Bijl. 5 - Communicatie-participatieplan.pdf
Tekst van het document
Bijlage 3:
Communicatie- & Participatieplan
Inhoud 1. Werkgroep Communicatie & Draagvlak 2. Uitgangspunten communicatie & draagvlak 3. Doelgroepen en doelen 4. Kansen en bedreigingen 5. Boodschap 6. Strategie 7. Middelen
2
Bijlage 3: Communicatie & Participatie
1. Werkgroep Communicatie & Draagvlak
3. Doelgroepen en doelstellingen
De werkgroep Communicatie & Draagvlak bestaat op het moment van schrijven - naast leden van het projectteam, medewerkers van de gemeenten en van WoonFriesland - uit inwoners van de wijk Nieuw Dokkum. Dit plan is door de werkgroep samen opgesteld.
We hebben binnen het project te maken met verschillende doelgroepen:
2. Uitgangspunten communicatie & draagvlak
3. huurders WoonFriesland;
De werkgroep heeft een aantal algemene uitgangspunten opgesteld voor alle communicatie vanuit het project: • Open en toegankelijk: communicatie moet open en toegankelijk om zo veel mogelijk drempels voor deelname te voorkomen. Dat betekent bijvoorbeeld dat we bij het taalgebruik zoveel mogelijk niveau B1 aanhouden, lange teksten vermijden en waar mogelijk gebruik maken van illustraties en afbeeldingen. • Duidelijk zijn: we willen vaagtaal vermijden. We hoeven niet overal (direct) een antwoord op te hebben, maar als we een antwoord geven, dan is dat een duidelijk antwoord. • Persoonlijk en dichtbij: we zijn benaderbaar en makkelijk te bereiken. • Luisteren en daar ook wat mee doen: we zijn een project voor en door eilanders. Dat betekent dat we sowieso luisteren naar wat inwoners zeggen en dat we daar indien mogelijk ook iets mee doen in de aanpak. • Vliegwiel: sommige inwoners bereiken we relatief makkelijk direct, daarbij eventueel rekening houdend met groepsculturen, bij anderen heeft het zin om via gemeenschapsleiders, tussenpersonen en/of ambassadeurs te werken. Als we het goed doen, dan zal onze boodschap zich als een olievlek uitbreiden. • Optimistisch en regelmatig: we gaan vaak (minimaal eens per twee maand) en vooral positief communiceren. • Kleine stapjes: iedere verandering kost tijd.
Inwoners hoeven niet alles in een keer te doen, maar kunnen ook kleinere stappen nemen.
1. alle inwoners van Schiermonnikoog; 2. inwoners van Nieuw Dokkum; 4. huiseigenaren;
5. bij inwoners betrokken derden (tweetrapsraket); 6. eigenaren personeelswoningen; 7. eigenaren niet-woningen Nieuw-Dokkum; 8. Stakeholders, waaronder onder meer: gemeenteraad / B&W / WoonFriesland / Liander / Friese MilieuFederatie / pers. Per doelgroep willen we verschillende doelen bereiken: A. weten dat het project bestaat (alle); B. weten wie wat doet en waar ze terecht kunnen met vragen (alle); C. weten dat ze mee kunnen doen (1, 2, 3, 4, 6 en 7); D. voldoende op de hoogte zijn om een weloverwogen keuze te kunnen maken (1, 2, 3, 4, 6 en 7); E. Betrekken bij lokale activiteiten van het project (alle); F.
op de hoogte zijn van mijlpalen, beslissingen en ontwikkelingen (alle).
Deze doelen zijn op dit moment nog algemeen geformuleerd. Gaandeweg maken we deze meer specifiek.
3
Bijlage 3: Communicatie & Participatie
4. Kansen en bedreigingen De werkgroep ziet verschillende kansen en bedreigingen voor het communiceren van en het creëren van draagvlak voor het project: Kansen: • Natuurliefhebbers. • De noodzaak om minder gas te gebruiken wordt meer gevoeld. • Landelijk komen er veel extra middelen beschikbaar. • Er is een sterke groepscultuur. Bedreigingen: • Op dit moment is er nog onvoldoende vertrouwen in het project. • Inwoners hebben niet altijd voldoende financiële ruimte voor het betalen van een eigen bijdrage. • Er is een sterke groepscultuur.
5. Boodschap We willen de boodschap vormgeven aan de hand van de volgende kaders: •
Aardgasvrij Eiland als paraplu, waaronder diverse deelprojecten en onderdelen vallen, te onderscheiden met de groene tekst onderin het logo.
•
De boodschap rond de drie pijlers in fase 1: a) Anders koken: begin nu, een snelle eerste mooie stap b) Gas besparen: iedereen kan wat doen, wij helpen en u bespaart c) Duurzaam verwarmen: een warmtenet als aantrekkelijk alternatief voor Nieuw-Dokkum
4
Bijlage 3: Communicatie & Participatie
6. Strategie
7. Middelen
We hebben een aantal strategische uitgangspunten en doelen opgesteld voor de communicatie van en het creëren van draagvlak voor het project:
In het projectplan gaan we uit van een viertrapsbenadering. We zetten hierbij de volgende middelen in
•
Aardgasvrij Eiland is een project waarin verschillende initiatiefnemers en inwoners samenwerken. Om dat te laten zien hebben we een eigen smoel, een eigen website.
•
We zeggen wat we doen en doen wat we zeggen.
•
Wij zijn een verandertraject: we nemen kleine overzichtelijke stappen, houden rekening met weerstand en nemen de tijd.
•
We luisteren naar inwoners en betrekken hen bij het project.
•
Als we externe inzet nodig hebben, proberen we deze zoveel mogelijk lokaal (of anders regionaal) in te vullen.
•
We hanteren consistent een positieve boodschap.
•
We laten zien dat er wat gebeurt.
•
We nodigen altijd uit tot een dialoog.
•
We zetten in op duurzaamheid, ook in relaties met mensen.
•
We sluiten aan bij de duurzaamheidsmarkt en andere lokale activiteiten / evenementen.
•
We spreken mensen aan met u, we maken het persoonlijk, we luisteren, we betrekken en communiceren duidelijk en begrijpelijk.
• • • • •
• • • • • • • • • •
bewonersbijeenkomsten; e-mail adres en telefoonnummer; eigen website; facebook; eigen nieuwsbrief met twee delen: • deel 1 gasbesparing (eilandbreed); • deel 2 warmtenet (Nieuw Dokkum); interviews / talkshows Schiermonnikoog tv; gemeentelijke kanalen; spreekuur; projectbureau waar mensen langs kunnen komen; Roll up banners / beach flags; tuinvlaggetjes en andere ‘olievlek’-middelen; foldermateriaal; huis-aan-huis bezoek; adviezen en dorpsbode (alleen indien nodig, want niet iedereen is lid).
We gaan ervan uit dat niet iedereen direct aan boord is. Vertrouwen moet groeien en de ene wil sneller stappen nemen dan de ander. Vanuit het project laten we zien dat het werkt. We zetten daarbij eerst brede middelen in en kijken vervolgens wie we nog niet hebben kunnen bereiken. Die groepen benaderen we vervolgens meer persoonlijk.
5
Bijlage 3: Communicatie & Participatie