Bijlage definitieve jaarstukken 2022 GRJR
Tekst van het document
35
3. Coronacrisis leidt tot hogere zorgkosten Risico € 1,0 mln 4. Verkorten van de wachttijden Risico € 0,8 mln
5. Op structureel zorgkostenstijgingen onvoldoende geanticipeerd i.v.m. knellende budgetten gemeenten Risico € 0,6 mln
6. Overige risico’s waaronder gevolgen aanpassing woonplaatsbeginsel Risico € 1,0 mln
Hierbij was de landelijke escalatieprocedure met inzet van de Jeugd Autoriteit leidend. Vermoedelijk is er een verband tussen de coronamaatregelen en de vraag om jeugdhulp. Dit is in eerste instantie een verklaring voor de oplopende druk op het aanbod en de wachtlijsten. De aanpak van wachtlijsten is in 2022 effectief geweest in die zin dat de gemiddelde wachttijden sterk zijn teruggebracht. Dit is mede bereikt door meer capaciteit in te zetten voor jeugdhulp. Dit kan samenlopen met het vorige risico, maar dat is niet te onderscheiden in de informatie. Dit risico deed zich in 2022 duidelijk voor en is de eerste hoofdverklaring voor het rekeningtekort. De vastgestelde begroting 2022 was gebaseerd op de aanname dat de hoeveelheid in 2020 geleverde zorg constant blijft. Voor de opdrachten B, C en D was de geleverde zorg in 2021 hoger dan het bedrag dat hiervoor was opgenomen in de begroting 2022. Voor opdracht E geldt dat in de primaire begroting het budget was verlaagd door de taakstelling in mindering te brengen op het budget voor de reguliere productie (naast de extra inzet aanpak wachttijden). Dit was niet realistisch. In juli 2022 is de begroting hierop aangepast. Hiermee was bij de oorspronkelijke begroting gewacht tot de gemeenten expliciete en concrete helderheid zouden hebben over extra middelen van de rijksoverheid voor 2022.
Bij Veilig Thuis zagen we sinds 2020 zagen we een toename in het aantal meldingen en, door de toenemende complexiteit van casussen, een verschuiving van de dienst V&V naar de (meer tijdrovende) dienst Onderzoek. Hiervoor is de begroting 2022 ook tussentijds bijgesteld. Dit risico deed zich in 2022 duidelijk voor en is de tweede hoofdverklaring voor het rekeningtekort. In 2022 werd de aanpassing van het woonplaatsbeginsel doorgevoerd waardoor de zorg voor meer jeugdigen voor rekening van gemeenten in Rijnmond kwam. De eerste inschatting die gemeenten hiervan gaven bleek veel lager dan de werkelijke impact. Dit is de belangrijkste verklaring voor het overschrijden van de begroting.
Totaal risico inschatting € 6,7 mln
Financiële positie in kengetallen Kengetallen zijn getallen die de verhouding uitdrukken tussen bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie van een gemeenschappelijke regeling. Om dit te bereiken wordt voorgeschreven dat de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing de volgende kengetallen bevat: netto schuldquote en de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen, solvabiliteitsratio, grondexploitatie, structurele exploitatieruimte en belastingcapaciteit.
36
Kengetallen
Begroting 2022
Realisatie 2022
Netto Schuldquote
0,00
0,00
Netto Schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio
0,00
0,00
0,00
0,00
Structurele exploitatieruimte Grondexploitatie
0 n.v.t.
0 n.v.t.
Belastingcapaciteit
n.v.t.
n.v.t.
Aangezien de GRJR geen leningen heeft aangetrokken om haar investeringen te kunnen dekken komt de Netto Schuldquote voor 2022 uit op 0. De GRJR heeft geen eigen vermogen, hierdoor komt de solvabiliteitsratio op nul.
3.2 Financiering Volgens de Wet FIDO (Wet Financiering Decentrale Overheden) is elke gemeenschappelijke regeling verplicht om een financieringsparagraaf in haar begroting en jaarstukken op te nemen. Daarin worden de ontwikkelingen aangegeven met betrekking tot het kasgeldlimiet, de ontwikkelingen wat betreft de renterisiconorm, de verwachte toe- en afname van geldleningen of uitzettingen en het verdere beleid ten aanzien van treasury. Deze paragraaf bevat in ieder geval de beleidsvoornemens ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet geeft aan in welke mate in de financiering van investeringen mag worden voorzien in de vorm van kortlopende middelen. Volgens de Wet FIDO bedraagt de kasgeldlimiet 8,5% van het totaal van de (gewijzigde) begroting. Voor de GRJR is dit voor 2022, € 24,2 mln. De GRJR doet geen investeringen in (im)materieel vast actief. Daarnaast heeft de GRJR geen leningen afgesloten in 2022. Schatkistbankieren Met ingang van 16 december 2013 is de wet Schatkistbankieren voor decentrale overheden in werking getreden. Deelname van de decentrale overheden aan schatkistbankieren draagt bij aan een lagere EMU-schuld van de collectieve sector (Rijk en decentrale overheden gezamenlijk). Iedere euro die decentrale overheden aanhouden in de schatkist, vermindert de externe financieringsbehoefte van het Rijk.
De GRJR is in 2022 elk kwartaal onder de grens gebleven. In de tabel bij de toelichting op de balans wordt dit weergegeven.
37
3.3 Bedrijfsvoering De burger mag van een gemeente verwachten dat gemeentelijke middelen rechtmatig, doelmatig en doeltreffend besteed worden, dat de gemeente een betrouwbare partner is en transparant is. De GRJR is een samenwerking tussen gemeenten en daarmee zijn deze verwachtingen ook criteria voor de bedrijfsvoering van de GRJR. Bestuurlijke processen Bestuurlijk is de GRJR een overleg- en uitvoeringsplatform waarbinnen de deelnemende gemeenten -uitgaande van het beginsel van autonomie van het lokale bestuur- de regionale samenwerkingsmogelijkheden op het gebied van (boven)regionale jeugdhulp bespreken en daar vorm aan geven. Dan doen ze omdat de samenhang van een aantal strategische en ordenende taken daarom vraagt. De verantwoordelijkheid voor de taken en organisatie berust primair bij het Algemeen Bestuur (AB), dat gevormd wordt door de wethouders jeugd van de deelnemende gemeenten. Vanuit iedere subregio wordt één wethouder afgevaardigd als deelnemer in het Dagelijks Bestuur (DB). De strategisch en ordende taken zijn binnen het DB bij portefeuillehouders belegd en in sommige gevallen aangevuld met (een) wethouder(s) uit het AB. Organisatie van de GRJR De organisatie van de GRJR – de Uitvoeringsorganisatie GRJR (UO) – ondersteunt de hierboven beschreven bestuurlijke processen. Ten behoeve van de ondersteuning van het AB en het DB is een ambtelijk secretaris aangesteld.
De secretaris coördineert de bestuurlijke processen en geeft leiding aan de UO. De UO is door middel van een Uitvoeringsovereenkomst hiërarchisch ondergebracht bij de gemeente Rotterdam. Speerpunten/ focus bedrijfsvoering Overkoepelend speerpunt voor de UO is optimale samenwerking met de gemeenten. Deze samenwerking is de afgelopen jaren sterk verbeterd maar is een kritische succesfactor. We zijn gezamenlijk de GRJR en gezamenlijk verantwoordelijk voor (specialistische) jeugdhulp. Samenwerking is in woord én daad nodig. Dat vraagt concreet commitment, goed partnerschap en sensitiviteit, zowel in de bestuurlijke als ambtelijke processen. Zeker ook in het licht van de Hervormingsagenda Jeugd en het Toekomstscenario voor de veiligheidsketen. Een kerntaak van de UO is het regionale contractmanagement. De verdere implementatie van de nieuwe contracten 2023/2028 gaat onder meer over het concreet toepassing geven aan de sturingsprincipes, over toezicht op nakoming van contractuele verplichtingen en over het samen leren en ontwikkelen bij de realisatie van ontwikkelopdrachten. Belangrijk punt voor de ontwikkeling van het contractmanagement is ook het ophalen van input bij en geven van terugkoppeling aan gemeenten.
38
Versterking van de sturing wordt bevorderd door de planning en control meer data gedreven vorm te geven en meer te richten op inzicht op gemeenteniveau. Daarvoor blijkt het gebruik en de verder ontwikkeling van de informatievoorziening een speerpunt. Tijdige en volledige informatie over het gebruik en de kosten van de jeugdhulp moet nog veel beter worden. Tussentijds rapportages, die niet achteraf onvolledig blijken, zijn cruciaal voor de sturing. Daarvoor is in de hele administratieve keten nog veel verandering nodig. Uitvoering van en sturing op zorgtaken De uitvoering is een samenwerking tussen de GRJR-uitvoeringsorganisatie en individuele gemeenten: Van belang is dat over de toegang tot de jeugdhulp niet door de GRJR, maar door individuele gemeenten wordt beschikt op basis van de gemeentelijke verordening. Gemeenten bestellen vervolgens de hulp bij (geven een toewijzing aan) een door de GRJR gecontracteerde aanbieder. De gemeente stuurt daarmee rechtstreeks op het gebruik en/of volume. Dit kent overigens beperkingen, doordat er ook andere wettelijke verwijzers zijn en doordat maatregelen in het kader van jeugdbescherming en jeugdreclassering een eigen juridische basis kennen. De zorgaanbieders dienen hun declaraties in bij de gemeente die de zorg heeft besteld (toegewezen). Gemeenten beoordelen deze declaraties, waarna de GRJR als contractueel opdrachtgever betaalt.
Gemeenten voeren decentraal los van elkaar staande zorgadministraties van waaruit doorlopende gegevens worden doorgegeven aan de GRJR. De financiële afhandeling van toewijzingen en declaraties wel tot de GRJR-taken; de zorgkosten worden door de GRJR betaald en geadministreerd. De hiermee gepaard gaande lasten worden door de GRJR begroot en verantwoord. Deze verantwoording stoelt op de gemeentelijke administraties. In deze taakverdeling heeft de GRJR een stevige informatiepositie om regionale sturingsinformatie te verzorgen. De administratieve processen en informatievoorziening zijn steeds verder geautomatiseerd op basis van een strategisch informatieplan. Door de informatie van de individuele gemeenten in een dashboard op GRJR-niveau bij elkaar te brengen, is de GRJR steeds meer in staat om op het zorglandschap, de opdrachten en contracten voor de specialistische jeugdhulp te sturen. Tegelijkertijd zien gemeenten zo steeds beter de ontwikkeling van gebruik en kosten, zodat zij beter kunnen sturen op de toegang tot de hulp en de kwaliteit van gegevens. Om tijdiger en vollediger sturingsinformatie, minder administratieve lasten en betere rechtmatigheidsverantwoording (zie volgende paragraaf) te kunnen bewerkstellingen wil de GRJR in 2023 onderzoek doen naar mogelijk verdergaande centralisatie van backofficetaken.
39
Uitvoeringskosten De uitvoeringskosten bestaan uit een vaste vergoeding aan de gemeente Rotterdam voor de kosten van personeel en ondersteuning van de zelfstandige organisatie-eenheid Uitvoeringsorganisatie GRJR.
3.4 Rechtmatigheid De jaarrekening 2022 wordt net als in voorgaande jaren in opdracht van het GR-bestuur gecontroleerd door de externe accountant Baker Tilly. De accountant maakt daar waar mogelijk gebruik van de verbijzonderde interne controles (derdelijns controle) die worden uitgevoerd door de afdeling Financial Audit van de gemeente Rotterdam. Vanaf 2022 is de UO ook structureel extra gaan investeren in de interne beheersing (eerste en tweedelijns controle). Dit draagt bij aan een soepeler totstandkoming van de jaarstukken en betere tussentijdse financiële informatie. Hiermee bereidt de GRJR zich ook voor op de vanaf 2023 verplichte eigen rechtmatigheidsverantwoording. Concrete verbeteringen die inmiddels zijn doorgevoerd: Actualisatie normenkader rechtmatigheid; Kader financieel en beleid en beheer; Kader interne beheersing; Invoering verplichtingenregisters; Periodieke aansluitingen tussen registraties; Ontwikkeling subsidiesysteem; Bundeling van de controleopdracht aan de accountant voor de GRJR-jaarrekening met de controle op rechtmatigheid van toewijzingen en declaratiegoedkeuringen bij gemeenten.
40
3.5 Coronaparagraaf In 2022 maakten aanbieders ook meerkosten om de zorg te continueren tijdens de coronacrisis. De VNG heeft met het Rijk afspraken gemaakt over de vergoeding van deze meerkosten in 2022. De afspraken uit 2021 zijn zonder noemenswaardige inhoudelijke wijzigingen verlengd tot en met 2022 en als richtinggevend document vastgelegd in de Uitwerking Meerkosten corona Jeugdwet en WMO 2022 VNG. De GRJR heeft haar beleid 2021 t.a.v. coronakosten ongewijzigd gecontinueerd in 2022 en: verklaart corona meerkosten declarabel verklaart omzetderving niet-declarabel (ook geen landelijke regeling 2022 tot stand gekomen) acht zich voor LTA-partijen gebonden aan door de VNG gemaakte afspraken past de hiervoor bedoelde landelijke protocollen en formats toe (Uitwerking meerkosten corona Jeugdwet en WMO 2022 VNG en format meerkosten Ketenbureau i-sociaal domein) Extra aandachtspunt is dat de landelijke meerkostenregeling alleen van toepassing is voor die periodes dat daadwerkelijk RIVM-richtlijnen of kabinetsmaatregelen van toepassing waren. Dit was in 2021 ook het geval (12 maanden) maar in 2022 is dit het geval geweest in de periode januari – april 2022 (conform advies van het Ketenbureau i-sociaal domein, tijdlijn RIVM). Hieronder een overzicht van de voorlopige coronameerkosten 2022.
Dit wordt verantwoord als onderdeel binnen de risico’s Jeugdhulp en betreft alleen 2022 coronakosten. De gedeclareerde meerkosten zijn plausibel. GRJR houdt zich aan de landelijke regels en doet een check op de rechtmatigheid en of de meerkosten terecht worden gedeclareerd. Er vallen hier geen verborgen bijdragen onder ten behoeve van de continuïteit.
Lasten
Realisatie 2022
Corona meerkosten LTA-aanbieders
€ 29.000
Corona meerkosten RTA-aanbieders
€ 587.000
Totaal
€ 616.000
41
3.6 Verbonden partijen Bij de definiëring van het begrip verbonden partijen wordt aangesloten bij het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV): Een verbonden partij is een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarin de provincie onderscheidenlijk de gemeente een bestuurlijk en een financieel belang heeft. Onder een financieel belang wordt verstaan een aan de verbonden partij ter beschikking gesteld bedrag dat niet verhaalbaar is indien de verbonden partij failliet gaat, het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt. Onder een bestuurlijk belang wordt verstaan zeggenschap, via vertegenwoordiging in het bestuur of via stemrecht. Dit houdt concreet in dat er sprake is van een bestuurlijk belang als een collegelid, een raadslid of een ambtenaar van de gemeente namens de gemeente in het bestuur van de verbonden partij plaatsneemt of namens de gemeente stemt. Bovenstaande betekent dat organisaties waar bijvoorbeeld enkel sprake is van een financieel belang niet worden gezien als een verbonden partij. De GRJR heeft geen verbonden partijen in de zin van het BBV, maar kent alleen deelnemers en opdrachtnemers met een contract- en/of subsidierelatie. De GRJR is niet aansprakelijkheid voor tekorten bij gemeenten, contractpartners en subsidiepartners en heeft geen zeggenschap in de besluitvorming van deze partijen.
De kring van deelnemende gemeenten is sinds de oprichting van de GRJR ongewijzigd en er zijn geen voornemens tot uittreding of toetreding van gemeenten. Wel was er de vorming van Voorne aan Zee en de keuze van de MVS-gemeenten om jeugdhulp vanaf 2023 niet meer af te nemen via de GRJR-contracten. In de kring van gecontracteerde opdrachtnemers doen zich verschuivingen voor vanwege de nieuwe aanbesteding van specialistische jeugdhulp. Vanaf 2023 werkt de gemeente met zeven in plaats van vijftien hoofdaanbieders (systeemaanbieders genoemd omdat ze alle zorg moeten kunnen leveren), apart contractpartners voor forensische hulp en nog een reeks kleine partijen (flexibel aanbod en maatwerkovereenkomsten). Belangrijke verbonden partijen zijn tot slot de gesubsidieerde partners voor Jeugdbescherming/ jeugdreclassering en Veilig Thuis. Beide partners werken nagenoeg alleen voor de regio Rijnmond en worden daarom nagenoeg volledig gefinancierd door de GRJR.
42
Hoofdstuk 4 JAARREKENING 2022
43
4. Jaarrekening 4.1 Overzicht van baten en lasten In onderstaand overzicht is de extra bijdrage van gemeenten van € 26,9 mln. Op basis van het jaarrekeningresultaat 2022 is deze extra bijdrage aan de baten toegevoegd waardoor het resultaat € 0 is. Baten Exploitatie
1. Programma Bestuur en algemeen management Bijdrage deelnemende gemeenten Extra bijdrage gemeenten tbv resultaat 2022 Bijdrage Rijk "Proeftuin Kind- en Gezinsbescherming" Bijdrage Rijk Gez. Verantwoordelijkheid Kinderen en Ouders Overige baten Totaal Baten
Primitieve begroting 2022
Begroting na wijziging 2022
Realisatie 2022
Verschil begroting vs realisatie 2022
254.738.000 0 0 0 0 254.738.000
284.612.000 0 0 0 0 284.612.000
284.612.000 26.957.000 163.000 83.000 122.000 311.937.000
0 -26.957.000 -163.000 -83.000 -122.000 -27.325.000
24.298.000 58.990.000 10.780.000 14.415.000 54.967.000 9.656.000 45.802.000 16.700.000 1.770.000 1.976.000 12.389.000 412.000 3.561.000 2.000.000 3.588.000 152.000 76.000 306.000 200.000 200.000 0 0
24.500.000 61.660.000 17.368.000 17.666.000 58.418.000 9.754.000 46.268.000 18.183.000 1.788.000 2.472.000 16.035.000 417.000 3.561.000 2.000.000 3.588.000 152.000 76.000 306.000 200.000 200.000 0 0
21.841.000 78.698.000 15.466.000 24.405.000 52.103.000 8.730.000 44.241.000 17.593.000 17.817.000 2.520.000 19.430.000 790.000 616.000 1.232.000 3.588.000 154.000 99.000 158.000 200.000 200.000 11.000 163.000
2.659.000 -17.037.000 1.902.000 -6.739.000 6.315.000 1.024.000 2.027.000 590.000 -16.028.000 -49.000 -3.395.000 -374.000 2.945.000 768.000 0 -2.000 -22.000 148.000 0 0 -11.000 -163.000
Totaal programma Jeugdhulp Totaal Lasten
0 262.238.000 262.238.000
0 284.612.000 284.612.000
83.000 310.138.000 310.138.000
-83.000 -25.526.000 -25.526.000
Saldo van baten en lasten
-7.500.000
0
1.799.000
-1.799.000
0 0
0 0
1.799.000 1.799.000
1.799.000 1.799.000
-7.500.000
0
0
0
Lasten Exploitatie A Gewoon opgroeien buiten gezien (Pleeghulp) B Weer naar huis (Opname) C Opgroeien met blijvende ondersteuning (Langdurig verblijf) D Steun, hulp of behandeling overdag (Daghulp) E Pakket thuis (Ambulante hulp) F Crisishulp G Gecertificeerde instellingen H Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond (VTRR) I1 Buitenregionale plaatsingen (incl pleegzorg) I2 Extra ASR I3 Landelijke inkoop I4 Acute dienst GGZ J Bedrag onvoorzien (Risico's Jeugdhulp) J Transformatiefonds/Innovatie J Organisatiekosten GR J Specifieke ICT-kosten J Accountantskosten J Werk en Onderzoek J Projectbudget Inkoop en Implementatie J Programmateam Regio-agenda Bankkosten Proeftuin Kind- en Gezinsbescherming Gezamenlijke Verantwoordelijkheid voor Kinderen en Ouders
Resultaat vorige boekjaren Nagekomen kosten voorgaande jaren Totaal resultaat vorige boekjaren Totaal resultaat
44
4.2 Toelichting op baten en lasten Baten Bijdrage deelnemende gemeenten De bijdrage gemeenten zijn conform de door het bestuur vastgestelde begroting 2022 en begrotingswijzigingen 2022. Extra bijdrage deelnemende gemeenten Het tekort van 2022 wordt gedekt door middel van een extra bijdrage van de deelnemende gemeenten op basis van de werkelijke realisatie per gemeente:
Extra inleg Begroting na op basis van wijziging 2022 Gemeente Realisatie 2022 realisatie 2022 Albrandswaard 2.753.000 2.979.000 -226.000 Barendrecht 7.557.000 9.272.000 -1.715.000 Brielle 2.330.000 2.181.000 149.000 Capelle ad IJssel 13.815.000 14.452.000 -637.000 Goeree-Overflakkee 7.709.000 5.955.000 1.754.000 Hellevoetsluis 7.604.000 8.539.000 -935.000 Krimpen ad IJssel 5.151.000 5.897.000 -746.000 Lansingerland 9.413.000 10.687.000 -1.274.000 Maassluis 6.582.000 6.746.000 -164.000 Nissewaard 22.209.000 23.735.000 -1.526.000 Ridderkerk 8.377.000 8.292.000 85.000 Rotterdam 156.242.000 175.610.000 -19.368.000 Schiedam 16.333.000 17.231.000 -898.000 Vlaardingen 16.824.000 18.990.000 -2.166.000 Westvoorne 1.712.000 1.002.000 710.000 Eindtotaal 284.612.000 311.568.000 -26.957.000
Bijdrage Rijk Proeftuin kind- en gezinsbescherming Deze bijdrage van het rijk is als reserve opgenomen op de balans. Uit deze reserve is een bedrag opgenomen ter dekking van de lasten die hiervoor zijn gemaakt. De toelichting op de reserve is opgenomen bij de balanstoelichting. Bijdrage Rijk Gezamenlijke verantwoording kinderen en ouders Deze bijdrage van het rijk is als reserve opgenomen op de balans. Uit deze reserve is een bedrag opgenomen ter dekking van de lasten die hiervoor zijn gemaakt. De toelichting op de reserve is opgenomen bij de balanstoelichting.
45
Overige baten Dit betreft ontvangen rentevergoeding in 2022 met betrekking tot het schatkistbankieren. Lasten Zorgkosten van Pleeghulp tot en met Acute Dienst GGZ (opdrachten A tot en met I) Voor de ontwikkelingen binnen deze opdrachten in 2022 wordt verwezen naar de toelichtingen in hoofdstuk 2. Risico’s Jeugdhulp Het budget Risico’s Jeugdhulp is ingezet voor de corona gerelateerde kosten. In hoofdstuk 3.5 is dit toegelicht. Er is voor ruim € 0,6 mln. aan corona meerkosten 2022 opgenomen. Transformatiefonds In de begroting was hier een bedrag opgenomen van € 2 mln. Voor 2022 is subsidie toegewezen voor zes innovatieve projecten voor ruim € 1,3 mln. Kortom, niet de hele begroting 2022 is toegewezen aan projecten. Vanaf 2023 wordt structureel € 0,4 mln. voor het programmateam uit het transformatiefonds gereserveerd. Zie paragraaf 2.3.1 Transformatieprojecten 2022 voor de inhoudelijke toelichting. Overzicht Overhead Tot de overhead worden die kosten gerekend die niet een directe relatie hebben met de (gecontracteerde of gesubsidieerde) jeugdhulp, jeugdreclassering/-bescherming of het advies-en meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling (Veilig Thuis). Het zijn die kosten die ondersteunend en faciliterend zijn aan genoemde directe kosten. Onderstaand is een uitsplitsing van de kosten opgenomen die tot de overhead gerekend worden. De verwachte realisatie 2022 is € 0,1 mln.
lager dan de begroting.
Overhead
Begroting 2022
Realisatie 2022
Verschil begroting vs realisatie 2022
Organisatiekosten GR Werk en onderzoek Specifieke ICT-kosten Accountantskosten Bankkosten
€ 3.588.000 € 306.000 € 152.000 € 76.000 €0 € 4.122.000
€ 3.588.000 € 158.000 €154.000 € 99.000 € 11.000 € 4.010.000
€0 € 148.000 - € 2.000 - € 23.000 - € 11.000 € 112.000
Totaal
Projectbudget Inkoop en Implementatie Bij het project Inkoop en Implementatie is dit volledig gefactureerd door de gemeente Rotterdam omdat de personeelskosten door de gemeente Rotterdam zijn gemaakt ten behoeve van de UO. 46
Programmateam Regio-agenda Dit budget is voor de helft besteed in de vorm van een bijdrage in de door gemeente Rotterdam gemaakte kosten voor het regionale Programmateam Jeugd. Door het langer verloop van de landelijke discussie over de Hervormingsagenda schuift een deel van de werkzaamheden naar 2023. Om die reden is de tweede helft van het budget op de balans opgenomen zodat dit in 2023 kan worden ingezet. Proeftuin kind- en gezinsbescherming Dit betreffen lasten voor het project Proeftuin kind- en gezinsbescherming. De lasten worden gedekt vanuit de reserve en zijn hierdoor saldoneutraal. De toelichting op de reserve is opgenomen bij de balanstoelichting. Gezamenlijke verantwoording kinderen en ouders Dit betreffen lasten voor het project Gezamenlijke verantwoording kinderen en ouders. De lasten worden gedekt vanuit de reserve en zijn hierdoor saldoneutraal. De toelichting op de reserve is opgenomen bij de balanstoelichting. Overlopend resultaat Het overlopend resultaat 2022 is € 1,8 mln. Dit saldo is te splitsen naar een RTA-deel ad € 1,5 mln. en een LTA-deel van € 0,3 mln een een jeugdbeschermingdeel van -€ 1,7 mln. De belangrijkste mutaties worden hieronder toegelicht: 1) Correctie zorgkosten 2019 en 2020 uit a.
In 2022 bleek een indexatiepercentage 3,42% ten onrechte niet meegenomen in de productieverantwoording, waardoor een te vorderen positie is omgeslagen in een te betalen positie. Effect € 1,7 mln. b. Een niet eerder betaalde factuur zorg 2019 van ruim € 0,5 mln als gevolg van een langslepend dispuut tussen twee regionale aanbieders over hoofd/onderaanneming. 2) Correcties eindafrekeningen zorgkosten 2021: a. Ophogen verplichting aan een regionale aanbieder met bijna € 0,5 mln. omdat bij de verwerking in de jaarrekening 2021 een tabblad van één gemeente niet was verwerkt. b. Ophogen verplichting aan een LTA-aanbieder met ruim € 0,3 mln. omdat de verantwoordingen voor vier Rijnmond gemeenten ontbraken en alsnog zijn aangeleverd. c. Ophogen verplichting aan een regionale aanbieder m. ad € 0,2 mln door een correctie van een productcode in de verantwoording. 3) Correcties jeugdbescherming 2021: a. Een substantiële lagere subsidievaststelling JBRR dan in de jaarrekening 2021 opgenomen zorgde voor een vrijval van ruim € 2,4 mln. De aanvraag tot vaststelling was de onderbouwing voor de jaarrekening maar bleek gebaseerd op onjuiste berekening van de geleverde productie. 47
b. Een tekortkoming in de aanvraag tot subsidievaststelling JBRR met betrekking tot in onderaannemerschap door WSS uitgevoerde drangtaken (IVH) is hersteld, waarna de definitieve subsidievaststelling 2021 is verhoogd met bijna € 0,7 mln. 4) Afwikkeling diverse kleinere balansposities en afrondingen € 0,3 mln. Structureel/Incidenteel Lasten
Begroting 2022
Realisatie 2022
Structureel
€ 278.650.000
€ 307.632.000
Verschil realisatie vs begroting 2022 - € 28.982.000
Incidenteel Totaal
€ 5.961.000 € 284.612.000
€ 4.305.000 € 307.852.000
€ 1.657.000 - € 27.325.000
Het structurele tekort zit met name bij opdracht B opname, opdracht C Langdurig verblijf, opdracht D Daghulp, I1 Maatwerk en Woonplaatsbeginsel bij de LTA-aanbieders. Bij de structurele tekorten wordt de begroting voor 2023 e.v. daarop aangepast. Daarnaast zit er in de incidentele lastenbegroting: 1) Risico’s Jeugdhulp zijn incidentele lasten ad € 0,6 mln., begroting is € 3,6 mln. 2) Overlopend resultaat van ad € 1,8 mln. geldt als incidentele lasten, begroting is €0. 3) Transformatiefonds zijn incidentele lasten € 1,2 mln., begroting is € 2,0 mln. Per saldo zit er binnen de incidentele lasten geen tekort in 2022.
48
Overzicht van baten en lasten in euro’s opgesplitst naar taakveld Taakveld begroot
Baten
Lasten
Saldo
6.72 - Maatwerkdienstverlening 18-
€ 217.273.000
€ 217.273.000
€0
6.82 - Geëscaleerde zorg 186.83 - Geëscaleerde zorg 18+
€ 55.776.000 € 11.563.000
€ 55.776.000 € 11.563.000
€0 €0
Totaal begroot 2022
€ 284.612.000
€ 284.612.000
€0
Taakveld realisatie
Baten
Lasten
Saldo
6.72 - Maatwerkdienstverlening 18-
€ 242.767.000
€ 242.767.000
€0
6.82 - Geëscaleerde zorg 186.83 - Geëscaleerde zorg 18+ Totaal realisatie 2022
€ 53.181.000 € 11.376.000 € 307.267.000
€ 53.181.000 € 11.376.000 € 307.267.000
€0 €0 €0
Conform de eisen van de BBV zijn de overzichten van taakvelden in de jaarrekening 2022 opgenomen. Op dit moment is het uitgangspunt dat alle uitvoeringskosten van de GRJR direct of indirect bijdragen aan de taakvelden en daardoor toe te rekenen zijn aan de taakvelden. Zie overzicht bij 4.2.
49
4.3 Balans
Conform het BBV zijn de te betalen bedragen aan zorginstellingen bij de overlopende passiva opgenomen. Ze vallen onder de categorie “de van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren”.
50
4.4 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Algemeen GRJR is een uitvoeringsorganisatie van de deelnemende gemeenten. Vanuit de regiovisie van de deelnemende gemeenten geeft de GRJR vorm aan een “op de lokale infrastructuren aansluitende regionale infrastructuur” en aan het “samen leren wat werkt”. Voor verdere toelichting wordt verwezen naar het jaarverslag. Wettelijke voorschriften GRJR is een openbaar lichaam op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) waarin vijftien gemeenten op vrijwillige basis samenwerken. Voor de verslaggeving van gemeenschappelijke regelingen is vanaf 2004 het Besluit begroting en verantwoording (BBV) provincies en gemeenten van kracht. De jaarrekening is conform deze voorschriften samengesteld. Waarderingsgrondslagen De jaarrekening wordt opgemaakt met inachtneming van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten. Liquide middelen Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Uitzettingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Vlottende passiva De kortlopende schulden en overlopende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Grondslagen voor resultaatbepalingen In de exploitatierekening worden de lasten en baten verantwoord die voortvloeien uit de activiteiten van de GRJR.
De lasten en baten worden zoveel mogelijk toegerekend naar het boekjaar waarop ze betrekking hebben en waarin de prestaties zijn geleverd. BTW De betaalde btw in het boekjaar wordt na afloop van het boekjaar door de deelnemende gemeente via de doorschuifregeling gecompenseerd. 51
4.5 Toelichting op de balans
Vorderingen op openbare lichamen Dit saldo van € 28,3 mln. bestaat uit twee delen, 1) Het betreft de bijdrage jaarrekening resultaat van € 26,9 mln., zie onderdeel 4.2 extra bijdrage deelnemende gemeenten. 2) Op de balans staat ultimo 2022 het nog te betalen bedrag per gemeente ad € 1,4 mln. Hiervan is € 0,8 mln. een eindejaar boeking en facturatie aan de deelnemende GRJR-gemeenten met betrekking tot doorbelasting doorschuif BTW 2022 Hieronder een specificatie van de vorderingen op openbare lichamen per ultimo 2022, exclusief extra inleg van € 26,9 mln. m.b.t. het jaarrekeningresultaat.
52
Rekening courant met het rijk & Schatkistbankieren Ultimo 2022 heeft de GRJR als saldo van haar rekeningcourantverhouding met het rijk ca. € 9,2 mln. te vorderen op de rijksoverheid. Dit komt doordat het kabinet in het verleden het schatkistbankieren ingevoerd. Dit betekent voor decentrale overheden, waaronder gemeenschappelijke regelingen als die van Jeugdhulp Rijnmond, dat zij hun overtollige liquide middelen moeten aanhouden in de schatkist bij het ministerie van Financiën. Praktisch betekent dit voor GRJR dat alle overtollige liquide middelen boven de drempel van € 5,2 mln. worden gestald bij de schatkist zolang deze niet benodigd zijn. In 2022 zijn geen overschrijdingen geweest en is het drempelbedrag het gehele jaar ongewijzigd gebleven. Onderstaand een overzicht van de aangehouden middelen ten opzichte van het drempelbedrag per kwartaal.
53
Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)
Drempelbedrag
5.245 Kwartaal 1
(3a) = (1) > (2)
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag
(3b) = (2) > (1)
Overschrijding van het drempelbedrag
(2)
5.245 Kwartaal 2
5.245 Kwartaal 3
5.245 Kwartaal 4
1.893
3.334
3.299
3.010
3.351
1.910
1.946
2.235
-
-
-
-
262.238
262.238
262.238
262.238
262.238
262.238
262.238
262.238
-
-
-
-
5.245
5.245
5.245
5.245
(1) Berekening drempelbedrag Verslagjaar (4a) (4b) (4c) (1)=(4b)* 0,02 +(4c)* 0,002 met een minimum van € 1.000.000
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
Drempelbedrag
(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
170.402
303.425
303.488
276.895
90
91
92
92
1.893
3.334
3.299
3.010
54
Te vorderen bedragen zorginstellingen GRJR maakt gebruik van diverse jeugdzorginstellingen om dienstverlening op het gebied van jeugdhulp te verlenen aan inwoners van de regio Rijnmond. Na de verrekening van voorschotten en tussentijdse afrekeningen heeft GRJR een bedrag van € 6,1 mln. te vorderen op verschillende zorginstellingen. Dit bedrag bestaat uit:
Specificatie vorderingen zorginstellingen
op
Bedrag
Vorderingen 2022
€ 4.205.000
Vorderingen 2021
€
Totaal
€ 4.280.000
75.000
Vorderingen 2022 Dit bedrag van ruim € 4,2 mln. en betreft het nog terug te vorderen saldo voor prestaties door zorginstellingen in 2022. Dit is op basis van de voorlopige productieopgaven van de zorgaanbieders. Vorderingen 2021 Dit bedrag van bijna € 0,1 mln. betreft een openstaand bedrag op de balans naar aanleiding van een terugvordering met betrekking tot kortdurende bedden vanuit de jaarrekening 2021. Hier wordt actie op uitgezet om dit af te wikkelen. Overige vorderingen Per jaareinde stond hier een bedrag van € 0,4 mln. bestaande uit drie posten.
55
Liquiditeitsborgen en subsidievorderingen Ultimo 2022 staat er voor € 17,2 mln. open aan liquiditeitsborgen. Dit bedrag is een behoorlijk lager van begin 2022. In 2022 zijn de aanbieders hun betalingsverplichtingen nagekomen conform de afspraken. Het eindsaldo bestaat uit twee delen: 1) Liquiditeitsborgen (€ 14,3 mln.) die zijn verstrekt aan zorgaanbieders die zijn voorgefinancierd vanwege hun penibele liquiditeitspositie. Dit betreffen met name recentere verstrekte liquiditeitsborgen. 2) Daarnaast is er in het totale saldo een onderdeel ad (€ 2,9 mln.) voor openstaand saldo subsidievaststellingen, waarvan JBRR de grootste vormt ad € 2,3 mln. Vooruitbetaalde bedragen Dit bedrag is eind 2022 € 0. Op de beginbalans stond een bedrag ad € 132.000 betreffende een subsidie die in 2021 helemaal is uitbetaald als voorschot, maar voor dit deel betrekking had op de periode januari 2022 t/m april 2022. Transformatiefonds Op de beginbalans 2022 stond nog een bedrag ad € 0,7 mln. dat teruggevorderd moest worden. Reden hiervoor was dat de verstrekte voorschotten vanuit 2021 (en eerder) hoger waren dan de eindafrekeningen transformatiefonds bij een aantal zorgaanbieders. Inmiddels hebben de vaststellingen plaatsgevonden in 2022 en zijn de bedragen teruggevorderd en betaald door de desbetreffende zorgaanbieders. Vandaar dat eindsaldo 2022 € 0 is.
Liquide middelen De liquide middelen bestaan voor de GRJR uit het eindsaldo 2022 van de bankrekening. Deze wordt namens de GRJR beheert door de Gemeente Rotterdam. Het saldo van € 1,6 mln. blijft over na het afromen in kader van de wet Fido / schatkistbankieren.
56
Toelichting op de balans passiva per 31 december 2022
Eigen vermogen en continuïteit Aan de GRJR nemen op dit moment 15 gemeenten deel. Zij delen gezamenlijk in de lasten voor het uitvoeren van deze gemeenschappelijke regeling. Drie gemeenten hebben besloten om hun vanaf 2023 een deel van de jeugdhulp zelf in te kopen, maar wel te blijven participeren in de GRJR. Algemene Reserve De GRJR heeft ultimo 2022 geen algemene reserve. Dit komt omdat GRJR Jeugdhulp namens 15 gemeenten in de regio Rijnmond uitvoert en de lasten verdeelt over de 15 gemeenten. GRJR beoogt geen positief resultaat te hebben. Eventuele tekorten of positieve resultaten worden over de 15 gemeenten verdeeld. Gerealiseerd resultaat In 2022 heeft GRJR een negatief resultaat behaald van € 26,9 mln. Zoals gebruikelijk wordt dit negatieve resultaat verrekend met de deelnemende gemeenten. Het gerealiseerd resultaat is hierdoor nul.
57
Overige schulden Ultimo 2021 staat er voor € 1,1 mln. open aan overige schulden. Dit bestaat uit een crediteurensaldo per 31-12-2022 ad € 0,3 mln. en een saldo ad € 0,8 mln. nog te betalen verplichtingen transformatiesubsidie en betalingen met betrekking tot reserves 2022 die begin 2023 zijn uitbetaald. Te betalen bedragen aan zorginstellingen Hieronder een specificatie van te betalen bedragen aan zorginstellingen ad € 59,2 mln.
Specificatie verplichtingen zorginstellingen Verplichtingen 2022 Verplichtingen 2021 Totaal
op
Bedrag € 55.225.000 € 4.013.000 € 59.238.000
Verplichtingen 2022 Dit bedrag van € 55,2 mln. betreft het nog te betalen bedrag aan zorgprestaties en subsidies aan zorginstellingen in 2022 op basis van de voorlopige productie in de voorlopige jaarrekening 2022. Daarnaast betreft het ook voor een deel de onderdelen onder risico’s Jeugdhulp, te weten nog te betalen coronakosten 2022 (€ 0,6 mln.). Verplichtingen 2021 In 2022 hebben er veel afstemmingen en afwikkelingen plaatsgevonden over de eindafrekening 2021 met betrekking tot RTA en LTA-aanbieders. Er zijn inmiddels begin 2023 nog een aantal eindafrekening 2021 met zorgaanbieders helemaal afgerond. Grootste aandeel heeft Enver in dit openstaande saldo verplichtingen 2021. Deze zorgaanbieder is gedurende het hele jaar 2022 nog bezig geweest met het declareren van zorg over 2021 bij de gemeenten. Daarna moet dit bij de gemeenten allemaal behandeld worden voordat GRJR goedgekeurde declaraties kunnen betalen over 2021. Dit wordt op weekbasis betaalbaar gesteld vanuit GRJR. De late declaraties en daarmee samenhangende behandeling bij gemeenten, zorgt ervoor dat de eindafrekening Enver over 2021 nog niet is afgerond. In de eindafrekeningen 2021 is veel tijd en energie gaan zitten, maar het resulteert wel in een beduidend lagere balansstand eind 2022 over voorgaande jaren dan in de vorige jaarrekening.
58
Gezamenlijke verantwoordelijkheid kinderen en ouders Dit zijn middelen die in 2021 beschikbaar zijn gesteld door het ministerie van Justitie en veiligheid in het kader van inzet door JBRR voor het project: Gezamenlijk verantwoordelijk voor kinderen en ouders. Bedrag van € 83.000 is betaalbaar gesteld aan JBRR en zit saldoneutraal in de jaarrekening 2022 opgenomen aan de lasten en de batenkant. Doorbraak en versterken zorgbemiddeling De kosten worden gedekt uit deze reserve en is dan per saldo neutraal in de jaarrekening. Proeftuin kind en gezinsbescherming Subsidiebedrag van € 0,8 mln. was ontvangen in 2021. In 2022 is hiervoor bijna € 0,2 mln. uitvoering aangegeven. Het project kent een oorspronkelijke einddatum van 31 december 2022, maar aangezien er in de loop van 2022 een koerswijziging heeft plaatsgevonden, heeft het project vertraging opgelopen en is het verlengd tot en met 31 mei 2023. Conform de BBV-voorschriften is het resterende bedrag opgenomen onder de overlopende passiva. Het valt onder de categorie “de van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren”.
Niet uit balans blijkende verplichtingen Onder Niet uit balans blijkende verplichtingen worden die verplichtingen verstaan die in 2022 zijn aangegaan ten behoeve van zorg in 2023 t/m 2028. De totaal in gekochte jeugdhulp GRJR betreft vanaf 2023 nog voor 12 gemeenten in Rijnmond. De gemeenten Maasluis, Vlaardingen en Schiedam (MVS) gaan per 1 januari 2023 alle specialistische jeugdhulp zelf inkopen. In dit kader zijn de meerjarige gunningen voor de inkoop Jeugdzorg 2022 voor de opdrachten A t/m F bij de 7 systeem aanbieders, 7 prestatie aanbieders voor opdracht B, C en E, 3 prestatie voor opdracht D en 2 aanbieders voor jeugdhulpplus. NUBBVVerplichtingen
2023 € Systeemaanbieders 122.666.000 Prestatieaanbieders € B, C en E 6.394.000 Prestatieaanbieders € D 1.315.000 € Jeugdhulpplus 9.407.000 € Totaal 139.782.000
2024 € 122.666.000 € 6.394.000 € 1.315.000 € 6.396.000 € 136.771.000
2025 2026 2027 2028 € € € € 122.666.000 122.666.000 122.666.000 122.666.000 € € € € 6.394.000 6.394.000 6.394.000 6.394.000 € € € € 1.315.000 1.315.000 1.315.000 1.315.000
€ € € € 130.375.000 130.375.000 130.375.000 130.375.000
59
4.6 Wet Normering bezoldiging Topfunctionarissen Met ingang van 2013 is de Wet Normering bezoldiging Topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) van kracht. Hieruit volgt de verplichting om in de jaarrekening 2022 melding te maken van: 1. Alle (gewezen) topfunctionarissen en hun bezoldiging 2. Overige medewerkers in dienst van de gemeente welke de norm overschrijden 3. Uitkeringen wegens beëindiging van het dienstverband van alle topfunctionarissen en van alle andere medewerkers indien deze uitkering de norm overschrijdt. De maximale bezoldiging mag voor een topfunctionaris zonder dienstverband vanaf het tweede jaar niet meer bedragen dan € 216.000 per kalenderjaar (2022) op fulltime basis. In dit bedrag is inbegrepen de beloning, belastbare kostenvergoedingen, voorzieningen voor beloning op termijn (m.n. pensioenpremie). Toetsing aan de norm vindt plaats naar rato van omvang fte en duur dienstverband in het jaar. Voor het toezichthoudend orgaan gelden de volgende maxima: 15% van het maximale bezoldigingsbedrag (= € 32.400) voor de voorzitter en 10% van het maximale bezoldigingsbedrag (= € 21.600) voor de leden. Voor de GRJR is de functie lid van het algemeen bestuur als topfunctionaris aangemerkt binnen de WNT. De leden van het algemeen bestuur zijn genoemd in onderstaande tabel en hebben vanuit de GRJR geen bezoldiging ontvangen.
Ook waren er geen uitkeringen wegens einde dienstverband. In 2022 hebben er gemeenteraadsverkiezingen plaatsgevonden waarvoor er voor en na de verkiezingen (benoemingen vanaf 22 juni 2022) verschillende AB -en DB-leden waren. Dit is dan ook op die manier gepresenteerd in onderstaande tabel.
60
4.7 Gebeurtenissen na balansdatum In het tijdspad van opstellen en vaststellen van de rekening moeten gunstige en ongunstige gebeurtenissen, die nadere informatie geven over de feitelijke situatie per balansdatum, altijd in de jaarrekening worden verwerkt als deze onontbeerlijk zijn voor het inzicht van de gemeenteraad/gebruiker van de jaarrekening bij de vaststelling van de programmarekening. Het gaat dan om gebeurtenissen met materiële bedragen ten opzichte van het totaal van baten en/of lasten. Binnen GRJR is zijn er geen gebeurtenissen na balansdatum die hiervoor van toepassing zijn.
61
Hoofdstuk 5 VASTSTELLINGSBESLUIT
62
5. Vaststellingsbesluit Vastgesteld door het algemeen bestuur van Openbaar Lichaam Jeugdhulp Rijnmond. Rotterdam, 8 september 2023,
S. Hammer
R. Buijt
Secretaris/directeur
Voorzitter
63