Collegebrief 3 juni 2022 Status Kinderopvangtoeslagaffaire MVS
Tekst van het document
gemeente Schiedam
team Zorg, Welzijn en Sport Stadskantoor, Stadserf 1 Postbus 1501 3100 EA Schiedam
Aan de gemeenteraad van Schiedam
14 010 schiedam.nl
uw kenmerk
ons kenmerk
datum
22UIT04284
03-06-2022
uw brief van
doorkiesnummer
18 mei 2022
010-2191522
c.yemni@schiedam.nl
onderwerp
Status Kinderopvangtoeslagaffaire MVS
Geachte leden van de gemeenteraad, Met de bijlage bij deze raadsinformatiebrief informeren wij u over de voortgang van de hersteloperatie Kinderopvangtoeslagaffaire MVS (peildatum 18 mei 2022). Wij vertrouwen erop u hiermee op dit moment voldoende te hebben geïnformeerd. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Schiedam, de secretaris,
de burgemeester,
C.E. Bos
C.H.J. Lamers
Bijlage: Memo stand van zaken Meldpunt kinderopvang toeslagaffaire MVS
*22UIT04284*
Raadsmemo KOT
Opdrachtgever Opsteller Unit
Helene de Jong Heidi Brandenburg Instroom
Registratienummer telefoonnummer Datum Bijlage(n)
45560 06 - 2952 3349 18 mei 2022
Onderwerp
Stand van zaken Kinderopvangtoeslagaffaire (Meldpunt toeslagen en kwijt schelden gemeentelijke schulden)
1. Inleiding In december 2020 hebben de MVS gemeenten gevraagd of Stroomopwaarts een meldpunt kan en wil uitvoeren voor (mogelijk) gedupeerde ouders 1 van de kinderopvangtoeslagaffaire. Stroomopwaarts heeft aangegeven dit te kunnen en te willen. In januari 2021 hebben de MVS gemeenten het besluit genomen om de uitvoering van het meldpunt bij Stroomopwaarts MVS te beleggen. Hoe groot dit project in omvang zou worden, was op dat moment niet voorzien. De informatie vanuit de Belastingdienst en de VNG, die nodig is om ouders te helpen, kwam beetje bij beetje beschikbaar en kon per week weer anders zijn. In december 2020 ging het binnen de MVS gemeenten om 241 ouders, terwijl in maart 2022 het totaal aantal aangemelde ouders bij de Belastingdienst op 1413 staat. En ouders melden zich nog steeds aan. Voor veel (mogelijk) gedupeerden hebben de problemen zich in de afgelopen jaren opgestapeld. Er zijn aanvullende problemen ontstaan rondom huisvesting, schulden, inkomen, zorg en de opvoeding van kinderen. Het Meldpunt toeslagen (hierna Meldpunt) ondersteunt de getroffen ouders bij hun problemen om een nieuwe start mogelijk te maken. Daarnaast worden zowel publieke als private schulden, ontstaan voor 31-12-2020 of 01-06-2021 kwijt gescholden c.q. overgenomen door de Belastingdienst.
2. Meldpunt toeslagen Het Meldpunt is een project van 3 jaar. Tot 31 december 2023 kunnen ouders zich melden voor ondersteuning vanuit het meldpunt toeslagen en voor compensatie bij de Belastingdienst. Als ouders zich bij de Belastingdienst als mogelijk gedupeerde ouder hebben gemeld, dan kan ondersteuning vanuit het Meldpunt worden geleverd. Ouders kunnen hiervoor zelf contact opnemen met het Meldpunt of zij worden vanuit het Meldpunt benaderd op basis van de ontvangen informatie van de Belastingdienst.
2.1 Aanmelden als mogelijk gedupeerde ouder bij de Belastingdienst Op het moment dat ouders zich aanmelden bij de Belastingdienst worden zij gezien als mogelijk gedupeerde ouders. Tijdens een 1 e (lichte) toets wordt gekeken of zij daadwerkelijk gedupeerd zijn. Als dit tijdens de 1e toets wordt vastgesteld, komen zij in aanmerking voor de € 30.000,- van de Catshuisregeling. Kan dit niet tijdens de 1e toets worden vastgesteld, dan gaan ouders door naar een integrale toets. Tijdens een integrale toets vindt er een uitgebreider dossieronderzoek plaats door een persoonlijk zaakbehandelaar. Ouders die bericht hebben ontvangen dat ze tijdens de 1 e toets als gedupeerd zijn erkend, kunnen ook aangeven door te willen naar de integrale toets als zij menen recht te hebben op een hoger bedrag. Mogelijk gedupeerde ouders deze ouders hebben zich gemeld bij de Belastingdienst, maar zijn nog niet door de Belastingdienst erkend als gedupeerd Gedupeerde ouders deze ouders zijn door de Belastingdienst erkend als gedupeerd 1
1
Een integrale beoordeling kost veel meer tijd dan een 1e toets. Hierdoor zijn er langere wachttijden ontstaan. Tevens is het aantal aanmeldingen groter dan werd voorzien. Nog steeds melden ouders zich aan bij de Belastingdienst als mogelijk gedupeerde ouder. Op dit moment (maart 2022) staat de teller bij de Belastingdienst op ruim 53.780 ouders, die zich hebben gemeld als mogelijk gedupeerde ouder. Op dit moment is de wachttijd voor een integrale toets voor sommige ouders haast een jaar en worden nog regelmatig brieven ontvangen dat de termijnen niet worden gehaald en de beoordeling wordt uitgesteld.
2.2 Delen van gegevens van ouders door de Belastingdienst met het Meldpunt Op basis van een verwerkersovereenkomst ontvangt het Meldpunt lijsten met gegevens van ouders om hen te benaderen om ondersteuning aan te bieden. Deze lijsten mogen 4 maanden worden bewaard en moeten daarna op grond van de AVG worden verwijderd. Tot 1 september 2021 werden de gegevens van alle ouders, die zich hebben gemeld als mogelijk gedupeerde ouder, doorgegeven aan het Meldpunt Toeslagen. Op grond van deze gegevens worden ouders benaderd om te informeren of zij ondersteuning willen. Er worden lijsten verstrekt met het BSN-nummer, naam, geboortedatum en (als deze bekend is bij de Belastingdienst) een telefoonnummer. Vanaf september 2021 worden alleen nog mogelijk gedupeerde ouders aangemeld, die hebben aangegeven dat hun gegevens met de gemeenten mogen worden gedeeld. Hierdoor ontstaat er een verschil tussen het aantal (mogelijk) gedupeerde ouders en het aantal aangemelde ouders bij het Meldpunt. Bij het Meldpunt zijn op dit moment (maart 2022) 1263 ouders aangemeld. Terwijl bij de Belastingdienst 1413 ouders zijn aangemeld. Helaas zijn de gegevens die vanuit de Belastingdienst worden gedeeld niet altijd up-to-date. Veel telefoonnummers kloppen niet (meer) en daardoor is het lastig om alle ouders te kunnen benaderen.
Dit was zeker in de beginperiode het geval, toen er door de Belastingdienst veel ouders bij het Meldpunt werden aangemeld. Door het versturen van handgeschreven kaarten worden ouders gewezen op het bestaan van het Meldpunt, zodat zij zelf contact kunnen opnemen.
2
2.3 Werkwijze Meldpunt Als er nieuwe lijsten door de Belastingdienst zijn gedeeld, worden ouders benaderd met de vraag of zij ondersteuning nodig hebben op een van de vijf leefgebieden. Ouders nemen ook zelf contact op met het Meldpunt om ondersteuning te vragen. De vijf leefgebieden zijn opgesteld door de Belastingdienst en de VNG, namelijk: 1. huisvesting 2. schulden 3. inkomen 4. zorg 5. opvoeding van kinderen Consulenten maken een afspraak voor een intakegesprek en gaan tijdens het gesprek in op deze vijf leefgebieden. De meest voorkomende problemen hebben betrekking op de 1 e drie leefgebieden en dan met name op het leefgebied schulden. De meeste ouders hebben financiële problemen die door de kinderopvangtoeslagaffaire zijn ontstaan.
De consulenten ervaren dat ouders het heel prettig vinden dat er iemand naast hen staat en naar hen luistert. Hierdoor voelen ouders zich gehoord en gezien. Gewoonweg luisteren naar het verhaal van de ouder is vaak al een goede start bij het bieden van ondersteuning. Vertrouwen is de eerste basis om ouders daadwerkelijk verder te kunnen helpen om hun leven weer op de rails te krijgen. Consulenten merken in de contacten met de ouders vaak dat zij heel blij zijn met hun hulp. Ouders vertellen hun verhaal vaak voor het eerst. Consulenten nemen dan ook de tijd om naar de ouders te luisteren en hun hulpvragen in beeld te brengen. Daarmee wordt een basis gelegd om aan de toekomst van de ouders te kunnen werken. Consulenten merken, nadat gaandeweg de “praktische/financiële” problemen zijn opgelost, dat er meer aan de hand is. Dit doordat er steeds afspraken niet nagekomen worden of dat er elke keer een nieuwe vraag opduikt waar men hulp voor zoekt. Vaak wordt dan pas bekend dat er ook op het leefgebied ‘zorg’ meer nodig is dan in eerste instantie door de ouder(s) werd aangegeven.
3
2.4 Aantallen ouders en ouders met ondersteuning van het meldpunt toeslagen Alle ouders die zich bij de Belastingdienst hebben gemeld zijn mogelijk gedupeerde ouders en worden benaderd om na te gaan of ze ondersteuning nodig hebben op een van de vijf leefgebieden: huisvesting, schulden, inkomen, zorg en gezin.
Tabel 1: aantal aangemelde ouders door de Belastingdienst Q1 2021 Q2 2021 Q3 2021 Q4 2021 Maassluis 88 46 10 8 Vlaardingen 305 123 27 25 Schiedam 319 160 85 37 Totaal 712 329 122 70 Cumulatief 1041 1163 1233
Q1 2022 3 14 13 30 1263
Totaal 155 494 614 1263
Tabel 2: aantal ouders ondersteuning Meldpunt Ouders bereikt Ouders ondersteuning Maassluis 107 41 Vlaardingen 327 110 Schiedam 424 130 Totaal 858 281 Een aantal ouders is niet bereikt om ondersteuning aan te bieden. Het niet bereiken kan voort komen uit het feit dat de goede contactgegevens op de lijst van de Belastingdienst ontbreken, ouders niet reageren op een ingesproken voicemail bericht, ouders de telefoon niet opnemen of niet reageren op de verzonden (handgeschreven) kaart om contact met het Meldpunt op te nemen. De ondersteuning is vrijwillig, ouders zijn niet verplicht om te reageren. Veel ouders zijn het vertrouwen in de overheid kwijtgeraakt en hebben ook geen vertrouwen in de ondersteuning. De laatste tijd nemen ouders, die het Meldpunt in eerste instantie niet kon bereiken, zelf contact op voor ondersteuning. Ook ouders die in eerste instantie geen hulp wensten te hebben, bellen nu voor een afspraak om na te gaan wat het Meldpunt voor hen kan betekenen.
2.5 Leefgebieden Vanuit het Meldpunt Toeslagen wordt ondersteuning geboden op vijf leefgebieden: huisvesting, schulden, inkomen, zorg en de opvoeding van kinderen. Deze leefgebieden bij elkaar omvatten alle gebieden waarop problemen kunnen zijn ontstaan. Huisvesting Bij de Stichting Urgentiebepaling Woningzoekenden Rijnmond (SUWR) is een contactpersoon aangesteld die benaderd kan worden om casuistiek door te bespreken die mogelijk in aanmerking komen voor een urgentieverklaring. Er wordt gekeken of er een reden is om de hardheidsclausule toe te kunnen passen. Op die manier kunnen ouders mogelijk wel in aanmerking komen voor een urgentieverklaring of uitbreiding van het aantal inschrijvingsjaren. In sommige gevallen komt het voor dat ouders hun inschrijvingsjaren kwijt zijn geraakt vanwege een gedwongen verhuizing, welke is terug te herleiden naar de kinderopvangtoeslagenaffaire. Als ouders een huurachterstand hebben, bemiddelen de consulenten bij het afspreken van een betalingsregeling om huisuitzetting te voorkomen. Huisvesting is een van de leefgebieden waar veel ouders om hulp vragen. Helaas kunnen wij op dit leefgebied weinig voor ouders doen. De meeste hulp kunnen wij bieden bij achterstallig onderhoud (schimmel, slechte isolatie, etc.). Bij de vraag naar een andere woning zijn wij afhankelijk van de mogelijkheden van de SUWR.
4
Schulden Binnen het Meldpunt zijn schuldhulpverleners aanwezig die de ouders ondersteunen bij financiële problemen. Zij werken nauw samen met de afdeling Schuldhulpverlening. Op dit moment brengen zij met name de private schulden in kaart, zodat deze kunnen worden overgenomen door de Belastingdienst (zie 3.3). Verder ondersteunen zij alle ouders met financiële problemen. Inkomen De meeste ouders hebben op dit moment geen problemen op het gebied van inkomen. De meeste ouders hebben een baan. In de gevallen waar inkomen wel een probleem is, ontvangen ouders ondersteuning bij het aanvragen van een uitkering of worden zij doorverwezen naar een werkconsulent die hen ondersteunt bij het vinden van een baan of het starten van een nieuwe carrière. Ook kan een opleiding worden vergoed, waardoor de ouder betere kansen heeft om door te groeien in zijn/haar carrière of een andere carrière te starten. Zo hebben ouders vanwege de problemen met de Belastingdienst hun opleiding voortijdig moeten beëindigen en zijn zij gaan werken om de Belastingdienst te kunnen betalen. Of zij waren niet (meer) in staat om opleidingen te volgen vanwege hun financiële situatie waardoor zij zich niet verder hebben kunnen ontwikkelen. Zorg (wijkteams) Waar in 1e instantie werd gedacht dat er veel zou worden samengewerkt met de wijkteams, blijkt in de praktijk dat dit minder vaak voorkomt.
Veel ouders hebben met name financiële problemen of problemen met hun woning. Pas als deze problemen zijn opgelost komt naar voren dat er ook sprake is van psychosociale problematiek. De samenwerking met de wijkteams verloopt goed. De lijnen zijn kort en aanmeldingen worden snel opgepakt. Sommige ouders zijn al bekend bij de wijkteams en als het nodig is, dan meld het Meldpunt ouders aan. Ouders geven aan dat zij (ook) in het alternatieve circuit hulpverlening willen. Het gaat dan met name om life coaching, mindfulness training, etc. Hiermee worden ouders in hun eigen kracht (terug) gezet, zodat zij verder kunnen met het opbouwen van hun leven. Gedurende de gehele ondersteuning wordt aandacht gegeven aan de (mogelijke) psychische problematiek die er speelt. Vaak is het vertellen van hun verhaal aan een luisterend oor al voldoende. Basis is dat er vertrouwen wordt gecreëerd, zodat ouders ook in staat zijn hun verhaal te vertellen. Vaak komt pas na meerdere gesprekken naar voren dat er ook psychische problemen zijn. Als dit het geval is, dan wordt altijd doorverwezen naar het wijkteam of de naar de praktijk van de huisarts waar de praktijkondersteuner geestelijke gezondheidszorg (POH) werkzaam is. Opvoeding van kinderen De kinderopvangtoeslagaffaire heeft ook veel impact op de kinderen. De situatie waarin zij opgroeien zijn sterk beïnvloed door de financiële problematiek.
Maar naast opgroeien in armoede, kan het ook psychische problemen veroorzaken. Indien dit het geval is, wordt contact opgenomen met het wijkteam of rechtstreeks met het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG). De zorg om de kinderen wordt ook gedurende het gehele traject in de gaten gehouden. Zij zijn onderdeel van het gezin en worden ook meegenomen op de 5 leefgebieden. Op dit moment is er een kindregeling (zie 4.2) in de maak. Onderdeel van de regeling is een financiële vergoeding. Maar de kinderen en jongeren geven aan dat er méér nodig is dan een geldbedrag. Om het leven op de rit te krijgen is een breed pakket aan jarenlange ondersteuning nodig. Kinderen en jongeren denken hierbij aan ondersteuning op bijvoorbeeld ontwikkelkansen, verwerken van trauma, problemen met schulden of huisvesting.
2.6 Het team Het team van het Meldpunt bestaat op dit moment uit 10 consulenten. De consulenten hebben verschillende achtergronden, namelijk WMO, wijkteam, Participatiewet, jeugdbescherming, reintegratie en schuldhulpverlening. Hierdoor is er een grote diversiteit aan kennis aanwezig. Als bekend is welke problematiek er speelt, dan wordt er rekening gehouden welke consulent contact met de ouder opneemt voor een intake.
5
Schuldhulpverlening wordt extra ingezet naast een vaste consulent. Consulenten sparren ook veel met elkaar, individueel maar ook tijdens casusoverleggen. Hierdoor wordt de specifieke kennis met elkaar gedeeld. Het gevoel binnen het team is dan ook dat zij samen (mogelijk) gedupeerde ouders helpen om een nieuwe start te maken. Zij zetten zich 100% procent in, omdat zij het gevoel hebben daadwerkelijk een verschil voor de ouders te kunnen maken. Dat het ook pittig is, blijkt wel uit de verhalen tijdens casusoverleggen, waarin consulenten niet alleen casussen bespreken, maar ook hun verhaal kwijt kunnen! Op basis van de diverse specifieke kennis kunnen heel wat problemen opgelost worden. Doordat alle consulenten in staat zijn om cultuursensitief te werken, maken zij echt verbinding met de ouders. Ouders waarderen ten zeerste dat er naar hun verhaal wordt geluisterd zonder te oordelen. Dat een consulent naast hen staat en hen ondersteunt bij de ervaren problematiek.
3. Kwijtschelden schulden In september 2021 hebben alle MVS-gemeenten het besluit genomen om te anticiperen op de nieuwe Verzamelwet hersteloperatie toeslagen. Deze wet zou op 1 januari 2022 ingaan en daarin is een wettelijk grond opgenomen om gemeentelijke (publieke) schulden kwijt te schelden. Echter is deze wet nog steeds niet vastgesteld. Op dit moment is de verwachting dat de concept wet binnen 2 weken naar de Raad van Staten zal gaan. Kwijtschelden van schulden is iets anders dan schulden buiten terugvordering stellen. In dit laatste geval kan altijd besloten worden om alsnog de schulden te innen. Bij het kwijtschelden wordt de schuld definitief verwijderd. Om schulden van gedupeerde ouders kwijt te schelden, verstrekt de Belastingdienst lijsten van ouders en toeslagenpartners waarvan de Belastingdienst heeft vast gesteld dat zij gedupeerd zijn. Op het moment dat een ouder als gedupeerd wordt aangewezen, gaat een wettelijk moratorium in van 1 jaar. In dit jaar krijgen ouders de kans om hun financiën op orde te brengen. Zij hoeven op dat moment geen schulden meer af te lossen. In dat jaar tijd worden publieke schulden kwijtgescholden en kunnen ook de private schulden (sinds januari 2022) worden ingediend voor kwijtschelding. Voor andere schulden, die niet onder de reikwijdte van het kwijtschelden vallen, kunnen betalingsregelingen worden afgesproken.
Publieke organisaties hebben daarnaast een vrijwillig moratorium afgesproken. Op het moment dat een ouder zich meldt bij de Belastingdienst als mogelijk gedupeerd, worden de vorderingen gepauzeerd. Op het moment dat de Belastingdienst aangeeft dat een ouder gedupeerd is, dan worden de schulden kwijt gescholden. Ais een ouder niet gedupeerd is, dan worden de invorderingen weer opgestart. Dit vrijwillige moratorium kan dus langer dan een jaar duren gezien de lange doorlooptijd van een beoordeling door de Belastingdienst. Binnen Stroomopwaarts wordt per dossier nagegaan welke schulden wel en niet kwijtgescholden worden en dit wordt vastgelegd. De gedupeerde ouders en toeslagenpartners ontvangen vervolgens een beschikking van Stroomopwaarts. Ouders kunnen tegen deze beschikking in bezwaar gaan (zie 3.1).
3.1 Reikwijdte en uitzonderingen Binnen Stroomopwaarts worden de opeisbare vorderingen - die op 31 december 2020 openstonden en/of betrekking hebben op de periode tot en met 31 december 2020 - kwijtgescholden. De bedragen die de gedupeerden en toeslagenpartners ná 1 januari 2021 hebben afgelost worden terug gestort. Een aantal schulden is uitgezonderd van kwijtschelding: Werkgeverschulden Er kunnen schulden zijn van het college jegens de betrokkenen in de hoedanigheid van werkgever. Deze schulden vallen onder de reikwijdte ingeval de gedupeerde of zijn of haar toeslagpartner als natuurlijke persoon, bijvoorbeeld als eenmanszaak, zich kwalificeert als werkgever.
6
Deze schulden kunnen ontstaan in de context van het verlenen van loonkostensubsidie aan de werkgever op grond van artikel 10d van de Participatiewet of bij het verlenen van een andere voorziening aan werkgever (zie artikel 8a, tweede lid, onderdeel a, van de Participatiewet). Het gaat hier om een schuld met een zuiver zakelijk karakter en deze schuld wordt daarom niet kwijtgescholden. Misbruik en fraude Er worden ook uitzonderingen gemaakt in verband met schulden die samenhangen met ernstig misbruik. Daarbij is aangesloten bij de begrippen ‘grove schuld’ en ‘opzet’ zoals neergelegd in het Boetebesluit socialezekerheidswetten (Boetebesluit). Indien er een schuld is ontstaan vanwege opzet of grove schuld, dan valt deze niet onder de reikwijdte. Zakelijke schulden Zakelijke schulden worden niet kwijt gescholden. Het gaat hier om vorderingen zoals Bijstand voor zelfstandigen (Bbz), Tozo bedrijfskapitaal2, etc. Achterstanden op de afbetaling worden wel kwijtgescholden, maar de leningen/bedrijfskapitaal niet. Hardheidsclausule Het doel van de kwijtschelding is dat gedupeerde ouders een zoveel mogelijke schuldenvrije toekomst verdienen. Zij moeten daarmee zonder schulden en met het geld dat zij in het kader van de hersteloperatie toeslagen ontvangen een nieuwe start kunnen maken.
Ten behoeve van deze nieuwe start worden schulden, die vallen onder de reikwijdte van bovengenoemde kaders, kwijtgescholden. Indien het college echter van oordeel is dat na toepassing van dit kader bij een gedupeerde alsnog problematische schulden bestaan, waarmee het maken van een nieuwe start in dit individuele geval niet mogelijk blijkt, kan van deze kaders worden afgeweken. Beroep en bezwaar Wanneer een ouder of de partner zich niet kan verenigen met de beslissing van de invorderingsambtenaar, dan kan er naar aanleiding van de beschikking bezwaar worden ingesteld. Dit kan zowel tegen het verlenen als het niet verlenen van kwijtschelding. Wanneer de ouder of partner zich niet kan verenigen met de uitspraak op het bezwaar dan kan er respectievelijk beroep, hoger beroep en beroep in cassatie worden ingesteld.
3.2 WSNP/MSNP In het Besluit compensatie schuldentrajecten is de grondslag geregeld voor de compensatie en het beëindigen van wettelijke- en minnelijke schuldregelingen. De Wet schuldsanering natuurlijke personen (WSNP) is als eerste gestart met het kwijtschelden van schulden. Vervolgens is in september 2021 gestart met de Minnelijke schuldsanering natuurlijke personen (MSNP). De afwikkeling van de WSNP bestaat uit het kwijtschelden van de nog openstaande publieke schulden en het uitbetalen aan de bewindvoerder van de private schulden, waarna de WSNP kan worden beëindigd. Deze taak ligt bij de bewindvoerder van de gedupeerden. De afwikkeling van de schulden in de MSNP wordt op dezelfde wijze ingericht als de WSNP, waarbij de schuldhulpverlener van de gemeente opgaaf doet van de schulden, welke vervolgens worden afbetaald. De afdeling Schuldhulpverlening van Stroomopwaarts is hier verantwoordelijk voor. Na het beeindigen van het schuldentraject wordt ook de negatieve BKR-registratie verwijderd. Niet alle BKR registraties worden verwijderd, alleen de negatieve. Er blijft dus wel een historisch overzicht staan van de verleende kredieten (of nog lopende kredietverstrekkingen), maar de negatieve registraties die het gevolg zijn geweest van achterstanden worden verwijderd. Voor schuldregelingen en saneringskredieten geldt dat de gehele overeenkomst wordt verwijderd.
Op basis van de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) konden zelfstandigen een beroep doen op twee voorzieningen: een aanvullende uitkering voor levensonderhoud en een lening voor bedrijfskapitaal. 2
7
3.3 Private schulden De oplossing voor de private schulden van schuldeisers volgt in algemene zin eenzelfde aanpak als die van de publieke schulden. De schulden worden eerst gepauzeerd (het wettelijk moratorium van een jaar, nadat de belastingdienst heeft vastgesteld dat een ouder gedupeerd is), zodat er rust ontstaat voor ouders en ruimte voor het bieden van een echte oplossing. Vervolgens wordt er overgegaan naar het afbetalen van de private schulden. Binnen Stroomopwaarts is zowel het Meldpunt als de afdeling Schuldhulpverlening betrokken. Op 10 mei 2021 is een register live gegaan waarin schuldeisers kunnen controleren of iemand gedupeerd is. Aan alle ouders of hun bewindvoerders bij wie is vastgesteld dat ze gedupeerd zijn, wordt een brief gestuurd, waarmee ze schuldeisers kunnen laten weten dat ze tot deze groep behoren. In de brief staat een unieke code die de schuldeiser in combinatie met de geboortedatum van de ouder kan gebruiken om in het register te verifiëren of iemand gedupeerd is. Op dat moment gaat het wettelijk moratorium van een jaar in. In dat jaar kunnen geen openstaande schulden worden opgeëist. Uitvoering Op 5 januari 2022 is het loket Private Schulden open gegaan waar ouders via een speciaal aanmeldformulier hun openstaande private schulden kunnen aanleveren. Dit loket wordt beheerd door een samenwerking van negen sociale kredietbanken (SBN).
Binnen het loket wordt bij schuldeisers de hoogte van de vordering geverifieerd, gecontroleerd of de schulden passen binnen de regeling en worden schuldeisers betaald. Voor uitbetaling ontvangt de ouder een overzicht van de schulden die worden afgewikkeld. Ouders kunnen hun private schulden zelf indienen (“eigen regie”) of hier ondersteuning bij ontvangen via het Meldpunt. Binnen het Meldpunt zijn twee consulenten Schuldhulpverlening aanwezig die zich specifiek bezig houden met het in kaart brengen van schulden van de ouder(s) en hen kan ondersteunen bij het indienen van de aanvraag bij het loket.
4. Ontwikkelingen 4.1 Herijking werkwijze De belangrijkste opbrengst van de herijking is een persoonlijker herstelproces dat beter invulling geeft aan de behoeften van gedupeerde ouders en hun familieleden. Ouders hebben behoefte aan meer persoonlijk contact en aandacht voor emotioneel herstel in het herstelproces. Er zijn aanpassingen in het herstelproces voorgesteld waardoor er eerder en vaker persoonlijk contact wordt gelegd met de ouder en waardoor er heldere verwachtingen worden gecreëerd over het proces. Een ander voorstel uit de herijking is om de meest ernstig gedupeerde gezinnen extra ondersteuning te bieden. Op een aantal manieren wordt daar al invulling aan gegeven. Op dit moment vinden de uitvoeringstoetsen bij de Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen (UHT) en de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) plaats. Begin juni 2022 wordt bekend gemaakt welke oplossingsrichting haalbaar is en wat de gevolgen ervan zijn voor de gemeenten. Voor een deel van de voorstellen is additioneel budget nodig.
4.2 Kindregeling De impact van de problemen met de kinderopvangtoeslag reikt verder dan de levens van ouders alleen. Ook hun kinderen zijn door de problematiek in de problemen geraakt. Veel van hen zijn als gevolg van de problemen bij de kinderopvangtoeslag buiten hun schuld in armoede en in een stressvolle omgeving opgegroeid. Aan de details van deze regeling en de voorbereiding op de wetgeving en uitvoering is de laatste maanden veel aandacht besteed. De kindregeling maakt onderdeel uit van het wetsvoorstel Wet hersteloperatie toeslagen. Verwacht wordt dat deze wet voor de zomer naar de Tweede Kamer gaat en in januari 2023 in werking treedt.
8
4.3 Ex-partnerregeling Ex-toeslagpartners (hierna: ex-partners) van gedupeerde aanvragers hebben in veel gevallen ook geleden, zowel emotioneel als materieel. Ook hebben zij in veel bijgedragen aan het oplossen van de problematiek. Het is om deze redenen dat het Kabinet het voornemen heeft om ex-partners te erkennen als gedupeerden en een regeling aan te bieden. Er wordt onderzoek gedaan naar de wijze waarop de doelgroep kan worden bereikt op een manier die uitvoerbaar en uitlegbaar is (omvang circa 9.800 ex-partners). Er zal na de afronding van de beleidsvorming worden bezien op welke manier deze regeling alsnog zo spoedig mogelijk in de wet kan worden opgenomen. Omdat de uitvoering van de aanvullende regelingen gefaseerd wordt uitgevoerd, wordt verwacht dat de regeling voor ex-partners op z’n vroegst een kwartaal na het opstarten van de kindregeling in werking treedt.
4.4 Ouders in het buitenland Een deel van de gedupeerde ouders woont niet meer in Nederland. Er loopt momenteel een aanbestedingstraject voor het ondersteuningsteam voor Ouders in het buitenland (OTB) dat gedupeerde ouders en hun gezin op afstand gaat ondersteunen om het leven weer op de rit te krijgen. De ondersteuning van dit team is vergelijkbaar met de brede ondersteuning op de vijf leefgebieden die gemeenten in Nederland bieden. Daarnaast is het voornemen om gedupeerde ouders en hun gezin te ondersteunen bij terugkeer naar Nederland, indien zij die wens hebben. De wettelijke borging van de ondersteuning aan ouders in het buitenland is onderdeel van het wetsvoorstel Wet Hersteloperatie Toeslagen dat naar verwachting in de zomer aan de Tweede Kamer wordt aangeboden.
4.5 Uithuisplaatsingen kinderen Op dit moment is er veel aandacht voor de uithuisplaatsingen van kinderen. Het meldpunt weet alleen of hier sprake van is als ouders dit zelf aangeven. De gegevens worden vanwege privacyregelingen niet gedeeld. Vanuit de VNG is er een ondersteuningsteam opgericht om ouders te ondersteunen bij het onderzoeken of kinderen weer naar huis kunnen. Het ondersteuningsteam heeft echter geen beslissingsbevoegdheid, maar kan alleen contacten onderhouden met de betrokken organisaties vanuit hun professionele rol. De contactenpersonen voor de Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond vanuit de gemeenten zijn alle drie bekend bij het meldpunt. Zij worden op de hoogte gehouden als er een gezin is met uit huisgeplaatste kinderen. Op dit moment is er één gezin in Vlaardingen waar kinderen uit huis geplaatst zijn. De medewerker betrokken bij dit gezin heeft ervaring met de jeugdbescherming. Zij heeft ook het ondersteuningsteam van de VNG ingeschakeld om de mogelijkheid om de kinderen thuis te krijgen. De ouder is erg tevreden over de ondersteuning vanuit het meldpunt, maar ook de ondersteuning van het ondersteuningspunt. Dit is echter geen garantie dat de kinderen ook daadwerkelijk naar huis kunnen komen. Niet in alle gevallen is de toeslagenaffaire kinderopvang de aanleiding voor de uithuisplaatsingen geweest.
Aantallen uithuisplaatsingen MVS Onderstaande tabellen geven de aantallen uithuisplaatsingen in MVS weer. Deze cijfers zijn afkomstig van het CBS en geven een overzicht hoeveel kinderen in MVS uit huis zijn geplaatst ten tijde van de toeslagenaffaire. Hierbij moet rekening gehouden worden met een aantal uitgangspunten: De kinderopvangtoeslagaffaire hoeft niet de grondslag van de uithuisplaatsing te zijn. Deze tabel geeft alleen het aantal kinderen weer met een jeugdbeschermingsmaatregel en een jeugdhulptraject met verblijf. Er is geen informatie bekend over vrijwillige uithuisplaatsingen. Er zijn meer ouders als gedupeerd erkend en er is een extra registratie jaar meegenomen (2021).
9
Tabel 3 Overzicht lijst CBS mei 20223 “actualisatie uithuisplaatsingen ten tijde van de toeslagenaffaire 2015 t/m 2021”
Maassluis Vlaardingen Schiedam
Totaal aantal kinderen KOT minderjarig periode 2015-2021 210 675 690
Totaal aantal kinderen uit huis geplaatst periode 2015 - 2021 10 15 20
Totaal aantal kinderen uit huis geplaatst nu nog actief -
Tabel 4 Overzicht lijst CBS november 2021 “actualisatie uithuisplaatsingen ten tijde van de toeslagenaffaire 2015 t/m 2020”
Maassluis Vlaardingen Schiedam
Totaal aantal kinderen KOT minderjarig periode 2015-2020 165 555 690
Totaal aantal kinderen uit huis geplaatst periode 2015 - 2020 10 10
Totaal aantal kinderen uit huis geplaatst nu nog actief -
5. Slotwoord Voor heel veel (mogelijk) gedupeerde ouders duurt het nog steeds heel lang voordat zij duidelijkheid hebben over hun dossier. De achterstanden bij de Belastingdienst zijn groot. Sommige ouders wachten al meer dan een jaar op de uitslag of zij wel of niet gedupeerd zijn. Als ouders het niet eens zijn met de geboden schadevergoeding, dan kunnen ze door naar de commissie werkelijke schade. Deze heeft ondertussen een wachttijd van ruim 8 maanden voordat een dossier wordt behandeld. Ondertussen staat hun leven nog steeds on-hold en in sommige gevallen blijven de problemen zich nog opstapelen. Een nieuwe start is nog niet voor iedereen weggelegd. Gelukkig kunnen ouders wel terecht bij het Meldpunt voor ondersteuning om stappen te zetten naar een nieuwe start en in sommige gevallen ook daadwerkelijk (het gevoel te hebben) een nieuwe start te kunnen maken.
3
Om onthulling te voorkomen zijn uitkomsten afgerond op vijftallen en zijn vervolgens cijfers onder de 10 niet weergegeven.
10