Raadsbesluit 2 november 2021 verlengingsaanvraag Wbmgp
Tekst van het document
4%
4%
gemeente Schiedam
Raadsvoorstel
De gemeenteraad van Schiedam
Aan: Registratienummer:
21VR067
Steller:
E.A.M. Tas, Ruimtelijke Ontwikkeling & Beleid
Telefoonnummer atelier:
010 2191787
Portefeuillehouder:
Burgemeester Wethouder Laan
Publicatie:
Openbaar
Onderwerp:
verlengingsaanvraag Wbmgp
21 september 2021
A. Voorgesteld besluit:
conform de daartoe opgestelde bijlage het verzoek om verlenging van de aanwijzing op basis van artikel 9 Wbmgp te doen aan de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrjksrelaties voor het geven van voorrang aan woningzoekenden met specifieke sociaal- economische kenmerken in de volgende gebieden: a. Hogenbanweg; b. Roëllstraat / Mackaystraat en omgeving; c. Dr. Schaepmansingel en omgeving; d. Schuttersveld; e. Groenoord Midden; f. Groenoord Zuid. 2. conform de daartoe opgestelde bijlage het verzoek om verlenging van de aanwijzing op basis Binnenlandse Zaken en van artikel 10 Wbmgp te doen aan de minister van Koninkrjksrelaties voor het toepassen van selectieve woningtoewijzing ter voorkoming van woonoverlast en aan woonoverlast gerelateerde criminaliteit, op basis van inzage in politiedossiers, in de volgende gebieden: a. Boerhaavelaan; b. Boylestraat en omgeving; c. Mariastraat; d. Nicolaas Beetsstraat / Rembrandtlaan; e. Van Heuven Goedhartstraat; f. Groenoord Zuid, 3. de minister te verzoeken bij het geven van voorrang aan woningzoekenden met specifieke sociaal- economische kenmerken op basis van artikel 9 Wbmgp, in de aangewezen gebieden deze voorrang te mogen blijven geven op basis van de volgende kenmerken: a.
Huishoudens waarvan minimaal één persoon een beroep heeft in de maatschappelijke dienstverlening (bijvoorbeeld de overheid, zorg, onderwijs, openbare orde en veiligheid) volgens de definitie van dienstverlening van het CBS; b. Huishoudens waarvan ten minste één persoon werkzaam is in de maakindustrie (volgens de definitie van de bedrijfstak Industrie van het CBS) in Schiedam; c. Huishoudens waarvan ten minste één persoon studeert aan een HBO of WO instelling.
1.
4.
de in de verordening op grond van de Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek gemeente Schiedam 2019 in bijlage 1 en bijlage II genoemde adressen aan te passen conform de in het verzoek om verlenging genoemde adressen.
B. Aanleiding:
Per 1januari 201$ is de Wet bijzondere maatregelen grootstedeljke problematiek (Wbmgp) in Schiedam in werking getreden. De minister van BZK geeft toestemming voor het toepassen van deze wet voor een periode van vierjaar met de mogelijkheid deze termijn op verzoek te verlengen. Uw raad is het aangewezen bestuursorgaan om dit verzoek te doen. De huidige aanwijzing verloopt op 21 december 2021. C. Maatschappelijk doel: In Schiedam streven wij voor alle inwoners naar een aantrekkelijk woonklimaat. In een aantal buurten en straten in de stad moet de leefbaarheid verbeteren om dit aantrekkelijke woonklimaat te realiseren. Schiedam zet in deze wijken in op een breed spectrum aan maatregelen om dit doel te bereiken. De Wbmgp wordt in Schiedam in samenhang met onder meer de integrale aanpak woonoverlast (Wet Aanpak Woonoverlast) en de aanpak van malafide verhuur en bescherming van huurders (verhuurdersvergunning) uitgevoerd. De Wbmgp is binnen dit spectrum een waardevol instrument om de doelstellingen voor een leefbaar woonklimaat voor alle inwoners te bereiken. 0. Argumenten:
Algemeen Onze inwoners in kwetsbare wijken verdienen een goed woon- en leefklimaat. Juist in kwetsbare omstandigheden is het voor bewoners van belang om woonoverlast en crimineel gedrag te voorkomen. En om de sociaal economische draagkracht in buurten te versterken. Om dit voor onze inwoners in deze buurten te bereiken, zetten wij in op een breed spectrum aan maatregelen en instrumenten. Binnen het instrumentarium dat wij beschikbaar hebben, is de Wbmgp voor ons een waardevol instrument dat bijdraagt aan het verbeteren van de leefomstandigheden. Deze ambitie vraagt een lange adem, langer dan de beperkte periode die het instrument nu wordt toegepast. De Wbmgp is in 201$ ingevoerd in samenhang met de Wet Aanpak Woonoverlast. Vanaf 2018 is er een breed instrumentarium opgebouwd om woonoverlast en malafide verhuur en uitbuiting van huurders integraal aan te pakken. De Wbmgp heeft in de meest kwetsbare straten, ook daar waar
veel particuliere verhuur voorkomt, bijgedragen aan het voorkomen van woonoverlast en criminaliteit. Dankzij de Wbmgp is er bovendien een veel beter inzicht ontstaan in malafide verhuur in deze gebieden en in de stad als geheel. Dit inzicht is ook ingezet hij het ontwikkelen en toepassen van onze lokale verhuurdersvergunning op basis van de APV. Het doen van een verzoek in het kader van de Wet bijzondere maatregelen grootstedeljke problematiek (Wbmgp) is een bevoegdheid van de raad. De raad is het bestuursorgaan dat aan de minister kan verzoeken dit instrument in te zetten, of de bestaande inzet te verlengen. Het voorstel voor een verlengde aanvraag Wbmgp bestaat, naast de aanvraag met bijbehorende stukken, uit een kwantitatieve evaluatie en een kwalitatief beeld. Gezamenlijk laten deze stukken zien dat er op onderdelen significante effecten van de maatregelen gevonden worden, maar ook dat er aanleiding is daar waar dit nog niet het geval is (door te geringe verhuismobiliteit) de aanpak door te zetten.
Bij bestispunt 1 voorrang sociaal economische gronden (Wbmgp artikel g) 1.1 De evaluatie geeft aanleiding voor een verlenging van de maatregel voorrang op sociaal
economische gronden.
De evaluatie laat zien dat de effecten van dit instrument nog beperkt zijn, en alleen op deelaspecten een positief beeld laten zien. Bij deze conclusie zijn de volgende aspecten van belang. Deze maatregel is van toepassing op buurten waar de woningen verhuurd worden door Woonplus. De evaluatie laat zien dat de verhuismobiliteit in deze buurten geringer is dan in buurten waar particulier wordt verhuurd. Dat betekent dat de effecten van deze maatregel langer nodig zullen hebben om tot resultaten te leiden. Daarbij speelt mee dat de uitvoering van deze maatregel door onverwachte aanloopproblemen pas in 2019 goed op gang is gekomen. Op deelaspecten vertoont het totale artikel 9 gebied een positievere ontwikkeling dan de stad als geheel, maar voor het geheel van de sociaal economische ontwikkeling valt deze conclusie (nog) niet te trekken. Daarbij ervaart Woonplus dit instrument als een positief instrument ter versterking van de leefbaarheid. 1.2 Het instrument ‘geven van voorrang’ leidt tot verhuringen met voorrang.
De cijfers laten zien dat de met voorrang aangeboden woningen voor 85% zijn verhuurd aan huurders die voldoen aan de voorwaarden voor voorrang. De gegevens wijzen ook uit dat 75% van de huurders met voorrang een inkomen heeft dat behoort tot de primaire doelgroep van de sociale huursector. Ook woningzoekenden met een lager inkomen die voldoen aan de voorrangsvoorwaarde behoren dus tot de groep die een woning met voorrang heeft kunnen huren. Niet op elke woning is gereageerd door een kandidaat met voorrang. Het is daardoor ook voor huishoudens die niet behoren tot de groep met voorrang mogelijk geweest om een woning in deze gebieden te huren. 1.3 De landelijke evaluatie van de Wbmgp laat zien dat het instrument ‘geven van voorrang’ een
bijdrage levert aan de verbetering van kwetsbare wijken.
Op 12 augustus 2021 is het rapport ‘Selectieve Woningtoewijzing, landelijke evaluatie van artikel 8, 9 en 10 van de Wbmgp’ van onderzoeksbureau Rigo gepubliceerd. De minister concludeert in haar begeleidende brief dat de Wbmgp omgeven is door dilemma’s rond enerzijds het recht op vrije vestiging en anderzijds het belang van perspectief en leefbaarheid in kwetsbare buurten voor zowel zittende als nieuwe bewoners. De minister onderschrijft in haar brief aan beide kamers dat de Wbmgp een nuttige aanvulling is voor gemeenten in een brede aanpak voor verbetering van kwetsbare wijken. De minister wenst het instrument Wbmgp daarom in te blijven zetten. De minister signaleert ook dat selectieve woningtoewijzing onderdeel moet zijn van een brede en integrale aanpak die een langjarige inzet vergt. De resultaten hiervan zullen volgens de minister op langere termijn zichtbaar zijn. De minister is zich terdege bewust van de ingrijpende gevolgen op persoonlijk vlak die selectieve woningtoewijzing kan hebben. De aanknopingspunten voor verbetering worden overgelaten aan het volgende kabinet. Bij beshspunt2 selectieve woningtoewijzing woonoverlast (Wbmap artikelio) 2.1 De evaluatie geeft aanleiding voor een verlenging van de maatregel selectieve toewijzing ter
voorkoming van woonoverlast en criminele gedragingen in de woonomgeving
De evaluatie laat zien dat voor het geheel van de aangewezen gebieden de ontwikkeling van de veiligheid een significant betere ontwikkeling heeft doorgemaakt. De Wbmgp is ingevoerd in samenhang met de wet aanpak woonoverlast, de cijfers lijken aan te duiden dat deze gecombineerde inzet een bijdrage levert aan de veiligheid in buurten die de autonome ontwikkelingen in de stad overstijgt. Dit geeft aanleiding om de aanpak in zijn geheel en in
samenhang door te zetten. In de herziene aanvraag wordt wel gekozen voor het laten vallen van een aantal (deel)gebieden. Met de vaststelling van de Woonvisie in september 2020 is een duidelijk beeld ontstaan van de langjarige ambities voor stedelijke vernieuwing. De praktijk uit de afgelopen vier jaar wijst uit dat werken met dit artikel niet praktisch is in gebieden waar uitverhuizing en tijdelijke verhuur is of wordt gestart. Daarom wordt nu alleen gekozen voor verlenging voor adressen waar dit de komende periode niet aan de orde zal zijn. 2.2 Het instrument selectieve toewijzing woonoverlast leidt tot het voorkomen van verhuringen
aan potentieel overlast gevende huurders in kwetsbare gebieden. Voor 3 % van de verhuringen is de aangevraagde vergunning geweigerd. Voor 2% van alle aanvragen is een vergunning vertrekt waarin voorwaarden met betrekking tot het voorkomen van woonoverlast of crimineel gedrag zijn opgenomen. Dat betekent dat 95% van de verhuringen normaal doorgang heeft gevonden. Een aandeel van 5% dat is geweigerd of met voorwaarden is verhuurd, mag beperkt lijken. Maar voor de huishoudens in de omgeving van deze woning, dit is een veelvoud van het aantal weigeringen, is de impact van deze maatregel van grote waarde. In de kwetsbaarste wijken is elke verhuring, die leidt tot een overlast gevende situatie, een verhuring die de matige leefsituatie van buurtbewoners verder verslechtert. Daarbij is het bij de feitelijke aantallen weigeringen niet mogelijk een preventief effect van de maatregel mee te rekenen (punt 2.3). 2.3 Van het instrument selectieve toewijzing woonovertast gaat een preventieve werking uit.
Het aantal daadwerkelijk geweigerde verhuringen bedraagt 3 ¾ van het totaal van de aanvragen. De regelgeving is in het algemeen bekend bij de verhuurders en wordt bekend gemaakt aan geïnteresseerden in de advertenties van Woonpluswoningen binnen het gebied (Woonnet Rijnmond). In die gevallen waar de vergunning geweigerd is, betrof dit in 75% van de gevallen een particulier verhuurde woning en in 25% van de gevallen een woning van de woningcorporatie. De verhuismobiliteit van de corporatie woningen is weliswaar lager, maar het aantal aangewezen woningen van de corporatie (998) is wel veel hoger dan de particulier verhuurde woningen (345). Daarmee laat het beperkt aantal weigeringen van een corporatie woning zien dat een preventief effect vermoed kan worden. 2.4 De inzetbaarheid van de huisvestingsvergunning op basis van selectieve toewijzing
woonovertast heeft een positief effect op straten met veel (illegale) particuliere verhuur en hoge verhuisftequenties. De verplichting voor een huisvestingsvergunning geldt voor alle huurders, ook als er op grond van de Wet basisregistratie personen (BRP) geen verplichting is om in te schrijven in de BRP. Bij aanvang van de maatregel was er in de gebieden met particuliere verhuur veel (administratieve) leegstand en lastig op te sporen illegale kamerverhuur. De noodzaak voor een huisvestingsvergunning heeft inzicht in deze situatie en daarmee handhaving op de BRP en kamerverhuurregels verbeterd. Ook dit neveneffect draagt bij aan het verbeteren van de leefbaarheid. 2.5 De landelijke evaluatie van de Wbmgp laat zien dat het instrument ‘selectieve toewijzing
woonoverlast’ een bijdrage levert aan de verbetering van kwetsbare wijken, maar vraagt om een langere looptijd. De minister geeft in haar brief (zie ook beslispunt 1.3) aan dat artikel 10 Wbmgp als nieuwe maatregel vanaf 2017 in gemeenten is ingevoerd. De minister geeft aan dat de evaluatietermijn voor dit onderdeel (informatie voor de landelijke evaluatie verzameld in 2020) bijzonder kort is geweest. De minister onderschrijft in haar brief aan beide kamers dat de Wbmgp een nuttige
aanvulling is voor gemeenten in een brede aanpak voor verbetering van kwetsbare wijken. De minister wenst het instrument Wbmgp daarom in te blijven zetten. Bij beslispunt voorwaarden voorrang sociaal economische gronden (Wbmgp artikel g) .
3.1 De evaluatie en ervaringen uit de afgelopen jaren geven geen aanleiding om de
voorrangsvoorwaarden te wijzigen.
De evaluatie laat op deelaspecten een verbetering zien van de sociaal economische ontwikkeling van de aangewezen buurten. Op het geheel van sociaal economische aspecten zien we (nog) geen significant andere ontwikkeling dan de stad als geheel. Het maatschappelijk belang van met name de mensen met een dienstverlenend beroep en het belang van verbeteren van het theoretische opleidingsniveau is niet veranderd. Hetzelfde geldt voor het belang dat onze inwoners werk vinden in onze lokale maakindustrie. De cijfers en ervaringen geven geen aanleiding om voor de sociaal economische kenmerken op dit moment andere keuzes te maken dan die vier jaar geleden gemaakt zijn op het gebied van de voorrangsvoorwaarden. Bij beslisyunt 4 aanpassing verordening Wbman 4.1 Verordening aanpassen vanwege daling aantal adressen in verlenging
In het voorstel voor verlenging vervallen een aantal adressen, omdat vanwege ingrijpende vernieuwing van de woningen (in de nabije toekomst) uitvoering van de Wbmgp niet meer zinvol is. Het gaat hier om adressen op de locaties Parkweg Midden (gedeeltelijk), Staatsliedenbuurt (geheel) en Groenoord-Zuid (gedeeltelijk). Het totaal aantal aangewezen adressen in Schiedam daalt met circa 22,5%. Daarnaast wordt bij verlenging van de aanwijzing in het complex aan de van Heuven Goedhartstraat een zestal adressen toegevoegd aan de aanwijzing en daarmee aan de verordening. Deze woningen liggen in het aangewezen complex, maar hebben een afwijkende straataanduiding die niet is vastgelegd in de huidige verordening. 4.2 Daling aantal adressen kan leiden tot geringere kosten in de uitvoering
Het voorstel leidt tot het verkleinen van het in artikel 10 aangewezen gebied. Dit zal leiden tot een besparing op de uitvoering, maar het is lastig aan te geven hoe groot deze zal zijn. Het merendeel van de weigeringen en vergunningen onder voorwaarden betrekking heeft op adressen in particuliere verhuur. Hier is de verhuismobiliteit groter dan voor corporatiewoningen. Ook gaat een preventief effect uit van het adverteren met de voorwaarden artikel 10 Wbmgp op Woonnet Rijnmond. De praktijk zal uitwijzen welk effect dit op de uitvoering heeft. E. Duurzaamheid
Dit voorstel heeft geen raakvlak met duurzaamheid. F. Kanttekening en risico’s:
Bij beslispunt 1 voorrang sociaal economische aronden (Wbmgp artikel g) 1.1 De met voorrang beschikbaar gekomen woningen zijn in ruime mate met voorrang verhuurd.
De aanwijzing voor met voorrang te verhuren woning is beperkt ten opzichte van de totale woningvoorraad. Vooraf was het afwachten of mogelijke huurders, die voldoen aan de voorwaarden, geïnteresseerd zouden zijn in deze woningen. Dit blijkt het geval. Daarmee kan de maatregel als succesvol voor deze groep beschouwd worden. De huidige krapte op de woningmarkt speelt hierbij vermoedelijk wel een rol. Ondanks deze krapte is een deel van de woningen (15%) niet aan een kandidaat met voorrang verhuurd.
Andere huurders zijn door de maatregel meer aangewezen op de overige voorraad. Door niet een te grote groep woningen aan te wijzen, behouden ook andere woningzoekenden kans op een passende woning. De daling van het aantal aangewezen adressen draagt hieraan bij. De voorrangsregeling blijft voor een kleiner aantal adressen in stand en blijft daarmee kansen bieden aan woningzoekenden in cruciale beroepen in de (maatschappelijke) dienstverlening om woonruimte
te vinden. 1.2 In de evaluatie is geen gebruik gemaakt van de leefbaarometer
Landelijk en lokaal is onrust ontstaan over een component uit de landelijke leefbaarometer. Eén van de indicatoren verwijst naar het hebben van een niet westerse migratie achtergrond. Het ministerie herziet momenteel de leefbaarometer, deze indicator zal verdwijnen. Bij de evaluatie van de Wbmgp is een migratieachtergrond niet meegenomen als indicator en is geen gebruik gemaakt van de landelijke leefbaarometer. Deze kanttekening is zowel op beslispunt 1 als beslispunt 2 van toepassing.
Bij besÏispunt 2 selectieve woningtoewijzing woonovertast (Wbmgp artikel ;o) 2.1 In een combinatie van maatregelen is het effect van één maatregel lastig te meten.
De Wbmgp is ingevoerd in samenhang met een aantal maatregelen rond de aanpak van woonoverlast en huisjesmelkerj. Onder meer de Wet Aanpak Woonoverlast en de werkzaamheden van de regisseur woonoverlast maken deel uit van deze aanpak. Het is lastig om de effecten van de maatregelen te kunnen toebedelen aan één onderdeel van het pakket. Dus is lastig te zeggen of het veiligheidscijfer ook zo positief gestegen zou zijn in de betrokken gebieden als de Wbrngp niet was ingevoerd. Wel versterkt het geheel aan maatregelen in de praktijk elkaar. Het kwalitatieve beeld laat zien dat er als neveneffect van de verplichte huisvestingsvergunning een veel effectievere handhaving op inschrijving in de BRP mogelijk is. Dat bemoeilijkt illegale kameiwerhuur en beschermt kwetsbare huurders, vaak arbeidsmigranten, beter tegen uitbuiting. G. Financiën:
Een verlenging van de maatregel Wbmgp legt geen extra beslag op de begroting. De middelen voor de Wbmgp ter hoogte van € 250.000,- zijn vanaf 201$ structureel opgenomen op de begroting in het programma Ruimtelijke inrichting in samenhang. In 2018 is in de Berap (18Vo43) ten behoeve van de uitvoering door de teams KCC en T&H structureel €150.000,- verplaatst naar het programma Overheid in balans (middelen die voor 4 jaar of langer worden begroot zijn begrotingstechnisch structureel). In 2020 is ook ten behoeve van de uitvoering via de tweede TA (2oVRo28) tijdelijk voor een periode van 2 jaar €ioo.ooo,- verplaatst naar het programma Overheid in balans. Vanaf 2022 is in het programma Ruimtelijke inrichting in samenhang. €112.254,- en in het programma Overheid in balans €150.000,- structureel begroot voor uitvoering van de Wbmgp. Deze posten tellen samen op tot €262.254,- (inclusief indexatie). De uitvoeringskosten zijn begroot en worden gemaakt voor de uitvoering van artikel 10 Wbmgp en bestaan grotendeels uit de ambtelijke inzet, met name vanuit Toezicht & Handhaving en het Klant Contact Centrum. Alle inspanningen die we leveren op het gebied van de Wbmgp, controle op de BRP en aanpak van administratieve leegstand, leiden tot extra druk op de formatie van het KCC.
Dit is een na-ijl effect van de noodzakelijke inspanning op verbeteren van de adreskwaliteit Voorts worden er geringe kosten voor de benodigde ICT applicatie gemaakt.
Het voorstel leidt tot het verkleinen van het in artikel 10 aangewezen gebied. Dit geeft een besparing op het uitvoeringsbudget. Hierbij wordt opgemerkt dat het merendeel van de weigeringen en verggunningen onder voorwaarden betrekking heeft op adressen in particuliere verhuur. Hier is de verhuismobiliteit groter dan voor corporatiewoningen. Ook gaat een preventief effect uit van het adverteren met de voorwaarden artikel 10 Wbmgp op Woonnet Rij nmond. Een besparing in de uitvoering zal ook worden gerealiseerd door politie en woningcorporatie. Zij ervaren deze maatregel als arbeidsintensief. Ook leegstand bij ingewikkelde casussen leidt tot kosten bij de verhuurder. Bij inperking van het aangewezen gebied ontstaat hier voor de corporatie een positief effect. De uitvoering van artikel 9 leidt niet tot uitvoeringskosten bij de gemeente. De corporatie heeft hier wel uitvoeringskosten, deze worden voor de corporatie beperkt doordat de uitvoering van artikel g is gedigitaliseerd in het woonruimte verdeelsysteem Woonnet Rijnmond. De corporatie laat weten dat dit systeem goed functioneert. H. Uitvoering (TA-tekst, planning, communicatie, publicatie, evaluatielcontrole etc.); De verordening op grond van de Wet bijzondere maatregelen grootstedeljke problematiek gemeente Schiedam 2019 is in haar huidige vorm vastgesteld op 19 april 2019.
Deze verordening is in werking voor de duur van de aanwijzing en vervalt op de laatste dag van de aanwijzing. In beslispunt 5 wordt besloten de verordening aan te passen voor wat betreft de aangewezen straten en adressen. Een deel van de aanwijzing komt te vervallen. Bij verlenging van de maatregel loopt de verordening Wbmgp 2019 door tot de einddatum van de nieuwe aanwijzing (eind 2025).
Uitvoering van artikel 9 Wbmgp verloopt via een bestaand proces en is onderdeel van het woningtoewijzingssysteem Woonnet Rijnmond. De gemeenteraad is liet bestuursorgaan dat de aanvraag voor verlenging van de maatregel doet bij de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrjksrelaties. De aanvraag en alle stukken die horen bij de aanvraag zullen vanuit de griffie namens de raad verzonden worden. Bijlage(n): Verlengingsaanvraag Wbmgp (21BIJ0;42o), Evaluatie Wbmgp Schiedam (21B1J01421), Kwalitatief beeld Wbmgp Schiedam (21BIJ01422), Tekst begeleidende brief minister (21B1J01423), Aangepaste bijlage 1 + bijlage 2 verordening Wbmgp Schiedam 2019 (21BIJ01424).
burgemeester en wethouders van Schiedam, de burgemeester, de secretaris,
C.E. Bos
C.H.J. Lamers
gemeente Schiedam
De raad van de gemeente Schiedam; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 21 september 2021 (21VR067) Besluit:
conform de daartoe opgestelde bijlage het verzoek om verlenging van de aanwijzing op basis van artikel 9 Wbmgp te doen aan de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrjksrelaties voor het geven van voorrang aan woningzoekenden met specifieke sociaal- economische kenmerken in de volgende gebieden: a. Hogenbanweg; b. Roëllstraat / Mackaystraat en omgeving; c. Dr. Schaepmansingel en omgeving; d. Schuttersveld; e. Groenoord Midden; f. Groenoord Zuid. 2. conform de daartoe opgestelde bijlage het verzoek om verlenging van de aanwijzing op basis van artikel io Wbmgp te doen aan de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrjksrelaties voor het toepassen van selectieve woningtoewijzing ter voorkoming van woonoverlast en aan woonoverlast gerelateerde criminaliteit, op basis van inzage in politiedossiers, in de volgende gebieden: a. Boerhaavelaan; b. Boylestraat en omgeving; c. Mariastraat; d. Nicolaas Beetsstraat / Rembrandtlaan; e. Van Heuven Goedhartstraat; f. Groenoord Zuid, 3. de minister te verzoeken bij het geven van voorrang aan woningzoekenden met specifieke sociaal- economische kenmerken op basis van artikel 9 Wbmgp, in de aangewezen gebieden deze voorrang te mogen blijven geven op basis van de volgende kenmerken: a.
Huishoudens waarvan minimaal één persoon een beroep heeft in de maatschappelijke dienstverlening (bijvoorbeeld de overheid, zorg, onderwijs, openbare orde en veiligheid) volgens de definitie van dienstverlening van het CBS; b. Huishoudens waarvan ten minste één persoon werkzaam is in de maakindustrie (volgens de definitie van de bedrijfstak Industrie van het CBS) in Schiedam; c. Huishoudens waarvan ten minste één persoon studeert aan een HBO of WO instelling. 4. de in de verordening op grond van de Wet bijzondere maatregelen grootstedeljke problematiek gemeente Schiedam 2019 in bijlage 1 genoemde adressen aan te passen conform de in het verzoek om verlenging genoemde adressen.
1.
Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Schiedam in zijn openbare vergadering van 2 november 2021.
de voorzitter
C.H.J. Lamers