CConstaterende datSchiedam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage bij Kaderbrieven gemeenschappelijke regelingen

Raadscommissie 14 april 2021, gemeente SchiedamBij agendapunt: Brieven van het college van burgemeester en wethouders, dan wel de burgemeester, dan wel collegeleden:4.864 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

A. Gemeenschappelijke regelingen met een gemiddeld/hoog en hoog risicoprofiel Jeugdhulp Rijnmond Hoofdlijnen Voor de regeling Jeugdhulp Rotterdam-Rijnmond heeft reeds een zienswijzeprocedure plaatsgevonden waarbij de reactietermijn is gesloten op 13 februari 2021. In de raadsinformatiebrief van 29 januari 2021 (kenmerk 21UIT00461) is de zienswijze op de “Kadernota GRJR 2022” samengevat. De ingediende zienswijze kunt u terugvinden onder kenmerk 21UIT00454. 

In de ontvangen “Kadernota GR JR 2022” staan de voorziene en beoogde beleidsuitgangspunten. Daarnaast staan hierin de financiële uitgangspunten die naar de begroting 2022 vertaald worden. Deze zal in april door het AB van de GRJR worden vastgesteld. Hiervoor volgt later dit voorjaar een aparte zienswijze ronde.

Financiële ontwikkelingen De Kadernota 2022 richt zich op geldende en eerder (bij de Kadernota 2021) afgesproken financiële ambities (met de taakstelling). De taakstellingen voor de jaren 2021 en 2022 zijn volledig ingevuld. De invulling van de taakstelling voor 2023 en 2024 worden nu opgesteld. De financiële taakstelling is opgenomen in de begroting 2021 en doorberekend in de meerjarenraming 2022-2024. Naar verwachting zal de financiële opgave echter groter zijn, omdat overschrijdingen van de budgetten nog onbekend is. Verder wordt in de Kadernota gesproken over de kosten van het inkooptraject voor de GRJR voor de inkoop van de jeugdhulp per 1 januari 2023. In de gesprekken met de GRJR is besproken dat de MVS-gemeenten hier naar rato aan bijdragen, namelijk het gedeelte aan jeugdhulp dat zij nog via de GRJR inkopen. Ontwikkelingen ten aanzien van het takenpakket Belangrijke ontwikkelingen zijn: de verschuiving van de “drang” van de GI’s te verschuiven naar de lokale wijkteams; de wijziging van het woonplaatsbeginsel, de voorbereiding van de nieuwe inkoop en de verdere uitwerking van de transformatieopdracht teneinde een bezuiniging op de Specialistische Jeugdhulp te bewerkstelligen als een belangrijke aspect om de basis in het lokale veld op orde te krijgen.

Een ander belangrijk aspect betreft een gezamenlijke aanpak om jeugdhulp “eerder en zo dichtbij mogelijk” te bieden, waarbij het voeren van regie op casuïstiek, ingezette zorg, afspraken, contracten en financiën, van belang is. Risico’s De uitvoeringskosten van de uitvoeringsorganisatie en het risicopercentage moeten meer gespecificeerd worden en realistischer begroot. Ook zijn er zorgen over de realisatie van de financiële taakstelling voor de komende jaren, terwijl juist benadrukt wordt dat de tekorten oplopen. Wat ook niet is meegenomen, zijn de gevolgen en komende ontwikkelingen van de pandemie (Covid-19) . Beoordeling  Bestuurlijk In het risicoprofiel is eerder vermeld dat de samenwerkingsrelatie moeizaam is. Het hiervoor beschreven verbeterplan en de actuele resultaten leveren het beeld op dat voor alle onderdelen van het verbeterplan en op alle terreinen goede voortgang wordt geboekt. 21UIT01495

Pagina 3 van 14

Financieel Uit het risicoprofiel van de GRJR blijkt dat het financiële risico hoog is. Er zijn geen ontwikkelingen die leiden tot een ander oordeel.

Advies Voor de regeling Jeugdhulp Rotterdam-Rijnmond heeft reeds een zienswijzeprocedure plaatsgevonden waarbij de reactietermijn is gesloten op 13 februari 2021. In de raadsinformatiebrief van 29 januari 2021 (kenmerk 21UIT00461) is de zienswijze op de “Kadernota GRJR 2022” samengevat. Met de voorgestelde zienswijze willen we kenbaar maken dat bij het opstellen van de begroting rekening dient te worden gehouden met het MVS koersmodel en de hierbij horende inkoopstrategie. De ingediende zienswijze kunt u terugvinden onder kenmerk 21UIT00454. Inhoudelijk wordt extra aandacht gevraagd over de gewenste verschuiving naar meer lokaal en vraaggericht aanbod in relatie tot de zorgaanbieders; dit vraagt ook van hen een andere kijk op zorg, ook zij zullen moeten transformeren. Dat vraagt om stevig opdrachtgeverschap. ROGplus Hoofdlijnen Tot de uitbraak van COVID-19 steeg over de hele linie het beroep op Wmo-voorzieningen en diensten. Deze stijging was het gevolg van verschillende factoren, zoals de vergrijzing van de bevolking, het beleid om ouderen langer zelfstandig thuis te laten wonen en de invoering van het abonnementstarief voor de eigen bijdrage. Sinds de ingang van de coronamaatregelen in maart 2020 is de stijging van de zorgvraag gestagneerd. Echter, in perioden dat de maatregelen zijn versoepeld, groeide het beroep op Wmo-voorzieningen.

Voor het opstellen van de ontwerpbegroting 2022 gaat ROGplus uit van het scenario dat in de loop van 2021 de coronamaatregelen worden afgebouwd en dat eind 2021 de zorgvraag weer op het niveau is van vóór de COVID-19-uitbraak, begin 2020. Daarbij wordt aangenomen dat vanaf 2022 de trends in de vraag, zoals zichtbaar waren tot maart 2020, weer van toepassing zijn. Financiële ontwikkelingen  Regiotaxi: aangenomen wordt dat het aantal vervoerde personen en gedeclareerde kilometers in 2022 gelijk is aan 2019. Het tarief wordt jaarlijks opgehoogd met de NEA-Index. Het laatst afgegeven percentage voor de NEA-index is 1,0 %.  Scootmobielen en rolvoorzieningen: het budget in de ontwerpbegroting 2022 is gebaseerd op de werkelijke kosten over 2020, met aanpassing voor nieuwe contractvoorwaarden en 1.1% indexatie. Daarbij is per soort voorziening de verwachte groei berekend op basis van cijfers van het Kenniscentrum MVS.  Woonvoorzieningen: door het gemeentelijke beleid, gericht op het langer zelfstandig thuis wonen, in combinatie met de demografische ontwikkeling in de regio, zal naar verwachting het beroep op woonvoorzieningen toenemen. Conform contract wordt geïndexeerd.  Schoon Huis: in de ontwerpbegroting wordt aangenomen dat in 2022 de groei met een kwart is afgenomen ten opzichte van de trend in 2019.

Dit, omdat de aanzuigende werking van het abonnementstarief minder wordt en er binnen de doelgroep verzadiging optreedt. Voor 2022 wordt een stijging van het uurtarief met 10,0% voorzien. Deze stijging is fors omdat thuiszorgmedewerkers in 2020 en 2021 conform CAO verschillende salarisverhogingen hebben gehad. Deze worden vanaf 2022 verdisconteerd in het uurtarief.

21UIT01495

Pagina 4 van 14

Meedoen in de stad: voor het perceel niet-ouderen is een populatiegebonden budget beschikbaar gesteld. Deze bedragen zijn meerjarig vastgelegd. Voor het perceel ouderen geldt een tarief per cliënt. Het verwachte aantal cliënten is berekend op basis van het aantal cliënten begin 2021 en demografische cijfers van het kenniscentrum MVS. De tarieven worden jaarlijks aangepast met het prijsindexcijfer dat bepaald wordt door de Nederlandse Zorgautoriteit. Voor 2022 is dat vooralsnog ca.3,2 %. Geclusterd Wonen (wonen met begeleiding en hulp in de huishouding): in Schiedam betreft dit de volgende initiatieven: o PlusWonen (Frankeland), o Westvest (Pameijer), o Wonen en Begeleiden (Enver) Per initiatief is de verwachte groei van het aantal cliënten bepaald. Hierbij is rekening gehouden met de maximale capaciteit en de contractueel vastgelegde aantallen cliënten. De tarieven worden jaarlijks aangepast met het prijsindexcijfer dat bepaald wordt door de Nederlandse Zorgautoriteit (vooralsnog 3,2%). Tegemoetkoming meerkosten: de tegemoetkoming meerkosten wordt gecontinueerd, het bedrag blijft gelijk aan 2021 (€100 per regeling). Vanaf 2021 wordt de tegemoetkoming niet meer automatisch verlengd. Eigen bijdrage: het abonnementstarief blijft €19 per maand. Ook de bijdrage van mantelzorgers voor de Aanvullende Algemene Voorziening Schoon Huis blijft €7,50 per uur.

De tarieven voor reizigers worden jaarlijks aangepast zodat deze ongeveer gelijk zijn met de tarieven van regulier openbaar vervoer. Overhead en innovatie: de huisvestingskosten worden in de ontwerpbegroting 2022 gebaseerd op het nieuwe huurcontract. Voorts stijgen loonkosten conform CAO en overige kosten conform (indexatie) afspraken.

Ontwikkelingen ten aanzien van het takenpakket  ROGplus voert administratieve taken uit voor Jeugdhulp en leerlingenvervoer. De kosten hiervoor worden jaarlijks met gemeente afgesproken. Risico’s  Maatregelen COVID-19: onzeker is of coronamaatrelen nog van kracht zijn in 2022. ROGplus acht het geschetste scenario, waarbij de coronamaatregelen in de loop van 2021 worden afgebouwd, als het meest waarschijnlijk.  Ontwikkeling van het aantal cliënten: de verwachte groei is (mede) gebaseerd op basis van demografische cijfers van het Kenniscentrum MVS. Onduidelijk is nog de invloed van de (nasleep van) de coronacrisis op de zorgvraag, bijvoorbeeld op de vraag om begeleiding. Beoordeling  Bestuurlijk De kadernota leidt niet tot wijziging van het risicoprofiel. Beleidsdoelstellingen van de gemeente worden uitgevoerd en de gemeente heeft een goede samenwerkingsrelatie met ROGplus. Daarnaast is de informatievoorziening op orde. 

Financieel Er is geen verandering in het risicoprofiel van ROGplus. In het risicoprofiel is het financiële risico op dit moment als hoog aangemerkt omdat de bijdrage vanuit de gemeente hoger is dan € 500.000 en de gemeente volledig aansprakelijk is voor de kosten. ROGplus heeft immers geen eigen vermogen.

21UIT01495

Pagina 5 van 14

Advies Wij adviseren u om de kaderbrief voor kennisgeving aan te nemen. Op 8 april 2021 wordt de ontwerpbegroting ROGplus 2022 aan de gemeenteraad toegestuurd. Dan is er gelegenheid om eventuele zienswijzen in te dienen. Hierover ontvangt u een voorstel van het college. Op 12 mei 2021 is een bijeenkomst voor de raad waarin de gemeenschappelijke regelingen hun behaalde (financiële) resultaten en verwachtingen toelichten. Stroomopwaarts Hoofdlijnen • De hele doelgroep Participatiewet participeert naar vermogen en met plezier en zijn trots op wat zij doen/bereikt hebben; • Investeren in (arbeids)ontwikkeling; • We streven ernaar dat ondernemers in de regio sociaal ondernemen; • Stabiele vangnetfunctie voor de meest kwetsbare werknemers; • Integrale aanpak op armoede en schulden; • Voorkomen van armoede en schulden is beter dan genezen; • Integraal aanbod bij schuldenproblematiek, ondersteuning van inwoners met schulden is een samenspel met woning coöperaties, de zorgverzekeraar en de wijkteams; • Uitvoering van regelingen voor minima, bij het aanvragen van deze regelingen bieden wij ondersteuning en we brengen de regelingen actief onder de aandacht van inwoners; • Implementatie van de Inburgering nieuwe stijl is per 1 januari 2022 afgerond en Inburgering maakt als programma deel uit van de begroting Stroomopwaarts gericht op integraal inburgeren; • Verdere doorontwikkeling van de

organisatie: efficiënte en effectieve bedrijfsvoering en dienstverlening. Deze ambities heeft Stroomopwaarts in de begroting 2022 vertaald in doelstellingen en wijzen van aanpak via de vier programma’s: 1. Intake en Preventie 2. Inkomensondersteuning 3. Ontwikkeling naar arbeid 4. Ontwikkel-werkbedrijf Bedrijfsvoering wordt uitgewerkt in de paragraaf Bedrijfsvoering. Bijbehorende middelen maken deel uit van de Overhead. Financiële ontwikkelingen  Verdeelsleutel 2022 Voor de kaderbrief en de begroting 2022 wordt de definitieve verdeelsleutel voor 2020 als voorlopig uitgangspunt genomen. In 2022 is er sprake van een voordeel van € 354.000 voor Schiedam. In de loop van 2021 wordt de verdeelsleutel herijkt en volgt er een begrotingswijziging voor 2022.

Maassluis Vlaardingen Schiedam 21UIT01495

2020 Voorlopig 16,06% 38,79% 45,15%

2020 Definitief 16,00% 39,22% 44,78%

Pagina 6 van 14

2021 Voorlopig 16,09% 38,37% 45,54%

2022 Voorlopig 16,00% 39,22% 44,78%

 Indexeringen 2022 De indexering van uitkeringen, lonen WSW en verloning in het kader van de Banenafspraak en beschut werk worden op basis van ervaring door Stroomopwaarts gesteld op 2%. We vragen ons af in hoeverre een dergelijk percentage met zekerheid kan worden vastgesteld. Een percentage van 2% ervaren we als een bovengrens; het gaat hier namelijk om een stijging van € 1,2 miljoen op MVS-niveau: € 400.000 voor het personeel van Stroomopwaarts en € 800.000 voor bijstandsontvangers.  Beroep op bijstandsuitkeringen Vooral kwetsbare groepen worden door de coronacrisis hard geraakt op het terrein van werk, inkomen en participatie. Dat geldt in het bijzonder voor jongeren, flexwerkers, ondernemers met weinig financiële reserves en kinderen in gezinnen die leven rond de armoedegrens. De komende periode zullen dan ook veel inspanningen gericht zijn op het bereiken en ondersteunen van kwetsbare doelgroepen. Het Centraal Planbureau (CPB) heeft aangegeven in 2021 een forse stijging van de werkloze beroepsbevolking te verwachten. Landelijk gaat het om een stijging van tussen de 4 a 5% jaarlijks . Een stijging die pas na verloop van enige jaren weer ingehaald zal zijn. Dit zal de komende jaren leiden tot een hoger beroep op bijstand en ondersteuning bij re-integratie.

 Hogere lasten uitvoering en uitkeringen De stijging van het aantal bijstandsuitkeringen zal zich ook vertalen in hogere lasten voor de uitvoering van de Participatiewet en Schuldhulpverlening alsmede hogere uitkeringslasten. Stroomopwaarts geeft aan dat de gemeenten hiervoor gecompenseerd worden via de gebundelde doeluitkering BUIG en het gemeentefonds. Maar dit is onzeker; we weten niet wat de definitieve beschikking BUIG voor de periode 2021 en 2022 zal zijn en hebben daardoor onvoldoende zicht of de compensatie voldoende is.  Transitie Hosting De eventuele gevolgen van de transitie Hosting zijn nog niet inzichtelijk en worden nog niet verwerkt in de ontwerpbegroting Stroomopwaarts voor 2022. Wanneer de hostingsactiviteiten naar Stroomopwaarts overkomen, leidt dit tot een begrotingswijziging. Ontwikkelingen omtrent het takenpakket • Wijziging Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) Gemeenten krijgen per 2021 de mogelijkheid om gegevens van burgers met betalingsachterstanden in een vroeg stadium uit te wisselen met woningcorporaties, energieen drinkwaterbedrijven en zorgverzekeraars. Hierdoor krijgen gemeenten mensen met schulden tijdig in beeld en kunnen zij schuldhulpverlening aanbieden. Deze wetswijziging betekent een uitbreiding van de gemeentelijke taak op het gebied van vroegsignalering. Stroomopwaarts verzoekt om formatie ten behoeve van de uitvoering.

Met deze formatie kan bij samenloop van signalen op huisbezoek worden gegaan. De extra middelen armoede en schulden (zie volgend punt ‘Incidentele rijksmiddelen’) die thans vanuit het Rijk komen wenst Stroomopwaarts hier (ten dele) voor in te zetten. In de eerste begrotingswijziging 2021 worden de gevolgen verwerkt en Rijksmiddelen uit de decembercirculaire van 2020 benut en maakt de wijziging onderdeel uit van de begroting 2022 Stroomopwaarts. 

Decembercirculaire Gemeentefonds 2020 Extra inzet ter bestrijding gevolgen coronacrisis – Armoede en Schulden & Reintegratie

21UIT01495

Pagina 7 van 14

Als onderdeel van het steun- en herstelpakket stelt het kabinet in 2020 en 2021 extra middelen beschikbaar voor het gemeentelijk schuldenbeleid en de bijzondere bijstand, gelet op de voorziene toename van de armoede- en schuldenproblematiek. Deze extra middelen stellen gemeenten in staat om hun inwoners waar nodig van dichtbij te blijven ondersteunen. In zowel de gemeente Schiedam als in gemeente Vlaardingen is er een motie ingediend voor de oprichting van een lokaal Schuldenlab. Voor 2021 is dekking gevonden binnen de extra incidentele rijksmiddelen uit de Decembercirculaire 2020. In 2022 en 2023 zal een bedrag van jaarlijks € 100.000 worden opgenomen in de reguliere begroting. Dit ten behoeve van de realisatie van een lokaal Schuldenlab. Tevens stelt het kabinet in 2020 en 2021 extra middelen voor de re-integratie van bijstandsgerechtigden beschikbaar. Gemeenten ontvangen deze extra middelen zodat zij de reguliere dienstverlening op peil kunnen houden nu de instroom in de bijstand toeneemt. Daarnaast ontvangen gemeenten in 2021 een tijdelijke impuls voor re-integratie die gemeenten in staat stelt om de dienstverlening aan mensen die nu als gevolg van de crisis de bijstand instromen te intensiveren.

Stroomopwaarts benoemt in de Kaderbrief dat de doorwerking van deze extra middelen in de decembercirculaire 2020 (armoede en schulden, re-integratie) worden betrokken bij de begroting 2022. Echter, voor re-integratie én schuldhulpverlening zijn voor 2022 middelen gereserveerd door het Rijk, maar over de toekenning en precieze verdeling vindt nog overleg plaats. In de loop van 2021 komt hier nadere informatie over richting de gemeenten. We adviseren om de uitkomst hiervan af te wachten en pas dan na te gaan hoe deze middelen effectief in te zetten. • Financiering van Loonkostensubsidie op basis van realisatie Naar verwachting heeft de nieuwe financiering een negatief effect op het toegekende rijksbudget voor de MVS-gemeenten. Dit is voor Schiedam een nadeel van 113K. • Inburgering nieuwe stijl In 2022 krijgen gemeenten de regie op de nieuwe Wet inburgering. Gemeenten gaan inburgeringstrajecten inkopen en inburgeraars een traject op maat aanbieden. Stroomopwaarts draagt bij aan de doelstellingen van de wet door inburgeraars te begeleiden richting werk, onderwijs of participatie en de begeleiding richting financiële zelfredzaamheid. In het Regionaal Bestuurlijk Overleg MVS is besloten om de uitvoeringsregie van de Inburgering nieuwe stijl in principe te beleggen bij Stroomopwaarts. De concretisering van deze regeling wordt momenteel projectmatig uitgewerkt.

Na besluitvorming verwerkt Stroomopwaarts de Inburgering als nieuw programma in een begrotingswijziging. •

Overige ontwikkelingen vanuit het Rijk: o TONK: Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten voor huishoudens die door omstandigheden in ernstige financiële problemen dreigen te komen waarbij eerdere steunmaatregelen onvoldoende/geen uitkomst bieden. Het gaat hier niet alleen om zelfstandigen, maar ook voor andere burgers. Zij kunnen aanspraak doen op extra ondersteuning vanuit de Bijzondere Bijstand. o Toeslagenproblematiek Kinderopvang: Stroomopwaarts verzorgt de integrale toegang tot het meldpunt toeslagenaffaire, waar gedupeerde ouders zich kunnen melden voor ondersteuning en begeleiding van de gemeente.

21UIT01495

Pagina 8 van 14

Risico’s In de kaderbrief heeft Stroomopwaarts een aantal aanvullende risico’s opgenomen. Hieronder een opsomming:  Hoger beroep op bijstand en ondersteuning bij re-integratie COVID-19 brengt onzekerheid met zich mee. Het is maar zeer de vraag of de COVID-19 crisis in 2021 (of mogelijk in 2022) uitgedoofd is. De verwachting is dat het zeker nog wel een tijd gaat duren. De effecten van de crisis zullen zolang deze actueel is zwaar drukken op de organisatie en de uitvoering van Stroomopwaarts. Zo is de verwachting dat de instroom in de bijstand en de ondersteuning bij re-integratie zal toenemen. Pas in 2023 voorziet Stroomopwaarts een daling in het uitkeringsbestand. Als deze ontwikkeling werkelijkheid wordt zullen de kosten voor uitkeringen, loonkostensubsidie, maar ook van job coaching de komende jaren flink stijgen. • Formatie ambtelijk op 1 januari 2021 De ambtelijke formatie per 1 januari 2021 bedraagt 321,67 (inclusief ID-banen). Dat aantal zal door Stroomopwaarts ook worden gehanteerd in de begroting 2022. De extra capaciteit als gevolg van de stijging van het aantal bijstandsuitkeringen zal flexibel worden begroot en ingezet. De vraag is hoe groot deze flexibele schil zou moeten zijn en waar de deelnemende gemeenten mee rekening dient te houden. Beoordeling  Bestuurlijk De kaderbrief leidt op dit moment niet tot een wijziging van het risicoprofiel. 

Financieel De kaderbrief geeft geen aanleiding om het huidige risicoprofiel (hoog) te wijzigen.

Advies Wij adviseren u om de kaderbrief voor kennisgeving aan te nemen. De raden van de deelnemende gemeenten worden in de gelegenheid gesteld om bij het dagelijks bestuur van Stroomopwaarts hun zienswijze over de ontwerpbegroting 2022 naar voren te brengen. Het dagelijks bestuur voegt de commentaren waarin deze zienswijze is vervat bij de ontwerpbegroting, zodat deze aan het algemeen bestuur wordt aangeboden.

21UIT01495

Pagina 9 van 14

B. Overige gemeenschappelijke regelingen Metropoolregio Rotterdam Den Haag Hoofdlijnen In de kadernota MRDH begroting 2022 staan de uitgangspunten voor de begroting 2022 van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag. De autorisatie van de begroting wordt op niveau van de drie programma’s gedaan: 1. Infrastructuur verkeer en openbaar vervoer (VA) 2. Exploitatie verkeer en openbaar Vervoer (VA) 3. Economisch Vestigingsklimaat (EV) De eerste twee programma’s betreffen de wettelijke taak verkeer en vervoer. Het derde programma betreft de taak economisch vestigingsklimaat. Het strategisch kader van de MRDH begroting 2022 bestaat uit de doelen voortkomend uit de Strategische Agenda MRDH 2022 (vastgesteld door het AB op 12 juli 2019) en de daaraan gekoppelde programma’s. Uitgangspunt:  Kaderbrief begroting 2022 Gemeenschappelijke Regelingen  Brief namens colleges van 9 MRDH gemeenten, waarin financiële uitgangspunten voor de GR-en zijn opgenomen.  Brief Tussenstand regionaal Transitieprogramma OV en corona Kader voor overbesteding BDU-middelen bedraagt maximaal drie achtereenvolgende kalenderjaren. De meest recente inzichten in de meerjarenraming op basis van de huidige projectenportefeuille laten zien dat er meerjarig sprake is van een positief saldo. Dit positieve saldo is onvoldoende om alle ambities uit de Uitvoeringsagenda Bereikbaarheid te kunnen realiseren.

De ontwikkeling van het financiële meerjarenbeeld BDU tot en met 2030 - als instrument ter ondersteuning bij het nemen van investeringsbeslissingen - moet het gesprek in de bestuurs- en adviescommissie Vervoersautoriteit over de keuzemogelijkheden en de financiële consequenties voor de lange termijn gaan faciliteren. Voorstellen die de begroting raken worden geagendeerd in het algemeen bestuur. Financiële ontwikkelingen Het openbaar vervoer, één van de kerntaken van de MRDH, is door de Covid-19 pandemie hard geraakt. Afspraken tussen het Rijk, decentrale overheden en vervoerders hebben in 2020 geleid tot een Beschikbaarheidsvergoeding voor het jaar 2020. Deze Beschikbaarheidsvergoeding wordt door het Rijk verlengd tot 1 juli 2021. Voor de periode van 1 juli tot en met 31 december 2021 biedt het Rijk perspectief op een aanvullende verlenging op basis van een Transitieprogramma. Uitgangspunt is het OV-systeem, in de sterk gewijzigde kortere termijn context, op een goed niveau voor de reizigers van nu te houden en om te zorgen dat het OV-systeem naar de toekomst (weer) een goede rol kan pakken in het mobiliteitsaanbod in relatie tot verstedelijking, verduurzaming en leefbaarheid. Bestuurlijke keuzes zullen noodzakelijk zijn om te blijven zorgen voor financieel gezonde en toekomstbestendige vervoersbedrijven.

De kadernota gaat uit van een gelijkblijvende structurele inzet van middelen voor de exploitatie van het openbaar vervoer ten opzichte van de MRDH begroting 2021.

21UIT01495

Pagina 10 van 14

De colleges van de overige 14 MRDH gemeenten (Rotterdam-Rijnmond gemeenten) hebben besloten de voorgestelde indexeringsmethode voor hun gemeenschappelijke regelingen te wijzigen. Voortaan geven zij net als de Haaglanden gemeenten een gewogen indexpercentage af. Deze methode sluit beter aan op de methode die de overige MRDH gemeenten hanteren maar wijkt nog wel af in de wegingsmethode. De gemeenten sluiten zich voor de MRDH daarom aan bij de tot nu toe gehanteerde indexeringsmethodiek en geven geen apart indexeringskader mee aan de MRDH (bijlage 3 in de kadernota). Op basis van de gemeentelijke kaderstelling stijgt de inwonerbijdrage voor het programma Economisch Vestigingsklimaat met € 0,05 van € 2,72 in de begroting 2021 naar € 2,77 in de begroting 2022. Ontwikkelingen ten aanzien van het takenpakket Geen bijzondere ontwikkelingen. Risico’s De in de begroting 2021 onderkende risico’s en bijbehorende weerstandscapaciteit vormen het uitgangspunt voor de begroting 2022. Zoals ook verzocht in de kaderbrief van de MRDHgemeenten (bijlage 2) en in lijn met de begroting 2021, worden de geïnventariseerde risico’s gekwantificeerd.

Conform het BBV dienen de volgende kengetallen aan de paragraaf weerstandsvermogen en risico’s te worden toegevoegd (inclusief de beoordeling van de onderlinge verhouding tussen de kengetallen in relatie tot de financiële positie): 1a netto schuldquote; 1b netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen; 2 solvabiliteitsratio; 3 grondexploitatie; 4 structurele exploitatieruimte. Beoordeling  Bestuurlijk Bestuurlijk gezien blijft het risicoprofiel wat betreft Vervoersautoriteit laag. Er zijn geen ontwikkelingen die leiden tot een ander oordeel. Bestuurlijk gezien blijft het risicoprofiel wat betreft Economisch Vestigingsklimaat hetzelfde. Er is sprake van een laag risico. Voor de toelichting wordt verwezen naar het document Risicoprofiel MRDH d.d. 26 februari 2019.  Financieel Risicoprofiel wordt vooralsnog geactualiseerd en aangevuld in lijn met begroting 2021. Covid19 geeft in de periode tot 2030 een mogelijk forse extra financiële opgave. De transitieprogramma’s die in maart aan het Rijk worden aangeboden geven inzicht in de risico’s en de beheersing ervan op de korte en langere termijn. De beheersmaatregelen werken echter mogelijk ook door op de gemeentelijke financiering via derving van subsidies (voor infraprojecten) en/of verschuiving van vervoervraag richting het sociale domein. Dit inzicht is er op dit moment nog onvoldoende.

21UIT01495

Pagina 11 van 14

Financieel gezien is het risico wat betreft Economisch Vestigingsklimaat laag. Dit omdat het weerstandsvermogen van de MRDH voor wat betreft de EV taken voldoende is. De financiële bijsturing van MRDH-EV is hoog. Mochten er financiële problemen zijn, dan kunnen projecten worden stopgezet. Advies Wij adviseren u om de kaderbrief voor kennisgeving aan te nemen, maar hierbij nadrukkelijk oog te hebben voor de financiële risico’s die volgen uit de coronamaatregelen en het transitieprogramma OV binnen MRDH. Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond Hoofdlijnen De Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond (VRR) is sinds de oprichting in 2006 sterk gefocust op fysieke veiligheid. Het takenpakket van de VRR is zoals eerder al aangegeven in de afgelopen jaren door een aantal ontwikkelingen sterk verbreedt o.a. vanwege de aanscherping van de industriële veiligheid, het langer zelfstandig wonen van ouderen en andere maatschappelijke ontwikkelingen. Vanwege de COVID-19 pandemie is de vorig jaar aangekondigde bestuurlijke conferentie “ontwikkelagenda van de VRR’ uitgesteld tot het voorjaar 2021. Financiële ontwikkelingen De begroting 2022 is conform het afgesproken accres met 1,9% verhoogd waarbij de bijdrage wordt berekend op basis van het aantal inwoners per 1-1-2020. Deze inwonersbijdrage wordt zoals gebruikelijk bij de 1e begrotingswijziging 2022 bijgesteld naar het inwonersaantal per 1-12021.

Ontwikkelingen ten aanzien van het takenpakket In de afgelopen jaren zijn er diverse taken vanuit het Rijk naar de Veiligheidsregio gegaan waarbij niet altijd de financiering is meegekomen. Daarnaast wordt er door het Algemeen Bestuur van de VRR nadrukkelijk gekeken naar de financiering, taken en de doorontwikkeling van de VRR. De bestuurlijke conferentie ontwikkelagenda VRR zal dit voorjaar plaatsvinden en mogelijk consequenties hebben voor het ambitieniveau, het takenpakket van de VRR en de financiering hiervan. Risico’s De huidige risico’s, voorzieningen en (bestemmings)reserves zijn opnieuw herijkt. De huidige weerstandscapaciteit is voldoende om de risico’s op te vangen. Beoordeling  Bestuurlijk Bestuurlijk blijft het risicoprofiel van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond laag 

Financieel De kaderbrief geeft nog geen aanleiding het huidige risicoprofiel te wijzigen, mogelijk dat de uitkomsten van de ontwikkelagenda VRR later dit jaar aanleiding geven tot een wijziging in de bijdrage die Schiedam levert aan de Veiligheidsregio. Op basis hiervan kan in 2022 een verhoging van de inwonerbijdrage worden verwacht.

21UIT01495

Pagina 12 van 14

Advies Wij adviseren u om de kaderbrief voor kennisgeving aan te nemen. De financiële en beleidsmatige kaders wijken niet af van de begroting 2021. Op 7 april 2021 zal de conceptbegroting 2022 in het Algemeen Bestuur van de VRR worden behandeld. Daarna zal deze voor zienswijzen aan de gemeente worden gezonden. GGD Rotterdam-Rijnmond De GGD heeft geen kaderbrief aangeleverd. De GGD heeft hierbij aangegeven dat de juiste gegevens voor de begroting nog niet beschikbaar zijn en discussies over inhoudelijke kaders nog lopen. De ontwerpbegroting van de GGD zal voor 15 april 2021 worden ontvangen waarbij uw raad in de gelegenheid wordt gesteld om een eventuele zienswijze kenbaar te maken. DCMR Milieudienst Rijnmond Hoofdlijnen In de DB vergadering van 16 februari 2021 van de DCMR zijn de uitgangspunten voor de begroting 2022 van de DCMR vastgesteld. Voor het structurele financiële kader van de gemeenten wordt rekening gehouden met een indexering van + 1,9 % op de werkplanbijdragen overeenkomstig de indexeringsbrief voor gemeenschappelijke regelingen die door de gemeenten aan de DCMR is gestuurd. Het structureel kader van de provincie Zuid Holland wordt met 1,52 % geïndexeerd op basis van de kaderbrief van de provincie. De prijsindexering van de provincie Zeeland voor de uitvoering van de BRZO taken in Zeeland is nog niet bekend.

De provincie beslist hier pas in een later stadium over. Vooralsnog wordt de bijdrage van de provincie Zeeland niet geïndexeerd. De totaal begroting van de DCMR is ong. 70 miljoen. Aandeel Schiedam in 2021 is 1,3 miljoen (1,9 %). Financiële ontwikkelingen In de begroting 2022 DCMR wordt als uitgangspunt genomen dat de Omgevingswet binnen de financiële kaders wordt ingepast. De invoering van de omgevingswet heeft daarnaast een verschuiving van taken c.q. budget tot gevolg van provincie Zuid Holland naar gemeenten. De omvang hiervan wordt nog onderzocht en is vooralsnog niet meegenomen in de financiële kaders van de participanten. De DCMR voorziet voortdurende noodzaak tot het uitvoeren van projecten om de bedrijfsvoering up-to-date te houden. In het AB van december 2019 is besloten vanaf 2021 € 1 miljoen in te passen in de exploitatiebegroting. Vooralsnog is het de bedoeling dat dit geen extra bijdrage betekent voor alle participanten. De bijdragen van participanten in de meerjarenraming zijn vanwege onzekere vooruitzichten bij de overheid en overeenkomstig voorgaande jaren geïndexeerd met een percentage van 0%. De, door het AB DCMR, vastgestelde systematiek voor bepaling van de uurtarieven van de DCMR vormt de basis voor de financiële vertaling van uren naar geld.

In de DB vergadering van 8 april 2021 wordt de tariefstelling vastgesteld, rekening houdend met de kostenontwikkeling die voor 2022 wordt voorzien. Ontwikkelingen ten aanzien van het takenpakket Op basis van het in november 2020 gepubliceerde Besluit activiteiten leefomgeving (BAL) als onderdeel van de Omgevingswet dienen er taken op het werkgebied van bodem ondergebracht te worden bij de DCMR. Een deel van de taken voert de gemeente nu zelf uit. Er zullen in 2021 gesprekken gevoerd worden met de DCMR hoe dit vorm kan worden gegeven.

21UIT01495

Pagina 13 van 14

Risico’s De inwerkingtreding van de Omgevingswet is voorlopig voorzien op 1 januari 2022. Welke kosten hier voor bij de DCMR gemoeid zijn is nog onzeker. De DCMR gaat er vooralsnog vanuit dat de invoering van de Omgevingswet geen nadelig effect op de hoogte van de totale begroting 2022 zal hebben en binnen het totale financieel kader zal kunnen worden ingepast. Wanneer de Omgevingswet is ingevoerd zal de DCMR de (financiële) impact hiervan op haar bedrijfsvoering nauwgezet monitoren. Vooralsnog is er geen aanleiding om het huidige risicoprofiel aan te passen. Beoordeling  Bestuurlijk Gelet op het risicoprofiel zijn er geen wijzigingen in de beoordeling van de criteria. Het bestuurlijke risico is laag/gemiddeld. Het bestuurlijke risico hoeft niet te worden aangepast.  Financieel Gelet op het risicoprofiel zijn er geen wijzigingen in de beoordeling van de criteria. De jaarlijkse kosten voor de uitvoering van de taken door de DCMR in 2022 bedraagt vooralsnog € 1.405.000 ( inclusief indexatie 1,9%). De financiële risico’s zijn gemiddeld, maar de bedragen zullen waarschijnlijk laag zijn aangezien er ook een verdeling naar ratio over alle deelnemers zal worden vastgesteld. Het financiële risico hoeft niet te worden aangepast. Advies Wij adviseren u om de kaderbrief voor kennisgeving aan te nemen.

Na ontvangst van de ontwerpbegroting is er gelegenheid voor het indienen van eventuele zienswijzen. Regionale Belasting Groep De Regionale Belasting Groep heeft nog geen kaderbrief aangeleverd. Dit heeft te maken met de besluitvorming en vaststelling van de kaderbrief binnen de RBG, welk proces niet aansluit op de interne planning van de gemeente Schiedam. Er wordt bij de RBG gekeken naar het anders inrichten van het proces, zodat volgend jaar wel tijdig een kaderbrief kan worden ontvangen.

21UIT01495

Pagina 14 van 14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9873077/1