CConstaterende datSchiedam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 Bijlage bij Voortgangsrapportage Rogplus Q1Q2 2024

Gemeenteraad 10 december 2024, gemeente SchiedamBij agendapunt: Brieven van het college van burgemeester en wethouders, dan wel de burgemeester, dan wel collegeleden:8.157 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

20 augustus 2024

Bestuursrapportage Kwartaal 1 en 2 2024 Aangepaste versie

Inhoud Inhoud .................................................................................................................................................................................. 2 Terugblik eerste half jaar 2024 ........................................................................................................................................... 3 1.

Cijfers over cliënten bij Mevis ................................................................................................................................. 5 1.1

Aanmelding via wijkteams ..................................................................................................................................... 5

1.1.2

Aanmelding via de (huis)arts (ZorgDomein) .......................................................................................................... 5

1.1.3

Verwijzingen Gecertificeerde Instellingen (GI’s) ..................................................................................................... 8

1.2

2.

3.

Aanmelden voor jeugdhulp ............................................................................................................................................. 5

1.1.1

Cliënten bij Mevis ............................................................................................................................................................ 9

1.2.1

Totaal aantal cliënten bij wijkteams ..................................................................................................................... 10

1.2.2

Coördinatieteam .................................................................................................................................................. 12

1.2.3

Cliënten bij onderaannemers ............................................................................................................................... 12

Overige informatie ................................................................................................................................................. 15 2.1

Jeugdprofessional op school (JOS) ............................................................................................................................. 15

2.2

Klachten ......................................................................................................................................................................... 15

2.3

Persoonsgebonden budget (pgb) ................................................................................................................................. 16

2.4

Personeelsinformatie wijkteams................................................................................................................................... 16

Focuspunten Transformatieplan eerste helft 2024 ............................................................................................. 17 3.1

Wijkteams 0 - 100 ........................................................................................................................................................... 17

3.1.1

Wijkteams Mevis ................................................................................................................................................. 17

3.1.2

Proeftuin Maassluis ............................................................................................................................................. 18

3.1.3

Coördinatiefunctie Vlaardingen............................................................................................................................ 18

3.1.4

Plusteams ........................................................................................................................................................... 19

3.1.5

E-health............................................................................................................................................................... 19

3.1.6

Veiligheid ............................................................................................................................................................ 21

3.1.7

Verwijszorg ......................................................................................................................................................... 22

3.2

Netwerken ...................................................................................................................................................................... 23

3.2.1

Onderwijs ............................................................................................................................................................ 23

3.2.2

Gezondheid ......................................................................................................................................................... 23

3.2.3

Voorveld .............................................................................................................................................................. 24

3.3

Organisatie ..................................................................................................................................................................... 25

2

Terugblik eerste half jaar 2024 Als we terugkijken op het eerste half jaar 2024 zien we dat de basis op veel fronten op orde is. De onderbezetting in de wijkteams en op scholen is ingelopen en de wachtlijsten voor de wijkteams zijn tot begin 2024 sterk teruggebracht. We hebben een breed en dekkend gecontracteerd aanbod, maar ook al een eerste slag kunnen slaan in het terugbrengen van het aantal onderaannemers. Er ligt een transformatieplan om te werken aan een integrale samenwerking tussen wijkteams, plusteams en verwijszorg in samenhang met het voorveld en de netwerkpartners zoals onderwijs en huisartsen. Het invoeren van het standaard beschikken is van grote invloed geweest op de uitvoering in de wijkteams. We zien helaas het risico van meer administratieve last en het oplopen van wachtlijsten realiteit worden. In Maassluis wordt als eerste gemeente binnen MVS de beschikking na een artsenverwijzing onderbouwd met een ondersteuningsplan conform de 10 stappen van de Centrale Raad van Beroep (CRvB). Vanaf 1 juni loopt een proeftuin waarin we deze ontwikkeling aangrijpen om ook bij huisartsverwijzingen een analyse te doen vanuit het wijkteam inclusief de deskundigheid van het plusteam. De inzet van E-health en de ondersteuning van de huisarts door een jeugdprofessional in of verbonden aan de praktijk (JIP’er) zijn daar onderdeel van.

Daarmee lopen we vooruit op de transformatiebeweging. De consequentie is dat de samenwerking van plusteam, JIP’er en wijkteam die we geleidelijk wilden invoeren en opbouwen, nu direct in praktijk wordt gebracht. Kwaliteit en werkdruk worden door het team in Maassluis goed in de gaten gehouden. Daarnaast signaleerden we eind 2023 dat er een overschrijding op het budget zou ontstaan, die ook zou doorwerken in 2024. Het eerste half jaar heeft in het teken gestaan van intensieve overleggen en het opleveren van businesscases voor 2023 en 2024. Hoewel er lastige besluiten genomen moesten worden over maatregelen, hebben we ons als partijen daar gezamenlijk aan gecommitteerd. Een aantal maatregelen ligt in het verlengde van de transformatie, zoals het ontwikkelen van collectief aanbod of het standaard gebruik maken van E-health bij aanmelding. Ook zie we de maatregelen als een belangrijke impuls voor het opzetten van lokale teams waarin meer partijen dan nu gaan samenwerken in het sociaal domein. Een belangrijk onderdeel van de maatregelen is meer sturing op verwijszorg, gezien het aandeel dat dit heeft in het totale budget. Met een productenboek stellen we per product in de verwijszorg kaders voor de duur en intensiteit van de inzet.

In afgelopen maanden zijn door een externe dataspecialist analyses gemaakt om te bepalen welke ontwikkelingen opvallen en in welke productcategorieën kansen liggen om de kosten van verwijszorg te verlagen. Op basis daarvan zijn we gestart met het bekijken van dossiers om te beoordelen of de ingezette zorg passend is. De meeste aandacht gaat echter uit naar de groei van het aantal cliënten bij Mevis. Willen we het tijdelijk ondersteunen van gezinnen echt laagdrempelig en als onderdeel van het gewone leven bieden, dan moet de inwoner veel vaker andere partijen tegenkomen. Welzijnspartijen of het CJG die collectief aanbod bieden bij vragen rond opvoeden of trainingen hoe je kunt omgaan met ADHD. Vanuit Mevis moeten we ‘strenger’ worden bij de lichtere hulpvragen, maar dat lukt beter als er een alternatief is waarnaar verwezen kan worden.

3

Dit is nodig om jeugdhulp weer terug te brengen naar een betaalbaar budget en ook de gezinnen met meer complexe hulpvragen de ondersteuning bieden die nodig is. We signaleren dat de af- en ombouw van de externe inhuur en het scherper afbakenen en normeren van de verwijszorg een extra druk op de wijkteams met zich meebrengt. Doordat gekozen veranderingen samenvallen met exogene factoren ligt het verandertempo hoog. Dit is een risico als we willen dat jeugdprofessionals de ruimte voelen om zelf hulp te verlenen. Het werken aan transformatie blijft de rode draad in onze dagelijkse praktijk. In het afgelopen half jaar hebben we met jeugdprofessionals werksessies gehouden over het in de praktijk brengen van transformatiebegrippen zoals normaliseren of uitgaan van eigen kracht. Daarbij zetten we de goede voorbeelden centraal van jeugdprofessionals die door een nuchtere, laagdrempelige aanpak jongeren en gezinnen helpen om het zelf weer aan te kunnen. Externe begeleiders, die ook betrokken waren bij de opzet van het MVS-jeugdmodel, zijn het gesprek aangegaan wat er nodig is om deze goede voorbeelden om te zetten naar reguliere praktijk.

4

1. Cijfers over cliënten bij Mevis 1.1 Aanmelden voor jeugdhulp Aanmelden voor jeugdhulp kan via verschillende kanalen: •

De toegang bij de wijkteams, waaronder de jeugdprofessional op school (JOS).

•

De huisarts al dan niet met ondersteuning van de jeugdprofessional in de huisartsenpraktijk (JIP).

•

De gecertificeerde instellingen (GI’s).

1.1.1

Aanmelding via wijkteams

Als een inwoner contact opneemt met een vraag dan onderzoekt de toegangsmedewerker of het een vraag is voor jeugdhulp of dat dit beter door een andere partij in het sociaal domein opgelost kan worden. Scholen die vragen hebben over ondersteuning van leerlingen of ouders, kunnen direct terecht bij de JOS. De JOS werkt nauw samen met het zorgteam van de school en kan adviseren over passende ondersteuning of zelf ondersteuning bieden bij kortere trajecten. Als een uitgebreider onderzoek nodig is, wordt deze opgepakt door het wijkteam. Zie paragraaf 1.2.1 voor de aantallen cliënten die door het wijkteam worden opgepakt.

1.1.2

Aanmelding via de (huis)arts (ZorgDomein)

ZorgDomein is een digitaal systeem dat zorgverleners (o.a. huisartsen en kinderartsen) helpt met het vinden, kiezen en regelen van zorg. Wij ontvangen verwijzingen van de (huis)arts via ZorgDomein. De afgelopen periode zien we geen significante wijzigingen in het aantal verwijzingen via ZorgDomein (figuur 1). Het lagere aantal in mei is een seizoensinvloed.

5

AAN T A L V E R W I J Z I N G E N V I A Z O R G D O M E I N JULI 2023 - JUNI 2024 Maassluis

Vlaardingen

120 103 41

34

114 104

96 53

78

35

24

12

13

20

16

32

32 59

49 35

32

74

40

27

52 15

100 90

43

42

65 21

116

Schiedam

41 20

13

45

50

55

42

43 30

18

19

16

18

12

15

Figuur 1: Aantal verwijzingen via Zorgdomein juli 2023 – juni 2024

Jeugdprofessional bij de huisarts Na de oriënterende gesprekken in 2023, is in 2024 doorgegaan met het concretiseren van de mogelijke interesse die huisartspraktijken hadden aangegeven voor een JIP. Er is een gezamenlijke bijeenkomst georganiseerd met de geïnteresseerde praktijken, de Zorgorganisatie Eerste Lijn (ZEL) en de gemeenten. Na het overeenkomen van de grootste praktische zaken (huur spreekruimte, aanmeldroute e.d.) zijn we gestart met het gefaseerd inzetten van de JIP per praktijk. Hiervoor zijn kennismakingsgesprekken gevoerd en detailafspraken gemaakt per praktijk. Op dit moment zijn er 5 JIP’ers werkzaam in 9 huisartsenpraktijken. Één huisartsenpraktijk heeft (op eigen verzoek) geen professional in de praktijk maar wel een JIP als vaste contactpersoon. In het najaar zal dit team uitbreiden naar zes JIP’ers om de laatste twee praktijken die hun interesse hebben uitgesproken te kunnen koppelen. In figuur 2 staat een overzicht van het aantal huisartsenpraktijken met een JIP. Aantal huisartsenpraktijken

Maassluis

Vlaardingen

Schiedam

JIP (fysieke inzet)

3

3

2

JIP als contactpersoon

1

-

-

Met wens JIP fysieke inzet

-

-

2

Met wens JIP als contactpersoon

-

1

-

Geen interesse om op dit moment te starten met een JIP

-

7

10

Totaal aantal huisartsenpraktijken

4

11

14

Figuur 2: Aantal huisartsenpraktijken per gemeente met een JIP

6

Redenen die huisartsen hebben aangegeven om op dit moment nog geen JIP te willen inzetten: -

Huisartsenpraktijk vermoedt dat het spreekuur in de praktijk niet vol zal zitten; te weinig problematiek die passend is voor de JIP, niet bij de POH-GGZ kan worden behandeld of direct kan zetten naar Mevis;

-

Geen fysieke ruimte beschikbaar in de huisartsenpraktijk;

-

Er is een POH-GGZ met Jeugdopleiding/ervaring in dienst van de huisartsenpraktijk;

-

Huisartsenpraktijk wil wachten totdat de JIP-functie een tijd actief is zodat de functie goed ontwikkeld is en de mogelijke kinderziektes/onduidelijkheden in praktische zaken niet meer aanwezig zijn.

-

Ook zijn er praktijken die niet hebben gereageerd, ook niet na nabellen.

. De komende kwartalen van 2024 staan in het teken van evalueren en finetunen van de samenwerking. In de volgende rapportage kunnen wij een eerste beeld geven of de aanwezigheid van een JIP in de praktijk invloed heeft op het aantal verwijzingen, door een vergelijking te maken tussen praktijken met en zonder JIP.

In figuur 3 staan de problematieken waarvoor de (huis)artsen naar jeugdhulp verwijzen. De grootste categorieën zijn ADHD, ggz in het algemeen en overige vragen jeugdzorg. Ten aanzien van ADHD is collectief aanbod ontwikkeld waar in het najaar mee wordt gestart (zie ook par. 3.1.4). Ten aanzien van de ggz en overige vragen jeugdhulp verwachten we met de inzet van de JIP, die direct een aantal gesprekken kan voeren, een vermindering van het aantal doorverwijzingen naar specialistische hulp.

7

AAN T A L V E R W I J Z I N G E N P E R V E R W I J S C AT E G O R I E Z O R G D O M E I N 2024 (januari - juni) AANPASSINGS- EN VERWERKINGSPROBLEMEN

2023 (juli - december)

11 6 103 95

ADHD ANGSTKLACHTEN

34 37 37 32 33

AUTISME COGNITIEVE ONTWIKKELING EETPROBLEMEN

5 5

GEDRAGSPROBLEMEN GEZINS- EN OMGEVINGSPROBLEMEN OPVOEDINGSPROBLEMEN PERSOONLIJKHEIDSPROBLEMEN PROBLEMEN IN OUDER-KIND RELATIE PSYCHOSE

34

SOMATOFORME KLACHTEN

33 32 8 7 1 0 62 65

STEMMINGSKLACHTEN VERSLAVINGSPROBLEMEN VERWAARLOZING/MISHANDELING/MISBRUIK

46

15 12 11 4 3 5 8 4 2 0

PSYCHOTRAUMATISCHE KLACHTEN RELATIE- EN GEZINSPROBLEMEN

47

1 1 3 1 78

OVERIGE ZORGVRAGEN GGZ

67

OVERIGE ZORGVRAGEN JEUGDZORG

72

92

Figuur 3: Aantal verwijzingen naar verwijscategorieën in ZorgDomein, januari – juni 2024

1.1.3

Verwijzingen Gecertificeerde Instellingen (GI’s)

De gecertificeerde instellingen (GI’s) zijn betrokken bij de uitvoering van de kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering. Dit betreft gedwongen hulpverlening. Binnen het ingekochte aanbod kunnen de GI’s bepalen welke jeugdhulp er moet worden ingezet. In de eerste 6 maanden van 2024 zijn er 51 unieke cliënten verwezen door de GI's. Er zijn gesprekken gevoerd op bestuurlijk en uitvoerend niveau over de transformatiedoelen vanuit de MVS gemeenten en Mevis, bijvoorbeeld om bij lichte (verwijs)zorg het wijkteam in te zetten.

8

1.2

Cliënten bij Mevis

In figuur 4 wordt het aantal unieke cliënten bij Mevis van het afgelopen half jaar vergeleken met de aantallen van het laatste half jaar in 2023. Dit betreft cliënten die zich hebben aangemeld bij het wijkteam en de cliënten die door het wijkteam en/of door een van de onderaannemers hulp ontvangen. Er is voor gekozen om niet verder terug te gaan dan juli 2023 omdat er in de eerste helft van 2023 nog sprake was van zorgcontinuïteit.

Maassluis

4247 3994

3917

1711

1687

666

672

4377

Vlaardingen

4447

4501

4561

4587

4612

4622

4706

4094

1898

1916

1975

2026

2049

2072

1749

1870

2012

1813

708

738

761

768

767

753

760

767

769

795

+G Figuur 4: Totaal aantal unieke cliënten huidige periode afgezet tegenover de 2 voorliggende kwartalen.

Er is sprake van een gestage stijging in het aantal cliënten. We zien vooral een toename in het aantal cliënten bij onderaannemers. Dit valt te verklaren doordat het coördinatieteam de wachtlijsten in het najaar van 2023 flink heeft weggewerkt. Een groot deel daarvan is verwezen naar onderaannemers. Vanwege wachtlijsten bij onderaannemers zie je dit effect vertraagd terug in een maandelijkse stijging van het aantal cliënten. Daarnaast hebben we te maken met de landelijke trend dat het gebruik van jeugdhulp nog steeds stijgt. Uit

9

CBS cijfers blijkt dat in 2023 gemiddeld 1 op 7 jeugdigen gebruik maakt van jeugdhulp. Ook is een factor dat het inwoneraantal en het aantal jeugdigen tot 20 jaar is toegenomen in alle drie de gemeenten.

1.2.1

Totaal aantal cliënten bij wijkteams

Het aantal cliënten in de wijkteams blijft nagenoeg gelijk aan het aantal eind 2023 (zie figuur 5). Hulpverlening door wijkteams betreft de cliënten waarbij een analyse van de hulpvraag wordt gedaan die resulteert in een ondersteuningsplan. Het wijkteam kan vervolgens zelf hulp verlenen en/of verwijzen naar een zorgaanbieder voor jeugdhulp. We merken dat met deze caseload jeugdprofessionals onvoldoende toekomen aan het meer zelf hulpverlenen. Daarom willen we de komende tijd met de gemeenten werken aan de verbinding met het Voorveld .Welke oplossingen kunnen vanuit welzijn worden geboden en hoe kan Mevis hieraan bijdragen. Het toewerken naar brede lokale teams (sociaal domein breed) door de gemeenten wordt hierbij een belangrijke factor in samenhang met een strengere screening van lichtere problematiek bij de toegang van Mevis.

AAN T A L U N I E K E C L I Ë N T E N W I J K T E AM PER ULTIMO MAAND Maassluis

Vlaardingen

1953

1272

1347

1482 629

1603

1684

1770

738

687

707

709

533

565

541

588

629

668

506 233

241

265

287

309

323

947

718

288

Schiedam

1908

1871

1752

1714

1740

996

880

944

954

697

598

602

518

522

263

277

270

252

264

948

Figuur 5: Totaal aantal unieke cliënten bij de wijkteams huidige periode afgezet tegenover de 2 voorliggende kwartalen.

10

Wachtlijst bij wijkteams en coördinatieteam In de tweede helft van 2023 is ingezet op het verminderen van de wachtlijsten, door de inzet van een apart centraal coördinatieteam. In de vorige rapportage zijn de wachtlijsten op de peildata augustus en december weergegeven, daar zien we een duidelijke afname. Deze afname zet zich begin 2024 door. Vanaf maart 2024 zien we de wachtlijsten toenemen (zie figuur 6).

W AC H T L I J S T W I J K T E AM Maassluis

Vlaardingen

Schiedam

431

137

299

312

93

140

159

116

47

56

332

268 185

243

148

65

180

90 51

30

123

70

68 43 37

73 37

150

108 37

106 76

Figuur 6: wachtlijst per wijkteam, augustus en december 2023, januari tot en met juni 2024

Hiervoor zien we twee oorzaken: •

De invoering van een kwaliteitsslag op het ondersteuningsplan volgens de regels van de Centrale Raad van Beroep. Enerzijds zijn de ondersteuningsplannen uitgebreider en vragen deze meer registratie, anderzijds is voorgaande jaren minder gestuurd op de vereisten waar een ondersteuningsplan aan moet voldoen. Het volledig volgen van de regels van de CRvB en de toets daarop kost daarom jeugdprofessionals en ook het coördinatieteam meer tijd dan voorheen.

•

Het invoeren van het standaard beschikken. De onderbouwing voor een beschikking ligt in het maken van ondersteuningsplannen conform de regels van de CRvB. Omdat er ook ondersteuningsplannen moesten worden geschreven bij verzoeken tot wijziging en verlengingen kost dat meer tijd in de uitvoering.

Het maken van een ondersteuningsplan vraagt – afhankelijk van de complexiteit van de vraag - 5 tot 8 uur tijdsinvestering.

11

1.2.2

Coördinatieteam

Samen met de wachtlijstbeheerders van de wijkteams is een werkwijze ontwikkeld waarmee het coördinatieteam de wat lichtere casussen sneller kan afhandelen dan het reguliere wijkteam. Het coördinatieteam heeft in juni 390 zaken in behandeling. Dit is een daling ten opzichte van de 546 zaken die zij najaar 2023 in behandeling hebben. Dit verschil is veroorzaakt door het maken van ondersteuningsplannen (uitgebreider dan voor 1 januari 2024) en extra ondersteuningsplannen bij wijzigingen en verlengingen. Hierdoor is vanaf februari aangegeven dat het team geen nieuwe zaken meer kon overnemen van de wijkteams, waardoor de wachtlijsten stegen. De verwachting is dat de wachtlijsten het komend half jaar verder toenemen. Onderdeel van de transformatie en bovendien een van de maatregelen om de kosten in de verwijszorg te verminderen, is dat het wijkteam lichtere casuïstiek zelf gaat oppakken. Omdat er geen ruimte is om in formatie van de wijkteams te groeien, is de verwachting dat daarmee de wachtlijsten voor het wijkteam zullen stijgen. De gemeenten en Mevis onderzoeken gezamenlijk welk collectief aanbod door welzijn kan worden geboden tijdens het wachten (zogenaamde wachtverzachter). Daarnaast zijn er maatregelen om de instroom in het wijkteam “aan de voordeur” te verminderen.

Een belangrijke taak van het coördinatieteam is het monitoren van (lichtere) zaken bij onderaannemers. De regie in casussen met complexe problematiek die door onderaannemers wordt behandeld, is als taak bij het wijkteam gebleven. Zoals aangegeven zal het coördinatieteam als centraal team wordt afgebouwd. Om te voorkomen dat het monitoren van ook de lichte trajecten bij onderaannemers het zelf hulpverlenen door de jeugdprofessionals in de weg staat, is een eenvoudiger werkwijze voor deze monitoring ontworpen. Deze zal dit najaar worden ingevoerd.

1.2.3

Cliënten bij onderaannemers

We zien bij onderaannemers een stijging van het aantal cliënten (zie figuur 7). We zien geen significante stijging bij verwijzingen door (huis)artsen en GI’s, dus wordt deze stijging veroorzaakt door verwijzingen via het wijkteam. Zoals we eerder aangaven wordt dit verklaard door het wegwerken van de wachtlijsten door het coördinatieteam eind 2023 en begin 2024. Deze cliënten zijn voor een groot deel verwezen naar onderaannemers. Volgens opdracht heeft Mevis eerst de focus gelegd op het opzetten van de “voorkant” (wijkteams/plusteams). En wordt nu de sturing en transformatie op de onderaannemers opgepakt. De maatregelen die hiermee gemoeid zijn worden in hoofdstuk 3 nader toegelicht.

12

AAN T A L U N I E K E C L I Ë N T E N B I J E E N O N D E R AAN N E M E R PER ULTIMO MAAND Maassluis

1791

1885

704

732

1983

2048

2119

Vlaardingen

779

812

818

893

919

944

376

388

393

758

804

329

349

363

2561

2596

2634

908

987

989

1012

1066

1094

1124

1146

1167

453

446

450

461

455

2400

2473

2448

926

954

1032

442

2155

755

865

Schiedam

Figuur 7: Totaal aantal unieke cliënten bij onderaannemer huidige periode afgezet tegenover de 2 voorliggende kwartalen.

Wachttijden bij categorieën verwijszorg Per kwartaal wordt een uitvraag gedaan bij de aanbieders naar de wachttijden. De respons blijft nog onvoldoende, dus in het najaar zullen de contractmanagers dit als aandachtspunt in de gesprekken met de onderaannemers meenemen. In figuur 8 staat een overzicht op basis van het beeld in de praktijk binnen Mevis.

Wachttijd categorie verwijszorg (overzicht eerste helft 2024)

Categorie

Wachttijd

Basis ggz

3 tot 6 maanden.

Specialistische ggz

Wachttijd is 4 maanden gemiddeld, voor zwaardere specialistische GGZ 9 maanden

Kinderdagcentrum (KDC) het aanbod voor KDC’s is uitgebreid waardoor de wachtlijsten zijn teruggelopen tot gemiddeld een half jaar tot een jaar. Bij Ipse de Brugge en JBIG, die kinderen met zwaardere problematiek behandelen, kan de wachttijd, afhankelijk van de groep, oplopen tot meerdere jaren. Dagbesteding

1-2 maanden.

Individuele begeleiding

Hier was eerder sprake van wachtlijsten maar is nu voldoende aanbod.

Gezinsbegeleiding

1-3 maanden.

13

Groepsbegeleiding

1-3 maanden. Veel aanmeldingen worden verwerkt op basis van matching. Er wordt dan gekeken naar huidige groepssamenstelling en welke problematiek daar zit en hoe de nieuwe aanmelding daar wel of niet op aansluit.

Behandelgroep

2-4 maanden met uitschieters naar 6 tot 9 maanden voor doelgroep 3-6 jaar.

Vaktherapie

2–3 maanden.

Dyslexie

Diagnostiek: 1-3 maanden & behandeltrajecten gemiddeld: 3 maanden.

Medicatie

2-4 maanden.

24-uurs zorg

Onder deze categorie vallen ggz-verblijven, driemilieu-voorzieningen, fasehuizen en kamertrainingen. Het blijft voor deze categorie niet goed mogelijk een beeld te schetsen van de wachttijden omdat in- en uitstroom op groepen varieert en omdat de nieuwe client wel moet matchen met de actuele groepssamenstelling.

Pleegzorg

Er valt geen beeld te schetsen over de wachttijden voor een pleegzorg plaatsing. Dit omdat dit volledig wordt gedaan op basis van matching. Er wordt dus altijd gekeken naar de behoeften van een cliënt en de gezinnen waar plaats is om een zo goed mogelijke match te maken. Figuur 8: Wachttijd categorie verwijszorg augustus 2024

Een wachttijd van 3 tot 4 maanden is binnen de specialistische jeugdhulp acceptabel. De wachttijden bij zwaardere specialistische ggz van gemiddeld 9 maanden is wel zorgelijk. Denk hierbij aan meervoudige problematiek, zoals een kind met autisme en gedragsproblematiek. Hoewel Mevis beperkt invloed heeft om het aanbod van specialistische GGZ , kan wel in overleg met de gemeenten gekeken worden of er extra actie (misschien in samenwerking met andere gemeenten binnen Rijnmond) ondernomen kan worden.

Voor de doelgroep jonge kind zijn er uitschieters van 6 tot 9 maanden wachttijd voor individuele begeleiding en behandelgroepen. Hiervoor zijn diverse acties ingezet. Er is in samenwerking met het plusteam en jeugdprofessionals in de wijkteams een expertisegroep jonge kind ingericht. Daar wordt kennis gedeeld en samenwerking gezocht met aanbieders die specifiek aanbod hebben voor het jonge kind om te kijken of er alternatieven zijn en hoe de schaarse plekken het best kunnen worden ingezet.

Voor daghulp en kinderdagcentra is meer aanbod gecontracteerd, waardoor de wachtlijsten zijn teruggelopen tot gemiddeld een half jaar tot een jaar. Bij aanbieders die kinderen met zwaardere problematiek behandelen, zoals Ipse de Bruggen kan de wachttijd, afhankelijk van de groep, oplopen tot meerdere jaren. Naar deze zorgvormen wordt extra onderzoek gedaan. Samen met onderwijs wordt bekeken wat er nodig is om een kind toch regulier onderwijs te laten volgen. Verwijzingen voor kinderen onder de 4 jaar worden hierbij als eerste onderzocht.

Voor verblijf onderzoekt Mevis samen met coöperatiepartners hoe we het ambulante aanbod ter preventie van uithuisplaatsing kunnen verstevigen. Op termijn verwachten we hiermee het aantal crisis en uithuisplaatsingen te verminderen.

14

2. Overige informatie 2.1

Jeugdprofessional op school (JOS)

In de afgelopen periode was de bezetting van de JOS’ers op de voorgezet onderwijsscholen op orde, wel was er sprake van vervanging door ziekteverzuim. Bij het primair onderwijs kon gemiddeld bij 2 tot 4 scholen de bezetting van de JOS niet direct worden opgevuld.

We merken dat het aantal uren en vervanging van een JOS per school blijft vragen oproepen. Het koppelen van een specifieke jeugdprofessional aan een specifieke school maakt de afhankelijkheid bij verloop groter. In afstemming met het samenwerkingsverband gaan we daarom vanaf het nieuwe schooljaar 2024-2025 over op eenzelfde wijkgerichte werkwijze als het samenwerkingsverband hanteert. Dit betekent dat JOS’ers gekoppeld worden aan een wijk en een aantal scholen in die wijk. Door wijkgericht te werken vormen de JOS in een wijk een team dat elkaar kan vervangen, en in nauwe samenwerking opereert met de samenwerkingsverbandmedewerker en jeugdverpleegkundige. Zo ontstaat er meer ruimte om jeugdhulpvraagstukken die op scholen spelen per wijk vorm te geven, samen te werken (met bijvoorbeeld ook welzijn, jongerenwerk, CJG, e.a.) en daar te zijn waar de nood op dat moment het hoogst is. Door deze wijkgerichte aanpak verbreden we de jeugdhulpmogelijkheden voor de scholen. Een voorbeeld hiervan is een groepsgerichte aanpak voor bijvoorbeeld emotieregulatie die schooloverstijgend in de wijk wordt ingericht.

2.2

Klachten

In kwartaal 1 en 2 van 2024 zijn 11 klachten binnengekomen (zie figuur 9) Deze klachten waren informeel en zijn naar tevredenheid van de melder intern opgelost. Bij geen van deze klachten is de informele klacht doorgezet naar een formele klacht bij een externe klachtenfunctionaris of klachtencommissie.

Klachten

Aantal

Ontevredenheid over onderaannemer

2

Ontevredenheid over jeugdprofessional

5

Wachtlijst

4 Figuur 9: Aantal klachten eerste halfjaar 2024

15

2.3

Persoonsgebonden budget (pgb)

In figuur 10 staat het aantal cliënten met een pgb om zelf jeugdhulp in te kopen. Pgb

Maassluis

Vlaardingen

Schiedam

2023 Q3 en Q4

15

17

25

2024 Q1 en Q2

12

24

29

Figuur 10: Aantal unieke cliënten met een pgb, tweede halfjaar 2023 en eerste halfjaar 2024

2.4

Personeelsinformatie wijkteams

De formatie in de wijkteams per juni is als volgt (zie figuur 11). De norm die wordt gehanteerd zijn de aantallen per december 2023. De formatie per juni wordt naar het eind van het jaar afgebouwd naar de formatie in december 2023. Daarbij gaat het vooral om het afbouwen van de externe inhuur, waarvan het percentage wordt teruggebracht naar rond de 15%. Ook wordt het coördinatieteam versneld afgebouwd om, binnen deze formatie, ruimte te maken voor de inzet van jeugdprofessional bij de huisarts (JIP) en uitbreiding plusteams.

Formatie wijkteams

Inhuur (%)

Begroot

Fte jan

Fte juni

Fte sep

Fte dec

(peildatum

dec 2023

2024

2024

2024

2024

juni 2024) Wijkteams Schiedam

17%

31,2

39,9

36,5

35

34

Wijkteams Vlaardingen

30%

+2 in 24 29,9

30,9

35,2

35

35

Wijkteam Maassluis

31%

12,7

9,7

10,7

13,8

13,8

JGGZ in wijkteam

100%

9

9

9

9

9

Plusteam

Nvt

3

3

4

6

12

JOS

17%

27,4

27,1

27,3

27,3

27,3

JIP

64%

0

0,8

3,1

5

6

Coördinatieteam

100%

9

12,1

10,7

2

0

Analyseteam Maassluis

100%

0

0

0,9

0,9

0,9

PGB-team / Toets verwijzingen

100%

3,5

3,5

1,6

0,7

0,7

Totaal

33%

113

136

137,4

131

136 Figuur 11: Overzicht inzet fte

Het verloop in de wijkteams is vergelijkbaar met teams in andere gemeenten. De aard van het vertrek heeft met diverse oorzaken van werk en privé te maken. De instroom is relatief hoog. In Q1 medewerkers zijn 11 medewerkers ingestroomd en 6 medewerkers uitgestroomd; in Q2 medewerkers zijn 5 medewerkers ingestroomd en 6 medewerkers uitgestroomd. In de branche Sociaal Werk lag het gemiddelde ziekteverzuimpercentage over 2023 op 7,4%. Het verzuimcijfer in de wijkteams ligt op 6,21%. Dit betreft vooral langdurig verzuim, er is vrijwel geen kort verzuim.

16

3. Focuspunten Transformatieplan eerste helft 2024 In de transformatie maken we een onderscheid in drie delen: het eerste deel gaat over de hulpverlening van Mevis: de wijkteams, plusteams en verwijszorg en de ontwikkelingen daarin. Het tweede gedeelte gaat over het netwerk waarin Mevis deze jeugdhulp biedt: voorveld, scholen, huisartsen. Deel drie bevat het onderdeel Mevis als organisatie. Recente ontwikkelingen zijn verwerkt in het onderdeel wijkteams 0 – 100: de invulling van de coördinatiefunctie in Vlaardingen (3.1.3), het coördinatieteam (3.1.4) en de proeftuin in Maassluis (3.1.2).

3.1

Wijkteams 0 - 100

3.1.1

Wijkteams Mevis

Met gedragswetenschappers is gewerkt aan een richtlijn voor hulpverlening binnen het wijkteams. Er wordt aangegeven welke kennis van een jeugdprofessional wordt verwacht en welke competenties in het licht van de transformatie. Met Scala wordt de toetsing aan de praktijk en verdere implementatie bepaald. De richtlijn is gereed najaar 2024.

Ook is er een keuze gemaakt voor een training die basiskennis biedt op het gebied van diverse disciplines en op maat gemaakt wordt voor jeugdprofessionals in de wijk. Deze bevat werkzame elementen uit evidence based methodieken en in de praktijk getoetste interventies zoals oplossingsgericht werken, systemisch werken, geweldloos verzet en verbindend gezag, cognitieve gedragstherapie. Hierdoor krijgen de jeugdprofessional een solide basis om zelf complexe casuïstiek aan te pakken. De ontwikkelaar van deze training heeft zich verbonden aan Mevis/Scala om specifiek voor de jeugdprofessionals in wijkteams de bestaande training door te ontwikkelen. Start proeftraining: september 2024.

Met alle jeugdprofessionals zijn onder externe begeleiding van Jaap Geerlof en Anja Krijnberg sessies gehouden over het concreet maken van transformatie in de praktijk. Aan de hand van goede voorbeelden is onderzocht wat er nodig is om hier reguliere praktijk van te maken. Bijvoorbeeld een jeugdprofessional die gesprekken voert met een puber die somber is, zonder direct uit te gaan van een depressie waar behandeling voor nodig is. Na een paar gesprekken en weer een start met een bijbaantje, voelde deze puber zich weer heel anders en dit effect werd in een paar weken met laagdrempelige gesprekken bij het team in de wijk gerealiseerd. In de sessie is deze aanpak ontleed in werkzame bestanddelen, bijvoorbeeld het anders kijken, analyseren, niet direct door hulpverlenersbril kijken. Deze bestanddelen worden verwerkt in richtlijnen en instructies voor de wijkteams.

17

De gemeenten hebben besloten tot het standaard afgeven van beschikkingen. Het ondersteuningsplan is de onderbouwing voor een beschikking, waarbij het plan moet voldoen aan de 10 stappen van de CRvB. De werkprocessen zijn hierop aangepast en het is ingericht in Rondom. Dit betekent voor de jeugdprofessionals een verzwaring van de administratieve last omdat dit een uitbreiding betekent ten opzichte van de eerdere ondersteuningsplannen. Jeugdprofessionals zijn begin januari getraind in de nieuwe werkprocessen en de registratie daarvan. Essentieel daarin is het volledig en correct opstellen van een ondersteuningsplan. We merken in de praktijk dat dit voor een deel van hen nog meer aandacht en begeleiding behoeft. Binnen het leerhuis van Scala wordt daarom in september een extra training gegeven over het goed opstellen van een ondersteuningsplan.

3.1.2

Proeftuin Maassluis

Zoals hierboven aangegeven wordt er bij een verzoek om ondersteuning via het wijkteam een ondersteuningsplan gemaakt dat kan dienen als motivering van een beschikking. Als een huisarts een verwijzing deed, werd er geen ondersteuningsplan gemaakt, maar werd deze verwijzing gescreend door een zorgmatcher. Deze verwees naar een onderaannemer of de casus werd aangemeld voor nader onderzoek bij het wijkteam wanneer er onduidelijkheid of een vraag was. Op verzoek van de gemeente Maassluis worden per 1 juni jl. bij verwijzingen van de huisarts ook een ondersteuningsplan gemaakt. Hiervoor is een analyseteam opgericht waar jeugdprofessionals, samen met het plusteam een analyse doen bij het gezin. Het voordeel hiervan is dat er eerst met ouders goed wordt onderzocht wat de hulpvraag is, waardoor mogelijk minder verwijzingen naar onderaannemers nodig is. Als jeugdhulp door een onderaannemer wel nodig is, is de verwijzing beter onderbouwd. Ook wordt hiermee het doen van onderzoek meer gescheiden van het verlenen van hulp. Dit biedt meer kans om na de analyse van de hulpvraag af te wegen wat passende ondersteuning is en of Mevis die moet bieden of mogelijk (in samenwerking met) een andere partij. In de volgende rapportage kunnen de eerste resultaten hiervan worden toegelicht.

Op basis van de ervaringen van de proeftuin in Maassluis wordt besloten over de verdere inrichting hiervan in Schiedam en Vlaardingen.

3.1.3

Coördinatiefunctie Vlaardingen

De gemeente Vlaardingen heeft aan Mevis de coördinatiefunctie voor het wijkteam 18-/18+ toebedeeld. Begin 2024 is een overleg geweest met de betrokken beleidsadviseur, Minters en Mevis over de verdere invulling hiervan. Een aantal belangrijke focuspunten is benoemd, zoals toegang en veiligheid. Een procesmanager van Mevis heeft in samenspraak met betrokkenen een verdere inventarisatie gemaakt van de gezamenlijk op te pakken thema’s en heeft de processen bij de gezamenlijke toegang ingericht. In de dagelijkse praktijk van de wijkteams 18- en 18+ werken de procesmanagers nauw samen met de managers van Minters om voor samenhang te zorgen. Voor de doorontwikkeling op de transformatiethema’s zullen in het derde kwartaal twee werksessies worden georganiseerd, om een gezamenlijke agenda tweede helft 2024 en 2025 te maken. Dit betreft onder andere de onderwerpen: toekomstscenario veiligheid, verbinding wijkteams/voorveld en het ontwikkelen van collectief aanbod.

18

3.1.4

Plusteams

Begin 2024 is er een coördinator plusteams gestart met inhoudelijke (behandel)ervaring in multidisciplinaire specialistische teams. Deze is samen met de projectleider gezamenlijk verantwoordelijk voor de resultaten van de plusteams, zij het met ieder eigen focusgebieden (verbinding met professionals wijkteam en plusteam vs. verbinding met intern beleid en werkprocessen).

In de eerste helft van 2024 zijn medewerkers van het plusteam betrokken bij de analysefase in het wijkteam, bijvoorbeeld door aan te sluiten bij een huisbezoek tot ondersteuning bij het tot stand komen van een passende aanpak. Het plusteam is beschikbaar voor consultatie in Vlaardingen (sinds maart 2023) en Maassluis (sinds mei 2024). Ze zijn voor consultatie beschikbaar voor de wijkteams in Schiedam. De start van een eigen plusteam in Schiedam volgt in september 2024.

Zoals benoemd in de rapportage van 2023 kwartaal 3 & 4 is er in januari 2024 gestart met een aantal testcasussen. Uit de eerste resultaten van de testcasussen in het wijkteam blijkt dat er een ruime behoefte is aan ondersteuning vanuit het plusteam, in advies, consultatie en sparren over de aanpak in de zorgverlening. Om mee te kunnen doen in de uitvoering is het vraagstuk rondom behandelverantwoordelijkheid verder uitgewerkt.

Het plusteam heeft ook een rol in deskundigheidsbevordering en het ontwikkelen van nieuw aanbod. Er zijn expertisegroepen opgericht op het gebied van het jonge kind (0-6 jaar) en scheidingsproblemen. Het doel is om de kennis voor deze doelgroepen in het wijkteam en plusteam te verbinden en te vergroten en om van elkaar te leren. Deze jeugdprofessionals kunnen binnen het team meedenken en casuïstiek voor deze doelgroep naar zich toe trekken. Daarnaast nemen de plusteammedewerkers deel aan ontwikkelgroepen voor collectief aanbod, samen met jeugdprofessionals uit de wijkteams. Hierbij wordt in kwartaal 4 2024 gestart met het geven van groepsaanbod op het gebied van emotieregulatie, opvoedondersteuning en ASS/ADHD.

3.1.5

E-health

In het eerste kwartaal van 2024 hebben alle jeugdprofessionals een training gevolgd om E-health in te zetten tijdens het wachtproces op verdere hulpverlening door wijkteam dan wel specialistische aanbieder. Dit stelt elke jeugdprofessional in staat om E-health aan cliënten aan te bieden en informatie uit de module ‘Mijn hulpvraag in kaart’ te halen. De cijfers laten zien dat er een stijging is in het aantal cliënten van Mevis waarvoor een E-health account is gemaakt (figuur 12). Daarnaast biedt de website van Mevis zelfhulpmodules aan die jongeren of ouders zelf kunnen gebruiken zonder professional.

19

Aanmeldingen

Januari

Februari

Maart

April

Mei

Juni

Totaal

Aantal anonieme aanmeldingen via de website

3

9

2

2

2

2

20

Aantal aanmeldingen Mevis cliënten

37

75

56

100

70

81

419

Figuur 12: Aantal aanmeldingen via website en Mevis cliënten in Minddistrict in Q1 en Q2 2024

Momenteel wordt bij de toegang beoordeeld of een cliënt wel of geen E-health-account krijgt. Een reden om geen account aan te maken is bijvoorbeeld onvoldoende Nederlandse taalvaardigheid. In de praktijk blijkt dat dit geen belemmering hoeft te zijn, bijvoorbeeld omdat in het netwerk hierbij ondersteuning wordt geboden.

Daarom is besloten om vanaf 1 juni in Maassluis (proeftuin) bij aanmelding voor elke cliënt een E-healthaccount aan te maken. Hierdoor ligt de keuze om de module in te vullen bij de cliënt. Per 1 oktober zullen ook de andere wijkteams bij aanmelding voor elke cliënt een E-health-account aanmaken.

Daarnaast is er een pilot uitgevoerd met blended E-health. E-health wordt ingezet ondersteunend aan de hulp. Er zijn modules waarmee cliënten of ouders zelfstandig aan de slag kunnen (zelfhulpmodules) of onder begeleiding van een jeugdprofessional. In juni zijn per wijkteam één of twee jeugdprofessionals getraind. Zij zullen vervolgens hun eigen team trainen, zodat alle jeugdprofessionals per oktober getraind zijn om blended E-health in te zetten.

Door bij aanmelding voor iedereen een E-health account aan te maken en blended E-health in te zetten, worden de eigen regie, zelfredzaamheid en betrokkenheid van de cliënt en/of ouders vergroot. Dit stelt hen in staat om op hun eigen tempo, plek en tijd aan hun hulpvraag te werken. Dit is ook terug te zien in de activiteiten op het E-healthplatform. In figuur 13 staat het tijdstip wanneer cliënten actief zijn. Zij zijn op alle dagen actief en ook buiten kantooruren.

Tijdstip gebruik E-health

Figuur 13: Activiteit cliënten op E-healthplatform Minddistrict

20

3.1.6

Veiligheid

Het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming speelt een belangrijke rol bij de inrichting van veiligheid binnen de jeugdhulp. De MVS-gemeenten hebben een aanvraag gedaan om vanuit Vlaardingen deel te nemen als proeftuin, maar dat is niet gehonoreerd. Wel is bestuurlijk afgesproken om het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming leidend te laten zijn in het streven naar het verkorten van de veiligheidsketen. Samen met de netwerkregisseur veiligheid werkt de programmamanager veiligheid van Mevis aan de uitwerking en is er aansluiting bij de landelijke ontwikkelingen. Belangrijk onderdeel hiervan is het ontwikkelen van een breed lokaal team met diverse partners uit het sociaal domein. Het gaat hierbij om verbinding tussen 18- en 18+, maar ook integrale triage en 1 contactpersoon per gezin gedurende de hele ondersteuning. Deze worden de komende tijd verder uitgewerkt.

In de afgelopen periode is gestart met het in kaart brengen van de onderwerpen die voor veiligheid moeten worden opgepakt vanuit Mevis en is verbinding gemaakt met de diverse partners. De criteria voor het triageren van wachtlijsten is gereed. De werkwijze bij vragen rondom crisis in een gezin is beschreven maar we merken in de praktijk dat er behoefte is aan een aanspreekpunt dichtbij de wijkteams (zie hierna). Er zijn kwartaaloverleggen gehouden met Veilig Thuis en de Jeugdbescherming per gemeente. De samenwerkingsafspraken met Veilig Thuis zijn geëvalueerd, en er zijn verbetervoorstellen gedaan die in oktober worden vastgesteld. Vervolgens wordt er gekeken hoe de afspraken geïmplementeerd moeten worden.

In Schiedam hebben jeugdprofessionals een training gevolgd over het aanleveren van informatie aan het Jeugdbeschermingsplein (JB-plein) Rotterdam. Gemeente Vlaardingen organiseert het JB-plein zelf, maar dat loopt nog niet naar wens. Er worden in de aankomende periode keuzes gemaakt over hoe dit te verbeteren. In de gemeente Maasluis loopt het JB-plein en de aanmeldingen goed.

De afgelopen tijd zijn er diverse vacatures uitgezet die te maken hebben met veiligheid: jeugdprofessionals die werken volgens de Intensief Vrijwillige Hulpverlening (IH-methode), professionals die gaan deelnemen aan het spoedteam van de zeven systeempartijen binnen de GRJR en aanmeldcoördinatoren vanuit Mevis. Dit moet zorgen voor een aanspreekpunt veiligheid per gemeente voor jeugdprofessionals bij de aanpak van crisis en het zoeken naar een geschikte crisisplek of verblijfplek. Door de arbeidsmarktproblematiek is tot nu toe slechts een beperkt aantal vervuld. Er is besloten om jeugdprofessionals te trainen in de aanpak van Civil Care. Dit is een aanpak die wordt gebruikt door alle partners in de hele veiligheidsketen waardoor veiligheidsvraagstukken op dezelfde manier worden opgepakt. Dit wordt dit najaar gestart.

21

3.1.7

Verwijszorg

Productenboek Contractmanagement van Mevis heeft een productenboek gemaakt waarin per product is omschreven voor welke hulpvraag/doelgroep deze is bedoeld en wat de maximale inzet is (aantal uren of dagdelen). Dit biedt een norm voor jeugdprofessionals als zij willen verwijzen naar onderaannemers. Afwijken van deze norm per individueel geval is mogelijk, maar na een extra interne toets. Dit helpt om het volume in toekenningen te verminderen. Met aanbieders worden in september gesprekken gepland om het productenboek toe te lichten en de nadere maatregelen ten aanzien van verwijszorg.

Data-analyse verwijszorg Sinds kort werken we met een data-analist om het gebruik van verwijszorg beter te kunnen verklaren. Hierdoor kunnen we per product en aanbieders gericht nader onderzoek doen bij een relatief grote stijging van kosten. Aanbieders zijn over het productenboek en transformatie gemaild en in september houdt contractmanagement een gespreksronde met aanbieders om gezamenlijk te kijken welke inbreng zij kunnen hebben bij de transformatiedoelen.

Nader onderzoek: daghulp Een jongere kan daghulp krijgen als hij/zij vanwege ziekte, ernstig probleemgedrag of een beperking niet naar een kinderopvang of school kan en geen Wlz-indicatie heeft of kan krijgen. Dit kan in de vorm van begeleiding groep, dagbehandeling of een kinderdagcentrum (KDC) afhankelijk van de zorgzwaarte. Voor deze hulpvormen waren er relatief lange wachtlijsten waardoor Mevis extra plekken gecontracteerd heeft. Er is samen met het onderwijs in het afgelopen half jaar intensief gekeken naar een gezamenlijke aanpak om na te gaan waarom de vraag naar dagbehandelingen stijgt en deze kinderen deels/niet deelnemen aan onderwijs. Er wordt getoetst of het een jeugdhulp of onderwijsvraag is en hoe kinderen zoveel mogelijk deel kunnen nemen aan regulier onderwijs, eventueel met ondersteuning vanuit de jeugdhulp in de reguliere groep. Het samenwerkingsverband en Mevis hebben gezamenlijke overleggen hiervoor ingericht (Nooit Opgeven team en thuiszittersoverleg). Mevis zal ook strenger toetsen of een plaatsing in een KDC inderdaad passend is.

Nader onderzoek: verlengde jeugdhulp Een andere doelgroep die we hier nog willen noemen is de verlengde jeugdhulp. Dit betreft eind kwartaal 2 2024 66 cliënten. Met name cliënten met verblijfszorg eventueel aangevuld met extra begeleiding of behandeling. In het najaar gaan we gericht onderzoeken of er mogelijk andere wetgeving (bijvoorbeeld Wmo) voorliggend is en of er kan worden afgeschaald.

22

3.2

Netwerken

3.2.1

Onderwijs

Er is het afgelopen halfjaar stevig geïnvesteerd in de samenwerking met het onderwijs. In het eerste kwartaal van 2024 stonden de vragen: ‘wat mogen we van elkaar verwachten?’ en ‘hoe staat onze huidige samenwerking ervoor?’ centraal. Daarnaast was een grote behoefte om de functie van de JOS aan te scherpen. Naast vaste overlegmomenten hebben er meerdere bijeenkomsten plaatsgevonden met verschillende onderwerpen: -

Bijeenkomst voortgezet onderwijs met onderwijsondersteuningsspecialisten, onderwijscoördinatoren ondersteuning en jeugdprofessionals op school.

-

Bestuurlijke bijeenkomst voortgezet onderwijs.

-

Drie bijeenkomsten (per gemeente) primair onderwijs met directie, intern begeleiders, samenwerkingsverband, jeugdverpleegkundigen en jeugdprofessionals op school.

-

Onze programmamanager is aangesloten bij het team leerrecht, samenwerkingsverband en het CJG.

In afronding van het eerste kwartaal is er een handreiking jeugdprofessional op school vastgesteld en rondgestuurd. In kwartaal 2 stond met name centraal ‘welke afspraken hebben we met elkaar te maken om onze werkwijzen op elkaar af te stemmen?’. Daarnaast is het afgelopen schooljaar met elkaar geëvalueerd, vooruitgeblikt op het nieuwe schooljaar en zijn de volgende bijeenkomsten gehouden: -

Bijeenkomst primair onderwijs met directie, intern begeleiders en JOS’ers.

-

Bijeenkomst primair onderwijs met samenwerkingsverbandmedewerkers en JOS’ers.

-

Aangesloten bij de deelnemersraad voortgezet onderwijs.

Resultaat van het intensiveren van de communicatie/samenwerking met het onderwijs is dat we elkaar steeds sneller weten te vinden en in de gezamenlijke uitdagingen daadwerkelijk met elkaar zoeken naar oplossingen. Verder is er resultaat geboekt in het realiseren van ondersteuning en hulp naast de JOS’ers op de scholen: op 9 scholen is er vaktherapie georganiseerd (met een niet reguliere vorm van onderwijs), vier familieklassen op twee basisscholen en een pilot bovenschoolse vo-klas voor leerlingen die thuiszitten met internaliserende problematiek.

3.2.2

Gezondheid

De toelichting over de start van de Jeugdprofessional bij de huisarts is gegeven in paragraaf 1.1.2. Hierna lichten we de ontwikkeling ten aanzien van Kind naar Gezonder Gewicht (KnGG) toe. De aanpak Kind naar Gezonder Gewicht staat beschreven in het ‘Landelijk model ketenaanpak voor kinderen met overgewicht en obesitas’ (VU/Care for Obesity 2018). Dit model is gebaseerd op wetenschappelijke kennis en praktijkervaringen van acht proeftuingemeenten. Op verzoek van het ministerie van VWS eind 2018 hebben JOGG, Nederlands Jeugdinstituut (NJI), Nederlands Centrum Jeugdgezondheid (NCJ), Vrije Universiteit Amsterdam- Care for Obesity (VU/C4O) en Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)) als coalitie

23

de opdracht gekregen de aanpak lokaal te implementeren, het gedachtengoed te borgen en door te ontwikkelen. Op verzoek van de MVS-gemeenten is bij Mevis een projectleider Kind naar Gezonder Gewicht (KnGG) aangesteld. Deze projectleider heeft de opdracht om tot eind 2024 de ketenaanpak voor overgewicht en obesitas bij kinderen te ontwikkelen. Het KnGG-concept sluit aan bij het MVS-jeugdmodel door een brede aanpak, waarbij aandacht is voor alle aspecten rondom het kind en het gezin die een gezonde leefstijl kunnen belemmeren. Naast aandacht voor gewicht en beweging, worden ook psychische en psychosociale factoren meegenomen, evenals problemen zoals schulden of werkloosheid binnen het gezin. Er wordt rekening gehouden met de persoonlijke situatie van elk kind en gezin, waarbij zorg en ondersteuning dichtbij hen wordt ingezet.

De projectleider is gestart met het inventariseren van en kennismaken met stakeholders voor de ketenaanpak. Door nauw samen te werken met de beleidsadviseurs gezondheid van de gemeente, tevens opdrachtgever, heeft de projectleider diverse partijen uit het sociale en medische domein geïntroduceerd in het KnGGconcept en zich georiënteerd op de lokale invulling hiervan. Het CJG zal de ‘centrale zorgverlener’ leveren; een jeugdverpleegkundige die na scholing fungeert als sleutelfiguur in de ketenaanpak. Na doorverwijzing zal de centrale zorgverlener samen met het kind en gezin een plan van aanpak ontwikkelen waarin beschreven wordt welke factoren invloed hebben op de ontwikkeling van het overgewicht en welke hulp op dat moment het meest passend en duurzaam is.

Begin november zal er een MVS-brede kick-off plaatsvinden met alle toekomstige betrokken partijen van de KnGG-aanpak vanuit het sociale en medische domein. De projectleider zal zich de komende periode bezighouden met het verder inrichten en vastleggen van de ketenaanpak naast het verbinden van de centrale zorgverleners met het opgezette netwerk.

3.2.3

Voorveld

De contacten tussen het voorliggend veld en Mevis zijn in de eerste twee kwartalen van 2024 verstevigd. Zo zijn er per gemeente verschillende gesprekken geweest om met partijen uit het voorliggend veld te verkennen hoe we nog beter op elkaar kunnen aansluiten. Op MVS-niveau is er een aantal partijen die met elkaar hebben gezegd het wijkgericht werken samen vorm te willen geven. Om in de wijk op de werkvloer te werken aan kennisdeling, samenwerking en afstemming tussen professionals. Dit is een startende groep waar andere partijen bij aan kunnen sluiten.

In kwartaal 2 is er een eerste aftrap geweest in de Westwijk Vlaardingen door Aanzet, CJG, Mevis, Minters en YETS met alle professionals werkzaam in de Westwijk. Dit was een vruchtbare aftrap om toe te werken naar gezamenlijke verantwoordelijkheid. De professionals hebben kunnen aangeven wat zij nodig hebben om daadwerkelijk gezamenlijke verantwoordelijkheid te dragen. Dit zal in het najaar 2024 verder vorm krijgen en uitgebreid worden in Maassluis en Schiedam.

24

Deze acties corresponderen met de uitkomsten van de workshops, gehouden (onderdeel van een reeks) door het MVS-jeugdteam van de gemeenten, waarin zij de door hen geformuleerde transformatiedoelen hebben besproken met partijen in het netwerk. Uitgangspunt van de gemeenten is de vorming van lokale teams met een brede vertegenwoordiging van de netwerkpartijen: CJG, welzijn, 18-/18+ teams, scholen. Daarom zijn een netwerkregisseur vanuit de gemeente en een programmamanager vanuit Mevis betrokken bij de ontwikkelingen van het wijkgericht samenwerken. Er zijn bijvoorbeeld zaken besproken als met elkaar groepsgericht(er) werken, wachtverzachters in samenwerking met het voorliggend veld, kijken naar overlappend aanbod en dit anders vormgeven en gezamenlijke subsidieaanvragen uit het voorveld.

3.3

Organisatie

De formatie van Mevis bestaat uit 29,01 fte (33 personen), waarvan 4,2 fte inhuur (5 personen).

F O R M AT I E M E V I S FTE PER FUNCTIECATEGORIE fte

Inhuur 2,2

2

6,52 4,88

4,55

4,44

2,11 PROCESMANAGER (5 PERS)

CONTRACTMANAGER (2 PERS)

1,08 MT EN ONDERSTEUNING (6 PERS)

ZORGMATCHER (6 PERS)

PROJECTMANAGER (6 PERS)

COMMUNICATIE (2 PERS)

1,88 FINANCIËN (2 PERS)

Figuur 14: Formatie Mevis naar functiecategorie, in fte

Cliëntenraad Er is een start gemaakt met een cliëntenraad, die 1 keer bijeen is gekomen in de afgelopen periode. Er zijn sessies gehouden met een externe begeleider van het LOC (Landelijke organisatie Cliëntenraden) om de cliëntenraad vorm te geven (visie, missie etc.). We geven de cliëntenraad vorm binnen de kaders van de Wet medezeggenschap (Wmcz ), waarbij oog is voor de bijzondere positie die Mevis inneemt met zowel zelf zorgverlenen via de wijkteams als het organiseren van de specialistische zorg. De raad zal zelf zorgdragen voor uitbreiding, zowel van de ‘kernraad’ als actieve betrokkenen op specifieke thema’s. In een laatste sessie in september wordt een keuze gemaakt of er gewerkt zal worden met een aparte ouder- en jongerenraad of een gemengde raad. De raad zelf bestaat nu uit 2 ouders van cliënten en een ervaringsdeskundige medewerker. Vanuit Mevis zijn betrokken de programmadirecteur, de communicatieadviseur en de secretaris.

25

Personeelsvertegenwoordiging Er is een personeelsvertegenwoordiging voor de Mevis organisatie opgericht die 1 keer bijeen is gekomen in de afgelopen periode. Er is een vertegenwoordiging van drie collega’s die 6 keer per jaar bijeenkomt om te overleggen met de directeur. Daarnaast worden er momenten gepland om input op te halen bij de medewerkers van Mevis.

Data voor verantwoording en onderzoek Het addendum waarin Rogplus en Mevis afspraken hebben gemaakt hoe de ontwikkelingen in de hulpverlening en de transformatie worden gemeten door middel van KPI’s is vastgesteld en de administratieve systemen worden in 2024 verder ingericht volgens de afgesproken definities.

Daarnaast wil Mevis ontwikkelingen in de vraag analyseren om daarop te kunnen organiseren en transformeren. Gezien de vragen die eerder vanuit de raden zijn gesteld over profielen en AVG vereisten zoekt Mevis samenwerking met onderzoeksinstellingen. Deze hebben expertise in het formuleren van een gedegen onderzoeksopzet die wordt getoetst op de vereisten van de AVG en andere wet- en regelgeving. Er zijn gesprekken geweest met de Hogeschool Rotterdam over praktijkgericht onderzoek en projecten. Dit wordt na de zomervakantie vervolgd. Daarnaast is er een oriënterend gesprek gevoerd met een wetenschappelijke onderzoeksinstelling.

26

27

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14684174/1