Verslag van de Beeldvormde avond Kadernota BOR DEF
Tekst van het document
Verslag van de Beeldvormende avond Kadernota BOR Datum Locatie
: dinsdag 16 mei 2023 om 19.30 uur : Gemeentehuis Schiedam, Aleidazaal, Stadserf 1 te Schiedam
Aanwezig
: Wethouder F. Hamerslag, de heren Y. Tuncer (voorzitter), C. Schouls, J. Nieuwkoop, M. Slavenburg en G. Muilwijk en de dames N. Cup, M. van der Steeg, M. Peters en H. Cimtay
In de zaal aanwezig: mevrouw C.S.P Schoondermark, de heren K. van Baekel, B. Feelders, J.M.P Maris, D. van Oorschot, D.E. van der Zwan, W.H. Boender, A. Verbeek, P. de Kaper, M. Mannee en R. Polak. Notulen
: Mevrouw J. van den Hoonaard
De voorzitter opent de bijeenkomst en heet allen welkom. Vanavond zijn naast de raadsleden ook de Schiedammer uitgenodigd, maar de nadruk ligt op de raadsleden. De heer Muilwijk geeft een presentatie op deze beeldvormende avond ten behoeve van de Kadernota BOR. Omdat wethouder Ergin vanavond verhinderd is, wordt hij vervangen door wethouder Hamerslag. De heer Muilwijk is strategisch beleidsadviseur openbare ruimte en stelt zijn collega’s voor die ook aanwezig zijn. Hij vertelt kort iets over de startnotitie, de nieuwe kadernota Beheer Openbare Ruimte (BOR). Dit is de verbindende schakel tussen de visies die er zijn in Schiedam, zoals de Mobiliteitsvisie, Woonvisie, Economische visie, Groenvisie, maar ook voor andere zaken die in de stad gebeuren. Sommige visies hebben uitvoeringsprogramma’s, maar er zijn ook losse uitvoeringsprogramma’s. Er is altijd een onderlinge context. Het Verbreed Gemeentelijke RioleringsPlan (vGRP) heeft een bijzondere status omdat dit onderdeel is van het reguliere beheer en onderhoud van de stad, maar het is een losse wettelijke plicht en de dat de financiële dekking hiervoor vanuit de rioolheffing komt. In de kadernota en de daaraan gekoppelde beheerplannen (incl. vGRP) wordt beschreven hoe Schiedam haar kapitaalgoederen (en de buitenruimte in zijn algemeenheid) onderhoudt. Hiervoor is een budget beschikbaar van ca. 44 miljoen euro per jaar.
De kadernota gaat over doelmatige programma’s, klein en dagelijks onderhoud, investeringen, maar daarnaast zijn er ook uitwerkingsprogramma’s zoals voor Groen en Spelen. Naar aanleiding van de beschikbare budgetten wordt er geprioriteerd op technische noodzaak (Veilig), op directe beleving (Schoon en Heel) en dan pas wordt er naar andere zaken gekeken. Bij het opstellen van de kadernota moet met verschillende zaken rekening worden gehouden: Loon- en bouwkosten stijgen, maar de investeringsbudgetten voor de kadernota zijn niet geïndexeerd. Er kan dus minder worden gedaan voor hetzelfde geld. Arealen breiden zich uit. Groene gebieden of bedrijventerreinen worden omgevormd tot een woonwijk en dat vraagt om een ander beheer. Wijken uit de jaren ’70 zijn aan rioolvervanging toe. Dit kan niet in een keer dus daarop moet worden voorgesorteerd. Schiedam heeft veel last van bodemdaling, dus komen er ophogingsprojecten aan. Schiedam moet ook mee in de energietransitie. Wanneer er veel kabels en leidingen moeten worden vervangen, dan heeft dat een grote impact op de buitenruimte. Schiedam moet een toekomstbestendige klimaatadaptieve stad worden met ecologische waarden en meer biodiversiteit. Er moet meer samen met bewoners worden gedaan bijvoorbeeld in de vorm van zelfbeheer, dus er moet meer worden ingezet op communicatie.
De raad heeft in 2017 kaders voor de buitenruimte vastgesteld en daarbij de volgende keuzes gemaakt: Voor het centrum en de groene parels geldt een beeldkwaliteit A voor het groen en B voor reiniging. Voor de overige buitenruimte geldt een beeldkwaliteit B (reiniging) of C voor groen. Voor de overige arealen als wegen, speeltoestellen, straatmeubilair, kademuren, riolering en bruggen geldt de minimale technische ondergrens. Dus er wordt pas onderhoud gepleegd als het niet meer veilig is. Voor de integrale uitvoeringsprogramma buitenruime geldt het ambitieniveau Doelmatig. Er wordt zoveel mogelijk werk met werk gemaakt, zoals riool vervangen, ophogen en herbestraten in een project oppakken. De buitenruimte is redelijk op orde, want het waarderingscijfer is van 4,4 (2010) naar 6,8 (2023) gegaan. Het college heeft zich tot doel gesteld dat het waarderingscijfer stijgt naar 6,9 in de komende jaren. De beschikbare budgetten zijn het vertrekpunt, maar vaak blijkt dat overschrijdingen van het ene budget wordt gecompenseerd met onderschrijdingen van het andere beheerbudget. Dit wordt nu met de jaarrekening verantwoord en gecorrigeerd. De Kadernota is een ijkmoment voor de begroting, zodat de kostenverdeling weer vooraf zo juist mogelijk in de begroting staan.
BOR ziet graag dat een deel van het bedrag van het exploitatiebudget in de begroting naar een investeringsbudget wordt omgezet. Zo kunnen investeringen worden afgeschreven. In plaats van 100.000 euro exploitatiebudget komt er slechts 20.000 euro in het exploitatiebudget te staan voor de kapitaallasten. Het vrijgespeelde budget kan dan voor andere zaken worden aangewend. Als voorbeeld noemt de heer Muilwijk de ontbrekende arealen in de kadernota zoals zaken van cultuurhistorische waarde. Hiervoor is geen budget vrijgemaakt, maar ze staan wel in de buitenruimte. Schiedam moet hier iets mee. De beeldvormende avond is opgezet als een “beeldvormende avond plus”, om op te halen welke richtingen, accenten en kaders de raad mee wil geven voor de Kadernota. Deze input wordt genoteerd en leidt uiteindelijk tot een nieuwe Kadernota BOR die in oktober aan de raad ter vaststelling wordt voorgelegd. Het nieuwe VGRP komt in december ter vaststelling naar de raad. De beheerplannen die vanuit de kadernota worden opgesteld zijn een bevoegdheid van het college en die worden in december ter vaststelling aangeboden. De heer Maris is benieuwd waar de huidige over- en onderschrijdingen zitten, want hij is van mening dat er pas richting aan kan worden gegeven als dat inzichtelijk is.
De heer Muilwijk geeft aan dat deze financiële stukken als bijlage zijn toegevoegd aan de evaluatie van vorige kadernota. De heer Polak is benieuwd of reiniging en handhaving ook in de kadernota zijn opgenomen. De heer Muilwijk laat weten dat handhaving niet, maar reiniging wel is opgenomen. De heer Mannee is van mening dat als de raad input wil geven, men wel moet weten hoe de differentiatie nu is in de verschillende arealen. Hij wil graag weten wat het onderhoudsniveau is op de verschillende kavels. De heer Muilwijk laat weten dat Schiedam is onderverdeeld in een aantal gebieden. Het centrum plus de groene parels (Julianapark en de Plantage) worden onderhouden op beeldkwaliteit A voor het groen en B voor reiniging en de rest op beeldkwaliteit B of C. Het gaat daarbij om onderhoud van het groen en het schoonhouden van de buitenruimte. Hierbij worden de richtlijnen van CROW gehanteerd, waarbij A zo goed als nieuw is, B best wel aardig, C kan er minder goed uit zien en D wordt uit gebruik genomen. De overige arealen zoals bruggen, kademuren, straatmeubilair en speeltoestellen worden onderhouden op de minimale technische ondergrens. Ook de heer Van Baekel wil meer inzicht voordat hij accenten kan aanbrengen. Hij is van mening dat deze bijeenkomst niet de juiste plek is om richtinggevende keuzes aan te geven.
Hij wil graag nog een toelichting op de opmerking over het anders aanwenden van het exploitatiebudget. De heer Muilwijk laat weten dat Schiedam werkt met de Nota waardering investerende afschrijvingen. Dat is de Schiedamse vertaling van de BBV-regels. In die nota staat dat er pas vanaf 75.000 euro wordt
geïnvesteerd. Inmiddels zijn de BBV-regels aangepast en sluit de nota niet meer aan op de huidige regelgeving. Ook hiervoor komt dus een nieuwe nota. In de vorige kadernota is bijvoorbeeld het vervangen van een fietsbrug opgenomen in het exploitatiebudget, maar eigenlijk is dit een investering. Door af te schrijven is Schiedam maar 20.000 euro per jaar kwijt en wordt er 80.000 euro vrijgespeeld voor inzet in de arealen waar geen of te weinig budgetten voor zijn . De heer Boender vraagt of bij integraal werken ook de kabels en leidingen worden meegenomen. De heer Muilwijk laat weten dat riolering wordt meegenomen als de technische noodzaak er is. Als een riool nog twintig jaar mee kan, dan wordt het veelal niet meegenomen. Gekeken wordt dan of het mogelijk is om de herinrichting wat naar achteren te schuiven en het vervangen van het riool naar voren te halen. Voor het straatmeubilair wordt elke keer een afweging gemaakt. Het wel of niet te vervangen is afhankelijk van de huidige staat. Voor kabels en leidingen is Schiedam afhankelijk van de Nutsbedrijven. Zij worden ruim van tevoren gevraagd om mee te doen, maar de keuze is aan hen. De heer Polak vraagt zich af of 44 miljoen euro niet wat krap is voor het beheer. De heer Muilwijk laat weten dat dit landelijk gezien niet royaal is, maar het is wel prettig dat het een structureel bedrag in de begroting betreft.
De heer Polak is benieuwd of het participatietraject ook in de kadernota is opgenomen. De heer Muilwijk geeft aan dat dit niet het geval is. Bij grote projecten gebeurt dat wel, bij het dagelijks beheer niet. En de Kadernota heeft een grote financiële component waar de gekozen raad, en niet de individuele Schiedammers over gaan. De heer Van der Zwan is benieuwd of er ook rekening wordt gehouden met zaken waarover Schiedam zelf niet veel te zeggen heeft, bijvoorbeeld met de Schieknoop in Delfland. De heer Muilwijk antwoordt dat dit niet valt onder het beheergebied van BOR, maar dat er wel door Schiedam een bijdrage aan wordt geleverd. De voorzitter informeert of men voldoende informatie heeft om over te gaan tot het geven van richting voor de nieuwe kadernota. De heer Mannee merkt op dat hij op basis van deze presentatie en zonder overleg met de rest van zijn fractie hij een soort terughoudendheid bij zichzelf voelt om dit te doen. Hij vindt een beeldvormende avond niet de juiste weg om nu kaders en richtingen aan te geven. De heer Verbeek vraagt of bewoners ook worden betrokken bij de plannen. De heer Muilwijk antwoordt dat dit vooral bij individuele projecten gebeurt. Daar wordt participatie altijd meegenomen. De kadernota is een basis, een overkoepelende notitie.
De heer Polak vraagt of er ook kritisch wordt gekeken naar gebieden in Schiedam waar echt meer geld voor nodig is. De heer Muilwijk laat weten dat individuele projecten altijd in de tijd worden weggezet, bijvoorbeeld werk aan bruggen of in de wijken. Er zijn altijd plekken in Schiedam die beter kunnen, maar vaak zit er een verhaal achter. Zo wacht de Staatsliedenbuurt op herstructurering en andere buurten wachten weer op andere ontwikkelingen. De vraag is of er geld moet worden geïnvesteerd als bekend is dat er over 5-10 jaar via een project een geheel nieuwe buitenruimte wordt aangelegd. De heer Mannee concludeert dat de budgetten nagenoeg hetzelfde blijven, dat de kosten zijn gestegen, maar dat er wel een ambitie is om van een 6,8 naar een 6,9 te gaan. De heer Muilwijk zegt dat dit klopt, echter de exploitatiebudgetten in de begroting worden wel geïndexeerd. In de Zomernota zit een voorstel om de vervangingsinvestering te indexeren. De heer Van Baekel merkt op dat Schiedam geen Artikel 12 gemeente is, maar kijkend naar het ambitieniveau in de verschillende arealen lijkt het er wel op. De heer Muilwijk antwoordt dat dit niet zo is, maar dat er op de minimale technische ondergrens niet kan worden bezuinigd. De heer Maris vraagt naar het effect op de kosten, wanneer nu wordt voorgesteld om de wegen op een hoger niveau te brengen.
De heer Muilwijk laat weten dat dit tonnen kost op jaarbasis.
De heer Maris herinnert zich dat de raad ook wel eens voorstellen kreeg met verschillende scenario’s zodat er weloverwogen keuzes konden worden gemaakt. Hij stelt voor om dat nu ook zo te doen. De heer Van der Zwan vraagt of er ook rekening wordt gehouden met onvoorziene kosten. De heer Muilwijk laat weten dat hier in de Kadernota geen rekening mee wordt gehouden. In projecten gebeurt dit wel, maar als er een boom omwaait dan wordt dit in het dagelijks onderhoud gewoon op algemene middelen geboekt. Voor schade is er een aparte post, want een voorjaarsstorm wordt niet hersteld vanuit het reguliere onderhoud. Mevrouw Schoondermark vindt dat Schiedam zaken anders moet aanpakken omdat de wereld verandert. Er is vaker overlast van water, maar er zijn ook heel droge periodes. Er moet meer budget komen voor het toevoegen van groen. Ook voor nieuw aangeplante bomen is extra zorg nodig. De heer Muilwijk zegt dat bij nieuwe aanplant altijd twee jaar nazorg is meegenomen. Voor de extra regen (waterbergingen etc.) geldt dat er wel investeringen nodig zijn. De rioolkosten in relatie tot de budgetten hebben wettelijk gezien een mate van kostendekkendheid. Dat betekent dat de rioolheffing voor de bewoners dan kan gaan. De heer Verbeek vraagt hoe het ambitieniveau zich verhoudt tot het planmatig onderhoud.
De heer Muilwijk laat weten dat een jaarlijkse technische inspectie hier wel onder valt, maar dat met het vastgestelde ambitieniveau het regelmatig verven van de brug niet. De heer van Baekel vraagt of er ook een scenario kan worden gemaakt met meer aandacht voor het in stand houden van het groen in context tot de verstedelijking. De heer Muilwijk geeft aan dat dit meer kaders zijn voor gebiedsontwikkelingen. De Kadernota gaat over het beheer en onderhoud. Wel kan bijvoorbeeld worden meegegeven dat er 10-30% meer groen moet komen in de wijken, maar dat zal in de meeste gevallen ten koste gaan van parkeerplaatsen. Mevrouw Schoondermark merkt op dat ook kan worden gekeken naar meer verticaal groen. De heer Mannee vindt het lastig om nu op detailniveau aan te geven waarop meer moet worden ingezet. Het zou meer inzicht willen over de impact op de kosten wanneer de raad bijvoorbeeld het ambitieniveau hoger wil. Het zou mooi zijn als in de scenario’s ook knoppen zitten waaraan gedraaid kan worden. Dit mag een globale berekening worden. Zonder deze informatie vindt hij het lastig om input te geven. Ook wil hij graag overleggen met de andere collega’s uit zijn fractie en de raad. Niet iedereen is vanavond aanwezig. De heer Feelders wil graag in de commissie het debat voeren en daar aan de knoppen kunnen draaien.
De heer Maris merkt wel op dat hij het proces om vooraf input te geven mooi vindt. Dat wordt gewaardeerd. Hij begrijpt dat niet op elk niveau draaiknoppen kunnen worden gemaakt, want dan moeten er wel heel veel scenario’s worden doorberekend. Hij vindt het alleen lastig om nu input te geven want de raadsleden hadden deze vergadering niet op die manier voorbereid. Mevrouw Peter stelt voor om aan de hand van het verslag, de presentatie en de startnotitie het gesprek in de fracties aan te gaan, maar het onderwerp kan ook gewoon voor de commissievergadering worden geagendeerd. Het maken van scenario’s kost tijd en het zou helpen als er vanavond richting aan kan worden gegeven aan welke scenario’s wordt gedacht. De heer Van Baekel denkt aan de richtlijnen van CROW en als het gaat om het inrichten van de openbare ruimte aan de balans tussen autoverkeer en niet gemotoriseerd verkeer. Wellicht kan daarvoor een menu worden voorgelegd om keuzes te maken. Mevrouw Schoondermark vraagt of in het programma van Nieuwland en Oost ook kan worden aangegeven dat er meer speelruimte moet worden aangelegd of een groene parel kan worden. De heer Muilwijk geeft aan dat de raad moet kiezen voor het ambitieniveau van het onderhoud en daarin ook
differentiatie aan kan geven. Er is indertijd gekozen voor twee groene parels en als Nieuwland of bijvoorbeeld het Beatrixpark ook een groene parel moet worden, dan kan dat scenario worden doorberekend. Wethouder Hamerslag dankt iedereen voor zijn inbreng. In de presentatie was het proces al getoond, maar aan de hand van de reacties moet er nu een stap bij komen. Het verslag van deze bijeenkomst met een oplegnotitie wordt bij de commissie geagendeerd. Daar wordt het debat met elkaar aangegaan en de uitkomst vormt de input voor het schrijven van de nieuwe kadernota. De kadernota wordt dan in oktober voor de raad geagendeerd. De voorzitter merkt op dat het concept voor deze avond voor iedereen nieuw was. Hij dankt allen voor de bijdragen en sluit de bijeenkomst af om 21.00 uur.