CConstaterende datSchiedam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Voortgangsrapportage MVS Jeugdmodel

Raadscommissie 7 december 2023, gemeente SchiedamBij agendapunt: Brieven van het college van burgemeester en wethouders, dan wel de burgemeester, dan wel collegeleden:3.431 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

TWEEDE KWARTAALRAPPORTAGE 2023 MVS JEUGDMODEL

GEMEENTEN MAASSLUIS, VLAARDINGEN EN SCHIEDAM

1

Inleiding Voor u ligt de kwartaalrapportage MVS Jeugdmodel. Met de invoering van ons nieuwe model per 1 januari 2023 zijn we samen met de samenwerkingspartners van de gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam de maatschappelijke uitdaging aangegaan om voor onze jeugd en hun opvoeders te bouwen aan een aanpak waarbij de vraag van het kind en/of de opvoeder en het belang van jeugdigen centraal staan. In het in 2020 door de MVS gemeenteraden vastgestelde koersdocument MVS Jeugdmodel zijn twee sturingsmogelijkheden geschetst om de jeugdhulp te transformeren naar hulp die dichtbij het kind en het gezin geboden kan worden, op de plaats waar dit nodig is en zo licht als mogelijk. Eén mogelijkheid is het komen tot een integrale opdracht voor de jeugdhulp; met de komst van Mevis per 1 januari 2023 is hier een belangrijke basis voor gelegd. Het andere ‘middel’ waarmee de transformatieslagen gemaakt kunnen worden is via de netwerkgerichte benadering, een nauwe samenwerking met de partners in de gemeenten rond jeugdigen en gezinnen. In hoofdstuk 1 staan we stil bij de stappen die hierin zijn gezet. Via kwartaalrapportages wordt u geïnformeerd over de ontwikkelingen op het gebied van jeugdhulp.

Vanaf dit jaar ontvangt u tweemaal per jaar een bredere voortgangsrapportage over het MVS Jeugdmodel waarin gerapporteerd wordt over de stappen die wij als gemeenten in het voorliggende half jaar hebben gezet op het terrein van de transformatie die wij met het MVS Jeugdmodel beogen. Ook ontvangt u vanaf 2023 tweemaal per jaar, tegelijk met deze rapportage, de bestuursrapportage Rogplus over de uitvoering van de opdracht jeugdhulp van Mevis. De opdracht aan Mevis betreft het bieden van alle jeugdhulp en het transformeren van de jeugdhulp naar eerdere en en lichtere ondersteuning. Omdat de stukken in nauwe samenhang met elkaar zijn, worden zij tegelijk aan u aangeboden. Met het MVS Jeugdmodel willen we de jeugdhulp nog dichter bij de jeugdige en het gezin brengen. Hulp wordt geboden waar de vraag gesteld wordt, zoals op school, bij de huisarts en het CJG. In vijf netwerken werken we nauw met de voor ons belangrijke partners samen om de jeugdhulp aan jeugdigen en gezinnen te transformeren naar ondersteuning die eerder kan worden ingezet, zo licht als mogelijk en zo zwaar als nodig. Zwaardere zorg wordt erbij gehaald, opdat het kind zoveel mogelijk in de eigen omgeving kan blijven. We maken daarbij zoveel mogelijk gebruik van het eigen netwerk rond het gezin en een “eigen” professional van Mevis. Naast deze rapportage wordt u ook het Transformatieplan MVS Jeugdmodel aangeboden.

Dit plan bevat de stappen waarlangs de gemeenten in samenwerking met de belangrijke partners vorm gaat geven aan de transformatie van de jeugdhulp. Leeswijzer In deze rapportage beschrijven we de vorderingen die we het afgelopen halfjaar gemaakt hebben op het gebied van transformeren en de voortgang die gemaakt is binnen de vijf netwerken. Transformeren vraagt een geheel andere wijze van (samen)werken. Het is dan ook een proces van leren en ontwikkelen. Samen met Mevis zullen we tot eind 2028 nauw samenwerken om het MVS Jeugdmodel vorm te geven.

2

Transformatie MVS Jeugdmodel – een netwerkgerichte benadering Om te kunnen sturen op de jeugdhulp hebben de MVS-gemeenten gekozen voor een andere wijze van inkopen van de jeugdhulp, namelijk een taakgerichte en integrale opdracht uitgevoerd door één partij. Daarnaast is gestart met een transformatieproces van de jeugdhulp, waardoor de hulp dichter bij de jeugdige en het gezin geboden zal gaan worden, waarbij de zorg zo licht als mogelijk en zo zwaar als nodig wordt ingezet. In 2020 hebben de MVS-gemeenten samen met professionals uit de praktijk het Koersdocument MVS Jeugdmodel ontwikkeld. Dit koersdocument richt zich op de twee onderdelen waarmee we de jeugdhulp willen transformeren. Ten eerste is de wijze van inkopen van jeugdhulp anders dan voorheen; er is sprake van de inkoop van integrale jeugdhulp en een transformatieopgave om te komen tot andere lichtere vormen van zorg, dichtbij de burger. Om deze transformatieopgave te kunnen realiseren is de looptijd van het contract langer. Vanaf 1 januari 2023 is Mevis de partij die deze opdracht uitvoert. Deze opgave vraagt ook om een andere werkwijze van alle stakeholders, inclusief de gemeenten, om te werken volgens de leidende principes die we met elkaar opgesteld hebben. Met het daadwerkelijk transformeren van de hulp, willen we de kwaliteit van de hulp vergroten en voorkomen dat jeugdigen een beroep op jeugdhulp moeten doen.

De zorg wordt dichtbij de jeugdige geboden; zorg wordt erbij gehaald en niet overgedragen naar een andere partij. Het veranderproces dat we met de transformatie van de jeugdhulp in MVS-verband zijn ingegaan vraagt om een netwerkgerichte benadering. Om de uitdagingen van een verandering van dergelijke omvang tegemoet te kunnen treden is meerjarig partnerschap vereist. Het vraagt om een gezamenlijke verbintenis en gezamenlijke verantwoordelijkheid in het behalen van de transformatiedoelen. Dit vraagt tijd voor partijen om tot die verbintenis te komen, gezamenlijk doelen te stellen en het bepalen van de weg waarlangs zij de doelen willen bereiken. Bij deze context past geen lineaire, planmatige, hiërarchische benadering, maar eerder een aanpak die ruimte biedt aan het (creatieve) veranderproces en de tijd die dit vraagt. Het ene probleem kan eerder opgelost en aangepakt worden dan het andere. De te stellen doelen met partners kunnen dan ook door voortschrijdend inzicht tussentijds wijzigen en leiden tot andere oplossingen. Binnen netwerken beogen wij met partners vraagstukken op te lossen om kinderen zo gewoon/veilig mogelijk te laten opgroeien tot volwassenen. Voor de aanpak ervan zijn verschillende deskundigheden, inzichten en perspectieven nodig.

Partners hebben veelal ook een andere rol, bijvoorbeeld de uitvoering van wettelijk taken, andere opdrachten of werken vanuit een vrijwilligersperspectief. De vraagstukken waar we ons over moeten buigen om de jeugdhulp te verbeteren zijn veelal complex en veelzijdig.

1. De netwerken van het MVS Jeugdmodel Zoals in de inleiding reeds aangegeven, vormt de netwerkgerichte benadering een tweede instrument om het MVS-jeugdmodel te realiseren. Deze transformatie vraagt om een andere benadering en werkwijze van alle betrokkenen zoals professionals in de uitvoering van de jeugdhulp, maar ook in het jongerenwerk en de jeugdbescherming; het onderwijs, de (jeugd)gezondheidszorg, huisartsen, de doelgroepen van het jeugdbeleid, ervaringsdeskundigen en niet te vergeten van de MVS-gemeenten zelf. Daarbij vormen de leidende principes die in het 3

koersdocument MVS Jeugdmodel -dat samen met professionals uit de praktijk is ontwikkeld- zijn opgenomen de richting. Wij geloven in een netwerkgerichte aanpak waarin alle betrokken partners gezamenlijk werken aan oplossingen, verbeteringen, afspraken en werkwijzen voor de lange termijn en die van alle betrokken partners inspanning en verantwoordelijkheid vraagt. De hieronder genoemde vijf netwerken zijn in 2022 ingericht en van start gegaan. De netwerken zijn gebaseerd op de bouwstenen van het koersdocument MVS Jeugdmodel. Binnen de netwerken wordt gewerkt aan een gezamenlijke aanpak die gericht is op de doelen uit het koersdocument. Deze aanpak is terug te vinden in het transformatieplan dat op 10 oktober 2023 door het college is vastgesteld. In oktober 2022 is een vijftal netwerken gevormd om in partnerschap aan de transformatieopgaven te werken; in ieder netwerk staat een ander vraagstuk centraal en aan ieder netwerk nemen andere partners deel. Sommige partners, zoals het CJG en Mevis, nemen deel aan meerdere netwerken. Mevis heeft een eigen transformatieopgave om de geboden jeugdhulp te laten aansluiten op de transformatiebeweging, naar eerder en dichtbij ondersteuning zorg bieden. De rol van Mevis in de netwerken is daarom van groot belang.

Mevis heeft zich in het eerste half jaar 2023 voornamelijk gericht op het inrichten van de organisatie en het op orde brengen van de integrale jeugdhulpopdracht. De komende jaren zal Mevis zich steeds meer kunnen richten op het bieden van lichtere vormen van zorg in het voorliggend veld1, het bieden van meer hulpverlening vanuit de wijkteams, op school en bij de huisarts, het afbouwen van residentiële zorg en het bieden van zwaardere ondersteuning voor multi problemgezinnen. Tot medio 2023 hebben gemiddeld vier bijeenkomsten per netwerk plaatsgevonden. Deze bijeenkomsten stonden voornamelijk in het teken van kennismaken en leren van elkaar, weten welke mogelijkheden de diverse partijen hebben om kinderen te ondersteunen en het uitwisselen van expertise en gezichtspunten van elkaars organisatie. Aan de hand van door partners ingebracht casuïstiek zijn analyses gemaakt naar knelpunten en kansen in de ondersteuning aan jeugdigen en hun gezinnen. Eerste doelen en wensen zijn besproken die input geven aan de uitwerking van de plannen van aanpak. Er zijn quick-wins gemaakt door onder meer verbetering van samenwerkingsafspraken. Verder is op initiatief van partners uit het netwerk Opgroeien naar volwassenheid een inspiratiebijeenkomst gehouden met alle partners van het jongerenwerk en jongerencoaching om het netwerk te verstevigen en afspraken te maken over de samenwerking.

Deze bijeenkomst is erg goed ontvangen door de deelnemers. Eind september en begin oktober 2023 zijn opnieuw brede stakeholderbijeenkomsten georganiseerd waarvoor alle belanghebbenden, ook die niet deelnemen aan een netwerk zijn uitgenodigd. In deze bijeenkomsten ligt het accent op de thema’s samenwerken, hulp dichtbij en integraal, communicatie en normalisatie. Momenteel zijn vijf netwerken actief. Hieronder wordt per netwerk de stand van zaken besproken over het eerste half jaar van 2023.

1

Het voorliggende veld staat voor het totaal aan algemene voorzieningen dat beschikbaar is in een wijk of gemeente. Het gaat dus om alle voorzieningen voor (hulp)vragen zonder indicatie.

4

Netwerk “Opgroeien in de buurt” Dit netwerk richt zich op het versterken van het netwerk rond het kind en het gezin in het voorliggend veld, ook wel de sociale basis genoemd. Bij voorkeur weten gezinnen zelf waar zij advies en ondersteuning kunnen vragen binnen het eigen sociale netwerk, bij verenigingen, via school of een Centrum voor Jeugd en Gezin. Gezinnen maken gebruik van het eigen netwerk en van vrij toegankelijke zorg. We willen de ondersteuning in de gezinssituatie, het onderwijs en het derde leefmilieu (vriendjes, sport, cultuur, etc.) met zo min mogelijk hulpinterventies en een minimum aan doorverwijzing organiseren. Om dit te bereiken is een belangrijke rol weggelegd voor al die personen en organisaties die in de buurten en wijken actief zijn. Het is onze gezamenlijke ambitie om de huidige versnipperde inzet te vervangen door geschakelde inzet met ruimte voor eigen initiatief van inwoners. We willen ervoor zorgen dat ieder kind een (zelfgekozen) vertrouwenspersoon heeft en dat er meer aandacht komt voor de thuissituatie en problematiek van ouders en opvoeders. De transformatiedoelen van dit netwerk richten zich op: • méér integraal en collectief aanbod in de buurt; • bevorderen van de sociale cohesie in de buurt; • bevorderen van de handelingsbekwaamheid met betrekking tot vroegsignalering in de buurt cq.de sociale netwerken.

Met een aantal grotere partijen zoals Mevis, AanZet, CJG, Minters, Yets, E25, Vlaardingen in Beweging en de MVS-gemeenten is een analyse gemaakt van de sociale basis en welke ondersteuning er nu beschikbaar is in ieder gemeente voor inwoners met een ondersteuningsvraag op het gebied van opgroeien en opvoeden. In een bijeenkomst met deze partijen is aan de hand van casuïstiek besproken waar knelpunten zijn in het bieden van lichte en tijdige zorg en hoe deze aangepakt kunnen worden. De MVS-gemeenten bezien ook hoe het subsidieproces beter kan aansluiten vragen van de doelgroep die (zouden kunnen) behoren tot het aanbod vanuit het voorliggend veld en op welke wijze subsidies effectiever en efficiënter ingezet kunnen worden. Netwerk “Opgroeien in veiligheid” Dit netwerk richt zich rond kinderen en hun gezinnen aan de ene kant op het zo snel mogelijk samen de juiste ondersteuning bieden om dwangmaatregelen te voorkomen, en aan de andere kant op het borgen van de veiligheid. Een goede samenwerking aan de voorkant kan mogelijk maken dat voldoende ondersteuning kan plaatsvinden om situaties binnen het eigen gezin veilig te houden. Bijvoorbeeld door op tijd te signalen dat een veiligheidsvraagstuk in een gezin leeft, en daarop passende ondersteuning te bieden.

Ook kan door wijkgericht als professionals voldoende met elkaar en het directe netwerk van het gezin in verbinding te staan, gedaan worden wat nodig is om veilig in de eigen leefwereld op te groeien. Tegelijkertijd is de veiligheid van het kind een absolute ondergrens en dient goed geborgd te zijn. We willen tijdig onveilige opvoedsituaties in beeld hebben om crises te voorkomen. Daarbij past dat bij signalen van acuut en/of structurele onveiligheid direct wordt geacteerd. Binnen dit netwerk wordt nauw samengewerkt met partners van jeugdbescherming en jeugdreclassering, de Raad voor de Kinderbescherming, politie, Veilig Thuis, jongerenwerk, Mevis, CJG en Elckerlyc. In bijeenkomsten zijn de volgende thema’s besproken: • De aansluiting op het Toekomstscenario Kind- en gezinsbescherming (zie verderop in deze rapportage), waarbij ondersteuning bij zwaardere problematiek meer lokaal en via de wijkteams geboden moet worden. 5

• • •

Gefaseerd samenwerken Leren vanuit casuïstiek Analyse van de kansen en knelpunten binnen dit netwerk.

De grootste opbrengst tot nu toe is het leggen van de eerste basis voor een verdere, nauwe samenwerking. Vanuit dit netwerk zoeken professionals elkaar op en ontstaan mooie verbindingen in samenwerking. Ook levert het concrete aanknopingspunten op om in kleinere groepen/coalities verder uit te werken. De volgende stap is een doorontwikkeling van dit netwerk als basis naar het daadwerkelijk met elkaar creëren van coalities. Deze coalities kunnen parallel aan elkaar doelen van het netwerk verder uitwerken. Netwerk “Opgroeien door spelen en leren” Dit netwerk richt zich op de samenwerking met het onderwijs, de voor- en vroegschoolse educatie en kinderdagverblijven en heeft als doel om problemen en/of risico’s bij het opgroeien zo vroeg mogelijk te signaleren en eerder (de juiste) ondersteuning te bieden. Als er signalen zijn vanuit het onderwijs of de kinderopvang dat kinderen in kwetsbaarheid opgroeien worden deze signalen vroegtijdig en op maat opgepakt. Het onderwijs maakt hierbij meer gebruik van preventie. We willen dat op scholen en kinderdagverblijven sprake is van een passende en pedagogische ondersteuningsstructuur en -klimaat. In het geval van zwaardere problematiek komen partners tot passende zorgarrangementen en integrale onderwijszorgplannen.

Ook ontschotten we de middelen voor onderwijs en jeugdhulp om passende zorg en ondersteuning te bieden voor de jeugdige; een aantal thema’s waar dit netwerk zich over buigt. Het netwerk is onderverdeeld in drie deelnetwerken, namelijk het jonge kind (0-4 jaar), primair onderwijs (4-12 jaar) en voortgezet onderwijs (12-18 jaar). In de deelnetwerken is gewerkt aan de ontwikkeling en verbetering van de zorgstructuren en samenwerkingsafspraken door het delen van casuïstiek en goede voorbeelden. Er is gesproken over het bieden van ondersteuning aan kinderen en gezinnen die via kinderdagverblijven Plus en buitenschoolse opvang Plus in beeld komen en het bieden van Integrale Vroeghulp. Er wordt gewerkt aan de verbetering van doorlopende leerlijnen en zorglijnen in het onderwijs en hoe informatie gedeeld kan worden. Netwerk “Opgroeien in gezondheid” Het netwerk Opgroeien in gezondheid heeft als doel dat de juiste zorg op de juiste plaats geboden wordt, zo licht als mogelijk en zo zwaar als nodig. Het netwerk richt zich op hulpvragen bij huis-, kinder- en jeugdartsen. Het netwerk bestaat dan ook een vertegenwoordiging van deze professionals met daarnaast de POH-GGZ Jeugd, jeugdverpleegkundigen en Mevis. Het netwerk beoogt een afname van de vraag om specialistische en basis GGZ door eerder lichtere ondersteuning te bieden. De vraag naar GGZ-zorg blijft stijgen en de wachtlijsten flink.

GGZ-zorg is echter niet altijd nodig. Een aantal gesprekken bij de huisarts en lichtere ondersteuning op school, vanuit het CJG of wijkteams, kunnen ook al effectief zijn. De inzet van een POH-GGZ Jeugd in de huisartsenpraktijk moet ervoor zorgen dat eerder gesprekken worden gevoerd en aansluiting gevonden wordt bij scholen, CJG en wijkteams. Daarnaast beogen we met de inzet in de huisartsenpraktijk dat integraal zorg geboden kan worden aan het gezin, jeugdigen en ouders. Dat vraagt een goed aansluiting op de wijkteams 0-100, onderwijs en CJG. Binnen het netwerk wordt gewerkt aan samenwerkingsafspraken en concrete doorverwijzingsafspraken met Mevis, huisartsen, onderwijs en CJG. Om het doel te bereiken zijn andere afspraken gemaakt met Mevis, het coördinatieteam Mevis dat contact heeft met de huisartsen over de doorverwijzing en met het Plusteam Mevis voor advies. 6

Met Mevis, Minters, zorgverzekeraar DWS en zorgadvies-organisatie eerste lijn (ZEL) worden op dit moment afspraken gemaakt over de functie, bekostiging en positionering van de POH-GGZ. Met Mevis en Minters wordt tevens gesproken over de vertegenwoordiging van het wijkteam in de huisartsenpraktijk zodat problemen Sociaal Domein breed opgepakt kunnen worden in de huisartsenpraktijk. De komende maanden zullen Mevis en ZEL de huisartsenpraktijken bezoeken om na te gaan wat de wensen en mogelijkheden van de huisartsen zijn. Netwerk “Opgroeien naar volwassenheid” Jeugdigen die voor hun 18e jaar ondersteuning ontvangen merken een knelpunt als zij 18 jaar worden. Veel ondersteuning valt weg en begeleiding vanuit de Wmo of het wijkteam komt ervoor terug. Deze ondersteuning is veelal lichter dan wat eerder geboden werd. Dit netwerk is ingericht om, samen met de belangrijke partners, afspraken te maken om te voorkomen dat jongeren tussen wal en schip vallen als zij 18 jaar worden. De partners zijn onder anderen Albeda, Lentiz, Enver (18+ voorziening), Stroomopwaarts, ZorgSamen, ROGplus, Mevis, DSW, POH GGZ, Leerrecht, Gro-up en GGZ-Delfland. De partners in dit netwerk bleken bij aanvang minder met elkaar bekend te zijn. Kennismaking en kennisdeling vormden dan ook een belangrijk onderdeel van de eerste bijeenkomsten.

De partners werken aan afspraken voor overdracht van jeugdigen in zorg, hierbij is de “Big 5” als leidraad genomen, te weten wonen, inkomen, welzijn, school & werk en support. Verder is inzichtelijk gemaakt wat nu aan WMO-aanbod ontbreekt als vervolg op jeugdhulp. Netwerkregie Ieder netwerk wordt momenteel voorgezeten door een gemeentelijke netwerkregisseur. Netwerkregie binnen deze context vraagt om specifieke kennis en vaardigheden die deels nog verder ontwikkeld moet worden, zodat het proces binnen de netwerken goed gefaciliteerd wordt. Eind 2022 is een profiel voor de netwerkregisseurs opgesteld dat richting geeft aan de rol, taken en benodigde competenties. Om deze competenties te ontwikkelen en het proces van de netwerken zo goed mogelijk te faciliteren, is de faculteit sociale - en gedragswetenschappen van de Erasmus Universiteit verzocht een aanbod-op-maat te ontwikkelen. Begin juli is gestart met dit programma voor deskundigheidsontwikkeling dat tot eind 2023 door loopt. Participatie Voor alle netwerken geldt dat een oriëntatie is gestart op de wijze waarop de doelgroep, ouders / ervaringsdeskundigen aan kunnen sluiten bij een netwerk of hier op (voor hen) passende wijze een bijdrage aan kunnen leveren.

7

2. Leren en verbeteren Transformeren is een groeiproces; een iteratief proces wat inhoudt dat we stapje voor stapje bij onze doelen komen en daarbij telkens gebruik maken voor de gezamenlijke ervaringen en voortschrijdende inzichten. De gewenste verandering is onderdeel van een ontwikkelproces dat gezamenlijk vorm wordt gegeven. Leren is een essentieel onderdeel van dit proces. Leren gaat niet vanzelf; hiervoor moet een infrastructuur worden ingericht. De MVS-gemeenten faciliteren en instrumenteren het gezamenlijk leren. Transformeren vraagt ook om continu samen te willen leren en verbeteren. De regierol hiervoor ligt bij de MVS-gemeenten als primair verantwoordelijke voor het MVS Jeugdmodel. Wij zorgen voor een leer-infrastructuur om continu te kunnen leren. Lerend ontwikkelen doen we samen met Mevis en Rogplus en andere stakeholders binnen de netwerken. Het is een voorwaarde voor het welslagen van het MVS Jeugdmodel. We doen dit gezamenlijk binnen de vijf netwerken, maar ook met behulp van bijvoorbeeld thematische inspiratiesessies. Ook leren we door ruimte te geven aan initiatieven, pilots en projecten. We behouden hierin wat goed gaat en waar mogelijk gebruiken we goede voorbeelden in de andere gemeenten of wijken binnen gemeenten.

Leren van ervaringen in het land Met de invoering van het MVS Jeugdmodel willen de gemeenten beter kunnen sturen op de kwaliteit en de kosten van de jeugdhulp. De wijze van inkopen en de transformatie van jeugdhulp zijn belangrijke knoppen waar een gemeente aan kan draaien om te kunnen sturen. De behoefte aan sturing geldt voor vrijwel alle Nederlandse gemeenten. Veel gemeenten zien de kosten stijgen, maar zien ook dat daarmee niet altijd betere zorg wordt geboden of dat wachtlijsten afnemen. Om van ervaringen die in andere gemeenten zijn opgedaan te leren hebben we werkbezoeken afgelegd bij de gemeenten Utrecht, Bergen op Zoom en Alphen a/d Rijn. Ook voor de eerder genoemde complexe en veelzijdige vraagstukken die binnen de netwerken aan de orde zijn, gebruiken we de kennis en ervaring van andere gemeenten. De MVS-gemeenten nemen ook deel aan het programmateam van de GRJR. Binnen dit team werken de deelnemende regiogemeenten aan de uitwerking van de maatregelen genoemd in de Hervormingsagenda jeugd (zie ook verderop in deze rapportage). Ervaringen die lokaal opgedaan worden in de uitvoering van de jeugdhulp worden gedeeld. Ook zijn er afspraken met de GRJR gemaakt om de kritische prestatie indicatoren (KPI’s) van 10 regiogemeenten en de 3 MVS-gemeenten te monitoren en de komende jaren met elkaar vergelijken. In een eerste bijeenkomst zijn deze KPI’s geïnventariseerd.

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13326987/1