CConstaterende datSchiermonnikoog
Koppel je AI →
Document · PDF

3- Reactienota Fryske Regiovisie Jeugdhulp.pdf

Raadsvergadering 18 april 2023, gemeente SchiermonnikoogBij agendapunt: Fryske Regiovisie Jeugdhulp5.807 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 3

Reactienota 22 november 2022

Tekstuele opmerkingen zijn niet meegenomen in deze reactienota, maar zijn wel verwerkt in de definitieve versie van de regiovisie.

Bezoekadres Oldehoofsterkerkhof 2 8911 DH Leeuwarden Postadres Postbus 21000 8900 JA Leeuwarden (058) 233 83 88 secretariaat@sdfryslan.nl

In juli hebben maatschappelijke partners de gelegenheid gekregen om te reageren op de conceptversie van de regiovisie. In totaal hebben meer dan 10 organisaties gereageerd. Uit de binnengekomen reacties zijn een aantal rode draden te onderscheiden: ● De beweging naar voren, het gebruiken van het voorveld (vroegsignalering) en de samenwerking met voorliggende organisaties mag nadrukkelijk worden beschreven in de regiovisie. Het staat op sommige punten in visie beschreven, maar een aantal organisaties geeft aan dit graag als ‘speerpunt’ in de visie te zien. ● Het is duidelijk dat de regiovisie gaat over jeugdhulp, maar hoe zit het met de aansluiting met de andere onderdelen in het sociaal domein. Denk hierbij aan de aansluiting met Wmo, veiligheid, Wlz, armoede en schulden, sport, etc. Ook noemen een aantal organisaties het bijzonder te vinden dat het aan de ene kant gaat over een visie en tegelijkertijd over zoiets als administratieve lasten en inkoopeisen. ● Op het gebied van administratieve lasten wordt benoemd dat het interessant is om te verkennen waar de drie noordelijke provincies de administratieve eisen/processen kunnen uniformeren. ● De regiovisie bevat nog veel tekst. Er wordt door veel mensen gesuggereerd om een duidelijke infographic te maken en door de tekst heen meer gebruik te maken van visualisaties.

Let op: om de reacties anoniem te houden zijn een aantal reacties op onderdelen aangepast. Het gaat bijvoorbeeld om een aantal namen van organisaties die is verwijderd.

1

Nr.

Reactie

1

1.1.

1.2.

1.3.

1.4.

1.5.

Antwoord Overal waar het over jaarplan gaat zou het goed zijn te spreken over meerjarenplannen: ontwikkelingen in de jeugdhulp hebben tijd en continuüm van aandacht nodig. Als dat niet kan omdat gemeenten nu eenmaal met jaarplannen (willen) werken dan graag het meerjarenplan als ‘overstijgend’ toevoegen. Par 2.1 bedoeling en 2.3 leidende principes. Mocht de ruimte er nog zijn dan is het verstandig hier de eerste hoofdstukken van de publicatie ‘Op de Groei’ van de Beweging Van Nul naast te leggen en te herschrijven (het deel met de uitgangspunten, aanbevelingen en begrippen uit die notitie). Je geeft het dan betere handvatten dan de 5 inzichten en de 5 leidende principes die er nu staan. Die zijn te algemeen: ‘vraag centraal’, ‘kwaliteit essentieel’ met de definities van de Beweging van Nul breng je het voor de lezer een stap verder / maak je het hanteerbaar. H 2 Samen leren en ontwikkelen. Het zou goed zijn hier het structureel leren van de crisiszorg en het structureel leren van uithuisplaatsingen toe te voegen. Door dergelijke casussen stroomopwaarts te analyseren: wat ging vooraf? En die analyse en terugkoppeling daarvan met het werkveld structureel een plek te geven in het werkveld. Misschien ook een verwijzing naar de Beweging van Nul en het werken met nuldoelen als houvast daarbij. Blz 14 bovenaan, over partnerschap.

Hier zou kunnen worden verwezen naar de notitie ‘Wenkend Perspectief’ uit de landelijke hervormingsagenda. Die notitie kan een heel bruikbaar houvast zijn bij het verder samen vormgeven van partnerschap. 4.2. Administratieve lasten. Het is belangrijk die werkelijk in partnerschap tussen zorgaanbieders te gaan beperken. Nu staat er te vaak ‘we doen dit met een reden en dus is het geen last’ Dit wordt niet in het werkveld gedragen. In bijvoorbeeld Groningen is men vrij ver in de gezamenlijke ontwikkeling van leidende principes gericht op het

1.1.

1.2.

1.3.

1.4.

1.5.

U schrijft terecht dat veranderingen in de jeugdhulp tijd en aandacht vragen. De regiovisie jeugdhulp geeft de inhoudelijke ambities weer voor meerdere jaren die we gaan uitwerken in jaarplannen. In de jaarplannen is nadrukkelijk ook aandacht voor het meerjarenperspectief. De publicatie ‘Op de Groei’ bevat veel waardevolle inzichten voor het verder concretiseren van de leidende principes. Tegelijkertijd zijn de leidende principes en de bedoeling die hier geformuleerd staan geformuleerd in verschillende bijeenkomsten met maatschappelijke partners. We laten deze onderdelen daarom het op deze wijze in de regiovisie staan. Tegelijkertijd is onder “Doelstellingen en Leidende principes” een citaat opgenomen uit “Op de Groei” die aansluit bij de bedoeling uit de regiovisie. We nodigen u uit om in de jaarplannen dit punt wederom in te brengen. In hoofdstuk 3 is op basis van uw suggesties toegevoegd: “Het leren van casussen valt eveneens onder praktijkgericht transformeren. Om effectief te leren van de praktijk blijven we gebruik maken van de bevindingen van onze partners , inzichten in hulptrajecten van de expertisetafels (REX, JENN, Team Toegang) en de Regionale Kenniswerkplaats Jeugd.” Het leren van specifieke casussen, zoals bij uithuisplaatsingen of crisiszorg vallen hier ook onder.

Het leren, verbeteren en delen van bevindingen op basis van casuïstiek is echter breder dan deze twee vormen van zorg. Dit document biedt mogelijk passende handvatten om partnerschap uit te werken. Het uitwerken van partnerschap staat genoemd als één van de geprioriteerde thema’s om uit te werken in de jaarplannen. We vragen u om deze inzichten bij deze concretisering in te brengen, zodat we het gezamenlijk kunnen wegen ten opzichte van de andere inzichten over partnerschap. Wij vinden samen met u dat partnerschap één van belangrijke bouwstenen is om de doelstellingen uit de regiovisie te realiseren. & 1.6. Het verminderen van de administratieve lasten is een

1

1.6.

2

2.1.

2.2.

2.3.

2.4.

2.5.

verminderen van administratieve lasten, het zou goed zijn in Friesland ook op zo’n manier gezamenlijk aan de slag te gaan. 4.2 Administratieve lasten. Administratieve lasten worden ook vooral veroorzaakt doordat Friesland, Zuid Drenthe, Noord Midden Drenthe en Groningen voor verschillende administratie inrichtingen kiezen. Dat heeft een historie en is niet ineens recht te trekken. Tegelijkertijd weten we (niet ontkennen nu) dat deze variatie voor de kwaliteit van de jeugdhulp (ook 7 jaar na de decentralisatie) geen verschil maakt. Het zou zeer te waarderen zijn als Friesland in haar regiovisie een verkenning tot 1 gezamenlijke administratieve inrichting te komen met de 3 noordelijke provincies, om daarmee haar bijdrage te leveren aan het terugdringen van administratieve lasten bij jeugdhulpaanbieders. Friese landschap: In het document wordt genoemd: in de wijk e.d. Ik zou daaraan toevoegen het woord ‘omgeving’. Omgeving is gericht op het Friese landschap als je op het platteland woont, dan past 'omgeving' beter. Friese landschap: de Waddeneilanden worden niet in de tekst genoemd. Ik zou graag zien dat dit specifiek wordt genoemd en dat ook de jeugdigen/het gezin op de Friese Waddeneilanden een plek hebben in deze Fryske Regiovisie Jeugdhulp In het document mis ik huisartsen en POH (praktijkondersteuner huisarts). Alleen in hoofdstuk 5 wordt eenmaal huisarts genoemd.

Advies is medisch verwijzers toevoegen aan die zinnen waar een opsomming wordt gegeven (in document zoeken op gecertificeerde instellingen). De medisch verwijzers en met name huisartsen verzorgen voor een groot deel de verwijzingen; zij moeten daarom een plek hebben in deze regiovisie. Is deze groep gevraagd inbreng te geven? Op pagina 4 wordt genoemd passende governance structuur; is het duidelijk wat hiermee wordt bedoeld? Is een verwijzing mogelijk naar bv governance code zorg of is dat juist de uitvoering?

gedeelde doelstelling tussen de Friese gemeenten en jeugdhulpaanbieders. De Friese gemeenten hebben bewust gekozen voor een stelsel gebaseerd op trajecten. Onze eerste inzet is erop gericht om te verkennen hoe binnen het Friese stelsel de administratieve lasten kunnen worden verminderd.

2.1.

2.2.

2.3. 2.4.

2.5.

2.6.

In de regiovisie is het woord omgeving op een aantal plekken toegevoegd. Verder is het goed om te benoemen dat er ook veelal wordt verwezen naar “in de buurt” van jeugdigen en gezinnen. De regiovisie wordt vastgesteld in de 18 Friese gemeenten. Hier vallen ook de Waddeneilanden onder. In de inleiding is naar aanleiding van deze opmerkingen toegevoegd om welke gemeenten het precies gaat. In de regiovisie zijn huisartsen toegevoegd in de opsommingen waar wettelijke verwijzers in staan. Ja, een vertegenwoordiging van huisartsen is structureel gevraagd om mee te praten, mee te denken en input te leveren op de concept regiovisie. Een passende governance op pagina 4 gaat over een goede manier van samenwerken en sturen op het niveau van 3Noord. Het is op dit moment nog niet verder geconcretiseerd waar deze samenwerking aan moet voldoen. Wel is een eerste prioritering gemaakt waar 3Noord inhoudelijk voor aan lat staat. Op de website https://vannutotnul.nl/ is meer te lezen over de beweging van nu tot 0 in Friesland. Veel maatschappelijke partners geven aan graag de beweging van nu tot 0 te

2

2.6.

2.7.

3

3.1.

3.2. 3.3.

3.4.

Op pagina 7 noemen we de beweging van nu tot 0, is het zo dat alle Friese gemeenten hierin participeren? Deze beweging zie ik niet terug in bv Inkoop; mag om mij weggelaten worden In het document wordt scholen/onderwijs genoemd; ik mis dat de behoefte aan jeugdhulp veelal als eerste wordt gesignaleerd op scholen Qua leesbaarheid van het document hebben wij wel een aantal suggesties. Met name in de eerste hoofdstukken wordt veel herhaald maar soms net in iets andere woorden beschreven waardoor je lang doet over dezelfde inhoudelijke tekst. Wat fijn is zijn de samenvattingen, dat geeft wat houvast. Wij zouden voorstellen, (omdat het een belangrijk document is en de leidraad hoe we samen met alle partijen willen werken) om nog eens goed naar de leesbaarheid te kijken. Wellicht zou het huidige document gebruikt kunnen worden als onderliggende document maar zou er nog een verkort document gemaakt kunnen worden wat aanspreekt qua layout, met plaatjes en die kort en bondig is.

2.7.

3.1. 3.2. 3.3. 3.4.

(h)erkennen en daarom is deze opgenomen in de regiovisie. In veel gevallen is het onderwijs de plek waar de behoefte aan jeugdhulp aan het licht komt. Een goede samenwerking tussen onderwijs en jeugdhulp is daarom essentieel. Dit thema is één van de eerste speerpunten die we in het jaarplan verder uitwerken (zei hiervoor hoofdstuk 5 in de regiovisie). Op basis van uw opmerking is het eerste hoofdstuk herschreven en zijn dubbelingen eruit gehaald. Geen specifieke aanpassingen. Op basis van uw opmerking heeft een redactieslag plaatsgevonden. In de laatste versie van de regiovisie is meer gebruikt gemaakt van illustraties. Waar mogelijk is het document ingekort. Tegelijkertijd is de regiovisie al verregaand ingekort. Tijdens de verschillende gesprekstafels zijn documenten besproken die in de regiovisie zijn samengevat en samengevoegd.

4

Wordt dit document, als deze definitief is, een advies document of een bindend document? Oftewel wat is de status van dit document?

Het document wordt vastgesteld door de gemeenteraden van de 18 Friese gemeenten. Daarnaast vragen we aan maatschappelijke partners om zich via een intentieverklaring te commiteren aan de inhoud van de regiovisie en de uitwerking hiervan. Het gaat hier om de gezamenlijke intentie om de juiste beweging te maken in de jeugdhulp met de regiovisie als instrument.

5

De regiovisie is veel tekst. Kan hier ook een infographic van worden gemaakt?

In de defintieve versie zijn illustraties toegevoegd en is de tekst waar mogelijk ingekort om de leesbaarheid te verbeteren.

6

6.1.

6.1.

De visie op de doelgroepen LVB, ASS en NAH verdient een breder perspectief: levenslang en levensbreed. Deze jeugdigen hebben een levenslange beperking, dat vraagt in verschillende levensstadia om een andere aanpak (in

Wij onderschrijven in de regiovisie dat voor bepaalde doelgroepen levenslang en levensbreed hulp en ondersteuning nodig is. Het uitgangspunt is en blijft dat we jeugdhulp inzetten die past bij de situatie van de jeugdige en

3

6.2.

levensloopcyclus: opvoeding door ouders, onderwijs, werk, huisvesting, financiën, relatie, opvoeding van eigen kinderen). Een aanpak die niet gericht is op herstel, maar gericht op het versterken van de eigen regie en mogelijkheden die passen bij dat moment. Licht of zwaar: er zal altijd een vorm van begeleiding nodig zijn om zo zelfstandig mogelijk te kunnen deelnemen aan de samenleving. Lokale laagdrempelige ondersteuning in samenhang met specialistische jeugdhulp (matched care), er zijn en opschalen als nodig. Dit werkt versterkend en preventief. Dit geldt ook voor jeugdigen met GGz problematiek, verslaving, of jeugdigen uit multi-problem gezinnen. Dit is ons inziens fragmentarisch opgenomen in de regiovisie. Denken vanuit doelgroepen in plaats van producten vraagt een kentering in denken en in financieringsvormen en mag meer op de voorgrond staan in de regiovisie. Deze doelgroepen vragen een langdurige indicatie en betrokkenheid van een vertrouwd persoon die aansluiting heeft en kennis van alle levensdomeinen. De jeugdigen en hun gezinnen uit deze doelgroepen hebben grotere kans dan gemiddeld op problemen bij diverse zaken (rondkomen, scheiding, opvoeding). Zij hebben baat bij rust, reinheid en regelmaat en continuïteit.

We willen u vragen in de regiovisie meer aandacht en focus te leggen op deze belangrijke voorliggende vraagstukken die de transformatie kunnen vormgeven (en waar hoge kosten liggen): a) Versterking van de gezinnen door te starten bij het nog ongeboren kind, met het project ‘Nu niet zwanger’, de aandacht functionaris seksualiteit vanuit het CSM, een preventieve laagdrempelige gezinsondersteuning van de ouders (bv de 1000 dagen aanpak). Lokaal en in ketensamenwerking met de GGD, JGZ en MW (o.a. m.b.t. gezonde leefstijl en opvoedingsomgeving). b) Gebruik maken van evidence based practice dat voor deze doelgroepen geldt (zie het rapport ‘Samen lerend doen wat werkt’) van het NJI. Bij bovenstaande onderwerpen ligt de focus veel op het ouderschap en het gezin. We begrijpen dat dit een oplossing vraagt in de financieringsstromen, omdat dit breder dan alleen de jeugdwet is. We hopen echt dat dit als speerpunt in de

6.2.

6.3.

6.4.

het gezin. De regiovisie beschrijft hier nadrukkelijk de beweging naar voren en streeft naar een goede samenhang tussen specialistische ondersteuning het (lokale) sociale basis. De belangrijke voorliggende vraagstukken die u noemt hebben onze aandacht. In de regio Friesland wordt bijvoorbeeld ingezet op Kansrijke Start. Daarnaast is in de inkoop van de specialistische jeugdhulp vastgelegd dat gewerkt wordt met (bewezen) effectieve interventies. Jeugdhulpaanbieders kunnen gebruik maken van de interventies uit een databank (bijvoorbeeld van het NJi) of zelf aantonen dat hun interventie effectief is. Het is goed om te lezen dat u door middel van uw training ‘Effectief communiceren met cliënten met een LVB’ bijdraagt aan de doelstellingen uit de regiovisie. Wij zijn erg geïnteresseerd in uw (innovatieve) ideeën en zien deze graag terug bij het vervolg van de regiovisie.

4

6.3.

6.4.

7

7.1.

regiovisie wordt meegenomen. We zijn verheugd te melden dat we met subsidie van het JENN, meewerken aan dit doel. Uit onderzoek van het JENN is bijvoorbeeld gebleken dat met betrekking tot de doelgroep LVB de kennis en kunde van professionals vaak onvoldoende aansluit bij de problematiek van de gezinnen om te leiden tot adequate oplossingen. Daardoor sluit de zorg vaak niet aan, of is er sprake van stepped care i.p.v matched care. We hebben op basis van onderzoek (o.a. gesprekken met professionals, ouders en jongeren met een Licht Verstandelijke Beperking, literatuuronderzoek en dossieronderzoek) een nieuwe training ontwikkeld voor professionals. Deze training ‘Effectief communiceren met cliënten met een LVB’ geven we in het najaar 2022 aan circa 600 professionals in NoordNederland, mét ervaringsdeskundigen. Daarmee geven we graag -mede met de diverse partners en betrokkenen- uiting aan het behalen van de doelen van de Fryske Regiovisie. “De druk op de arbeidsmarkt vraagt van werkgevers “employer-branding” en mogelijk vraagt het een nieuwe inrichting en de wijze waarop we ons werk doen.” Vanuit onze organisatie onderkennen we deze punten. Wij zijn er echter van overtuigd dat innovatie meer aandacht en drijvende kracht behoeft. Wij willen u graag kennis laten maken met onze innovatie ambities.

Ontwikkelt voor het sociaal domein en aansluitend bij de doelgroepen en professionals. Graag bieden we ons als jeugdhulp partij aan in de verdere ontwikkeling hierin. In het algemeen ontbreekt wat ons betreft ‘de beweging naar voren’ en de gewenste transformatie naar zo vroeg mogelijk de juiste hulp. Specifiek ook voor het jonge kind. We zouden in het licht van bovenstaande graag zien dat de samenwerking tussen preventie, onderwijs én kinderopvang genoemd wordt (vroegsignalering). Daarnaast doen we de oproep om meer gebruik te maken van de aanwezige expertise in het voorliggend veld zodat je vroegtijdig kunt (in)schakelen (ketensamenwerking). Onder de punten in het

7.1.

De beweging naar voren is een belangrijk onderdeel van de regiovisie. Naast de regionale ambitie is het zaak om een goede verbinding tussen het voorliggend veld en de specialistische jeugdhulp te creëren. Wij streven ernaar om gezamenlijk een goede aansluiting te creëren én te leren van goede voorbeelden. Waar mogelijk uniformeren we eisen ten aanzien van het lokale veld en de lokale uitwerking van de regiovisie. Daarmee wordt het duidelijker wat jeugdigen en gezinnen mogen verwachten van het lokale veld. In de

5

jaarplan (hoofstuk 5) vragen wij om specifiek de kinderopvang toe te voegen. We missen de integrale aanpak en de verbinding tussen de verschillende percelen binnen het sociaal domein, zoals schuldenproblematiek, sociale werkvoorziening en participatie. Wij geloven in de kracht van een integrale aanpak en zouden dat graag in de visie terug zien. De regiovisie is geschreven vanuit het perspectief van de hulpverlener i.p.v. de cliënt. Dit zouden we graag andersom zien; wat kan een cliënt en het gezin zelf en waar kunnen wij met onze expertise aan toevoegen en helpen. Kortom: gebruik maken van de eigen kracht van cliënten en het gezin. Uitgaan van het eigen netwerk van het gezin én daarnaast werken aan het toevoegen van nieuwe (gezonde) relaties. Deze zijn juist zo belangrijk voor de ontwikkeling van een kind (en het gezin), kunnen een belangrijke buffer vormen en dragen bij aan eerder kunnen afschalen van hulp. Het belang van het opbouwen van zo’n vangnet zou specifiek benoemd moeten worden in de regiovisie. Onder Goed samenspel (2.3) missen wij het domein overstijgende en vanuit de verklarende analyse denken.

7.2.

7.3.

7.4.

7.5.

7.2.

7.3.

7.4.

7.5.

8

8.1. ● ● ●

Wat wij missen is het volgende: Een visie over armoede (bestrijding); Een visie over opgroeien in een systeem waarin niet oplosbare beperkingen zijn (en mogelijk gedurende de hele levensloop ondersteuning nodig is); Een visie over veilig opgroeien, waaronder

8.1.

regiovisie is op verschillende plekken de samenwerking tussen preventie, onderwijs en kinderopvang benoemd. U leest het specifiek terug in paragraaf 2.2: De beweging van het jeugdstelsel. Wij onderschrijven het belang van de integrale aanpak in het sociaal domein. Tegelijkertijd gaat de regiovisie over jeugdhulp. Op verschillende plekken in de regiovisie benoemen we de verbanden tussen bijvoorbeeld de regiovisie en de Friese Preventieaanpak en de samenwerkingsagenda Friesland. Op basis van uw opmerkingen hebben we de verbinding andere aansluitende domeinen, zoals armoede, schuldhulpverlening en werk nadrukkelijker benoemd. De regiovisie is bedoeld voor professionals en organisaties om gezamenlijk toe te werken naar een betere jeugdhulp. In het gesprek over passende jeugdhulp zal altijd gewogen worden wat een cliënt en het gezin zelf kunnen en waar expertise aan toegevoegd moet worden. Dit is een uitgangspunt van professioneel handelen. Het is belangrijk om in het vervolg van de regiovisie cliënten een nadrukkelijke stem te geven aan tafel van de governancestructuur, zodat het cliëntperspectief structureel invloed heeft. Het bieden van een sterke sociale basis vindt u op meerdere plekken terug in de regiovisie.

Zo staat het genoemd bij de beweging in het jeugdstelsel (hoofdstuk 2), lerend zorglandschap (hoofdstuk 3.2) maar ook bij de concretisering van de regiovisie in de jaarplannen (onder thema ‘een sterke basis’). Onderaan dezelfde pagina staat de verklarende analyse en het domeinoverstijgend werken genoemd in de aansluiting tussen de gemeentelijke toegang en specialistische jeugdhulp (paragraaf 2.4.) Deze regiovisie gaat specifiek over jeugdhulp. Tegelijkertijd ontslaat dit ons niet van de verantwoordelijkheid om de juiste verbindingen te leggen, bijvoorbeeld met de Friese Preventieagenda (FPA) en de Samenwerkingsagenda. De thema’s die u noemt, bijvoorbeeld een soepele overgang van de

6

● 8.2. 8.3.

8.4.

8.5.

8.6.

8.7.

veiligheidsplanning c.q. risico gestuurde zorg; Een visie over de integratie c.q. verloop richting volwassenzorg; Gesteld wordt, dat de kwaliteit van jeugdhulp essentieel is: hoe wordt dit gemeten? In de regiovisie wordt ‘integraal werken’ in de buurt/wijk/het dorp een aantal keren genoemd; hoe verhoudt deze voorkeur zich tot de hele complexe casuïstiek waar opschaling nodig is naar een meer specialistisch aanbod? In de Regiovisie wordt beschreven dat het REX bindend advies geeft. Als zorgaanbieder zien wij dit anders en zijn wij niet verplicht om het advies van het REX op te volgen. Uit recente casuïstiek is tevens gebleken dat men vanuit het REX niet altijd op de hoogte is van de wet – en regelgeving waar wij als GGZ-organisatie mee te maken hebben wat maakt dat wij het advies van het REX niet per definitie overnemen. Dit verdient nog een verdieping/concretere werkafspraken; Waarom wordt er in deze regiovisie, gericht op de toekomst, terug gekeken op pagina 14? Voor een enthousiasmerende en toekomstgerichte visie zouden wij dat in dit stuk weglaten; Voor het jaarplan 2023 zouden wij ons voor kunnen stellen dat er wordt geïnvesteerd in een inhoudelijke verdieping: wat biedt welke aanbieder aan en met welke kaders heeft een aanbieder te maken? Dit maakt ook dat je onderlinge verwachtingen vooraf beter kunt managen.

Inhoudelijk gezien beschrijft de Fryske Regiovisie Jeugdhulp een mooie eerste aanzet tot een visie over opgroeien, samenwerking, ondersteuning, preventie en zorg voor onze Friese jongeren en hun systeem. De visie op deze visie is echter dat deze doorleeft wordt door alle partijen die hierin werkzaam zijn c.q. hun aandeel leveren. Wanneer je er op deze manier naar kijkt, dan pleiten wij voor een andere wijze van

8.2.

8.3.

8.4.

8.5.

Jeugdwet naar de Volwassenenzorg, komen als speerpunten terug in deze andere regionale processen. In plaats van al deze visies te integreren in één document, sluiten we bij de uitwerking van de regiovisie zoveel mogelijk aan bij de al lopende werkgroepen en (regionale) processen. In de inkoop van de specialistische jeugdhulp is vastgelegd dat gewerkt wordt met (bewezen) effectieve interventies. Jeugdhulpaanbieders kunnen gebruik maken van de interventies uit een databank (bijvoorbeeld van het NJi) of zelf aantonen dat hun interventie effectief is. Daarnaast wordt cliëntervaring, onder andere via de cliëntervaringsonderzoeken, gemeten. Passende jeugdhulp overstijgt de verschillende niveaus. Dit kunnen voorliggende laagdrempelige voorzieningen zijn in de sociale basis, maar ook hoogspecialistische jeugdhulp. Door integraal te werken dichtbij de inwoner worden (potentiële) problemen vroegtijdig gesignaleerd. Wanneer (hoog)specialistische jeugdhulp nodig nodig blijkt, wordt dit ingezet. Bij passende jeugdhulp hoort tegelijkertijd dat gezamenlijk onderzocht wordt wanneer de specialistische jeugdhulp niet langer nodig is en eventueel een minder intensief alternatief beschikbaar is. Wederom kan het hier gaan om andere specialistische jeugdhulp of voorliggende voorzieningen.

In de raamovereenkomst tussen Jeugdhulpaanbieder en de aanbestedende dienst (gemeente Leeuwarden) zijn afspraken gemaakt over het bindend advies van het REX Jeugd. Het uitgangspunt is dat de casus wordt vlot getrokken en daarvoor is het soms nodig om buiten de kaders tot een advies te komen. Dit kan ook leiden tot een procesevaluatie om te leren van wat nodig is in het Friese zorglandschap. Deze terugblik heeft te maken met het willen leren van van de afgelopen jaren in jeugdhulp. Het is belangrijk

7

presenteren. We zouden de visie graag meer visueel willen zien met een kernachtige boodschap waar je je eenvoudig in kunt verplaatsen en waar eenieder intrinsiek gemotiveerd raakt zijn of haar aandeel vorm te geven en te leveren. Om vorm te geven aan de Fryske Regiovisie Jeugdhulp lijkt ons een goed en gedegen communicatieplan, passend bij deze tijd, dan ook net zo relevant als de Fryske Regiovisie Jeugdhulp zelf.

8.6.

8.7.

9

9.1.

Algemeen: Wij vinden het mooi dat er gekozen lijkt te worden voor een brede visie / scope, waarbij het de bedoeling is dat ‘jeugdigen veilig opgroeien en zich ontwikkelen op een manier die past bij hun mogelijkheden'. De in hoofdstuk 2 beschreven beweging van het jeugdstelsel herkennen wij en is ook een beweging die past bij onze visie en expertise: positief opgroeien, een sterke pedagogische basis ondersteuning bij normale opvoed- en opgroeivragen en steeds meer integraal werken. Ook in de beschrijving van het zorglandschap wordt deze brede blik gezien. Naast jeugdhulp worden ook onderwijs en wijk-/gebiedsteams, (jeugd)gezondheidszorg en onderwijs cq voorliggende voorzieningen genoemd. Echter zien we ook dat in de titel (regiovisie jeugdhulp) en in de uitwerking van de visie (oa hoofdstuk 4) de scope zich toch lijkt te beperken tot alleen de curatieve kant (en het voorkomen van ‘erger’). De visie hinkt wat dat betreft op twee gedachten. Wij zouden ons voor kunnen stellen dat het een regiovisie Jeugd wordt, waarin vanuit een breder perspectief ingezoomd wordt op de ondersteuning van kinderen en hun ouders. Alleen vanuit een bredere visie op jeugdbeleid kun je ook de gewenste beweging van het jeugdstelsel bewerkstelligen. De kerningrediënten voor verandering

9.1.

om gezamenlijk kritisch te zijn waar we mogelijkheden zien voor verbetering. Dit laat ook zien waarom we de toekomst van preventie en normaliseren zo opschrijven. Eens met uw opmerking. We nodigen u uit om dit ook bij de uitwerking van de regiovisie te benoemen. Daarnaast is het goed om te benoemen dat naast aanbieders ook andere partners aan tafel zitten bij de uitwerking van het jaarplan. Eens met uw opmerking. Voor de definitieve regiovisie streven we naar minder tekst, meer illustraties en een visuele samenvatting (een soort factsheet). Deze regiovisie gaat specifiek over jeugdhulp. Tegelijkertijd ontslaat dit ons niet van de verantwoordelijkheid om de juiste verbindingen te leggen, bijvoorbeeld met de Friese Preventieagenda (FPA) en de Samenwerkingsagenda. We kijken daarmee vanuit een breed perspectief naar de jeugdhulp. In de uitwerking van de regiovisie worden de juiste verbindingen gelegd. De Friese gemeenten stellen samen de regiovisie vast en committeren zich daarmee aan een langetermijnperspectief waarbij we als regio gezamenlijk een stevige professionele steunstructuur ontwikkelen als jeugd en gezin er niet meer op eigen kracht uitkomen.

9.2. 9.3. 9.4. 9.5.

9.6. 9.7.

Dit is toegevoegd op basis van uw opmerking. Positief om te lezen dat u dit onderschrijft. Dit is toegevoegd op basis van uw opmerking. Het is essentieel om bij de verdere uitwerking van de regiovisie goed aan te sluiten bij de Friese samenwerkingsagenda. Zie ook het antwoord bij 9.1. We nodigen u graag uit om hierover mee te denken. We trekken graag samen op wanneer het gaat over datagericht transformeren.

8

9.2.

9.3.

9.4.

9.5.

9.6.

9.7.

die in de visie genoemd worden zijn immers ook breder dan alleen jeugdhulp (positief opgroeien, een sterke basis, sterke preventie). En ook de ambities binnen de beweging van nu tot nul vragen om een inzet van zowel jeugdhulp als het voorliggend veld (onderwijs, welzijn, jeugdgezondheidzorg etc). De bedoeling: Het geformuleerde streven naar jeugdhulp waarbij jeugdigen veilig opgroeien zouden wij graag breder willen verwoorden door het opnemen van een streven naar een jeugdhulp waarbij jeugdigen veilig en gezond opgroeien. Dit sluit ook aan bij de doelen geformuleerd binnen de Friese Preventieaanpak (thema’s ‘’Lyts’ en ‘Jong’) Wij delen de keuze om te focussen op het gezinssysteem, waarbij zowel binnen onze organisatie als binnen het FPA vaak het begrip ‘ouderschap’ wordt gehanteerd. P.8: het 1e inzicht: vanuit de eerder genoemde focus op het gezinssysteem is het logischer om hier te spreken over de vraag van jongeren/ouders. P.9. Over de rol van de wijk-/ gebiedsteams: deze zijn/worden ook beschikbaar voor een effectief licht hulpaanbod. Het is goed om op dit punt aan te sluiten bij de doelen vanuit de Friese samenwerkingsagenda, waarin ambities geformuleerd zijn rond (beginnende) psychiatrische problematiek, en waar de POH GGZ Jeugd de verbindende schakel is tussen huisartsenpraktijk, het sociaal domein, de jeugdgezondheidszorg en de (specialistische) jeugdzorg.

Hoofdstuk 3 Samen leren en ontwikkelen: We onderschrijven de keuze om partnerschap als belangrijk onderdeel van de sturingsfilosofie te kiezen en delen de constatering dat dit verder geconcretiseerd moet worden. Wij denken hier graag over mee. De thema’s waar het lerend netwerk op ziet zijn herkenbaar en belangrijk. We zijn blij dat gekozen wordt voor het thema normaliseren en zijn graag bereid

9.8.

9.9. 9.10.

Eens met uw opmerking en belangrijk om dit mee te nemen in de uitwerking van de regiovisie (het jaarplan). Meer informatie hierover leest u in hoofdstuk 5. Op basis van uw opmerking is de jeugdgezondheidszorg op pagina 15 toegevoegd. Vanuit de Norm voor Opdrachtgeverschap zijn we gebonden aan een aantal afspraken, waaronder drie afspraken ten aanzien van tarieven, zorgvuldigheid en administratieve lasten. Dit staat echter geen goed gesprek in de weg over innovatieve oplossingen om bij te dragen aan de beweging naar voren. Dit kan bijvoorbeeld aan bod komen tijdens de gesprekken over het jaarplan bij het thema onderwijs en jeugdhulp. Meer informatie hierover leest u in hoofdstuk 5 van de regiovisie.

9

9.8.

9.9.

9.10.

10

10.1.

10.2.

onze expertise op dit vlak in te brengen in het lerend netwerk. Dit geldt ook voor onze expertise en kennis als het gaat om datagericht transformeren. P15. Als het gaat om het versterken van het opvoedkundig klimaat willen we ook wijzen op de mogelijkheden die de coalitie ouderschap (FPA) en het lerend netwerk Kansrijke Start kunnen bieden op dit punt. P15/23 Onderwijs en Jeugdhulp Hier zouden wij graag explicieter de rol van en samenwerking met de JGZ op scholen terugzien. Wij zien veel kansen voor samenwerking in het onderwijs tussen onderwijs, JGZ en gemeenten (oa leerplicht en gebiedsteams). Dit zou ook in het jaarplan 2023 meegenomen kunnen worden als het gaat om de samenhang tussen onderwijs en jeugdhulp. Opdrachtgeverschap van de Friese gemeenten Dit hoofdstuk lijkt zich te beperken tot de inkoop van jeugdhulp. Dat maakt dat wij hier niet goed gebruik van kunnen maken, terwijl we wel kansen zien om een bijdrage te leveren aan de transformatie van het jeugdstelsel. Wij willen de gemeenten daarom uitdagen om in de visie ook op te nemen dat de financiering(systematiek) ruimte en maatwerk moet bieden voor innovatieve initiatieven, bijvoorbeeld op het snijvlak van jeugdhulp en gezondheid, waarmee de in de visie beschreven beweging van het jeugdstelsel wordt bevorderd. We missen samenhang en een duidelijke lijn mist.

Het stuk zelf is de visie en daarin wordt gewerkt met termen als bedoeling en leidende principes, vervolgens komen er nog weer 5 inzichten voorbij. We snappen niet goed hoe dat zich tot elkaar verhoudt. De manier van denken vanuit de bedoeling is heel mooi, dat geeft ruimte in de keuzes die in de uitvoering steeds weer gemaakt moeten worden. Je kunt altijd terug naar de vraag; ja maar, waar doen we het dan voor?

10.1.

De punten die u noemt verschillen in ‘orde van grootte’. Gestart wordt met de visie waarin de bedoeling staat beschreven. Aan de hand van het NJi-model wordt de gewenste beweging in het jeugdstelsel geschetst. De leidende principes bieden herkenbare en gedragen handvatten voor ons handelen, zowel op operationeel, tactisch als strategisch niveau. De leidende principes vragen echter om een verdere uitwerking voordat ze voldoende

10

10.3.

10.4.

10.5.

10.6.

Op pagina 4 wordt gesproken over het ‘in intensieve samenwerking (gemeenten en onderwijs) verkennen op welke manier een contextgerichte aanpak, met gebruik van de in de gemeente aanwezige steunstructuren, bij kan dragen aan het versterken van het pedagogisch klimaat op scholen’. Dit wordt verder niet concreet gemaakt. Betekent dit dat we jeugdhulp meer preventief in de school in kunnen gaan zetten? Dat we op zoek zijn naar de mogelijkheden daarin? Of liggen daar juist verwachtingen richting de scholen? In hoofdstuk 2.4 wordt oa het leidende principe ‘elke jeugdige heeft recht op leerontwikkeling’ uitgewerkt. Leren wordt daar ook buiten de schoolse context geplaatst. We moeten hier scherp zijn op de realiteit; wat zijn de mogelijkheden? Wat kan er binnen de lijntjes en wat daarbuiten? Termen als leerplicht/leerrecht, kwalificatieplicht, etc. zijn hierin belangrijk.

En in het verlengde daarvan heel belangrijk; hoe vinden jeugdhulp en onderwijs elkaar hierin? Hoe geven we elk vanuit de wetgeving waarbinnen we werken vorm aan deze gezamenlijke verantwoordelijkheid? En dat vanuit het idee dat de bedoeling centraal staat (want dat juichen we vooral toe!) Wat wordt bedoeld met partnerschap als sturingsfilosofie? Als de sturingsfilosofie de manier waarop gemeenten willen sturen op het realiseren van hun maatschappelijke doelstellingen moet beschrijven, wat zegt dan de zin ‘partnerschap als sturingsfilosofie is nodig’. Als je samenwerkingspartners gezamenlijk verantwoordelijk wil laten zijn voor het behalen van je doelstellingen verwachten we ook nu al (we snappen dat dit verder uitgewerkt moet worden) meer richting op de uitvoering (woorden als onafhankelijkheid, transparantie, …). Hoe voorkom je dat vanuit een gezamenlijke verantwoordelijkheid niemand zich verantwoordelijk voelt / de verantwoordelijkheid neemt? In hoofdstuk 5 wordt het vervolg op de regiovisie beschreven en wordt de stap gemaakt naar jaarplannen en overlegstructuren. Misschien goed om hier ook de samenhang te benoemen met de plannen van maatschappelijke partners; waar is een ieder mee bezig en

10.2. 10.3.

10.4. 10.5.

10.6.

10.7.

leidend worden voor ons handelen. Dit staat op de agenda van de jaarplannen. Bedankt voor deze opmerking en goed om te lezen dat u deze visie onderschrijft. Wat de precieze uitwerking hiervan is, dienen we gezamenlijk in te vullen. De samenwerking en aansluiting tussen Onderwijs en Jeugdhulp staat als één van de eerste thema’s geagendeerd voor de jaarplannen. Eens met uw opmerkingen. We vragen u om dit in te brengen tijdens de concretisering van de regiovisie in de jaarplannen. Met deze zin wordt bedoeld dat de Friese gemeenten ervoor kiezen om gezamenlijk met maatschappelijke partners te sturen op het gewenste maatschappelijke resultaat. Wat we precies in deze samenwerking van elkaar verwachten en welke rollen en verantwoordelijkheden hierbij passen concretiseren we samen, onder andere in de jaarplannen. In hoofdstuk 5 van de regiovisie leest u hierover dat het concretiseren van partnerschap als één van de geprioriteerde thema’s staat benoemd. Er lopen al allerlei projecten, processen, werkgroepen en agenda’s die gaan over of raken aan de jeugdhulp. We willen in de concretisering van de regiovisie vooral aansluiten bij deze processen en waar mogelijk gebruik maken van bestaande werkgroepen of aansluiten bij bestaande processen. Hiermee voorkomen we dubbel werk. Eens met uw opmerking! We gaan samen over dit belangrijke thema in gesprek.

11

10.7.

hoe kunnen we dat op elkaar afstemmen / hierin samen optrekken? Onder het jaarplan 2023 wordt o.a. de samenhang tussen onderwijs en jeugdhulp genoemd. Dat lijkt ons een belangrijk thema! Linkt ook sterk aan wat wij op willen pakken vanuit ons ondersteuningsplan; het grijze gebied waarin we samen verantwoordelijk zijn, maar waarin taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden lang niet altijd duidelijk zijn. Hoe willen we juist in dit gebied met elkaar aan de slag? En laten we juist daar de bedoeling centraal zetten!

12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Schiermonnikoog&id=3db437c8-8af8-4aae-91dd-fad84cf9d259