CConstaterende datSchiermonnikoog
Koppel je AI →
Document · PDF

14 - Bijlage oplossing tijdelijk bestuur SWS Yn de mande en stichten nieuwe basisschool AKTE.pdf

Raadsvergadering 18 mei 2021, gemeente SchiermonnikoogBij agendapunt: SWS Yn de mande: tijdelijk bestuur, wijziging statuten / opstarten procedure nieuwe school3.638 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

blad 1 STATUTENWIJZGING STICHTING SAMENWERKINGSSCHOOL YN DE MANDE 2021.000515.01 / JGV

C

O

N

C

EP T

Vandaag, @, verscheen voor mij, mr. Sijtze Hellema, notaris gevestigd in de gemeente Noardeast-Fryslân, kantoorhoudende te Dokkum: @ [kantoormedewerker], in deze akte handelend als schriftelijk gevolmachtigde van: @, die de volmacht verstrekt in diens hoedanigheid van bestuurder van de in de gemeente Schiermonnikoog gevestigde stichting: Stichting Samenwerkingsschool Yn de mande, met adres: 9166 RB Schiermonnikoog, F.H. Gasaustraat 22, ingeschreven in het register van de Kamer van Koophandel onder nummer 56815808, hierna te noemen: ‘de stichting’. INLEIDING De comparant, handelend als gemeld, verklaarde als volgt: de stichting is opgericht bij akte op achtentwintig december tweeduizend twaalf (28-12-2012) verleden voor mij, notaris; de oprichting van de stichting is het gevolg van het samengaan van het openbare en protestants-christelijke onderwijs op Schiermonnikoog in een samenwerkingsschool als bedoel in artikel 17 van de Wet op het primair onderwijs; het bestuur van de stichting heeft op @ besloten de statuten van de stichting te wijzigen; de algemene ledenvergadering van de Vereniging voor Protestants-Christelijk Basisonderwijs te Schiermonnikoog heeft in haar vergadering van @ ingestemd met de voorgestelde statutenwijziging; de gemeenteraad van de gemeente Schiermonnikoog heeft op @ ingestemd met de voorgestelde statutenwijziging.

UITVOERING Ter uitvoering van genoemd bestuursbesluit verklaarde de comparant, handelend als gemeld, de statuten te wijzigen, zodat zij vanaf vandaag luiden als volgt: STATUTEN BEGRIPSBEPALINGEN Artikel 1 In deze statuten wordt verstaan onder: a. gemeente: de gemeente Schiermonnikoog; b. gemeenteraad: de gemeenteraad van de gemeente Schiermonnikoog; c. college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente; d. school: samenwerkingsschool Yn de mande; e. wet: de Wet op het primair onderwijs. NAAM EN ZETEL Artikel 2 1. De stichting draagt de naam: Stichting Samenwerkingsschool Yn de mande. 2. De stichting heeft haar zetel in de gemeente Schiermonnikoog. DOEL EN MIDDELEN Artikel 3 1. De stichting stelt zich in ieder geval ten doel het in standhouden van een

blad 2

C

O

N

C

EP T

samenwerkingsschool in de gemeente Schiermonnikoog, zoals bedoeld in artikel 17d van de wet, waarbinnen zowel openbaar als bijzonder (protestants-christelijk) onderwijs wordt gegeven. 2. De school is toegankelijk voor alle leerlingen zonder onderscheid naar godsdienst of levensovertuiging. 3. Om het doel te verwezenlijken kan de stichting gebruikmaken van alle wettelijke middelen die daaraan dienstbaar zijn. De geldmiddelen van de stichting worden verkregen uit subsidies, bijdragen, leningen, legaten en andere haar rechtmatig toekomende baten. 4. De stichting heeft geen winstoogmerk. DUUR Artikel 4 De stichting is opgericht voor onbepaalde tijd. ORGANISATIE VAN DE STICHTING Artikel 5 1. De stichting kent een bestuur. Het bestuur en intern toezicht zijn binnen de stichting ondergebracht in één bestuursorgaan. 2. De stichting kent een algemeen bestuur en een dagelijks bestuur. Het algemeen bestuur bestaat uit een bestuurder die belast is met intern toezicht. Het dagelijks bestuur bestaat uit de directeur van de school en maakt geen deel uit van het algemeen bestuur. 3. De gemeenteraad houdt toezicht op de stichting, zoals aangegeven in de wet en deze statuten. BESTUUR Artikel 6 1. Het bestuur bestaat uit twee leden, te weten: a. de directeur van de school; en b. de wethouder met portefeuille onderwijs van de gemeente.

De directeur van de school vormt het dagelijks bestuur, de wethouder het algemeen bestuur. Het algemeen bestuur oefent geen taken uit die in deze statuten aan het dagelijks bestuur zijn toebedeeld. 2. De leden van het bestuur onderschrijven de doelstellingen van de samenwerkingsschool. 3. Het lidmaatschap van het bestuur is onverenigbaar met het lidmaatschap van: a. de medezeggenschapsraad van de school; of b. de gemeenteraad. 4. Het bestuur kan zich in zijn vergaderingen door deskundigen met een adviserende stem laten bijstaan. 5. Als sprake is van belet of ontstentenis van een bestuurslid, dan berust het bestuur tijdelijk bij het overblijvende lid van het bestuur. Als sprake is van belet of ontstentenis van beide bestuursleden, berust het bestuur tijdelijk bij één of meer door de gemeenteraad aan te wijzen personen, onverminderd de verplichting voor de gemeenteraad zo spoedig mogelijk in het bestuur te voorzien. Onder belet wordt in ieder geval verstaan schorsing, ziekte of onbereikbaarheid, in de laatste beide genoemde gevallen zonder dat gedurende een termijn van veertien dagen de mogelijkheid van contact tussen de bestuurder en de stichting heeft bestaan. 6. De wethouder is voorzitter en de directeur van de school is secretaris van de

blad 3

C

O

N

C

EP T

stichting. 7. De voorzitter en de secretaris tekenen alle stukken van het bestuur. ZITTINGSPERIODE Artikel 7 De leden van het bestuur worden voor onbepaalde tijd benoemd. SCHORSING EN ONTSLAG Artikel 8 1. De gemeenteraad kan een bestuurslid dat naar hun oordeel in ernstige mate door handelen of nalaten afbreuk doet aan het functioneren van het bestuur voor maximaal vier maanden schorsen of ontslaan. In het geval van schorsing vermeldt de gemeenteraad de gevolgen daarvan. 2. Het bestuur kan overeenkomstig de grond, zoals bedoeld in het eerste lid van dit artikel, een bestuurslid schorsen. Het bestuur onderwerpt het besluit onmiddellijk aan het oordeel van de gemeenteraad. De gemeenteraad beslist zo spoedig mogelijk of zij de schorsing al dan niet bevestigt. De schorsing geldt dan als door de gemeenteraad besloten. Bevestigt de gemeenteraad niet binnen twee maanden nadat het bestuur tot schorsing heeft besloten, het besluit tot schorsing dan vervalt het besluit tot schorsing van rechtswege. 3. Wanneer de gemeenteraad de schorsing als bedoeld in het voorgaande lid bevestigt, wordt de schorsingstermijn geacht te zijn ingegaan op het moment van het bestuursbesluit daartoe. 4. Het bestuur kan bij de gemeenteraad een gemotiveerd voorstel doen tot ontslag van een bestuurlid, bijvoorbeeld als er sprake is van slechte communicatie binnen het bestuur, bij verschil van inzicht of ruzie.

EINDE BESTUURSLIDMAATSCHAP Artikel 9 Het lidmaatschap van het bestuur eindigt: a. voor wat betreft de directeur per de datum dat arbeidsovereenkomst met de stichting wordt beëindigd; b. voor wat betreft de wethouder per de datum dat de wethouder niet meer in functie is als wethouder dan wel niet langer de portefeuille onderwijs heeft; c. door ontslag door de rechtbank overeenkomstig de wettelijke bepalingen; en d. door ontslag door de gemeenteraad. e. door ondercuratelestelling; f. door overlijden. TAAK EN BEVOEGDHEDEN BESTUUR Artikel 10 1. Het bestuur is belast met het besturen van de stichting en is de drager van het bevoegd gezag als bedoeld in de wet. De stichting oefent – met inachtneming van het bepaalde van deze statuten – alle taken en bevoegdheden uit die bij of krachtens de wet aan het bevoegd gezag van de school toekomen. 2. Het bestuur is bevoegd tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding of bezwaring van registergoederen, met inachtneming van het bepaalde in artikel 106 van de wet en tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van een ander verbindt. 3.

Het bestuur kan een besluit tot opheffing, fusie of bestuurlijke overdracht van de school slechts nemen na voorafgaande instemming van de gemeenteraad.

blad 4

C

O

N

C

EP T

VERTEGENWOORDIGING Artikel 11 1. Het bestuur alsmede iedere bestuurder vertegenwoordigt de stichting. 2. Het dagelijks bestuur kan anderen die werkzaam zijn ten behoeve van de stichting de bevoegdheid geven om de stichting in en buiten rechte te vertegenwoordigen. QUORUM Artikel 12 1. De vergadering vindt geen doorgang als niet beide leden aanwezig zijn 2. In geval een vergadering op grond van het eerste lid van dit artikel geen doorgang kan vinden, belegt de voorzitter binnen veertien dagen een nieuwe vergadering. 3. Als wegens onvoltalligheid op grond van het bepaalde in het tweede lid een nieuwe vergadering is belegd, beraadslagen en besluiten de aanwezige leden over de onderwerpen die voor de eerste vergadering aan de orde waren gesteld, ongeacht het aantal leden dat aanwezig is. 4. Een lid van het bestuur kan zich ter vergadering door een medebestuurslid laten vertegenwoordigen onder overlegging van een schriftelijke volmacht. Een bestuurslid kan ten hoogste één medebestuurslid in een vergadering vertegenwoordigen. STEMMEN Artikel 13 1. De leden stemmen zonder last. 2. Tenzij de statuten anders bepalen, worden alle besluiten genomen volstrekte meerderheid van stemmen genomen. Een blanco uitgebrachte stem geldt als een niet uitgebrachte stem. 3. Over personen wordt schriftelijk gestemd, over zaken mondeling. 4.

Als de stemmen staken bij een stemming, niet een benoeming betreffende, wordt het nemen van een besluit tot een volgende vergadering uitgesteld, waarin de beraadslagingen kunnen worden heropend. Indien bij herstemming de stemmen staken, wordt het voorstel geacht te zijn verworpen. 5. Wordt bij stemming over personen, een benoeming betreffende, de vereiste meerderheid niet verkregen, dan vindt op een door de voorzitter te bepalen tijdstip herstemming plaats tussen de personen die de meeste stemmen op zich verenigd hebben. Indien bij deze stemming de stemmen opnieuw staken, dan beslist terstond het lot. 6. Als een bestuurder direct of indirect een persoonlijk tegenstrijdig belang heeft met de stichting, neemt hij geen deel aan de beraadslaging en besluitvorming en zal het besluit dus worden genomen door de andere bestuurder. Hebben beide bestuurders direct of indirect een persoonlijk tegenstrijdig belang, dan is het bestuur toch bevoegd een besluit te nemen, met dien verstande dat de overwegingen die aan het besluit ten grondslag liggen schriftelijk worden vastgelegd en het besluit voorafgaande instemming van de gemeenteraad behoeft. OPENBAARHEID VAN VERGADERINGEN Artikel 14 1. De vergaderingen van het bestuur zijn niet openbaar. 2. Van een besloten vergadering wordt een afzonderlijk verslag opgemaakt dat niet openbaar wordt gemaakt, tenzij het bestuur anders beslist.

HUISHOUDELIJK REGLEMENT Artikel 15

blad 5

C

O

N

C

EP T

Het bestuur kan een huishoudelijk reglement vaststellen, waarin interne aangelegenheden van de stichting nader kunnen worden geregeld. Het huishoudelijk reglement mag geen bepalingen bevatten die in strijd zijn met deze statuten. VERANTWOORDING Artikel 16 1. Het bestuur brengt jaarlijks aan de gemeenteraad verslag uit omtrent zijn werkzaamheden. Het bestuur besteedt daarbij in ieder geval aandacht aan het beleid ten aanzien van het openbaar onderwijs en het bijzonder (protestantschristelijke) onderwijs in de school. 2. Het verslag wordt bekendgemaakt. COMMISSIES Artikel 17 1. Het bestuur kan al dan niet uit zijn midden commissies instellen, die onder verantwoordelijkheid van het bestuur belast kunnen worden met aangelegenheden die tot de bevoegdheid van het bestuur behoren. Een commissie is verantwoording verschuldigd aan het bestuur. 2. Het huishoudelijk reglement bevat regels voor de werkwijze en samenstelling van de commissies. IDENTITEITSCOMMISSIE Artikel 18 1. Aan de school is een identiteitscommissie verbonden. 2. Bij de samenstelling van de identiteitscommissie is sprake van een evenwichtige verdeling tussen openbaar en bijzonder onderwijs. 3. De identiteitscommissie bestaat uit vier natuurlijke personen waarvan: a. twee personen die worden voorgedragen door en uit de voorstanders van openbaar onderwijs dat deel uitmaakt van de school; b.

twee personen die worden voorgedragen door en uit de voorstanders van het protestants-christelijke onderwijs dat deel uitmaakt van de school. 4. Het bestuur benoemt de leden van de identiteitscommissie. 5. De onder het tweede lid onder a en b genoemde leden, dienen tevens ouder te zijn van een leerling van de school. 6. Personeelsleden van de school of hun partner kunnen niet voorgedragen en benoemd worden als leden van de commissie. 7. Benoemingen vinden plaats op basis van vooraf opgestelde openbare werving- en selectieprocedure en een profielschets. 8. Een lid van de identiteitscommissie treedt volgens rooster, doch uiterlijk vier jaar na zijn benoeming af. Een volgens dit aftredend lid is eenmaal herbenoembaar voor dezelfde periode. 9. In ontstane tussentijdse vacatures draagt het bevoegd gezag ervoor zorgen dat hierin zo spoedig mogelijk wordt voorzien. 10. Leden van de identiteitscommissie ontvangen als zodanig geen bezoldiging, noch middellijk noch onmiddellijk. Zij hebben wel recht op een vergoeding voor gemaakte kosten. IDENTITEITSCOMMISIE; TAKEN EN BEVOEGDHEDEN Artikel 19 1. De Identiteitscommissie van een samenwerkingsschool is belast met: a. het gevraagd en ongevraagd adviseren van het College van Bestuur en de directeur van de samenwerkingsschool over alle aangelegenheden die betrekking hebben op de wijze waarop invulling wordt gegeven aan het

blad 6

C

O

N

C

EP T

openbare karakter en de identiteit van de samenwerkingsschool; en b. het doen van voorstellen over aangelegenheden bedoeld onder a. 2. De commissie adviseert in elk geval over de identiteitsaspecten ten aanzien van: a. de keuze van de lesmethoden; b. de vormgeving van vieringen en dagopeningen 3. In het schoolplan en in de schoolgids wordt vermeld op welke wijze de Identiteitscommissie is betrokken bij de invulling van het openbare karakter en de levensbeschouwelijke identiteit van de samenwerkingsschool. IDENTITEITSCOMMISSIE; SCHORSING EN ONTSLAG Artikel 20 1. Een lid van de identiteitscommissie kan op voordracht van de commissie door het bestuur worden geschorst en ontslagen. 2. Indien een lid van de commissie is geschorst, dient het bestuur binnen drie maanden na ingang van de schorsing te besluiten tot ontslag dan wel tot opheffing of verlenging van de schorsing. Bij gebreke van een besluit als bedoeld in de vorige zin, vervalt de schorsing. 3. Een besluit tot verlenging van de schorsing kan slechts eenmaal worden genomen en de schorsing kan daarbij ten hoogste worden verlengd voor drie maanden, ingaande op de dag waarop het bevoegd gezag het besluit tot verlenging heeft genomen. 4. Het lid van de commissie dat is geschorst, wordt in de gelegenheid gesteld zich in de vergadering van het bevoegd gezag te verantwoorden en zich daarbij door een raadsman te laten bijstaan. 5.

Een besluit tot ontslag wordt niet genomen dan nadat het lid van de commissie over wiens ontslag wordt besloten vooraf de gelegenheid is geboden om te worden gehoord. 6. Een lid van de identiteitscommissie defungeert voorts: a. door zijn vrijwillig of periodiek aftreden; b. door het verstrijken van de termijn waarvoor hij is benoemd, behoudens zijn eventuele herbenoeming; c. door zijn overlijden. IDENTITEITSCOMMISSIE; WERKWIJZE Artikel 21 1. De identiteitscommissie benoemt uit haar midden een voorzitter en secretaris. 2. De voorzitter bepaalt dag en aanvangsuur van de te houden vergaderingen, met dien verstande dat ten minste tweemaal per jaar wordt vergaderd 3. Indien twee leden van de commissie hem daartoe schriftelijk/ per e-mail de wens te kennen hebben gegeven, is de voorzitter verplicht een vergadering van de commissie bijeen te roepen, die uiterlijk tien dagen na ontvangst van het bericht wordt gehouden. 4. De voorzitter roept de leden schriftelijk op voor de vergadering onder toezending van een agenda met een beknopte toelichting van de te bespreken punten 5. De agenda wordt ten minste één week voor de vergadering schriftelijk (daaronder mede begrepen e-mail) aan alle leden verzonden. 6. De secretaris draagt zorg voor de verslaglegging van de vergaderingen. 7. De commissie overlegt periodiek met de directeur van de school en ten minst eenmaal per jaar met het bestuur.

8. De commissie brengt jaarlijks een schriftelijk verslag van werkzaamheden en bevindingen uit aan het bevoegd gezag

blad 7

De commissie mag uitsluitend beraadslagen indien de meerderheid van de zitting hebbende leden tegenwoordig is. 10. Wanneer het in het vorige lid bedoelde aantal leden niet is opgekomen, belegt de voorzitter een nieuwe vergadering, die ten minste één week van tevoren wordt aangekondigd met vermelding van de te behandelen punten. In die vergadering wordt met de alsdan tegenwoordig zijnde leden beraadslaagd en besloten, doch uitsluitend omtrent de op de agenda vermelde onderwerpen. 11. De besluiten worden genomen met gewone meerderheid van stemmen. Over zaken wordt mondeling gestemd. 12. Bij staken van stemmen over zaken vindt behandeling in de volgende vergadering plaats. In geval de stemmen wederom staken, wordt het voorstel geacht te zijn verworpen als het gaat om zaken en bij schriftelijke stemmingen wordt het voorstel teruggenomen. 13. Bij het uitbrengen van adviezen aan de directeur of het bevoegd gezag worden ook eventuele minderheidsstandpunten vermeld en toegelicht. 14. De besluiten en alle andere stukken, die van de commissie uitgaan, worden door de voorzitter en de secretaris ondertekend. IDENTITEITSCOMMISSIE; GESCHILLENCOMMISSIE Artikel 22 1. De directeur of het bestuur reageren binnen twee maanden op uitgebrachte adviezen over de invulling van de identiteit en het openbare karakter van de commissie.

Indien het advies niet of gedeeltelijk wordt overgenomen, wordt dit gemotiveerd schriftelijk meegedeeld aan de commissie. 2. Indien de commissie zich niet wil neerleggen bij het niet of gedeeltelijk volgen van het advies door de directeur of het bestuur deelt het dit schriftelijk binnen een maand mee. 3. De commissie, de directeur of het bestuur kan binnen een maand na de mededeling als bedoeld in het vorige lid een adviesgeschil voorleggen aan de geschillencommissie. 4. Alvorens een geschil in te dienen, zijn commissie, de directeur of het bevoegd gezag gehouden tot overleg gericht op het bereiken van overeenstemming 5. De geschillencommissie bestaat uit één lid dat door de directeur of het bestuur wordt aangewezen en één lid dat door de identiteitscommissie wordt aangewezen. De twee benoemde leden wijzen gezamenlijk een derde lid aan. 6. De leden van de geschillencommissie hebben geen persoonlijke of zakelijke belangen bij het openbaar basisonderwijs op Schiermonnikoog. 7. De geschillencommissie brengt een voor beide partijen bindend advies uit. FINANCIËN EN VERSLAGLEGGING Artikel 23 1. Het boekjaar van de stichting valt samen met het kalenderjaar. 2. Het bestuur stelt jaarlijks vóór één december de begroting met toelichting voor het komende jaar van de baten en de lasten van de activiteiten en vóór één juni het jaarverslag, waaronder begrepen de jaarrekening, vast.

De jaarrekening gaat vergezeld van een verslag van een door het bestuur aangewezen registeraccountant dat, behalve de verklaring bij de rekening, bevindingen bevat over de vraag of de administratie en het beheer voldoen aan eisen van rechtmatigheid en doelmatigheid. 3. Het bestuur zendt binnen twee weken na vaststelling een afschrift van de begroting en het jaarverslag aan de gemeenteraad toe.

C

O

N

C

EP T

9.

blad 8

C

O

N

C

EP T

GESCHILLENCOMMISSIE Artikel 24 1. In het geval een geschil ontstaat over de uitleg van de statuten of over het toezicht op de school kan het geschil worden voorgelegd aan de geschillencommissie, zoals bedoeld in het tweede lid van dit artikel. 2. De stichting kan bij een geschil gebruik maken van een onder de Stichting Onderwijsgeschillen ressorterende commissie om geschillen zoals bedoeld in artikel 17d van de wet te behandelen. 3. De uitspraak van de geschillencommissie is bindend. ERNSTIGE TAAKVERWAARLOZING Artikel 25 In geval van ernstige taakverwaarlozing door het bestuur of functioneren in strijd met de wet neemt de gemeenteraad de maatregelen die hij nodig acht om de continuïteit van het onderwijsproces te waarborgen. STATUTENWIJZIGING; FUSIE/OVERDRACHT EN ONTBINDING Artikel 26 1. Het bestuur kan in een speciaal daartoe belegde vergadering, waarin alle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn besluiten tot wijziging van de statuten van de stichting. Het bestuur behoeft voor iedere wijziging van de statuten de voorafgaande instemming van de gemeenteraad. 2. Wijzigen van de statuten is, voor zover het betreft een wijziging van de regeling van de identiteitscommissie, slechts mogelijk als het bestuur en de identiteitscommissie daartoe gezamenlijk besluiten.

Bovendien behoeft een wijziging van de regeling van de identiteitscommissie de voorafgaande instemming van de gemeenteraad. 3. Het bestuur kan in een speciaal daartoe belegde vergadering, waarin alle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn besluiten tot ontbinding van de stichting. Het bestuur behoeft voor het besluit tot ontbinding van de stichting de voorafgaande instemming van de gemeenteraad. VEREFFENING Artikel 27 1. Bij ontbinding van de stichting is het bestuur met de vereffening belast, tenzij de gemeenteraad anders besluit. 2. Gedurende de vereffening blijven deze statuten van kracht voor zover dat met de vereffening verenigbaar is. De vereffenaars leggen rekening en verantwoording af aan de gemeenteraad. 3. De vereffenaars doen aan de registers waar de stichting is ingeschreven opgaaf van hun optreden als zodanig en van de gegevens over zichzelf die van een bestuurder worden verlangd. 4. Het batig saldo na vereffening wordt besteed overeenkomstig de doelstelling van de stichting, of zal ten goede komen aan een ander algemeen nut beogende instelling met een doelstelling die zoveel mogelijk beantwoordt aan de doelstellingen van de stichting, een en ander als door de vereffenaars te bepalen, voor zover hierin niet reeds bij het besluit tot ontbinding is voorzien. SLOTBEPALINGEN Artikel 28 1.

In alle gevallen waarin de bepalingen van deze statuten in strijd blijken te zijn met de wet, prevaleert de wet. 2. In alle gevallen de stichting betreffende waarin deze statuten niet voorzien, beslist het bestuur.

blad 9

Onder schriftelijk wordt in deze statuten verstaan elk via de gangbare communicatiekanalen overgebracht bericht, waarvan uit geschrift blijkt. SLOTVERKLARINGEN 1. Bestuur Voor de eerste maal wordt benoemd: tot algemeen bestuurslid: @; en tot dagelijks bestuurslid. 2. Besluit tot statutenwijziging @besluit buiten vergadering Tot slot verklaarde de comparant dat van voormeld bestuursbesluit blijkt uit een door alle bestuurders ondertekende verklaring, die aan deze akte wordt gehecht. @statutenwijziging op basis van besluit in vergadering (notulen) Tot slot verklaarde de comparant dat van het verhandelde in gemelde bestuursvergadering blijkt uit de notulen, waarvan een exemplaar/uittreksel aan deze akte wordt gehecht. 2. Instemming algemene vergadering vereniging en gemeenteraad Van de instemming van de algemene ledenvergadering van de Vereniging voor Protestants-Christelijk Basisonderwijs te Schiermonnikoog en de gemeenteraad van de gemeente Schiermonnikoog blijkt uit @, welke stukken aan deze akte worden gehecht. WOONPLAATSKEUZE De comparant, handelend als gemeld, kiest voor de uitvoering van deze akte, waaronder begrepen de inschrijving daarvan in de openbare registers, woonplaats ten kantore van de notaris-bewaarder van deze akte. SLOT AKTE Deze akte is verleden te Dokkum op de datum in het hoofd van deze akte vermeld. De comparant is mij, notaris, bekend.

De inhoud van de akte is aan hem opgegeven en toegelicht. De comparant heeft verklaard op volledige voorlezing van de akte geen prijs te stellen, tijdig voor het verlijden van de inhoud van de akte te hebben kennis genomen en te zijn gewezen op de gevolgen die voor partijen uit de akte voortvloeien. Deze akte is beperkt voorgelezen en onmiddellijk daarna, eerst door de comparant en vervolgens door mij, notaris, ondertekend om

C

O

N

C

EP T

3.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Schiermonnikoog&id=6cc85b1b-e9cc-4b1f-a921-0af72d27beaa