Bijl. 2 Bestemmingsplan Schiermonnikoog - Busremise
Tekst van het document
bestemmingsplan Schiermonnikoog - Busremise ontwerp
bestemmingsplan Bijlage bij regels
Schiermonnikoog - Busremise ontwerp
bestemmingsplan Schiermonnikoog - Busremise
Inhoudsopgave
Bijlage bij regels
5
Bijlage 1
6
Landschappelijk inpassingsplan
3
bestemmingsplan Schiermonnikoog - Busremise
4
bestemmingsplan Schiermonnikoog - Busremise
Bijlage bij regels
5
bestemmingsplan Schiermonnikoog - Busremise
Bijlage 1 Landschappelijk inpassingsplan
6
ise Oude busre m
Knup
pelda
m
g
hekw
toerit
weer Brand
1000
circula klinke ire rbestr atin
besta a zeeco nde n zuide tainer en li verwij jke boom deren
rboer
derij
behe e 500cm rspad gema aid gr as
Kinde
9190
7905 arker e
n
cocow (o.g.w all 90mm 2,00m .) met klim plant hoog
fietsp
2026
P
P
beton n regen en tank t. b water , 6m3 .v. hergeb ruik
haag 1 hoog ,20m e erfg rens 14372
1253
5000
groen
5000
2500
wadi
nieuw
ne
g
lek
struw eelzo
circula klinke ire rbestr atin
trafo
gels
Graste
nieuw e
erfgre
ns
3900
wasp
enwe ide
16828 15828
bloem
1322
bloem
elgren
bome n struik en en
s
ide
perce
lgren
s
enwe
perce e
Ooste
rreew
eg
Ambu
lance
rooilij
n
via br andw eerter
rein
erk
haag 1 ,20m hoog
nieuw
e beb ouwin
g - in
dicati
ef
werk
Busremise Schiermonnikoog
opdrachtgever
Provinsje Fryslân
onderdeel
Situatie
opmerkingen:
- Constructies volgens constructeur - Alle (deel) constructieberekeningen dragende constructiedelen door leveranciers, ter controle hoofdconstructeur - MAATVOERINGEN IN HET WERK TE CONTROLEREN
schaal
1:500
formaat
A1 omschrijving
wijz. datum A: B: C:
datum
13 november 2023 tekenaar
architect door
FARSK Architecten & Infra B.V. Harlingerstraatweg 2a 8916 BB LEEUWARDEN Bezoekadres: Harlingersingel 23b Email: info@farsk.nl
fase
Omgevingsvergunning
status
DEFINITIEF
werknr.
21114
bladnr.
001
wijz.
Op alle opdrachten is van toepassing De Nieuwe Regeling 2011(herziening 2013), Rechtverhoudingen opdrachtgever-architect (DNR 2011(herziening 2013)). Het is niet toegestaan deze tekening en / of dit ontwerp te verveelvoudigen, openbaar te maken en te verwezenlijken zonder toestemming van de architect (DNR 2011, art. 46 lid 1: Auteursrecht van de adviseur).
bestemmingsplan Schiermonnikoog - Busremise ontwerp
bestemmingsplan Bijlage bij toelichting
Schiermonnikoog - Busremise ontwerp
bestemmingsplan Schiermonnikoog - Busremise
Inhoudsopgave
Bijlage bij toelichting
5
Bijlage 1
Locatiestudie
7
Bijlage 2
Landschappelijk inpassingsplan
41
Bijlage 3
Milieuhygiënisch- en verkennend bodemonderzoek
45
Bijlage 4
Onderzoek geluidbelasting op de woonomgeving
187
Bijlage 5
Beknopte natuurtoets
293
Bijlage 6
Nader ecologisch onderzoek
307
Bijlage 7
AERIUS-berekening
319
Bijlage 8
Digitale watertoets
349
Bijlage 9
Notitie opvang hemelwater
357
Bijlage 10
Visueel overzicht maatregelen infiltratie en hergebruik hemelwater
361
Bijlage 11
Verkeersonderzoek
365
Bijlage 12
Aanmeldnotitie m.e.r.
381
Bijlage 13
Nota vooroverlegreacties
397
3
bestemmingsplan Schiermonnikoog - Busremise
4
bestemmingsplan Schiermonnikoog - Busremise
Bijlage bij toelichting
5
bestemmingsplan Schiermonnikoog - Busremise
6
bestemmingsplan Schiermonnikoog - Busremise
Bijlage 1 Locatiestudie
7
bestemmingsplan Schiermonnikoog - Busremise
Bijlage 2 Landschappelijk inpassingsplan
41
ise Oude busre m
Knup
pelda
m
g
hekw
toerit
weer Brand
1000
circula klinke ire rbestr atin
besta a zeeco nde n zuide tainer en li verwij jke boom deren
rboer
derij
behe e 500cm rspad gema aid gr as
Kinde
9190
7905 arker e
n
cocow (o.g.w all 90mm 2,00m .) met klim plant hoog
fietsp
2026
P
P
beton n regen en tank t. b water , 6m3 .v. hergeb ruik
haag 1 hoog ,20m e erfg rens 14372
1253
5000
groen
5000
2500
wadi
nieuw
ne
g
lek
struw eelzo
circula klinke ire rbestr atin
trafo
gels
Graste
nieuw e
erfgre
ns
3900
wasp
enwe ide
16828 15828
bloem
1322
bloem
elgren
bome n struik en en
s
ide
perce
lgren
s
enwe
perce e
Ooste
rreew
eg
Ambu
lance
rooilij
n
via br andw eerter
rein
erk
haag 1 ,20m hoog
nieuw
e beb ouwin
g - in
dicati
ef
werk
Busremise Schiermonnikoog
opdrachtgever
Provinsje Fryslân
onderdeel
Situatie
opmerkingen:
- Constructies volgens constructeur - Alle (deel) constructieberekeningen dragende constructiedelen door leveranciers, ter controle hoofdconstructeur - MAATVOERINGEN IN HET WERK TE CONTROLEREN
schaal
1:500
formaat
A1 omschrijving
wijz. datum A: B: C:
datum
13 november 2023 tekenaar
architect door
FARSK Architecten & Infra B.V. Harlingerstraatweg 2a 8916 BB LEEUWARDEN Bezoekadres: Harlingersingel 23b Email: info@farsk.nl
fase
Omgevingsvergunning
status
DEFINITIEF
werknr.
21114
bladnr.
001
wijz.
Op alle opdrachten is van toepassing De Nieuwe Regeling 2011(herziening 2013), Rechtverhoudingen opdrachtgever-architect (DNR 2011(herziening 2013)). Het is niet toegestaan deze tekening en / of dit ontwerp te verveelvoudigen, openbaar te maken en te verwezenlijken zonder toestemming van de architect (DNR 2011, art. 46 lid 1: Auteursrecht van de adviseur).
bestemmingsplan Schiermonnikoog - Busremise
44
bestemmingsplan Schiermonnikoog - Busremise
Bijlage 3 Milieuhygiënisch- en verkennend bodemonderzoek
45
Verkennend bodemonderzoek KNUPPELDAM SCHIERMONNIKOOG
COLOFON
Opdrachtgever: Provincie Fryslân Postbus 20120| 8900 HM LEEUWARDEN Contactpersoon: Kenmerk: -
Onderzoek uitgevoerd door: Enviso Ingenieursbureau Postbus 332 | 9200 AH DRACHTEN Telefoon: 0512-586246 E-mail: info@enviso.nl | Internet: www.enviso.nl
Projectgegevens: Locatie: Projectnummer: Kenmerk: Status:
Projectmedewerkers: Projectleider: Veldwerker: Auteur: Kwaliteitscontrole:
Knuppeldam Schiermonnikoog EN05678-102 230459 definitief, versie 1
Drachten, 26 juli 2023
INHOUDSOPGAVE 1 1.1 1.2
INLEIDING .............................................................................................................................. 3 Algemeen ...................................................................................................................................... 3 Aanleiding en doel ........................................................................................................................ 3
2 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5
VOORONDERZOEK ................................................................................................................. 4 Algemeen ...................................................................................................................................... 4 Beschrijving onderzoekslocatie ..................................................................................................... 4 Bodemopbouw .............................................................................................................................. 4 Historisch onderzoek .................................................................................................................... 5 Conclusie vooronderzoek .............................................................................................................. 7
3 3.1 3.2
ONDERZOEKSPROGRAMMA .................................................................................................. 8 Kwaliteitsborging en onafhankelijkheid ........................................................................................ 8 Onderzoeksopzet .......................................................................................................................... 8
4 4.1 4.2
VELDWERKZAAMHEDEN ...................................................................................................... 10 Grond .......................................................................................................................................... 10 Grondwater ................................................................................................................................. 10
5 5.1 5.2 5.3 5.5
LABORATORIUMONDERZOEK .............................................................................................. 11 Chemische analyses .................................................................................................................... 11 Grond .......................................................................................................................................... 11 Grondwater ................................................................................................................................. 12 Asbest in grond ........................................................................................................................... 12
6 6.1 6.2
SAMENVATTING EN CONCLUSIE........................................................................................... 13 Samenvatting .............................................................................................................................. 13 Conclusie ..................................................................................................................................... 13
Bijlagen
1 2 3 4 5 6 7 8 9
Regionale ligging en kadastrale kaart Milieuhygiënisch vooronderzoek 2019 Overzichtstekening onderzoekslocatie Bodemprofielen Analysecertificaten grond en grondwater met toetsing PFAS Toetsingsresultaten grond en grondwater (Wbb) Toetsingsresultaten grond (Bbk) Analysecertificaten asbest in grond Toelichting toetsingskaders
Projectnummer: EN05678-102 Kenmerk: 230459
2
Verkennend bodemonderzoek Knuppeldam Schiermonnikoog
1
INLEIDING
1.1
ALGEMEEN
In opdracht van de Provincie Fryslân is door Enviso Ingenieursbureau een verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5707 en NEN 5740 uitgevoerd ter plaatse van de locatie Knuppeldam te Schiermonnikoog. De regionale ligging van de onderzoekslocatie is aangegeven in bijlage 1.
1.2
AANLEIDING EN DOEL
Aanleiding voor het uitvoeren van het verkennend bodemonderzoek is de voorgenomen nieuwbouw op de locatie. Het doel van het verkennend bodemonderzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit van zowel de grond als het grondwater op de locatie.
Projectnummer: EN05678-102 Kenmerk: 230459
3
Verkennend bodemonderzoek Knuppeldam Schiermonnikoog
2
VOORONDERZOEK
2.1
ALGEMEEN
2.2
BESCHRIJVING ONDERZOEKSLOCATIE
Voor aanvang van de veldwerkzaamheden is een vooronderzoek conform de NEN 5725 uitgevoerd. Aangezien het bodemonderzoek is uitgevoerd in het kader van de voorgenomen nieuwbouw op de locatie, is een standaard vooronderzoek uitgevoerd. Als afbakening van het geografische besluitvormingsgebied heeft het vooronderzoek zich gericht op het perceel Schiermonnikoog, sectie B, nummers 3384 en 3399 (beiden deels) en de aangrenzende percelen tot 25 meter. De resultaten van het vooronderzoek worden navolgend beschreven.
De geografische gegevens van de onderzoekslocatie staan weergegeven in tabel 2.2.1. Voor de kadastrale kaart wordt verwezen naar bijlage 1. Tabel 2.2.1: Geografische gegevens Gemeente Adres Kadastraal Coördinaten Oppervlakte onderzoeksterrein
Schiermonnikoog Knuppeldam Gemeente: Schiermonnikoog X: 206.849 1.998 m²
Sectie: B Y: 610.642
Nummers: 3384, 3399 (beiden deels)
De onderzoekslocatie is gesitueerd aan de Knuppeldam achter de brandweerkazerne (knuppeldam 8) te Schiermonnikoog en is gelegen aan de oostkant van het dorp. De toegangsweg tot de locatie is verhard met menggranulaat. Daarnaast zijn op de locatie drie depots aanwezig. Depot 1 bestaat uit zwak humeus zand met bijmenging van menggranulaat, schelpen en ondefinieerbaar puin, depot 2 bestaat uit grond met takken en depot 3 betreft zwak humeus zand. Een overzichtstekening van de onderzoekslocatie is opgenomen in bijlage 3.
2.3
BODEMOPBOUW
De regionale bodemopbouw is ontleend aan het DINOLoket (Data en informatie van de Nederlandse ondergrond) van TNO. De regionale bodemopbouw van de locatie is weergegeven in tabel 2.3.1. Tabel 2.3.1: Regionale bodemopbouw Bodemtraject t.o.v. maaiveld (cm-mv) 0 20 20 100 100 115 115 340 340 360 360 390
Bodemopbouw Zand Zand, matig fijn Zand, matig fijn, zwak humeus Zand, matig fijn Zand, matig fijn, kleiig Zand, matig fijn
Het maaiveld ter plaatse van de locatie bevindt zich op een hoogte van circa 3,30 m+NAP. De stromingsrichting van het freatische grondwater is niet eenduidig te bepalen en kan beïnvloed worden door lokale factoren zoals waterlopen, drainagesystemen, (lekke) rioleringen en dergelijke. De locatie bevindt zich niet binnen een grondwaterbeschermingsgebied.
Projectnummer: EN05678-102 Kenmerk: 230459
4
Verkennend bodemonderzoek Knuppeldam Schiermonnikoog
2.4
HISTORISCH ONDERZOEK
Voor het bepalen van de aanwezigheid, de aard en de ruimtelijke verdeling van eventuele bodemverontreiniging ter plaatse van de onderzoekslocatie is een historisch onderzoek verricht. Ten behoeve van het historisch vooronderzoek is gebruik gemaakt van de volgende bronnen: • Bodeminformatiesysteem provincie Fryslân (Bodemloket/Nazca-i); • Bodemarchief provincie; • Bodemkwaliteitskaarten gemeente; • Opdrachtgever; • Topografisch kaartmateriaal; • Locatie-inspectie. Bodeminformatiesysteem, bodemarchief en opdrachtgever Uit de verkregen gegevens is gebleken dat de locatie altijd agrarisch in gebruik (weiland) is geweest. Het gebied er omheen werd tot eind jaren ‘90 extensief bewoond. Daarna is de omgeving geleidelijk wat meer bebouwd. Op de locatie heeft de laatste jaren opslag van depots grond en bouwmaterialen plaatsgevonden. Op de onderzoekslocatie zijn, voor zover bekend, geen bodemonderzoeken uitgevoerd. Wel is de locatie, als onderdeel van een groter onderzoeksgebied, in 2019 opgenomen in een milieuhygiënisch vooronderzoek. Het kenmerk van het rapport is hieronder weergegeven. • Milieuhygiënisch vooronderzoek nabij de Knuppeldam te Schiermonnikoog, Econsultancy, rapportnummer 1224.262, versie nummer D1, d.d.
17 oktober 2019 Uit het vooronderzoek is gebleken dat er ter plaatse van de locatie destijds (deels) een grondwal aanwezig was welke naast wat puin tevens asbesthoudend materiaal bevatte. Voor de grondwal werd verwacht dat er wisselende gehalten aan verontreinigende stoffen in deze grond konden voorkomen. De verwachte verontreinigende stoffen voor deze situatie waren asbest, metalen en PAK. Deze grondwal is in de huidige situatie niet meer aanwezig. Verder blijkt uit het vooronderzoek blijkt dat er op de locatie geen sprake is van bodembelasting anders dan een regionale of landelijke diffuse achtergrondbelasting in de grond en het grondwater. Op deze percelen/terreindelen worden geen verontreinigende stoffen verwacht in gehalten boven de achtergrondwaarde of boven het in het betreffende gebied geldende achtergrondgehalte. Verspreid over deze locaties is altijd sprake geweest van een gelijksoortig en extensief gebruik (eenduidig geringe antropogene beïnvloeding) en weinig tot geen bebouwing. Het milieuhygiënisch vooronderzoek is opgenomen in bijlage 2. Bodemkwaliteitskaart en PFAS Op basis van de gemeentelijke bodemkwaliteitskaart ligt de onderzoekslocatie in een gebied met een bodemkwaliteit die gemiddeld voldoet aan de bodemkwaliteitsklasse ‘Achtergrondwaarde’. De bodemfunctie van de onderzoekslocatie is ‘Industrie’.
Namens de Friese gemeenten is in opdracht van de FUMO onderzoek uitgevoerd naar het voorkomen van PFAS en is een bodemkwaliteitskaart voor PFAS opgesteld (Antea Group, kenmerk rapport: 0457469, d.d. 23 januari 2020). Uit het onderzoek blijkt dat de gemiddelde gehalten PFAS in Friesland lager of gelijk zijn aan de achtergrondwaarden, zoals opgenomen in het handelingskader PFAS (versie december 2021).
Projectnummer: EN05678-102 Kenmerk: 230459
5
Verkennend bodemonderzoek Knuppeldam Schiermonnikoog
Over de bodemkwaliteit op Vlieland, Terschelling, Ameland en Schiermonnikoog wordt hierin het volgend vermeld; In het duingebied van Terschelling is een gehalte aan PFOS gemeten boven de landelijke toepassingsnorm. Het gemeten gehalte bedraagt 3,5 µg/kg ds. De locatie is onverdacht voor de aanwezigheid van PFAS. Opgemerkt wordt dat uit het recent opgestelde rapport voor de bepaling van PFAS in Noord-Holland (Bepaling achtergrondconcentratieniveau PFAS in Noord-Holland, Sweco, projectnr.366019, d.d. 13-11-2019) blijkt dat sprake is van hogere concentraties aan PFAS ter plaatse van de Noordzeekust. Mogelijk is sprake van een effect dat ‘Global Sea Spray’ wordt genoemd. Hier wordt wereldwijd onderzoek naar gedaan. Voor de eilanden wordt uitgegaan van een homogeen en diffuse belasting met PFAS. Deze belasting is waarschijnlijk afkomstig als gevolg van atmosferische depositie en mogelijk het effect van ‘Global Sea Spray’. Omdat sprake is van beperkt grondverzet op de eilanden en het ‘standstill’ principe uit het Besluit bodemkwaliteit wordt gerespecteerd, levert dit geen onaanvaardbare risico’s op. Voor de Waddeneilanden wordt aangesloten bij de uitkomsten van deze bodemkwaliteitskaart. Aanvullend onderzoek nabij de Noordzeekust moet uitwijzen of en in hoeverre het fenomeen ‘Global Sea Spray’ van invloed is op de mate van diffuse verontreiniging met PFAS.
Daarnaast dient opgemerkt te worden dat de locatie naast de huidige brandweerkazerne van Schiermonnikoog is gesitueerd. Van schuim blusmiddelen is bekend dat deze in het verleden vaak PFAS houdend waren. Verder zijn er geen aanwijzingen zijn die duiden op activiteiten die verontreinigingen met PFAS hebben kunnen veroorzaken, zoals voormalige brand- of stortlocaties, textielverwerkende industrie en fluorpolymeerfabricage of metaalindustrie.
Projectnummer: EN05678-102 Kenmerk: 230459
6
Verkennend bodemonderzoek Knuppeldam Schiermonnikoog
Topografie De topografische kaarten zijn via de website van Topotijdreis (www.topotijdreis.nl) geraadpleegd en deze zijn navolgend weergegeven.
1900
1950
1970
2022
Uit de kaartgegevens van Topotijdreis blijkt dat de locatie nooit bebouwd is geweest en altijd in gebruik is geweest voor agrarische doeleinden. Locatie-inspectie Voorafgaand aan de uitvoering van de veldwerkzaamheden is een locatie-inspectie verricht. Tijdens de inspectie is gebleken dat de locatie deels verhard is met menggranulaat (toegangspad). Uit luchtfoto’s is gebleken dat het menggranulaat is toegepast is tussen november 2021 en oktober 2022. Aangezien dit ruimschoots na 2005 is geweest, gaan we ervan uit dat het hier gecertificeerd menggranulaat betreft. Daarnaast zijn op de locatie drie depots aanwezig. Depot 1 bestaat uit zwak humeus zand met bijmenging van menggranulaat, schelpen en ondefinieerbaar puin, depot 2 bestaat uit grond met takken en depot 3 betreft zwak humeus zand. Op de aanwezige depots en op het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen. Tijdens de inspectie zijn verder geen aanvullende gegevens verkregen welke eventueel duiden op aanwezigheid van bodembedreigende activiteiten.
2.5
CONCLUSIE VOORONDERZOEK
Op basis van het uitgevoerde vooronderzoek wordt de onderzoekslocatie als ‘verdacht’ beschouwd.
Projectnummer: EN05678-102 Kenmerk: 230459
7
Verkennend bodemonderzoek Knuppeldam Schiermonnikoog
3
ONDERZOEKSPROGRAMMA
3.1
KWALITEITSBORGING EN ONAFHANKELIJKHEID
Voor het bewijsbaar en zichtbaar maken van de kwaliteit (kwaliteitsborging) beschikt Enviso Ingenieursbureau over een kwaliteitssysteem dat is opgezet conform NEN-EN-ISO 9001. In het kader van Kwalibo zijn de veldwerkzaamheden uitgevoerd onder een procescertificaat, hetgeen is omschreven in de vigerende versie van de Beoordelingsrichtlijn SIKB 2000, protocollen 2001 en 2002. Met betrekking tot de functiescheiding kan worden gesteld dat er geen organisatorische relatie bestaat tussen Enviso Ingenieursbureau en de opdrachtgever of eigenaar van de onderzoekslocatie.
3.2
ONDERZOEKSOPZET
Grond en grondwater Ten behoeve van het verkennend bodemonderzoek is een programma voor veld- en laboratoriumonderzoek opgesteld, waarbij de onderzoekslocatie op basis van het vooronderzoek als ‘verdacht’ kan worden beschouwd. Op basis van de NEN 5740 ‘strategie verdacht (VED-HE)’ zijn het aantal boringen en analyses bepaald. De onderzoeksstrategie is weergegeven in tabel 3.2.1. Tabel 3.2.1: Strategie bodemonderzoek Locatie Strategie Gehele onderzoekslocatie <2.000 m2 1
VED-HE-NL
Boringen 10x boring/gat tot ca. 0,5 m-mv 2x boring/gat tot grondwater 1x boring/gat met peilbuis
Analyseparameters1 Grond Grondwater 3x NEN-g + PFAS 2x NEN-gw + L+H
Verklaring analyseparameters: NEN-g = pakket NEN 5740 grond: droge stof, zware metalen (9), PAK (10), PCB (7) en minerale olie NEN-gw = pakket NEN 5740 grondwater: zware metalen (9), vluchtige aromaten (5), VOCl (18) en minerale olie
PFAS
L+H
= stofgroep poly- en perfluoralkylstoffen
= lutum en humus (organische stof)
Het bodemonderzoek wordt in combinatie met het asbest bodemonderzoek uitgevoerd. De aanwezige depots op de locatie maken geen onderdeel uit van het onderzoek en zijn niet onderzocht op verontreinigingen. Bij alle boringen vindt een zintuiglijke beoordeling van het opgeboorde materiaal plaats. Hierbij wordt eveneens aandacht besteed aan de eventuele aanwezigheid van asbest. Voor aanvang van de grondwaterbemonstering worden de stijghoogte, het elektrisch geleidingsvermogen (EC), de zuurgraad (pH), de temperatuur (T) en de troebelheid (NTU) van het grondwater bepaald.
Projectnummer: EN05678-102 Kenmerk: 230459
8
Verkennend bodemonderzoek Knuppeldam Schiermonnikoog
Asbestbodemonderzoek Ten behoeve van het verkennend asbestbodemonderzoek is een programma voor veld- en laboratoriumonderzoek opgesteld, waarbij de onderzoekslocatie op basis van de historie als ‘verdacht’ kan worden beschouwd. Het programma voor veld- en laboratoriumonderzoek is opgesteld basis van de NEN 5740 ‘strategie verdacht (VED-HE)’ zijn het aantal inspectiegaten en analyses bepaald. De onderzoeksstrategie is weergegeven in tabel 3.2.2. Het asbestbodemonderzoek wordt in combinatie met het verkennend onderzoek uitgevoerd. Tabel 3.2.2: Strategie asbestbodemonderzoek Oppervlakte Strategie Gaten tot 0,5 m-mv (m2) (bovengrond) < 2.000 m2 VED-HE-NL 10
Boringen tot ongeroerde ondergrond 3
Aantal te analyseren (meng)monsters 2x asbest in grond
Voorafgaand aan het onderzoek wordt het maaiveld visueel geïnspecteerd. Bij alle inspectiegaten en boringen vindt een zintuiglijke beoordeling van het opgegraven of opgeboorde materiaal plaats. Op basis van de zintuiglijke waarnemingen kunnen, afwijkend ten opzichte van tabel 3.2.1 en 3.2.2, aanvullende boringen/inspectiegaten worden uitgevoerd en aanvullende analyses worden ingezet.
Projectnummer: EN05678-102 Kenmerk: 230459
9
Verkennend bodemonderzoek Knuppeldam Schiermonnikoog
4
VELDWERKZAAMHEDEN
4.1
GROND
De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op 6 juli 2023. Ten behoeve van het nemen van het grondwatermonster is inspectiegat/boring 09 gebruikt voor het plaatsen van een peilbuis. Voor een overzichtstekening met de situering van de inspectiegaten, boringen en de peilbuizen wordt verwezen naar bijlage 3. Bij alle inspectiegaten en boringen heeft een zintuiglijke beoordeling van het (opgeboorde) materiaal plaatsgevonden. De lokale bodemopbouw is in tabel 4.1.1 weergegeven. In bijlage 4 zijn de bodemprofielen weergegeven. Tabel 4.1.1: Lokale bodemopbouw Traject (cm-mv) Grondsoort 0 50 zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus 50 90 zand, matig fijn, zwak siltig 90 170 zand, matig fijn, zwak siltig 170 300 zand, matig fijn, zwak siltig,
Kleur neutraal grijs, bruin neutraal beige, bruin neutraal beige neutraal grijs
Tijdens het veldwerk zijn geen waarnemingen gedaan welke duiden op eventuele bodemverontreiniging. Verder zijn zowel in de grond als op het maaiveld visueel geen asbestverdachte materialen aangetroffen.
4.2
GRONDWATER
Het grondwater is op 17 juli 2023 bemonsterd. Voor aanvang van de monsterneming van het grondwater zijn diverse metingen uitgevoerd. De resultaten van de metingen zijn weergegeven in tabel 4.2.1. Tabel 4.2.1: Meetgegevens grondwater Peilbuis Filterstelling (cm-mv) 09 200-300
Stijghoogte (cm-mv) 112
EC (µS/cm) 2842
pH 6,8
T (°C) 14,4
NTU (0-10) 7,4
De resultaten van de metingen hebben geen aanleiding gegeven tot het bijstellen van het onderzoeksprogramma.
Projectnummer: EN05678-102 Kenmerk: 230459
10
Verkennend bodemonderzoek Knuppeldam Schiermonnikoog
5
LABORATORIUMONDERZOEK
5.1
CHEMISCHE ANALYSES
Het aantal analyses en de te analyseren parameters zijn conform de onderzoeksopzet ingezet. De analyses zijn uitgevoerd door AL-West BV te Deventer dat geaccrediteerd is volgens het accreditatieschema AS3000 onder nummer L005. De analysecertificaten van de grond(meng)monsters en grondwatermonsters zijn opgenomen in bijlage 5. Om de resultaten te kunnen interpreteren worden deze vergeleken met de toetsingswaarden, zoals opgenomen in de Circulaire bodemsanering 2013 en het Besluit bodemkwaliteit (Bbk). In bijlage 6 zijn de toetsingsresultaten (Wbb) voor de grond en grondwater opgenomen en in bijlage 7 de indicatieve toetsing aan het Besluit bodemkwaliteit (grond). Een toelichting op de toetsingskaders is opgenomen in bijlage 9.
5.2
GROND
In de tabel 5.2.1 en 5.2.2 zijn overzichten van de toetsingsresultaten (Wbb, en PFAS) weergegeven met daarin de eventueel vastgestelde verontreinigingen. Tevens is de indicatieve toetsing aan het Besluit bodemkwaliteit weergegeven. Tabel 5.2.1: Toetsingsresultaten grond(meng)monsters Monstercode met bijbehorende Toetsing Wbb meetpunten en -diepten (cm-mv) Licht (>AW) M01, 01: 25-70, 03: 0-50, 06: 0-50, 10: 0-40 M02, 04: 0-20, 07: 0-50, 09: 0-50, 13: 045 M03, 03: 60-110, 09: 50-90, 13: 50-100
Indicatieve toetsing Bbk
Sterk (>I)
Lood, PCB’s
-
Altijd toepasbaar
-
-
Altijd toepasbaar
-
-
Altijd toepasbaar
Tabel 5.2.2: Toetsingsresultaten handelingskader PFAS Monstercode met bijbehorende meetpunten en diepten (cm-mv)
PFOA (µg/kgds)
PFOS (µg/kgds)
M01, 01: 25-70, 03: 0-50, 06: 0-50, 10: 0-40
0,20
0,50
Overige PFAS (µg/kgds) 0,21
M02, 04: 0-20, 07: 0-50, 09: 0-50, 13: 0-45
0,30
1,0
0,38
M03, 03: 60-110, 09: 50-90, 13: 50-100
0,10
0,10
0,22
Handelingskader PFAS Achtergrondwaarde (Altijd toepasbaar) Achtergrondwaarde (Altijd toepasbaar) Achtergrondwaarde (Altijd toepasbaar)
Achtergrondwaarde 1,9 1,4 1,4 Toepasbaar Maximale Waarden Wonen/Industrie 7 3 3 Toepasbaar Toepassingswaarde oppervlaktewater, Niet Rijkswater1 0,8 1,1 0,8 Toepasbaar Toepassingswaarde oppervlaktewater, Rijkswater1 0,8 3,7 0,8 Toepasbaar Toepassingswaarde grondwaterbeschermingsgebieden Zie2 1) Voor toepassing van grond in een ‘diepe plas’ geldt een specifiek toetsingskader (zie bijlage 8) 2) Advies van het RIVM is om aan te sluiten bij de gebiedskwaliteit, indien deze niet bekend is blijft de bepalingsgrens de toepassingsnorm (0,1 µg/kgds).
Projectnummer: EN05678-102 Kenmerk: 230459
11
Verkennend bodemonderzoek Knuppeldam Schiermonnikoog
Uit de toetsingsresultaten blijkt dat in de grond ter plaatse van mengmonster M01 marginaal verhoogde gehalten aan lood en PCB’s zijn vastgesteld ten opzichte van de Achtergrondwaarden. Uit de toetsingsresultaten van mengmonster M02 en M03 blijkt dat er geen verhoogde gehalten aan onderzochte parameters zijn vastgesteld ten opzichte van de Achtergrondwaarden. Na indicatieve toetsing aan het Besluit bodemkwaliteit blijkt dat alle mengmonsters (M01, M02 en M03) indicatief voldoen aan de Achtergrondwaarde (Altijd toepasbaar).
5.3
GRONDWATER
In tabel 5.3.1 is een overzicht van de toetsingsresultaten weergegeven met daarin de eventueel vastgestelde verontreinigingen. Tabel 5.3.1: Toetsingsresultaten grondwatermonsters Monstercode met bijbehorend meetpunt en Toetsing Wbb filterstelling (cm-mv) Licht (>S) M01 09: (200-300) -
Sterk (>I) -
Uit de toetsingsresultaten blijkt dat in het grondwater ter plaatse van de peilbuis 09 geen verhoogde concentraties aan onderzochte parameters zijn vastgesteld ten opzichte van de streefwaarde.
5.4
ASBEST IN GROND
Het (totale) asbestgehalte in de grond wordt bepaald op basis van de resultaten van de visuele inspectie van de grond (fractie groter dan 20 mm) afkomstig uit de proefgaten en de analyseresultaten van de samengestelde grond(meng)monsters. In tabel 5.5.1 is een overzicht van de analyseresultaten weergegeven. De analysecertificaten van het asbest in grond zijn opgenomen in bijlage 8. Om de resultaten te kunnen interpreteren worden deze vergeleken met de toetsingswaarden zoals deze zijn opgenomen in de Circulaire bodemsanering 2013. Tabel 5.5.1: Analyseresultaat asbestgehalte Monstercode met bijbehorende meetpunten en -diepten (cm-mv)
-
A-MM01, 02: 25-50, 03: 0-50, 06: 0-50, 08: 0-50, 10: 040 A-MM02, 02: 25-50, 03: 0-50, 06: 0-50, 08: 0-50, 10: 040
Gewogen gehalte <20mm mg/kg ds <2,0
Gewogen gehalte >20mm mg/kg ds -
Totaal gehalte asbest (gewogen) mg/kg ds <2,0
<2,0
-
<2,0
geen asbest aangetroffen in grond uit de proefgaten
Uit de visuele inspectie en de analyseresultaten is gebleken dat erin zowel A-MM01 als A-MM02 geen asbest is vastgesteld.
Projectnummer: EN05678-102 Kenmerk: 230459
12
Verkennend bodemonderzoek Knuppeldam Schiermonnikoog
6
SAMENVATTING EN CONCLUSIE
6.1
SAMENVATTING
In opdracht van de Provincie Fryslân is door Enviso Ingenieursbureau een verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5707 en NEN 5740 uitgevoerd ter plaatse van de locatie Knuppeldam te Schiermonnikoog. Aanleiding voor het uitvoeren van het verkennend bodemonderzoek is de voorgenomen nieuwbouw op de locatie. Het doel van het verkennend bodemonderzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit van zowel de grond als het grondwater op de locatie. Vooronderzoek Op basis van het uitgevoerde vooronderzoek wordt de onderzoekslocatie als ‘verdacht’ beschouwd. Zintuiglijke waarnemingen Tijdens het veldwerk zijn op plaatselijk wat zwakke bijmenging van puin en baksteen geen waarnemingen gedaan welke duiden op eventuele bodemverontreiniging. Verder zijn zowel in de grond als op het maaiveld visueel geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Resultaten grond Uit de toetsingsresultaten blijkt dat in de grond ter plaatse van mengmonster M01 marginaal verhoogde gehalten aan lood en PCB’s zijn vastgesteld ten opzichte van de Achtergrondwaarden. Uit de toetsingsresultaten van mengmonster M02 en M03 blijkt dat er geen verhoogde gehalten aan onderzochte parameters zijn vastgesteld ten opzichte van de Achtergrondwaarden. Na indicatieve toetsing aan het Besluit bodemkwaliteit blijkt dat alle mengmonsters (M01, M02 en M03) indicatief voldoen aan de Achtergrondwaarde (Altijd toepasbaar).
Resultaten grondwater Uit de toetsingsresultaten blijkt dat in het grondwater ter plaatse van de peilbuis 09 geen verhoogde concentraties aan onderzochte parameters zijn vastgesteld ten opzichte van de streefwaarde. Resultaten asbest in grond Uit de visuele inspectie en de analyseresultaten is gebleken dat erin zowel A-MM01 als A-MM02 geen asbest is vastgesteld.
6.2
CONCLUSIE
Op basis van de onderzoeksresultaten kan worden geconcludeerd dat in de grond ten hoogste lichte verontreinigingen zijn vastgesteld. In het grondwater zijn geen verontreinigingen vastgesteld. De lichte verontreinigingen geven echter geen aanleiding tot het uitvoeren van een nader bodemonderzoek. Uit milieuhygiënisch oogpunt bestaan er geen belemmeringen voor de voorgenomen nieuwbouw op de locatie. Indien grond van de locatie wordt afgevoerd voor toepassing elders, volstaan de resultaten van het onderliggende bodemonderzoek mogelijk niet. Om definitief vast te stellen of de grond buiten de locatie kan worden hergebruikt, kan het bevoegd gezag (gemeente waar de grond zal worden toegepast) verzoeken om een partijkeuring conform het Besluit bodemkwaliteit. ENVISO INGENIEURSBUREAU Projectnummer: EN05678-102 Kenmerk: 230459
13
Bijlage 1 Regionale ligging en kadastrale kaart
Projectnummer: EN05678-102 Kenmerk: 230459
N
2.5 km peilbuis boring < 0.5m boring < 1m boring < 1.5m boring < 2m boring > = 2m inspect iegat sleuf slib depot overigen
sit uat ie t ekening Re g ion a le lig g in g onderzoek project code dat um paraaf schaal
Kn u p p e ld a m Sch ie r m on n ik oog EN 0 5 6 7 8 -1 0 2 1 9 -0 7 -2 0 2 3 1 :1 0 0 . 0 0 0 op A4
N
01
02
03
04 08
10 05
09 11 07 12 13
25 m peilbuis boring < 0.5m boring < 1m boring < 1.5m boring < 2m boring > = 2m inspect iegat sleuf slib depot overigen
sit uat ie t ekening Ka d a st r a le k a a r t onderzoek project code dat um paraaf schaal
Kn u p p e ld a m Sch ie r m on n ik oog EN 0 5 6 7 8 -1 0 2 2 4 -0 7 -2 0 2 3 1 :1 . 0 0 0 op A4
06
Bijlage 2 Milieuhygiënisch vooronderzoek 2019
Projectnummer: EN05679-102 Kenmerk: 230459
MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK NABIJ DE KNUPPELDAM TE SCHIERMONNIKOOG
Rapportage milieuhygiënisch vooronderzoek nabij de Knuppeldam te Schiermonnikoog Opdrachtgever
Rijksvastgoedbedrijf Korte Voorhout 7 2511 CW Den Haag
Rapportnummer Versienummer
1224.262 D1
Status
Eindrapportage
Datum
17 oktober 2019
Vestiging
Overijssel Wilhelm Röntgenstraat 7a 8013 NE Zwolle 038 - 7820540 zwolle@econsultancy.nl
Opsteller Paraaf
Kwaliteitscontrole Paraaf
Kwaliteitszorg Econsultancy is lid van de Vereniging Kwaliteitsborging Bodembeheer (VKB). De VKB is een vereniging van bodemadviesen -onderzoeksbureaus en heeft als doel kwaliteitsborging en continue verbetering van de dienstverlening van haar leden op het gebied van bodembeheer. Het VKB keurmerk geeft opdrachtgevers de zekerheid dat het uitvoerend bureau werkt conform de eisen die de VKB aan haar leden stelt op het gebied van competenties en integriteit van medewerkers en het toepassen van vigerende normen en onderzoeksprotocollen. Econsultancy werkt volgens een dynamisch kwaliteitssysteem, zoals beschreven in het kwaliteitshandboek. Ons kwaliteitssysteem is gecertificeerd volgens de kwaliteitsborgingsnormen van de NEN-EN-ISO 9001:2008. Betrouwbaarheid Opgemerkt wordt dat geraadpleegde bronnen niet altijd zonder fouten en volledig zijn. Daar Econsultancy voor het verkrijgen van historische informatie afhankelijk is van deze bronnen, kan Econsultancy niet instaan voor de juistheid en volledigheid van deze informatie.
INHOUDSOPGAVE SAMENVATTING .................................................................................................................................. 1 1.
INLEIDING .................................................................................................................................. 2
2.
VOORONDERZOEK................................................................................................................... 2 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6
3.
Situatie en locatiegegevens .............................................................................................. 2 Historische gegevens ....................................................................................................... 2 Regionale geologie, bodemopbouw en geohydrologie .................................................... 4 Terreininspectie ................................................................................................................ 4 Zintuiglijk bodemonderzoek en analyse asbest ................................................................ 5 Hypothesen en onderzoeksopzet ..................................................................................... 6
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ....................................................................................... 8
BIJLAGEN: 1. 2a. 2b. 2c. 3. 4. 5. 6.
- Topografische ligging van de locatie - Locatieschets - Foto’s onderzoekslocatie - Kadastrale gegevens - Boorprofielen (proefboringen) - Geraadpleegde bronnen - Beschikbare informatie vooronderzoek - Analysecertificaten
SAMENVATTING Inleiding Econsultancy heeft in opdracht van het Rijksvastgoedbedrijf een milieuhygiënisch vooronderzoek uitgevoerd voor een terrein nabij de Knuppeldam te Schiermonnikoog. Het vooronderzoek is uitgevoerd in het kader van de voorgenomen grondtransactie of in gebruikgeving van de onderzoekslocatie. Conclusies Op basis van de informatie uit onderhavig vooronderzoek is een aantal deellocaties geïdentificeerd. Het betreft een slootdemping (A), een (voormalig) erf met puin of sloopafval (B), en een grondwal (C) met plaatselijk wat puin en tevens een stuk asbesthoudend materiaal, wat plaatselijk aanleiding geeft een asbestverontreiniging in de grondwal op de locatie te verwachten. Perceel Schiermonnikoog B 2980 A: Gedempte sloot Vermoedelijk is deze sloot aangevuld met gebiedseigen grond. In het kader van de voorgenomen grondtransactie bestaat er voor dit deel van de onderzoekslocatie volgens Econsultancy vooralsnog geen aanleiding voor verder bodemonderzoek dan wel een bodemonderzoek op analytische grondslag. B: (Voormalig) erf met puin of sloopafval Uit het zintuiglijk bodemonderzoek blijkt niet dat ter plaatse van het (voormalig) erf in de huidige situatie nog bodemvreemd dempingsmateriaal toegepast is.
In het kader van de voorgenomen grondtransactie bestaat er voor dit deel van de onderzoekslocatie volgens Econsultancy vooralsnog geen aanleiding voor verder bodemonderzoek dan wel een bodemonderzoek op analytische grondslag. Percelen Schiermonnikoog B 2908 & 2980 C: Grondwal met bodemvreemd materiaal (grens beide percelen) Uit het zintuiglijk bodemonderzoek blijkt dat ter plaatse van de grondwal bodemvreemd en deels asbesthoudend materiaal toegepast is, waardoor het vermoeden van bodemverontreiniging aanwezig is en waardoor wordt verwacht dat er wisselende gehalten aan verontreinigende stoffen in de grond kunnen voorkomen. De verwachte verontreinigende stoffen voor deze situatie zijn asbest, metalen en PAK. Op basis van het vooronderzoek is geconcludeerd, dat de grondwal op de onderzoekslocatie onderzocht dient te worden middels een (AP04) partijkeuring grond (protocol 1001). Overige terreindelen Op de overige terreindelen worden geen verontreinigende stoffen verwacht in gehalten boven de achtergrondwaarde of boven het in het betreffende gebied geldende achtergrondgehalte. Verspreid over deze locaties is altijd sprake geweest van een gelijksoortig en extensief gebruik (eenduidig geringe antropogene beïnvloeding) en weinig tot geen bebouwing. Het oppervlak is voor één van de afzonderlijke percelen groter dan 1,0 ha.
Op basis van het vooronderzoek is geconcludeerd dat er sprake is van enkele "(grootschalig) onverdachte" locaties. In het kader van de voorgenomen grondtransactie bestaat er voor deze delen van de onderzoekslocatie volgens Econsultancy vooralsnog geen aanleiding voor verder bodemonderzoek dan wel een bodemonderzoek op analytische grondslag. Aanbeveling Ter plaatse de verdachte grondwal op de twee onderzochte percelen wordt geadviseerd om, in het kader van de voorgenomen grondtransactie, een partijkeuring grond volgens het Besluit Bodemkwaliteit uit te voeren.
Rapport 1224.262 versie D1
Pagina 1 van 9
1.
INLEIDING
Econsultancy heeft in opdracht van het Rijksvastgoedbedrijf een milieuhygiënisch vooronderzoek uitgevoerd voor een terrein nabij de Knuppeldam te Schiermonnikoog. Het vooronderzoek (NEN 5725) is uitgevoerd in het kader van de voorgenomen grondtransactie of in gebruikgeving van de onderzoekslocatie. Het vooronderzoek heeft tot doel te bepalen of er aanleiding bestaat voor het uitvoeren van een bodemonderzoek conform de NEN 5740, door middel van een archiefonderzoek, een interview met de eigenaar/gebruiker, een terreininspectie en/of een zintuiglijk bodemonderzoek. Het vooronderzoek is verricht conform de NEN 5725:2017 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek”. De (historische) locatiespecifieke gegevens zijn weergegeven in hoofdstuk 2. In hoofdstuk 3 zijn de conclusies van het bodemonderzoek weergegeven en worden aanbevelingen gedaan in het kader van de voorgenomen grondtransactie of in gebruikgeving van de onderzoekslocatie.
2.
VOORONDERZOEK
2.1
Situatie en locatiegegevens
Het vooronderzoek omvat de onderzoekslocatie en direct hieraan grenzende percelen/terreindelen binnen een afstand van 25 meter. In tabel I zijn de locatiespecifieke gegevens van de onderzoekslocatie weergegeven. Bijlage 4 geeft een overzicht van de geraadpleegde bronnen. Tabel I.
Locatiespecifieke gegevens
Topografische ligging (zie bijlage 1)
X-coördinaat = 206.850, Y-coördinaat = 610.600 (centraal punt) Maaiveldhoogte = 3,0 m +NAP
Oppervlakte onderzoekslocatie
± 16.773 m2
Kadastrale gegevens (zie bijlage 2c)
Kadastrale gemeente
Sectie
Nr.
oppervlakte
Eigenaar
(vrucht)gebruiker
Schiermonnikoog
B
2908
1.628
Dhr. L. van der Bijl
2980
15.145
De Staat (het Rijksvastgoedbedrijf)
Overige gegevens
2.2
Het betreft agrarische grond
Historische gegevens
Bodemgebruik Volgens historisch kaartmateriaal (zie figuren1 t/m 6) uit de periode 1940 - heden was de locatie, alsmede de omgeving ervan, steeds in agrarisch gebruik (weide) en werd het gebied eromheen tot eind jaren ‘90 extensief bewoond. Daarna is de omgeving geleidelijk wat meer bebouwd. Tot op heden is het gebruik van de onderzoekslocatie niet wezenlijk veranderd.
Rapport 1224.262 versie D1
Pagina 2 van 9
Figuur 1. Situatie 1940
Figuur 2. Situatie 1955
Figuur 3. Situatie 1970
Figuur 4. Situatie 1984
Figuur 5. Situatie 1999
Figuur 6. Situatie 2015
Uit bestudering van luchtfoto's en historisch kaartmateriaal blijkt dat de verkaveling sinds 1940 niet veranderd is. De onderzoekslocatie is geheel onbebouwd en onverhard. Voor zover bekend is de onderzoekslocatie nimmer bebouwd. Uit de verkregen informatie van het gemeentelijke BIS (zie bijlage 5), blijkt dat centraal op het perceel Schiermonnikoog B 2980 een demping (vermoedelijk van 1970) aanwezig is (deellocatie A). Iets ten noorden van deze demping zou op dit perceel (eveneens omstreeks 1970), een erfverharding met puin en/of bouw- en sloopafval aanwezig zijn geweest (deellocatie B). Verder blijkt uit de geraadpleegde bronnen geen aanwezigheid van ophogingen, dempingen of stortingen. Er zijn vanuit de geraadpleegde bronnen geen aanwijzingen gevonden, die aanleiding geven een asbestverontreiniging op de locatie te verwachten. Voor zover bij de opdrachtgever en de gemeente Schiermonnikoog bekend, heeft er op de onderzoekslocatie nimmer opslag van oliehoudende producten in ondergrondse of bovengrondse tanks plaatsgevonden. In bijlage 2a is de huidige situatie op een locatieschets weergegeven. Bijlage 2b bevat enkele foto's van de onderzoekslocatie. Calamiteiten en uitgevoerde bodemonderzoeken Voor zover bij de opdrachtgever bekend hebben zich op de onderzoekslocatie in het verleden geen calamiteiten met een bodembedreigend karakter voorgedaan.
Ook uit informatie van de gemeente Schiermonnikoog blijkt niet dat er zich in het verleden bodembedreigende calamiteiten hebben voorgedaan. Op de onderzoekslocatie zijn, voor zover bekend, geen bodemonderzoeken uitgevoerd. Ter plaatse van het westelijk aangrenzende woonwijkje is in 2006 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd door Oranjewoud (rapport 164959-165850, 29 augustus 2006). Destijds zijn in de zintuiglijk schone grond geen verontreinigingen aangetoond. In het grondwater is plaatselijk een matig verhoogde concentratie arseen gemeten.
Rapport 1224.262 versie D1
Pagina 3 van 9
2.3
Regionale geologie, bodemopbouw en geohydrologie
Tabel II betreft een overzicht van de regionale geologie, bodemopbouw en geohydrologie. Tabel II. Regionale geologie, bodemopbouw en geohydrologie Type gegevens
Gegevensomschrijving
Regionale geologie
De onderzoekslocatie is gelegen aan de zuidzijde van het duinengebied van het waddeneiland Schiermonnikoog. Geologisch gezien ligt de onderzoekslocatie aan de zuidrand van het noordzeebekken. De toplaag wordt gevormd door een complex van holocene eolische en mariene klei- en zandafzettingen (Formatie van Naaldwijk). Deze holocene afzettingen hebben ter plaatse van de onderzoekslocatie een dikte van circa 32 meter. Hieronder liggen de zandige, matig goed tot goed doorlatende afzet ingen, behorende tot de Eem Formatie, met een dikte van ± 8 m. Het (freatische) eerste watervoerend pakket heeft een dikte van ± 30 m en wordt gevormd door de holocene afzettingen.
Bodemopbouw
De originele bodem bestaat volgens de digitale bodemkaart van Nederland, uit Vlakvaaggronden, die volgens de Stichting voor Bodemkartering voornamelijk zijn opgebouwd uit leemarm en zwak lemig fijn zand. De afzettingen, waarin deze bodem is ontstaan, behoren geologisch gezien tot de Forma ie van Naaldwijk.
Geohydrologie
De gemiddelde stand van het freatisch grondwater bedraagt ± 1,0 m +NAP, waardoor het grondwater zich op ± 2,0 m -mv zou bevinden. Het water van het eerste watervoerend pakket stroomt vermoedelijk in zuidelijke richting (er zijn van Schiermonnikoog geen isohypsen bekend). Er liggen geen pompstations in de buurt van de onderzoekslocatie die van invloed zouden kunnen zijn op de grondwaterstroming ter plaatse van de onderzoekslocatie. De onderzoekslocatie ligt niet in een grondwaterbeschermings- en/of grondwaterwingebied.
2.4
Terreininspectie
Voorafgaand aan het bodemonderzoek is er een terreininspectie uitgevoerd. Deze is gericht op de identificatie van bronnen, die mogelijk hebben geleid of kunnen leiden tot een grond- en/of grondwaterverontreiniging. De tijdens de terreininspectie aangetroffen situatie komt overeen met de locatiegegevens, zoals deze zijn opgenomen in paragraaf 2.2. Afgezien van de potentiële bronnen voor een grond-, waterbodem- en/of grondwaterverontreiniging, die in de voorgaande paragrafen zijn beschreven, zijn er tijdens de terreininspectie geen aanvullende potentiële bronnen aangetroffen. Wel is aan de oostelijke grens van perceel Schiermonnikoog B 2980 een (deels sterk begroeide) grondwal aangetroffen (deellocatie C). Op het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen. De eerder vermelde erfverharding met puin en/of bouw- en sloopafval (deellocatie B) is niet aangetroffen. Het gehele terrein is onverhard en in gebruik als schapenweide of grasland.
Rapport 1224.262 versie D1
Pagina 4 van 9
2.5
Zintuiglijk bodemonderzoek en analyse asbest
Het veldwerk is op 9 oktober 2019 uitgevoerd door . Deze medewerker van Econsultancy staat geregistreerd als ervaren veldwerker voor het protocol 2001 van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek". Op de onderzoekslocatie zijn ter plaatse van de vermoedelijke slootdemping (A), het voormalig(?) erf met puin of sloopafval (B) en de grondwal (C) met behulp van een edelmanboor 18 boringen tot 1,0 m -mv verricht, waarvan de 6 boringen in de grondwal tot 2,0 m -mv zijn doorgezet. Bijlage 2a bevat de locatieschets met daarop aangegeven de situering van de boorpunten. De bodem bestaat voornamelijk uit sterk tot matig siltig, zeer fijn zand. De bovengrond is bovendien zwak humeus. De ondergrond is plaatselijk zwak gleyhoudend. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn op het maaiveld van de onderzoekslocatie geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Tabel III geeft een overzicht van de zintuiglijk waargenomen verontreinigingen, die in het opgeboorde materiaal zijn aangetroffen. Tabel III.
Zintuiglijk waargenomen verontreinigingen
Boornummer
Einddiepte boring (m -mv)
Traject (m -mv)
Waargenomen verontreinigingen
C01
2,0
0,0-1,0
zwak puinhoudend, zwak asbesthoudend
C02
2,0
0,0-1,5
zwak puinhoudend
C03
2,0
0,0-2,0
zwak puinhoudend
Tijdens de veldwerkzaamheden zijn in de opgeboorde grond ter plaatse van de grondwal, enkele asbestverdachte materialen aangetroffen (ASB-01 en ASB-02). Het betreft voor wat betreft monster ASB-01 asbesthoudend (30-60 % chrysotiel) materiaal en voor wat betreft monster ASB-02 niet asbesthoudend materiaal (zie bijlage 6). Hierbij wordt opgemerkt dat gelet op de doelstelling van het onderzoek de veldwerkzaamheden niet conform de NEN 5707 ("Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond") zijn uitgevoerd. De uitkomst van het onderzoek is met betrekking tot de parameter asbest derhalve indicatief.
Rapport 1224.262 versie D1
Pagina 5 van 9
2.6
Hypothesen en onderzoeksopzet
Op basis van de informatie uit onderhavig vooronderzoek zijn een aantal deellocaties geïdentificeerd. Het betreft een slootdemping (A), een (voormalig) erf met puin of sloopafval (B), en een grondwal (C) met plaatselijk wat puin en tevens een stuk asbesthoudend materiaal, wat aanleiding geeft een asbestverontreiniging op (een deel van) de locatie te verwachten. Perceel Schiermonnikoog B 2980 A: Gedempte sloot Uit het zintuiglijk bodemonderzoek blijkt dat ter plaatse van de gedempte sloot geen bodemvreemd dempingsmateriaal toegepast is. Vermoedelijk is deze sloot aangevuld met gebiedseigen grond. Op basis van het vooronderzoek en de terreininspectie wordt derhalve gesteld dat deze met gebiedseigen grond gedempte sloot op de onderzoekslocatie als onverdacht kan worden beschouwd op het voorkomen van (ernstige) bodemverontreinigingen anders dan regionaal verhoogde achtergrondgehalten. B: (Voormalig) erf met puin of sloopafval Uit het zintuiglijk bodemonderzoek blijkt niet dat ter plaatse van het (voormalig) erf in de huidige situatie nog bodemvreemd dempingsmateriaal toegepast is. Mogelijk is het puin of sloopafval met wat grond plaatselijk in de naastgelegen grondwal (C) toegepast.
Op basis van het vooronderzoek en de terreininspectie wordt gesteld dat het zintuiglijk schone voormalig erf op de onderzoekslocatie derhalve als onverdacht kan worden beschouwd op het voorkomen van (ernstige) bodemverontreinigingen, anders dan regionaal verhoogde achtergrondgehalten. Percelen Schiermonnikoog B 2908 & 2980 C: Grondwal Uit het zintuiglijk bodemonderzoek en de laboratoriumanalyse blijkt dat ter plaatse van de grondwal, naast wat puin, tevens asbesthoudend materiaal aanwezig is, waardoor het vermoeden van bodemverontreiniging aanwezig is. Voor de grondwal wordt verwacht dat er wisselende gehalten aan verontreinigende stoffen in deze grond kunnen voorkomen. De verwachte verontreinigende stoffen voor deze situatie zijn asbest, metalen en PAK. D en E: Overige terreindelen Uit het vooronderzoek blijkt dat er op de overige percelen/terreindelen van deze locatie geen sprake is van bodembelasting anders dan een regionale of landelijke diffuse achtergrondbelasting in de grond en het grondwater. Op deze percelen/terreindelen worden geen verontreinigende stoffen verwacht in gehalten boven de achtergrondwaarde of boven het in het betreffende gebied geldende achtergrondgehalte. Verspreid over deze locaties is altijd sprake geweest van een gelijksoortig en extensief gebruik (eenduidig geringe antropogene beïnvloeding) en weinig tot geen bebouwing.
Het oppervlak is voor de meeste afzonderlijke percelen groter dan 1,0 ha. In tabel IV zijn de onderzoeksstrategieën die van toepassing zijn, in de situatie dát er onderzoek wordt uitgevoerd op de betreffende deellocaties, weergegeven.
Rapport 1224.262 versie D1
Pagina 6 van 9
Tabel IV.
Onderzoeksstrategieën
Perceel Schiermonnikoog B-2980
Deellocatie
A
Oppervlakte / volume 2 3) (m / m 2
slootdemping
100 - 500 m
B
voormalig erf
760 m
2
B-2980 / B-2908
C
grondwal
circa 250 m
B-2980
D
overig perceel
circa 14.000 m2
B-2908
E
overig perceel
circa 1.500 m
3
2
Verwachte stoffen
Onderzoeksstrategie
-
ONV-L
-
ONV-NL
asbest, metalen, PAK
AP04
-
ONV-GR
-
ONV-NL
Onderzoeksstrategieën volgens NEN 5740 / Besluit Bodemkwaliteit: ONV-L : Onverdacht, l jnvormig ONV-NL : Onverdacht, niet lijnvormig ONV-GR : Grootschalig onverdacht VEP : Verdacht, plaatselijke bodembelasting, uitgezonderd ondergrondse opslagtanks AP04 : partijkeuring grond
Rapport 1224.262 versie D1
Pagina 7 van 9
3.
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
Op basis van de informatie uit onderhavig vooronderzoek is een aantal deellocaties geïdentificeerd. Het betreft een slootdemping (A), een (voormalig) erf met puin of sloopafval (B), en een grondwal (C) met plaatselijk wat puin en tevens een stuk asbesthoudend materiaal, wat plaatselijk aanleiding geeft een asbestverontreiniging in de grondwal op de locatie te verwachten. Perceel Schiermonnikoog B 2980 A: Gedempte sloot Uit het zintuiglijk bodemonderzoek blijkt dat ter plaatse van de gedempte sloot geen bodemvreemd dempingsmateriaal toegepast is. Vermoedelijk is deze sloot aangevuld met gebiedseigen grond. Op basis van het vooronderzoek en de terreininspectie wordt derhalve gesteld dat deze met gebiedseigen grond gedempte sloot op de onderzoekslocatie als onverdacht kan worden beschouwd op het voorkomen van (ernstige) bodemverontreinigingen anders dan regionaal verhoogde achtergrondgehalten. In het kader van de voorgenomen grondtransactie bestaat er voor dit deel van de onderzoekslocatie volgens Econsultancy vooralsnog geen aanleiding voor verder bodemonderzoek dan wel een bodemonderzoek op analytische grondslag. B: (Voormalig) erf met puin of sloopafval Uit het zintuiglijk bodemonderzoek blijkt niet dat ter plaatse van het (voormalig) erf in de huidige situatie nog bodemvreemd dempingsmateriaal toegepast is.
Mogelijk is het puin of sloopafval met wat grond plaatselijk in de naastgelegen grondwal (C) toegepast. Op basis van het vooronderzoek en de terreininspectie wordt gesteld dat het zintuiglijk schone voormalig erf op de onderzoekslocatie derhalve als onverdacht kan worden beschouwd op het voorkomen van (ernstige) bodemverontreinigingen, anders dan regionaal verhoogde achtergrondgehalten. In het kader van de voorgenomen grondtransactie bestaat er voor dit deel van de onderzoekslocatie volgens Econsultancy vooralsnog geen aanleiding voor verder bodemonderzoek dan wel een bodemonderzoek op analytische grondslag. Percelen Schiermonnikoog B 2908 & 2980 C: Grondwal met bodemvreemd materiaal (grens beide percelen) Uit het zintuiglijk bodemonderzoek blijkt dat ter plaatse van de grondwal bodemvreemd en deels asbesthoudend materiaal toegepast is, waardoor het vermoeden van bodemverontreiniging aanwezig is en waardoor wordt verwacht dat er wisselende gehalten aan verontreinigende stoffen in de grond kunnen voorkomen. De verwachte verontreinigende stoffen voor deze situatie zijn asbest, metalen en PAK. Op basis van het vooronderzoek is geconcludeerd, dat de grondwal op de onderzoekslocatie onderzocht dient te worden middels een (AP04) partijkeuring grond (protocol 1001).
Overige percelen/terreindelen Op de overige terreindelen worden geen verontreinigende stoffen verwacht in gehalten boven de achtergrondwaarde of boven het in het betreffende gebied geldende achtergrondgehalte. Verspreid over deze locaties is altijd sprake geweest van een gelijksoortig en extensief gebruik (eenduidig geringe antropogene beïnvloeding) en weinig tot geen bebouwing. Het oppervlak is voor één van de afzonderlijke percelen groter dan 1,0 ha. Op basis van het vooronderzoek is geconcludeerd dat er sprake is van enkele "(grootschalig) onverdachte" locaties. In het kader van de voorgenomen grondtransactie bestaat er voor deze delen van de onderzoekslocatie volgens Econsultancy vooralsnog geen aanleiding voor verder bodemonderzoek dan wel een bodemonderzoek op analytische grondslag.
Rapport 1224.262 versie D1
Pagina 8 van 9
Aanbevolen vervolgonderzoek Ter plaatse van de verdachte delen van de twee onderzochte percelen wordt geadviseerd om, in het kader van de voorgenomen grondtransactie, een milieukundig bodemonderzoek en onderzoek naar asbest in bodem/puin uit te voeren. Tabel V geeft de voorgestelde onderzoeksopzet weer voor de te onderzoeken deellocatie. Tabel V.
Voorgestelde onderzoeksopzet
Perceel Akkerwoude B-2980 / B-2908
Deellocatie
C
grondwal
Volume m3 circa 250
Verwachte stoffen
Onderzoeksstrategie
Onderzoeksprotocol(len)
asbest, metalen, PAK
AP04-keuring
Protocol 1001
Onderzoeksstrategie volgens het Besluit Bodemkwaliteit: AP04 : partijkeuring grond
Indien er bij werkzaamheden grond vrijkomt die niet op de locatie kan worden hergebruikt, zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit van toepassing.
Econsultancy Zwolle, 17 oktober 2019
Rapport 1224.262 versie D1
Pagina 9 van 9
Bijlage 1
Topografische ligging van de locatie
Schaal 1:25.000 Deze kaart is noordgericht
Legenda Symbolen:
Polygonen:
Boringen:
Asfa t
Ontgravingsvak
Boring tot 0,5 m mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 0,5 m mv
K inker
Sanerings ocatie
Boring tot 1,0 m mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 1,0 m mv
Beton
Partij ontgraven grond
Boring tot 1,5 m mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 1,5 m mv
Ontgravingsdiepte (m mv)
Toekomstige bebouwing
Boring tot 2,0 m mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 2,0 m mv
Partijhoogte (m +mv)
Voorma ige bebouwing
Boring tot 2,5 m mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 2,5 m mv
Opnamerichting foto
Asfa tverharding
Boring tot 3,0 m mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 3,0 m mv
V oeistofdichte v oer
Reparatievak asfa t
Boring tot 3,5 m mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 3,5 m mv
Prefab betonnen v oerp aat
Ops agtank (bovengronds)
Boring tot 4,0 m mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 4,0 m mv
Tege s
Ops agtank (bovengronds in ekbak)
Boring tot 4,5 m mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 4,5 m mv
Go fp aat (asbest verdacht)
Ops agtank (ondergronds)
Boring tot 5,0 m mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 5,0 m mv
Boom
Struwee
Pei buis (diep)
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + pei buis (diep)
Bos
Haag
Pei buis
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + pei buis
Boring voorgaand onderzoek tot 0,5 m mv
Kernboring 80 mm
Boring voorgaand onderzoek tot 1,0 m mv
Kernboring 120 mm
Boring voorgaand onderzoek tot 1,5 m mv
Kernboring 120 mm + boring tot 0,5 m mv
Boring voorgaand onderzoek tot 2,0 m mv
Kernboring 120 mm + boring tot 1,0 m mv
Struiken Gras
Lijnen:
Water
Bebouwing
Braak
Grens onderzoeks ocatie
Grind
Toekomstige bebouwing
Onverhard
Voorma ige bebouwing
Puinverharding
Beschoeiing
Ta ud
Hekwerk
Boring voorgaand onderzoek tot 3,5 m mv
Spoor ijn
Boring voorgaand onderzoek tot 4,0 m mv
Wandmonster
Boring voorgaand onderzoek tot 4,5 m mv
Kernboring 120 mm + boring tot 4,0 m mv
Boring voorgaand onderzoek tot 5,0 m mv
Kernboring 120 mm + boring tot 4,5 m mv
Spoorbaan Fietspad Parkeerp aats
Verontreiniging:
Trafo Pomp O ie/vetafscheider Mangat Rioo inspectieput Zinkput Ont uchting Vu punt S euf asbestonderzoek 200x40x50cm
Boring voorgaand onderzoek tot 3,0 m mv
Kernboring 120 mm + boring tot 1,5 m mv Kernboring 120 mm + boring tot 2,0 m mv Kernboring 120 mm + boring tot 2,5 m mv Kernboring 120 mm + boring tot 3,0 m mv Kernboring 120 mm + boring tot 3,5 m mv
Pei buis voorgaand onderzoek (diep)
Kernboring 120 mm + boring tot 5,0 m mv
Niet verontreinigd
Pei buis voorgaand onderzoek
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 0,5 m mv
Geha te >AW/S waarde
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 1,0 m mv
Geha te >T waarde
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 0,5 m mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 1,5 m mv
Geha te >I waarde
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 1,0 m mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 2,0 m mv
Niet verontreinigd
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 1,5 m mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 2,5 m mv
AW/S waarde contour
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 2,0 m mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 3,0 m mv
T waarde contour
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 2,5 m mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 3,5 m mv
I waarde contour
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 3,0 m mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 4,0 m mv
Niet verontreinigd
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 3,5 m mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 4,5 m mv
AW/S waarde contour
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 4,0 m mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 5,0 m mv
T waarde contour
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 4,5 m mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + pei buis (diep)
I waarde contour
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 5,0 m mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + pei buis
Niet verontreinigd
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + pei buis (diep)
Boring tot 0,5 m waterbodem
Licht verontreinigd
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + pei buis
Boring tot 1,0 m waterbodem
Matig verontreinigd
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm
Duiker Voorma ige duiker
Boring voorgaand onderzoek tot 2,5 m mv
Sterk verontreinigd Verontreinigingsgraad onbekend Vindp aats asbestverdacht materiaa op maaive d
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 1.
Foto 2.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 3.
Foto 4.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 5.
Foto 6.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 7.
Foto 8.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 9.
Foto 10.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 11.
Foto 12.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 13.
Foto 14.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 15.
Foto 16.
Bijlage 2c Kadastrale gegevens