen, met dien verstande dat indien geen goothoogte is aangegeven, de goothoogte ten hoogste de aangegeven bouwhoogte mag bedragen.
24.2.2
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a.
b. c. d. e.
24.3
de gezamenlijke oppervlakte van overkappingen mag per bouwperceel ten hoogste 15 m² bedragen, met dien verstande dat een overkapping ten behoeve van de voetbaltribune ten hoogste 100 m2 mag bedragen; de bouwhoogte van overkappingen mag ten hoogste 3,00 m bedragen; de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag ten hoogste 2,00 m bedragen; de bouwhoogte van lichtmasten en ballenvangers mag ten hoogste 15,00 m bedragen; de bouwhoogte van de overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 5,00 m bedragen. Nadere eisen
Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. b.
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; 65
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp c. d. e. f. g.
24.4
de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming wordt in ieder geval gerekend het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van een zelfstandig horecabedrijf.
66
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp
Artikel 25 25.1
Tuin
Bestemmingsomschrijving
De voor “Tuin” aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.
tuinen, behorende bij de op de aangrenzende gronden gelegen hoofgebouwen;
met de daarbij behorende: b. gebouwen; c.
bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde.
25.2
Bouwregels
25.2.1
Gebouwen
Op of in deze gronden zijn uitsluitend bestaande gebouwen toegestaan.
25.2.2
Bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, gelden de volgende regels: a.
de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag ten hoogste 1,00 m bedragen, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevel van het gebouw of het verlengde daarvan ten hoogste 2,00 m mag bedragen;
b.
de bouwhoogte van de overige bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, mag ten hoogste 2,00 m bedragen.
25.3
Nadere eisen
Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van bouwwerken, ten behoeve van: a. b. c. d. e. f. g.
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
25.4
Afwijken van de bouwregels
25.4.1
Afwijkingsregels
Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 25.2.1 en 25.2.2. en toestaan dat bijbehorende bouwwerken en/of overkappingen ten behoeve van de op de aangrenzende gronden gelegen hoofgebouwen met de bestemming ‘Wonen’ worden gebouwd, mits wordt voldaan aan de bouwregels voor bijbehorende bouwwerken en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zoals bedoeld in lid 28.2.
25.4.2
Toetsingscriteria
De in lid 25.4.1 genoemde afwijking mag uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a.
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; 67
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp b. c. d. e. f. g.
de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
68
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp
Artikel 26 26.1
Tuin – Overtuin
Bestemmingsomschrijving
De voor “Tuin - Overtuin” aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.
cultuurhistorisch waardevolle overtuinen behorende bij de door middel van het figuur ‘relatie’ gekoppelde percelen, zoals weergeven in bijlage 5 bij de regels opgenomen kaart Overtuinen;
b.
gebruik behorende bij de door middel van het figuur ‘relatie’ gekoppelde aangrenzende bestemming, zoals weergeven in bijlage 5 bij de regels opgenomen kaart Overtuinen;
en tevens voor: c.
recreatieve bewoning in een recreatiewoning, uitsluitend op gronden ter plaatse van de aanduiding “recreatiewoning”;
met daaraan ondergeschikt: d.
recreatief gebruik behorend bij de in lid 26.1 sub c toegestane recreatieve bewoning,
met de daarbij behorende: e. f.
bijbehorende bouwwerken; overkappingen;
g.
bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde.
26.2
Bouwregels
26.2.1
Bijbehorende bouwwerken en overkappingen
Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken en overkappingen gelden de volgende regels: a.
b.
voor bijbehorende bouwwerken en overkappingen ten behoeve van het in lid 26.1 genoemde gebruik gelden de volgende bouwregels; 1. de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken en overkappingen mag per overtuin als bedoeld in lid 26.1 sub a ten hoogste 20% van de oppervlakte van de overtuin bedragen tot een maximum van 50 m²; 2. de gezamenlijke breedte van bijbehorende bouwwerken en/of overkappingen mag ten hoogste 40% van de breedte van de overtuin bedragen; 3. de afstand van bijbehorende bouwwerken en/of overkappingen tot de zijdelingse perceelgrens van de overtuin bedraagt ten minste 0,4 m; 4. de goothoogte van bijbehorende bouwwerken en/of overkappingen mag ten hoogste 2,75 m bedragen; 5. de bouwhoogte van bijbehorende bouwwerken en/of overkappingen mag ten hoogste 3,50 m bedragen; 6. een bijbehorend bouwwerk dient te zijn voorzien van een kap, waarvan de dakhelling ten minste 45° en ten hoogste 65° bedraagt, tenzij de oppervlakte van een gebouw kleiner is dan 6 m², in welk geval het vereiste van een dakhelling niet van toepassing is. In aanvulling op en/of i n afwijking van het bepaalde onder a gelden voor het bouwen van gebouwen ten behoeve van recreatieve bewoning als bedoeld in lid 26.1 sub c tevens de volgende bouwregels: 1. recreatiewoningen mogen uitsluitend ter plaatse van gronden met de aanduiding “recreatiewoning” worden gebouwd; 2.
het aantal recreatiewoningen mag ten hoogste 1 bedragen, dan wel het ter plaatse van de aanduiding "aantal wooneenheden" aangegeven aantal; 3. in afwijking van het bepaalde in sub a onder 5 mag de bouwhoogte van een recreatiewoning ten hoogste 4,50 m bedragen. 69
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp
26.2.2
Bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag ten hoogste 1,00 m bedragen, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevel van het gebouw of het verlengde daarvan ten hoogste 2,00 m mag bedragen; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, mag ten hoogste 2,00 m bedragen.
26.3
Nadere eisen
Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a.
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld;
b.
de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
c. d. e. f. g.
26.4
Afwijken van de bouwregels
26.4.1
Afwijkingsregels
Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van: a. het bepaalde in lid 26.2.1 sub a onder 5 in die zin dat de bouwhoogte van een gebouw wordt vergroot tot ten hoogste 4,00 m; b. het bepaalde in lid 26.2.1 sub b onder 3 in die zin dat de bouwhoogte van een gebouw ten behoeve van een recreatiewoning wordt vergroot tot ten hoogste 5,00 m voor zover dit vanuit de in de bijlagen 3 en 4 bij deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht noodzakelijk is ter verkrijging van een dakhelling van ten minste 45° en maximaal 65°.
26.4.2
Toetsingscriteria
De in lid 26.4.1 genoemde afwijkingen mogen uitsluitend worden verleend, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. b. c. d. e. f. g.
het straat-, bebouwings- en landschappelijk beeld; de in bijlage 3 en 4 van deze regels aangegeven cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht; de woonsituatie; milieusituatie; natuurlijke waarden; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
26.5
Specifieke gebruiksregels
26.5.1 Specifieke gebruiksverboden Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming wordt in ieder geval gerekend: 70
Herstelbesluit bestemmingsplan Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp a.
het gebruik van de gronden en bouwwerken voor bewoning , met uitzondering van het op grond van lid 26.1 toegestane gebruik.
b.
het gebruik van de gronden en bouwwerken voor de uitoefening van detailhandel, een aan-huis-verbonden beroep of kleinschalige bedrijfsmatige activiteit, met dien verstande dat: 1. opslag ten behoeve van de bestemming van een aan de overtuin gekoppeld perceel is toegestaan; 2. het gebruik van gebouwen ten behoeve van thuiswerken en/of kantoor aan huis toegestaan is voor zover dit gebruik geen bezoekers aantrekt of op andere wijze overlast veroorzaakt voor de omgeving. het gebruik van de gronden ten behoeve van een terras behorend bij een horecabedrijf; het verharden en/of halfverharden van de gronden, daaronder niet begrepen bebouwing, indien de gezamenlijke oppervlakte per overtuin meer bedraagt dan: 1. 15% van de oppervlakte van een overtuin, en 2. 75 m².