Bijlage 4 Controleprotocol 2018 tm 2020
Tekst van het document
Pagina 1 van 8
BIJLAGE 1
Controleprotocol voor de accountantscontrole op de jaarrekening 2018 t/m 2020 van de gemeente Schiermonnikoog.
1. Inleiding IPA Acon Accountants BV voert voor de boekjaren 2018 t/m 2023 de accountantscontrole –als bedoeld in art. 213 GW- uit voor de gemeente Schiermonnikoog. Ter voorbereiding en ondersteuning van de uitvoering van de accountantscontrole door PWC voor het boekjaar 2018 t/m 2020 moet de gemeenteraad nog een aantal zaken nader regelen, wat op hoofdlijnen in dit controleprotocol plaatsvindt. Vanaf de jaarrekening 2021 toetst de accountant niet meer op rechtmatigheid, maar moet het college van B&W hierover zelf verantwoording afleggen naar de raad. Daardoor zal het controleprotocol er voor de jaarrekening 2021 waarschijnlijk anders uit komen te zien. Daarom is er voor gekozen om het nu voorliggende controleprotocol te laten lopen tot en met boekjaar 2020. Object van controle zijn de jaarrekeningen 2018 t/m 2020 en daarmede tevens het financieel beheer over die jaren, zoals uitgeoefend door of namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Schiermonnikoog. 1.2 Doelstelling Dit controleprotocol heeft als doel nadere aanwijzingen te geven aan de accountant over de reikwijdte van de accountantscontrole, de daarvoor geldende normstellingen en de daarbij verder te hanteren goedkeurings- en rapporteringstoleranties voor de controle van de jaarrekeningen 2018 t/m 2020 van de gemeente Schiermonnikoog. 1.2 Wettelijk kader De gemeentewet(GW), art.
213, schrijft voor dat de gemeenteraad één of meer accountants aanwijst als bedoeld in art. 393 eerste lid Boek 2 Burgerlijk Wetboek voor de controle van de in art 197 GW bedoelde jaarrekening en het daarbij verstrekken van een accountantsverklaring en het uitbrengen van een verslag van bevindingen. In het kader van de opdrachtverstrekking aan de accountant kan de gemeenteraad nadere aanwijzingen geven voor te hanteren goedkeurings- en rapporteringstoleranties. Tevens zal in de opdrachtverstrekking duidelijk aangegeven moeten worden welke wet- en regelgeving in het kader van het financieel beheer onderwerp van rechtmatigheidscontrole zal zijn. De gemeenteraad heeft op 20 maart 2007 de verordening ex art 213 GW voor de controle op het financieel beheer en op de inrichting van de financiële organisatie van de gemeente Schiermonnikoog vastgesteld. Met dit controleprotocol stelt de gemeenteraad nadere aanwijzingen vast die specifiek van toepassing zijn bij de jaarrekeningcontroles 2018 t/m 2020.
Pagina 2 van 8
2. Algemene uitgangspunten voor de controle (getrouwheid én rechtmatigheid) Zoals in art 213 GW is voorgeschreven zal de controle van de in artikel 197 Gemeentewet bedoelde jaarrekening uitgevoerd door de door de raad benoemde accountant gericht zijn op het afgeven van een oordeel over: • • • • •
de getrouwe weergave van de in de jaarrekening gepresenteerde baten en lasten en de activa en passiva; het rechtmatig tot stand komen van de baten en lasten en balansmutaties in overeenstemming met de begroting en met de van toepassing zijnde wettelijke regelingen, waaronder gemeentelijke verordeningen; de inrichting van het financieel beheer en de financiële organisatie gericht op de vraag of deze een getrouwe en rechtmatige verantwoording mogelijk maken; het in overeenstemming zijn van de door het college opgestelde jaarrekening met de bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen regels bedoeld in artikel 186 Gemeentewet (Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten); de verenigbaarheid van het jaarverslag met de jaarrekening.
Bij de controle zullen de nadere regels die bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden gesteld op grond van artikel 213, lid 6 Gemeentewet (Besluit Accountantscontrole Provincies en Gemeenten) alsmede de Richtlijnen voor de Accountantscontrole (NIVRA) bepalend zijn voor de uit te voeren werkzaamheden. Ook worden richtinggevende uitspraken en adviezen van het platform rechtmatigheid bij de controle betrokken. Deze staan in de Kadernota Rechtmatigheid, die jaarlijks wordt geactualiseerd. Onder rechtmatigheid wordt begrepen de definitie volgens het Besluit Accountantscontrole Provincies en Gemeenten (BAPG) dat de in de rekening verantwoorde lasten, baten en balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen, dat wil zeggen “in overeenstemming zijn met de begroting en met de van toepassing zijnde wettelijke regelingen, waaronder gemeentelijke verordeningen ”. 3. Te hanteren goedkeurings- en rapporteringstoleranties De accountant accepteert in de controle bepaalde toleranties en richt de controle daarop in. De accountant controleert niet ieder document of iedere financiële handeling, maar richt de controle zodanig in dat voldoende zekerheid wordt verkregen over het getrouwe beeld van de jaarrekening en de rechtmatigheid van de verantwoorde baten en lasten en balansmutaties en financiële beheershandelingen met een belang groter dan de vastgestelde goedkeuringstolerantie.
De accountant richt de controle in op het ontdekken van belangrijke fouten en baseert zich daarbij op risicoanalyse, vastgestelde toleranties en statische deelwaarnemingen en extrapolaties. In het Besluit accountantscontrole Provincies en Gemeenten zijn minimumeisen voor de in de controle te hanteren goedkeuringstoleranties voorgeschreven. Gemeenteraden mogen de goedkeuringstoleranties scherper vaststellen dan deze minimumeisen. Wij stellen voor de controletoleranties vast te stellen overeenkomstig de wettelijke minimumeisen. Naast deze kwantitatieve benadering zal de accountant ook een kwalitatieve beoordeling hanteren (professional judgement). De definitie van de goedkeuringstolerantie is: “De goedkeuringstolerantie is het bedrag dat de som van fouten in de jaarrekening of onzekerheden in de controle aangeeft, die in een jaarrekening maximaal mogen voorkomen, zonder dat de bruikbaarheid van de jaarrekening voor de oordeelsvorming door de gebruikers kan worden beïnvloed.” De goedkeuringstolerantie is bepalend voor de oordeelsvorming, de strekking van de af te geven accountantsverklaring.
Pagina 3 van 8
In het hierna opgenomen schema zijn de voorgestelde goedkeuringstoleranties opgenomen : Goedkeuringstolerantie Fouten in de jaarrekening (% lasten) Onzekerheden in de controle (% lasten)
Goedkeurend ≤ 1%
Beperking >1%<3%
Oordeelonthouding -
Afkeurend ≥ 3%
≤ 3%
>3%<10%
≥ 10%
-
De totale lasten van de primaire begroting 2018 bedragen € 6,6 miljoen. Op basis van deze begroting betekenen bovengenoemde percentages dat een totaalbedrag aan fouten in de jaarrekening tot circa € 66.000 en een totaal van onzekerheden tot circa € 198.000 de goedkeurende strekking van de accountantsverklaring niet zullen aantasten. Het is overigens wel de regel dat de door de accountant geconstateerde fouten worden gecorrigeerd in de jaarrekening. In dat geval bevat de door de raad vast te stellen jaarrekening geen ongecorrigeerde fouten meer. De accountant rapporteert in ieder geval de fouten en onzekerheden boven de goedkeuringstoleranties. Het is aan de accountant in hoeverre ook andere (eventueel gecorrigeerde) fouten worden gerapporteerd. 4. Normstelling rechtmatigheid 4.1 Inleiding In het kader van de rechtmatigheidscontrole kunnen 9 rechtmatigheidscriteria worden onderkend: het begrotingscriterium, het voorwaardencriterium, het misbruik en oneigenlijk gebruikcriterium, het calculatiecriterium, het valuteringscriterium, het adresseringscriterium, het volledigheidscriterium, het aanvaardbaarheidscriterium en het leveringscriterium. In het kader van het getrouwheidsonderzoek wordt al aandacht besteed aan de meeste van deze criteria.
Voor de oordeelsvorming over de rechtmatigheid van het financieel beheer wordt extra aandacht besteed aan de volgende rechtmatigheidscriteria: 1. Het begrotingscriterium; 2. Het misbruik en oneigenlijk gebruik criterium (M&O-criterium); 3. Het voorwaardencriterium. Aan deze 3 rechtmatigheidscriteria wordt in iedere jaarrekening telkens in een aparte bijlage aan besteed, waarin staat aangegeven in hoeverre voldaan is aan die criteria. In de volgende paragrafen wordt de normstelling voor de rechtmatigheidscontrole beschreven. In paragraaf 5 wordt de reikwijdte van de controle van de accountant ten aanzien van bovengenoemde criteria beschreven. 4.2. Begrotingscriterium Bij de rechtmatigheidscontrole vormt het begrotingscriterium een belangrijk toetsingscriterium. In de toelichting op het BAPG wordt begrotingrechtmatigheid omschreven als: “Financiële beheershandelingen, die ten grondslag liggen aan de baten en lasten, alsmede de balansposten, dienen tot stand te zijn gekomen binnen de grenzen van de geautoriseerde begroting en hiermee samenhangende programma’s (begrotingscriterium). In de begroting zijn de maxima voor de lasten vermeld die door de raad zijn vastgesteld. Dit houdt in dat de financiële beheershandelingen dienen te passen binnen de begroting, waarbij het juiste programma, de toereikendheid van het begrotingsbedrag, alsmede het begrotingsjaar van belang zijn.” In art.
5 van de op 12 december 2017 vastgestelde verordening ex. art. 212 van de GW (hierna : de financiële verordening) is de norm voor begrotingsrechtmatigheid vastgelegd. Deze normen zijn hieronder overgenomen en waar nodig nader uitgewerkt.
Pagina 4 van 8
•
De norm voor begrotingsrechtmatigheid ligt op het niveau van overschrijding van de lasten van de programma’s. Het college licht overschrijdingen toe indien deze op productniveau meer dan € 2.500 bedraagt;
•
Norm voor begrotingsrechtmatigheid ten aanzien van de balansposten ligt op het niveau van de geautoriseerde bedragen in het onderdeel uiteenzetting van de financiële positie in de begroting. Een toelichting hierop vindt plaats in de toelichting op de balans, waarbij expliciet bij een (verwachte) overschrijdingen van investeringskredieten wordt stilgestaan.
•
Voor het schuiven van budgetten tussen programma’s is toestemming van de gemeenteraad vereist;
•
Het college mag binnen de programma’s met budgetten schuiven, mits de lasten van producten niet dusdanig worden overschreden dat de realisatie van andere producten binnen het zelfde programma onder druk komen te staan.
De accountant toetst bovenstaande normen aan de hand van de toelichting in de jaarrekening en stelt daarmee vast of afwijkingen voor het accountantsoordeel rechtmatig of onrechtmatig zijn. Het Platform Rechtmatigheid Provincies en Gemeenten noemt in de Kadernota Rechtmatigheid van 2013 de volgende mogelijkheden inzake begrotingsoverschrijdingen (en de consequenties daarvan voor het accountantsoordeel): Bij de toetsing van begrotingsafwijkingen kunnen tenminste de volgende ‘soorten’ begrotingsafwijkingen worden onderkend:
Budgetoverschrijdingen die passen binnen het bestaande beleid, maar waarbij de accountant ondubbelzinnig vaststelt dat die ten onrechte niet tijdig zijn geautoriseerd. Bijvoorbeeld: de verwachte kostenoverschrijding op jaarbasis was via tussentijdse informatie al wel bekend, maar men heeft geen voorstel tot begrotingsaanpassing ingediend en dit is in strijd met de budgetregels zoals afgesproken met de raad. Budgetoverschrijdingen die geheel of grotendeels worden gecompenseerd door direct gerelateerde opbrengsten, bijvoorbeeld via subsidies of kostendekkende omzet. Budgetoverschrijdingen bij open einde (subsidie)regelingen. Vaak blijkt vanwege dit open karakter in het kader van het opmaken van de jaarrekening een (niet eerder geconstateerde) overschrijding. Budgetoverschrijdingen die worden gecompenseerd door extra inkomsten die niet direct gerelateerd zijn. Over de aanwending van deze extra inkomsten heeft de raad nog geen besluit genomen Budgetoverschrijdingen betreffende activiteiten welke achteraf als onrechtmatig moeten worden beschouwd omdat dit bijvoorbeeld bij nader onderzoek van de subsidieverstrekker, belastingdienst of een toezichthouder blijkt (bijvoorbeeld een belastingnaheffing). Het zal hier in de praktijk vaak gaan om interpretatieverschillen bij de uitleg van wet- en regelgeving die na het verantwoordingsjaar aan het licht komen.
Er zijn dan geen rechtmatigheidsgevolgen voor dat verantwoordingsjaar. Wel zal de gemeente ervoor moeten zorgen dat de overschrijdingen getrouw in de jaarrekening worden weergegeven. Ook kunnen er gevolgen zijn voor het lopende jaar. - geconstateerd tijdens verantwoordingsjaar - geconstateerd na verantwoordingsjaar Budgetoverschrijdingen op activeerbare activiteiten (investeringen of totaal geautoriseerd budget) waarvan de gevolgen voornamelijk zichtbaar worden via hogere afschrijvings- en financieringslasten in het jaar zelf of pas in de volgende jaren: -jaar van investeren
Onrechtmatig, maar telt niet mee voor het oordeel
Onrechtmatig, en telt mee voor het oordeel X
X
X
X
X X
X X
Pagina 5 van 8
-afschrijvings- en financieringslasten in latere jaren
Begrotingsafwijkingen die in formele zin onrechtmatig zijn maar niet meetellen voor het oordeel over de rechtmatigheid van de accountant moeten worden opgenomen in het verslag van de accountant. De raad moet deze afwijkingen bij het vaststellen van de jaarrekening expliciet autoriseren. Voorwaarde is wel dat deze kostenoverschrijdingen dan goed herkenbaar in de jaarrekening zijn opgenomen. Daarnaast moet de accountant in het verslag van bevindingen deze kostenoverschrijdingen, waarvan het college in de jaarrekening aan moet geven dat ze nog dienen te worden geautoriseerd, aan de orde stellen. Wanneer de raad wel nadere regels stelt, gelden uiteraard deze nadere regels als norm voor "passend in het beleid". Tenslotte zijn er nog de budgetafwijkingen welke weliswaar in financiële zin binnen de begroting blijven, maar waarbij zeer duidelijk is dat aanzienlijk minder prestaties zijn geleverd c.q. activiteiten zijn ontplooid dan in de financiële begroting specifiek als doelstelling was aangegeven en welke niet in de jaarrekening zijn toegelicht vormen een aparte categorie “begrotingsoverschrijdingen”. Indien de accountant dit waarneemt heeft dit geen gevolgen voor de strekking van de controleverklaring. Wel zal de accountant deze waarnemingen opnemen in zijn verslag van bevindingen.4.3 M&O-criterium. 4.3 M&O-criterium.
Onder misbruik wordt verstaan: Het opzettelijk niet, niet tijdig, onjuist of onvolledig verstrekken van gegevens met als doel ten onrechte overheidssubsidies of -uitkeringen te verkrijgen of niet dan wel een te laag bedrag aan heffingen aan de overheid te betalen. Misbruik van overheidsgelden kan gelijk worden gesteld met het plegen van fraude om zich onrechtmatig overheidsgelden toe te eigenen. Bij fraude passen beheersmaatregelen zoals fraudepreventie, handhaving, fraudeopsporing en sancties. Onder oneigenlijk gebruik wordt verstaan: Het door het aangaan van rechtshandelingen, al dan niet gecombineerd met feitelijke handelingen, verkrijgen van overheidsbijdragen of het niet dan wel tot een te laag bedrag betalen van heffingen aan de overheid, in overeenstemming met de bewoordingen van de regelgeving maar in strijd met het doel en de strekking daarvan. De beheersmaatregelen die daarbij passen zijn: handhaving, voorlichting, analyse toepassing en actualisering wet- en regelgeving. Misbruik is onrechtmatig, oneigenlijk gebruik niet. Wanneer sprake is van misbruik van overheidsgelden moeten deze gelden door de gemeente worden teruggevorderd. Als in de jaarrekening van de gemeente geen terugvordering is verantwoord is er geen sprake van een getrouw beeld en een financiële rechtmatigheidsfout.
Wanneer oneigenlijk gebruik van overheidsgelden is geconstateerd, is geen sprake van een rechtmatigheidsfout. De accountant zal bij de rechtmatigheidscontrole inzake het voorkómen van misbruik en oneigenlijk gebruik in de eerste plaats bezien welke eisen de wet- en regelgeving stelt ten aanzien van M&O, wat daarin is geregeld omtrent de handhaving en hoe zich dat heeft vertaald naar de opzet van de interne organisatie. Daarbij zal aandacht worden besteed aan de aandacht in de organisatie voor misbruikpreventie en -opsporing, maatregelen om de wet- en regelgeving regelmatig te toetsen op actualiteit en handhavingmogelijkheden en het sanctiebeleid. Voor de eigen wet- en regelgeving bepaalt de raad zelf hoever hij gaat in de eisen die aan het M&O beleid te stellen zijn. Vervolgens zal de accountant toetsen of de opzet die voor het M&O beleid is gemaakt ook feitelijk wordt nageleefd. Tot slot zal de werking van de getroffen maatregelen moeten worden vastgesteld. De basis daarvoor ligt in belangrijke mate bij de uitkomsten van de intern al uitgevoerde controles en evaluaties. De accountant zal deze controles en evaluaties toetsen en beoordelen of naar aanleiding van de uitkomsten in de organisatie de juiste (sanctie)maatregelen zijn getroffen. De actualiteit van het (specifieke) M&O-beleid is daarom ook een aandachtspunt van de accountant.
De actualiteit wordt in elk geval vastgesteld door het M&O-beleid te bezien op wijzigingen benodigd voor de afstemming op nieuwe wet- en regelgeving en op specifieke ontwikkelingen, zoals
Pagina 6 van 8
daadwerkelijk gesignaleerd misbruik en/of oneigenlijk gebruik. Wanneer de accountant vaststelt dat het M&O-beleid (op onderdelen) niet actueel is en/of vaststelt dat de er geen M&O-beleid bestaat of het M&O-beleid feitelijk niet wordt nageleefd, rapporteert de accountant dat in het verslag van bevindingen. Dit weegt niet mee naar het oordeel van de accountant. Door de raad is in verschillende verordeningen en besluiten een M&O-beleid vastgesteld. Overkoepelend beleid is nog niet aanwezig. Aangezien voor bestaande procedures moet worden getoetst in hoeverre deugdelijke maatregelen ter voorkoming van misbruik- en oneigenlijk gebruik zijn genomen, is de vooronderstelling gerechtvaardigd dat binnen de belangrijkste procedures reeds (informeel) adequate maatregelen zijn getroffen ter waarborging van de getrouwheid van de financiële verantwoording. 4.4 Voorwaardencriterium Besteding en inning van gelden door een gemeente zijn aan bepaalde voorwaarden verbonden waarop door de accountant moet worden getoetst. Deze voorwaarden liggen vast in wetten en regels van hogere overheden en de (eigen) gemeentelijke regelgeving. De gestelde voorwaarden hebben in het algemeen betrekking op: • • • • • • • • •
Algemeen. Dit zijn over het algemeen de begripsbepalingen en slotbepalingen; Termijnbepalingen. Dit zijn bepalingen, waarin termijn zijn gesteld voor betaling, indienen van stukken etc.; Administratieve bepalingen. Dit zijn veelal procedurele bepalingen over bijvoorbeeld een incassoprocedure en het voeren van een administratie; Bevoegdheden; Bewijsstukken. Dit kunnen aanvraagformulieren of bewijsstukken die derden moeten kunnen overleggen in het kader van de verordening; Recht. In deze bepalingen is aangegeven wie, onder welke voorwaarden recht heeft op bijvoorbeeld een subsidie of vergoeding van de gemeente. Het gaat ten alle tijde om harde bepalingen waarbij 'sanctie' bestaat dat recht wordt ontnomen; Hoogte. Hoogte heeft betrekking op tarieven, formules en andere criteria die aangeven welke voorwaarden over hoogte zijn opgenomen. Gaat hier om de spelregels van de berekening; Duur. Bij duur gaat het om termijnen van verstrekking, toekenning of werkingsperiode; Hardheidsclausules. Veel verordeningen en besluiten geven het College de bevoegdheid om te besluiten over een aanvraag of toekenning indien de verordening hierin niet voorziet.
De precieze invulling verschilt per wet respectievelijk regeling respectievelijk verordening. Voor alle geldstromen dient ondubbelzinnig vast te staan welke voorwaarden er op van toepassing zijn. De door hogere overheden gestelde voorwaarden liggen volledig vast. De externe en de eigen interne regels zijn vastgelegd in het normenkader. Dit normenkader moet de accountant in zijn controle van het voorwaardencriterium betrekken. Dit klinkt eenvoudig, toch zijn er enkele punten van aandacht belangrijk bij het daadwerkelijk kunnen gebruiken van het normenkader bij de rechtmatigheidcontrole. Om het normenkader te kunnen gebruiken voor de accountantscontrole moet het worden geoperationaliseerd. Dit gebeurt via een toetsingskader. Bij het toetsingskader is het vooral van belang aan te geven welke bepalingen van de regelgeving uit het normenkader relevant zijn, c.q. aan welke bepalingen financiële consequenties zitten. Dit proces van kritisch kijken naar de regels heet het operationaliseren van het normenkader en leidt tot het toetsingskader, waarin per verordening de regels met de financiële voorwaarden zijn aangegeven. Mocht evenwel blijken dat de afwijking van formele voorschriften toch financiële consequenties heeft, dan dient het college dit te melden aan de raad en aan de accountant.
Een dergelijke aanpak kan slechts tijdelijk zijn, letter en praktijk moeten zo snel als mogelijk is met elkaar in overeenstemming worden gebracht.
Pagina 7 van 8
Met andere woorden de accountant richt zich in zijn controle op de bepalingen van recht, hoogte, duur en betrekt hier de hardheidsclausules bij. Aan afwijkingen van andere bepalingen worden in financiële zin geen nadere (financiële) consequenties verbonden, waardoor deze afwijkingen ook geen invloed kunnen hebben op de strekking van de accountantsverklaring. Dit laat onverlet dat ook aan deze bepalingen moet worden voldaan.
5. Reikwijdte accountantscontrole 5.1.Single Information Single Audit SiSa houdt kort in dat een groot aantal bijzondere verklaringen richting het rijk niet meer afzonderlijk hoeft te worden verantwoord en voorzien van een aparte accountantsverklaring, maar dat in een bijlage bij de jaarrekening verantwoording wordt afgelegd. De bijlage valt onder de scope van de accountantsverklaring bij de jaarrekening. Dit leidt tot het afgeven van minder specifieke verklaringen. De accountant voert de controle van de bijlage bij de jaarrekening uit volgens de richtlijnen en het controleprotocol van het rijk. In de SISA-bijlage bij de jaarrekening worden de specifieke verantwoordingen opgenomen. 5.2. Rechtmatigheid Begrotingscriterium en M&O- criterium •
Zie paragraaf 4.2 en 4.3
Voorwaardencriterium Bij de toetsing op de naleving van het voorwaardencriterium wordt in de controle rekening gehouden met de volgende aspecten : • •
•
• •
de naleving van wettelijke kaders voor zover deze directe financiële beheershandelingen betreffen of kunnen betreffen. De naleving van de interne en externe kaders zoals opgenomen in het normenkader. Dit laatste voor zover van toepassing en uitsluitend voor zover deze directe financiële beheershandelingen betreffen of kunnen betreffen. Ten aanzien van het voorwaardencriterium vindt voor de interne regelgeving uitsluitend een toets plaats naar de recht, hoogte en duur bepalingen van financiële beheershandelingen, tenzij jegens derden (bijvoorbeeld in toekenningsbeschikkingen) aanvullen de voorwaarden met directe financiële consequenties zijn opgenomen. Mocht tijdens de toetsing toch blijken dat het normen en/of toetsingskader niet juist of compleet is, dan geeft het college in de bedrijfsvoeringsparagraaf aan welke regels het betreft en hoe zij van het normenkader naar het toetsingskader is gekomen. De accountant moet dit in zijn verslag bevestigen. Collegebesluiten worden buiten het normenkader gelaten, tenzij dat wettelijk niet is toegestaan.. Niet financiële rechtmatigheid en financiële beheershandelingen, waarvan de accountant het rechtmatigheidsaspect niet goed kan overzien (staatssteun en europese aanbestedingen) volgt de accountant tot nader orde het de Kadernota Rechtmatigheid van 2018, afkomstig van het landelijke platform rechtmatigheid.
Pagina 8 van 8
5.3 Getrouwheid Ten aanzien van getrouwheid doet de accountant de werkzaamheden als contractueel overeengekomen. De gemeenteraad kan voor een aantal onderdelen aan de ‘knoppen’ van de accountantscontrole draaien. Hieronder zijn in het kort deze onderdelen gerecapituleerd.
A. Controletolerantie De toleranties zijn in paragraaf 3 van dit protocol verwerkt. Ten aanzien van de jaarrekening als geheel als ten aanzien van afzonderlijke onderdelen kan de tolerantie lager worden gesteld. B. Deelverantwoordingen Er zijn geen deelverantwoordingen. C. Verslag van bevindingen In het verslag wordt in ieder geval aandacht besteed aan de volgende punten. 1. aan rapporteringswaardige afwijkingen van het BBV; 2. bevindingen die de (afgesproken) rapportagetolerantie overschrijden; 3. de vraag of de inrichting van het financieel beheer en van de financiële organisatie een getrouwe en rechtmatige verantwoording mogelijk maken. Hierbij besteden wij op hoofdlijnen aandacht aan de in de managementletter genoemde aspecten; 4. omissies van enige omvang en opmerkingen die een duidelijke toegevoegde waarde op de informatie in de jaarrekening hebben, maar niet de afgesproken goedkeuringstoleranties overschrijden; 5. strekking van de verklaring. Bij afwijking van een anders dan goedkeurende verklaring geeft de accountant een toelichting op de redenen, waaronder bevindingen die de afgesproken goedkeuringstoleranties overschrijden. De managementletter is vormvrij. D. Aanvullende controle of aandachtspunten Jaarlijks zal aan de raad worden gevraagd of er extra aandachtspunten zijn waarop de accountant dient te controleren.
Voor zover bekend heeft de raad nog nooit dergelijke aandachtspunten aangedragen. Dit laat onverlet dat de vraag wel aan de raad wordt gesteld. In overleg met de accountant zal dan gekeken moeten worden in welke mate dit leidt tot meerwerk voor de accountant en dus meerkosten voor de gemeente. Voor het dienstjaar 2018 wordt u nu, bij behandeling van dit raadsvoorstel, de mogelijkheid geboden extra aandachtspunten in de controle aan te geven. Vervolgens zullen wij u voor de jaarrekeningcontrole 2019 en die van 2020 ook in de gelegenheid stellen om in die controlejaren specifieke controleonderwerpen aan te dragen.