CConstaterende datSchiermonnikoog
Koppel je AI →
Document · PDF

07 - Bijlage 2 toelichting effecten meicirculaire 2021.pdf

Raadsvergadering 6 juli 2021, gemeente SchiermonnikoogBij agendapunt: Meicirculaire1.796 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage: toelichting op effecten meicirculaire 2021

1. Plafond BTW-Compensatiefonds Het BCF-plafond bedraagt € 3,162 miljard voor gemeenten in 2020. Als de gezamenlijke declaraties onder het plafond blijven wordt het verschil in het gemeentefonds gestort. Bij overschrijding van het plafond volgt een uitname. Het plafond muteert jaarlijks met het accrespercentage. Door de bevriezing van het accres in 2020 en 2021 is het plafond in die jaren ook gefixeerd.

2. Overige ontwikkelingen uitkeringsfactor (o.a. afronding) 3. Accresontwikkeling in mei 2021, ujr 2022 t/m 2026 De voeding van het gemeentefonds als gevolg van de methode ‘samen de trap op en samen de trap af’ wordt het accres genoemd. De accressen 2020 en 2021 zijn vastgeklikt op het niveau van de meicirculaire 2020 ter waarde van respectievelijk € 1.240 en € 1.030 miljoen. Dit om rust en stabiliteit te creëren tijdens de corona-pandemie. Er vindt dus geen afrekening plaats. Anders dan in de septembercirculaire 2020 zijn deze keer de accressen vanaf 2022 bijgewerkt. De bedragen zijn structureel en cumuleren. In alle jaren zijn de lagere accressen volgens de circulaire het gevolg van lagere loon- en prijsontwikkeling dan tot nu toe aangenomen. Vanaf 2023 is het accres neerwaartse bijgesteld als gevolg van lagere rentelasten en lagere EU-afdrachten. 4. Ontwikkeling uitkeringsbasis 5. Hoeveelheidsverschillen Bij het begrip ontwikkeling van de uitkeringsbasis praten we over de mutaties van de landelijke aantallen inwoners, woonruimten, leerlingen, uitkeringsgerechtigden, WOZ-waarden enzovoort. In de veronderstelling dat het te verdelen bedrag niet toeneemt als de hoeveelheid (Q) stijgt, dan zal per maatstaf het maatstafgewicht (P) evenredig moeten dalen.

Dat is een ingewikkelde methode en daarom wordt vaak gekozen voor een eenvoudiger oplossing, in casu, de daling van de uitkeringsfactor. In de meicirculaire zijn de nieuwe ramingen verwerkt van de ontwikkeling van de uitkeringsbasis door actualisatie van de raming van de volumina van de verdeelmaatstaven. Omdat het totaal landelijk te verdelen bedrag gelijk blijft, zal bij een stijging van de aantallen de uitkeringsfactor dalen. Recentelijk zijn voor de maatstaf medicijngebruik drempel de definitieve cijfers 2019 door Vektis geleverd. Hierdoor is de definitie van deze maatstaf gewijzigd, waardoor er structureel meer geld wordt ontvangen voor deze maatstaf.

Taakmutaties 6. Aanpak problematiek jeugdzorg: verdringing en lichte jeugdzorgproblematiek 7. Aanpak problematiek jeugdzorg: wachttijden specialistische jeugdzorg Het nieuwe kabinet zal een besluit nemen over extra compensatie. In de tussentijd is eind april over het eerste onderwerp een akkoord bereikt tussen VNG en rijksoverheid over een extra compensatie van € 613 miljoen incidenteel in 2021, bovenop de € 300 miljoen die eerder al verstrekt is. Van de extra compensatie zal € 493 miljoen via het gemeentefonds lopen. De rest ad € 120 miljoen via specifieke uitkeringen (zgn. SPUK’s). Hierbij praten we over uitbreiding van de crisiscapaciteit en het verbeteren van accommodaties. Deze compensaties worden verstrekt aan een beperkt aantal gemeenten of jeugdzorgregio’s. De compensatie via het gemeentefonds betreft: • • • •

Vormgeven consultatiefunctie ggz, tegen gaan wachtlijsten bij lichtere jeugdhulpproblematiek en tegengaan verdringing van andere uitgaven bij gemeenten, € 228 miljoen Uitbreiden aantal praktijkondersteuners jeugdzorg, € 10 miljoen Extra inzet en regie op het voorkomen en aanpakken van wachttijden van (regionaal) ingekochte specialistische jeugdzorg op basis van goede data, € 200 miljoen Regionale coördinatie en landelijke informatievoorziening door de VNG ten aanzien van de wachtlijsten specialistische jeugdzorg, € 55 miljoen. Dit laatste bedrag wordt in de komende septembercirculaire verwerkt.

8. Prenataal huisbezoek door jeugdgezondheidszorg Vanaf 2022 zijn middelen aan de algemene uitkering toegevoegd voor de uitvoering van het wetsvoorstel ‘Prenataal huisbezoek door de jeugdgezondheidszorg (PHB JGZ)’. Het gaat om een bedrag van jaarlijks € 5,3 miljoen. 9. Wet Open Overheid (structureel) 10. Wet Open Overheid (incidenteel) Deze initiatiefwet is op 26 januari 2021 door de Tweede Kamer aangenomen en beoogt de gehele overheid transparanter en toegankelijker te maken. Met dit wetsvoorstel geven de initiatiefnemers zowel de actieve als de passieve openbaarmaking van overheidsinformatie een nieuwe basis, verankeren zij het recht op toegang tot informatie wettelijk en beogen zij de informatievoorziening en informatiehuishouding van het Rijk en decentrale overheden te verbeteren. De Eerste Kamer dient nog een besluit te nemen over de WOO. Bij instemming van de Eerste Kamer zal de wet een halfjaar later in werking treden. Dit zal waarschijnlijk in het eerste kwartaal van 2022 zijn. De huidige Wet openbaarheid van bestuur (WOB) wordt ingetrokken bij de inwerkingtreding van de WOO. Vooruitlopend op de besluitvorming in de Eerste Kamer heeft het kabinet bij de kabinetsreactie op het rapport ´Ongekend onrecht´ van de Parlementaire Ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag (POK) financiële middelen vrijgemaakt.

Met de beschikbaarstelling van deze financiële middelen ondersteunt het Rijk gemeenten bij de implementatie en uitvoering van de WOO. De financiële middelen bestaan uit zowel incidentele als structurele middelen. De incidentele middelen, voor de periode 2022 tot en met 2026 een bedrag van € 25 miljoen per jaar, zijn bestemd voor het verbeteren van systemen, het

opleiden van medewerkers en het aanpassen van processen en de organisatie. De structurele middelen, € 21 miljoen in 2022, oplopend naar structureel € 42 miljoen vanaf 2026, zijn bedoeld voor de actieve openbaarmaking van de informatiecategorieën zoals genoemd in de WOO, het aanwijzen van een contactfunctionaris en het beheer en onderhoud van systemen. 11. Vergoeding raadsleden kleine gemeenten De actualisatie van de integratie-uitkering Verhoging raadsledenvergoeding kleine gemeenten komt ten laste van de algemene uitkering. De verlaging van de algemene uitkering bedraagt vanaf 2021 jaarlijks structureel € 0,3 miljoen. 12. Inburgering (IU) Aan de integratie-uitkering Inburgering wordt voor 2021 tot en met 2026 cumulatief € 16,5 miljoen toegevoegd ten behoeve van de begeleiding van de bredere groep asielmigranten binnen de ondertussen-groep. Dit volgt uit de bestuurlijke afspraken die het ministerie van SZW en de VNG in april 2020 hebben gemaakt om een impuls te geven aan de uitstroom van inburgeringsplichtigen onder het huidige stelsel. De bedragen worden verdeeld naar rato van het aantal inwoners. 13. Armoede kinderen In paragraaf 4.2-1 van de decembercirculaire 2016 zijn gemeenten geïnformeerd over de € 85 miljoen die vanaf 2017 structureel beschikbaar is gesteld voor de bestrijding van de gevolgen van armoede onder kinderen.

Jaarlijks vindt in de meicirculaire actualisatie plaats van de verdeling voor het jaar t+1 en verder. De middelen worden verdeeld op basis van CBS-gegevens over kinderen met een kans op armoede. Corona steunpakket: 14. Extra begeleiding kwetsbare groepen De coronacrisis maakt dat de levens van iedereen met begeleiding er heel anders uitziet: dagbesteding gaat soms niet door (horeca is bijvoorbeeld gesloten), er komen minder mensen langs, niet iedereen begrijpt de maatregelen even goed. Ook is er meer begeleiding en ondersteuning nodig voor mensen met andere beperkingen. Bijvoorbeeld kwetsbare mensen met een medische aandoening die zeer bang zijn besmet te raken gezien de risico’s dat deze besmetting fataal kan zijn of zeer ernstige consequenties kan hebben. Dit maakt dat extra ondersteuning nodig is zodat lokaal kan worden geïnvesteerd in bijvoorbeeld: • • • •

Extra in te zetten op het organiseren van alternatieve dagbesteding om structuur te creëren in de dag. Het bieden van passend vervoer en extra locaties voor alternatieve en verspreide vormen van dagbesteding die voldoen aan de RIVMrichtlijnen,die nog niet zijn gefinancierd via de meerkostenregeling voor Wmo en Jeugd. Extra ambulante begeleiding om proactief mentale en sociale problemen op te sporen (extra huisbezoeken). Extra (begrijpelijke) informatievoorziening over wat kan en mag en veilig is.

15. Bestrijden eenzaamheid ouderen

Eenzaamheid is door corona toegenomen. Op lokaal niveau zetten gemeenten met lokale partners al in op het bestrijden van eenzaamheid. Maar nog niet iedereen wordt persoonlijk bereikt. Het kabinet stelt middelen ter beschikking zodat – via gemeenten en lokale partners – kan worden ingezet op onder meer de volgende acties: • • • •

Extra contact met ouderen: huisbezoeken, digitaal en belcontact. Hierdoor ontstaat tevens meer zicht op hoe het werkelijk met ouderen gaat. Extra helpende handen: boodschappen, hulpvragen doorzetten, helpen contact met anderen te maken. Inzet op verbinding tussen mensen: creëren van meer mogelijkheden elkaar coronaproof te ontmoeten, mensen aan elkaar koppelen om samen activiteiten te organiseren. Extra inzet op zingeving: alternatieve dagbesteding helpen organiseren, deelname culturele activiteiten.

16. Afvalverwerking Door de coronacrisis hebben gemeenten zowel extra kosten gemaakt als inkomsten gemist met betrekking tot afvalinzameling. Met name het restafval is, door onder andere het thuiswerken, in hoeveelheid gegroeid. Veel gemeenten hebben contracten gesloten met een variabele prijs voor de verwerking hiervan. Deze prijs is door de brede toestroom, gestegen. Tegelijkertijd ontvangen de gemeenten voor andere afvalstromen een vergoeding. Maar omdat deze stromen zijn toegenomen, is de vergoeding hiervoor gedaald. In overleg met de VNG is besloten de kosten ad € 32 miljoen voor 2020 te vergoeden. Een bedrag van € 28 miljoen is toegevoegd aan de algemene uitkering. De overige € 4 miljoen is toegevoegd aan het BTW-compensatiefonds. 17. Perspectief Jeugd en Jongeren (compensatie corona) Voor jongeren is het essentieel om elkaar fysiek te kunnen ontmoeten. Met een Jeugdpakket van € 58,5 miljoen wil het kabinet een impuls aan gemeenten geven om samen met jongeren, lokale organisaties en evenementensector volledig coronaproof kleinschalige activiteiten te programmeren op het gebied van cultuur, sport en andere zinvolle vrijetijdsbesteding. Gemeenten ontvangen extra middelen t.b.v. de inzet van jongerenwerkers in achterstandswijken. Een bedrag van € 40 miljoen wordt aan de algemene uitkering toegevoegd: € 21 miljoen voor 2020 en € 19 miljoen voor 2021.

18. Jongerenwerk Jeugd (compensatie corona) Om jongeren uit bepaalde risicogroepen te benaderen en te bereiken wordt de huidige extra inzet van jongerenwerk uit het Jeugdpakket verlengd tot eind 2021. Het kinder- en jongerenwerk speelt ook een signalerende rol op het gebied van psychische problemen of huiselijk geweld. Er is voor de extra inzet op jongerenwerk een bedrag van € 14 miljoen aan de algemene uitkering toegevoegd. 19. Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK) (compensatie corona) Het beschikbare budget voor de TONK is verhoogd naar een bedrag van € 260 miljoen voor het eerste half jaar van 2021. Voor het eerste kwartaal van 2021 komt € 65 miljoen beschikbaar via de Algemene uitkering van het gemeentefonds volgens de eerder afgesproken verdeelsleutel.

20. Jeugd aan Zet (DU) (Corona) Het programma maatschappelijke diensttijd (MDT) (uitgevoerd door de ministeries van VWS, SZW en OCW) is van harte bereid om de jongeren in deze crisistijd te ondersteunen. Via dit programma wordt al een grote groep jongeren bereikt en tijdens de coronacrisis extra ondersteund. Het programma MDT zit nog in de groeifase en zoekt meer verbinding met gemeenten, zodat het programma MDT kan doorgroeien naar een landelijk dekkend netwerk. Om deze winwin situatie te versterken wordt ook ten behoeve van de wintereditie van Jeugd aan Zet een financiële bijdrage verstrekt van € 3,1 miljoen aan gemeenten in Nederland. Er nemen 307 gemeenten deel en per gemeente is een bedrag van € 10.000 beschikbaar gesteld. Hiermee kunnen gemeenten in deze coronatijd jongeren ondersteunen en tegelijkertijd kunnen jongeren een maatschappelijke bijdrage leveren waar deze nu nodig is. 21. Voogdij/18+ (IU) De IU Voogdij/18+ neemt vanaf 2022 toe met € 22 miljoen door het gebruik van meer actuele gegevens van zorggebruik voor jongeren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Schiermonnikoog&id=a57010f2-e7a8-468f-9641-8e72fed3a63b