Bijlage 7 Deelprogramma Klimaatadaptatie Schiedam 2026
Tekst van het document
Figuur 5.1: IUPB-projecten in de binnenstad (Defacto, op basis van Nelen & Schuurmans) Omgevingsprogramma Klimaat Schiedam 2026 | Deelprogramma Klimaatadaptatie
28
Vooroorlogse stadswijken: Schiedam-Zuid Uitvoeringsmaatregelen wateroverlast en droogte In het midden van de wijk Schiedam-Zuid is zowel wateroverlast- als droogteproblematiek. Hierdoor zijn versnelde verzakking van panden en funderingsschade een groot probleem. De uitdaging is om de wateroverlast bij hevige neerslag te verminderen en tegelijk de grondwaterstand beter te beheersen in tijden van droogte. Dit kan bijvoorbeeld worden bereikt door meer regenwater te laten infiltreren. Verschillende boven- en ondergrondse maatregelen om de wateroverlast rondom de Groenelaan en Strijensestraat te voorkomen zijn mogelijk. Een belangrijke maatregel voor deze wijk is het inrichten van de Groenelaan als een waterbergende straat. Ook het inrichten van Wilhelminaplein en Rozenburgplein voor waterberging zijn geschikte maatregelen. Beide pleinen bevinden zich namelijk in de directe omgeving van het gebied dat wateroverlast ondervindt. De volgende uitvoeringsmaatregelen worden geselecteerd voor wateroverlast en droogte, waarbij het werk kan worden gecombineerd met regulier werk in de IUBP-projectgebieden (Figuur 5.2): •
•
•
Zeven bovengrondse waterbergingen, waar mogelijk in combinatie met afkoppelen, DIT -riolering en een groene koelteplek: Nieuwe Maasstraat, projectgebied 32 Rozenburgplein, projectgebied 32 Plein tussen de Ridderkerksestraat en de Lekstraat, projectgebied 32 Kruising Oude Maasstraat-Abbenbroekstraat, projectgebied 33 Kruising Visserstraat-Dwarsstraat, projectgebied 30 Wilhelminaplein, projectgebied 30 Grevelingenplein, projectgebied 30 Twee bovengrondse waterbergingen, waar mogelijk in combinatie met afkoppelen en DIT-riolering: Tijdelijke waterberging in het profiel van de Groenelaan, projectgebied 30. In de zuidwesthoek van de IJsselmondestraat, waar nu geparkeerd wordt, projectgebied 33. Een ondergrondse waterberging bij de parkeerplaats van de flats in het oosten van Zuid, projectgebied 37, waar mogelijk in combinatie met afkoppelen en DIT-riolering.
Uitvoeringsmaatregelen groen en koelte In het westelijke deel van Schiedam-Zuid ontbreken nog koele verblijfsplekken. De zeven bovengrondse waterbergingen met koelteplek op de verschillende pleinen (hierboven benoemd) bieden extra koelte aan inwoners. Aanvullend wordt gekozen voor de volgende uitvoeringsmaatregelen voor groen en koelte, waarbij het werk wordt gecombineerd met regulier werk in de IUBP-projectgebieden: •
•
Drie extra koele plekken op loopafstand om koelte binnen 300 meter te krijgen: Rozenburgerplein, projectgebied 32, Nieuwe Maasstraat/Voornsestraat, projectgebied 33, Visserstraat/Dwarsstraat/ Zalmstraat, projectgebied 30. Het creëren van extra schaduw op de fiets- en looproutes van de Lekstraat, projectgebieden 33 en 34, Groenelaan, projectgebied 30 en Nieuwe Maasstraat, projectgebied 32.
Onderzoek, samenwerking en stimulering De mogelijkheden om het Park Maasboulevard te verbinden met het Volkspark tot een samenhangende parkenroute worden onderzocht. Deze verbinding kan niet alleen zorgen voor een aantrekkelijkere wandel- en fietsroute, maar draagt ook bij aan een robuuster groen netwerk binnen de stad. Een doorgaande parkenroute verbetert de toegankelijkheid van het groen voor bewoners en bezoekers, stimuleert recreatie en draagt bij aan een gezonde leefomgeving. Daarnaast worden de kansen in kaart gebracht voor het realiseren van groene verbindingen tussen de Nieuwe Plantage en Schiedam-Zuid, evenals tussen de singels van de Stadhouderslaan en Schiedam-Zuid. Deze verbindingen moeten bijdragen aan een beter samenhangend stedelijk groenstructuur, waarin parken, plantsoenen en singels met elkaar in contact staan. Met deze onderzoeken wordt gestreefd naar het versterken van de stedelijke groenstructuur, het verbeteren van de leefkwaliteit en het vergroten van de klimaatadaptiviteit. Groene routes maken het voor bewoners eenvoudiger om zich veilig en prettig door de stad te verplaatsen, en zorgen tegelijk voor verkoeling, wateropvang en een aantrekkelijk stadsbeeld.
Omgevingsprogramma Klimaat Schiedam 2026 | Deelprogramma Klimaatadaptatie
29
Figuur 5.2: IUPB-projecten in Schiedam-Zuid (Defacto, op basis van Nelen & Schuurmans)
Vooroorlogse stadswijken: Schiedam-West Uitvoeringsmaatregelen wateroverlast en droogte In de afgelopen jaren is er veel geïnvesteerd in de oostzijde van Schiedam-West. De waterbergingen die vanuit de analyse naar voren zijn gekomen zijn inmiddels gerealiseerd in de Westfrankenlandsestraat en Sint Liduinastraat. In het westen van de wijk ligt nog een opgave. De volgende uitvoeringsmaatregelen voor wateroverlast en droogte zijn geselecteerd, waarbij het werk wordt gecombineerd met regulier werk in de IUBP-projectgebieden (Figuur 5.3): •
Een bovengrondse waterberging in combinatie met DIT-riolering en een koelteplek ter plaatse van Simon Rijnbendestraat-Burgemeester van Haarenlaan, projectgebied 15.
In Schiedam-West ontstaat bewustwording doordat er verschillende particuliere initiatieven zichtbaar zijn. Daarnaast is het afkoppelen van de vooroorlogse panden een intensieve opgave, die niet altijd haalbaar is.
Uitvoeringsmaatregelen groen en koelte In het midden van de wijk Schiedam-West zijn te weinig koele plekken. De volgende uitvoeringsmaatregelen voor groen en koelte zijn geselecteerd, waarbij het werk wordt gecombineerd met regulier werk in de IUBP-projectgebieden: Het creëren van extra koele plekken door het planten van bomen en bankjes bij: • • •
Rubensplein (Burgemeester Knappertlaan, projectgebied 19 Nabij wijkcentrum de Erker, projectgebied 25 Natuurspeeltuin Oranjeburg, projectgebied 21
Het creëren van extra groen en koelte op fiets- en wandelroutes en verbinden groenstructuren langs de volgende wegen:
Omgevingsprogramma Klimaat Schiedam 2026 | Deelprogramma Klimaatadaptatie
30
• • • • •
Rembrandtlaan, projectgebied 27 Aleidastraat, projectgebieden 38, 24 en 25 Arij Prinslaan, projectgebied 246 Rubenslaan, projectgebied 246 en 19 Burgemeester Knappertlaan, projectgebied 19
Onderzoek, samenwerking en stimulering De kansen voor het versterken van het Singelpark met meer groen en verblijfsplekken worden onderzocht. Ook worden kansen onderzocht voor vergroening van de buitenrand van de Vesten. De gemeente Schiedam stimuleert groen-blauwe schoolpleinen ter plaatse van Frans Halsplein, projectgebied 27.
Figuur 5.3: IUPB-projecten in Schiedam-West (Defacto, op basis van Nelen & Schuurmans)
Vooroorlogse stadswijken: Schiedam-West Uitvoeringsmaatregelen wateroverlast en droogte In Schiedam-Oost is in de afgelopen jaren al op een aantal plekken afgekoppeld en zijn er onder- en bovengrondse waterbergingen aangelegd. Om het gemengde stelsel verder te ontlasten wordt de Buijs Ballotsingel afgekoppeld, in combinatie met waterdoorlatende verharding en DIT-riolering voor een goede grondwaterbeheersing. Het creëren van een extra waterberging in het Marconiplantsoen in combinatie met een speeltuin.zorgt ervoor dat de wateroverlast ter hoogte van de Eerste Tuinsingel wordt verminderd. Dit wordt eveneens gecombineerd met een DIT-riolering. De volgende uitvoeringsmaatregelen voor wateroverlast en droogte worden geselecteerd, waarbij het werk wordt gecombineerd met regulier werk in de IUBP-projectgebieden (Figuur 5.4): • •
Afkoppelen Buijs Ballotsingel, projectgebied 100 Een bovengrondse waterberging in combinatie met een koelteplek ter plaatse van het Marconiplantsoen, projectgebied 220
Omgevingsprogramma Klimaat Schiedam 2026 | Deelprogramma Klimaatadaptatie
31
Uitvoeringsmaatregelen groen en koelte In de omgeving van de Villastraat en Oosterstraat zijn te weinig groene koele plekken. Ook is het van belang om in Oost de bestaande groene structuren te verbinden. De volgende uitvoeringsmaatregelen voor groen en koelte worden geselecteerd, waarbij het werk wordt gecombineerd met regulier werk in de IUBP-projectgebieden: •
•
Het creëren van 3 extra groene koele plekken bij: Stadserf, projectgebied 220 Stationsplein, projectgebied 100 Marconiplein, projectgebied 223 Het creëren van extra groen en koelte op fiets- en wandelroutes en verbinden groenstructuren: Overschiesestraat, projectgebied 219 Buitenhavenweg, projectgebied 35 Boerhaavelaan, projectgebied 100 Lorentzlaan, projectgebied 223 Van Deventerstraat, projectgebied 215
Onderzoek, samenwerking en stimulering De mogelijkheden voor een klimaatadaptatieve Broersvest en Rotterdamse Dijk en het creëren van een extra koele plekken met waterbergingen op kansrijke locaties worden onderzocht (o.a. bij de Stationsstraat). Daar waar geen ruimte is voor bomen stimuleert de gemeente Schiedam haar inwoners om hemelwater af te koppelen van het riool, gevels te vergroenen en groene daken aan te leggen. Ook stimuleert de gemeente de aanwezige scholen (o.a. Kaleidoscoop) en de woningcorporatie (binnentuinen Kamerlingh Onnesstraat-Villatraat) om te vergroenen, in combinatie met waterberging.
Figuur 5.4: IUPB-projecten in Schiedam-Oost (Defacto, op basis van Nelen & Schuurmans) Omgevingsprogramma Klimaat Schiedam 2026 | Deelprogramma Klimaatadaptatie
32
Wederopbouw: Nieuwland Uitvoeringsmaatregelen wateroverlast en droogte In Nieuwland zijn weinig panden kwetsbaar voor wateroverlast in Nieuwland, maar er zijn wel veel onbegaanbare wegen. Een van de locaties voor bovengrondse waterberging is de Van der Duyn van Maasdamstraat. Dit is een kwetsbare weg, waarmee deze waterberging ervoor zorgt dat de weg zijn eigen broek ophoudt. Voor de rest van Nieuwland zijn geen grote knelpunten voor wateroverlast. De volgende uitvoeringsmaatregel voor wateroverlast en droogte wordt geselecteerd, waarbij het werk wordt gecombineerd met regulier werk in de IUBP-projectgebieden (Figuur 5.5): •
Een bovengrondse waterberging in combinatie met een koelteplek bij de Van der Duyn van Maasdamstraat, projectgebied 54
Uitvoeringsmaatregelen groen en koelte In Nieuwland zijn voldoende groene koele plekken, maar de fiets- en wandelroutes hebben nog onvoldoende groen en schaduw. De volgende uitvoeringsmaatregelen voor groen en koelte wordt geselecteerd, waarbij het werk wordt gecombineerd met regulier werk in de IUBP-projectgebieden: •
Het creëren van extra groen en koelte op fiets- en wandelroutes en het verbinden van groenstructuren langs de volgende straten: Troelstralaan, projectgebied 50 Nolenslaan, projectgebied 56 Parkweg, projectgebied 81 Jan van Zutphenstraat, projectgebied 84
Onderzoek, samenwerking en stimulering De gemeente onderzoekt de kansen voor het versterken van de singelstructuur met groen, verblijfsplekken en toegankelijke wandelroutes naar de singel. Hierin wordt ook het onderzoek naar extra waterberging en het verbeteren van de waterkwaliteit meegenomen. De gemeente stimuleert scholen en woningcorporaties in het vergroenen van het eigen terrein. Ook wordt een groene inrichting van de vele platte daken gestimuleerd.
Figuur 5.5: IUPB-projecten in Nieuwland (Defacto, op basis van Nelen & Schuurmans) Omgevingsprogramma Klimaat Schiedam 2026 | Deelprogramma Klimaatadaptatie
33
Wederopbouw: Groenoord Uitvoeringsmaatregelen wateroverlast en droogte In de wijk Groenoord zijn verschillende locaties met risico op wateroverlast in panden, vooral in het noordoosten ter plaatse van de Mozartlaan en de ontwikkeling van de Hof van Spaland. De volgende uitvoeringsmaatregelen voor wateroverlast en droogte zijn geselecteerd, waarbij het werk wordt gecombineerd met regulier werk in de IUBP-projectgebieden (Figuur 5.6): •
Vier bovengrondse waterbergingen ter plaatse van: Griegplein, Chopinplein en Van Beethovenplein, Z-flats-Van Beethovenlaan eo, projectgebied 182 Borodinlaan, projectgebied 179 Een bovengrondse waterberging inclusief koelteplek ter plaatse van Bachplein, projectgebied 159 Een ondergrondse waterberging ter plaatse van Valeriusstraat, projectgebied 188
Uitvoeringsmaatregelen groen en koelte In de wijk Groenoord zijn voldoende groene koele plekken, maar de fiets- en wandelroutes hebben nog onvoldoende groen en schaduw. De volgende uitvoeringsmaatregelen voor groen en koelte worden geselecteerd, waarbij het werk wordt gecombineerd met regulier werk in de IUBP-projectgebieden: •
Het creëren van extra groen en koelte op fiets- en wandelroutes en het verbinden van groenstructuren langs de volgende straten: Laan van Bol ‘Es, projectgebied 185 Churchillweg, projectgebied 168 Mozartlaan, projectgebied 169-170
Onderzoek, samenwerking en stimulering De gemeente onderzoekt de kansen voor natuurvriendelijke inrichting van de singelstructuur in combinatie met waterberging en verbeteren van de waterkwaliteit. Ook worden de mogelijkheden voor vergroenen van de A4-tunnel onderzocht. Intern wordt de samenwerking met energietransitie, het warmtenet, gezocht. De gemeente stimuleert de scholen en woningcorporaties in het vergroenen vanhet eigen terrein. Ook wordt een groene inrichting van de vele platte daken gestimuleerd.
Figuur 5.6: IUPB-projecten in Groenoord (Defacto, op basis van Nelen & Schuurmans) Omgevingsprogramma Klimaat Schiedam 2026 | Deelprogramma Klimaatadaptatie
34
Stadsvernieuwing, Vinex en Nieuwbouw: Woudhoek Uitvoeringsmaatregelen wateroverlast en droogte In de wijk Woudhoek worden slechts beperkt wateroverlastproblemen ervaren. De wijk is echter nog gemengd aangelegd en daarmee heeft ieder projectgebied potentie voor uitbreiding naar een gescheiden stelsel of het afkoppelen van woningen van het riool.
Uitvoeringsmaatregelen groen en koelte In Woudhoek zijn op korte termijn geen koele verblijfsplekken nodig. Wel wordt ingezet op koelere langzaamverkeersverbindingen in en rondom het gebied om voor voetgangers en fietsers prettigere omstandigheden te realiseren. De volgende maatregelen worden geselecteerd: •
Het creëren van extra groen en koelte op fiets- en wandelroutes en het verbinden groenstructuren: Warmoezenierpad-Warmoezenierstraat, projectgebied 156 Zoomweg, projectgebeiden 117 en 154
Onderzoek, samenwerking en stimulering De gemeente onderzoekt de kansen voor natuurvriendelijke inrichting van de singelstructuur in combinatie met waterberging en verbeteren van de waterkwaliteit. De gemeente stimuleert de scholen en woningcorporaties in het vergroenen vanhet eigen terrein. Ook wordt een groene inrichting van de vele platte daken gestimuleerd.
Figuur 5.7: IUPB-projecten in Woudhoek (Defacto, op basis van Nelen & Schuurmans) Omgevingsprogramma Klimaat Schiedam 2026 | Deelprogramma Klimaatadaptatie
35
5.2.8 Stadsvernieuwing, Vinex en Nieuwbouw: Sveaparken Uitvoeringsmaatregelen wateroverlast en droogte In Sveaparken zijn geen risico’s voor wateroverlast in de panden. Daarom zijn in deze wijk geen waterbergingen geprogrammeerd. Wel staat de vervanging van de riolering van de Vlinderhoven geprogrammeerd. Omdat hier nog niet is afgekoppeld hebben wordt het afkoppelen hier geprogrammeerd.
Uitvoeringsmaatregelen groen en koelte De volgende uitvoeringsmaatregelen voor groen en koelte worden geselecteerd, waarbij het werk wordt gecombineerd met regulier werk in de IUBP-projectgebieden: • •
Het creëren van één extra koele verblijfsplek: Zandooghof/De Vlinderhoven, projectgebied 150 Het creëren van extra groen en koelte op fiets- en wandelroutes en verbinden groenstructuren langs de volgende straten: Slimme Watering, projectgebied 208 Zwaluwlaan, projectgebied 208 Göteborg, projectgebied 244
Figuur 5.8: IUPB-projecten in Sveaparken (Defacto, op basis van Nelen & Schuurmans) Omgevingsprogramma Klimaat Schiedam 2026 | Deelprogramma Klimaatadaptatie
36
Kethel - Dorp Uitvoeringsmaatregelen wateroverlast en droogte De volgende uitvoeringsmaatregelen voor wateroverlast en droogte wordt geselecteerd, waarbij het werk wordt gecombineerd met regulier werk in de IUBP-projectgebieden (Figuur 5.9): •
• •
Een bovengrondse waterberging inclusief koelteplek ter plaatse van: Olivier van Noortstraat, projectgebied 193 Schiedamseweg, projectgebied 160 Park Kethel, projectgebied 148. Dit wordt ook gebruikt als een retentiegebied vanuit het Waterschap Hof van Spaland (projectgebied 160) is afgekoppeld en daarmee kan er ook een bovengrondse waterberging gerealiseerd worden. Een bovengrondse waterberging inclusief koelteplek ter plaatse van Kruising Perenlaan-Kersenlaan, projectgebied 162.
Het centrum van Kethel-Dorp (projectgebied 147) kan niet afgekoppeld worden vanwege de te krappe straten. hierom is op deze locatie ook geen waterberging gepland.
Uitvoeringsmaatregelen groen en koelte In Kethel-Dorp hebben enkele woningen geen groene koele plek op loopafstand. Daarnaast hebben enkele fietsen wandelroutes nog onvoldoende groen en schaduw. De extra koelteplekken worden samen met bovengenoemde waterbergingen gerealiseerd. De volgende uitvoeringsmaatregelen voor groen en koelte in Kethel-Dorp worden geselecteerd, waarbij het werk wordt gecombineerd met regulier werk in de IUBP-projectgebieden:langs de volgende straten: •
• •
Het creëren van extra groen en koelte op fiets- en wandelroutes en verbinden groenstructuren: Noordeinde, projectgebied 147 Dorpsstraat, projectgebied 147 Het creëren van één extra groene koele verblijfsplek in Tuindorp langs Molensingel, projectgebied 200 Het creëren van extra groen en koelte op fiets- en wandelroutes en verbinden groenstructuren in Zwaluwbuurt: Zwaluwlaan, projectgebied 207 Schiedamseweg, projectgebied 163 Schiedamseweg, projectgebieden 162, 163 en 166
Onderzoek, samenwerking en stimulering De gemeente onderzoekt de mogelijkheden om schaduwrijke verbindingen van en naar Park Kethel, de Poldervaart en de singelstructuur te versterken. Door deze beter met elkaar te verbinden, ontstaat een robuust netwerk dat niet alleen aantrekkelijk is voor wandelaars en fietsers, maar ook een belangrijke bijdrage levert aan de leefbaarheid in de stad. Daarbij wordt nadrukkelijk gekeken naar het creëren van koele, beschutte routes die bescherming bieden tijdens warme zomerdagen. Door de relatief lage ligging van Park Kethel biedt het park uitstekende kansen om extra regenwater te bergen. Daarmee fungeert het niet alleen als recreatieve voorziening, maar ook als belangrijk klimaatadaptief element dat wateroverlast kan voorkomen. Daarnaast stimuleert de gemeente de vergroening van de schoolpleinen van de drie aanwezige scholen in de omgeving en wordt er gewerkt aan maatregelen in de bebouwde omgeving. Zo stimuleert de gemeente het afkoppelen van hemelwater van het riool, zodat regenwater lokaal kan worden vastgehouden en benut. Langs de Zwaluwlaan worden kansen gezien voor een groene inrichting van de platte daken, waardoor deze daken bijdragen aan verkoeling, waterberging en vergroening van het stedelijk beeld. Tot slot worden de mogelijkheden voor een klimaatadaptieve inrichting van de Ringweg onderzocht.
Daarbij wordt gekeken hoe deze verkeersader niet alleen functioneel kan blijven voor mobiliteit, maar tegelijk kan bijdragen aan vergroening, wateropvang en het beperken van hittestress in de omliggende wijken.
Omgevingsprogramma Klimaat Schiedam 2026 | Deelprogramma Klimaatadaptatie
37
Figuur 5.9: IUPB-projecten in Kethel-Dorp (Defacto, op basis van Nelen & Schuurmans)
Omgevingsprogramma Klimaat Schiedam 2026 | Deelprogramma Klimaatadaptatie
38
Bedrijventerreinen: ‘s-Gravelandse Polder en Spaanse Polder Uitvoeringsmaatregelen wateroverlast en droogte De volgende uitvoeringsmaatregelen voor wateroverlast en droogte worden geselecteerd, waarbij het werk wordt gecombineerd met regulier werk in de IUBP-projectgebieden (Figuur 5.10): •
Een bovengrondse waterberging inclusief koelteplek ter plaatse van het gemeentelijke terrein aan de van Heekstraat, projectgebied 195
Uitvoeringsmaatregelen groen en koelte De volgende uitvoeringsmaatregelen voor groen en koelte wordt geselecteerd, waarbij het werk wordt gecombineerd met regulier werk in de IUBP-projectgebieden: •
•
Het creëren van drie extra koele verblijfsplekken langs de Schie: Algerastraat, projectgebied 253 Vlisstraat/Keersopstraat, projectgebied 254 Nieuwpoortweg, projectgebied 256 Het creëren van extra groen en koelte op fiets- en wandelroutes en het verbinden groenstructuren: ’s Gravelandsweg, projectgebied 110 Neherstraat-Ringersstraat, projectgebieden 195 en 253
Figuur 5.10: IUPB-projecten in ‘s-Gravelandse Polder & Spaanse Polder (Defacto, op basis van Nelen & Schuurmans) Omgevingsprogramma Klimaat Schiedam 2026 | Deelprogramma Klimaatadaptatie
39
Bedrijventerreinen Schiedamse Havens en Nieuw-Mathenesse Uitvoeringsmaatregelen wateroverlast en droogte In Schiedamse Havens en in Nieuw-Mathenesse zijn geen urgente wateroverlastknelpunten die op korte termijn aangepakt moeten worden. Een kanttekening is hierbij dat indien er ontwikkelingen in het gebied plaatsvinden, dat dit gegeven kan veranderen en dat de situatie opnieuw dient te worden geanaliseerd op waterproblematiek.
Uitvoeringsmaatregelen groen en koelte De volgende uitvoeringsmaatregelen voor groen en koelte worden geselecteerd voor de bedrijventerreinen in het Schiedamse Havengebied en Nieuw-Mathenesse, waarbij het werk wordt gecombineerd met regulier werk in de IUBP-projectgebieden: • •
Het creëren van één extra koele verblijfsplek (want de overige kansrijke locaties zijn niet mee te koppelen met projecten) bij parkeerterrein Schiedam Vijfsluizen, projectgebied 3 Het creëren van extra groen en koelte op fiets- en wandelroutes en het verbinden groenstructuren: Nieuwe Waterwegstraat/ Admiraal de Ruyterstraat, projectgebied 6 Maasdijk/Nieuw Mathenesserstraat, projectgebied 35
In figuur 5.11 zijn de exacte locaties van bovenstaande uitvoeringsmaatregelen op kaart weergegeven voor groen en koelte.
Figuur 5.11: IUPB-projecten in Schiedamse Havens en Nieuw-Mathenesse (Defacto, op basis van Nelen & Schuurmans) Omgevingsprogramma Klimaat Schiedam 2026 | Deelprogramma Klimaatadaptatie
40
5.3 Communicatie, Samenwerking en Participatie Wat betreft maatregelen op privaat terrein heeft gemeente Schiedam beperkt handelingsperspectief. Om inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties te stimuleren klimaatadaptieve maatregelen te nemen, zet de gemeente subsidieregelingen en het bedrijven ondersteunen bij het aanvragen van regionale subsidieregelingen in, in combinatie met een communicatiestrategie. Voor projecten in de openbare ruimte binnen het Integraal Uitvoeringsprogramma Buitenruimte (IUPB)wordt een standaard werkwijze gehanteerd: 1.
2.
3.
De projectleider van het (IUPB) project bekijkt in de voorbereiding of een project in aanmerking komt voor stimuleringsmaatregelen op basis van de afkoppelstrategietool en de potentiële-groene-dakenkaart uit de klimaatmonitor van Schiedam. Als een project in aanmerking komt voor de afkoppeling van hemelwater van het riool of extra vergroening worden de betreffende pandeigenaren benaderd en gevraagd hoe zij tegenover het afkoppelen of het vergroenen staan. De gemeente ondersteunt hierbij inwoners en ondernemers bij hun subsidieaanvraag. De projectleider van het (IUPB) project bekijkt in de voorbereiding of een project in aanmerking komt voor stimuleringsmaatregelen op basis van de afkoppelstrategietool en de potentiële-groene-dakenkaart uit de klimaatmonitor van Schiedam.
Daarnaast faciliteert de gemeente samenwerking met ondernemers en biedt zij ondersteuning bij het aanvragen van provinciale subsidies en cofinanciering voor integrale projecten, zoals vergroening van bedrijventerreinen of initiatieven langs de Schie. Hieronder zijn de verschillende subsidies en regelingen die voor inwoners en ondernemers relevant zijn op het gebied van klimaatadaptatie verder uiteengezet: •
Overheidssubsidies Om extra maatregelen ten aanzien van klimaatadaptatie te nemen is extra budget nodig. Vanuit de rioolhefÏng wordt problematiek rondom wateroverlast bekostigd en de huidige IUPB-budgetten zijn begroot voor het vernieuwen van de bestaande situatie. In de begroting, de kadernota Beheer Openbare Ruimte, van 2023 is dan ook nog geen rekening gehouden met het verbeteren van de openbare ruimte om een klimaatadaptieve stad te creëren. Hierdoor zal de gemeente tot 2027, tot er een nieuwe kadernota wordt vastgesteld waarin klimaatadaptatie is meegenomen, manieren moeten zoeken om de hittestress in de stad tegen te gaan. In de provincie Zuid-Holland kan dit worden gedaan door cofinanciering aan te vragen op gemeentelijke projecten waarin vergroening, waterberging en hittestressbestrijding wordt voorgesteld. Ook zijn er subsidieregelingen die via een regionale samenwerking tot stand komen. Hiermee worden integrale projecten gestimuleerd die een regionale functie hebben. Voorbeelden voor Schiedam waar een dergelijke subsidie toepasbaar is zijn projecten langs de Schie of projecten op bedrijventerreinen. Verder kan de gemeente Schiedam de stad klimaatadaptiever inrichten door mee te doen aan provinciale pilots waar naast subsidie ook kennisdeling en cofinanciering mogelijk is.
•
Schiedam Waterklaar Voor inwoners en bedrijven heeft de gemeente een subsidiebudget voor de stimulatieregeling Waterklaar. Hierbij wordt een een bedrag van € 250.000,- per jaar beschikbaar gesteld voor maatregelen met betrekking tot het ontharden van eigen terrein waarbij tegels eruit worden gehaald om waterberging of groene daken te realiseren en regenwater af tekoppelen. Met deze financiële stimuleringsmaatregel hebben inwoners en bedrijven middelen tot hun beschikking om bij te dragen aan het realiseren van een klimaatadaptieve stad. Op de website Waterklaar | Schiedam kunnen inwoners en bedrijven de maatregelen vinden die onder deze regeling vallen en meer informatie over het meedoen aan deze regeling.
Omgevingsprogramma Klimaat Schiedam 2026 | Deelprogramma Klimaatadaptatie
41
•
Zakelijk Energieloket Verder ondersteunt de gemeente Schiedam ondernemers met het verduurzamen van zowel bedrijfsvoering als bedrijfspand via het Zakelijk Regionaal Energieloket. Dit loket vervult de functie als lokaal aanspreekpunt voor praktisch en onafhankelijk advies. Niet alleen geeft het loket advies over energiebesparende maatregelen, maar ook kan breder klimaatadvies worden ingewonnen. Voorbeelden deze thema’s zijn circulaire bedrijfsvoering, groene mobiliteit en relevant voor dit programma: klimaatadaptatie. Naast inhoudelijke kennis verstrekt het loket ook informatie over subsidies, financieringsmogelijkheden en wettelijke verplichtingen.
5.4 Randvoorwaarden De ambities van Schiedam om in 2050 een klimaatadaptieve stad te zijn vragen per direct om structurele investeringen, ruimtelijke keuzes én een andere manier van denken. Om dit te bereiken zijn de volgende factoren bepalend voor het succes tot het behalen van dit doel: •
Klimaatadaptieve ondergrens als uitgangspunt Op dit moment is het beschikbare budget voor klimaatadaptieve maatregelen ontoereikend om de noodzakelijke transformatie van de stad daadwerkelijk te realiseren. Zonder aanvullende middelen blijft de gemeente noodgedwongen werken op basis van een technische ondergrens: alleen doen wat strikt noodzakelijk is voor het gebruik van de openbare ruimte. Dit is echter onvoldoende om de leefbaarheid, veiligheid en gezondheid in een veranderend klimaat te waarborgen en zal op lange termijn zelfs een kostenverhogende werking hebben. Daarom is het essentieel dat in de Kadernota Beheer Openbare Ruimte vanaf 2027 wordt gekozen voor een klimaatadaptieve ondergrens als uitgangspunt. Dit betekent dat klimaatadaptatie niet langer optioneel of projectafhankelijk is, maar als basisvoorwaarde wordt meegenomen in de herinrichting van straten, pleinen en wijken. Alleen zo kunnen kan de gemeente Schiedam structureel anticiperen op wateroverlast, droogte, hittestress en overstromingen binnen haar stadsgrenzen.
•
Structureel budget voor uitvoering klimaatadaptatie Tot en met 2027 is de gemeente Schiedam voor de uitvoering van klimaatadaptieve elementen in projecten nog deels afhankelijk van het binnenhalen van externe subsidies vanuit de provincie of andere overheden. Hoewel deze middelen waardevol zijn, vormen zij geen stabiele basis voor langdurige, integrale uitvoering. Zonder structureel gemeentelijk budget blijft uitvoering versnipperd en ad hoc, en worden er kansen gemist in lopende gebiedsontwikkelingen.
•
Opnemen van meetbare doelen in omgevingsplan Het opnemen van de gestelde meetbare doelen in het omgevingsplan is essentieel om effectiviteit van het beleid inzichtelijk te maken en sturing te geven aan de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving. Het vastleggen van deze doelen onderstreept de noodzaak van proactief handelen in een veranderend klimaat en draagt bij aan een veilige, leefbare en met name toekomstbestendige leefomgeving.
•
Klimaatadaptieve uitvoeringselementen in het Handboek Openbare Ruimte Een belangrijk element voor een klimaatadaptieve uitvoering ligt bij het Integraal Uitvoeringsprogramma Buitenruimte (IUPB). Hierin is afgesproken dat inrichting van de openbare ruimte plaatsvindt volgens het Handboek Openbare Ruimte (HOR). Om klimaatadaptatie structureel te borgen, is het noodzakelijk dat dit handboek, naar aanleiding van dit omgevingsprogramma klimaatadaptatie, wordt aangepast en uitgebreid met concrete klimaatadaptieve elementen. Denk hierbij aan het toevoegen van goedgekeurde maatregelen voor wateropvang, infiltratie, verkoeling, schaduw en beplanting. Alleen dan kunnen uitvoerende diensten, ontwerpers en projectleiders deze uitgangspunten standaard meenemen in hun plannen.
•
Ruimte voor innovatie Tot slot vraagt de snel veranderende werkelijkheid om flexibiliteit in onze werkwijze. Klimaatadaptieve innovaties, zoals waterpasserende bestrating, slimme afwatering of tijdelijke berging op daken, ontwikkelen zich razendsnel. De uitdaging is om deze oplossingen tijdig te integreren in lopende en
Omgevingsprogramma Klimaat Schiedam 2026 | Deelprogramma Klimaatadaptatie
42
geplande projecten, zonder langdurige doorlooptijden of herontwerp. Dit vereist een adaptieve planning, ruimte voor experimenten binnen projecten, en nauwe samenwerking tussen beleidsmakers, ontwerpers, beheer en uitvoering. Zonder koerswijziging blijft de gemeente Schiedam achter de feiten aanlopen. Met voldoende middelen, heldere richtlijnen en ruimte voor vernieuwing kan zij juist nú stappen zetten richting een weerbare, groene en leefbare stad.
5.5 Monitoring en bijsturing In hoofdstuk twee van dit programma zijn meetbare doelstellingen belegd. Deze doelstellingen geven een indicatie van waar Schiedam wil staan in 2050. Om op koers te blijven voor het behalen van die doelen is het noodzakelijk dat voorgang wordt gemonitord en er kan worden bijgestuurd indien nodig. In Schiedam wordt de voortgang op het gebied van klimaatadaptatie gemonitord aan de hand van de Klimaatatlas (schiedam.klimaatmonitor.nl). Deze digitale atlas bevat thematische kaartlagen die inzicht geven in klimaatgerelateerde risico’s, zoals wateroverlast, droogte, hitte en overstromingrisico’s. Door de kaartlagen structureel te actualiseren met de meest recente data, ontstaat een nauwkeurig beeld van de ontwikkeling van de thema’s van klimaatadaptatie in de tijd. Een belangrijk moment om de kaartlagen te actualiseren is na grote ruimtelijke of infrastructurele ingrepen in de stad, zoals de aanleg van nieuwe woonwijken, herinrichting van openbare ruimte of de realisatie van grootschalige infrastructuurprojecten. Dergelijke ingrepen kunnen aanzienlijke impact hebben op het lokale watersysteem, de bodemgesteldheid en het microklimaat. Door deze veranderingen na een dergelijke ontwikkeling te verwerken in de klimaatatlas, worden de directe en indirecte effecten op klimaatadaptatiethema’s zichtbaar.
Denk hierbij aan het ontstaan van nieuwe hittestresslocaties, toenemende kans op droogteschade of veranderde afvoerroutes bij extreme neerslag. Een kanttekening hierbij is wel dat gebiedsontwikkeling tijd vraagt, om te voorkomen dat de kaarten niet vaak genoeg worden geactualiseerd wordt er ook een maximum actualisatietermijn van 5 jaar tussen kaarten van één thema. Om te zorgen dat deze termijn wordt nageleefd en er tijdig nieuwe informatie beschikbaar is, wordt er elke twee jaar een evaluatie uitgevoerd. Tijdens deze evaluatie wordt beoordeeld of de bestaande kaarten nog actueel en relevant zijn, of dat een actualisatie nodig is. Op deze manier blijft de informatie betrouwbaar voor beleidsvorming, besluitvorming en communicatie met inwoners en andere belanghebbenden. De geactualiseerde kaarten bieden beleidsmakers, ontwerpers, ingenieurs en andere professionals cruciale informatie voor het opstellen, evalueren en bijstellen van adaptatiestrategieën. Ze maken het mogelijk om nieuwe risico’s tijdig te signaleren, prioriteiten te stellen bij investeringen in adaptieve maatregelen en om kansen voor klimaatbestendige inrichting van de leefomgeving optimaal te benutten. De klimaatatlas is daarmee niet slechts een registratietool, maar een dynamisch instrument dat adaptief beleid ondersteunt.
Het vormt de basis voor een lerende benadering van klimaatadaptatie, waarin op basis van monitoring en evaluatie voortdurend kan worden bijgestuurd.
Omgevingsprogramma Klimaat Schiedam 2026 | Deelprogramma Klimaatadaptatie
43
5.6 Financiën Om uitvoering te geven aan het Omgevingsprogramma Klimaatadaptatie dient er circa €1,7 miljoen per jaar beschikbaar te zijn. Hiervan is voor duurzaamheidsmaatregelen gerelateerd aan water- en rioolmaatregelen €940.000 geprognotiseerd. In het Programma Water en Riolering is dit reeds gereserveerd binnen klimaat adaptieve maatregelen en binnen de vervangingsinvesteringen. Voor duurzaamheidsmaatregelen gerelateerd aan hittestress is €740.00 geprognotiseerd. Voor 2025 t/m 2027 zijn in de Kadernota Beheer Openbare ruimte geen reserveringen voor vergroening ter voorkoming van hittestress. In de Zomernota 2027 worden de meerkosten ter besluitvorming voorgelegd. Ten opzichte van de huidig totale reservering voor de uitvoering van het Integraal Uitvoeringsprogramma Beheer van circa €20 miljoen per jaar, bedraagt voor groen een benodigde reservering van 3,7% bovenop deze totale reservering. Vroegtijdige integratie van klimaatadaptatie voorkomt dure aanpassingen achteraf en beperkt toekomstige schade door extreme weersomstandigheden voor zowel mens, openbare ruimte en gebouw. Investeringsopgave per jaar Totaal IUPB
€20.000.000
Klimaatadaptatie: Hittestress
€742.743
Klimaatadaptatie: Waterberging*
€172.171
Klimaatadaptatie: Afkoppelen**
€767.536
Percentage klimaatinvestering groen IUPB
3.7%
Percentage klimaatinvestering waterberging en afkoppelen*
4.7%
TABEL 2: Financiering Klimaatadaptatie in het IUPB * In het Programma Water & Riolering wordt ca. €550.000 per jaar voor waterberging gereserveerd. Dit wordt met behulp van subsidies aangevuld tot €800.000 per jaar om waterbergingen in de stad te realiseren. ** Afkoppelen wordt volledig uit het Programma Water & Riolering gefinancieerd. Per jaar is hiervoor circa €6.600.000 beschikbaar zoals in de tabel vermeld staat.
Omgevingsprogramma Klimaat Schiedam 2026 | Deelprogramma Klimaatadaptatie
44
5.7 Conclusie en vervolg Met het Omgevingsprogramma Klimaatadaptatie legt Schiedam de basis voor een toekomstbestendige stad. Het programma borgt dat klimaatadaptatie niet langer projectafhankelijk of vrijblijvend is, maar een vast onderdeel vormt van beleid, ontwerp en uitvoering. Daarmee geeft de gemeente invulling aan haar wettelijke verantwoordelijkheid onder de Omgevingswet en de afspraken in het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie, én aan de groeiende maatschappelijke verwachtingen van inwoners, bedrijven en organisaties. De ondergrens die in het programma is opgenomen, maakt klimaatadaptieve maatregelen vanaf de ontwerpfase een standaardonderdeel van de openbare ruimte. Dit voorkomt kostbare aanpassingen achteraf, versnelt de doorlooptijd van projecten en zorgt ervoor dat beschikbare middelen doelmatig en efÏciënt worden ingezet. Tegelijkertijd blijft er ruimte voor maatwerk en innovatie, zodat lokale omstandigheden en specifieke opgaven altijd nog kunnen worden meegenomen. Daarnaast stimuleert het programma integrale samenwerking tussen gemeentelijke afdelingen, partners en inwoners. Door duidelijke doelstellingen en indicatoren vast te leggen, wordt de voortgang duidelijk gemonitord en kan hierover verantwoording worden afgelegd. Dit versterkt het vertrouwen in de gemeentelijke aanpak en maakt het daarnaast mogelijk om kennis te delen.
Wel is van belang om te concluderen dat de uitvoering van het programma financiële consequenties heeft. Tot ten minste 2028 is de klimaatadaptieve inrichting van de openbare ruimte grotendeels afhankelijk van externe financieringsbronnen van provincie, Rijk en EU. Vanaf 2028 is structurele borging van gemeentelijke middelen noodzakelijk om de uitvoerbaarheid en continuïteit van het beleid te kunnen waarborgen. Met dit Omgevingsprogramma Klimaatadaptatie kiest Schiedam voor een koers waarin gezondheid, veiligheid, leefbaarheid en duurzaamheid hand in hand gaan. Vaststelling van het Omgevingsprogramma Klimaatadaptatie is daarmee een essentiële stap om tijdig, integraal en effectief in te spelen op de gevolgen van klimaatverandering. De volgende stap, na vaststelling van het Omgevingsprogramma Klimaatadaptatie, is de borging van doelstellingen in het Omgevingsplan. Daarmee wordt klimaatadaptatie niet alleen beleidsmatig, maar ook juridisch vastgelegd in de regels van de stad. De ambitie is om vastgestelde doelstellingen te vertalen naar concrete planregels in het Omgevingsplan. Daarnaast kunnen doelstellingen uit het Omgevingprogramma Klimaatadaptatie ook een verdere uitwerking vinden in concrete plannen zoals een Hitteplan of een Overstromingsplan, waarin samen met het Omgevingsplan kan worden ingegaan op wijkgerichte maatregelen.
Ook passende maatregelen en principe-oplossingen worden vastgelegd en vertaald naar concrete uitvoeringsmaatregelen in het Handboek Openbare Ruimte. Hiermee worden klimaatadaptieve uitgangspunten een verplicht onderdeel bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen en herinrichtingen. In de komende periode worden de mogelijkheden en randvoorwaarden verkend om deze doorvertaling zorgvuldig vorm te geven waarbij duidelijke kaders worden gesteld, maar ook ruimte wordt gelaten voor innovatieve en locatiespecifieke oplossingen.
Omgevingsprogramma Klimaat Schiedam 2026 | Deelprogramma Klimaatadaptatie
45
Omgevingsprogramma Klimaat Deelprogramma Klimaatadaptatie
Maart 2026
Stadskantoor, Stadserf 1 Postbus 1501, 3100 EA Schiedam 14 010 schiedam.nl Omgevingsprogramma Klimaat Schiedam 2026 | Deelprogramma Klimaatadaptatie
46