Bijlage SOW Begroting-2027
Tekst van het document
Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030
49
3.4 Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen Deze paragraaf geeft inzicht in het beheer en onderhoud van de verschillende kapitaalgoederen van Stroomopwaarts. Grote bezittingen heeft Stroomopwaarts niet. Stroomopwaarts bezit voornamelijk voertuigen, mobiele machines en ICT-apparatuur. De omvang van deze kapitaalgoederen is beperkt. De richtlijnen van de commissie BBV zijn leidend. Huisvesting
De medewerkers van Stroomopwaarts voeren hun werkzaamheden nu uit vanaf diverse locaties (in totaal 7 locaties). Stroomopwaarts heeft een aantal dringende en noodzakelijke wensen ten aanzien van de huisvesting. Voor wat betreft de Werkontwikkelbedrijven geldt dat Stroomopwaarts het van belang acht dat deze in de diverse MVS-gemeenten gevestigd blijven, dat de lokale binding en uitstraling wordt behouden. Er is sprake van een sterke binding met de lokale ondernemers en dit moet in stand worden gehouden. De nabijheid van Werkontwikkelbedrijven speelt hierbij een belangrijke rol.
het ERP‑systeem, waarin stamgegevens, onderhouds- en keuringsmomenten, verzekeringen, tankpassen en Track-&Trace-gegevens zijn vastgelegd. Het Bedrijfsbureau zorgt voor dit beheer, meldt tijdig wanneer keuringen of onderhoud nodig zijn en registreert onderhoudscontracten. Voor onderhoud gelden wettelijke Arbo-eisen. De Arbo- en ISO-coördinator en preventiemedewerkers voeren jaarlijks controles en audits uit. In de begroting van Stroomopwaarts zijn middelen opgenomen voor regulier onderhoud, noodzakelijke aanpassingen en kleinschalige vervanging.
Investeringen
Investeringen worden gedaan volgens het meerjareninvesteringsprogramma. In 2027 staat groot onderhoud en verduurzaming van de werkontwikkelbedrijven centraal. De plannen over de verduurzaming worden momenteel gemaakt in een meerjarenonderhoudsplan. Investeringen leggen meerjarig beslag op de financiële middelen van een organisatie. Categorie (Bedragen x 1.000)
Tegelijk moet worden geconstateerd, dat we onze meest kwetsbare medewerkers in onvoldoende mate een veilige en comfortabele werkomgeving kunnen bieden. Verdere investeringen in de kwaliteit van huisvesting van de ontwikkelwerkbedrijven zijn de komende jaren echt onontkoombaar. Aangezien de panden eigendom zijn van en in beheer bij de gemeenten, heeft het bestuur en management van Stroomopwaarts beperkte invloed op dit aspect van de bedrijfsvoering. Stroomopwaarts heeft geen huurovereenkomsten met de gemeenten. Stroomopwaarts wil graag samen met de gemeenten, binnen een zakelijke relatie, de uitdagingen op het gebied van de huisvesting aanpakken zodat al onze medewerkers ook op de lange termijn goed gehuisvest zijn en er gestuurd kan worden op dienstverlening, effectiviteit en kosten.
Beheer en onderhoud
Het Werkleerbedrijf beheert het wagenpark van Stroomopwaarts, bestaande uit circa 90 middelen en voertuigen. Het administratief beheer gebeurt in
Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030
Begroting Doorgeschoven Begroting 2025 naar 2026 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
500
100
100
Machines
405
152
Overig facilitair
305
148
800
1.600
1.600
0
0
1.100
200
0
Vervoersmiddelen
305
119
200
100
200
ICT
200
0
400
200
200
Totaal
1.215
419
3.000
2.200
2.100
Project WOB
De reguliere vervangingsinvesteringen van € 1,4 mln zijn voor 2027 opgenomen. Daarbij zijn er extra investeringen van € 0,6 mln meegenomen voor verduurzaming van de werkontwikkelbedrijven. In 2026 en 2027 wordt ook het project “Aanpassing bedrijfsrestaurant, entree en vergaderzalen” binnen het Werkontwikkelbedrijf uitgevoerd. De investering voor 2027 is ongeveer € 0,2 mln. Het betreft verbeteringen aan de interne huisvesting voor het “huurders-deel” zoals die in de demarcatielijst is opgenomen.
50
4. Financiële begroting 2027 en meerjarenraming 2028-2030 Overzicht van het gerealiseerd saldo van baten en lasten met toelichting Overzicht van baten en lasten 2027 per programma
Balans 2026
Meerjarenraming 2028-2030
Incidentele baten en lasten
Reserves en voorzieningen
EMU-saldo
Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030
Meerjarige balans 2028-2030
51
4.1 Overzicht van baten en lasten 2027 per programma Programma Totaal (bedragen x € 1.000)
Baten
Realisatie 2025 Lasten
1e begrotingswijziging 2026 Baten Lasten Saldo
Baten
Begroting 2027 Lasten
Inkomen
11.996
-137.474
-125.479
10.507
-143.685
-133.178
9.836
-148.672
Werk
2.474
-12.951
-10.477
2.383
-13.910
-11.526
2.212
Werkleerbedrijf
Saldo
Verschil 2027 & 2026 Baten Lasten
Saldo
-138.836
-670
-4.988
-5.658
-14.560
-12.349
-172
-651
-823
Saldo
7.405
-31.468
-24.063
8.118
-35.194
-27.076
8.599
-37.400
-28.801
481
-2.206
-1.725
Inburgering
0
-3.749
-3.749
0
-4.320
-4.320
0
-4.471
-4.471
0
-151
-151
Overhead
706
-18.640
-17.933
650
-19.670
-19.019
600
-20.578
-19.978
-50
-909
-959
Onvoorzien
444
-836
-392
0
-200
-200
0
-207
-207
0
-7
-7
0
-260
-260
0
-1.333
-1.333
0
0
0
0
1.333
1.333
Dekkingsmiddelen
183.831
0
183.831
194.747
0
194.747
203.856
0
203.856
9.109
0
9.109
Totaal baten en lasten
206.857
-205.378
1.479
216.405
-218.311
-1.906
225.104
-225.889
-786
8.699
-7.578
1.120
261
0
261
451
0
451
674
0
674
223
0
223
Implementatie ombuigingen
Reservemutaties Inkomen Reservemutaties Werkleerbedrijf
0
-356
-356
420
-338
82
420
-350
70
0
-12
-12
Reservemutaties Bedrijfsvoering
275
-1.593
-1.318
1.373
0
1.373
41
0
41
-1.332
0
-1.332
2.051
0
0
0
0
0
0
0
Resultaat vorig boekjaar
2.051
Totaal reservemutaties
2.586
-1.949
637
2.244
-338
1.906
1.135
-350
786
-1.109
-12
-1.120
209.443
-207.327
2.116
218.649
-218.649
0
226.239
-226.239
0
7.590
-7.590
0
Resultaat
De totale lasten stijgen van € 218,6 miljoen in 2026 € 226,2 miljoen in 2027. Hierdoor stijgen de gemeentelijke dekkingsmiddelen met € 9,1 miljoen van € 194,8 miljoen naar € 203,9 miljoen. Hiervan heeft € 3,0 miljoen betrekking op de stijging van de uitvoeringskosten volgens de nieuwe begrotingssystematiek met 3,41%. De kosten van de verstrekkingen stijgen met de prijseffecten van uit de CPB-cijfers en de volumeontwikkelingen vanuit de laatste BUIG-ramingen van september 2025.
Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030
De gemeentelijke bijdragen voor maatwerk worden direct op de programma’s geboekt. De gemeentelijke bijdrage voor verstrekkingen en voor de uitvoeringskosten worden in het programma dekkingsmiddelen verrekend. Het saldo per programma geeft de netto lasten per programma weer: baten minus de lasten.
52
4.2 Balans 2026 ACTIVA (bedragen x € 1.000)
Balans Gemeenschappelijke regeling Stroomopwaarts MVS 31-12-2025
31-12-2026
31-12-2027
VASTE ACTIVA
31-12-2025
31-12-2026
31-12-2027
7.809
6.134
5.318
VASTE ACTIVA
Materiële Vaste Activa - Investeringen met economisch nut
PASSIVA (bedragen x € 1.000)
2.070 2.070
4.570 4.570
5.870 5.870
Eigen Vermogen - Algemene reserve
2.138
2.704
2.704
- Bestemmingsreserves
3.555
3.429
2.613
- Gerealiseerd resultaat
2.116
0
0
Voorzieningen - Voorzieningen voor verplichtingen en verliezen en risico's Totaal Vaste Activa
2.070
4.570
5.870
VLOTTENDE ACTIVA 0 0
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar
0 0
20.957
0 0
14.497
12.381
- Vorderingen op openbare lichamen
5.893
5.000
5.000
-U itzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar
10.578
4.997
2.881
- Overige vorderingen
4.486
4.500
4.500
514 514
Overlopende Activa -D e van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel Overige overlopende activa
Totaal Vaste Passiva
Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar - Schulden aan openbare lichamen - Overige kasgeldlening
1.500
1.500 1.500
9.308
7.634
6.818
12.032
9.433
9.433
- Overige schulden - Rekening-courant bank
3.536
0
0
0
0
0
8.219
9.433
9.433
277
0
0
Overlopende Passiva
Liquide Middelen (kas, banksaldi) - Liquide Middelen
1.499
1.500
VLOTTENDE PASSIVA
Voorraden - Grond- en hulpstoffen
1.499
500 2.145
141
500
500 500
1.800
1.800 300
300
1.500
4.300
4.300
- Vooruit ontvangen bijdragen overige overheid
0
0
0
- Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgende begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskostengerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume
4.174
4.000
4.000
172
300
300
- Overige vooruitontvangen bedragen 2.004
4.347
1.500
Totaal Vlottende Activa
23.617
16.797
14.681
Totaal Vlottende Passiva
16.379
13.733
13.733
TOTAAL ACTIVA
25.687
21.367
20.551
TOTAAL PASSIVA
25.687
21.367
20.551
Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030
53
4.3 Meerjarenraming 2028-2030 Programma Totaal (in € x 1.000)
Begroting 2027 Baten Lasten
Inkomen
9.836
-148.672
-138.836
4.087
-142.621
-138.534
4.087
-142.621
-138.534
4.087
-142.621
-138.534
Werk
2.212
-14.560
-12.349
2.212
-14.560
-12.349
2.212
-14.560
-12.349
2.212
-14.560
-12.349
Werkleerbedrijf
8.599
-37.400
-28.801
8.599
-37.860
-29.261
8.599
-38.487
-29.888
8.599
-39.158
-30.559
Inburgering
0
-4.471
-4.471
0
-4.471
-4.471
0
-4.471
-4.471
0
-4.471
-4.471
Overhead
600
-20.578
-19.978
600
-20.578
-19.978
600
-20.578
-19.978
600
-20.578
-19.978
Onvoorzien
0
-207
-207
0
-207
-207
0
-207
-207
0
-207
-207
Implementatie ombuigingen
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Dekkingsmiddelen
203.856
0
203.856
204.316
0
204.316
205.110
0
205.110
205.863
0
205.863
Totaal baten en lasten
225.104
-225.889
-786
219.813
-220.299
-486
220.607
-220.925
-318
221.360
-221.596
-236
Reservemutaties Inkomen
674
0
674
374
0
374
206
0
206
124
0
124
Reservemutaties Werkleerbedrijf
420
-350
70
420
-350
70
420
-350
70
420
-350
70
Reservemutaties Bedrijfsvoering
41
0
41
41
0
41
41
0
41
41
0
41
Resultaat vorig boekjaar
0
0
0
0
0
0
0
Totaal reservemutaties
1.135
-350
786
835
-350
486
667
-350
318
585
-350
236
226.239
-226.239
0
220.649
-220.649
0
221.275
-221.275
0
221.946
-221.946
0
Resultaat
Begroting 2028 Baten Lasten
Saldo
Saldo
Begroting 2029 Baten Lasten
Saldo
Begroting 2030 Baten Lasten
Saldo
0
De meerjarenraming laat voornamelijk de mutaties voor de reservemutaties zien. De meerjaren raming voor Werk (LKS) en werkleerbedrijf wordt nog iets aangescherpt op basis van de verwachte ontwikkeling doelgroepen.
Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030
54
4.4 Meerjarige balans 2028-2030 ACTIVA (bedragen x € 1.000)
31-12-2028
31-12-2029
31-12-2030
VASTE ACTIVA
31-12-2028
31-12-2029
31-12-2030
4.426
4.014
3.720
VASTE ACTIVA
Materiële Vaste Activa - Investeringen met economisch nut
PASSIVA (bedragen x € 1.000)
6.970 6.970
6.970 6.970
6.970 6.970
Eigen Vermogen - Algemene reserve
2.704
2.704
2.704
- Bestemmingsreserves
1.722
1.310
1.016
- Gerealiseerd resultaat
0
0
0
Voorzieningen - Voorzieningen voor verplichtingen en verliezen en risico's Totaal Vaste Activa
6.970
6.970
6.970
VLOTTENDE ACTIVA 0 0
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar
0 0
10.393
0 0
9.982
9.684
- Vorderingen op openbare lichamen
5.000
5.000
5.000
-U itzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar
893
482
184
4.500
4.500
4.500
- Overige vorderingen
500 500
Overlopende Activa -D e van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel Overige overlopende activa
Totaal Vaste Passiva
Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar
1.500
1.500 1.500
5.926
5.514
5.220
9.437
9.438
9.434
- Schulden aan openbare lichamen
0
0
0
- Overige kasgeldlening
0
0
0
9.437
9.438
9.434
0
0
0
- Overige schulden - Rekening-courant bank Overlopende Passiva
Liquide Middelen (kas, banksaldi) - Liquide Middelen
1.500
1.500
VLOTTENDE PASSIVA
Voorraden - Grond- en hulpstoffen
1.500
500 1.800
300
500
500 500
1.800
1.800 300
300
1.500
4.300
4.300
- Vooruit ontvangen bijdragen overige overheid
0
0
0
- Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgende begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskostengerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume
4.000
4.000
4.000
300
300
300
- Overige vooruitontvangen bedragen 1.500
4.300
1.500
Totaal Vlottende Activa
12.693
12.282
11.984
Totaal Vlottende Passiva
13.737
13.738
13.734
TOTAAL ACTIVA
19.663
19.252
18.954
TOTAAL PASSIVA
19.663
19.252
18.954
Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030
55
4.5 Incidentele baten en lasten Incidentele baten
Realisatie
(bedragen x € 1.000)
2025
BGW1 Begroting Begroting Begroting Begroting
Incidentele lasten
Realisatie
2026
(bedragen x € 1.000)
2025
2027
2028
2029
2030
Programma Inkomen Toeslagenaffaire
193
SHV trajectbijdragen
550
Maatwerk incidenteel
-
Toeslagenaffaire
1.947
Programma Werkleerbedrijf
2029
2030
-124
-124
-124
-193
TOZO uitvoeringskosten
-106
-120
-124
-
-1.947
-682
-250
-300
-82
-70
-70
-70
-70
-40
-41
-41
-41
-7
-1.217
-236
-236
-201
CAK Project
Programma Werk
-
Mdieu subsidie
273 -
-177
Programma Werkleerbedrijf
-
Netto effect Impulsgelden
-
-
Programma Inburgering
-
Programma Overhead
-
Programma Overhead
-
Onderbezetting
ESF Middelen 2024
2028
-6.959
Programma Inburgering
Onvoorzien
2027
Jeugdwerkgelegenheid Maatwerk incidenteel
682
CAK Project
Mdieu subsidie
2026
Programma Inkomen 6.959
Jeugdwerkgelegenheid
Programma Werk
BGW1 Begroting Begroting Begroting Begroting
500
Thuiswerk vanuit reserves
-
-
Onvoorzien
-
444
RVU voorziening
-532
Energielasten voorgaande jaren
-304
Implementatie ombuigingen
-260
-1.373
-8.032
-3.812
Implementatie ombuigingen
1.593
Creditering resultaat vorig boekjaar
-2.051
Impulsgelden Werkleerbedrijf
356
Korting Armoederegelingen
-155
Totaal incidentele baten programma
8.163
-566
1.381
682
Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030
-
-
-
Totaal incidentele lasten programma
56
Incidentele baten (bedragen x € 1.000)
Realisatie 2025
Mutaties reserves
-
Reservemutaties Inkomen
BGW1 Begroting Begroting Begroting Begroting 2026 2027 2028 2029 2030
Incidentele lasten (bedragen x € 1.000)
Realisatie 2025
Mutaties reserves
-
BGW1 Begroting Begroting Begroting Begroting 2026 2027 2028 2029 2030
261
451
674
374
206
124
Reservemutaties Inkomen
-
-
-
-
-
-
Reservemutaties Werkleerbedrijf
-
420
420
420
420
420
Reservemutaties Werkleerbedrijf
-356
-338
-350
-350
-350
-350
Reservemutaties Bedrijfsvoering
275
1.373
41
41
41
7
Reservemutaties Bedrijfsvoering
-1.593
-
-
-
-
-
Resultaat vorig boekjaar
2.051
-
-
-
-
-
Resultaat vorig boekjaar
-
-
-
-
-
-
Totaal incidentele baten reserves
2.586
2.244
1.135
835
667
551
Totaal incidentele lasten reserves
-1.949
-338
-350
-350
-350
-350
Totaal incidentele baten
10.750
3.626
1.817
835
667
551
Totaal incidentele lasten
-9.981
-4.150
-1.567
-585
-585
-551
Totaal baten
209.443
218.649
226.239
220.649
221.275
221.946
769
-525
250
250
82
Structurele baten
198.693
215.023
224.422
219.813
220.607
221.394
Saldo Incidentele baten & Lasten Totaal lasten
-207.327
-218.649
-226.239
-220.649
-221.275
-221.946
Structurele lasten
-197.346
-214.498
-224.672
-220.063
-220.689
-221.395
1.348
525
-249
-250
-82
-0
Saldo Structurele baten & Lasten
0
De incidentele baten en lasten komen voornamelijk voort uit de reservemutaties en tijdelijke maatwerk activiteiten. Het structurele begrotingsaldo lijkt negatief omdat incidentele baten direct leiden tot incidentele lagere dekkingsbijdrage voor gemeenten.
Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030
57
4.6 Reserves en voorzieningen Onderstaand een overzicht van de standen en mutaties van de reserves en voorzieningen 2025-2030. De mutaties in de reserve betreffen incidentele mutaties. Daarom is geen apart overzicht met structurele vermeerderingen en verminderingen opgenomen.
Totaal Reserves
De algemene reserve en de bestemmingsreserves vormen samen de totale reserves.
Algemene Reserve Algemene Reserve (bedragen x € 1.000)
Realisatie 2025
BW1 2026
Stand per 1 januari
2.138
4.254
Resultaat lopend boekjaar
2.116
Resultaat voorgaand boekjaar
1.551
Begroting Begroting Begroting Begroting 2027 2028 2029 2030 2.704
2.704
2.704
2.704
0
0
0
0
Afrekening met gemeenten Vorming bestemmingsreserves
-1.550
Begrote storting Begrote onttrekking
-1.551
Totaal Algemene Reserve
4.254
2.704
2.704
2.704
Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030
2.704
2.704
Reserves totaal (bedragen x € 1.000)
Realisatie 2025
BW1 2026
Begroting Begroting Begroting Begroting 2027 2028 2029 2030
Stand per 1 januari
4.280
7.809
6.159
5.318
4.426
4.014
Resultaat huidig boekjaar
2.116
0
0
0
0
0
Resultaat voorgaand boekjaar
1.551
0
0
0
0
0
Afrekening met gemeenten
0
0
0
0
0
0
Vorming bestemmingsreserves
0
-1.550
0
0
0
0
Begrote storting
1.949
1.894
344
344
344
344
Begrote onttrekking
-2.087
-1.994
-1.185
-1.235
-756
-638
Stand per 31 december
7.809
6.158
5.318
4.426
4.014
3.720
58
Verloop Bestemmingsreserves Verloop Bestemmingsreserves (bedragen x € 1.000)
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Reserve Thuiswerkvoorziening
171
106
89
48
7
0
Reserve Decembercirculaire
81
0
0
0
0
0
Reserve Uitvoeringskosten TOZO
995
875
751
627
503
379
Reserve Uitvoeringskosten KOTA
582
582
332
82
0
0
Reserve implementatie ombuigingen
1.370
37
37
37
37
37
356
280
204
128
63
0
Reserve Impulsgelden WOB Reserve CAK
0
550
300
0
0
0
Reserve Huisvesting
0
1.000
900
800
700
600
3.555
3.429
2.613
1.722
1.310
1.016
Realisatie 2025
BW1 2026
Stand per 1 januari
8.251
7.370
7.370
7.370
7.370
7.370
Begrote storting
610
0
0
0
0
0
Begrote onttrekking
-1.491
0
0
0
0
0
Stand per 31 december
7.370
7.370
7.370
7.370
7.370
7.370
Stand per 31 december
Voorzieningen Voorziening dubieuze debiteuren (bedragen x € 1.000)
Begroting Begroting Begroting Begroting 2027 2028 2029 2030
Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030
De voorzieningen dubieuze debiteuren wordt aan de actiefzijde van de balans verwerkt, omdat er sprake is van een correctie op de balanswaarde. Deze voorziening wordt in mindering gebracht op de waarde van de post debiteuren onder de balanspost Overige vorderingen.
59
4.7 EMU-saldo Stroomopwaarts dient in de begroting een berekening op te nemen van het zogenoemde EMU-saldo voor een periode van drie jaar: een raming voor het begrotingsjaar zelf (2027), een prognose voor het vorige begrotingsjaar (2026) en een raming voor het jaar volgend op het begrotingsjaar (2028). Omschrijving
1e begrotingswijziging 2026
(bedragen x € 1.000) 1
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)
2
Begroting 2027
Begroting 2028
-1.906
-786
-486
Afschrijvingen ten laste van de exploitatie
530
548
548
3
Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie
100
100
100
4
Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden geactiveerd
2.978
2.367
2.097
5
Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en overige, die niet op de exploitatie zijn verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
6
Desinvesteringen in (im)materiële vaste activa: Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs), voor zover niet op exploitatie verantwoord
0
0
0
7
Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d. (alleen transacties met derden die niet op de exploitatie staan)
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
8
Baten bouwgrondexploitatie: Baten voor zover transacties niet op exploitatie verantwoord
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
9
Lasten op balanspost Voorzieningen voor zover deze transacties met derden betreffen
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
10
Lasten i.v.m. transacties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen en dergelijke) worden gebracht en die nog niet vallen onder één van bovenstaande posten
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
11
Verkoop van effecten: nee
nee
nee
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
-4.254
-2.505
-1.935
a Gaat u effecten verkopen? (ja/nee) b Zo ja wat is bij verkoop de verwachte boekwinst op de exploitatie? Berekend EMU-saldo (1+2+3-4+5+6+7+8-9-10-11)
Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030
60
Bijlagen Ontwikkeling uitkeringen in aantal en bedragen per gemeente
Overzicht geraamde baten en lasten per taakveld
Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030
Begrippenlijst
61
Bijlage 1: Ontwikkeling uitkeringen in aantal en bedragen per gemeente Leeftijdsopbouw 2025
Maassluis Aantal Aandeel
Vlaardingen Aantal Aandeel
Schiedam Aantal Aandeel
Totalen Aantal Aandeel
< 21 jaar
24
3%
27
1%
33
2%
84
2%
21 - 26 jaar
50
6%
172
7%
143
7%
365
7%
27 - 44 jaar
267
33%
797
34%
699
32%
1.763
33%
45 - 54 jaar
186
23%
535
23%
495
23%
1.216
23%
55 - AOW
217
34%
826
35%
790
37%
1.887
36%
Totaal
798
100%
2.357
100%
2.160
100%
5.315
100%
Vlaardingen
2027
2028
2029
2030
Uitkering BBZ Uitkering IOAW Uitkering IOAZ Uitkering PW
6 60 3 2.322
6 64 3 2.455
7 67 3 2.586
7 71 3 2.724
Totalen
2.391
2.528
2.663
2.805
Meerjaren aantallen voor dienstverbanden Werkleerbedrijf en Loonkostensubsidie volgt. Maassluis
2027
2028
2029
2030
Uitkering BBZ Uitkering IOAW Uitkering IOAZ Uitkering PW
27 1 790
28 1 821
30 1 865
31 1 911
Totalen
817
850
895
943
Schiedam
2027
2028
2029
De verdeling over de gemeenten is gebaseerd op de realisatie in de afgelopen jaren. De historische verschillen tussen de gemeenten hebben onder meer te maken met verschillen in gezinssamenstelling van de groep inwoners die voor LKS in aanmerkingen komen. Voor een alleenstaande moeder zijn er meer hindernissen te overwinnen dan voor een alleenstaande man om een loonkostensubsidiebaan succesvol te vervullen. Om dit probleem te ondervangen wordt gekeken naar de mogelijkheden om meer faciliteiten voor kinderopvang aan te bieden.
2030
Uitkering BBZ Uitkering IOAW Uitkering IOAZ Uitkering PW
5 64 12 2.122
5 68 12 2.237
6 71 13 2.357
6 75 14 2.483
Totalen
2.203
2.323
2.447
2.578
Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030
62
Aantal banen voor doelgroepen Aantal banen voor doelgroepen
2025 2026 Realisatie BGW 1 1.085
1.163
570
2027 Begroting 1.219
2029
2030
MJB
MJB
MJB
1.277
Banen voor doelgroepen bij werkgevers
299
Waarvan dienstverbanden bij werkgevers
173
185
216
255
294
343
Banen met LKS extern (Banenafspraak)
152
167
200
240
280
330
Banen Wsw (Begeleid Werken)
21
18
16
15
14
13
Detacheringen bij werkgevers (in dienst bij SOW)
126
126
129
129
130
130
Banen detachering WSW
384
846
1.408
449
345
756
1.337
Verdeling loonkosten subsdie
Waarvan banen met loonkostensubsidie (LKS)
311
666
2028
424
946 473
114
106
99
94
90
85
Banen detachering Nieuw Beschut
6
10
20
20
25
25
Banen detachering LKS-BIJ
6
10
10
15
15
20
Banen bij het Werkleerbedrijf voor doelgroepen
786
852
874
893
913
935
Banen Wsw (intern)
522
487
454
427
401
377
Banen nieuw beschut met LKS
235
305
350
396
442
488
Banen met LKS (Banenafspraak)
28
60
70
70
70
70
449
570
666
756
846
946
2025 2026 Realisatie BGW 1
2027 Begroting
2028
2029
2030
MJB
MJB
MJB
Extern
185
205
246
290
334
388
Maassluis
33
37
44
52
60
70
Vlaardingen
75
75
90
106
122
142
Schiedam
93
93
112
132
152
177
Intern
264
365
420
466
512
558
Maassluis
65
65
75
84
92
100
Vlaardingen
133
133
153
170
187
204
Schiedam
166
166
191
212
233
254
Banen voor re-integratietrajecten LKS (inclusief Begeleid Werken)
Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030
63
Bijlage 2: Overzicht geraamde baten en lasten per taakveld Baten en lasten per taakveld (in € x 1.000)
Begroting 2027 Baten Lasten
Begroting 2028 Baten Lasten
Saldo
Saldo
Begroting 2029 Baten Lasten
Saldo
Begroting 2030 Baten Lasten
Saldo
0.4 Overhead
600
-20.578
-19.978
600
-20.578
-19.978
600
-20.578
-19.978
600
-20.578
-19.978
0.5 Treasury
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0.8 Overige baten en lasten
203.856
-207
203.649
204.316
-207
204.109
205.110
-207
204.903
205.863
-207
205.656
0.9 Vennootschapsbelasting
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
1.135
-350
786
835
-350
486
667
-350
318
585
-350
236
372
-4.896
-4.524
72
-4.596
-4.524
72
-4.596
-4.524
72
-4.596
-4.524
6.2 Wijkteams
5.241
-7.572
-2.330
254
-2.283
-2.029
254
-2.283
-2.029
254
-2.283
-2.029
6.3 Inkomensregelingen
4.061
-136.873
-132.812
3.639
-137.118
-133.478
3.639
-137.782
-134.143
3.639
-138.446
-134.807
6.4 Begeleide participatie
8.599
-31.307
-22.708
8.599
-31.101
-22.502
8.599
-31.063
-22.464
8.599
-31.070
-22.471
6.5 Arbeidsparticipatie
2.374
-24.455
-22.082
2.332
-24.415
-22.082
2.332
-24.415
-22.082
2.332
-24.415
-22.082
226.239
-226.239
0
220.649
-220.649
0
221.275
-221.275
0
221.946
-221.946
0
0.10 Mutaties reserves 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
6.71 Maatwerkdiensverlening 18+ Totaal
In de notitie ‘Verbonden partijen van oktober 2016’ schreef de BBVcommissie onder andere regels (stellige uitspraken) voor hoe de bijdragen van de gemeenten aan een gemeenschappelijke regeling dienen te worden verwerkt. Deze regels gelden zowel voor verwerking van de bijdrage in de gemeentelijke administratie, als in de administratie van Stroomopwaarts. Dit houdt onder andere in dat Stroomopwaarts de kosten per taakveld apart verantwoordt, waaronder ook de overhead. De gemeenten verantwoorden de bijdrage aan Stroomopwaarts verdeeld over de diverse taakvelden, waarbij de overhead aan de taakvelden wordt toegerekend.
Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030
64
Bijlage 3: Begrippenlijst (Arbeidsmatige) dagbesteding Bij Arbeidsmatige dagbesteding krijgen mensen veel begeleiding tijdens het werken. Arbeidsmatige dagbesteding biedt structuur en invulling van de dag. Er is geen werkdruk en er zijn geen deadlines. Banen met loonkostensubsidie als gevolg van Wet banenafspraak In het Sociaal Akkoord is afgesproken dat overheid en bedrijfsleven vóór 2025 samen 125.000 extra banen creëren voor mensen met een arbeidsbeperking. Dit is de zogenoemde banenafspraak. Hierbij nemen bedrijven 100.000 banen voor hun rekening. In de begroting zijn ze terug te vinden als banen met loonkostensubsidie. B1 Route statushouders Een route voor taal en (vrijwilligers)werk. Inburgeringsplichtigen spreken en schrijven binnen maximaal 3 jaar de Nederlandse taal op niveau B1. Tegelijk kunnen zij participeren door (vrijwilligers)werk. Beschut werk Beschut werk is bestemd voor inwoners die door hun lichamelijke, verstandelijke of psychische beperking een hoge mate van (structurele) begeleiding of aanpassing van de werkplek nodig hebben. Van een werkgever mag daardoor niet worden verwacht dat hij hen in dienst neemt. Ook niet met extra voorzieningen van gemeente of UWV. Inburgering Integratie van nieuwkomers in de Nederlandse samenleving.
Hierbij wordt gestreefd nieuwkomers door een intensief programma zo snel mogelijk een zo groot mogelijke mate van zelfredzaamheid te laten bereiken. Inwoner Onder het beleidsterrein van ‘Werk en Inkomen’ vallen verschillende wetten en verordeningen, met hierin verschillende definities) voor de inwoners die gebruik maken van diensten (zoals cliënt, burger of klant. In dit document gebruiken we één algemeen woord voor de personen voor wie wij onze dienstverlening inzetten, namelijk: inwoner(s).
Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030
Klantreis De klantreis beschrijft het geheel van stappen, contactmomenten en processen die een inwoner doorloopt vanaf de eerste aanvraag tot en met uitstroom, waarbij de dienstverlening integraal en vanuit het perspectief van de inwoner is ingericht. Kwetsbare inwoners Inwoners die (tijdelijk) niet in staat zijn de regie over hun eigen leven te voeren. Loonkostensubsidie De loonkostensubsidie vergoedt het verschil tussen loonwaarde en minimumloon. Het is bedoeld voor werknemers die vallen onder de doelgroep van de banenafspraak. Multiproblematiek Er is sprake van multi-problematiek bij gezinnen en personen wanneer deze langdurig te maken hebben met twee of meer samenhangende en elkaar mogelijk versterkende problemen én de betrokkene(n) niet in staat is/zijn tot het ontwikkelen en voeren van een adequate regie ten aanzien van de beheersing of oplossing van het complex aan problemen, waardoor deelname aan de samenleving en de arbeidsmarkt problematisch is Onderwijsroute statushouders Voorbereiding op het volgen van een opleiding op MBO-, HBO of WO-niveau. Participatie Participatie staat voor meedoen aan het maatschappelijke leven. Het kan bijvoorbeeld gaan om meedoen aan sport, onderwijs, vrijwilligerswerk of betaalde arbeid.
Preventiequote Het percentage inwoners dat zich bij Stroomopwaarts meldt voor een uitkering maar hier door preventie geen gebruik van hoeft te maken, ten opzichte van het totale aantal inwoners dat zich bij Stroomopwaarts meldt voor een uitkering.
65
Re-integratie Bij re-integratie gaan inwoners weer aan het werk. Inwoners met een bijstandsuitkering en gedeeltelijk arbeidsgeschikten vinden vaak moeilijk werk. De overheid helpt hen daarbij. Schuldhulpverlening Schuldhulpverlening is gericht op het aflossen van schulden, met aandacht voor de omstandigheden waardoor deze zijn ontstaan. Er zijn twee soorten trajecten: het minnelijke en het wettelijke schuldhulpverleningstraject. Het minnelijke traject kan bestaan uit schuldbemiddeling of schuldsanering. Het wettelijke traject kan leiden tot een persoonlijk faillissement en/of een traject binnen de Wet schuldsanering natuurlijke personen (Wsnp) Sociale onderneming Een onderneming die zich zowel richt op bedrijfseconomische continuïteit en/of winstgevendheid, als op het creëren van plekken voor arbeidsmatige dagbesteding en/of werk voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Statushouders Statushouders zijn vluchtelingen met een (tijdelijke) verblijfsvergunning. De gemeenten krijgen van de Rijksoverheid de opdracht om statushouders te huisvesten. Werkleertraject Een traject waarin de kandidaat zichzelf door training en het opdoen van werkervaring in het Werkleerbedrijf ontwikkelt. Doel is dat de kandidaat aan het einde van het traject klaar is om de arbeidsmarkt op te gaan. Z Route De Z-Route (zelfredzaamheidsroute) is er voor inburgeraars met een lage leerbaarheid.
Het is een intensief traject van zo’n 2 jaar, gericht op het zelfstandig kunnen meedraaien in de maatschappij.
Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030
66
Ontwerpbegroting 2027 en meerjarenraming 2028-2030 Uitgave van Stroomopwaarts