12-05 - bijlage 4 - AVG
Tekst van het document
Apergu l. Oikopbtsis als alternatief De ECD-syllabusis gericht op de analysevan de problemenvan de kwestie-Malthus//err(deel I), waarvan in toenemendemate,vanwegede dynamiekvan de maatschappelijke veranderingen, oplossingenníet zijn te vinden op grond van het paradigmavan de evenwichtseconomie (oikonomos),doordat: l) theoretisch,in de ontologischezin, de economischeprocessenslechts een mechanisfiscftkarakter hebben(deel II); 2) ten gevolge van de mechanistischgeorganiseerde groei in de praktijk de maatschappefijke processenvanwege de grootschaligheiden complexiteit steedsmeer positief worden teruggekoppeld(: instabielergeworden)tenvijl: 3) de analysevan de processengerichtblijft op de korte termijn waardoorde wezenlijke maatschappelijke veranderingenbuiten beschouwingworden gelaten(deel lll); 4) de vraagstukkenvan de kwestie-Malthusl/exÍ, veel meer dan tot in dejaren '70 ("stagflatie"),onderling langdurig met elkaar verbonden zijn, zoals het internationalemigratievraagstuk,de energieschaarsten (tPllt/m [P5], [P6] t/m [Pl0]). Daaromwordt in de syllabusals eendynamischde "klimaatverandering" economischalternatiefhet paradigmavan oikophysisgeintroduceerd, dat is gerichtop het behandelenvan de onderlingsamenhangende problemenvan de korte èn de langetermijn in een habitat;deze komen aan de orde in de delen I, il, lll, IV en V. De vijf Appendicesgevendesbetreffende verdiepingen.
De grondslagvan oikophysisis ontleendaan tenminstenegenverschillendedisciplineswaaraande verschillendeaspectenvan de habitat-terugkoppelingsprocessen van zowel de korte als de langetermijn èn van het strategischdenkenzijn verbonden(m.b.t.Boyle's concept:zie ook het "Ten geleide"): (i) Biologle (Darwin). Het mechanismevan de natuurlijkeselectieis de grondslagvan de evolutie. Elke soort moet zich aanpassenaan zijn habitat om te overleven. <Maar bestaater een specieswaarvan, andersom,de organismen de habitat kunnen aanpassenaan de levensbehoeftenvan de soort?> Het antwoordis bevestigend:in elk geval de mens.In dit geval is er een organismeontstaandat in getal en organisatiegraadis geëvolueerdtoi voÍïnen van een superorganisme,dat zich volledig over de planeet heeft verspreiddoordathet geenspecifiekenatuurlijke vijand heeft (vergelijk App.4, n79). (ii) Ecologie (Wallace/Waddington).De processenvan de natuurlijke selectie(met daarin de voedselketensvan de organismen)vormen de grondslagvan de reguleringvan de natuurlijkekringprocessen van de planeet,waarin elke soort om te overlevenzich moet blijven aanpassenaan zijn successiefveranderendehabitat.De evolutieprocessen wordengekenmerktdoor "kanalisatie"(App. , n86 + nl72). (iii/iv) Fysica/Chemie(Schródinger/Prigogine).
Elk organismeis een dissipatiefthermodynamischsysteem dat om te kunnen vooftleven permanent aan zijn leefomgeving lage entropie ("orde") moet onttrekkenen daarinhoge enffopie("wanorde") doet ontstaan.In zijn habitatscheptde westersemens zich de kortstondigeillusie van de "technischevooruitgang"zonderzich te realiserendat bijgevolg de "arrow of time" (voor de 2l' eeuw: l,5o C-plus? Zie deel IV, nS3a.$2)in de habitatssteedsmeer evenwichtverstorende positíeveterugkoppelingsprocessen veroorzaakt.Zie resp.App .5: n26 + n07. v) Geschiedenis(Braudel,Georgescu-Roegen), opgevatals de "gestoldecoëvolutie".De veranderingvan iederemaatschappijgeschiedtvolgenshet conceptvan "la longuedurée" {t;T}). Zie deelIV, nA05. (vi) Anthropologíe(Polányi). Bij voortduring worden de habitatsin verschillendemaatschappijvormen getransformeerd; daarinontstaatvanwegede onderlingenatuurlijkeongelijkheidper individu (zoalsin TheAnimal Kingdom)onvermijdelijkhet fenomeenvan "dubbelbewegingen". Zie deel V, nC69. (vii) Politicologie (Thucydides/Hobbes/Locke/de Tocqueville).Elke maatschappijvormof habitatondergaat transformatieswaarin het gebruik van macht en machtsongelijkheidplaatsvindt,maar waarin het machtsmisbruik o.a.tot verpaupering leidt (deelI, n0l; deel II, n5l + nl37; deel V, nC70). (viii) Ethiek (Sofisten/Socrates/Plato/AristotelesiStoa/Thiroux).
Machtsmisbruikin een maatschappijkan slechtsdàn worden bestredenindien er tegenkrachtenbestaandie op humanitair-ethische waardenen norrnenzijn gebaseerd.(deel 11.2.2.513; App.l, n200+ n245;n282+ n345 + n400). (ix) Organisatiekunde(KnighVCommons/Simon).ln oikonomosis de grens van het onderzoeksgebied opgerekt tot "de lange termijn" waarin de economischeprocessenslechts mechanistischkunnen worden onderzochtèn, m.b.t. de economischeonzekerheid,conceptenals "cephalization",maar ook "tímeliness","/uturity" en"decisionpremise" ontbreken(deel 1L2.1.$12en deel III.3.3). The Meccaof the economistlies in economicbiologyratherthan in economicdynamics.But biological conceptions are more complexthan thoseof mechanics; a volumeon Foundations must theretbregive a relativelylargeplaceto mechanical analogies; and frequentuse is madeof the term "equilibrium",which suggests something of staticalanalogy.[...] Thuswe beginby isolating theprimaryrelations of supply,demand andpricein regardto a particularcommodity.We reduceto inactionall otherforcesby thephrase"otherthings beingequal":we do not suppose thatthey areinert,but fbr the time we ignoretheir activity.This scientific deviceis a greatdealolderthanscience: it is themethodby which,consciously or unconsciously, sensible men havedealtfiom timeimmemorial with everydifÍ'icultproblemof ordinarylife. Het bovenstaande citaat is van Marshall(1890).
Hij benadrukteervoor zorg te dragendat op de korte termijn in elk geval de economischebegrippennauwkeurigwordengedefinieerd(deel LV.2.3.3.2.2.2).
I059
2A. De kwestie-Mathus//exr in context De reden van de introductie van de kwestie-MathuslVex/,als een bijdrage aan de politieke economie bedoeld voor het ontdekkenvan een "goede orde", wordt in het economisch-historische kader van de maatschappelijke veranderingals volgt gevonden: l. de I ó" ee u w : historischejurisprudentie(Bodin* deel Íl); 2 . d e l 7 ' e e u w : natuurfilosofie(Descartes,Hobbes,Gassendi,Newton, Locke - deel ll) politieke economie(Becher,PetU - deel II); 3 . d e l 8 ' e e u w : moraalfilosofie(G/asgowSchool:Pufendorf,Hutcheson,Adam Smith), Hume, Montesquieu(deelII) politiekeeconomie(Boisguilbert,Cantillon,Quesnay,Turgot, A.Smith - deel II); 4. de 19' ee u w : politieke economie(Klassiekeeconomen:"de vrije markt brengtwelvaart" (Ricardo, J.S.Mill),maar"maatschappelijke instabiliteit"(Malthus,Marx - deel IV. I ); 5. c a.I 870 c a . 1940 de markteconomiein modellengevat: - (i) Neoklassieken: de vrije markt (Walras,Menger,Bóhm-Bawerk,Fischer,Wicksell,Marshall,Pigou- deel tV.l + deel IV.2) - (ii) Keynes:de arbeidsmarktin de macro-economie (deel IV.3). geihcorporeerd Ofjuist geénmechanistischconceptvan de economie,namelijk: - (iii) Institutionalisme:economischverzettegende vrije markt (Marx, Roscher, Schmoller(deel|V.2.3.2)+ Hobson,Veblen,Mitchell,Commons(deel |V.2.3.4). 6. 1939- 1945:WO II ---+politieke splitsingDuitsland(9a9): Bondsrepubliek+ DDR. 7.
ca.l945 - ca.l970: Marshall-hulp (1948) --- wederopbouwen welvaartsontwikkelingvan Westpolitiek (OESO); waarEuropa; EEG (1957) ---+monetaireen sociaal-economische schuwingvan de Club van Rome (1972) tegenonbeheersteconomischegroei (deel I; deel lV.3 ; N aschrift: 2020). (1973, 1979)-' falen Keynesiaanse 8. ca.1970- ca.l980:tweeenergiecrises politiek--* economische economischestagflatie--+ monetaristische "tegenrevolutie"van Friedman:ideologie van de "vrije markt" (deel lV.3); 9. ca.1980- heden:globalisering:de doctrinevan de vrije markt: "de maatschappijals markteconomie" --- de privatiseringvan zoveel mogelijk overheidstaken en toenemendefinancialisatie van de maatschapprj* falend monetairbeleid ---+economischecrises--' failliet van oikonomos(deelV.l + 2). 10.ca.l930 - heden:de "globaliseringvan de markten"gaatna (ca.1980)gepaardmet eenerosievan de westersedemocratischewaardenen norrnen: <fascisme--- democratie--- neomercantilisme -- chrematistiekl{ext--- "the new road to serfdom"> (deel V.l + 2;. 28.
De kwestie-MathusNex/ toegepast In het begin van de 2l'eeuw is, na de welstandsexplosie van de jaren: [980 -20071 in de westerse wereld, de vooruitgeschoven problematiekvan "de langetermijn", voor de komst waarvandestijdsin het Rapportvan de Club van Rome was gewaarschuwd(1972,Aula 500), als een boemerangteruggekeerd:in de vorm van een aantal konsekwentiesvan de schendingvan "the limits to growth", in het onbeheerste procesvan de ceterisparibus-"win/win"-globaliseringvan de vrije markt. Twee ervan,de relatief snelle opwarming van de biosfeervan de planeeten het "plotseling" urgent gewordeninternationalemigratievraagstuk,zijn in een betrekkelijk korte tijd veranderdin politiek-brisante,onderling samenhangende problemenvan de destijdsvooruitgeschoven maar intussenal aflopende"lange termijn" in de habitats. Deze complexeproblemen,is de conclusievan de syllabus,kunnenniet meer "top-down", maarslechts nog op democratischewljzen, d.w.2. langs de wegen van coóperatief denken& handelen,(ten dele) worden opgelost.Daarin zal echterde humanitair-disciplinerende ethiekeen hoofdrol moetenspelen:de nieteconomischefactor: {F2}. Zie Ter introductie;Tengeleide;deel II.3; deel V.3. 2C. Het structuurschema van de syllabus(zie de Index) Traject B
lAt.--A2.'A3*-'A4*A5 | l1
9l
TrajectA
I I 1 . . - I' ll . - t t l * - l V| * l v I
Toelichting:zowel de delen I ím V als de AppendicesI t/m 5 zijn van eindnotenvoorzien;dezezijn verkfarend of opiniërend,ze dienentevens alspointers naardesbetreffendeteksten. NB. Op het onderstaande overzicht(3A) wordt als volgt eentoelichtinggegeven(zie deel II):
I 060
zijn de drie De ontologie(zijnsleer),de epistemologie(kennisleer)en de methodologie(onderzoeksleer) onderzoek;de kernvragenzijn respectievelijk:l) wat ls het?2) wat steunpilarenvan het wetenschappelijk is ervan te kennen?3) hoe is het kenbarete verklaren? Apergu.3A Een kort overzicht voor degenedie de weg naar Lárisa is kwijtgeraakt: oikonomos (economie)
oikophysis (ecodynamica)
omschrijving:"ingeblikt"
omschrijving:"vrije uitloop"
processenin: {t;T} processenin: (t) ontologie:evolutionistische ontologie:mechanistische object:accentop het "worden" (Heracl.) object:accentop het "zun" (Parm.) (in)stabiliteit(dynamisch) proceskenmerk: proceskenmerk:evenwicht(stationair) epistemologie:het object is kenbaar zondercontext aardprocessen:economisch;ceteris paribus-marktkrachten
epistemologie:het object is kenbaarslechtsin context aardprocessen:Ssisch/chemisch/biologisch/ecologisch; en (terugkoppelingen) interactiesvan (super)organism
methodologie:methodologischmutualisme;empirie, methodologie:method.indivídualisme; analogie,inductie,deductie;toetsing + {Fl; F2; F3} logos; deductie(+ inductie) & bifurcaties hypothese:mechanismen;"kantelpunten", hypothese:interacties;coëvoluties;successies verandering:vier soorten(kinèsis:Arist.); aanpassingsverandering:kwantitatief; prijsmechagedrag nisme statistiek,wiskunde discipline:o.a. natuurwetenschappen, discipline:wiskunde(+ statistiek) niet-lineair model: opennetwerken; model: gesloten,gelineariseerd analyse:lange + korte termijn; rekenwerk+ /CZ-simulatie analyse:korte termijn (KT); rekenwerk ten dele mogelijk; multidisciplinair probleemoplossingen: beschikbaar probleemoplossingen: voorspelling:meestalonmogelijk voorspelling:"nauwkeurig" organisatie:corporatie;besturing beginsel:individueelvoordeel doel: economischegroei beleid: hiërarchisch bestuur:management cultuur: machiavellisme;opportunisme ing: "de markt" arbeidsverdef gedragsmotief:hebzucht;socialestatus gedrag:(a-)(im-)moreel;legalistisch; gemakzuchtigen kortzichtig structuur:grootschaligheid resuftaat:"evenwicht"; ceterisparibuskostenefficiëntie;ongelijkheid
organisatie:(kunstmatig)organisme;zelforganisatie beginsel:mutualiteit;symbiose doel: duurzaamheid beleid:"van onderop"+ "hoger" (indien nodig) bestuur:gezamenlijkbeheer;verantwoordleiderschap cultuur: wederzijdsverffouwen;ook sffategischdenken coóperatie* concurrentie arbeidsverdeling: contact! gedragsmotief:overlevingsdrang;7Jlsieksociaal gedrag:moreel;rechtmatig;habitat-betrokken en langetermijn-gericht (la longue durée) structuur:zoveelmogelijk kleinschaligheid resultaat:(in)stabiliteit;effectiviteit+ entropie-efficiëntie; (on)gelijkheid
kritischeburger; maatschappij:aanpassingsbereidheid maatschappij:door geld gedreven"lk"; (z)app-afhankelijkheid weerbaarheiden volharding grondslag:"vrije democratie";Thucydides' grondslag:democratiein zelfgekozengebondenheid dictum habitat:ecoceen habitat:chremaceen cultuur:genesis;afdanken* "vernieuwen";cultuur:genesis+ (epi)genetica;reparatie+ aanpassing; en irreversibiliteit;onverschilligheid;accent (ir)reversibiliteit;tolerantie;accentop gemeenschap structuren op individuenen incidenten ideologie:leefbaarheid;humaniteit;biodiversiteit ideologie:materiële"vooruitgêng"; ing" "duurzaamheid"/"vergroen nafuur:systeemvan interactieveecologischesystemen natuur:grondstoffen* energiedragers; van interactieveorganismen;habitats afvalstortplaatsen;leefruimte beheer:ecologischeweerbaarheid(natuurlijkevijanden) middelen;wabeheer:(petro)chemische ter-, lucht- en bodemvergiftiging van entropie-onbalans géénenergie,water, tolerantiegrenzen'.lagehoge tolerantiegrenzen: levensmiddelennochexistentieruimte (a)biotischeregelsystemen;THW kloktijd (t); habitat-àiotijd(T) kloktijd (t) tijd: (quantum)mechanische tijd: (quantum)mechanische
1061
S c h e m a1
De weg naar lárisa: "de langetermijn"
"de lange termijn": scenario's
Ter introductie
____) Science 2005 2030 I l___________ I I nogonjuist?> I via "reizendoordetunnel" < "goede orde"?> | <Malthus | |
Brief oon de Lezer Ten geleide
I-------------------------I
deel I App.1
g é e nd u u r z a a m h e!i d
f
í I I I
l ------------------------|
deelV.2
| ------------------------|
deelI deeltt deetl l
----){ [Ql; lK2];tK3l] ----+ oikonomos ----) lchrematistiekNexf I l
..t {[P1];
I i ndi vi dual i tei t
KT
;[P10]]
m o m e n t a n ev e r a n d e r i n g
tT
Schema2
____){lKll; lKz);tK3l) ----) oikophysis-------){ FL;F2;F3I
S c h e m a3 a
t
S c h e m a3 b
I I
o mutualiteit
" la longue duréé":
kwestie-MalthusNext 2005
t----------I |
o
kwestie-MalthusNexf 2030
Schema2
bemonstering
o
deelV.3
"goedeorde" realiseerbaar
IA62
Schema2
"De langetermijn" m.b.t. de kwestie-Malthus/Vext
problemen(oikonomosl: Tienonderlineniet-structureel eekoppeldemaatschappeliike ttl
t-----------l I Px
in Schema1 (de kortetermijn:KT): I = Pxonderceterisparibus-voorwaarden:[Q]
t----------l
tal P2P3
P 1P 3
P1P2P4P5
P3P5
- -------l t--------------------lt--------------------lt-------------------t-------tll ll lttl lPlllP2llP3
P3P4
- ---l t- ----------
lP4llPsl
l-----------------lt-------------lt------lt--------------------lt--------------------l P7 P8 P9 P1O
P7 P8 P9 P1O
P6 P7 P8 P9 P1O
P6 P7 P8 P9
P6 P7 P8 P9
P3P4P5
P1 P2P3 P4P5
P1P2P3P4P5
P1P2P3P4P5
P1P2P3
t------------------ll-------------------lt--------------------lt-------------------lt----------------l
rrtttttttt
lP6llPTllPsllPellPlOl t-----------------lt----------------lt---r----------------lt--------------------lt-------------------l P7P8P9P1O
P6P8P9P1O
P6P7P9P1O
P6P7P8P1O
P6P7P8P9
àf: De kwestie-MalthusNext: tien onderlinsstructureelverbondenmaatschappeliike problemen: Pv
t------l I
Px I = Px is structureelverbondenmet Pyen Pz: [K1]in Schema1 (de langetermijn:LT):
l----------l Pz Structureleoverbevolking, of het eerstevraagstukvan de onomkeerbaremaatschappelijke instabiliteit(Malthus'dictum). Relatievemaar ook absoluteschaarstevan water, voedingsmiddelen, grondstoffenen leefruimte,of de energiedragers, implicatiesvan de TweedeHoofdwetvan de thermodynamica. of het vraagstukvan de efficiëntefysiekeproductieen distributievan de middelenvan bestaanin de [P3] Inkomensvorming, economischekringloop. of het vraagstukvan de onbeheersteprijsvormingvan de producten. IP4] Geldontwaarding, of het vraagstukvan een onrechtvaardigbevondenverdelingvan het in geld gewaardeerde IP5] Inkomensongelijkheid, maatschappelijk product (Thucydi des'di ctu ml. of de implicatiesvan Thucydides'dictum. IP6] Toenemendevermogens-en machtsongelijkheid, of het vraagstukvan de individueleverpaupering. lPTl ïoenemendestructurelewerkloosheid, ontwikkeling,of het vraagstukvan de toenemendeindividuelesocialeonvrijheid. lPSl Versneldetechnologische (!1, of de problematiekvan de socialeen politiekedesintegratievan de [P9] Toenemende"negatievemarktexternaliteiten" maatschappij. (21,of de problematiekvan de desintegratie van de natuurlijkeecosystemen IP10] ïoenemende"negatievemarktexternaliteiten" [P1l [P2]
Zie deel1.2
1063
Schema3a
factoren:{F1; F2;F3I "De langetermijn" m.b.t. de niet-economische F1a. Nofuurlijke regelsystemen ["aandrijving"] ïweede Hoofdwetthermodynamica(THW) lage(of negatieve)entropie(Schródinger) App.4;App.5
t------------------l F2. Populotiedieren ["besturing"] (Darwin,Wallace) Leiderschao: machtsongelijkheid status (alfa-mannetje/vrouwtje) A p p , 4 ;A p p . 5
FLa
t------------------l t
t--------t lF2
F3.
|
t--------l o
Populotie dieren ["verkeer"] Hobitat:"materiein beweging"(Boyle'sconcept) concurrentie& coóperatie}; {predatie,parasitisme, biodiversiteitt; de Aarde als de veronderendehabitaU per saldonegatieveterugkoppeling; massa-extincties; A p p . 3 ;A p p . 4 ;A p p . 5
+ F3
< 205 mln jr (na ïrJ-extinctie);productievan lage (of negatievelentropie(F1a) Noodzakelijk ecologisch"gedrag"van zoogdieren:
Sch em a3b
Ftb. Ab i otisc he/b i oti sch e re g e I system e n TweedeHoofdwetthermodynamica(THW) hoge (of positieve)entropie(Prigogine) d e e ll l l ; A p p . ; A p p . 5 F2.
Populatie mens (Thucydides' Leiderschap: Sch.3a + machtsmisbruik dictuml stotus;autonomie,autocratie,hybris A p p . 1 ;A p p . 2 ;A p p . 3 ;d e e ll l
I------------------------|
F3.
Populotie mens (Boyle'sconcept) Habitat:terugkoppelingsprocessen
F2 F1b
t. natuurlijkeregelsystemen(zieSchema3a:{. . . & .}) biodiversiteitO 2. lmens;orgonisatie;superorganisme) m a s s ao: n b e s t e n d i g h e iddi;c h t h e i df ; c o m p l e x i t e ift ; gedragf ; wetten, regelsf ; individu:mechanistisch
f
f I I
I I
..t
o
opgeslotenin netwerken f ; per saldo positieve terugkoppelingt App.3;App.4;App.5;delenI t/m V
F3
< 206 mln jr (na Tr-J-extinctie); productievan lage(of negatieve)entropie(F1a); Noodzakelijkecologisch"gedrag"van zoogdieren: Economischgedrag < 220 jr: productievan hoge (of positieve)entropie; <40 jr: versneldeproductievan hoge entropie (F1b).
1064
Schema4
Eenecologisch-economisch oplossingsmodel m.b.t."de langetermijn,,:{Fj.;F2;F3l
1. "KLIMMWERANDER|NG"(lees: de verhitting van de biosfeer)----à < watis ,,ktimaat?,, >
+O
f
I
gevolgenvoor de habitats
d e e l l ; A p p . 5 . 1A . ;p p . 5 . 5
E C
-------------) 2. Uitstoot van broeikasgaspartikels
Cez,CHt,NO,, etc.
A p p . 4 . LA ; p p . 4 . 2A ; p p . 5 . 1A ; pp.5.4
o4. N
o M
3, Energiegebruik ) êntropiepÍoductiê: {F1-Fla+ Flb } in EcD-syllabus )
andeÍefysica;chemie, App.5.2 {thermodynamlca;
l,Í.
<Hz?>
t J
---) 4. Energiedragers
{fossiel=jtock;niet-fossiel=duunaam:tow} ___-)
energievoorziening
11 |
;
___à energiecrisis energieschaarste
ll 5. Energie---)
C
f
---+ voedselketens levensvormen
gedraglevensvormen: { F1;F2,F3}
(energievoorzieningen in de habitats:Jtop)
I
O
I
I
t
i
|
G I
*-J 6. levensvormen
metabolismen levensvormen (energiegebruik)
I
Ei
|
V
App.4.3;App.5.4
I V
{natuurwetenschappen; socialewetenschappen} ethjek} {economie;
i
i
|
deelI
r
E
O
App.5.3
J
deeltl
deten t, tV,v; tl
J
App,4.3
|
de noodzaak van RADICAIEGEDMGSVERANDERING
|
(coóperatie:per saldonetatieveterugkoppetang vereist)
lf --) 7. Evolutie ---) levensvormen
Darwin,Wallace*-)l
npp.+.3;App.4.5;App.4.6
I
1 (empirie)
I
i 8. tEvEN -)
eengeschiedenis vande Aardealsde habitat-à { fitosofie;religieF-) I
{non-empirie}
App.l; App.2;App.3
v "de langetermijn"m.b.t.het enerSiegebruik:
deell; deeltV
o "gedrag"< 206 mln jr (na [Tr{-extinctie);productievan lage(of negatieve) Ecologisch entropie(Fj.a);
App.5.4
Economisch gedrag< 22ojr: productievan hoge (of positieve)entropie;<40jr: versneldeproductie (Flb).
App.5.2
Teríntoductie i Íen geleide, --t coëvolutie-) ioNToLoGlE | IKU: { "zijn"/"worden"}
KILT
kwestie-Malthus/vext
kennen&kunnen
I
-à complexiteit -) reorganisatie dynamische systemen -) GEDRAGsvERANDERING i habitats lFtj tZ) F3t wi en
R.A.Toussaint, 2018
1065
Apergu.38 Een kort overzichtvoor wie in het maatschappelUk verkeerde natuurwetenschappelijke kennisnegeert. I . Ruim eenjaar na het uitbrekenvan de Covidl g-pandemieworden wereldwijd plaatselijkebevolkingen geconfronteerdmet grote wateroverlastèf met hevige bosbranden.Dit laatsteis niet ongewoon,maar de versneldefrequentie,grotere intensiteiten toenemendeschaalgroottevan deze beide fenomenengedurendehet laatstedecenniumdoen vermoedendat deze processenonomkeerbaorzijn gewordenen dat de oorzakenhiervan hoofdzakelijk te vinden zijn in de problematiekvan de zogenoemdeklimaaverandering (of correcter:in de verhitting van de biosfeer zoals deze thans zich op de planeet manifesteert).Om oplossingenvoor deze problematiekte realiseren,moetentenminstevier vragenworden beantwoord:l) Hoe wordt "het klimaat" gedefinieerd?2) Hoe is de klimaatveranderingontstaan?3) Welke veranderingen zijn in de habitarsdoorslaggevendgeworden?4) hoe kunnen in de habitatsoplossingenworden gevonden? 2. Geofzsischkan het "klimaat", aÍhankelijkvan de planetairezonnestand,kortweg worden aangeduidals het geheelvan "materie in beweging";d.w.z.
gedefinieerdals het geheelvan de permanentaangedreven interactiesvan hoofdzakelijk de drie thermodynamischefactoren: {atmosf-erische druk; luchtvochtigheid; temperatuur) met enerzijds de gassenen deeltjes in de atmosfeer en anderzijds met het reliëf van de planeet (de oceanen,de ijsvlakten,en het vaste land: bergen en dalen, vulkanen en meren, bossenen rivieren,etc.). Het "klimaat" omvat dus ook de habitatsvan de mens in zijn "natuurlijk milieu", die gedurendevele duizendenjaren wereldwijd zeer geleidelijk zich ecologischhadden ontwikkeld; het "klimaat" wordt aldus gedefinieerdals het leeftlimaat. Daarin ontstondengrote veranderingentoen vanaf ca.l760 in West-Europadankzij de stoomtechnologiede Industriële Revolutie in beweging kwam, die grootschaligheidvan de economischeactiviteitenmogelijk maakte.Omstreeks1800 was in die periode van 40 jaar dankzij de voortdurendvernieuwendewijzen van de productie en de distributie van de middelen van bestaande wereldpopulatieaangegroeidmet 200 mln. mensen tot ongeveer I mld. bewoners(zie de hypothesevan Malthus:deel I en deel IV.l).
De processenvan de soms rigoureuzeveranderingenvan de menselijkehabitatsin "de langetermijn" resufteerdenvanwegehet toenemendeenergiegebruikgaandewegin de thans "waardevrij" gekozenterm: "klimaatverandering".De klimaatveranderingis dus niet alleen ontstaandoor datgenewat gewoonlijk zich afspeelt"boven ons", maar vooral door wat langdurig eerderin de habitatszelf gebeurde. 3. De derdevraag is minder eenvoudigte beantwoorden.Van oudsherwordt het ecologisch-economisch gedragvan de mens naastzijn dagelijksestrijd om het vooftbestaan,in "de langetermijn" beheerstdoor drie evolutionaire voortgangsprocessen: {"aandrijving"; "besturing"; "verkeer"\ . Zie Ter introductie. Pas in de afgelopentwee, drie eeuwenwerd het economischhandelenvan de mens in toenemendemate bepaalddoor mechanistischgewordenpositieveen negatieveterugkoppelingsprocessen van de habitats, die desondanksnog geruime tijd, min of meer, in een "algemeenevenwicht" konden blijven bestaan. Maar doordat vanaf ca. 1850 de wereldbevolkingsneller begon te groeien,werden de activiteitenvan "vraag & aanbod"steedsgrootschaligeren dominanter.Doorslaggevende veranderingenvan de habitats ontstaanechter pas in perioden van marktliberalisme, waarin de sturende& coórdinerenderol van de overheid systematischwordt teruggedrongen(zie de historischelessenvan K.Polányi: deel V.2).
Met name in de periode [1980-2020]zijn de stabiliserendesysteemterugkoppelingsprocessen van de habitats steedsmeer uit balansgebrachtdoor de expansievemechanismenvan "de vrije markt". In deze periode nam de complexiteit van de habitatsexplosief toe ten gevolge van de roep van de politici om meer materiëlewelvaarten dus om méér economischegroei. Zie Tengeleíde.l. Maar langs deze weg wordt niet aangetoonddat "klimaatverandering" wordt veroorzaa,ttdoor economische groei. Wat ontbreekt in de redeneringis de toepassingvan de methodologischedeductie.Vereist zijn hier: l) een analysevan de economischegroei van de habitatsen 2) een natuurwetenschappelijke verklaringvan een causaalverbandvan de menselijkehabitatsmet enerzijdsde drie hier bovengenoemde thermodynamischeklimaatfactorenvan de planeeten met anderzijdshet "natuurlijk milieu" (d.w.z. het geheelvan de natuurlijkeeco- en regelsystemen) als het supplementvan de habitatsin het reliëf. 4. Nadat voor het vinden van oplossingeneeninductief verbandis gelegd(statistisch-positieve correlatie) tusseneconomischegroei en "klimaatverandering" is het verstandigom zich te bezinnenop de betekenis van "de economie" zelf; d.w.z.
enerzijdsop het economíschdenkendat vooraf gaataan het economisch handelenen anderzijdsop de economischepraktijken die het leven van de mens en het lot van "het natuurlijk milieu" zijn gaanbeheersen(de grondslagenvan dit denkenzijn te vinden in deel II).
1066
In theoretischopzicht blijkt een fundamenteelverschil te bestaantussende methodiek van oíkonomosen die van oikophysis.Om te beginnen,beffeft dit verschil: de ontologie (zie verderAperEu.3A+ Schema4). Wat beffeft "de lange termijn" zijn de gebrekenvan oikonomosuitgebreidbehandeldm.b.t. de kwestieMalthusNexrin deel III en samengevatïn Ten geleide.2. Hier wordt de ceterisparibus-grondslagvan de neoklassiekeeconomie slechtsgeconfronteerdmet het probleem van de "klimaatverandering", dat voor wordt gelicht. dit doel uit de kwestie-MalthusNexr 'oklimaat" Hoewel als leeftlimaat eenveel complexer begrip is wordt, in het kader van het marktdenken en dus voortdurend op de korte termijn gericht, het fenomeen van de "klimaatverandering" slechts opgevat als een zelfstandige"negatieve marktexternaliteit" (F.M.Bator, 1958), die hoofdzakelijk wordt veroorzaakt door de uitstoot van het COz, die op zijn beurt in "de markt" dient te worden geinternaliseerd: via het prijsmechanisme,opgelegdeheffurgen àf afgedwongenquoteringen- "de markt" gaat immers alleen over producten,prijzen, hoeveelhedenen productiefactoren;niet over de mensen,dieren en plantenin situ. Een uitgebreidebeschouwingover de westerseeconomischegroeitheorieënis te vinden in deelI V . 2. 3. 7 . Ten tweede blijken de economischepraktijken altijd opnieuw weerbarstigte zijn, zoals o.a.
de Update van de Club van Rome laat zien (2005) - per saldo neemt de uitstoot van COz verder toe (zie Ten geleide.3). Bovendien komen ook andersoortigebroeikasgassenin de atmosfeer terecht, die met de gegeven drie thermodynamischeklimaatfactoren interageren.Voor andere oplossingenwordt dit soort vraagstukken,maar dan wèl onder de regie van het grootschalige bedrijfsleven, "uitbesteed" aan de - zelf zijn de aanhangersvan het neoklassieke"algemeen evenwichtsmodel" van natuurwetenschappen oikonomosvanaf 1980 in toenemendemate zich gaanbedienenvan modellen van de bedrijfseconomíedie worden ondersteundmet macro-economischeeconometrie(TINA!) en die gepaardgaan met wijblijvend marketing-geneuzel,zoals bijvoorbeeld wat betreft het concept:"duurzaamheid" of de "vergroening" van de economie. Het "zijn"-mechanisme van "Vraag & Aanbod" (werkzaam in de kloktijd t van oikonomos) is niet alleen onbruikbaar voor wat betreft de regulering van de momentaneinteractiestussenwat "boven ons" gebeurt en wat zich afspeelt in de habitats.Ook heeft de conventioneletheoretischeeconomie m.b.t. de oplossingenvan "de lange termijn" in de habitats weinig meer te bieden dan de scenario'svan het bedrijfsleven"via het reizen door de tunnel" (Apergu,SchemaI ). Aldus houdt de multiplex-ondernemer Bill Gates in zijn laatsteboek (2021, ch.
ll) ons zelfverzekerdvoor dat de redding nabij is, indien voor het uitvoeren van zijn oplossingende "lange termijn" wordt opgerekt van 2030 tot 2050 om de tijd te hebben om allerlei nieuwe, maar ook zeer riskante en grootschalige,technologieënte bedenken en te ontwikkelen (met wèl'oifs", maar geénR&D&D!) om de door hem aangekondigde"Climate Disaster" af te wenden. Ook in zijn boek wordt het fenomeen van de klimaatveranderingvereenzelvigdmet de uitstoot van de broeikasgassen die moet worden gereduceerd"naar nul". In dit ceteris paribus-denkenwordt dus geen rekening gehouden met de gevolgen van deze toekomstige "top-down" geselecteerde technologischeprojecten voor de menselijke habitats (en ook dus niet voor het "natuurlijk milieu"). Bovendien wordt in dit boek bijvoorbeeld buiten beschouwinggelatendat, vanwegede interactiesvan de drie klimaatfactorenmet het reliëf, de Lï/armeGolfstroom langs West-Noord-Europaintussen in kracht afneemt(W.H.Calvin,The Atlantic Monthly, January,1998). 5. De relevantie van oikophysism.b.t. "de tijd" in de habitats wordt hier toegelicht met een opmerking van een Taliban-vertegenwoordigerwat betreft de chaotischgeworden situatie in Kabul: 'Jullie westerlingen hebbende horloges (t), wij hebbende tijd (t;T)".
Doch als de grondslag voor oplossingenvan de verandering van het hier geherdefinieerdebegrip "klimaat" wordt hier verwezen naar het evolutionaire concept van "the arrow of time". Dit manifesteertzich permanentals de transformatievan de lage in de hoge entropíe(ÁperEu.l), die niet alleen zich ophoopt in de broeikasgassen die heengaannaar wat "boven ons" is (thermischevervuiling) maar die ook overal in de habitatsvan de mens in zijn "natuurlijk milieu" cumulatief terecht komt als de uitstoot van "gevaarlijke stoffen" - al dezeflows zijn vormen van de ontwaarding van de gebruikte "materie in beweging" in de habitats(zie Bríef aan de geachtelezer). Want ook in de wereld van "de economie" bestaatgeen energetischperpetuum mobile, zoals in 1824 al door de FransenatuurkundigeSadi Carnot experimenteelwerd aangetoond(App.a.2 en App.5.2). Het causale verband tussen de economischegroei en de klimaatveranderingwordt in twee stappen verklaard. (i) Zonder energiegebruikgeen economischeproductie, maar zonder economischeproductie geen economischegroei (^Q); (ii)) energiegebruik(ÀE) impliceert entropieproductie(AS) en de entropie(AKL). En uit (i) en (ii) volgt: IAQ * AE--- AS--- AKL]. productieimpliceertde klimaatverandering 6.
Aldus kunnen oplossingen voor de reductie van de klimaatverandering langs drie wegen worden verkregen:via: 1) de reductievan de economischeproductie (^Ql); 2) de reductie van het energiegebruik (AEJ); 3) de reductievan de entropieproductie (ASl).
1067
De optie voor de eersteweg is na de stagflatie-periodevan de jaren '70 gedurendede afgelopenveertig jaar systematischgeblokkeerd,ondanksde rapportagesvan de Club van Rome en de natuuronderzoekers (zie Naschrift). Onder het onwrikbare neoklassiekemonetaristisch-economische bewind van de ECB vanaf 2008 zal in de EU het sffeven naar economischegroei ongetwijfeld worden voortgezet. De meeste politici en economenhebbenimmers weinig behoefteom m.b.t. de beloofdemateriëlewelvaartsontwikkeling hun achterbanresp. clientèle teleur te stellen. Totdat een nieuwe krediet-crisis uitbreekt (zie Ten geleide.5). Ten tweede was, weliswaar vanwege het Klimaatakkoord van Parijs aangepastmaar onder hetzelfde monetaristischeregiem gebleven,gekozen voor het traject van de energietransitiewaarin geleidelijk de benutting van de fossiele voorraden energiedragerswordt vervangen door grootschalige wind- en zonenergie.
Doch daarbij wordt onderschatdat niet alleen vanwege de positieve energie-elasticiteitvan de economischegroei de elektrificatie van de maatschapprjeen energieverslavendeffect heeft (zoals meér cryptocoins!); ook leidt een groter beslag van zonnepanelenen windturbines, op het land of in zee, tot verdere beperkingenvan de productiecapaciteitvan de algemenemiddelen van het bestaan.Er ontstaat afduseen nieuw dilemma in de habitats:het ontstaanvan absoluteschaarsten!Of andersgesteld:het is mogelijk dat wat betreft de veronderstelde1-dimensionale"klimaatverandering"de thermischevervuiling tijdelijk "naar boven" wordt gereduceerd;het is echter zeer de vraag of langs deze weg de materiële entropieproductiein de voÍïnen van chemischevervuiling en vergiftiging van de habitatszal worden verminderd.Totdat een energiecrisisuitbreekt die verder strekt dan in de jaren '70. 7. Het fundamenteleverschil tussen oikonomos en oikophysls,uitgedrukt in "the ercow of time", wordt bepaald door het concept van de onomkeerbaarheid,dat zich manifesteert in het "worden", zoals de sffaling van het zonlicht in vacuo en de productie van entropie in de habitats- onomkeerbaarheidis de essentievan de (co)evolutieprocessen op de planeet.Langs de derdeweg wordt in de energietransformatie de entropie-productierechtstreeksbeperkt.
Ook om die reden is in de syllabus "de weg naar Lárisa" geihtroduceerd.Oplossingenverlopen in fwee stappen:allereerstin de toepassingvan natuurkundig denkenen vervolgens,daaropgebaseerd,via een alternatieveorganisatievan de elektriciteitsproductie. De reductie van de hoge entropie berust op het natuurkundig-theoretischebeginsel van de entropiereversibiliteit (of: de "entropischecirculariteit",App.S, n16). De redeneringm.b.t. de toepassingvan de energetische kringloop-simulatie in de habitats is daarbij als volgt. Er is geen reductie van de entropieproductiezonder systeemreversibiliteit, (zon-energie)vereist de maar de systeemreversibiliteit wederkerigheid van de lokale energiebedrijven in hun netwerken en de kleinschaligheid van de energietransformaties: [DC**DC]. Maar daardooris de optie van de entropiereductievia de grootschalige elektriciteitsproductietheoretischuitgesloten vanwege: [DC.'AC). Zie App.5, n23. Toch zullen de multinationale energieleveranciers, zoals Shell, uit puur eigenbelangffachten in "de economie" deze oplossingte blokkerendoor, zoals eerderhet geval is geweest,o.a. desbetreffende particulierebedrijfles op te kopen en te liquideren. Deze praktijken zijn m.b.t. de periode [ 980-2020] ook in andere economische sectoren toegepast: "lll fares the land" (T.Judt).
De westerse burger wordt in het neomercantilistischekader van de economischegroei door de overheid vanzelfsprekend"vnj" gelaten in zijn consumptiedrang, maar in zijn arbeid wordt htj gaandeweg opgejaagd door het regiem van de mechanischekloktijd (zie deel III, n36 + tekst) en door de digitale algorithmenvan het grootschalige bedrijfsleven(maarook in de publiekesector),dat zelf streeftnaarhet eigenvoortbestaan. Zie deel V.2. 8. Voor de realisatie van oplossingenis het antwoordhierop: de tweedestap,d la Galbraith (1952: deel III.3), via de ontwikkeling van tegenmachtin de maatschapprj,in de vorm van productiecoóperatiesdie, op grond van het beginsel van wederkerigheid en dus vrijwillig "ven onderop" gevestigd,de basis voÍrnen voor de noodzakelijke gedragsveranderingin het maatschappelijk verkeer. Het lange tljd verwaarloosdeonderwerp van de "tegenmacht" is systematischeerder in de syllabus behandeldvoor het vinden van oplossingenvan de kwestie-MalthusNerrals geheel:in deel I, in deel V.3 en samengevatin Tengeleide.6. Wat betreft de problematiekvan "de klimaatverandering"zal aldus de reductievan de thermischeèn materiële entropieproductiehet meest efficiënt en effectief worden uitgevoerd indien voor de uitvoering van een ecologisch-economischbeleid de drie evolutionaire factoren: {"aandrijving, besturing en verkeer") resp.
{Fl; F2; F3}, tezamen in de habitats in beschouwing worden genomen, volgens de methodiek van oikophysis.ln dat kader bezien zal vermoedelijk alleen adequaat leíderschap,verbonden aan de factor {F2}, de doorslaggeven. Dit heeft grotendeelsontbroken: in het nemen van preventiemaatregelenm.b.t. de veranderingvan het leefklimaat maar ook in de bestrijding van de Covidlgpandemie. Zie het N qwoord. 9. Het moge duidelijk zijn gewordendat wat betreft "de klimaatverandering"reedsvele decenniageleden "het investeringsklimaat"haalcsis komen te staanop het leeftlimaar (het oikonomoslhabitat-dilemma). t,augustus202I
1068