Notulen raadsvergadering 14 december 2021
Tekst van het document
begrotingsbehandeling is ingediend, maar die motie beperkte zich tot een verzoek om een structureel budget. Inmiddels is de discussie in de commissie achter de rug, net als de bespre king van de voortgangsbrief over diversiteit en inciusie begin december. Uit die brief bleek, en dat had spreker in de toelichting al aangegeven, dat er sprake is van een structureel bud get, zowel belegd als vrij besteedbaar, al kun je je afvragen of dat voldoende is. Daarmee was de basis van de oorspronkelijke motie weggevallen. DENK heeft naar aanleiding van het ge wisselde in de commissie een bredere motie geformuleerd met meer doelen. Het college ziet echter geen aanleiding om een meerjarig en concreet actieplan ter zake op te stellen, want met de recente voortgangsbrief en de acties die daarin staan, zijn inmiddels behoorlijke vor deringen op dit punt gemaakt, zeker als je het vergelijkt met de eerste voortgangsbrief van een jaar geleden. Spreker heeft de indruk dat de commissie daar positief over was. Hij heeft
33
in de commissie wel toegezegd dat hij bereid is te onderzoeken of in de begroting 2022 meet bare indicatoren voor doelstellingen kunnen worden opgenomen, zowel met betrekking tot het antidiscriminatievraagstuk als wat betreft diversiteit en inciusie. Die toezegging is al gere gistreerd in het systeem van de griffie, dus daar hoeft geen motie meer voor te worden inge diend. In de voortgangsbrief wordt ook gesproken over een duidelijke en structurele aanpak van Schiedam, in samenwerking met de partners uit de stad en de vaste relaties, zoals RADAR. Op alle thema’s is sprake van voldoende inzet ten behoeve van diversiteit en inciusie. De co ordinatie vindt binnen alle beleidsterreinen plaats. Of het nu om 1, 2 of 6 begrotingsposten gaat, in de voortgangsbrief wordt aangetoond dat er sprake is van overzicht en dat daar in voldoende mate duiding aan kan worden gegeven. Dat was voor de raad ook duidelijk, bleek in de commissie. In de voortgangsbrief staat ook, naar aanleiding van de discussie over wel of geen Schie damse coördinator of programmamanager, terwijl het om een beperkt budget gaat, dat het college daar momenteel geen aanleiding voor ziet. Dan zouden overigens veel meer program mamanagers moeten worden aangesteld, terwijl er vanuit P&O-overwegingen momenteel druk wordt gewerkt aan een beperking van het aantal programmamanagers tot de hoogst noodzakelijke dossiers.
De net aangestelde Nationaal Coördinator heeft tot de zomer de tijd om een actieplan op te stellen. Schiedam zal dat nauwgezet volgen en zich er waar nodig te genaan bemoeien. Eventuele bijeenkomsten worden ook bijgewoond. Spreker kan zich voor stellen dat het college zich in het kader van de volgende voortgangsbrief geïnspireerd voelt door het actieplan van de Nationaal Coördinator, maar dat wordt dan duidelijk in die brief. Het college vindt dus niet dat de huidige aanpak van racisme en discriminatie moet worden aangescherpt en ontraadt motie M6. De discussie rond hoofdoekjes en keppeltjes in de commissie verraste het college. Die kwam een beetje uit de lucht vallen. Mevrouw Dokgöz was ook niet helemaal eerlijk in haar berichtgeving naar de pers. DENK heeft een bericht naar de pers gestuurd, waarin de lezing van mevrouw Dokgöz van de discussie in de commissie werd weergegeven en slechts een heel beperkte weergave van de reactie van het college. Spreker is gewend dat de pers hoor en we derhoor toepast maar dat is in dit geval niet gebeurd. Dat is jammer, want daarmee is een verkeerde toon gezet. Spreker heeft namelijk in de commissie aangegeven dat het college in clusiviteit nastreeft, ook binnen de eigen Organisatie. In principe krijgen alle medewerkers, behalve de boa’s, de gelegenheid om vormen van zichtbare uitingen van religie of levensover tuiging te tonen.
De toezichthouders vormen de enige uitzondering, omdat Schiedam wat dat betreft de lijn volgt die ook voor de politie geldt. Voor de politie geldt de afspraak, waarover ook jurisprudentie bestaat, dat uitingen van geloof of overtuiging geen onderdeel zijn van het uniform. De gemeente Schiedam heeft ervoor gekozen om het modeluniform van de VNG te volgen. Dat sluit aan bij de kledingvoorschriften van de Nationale Politie. Daarin is geen ruimte voor religieuze uitingsvormen. De minister van Justitie is vanuit zijn stelselverant woordeljkheid voor de boa’s bezig met een herjking van een en ander. In dat kader vindt een evaluatie plaats door gemeenten en VNG, als bijdrage aan de herjking. De minister heeft er in de Kamerbrief van 8 december 2021 op gewezen, naar aanleiding van de motie die onder andere in Utrecht is aangenomen, dat de meeste gemeenten, waaronder Schiedam, zich als werkgever bij het VNG-model hebben aangesloten en dat hij mitsdien geen ruimte heeft om tegemoet te komen aan de motie. Anders dan hij de Nationale Politie waar hij ook verant woordelijk is voor beheer en kledingvoorschriften is de minister dat namelijk niet voor de boa’s van de gemeenten. Gemeenten kunnen een afwijkend beleid voeren, maar de minister heeft ook aangegeven, en dat gaat verder dan wat mevrouw Dokgöz stelt, dat hij deze discus sie bij de evaluatie zal betrekken.
Hij heeft niet gezegd dat hij deze kwestie aan gemeenten overlaat. De minister heeft letterlijk gezegd dat de gemeente ervoor kan kiezen om handha vers een ander uniform dan het modeluniform te laten dragen, maar dat hij nu bezig is met de stelseldiscussie en in dat kader de gesprekken tussen de gemeenten en de VNG afwacht. Dit onderwerp zal hij bij de evaluatie betrekken en de Kamer daarover informeren in het voorjaar van 2022.
34
Vanaf de werkvloer van Schiedam is er overigens nog nooit een vraag gesteld over deze kwestie. Het is ook nog nooit voor iemand een reden geweest om af te zien van een sollicita tie. Spreker vindt verder dat een functie, waarbij de overheid zich in de samenleving manifes teert in de vorm van een handhavende rol, een bijzondere overheidstaak is waarbij zorgvul digheid essentieel is. De Schiedamse boa’s oefenen taken uit rondom de APV, de controlebe voegdheid Drank- en Horecawet, de interventieteams rondom ondermijning, en ze kunnen met last van de burgemeester binnentreden. Dan moet je neutraliteit kunnen uitstralen. Ui tingen van geloofs- of levensovertuiging zijn daarbij niet passend. Dat is ook de lijn die de po litie hanteert. Je moet als boa neutraal zijn in de uitoefening van je werk. Je draagt het uni form namens de gemeente en niet als persoon. Dat uniform draag je als functionaris. Je moet dan zonder aanziens des persoons kunnen handelen en neutraliteit kunnen uitstralen. Reli gieuze uitingen, met alle respect daarvoor, kunnen ertoe leiden dat een boa niet wordt gezien als vertegenwoordiger van de gemeente en van de overheid. Het uniform moet uitstralen dat het ambt boven het individu gaat.
Er liggen twee juridische uitspraken, van het Europees Hof voor de Rechten voor de Mens en van het College voor de Rechten van de Mens, die inhouden dat neutraliteit en veiligheid argumenten zijn voor een werkgever om niet toe te laten dat er levensovertuigende elemen ten in de kleding worden opgenomen. Dat betekent dat er wel degelijk een grond is om dat te doen. Het college ontraadt aanvaarding van motie M7 dus ook. Het gaat ook niet over tot het creëren van een eigen ldedingvoorschrift op dit punt. Als de minister bij de evaluatie van het
hele boa-stelsel qua inhoud, bevoegdheden en kleding, tot een andere conclusie komt, zal de gemeente die zeker volgen, maar in afwachting daarvan kiest de gemeente de lijn dat er geen uitzondering op dit punt wordt gemaakt en dat er binnen de G4o zo veel mogelijk wordt ge probeerd om een uniforme uitstraling te realiseren. Het lijkt de Voorzitter goed om de twee moties in de discussie te scheiden. Motie M6 komt in de plaats van de eerder tijdens de begrotingsbehandeling aangehouden motie M17. Motie M7 is een toegevoegde motie. Er kan nu eerst worden gedebatteerd over motie M6, Structureel, concreet en voortvarende aanpak van racisme en discriminatie. Daarna komt motie M7 aan de beurt. Dat komt de duidelijkheid ten goede, ook voor de mensen thuis. Spre ker geeft mevrouw Dokgöz eerst de gelegenheid om te reageren op het betoog van de burge meester. Mevrouw Dokgöz erkent dat er een budget is, maar een groot deel daarvan gaat naar RA DAR. Er blijft ongeveer €15.000 over voor andere initiatieven. Maar er is wel €55.000 be schikbaar voor het actieplan LHBTI. Er is ook beleid, maar dat is versplinterd en verschraald, terwijl racisme en discriminatie een groot probleem is dat op veel terreinen voorkomt, zoals op de woningmarkt, de arbeidsmarkt en in het onderwijs. Spreekster verzoekt de burgemees ter nog eens het Rotterdamse voorbeeld te volgen.
In het actieplan van Rotterdam wordt be gonnen met het erkennen van het probleem, gevolgd door concrete acties en doelstellingen, waarvoor ook ruim voldoende budget beschikbaar wordt gesteld. Mevrouw Van Dijk herhaalt dat de fracties van GroenLinks en Van Dijk teleurgesteld zijn over de brief van het college. Er wordt vooral teruggeblikt en maar heel weinig en zelden con creet aangegeven wat de gemeente wil doen om diversiteit en inclusie te bevorderen en ra cisme en discriminatie aan te pakken. Daarom dienen de fracties de motie mede in. Van het huidige budget is bijna alles bestemd voor RADAR. Er blijft minder dan €20.000 per jaar over om andere activiteiten op te zetten. Door de versplintering over de beleidsterreinen, zonder dat iemand er op programmatische basis mee aan de slag gaat, zijn acties dan lastig te organiseren. Mevrouw Zwang verzoekt de burgemeester toe te zeggen dat in de volgende begroting en de Zomernota indicatoren over discriminatie worden opgenomen en dat de raad in de gele genheid wordt gesteld daarover mee te denken.
35
Mevrouw Bielunan wil één ding duidelijk stellen namens haar fractie: D66 staat voor een inclusieve samenleving. Racisme en discriminatie moeten grondig worden aangepakt, intern en extern. Desondanks steunt de fractie de motie van DENK niet. Spreekster blijft van me ning dat de inzet van de lokale coördinator via een lokaal actieplan aansluiting moet vinden bij zowel het uitvoeringsplan van de Nationaal Coördinator Racisme en Discriminatie als het landelijk actieplan dat alle Europese lidstaten in 2022 moeten hebben opgesteld. Dat moet een kader stellend stuk opleveren waar je op lokaal niveau uitvoering aan kunt geven. Spreek ster ziet de meerwaarde van de inciusiviteitsindex echter wel degelijk. Het zou goed zijn als de burgemeester die toezegt. De heer Pegtel neemt namens zijn fractie genoegen met de toelichting van de burgemees ter en de brief van het college. Hij steunt de motie niet. De fractie van mevrouw De Vries is tevreden over de voortvarende aanpak van de ge meente van racisme en discriminatie. Het AOV is van mening dat een budget voor de aanstel ling van een Schiedamse coördinator tegen racisme en discriminatie beter kan worden be steed aan initiatieven uit de stad die mensen met elkaar verbindt.
De heer Janssen wijst erop dat de raad een zeer uitgebreide brief van het college heeft ontvangen, waarin heel veel staat over wat er al wordt gedaan en wat er nog zal worden ge daan aan racisme en discriminatie. Zo komt er ook een plan van aanpak woningmarktdiscri minatie, onder meer op voorstel van de VVD-fractie. De lijn van het college is heel verstandig. Het heeft geen zin daar een bak plannen aan toe te voegen, zoals in de motie wordt gevraagd. De fractie stemt tegen de motie. De heer Berns deelt de afweging van het college. Het onderwerp heeft inmiddels vol doende aandacht en budget, ook gegeven de omvang van de problematiek. De fractie zal de motie niet steunen. De heer Mans deelt mee dat mevrouw Biekman het standpunt van zijn fractie uitstekend heeft verwoord. De Voorzitter constateert dat de burgemeester één vraag heeft gekregen en een verzoek om een toezegging. De heer Lamers herhaalt dat hij onderschrijft dat er moet worden gezocht naar een mdi cator waarvan de voortgang meetbaar moet zijn, zowel op het thema antidiscriminatie als wat betreft inclusiviteit. De inciusiviteitsindex zou daar behulpzaam bij kunnen zijn, maar daar wordt nog naar gekeken. Spreker zegt toe de raad daarbij te betrekken.
De Auditcommissie lijkt hem bijzonder geschikt om te kijken of bepaalde indicatoren moeten worden vervangen of toegevoegd, want dat gebeurt vaker in begrotingsprocessen, soms ook op verzoek van de raad. Spreker is graag aanwezig bij die discussie. De Voorzitter stelt vervolgens de bespreking van motie M7 aan de orde. Eerst krijgt me vrouw Dokgöz de gelegenheid om reageren op het betoog van de burgemeester. Mevrouw Dokgöz is benieuwd wat er niet klopt aan het bericht van haar fractie aan de pers, want volgens haar was dat feitelijk correct. Zij wil ook graag weten waarom de burge meester tegen het voorstel is, want dat gaat helemaal niet ten koste van de neutraliteit of de uniformiteit van de boa. Juist omdat dit een lokale aangelegenheid is, zowel beleidsmatig als juridisch, diverse gemeenten zich hier al positief over hebben uitgelaten en het al prima werkt in andere landen, kan hierover vandaag een positieve beslissing worden genomen, zo dat iedereen zich daadwerkelijk betrokken en geaccepteerd voelt. De heer Berus is van mening dat een uniform van de boa of de politie, of een politiepet, uitstraalt dat je tijdens de handhaving het overheidsgezag representeert. Dat doet een muts,
36
een shawl of een hoofddoek niet. Als burger luister je naar een politieagent, niet vanwege de persoon die iets zegt, maar vanwege datgene wat hij of zij vertegenwoordigt, namelijk de Ne derlandse rechtsstaat en dat is iets meer dan een Organisatie. Je vertegenwoordigt jezelf niet, je vertegenwoordigt het gezag. Een burger heeft zich naar dat gezag te voegen. Met een isla mitische hoofddoek beljd je dat je je voegt naar het religieuze gezag van de islam. Een hoofddoek moet uiteraard worden gerespecteerd. Die wordt ook gedragen vanuit een christelijke achtergrond. Als een vrouw bidt, bedekt zij soms haar hoofd. Het is ook prima om biddend je werk te doen. Spreker is daar ooit mee begonnen in de raad en hij doet dat nog steeds; ora et labora. Dat vraagt om respect, maar je bidt dan op bepaalde momenten. Een hoofddoek is een religieuze uiting, dus het religieuze en het staatsgezag worden vermengd op het moment dat je als boa een hoofddoek of een keppel draagt. De vraag is dan waar je je naar richt als je wordt aangesproken door een persoon. Islam betekent onderwerping, dus als je een hoofddoek draagt, ben je voortdurend onderworpen aan de islam. Maar in je functie draag je een ander gezag uit. Die vermenging is verwarrend en moet worden voorkomen. Mevrouw Van Dijk begrijpt het niet helemaal.
Stelt de heer Berns dat, wanneer je een hoofddoek draagt, je niet integer je werk kan doen en dat je niet in staat bent het een van het ander te scheiden? Volgens de heer Berns heeft hij niets gezegd over integriteit. Mevrouw Van Dijk wijst erop dat de heer Berns wel aangaf dat, als je met een dergelijke functie een hoofddoek draagt, de vraag zich voordoet ofje de functie van de Staat uitvoert, of bezig bent met je religie. Dat is wel degelijk een integriteitsvraagstuk. De heer Berns zou de term integriteit in dit kader niet kiezen. Hij constateert dat er sprake is van twee verschillende gezagsljnen. De vraag is wie je op dat moment vertegen woordigt. Als spreker als burger wordt aangesproken, wordt hij niet vanwege de islam aange sproken maar vanwege de rechtsstaat, op grond van de Nederlandse Grondwet. Daarvoor buigt hij, maar hij zal zich nooit onderwerpen aan de islam. De Voorzitter heeft de indruk dat mevrouw Van Dijk en de heer Berns het niet eens wor den. Mevrouw Dokgöz stelt dat wanneer iemand met een hoofddoek of een keppel achter de schermen bij de overheid werkt die hoofddoek of keppel geen probleem is. Vindt de heer Berns dat ook, of vindt hij het een probleem als iemand met een hoofddoek in het gemeente huis voor de Schiedammers werkt? Spreekster is van mening dat die persoon zich prima neu traal en professioneel kan gedragen.
Neutraliteit zit namelijk ook in het gedrag en dat heeft niets te maken met het uiterlijk, maar met bepaalde afwegingen. Het is raar wanneer je ach ter de schermen wel met een hoofddoek of keppel kunt werken, maar in de openbare ruimte niet. Het gaat slechts om een klein stukje stof. Waarom is dat zo’n groot probleem voor de heer Berns? Mevrouw Biekman hoorde de heer Berns zeggen dat hij zich nooit zal onderwerpen aan de islam. Kan hij die uitspraak toelichten? Vindt de heer Berns dat, wanneer een baliemede werker een hoofddoek draagt, zij dus onderworpen is aan de islam? Volgens de heer Berns gaat de discussie daar niet over. Hij heeft geen moeite met een hoofddoek, integendeel, zeker niet bij de balie. Het gaat nu echter om handhaving. Iemand met een dergelijke functie heeft dan een duidelijk andere rol. Spreker onderwerpt zich inder daad niet aan de islam, want een niet-mohammedaan is voor de islam een tweederangsbur ger, maar dan is er een probleem met de inclusiviteit. De Nederlandse rechtsstaat stelt dat ie dereen voor de wet gelijk is.
37
Mevrouw Rofteveel merkt op dat de Tweede Kamer vandaag een motie heeft aangeno men over een verbod op het gebruik van hoofddoekjes door boa’s. Islamitische begraafplaatsen, het afschaffen van Zwarte Piet, aparte zwem- en sporturen voor vrouwen, islamitische verzorgingstehuizen voor senioren, meer en meer islamitische scholen. DENK pleit voor het toestaan van hoofddoekjes door boa’s, omdat niemand mag worden uitgesloten vanwege religie. Volgens vele moslima’s is het dragen van een hoofddoek een eigen keus. Door een hoofddoek te dragen, draag je je religie uit. Wanneer je je dan voelt uitgesloten, is dat ook je eigen keus. Het gaat niet aan dat in Nederland regels moeten wor den aangepast vanwege jouw eigen keus. Beljd je geloof achter de voordeur en in je hart! Over het stapje voor stapje doordrukken van islamitische gebruiken en gewoonten in Ne derland zegt LOS: voor moslims die het niet eens zijn met de Nederlandse cultuur en religie en zich niet comfortabel voelen in Nederland staan meer dan 55 moslimlanden met sharia wetgeving over de gehele wereld klaar. Daar worden ze met open armen ontvangen. Wil je in Nederland verblijven, dan moet je de Nederlandse cultuur omarmen, integreren en geen ver deeldheid en tweedeling zaaien.
De Voorzitter merkt op dat de laatste kwestie die mevrouw Rotteveel opbrengt nu niet ter discussie staat, want het gaat niet om de keus voor een woonplaats. Mevrouw De Vries sluit zich namens haar fractie aan bij het betoog van de heer Berns. In de Tweede Kamer is vandaag inderdaad een motie aangenomen tegen religieuze uitingen, toevoegingen en of versierselen aan het uniform van toezichffiouders en boa’s, want die doen afbreuk aan een neutrale houding. Het AOV sluit zich daarbij aan. Spreekster zou het ook niet prettig vinden als een toezichthouder met een hakenkruis gaat rondlopen. De Voorzitter stelt de raadsleden voor om te proberen elkaar met respect te blijven beje genen. De heer Janssen merkt namens zijn fractie vooraf op dat het ironisch is dat de burge meester een prachtig en zuiver seculier standpunt verdedigt, terwijl GroenLinks, daarvoor de PSP, eerst voorstander was van minder religieuze invloed, maar zich nu een groot voorstan der van dit plan toont. Als seculiere partij staat de scheiding van kerk en Staat hij de Schiedamse VVD hoog in het vaandel. Agenten en boa’s die namens de overheid wet- en regelgeving handhaven, moeten dit neutraal doen. Die neutraliteit zit hem in het functioneren, maar zeker ook in de uitstra ling. Het als handhaver openlijk dragen van religieuze of levensbeschouweljke symbolen, welke dat ook zijn, ondermijnt die neutrale uitstraling.
Dat is voor de Schiedamse VVD een
no go. De fractie is daarom tegen de moties. Dan nog iets over de keppeltjes. De Schiedamse VVD krijgt heel veel signalen dat veel mensen die eigenlijk een keppeltje zouden willen dragen dat in de openbare ruimte niet dur ven, niet alleen in Schiedam. In de ogen van de VVD is dat een groter probleem dan wat in de motie staat, namelijk dat je je als handhaver of agent niet religieus mag uiten. De fractie van de heer Pegtel stelt dat de motie een belangrijk onderwerp aankaart, maar gelet op de brief van demissionair minister Grapperhaus van 8 december jongstleden aan de Tweede Kamer is de motie te voorbarig. Minister Grapperhaus heeft eerder gezegd dat ge meenten zelf mogen bepalen wat de boa’s dragen. Daarnaast deelt hij in zijn brief mee dat hij vanuit de stelselverantwoordeljkheid bezig is met de herjldng van de boa-functie en het boa stelsel. Voor het verschijnen van die brief hebben enkele andere gemeenten moties aangeno men die hetzelfde doel hebben als de thans voorliggende motie. Door onder meer de gemeen ten Utrecht en Amsterdam is een verkenning gestart of een uiting van geloofs- of levensbe schouweljke overtuiging onderdeel mag zijn van het uniform van de boa en op welke manier dat eventueel zou kunnen. Hierover vinden de komende tijd gesprekken plaats tussen ge noemde gemeenten met de VNG, het ministerie van Justitie en Veiligheid en vertegenwoordi gers van de boa’s.
Naar de uitkomst daarvan is de fractie reuze benieuwd.
3$
Het ontwerp van het uniform van de boa’s is een ontwerp van de VNG en heeft een aantal specifieke kenmerken, bedoeld om de herkenbaarheid, zichtbaarheid en bekendheid van boa’s te vergroten, maar ook om meer uniformiteit tussen de gemeenten te krijgen. Het is bovendien een beschermd model, waarvan de VNG de intellectuele eigendomsrechten bezit. Het wordt ook door de Schiedamse boa’s gedragen. Uitingen van levensbeschouweljke over tuigingen of geloof maken op dit moment geen onderdeel uit van het modeluniform van de VNG. De VNG evalueert in 2022 met haar leden het gebruik en uiterlijk van dit beschermde modeluniform. Deze evaluatie moet uitwijzen of het model aangepast moet worden. Minister Grapperhaus heeft in zijn brief van 8 december ook gezegd dat hij niet alleen de gesprekken tussen de gemeenten onderling en met de VNG afwacht, maar ook de evaluatie van de VNG inzake het modeluniform. De minister zal, als daartoe aanleiding bestaat, verkennen of lan delijke regelgeving opportuun is. Daarnaast is hij bezig met een herjking van de boa-functie en het boa-stelsel. Over al deze zaken zal hij de Tweede Kamer in het voorjaar van 2022 in formeren. Daarom vindt het CDA Schiedam de motie voorbarig. Bovendien is de motie uit praktische en juridische overwegingen niet eens uitvoerbaar voor de gemeente Schiedam al leen.
Moet bijvoorbeeld een vrouwelijke boa met een hoofddoek haar hoofddoek bij de grens van Rotterdam afdoen, omdat daar weer andere regels gelden? Het CDA Schiedam ziet in de geschetste ontwikkelingen alle aanleiding om de porte feuillehouder te verzoeken toe te zeggen dat, zodra er maar iets bekend is van de uitkomsten van het een of het ander, hij de gemeenteraad hierover informeert. Daarom verzoekt spreker de indieners om de motie aan te houden. Mevrouw Post is van mening dat een boa in Schiedam, als hij of zij in een uniform loopt, niet veilig is. Stel dat mevrouw Dokgöz in een boa-pakje met een hoofddoekje buiten gaat rondlopen, dan is zij haar leven niet zeker, want de agressie is hier heel erg hoog, zeker tegen boa’s. Mevrouw Biekman is geschokt over de uitspraak van mevrouw De Vries waarin zij een hoofddoek vergelijkt met een hakenkruis. Haar partij is in den lande verdeeld over de boa’s. De Schiedamse fractie heeft er ook over gesproken. D66 heeft het seculiere gedachtegoed hoog in het vaandel staan. De fractie begrijpt echter de roep om inclusiviteit, ook bij de politie en de boa’s. De kwestie wordt ook besproken op diverse thematafels en de politie organiseert in dat kader gesprekken over di versiteit en inclusie. Tevens wordt er gesproken met de Bond voor boa’s.
Haar fractie heeft daarom besloten de ontwikkelingen rondom dit onderwerp af te wachten, dus stemt zij op dit moment niet voor de motie. Spreekster sluit zich aan bij het verzoek van de heer Pegtel aan DENK om de motie aan te houden. Is er overigens draagvlak binnen Toezicht en Handhaving en worden daar gesprekken mee gevoerd? Mevrouw De Vries vergelijkt een hoofddoek niet met een hakenkruis. Haar uitspraak in dat kader was inderdaad heel heftig maar dat was ook de bedoeling. Het gaat spreekster erom dat, als zij wordt aangesproken door een boa, zij niet wil weten wat zijn politieke voor keur of zijn religie is. Zij wil slechts worden aangesproken door een boa. Zij wil ook niet aan een boa kunnen zien wat zijn politieke voorkeur of religie is. Spreekster gebruikte de term “hakenkruis” om iedereen wat dat betreft even wakker te schudden. De Voorzitter ging er even rechtop van zitten, dus het laatste is gelukt. Mevrouw Zwang begint in een heel andere context. Zij was een tijdje geleden bij een oud PvdA-raadslid. Samen bekeken ze een aantal oude foto’s, ook een foto van een raadsver gadering met raadsleden en wethouders die hevig rookten. Als je die foto nu ziet, denk je: dat kan toch niet waar zijn? Als je tien jaar geleden in de zorg werkte en je had een tatoeage, moest je die afplakken. Je mocht niet werken als je tatoeage zichtbaar was.
Daar kun je je nu niets meer bij voorstellen. Een aantal jaren geleden waren er bij supermarkten allerlei toe standen over het wel of niet dragen van een hoofddoek als je daar werkte. Ze hebben het daar opgelost door een specifieke supermarkthoofddoek te ontwerpen, dus eentje voor Albert
39
Heijn, maar ook eentje voor de Jumbo. Spreekster ziet dit als een ontwikkeling die de samen leving doormaakt, die Nederland doormaakt. Als een vrouwelijke boa een hoofddoek gaat dragen, wil dat niet zeggen dat zij daarmee haar religie laat zien. De samenleving verandert nu eenmaal. Deze kwestie maakt daar onderdeel van uit. De PvdA-fractie vindt de motie dus sympathiek en zal die steunen. De Voorzitter constateert dat mevrouw Zwang door haar spreektijd heen is. De heer Mans gaat de motie namens zijn fractie niet steunen, maar om een heel an dere afweging en niet op grond van sommige bijdragen van vanavond, want die werpt hij verre van zich. Spreker constateert dat in deze raad af en toe uitlatingen worden gedaan in de trant van: “liet is ons land”, en “pleur op naar liet buitenland”. Dat is niet goed. Daar distanti eert spreker zich van. De afweging die de fractie van Progressief Schiedam maakt, is dat er op dit moment landelijk allerlei zaken rondom dit thema spelen. Laat de landelijke politiek nu eerst stelling nemen. Er is in de Tweede Kamer een motie aangenomen. De heer Grapperhaus heeft zich erover uitgelaten. Hij heeft dat ook al eerder gedaan. De VNG is ermee bezig, dus Schiedam is te vroeg. Daarmee sluit spreker zich aan bij de woorden van de heer Pegtel: Eerst kijken hoe het landelijk wordt opgepakt en dan verder kijken hoe daar in Schiedam mee wordt omgegaan.
De fractie is overigens absoluut geen tegenstander van boa’s met hoofddoekjes maar acht de motie te vroeg ingediend. Mevrouw Van Dijk wijst erop dat de fracties van GroenLinks en Van Dijk de motie mede hebben ingediend, dus zij zullen voor de motie stemmen. De heer Janssen van de Schiedamse VVD kan gerust zijn, want GroenLinks en de fractie Van Dijk zijn principieel voor de strenge scheiding van kerk en Staat. Religie zou geen invloed mogen hebben op de wijze waarop overheidsfunctionarissen hun werk doen. Het dragen van een hoofdbedekking is echter geen geloofsbeljdenis maar onderdeel van de identiteit van mensen. Alle mensen zouden hetzelfde recht moeten hebben om in het publieke leven mee te kunnen doen. Zo lang mensen objectief en met een integer en schoon hart hun werk uitvoeren, is er niets aan de hand. Dat gebeurt al in ontzettend veel andere sectoren. Spreekster zou niet weten waarom een hoofdbedekking geen prima onderdeel zou kunnen zijn van liet uniform in Schiedam. De opmerking van de burgemeester triggerde spreekster. Hij stelde dat boa’s, handha vers, neutraliteit moeten uitstralen. Een aantal andere fracties zei dat ook. De vraag is hoe de burgemeester en die andere fracties dan staan ten opzichte van een burgemeester die een hoofddoekje draagt.
Als je het hebt over neutraliteit en een burgemeester die een burgervader of burgermoeder voor alle inwoners van een gemeente is, omdat hij of zij boven alle politieke partijen staat, zou dan een moslima met een hoofddoek geen burgemeester in Nederland mo gen worden? De Voorzitter constateert dat er onder andere een vraag is gesteld over het aanhou den van de motie. Mevrouw Dokgöz hoort allerlei bestuurlijke argumenten om de motie aan te houden, maar ook opmerkingen waarbij respect helaas verder te zoeken is, zoals de vergelijking met een hakenkruis of het onderwerpen aan de islam en het advies om maar in een islamitisch land te gaan wonen. De Voorzitter herhaalt zijn vraag of DENK bereid is de motie aan te houden. Het is niet de bedoeling dat mevrouw Dokgöz een nieuw betoog houdt. Mevrouw Dokgöz antwoordt dat haar fractie de motie overeind houdt, omdat het hier om politieke wil gaat en omdat dit een lokale aangelegenheid is. De Voorzitter wijst vervolgens op de vraag aan de raadsleden en de burgemeester of er in Nederland een burgemeester met een hoofddoek zou kunnen zijn.
40
De heer Lamers constateert dat er nogal eens vragen vanuit de raad komen waar hij niet op is voorbereid. Dit is er zo eenije. Spreker vindt het jammer dat mevrouw Dokgöz kennelijk niet goed naar zijn bijdrage in eerste termijn heeft geluisterd. Hij heeft aangegeven dat het persbericht van DENK vooral haar eigen inbreng bevatte maar niet de discussie daarna. De tweede termijn van de discussie was echter heel evenwichtig. Het is ook jammer dat er niet goed is geluisterd naar sprekers principiële verhaal over neutraliteit. Een boa is een gezagsdrager namens de overheid, in het bijzonder namens de ge meentelijke overheid, maar hij of zij heeft ook ministeriële en justitiële bevoegdheden. Daar zijn de minister en de politie mede voor verantwoordelijk. Boa’s staan bij de feitelijke uitoefe ning van hun taken onder toezicht van een politiefunctionaris. Dat betekent dat het gezag een belangrijke rol speelt. Spreker is principieel voorstander van een scheiding van kerk en Staat. Je kunt discussiëren over de vraag of een hoofddoek wel of geen uiting is van een godsdien stige opvatting, maar dat staat enkele malen letterlijk in de motie van DENK. Daarin wordt gesproken over het dragen van godsdienstige of levensbeschouweljke uitingen. Daarmee legt DENK zelf die koppeling. Volgens mevrouw Zwang is het een maatschappelijke trend.
Daar zou spreker meer begrip voor kunnen hebben, maar DENK en mevrouw Dokgöz leggen heel expliciet een koppeling met een kerkelijke relatie en een levensbeschouweljke houding. Ui teraard wordt dat gerespecteerd, geen misverstand daarover. In de commissie heeft spreker de vraag of de gemeente mensen met een hoofddoek in dienst neemt, ook volmondig met “ja” beantwoord. Er werken een heleboel mensen met een hoofddoek bij de gemeente. In die zin is dat geen enkele belemmering, maar de boa’s zijn daarvan uitgezonderd en dat heeft met die gezagspositie te maken en de noodzaak tot neutraliteit. In de kern komt het erop neer dat religieuze uitingen in je kleding ertoe kunnen leiden dat je als boa door een inwoner niet meer als vertegenwoordiger van de gemeente wordt gezien, omdat de geloofsovertuiging dan domineert. Dat komt het ambt niet ten goede. De gemeente volgt de ldedingvoorschriften volgens de VNG-lijn. Het college ziet geen aanleiding om daar verandering in aan te brengen, al worden de ontwikkelingen in het land uiteraard gevolgd. Er is inderdaad een motie aangenomen in de Tweede Kamer, waarin de Kamer de minister oproept hoofddoekjes geen onderdeel te laten zijn van het uniform van de boa. Wat betreft de vraag of er draagvlak is binnen Toezicht en Handhaving heeft spreker in eerste termijn al aangegeven dat dit de oplossing is van een niet bestaand probleem.
Bin nen Toezicht en Handhaving is dit namelijk geen enkele discussie. Er werken enkele perso nen met een moslimachtergrond, maar als zij in uniform zijn, hebben ze geen enkele behoefte aan het dragen van een hoofddoek tijdens de uitoefening van hun werk. Dragen ze burgerkle ding, dan is het volstrekt toegelaten om een hoofddoek te dragen, want dan dragen ze geen uniform. Maar die behoefte is er verder niet en er wordt ook niet naar gevraagd. Het laatste is recentelijk gecheckt en het blijkt niet te spelen. Spreker vermoedt, al weet hij dat niet zeker, dat dit ook geen belemmering is bij sollicitaties. De diverse ontwikkelingen worden verder op de voet gevolgd. Als er uit de discussie tussen de minister en de VNG nieuwe zaken naar vo ren komen, wordt de raad daarvan op de hoogte gesteld. Spreker betreurt het dat mevrouw Post suggereert dat boa’s niet veilig zijn. De functie is inderdaad niet benijdenswaardig maar de boa’s krijgen een gedegen training, waarbij ze weerbaar worden gemaakt. Spreker is blij dat Schiedam over ongeveer 40 boa’s beschikt die op de gekste momenten van de dag de gekste problemen willen oplossen. Ze helpen op die manier mee aan de veiligheid in Schiedam. Hun gezag is ermee gediend dat hun werk zonder geloofsuitingen plaatsvindt. Gelukkig heeft dit land minstens twee burgemeesters, weliswaar mannen, die belj dend moslim zijn en daar openlijk voor uitkomen.
Dat zijn de twee Ahmeds, in Arnhem en in Rotterdam. Spreker werkt heel nauw samen met zijn collega uit Rotterdam en weet in dat ka der dat burgemeester Aboutaleb daar in zijn privé-omgeving, ook uiting aan geeft. Deze is daar heel principieel in. Datzelfde geldt voor zijn collega Marcouch uit Arnhem. Op het mo ment dat ze burgervader zijn en als burgemeester optreden, zijn ze van de stad. Dan passen ze zich wat dat betreft aan. Als je spreker privé tegenkomt, ziet hij er af en toe ook anders uit dan wanneer hij functioneel ergens aanwezig is. Dat is precies hetzelfde. Dus ja, een moslima
41
zou prima burgemeester in dit land kunnen worden, maar ze zou er verstandig aan doen om in haar officiële optredens geen hoofddoekje te dragen. De Voorzitter dankt de burgemeester en merkt op dat deze de raadsleden nieuws gierig maakt naar diens vrijetijdskleding. De heer Pegtel zou graag zien, als de ontwikkelingen daartoe aanleiding geven, dat deze kwestie ook in de raadscommissie of in de raad aan de orde komt. Dat lijkt de Voorzitter vanzelfsprekend. Mevrouw Biekman verduidelijkt dat de fractie van D66 vanuit pragmatisch oogpunt voor een gekozen burgemeester is. Als een moslima wordt gekozen, kan zij de functie gewoon vervullen. Overigens zijn er ook wethouders die een hoofddoek dragen. Wat D66 betreft is dat een verlengstuk van de politiek. De Voorzitter constateert met genoegen dat mevrouw Biekman het laatste kroonju weel van D66 in dit verband nog even noemt. Mevrouw Van Dijk is een beetje geschrokken van het antwoord van de burgemeester. Hij merkt heel voorzichtig op dat hij het een vrouwelijke burgemeester niet aanraadt om tij dens het werk een hoofddoek te dragen, maar bedoelt hij daarmee dat zij als vrouwelijke bur gemeester de integriteit dan niet kan bewaren? Of wordt zo’n vrouwelijke burgemeester door de inwoners minder serieus genomen? De heer Lamers vindt dat een verkeerde interpretatie van wat hij heeft geprobeerd te zeggen.
Hij heeft geprobeerd duidelijk te maken dat burgemeesters optreden op momenten wanneer ze een gezagsrol vervullen. Dat kan een representatieve rol zijn, maar ook een ge zagsrol. De ambtsketen uit 1851 is destijds in het leven geroepen als openbare-ordeteken. Als er een oproer was, moest de burgemeester zich kunnen manifesteren. Als hij dan met keten en al binnen kwam lopen, al kun je je dat in deze tijd niet meer voorstellen, ging iedereen op zij om de burgemeester de ruimte te geven, dook iedereen in de hoek en was het gedaan met het vandalisme. Dat werkte in 1851, nu niet meer helaas en dat is jammer. Wat dat betreft leeft spreker in de verkeerde tijd. Volgens de Voorzitter is dat maar goed ook, want de tijden zijn ten goede veranderd. De heer Lamers concludeert dat er dus enig gezag is verbonden aan het ambt van burgemeester, of het nu een man of een vrouw is. Dat gezag merk je vooral op momenten als hij of zij de ambtsketen draagt. Maar 6o% van zijn werk is managerial, binnenshuis, op de werkkamer in het Stadskantoor en dan is het een functie, zoals zoveel mensen die overdag vervullen. Dan heb je die gezagsrol helemaal niet nodig en zou een moslima prima met een hoofddoek kunnen functioneren. Het gaat om de gezagsmomenten die ook de boa’s in hun uniform symboliseren. De Voorzitter sluit de beraadsiaging en draagt de leiding van de vergadering over aan de heer Lamers.
Voorzitter: de heer Lamers.
De Voorzitter meldt dat de heer Karens de vergadering heeft verlaten, zodat er nog 28 raadsleden aanwezig zijn. Spreker brengt motie nr. 6 vervolgens in stemming en constateert dat de aanwezige leden van de fracties van GroenLinks, -Van Dijk en DENK voor de motie hebben gestemd en de leden van de overige fracties ertegen, zodat zij met 22 tegen 6 stemmen is verworpen.
42
Spreker brengt motie nr. 7 in stemming en constateert dat de aanwezige leden van de fracties van GroenLinks, -Van Dijk, PvdA en DENK voor de motie hebben gestemd en de le den van de overige fracties ertegen, zodat zij met 20 tegen 8 stemmen is Verworpen. 25Motie vreemd aan de orde van de dag: Positief over een islamitische school in Schiedam
De Voorzitter stelt voor dit agendapunt ook nog te behandelen, al schiet het eindtijdstip iets over 24.00 uur heen, maar dan is de gehele agenda afgehandeld. Hij constateert vervolgens dat de raad daarmee instemt. Spreker geeft het woord aan de heer Ergin voor een toelichting. Daarna volgt de reac tie van het college waarna de raad in één termijn aan het woord komt. De heer Ergin merkt namens zijn fractie op dat DENK tijdens de raadscommissie van vorige week vragen heeft gesteld over de zienswijze die is ingediend bij het ministerie van On derwijs over de aanvraag voor een islamitische basis- en middelbare school in Schiedam. De wethouder heeft toen niet alle vragen beantwoord, maar daarnaast riep de beantwoording nog meer vragen op. De wethouder gaf aan dat de aanvraag werd getoetst aan het onderwijs beleid van de gemeente Schiedam, wat natuurlijk heel logisch is. Als spreker het stuk over het onderwijsbeleid erop naslaat, leest hij bijvoorbeeld over de ambitie om onderwijs nabij de woonplaats te realiseren. Even verderop verwijst het college echter honderden Schiedamse leerlingen naar Rotterdam. In hetzelfde stuk over het onderwijsbeleid staat ook dat het col lege het belangrijk vindt om voldoende onderwijsaanbod te realiseren voor leerlingen.
Dan zou je zeggen dat voldoende onderwijsaanbod te maken moet hebben met de vraag naar on derwijs en juist die vraag is overduidelijk aanwezig in Schiedam. In het AD stond het bericht dat er wachtlijsten zijn bij in ieder geval één islamitische basisschool, maar de wethouder ontkent het bestaan daarvan. En ook al stond in de krant dat die wachtlijsten er zijn, het college geeft doodleuk in zijn brief aan dat er geen signalen zijn van een tekort aan islamitisch onderwijs in Schiedam en dat is onbegrijpelijk. Er is wel dege lijk sprake van meer behoefte aan islamitisch onderwijs. Dat blijkt ook uit de ouderverklarin gen die het SIC heeft verzameld, 890 om precies te zijn. $90 ouders hebben dus aangegeven dat zij meer islamitisch onderwijs in Schiedam willen. Maar de onderwijswethouder zegt te gen de minister dat er voldoende onderwijsplekken in Schiedam zijn. Daarom moet de aan vraag voor dit soort scholen als het aan de wethouder ligt, worden afgewezen. Ze zijn niet wenselijk, staat in de brief. Voorts is in de richting van de minister aangegeven dat er ook in het IHP weinig ruimte voor nieuwe scholen zou zijn. In de notulen van de raadsvergadering over het scholenplan houdt de wethouder echter een ander verhaal. Zo zei ze letterlijk dat het IHP niet in be ton was gegoten. Dat was een van de redenen dat DENK het IHP destijds steunde.
Er zou wel ruimte zijn voor nieuwe initiatieven, want ook toen was al bekend dat er nieuwe wetgeving aan zat te komen. Overigens biedt die nog meer ruimte voor nieuwe scholen. Toen al beves tigde de wethouder dat het islamitisch onderwijs in Schiedam groeiende was. De wethouder stelde: “Tussentijdse bijstelling van het IHP is niet gemakkelijk, maar het kan worden aange scherpt als daar reden voor is.” De ruimte die er tijdens de behandeling van het IHP wel was, is er opeens niet meer. Het lijkt erop alsof het IHP opeens wel in beton is gegoten. DENK is van mening dat, als de gemeente haar huiswerk niet op orde heeft, dit netjes moet worden erkend. Vervolgens moet ernaar worden gehandeld. De zienswijze strookt niet met de uitgangspunten van het onderwijs. In de commissie heeft spreker voorbeelden ge noemd, waaruit blijkt dat de zienswijze onvolledig is en onjuistheden bevat. Daarom dient de fractie een motie in om dit recht te trekken. Het college wordt opgeroepen om de zienswijze te herzien. Als dat niet mogelijk blijkt vanwege welke procedurele of bestuurlijke regels dan ook, is het zaak om de minister per brief of mail te informeren over die nieuwe inzichten. De Voorzitter meldt dat fracties van de VVD, DENK, D66 en de PvdA qua spreektijd al in het rood staan.
De Voorzitter zegt dat door het lid Ergin de motie Positief over een islamitische school in Schiedam wordt voorgesteld: “De gemeenteraad van Schiedam, in vergadering bijeen op 14 december 2021, constaterende dat: het college van B&Win haar zienswijze in de richting van het Ministerie van OCWheeft aangegeven dat het onwenselijk is dat Stichting Islamitisch College (SIC) een islamitische basis- en middelbare school realiseert in Schiedam; • bijna 900 ouders -middels een ouderverklaring- hun steun hebben uitgesproken voor een islamitische VO- en PO-schoot in Schiedam; • de zienswijze onjuistheden bevat met betrekking tot de realisatie van een VO-school in Rotterdam; • de gemeente Schiedam krachtens de nieuwe wet Meer ruimte voor nieuwe scholen’ minder zeggenschap heeft over het besluit, maar wel invloed en impact heeft middels een ziens wijze; • de onderwijswethouder tijdens de gemeenteraadsvergadering van dinsdag 21 april 2020 heeft aangegeven dat ‘het een en ander niet in beton is gegoten’ (notulen, pagina 15, regelnummer 44) als het gaat om het 1H? en in de zienswijze het dynamische karakter van het IHP niet noemt; overwegende dat: • de zienswijze geen recht doet aan de enorme vraag naar islamitisch onderwijs in Schie dam en bijna 900 ouders in de steek laat; • het onbegrijpelijk is dat de zienswijze van gemeente Schiedam onjuistheden bevat, tegenstrijdig is met eerder gedane
uitspraken, en onvoldoende rekening houdt met wensen en be hoeften uit Schiedam; verzoekt het college: • herziene zienswijzen in te dienen. Indien herindiening van de zienswijze niet mogelijk blijkt, de minister schrij±eljk te informeren over voortschrijdende inzichten die ertoe leiden dat er toch een positieve zienswijze is over de totstandkoming van een islamitische school in Schiedam; • het gesprek met het SIC voort te zetten en op zoek te gaan naar een duurzame oplossing; • bij de in het iste dictum genoemde verzoek het volgende mee te nemen: het dynamische karakter van het 1H?, het herstellen van onjuistheden en erkenning voor de enorme vraag naar islamitisch onderwijs in Schiedam; • de gemeenteraad te informeren over de voortgang en inzet, en gaat over tot de orde van de dag.” Deze motie krijgt het nummer M8. Mevrouw Van Aaken vond de bijdrage van de heer Ergin interessant. Hij is heel handig in het verdraaien en anders invullen van woorden die zijn uitgesproken. Hij trekt ook lukraak teksten uit bijdragen die op verschillende momenten zijn uitgesproken. Hij plakt die vervol gens aan elkaar en komt dan tot dit verhaal. Dat is knap, maar het gestelde door de heer Er gin is niet juist. Het doet te kort aan alles wat college en raad op dit punt hebben besproken, ook met de schoolbesturen. Spreekster gaat even terug in de tijd.
De gemeente Schiedam neemt al jaren haar verant woordeljkheid voor het bieden van voldoende en goed bereikbaar openbaar en primair bij zonder en voortgezet onderwijs. Daarmee wordt ervoor gezorgd dat alle Schiedammers en alle Schiedamse ouders ruimte hebben om te kiezen voor een school van hun keus, binnen Schiedam. Er wordt hier goed samengewerkt met alle schoolbesturen.
44
In april 2020 werd het Integraal Huisvestingsprogramma Onderwijs Schiedam 20212035 unaniem vastgesteld, ook door alle schoolbesturen. In het IHP wordt aandacht ge vraagd voor de specifieke situatie van het islamitisch onderwijs en er wordt ruimte geboden voor groei. Die ruimte zit er nu al in door de aanpassingen van de dislocatie Ababil aan de Nieuwe Damlaan. Daar zijn nog zes locaties mogelijk, dus de groei kan plaatsvinden, al is die nog niet aangevraagd. Ook daarvoor kan in het IHP ruimte worden genomen en ingevuld. Daarnaast, als het gaat om het thuisnabij onderwijs, wordt de beroepsprocedure rond de af wijzing van de aanvraag voor de islamitische basisschool in Vlaardingen met belangstelling afgewacht. Als die aanvraag uiteindelijk toch wordt goedgekeurd, betekent dit dat Vlaar dingse kinderen in Vlaardingen naar school kunnen, zodat meer Schiedamse kinderen kun nen kiezen voor islamitisch onderwijs in Schiedam. De Stichting Islamitisch College heeft ook nog een initiatief ingediend voor de stichting van een islamitische basisschool in Vlaardingen. In de motie van DENK staat dat het college het niet wenselijk vindt dat er een nieuwe isla mitische school komt, maar ook dat is niet waar. In het kader van het IHP zijn er afspraken gemaakt voor de komende periode, al is een en ander niet in beton gegoten, en die moeten dus eerst worden uitgevoerd.
Maar de inkt is wat dat betreft nog niet eens droog en de heer Ergin komt met een nieuwe invulling van de afspraken die met de raad en alle schoolbesturen zijn gemaakt. De schoolbesturen zijn bereid om, iedere keer als een deel van de afspraken wordt uitgevoerd, te bezien of dat nog past in de huidige situatie, want wellicht is er een aan passing nodig. Die situatie is dus heel duidelijk. Daarom ontraadt het college de motie van DENK. De heer Lepidis vindt het zeer spijtig dat DENK onterecht het beeld schetst dat de ge meente Schiedam te weinig doet voor het islamitisch onderwijs. Het is duidelijk dat de ver kiezingscampagne voor DENK al is begonnen. DENK constateert dat bijna 900 ouders hun steun hebben uitgesproken voor een nieuwe islamitische school in Schiedam. Dat klopt, maar het zijn niet alleen Schiedamse ouders, want die ouders komen uit de gehele regio. Verdeel je die 900 over de verschillende gemeenten uit de regio, dan blijven er per gemeente natuurlijk veel minder ouders over. Het is spijtig dat de vraag naar islamitisch onderwijs het aanbod overstijgt, maar de gemeente Schiedam neemt al jaren haar verantwoordelijkheid voor het bieden van voldoende en goed bereikbaar openbaar bijzonder primair en voortgezet onder wijs. Sterker nog, in Schiedam is er een zeer ruim aanbod aan islamitisch onderwijs, zeker als je het vergelijkt met andere gemeenten in de regio.
Niet voor niets komt ongeveer de helft van de kinderen op Schiedamse islamitische scholen niet uit Schiedam. Het CDA Schiedam is daarom van mening dat het tijd wordt dat de andere gemeenten uit de regio hun verantwoor delijkheid op dit punt ook gaan nemen, dus extra aanbod gaan realiseren. De heer Mans sluit zich aan bij de heer Lepidis. Kinderen uit Spijkenisse en Vlaardingen komen allemaal naar Schiedam. Daardoor kan het zijn dat Schiedamse kinderen naar Rotter dam moeten, maar dat probleem moet Schiedam niet oplossen, los van het feit dat Progres sief Schiedam überhaupt niet achter bijzonder onderwijs staat. De fractie steunt de motie dus niet. Mevrouw Biekman heeft in de commissie namens haar fractie aangegeven hoe zij over de zienswijze denkt. Het argument over de dreigende opheffingsnorm is overigens geen goed ar gument. De wethouder zou zich eigenlijk moeten afvragen hoe het komt dat er zo weinig leer lingen op andere scholen zitten als er een islamitische school zou worden geopend. Er is ook miscommunicatie geweest tijdens het gesprek. De school denkt dat zij een aanvraag heeft in gediend, terwijl de gemeente aangeeft die aanvraag niet te hebben gezien. De wethouder moet het overleg met het islamitisch schoolbestuur SIC daarom voortzetten en samen op zoek gaan naar een duurzame oplossing.
De fractie van mevrouw Beenhakker is blij met de scherpe zienswijze van het college en de toelichting van de wethouder. De gemeente Schiedam biedt goed en bereikbaar openbaar onderwijs voor alle Schiedammers. Op de islamitische basisscholen hier zit zelfs 50% van de kinderen uit de regio. De VVD Schiedam ziet dus geen reden om in te stemmen met de motie.
45
Volgens mevrouw Zwang speelt de nieuwe wetgeving over liet starten van een school hier een rol. Stap 1 is dat ouders aangeven dat ze behoefte hebben aan een islamitische school. De bal ligt vervolgens hij het ministerie. Spreekster zou het fijn vinden als een volgende ziens wijze vooraf met de raad wordt besproken. Dan kan goed worden bekeken hoe er met de nieuwe wet- en regelgeving moet worden omgegaan. De Voorzitter geeft tenslotte het woord aan de heer Ergin als indiener van de motie. De heer Ergin voelt niets voor een principieel debat over bijzonder onderwijs, want dat is niet aan de gemeenteraad. De beantwoording van de wethouder was bijzonder. Zij suggereerde dat DENK zou knippen en plakken met allerlei woorden, maar in de zienswijze staat letterlijk in reactie op de aanvraag om een nieuwe islamitische school, aangevuld met ongeveer 900 verklaringen van ouders, dat de gemeente dat niet wenselijk vindt. Wat spreker doet, maar dat doet hij we kelijks en dat blijft hij doen, is het college en de wethouder aanspreken op hun uitlatingen. Het CDA sprak over de start van de verkiezingscampagne van DENK, maar dat doet te kort aan het debat en de vraag naar islamitisch onderwijs, en zeker te kort aan de rol van raadsleden in Schiedam. De heer Lepidis is benieuwd waarom de heer Ergin niet ingaat op zijn inhoudelijke punten.
De heer Ergin heeft weinig inhoudelijke punten in de zienswijze zien staan. Hijzelf heeft een drietal onderwijsinhoudeljke zaken genoemd die in de zienswijze staan en die niet stroken met het onderwijsbeleid, maar daarover heeft hij het CDA niet gehoord. Ook op an dere scholen is het percentage leerlingen van buiten Schiedam vrij hoog, 30%. Dat geldt dus niet alleen voor islamitische scholen. DENK baseert zich dus op valide argumenten, op uit spraken die in de raad zijn gedaan en op de procedure die hierover in Nederland is afgespro ken. De CDA-wethouder heeft vorige week in de commissie gezegd dat deze scholen voldoen aan alle voorwaarden. De heer Lepidis vindt 30% leerlingen van buiten Schiedam al veel, maar een percen tage van 50 is enorm hoog. De heer Ergin erkent dat, maar dat is niet alleen in Schiedam het geval. De helft van het aantal raadsleden van DENK heeft niet op een middelbare school in Schiedam gezeten. Dat hoort ook bij het onderwijs. Het is prima dat er in andere gemeenten nieuwe basisscho len komen maar tot nu toe worden die geblokkeerd. Nu is er in Schiedam wederom vraag naar een nieuwe islamitische school. Het SIC heeft daartoe het initiatief genomen. Dat vol doet aan alle wettelijke voorwaarden. De nieuwe wet geeft nota bene ook nog meer ruimte voor nieuw scholen, maar het college stelt doodleuk dat het dat niet wenselijk vindt.
De Voorzitter heeft de indruk dat de heren Lepidis en Ergin de vraag of het islamiti sche onderwijs in Schiedam nu wel of niet een probleem heeft verschillend uitleggen. Mevrouw Van Aaken herhaalt dat het college zijn huiswerk heeft gedaan en dat de aanvraag is getoetst aan het IHP en aan de afspraken met de schoolbesturen. Daar is de zienswijze op gebaseerd. Uiteraard zijn de kaders die de raad heeft meegegeven daar ook bij betrokken. De conclusie was dat het islamitisch onderwijs nog steeds de ruimte heeft om te breiden, nu al, en daarover wordt het gesprek nog steeds constructief gevoerd, samen met de schoolbesturen, die ook vaak hij elkaar zitten vanwege de uitvoering van het IHP voor de eer ste vier jaar. Daar kan deze kwestie een onderdeel van zijn.
46
Het is nog wel even oefenen met de nieuwe wet- en regelgeving, want die is helemaal nieuw. Het vormgeven daarvan kost tijd. Er zijn daarover ook nog vragen gesteld aan het mi nisterie, ook over de toetsing en de Schiedamse zienswijze. Het is geen probleem om de zienswijze de volgende keer eerst naar de raad te sturen. Spreekster constateert ten slotte dat het college en DENK het blijkbaar niet eens zijn. De Voorzitter sluit de beraadsiaging, brengt motie nr. 8 in stemming en constateert dat de aanwezige leden van de fractie van DENK voor de motie hebben gestemd en de aanwe zige leden van de overige fracties ertegen, zodat zij met 24 tegen 4 stemmen is verworpen. 26Sluiting
De Voorzitter dankt de leden voor een intensief jaar, het laatste beleidsrjke deel van deze zittingsperiode. De leden krijgen, als het goed is, nog vandaag een brief van spreker, waarin hij ingaat op de spelregels rondom de aanloop naar de verkiezingen en de periode daarna, tot de vorming van een nieuw college. Sommige aspecten die in het verleden hebben gespeeld, worden ook dit keer onder de aandacht gebracht. In principe is het streven om na de jaarwisseling zo veel mogelijk beleidsarme zaken aan de raad voor te leggen, going con cern, dingen die moeten en zaken die de uitvoering vormen van al genomen besluiten, gaan door, calamiteiten gaan ook door en komen zeker op de agenda, maar er wordt geprobeerd om politiek gevoelige issues niet op de agenda te zetten, om elkaar daarmee een gelijk speelveld te geven, want volgend jaar 16 maart zijn de gemeenteraadsverkiezingen. Of je nu lid bent van de coalitie, deelneemt aan het college, of een andere rol in de raad vervult spreker heeft een beetje een hekel aan de term oppositie iedereen moet gelijke kansen hebben en een gelijke rol kunnen vervullen in de campagne. Spreker wenst dat de raadsleden ook toe. Spreker dankt de leden nogmaals voor het heel intensieve jaar. Hij hoopt dat de leden de komende weken de rust zullen vinden, in welke geloofsuiting dan ook, voor sommigen is dat zelfs zonder geloofsuiting.
De kerstperiode is een periode van rust en bezinning. Kijk om je heen, naar je familie enje kennissenkring. Spreker hoopt de leden in 2022, al klinkt dat nog heel ver weg, met een goed gemoed weer te ontmoeten, niet op een nieuwjaarsreceptie, want ook die gaat niet door, maar bij het eerstvolgende politieke moment in het jaar. Dank en wel thuis. Spreker sluit te 0.30 uur de vergadering. --
--
Vastgesteld in de openbare vergadering van de gemeenteraad van 1 februari 2022.
de
e voorzitter,
47