Bijlage Startnotitie Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023-2027
Tekst van het document
Startnotitie Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023-2027
De openbare ruimte, het visitekaartje van de stad
Startnotitie Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023-2027
Versiebeheer 21 december 2022 Versie 1.2 Team Beheer Openbare Ruimte
2
Startnotitie Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023-2027
Inhoudsopgave 1 Inleiding 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5
4
Waarom een Kadernota BOR Beheer Financiële doelstelling voor de nieuwe Kadernota Strategische doelstellingen Overbruggingsperiode
2 Samenhang en positie Kadernota Beheer 2.1 2.2
4 5 5 6 7
8
Juridisch kader Beleidskaders
8 9
3 Maatschappelijke doelen
10
3.1 3.2 3.3 3.4
Toekomstbestendige klimaat adaptieve stad Ecologische waarden en biodiversiteit Samen met de stad Basisinzet
4 Ontwikkelingen en dilemma’s 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7
10 11 11 11
12
Stijgende kosten Uitbreiding areaal Grote vervangingsopgave Grootschalige ophoogprojecten (bodemdaling) Energietransitie Ambities Doorontwikkeling team BOR
5 Proces kadernota BOR
12 13 13 13 14 14 16
17
Bijlage: Evaluatie Kadernota 2017-2021
3
Startnotitie Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023-2027
1
Inleiding De geldigheidsduur van de Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2017-2021 (verder Kadernota 2017-2021) is afgelopen. Om in te spelen op nieuwe ontwikkelingen wordt de nota regelmatig geëvalueerd en geactualiseerd. Wij informeren u over de procedure en randvoorwaarden die wij willen gaan hanteren om tot een nieuwe Kadernota te komen. In deze startnotitie wordt een beeld geschetst van het kader waarbinnen de gemeente Schiedam werkt, de huidige situatie met betrekking tot het beheer in Schiedam en de ontwikkelingen en dilemma’s die op ons afkomen. Aan de hand van deze startnotitie gaan we graag het gesprek aan met u. De input die hiermee opgehaald wordt zal verder uitgewerkt worden in de vernieuwde Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023-2027 (verder Kadernota BOR). Deze zal ter vaststelling worden aangeboden. De geldigheidsduur van deze Kadernota 2023-2027 is iets langer dan de huidige kadernota. Dit is gedaan om na deze periode het Verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan 2024-2027 (hierna vGRP) en de Kadernota synchroon te laten lopen om de integraliteit verder te vergroten en te borgen en zal besluitvorming gelijktijdig plaatsvinden. Het vGRP zal met de implementatie van de Omgevingswet als wettelijke verplichting verdwijnen.
Zodra de Omgevingswet in werking treedt en het vGRP geïmplementeerd wordt in de onderdelen van de Omgevingswet zal het vGRP beschouwd worden als beheerplan Riolering.
1.1 Waarom een Kadernota BOR Schiedam kent een aantal grote uitdagingen. De vraag naar woningen, veranderende mobiliteit, economische ontwikkelingen en klimaatadaptatie leggen druk op de beperkte ruimte in de stad. Om toch op een duurzame manier groei mogelijk te maken, komt het aan op slimme keuzes. Keuzes waarbij het toevoegen van kwaliteit geldt als voornaamste uitgangspunt en waarbij de ruimtelijke opgaven in samenhang worden gewogen. Keuzes die bijdragen aan de gestelde doelen in het coalitieakkoord en daar voorbij kijken. Doel is een inclusieve stad die kansen biedt aan alle Schiedammers. Een aantrekkelijke, leefbare en bereikbare stad, met een goede balans tussen wonen, groen, werken en mobiliteit. Met deze ambitie wordt het belang steeds groter om zowel bij de planontwikkeling als in de bestaande gebieden stevig in te zetten op het beheer en de leefbaarheid van de openbare ruimte. Dit betekent in de gemeente Schiedam dat het spanningsveld tussen verdichting & intensivering versus groene ruimte & rust een zorgvuldige uitwerking vraagt, zowel bij de realisatie en als het beheer. De kwaliteit van de openbare ruimte wordt bepaald door een combinatie van de inrichting, het gebruik en het onderhoud hiervan. Het beheer van de openbare ruimte is er altijd op gericht geweest om de inrichting en het gebruik van de leefomgeving duurzaam in stand te houden.
Grote maatschappelijke thema’s als klimaatadaptatie en de visies op wonen, werken, mobiliteit en groen vragen om een herijking van de kijk op
4
Startnotitie Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023-2027
beheer en een vernieuwde Kadernota. In deze notitie laten wij zien hoe beheer “ertoe doet”, hoe de leefomgeving de komende jaren wordt onderhouden, wat wij kunnen bijdragen en wat wij willen bereiken. De uitgangspunten voor het vGRP worden meegenomen in deze Kadernota BOR, zodat de integraliteit in het beheer en de uitvoering verder geoptimaliseerd kan worden.
1.2 Beheer Het beheer en onderhoud van de openbare buitenruimte gebeurt via zowel dagelijks en klein onderhoud, als door groot onderhoud en vervanging. Het groot onderhoud en vervangingen zijn onderdeel van het Integraal Uitvoeringsprogramma Buitenruimte (verder IUPB). Voor het beheer en onderhoud heeft uw gemeenteraad bij de vaststelling van de Kadernota 2017-2021 kwaliteitsniveaus van de openbare ruimte vastgesteld en een jaarlijks budget beschikbaar gesteld. Basis: dagelijks en klein onderhoud Doelmatig: integrale programma's (IUPB) Extra investeringen: o.a. Uitvoeringsprogramma Groen
Deze nieuwe Kadernota BOR wordt een integrale kijk op het beheer van de openbare ruimte. Hiermee leggen we de verbinding tussen de visies op de ontwikkeling van de stad en wat beheer daaraan bij kan dragen. Dit doen we door gemeenschappelijke thema’s te benoemen en te koppelen aan onze ambities/kerntaken en (concrete) doelstellingen. De basis voor het integrale beheer is ons inziens gebaseerd op de kwaliteitsniveaus zoals eerder vastgesteld en de samenhang met de thema’s uit de bovenliggende visies. Qua basisuitgangspunt voor het beheer van de openbare ruimte gaan wij uit van de volgende prioritering: 1. Technische noodzaak (heel, veilig) 2. Directe beleving (schoon, groen) 3. Overige aspecten
1.3 Financiële doelstelling voor de nieuwe Kadernota De beheer- en onderhoudsbudgetten zijn in 2017 structureel verankerd in de gemeentebegroting. Het is onze inzet om op deze manier door te gaan, met de huidige budgetten en raadskaders. We bekijken daarbij het totale volume aan budgetten dat beschikbaar is voor het beheer en onderhoud van de buitenruimte. Dat betekent concreet dat gekeken wordt naar het verschuiven van budgetten tussen de diverse arealen en het overhevelen van exploitatiebudgetten naar investeringskredieten en vice versa. Hierbij gaan we ervanuit dat de huidige budgetten beschikbaar blijven. De exploitatie bedragen zijn jaarlijks geïndexeerd. De investeringsbedragen in het IUPB zijn niet geïndexeerd en dus de afgelopen jaren hetzelfde gebleven. Bezien vanuit het perspectief van de inflatie en
5
Startnotitie Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023-2027
kostenstijgingen resulteert dit erin dat er minder budget beschikbaar is om daadwerkelijk te investeren. In de kadernota gaan we hier op in. We beschouwen daarbij ook de rol van de Reserve IUPB. Er is een verschuiving te zien van dagelijks onderhoud naar meer investeringen. Om dit goed te borgen in de begroting wordt in de komende periode de nota waarderen, investeren en afschrijven 2014 ge-update. In de kadernota geven we aan of de in deze startnotitie genoemde ambities te realiseren zijn met de huidige budgetten of dat die (extra) middelen vragen. We kunnen een globale inschatting maken van de omvang van deze investering en de keuzes die daarin te maken zijn. De prioriteringsvolgorde (technische noodzaak – directe beleving – overige aspecten) is hierbij leidend. Veel ambities om de stad beter te maken kosten geld. In deze economisch uitdagende tijden is er niet altijd budget beschikbaar om ambities te verwezenlijken. Uitgangspunt bij de Kadernota BOR is dat andere gemeentelijke ambities of uitvoeringsprogramma’s zonder financiële dekking niet volledig worden meegenomen. Het beschikbaar gestelde budget is immers bedoeld voor het beheer en onderhoud. Als we (integraal afgewogen) ambities binnen de bestaande budgetten kunnen realiseren kan dit onderdeel zijn van het beheerprogramma.
Lukt dit voor bepaalde ambities niet, dan vraagt dit nadere uitwerking en indien nodig een (financieel) raadsbesluit. Dit is nu (nog) geen onderdeel van de kadernota. Om dit verder te concretiseren en aan te geven waar, wanneer en hoe we dit gaan realiseren worden in het verlengde van de Kadernota meerdere beheer- en uitvoeringsplannen geschreven.
1.4 Strategische doelstellingen Om het beheer en onderhoud van de stad op een effectieve en efficiënte wijze te kunnen uitvoeren is het belangrijk een aantal te realiseren strategische doelstelling te formuleren. De doelen die wij willen meenemen als uitgangspunten voor een nieuwe kadernota zijn: • Het streven naar een betere buitenruimte, waarbij we bij grote ingrepen zorgen dat deze weer voldoet aan de hedendaagse eisen. • Duurzame sociale en fysieke veiligheid in de openbare ruimte op de terreinen van wonen, werken en recreëren bereiken door effectieve samenwerking van alle verantwoordelijke afdelingen. • Vastleggen en/of heroverwegen kwaliteitsniveaus openbare ruimte met als doel het minimaal behouden van huidige in 2017 afgesproken kwaliteit van de openbare ruimte. • Doelmatig en integraal beheren van de openbare ruimte c.q. leefomgeving, waarbij zowel het IUBP als het dagelijks onderhoud een directe invloed hebben op financiële middelen. We hanteren daarbij de volgende uitgangspunten: Herverdeling van budgetten binnen de arealen mag plaatsvinden. De onvermijdelijke onderhoudskosten ten gevolge van areaal uitbreidingen blijven jaarlijks toegevoegd worden via de zomernota. De onderhoudstoestand van de verschillende arealen mag niet afnemen (geen achterstalligheid).
Kosten voor groot onderhoud en vervanging van product gerelateerd vastgoed worden vanaf 2022 in de nieuwe begroting, binnen het IUPB, opgenomen. Te denken aan bijvoorbeeld de kinderboerderij - deze kosten zijn nu niet voorzien. Er is in de afgelopen 10 jaar geen prijsindexactie opgenomen in begroting voor investeringen. Prijsstijgingen en indexeringen voor grootonderhoud en vervanging dienen de komende periode weer binnen het IUPB te kunnen worden opgevangen. • Afkaderen ambities inzake klimaatadaptatie, biodiversiteit, e.d. • Visies op wonen, werken en mobiliteit binnen de financiële en uitvoeringsmogelijkheden van beheer een plek te geven. Dit betreft zaken die direct aan de openbare ruimte zijn gekoppeld. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de beheeropgave in het ontwikkelgebied van het Dirkzwager terrein
6
Startnotitie Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023-2027
• Vaststellen kaders voor de hierna te realiseren beheerplannen • Het op korte (2024-2028), middellange (2029-2040) en lange (na 2040) termijn bepalen in een vernieuwd Gemeentelijk Riolering Plan (vGRP) van: Vervangen, groot onderhoud van de riolering Voorkomen van wateroverlast en droogte (klimaatadaptatie) Grondwateroverlast en –onderlast
1.5 Overbruggingsperiode De geldigheid van de huidige Kadernota verloopt. De nieuwe Kadernota zal nog niet vastgesteld zijn door de gemeenteraad. Tijdens deze overbruggingsperiode zullen de uitgangspunten van de Kadernota 2017-2021 voortgezet worden en blijven de bijbehorende beheerplannen geldend. Financieel gezien zijn de benodigde onderhoudsbudgetten structureel verankerd in de begroting. Hierover hoeft dus geen separate besluitvorming plaats te vinden.
7
Startnotitie Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023-2027
2
Samenhang en positie Kadernota Beheer Vertrekpunt bij het ontwikkelen van nieuw beleid is het vigerende beleid en regelgeving. Het huidige beleidskader is destijds samen met de gemeenteraad opgesteld. Het is niet de bedoeling om dit werk nu opnieuw te doen. Wel is het tijd voor aanvulling en verfijning, bijvoorbeeld door dieper in te gaan op de invulling van de klimaatadaptatie, doelmatigheid en kwaliteit openbare ruimte. Deze kaders en randvoorwaarden worden kort en bondig benoemd. De relatie met de openbare ruimte in Schiedam wordt in de kadernota verder uitgewerkt.
Overige invloeden
Economie
Kadernota Beheer Openbare Ruimte
Beheerplan
Beheerplan
Beheerplan
Beheerplan
vGRP
2.1 Juridisch kader De juridische kaders uit de huidige wet- en (lokale) regelgeving die van toepassing zijn op het beheer en onderhoud van de openbare ruimte worden meegenomen in het uitwerken van de Kadernota. De stand van zaken is uitgangspunt van de (financiële) kaders. Als er tijdens de looptijd van de Kadernota wijzigingen zijn in de vigerende wet- en regelgeving, zullen de gevolgen inzichtelijk maken en die bestuurlijk laten vaststellen. Bij het juridische kader valt te denken aan de Flora- en faunawet, Wegenwet, Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen, Erfgoedwet, Waterwet, Algemene Plaatselijke Verordening etc.
8
Startnotitie Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023-2027
2.2 Beleidskaders De gemeente Schiedam heeft verschillende beleidskaders opgesteld die van toepassing zijn op de inrichting en het beheer van de openbare ruimte. Op strategisch niveau betreft dit beleid op hoofdlijnen. Relevante beleidsstukken zijn bijvoorbeeld de Stadsvisie Schiedam 2030, de Woonvisie, de Mobiliteitsvisie, de Economische visie en de Groenvisie. Een deel van de strategische visies heeft een gefinancierd specifiek uitvoeringsprogramma. Deze uitvoeringsprogramma’s proberen we zoveel mogelijk mee te nemen in het beheer en onderhoud (werk met werk maken). Andere visies hebben geen uitvoeringsprogramma. Dat resulteert erin dat zo’n visie niet concreet wordt omgezet in tactisch of operationeel beleid. Kleinere zaken worden meegenomen. Financieel gezien grote ingrepen kunnen we niet meenemen, omdat het budget beschikbaar is gesteld voor het beheer en onderhoud van de buitenruimte. Dit tactisch beleid is een verdere uitwerking van het strategische beleid en beschrijft op hoofdlijnen welke zaken belangrijk zijn voor het bestendig beheer. Dit betreffen vooral het strategische deel van de diverse beheerplannen, het Processchema governance IUPB, het vGRP etc. Het operationeel beleid is een doorvertaling van het tactische beleid naar concrete handvatten voor de dagelijkse uitvoering van het bestendig beheer in Schiedam.
Dit omvat onder andere het operationele deel van de diverse beheerplannen, het Handboek openbare ruimte, de Dienstverleningsovereenkomst Irado, het Uitvoeringprogramma Groen en het Uitvoeringsplan klimaatadaptatie behorende bij het vGRP 20192023 Schiedam.
2.3 Bestuurlijke rollen Binnen het beheer en onderhoud van de buitenruimte heeft iedereen zijn of haar rol. Dit geldt voor de raad, het college als de ambtelijke organisatie. De raad bepaalt de kaders waarbinnen het beheer en onderhoud van de buitenruimte gebeurt. Dit zijn zaken als het gewenste onderhoudsniveau/beeldkwaliteit, het beschikbare budget en accenten waarop extra inzet gewenst is. Het vaststellen van deze raadskaders gebeurt met het vaststellen van de nieuwe Kadernota BOR in de gemeenteraad. Met de P&C-cyclus en maatwerkafspraken (bijv. governance IUPB) wordt hierover verantwoording aan de raad afgelegd. Het college vertaald deze raadskaders naar operationele programma’s. Dit gebeurt met het vaststellen van de diverse beheerplannen, het IUPB programma, de opdrachtverstrekking richting Irado etc. De ambtelijke organisatie voert de werkzaamheden uit en adviseert het bestuur.
9
Startnotitie Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023-2027
3
Maatschappelijke doelen Een fysiek gezonde leefomgeving zorgt voor de nodige stimulans voor sociale contacten, geestelijke ontspanning en fysieke inspanning. Dit ligt binnen het bereik wanneer verharding, water, riolering, spelen en groen kundig en bewust worden toegepast in de leefomgeving. Een goede inrichting en beheer van de openbare ruimte verhogen de aantrekkingskracht van een stad sterk en zorgen voor sociale stijging.
3.1 Toekomstbestendige klimaat adaptieve stad Wateroverlast en hittestress komen daardoor steeds vaker voor. Daarom kiezen wij als gemeente ervoor om in actie te komen en Schiedam voor te bereiden en aan te passen aan het veranderende klimaat. Wij werken actief aan het klimaatbestendig maken van de leefomgeving. Door klimaatadaptatie als vast onderdeel in onze projecten in de openbare ruimte en voorzieningen te maken, zorgen we er met elkaar voor dat Schiedam in 2050 klimaat-adaptief is: een leefbare stad waarin goed met water en klimaat wordt omgegaan. In de openbare ruimte komt dit in de inrichting en beheer naar voren bij groen, riolering en open water. Bij projecten zal de inrichting hier juist op moeten worden afgestemd. Mogelijkheden zijn er, te denken aan groen (hittestress voorkomend, CO2-binding en filteren fijnstof), wateropvang door aanleg waterbergingen etc. Om hier invulling aan te geven is in 2020 gestart met de uitvoering van het klimaatadaptatieplan behorende bij het vGRP. Hieraan wordt met deze kadernota en het vast te stellen vGRP 2024-2027 een passend vervolg gegeven.
verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Het vaststellen van een verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan (vGRP) is een wettelijke verplichting die is vastgelegd in de Wet milieubeheer (artikel 4.22 Wm); Het huidig plan loopt tot en met 2023. Het opstellen van een vGRP is een verplichting die een repeterend karakter heeft. Het plan heeft een geldigheid van 5 jaar. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet (naar verwachting in 2023) is het opstellen van een vGRP niet meer verplicht. Het vGRP wordt ondergebracht in de instrumenten die voortkomen uit de omgevingswet en moet uiteindelijk worden vertaald in de; omgevingsvisie, -programma (water en riolering) en het omgevingsplan. Een vGRP dat voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt vastgesteld blijft geldig. Er wordt geadviseerd om het nieuwe vGRP zo op te stellen dat het is voorbereid op de Omgevingswet, zodat het nieuwe vGRP overgenomen kan worden in de omgevingsvisie, -programma (water en riolering) en de omgevingsplannen. Daarnaast worden de volgende uitgangspunten meegenomen: • Ongewijzigd beleid t.a.v. de invulling van de wettelijke zorgplichten (afval-, grond-, hemelwater) • Doorontwikkeling reeds ingezette risico gestuurd beheer • Voortzetting beleid Klimaatadaptatief behorende bij het vGRP • Voortzetting en intensivering stimuleringsregeling Klimaatadaptatie
10
Startnotitie Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023-2027
Gelijk met het verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan (vGRP) 2019-2023 is in 2019 ook het klimaatadaptatieplan ter besluitvorming voorgelegd. Met het klimaatadaptatieplan wordt de behoefte aan een integrale aanpak ingevuld. Het plan zet de koers uit voor het klimaat-adaptief inrichten van de stad in de komende decennia. Waar het gaat om klimaatadaptatie geeft het vGRP een verdere uitwerking aan de thema’s wateroverlast en droogte. Gelijktijdig met het vaststellen van het vGRP 2024-2028 in 2024, zal ook een geactualiseerd klimaatadaptatieplan ter besluitvorming worden voorgelegd.
3.2 Ecologische waarden en biodiversiteit Groen en water hebben een belangrijke relatie met de natuur in de stad. Buiten de natuurgebieden van Schiedam leveren ook de bomen een belangrijke bijdrage aan de biodiversiteit en het versterken van de ecologische samenhang. Bomen zijn verblijf- en broedplaatsen voor vogels, insecten en zoogdieren en worden als migratieroutes door vleermuizen gebruikt. Door keuzes in diversiteit in groen en in de juiste verhouding tussen stenig-levend materiaal is een verhoging van deze waarden te realiseren en te waarborgen. Keuzes hiervoor zijn gemaakt in de vastgestelde Groenvisie. Voor de komende jaren wordt hier vanuit het Uitvoeringsprogramma Groen aan gewerkt.
3.3 Samen met de stad Een prettige openbare ruimte nodigt uit tot ontmoeting en ontplooiing van initiatieven. Te denken valt aan zelfbeheer van groenvakken, adoptie van boomspiegels, geveltuintjes. Maar ook bewoners die met een zwerfvuilgrijper hun buurt netjes houden. Gemeente Schiedam juicht dergelijke initiatieven toe, maar we waken wel voor situaties die op weinig draagvlak kunnen rekenen. Als een initiatief ten koste gaat van andere voorzieningen (zoals parkeervakken, groenvakken etc.) zal er altijd een integrale afweging moeten plaatsvinden. Het dwingt ons dus om met elkaar goed na te denken over waar meer ruimte aan initiatieven gegeven kan worden en waar we als gemeente de regie in handen willen blijven houden.
3.4 Basisinzet Naast vooruitgang moet vooral ook voorkomen worden dat er achteruitgang en achterstalligheid optreedt. Een minimale vereiste van de buitenruimte is dat deze veilig en bruikbaar is. Dit gebeurt door de doelmatige inzet van publieke middelen voor het beheer en onderhoud van deze buitenruimte. Zonder deze basisinzet is het niet mogelijk om andere ambities te verwezenlijken. Het dagelijks beheer en de grootschalige vernieuwingen in de IUPB-projecten dragen er aan bij dat de kwaliteit van de openbare ruimte blijft voldoen aan het door de raad vastgestelde kwaliteitsniveau.
11
Startnotitie Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023-2027
4
Ontwikkelingen en dilemma’s Schiedam groeit en gaat vooruit, in de komende jaren zijn er veel verschillende ontwikkelingen die invloed hebben op het beheer van de openbare ruimte. Met ruim 4000 inwoners per vierkante kilometer staat Schiedam nu al in de top 10 van dichtstbevolkte gemeenten in Nederland en het aantal inwoners stijgt de komende jaren alleen maar verder. Zoveel mensen op een beperkte oppervlakte vraagt veel ruimte voor wonen, werken, recreatie en mobiliteit. De grote uitdaging voor Schiedam voor de komende decennia ligt in het slim gebruik maken van de ruimte die er is. Vanuit Beheer willen we op de hoogte zijn van de ontwikkelingen in de stad om daar op een integrale manier doelmatig op in te spelen Ten aanzien van het beheer Openbare Ruimte in Schiedam zijn een aantal trends en ontwikkelingen waar te nemen. Deze worden in dit hoofdstuk toegelicht.
4.1 Stijgende kosten In Schiedam is de afgelopen eeuw veel veranderd. De verstedelijking is enorm toegenomen en het totaal areaal is navenant toegenomen. Tegelijkertijd is het areaal openbare ruimte per inwoner afgenomen en de druk op deze openbare ruimte toegenomen. Met het realiseren van de gemeentelijke ambities uit de Woonvisie zal dit nog verder toenemen. De waarden van de openbare ruimte is voor inwoners belangrijker geworden en vraagt hierdoor voor meer aandacht in beheer. Dit uit zich in de stijgende kosten en vraagt om herziening van onze inzichten in het beheer van de openbare ruimte. Daarnaast veroorzaken de stijgende kosten van lonen, materialen en brandstoffen o.a. door mondiale crisissen en klimaatverandering dat we minder krijgen voor hetzelfde geld. Een deel van de onderhoudsbudgetten wordt jaarlijks geïndexeerd. Dit betreft de exploitatiebudgetten.
Projectkosten IUPB In het IUPB zijn voor de investeringsbedragen de jaarlijkse kostenstijging niet meegenomen, terwijl de loon-, materiaal- en brandstoffenkosten vooral vanaf 2021 aanzienlijk stijgen. Om de kwaliteitsambities te halen lopen wij hier tegen aan. De openbare verlichting in de stad vraagt de komende jaren door kostenstijging, maar ook door de ingezette vervangingsopgave naar Ledverlichting om extra investeringen. Het stroomgebruik voor verlichting zal in het totaal afnemen. Het onderhoud aan het groen heeft door een verouderd groen- en bomenbestand een impuls nodig. Dit wordt deels opgevangen vanuit het uitvoeringsprogramma groen. Afgelopen jaren was een achterstand bij rioleringsvervanging te constateren. De komende jaren zal mede door klimaatadaptatie maatregelen en andere herstelmaatregelen een nieuw evenwicht gaan ontstaan. Dit roept de vraag op of aanpassingen van de beheer- en onderhoudsstrategiën wenselijk zijn en wat daarvan de financiële consequenties zijn.
12
Startnotitie Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023-2027
Dagelijks Onderhoud De druk op de openbare ruimte in de toekomst zal alleen maar toenemen. Dit heeft direct invloed op de kosten voor het onderhoud van de openbare ruimte. Hierbij spelen de stijgende kosten van lonen, materialen en brandstoffen een essentiële rol om de kwaliteit te behouden. Ook zal steeds vaker (duur) maatwerk nodig zijn. Met het toenemende gebruik van de openbare ruimte wordt ook de vraag om aanvullende voorzieningen als afvalbakken, bankjes etc. groter. Geconstateerd is dat bepaalde onderdelen in de buitenruimte in het verleden niet zijn gebudgetteerd, zoals cultuurhistorische gemeentelijke objecten in de openbare ruimte (bijv. spoelingsschuit, objecten Maasboulevard) en product gerelateerd vastgoed (bijv. kinderboerderij Beatrixpark, prieel Julianapark). Deze zullen in de nieuwe beheerplannen een plek krijgen.
Stijging rioolheffing vanaf 2025; Voor 2023 heeft een actualisatie van de rioolheffing geleid tot een gelijkblijvend tarief. De stijging in de jaren na 2023 wordt veroorzaakt door een stijging van lasten in die jaren en de toename van het aantal rioolaansluitingen en klimaatadaptieve maatregelen.
4.2 Uitbreiding areaal Ondanks dat Schiedam plaatselijk verdicht in plaats van uitbreidt, vinden nog steeds areaaluitbreidingen plaats. De benodigde budgetten voor dagelijks onderhoud van deze uitbreidingen worden aangevraagd bij de zomernota. Daarin worden geen vervangingsinvesteringen en kosten voor groot onderhoud (IUPB) meegenomen. In de periode van de nieuwe Kadernota willen we hier een systematiek op basis van Life Cycle Costing voor ontwikkelen.
4.3 Grote vervangingsopgave Omdat Schiedam in de tweede helft van de 20e eeuw een grote groei heeft doorgemaakt zijn er in die periode in een korte tijd veel voorzieningen gerealiseerd. Deze voorzieningen hebben nu min of meer dezelfde leeftijd waardoor bij een groot deel van deze voorzieningen vervanging aan de orde is. De vervangingsopgave houdt in dat de voorzieningen de komende jaren integraal moeten worden vervangen. Deze vervangingen gebeuren projectmatig vanuit het IUPB. De levenscycli van de diverse arealen loopt niet altijd synchroon. Bepaalde arealen zullen eerder moeten worden vervangen dan strikt gezien technisch noodzakelijk is. Zaken als prullenbakken en banken worden vervangen, terwijl die mogelijk nog functioneren. Deze worden meegenomen om te voorkomen dat ze kwalitatief negatief afsteken in een de nieuw aangelegde buitenruimte. De oude vrijkomende materialen worden dan zoveel als mogelijk gebruikt voor reparaties en vervangingen in delen van de stad waar nog geen herinrichting gepland staat. Omdat niet alles tegelijk gedaan kan worden (logistiek in de stad, financiële kaders, gebiedsaanpak) kan het zijn dat delen meer inzet in dagelijks onderhoud vragen om te kunnen blijven functioneren totdat vervanging aan de orde is.
4.4 Grootschalige ophoogprojecten (bodemdaling) Schiedam kent een aantal zeer zettingsgevoelige gebieden. In de regel geldt dit voor de gebieden ten noorden van de A20. Deze gebieden zakken soms wel tot 4 cm per jaar. Om deze grote bodemdaling tegen te gaan worden de wijken grotendeels opgehoogd met licht ophoogmateriaal. Eens in de 20 jaar is er klein onderhoud (tegels recht leggen) en eens per 40 jaar vindt er een reconstructie plaats waarbij hele gebieden
13
Startnotitie Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023-2027
opgehoogd worden en worden voorzien van een nieuwe inrichting. Wanneer een dergelijke ophoging plaatsvindt, is het vrijwel onmogelijk om bomen en groen te handhaven. Deze worden dan eerder vervangen. Dat geldt ook voor andere arealen, om te proberen de onderhoudscyclus synchroon te laten lopen. Door integraal een wijk te vernieuwen ontstaat minder vaak overlast.
4.5 Energietransitie Er is mondiaal een energietransitie in gang gezet. Dit leidt tot een vermindering van het gebruik van fossiele brandstoffen en aardgas. Auto’s worden elektrisch, woningen worden voorzien van zonnepanelen en verwarming gebeurt door een warmtenet. Dit zijn allemaal zaken die grotendeels onder de grond gerealiseerd worden. De verzwaring van het stroomnet, de aanleg van warmteleidingen etc. hebben invloed op de kwaliteit van de buitenruimte. Straten en trottoirs worden opengebroken of gebruikt als bouwterrein. Dit vraagt om zorgvuldig toezicht op het herstel en mogelijk eerder groot onderhoud/vervanging.
4.6 Ambities De ruimtelijke kwaliteit van Schiedam willen we goed houden. De basis daarvan ligt in het beheren en onderhouden op een schone, hele en veilige openbare ruimte. Daarnaast is het ook van belang om de ruimtelijke kwaliteit te borgen in de verstedelijking en verdichting die de komende periode plaats gaat vinden. Wij willen dit bereiken door de kwaliteit op orde te brengen en houden, op de toekomst voorbereid te zijn en door integraal en gebiedsgericht te werken de overlast voor de stad beheersbaar te houden en de beschikbare middelen doelmatig in te zetten.
Kwaliteit op orde De openbare ruimte is een belangrijk middel om diverse maatschappelijke doelen te realiseren. Het is bijvoorbeeld een onderdeel bij het faciliteren van sociale stijging. Bij het plezierig wonen speelt een kwalitatief goede (en bij voorkeur groene) woonomgeving een belangrijke rol. Ambities • Een kwaliteitsniveau dat past bij de huidige en toekomstige Schiedamse gebruiker en de beschikbare middelen; • In gebieden waar een hoog onderhoudsniveau is op beeldkwaliteit (groen, reiniging) zorgen we ervoor dat het technisch onderhoud (wegen, straatmeubilair) op hetzelfde onderhoudsniveau komt. Het uiteindelijke beeld wordt immers bepaald door de zwakste schakel; • Afval op straat heeft direct invloed op de veiligheidsbeleving / leefbaarheid van de stad. We blijven hierin zoeken naar verbeteringen; • De verstedelijking heeft consequenties voor de afvalinzameling. We zijn daarvoor op zoek naar innovatieve oplossingen voor de inzameling van afval; • Door onder andere de woningbouwopgave komt de ruimte voor groen in de stad onder druk te staan. Hiervoor wordt de kwaliteit van het groen nog belangrijker.
Doelmatig – integrale programma’s Er wordt dagelijks ingericht en heringericht in de openbare ruimte in Schiedam. Vanuit de gebiedsgerichte aanpak binnen het IUPB worden slimme combinaties gemaakt van projecten en onderwerpen per gebied. Het vervangen van bestrating wordt bijvoorbeeld gekoppeld met noodzakelijke aanpassingen van de ondergrondse infrastructuur. Door elk herinrichtingsproject als integrale ontwerpopgave op te pakken wordt telkens gekeken of er nieuwe uitgangspunten zijn te benoemen voor de herinrichting. Het
14
Startnotitie Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023-2027
ontwerpproces voor de openbare ruimte vormt een goede basis voor communicatie met de buurt en bijbehorende participatietrajecten. Ook in de kleinere technische ingrepen in de stad kan een integrale aanpak tot verbetering leiden en de ervaren overlast verminderen. Ambities • Werken in buurtgerichte en integrale projecten en onderhoudsprogramma’s; • Ontwerp van de openbare ruimte integraal aanpakken. Bijv. locaties van bomen versus lichtmasten versus afvalverzamelplaatsen en ruimte voor mobiliteit. De kwaliteit van de openbare ruimte wordt bepaald door de zwakste schakel; • Integraal betekent ook inzet en financiering vanuit andere beleidsvelden (snippergroen, mobiliteit, sport, vastgoed); • Nieuwe ontwikkelingen worden op een goede manier ingepast in de bestaande omgeving. Er wordt bij de ontwikkeling van plannen buiten de grenzen van het plangebied gekeken om te zorgen dat alles netjes op elkaar aansluit en het nieuwe plan in de stad past (materiaalgebruik, rioolcapaciteit, ontsluitingsmogelijkheid, etc.); • Meer ruimte geven aan bewonersinitiatieven en inspelen op de wensen van bewoners en ondernemers? • Werken aan meer samenhang tussen beleid, inhoud en communicatie; • Logische en eenduidige uitgangspunten bij groot onderhoud c.q. vervanging.
Toekomstbestendig Een toekomstbestendige buitenruimte omvat veel aspecten. De belangrijkste onderwerpen vanuit beheerperspectief zijn op dit moment duurzaamheid, klimaatadaptatie, biodiversiteit en de energietransitie. In zowel de projecten als het reguliere onderhoud willen we antwoord geven op de gevolgen van de klimaatveranderingen Ambities • In 2050 is Schiedam klimaatbestendig en water robuust ingericht. Deze ambitie wordt als uitgangspunt meegenomen in onze projecten; • De doelstellingen uit de Groenvisie krijgen als vervolg op het UPG steeds meer een plek in de projecten en het reguliere beheer; • Het verminderen van hittestress wordt zoveel mogelijk in projecten meegenomen, door bijvoorbeeld vergroening; • We gebruiken zoveel mogelijk duurzame werkmethoden en materialen. Hierbij worden de duurzaamheidsaspecten zo integraal mogelijk afgewogen; • Vervlechting tussen riolering en oppervlaktewater verminderen. Dit zorgt voor minder afvalwater en een betere kwaliteit van het oppervlaktewater; • We verlagen het energieverbruik. Dit doen we door te investeren in ledverlichting, maar ook bij de vervanging van bijvoorbeeld bruggen en gemalen.
15
Startnotitie Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023-2027
4.7 Doorontwikkeling team BOR Het beheer en onderhoud van de stad wordt onder de verantwoordelijkheid van het team Beheer Openbare Ruimte (BOR). Om vanuit BOR een waardevolle bijdrage te kunnen blijven leveren aan de stad is het team in 2021 gestart met een organisatieontwikkelproces. Speerpunten daarbij zijn een professionalisering van het (interne) opdrachtgeverschap, het optimaliseren van integraal beheer, het structureren van meldingen en het herijken van de rol van BOR (rolzuiverheid). Deze doorontwikkeling zorgt ervoor dat het team gereed is om voortvarend met de nieuwe Kadernota aan de slag te gaan.
16
Startnotitie Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023-2027
5
Proces kadernota BOR
In deze startnotitie is een beeld geschetst van de huidige situatie in Schiedam met betrekking tot de openbare ruimte. Tevens is ingegaan op de ontwikkelingen die de komende tijd zullen volgen en welke dilemma’s deze ontwikkelingen met zich meebrengen. In het voorjaar van 2023 willen we u meenemen. Dit willen we doen door het organiseren van een bijeenkomst met het college, de raad en ambtenaren. Doel van deze bijeenkomst is om input op te halen over hoe de gemeente Schiedam met de ontwikkelingen en dilemma’s in de openbare ruimte om kan gaan en welke onderwerpen in de kadernota Beheer Openbare Ruimte verder uitgewerkt dienen te worden. De bijeenkomst bestaat uit 2 delen. In het eerste deel wordt vooral informatie gedeeld. Er zal aandacht zijn voor de waarden van de openbare ruimte in de stad en hoe deze zijn te bestendigen in Schiedam. Ook zal een eerste globaal scenario geschetst worden over de invulling van het beheer en onderhoud in de stad met bestaande financiële middelen. Ook zullen de financiële consequenties van het realiseren van een aantal van de genoemde ambities worden belicht. Het tweede gedeelte van de bijeenkomst staat in het teken van het ophalen van kennis en standpunten. Er is daarbij ruimte om inhoudelijk van gedachten te wisselen. Hiervoor worden themadiscussies gehouden.
Er wordt daarbij gedacht aan de volgende 3 thema’s: • Beheer en kwaliteit openbare ruimte • Doelgericht en integraal beheren • Ambities en doelen: Klimaatbestendigheid, verstedelijking, participatie, biodiversiteit Met alle opgehaalde input zal de kadernota Beheer worden uitgewerkt. In 2023 wordt de Kadernota gepresenteerd en ter vaststelling aangeboden aan de raad. Op basis van deze Kadernota worden de beheerplannen opgesteld. Deze worden vastgesteld door het college. Het verbreed Gemeentelijk Riolering Plan (vGRP) zal aansluitend aan de Kadernota worden uitgewerkt. De integraliteit die vanuit de Kadernota komt is de input voor het vGRP. De verwachting is dat begin 2024 het vGRP ter vaststelling aan de raad aangeboden wordt.
Voorlopige raadsplanning - Startnotitie o Januari 2023 - Themabijeenkomst o Maart/april 2023 - Vaststelling Kadernota o September 2023 - Vaststelling Beheerplannen o December 2023 - Vaststelling vGRP o December 2023
17