CConstaterende datSchiermonnikoog
Koppel je AI →
Document · PDF

bijl. 1 Beleidsplan OAB VVE Schiermonnikoog mei 2022.docx

Raadsvergadering 21 juni 2022, gemeente SchiermonnikoogBij agendapunt: Beleidsplan Onderwijsachterstandenbeleid/ Voor- en Vroegschoolse Educatie (OAB/VVE)4.342 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beleidsplan OAB/VVE gemeente Schiermonnikoog

Mei 2022

1. Inleiding Ieder kind heeft gaven en talenten. De gemeente Schiermonnikoog wil dat elk kind, ongeacht in welke omgeving hij of zij opgroeit, de kans krijgt deze gaven en talenten tot bloei te laten komen. Dat is van belang voor het kind en voor onze samenleving. Kinderen vormen de toekomstige maatschappij. Daarvoor moeten kinderen de kans krijgen om zich vanaf jonge leeftijd goed te ontwikkelen. De omgeving van een kind zou hierin nooit een belemmering mogen zijn. Een ongunstige thuisomgeving kan een negatieve invloed hebben op de wijze waarop een kind zich kan ontwikkelen. Onze ambitie is om, samen met alle betrokkenen, een omgeving te creëren, waardoor ook de kinderen die opgroeien in een omgeving met minder kansen hun talenten volledig kunnen ontwikkelen. Als kinderen zich op een goede manier ontwikkelen en ontplooien, maken ze in de toekomst meer kans op succesvolle levensloop-, school- en arbeidsloopbanen. Een goede start is het halve werk. Helaas krijgen niet alle kinderen dezelfde kansen om zich optimaal te ontwikkelen. Dit heeft onder andere te maken met de situatie en omgeving waarin zij opgroeien. Doel: Als gemeente Schiermonnikoog streven we ernaar de kansengelijkheid van kinderen te vergroten. Gezamenlijk gaan we deze uitdaging oppakken. Het landelijk OAB/VVE-beleid vormt hierbij het kader.

De afkorting OAB staat voor onderwijsachterstandenbeleid en geldt voor kinderen in de leeftijd van 4 tot 13 jaar. Het beleid focust zich op de ontwikkeling van kinderen bij wie een onderwijsachterstand is geconstateerd, maar ook op de ontwikkeling van kinderen die waarschijnlijk een onderwijsachterstand op zullen lopen als er niet tijdig wordt ingegrepen. Uit diverse onderzoeken blijkt dat kinderen uit lagere sociaaleconomische milieus ongeacht hun talenten minder kans hebben op een succesvolle schoolloopbaan dan kinderen uit hogere sociaal economische milieus. We spreken dus van onderwijsachterstanden als leerlingen door een ongunstige economische, sociale of culturele omgeving (m.n. de thuissituatie) op school slechter presteren dan ze bij een gunstiger situatie zouden kunnen. VVE staat voor Voor- en Vroegschoolse Educatie. VVE maakt deel uit van het onderwijsachterstandenbeleid. Het doel is om peuters met een mogelijke ontwikkelingsachterstand, ook wel ‘doelgroepkinderen’ genoemd, beter voor te bereiden op de basisschool en er voor te zorgen dat kleuters zonder achterstand naar groep 3 kunnen Hierbij gaat het over voorschoolse voorzieningen, peuteropvang, kinderopvang en voor- en vroegschoolse educatie. Hiermee wordt bedoeld: 1. Voorschoolse voorzieningen: kinder- en peuteropvang.

Aangeboden door professionele aanbieders die geregistreerd staan in het landelijk register kinderopvang (LRK). 2. Peuteropvang: Aanbod dat zich met name richt op het stimuleren van de ontwikkeling van kinderen, gedurende een beperkt aantal dagdelen per week. 3. Kinderopvang: Aanbod dat zich richt op de verzorging (eet-, slaap-, en verschoningsmomenten) en het stimuleren van de ontwikkeling van kinderen. De duur is afhankelijk van de opvangbehoeften van ouders. 4. Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE): Aanbod dat zich richt op zogenaamde doelgroepkinderen van 2,5 tot 6 jaar met een VVE-indicatie. Onderwijskansenbeleid In het onderwijs wordt een ontwikkelingsachterstand van een kind scherp zichtbaar. OAB en VVE is een gezamenlijke verantwoordelijkheid en geldt niet alleen voor het onderwijs. 2

Om dit te benadrukken, spreken we in deze beleidsnota daarom van ontwikkelingsachterstanden en onderwijskansenbeleid. Onderwijs draagt bij aan de ontwikkeling en ontplooiing van kinderen en landelijk wordt ingezet op gelijke onderwijskansen voor alle kinderen. Om dit te realiseren hebben gemeenten vanuit het Rijk twee taken op het gebied van voorschoolse voorzieningen. De eerste taak is de verantwoordelijkheid om in een toegankelijk, dekkend en kwalitatief hoogwaardig aanbod voorschoolse voorzieningen te voorzien. Specifiek voor ouders die niet in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag van de Belastingdienst. De tweede taak heeft betrekking op een toegankelijk, dekkend en kwalitatief hoogwaardig VVEaanbod op voorschoolse voorzieningen als voorbereiding op het onderwijs. Als gemeente Schiermonnikoog streven we ernaar zoveel mogelijk kinderen deel te laten nemen aan voorschoolse voorzieningen. Deelname aan een voorschoolse voorziening heeft een positief effect op de motorische-, cognitieve-, taal-en sociaal emotionele ontwikkeling van kinderen. Daarnaast stimuleert het de gezondheid en het welbevinden van kinderen in het algemeen. Uitgangspunten: 1. In de gemeente Schiermonnikoog bezoeken alle kinderen een voorschoolse voorziening. 2. Gemeente Schiermonnikoog heeft een toegankelijk, dekkend en kwalitatief hoogwaardig aanbod van voorschoolse voorzieningen en VVE.

Voor- en vroegschoolse educatie Een onderdeel van het onderwijskansenbeleid is Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE). Het doel van VVE is dat kinderen zonder of hooguit met een beperkte achterstand aan groep 3 kunnen beginnen. Vanuit de landelijke kaders en wetgeving richt VVE zich op kinderen vanaf 2,5 jaar tot 6 jaar. De voorschoolse periode reikt van 2,5 tot 4 jaar, de vroegschoolse periode van 4 tot 6 jaar (groep 1 en 2 van het basisonderwijs). In dit beleidsplan staat beschreven hoe de gemeente Schiermonnikoog uitvoering wil geven aan het onderwijskansenbeleid. Uitgangspunt: In de gemeente Schiermonnikoog volgen alle (doelgroep)kinderen een (aanvullend) aanbod op de voorschoolse voorziening. Het voorliggende beleidsplan is met alle betrokkenen opgesteld. Met als belangrijkste partners de voorschoolse instelling, het basisonderwijs en de gemeente. Dit plan biedt een goede basis waaruit zal worden gewerkt aan de volgende speerpunten: •

• • •

het kind voorop door: o in alles wat we doen vanuit het kind te denken; o doorgaande ontwikkellijnen verder te ontwikkelen; o bieden van groepsondersteuning in klassen. ouderbetrokkenheid. de handen in elkaar te slaan: o door een ketenaanpak. scherp zijn op kwaliteit: verdere professionalisering: o door afstemming en regie te realiseren; o door monitoring en effectmeting.

In dit beleidsplan staan de ambities en gewenste resultaten voor VVE en OAB. Deze ambities worden gedragen door de partners binnen onderwijs en kinderopvang. Voor de realisatie gelden wettelijke kaders (o.a. de wet OKE) en zijn begrensde budgetten beschikbaar. De gemeente zal, in haar rol als politiek verantwoordelijke, in samenspraak 3

met de stakeholders, de wettelijke kaders invulling geven en de beschikbare middelen inzetten. 2. Het kind voorop Leer- en ontwikkelcentrum In 2016 heeft de gemeente samen met de beide scholen SWS Yn de mande en Stichting Inspecteur Boelensschool de volgende visie voor het onderwijs op Schiermonnikoog opgesteld: Ieder kind op Schiermonnikoog moet zich zo goed mogelijk kunnen ontwikkelen om optimaal te kunnen participeren in de maatschappij. Als basis geldt dat de jeugd van 016 zich ononderbroken moet kunnen ontwikkelen op het eiland. Dit betekent dat er sprake moet zijn van een doorgaande leerlijn bij de overstap van peuterspeelzaal en kinderopvang naar basisschool en van de basisschool naar het voortgezet onderwijs. Daarbij geldt dat er voor ieder kind onderwijs op maat moet worden geboden. Om de jeugd optimale ontwikkelingskansen te kunnen bieden betekent dit dat er kwaliteit en samenhang moet zijn in de contexten waarbinnen kinderen opgroeien: het gezin, de school, de opvang, het dorp en de club of vereniging. Door het afstemmen van activiteiten die de kernpartners1 en ketenpartners2 op het eiland organiseren kunnen kinderen goede kansen krijgen zich te ontwikkelen.

Die samenhang is belangrijk om ouders werk en zorg te laten combineren, kinderen optimale ontwikkelingsmogelijkheden te bieden, onderwijsachterstanden voorkomen middels preventief beleid, integratie te bevorderen en het leren binnen en buiten de school met elkaar te verbinden. Een adequaat onderwijsaanbod is van belang voor de leefbaarheid op het eiland. Om alle onderwijsvoorzieningen in de toekomst op het eiland in stand te houden is een verregaande samenwerking en integratie tussen kinderopvang, peuterspeelzaal, basisschool en voortgezet onderwijs van belang c.q. een noodzaak. Door een verregaande samenwerking wordt een impuls gegeven aan de ontwikkeling van kinderen op Schiermonnikoog, worden goede voorwaarden gecreëerd voor een kwaliteitsimpuls van het onderwijs en is een goede aansluiting tussen het basis- en voortgezet onderwijs gegarandeerd. Om het bovenstaande te realiseren heeft de gemeente Schiermonnikoog samen met de twee onderwijsvoorzieningen op het eiland, de Inspecteur Boelensschool en Samenwerkingsschool Yn de mande (hierna: Yn de mande), de ambitie om een leer- en ontwikkelcentrum (LOC) op te richten. Het doel van dit LOC is het thuisnabij opvangen van kinderen in de leeftijd van 0-16 jaar en het bieden van onderwijs op maat.

Doorgaande leerlijn In een doorgaande lijn gaat het om een ononderbroken ontwikkelingslijn van kinderen van nul tot twaalf jaar, waarin het kind voorop staat. Alle partners rondom het kind op pedagogisch, opvoedkundig en educatief gebied en zorg werken samen waardoor de ontwikkelingskansen van kinderen optimaal zijn en achterstanden zo vroeg mogelijk worden gesignaleerd en voorkomen. De samenwerking en afstemming tussen kinderopvang, onderwijs en zorg is van doorslaggevend belang voor een soepele doorgaande ontwikkelingslijn en effectiviteit van het OAB/VVE beleid. Onder een doorgaande ontwikkelingslijn wordt verstaan: - een structurele afstemming tussen en afspraken over pedagogische aanpak; - partnerschap tussen betrokken partijen en ouders;

1 Kinderopvang, peuteropvang, buitenschoolse opvang, Samenwerkingsschool Yn de

mande, Inspecteur Boelensschool. 2 Gemeente Schiermonnikoog, Sport Fryslân (buurtsportcoach), Sociaal Werk De Kaai (maatschappelijk werk), Stichting Lytje Willem, bezoekerscentrum Schiermonnikoog, Muziekschool Opus 3, bibliotheek, natuurmonumenten, verenigingen, bedrijfsleven. 4

-

zorg voor een goede warme overdracht van voor- naar vroegschools aanbod en tussen partners rond het kind. Waar nodig tijdig betrekken van het consultatiebureau en Samenwerkingsverband Passend Onderwijs.

De overgang PO - VO wordt gezien als een andere belangrijke doorgaande lijn. De OABmiddelen zijn hier niet voor primair voor bedoeld, maar kunnen wel een rol spelen in de voorbereidende fase in de overgang van kinderen naar het voortgezet onderwijs. Te denken valt aan groepsondersteuning die daarin reeds een rol speelt als het gaat om verbeteren van taalresultaten en studievaardigheden zodat een goede uitstroommogelijkheid naar vervolgonderwijs is. Groepsondersteuning Taal (zowel mondelinge vaardigheid als geletterdheid) is van cruciaal belang voor mensen om te kunnen participeren in onze maatschappij. Uit onderzoek van Stichting Lezen en Schrijven (2018) blijkt dat achttien procent van de Nederlanders van 16 jaar en ouder laaggeletterd is. Voor de regio Noordoost Friesland en de Friese Waddeneilanden is dit percentage tussen de dertien en zestien procent. Het is dus van belang dat hier aandacht voor is binnen de gemeente. De afgelopen jaren zijn al verschillende initiatieven ondernomen om een (mogelijke) achterstand van kinderen in taal te voorkomen en te verminderen. Zo is er groepsondersteuning voor kinderen met een achterstand of juist een voorsprong. Daarnaast heeft de school een samenwerking met de bibliotheek en wordt meegedaan aan het programma ‘De Bibliotheek op school’.

Met de Bibliotheek op school slaan onderwijs, bibliotheek en gemeente de handen ineen en komt er dagelijks aandacht voor leesplezier en mediawijsheid op school én thuis. Doelstelling is om kinderen en jongeren te stimuleren om meer te lezen. En ze leren om beter en verstandiger om te gaan met internet, sociale media en games. De groepsondersteuning vindt tevens plaats op rekengebied. Het afgelopen jaar is een nieuwe rekenmethode aangeschaft en biedt een doorgaande leerlijn op rekenen. Uitgangspunten: 1. Versterking van de doorgaande lijn tussen het voorschools en primair onderwijs. 2. Versterking van de ontwikkeling van jonge kinderen tussen 0 en 6 jaar (VVE). 3. Bieden van groepsondersteuning in de klassen.

3. Ouderbetrokkenheid Ouders spelen een cruciale rol bij het stimuleren van de ontwikkeling van hun kind. De opvoeding van het kind is de verantwoordelijkheid van ouders. De ouders kunnen hierbij ondersteund worden door pedagogische medewerkers en leerkrachten. Het opbouwen van een vertrouwensrelatie en een goede samenwerking met ouders is de basis. Een goed contact vergroot de ouderbetrokkenheid (de betrokkenheid van de ouders bij de ontwikkeling van het kind) en is een voorwaarde om de opvoeding thuis en die op de kinderopvang en school zo goed mogelijk te laten aansluiten. Informatie-uitwisseling en afstemming tussen pedagogisch medewerkers, leerkrachten en ouders is belangrijk voor goede begeleiding van het kind en bevordert de samenwerking met de ouders. Ouders spelen een belangrijke rol bij de (taal)ontwikkeling van hun kinderen. Als ouders actief worden betrokken en geïnformeerd weten zij wat ze thuis kunnen doen om de ontwikkeling van hun kind te stimuleren zodat ook thuis de doorgaande ontwikkeling wordt gestimuleerd. Ouderbetrokkenheid thuis heeft dan door de stimulerende omgeving een positieve invloed op de ontwikkelingskansen van het kind. 5

Om te zorgen dat de organisatie en ouders samen in staat zijn om de ontwikkeling van het kind te stimuleren, kunnen professionals nascholing krijgen in de interactie tussen kind – professional – ouders. Vanaf januari 2022 (Wet IKK) is het verplicht dat iedere voorschoolse organisatie een pedagogische beleidsmedewerker en pedagogisch coach in dienst heeft die een belangrijke rol kan vervullen in het versterken van het partnerschap tussen de voorschool en ouders. Naast de verantwoordelijkheid voor het vormgeven, evalueren en implementeren van pedagogisch beleid zal deze nieuwe beroepskracht ook het coachen van de pedagogisch medewerkers als taak krijgen. Uitgangspunten: 1. Versterken van wederzijdse betrokkenheid (voor)school en ouders. 2. Ouderbetrokkenheid en –participatie blijvend stimuleren en borgen.

4. De handen in elkaar Ondersteuning en begeleiding van kinderen (en hun ouders) vindt zoveel mogelijk thuis nabij plaats. Daar waar inwoners en dus ook ouders en kinderen vragen of problemen hebben is er laagdrempelig hulpverlening in de buurt. Zorg & Welzijn helpt samen met bijvoorbeeld de maatschappelijk werkster en de jeugdgezondheidszorg bij vragen en zorgen over bijvoorbeeld de opvoeding van kinderen, financiën en schulden, werkloosheid, de zelfstandigheid van ouders, etc. Men werkt integraal en zal altijd de ontwikkeling van de kinderen ter sprake brengen. Indien relevant en als ouders daarmee instemmen, wordt (voor)school geïnformeerd of betrokken bij het plan. Naast Zorg & Welzijn levert het onderwijs een bijdrage aan vroegsignalering en hulp nabij voor het kind en de ouders. Zeker daar waar nadrukkelijk gekozen wordt voor integratie van de zorg binnen het onderwijs. De huisvesting van de kinderopvang organisatie en het onderwijs verdient verdere aandacht. Partners hebben een intentieverklaring ondertekend om gezamenlijk te komen tot een Leer- en Ontwikkelcentrum 0-16 jaar. In 2021 is een uitvoeringsbudget beschikbaar gesteld om een nieuw schoolgebouw te ontwerpen waar alle faciliteiten een plek krijgen. De nadere uitwerking hiervan volgt in 2022. De wens is om in augustus 2024 het nieuwe pand te betrekken. Uitgangspunten: 1.

Bieden van een integrale aanpak rondom kinderen. 2. Een warme overdracht tussen voor- en vroegscholen soepeler laten verlopen (driehoek: ouders-voorschool-vroegschool).

5. Doelgroepdefinitie voorschoolse periode Het Rijksbudget dat gemeenten ontvangen voor voorschoolse educatie is gebaseerd op de VVE-doelgroep in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar. Gemeenten mogen hun eigen doelgroepdefinitie hanteren. In de gemeente Schiermonnikoog wordt geen algemene peuteropvang geboden. Alleen peuters met een VVE-indicatie kunnen vanaf 2,5 jaar gebruik maken van een aanbod op de Kinderdagopvang. Gezien het beperkte aantal kinderen op Schiermonnikoog is er gekozen voor een algemeen aanbod voor alle peuters van 2 dagdelen per week, gefinancierd vanuit de gelden van het Onderwijsachterstanden beleid. Peuters met een VVE indicatie krijgen 16 uur aangeboden.

6

In de gemeente Schiermonnikoog zijn de volgende criteria geformuleerd (doelgroepdefinitie) op basis waarvan een VVE-indicatie door de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) kan worden toegekend: 1. Laag opleidingsniveau van één of beide ouders of verzorgers (maximaal eindexamen niveau LBO/VBO, praktijk onderwijs of vmbo basis- of kaderberoeps-gerichte leerweg; dit is conform de ‘oude’ gewichtenregeling van het onderwijs). 2. Laag stimulerend vermogen in de omgeving (bv. thuistaal, indicatie stevig ouderschap, omgevingsanalyse). 3. Het kind heeft een laag niveau op één of meer van de volgende gebieden: spraaktaalontwikkeling (inclusief rekenkundige begrippen zoals meer, minder etc.), motorische- en/of sociaal emotionele ontwikkeling. De JGZ is vanuit landelijke wetgeving aangewezen als onafhankelijk indicatie orgaan. De VVE-indicaties worden afgegeven op het consultatiebureau (CB). De indicaties zijn gebaseerd op omgevings-, ouder- en kindfactoren. De criteria worden gezien als risicofactoren, waarbij er bij aanwezigheid van de criteria niet automatisch een VVEindicatie wordt afgegeven. De professionele inschatting van de jeugdverpleegkundige is hierbij doorslaggevend. VVE-indicatiestelling: 1. De gemeente Schiermonnikoog streeft naar 100% deelname aan VVE door peuters met een VVE-indicatie. 2.

In de gemeente verwijzen ook andere professionals op basis van hun deskundige inschatting een peuter (2-4 jaar) naar de JGZ voor een VVE-indicatie. Denk hierbij bv. aan pedagogisch medewerkers. De JGZ blijft altijd de partij die de VVEindicatie afgeeft.

6. Toeleiding Gemeenten moeten afspraken maken met de betrokken partners over toeleiding van kinderen met een VVE-indicatie. Daarnaast zijn gemeenten verantwoordelijk voor voldoende VVE-plaatsen en een goede toegankelijkheid van Voor- en Vroegschoolse Educatie. Kinderen met een VVE-indicatie volgen een VVE-aanbod in de voorschoolse periode, waarbij het kind gebruikt maakt van 16 uur VVE per week. Toeleidingsmonitor De gemeente Schiermonnikoog maakt gebruik van de VVE-toeleidingsmonitor van de JGZ in de provincie Friesland. Daarmee is er beter zicht op het aantal VVE-indicaties, de daadwerkelijke plaatsingen en het non-bereik. In deze toeleidingsmonitor werken JGZ, gemeenten en kinder/peuteropvang samen. Uiteindelijk doel van de monitor is om het VVE-bereik te vergroten.

7. Doorgaande lijn VVE Schoolbesturen zijn zelf verantwoordelijk voor de uitvoering van VVE (vroegschoolse educatie) in groep 1 en 2 van het basisonderwijs. Zij ontvangen daarvoor rechtstreeks middelen van het Rijk. De gemeente maakt met schoolbesturen afspraken over de resultaten van vroegschoolse educatie, de zogenaamde resultaatafspraken. Een soepele doorgaande lijn van voor- naar vroegschool is belangrijk voor succesvolle VVE. De gemeente maakt afspraken met houders van kinder/peuteropvang en het onderwijs over een doorlopende leerlijn en overdracht van kindgegevens naar de basisschool. 7

De voorschoolse voorziening, basisschool en ouders delen informatie met een helder doel: het stimuleren van de ontwikkeling van het kind. Dit geldt voor alle kinderen. De VVE-kinderen worden gedurende de vroegschoolse periode gevolgd en krijgen zo nodig extra ondersteuning. Onder extra ondersteuning scharen we zowel formele ondersteuning (bijvoorbeeld de inzet van een IB’er of deelname aan ondersteunende onderwijsprogramma’s) als informele extra ondersteuning in de groep. Bij kinderen met een VVE-indicatie is altijd sprake van een ‘warme’ overdracht van voorschool naar school. Een warme overdracht houdt in dat er een gesprek is over de bijzonderheden in de ontwikkeling van een kind op de volgende ontwikkelingsgebieden: spraak-taalontwikkeling, motorische- en/of sociaal emotionele ontwikkeling. Bij de warme overdracht zijn de pedagogisch medewerker en de onderbouwleerkracht aanwezig. De school kan ervoor kiezen om de IB’er aan te laten sluiten. De ouders worden uitgenodigd voor dit gesprek. De warme overdracht heeft als doel dat de zorg of ondersteuning gecontinueerd wordt op de basisschool. Als ouders niet akkoord gaan met een overdracht van gegevens, mag geen informatie over de ontwikkeling van het kind worden gedeeld.

Wel dient aan school doorgegeven te worden dat er een VVE indicatie is afgegeven, welk VVE programma het kind heeft gevolgd en hoe lang dit programma gevolgd is (WPO, art 167 lid 3). De gemeente Schiermonnikoog biedt op de locatie van SWS Yn de mande zowel kinderdagopvang als Primair Onderwijs. Binnen het primair onderwijs wordt gewerkt met groep 0. Hiermee wordt een warme overdracht geborgd. In de subsidieaanvraag voor het aanbod van (VVE)peuteronderwijs dient te worden beschreven hoe de doorgaande lijn geborgd wordt. 8. Resultaatafspraken De gemeente Schiermonnikoog maakt met het schoolbestuur afspraken over de resultaten van vroegschoolse educatie, geformuleerd in meetbare doelen (Wet OKE, Wet Primair Onderwijs art. 167). Dit is onderdeel van de projectplan voor de aanvraag ten behoeve van het onderwijsachterstandenbeleid. De afspraken zijn er op gericht om achterstanden bij kinderen in te lopen of te voorkomen zodat zij zonder of hooguit met een beperkte achterstand aan groep 3 kunnen beginnen. Ook zijn er afspraken met de voorschoolse voorzieningen, die bijdragen aan goede VVE-resultaten. Het gezamenlijk monitoren en evalueren van VVE moet leiden tot verbetering van de kwaliteit en opbrengsten van VVE. Kwalitatieve resultaatafspraken De gemeente Schiermonnikoog en ketenpartners streven deze doelen na: 1.

Het percentage kinderen, zowel met en zonder een VVE indicatie, dat zonder verlenging van een groep 1 of 2 kan doorstromen naar groep 3 is 100%. Kwantitatieve resultaatafspraken 1. Het schoolbestuur levert jaarlijks de geanonimiseerde scores van de kinderen met en zonder een VVE-indicatie van midden groep 3 (M3) op de onderdelen technisch lezen en rekenen. Hiervoor worden landelijk genormeerde toetsen gebruikt. De meting heeft als doel om op gemeentelijk niveau trendanalyses te maken tussen beide groepen kinderen en over meerdere jaren. De gemeentelijke scores worden vergeleken met landelijke cijfers. 2. De 0-meting vindt op 1 september 2022.

8

Monitorafspraken Om de kwaliteit van het aanbod VVE in zowel de voorschoolse periode als de vroegschoolse periode in kaart te brengen heeft de gemeente Schiermonnikoog monitorafspraken gemaakt. De basis voor de monitoringsafspraken zijn de indicatoren zoals opgesteld in het ‘Onderzoekskader voorschoolse educatie en primair onderwijs’. 1. Zelfevaluatie Binnen de voorschoolse voorzieningen wordt een systeem van zelfevaluatie gebruikt. Op basis van de ingevulde zelfevaluaties (jaarlijks) gaat de gemeente het gesprek aan met de voorschoolse voorzieningen om zicht te houden op de kwaliteit en eventueel afspraken te maken over verbeteringen. In de vroegschoolse periode is VVE onderdeel van de interne kwaliteitscyclus van zelfevaluatie/ managementgesprekken. Deze worden tenminste één keer per jaar binnen de school besproken. 2. Aanleveren overzicht VVE-kinderen Het schoolbestuur stuurt de gemeente één keer per jaar een overzicht van het totaal aantal VVE-kinderen in de kleuterperiode en geven hierbij per school aan: a. het aantal kinderen met een VVE-indicatie dat daadwerkelijk gebruik heeft gemaakt van een voorschools VVE-aanbod en in de gehele kleuterperiode extra ondersteuning heeft gehad. Het gaat hierbij om ondersteuning op het gebied van sociaal-, emotionele ontwikkeling, motorische ontwikkeling en spraaktaalontwikkeling. b.

het aantal kinderen met een VVE-indicatie dat geen gebruik heeft gemaakt van een voorschools VVE-aanbod, waarbij er in de gehele kleuterperiode dus geen sprake is geweest van extra ondersteuning. Het betreft hierbij ondersteuning op het gebied van sociaal-emotionele-ontwikkeling, motorische ontwikkeling, spraaktaalontwikkeling. c. het aantal kinderen met een VVE-indicatie dat in groep 1 of 2 kleuterverlenging heeft gehad. d. de geanonimiseerde toets resultaten in midden groep 3 op de onderdelen technisch lezen en rekenen voor kinderen met en zonder VVE indicatie. 3. Kwaliteitsdialoog VVE De gemeente Schiermonnikoog voert binnen het LOOS jaarlijks een kwaliteitsdialoog over VVE. Vanuit de kwaliteitsdialoog worden acties ter verbetering van de kwaliteit vastgelegd. De uitkomsten van de resultaatafspraken worden besproken en goede voorbeelden uitgewisseld.

9. VVE-coördinatie De gemeente stuurt en coördineert de uitvoering en borging van VVE. Bij de uitvoering van de coördinatie betrekt de coördinator/gemeente partijen als schoolbesturen, instellingen voor kinderopvang, gebiedsteam en consultatiebureaus (JGZ). Er wordt met betrekking tot het VVE een jaarlijks overleg gevoerd binnen de Lokale Educatieve Agenda, die al structureel met het onderwijs en de kinderopvang plaats vindt. Dit is ook de plek waar afspraken en beleid gemaakt worden en waar de evaluatie daarover plaats vindt. 10. Integraal VVE-programma In de gemeente Schiermonnikoog maakt de voorschoolse voorziening gebruik van “Uk en Puk”. Met behulp van dit VVE-programma wordt de ontwikkeling van peuters op de vier ontwikkelingsgebieden (spraak-taal, rekenen, motoriek en sociaal emotioneel) gestimuleerd. 9

Dit programma voldoet aan de landelijk geldende normen van de basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie en een erkend observatiesysteem. 11. Interne kwaliteitszorg Effecten van (VVE) peuteronderwijs zijn mede afhankelijk van de kwaliteit van de VVE die wordt geleverd door de voorscholen. Het gaat dan om de pedagogische en educatieve vaardigheden van de pedagogisch medewerkers, de wijze waarop het VVEprogramma wordt gebruikt, de zorg en begeleiding die aan peuters wordt geboden, de inrichting van de ruimtes, enzovoorts. Van VVE-instellingen wordt verwacht dat ze deze kwaliteit regelmatig evalueren, verbeteren en borgen. Inzet HBO’er Vanaf 1 januari 2022 moet er een HBO’er in de voorschoolse educatie worden ingezet. De inzet beslaat 10 uur per jaar per doelgroepkind. Dit moet zorgen voor een hogere kwaliteit. Een pedagogisch beleidsmedewerker kan functioneren als coach, werkzaam zijn op de groep, bezig zijn met het pedagogisch beleid van de voorschoolse voorziening of een combinatie van deze taken uitvoeren. Daarnaast kan de HBO’er een schakel vormen tussen het gemeentelijk beleid, het beleid van de vve-organisaties en de uitvoer op de werkvloer. De gemeente Schiermonnikoog maakt met de VVE-aanbieder afspraken over de wijze waarop interne kwaliteitszorg plaatsvindt en hoe ze zich over deze kwaliteit verantwoordt aan de gemeente.

Criteria voor de verantwoording van de interne kwaliteitszorg zijn onderdeel van het VVE-uitvoeringsplan en de subsidie-afspraken.

12. Systematische evaluatie van VVE op gemeentelijk niveau De evaluatie op gemeentelijk of ook wel beleidsniveau vindt regelmatig plaats in het overleg dat de gemeente voert met de ketenpartners. Dit kan leiden tot conclusies voor verbeteringen of aanpassingen van het beleid. De gemeente Schiermonnikoog evalueert jaarlijks het eigen VVE-beleid, de afspraken, de uitvoering en de resultaten.

13. VVE-condities In de wet is geregeld dat de Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst (GGD) de basiskwaliteit van de voorscholen beoordeelt op basis van artikel 1.63 en artikel 2.21 van de Wet kinderopvang. De GGD toetst als eerstelijns toezichthouder zowel de algemene basiskwaliteit (zoals veiligheid en gezondheid) als de basiskwaliteit van de voorschoolse educatie: hoeveel tijd VVE per week, groepsgrootte en dubbele bezetting, opleidings- en scholingseisen van de VVE-beroepskrachten en gebruik van een VVEprogramma. Dit legt de GGD vast in een rapport. In de gemeente Schiermonnikoog beoordeelt de GGD de basiskwaliteit van de voorscholen jaarlijks en brengt hiervan een rapport uit aan de houders van kinderopvanglocaties en de gemeente. De Inspectie van het Onderwijs onderzoekt als tweedelijns toezichthouder kwaliteit kinderopvang in het algemeen, ook specifiek de kwaliteit van de uitvoering van VVE. Doel daarvan is de kwaliteit van de peuter- en kinderopvang en VVE op hoog niveau te brengen en te houden. Via de jaarlijkse gemeentelijke bevraging VVE verplicht de Inspectie van het Onderwijs gemeenten om inzicht te geven in de kwaliteit van de 10

uitvoering van VVE. De gemeentelijke analyse heeft niet tot nadere vraagstelling vanuit de Inspectie van het Onderwijs geleid. Gemeentelijk VVE-subsidiekader In het door het college vastgestelde uitvoeringsregeling onderwijsachterstanden staan (aanvullende) voorwaarden beschreven voor de uitvoering van VVE, waarmee de gemeente kan sturen op de kwaliteit van VVE. Daarnaast geven de subsidievoorwaarden grip op de besteding van VVE-subsidiegelden. De gemeente Schiermonnikoog maakt voor de uitvoering van VVE gebruik van een subsidiekader om te garanderen dat de verstrekte subsidies op de juiste wijze worden gebruikt.

14. Gezamenlijke opdracht De manier waarop de ketenpartners in de voor- en vroegschoolse periode het VVEaanbod uitvoeren, is mede bepalend voor de uitkomsten. De gemeente spant zich in om ketenpartners hierin daar waar mogelijk te faciliteren en ondersteunen. De ketenpartners zijn in ieder geval: de JGZ, de voorschoolse voorziening en het primair onderwijs. Op casusniveau kunnen desgewenst andere partners betrokken worden. De gemeente Schiermonnikoog geeft in nauwe samenwerking met ketenpartners uitvoering aan VVE. Zonder de ketenpartners is het niet mogelijk om VVE-beleid te ontwikkelen en uit te voeren.

11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Schiermonnikoog&id=0a322c6d-0822-46b4-8c3f-09f0629de358