Raadsvoorstel Bestendigen voorlopig voorkeursrecht (definitief vaststellen voorkeursrecht)
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Aan:
De gemeenteraad van Schiedam
14 oktober 2025
Registratienummer:
25VR050
Contact Steller:
contact@schiedam.nl
Telefoonnummer steller:
010 2191111
Portefeuillehouder:
wethouder A.N. Biekman en wethouder Y. Volkman
Publicatie :
openbaar
Onderwerp:
Bestendigen voorlopig voorkeursrecht (definitief vaststellen voorkeursrecht)
A. Voorgesteld besluit:
1.
2.
3. 4. 5.
6.
7.
Toepassing te geven aan Hoofdstuk 9 van de Omgevingswet door op basis van artikel 9.1, eerste lid, onder a van die wet een voorkeursrecht te vestigen op de percelen zoals aangegeven op de bij deze beschikking behorende en als zodanig gewaarmerkte grondtekening met nummer TK-30406274-02 en perceellijst met nummer PL-30406274-02, waarop zijn vermeld de bij de vestiging betrokken percelen, hun grootte, alsmede de namen van de eigenaren en de rechthebbenden op de daarop rustende beperkte rechten, één en ander volgens de openbare registers van het Kadaster per 22 augustus 2025. Te concluderen dat er een bestemmingsplan genaamd ‘Nieuw-Mathenesse Glasbuurt-Oost’ (als onderdeel van het omgevingsplan), vastgesteld op 10 december 2024 (besluit 24VR062), als planologische grondslag aanwezig is op basis waarvan het voorkeursrecht kan worden gevestigd, en om die reden het voorkeursrecht op grond van artikel 9.1, eerste lid, onder a Omgevingswet wordt gevestigd. Te concluderen dat de percelen niet bij een eerdere vestiging van een voorkeursrecht op grond van de Wet voorkeursrecht gemeenten en/of de Omgevingswet betrokken zijn geweest. Te concluderen dat de onderhavige beschikking van rechtswege vervalt vijf jaar na het ingaan ervan, tenzij voor dat tijdstip een verlengingsbesluit door de gemeenteraad is genomen.
Deze voorkeursrechtbeschikking, binnen vier dagen na bekendmaking daarvan door toezending ervan aan de belanghebbenden, te doen inschrijven in de openbare registers, opdat het voorkeursrecht ingaat. De voorkeursrechtbeschikking tezamen met de daarop betrekking hebbende stukken op het Stadskantoor en op elektronische wijze ter inzage te leggen en van de terinzagelegging kennis te geven in het Gemeenteblad, opdat wordt voldaan aan het bepaalde in de artikelen 12 en 13 van de Bekendmakingswet. De heer J.A. van der Land, jurist grondzaken en vastgoed van de gemeente Schiedam, volmacht te verlenen - met de macht van substitutie – om over te gaan tot registratie van het voorkeursrecht in de openbare registers, zodat het voorkeursrecht vanaf het tijdstip van de registratie rechtmatig in werking is getreden. Te concluderen dat er geen zienswijzen zijn ingediend en er geen aanleiding bestaat om het raadsvoorstel en/of de -beschikking aan te passen.
B. Aanleiding:
Op 28 september 2021 heeft uw Raad het Ruimtelijk Raamwerk Nieuw-Mathenesse fase 1 vastgesteld, waarbij is besloten om in het binnenstedelijke bedrijventerrein Nieuw-Mathenesse een gedeelte (het gebied tussen Nieuw-Mathenesserstraat, Couwenhovenstraat, Van Cleefstraat en Deventerstraat) te transformeren van een bedrijventerrein naar een gemengd gebied van wonen aangevuld met kleinschalige bedrijvigheid. Hierna is door uw raad op 10 december 2024 het bestemmingsplan Nieuw-Mathenesse Glasbuurt Oost (onderdeel van het Omgevingsplan Schiedam van 25 maart 2024) door de raad vastgesteld. Het bestemmingsplan heeft formele rechtskracht. Het plangebied, genaamd Nieuw-Mathenesse Glasbuurt-Oost, is gemeentelijk eigendom. Een groot deel van het gebied is in erfpacht uitgegeven. Een deel van die erfpachtrechten is inmiddels geëxpireerd, terwijl enkele erfpachtrechten nog lopen. Het College van B&W heeft vervolgens op 15 juli 2025 (BPR2500294 / 25INT00295) besloten tot de vestiging van (voorlopige) voorkeursrechten op de eerdergenoemde percelen, aan uw raad wordt in dit voorstel gevraagd het besluit van het college te bestendigen. C. Maatschappelijk doel:
Met de vestiging van het gemeentelijk voorkeursrecht verkrijgt de gemeente een voorkeurspositie op de grondmarkt in het betreffende gebied c.q. een eerste recht van koop op de in de beschikking betrokken percelen en daarop gevestigde beperkte rechten van erfpacht. De erfpachters van de betreffende percelen dienen hun erfpachtrecht op de percelen bij voorgenomen vervreemding eerst aan de gemeente aan te bieden. Het gemeentelijk voorkeursrecht maakt het de gemeente mogelijk een actief grondbeleid te voeren bij de herontwikkeling van de betreffende percelen en zelf de regie te houden bij de uitvoering van haar plannen. Het gemeentelijk voorkeursrecht voorkomt, dat een andere partij zich in het gebied een positie verschaft, waardoor de gemeentelijke regierol kan worden verstoord. D. Argumenten:
1.1 Er zijn vier hoofdredenen voor het vestigen van een voorkeursrecht Algemeen zijn er vier redenen voor de vestiging van een voorkeursrecht: - Regierol; - Beschermingsinstrument; - Voorkomen van een langdurig en kostbaar verwervingsproces; en - Signaalfunctie. 1.1.1 Regierol gemeente het gemeentelijk voorkeursrecht verschaft de gemeente een betere uitgangspositie c.q. onderhandelingspositie op de grondmarkt. Hierdoor wordt de gemeente beter in staat gesteld een grondstrategie te voeren. Het voorkeursrecht, als passief verwervingsinstrument, kan een ondersteuning betekenen van het te voeren verwervingsbeleid. De gemeente kan hierdoor een centrale regierol uitoefenen bij de ontwikkeling van plannen.
De huidige planning van het project beoogt om in het eerste kwartaal van 2026 de tenderuitvraag voor de herontwikkeling van Glasbuurt-Oost tot gemengd woon-werkgebied te doen starten. Om de tender uit te voeren met een voor de gemeente goed resultaat dienen alle erfpachtrechten te worden beëindigd c.q. verworven, zodat de kavels vrij van alle gebruiksrechten door derden beschikbaar komen voor de herontwikkeling. Immers, bij de tender voor de gebiedsontwikkeling moeten de in te schrijven ontwikkelende partijen ervan uit kunnen gaan dat de gemeente ervoor instaat dat alle gronden, die voor het nieuwbouwproject zijn aangewezen, vrijelijk beschikbaar zullen zijn. Het vestigen van een voorkeursrecht maakt het verwerven van erfpachtrechten zekerder. 1.1.2 Beschermingsinstrument Het gemeentelijk voorkeursrecht vormt gedurende het planontwikkelingsproces (van ontwerp tot uitvoering) een beschermingsinstrument, waardoor ongewenste verkopen (al dan niet bedoeld als grondspeculatie) kunnen worden voorkomen. De gemeente en de eindgebruiker worden beschermd tegen prijsopdrijving. 1.1.3 Voorkomen van een langdurig en kostbaar verwervingsproces Het gemeentelijk voorkeursrecht maakt het in deze de gemeente mogelijk om te interveniëren in het natuurlijke proces van aan- en verkoop binnen de locatie.
Bij een voorgenomen verkoop moet de erfpachter als eerste de gemeente uit te nodigen voor het doen van een bod tot koop. Door deze interventie in het natuurlijke proces van aan- en verkoop kan de gemeente zo mogelijk een langdurig en kostbaar verwervingsproces of onteigening voorkomen. 1.1.4 Signaalfunctie De gemeente geeft door de vestiging van het gemeentelijk voorkeursrecht een signaal af. Hiermee wordt immers de gemeentelijk ambitie getoond om de locatie daadwerkelijk te herontwikkelen. De gemeente is bereid om daartoe haar publiekrechtelijke grondbeleidsinstrumentarium in te zetten, hetgeen de ambitie kracht bij zet. 1.2 Bijzondere redenen voor de vestiging van het voorkeursrecht voor het gebied Glasbuurt Oost. Vanaf 2023 zijn gesprekken gestart met de erfpachters en appartementsrecht eigenaren van de percelen, waarvan de duur van het erfpachtrecht nog niet is geëxpireerd. Daarbij zijn vooraf taxaties uitgevoerd naar de opstalwaarde en naar de verplaatsingskosten (schadevergoeding) wegens de (gedwongen) verplaatsingen van de bedrijven van de erfpachters/appartementsrecht eigenaren of het verlies aan huuropbrengsten. Voornoemde gesprekken waren erop gericht om op een minnelijke wijze het erfpachtrecht dan wel het appartementsrecht te verwerven.
Uiteindelijk hebben deze gesprekken ertoe geleid dat de gemeente twee appartementsrechten (bedrijfsruimten) heeft kunnen verwerven. De overige 19 percelen (erfpachtrechten en appartementsrechten) zijn, ondanks intensieve onderhandelingen, tot op heden (nog) niet verworven. Uit de eerste fase van onderhandelingen met appartementsrechteigenaren is naar voren gekomen dat deze onderhandelingen zeer moeizaam zijn verlopen. Mede hierdoor is inmiddels een externe grondverwerver namens de gemeente bezig met een nieuwe, tweede fase van onderhandelingen, waarbij het doel is om de resterende 19 percelen (erfpachtrechten /appartementsrechten) alsnog op een minnelijke wijze te verwerven. Nu het verwerven moeizaam verloopt is het van belang dat er door de gemeente een voorkeursrecht wordt gevestigd, omdat: - Hierdoor het blokkeren van juridische procedures over weigeren toestemming vervreemding en overdracht van het erfpachtrecht (“het publiekrechtelijk versus privaatrechtelijk voorkeursrecht”) wordt bewerkstelligd;
-
De eerdergenoemde signaalfunctie. Na ruim 2,5 jaar onderhandelen met erfpachters en appartementsrecht eigenaren is het nu ook van belang om een signaal aan hen af te geven, dat het de gemeente menens is en dat de in 2018 door de raad in gang gezette procedure die moet leiden tot de voorgenomen gebiedsontwikkeling (“er moeten woningen komen”) uiteindelijk afgerond zal moeten worden.
1.3 Publiekrechtelijk voorkeursrecht is sterker dan een privaatrechtelijk instrument Op grond van de erfpachtvoorwaarden moet een erfpachter voor overdracht van het erfpachtrecht, of verkoop van bebouwing, toestemming vragen aan de gemeente. De gemeente mag deze toestemming niet op onredelijke gronden weigeren. In geval bijvoorbeeld een erfpachter door een derde wordt benaderd met een voor hem financieel interessant aanbod voor overname van het erfpachtrecht, kan de gemeente toestemming weigeren vanuit het algemeen belang (i.c. de wens tot herontwikkeling). Wanneer een erfpachter hierover een juridische procedure start, is echter niet ondenkbaar dat de rechtbank tot de conclusie komt dat de gemeente hier ten aanzien van de erfpachter onredelijk handelt omdat de (negatieve) financiële gevolgen voor de erfpachter substantieel zijn. Bij vestiging van een voorkeursrecht vervalt dit risico op juridische procedures (behoudens mogelijke zienswijzen en bezwaren tegen het voorkeursrecht zelf), omdat de uiteindelijke financiële vergoeding weliswaar ook door de rechtbank wordt bepaald, maar er hierbij direct sprake is van een onpartijdige toetsing en niet van een juridisch conflict. Door vestiging van een voorkeursrecht is de erfpachter verplicht om bij een eventuele wens tot overdracht van erfpacht of vastgoed, deze eerst aan de gemeente aan te bieden.
De vestiging van een voorkeursrecht blokkeert daardoor de weg die de erfpachter of appartementsrecht eigenaar wettelijk gezien heeft om bij de rechter vervangende toestemming voor vervreemding en overdracht van het erfpachtrecht te vragen. 1.4 Het algemeen belang van woningbouw weegt zwaarder dan het individueel belang van een erfpachter Weliswaar is de vestiging van het voorkeursrecht een belastend besluit dat inbreuk maakt op het eigendomsrecht, maar daar staat tegenover dat de raad bij de vestiging van het voorkeursrecht beleidsvrijheid toekomt, terwijl het gewicht van de met het besluit te dienen doelen en te dienen algemene belangen aanzienlijk is. Volgens vaste rechtspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft de wetgever bij de totstandkoming van de Wet voorkeursrechten gemeenten (nu: Omgevingswet) het algemene belang dat wordt gediend met het vestigen van het voorkeursrecht afgewogen tegen het individuele belang van de grondeigenaren en/of beperkt gerechtigden. De rechtspraak van de Afdeling over het evenredigheidsbeginsel geeft geen aanleiding voor een ander uitgangspunt. De wetgever heeft de nadelige effecten van het vestigen van het voorkeursrecht nadrukkelijk onder ogen gezien.
Bij het vestigen van het voorkeursrecht moet er -zoals gezegd- een afweging plaatsvinden tussen het individuele belang van de erfpachter en het algemeen belang dat is gediend met het vestigen van de voorkeursrechten. Geconcludeerd moet worden dat in dit geval het algemeen belang zwaarder weegt.
De uit de vestiging van het voorkeursrecht volgende plicht die op de erfpachters wordt gelegd rust immers niet onevenredig zwaar in verhouding tot het met de vestiging gediende algemeen belang. Dit algemeen belang zit hem met name in de borging van volkshuisvesting. Gezien de huidige woningnood en de nodige herontwikkeling in dit kader van de betrokken percelen weegt het algemeen belang zwaarder dan het individueel belang van de belanghebbenden. Daarbij is meegewogen dat in de belangen van de erfpachters die bij de besluitvorming dienen te worden betrokken door de wetgever reeds op uitvoerige wijze is voorzien.
Gedacht wordt daarbij onder meer aan het feit dat: de voorkeursrechtregeling in de Omgevingswet een uitgebreide rechtsbescherming kent voor een gerechtigde van een met voorkeursrecht belast perceel; de voorkeursrechtregeling in de Omgevingswet reeds in voldoende mate heeft voorzien in de gevallen waarin de gemeente bestaande rechtsverhoudingen dient te respecteren, en de aanbiedingsplicht derhalve niet van toepassing is; de gerechtigde niet wordt verplicht diens (erfpacht)recht te verkopen, de gerechtigde vrij is te bepalen of, en wanneer gerechtigde tot verkoop wenst over te gaan; wanneer de gerechtigde in beginsel tot verkoop aan de gemeente wil overgaan, deze een reële prijs krijgt voor hetgeen hij verkoopt en wanneer de gerechtigde en de gemeente geen overeenstemming kunnen bereiken over de prijs, de rechter een oordeel zal vellen over een reële prijs. 1.5 Er wordt voldaan aan de twee formele vestigingsvereisten voor het vestigen van een voorkeursrecht 1.5.1. Ten eerste: Huidig gebruik moet anders zijn dan woningbouw én mag geen agrarische functie krijgen Het eerste vereiste is dat het voorkeursrecht slechts ten behoeve van een toegedachte of toegedeelde niet-agrarische functie kan worden gevestigd. Het tweede vereiste houdt in dat het huidige, feitelijke gebruik afwijkt van de toegedachte/toegedeelde functie(s). Het huidige gebruik van de locatie is bedrijfsmatig.
Het huidige gebruik in deze vorm verdwijnt (mogelijke c.q. deels sloop van de bebouwing en de ontwikkeling van een nieuw woon-werkgebied is voorzien) en aan de onderhavige locatie zijn de functies wonen en bedrijf (niet zijnde de huidige bedrijvigheid) met bijbehorende voorzieningen toegedeeld. De toegedeelde functies zijn nietagrarisch en nader uit te werken. Het huidige gebruik wijkt dan ook af van de toegedeelde functies, waardoor aan de (formele) vestigingsvereisten wordt voldaan. 1.5.2. Ten tweede: Er moet een vestigingsgrondslag zijn De planologische grondslag voor de vestiging van het gemeentelijk voorkeursrecht wordt gevormd door het vigerende bestemmingsplan ‘Nieuw-Mathenesse Glasbuurt-Oost’ (als onderdeel van het omgevingsplan), vastgesteld door de gemeenteraad op 10 december 2024. Op basis van dit bestemmingsplan vigeren de bestemmingen ‘Gemengd - 1’ en ‘Gemengd – 2’ voor de onderhavige locatie. Voornoemde bestemmingen voorzien in de functies wonen en bedrijf met bijbehorende voorzieningen. Dit bestemmingsplan geeft dan ook de actuele visie op de beoogde herontwikkeling weer, waardoor dit bestemmingsplan ten grondslag aan de voorkeursrechtbeschikking kan worden gelegd.
In artikel 9.1, eerste lid, onder a Omgevingswet is opgenomen dat de raad bij voorkeursrechtbeschikking op een onroerende zaak een gemeentelijk voorkeursrecht kan vestigen, voor zover die zaak deel uitmaakt van een locatie waaraan in het omgevingsplan een nietagrarische functie is toegedeeld en waarvan het gebruik afwijkt van die functie.
2.1 Bestemmingsplan “Nieuw-Mathenesse Glasbuurt Oost” is de planologische Grondslag Op basis van de geldende wetgeving dient geconcludeerd te worden wat de planologische grondslag is voor het vestigen van het voorkeursrecht. Hier is het Bestemmingsplan “Nieuw-Mathenesse Glasbuurt Oost” de planologische grondslag op basis waarvan het voorkeursrecht gevestigd kan worden. 3.1 Niet eerder is een voorkeursrecht op de percelen gevestigd. Vanuit de wetgeving wordt aangegeven expliciet te concluderen dat niet eerder op de betrokken percelen een voorkeursrecht is gevestigd. Vandaar dit op te nemen te beslispunt, artikel 7.1 Omgevingsbesluit (inhoud voorkeursrechtbeschikking). Op de betrokken percelen is niet eerder een voorkeursrecht gevestigd. 4.1 Eerste moment dat voorkeursrecht kan vervallen Vanuit de wetgeving wordt expliciet vereist dat moet worden aangegeven wat het eerste moment is dat een voorkeursrecht kan komen te vervallen, vandaar dit op te nemen te beslispunt, artikel 7.1 Omgevingsbesluit (inhoud voorkeursrechtbeschikking). Indien door uw raad wordt besloten tot vestiging van het voorkeursrecht is het eerste moment dat het kan komen te vervallen 5 jaar na het vestigen van de voorkeursrechten. E. Duurzaamheid
Dit voorstel heeft op zichzelf geen duurzaamheidsaspecten. Uiteindelijk is door herontwikkeling van Glasbuurt-Oost sprake van een toekomstbestendige ontwikkeling van een nieuw woon-werkgebied. Inzet is binnenstedelijke verdichting, waarbij in de uitvraag voor herontwikkeling ontwikkelaars uitgedaagd zullen worden om de gemeentelijke ambities ten aanzien van een duurzame kwaliteitsverbetering van de leefomgeving te realiseren. F. Kanttekening en risico’s:
•
•
•
• •
Het voorkeursrecht vormt een inbreuk op het eigendomsrecht/erfpachtrecht doordat eigenaren/erfpachters hun grond/erfpachtrecht niet vrij kunnen verkopen, maar deze eerst aan de gemeente moeten aanbieden. Uit de rechtspraak volgt evenwel dat het gemeentelijk voorkeursrecht op zichzelf een legitieme inbreuk op het eigendomsrecht vormt. De onderhandelingen tussen de gemeente en de erfpachter kunnen een lange doorlooptijd kosten, op het moment dat de erfpachter van gronden, met daarop het gemeentelijk voorkeursrecht gevestigd, wil verkopen. Voorkeursrechten volgen ruimtelijk beleid en kunnen hierdoor op basis van één raadsbesluit in combinatie met een tijdig genomen verleningsbesluit door de raad in de onderhavige situatie tot wel 10 jaar in stand blijven. De erfpachters kunnen in die tijd niet naar eigen inzicht erfpachtrechten verkopen en hebben weinig tot geen mogelijkheden om herroeping af te dwingen. Vestiging van een voorkeursrecht brengt voor de gemeente kosten met zich mee (zie financiële toelichting). De uitvoering van het gemeentelijk voorkeursecht is precisie werk, gekoppeld aan harde termijnen. Het door de gemeente niet correct opvolgen van deze termijnen heeft als risico dat het voorkeursrecht op de locatie vervalt.
G. Financiën:
• •
Voor de vestiging van het voorkeursrecht worden proces- en advieskosten gemaakt. Deze kosten zijn gedekt binnen het beschikbare projectbudget. Voor de mogelijke aankopen als gevolg van de vestiging van het gemeentelijk voorkeursrecht is budget opgenomen in de door uw raad geopende grondexploitatie Glasbuurt-Oost (24VR042).
H. Uitvoering (TA-tekst, planning, communicatie, publicatie, evaluatie/controle etc.):
Communicatie Bekendmaking De voorkeursrechtbeschikking wordt bekend gemaakt door toezending van de beschikking aan de belanghebbenden. Dit geschiedt door middel van een aangetekende brief met bijlagen, waaronder een uitgebreide notitie over de betekenis van het gemeentelijk voorkeursrecht. Inschrijving Binnen vier dagen na de bekendmaking wordt de voorkeursrechtbeschikking ingeschreven in de openbare registers van het Kadaster. Het gemeentelijk voorkeursrecht treedt in werking op het tijdstip van inschrijving in de openbare registers. Terinzagelegging De voorkeursrechtbeschikking wordt met de daarop betrekking hebbende stukken ter inzage gelegd. De terinzagelegging geschiedt in fysieke zin op het Stadskantoor en voorts op elektronische wijze. Kennisgeving terinzagelegging De kennisgeving van de terinzagelegging vindt plaats in het Gemeenteblad. Participatie De vestiging van een gemeentelijk voorkeursrecht leent zich niet voor participatie of voorafgaand overleg met belanghebbenden en/of belangstellenden. Immers, op het moment dat een dergelijk overleg wel wordt geïnitieerd kan dit voor (markt)partijen een trigger zijn om alsnog een positie in te nemen in het onderhavige gebied. Ter voorbereiding van de raadsbehandeling zijn belanghebbenden in de gelegenheid gesteld om een zienswijze in te dienen op de concept voorkeursrechtbeschikking van de raad.
Bezwaar, beroep en zienswijzen Tegen de beschikking van de raad staat bezwaar en beroep open. Op grond van artikel 16.32c Omgevingswet worden bezwaarschriften, ingediend tegen de beschikking van burgemeester en wethouders, thans geacht tegen de raadsbeschikking gericht te zijn. Het concept voorstel aan de raad en de concept beschikking van de raad met de daarbij behorende stukken hebben voor eenieder ter inzage gelegen. Hiervan is openbaar kennis gegeven via een publicatie in het Gemeenteblad, onder vermelding van de mogelijkheid tot het indienen van zienswijzen.
Er zijn geen zienswijzen ingediend, zodat er geen aanleiding bestaat om het voorstel aan de raad aan te passen en/of de concept-raadsbeschikking aan te passen. Mandaat Nu dit een nieuwe handeling betreft vanwege de inwerkingtreding van de Omgevingswet en het huidige mandaatbesluit, of enig ondermandaat, hierin niet voorziet is een aparte volmachtverlening noodzakelijk. Te meer omdat wettelijk vereist is dat degene die de inschrijving verricht daartoe namens de raad bevoegd moet zijn. Wordt de volmacht niet verleend dan is diegene niet bevoegd en dan is het voorkeursrecht niet rechtsgeldig gevestigd en daarmee nietig. Vervolg De vestiging c.q. bestendiging van het voorkeursrecht door de raad geldt voor een periode van vijf jaar. Binnen deze periode dient een zogeheten verlengingsbesluit te worden genomen en op basis daarvan wordt het voorkeursrecht automatisch verlengd voor een termijn van ten hoogste vijf jaar. Bijlage(n): 1. Perceelslijst (25bij02301) 2. Grondtekening (25bij02307) 3. Kopie publicatie in het Gemeenteblad (25bij02308) 4. Format brief aan belanghebbenden en bijlage (25bij02296)
burgemeester en wethouders van Schiedam, de secretaris, de burgemeester,
C.E. Bos
mr. H.M. Bergmann
De raad van de gemeente Schiedam; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 14 oktober 2025 (25VR050) gelet op artikel 9.1, eerste lid, onder a Omgevingswet Besluit: 1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
Toepassing te geven aan Hoofdstuk 9 van de Omgevingswet door op basis van artikel 9.1, eerste lid, onder a van die wet een voorkeursrecht te vestigen op de percelen zoals aangegeven op de bij deze beschikking behorende en als zodanig gewaarmerkte grondtekening met nummer TK-30406274-02 en perceellijst met nummer PL-3040627402, waarop zijn vermeld de bij de vestiging betrokken percelen, hun grootte, alsmede de namen van de eigenaren en de rechthebbenden op de daarop rustende beperkte rechten, één en ander volgens de openbare registers van het Kadaster per 22 augustus 2025. Te concluderen dat er een bestemmingsplan genaamd ‘Nieuw-Mathenesse GlasbuurtOost’ (als onderdeel van het omgevingsplan), vastgesteld op 10 december 2024 (besluit 24VR062), als planologische grondslag aanwezig is op basis waarvan het voorkeursrecht kan worden gevestigd, en om die reden het voorkeursrecht op grond van artikel 9.1, eerste lid, onder a Omgevingswet wordt gevestigd. Te concluderen dat de percelen niet bij een eerdere vestiging van een voorkeursrecht op grond van de Wet voorkeursrecht gemeenten en/of de Omgevingswet betrokken zijn geweest. Te concluderen dat de onderhavige beschikking van rechtswege vervalt vijf jaar na het ingaan ervan, tenzij voor dat tijdstip een verlengingsbesluit door de gemeenteraad is genomen.
Deze voorkeursrechtbeschikking, binnen vier dagen na bekendmaking daarvan door toezending ervan aan de belanghebbenden, te doen inschrijven in de openbare registers, opdat het voorkeursrecht ingaat. De voorkeursrechtbeschikking tezamen met de daarop betrekking hebbende stukken op het Stadskantoor en op elektronische wijze ter inzage te leggen en van de terinzagelegging kennis te geven in het Gemeenteblad, opdat wordt voldaan aan het bepaalde in de artikelen 12 en 13 van de Bekendmakingswet. De heer J.A. van der Land, jurist grondzaken en vastgoed van de gemeente Schiedam, een volmacht te verlenen - met de macht van substitutie – om over te gaan tot registratie van het voorkeursrecht in de openbare registers, zodat het voorkeursrecht vanaf het tijdstip van de registratie rechtmatig in werking is getreden. Te concluderen dat er geen zienswijzen zijn ingediend en er geen aanleiding bestaat om het raadsvoorstel en/of de -beschikking aan te passen.
Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Schiedam in zijn openbare vergadering van 18 november 2025.
de griffier,
de voorzitter,
mr. M. Pe MEC
mr. H.M. Bergmann