Bijlage Terugkoppeling verbonden partijen 3e en 4 kwartaal 2020
Tekst van het document
A. Terugkoppeling verbonden partijen met een gemiddeld/hoog en hoog risicoprofiel Jeugdhulp Rijnmond Terugkoppeling derde kwartaal 2020 Realisatie doelstellingen De GRJR is opgericht omdat in 2015, vanwege de nieuwe Jeugdwet, de gemeenten verantwoordelijk werden voor alle vormen van Jeugdhulp. De GRJR houdt zich bezig met de inkoop van (dure) specialistische jeugdhulp voor 15 (Rijnmond)gemeenten. De realisatie ervan wordt via tussentijdse rapportages en de jaarrekening verantwoord. In het derde kwartaal zijn cijfers over het tweede kwartaal van 2020 bekend geworden. In deze terugkoppeling zal dan ook aan het tweede kwartaal gerefereerd worden, het betreft hier gegevens die bij de terugkoppeling over het tweede kwartaal nog niet bekend waren. Budgetuitputting en financiële ontwikkelingen Uit de bestuursrapportage over het tweede kwartaal van 2020 lijken de uitgaven licht uit de pas te lopen met de begroting, de overschrijding van de totale begroting bedraagt 2 miljoen euro (minder dan 1%). De cijfers zijn in deze rapportage uitsluitend gebaseerd op het berichtenverkeer dat, zoals vaker gerapporteerd, nog niet vlekkeloos verloopt.
Als verdere winstwaarschuwing dient meegegeven te worden dat ook in voorgaande jaren de rapportage over de eerste twee kwartalen weinig aanleiding gaven tot zorgen, maar dat in de rest van het jaar bleek dat er toch forse overschrijdingen dienden te worden ingeboekt. Op het moment van schrijven van deze terugkoppeling is de rapportage over het derde kwartaal nog niet gereed. In de financiële rapportage over het tweede kwartaal wordt een inschatting gemaakt van de gevolgen van de Corona-uitbraak. Uit de cijfers blijkt dat de meeste vormen van zorg zijn gecontinueerd, een uitzondering geldt voor dagbehandeling (locaties zijn enige tijd gesloten geweest) en crisishulp. Bij de dagbehandeling zijn ambulante alternatieven aangeboden passend bij de problematiek van de kinderen die niet naar de dagbehandeling toe konden. Voor wat betreft de crisishulp wordt uitgezocht wat hiervoor de reden is. Er is (los van de Coronacrisis) al enige tijd een dalende trend te zien van de bezetting van de crisisbedden. Verder wordt in deze rapportage aangekondigd dat er een inventarisatie wordt gemaakt van de meerkosten die aanbieders hebben moeten maken ten tijde van de eerste golf die door de GRJR gecompenseerd zouden moeten worden. In de rapportage over het derde kwartaal zal hierover meer duidelijkheid te geven zijn.
Overige ontwikkelingen Sinds het tweede kwartaal van 2019 loopt er binnen de MVS-gemeenten een herijkingsonderzoek Jeugdhulp. Hierin wordt gekeken of de wijze waarop de jeugdhulp op dit moment georganiseerd is, anders en beter kan. De gemeenteraden van MVS worden hierover separaat geïnformeerd, maar er zijn uiteraard ook raakvlakken met het beleid van de GRJR. In het derde kwartaal 2020 is door de MVS-gemeenten binnen de werkgroep en stuurgroep inkoop aandacht gevraagd om te komen tot een goede verdeling tussen wat regionaal binnen de GRJR gaat worden ingekocht en wat de ruimte is om binnen MVS eigen keuzes te maken wat sub-regionaal kan worden aanbesteed. Dit is een moeizaam proces gebleken. In de vergadering van het AB van de GRJR van juli heeft dit ertoe geleid dat de MVS gemeenten, samen met twee andere regiogemeenten, tegen een besluit over te nemen volgende stappen van de regionale inkoop hebben gestemd. 20UIT09776
Pagina 3 van 27
Wachttijden: Het blijkt nog altijd ingewikkeld om een goed overzicht te krijgen van de wachttijden. Bestuurlijk is (en wordt herhaaldelijk) aangedrongen op een plan van aanpak om de informatievoorziening aan te scherpen en aanbieders zowel individueel als collectief per opdracht aan te spreken op acties om de wachttijden te beperken. Aanbieders verschillen in de wijze waarop wachttijden worden geïnterpreteerd. Voor crisis, spoed en forensische zorg geldt geen wachttijd en zou eigenlijk voor de berekening van de gemiddelde wachttijd buiten beschouwing gelaten moeten worden omdat dit de gemiddelde wachttijd ten onrechte lager doet lijken; in de registratie zijn aanbieders hier echter niet eenduidig in. Er is, onder andere na aandringen van de MVS gemeenten en in lijn met de opdracht van de interim-secretaris, aangekondigd dat de wijze van rapportage stapsgewijs aangescherpt gaat worden. Het eerste dat wordt opgepakt is de rapportage van de wachttijden. Met de waarschuwing dat de betrouwbaarheid van de cijfers op dit moment nog altijd te wensen overlaat, zijn in het tweede kwartaal van 2020 minder jongeren binnen de termijn van 10 dagen geholpen (52%) dan in het eerste kwartaal.
Ook in voorgaande jaren zien we deze daling optreden, vermoedelijk omdat aanbieders tegen hun budgetplafond beginnen aan te lopen en uitgeweken moet worden naar een andere aanbieder, maar dit jaar is het sterker. Mogelijk heeft de Corona-uitbraak hieraan bijgedragen. Van alle soorten zorg scoort ambulante hulpverlening het hoogst. Als gekeken wordt naar de retrospectieve wachttijd (dat is de tijd die kinderen gewacht hebben totdat de behandeling is gestart, gemeten bij de kinderen die in behandeling zijn) dan is deze gestegen tot 8 weken. Als we deze gegevens naast elkaar zetten, kunnen we stellen dat de bandbreedte van de wachttijden erg groot is: helft van de kinderen wordt snel geholpen worden, maar de wachttijd van de kinderen die moeten wachten kan zeer lang zijn. Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond Bijgevoegd treft uw raad de rapportage Veilig Thuis over het derde en vierde kwartaal aan. Deze rapportages konden niet eerder met uw raad gedeeld worden omdat deze vanuit Veilig Thuis waren vertraagd. Via de griffie is de tweede kwartaalrapportage van Veilig Thuis al eerder aan de leden van de gemeenteraad gestuurd. Opvallende aspecten in de rapportage over het tweede kwartaal zijn: Uit de tweede kwartaalrapportage blijkt dat VTRR het in de regio in 52,6% van de meldingen is gelukt binnen de wettelijke termijn van 5 werkdagen een veiligheidsbeoordeling uit te voeren.
Alle binnenkomende meldingen worden dagelijks gescreend, voordat een veiligheidsbeoordeling wordt gedaan. Als uit de screening blijkt dat er sprake is of vermoeden van acute onveiligheid, dan krijgt deze melding voorrang. Er wordt dan meteen een veiligheidsbeoordeling gedaan en direct actie ondernomen vanuit het crisisteam.
20UIT09776
Pagina 4 van 27
In het afgelopen jaar hebben de percentages van meldingen die binnen de wettelijk termijn zijn afgehandeld zich het afgelopen jaar in de regio als volgt ontwikkeld: Januari: 37,9% Februari: 52,7% Maart: 47,5% April: 53,2% Mei: 55,8% Juni: 47,2% Juli: 54,5% Augustus: 57,9% September: 75,5% VTRR is erin geslaagd om de achterstand in het afronden van zaken die te lang zijn blijven liggen terug te brengen tot het niveau van de huidige maand. Waarschijnlijk ten gevolge van de aangescherpte meldcode neemt het aantal adviesvragen sterk toe. Deze stijging was eind vorig jaar al ingezet, maar wordt dus zeker niet minder. Veilig Thuis heeft geanticipeerd op de Coronacrisis door melden per Whatsapp mogelijk te maken en ketenpartners actief op te roepen alert te zijn, omdat het veel thuis zijn een stijging van het aantal incidenten tot gevolg kan hebben. Uit de eerste kwartaalrapportage viel nog niet op te maken of dat ook daadwerkelijk het geval was, maar het beeld is nu dat het aantal meldingen min of meer gelijk blijft, maar dat het percentage ernstige casuïstiek stijgt. Verder is het reilen en zeilen van Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond uitvoerig toegelicht tijdens een bijeenkomst van de klankbordgroep Sociaal Domein op 15 oktober jl. De raad zal, naast de kwartaalrapportage, voortaan maandelijks geïnformeerd worden over de activiteiten van Veilig Thuis.
Op het moment van schrijven van deze rapportage vindt nog afstemming plaats aan welke gegevens er behoefte bestaat. Terugkoppeling vierde kwartaal 2020 Realisatie doelstellingen De realisatie van de doelstellingen met betrekking tot de door de GRJR ingekochte (dure) specialistische jeugdhulp voor de 15 Rijnmond gemeenten wordt via tussentijdse rapportages en de jaarrekening verantwoord. In het vierde kwartaal zijn cijfers over het derde kwartaal van 2020 bekend geworden. In deze terugkoppeling zal dan ook aan het derde kwartaal gerefereerd worden en wordt gebruik gemaakt van de derde bestuursrapportage (Burap GR JR d.d. 18 november 2020). Een belangrijke functie van deze rapportage is verwachtingenmanagement met behulp van de financiële jaareindeverwachting met toelichting. Deze prognose is tot stand gekomen met de voor dit moment maximaal haalbare zorgvuldigheid. Dergelijke berekeningen worden idealiter gebaseerd op realisatiecijfers van zorgtoewijzing, zorgverlening, zorgdeclaratie en zorgbetaling. In de huidige situatie van de COVID-19 pandemie moet echter worden gewerkt met onvolledige, niet actuele en deels niet betrouwbare gegevens over: wel door gemeenten toegewezen maar nog niet gestarte en/of gedeclareerde jeugdhulp; wel gestarte maar nog niet toegewezen en gedeclareerde jeugdhulp; realisatie van niet ingekochte maar gesubsidieerde vormen van jeugdhulp
20UIT09776
Pagina 5 van 27
Invloed COVID-19 De GRJR houdt alle informatie over de ontwikkeling van het Corona virus goed in de gaten. De adviezen van de overheid en het RIVM worden gevolgd en de ontwikkelingen worden gemonitord voor gemeenten en aanbieders. Gedurende het jaar zijn er weinig signalen binnengekomen dat de pandemie zou leiden tot meer toename van zorg en/of complexiteit van zorg. Ondanks een Coronameldpunt bij de GRJR. Ook financieel zijn niet eerder corona gerelateerde knelpunten benoemd. In de eerste weken van 2021 wordt het bestuur geconfronteerd met verschillende berichtgevingen over de wachtlijsten en spoedzaken in de sGGZ. In overleggen binnen de GR is bijvoorbeeld aangegeven dat er voldoende budget is voor GGZ-zorg binnen perceel E, terwijl we tevens vanuit de media en de 4 grote zorgaanbieders binnen dit perceel vernemen dat middelen tekort schieten. Ook zijn er afgelopen jaar geen melding gedaan zijn over problemen rond zorg en corona, terwijl deze aan het begin van 2021 in een korte periode blijkt te zijn opgelopen naar een zorgelijk hoog niveau aan complexe problematiek zonder dat helder is wat deze kentering teweeg heeft gebracht. Vanuit de MVS zijn vragen gesteld aan het bestuur over o.a. gemis aan de cijfermatige onderbouwing en deze plotselinge noodkreet gerelateerd aan corona.
Financiële rapportage vierde kwartaal/ Jaareindeverwachting De financiële prognose op basis van cijfers tot en met het derde kwartaal laten het beeld zien dat de totale zorgkosten naar verwachting ruim € 0,7 mln. hoger uitvallen dan actueel begroot. Er is een verschuiving zichtbaar van opname en daghulp naar pleeghulp, langdurig verblijf en ambulante hulp en overige hulp. Bij elkaar overschrijdt het totaal van de kosten van deze soorten jeugdhulp de begroting met ca. € 3,7 mln. Daartegenover staat een verwacht overschot van ca. € 3,0 mln. op de inzet van crisishulp en gecertificeerde instellingen. Van het budget Risico’s jeugdhulp wordt naar verwachting € 1,0 mln. uitgegeven aan corona meerkosten, de resterende ca. € 1,8 mln. van dit budget blijft onbenut. Overige resultaten op de uitvoeringskosten zijn nog niet in beeld. Er is geen rekening gehouden met compensatie van corona omzetderving. Per saldo wordt een exploitatieoverschot verwacht van bijna € 1,1 mln. Na afwikkeling van vorderingen over 2016/2017 moet naar verwachting voor € 0,9 mln. worden afgeboekt. Na deze incidentele tegenvaller is het verwacht resultaat ca. € 0,2 mln. positief. Verbeterplan Het verbeterplan dat het AB in 2019 heeft vastgesteld is de leidraad voor de verbeteringen die de uitvoeringsorganisatie stap voor stap doorvoert.
Met het ontwikkelen van een regiovisie door de vijftien samenwerkende gemeenten in samenwerking met aanbieders en onderwijs, legt regio Rijnmond een goede basis voor de inkoopstrategie die leidend is bij de volgende inkoopronde. De gemeenteraden stellen de regiovisie in het tweede kwartaal vast, na een uitgebreide informatie en consultatieronde. Dan ligt ook de inkoopstrategie ter vaststelling voor bij het AB. Ondertussen voeren onze bestuurders van de GRJR indringende gesprekken met bestuurders van aanbieders over de voorwaarden waaronder een verlenging van de contracten t/m 31 december 2022 kan plaatsvinden. MVS zal vanaf 1 januari 2023 de vrijheid krijgen het MVS Jeugdmodel te implementeren. Bij de voorbereiding hiervan in 2021 zullen ook de gevolgen hiervan voor een eigen inkooptraject en de invoering van een tweede model van bekostiging (populatiebekostiging versus het arrangementenmodel) nader worden uitgewerkt. De informatievoorziening is verbeterd nu er elke drie maanden een Burap verschijnt die door de uitvoeringsorganisatie elke ronde aangevuld wordt met meer en verbeterde informatie. 20UIT09776
Pagina 6 van 27
Op dit moment is er aan BMC de opdracht verstrekt om in februari 2021 een overkoepelend strategisch informatieplan en dashboard op te leveren. Met de invoering van de zachte kwartaalafsluitingen wordt er toegewerkt naar een meer betrouwbare administratie gedurende het hele jaar. Dit maakt aan het einde van het jaar het jaarrekening – en afrekenproces simpeler en sneller. Een verbeterpunt betreft ook het contractmanagement. Ondanks dat de uitvoeringsorganisatie de afgelopen maanden over een minimum aantal contractmanagers beschikte, is er toch gestart met een ontwikkeltraject met onder meer een gezamenlijke opleiding. Dit moet een goed inwerkprogramma opleveren voor nieuwe contractmanagers die de komende maanden starten. Ook is er een set aan afspraken gemaakt over wat het betekent om contractmanager bij de GRJR te zijn. Overige ontwikkelingen Het MVS Jeugdhulpmodel Het herijkingsonderzoek van de MVS-gemeenten heeft eind december na een roerige tweede helft van 2020 zijn afronding gekregen in de vaststelling van het MVS Jeugdhulpmodel. Met dit model willen we de wijze waarop de jeugdhulp op dit moment georganiseerd is veranderen en verbeteren. De gemeenteraden van MVS zijn hierover regelmatig geïnformeerd en hebben uiteindelijk breed ingestemd met dit Jeugdmodel.
Wachttijden Evenals in de eerder verzonden Q3 rapportages zijn de toen reeds geconstateerde wachtlijsten verder opgelopen. Hierbij is het belangrijk te melden dat vanaf Q3 de zorgaanbieders een andere systematiek van de administratie van wachttijden hebben doorgevoerd. Er wordt gemeten van het moment van aanmelding bij de zorgaanbieder tot de werkelijke start van de zorg. Het lijkt erop alsof dit ook – evenals GRJR breed - binnen de regio MVS sprake is van een toename van de wachttijden door een stagnatie van uitstroom uit behandeltrajecten maar hier moet nader onderzoek naar worden gedaan. We zien daarnaast vermoedelijk dubbelingen: cliënten staan soms op meerdere plekken op een wachtlijst. Veilig Thuis Bijgevoegd treft uw raad de rapportage Veilig Thuis over het derde en vierde kwartaal aan. Deze rapportages konden niet eerder met uw raad gedeeld worden omdat deze vanuit Veilig Thuis waren vertraagd. We geven nu een duiding van de actuele rapportage Q4 welke voor vaststelling is aangeboden aan het Algemeen Bestuur van de GRJR en daarna integraal beschikbaar zal zijn voor de gemeenteraad. Er is een trend in de toename van het aantal adviesvragen het afgelopen jaar. Door de coronamaatregelen zijn gezinnen vaker thuis waardoor spanningen mogelijk oplopen.
Om gezinnen toch de gelegenheid te geven om op een veilig manier in contact te komen met Veilig Thuis is afgelopen mei de chatfunctie ingevoerd. In het vierde kwartaal werd deze functie weer intensief gebruikt. In oktober zagen we een terugloop van het aantal meldingen ten opzichte van dezelfde maand in het jaar ervoor. In november en december steeg het aantal meldingen naar hetzelfde niveau als 2019. Er zijn zorgen over het (landelijke) signaal dat er een toename is van ernstige vormen van geweld dat gemeld wordt. Een situatie waarvoor VT zoveel mogelijk aandacht probeert te vragen, zowel lokaal als landelijk. Gedurende de Coronamaatregelen bleef ook het crisisteam actief. Het aantal tijdelijke huisverboden is in het vierde kwartaal afgenomen. Er is een flinke toename van overige zorgmeldingen in het vierde kwartaal. VT is hierover in gesprek met de politie. 20UIT09776
Pagina 7 van 27
Naar aanleiding van het Verwey-Jonker onderzoek naar de ketenzorg huiselijk geweld zijn is VT opnieuw met alle 15 GR JR gemeenten in gesprek gegaan met als doel gezamenlijke verbeterpunten en wensen op te halen en op die manier de samenwerkingsafspraken te implementeren. In het vierde kwartaal is door een extern bureau een onderzoek gedaan naar de tevredenheid onder cliënten. Naar aanleiding van de rapportage wordt gewerkt aan verbetering van de dienstverlening. Aan cliënten is ook gevraagd wie hierin mee zouden willen denken en er is van diverse cliënten interesse getoond. Risico’s Financieel Op grond van het AB besluit van oktober 2020 kunnen gecontracteerde zorgaanbieders, GI’s en VTRR de corona meerkosten declareren als afzonderlijk onderdeel van de zorgkosten 2020. Het resultaat van de jaareindeverwachting is dus inclusief corona meerkosten. Het AB gaat hierbij uit van het gegeven dat gemeenten van de rijksoverheid hiervoor compensatie ontvangen. Er is ook een uitvraag gedaan naar mogelijke omzetderving door de eerste corona-golf. Er is nog niet besloten over het al dan niet declarabel verklaren hiervan. De voorlopige opgave van ca. € 2,4 mln. is daarom NIET opgenomen in de jaareindeverwachting. Bestuurlijk/Governance De afspraken die het AB in september 2020 heeft bevestigd over de bestuurlijke en ambtelijke organisatie geven duidelijkheid.
De volgende stap is het onderzoek naar het positioneren van de uitvoeringsorganisatie van de GRJR . Hierover volgt een advies in het eerste kwartaal van 2021. Dan start ook de werving van de vaste secretaris voor de GRJR, zodat er een warme overdracht kan plaatsvinden vanuit de secretaris a.i. De regiovisie die gemeenten in 2021 vaststellen leidt mogelijk tot nieuwe wijzigingen in de governance. De ontwikkeling rond het niet uittreden van de MVS gemeenten en de realisering van een eigen uitvoeringsorganisatie vanaf 2023 zal in 2021 onderwerp zijn van uitgebreid overleg zijn van de noodzakelijke stappen en aanpassingen in de huidige samenwerking en positionering van de MVS gemeenten binnen de GRJR. Stand van zaken risicoprofiel Bestuurlijk In het risicoprofiel is eerder vermeld dat de samenwerkingsrelatie moeizaam is. Het hiervoor beschreven verbeterplan en de actuele resultaten hierin worden door de interim-secretaris die in april 2020 met haar werkzaamheden begon regelmatig teruggekoppeld en – indien nodig – ter besluitvorming aan het Dagelijks Bestuur en het Algemeen Bestuur aangeboden. De voortgang is in 2020 gemonitord door een afvaardiging van gemeentesecretarissen en directeuren van de verschillende regiogemeenten. Op alle terreinen is inmiddels eind 2020 goede voortgang geboekt. Financieel Uit het risicoprofiel van de GRJR blijkt dat het financiële risico hoog is.
Er zijn geen ontwikkelingen die leiden tot een ander oordeel. Portefeuillehouders Wethouder Bregman is na vaststelling van het risicoprofiel als tweede portefeuillehouder in het kader van de scheiding tussen de rollen van klant en eigenaar toegevoegd. Ten aanzien van de gemeenschappelijke regeling Jeugdhulp Rijnmond is plaatsing van de tweede portefeuillehouder in het dagelijks bestuur op dit moment niet mogelijk. 20UIT09776
Pagina 8 van 27
Derhalve zal de tweede portefeuillehouder met name meekijken en tegenlezen als het gaat om belangrijke zaken. Gedurende de afwezigheid van wethouder Bregman treedt wethouder Ruseler op als tweede portefeuillehouder. ROGplus Terugkoppeling derde kwartaal 2020 Corona De zorgverlening van ROGplus is grotendeels weer op het oude niveau. Vaak is sprake van een aangepaste vorm van zorgverlening om de anderhalve meter afstand te garanderen. Dit resulteert in kleinere groepen en waar mogelijk digitale ondersteuning. Dit zal voorlopig zo blijven. In het vierde kwartaal van 2020 spreekt ROGplus met zorgaanbieders over hun visie op de toekomst. Het vervoer (Regiotaxi Waterweg) herstelt zich enigszins maar blijft nog achter. Op dit moment wordt ongeveer 70% van de ritten gereden in vergelijking met 2019. Dieptepunt was in april, waarin het percentage maar 12% was. De verwachting is dat de vraag nog wel enigszins aantrekt maar dat dit jaar 80% het hoogst haalbare is. Vanwege de sterk verminderde zorgvraag gedurende de coronacrisis heeft ROGplus afspraken gemaakt met aanbieders over de manier waarop zij betaald worden. Daarbij zijn adviezen van de VNG mede bepalend geweest Halfjaarrapportage ROGplus heeft de kosten van WMO voorzieningen voor Schiedam in 2020 begroot op € 21.197.000 (gewijzigde begroting). De halfjaarrapportage laat zien dat de uitgaven binnen deze begroting blijven.
In de eerste 6 maanden van 2020 is ongeveer 45% van het begrote bedrag uitgegeven. Prognose 2020 In de eerste kwartaalrapportage van ROGplus is vanwege de coronacrisis geen prognose afgegeven. In de halfjaarrapportage geeft ROGplus wel een prognose voor het resultaat over 2020. Als deze prognose klopt zullen de uitgaven onder begroting blijven. Het bestuur van ROGplus heeft echter besloten, na overleg met de financiële commissie, om geen voorstel tot begrotingswijziging te doen. Vanwege de coronacrisis bestaat er onzekerheid over de prognose. Op dit moment is het aantal nieuwe aanvragen lager dan verwacht en wordt er minder zorg afgenomen. Het is de vraag hoe dit de komende maanden zal verlopen. Het is mogelijk dat het aantal nieuwe aanvragen sterk zal gaan stijgen als de situatie rondom corona verandert. Ook is het mogelijk dat inwoners hun zorgvraag uitgesteld hebben, daardoor kwetsbaarder geworden zijn en nu zwaardere zorg nodig hebben. Wmo cliëntervaring onderzoek Jaarlijks krijgen cliënten Wmo een schriftelijke enquête waarin gevraagd wordt naar de ervaringen met de Wmo in Schiedam. Aan de hand van drie thema’s worden meerdere stellingen voorgelegd. De thema’s zijn “contact”, “kwaliteit van ondersteuning” en “wat levert de ondersteuning mij op”. Van de 1516 benaderde inwoners hebben 552 de vragenlijst ingevuld.
De resultaten van het onderzoek in 2020 laten geen grote afwijkingen zien ten opzichte van 2019. Cliënten beoordelen de informatie en service vanuit ROGplus met een dikke voldoende, en de geboden zorgverlening zelfs met een 8. Veruit de meeste cliënten geven aan dat de ondersteuning leidt tot een betere kwaliteit van leven en meer autonomie. Winst is nog te behalen in het informeren van cliënten over de cliëntondersteuner, die kan helpen in het gesprek met ROGplus over de te bieden zorg. 20UIT09776
Pagina 9 van 27
Terugkoppeling vierde kwartaal 2020 Invloed COVID-19 De aanbieders Schoon Huis kampen met een hoog ziekteverzuim. Het lukt tot op heden om de dienstverlening in stand te houden. Indien cliënten, vanwege de angst voor besmetting, de hulp tijdelijke stopzetten wordt hen alternatieve vormen van ondersteuning aangeboden (boodschappen, luisterlijn). Bij alle aanbieders van dagbesteding zijn de groepen kleiner dan voor de uitbraak van het COVID-19 virus. Alle cliënten worden in de gelegenheid gesteld om tussen de 1 en 3 dagen naar de dagbesteding te komen. Verder worden alternatieve vormen van ondersteuning geboden als telefonisch contact of ambulante begeleiding thuis. Met elke cliënt is contact en wordt besproken hoe, binnen gegeven omstandigheden, zo goed mogelijk te ondersteunen. De ambulante begeleiding door de zorgverleners van ZorgSamen MVS heeft relatief weinig last van het COVID-19 virus. Huisbezoeken worden nog afgelegd en digitale afspraken zijn voor deze doelgroep een goed alternatief. De tweede golf van het COVID-19 virus heeft vanaf oktober geleid tot wederom een afname van het aantal ritten van de Regiotaxi, maar deze afname is beperkt ten opzichte van de eerste golf.
Derde kwartaalrapportage financiën De rapportage van het derde kwartaal 2020 laat zien dat de coronamaatregelen een dempend effect hebben op het beroep van Wmo-voorzieningen en -dienstverlening in de MVSgemeenten. In de eerste 9 maanden van 2020 is ongeveer 63% van het begrote bedrag uitgegeven. Er zijn echter meer ontwikkelingen uit 2020 (nieuwe contracten, nieuwe financieringsmethodiek) die van invloed kunnen zijn geweest op dit resultaat. Daarbij is onduidelijk hoe de laatste maanden van het jaar financieel verlopen. Het blijft mogelijk dat inwoners hun zorgvraag uitgesteld hebben, daardoor kwetsbaarder geworden zijn en nu zwaardere zorg nodig hebben. Contractverlenging Noot Het bestuur van ROGplus heeft op 29 oktober besloten het contract met Noot voor 2 jaar te verlengen, tot 1 augustus 2023. Het contract met Noot is voorzien van een bonus/malus regeling. Deze regeling houdt in dat Noot financieel wordt beloond of gekort op kwaliteitsaspecten waaronder klanttevredenheid, stiptheid en telefonische bereikbaarheid. Met de verlenging zijn nieuwe tarieven afgesproken, gebaseerd op risicodeling tussen de gemeenten en Noot, afhankelijk van het aantal gereden ritten. Dit doet recht aan de onvoorspelbare situatie waarin we thans leven en gemeenten en Noot moeten opereren. Er wordt rekening gehouden met zowel een sterke daling als een flinke stijging van de vervoersvraag.
Alle scenario’s zijn doorgerekend met als resultaat een financieel voordeel voor de gemeente alsmede een gezonde bedrijfsvoering voor Noot. Bijscholen WMO-consulenten ROGplus is bezig met het bijscholen en trainen van consulenten in het keukentafelgesprek. Daarbij wijzigt de rol van de consulent in de WOT’s. In gewijzigde rol is de WOT-consulent niet alleen een indicatiesteller, maar ook een adviseur die verbinding legt met het voorliggend veld en cliënten kan adviseren over preventie en versterking van de eigen kracht.
20UIT09776
Pagina 10 van 27
Risico’s Bestuurlijk ROGplus heeft een laag bestuurlijk risico, zoals ook blijkt uit de uitwerking van het risicoprofiel. Op dit moment wordt, in opdracht van het bestuur ROGplus, onderzocht hoe de juridische structuur van ROGplus toekomstbestendig vorm gegeven kan worden. Financieel ROGplus heeft een hoog financieel risico. Dat komt omdat de bijdrage aan ROGplus hoog is, ROGplus geen weerstandsvermogen heeft en de gemeente volledig financieel aansprakelijk is. Uit de voorlopige jaarstukken 2019 en ontwerpbegroting 2021 blijkt dat de kosten voor Wmo ondersteuning stijgen. Voor een groot deel zijn de kosten niet beïnvloedbaar. De ondersteuning moet vaak wettelijk gezien geleverd worden en er zijn regels die bepalend zijn voor de kosten. Om de kosten te beheersen werken gemeenten en ROGplus samen. Daarbij wordt verbinding gelegd met andere delen in het sociaal domein, bijvoorbeeld SamenSchiedam en Stroomopwaarts. ROGplus is ook betrokken bij de transformatie sociaal domein in MVSverband. Stand van zaken risicoprofiel In het derde kwartaal was de portefeuille Zorg en Welzijn overgenomen door wethouder Ruseler, maar per 1 januari 2021 is de portefeuille Zorg en Welzijn weer volledig belegd bij wethouder van Aaken. De tweede portefeuillehouder is wethouder Ruseler. Met de betrokkenheid van twee wethouders wordt goed gekeken naar scheiding van de rollen klant en eigenaar.
Door de huidige structuur van ROGplus, en de reeds ingevulde wijze van vertegenwoordiging in het gemeenschappelijk orgaan (GO) ROGplus, is het op dit moment niet mogelijk om een tweede wethouder aan te wijzen als vertegenwoordiger. Stroomopwaarts Terugkoppeling derde kwartaal 2020 Ontwikkeling uitkeringsbestand en Tozo Ten gevolge van de corona maatregelen is er sprake van een stijging in het uitkeringsbestand. Over de omvang van het bestand wordt de raad maandelijks geïnformeerd middels de bestandsinformatie. De verwachting is dat de stijging van het aantal uitkeringen de komende periode nog verder zal doorzetten. Dit heeft onder andere te maken met het feit dat er, als gevolg van de coronamaatregelen, sprake is van een grote stijging in het aantal nieuw toegekende WW uitkeringen. Een deel van deze groep zal (op korte en de langere termijn) doorstromen naar de bijstand. Onderstaand een uitwerking van het aantal lopende WW uitkeringen eind 2020 ten opzichte van eind 2019. Zichtbaar is dat er voor de MVS regio sprake is van een gemiddelde stijging van 24,5% (UWV, 2020). Gemeenten/MVS Maassluis Vlaardingen Schiedam MVS-regio
Aantal WW eind 2019 421 1.142 1.320 2.883
Aantal WW eind 2020 524 1.342 1.723 3.589
Verschil in % + 24,5% + 17,5% + 30,5% + 24,5%
Verder gaat in het 4e kwartaal de ‘Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers 3 (Tozo 3)’ in. 20UIT09776
Pagina 11 van 27
Zienswijzeprocedure 1e begrotingswijziging 2020, begroting 2021 en meerjarenraming 2022-2024. De zienswijze met betrekking tot de conceptbegroting 2021 met de meerjarenraming 2020-2022 is op 23 juni 2020 door de raad vastgesteld. 2e begrotingswijziging 2020 - juli De zienswijze met betrekking tot de 2e begrotingswijziging 2020 is op 29 september 2020 door de raad vastgesteld. Pilot Dagbesteding Sinds de komst van de Participatiewet is de overgang tussen de verschillende domeinen in de participatieketen minder goed toegankelijk gebleken. Het effect hiervan is dat mensen te lang op een plek zijn gebleven die niet meer passend is bij het stadium van hun leven. Om deze reden is Stroomopwaarts, samen met ROGplus en het UWV, gestart met een project om de mensen die de ondergrens binnen de Sociale Werkvoorziening hebben bereikt te begeleiden naar dagbesteding en mensen vanuit dagbesteding naar beschut werk. De komende periode wordt verder toegewerkt naar een concrete samenwerking en uitvoering tussen Stroomopwaarts, ROGplus en het UWV. Hierbij gaat het met name om de soepele overgang van arbeidsmatige dagbesteding naar werk en visa versa. Social Return on investment (hierna: SROI) SROI is als voorwaarde op te nemen in aanbestedingen. Het doel is extra werk(ervarings)plaatsen te creëren voor mensen met een grote(re) afstand tot de arbeidsmarkt.
Zonder re-integratieondersteuning kunnen die niet aan het werk. Dit met als doel om zoveel mogelijk mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt aan betaald werk te helpen. Tot dusver hebben vijf bedrijven, als gevolg van de Coronacrisis, een beroep gedaan op tijdelijke uitstel om aan de SROI-verplichting te voldoen. Er is door Stroomopwaarts geen einddatum aan deze tijdelijk uitstel verleend, maar evalueert de voortgang van uitstel tussentijds. Een voorbeeld hiervan is de catering. Door het thuiswerken is het aantal bezoekers van de bedrijfsrestaurants drastisch afgenomen. Het gevolg is dat de mogelijkheden om aan de SROI-verplichting te voldoen beperkt is. Mochten bedrijven als gevolg van de coronacrisis problemen ervaren met het voldoen aan de SROI-verplichtingen, dan zal door Stroomopwaarts maatwerk worden geboden. Wijziging van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (hierna: Wgs) Per 1 januari 2021 treedt de wetswijziging Wgs in werking. Via deze wet is het juridisch geregeld dat gemeenten in een vroegtijdig stadium informatie over inwoners mogen ontvangen en koppelen. Hierdoor wordt het mogelijk inwoners met een betalingsachterstand tijdig te lokaliseren en een aanbod te doen. Een belangrijke kanttekening is dat het Rijk besloten heeft deze wetswijziging budgetneutraal door te voeren.
Hierdoor zijn er onvoldoende middelen beschikbaar om de kansen die de wetswijziging biedt optimaal te verzilveren. Werkgroepen zijn aan de slag gegaan over de wijze waarop vroegsignalering kan worden uitgevoerd en hoe de toegang tot de gemeentelijke schuldhulpverlening in overeenstemming met de wetswijziging kan worden ingericht.
20UIT09776
Pagina 12 van 27
Budgetuitputting Volgens de laatste prognose 2020 zijn de resultaten als volgt: Armoedevoorziening: SOW geeft op basis van de realisatie t/m augustus 2020 een prognose voor 2020 af van 81% (was 80%). Dit is een voorlopig voordeel voor Schiedam. Bewindvoering: SOW geeft op basis van de realisatie t/m augustus 2020 een prognose voor 2020 af van 109% (was 100%). Dit is een voorlopig nadeel voor Schiedam. Inkomensvoorziening: SOW geeft op basis van de realisatie t/m augustus 2020 een prognose voor 2020 af van 100% (was 95%). Mocht deze stijging zich doorzetten, meer uitgeven dan begroot, dan zal dit een nadeel voor Schiedam zijn. Terugkoppeling vierde kwartaal 2020 Ontwikkeling uitkeringsbestand In het laatste kwartaal van 2020 is het Schiedamse uitkeringsbestand met 24 uitkeringen gedaald1. Over het hele jaar genomen is er echter een stijging zichtbaar van 87 uitkeringen (ca. 3,8%). De stijging van het aantal uitkeringen is een landelijke trend (stijging 2,6%) en is een negatief effect van de maatregelen ter bestrijding van het coronavirus. De grootste stijging heeft zich voorgedaan in de maanden maart tot en met juli 2020. Zichtbaar is dat de stijging daarna stabiliseert en vervolgens ombuigt in een daling van het bestand2.
Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) De Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) is één van de maatregelen van het kabinet om ondernemers te ondersteunen tijdens de coronacrisis. De regeling is voor zelfstandig ondernemers, waaronder zzp’ers. Het voorziet in een aanvullende uitkering voor levensonderhoud als het inkomen door de coronacrisis tot onder het sociaal minimum daalt. En in een lening voor bedrijfskapitaal om liquiditeitsproblemen als gevolg van de coronacrisis op te vangen. Regeling Tozo 3 en bedrijfskredieten 2020: Deze loopt door tot 1 april 2021. Hiervoor komen nog steeds aanvragen binnen en de verwachting is dat deze de komende maanden binnen blijven komen. Zeker gezien de huidige lockdown die waarschijnlijk nog een aantal weken wordt verlengd.
1 Aantallen kunnen afwijken van de maandelijkse rapportages en de Bestuursrapportages van
Stroomopwaarts. Dit heeft te maken met de afhandeling van nog openstaande processen (toekenningen en beëindigingen) die met terugwerkende kracht in de cijfers zichtbaar worden. 2 Cijfers uitkeringsbestand is exclusief Tozo. Dit is een tijdelijke maatregel van het kabinet om
ondernemers te ondersteunen tijdens de coronacrisis en wordt apart afgerekend. 20UIT09776
Pagina 13 van 27
In 2021 blijven er aanvragen binnen komen voor een bedrijfskrediet. Een dergelijk krediet kan aangevraagd worden tot 1 april 2021. Na 1 april komt er een aangepaste Tozo regeling: de zgn. Tozo 4. De voorwaarden van Tozo 4 zijn ons nog niet bekend. Onderstaand een overzicht:
Aanvragen Afgehandeld
Aanvragen Afgehandeld Bedrag
Regeling Tozo 3 712 583 Bedrijfskrediet 2020 376 348 € 1.159.256,00
Tijdelijke ondersteuning noodzakelijke kosten (TONK) Veel huishoudens hebben vanwege de coronacrisis te maken met een onvermijdbare en plotselinge terugval van hun inkomsten. Hierbij valt onder meer te denken aan: Huishoudens die nog wel inkomen uit werk hebben, maar tegelijkertijd met een dusdanige terugval in inkomsten geconfronteerd worden dat zij noodzakelijke kosten niet meer kunnen voldoen. Dit kunnen zelfstandigen zijn die veel van hun opdrachten zien verdwijnen, maar ook flexwerkers die plotseling minder worden opgeroepen en ook werkenden die kortdurend vanwege quarantaine inkomsten mislopen; Huishoudens die terugvallen op een uitkering en daardoor dusdanig achteruitgaan in inkomsten dat zij noodzakelijke kosten niet meer kunnen voldoen; Huishoudens waar een of beide partners geen inkomen uit werk meer heeft en ook geen recht op een uitkering. Daardoor kunnen zij een dusdanige terugval in inkomsten ervaren dat zij noodzakelijke kosten niet meer kunnen voldoen. Zelfstandigen kunnen bijvoorbeeld hun opdrachten ineens zien teruglopen of maken vanwege de criteria geen aanspraak op de Tozo. Het bestaande stelsel van sociale zekerheid en de maatregelen uit de steunpakketten bieden voor deze problemen niet altijd soelaas. Bovenstaande huishoudens dreigen daardoor tussen de wal en het schip te vallen.
Het gaat hierbij voor een deel om huishoudens die onder normale omstandigheden niet of slechts beperkt in beeld zijn voor gemeentelijke ondersteuning. De TONK biedt een tijdelijke tegemoetkoming in kosten aan huishoudens die te maken hebben met een inkomensterugval en daardoor de noodzakelijke kosten niet meer kunnen betalen uit het resterende inkomen. Het gaat hierbij niet om een inkomensondersteunende regeling, maar om een vergoeding voor daadwerkelijke noodzakelijke kosten. Er is in totaal een bedrag van maximaal € 130 miljoen gereserveerd voor het eerste halfjaar van 2021. Voor het eerste kwartaal komt € 65 miljoen beschikbaar. In januari 2021 zullen gemeenten nader geïnformeerd worden over de details en voorwaarden van de TONK-regeling. Deze regeling dient per februari 2021 van start te gaan en loopt vooralsnog tot 1 juli 2021.
20UIT09776
Pagina 14 van 27
Regionale visie handhaving In 2015 hebben de MVS-raden de ‘Handhavingsverordening sociale zekerheid’ vastgesteld. De visie en de kaders voor het handhavingsbeleid zijn vervolgens vastgelegd in het meerjarenbeleidsplan ‘Handhaving Participatiewet, IOAW en IOAZ 2016 t/m 2019’. Gezien de regionale visie op handhaving periodiek van een update dient te worden voorzien heeft de raad op 15 december 2020 het visiedocument: ‘Regionale koers handhaving Participatiewet, IOAW en IOAZ 2020-2024’ vastgesteld. Maatregelenverordening De maatregelenverordening maakt onderdeel uit van het handhavingspakket. De wijze waarop maatregelen worden toegepast is een beleidskeuze. De aangepaste verordening biedt meer ruimte voor maatwerk. De maatregelenverordening heeft de raad op 15 december 2020 vastgesteld. Pilot Loonkostensubsidie MVS (LKS) In de gemeenteraad van 15 december zijn de aanpassingen van de verordening LKS en de reintegratieverordening aangenomen. Hierdoor is het mogelijk om tijdelijke loonkostensubsidie in te zetten voor een bredere doelgroep van Stroomopwaarts. Deze tijdelijke loonkostensubsidie is bedoeld voor de doelgroep kwetsbare mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt die, bij het aangaan van een arbeidscontract, nog niet voor de volle 100% inzetbaar is. Hiervoor wordt de werkgever tijdelijk gecompenseerd.
Wij beogen met de inzet van deze pilot cliënten met een tijdelijk verminderde loonwaarde, in twee jaar tijd, de kans te geven zich te ontwikkelen naar 100% loonwaarde. Wanneer sprake is van een meer structureel verminderde loonwaarde, kunnen de cliënten mogelijk aanspraak maken op een indicatie banenafspraak of beschut werk. Hierdoor ontstaat een duurzaam recht op loonkostensubsidie. Verordening beschikkingstermijn schuldhulpverlening MVS 2021 Met inwerkingtreding van de gewijzigde Wet gemeentelijke schuldhulpverlening per 1 januari 2021 moeten gemeenten in een verordening vastleggen binnen welke termijn een beschikking over de toegang tot schuldhulpverlening wordt gegeven. Op grond van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) moet een inwoner die zich meldt voor ondersteuning binnen 4 weken een gesprek krijgen waarin de hulpvraag wordt vastgesteld. In de verordening is vastgelegd dat vervolgens binnen 8 weken na het vaststellen van de hulpvraag (of na acceptatie van het hulpaanbod) een beschikking over de toegang tot schuldhulpverlening en een plan van aanpak dient te zijn opgesteld. Deze termijn betreft een maximale termijn en wordt zowel op grond van de Wgs als op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) als redelijk gezien. Waar het sneller kan zal de beschikking ook sneller worden opgesteld.
Vooruitblik 1e kwartaal 2021: kaderbrief ontwerpbegroting 2022 Op basis van de Kadernota verbonden partijen verwacht de gemeente Schiedam voor 15 februari 2021 een kaderbrief van gemeenschappelijke regelingen. Hierin worden de uitgangspunten voor de ontwerpbegroting op hoofdlijnen geschetst. Aan de hand van de brief kan een globale inschatting gemaakt worden van de verwachte kostenontwikkeling. Op basis van de kaderbrief stelt Stroomopwaarts een ontwerpbegroting voor 2022 op. Deze wordt uiterlijk 15 april 2021 aan de gemeenteraden toegestuurd waarna de mogelijkheid bestaat om een zienswijze in te dienen.
20UIT09776
Pagina 15 van 27
Risico’s Bestuurlijk Stroomopwaarts heeft een gemiddeld bestuurlijk risico, zoals ook blijkt uit de uitwerking van het risicoprofiel. Er zijn geen ontwikkelingen die leiden tot een ander oordeel. Financieel Stroomopwaarts heeft een hoog financieel risico. Dat komt omdat de bijdrage aan Stroomopwaarts hoog is en de gemeente volledig financieel aansprakelijk is. Qua budgetuitputting zullen de definitieve resultaten op armoedevoorziening, bewindvoering en inkomensvoorziening 2020 met de jaarrekening van Stroomopwaarts, eerste kwartaal 2021, met uw raad gedeeld worden. Gevolgen coronacrisis Toename bijstand en daling uitstroom Vanwege de coronacrisis is de kans groot dat Stroomopwaarts haar doelen voor het verloop van het uitkeringsbestand niet haalt. Zo wordt een aantal branches als gevolg van de overheidsmaatregelen hard getroffen. Denk bijvoorbeeld aan horecagelegenheden, kappers, sportscholen, uitzendbureaus en winkels. Relatief veel banen bij getroffen bedrijven worden gevuld door jonge werknemers van onder de 25 jaar. Maar de crisis treft ook flexwerkers, zzp’ers of mensen van wie het tijdelijk contract afloopt. Zij kunnen zelfs in één keer hun inkomen verliezen en een beroep doen op bijstand. Daarbij dient er ook rekening mee te worden gehouden dat een deel van de mensen die hun baan verliest, niet zomaar weer aan een baan kunnen komen.
Bijvoorbeeld omdat bedrijven omvallen, of minder omzet hebben en dus minder mensen kunnen inzetten (CBS, 2020). Het risico is een toename van het aantal uitkeringsgerechtigden, maar mogelijk ook een daling van detachering en uitstroom naar werk. Verwachting De verwachting is dat het beroep op bijstandsuitkeringen de komende periode door de economische schade vanwege de coronacrisis sterk zal stijgen. In de Macro Economische Verkenningen van het Centraal Planbureau (november 2020) wordt aangegeven dat landelijk het aantal bijstandsuitkeringen in 2020 zal toenemen van circa 385.000 tot circa 400.000 (+3,9%). Dat effect zal nog even doorwerken, want ook voor 2021 en 2022 voorziet het Centraal Planbureau een stijging met circa 5% per jaar. Pas vanaf 2023 wordt weer een daling van het aantal uitkeringen voorzien. Ook Stroomopwaarts zal worden geconfronteerd met een stijging, maar er is hen alles aan gelegen om beneden de landelijke trend te blijven. De stijging van het aantal bijstandsuitkeringen zal zich ook vertalen in hogere lasten voor de uitvoering van de Participatiewet en Schuldhulpverlening en hogere uitkeringslasten. De gemeenten worden hiervoor gecompenseerd via de gebundelde doeluitkering BUIG en het gemeentefonds. Stroomopwaarts verzoekt de MVS-gemeenten deze middelen te reserveren.
Stand van zaken Er zijn geen wijzigingen in het risicoprofiel van Stroomopwaarts voor het vierde kwartaal. Gedurende de afwezigheid van wethouder Bregman treedt wethouder Ruseler op als tweede portefeuillehouder. Wethouder Minhas is toegevoegd als vervanger van wethouder Ruseler aan het algemeen bestuur van Stroomopwaarts.
20UIT09776
Pagina 16 van 27
B. Terugkoppeling overige gemeenschappelijke regelingen en deelnemingen Coöperatieve vereniging Groengebieden Midden Delfland Terugkoppeling derde kwartaal 2020 In het afgelopen kwartaal heeft de financiële besluitvorming van de Coöperatieve vereniging groenbeheer Midden-Delfland (CBG) en de hieraan verbonden Stichten erfpachtgronden (SEG) plaats gevonden. Vanwege de veranderde organisatiestructuur vallen de financiële stukken niet meer onder het BBV regime. De jaarrekening is met enige vertraging vastgesteld. Deze vertraging is veroorzaakt door de complexe en pas recent afgeronde besluitvorming rond de transitie van Recreatieschap naar Coöperatieve vereniging CBG en Stichting SEG. Ook de ontwerpbegroting 2021 en meerjarenbegroting 2022-2024 voor CBG en SEG zijn gereed gemaakt en door het bestuur vastgesteld. Deze documenten geven een beeld van de financiële situatie van het CBG en SEG. Een nulmeting is gestart om een eventuele geleidelijk ontstane mismatch tussen beheerareaal en budget te kunnen traceren. Het bestuur wil beter inzicht krijgen in de opbouw, de kosten en de keuzemogelijkheden. Gesprekken met de provincie Zuid-Holland zijn gestart over de te verwachten financiële bijdrage per 2022, omdat de huidige afspraken tot dat jaar lopen.
Daarnaast is een start gemaakt met het opstellen van een samenwerkingsovereenkomst met Staatbosbeheer om voor de komende vijf jaar het kwalitatief beheer van het gebied structureel te borgen. Terugkoppeling vierde kwartaal 2020 Nu de liquidatie van het Recreatieschap Midden Delfland volledig is afgerond zal de focus van de rechtsopvolger Coöperatieve Vereniging Beheer Groengebieden (CBG) steeds meer gericht zijn op de beheertaken. De taken van het recreatieschap ten aanzien van ontwikkelingen in het Midden Delflandgebied zijn belegd bij de Gebiedstafel Bijzonder Provinciaal Landschap. Een samenwerkingsovereenkomst tussen CBG en Staatbosbeheer om voor de komende vijf jaar het kwalitatief beheer van het gebied structureel te borgen is opgesteld. De aanpak wordt gericht op zowel de gronden van de CBG als van Staatsbosbeheer om eenheid in het gebied te krijgen. Uitgegaan wordt van een gemeenschappelijke beheervisie voor het totale areaal, tezamen met een inzet op ontsnippering wat betreft grondposities. Speerpunten zijn: - verbetering van transparantie, - sturing van de beheeropgaves en - de P&C-cyclus. Bij het beheer wordt ruimte geboden voor inschakeling van partners zoals agrarische natuurverenigingen en mensen met afstand tot de arbeidsmarkt, mits passend binnen de algemene kaders van onder andere de aanbestedingsregels.
Ter monitoring van de afspraken worden kritische prestatie indicatoren benoemd om de samenwerking te volgen. Naast de samenwerkingsovereenkomst wordt ook gewerkt aan een nulmeting om in beeld te krijgen of het CBG-areaal langjarig met de beschikbare middelen in stand kan worden gehouden. 20UIT09776
Pagina 17 van 27
Metropoolregio Rotterdam Den Haag Algemeen In september 2020 is een AB-commissie Regionale Projecten en Initiatieven van start gegaan. Schiedam neemt hier ook deel aan. Deze commissie behandelt specifieke regionale casussen die ingebracht kunnen worden in het AB om daar het integrale bestuurlijke gesprek te bevorderen. Het gaat hierbij om projecten die thema’s uit de bestuurscommissies EV en Va met elkaar verbinden. In het kader van Investeren in de Regio is toegewerkt naar een Regionale Groeiagenda ZuidHolland om optimaal in te kunnen spelen op de besluitvorming over het Nationaal Groeifonds. De Regionale Groeiagenda biedt een gemeenschappelijke basis voor ideeën en voorstellen voor volgende tranches van het Nationaal Groeifonds en Europese groei- en herstelfondsen. De stevige eisen die het Rijk en de Europese Commissie aan projecten stellen, zijn leidend in de afweging om voorstellen in de Groeiagenda op te nemen, om te sturen op een gerichte, effectieve gezamenlijke inzet. Voor mobiliteit en verstedelijking sluit de inzet aan op projecten uit het programma Metropolitaan OV en Verstedelijking (MoVe), waarover de MRDH al met het Rijk in gesprek is in het kader van het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT). De upgrading van de OV-knoop Schiedam Centrum (onderdeel van de gebiedsontwikkeling SchieDistrict) maakt onderdeel uit van dit MoVe-programma.
Over dit programma is in het laatste MIRT-overleg met het Rijk (november 2020) besloten een startbeslissing op te werken. Terugkoppeling derde kwartaal 2020 Economisch Vestigingsklimaat In de vorige terugkoppeling is vermeld dat er zou worden gekeken naar de mogelijkheid tot het ontwikkelen van eventuele nieuwe ‘Sterker uit de crisis’ projecten. In de bestuurscommissie Economisch Vestigingsklimaat van 15 juli jl. is ingestemd met deze aanpak. Er kunnen nu ‘Sterker uit de crisis’- aanvragen worden gedaan. Deze projecten dragen bij aan zowel het herstel van de coronacrisis als aan de vernieuwing van de economie en moeten gericht zijn op een de volgende thema’s: a. Digitalisering MKB b. Flexibele productie en productiesoevereiniteit in de maakindustrie c. Zorgtech – extra impuls voor de voucherregeling van het innovatieprogramma en technologische innovaties ten behoeve van het sociaal domein d. Naar een flexibele en skills-georiënteerde arbeidsmarkt Schiedam onderzoekt of we met een project kunnen aansluiten bij punt a. Digitalisering MKB en b. Flexibele productie en productiesoevereiniteit in de maakindustrie. Andere punten die in de bestuurscommissie EV ter bespreking zijn geweest zijn de provinciale strategie bedrijventerreinen, innovatieprogramma AgriTech en het Plan Regionale Campusondersteuning 2021-2022.
In het Plan Regionale Campusondersteuning staan de aansluiting bij de Human Capital Agenda, de post-corona aanpak en de samenwerking tussen campussen centraal. Vervoersautoriteit Schiedam was in juli gastheer van zowel de Bestuurscommissie Vervoerautoriteit als de vergadering van het Algemeen Bestuur. Beide vergaderingen vonden, met inachtneming van de Coronamaatregelen, plaats in de Aleidazaal. 20UIT09776
Pagina 18 van 27
In het derde kwartaal van 2020 waren de belangrijkste thema’s in MRDH verband: OV en Corona: De Coronamaatregelen voor het OV zijn vanaf 1 juni stapsgewijs weer versoepeld. Ook is er aanzienlijk meer vervoer aangeboden om reizigers meer ruimte te kunnen bieden. Desondanks liggen de reizigersaantallen nog steeds aanzienlijk lager dan in vergelijkbare perioden in 2019. Dit wordt grotendeels bijgepast vanuit het rijk via de beschikbaarheidsvergoeding. Voor 2021 wordt deze beschikbaarheidsvergoeding beperkt terwijl de verwachting is dat de reizigersaantallen voorlopig lager zullen blijven dan verwacht. Omdat de vervoerbedrijven opbrengstverantwoordelijk zijn, leidt dit tot grote verliezen bij de vervoerbedrijven en bestaat acuut gevaar voor faillissementen en verslechtering van de marktsituatie. MRDH heeft hiernaar gehandeld en vervoerbedrijven opdracht gegeven om voor 2021 met plannen te komen om kosten te besparen en/of inkomsten te verhogen. Besluitvorming hierover vindt plaats in november 2020. Investeren in de regio: Met de aankondiging van het Rijksinvesteringsfonds tijdens Prinsjesdag 2019 is binnen de MRDH in het najaar van 2019 het traject Investeren in de Regio gestart.
Dit traject heeft tot doel om bestaande en uitgewerkte plannen in de metropoolregio, die passen bij het Rijksinvesteringsfonds, (in) samen(hang) te brengen en voor het fonds in aanmerking te laten komen. Ook dient het traject om een sterke regionale triple helix-coalitie in de regio te vormen die deze plannen ondersteunen. Tot slot is het doel om voor deze plannen van de regio ook breder dan dit fonds bij het Rijk te lobbyen, bijv. via het jaarlijkse BO-MIRT en een volgend kabinet in 2021. Daarmee komt realisatie van deze projecten dichterbij. Voor Schiedam zijn het programma Mobiliteit en Verstedelijking met de ontwikkeling van de ‘Oude lijn’, de vernieuwing van Station Schiedam Centrum en de realisatie van station Kethel de meest in het oog springende plannen. Regionale Uitvoeringsagenda Verkeersveiligheid: De regionale uitvoeringsagenda verkeersveiligheid (RUA) van de MRDH volgt op de regionale analyse van de verkeersveiligheid uit 2019. De RUA moet hier verandering in brengen met ultieme stip op de horizon: nul verkeersslachtoffers. De agenda richt zich op de vastgestelde risico’s en kwetsbare verkeersdeelnemers uit de analyse, omdat het juist hiervoor noodzakelijk is om extra op in te zetten om de verkeersveiligheid in de regio te vergroten. Deze aanpak vraagt een gezamenlijke inspanning, waarbij een ieder vanuit zijn rol een bijdrage levert.
De RUA is dan ook het raamwerk voor het opstellen van lokale, gemeentelijke uitvoeringsagenda’s en commitment om samen met de MRDH een impuls aan verkeersveiligheid te geven. De RUA dient tevens als basis voor het regionale bod op de Rijksinvesteringsimpuls Verkeerkeersveiligheid die door het ministerie is ingesteld voor de periode 2020-2021. Investeringen in het Haagse Tramnet: Op verschillende Haagse tramlijnen wordt vanwege de inrichting van de omgeving nog met oud materieel gereden. Deze lijnen voldoen hierdoor niet aan de eisen voor toegankelijkheid, comfort en hebben niet de gewenste vervoercapaciteit. Bovendien werkt het eigendom en de inzet van verschillende soorten trams sterk kostenverhogend voor beheer en exploitatie. Daarom is besloten om grootschalig te investeren in het geschikt maken van het Haagse Tramnet en het materieel te vernieuwen. Hiermee worden op termijn de jaarlijkse kosten voor beheer en exploitatie binnen het Haagse tramnet verlaagd.
20UIT09776
Pagina 19 van 27
Terugkoppeling vierde kwartaal 2020 Economisch Vestigingsklimaat Zoals u per brief op 22 oktober 2020 bent geïnformeerd, heeft de MRDH het traject Investeren in de Regio voortgezet. De concept Groeiagenda is als onderdeel hiervan in december aan de bestuurscommissies gepresenteerd. Eind 2020 heeft de MRDH namens de wethouders Economie van de 23 deelnemende gemeenten een brief verstuurd naar de minister-president om het effect van de huidige maatregelen op de horecabranche onder de aandacht te brengen met het verzoek hen extra steun te verlenen. In de bestuurscommissies van zowel oktober als december werd de voortgang van de Sterker uit de Crisis projecten besproken. In deze projecten wordt herstel van de coronacrisis verbonden aan vernieuwing van de economie. Deze projecten richten zich op digitalisering MKB, flexibele productie en productiesoevereiniteit, het innovatieprogramma Zorgtech en het thema flexibele en skills georiënteerde arbeidsmarkt. In het laatste kwartaal 2020 is er een vijftal projecten gefinancierd en is er een extra impuls gegeven aan het innovatieprogramma Zorgtech.
Vervoersautoriteit In het vierde kwartaal van 2020 waren de belangrijkste thema’s in MRDH verband: OV en Corona: vaststellen maatregelen om de continuïteit van het OV te borgen Investeren in de regio, de voortgang van lopende studies en BO-MIRT Metropolitane fietsroutes Organisatie Zuid-Holland Bereikbaar Toelichting op deze thema’s: OV en Corona: De Coronamaatregelen voor het OV zijn met ingang van de meest recente lockdown aangescherpt waarmee het advies is om het reizen te beperken alleen noodzakelijke reizen te ondernemen. Het aantal reizen is hierdoor afgenomen van ca. 85% tot minder dan 50% ten opzichte van 2019 in dezelfde periode. De OV bedrijven hebben conform afspraken plannen ingediend om de derving aan reizigersinkomsten in 2021 op te kunnen vangen, waarbij ook rekening is gehouden met versobering van de beschikbaarheidsvergoeding vanuit het rijk per 1 juni 2021. In Schiedam zijn als gevolg van deze maatregelen geen OV verbindingen opgeheven, maar zijn op de meeste verbindingen de frequenties verlaagd. Hierover zijn de gemeenteraden op 26 november geïnformeerd. Investeren in de regio en BO-MIRT: Bij het BO-MIRT van november is de voortgang van lopende uitwerkingen en verkenningen besproken, waaronder de Oeververbinding Rotterdam.
Tevens is geconstateerd dat er voor de Schaalsprong op de Oude lijn voldoende inhoudelijke basis ligt om een MIRT-verkenning te starten, maar dat het zicht op de financiële dekking op het moment van het BO-MIRT nog niet voldoende was. Besloten is om de startbeslissing voor de MIRT-verkenning voor te bereiden en het ingediende voorstel voor het Rijksinvesteringsfonds als grondslag te benutten voor het zicht op financiële dekking. Metropolitane fietsroutes: Het besluit om de Metropolitane fietsroute RotterdamSchiedam-Naaldwijk aan te gaan leggen en hiervoor fianciële middelen beschikbaar te stellen is genomen en de samenwerkingsovereenkomst is vastgesteld en getekend. Hiermee kan de voorbereiding voor realisatie in de periode tot 2025 starten. De bestuurscommissie heeft daarnaast het besluit genomen om de tweede tranche aan Metropolitane fietsroutes vast te stellen voor de voorbereiding. 20UIT09776
Pagina 20 van 27
Organisatie Zuid-Holland bereikbaar: Er komen in de komende jaren veel opgaven af op Zuid Holland die grote invloed zullen hebben op de bereikbaarheid. Denk aan de grootste onderhoudsopgave en de verstedelijking van het gebied. Duurzaamheid, tegengaan van hinder en inzet op gedragsverandering krijgt een steeds belangrijker plaats binnen het verkeersbeleid. Steeds vaker is hiervoor ook een regiobrede aanpak van verkeersmanagement en mobiliteitsgedrag noodzakelijk. Om deze opgaven effectief op te kunnen pakken is besloten tot een nauwere samenwerking tussen de organisaties van De Verkeersonderneming, Bereikbaar Haaglanden-Rijland en Bereik! in een nieuwe organisatie: Zuid-Holland Bereikbaar. Doel is om de hinder in de regio te minimaliseren door een betere samenwerking en afstemming van werkzaamheden, verkeersmaatregelen en mobiliteitsgedrag. Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond Terugkoppeling derde kwartaal 2020 Het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond (VRR) is in het derde kwartaal diverse malen fysiek danwel digitaal bij elkaar gekomen in het kader van de bestrijding van de gevolgen van het Coronavirus. Naast bovengenoemde bijeenkomsten hebben er ook een tweetal reguliere bijeenkomsten van het Algemeen Bestuur plaatsgevonden waarin o.a.
onderwerpen als de kosten voor de Coronacrisis, de halfjaarsrapportage en de 1e en de 2e begrotingswijziging aan de orde kwamen. Vanwege de Coronacrisis heeft de VRR diverse investeringen moeten uitstellen tot later. Hierdoor wordt een deel van de begroting nu niet gebruikt. Het overschot, ca. €1,3 miljoen wordt nu opgenomen in de Algemene Reserves voor uitgaven die komende jaar zullen moeten plaatsvinden. Het college is zich zeer bewust van alle extra inspanningen die door de VRR geleverd moeten worden voor de bestrijding van de gevolgen van het coronavirus en de kosten die deze met zich meebrengen en de onzekerheid of al deze kosten bij het Rijk of de zorgverzekeraars gedeclareerd kunnen worden. De huidige 2e golf van besmettingen kan opnieuw leiden tot extra meerkosten (o.a. inhuur personeel, ziekteverzuim, vertraging op investeringen en onderhoud) en uitstel van oefeningen. Terugkoppeling vierde kwartaal 2020 Het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond (VRR) is in het vierde kwartaal diverse malen digitaal bij elkaar gekomen in het kader van de bestrijding van de gevolgen van het Coronavirus.
Als lid van het Dagelijks Bestuur, portefeuillehouder witte kolom en als plaatsvervangend voorzitter van de Veiligheidsregio heeft onze burgemeester zowel in het derde als in het vierde kwartaal, zelfs meerdere malen per week in het RBT (Regionaal Beleids Team) overleg moeten voeren over de te nemen maatregelen ter beperking van de gevolgen van het COVID-19 virus en de handhaving hiervan. Hierbij ging het onder andere over de gezamenlijke aanpak van de handhaving van de noodverordening, het waarborgen van de inzet van vitale beroepen en welke maatregelen genomen moeten worden om de stijging van het aantal besmettingen zo klein mogelijk te houden. Vanuit zijn rol als vice-voorzitter heeft hij ook zeer regelmatig deelgenomen aan het Veiligheidsberaad (het landelijk overleg van voorzitters veiligheidsregio met de minister J&V).
20UIT09776
Pagina 21 van 27
Naast de vaak wekelijks gehouden bijeenkomsten om alle informatie rondom de pandemie met de deelnemers van het AB te bespreken hebben er ook een tweetal reguliere bijeenkomsten van het Algemeen Bestuur plaatsgevonden waarin o.a. onderwerpen als de compensatie vanuit het Rijk van de kosten ter bestrijding van COVID-19, de halfjaarsrapportage, de doorontwikkeling van de regionale brandweer, het bestuurlijke toezicht op de ambulancedienst AZRR en de voorbereidingen op de jaarwisseling aan de orde kwamen. Het college is zich zeer bewust van alle extra inspanningen die door de VRR, en daarmee door de deelnemende gemeenten, geleverd moeten worden voor de bestrijding van de gevolgen van het coronavirus en de kosten die deze met zich meebrengen. Inmiddels heeft het Rijk aangegeven dat de extra kosten die eerder in het jaar gemaakt zijn voor onder andere het tijdelijk gebruik van Ahoy en andere locaties middels een subsidie te compenseren. Districtelijk Veiligheidsoverleg Politie Er heeft in het vierde kwartaal een vergadering van het Districtelijk Veiligheidsoverleg Politie plaatsgevonden. Tijdens het DVO is vooruitgekeken naar de jaarwisseling. Daarbij is gesproken over de maatregelen die alle gemeenten in het district en de politie genomen hebben ter voorbereiding. Door professor Tops is een presentatie gehouden over de rol van burgemeesters in de aanpak van ondermijning.