Bijlage 2e bestuursrapportage 2023
Tekst van het document
Tweede bestuursrapportage 2023 Stroomopwaarts MVS (januari- augustus)
Samen sterk voor werk
WERKPLEIN
Tweede bestuursrapportage 2023 (periode januari – augustus)
1.
Inleiding
2. 3. 4. 5.
Algemene verantwoording
6.
S tand van zaken prestatiedoelstellingen
Stroomopwaarts in beeld, per 31 augustus 2023
7.
Verantwoording reguliere inzet
8.
Verantwoording extra middelen armoede en schulden 2023
10.
Rapportage Rechtmatigheidsverantwoording
inancieel in beeld, F per 31 augustus 2023
Financiële positie
9.
Bijlage
Navigatie informatie
2
1. Inleiding Voor u ligt de tweede bestuursrapportage van de Gemeenschappelijke Regeling Stroomopwaarts, waarin Stroomopwaarts verantwoording aflegt over de uitvoering in de periode januari tot en met augustus 2023. De bestuursrapportage rapporteert over afwijkingen ten opzichte van de begroting 2023, die is aangepast tot en met de 3e begrotingswijziging 2023. Leeswijzer In deze rapportage starten we met een algemene verantwoording over onze ambities en ingezette werkwijze. Vervolgens geven wij u via infographics een beeld van de inzet en resultaten van Stroomopwaarts. In het vierde hoofdstuk geven we een verantwoording per ambitie. Een verantwoording over de extra middelen voor armoede en schulden treft u aan in hoofdstuk 5. We vervolgen met een stand van zaken op de prestatiedoelstellingen. In hoofdstuk 7 en 8 wordt respectievelijk een actuele prognose gegeven voor de financiële resultaten in 2023 en de ontwikkeling van de reservepositie. In hoofdstuk 9 treft u de direct verrekende bijdragen per gemeente aan.
Rechtmatigheidsverantwoording In verband met nieuwe regelgeving omtrent de rechtmatigheidsverantwoording is hoofdstuk 10 (rapportage rechtmatigheidsverantwoording) toegevoegd, waarin Stroomopwaarts de eerste bevindingen van de Verbijzonderde Interne Controle over het eerste halfjaar 2023 laat zien. Ingaande 2023 wordt het rechtmatigheidsoordeel niet meer afgegeven door de accountant, maar dient het algemeen bestuur daar zelf een uitspraak over te doen.
€ Financiële positie
Bijlage
3
2. Algemene verantwoording Algemene ontwikkelingen Voor de ontwikkeling van het uitkeringsbestand wil Stroomopwaarts op de landelijke trend zitten of het beter doen dan de landelijke trend. Dit is zeker ambitieus. Vanwege de goede arbeidsmarkt en door onze aanpak bij het aanvraagteam om mensen een baan aan te bieden in plaats van een uitkering, is onze instroom lager dan in 2022. Voor de uitstroom uit de uitkering richten we ons ook met nadruk op de mensen die al een uitkering hebben. De weg terug naar de arbeidsmarkt is voor beide groepen (instroom en zittend bestand) vaak lang, ondanks de vele vacatures. De afstand tussen werk en mens is groot, bijvoorbeeld door taalachterstand, gebrek aan kinderopvang, schulden of andere persoonlijke omstandigheden. De weg naar werk vraagt tijd, doorzettingskracht, creativiteit, aandacht en individueel maatwerk. Stroomopwaarts heeft in onze regio gelukkig veel werkgevers die hierin een kans zien om hun vacatures (deels) te vervullen. De hoge inflatie van de afgelopen maanden heeft een grote invloed op het welzijn van inwoners en ook op onze medewerkers in het werkleerbedrijf. De gestegen prijzen zorgen voor acute geldproblemen voor velen en dit heeft een negatief effect op de geestelijke en fysieke gezondheid. Bij de uitvoering van armoede- en schuldenbeleid merken we dat bestaanszekerheid een van de belangrijkste thema’s van dit moment is.
Voor onze medewerkers geldt dat in sommige gevallen geldzorgen leiden tot ziekteverzuim. Het uitblijven van een aanpassing van de cao SW en ‘Aan de Slag’ draagt niet bij aan een oplossing. Stroomopwaarts probeert middels goede voorlichting, ondersteuning, Schuldhulpverlening en bijvoorbeeld maatschappelijk werk de pijn hier enigszins te verzachten voor alle medewerkers binnen Stroomopwaarts. Ten aanzien van de uitstroom ziet Stroomopwaarts bij het in beeld brengen van de bijstandscliënten, dat de doelgroep vaak een grotere afstand tot de arbeidsmarkt heeft dan verwacht. Het is daarom lastig de uitstroom ambities altijd direct waar te maken, dat vraagt vaak meer tijd. Stroomopwaarts zet in op langdurige strategische samenwerkingen met onze partners. Er zijn verschillende activiteiten met succes georganiseerd door team Inburgering, zoals een Iftar-maaltijd en cultuurwandelingen door de stad in samenwerking met stichting Inclusia, Echt NL en onze partners in de stad. De directe samenwerking met werkgevers zoals VANAD en Sococo is ronduit prettig te noemen en een goed voorbeeld van een succesvolle samenwerking rond commerciële dienstverlening. Stroomopwaarts en de Beroepentuin werken inmiddels samen op het gebied van het opleiden van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt voor een beroep in de energiesector.
De Beroepentuin gebruikt haar landelijke expertise om een locatie te bouwen binnen het werkleerbedrijf van Stroomopwaarts in Vlaardingen. Het opleidingshuis van Stroomopwaarts bestaat inmiddels uit diverse leerlijnen waar onze cliënten een mbo-praktijkcertificaat kunnen halen. Dit is van groot belang om de kloof naar de arbeidsmarkt te overbruggen. Onderdeel hiervan wordt in de laatste maanden van 2023 ook een opleiding tot gastouder in samenwerking met een onderwijsinstelling. Vooral door de resultaten van het Werkleerbedrijf verwacht Stroomopwaarts (exclusief ESF) voor 2023 per saldo een gering negatief resultaat (circa € 0,5 mln). De orderportefeuille van het Werkleerbedrijf vraagt bijzondere aandacht, een aangescherpt plan van aanpak. Enerzijds om de werkgelegenheid voor onze kwetsbare groepen (met name WSW, Beschut) te blijven borgen, maar ook om financiële redenen. De omzet staat door ongunstige marktontwikkelingen onder druk.
€ Financiële positie
Bijlage
4
Energietoeslag De uitvoering van energietoeslag wordt in oktober 2023 gestart, nu de wetgeving vanuit het Rijk rond is.
Europees Sociaal Fonds (ESF) De definitieve vaststelling van periode 2017-2019 is nog niet bekend, wel verwacht Stroomopwaarts eind dit jaar/begin 2024 de definitieve beschikking over periode 2020-2022, zie ook de financiële verantwoording bij het programma Werkleerbedrijf (pagina 26). Wij verwachten hiervoor bij de jaarstukken over 2023 (als de definitieve beschikking over de periode 2020-2022 binnen is) een aanzienlijk voordeel te kunnen inboeken. Al met al kijkt Stroomopwaarts per saldo terug op een goed verloop van 2023, ondanks alle (economische) onzekerheden. Met name de resultaten op het gebied van (arbeids-)participatie zijn nog niet op het niveau van onze ambities en vragen nog de nodige aandacht. Stroomopwaarts blijft zich inzetten om onze kwetsbare inwoners, sociale opdrachtgevers en onze (vaak kwetsbare) medewerkers te ondersteunen. Hoogachtend, Het dagelijks bestuur van Stroomopwaarts MVS de secretaris
de voorzitter
N.C. van der Wekken
A.J. Proos
De bedragen in de bestuursrapportage zijn weergegeven in € 1.000 tenzij anders aangegeven. Wanneer bij bedragen in een tabel een - teken wordt gebruikt is sprake van een nadeel, namelijk een hogere last of een lagere baat. Door afrondingen kunnen kleine verschillen ontstaan.
€ Financiële positie
Bijlage
5
3. Stroomopwaarts in beeld, 31 augustus 2023 Stroomopwaarts in beeld perper 31 augustus 2023 De cijfers ten aanzien van instroom en uitstroom bijstand, absoluut aantal bezwaarschriften, deeltijdarbeid en dekkingsgraad omzet Werkleerbedrijf zijn cumulatief (8 maanden).
MAASSLUIS
e VLAARDINGEN
SCHIEDAM
1e Berap 2e Berap 1e Berap 2e Berap 1e Berap 2e Berap Gemiddeld aantal uitkeringen
735
740
2.299
2.293
2.137
2.130
Aantal lopende schuldregelingen
45
46
241
252
213
207
Instroom
40
96
126
278
123
275
Uitstroom
28
81
127
297
119
269
LKS-baan
45
39
80
71
93
84
Beschut werk
14
17
37
43
68
89
STROOMOPWAARTS GEMEENTEN OVERIG
DEELTIJDARBEID
nnb
nnb
Klanttevredenheid commerciële klanten
nnb
nnb
Het ziekteverzuim van het ambtelijk personeel ligt onder het landelijk gemiddelde voor vergelijkbare organisaties
9,4%
9,1%
Absoluut aantal bezwaarschriften
187
343
Het percentage bezwaarschriften dat (ambtelijk of anderszins) gegrond wordt verklaard
17%
28,1%
Bij het KCC wordt een telefoongesprek direct afgehandeld
70%
70%
KWALITEIT DIENSTVERLENING WERKLEERBEDRIJF
WERKSOORTEN
31%
DEKKINGSGRAAD UIT OMZET WERKLEERBEDRIJF 8% deeltijdarbeid 1e Berap
Cliënttevredenheid (KTO) onder cliënten van de Participatiewet (tweejaarlijks gemeten door BMC)
SAMEN STERK VOOR WERK
7%
2e Berap
30% werkleerbedrijf 1e Berap
Catering
Bedrijvenregister
Verpakken
Metaal/montage
Post
Personenvervoer
Grijs/groenvoorziening
Digitalisering
Schoonmaak
Werken op locatie
TWEEDE BESTUURSRAPPORTAGE 2023
1e Berap
Procesbeschrijving
VOOR WIE?
WAT DOEN WE?
HOE DOEN WE HET?
ARBEIDSPARTICIPATIE
Ontwikkelen naar werk, Directe bemiddeling
Assessment, trainingen, competentieontwikkeling, opleidingshuis
Begeleid & Beschut werken
Assemblage, verpakken, Groen & grijs schoonmaak
Activering & vrijwilligerswerk
Toeleiding naar zorg Begeleiding naar PGB
Inburgering
Brede intake, financiële ontzorging Toeleiding inburgeringsexamen
Financieel vangnet
Aanvraag en inkomensbeheer Armoedevoorzieningen Terugvordering en invordering Bijzondere controle
SCHULDEN
Preventie, signaleren & saneren
Preventiebijeenkomsten Vroegsignalering, crisisinterventie Schuldregelingen, nazorg
WERKGEVERS/ WERKLEERBEDRIJF
Sociaal ondernemen, werk uitbesteden & vacaturevervulling
Social return, detachering Accountmanagement
MAATSCHAPPELIJKE PARTICIPATIE
INKOMENSONDERSTEUNING Bijzondere control
Stroomopwaarts in beeld CLIENTÈLE UIT PARTICIPATIEWET EN SOCIALE WERKVOORZIENING 13%
1e Berap
10,2%
-9.883 -9.952
Werk
-23.308 -23.645
13,2%
Armoede lokaal
1e Berap 2e Berap LKS-baan 218 194 Beschut 119 145 SW detachering/BW 155 154 SW productie 284 281 SW diensten 242 243 Werkleertrajecten 154 152
24%
-4.314 -1.661
Inburgering
12,4%
13,2% 24,2%
-120.923 -123.746
Werkleerbedrijf
18,6%
1 eBe r
20,6%
2e Berap
Inkomen
ap
20,8%
Bedragen x € 1.000,-
Aantal aanvragen armoedevoorziening 3.939
16,6%
13,1%
INKOMENSONDERSTEUNING
ziekteverzuim SW < 15%
< 16% 1e Berap
-18.251 -18.002
Overige onderwerpen Subtotaal
-176.679 -177.006
Dekkingsmiddelen
176.281 176.512 -398 -494
Totaal baten en lasten Aantal aanvragen kindregelingen 17.327 Aanvragen armoedevoorziening 1.915 1e Berap Aanvragen kindregelingen 7.479 1e Berap
AANTAL UITKERINGSGERECHTIGDEN <5.160 1e Berap 5.172
ARBEIDSONTHEFFING
94
92
-88.264
AMBTELIJKE ORGANISATIE
begeleiding naar werk
91% 90%
aantal FTE 370 ziekteverzuim 9,1%
1 Be e
4 -4 . 93 -2.615 -7.337 66
1
-2 3
.6 4
Baten: 8.0
25
5
st e
88
La
-1 8. 0
n:
-3 67
0
Werkleerbedrijf
1.
Aantal FTE 380 1e Berap Ziekteverzuim 9,4% 1e Berap
-1 .
langdurig thuis
Aanvraag Dienstverlening Schuldhulpverlening Armoedevoorziening
-3 . 9 50 -2 . 7 3 2
Tijdelijk Geen
9
leeftijd
Langdurig
24
2e 1e Berap Berap
Inburgering Overig Reservemutaties
4.
8
6%
-2
3% 6
Werkgeverdienstverlening Werkleerbedrijf
-1.270 -8 0 0
rap
Participatie
7%
Baten: 2.167 Lasten: -8.291
Inkomensvoorziening Ontwikkeling
3%
Externe arbeidsparticipatie
8
4. Verantwoording reguliere inzet Verantwoording hoofdambities Vanuit de Strategische Visie Werk en Inkomen 2022-2025 heeft Stroomopwaarts voor 2023 de volgende hoofdambities geformuleerd: a. we presteren beter dan de landelijke trend op het gebied van de uitkeringsontwikkeling; b. er is inzicht voor iedere cliënt én ín iedere cliënt; c. er is sprake van een integrale aanpak armoede en schulden; d. er is sprake van een sluitende aanpak met ondernemers, onderwijs en overheid in kansrijke sectoren; e. de maatschappelijke effecten van participatie worden inzichtelijk gemaakt en participatie wordt vergroot; f. we investeren in een toekomstbestendig Werkleerbedrijf; g. er wordt regie gevoerd op een succesvolle inburgering van statushouders en gezinsmigranten; h. we professionaliseren verder, ontwikkelen kwaliteit, en brengen rust en focus in de organisatie. In onderstaande samenvatting schetst Stroomopwaarts de belangrijkste ontwikkelingen. Daarnaast noemt Stroomopwaarts de gewenste doorontwikkeling voor de verschillende uitvoeringsprogramma’s.
a. Beter presteren dan de landelijke trend op het gebied van de uitkeringsontwikkeling De instroom in de uitkering is iets lager dan begroot en lager dan in 2022. Enerzijds door de goede werkgelegenheid, maar anderzijds door de succesvolle inzet aan de voorkant van de aanvraag (preventie) om mensen direct naar werk te begeleiden in plaats van naar de uitkering. Van het aantal inwoners dat zich in deze periode gemeld heeft voor een uitkering (1.423) zijn 106 inwoners direct bemiddeld naar werk. Aan hen is met succes een baan aangeboden tijdens de aanvraagperiode. De uitstroom ligt onder onze ambitie. Stroomopwaarts merkt steeds vaker dat de inwoners die onze dienstverlening zoeken voor inkomensvoorziening meer begeleiding nodig hebben om aan het werk te kunnen. Daarom ziet Stroomopwaarts dat het uitkeringsbestand nu gelijk blijft ten opzichte van het begin van het jaar. Het gemiddelde uitkeringsbestand (12-maands gemiddelde) daalt nog wel als gevolg van de daling in 2022. In de regio is er een forse taakstelling op het plaatsen van statushouders. Deze zullen in het komend kwartaal gehuisvest gaan worden en zorgen voor een toename van het aantal uitkeringen. Per saldo bedraagt het gemiddeld aantal uitkeringen in de eerste acht maanden van 2023 circa 5.160. In 2022 was dat gemiddeld nog circa 5.258.
De daling is circa 1,9%, dat is in lijn met de landelijke daling (1,5%) van het aantal bijstandsuitkeringen in 2023 zoals in augustus geraamd door het Centraal Planbureau. Het verslaan van deze landelijke trend kan onder druk komen door de nieuwe instroom.
€ Financiële positie
Bijlage
9
Nieuwe instroom Tot en met augustus hebben 1423 inwoners zich voor een inkomensvoorziening gemeld. Het lukt Stroomopwaarts in 82% van de aanvragen om binnen 4 weken een besluit te nemen. Voor 52% is dat zelfs binnen 2 weken. Van het aantal aanmeldingen stroomt gemiddeld 45% daadwerkelijk de bijstand in. De totale instroom in de eerste 8 maanden is 649 uitkeringen (Maassluis 96, Vlaardingen 278 en Schiedam 275). Ruim de helft van de nieuwe instroom wordt overgedragen aan het team Participatie en Zorg voor een stabilisatieperiode. Het gaat dan vaak om inwoners met multiproblematiek zoals schulden, gezondheidsproblemen, een instabiele thuissituatie als gevolg van een relatiebreuk, etc. Vanuit de nieuwe instroom zijn 133 cliënten gestart bij het assessment (start van het traject gericht op werk). 425 cliënten zijn naar participatie en zorg gegaan en 91 cliënten zijn op een meerjarig inburgeringstraject voor statushouders geplaatst (Maassluis 23, Vlaardingen, 35 en Schiedam 33). Zittend bestand In de eerste 8 maanden zijn uit deze complexe groep 249 inwoners uitgestroomd met een beëindiging van de uitkering als gevolg. Ongeveer de helft daarvan is uitgestroomd naar werk, bijvoorbeeld met behulp van een persoonsgebonden budget. Er zijn vanuit het zittend bestand 171 cliënten aangemeld voor het assessment.
Een tekort aan kinderopvangplekken zorgt ervoor dat het soms langer duurt voor er gestart kan worden met een traject gericht op de verdere ontwikkeling naar werk. Vanaf november start een hierop gericht traject (opleiding tot Gastouder). Daarmee snijdt het mes aan 2 kanten: enerzijds gaat iemand aan het werk als gastouder en daarmee worden andere ouders geholpen met kinderopvang, waardoor zij ook aan het werk kunnen. Doordat we een steeds beter beeld krijgen van de cliënten zien we dat de huidige aanpak bijgestuurd moet worden en er meer intensieve begeleiding en tijd nodig is om cliënten stappen te laten zetten. Concreet betekent dit dat Stroomopwaarts de huidige assessment methodiek aan het verfijnen is naar een persoonlijkere aanpak waardoor deze beter aansluit bij de ontwikkelbehoefte van de cliënten om op deze manier de snelste weg naar werk in te zeten. Stroomopwaarts blijft inzetten op het uitnodigen van inwoners die langdurig in de uitkering zitten. Inmiddels zijn ruim 1000 inwoners in beeld gebracht. Stroomopwaarts loopt daarmee voor op de doelstelling van 1000 voor heel 2023. De grote wachtlijsten bij kinderopvang en buitenschoolse opvang is van invloed op de inzetbaarheid van onze doelgroep.
€ Financiële positie
Bijlage
10
Tabel ontwikkeling uitkeringen 2023 Ambitie 2023
Maassluis
Aantal uitkeringen op 1 januari 2023
Vlaardingen 745
Schiedam
2.290
Stroomopwaarts
2.252
5.287
Instroom 2023
141
433
426
1.000
Uitstroom 2023
-165
-505
-496
-1.167
Totaal aantal uitkeringen 2023
720
2.218
2.182
5.120
Gemiddelde aantal uitkeringen 2023
733
2.254
2.217
5.204
Realisatie 01-01-2023 Aangepaste stand 1-1 2023
1e berap
2e berap
1e berap
2e berap
1e berap
2e berap
1e berap
2e berap
731
731
2.302
2.302
2.126
2.126
5.159
5.159
Instroom 2023
40
96
126
278
123
275
289
649
Uitstroom 2023
-28
-81
-127
-297
-119
-269
-274
-647
Stand eind periode
743
746
2.301
2.283
2.130
2.132
5.174
5.161
Gerealiseerd gemiddelde per eind periode
735
739
2.302
2.293
2.128
2.129
5.165
5.160
b. Inzicht voor en in de uitkeringsgerechtigde Bij een groot deel van de inwoners die nu in de bijstand instromen, speelt multiproblematiek. Zij hebben bijvoorbeeld schulden, persoonlijke problemen, spreken de Nederlandse taal niet of slecht of hebben geen kinderopvang. Ook hebben mensen vaak geen of geen relevante opleiding. Ze hebben hierdoor meer tijd nodig om zich te ontwikkelen richting de arbeidsmarkt. Stroomopwaarts probeert door een brede uitvraag tijdens de intake voor een uitkering een goed beeld te krijgen van de verschillende leefgebieden van de inwoners. Zo mogelijk schakelt Stroomopwaarts hierbij haar ketenpartners in voor een goede doorverwijzing voor hulpverlening of begeleiding. Om een goed beeld te krijgen van de ontwikkeling van cliënten die al langer in de uitkering zitten, gebruikt Stroomopwaarts de NOA-test (talenten en ontwikkelpunten in beeld brengen om mensen beter te kunnen begeleiden naar werk). Door de uitkomsten van deze test krijgt Stroomopwaarts samen met de cliënt een overzicht van mogelijke ontwikkelingen op verschillende leefgebieden. Hierdoor kunnen we gerichter een ontwikkeltraject inzetten. Er zijn inmiddels 280 cliënten voor een NOA test aangemeld en 200 testen afgenomen. Stroomopwaarts verwacht dat door de toename van deze testen vervolgens weer meer cliënten door kunnen naar het assessment.
En waar dat niet kan, geeft de test aanknopingspunten voor een ander passend traject gericht op participatie.
c. Integrale aanpak armoede en schulden De inzet op vroegsignalering is geïntensiveerd. Het vroegtijdig in beeld hebben van inwoners met betalingsachterstanden en hen ondersteunen bij het oplossen ervan, voorkomt grotere of nieuwe schulden. Binnen het Schuldenlab MVS, waarin private en publieke partijen samen participeren, is Stroomopwaarts actief met innovatie en schakelt over op effectieve aanpakken op het gebied van armoede en schulden. Voorbeelden hiervan zijn de Doorbraakmethode en het Collectief Schuldregelen en de brug naar zelfredzaamheid (online tool in het zorg- en ondersteuningsaanbod voor jongeren). Wij zijn blij met de betrokkenheid van alle partners die gezamenlijk hun schouders zetten onder
€ Financiële positie
Bijlage
11
het bestrijden van schulden. Samen streven de partijen komende tijd naar (nog) meer concrete resultaten. De afspraak is om deze eind 2024 te evalueren. Daarnaast blijft er in 2023 extra aandacht voor preventie van armoede onder kinderen. Door de sluiting van scholen en het sport- en verenigingsleven ten tijde van de Covid-19 pandemie zijn veel kinderen gestopt met hun (sport)activiteiten. Eind 2022 is hier via een huis-aan-huis campagne extra aandacht aan gegeven. In het eerste halfjaar van 2023 worden nog steeds de vruchten hiervan geplukt, gezien het hoge aantal aanvragen bij het JeugdFonds Sport en Cultuur en Stichting Leergeld. De inflatie in Nederland is begin 2022 enorm opgelopen, mede door soms extreem gestegen kosten van energie. Het Rijk heeft op dit punt toezeggingen gedaan en het uitkeringsbedrag verhoogd, zie hiervoor ook paragraaf 4 Verantwoording extra middelen armoede en schulden. Stroomopwaarts heeft voorstellen gedaan om een toenemende energiearmoede te voorkomen en houdt de vinger aan de pols of deze toereikend zijn. Zo nodig worden op regionaal niveau aanvullende maatregelen voorgesteld.
d. Sluitende aanpak met ondernemers, onderwijs en overheid in kansrijke sectoren De krapte op de arbeidsmarkt zal de komende jaren niet afnemen. In een aantal sectoren zal deze naar verwachting zelfs toenemen. Op dit moment staan er nog steeds mensen onnodig langs de kant die met extra begeleiding en opleiding een start kunnen maken in kansrijke sectoren. De sectoren waar Stroomopwaarts zich op focust zijn: Logistiek, Verkoop, Zorg en Metaal/Techniek. Er is gekozen voor een sluitende aanpak waarin Stroomopwaarts met ondernemers, onderwijs en overheid Leerwerkakkoorden sluiten in deze sectoren. De kandidaat heeft op die manier vanaf de start een perspectief tot welke concrete baan een traject kan leiden. Stroomopwaarts bied bij een te overbruggen afstand tot de arbeidsmarkt en/of (tijdelijke) verminderde loonwaarde, tijdelijke dienstbetrekkingen aan. Hierbij wordt ingezet op cofinanciering vanuit het Rijk. Het aantal plaatsingen van mensen uit de doelgroep banenafspraak bleef, zowel regionaal als landelijk, tot nu toe achter bij de verwachting. Vanaf dit jaar zet Stroomopwaarts, in de lijn van de strategische visie Werk en Inkomen, sterk in op het realiseren van plaatsingen met loonkostensubsidies voor de meer kwetsbare groepen. Stroomopwaarts doet dit samen met overheden, ondernemers en partners binnen het sociaal domein.
Projecten als de Beroepentuin en het op te starten Gastouderopleidingstraject geven concreet invulling aan deze werkwijze. Beroepentuin Stroomopwaarts en de Beroepentuin gaan tussen 15 september 2023 tot en met 31 december 2024 samenwerken op het gebied van het opleiden van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt voor een beroep in de energiesector: assistent-monteur zonnepanelen, assistent-monteur laadpalen, assistent monteur-warmtepompen en isolatiemonteur. De Beroepentuin gebruikt haar landelijke expertise om een locatie te bouwen binnen het werkleerbedrijf van Stroomopwaarts in Vlaardingen. Voor de energie transitieberoepen: assistent-monteur zonnepanelen, assistent-monteur laadpalen, assistent monteurwarmtepompen en isolatiemonteur wordt een in een simulatie werkruimte ingericht waar kandidaten het vak in de praktijk kunnen leren. Kandidaten kunnen wekelijks (op maandag) instromen bij de Beroepentuin en daarna starten met het traject: De oriëntatiefase duurt 2 weken (10 werkdagen). De kandidaten kunnen in de oriëntatiefase de vier uitstroom richtingen uitproberen. Als de kandidaat een keuze maakt en geschikt wordt bevonden door de Beroepentuin, start de praktijkopleiding. Tegen het einde van de praktijkopleiding doen de kandidaten een afrondende mbo-praktijktoets. Gelijktijdig vindt de matching met werkgevers plaats.
Werkgevers en werknemers kunnen kiezen voor een BBL-traject (Beroeps Begeleidende Leerweg), hierdoor kan de kandidaat doorgroeien
€ Financiële positie
Bijlage
12
tot een taakvolwassen medewerker en/of specialist. Voor de Beroepentuin is een succesvolle subsidieaanvraag gedaan bij het Just Transition Fund.
€ Financiële positie
Bijlage
13
Banenmarkt
Diverse activiteiten
• Banenmarkt zorg • Banenmarkt Vervoer • Banenmarkt anderstalig • Banenmarkt Verkoop en Productie • WSPR banenmarkten (10) • European Parachampionships Ahoy Rotterdam met banenmarkt voor mensen met een arbeidsuitdaging
• WSPR Garantiebanen Overleg • Ingebruikname EVA om tot een betere match te komen • Ondertekening convenant samenwerken sectorale aanpak Zorg • Inzet van De Harde Leerschool (jeugwerkeloosheid) • Keurmerkhouders borrel
Op weg naar werk
Educatie
Trainingen
• Opleidingstraject Assistent Kok of Keukenmedewerker • Koken met cultuur. Samen koken en leren ze heel laagdrempelig de Nederlandse taal • BewegenWerkt • Vlaardingen in Beweging
• COT training • HACCP training • MAP (Module Arbeidsmarkt en Participatie) en PVT (Participatie Verklaringstraject) training (inburgering)
Speedmeets
Project
• TZorg • DTL • Werkshop • Harde Leerschool • Veldwerk • Vanad
• Project Anderstaligen • Project beroepentuin
Evenement
• Voorjaarsevent Lef loont • IPS Event: kennismaking met GGZ, UWV matchmakers en accountmanagers om IPS goed neer te kunnen zetten in de regio
€ Financiële positie
Bijlage
14
e. Inzichtelijk maken maatschappelijke effecten en vergroten participatie In Schiedam is een motie aangenomen om een onafhankelijk onderzoek uit te laten voeren naar de door cliënten ervaren impact op hun leven door de begeleidingstrajecten van Stroomopwaarts. Schiedam is bezig met de voorbereidingen om een dergelijk onderzoek uit te laten voeren. Daarnaast worden met de deelnemende gemeenten gesprekken gevoerd over de doorontwikkeling van de KPI’s (prestatie indicatoren) van Stroomopwaarts. Dit mede naar aanleiding van de gemeentelijke zienswijzen op de begroting 2024 van Stroomopwaarts en een daarmee samenhangende motie in de gemeenteraad van Schiedam. Samen met de deelnemende gemeenten doet Stroomopwaarts kleinschalige experimenten waaruit Stroomopwaarts leert welke invloed deze hebben op de participatie van de deelnemers. Daarbij valt te denken aan projecten in het kader van het SchuldenlabMVS, de samenwerking met dagbestedingsorganisaties en vrijwilligerswerk. De maatschappelijke kosten-baten analyse is vast onderdeel bij de afweging van nieuw beleid en projecten.
f. Toekomstbestendig Werkleerbedrijf Er wordt geïnvesteerd in productielijnen bij het Werkleerbedrijf en de begeleiding van werkgevers en cliënten. Optimale ontwikkeling en sociale activering van mensen staat daarbij voorop. Het Werkleerbedrijf blijft een stabiele vangnetfunctie voor de meest kwetsbaren vervullen. Stroomopwaarts biedt tijdelijke dienstbetrekkingen aan de doelgroepen uit de banenafspraak. Duurzame dienstbetrekkingen zijn beschikbaar voor de doelgroepen WSW (Wet sociale werkvoorziening) en Beschut werk. Het gaat hier om mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt en een hoge begeleidingsbehoefte. Uit ervaring blijkt dat de stap van het Werkleerbedrijf naar het bedrijfsleven, binnen de huidige manier van werken, op dit moment vaak te groot is. Het doel is om de stap naar het bedrijfsleven makkelijker te maken, om de succesratio te verhogen en onze cliënten meer perspectief te bieden buiten het werkleerbedrijf. Op dit moment wordt een aanpak hiervoor uitgewerkt. De financiële resultaten van het Werkleerbedrijf staan in 2023 onder druk, onder meer door het teruggelopen aantal detacheringen van WSW-medewerkers bij externe werkgevers en financiële problemen bij belangrijke afnemers zoals Pieter Pot. Het op peil houden van een voldoende orderportefeuille krijgt de nodige aandacht.
Beschut Mensen met een beperkte loonwaarde die meer begeleiding en faciliteiten nodig hebben dan van een reguliere werkgever mag worden verwacht, kunnen een indicatie Beschut Werk aanvragen. Beschut Werk is ingaande 2015 het alternatief voor instroom in de Sociale Werkvoorziening. Na toekenning door het UWV komen mensen met een loonwaarde van maximaal 30% in aanmerking voor beschut werk binnen Stroomopwaarts. Voor de komende jaren wil Stroomopwaarts een jaarlijkse groei van het aantal aanstellingen realiseren, minimaal in lijn met de taakstelling vanuit de Rijksoverheid. In 2023 is de instroom in Beschut Werk sterker dan voorzien, mede door de sluitende aanpak met het onderwijs, de nauwe samenwerking met de praktijkscholen én de inzichten die Stroomopwaarts inmiddels heeft m.b.t. de inzetbaarheid van mensen die al langdurig in de uitkering zitten en multiproblematiek hebben. Het bestuur van Stroomopwaarts acht het in lijn met onze strategische visie onwenselijk om wachtlijsten te hanteren voor deze kwetsbare groep. Daarom wordt het aantal plekken binnen de bestaande middelen uitgebreid. Dit is vastgelegd in een (derde) begrotingswijziging.
€ Financiële positie
Bijlage
15
Aantal banen beschut
Per gemeente
Gemiddeld
Maassluis
Vlaardingen
Schiedam
SOW
Begroot 2023
19
45
53
117
Realisatie 2023 t/m 30-04-2023
14
37
68
119
Realisatie 2023 t/m 31-08-2023
17
42
86
145
Verschil t.o.v. begroting
-2
-3
33
28
Dit zijn de standcijfers tot en met april en augustus. Over het gehele jaar wordt een gemiddelde toename met 23 plekken verwacht. In samenwerking met dagbestedingsorganisaties, is de methodiek Simpel Switchen ingevoerd. Het is makkelijker geworden om vanuit dagbesteding door te groeien naar bijvoorbeeld Beschut Werk. Waar werken te zwaar wordt voor mensen, is de omgekeerde route ook een optie. Hiermee ontstaat meer en meer een sluitende aanpak voor deze kwetsbare doelgroep. WSW-populatie De medewerkers die in het kader van de Wet Sociale Werkvoorziening bij Stroomopwaarts in dienst zijn, worden zowel intern ingezet (productie en dienstverlening) als extern (detachering). De mate van maatschappelijke participatie en de hoogte van de loonwaarde is het grootst bij detachering, daarom heeft dit de voorkeur. Onder invloed van Covid-19 heeft echter een verschuiving plaatsgevonden van detachering naar inzet binnen het Werkleerbedrijf. De inzet is om de omvang van de detacheringen zo veel als mogelijk te herstellen in de komende jaren. Hiertoe is sinds begin dit jaar een projectgroep in het leven geroepen om groepsdetacheringen te realiseren. Inmiddels vinden er oriënterende gesprekken plaats met diverse grote werkgevers. Onze inschatting is dat we het komende jaar hier een eerste stijging zullen realiseren.
De totale omvang van de WSW neemt in de komende jaren af door pensioneringen en doordat er (sinds 2015) geen nieuwe instroom plaatsvindt. Aantal FTE SW
Productie
Diensten
Detachering
Gemiddeld
Begeleid
SOW
werken
Begroot 2023
251
242
165
21
679
Realisatie 2023 t/m 30-04-2023
284
242
127
21
674
Realisatie 2023 t/m 31-08-2023
281
243
126
28
678
Verschil t.o.v. begroting
30
1
-39
7
-1
€ Financiële positie
Bijlage
16
g. Regie op inburgering Statushouders en Gezinsmigranten Stroomopwaarts voert sinds 2022 de nieuwe Wet inburgering uit voor de MVS-gemeenten. De gedeelde visie is dat naast taal, werk een uitstekende basis vormt voor succesvolle inburgering. Stroomopwaarts vervult de regiefunctie in de uitvoering, waarbij er uiteraard ruimte blijft voor ondersteuning op de aanpalende leefgebieden die bijdragen aan een snelle integratie in onze samenleving. Dit vraagt een ketenaanpak met de diverse partners zoals St. Inclusia, taalaanbieders en de welzijnsorganisaties.
h. Verder professionaliseren, ontwikkelen kwaliteit, rust en focus brengen in de organisatie Op ICT-gebied is er een keuze gemaakt om de huidige “afgeschreven” kantoorautomatisering te vervangen voor nieuwe apparatuur. In juni is gestart met de uitrol van nieuwe laptops en beeldschermen en deze zijn grotendeels in gebruikt genomen. De komende maanden zullen in het teken staan van het in gebruik nemen van Office 365. Binnen huisvesting zijn onderzoeken gedaan naar “Heel, Schoon en Veilig” en naar de wetgeving over de duurzaamheid. Deze onderzoeken zijn nog in behandeling bij de eigenaren van de gebouwen, de drie gemeenten. Welke maatregelen worden genomen zal waarschijnlijk in het tweede halfjaar 2023 duidelijk worden. In deze onderzoeken is wel naar voren gekomen dat gemeenten de komende tijd moeten investeren in de gebouwen. Het uitvoeringsplan handhaving 2020-2022 is geëvalueerd en op basis van deze evaluatie is er een nieuw uitvoeringsplan handhaving 2023-2024 opgesteld. De evaluatie geeft aan dat door het opzetten van multidisciplinaire teams, er beter wordt samengewerkt tussen controleurs en aanvraagconsulenten. Dit is goed terug te zien in de behaalde resultaten in de periode 2020-2022.
Als gevolg van onze werkwijze sociale incasso is de incassoquote gestegen (van 12.67% in 2019 naar 19.09% in 2022) en zijn veel meer IB-signalen binnen 2 maanden afgehandeld (58% in 2021 en 83% in 2022). De openstaande fraudevorderingen zijn teruggebracht van € 1.083.284 in 2020 naar € 497.000 in 2022. Door Corona is het aantal huisbezoeken laag geweest. Dit werd veroorzaakt door de lockdown en de diverse maatregelen. Het aantal preventieonderzoeken is ruim gehaald (572 onderzoeken in 2022) door het opzetten van multidisciplinaire teams en het voeren van een preventieonderzoek bij elke aanvraag. De website is aangepast, zodat cliënten hun rechten en plichten terug kunnen lezen. Tevens is een folder ontwikkeld, welke aan cliënten wordt uitgereikt, waarin ook de rechten en plichten zijn terug te lezen. Het aantal boetes en het aantal waarschuwingen is sterk afgenomen in de periode 2020-2022. Dit heeft meerdere oorzaken. Ten eerste doordat er meer is gewerkt vanuit vertrouwen richting de cliënt. Daarnaast wordt eerst in eigen data nagegaan of er sprake is van een signaal dat is binnengekomen, maar nog niet is verwerkt. Ook valt door nieuwe jurisprudentie het niet inleveren van documenten onder de medewerkingsplicht en niet meer onder de inlichtingenplicht. In 2022 is een verzuim- en maatregelenteam opgestart.
Dit team is erop gericht om cliënten te activeren om naar het assessment (start traject gericht op werk) te komen. Hierbij worden cliënten bijvoorbeeld actief gebeld om ze te herinneren aan de afspraak voor het assessment. Cliënten die echt niet naar het assessment willen komen, krijgen een maatregel opgelegd. De eerste resultaten zijn positief. Ruim 86% van de aanmeldingen is aanwezig geweest bij het assessment.
€ Financiële positie
Bijlage
17
Projecten: Leefgeld Oekraïne Na het afronden van alle wijzigingen van de leefgeldregeling van individuele uitkering naar gezinsnormen stond het tweede kwartaal van 2023 vooral in het teken van de ingebruikname van de Oekraïense wijk Mrija in Vlaardingen. Naast adresmutaties van Oekraïners die binnen MVS-gemeenten verhuisden is er ook de nodige instroom vanuit andere gemeenten geweest. Doordat deze personen vaak een vertraging hadden in de verwerking van de BRP-registratie zijn in deze periode ook weer kasvoorschotten verstrekt. Aantal gezinnen
Aantal personen
Totaal aantal personen
eerste kwartaal ’23
tweede kwartaal ’23
Maassluis
21
30
27
Vlaardingen
123
107
198
Schiedam
73
124
89
253
261
386
Totaal MVS
Er is een daling van het aantal personen zichtbaar in de gemeenten Schiedam en Maassluis. Dit heeft te maken met de verhuizing van personen naar de nieuwe wijk Mrija en het verdwijnen van de opvanglocatie op de boot in Schiedam. Medewerkers van het team Leefgeld houden 1 dag in de week spreekuur in Mrija. Zij maken hier gebruik van de spreekruimte van de verpleegkundigen. Op 11 september 2023 is het dorp officieel geopend. Het derde kwartaal van 2023 zal in het teken staan van de laatste mutaties en het verwerken van nieuwe instroom.
Energietoeslag De uitvoering van energietoeslag wordt in oktober 2023 gestart, nu de wetgeving vanuit het Rijk rond is.
Kinderopvangtoeslagaffaire In januari 2021 is het meldpunt toeslagen gestart met het ondersteunen van gedupeerde ouders vanwege de kinderopvangtoeslagaffaire. Voor de kinderen van gedupeerde ouders is vanaf 1 november 2022 de kindregeling in het leven geroepen. Aanvankelijk zou 2023 in het teken staan van afronding van de regeling en nazorg. Met name de lange doorlooptijd van de integrale onderzoeken zorgen ervoor dat ouders in de (financiële) problemen blijven zitten. Pas als zij erkend zijn als gedupeerde van de kinderopvangtoeslagaffaire krijgen zij minimaal € 30.000,- en kunnen schulden kwijtgescholden worden. Daarnaast blijven ouders zich nog steeds aanmelden als mogelijk gedupeerde ouder bij de Belastingdienst; dit kan nog heel 2023. Ook ouders die in eerste instantie hadden aangegeven geen ondersteuning te willen, nemen zelf contact op om alsnog ondersteuning te vragen. Door de langere doorlooptijden bij de Belastingdienst verschuiven ook onze termijnen. Ouders hebben langer behoefte aan ondersteuning omdat zij nog altijd in onzekerheid leven. We hebben in onze regio een goed functionerend meldpunt kinderopvangtoeslag affaire en de slachtoffers weten het meldpunt goed te vinden. Door de ervaring die het meldpunt de afgelopen periode heeft opgedaan kunnen zij de ouders, en sinds november 2022, ook de kinderen en jongeren goed ondersteunen.
Gemiddeld is er een nieuwe instroom van 5 nieuwe (mogelijk) gedupeerde ouders/kinderen en jongeren
€ Financiële positie
Bijlage
18
per week. Tot op heden hebben 1730 ouders uit de MVS-gemeenten zich gemeld bij de Belastingdienst als mogelijk gedupeerde ouder. Van 1508 (4 september 2023) ouders zijn de gegevens gedeeld met het meldpunt. In totaal zijn 453 ouders in begeleiding.
€ Financiële positie
Bijlage
19
5. V erantwoording extra inzet middelen armoede en schulden 2023 1. Vroegsignalering
€ 92.000
2. Bijzondere bijstand energie armoede
€ 492.000
3. Activiteitenplan armoede schulden
€ 136.000
4. Structurele verstrekking Schuldhulpverlening
€ 101.000
5. Ondersteuning Schuldenlab
€ 49.000
Totaal
€ 870.000
Onderdeel
Resultaat
Vroegsignalering
Met de door de gemeenteraden toegekende middelen wordt extra inzet gepleegd op de vroegsignalering t/m medio 2025. Inwoners die een achterstand
(Budget € 92.000,
hebben in betaling van ziektekostenpremie, water, energie en huur benaderen we actief via het instrument vroegsignalering. Hiermee bereiken we meer
besteding € 55.000)
inwoners met een kwetsbare financiële positie en dit zorgt voor een toename van inzet op preventieve instrumenten, zoals budget coaching en budgettraining. Het aantal achterstandssignalen dat wij per maand van signaalpartners ontvangen blijft ook in deze rapportageperiode hoog met 993 meldingen in augustus. In de maanden juni, juli en augustus hebben twee woningbouwcorporaties door technische redenen alleen crisismeldingen gemeld. Dat scheelt zo’n 200 meldingen per maand. Opvallend is dat vanaf juni het aantal achterstanden bij energiebedrijven sterk is toegenomen van 156 meldingen in januari naar 516 in augustus. Een mogelijke oorzaak is de gestegen energieprijzen waardoor huishoudens het budget niet meer rond kunnen krijgen. De formatiegrootte heeft invloed op de wijze waarop wij inwoners benaderen met het aanbod van Schuldhulpverlening. Een huisbezoek is het meest effectief. Een brief het minst. In de verantwoordingsperiode hebben we 406 huisbezoeken afgelegd en 457 telefoongesprekken gevoerd. Wij hebben in deze periode onder andere 26 betalingsregelingen getroffen, 47 maal verwezen naar een andere instantie zoals Humanitas en de wijkteams, 28 inwoners hebben vanuit vroegsignalering een budgetcursus gevolgd of hebben coaching ontvangen.
Bijzondere Bijstand
Energiekosten komen normaliter niet in aanmerking voor Bijzondere Bijstand. In de hoogte van de algemene bijstand is in principe reeds rekening gehouden
Energie armoede
met energiekosten. Door de energiecrisis namen deze kosten echter flink toe. Lage en middeninkomens kunnen deze kosten niet meer uit hun uitkering,
(Budget € 492.000,
pensioen of inkomen uit arbeid voldoen. Het Rijk heeft om deze reden uiteindelijk wel toestemming gegeven om Bijzondere Bijstand te verstrekken. In de
besteding € 192.000) aanvullende middelen ondersteuning gestegen energieprijzen is hier ook budget voor vrij gemaakt vooralsnog zien wij nog niet dat de gelden volledig benut gaan worden.
€ Financiële positie
Bijlage
20
Onderdeel
Resultaat
Activiteitenplan en Armoede
Het actualiseren van het Activiteitenplan Armoede en Schulden voor 2024 kan resulteren in het aanbieden van activiteiten, waarvoor extra budget nodig is. Op
en schulden
dit moment is hier nog geen inschatting van te maken, omdat het Activiteitenplan samen met de Regionale Visie Armoede en Schulden 2020 – 2023 nu wordt
(Budget € 136.000,
geëvalueerd. Er zijn diverse activiteiten waarna onderzocht wordt zoals de VoorzieningenWijzer en het Huishoudboekje. Voor komend jaar is er ook extra budget
besteding p.m.)
voor de kindregelingen benodigd. Dit nemen we mee in de planvorming.
Structurele Versterking
Er is landelijk onderzoek gedaan naar de verwachte toename van schuldhulpvragen. Uit het onderzoek kwam een verwachte stijging van het aantal
Schuldhulpverlening
schuldhulpvragen met maximaal 20%, verdeeld over een aantal jaar. Op dit moment zien we een stijging van 20% in het lopende jaar. De gelden zijn nog niet
(budget € 101.000,
volledig benut omdat de uitbreiding van de organisatie in de loop van het jaar gerealiseerd is.
besteding € 40.000) Ondersteuning Schuldenlab MVS
Het SchuldenlabMVS draait inmiddels 1,5 jaar en we hebben een aantal mooie projecten gerealiseerd. Vanuit het SchuldenlabMVS zijn we gestart met De
(Budget € 49.000,
Doorbraakmethode en de komende 2 jaar gaan we 150 casussen behandelen in samenwerking met IPW/SOHOS. Het komende jaar willen we zoveel mogelijk
besteding € 49.000)
schuldeisers aansluiten bij het Collectief Schuldregelen. En zijn we de mogelijkheden aan het onderzoeken voor een Maatwerkaanpak Jongeren waarbij we geïnspireerd zijn geraakt door het landelijke Jongeren Perspectief Fonds. Ook onderzoeken we de aansluiting bij de VoorzieningenWijzer.
€ Financiële positie
Bijlage
21
6. Stand van zaken prestatiedoelstellingen Prestatie
Indicator
Stand van zaken
Product
Voortgang
1 Berap 2 Berap e
e
Resultaat iedere cliënt in beeld
1.000
729
1.148
Aanvraag
Doorlooptijd aanvraag uitkering binnen vier weken, exclusief hersteltermijn
80%
89%
82%
Aanvraag
Schuldhulpverlening geslaagd: schone lei en/of uitbetaalde
300
81
170
SHV-trajecten
saneringskredieten De afronding van de trajecten staat in verband met het starten van de schuldregelingen cq. Saneringskredieten. Dit fluctueert. Het aantal trajecten in de schuldhulpverlening neemt toe, maar was vorig jaar nog niet zo hoog als we toen hadden verwacht op basis van landelijke berichtgeving. We zien over 2023 een toename van 20% nieuwe meldingen. In 2022 hebben 720 inwoners zich gemeld. Dit jaar hebben 576 inwoners zich gemeld in de periode t/m augustus. Als deze trend doorzet dan loopt dit op naar 864 meldingen voor dit jaar. Het aantal schuldregelingen neemt relatief gezien af en we zetten vaker andere dienstverlening in als budgetcoaching (63) en trainingen (58). We hebben een positief slagingspercentage van 78% op de schuldregelingen. T/m augustus zijn er 190 schuldregelingen gestart. Gemiddeld aantal uitkeringen Participatiewet
< 5.204
5.206
5.170
Inkomensvoorziening
We zitten nu onder onze doelstelling met een gemiddelde van 5170 van de afgelopen 12 maanden. We zien echter een stagnatie in de uitstroom en een hogere instroom waardoor we verwachten dat het gemiddelde weer zal stijgen. Een van de oorzaken van een hogere instroom ligt in de toename van statushouders die zich in de gemeenten vestigen. Aandeel cliënten langer dan twee jaar in uitkering (zonder onderbreking)
< 69%
73%
73%
Activeren
Cliënten die langer in de uitkering zitten hebben meer tijd nodig om in staat te zijn om deel te nemen aan de arbeidsmarkt. Daarnaast hebben cliënten veelal te maken met multiproblematiek. Ondanks dat het percentage gelijk blijft, is het aantal cliënten wat langer dan vier jaar in de uitkering verblijft ten opzichte van januari met 47 gedaald. Vroegsignalering schulden: vervolgtraject na eerste contact
> 6%
18%
20%
Vroegsignalering
Relatief aandeel uitkeringsgerechtigden met inkomsten uit deeltijdarbeid
12%
8%
7%
Ontwikkelen
Dit aantal blijft achter. Doelstelling is relatief hoog (ook t.o.v. de Benchmark, landelijk ligt het percentage op 9%). De ‘sluitende aanpak’ heeft een positief effect op deze cijfers en we blijven actief inzetten op het parttime-assessment (voor mensen die maar enkele uren per dag inzetbaar zijn bijv. wegens gebrek aan kinderopvang). Verder gaan we speciale banenmarkten voor parttime werk organiseren.
€ Financiële positie
Bijlage
22
Prestatie
Indicator
Stand van zaken
Product
Voortgang
1e Berap 2e Berap Aandeel duurzame uitstroom (langer dan 6 maanden aaneengesloten)
85%
93%
95%
25%
8%
4%
Ontwikkelen
in geval van uitstroom naar werk of zelfstandig ondernemerschap Nieuwe instroom bijstand is binnen 12 maanden aan het werk
Onze huidige instroom blijkt het vangnet langer nodig te hebben omdat de afstand tot de arbeidsmarkt groter is dan in voorgaande jaren. De huidige groep vraagt meer ontwikkeling en begeleiding passend bij hun huidige arbeidsvermogen. Gemiddeld aantal banen met loonkostensubsidie (banenafspraak)
479
365
427
Aandeel succesvol afgeronde werkleertrajecten (cliënt is “job ready”,
420
64
97
direct bemiddelbaar)
Het begrote aantal COT trajecten wordt niet behaald. Enerzijds is er veel minder instroom in het assessment en komt en deel hiervan niet door het assessment heen. Anderzijds heeft de huidige instroom in het COT een grotere afstand tot de arbeidsmarkt waardoor een WL-traject langer zal duren. De huidige assessment methodiek vraagt om een meer persoonlijke aanpak op maat gemaakt per cliënt zodat we meer mensen kunnen ‘assessen’ en we betere begeleiding kunnen bieden en daarmee ‘job ready’ maken. Aantal matching banen vanuit Werkgevers Servicepunt (WSP) Stroomopwaarts
275
81
150
Accountmanagement
We blijven achter bij de beoogde resultaten. Dit heeft te maken met de lagere instroom aan de voorkant en de huidige vacatures die wij ontvangen van onze opdrachtgevers die veelal hetzelfde zijn als de vacatures die ze uitzetten bij uitzendbureaus en op Indeed staan. De focus zal vanaf nu veel sterker komen te liggen om te matchen op basis van wat onze cliënten te bieden hebben in combinatie met het werkaanbod bij onze opdrachtgevers. Ziekteverzuim WSW en Beschut
< 13,5%
16%
15%
Arbeidsparticipatie
Is in lijn met de landelijke trend. De doelgroep wordt steeds ouder (geen nieuwe jonge instroom vanwege sluiting WSW) en 13.5% lijkt een te ambitieuze doelstelling. Vanuit HRM en management blijft er aandacht voor preventie en reductie van verzuim door het organiseren van SMT’s, verzuimtrainingen en door werkleiding hier alert op te houden. Arbeidsontwikkeling WSW en Beschut: gemiddelde dekking loonkosten
33%
30%
31%
Interne arbeidsparticipatie
door opbrengsten De stijging van de kosten van energie en grondstoffen en het wettelijk minimumloon (WML) zetten het realiseren van deze ambitie onder druk. Vanwege de hoge inflatie zijn veel grondstoffen minder voorradig en veel duurder. Dit geldt ook voor de stijging van het WML. Dit heeft geleid tot grote problemen bij één van onze grootste klanten Pieter Pot, wat zijn impact heeft op het financiële resultaat van het Werkleerbedrijf. De stijging van het WML betekent een hogere loonkostenpost. Gestreefd wordt naar het meer detacheren van WSW-medewerkers. Dat aandeel is door de Covid-19 crisis teruggelopen.
€ Financiële positie
Bijlage
23
Prestatie
Indicator
Stand van zaken
Product
Voortgang
1e Berap 2e Berap Het percentage inburgeraars dat voldoet aan de inburgeringsverplichtingen
80%
NNB
NNB
binnen de inburgeringstermijn die hiervoor is afgesproken De gemiddelde trede zelfredzaamheid van de inburgeraar bij einde
NNB
inburgering Het taalniveau bij het einde van de inburgeringsplicht
60% (B1)
NNB
NNB
Het percentage statushouders dat een opleiding volgt of werk heeft,
80%
NNB
NNB
95%
100%
100%
80%
60%
60%
3 jaren na de start van de uitkering Percentage Plan Inburgering en Participatie (PIP) dat binnen tien weken na huisvesting gereed is Percentage inburgeraars op B1 route, Z route of onderwijsroute
Gezinsmigranten zijn niet verplicht om een opleiding te volgen en kiezen vaak voor zelfstudie. Hier is geen rekening mee gehouden met het opstellen van de KPI. Als we de gezinsmigranten buiten beschouwing laten, komt de prestatie indicator uit op 80%. Het voorstel is om deze prestatie indicator daarop blijvend aan te passen en dus gezinsmigranten buiten beschouwing te laten. Cliënttevredenheid (KTO) onder cliënten van de Participatiewet
7,5
NNB
NNB
Bedrijfsvoering
Klanttevredenheid commerciële klanten
8
NNB
NNB
Bedrijfsvoering
Het ziekteverzuim van het ambtelijk personeel ligt onder het landelijk
< 5,4%
9,4%
9,1%
Bedrijfsvoering
(tweejaarlijks gemeten door BMC)
gemiddelde voor vergelijkbare organisaties De stijging van het verzuim is een landelijke trend. Binnen Stroomopwaarts is het verzuim van onze medewerkers die vallen onder de CAO SW/Cao Aan de Slag onder de benchmark. Het verzuim binnen de ambtenaren (9,3% voortschrijdend) stijgt en ligt zelfs iets boven de landelijke benchmark (8,2%). De oorzaak is psychosociale arbeidsbelasting (maatschappelijke veranderingen, pandemie, financieel, oorlog, inflatie, mantelzorg en een veeleisendere maatschappij (tempo en werkdruk)). Dit zorgt voor meer langdurig verzuim. Binnen SOW bieden we hulp en ondersteuning bij bovengenoemde oorzaken. We verwachten voor het einde van het jaar dat we weer onder de benchmark komen. Absoluut aantal bezwaarschriften
€ Financiële positie
970
Bijlage
187
343
24
Prestatie
Indicator
Stand van zaken
Product
Voortgang
1e Berap 2e Berap Het percentage bezwaarschriften dat (ambtelijk of anderszins) gegrond
< 25%
16,7%
28,1%
wordt verklaard
De KPI ‘percentage dat ‘ambtelijk of anderszins’ gegrond wordt verklaard is genormeerd op 25%. Dit percentage betreft de gemiddelde jaarlijkse realisatie. De maandelijkse realisatie varieert binnen een bandbreedte van 10% tot 40%. De huidige realisatie, welke vergelijkbaar is met 2022, geen reden tot zorg. Het realiseren van de KPI is nog steeds een realistisch streven. Bij het KCC wordt een telefoongesprek direct afgehandeld
€ Financiële positie
Bijlage
≥ 60%
70%
70%
Dienstverlening
25
7. Stroomopwaarts financieel in beeld per 31 augustus 2023 Tabel vergelijking realisatie en begroting 2023 inclusief begrotingswijzigingen
Prognose geheel 2023
Verschil begroot (t/m BW3)
Programma
Primaire begroting 2023
Begroting 2023 na BW3
Totaal
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Inkomen
2.515
-102.096
-99.581
5.889
-129.535
-123.646
5.566
-130.496
-124.930
-323
-961
-1.284
Werk
3.065
-14.280
-11.215
2.971
-12.912
-9.940
2.167
-12.119
-9.952
-804
129
-676
Werkleerbedrijf
8.495
-27.475
-18.980
7.755
-29.745
-21.990
8.025
-31.670
-23.645
270
-1.261
-991
-
-1.878
-1.878
-
-4.535
-4.535
-
-1.661
-1.661
-
2.874
2.874
150.383
-
150.383
177.735
-
177.735
176.512
-
176.512
-1.223
-
-1.223
Overhead
5
-19.457
-19.452
5
-18.697
-18.692
30
-18.118
-18.088
25
579
604
Vennootschapsbelasting
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Onvoorzien
-
-200
-200
-
-200
-200
-
-
-
-
200
200
Totaal baten en lasten: 164.463 -165.387
-924
194.355 -195.625
-1.270
192.300 -194.064
-1.764
2.055
1.560
-495
-
1.270
-
-
-
193.570 -194.064
-494
-2.055
1.560
-495
Inburgering Algemene dekkingsmiddelen
Reservemutaties
924
-
924
Geraamd resultaat: 165.387 -165.387
0
1.270
en prognose
-
1.270
195.625 -195.625
0
1.270
De bestuursrapportage rapporteert over afwijkingen ten opzichte van de begroting 2023, die is aangepast tot en met concept 3e begrotingswijziging 2023. Per saldo is er voor Stroomopwaarts sprake van een gering negatief saldo (€ 495). In de rechtstreeks met de gemeenten af te rekenen zaken is er sprake van een saldo van € 1,223 mln. op de bestaande regelingen. Door begrotingswijziging 3 (uitbreiding Beschut Werk plekken) is er een verschuiving in de dekking, waardoor de begrote lasten bij programma werk met € 0,664 mln afnemen en bij het werkleerbedrijf met € 0,664 mln toenemen.
€ Financiële positie
Bijlage
26
Toelichting financiële afwijkingen en maatregelen: Afwijking: Programma 1 Inkomen Oorzaak van de afwijking
Onderbesteding van Schuldhulpverlening (133K) door lagere personeelslasten door latere opvulling van de formatieplaatsen die door extra gelden beschikbaar zijn gesteld. Verwachte overbesteding van de CAV (Collectieve Aanvullende Verzekering), overige armoedevoorzieningen (-137K) door meer gebruik van de CAV-regelingen Ook worden er extra inrichtingskosten voor statushouder verstrekt waar ook leenbijstand als extra baten tegenover staan (350K). Extra inzet van personeel voor de afhandeling van de aanvragen(-150K). Overbesteding van de kindregelingen (-99K) en bewind voering (-57k) doordat meer inwoners en kinderen gebruik maken van de regelingen. Overbesteding van inkomensvoorziening (-1.496K) door een gelijkblijvend bestand en stijging van de gemiddelde uitkeringsprijs door lager bedrag parttime inkomsten. Door veranderd beleid is het verstrekte bedrag leefgeld van Oekraïner lager geworden wat resulteert in een lager bedrag dan dat in de begroting staat (1.082). Lagere personeelskosten voor Team dienstverlening (189).
Maatregelen
De overbesteding van armoedegelden, kindregelingen en bewindvoeringen worden afgerekend met de gemeenten. De wijziging van leefgeld wordt afgerekend met de gemeenten.
Te verwachten rendement maatregel
Tijdig signaleren aan de deelnemende gemeente over hun financiële positie en ontwikkeling aangezien dit een openeinderegeling is die op basis van realisatie met de gemeenten wordt verrekend.
Afwijking: Programma 2 Werk Oorzaak van de afwijkingen
De omzet voor SW-detacheringen is lager dan begroot (€ 0,8 mln.). De ontwikkeling van de loonkostensubsidie (Banenafspraak extern) blijft € 0,125 mln euro achter bij de verwachting.
Maatregelen
Er is inmiddels een project gestart waarbij wordt ingezet op groepsdetacheringen van SW-collega’s. Op dit moment zijn er verschillende gesprekken gaande met potentiële opdrachtgevers om dit te realiseren. Ontwikkeling LKS (loonkostensubsidie) houdt verband met gering aantal cliënten dat een re-integratietraject volgt en daarna kan uitstromen. Onze inzet richt zich nu primair op het verhogen van de instoom in het assessmentcenter om op termijn de uitstroom en inzet van LKS te kunnen realiseren. De praktijkroute is hierbij een instrument voor de interne plaatsing en extern blijven wij aan de weg timmeren om werkgevers te vinden die onze doelgroep een kans willen bieden. In dat kader is net voor de zomervakantie, samen met onze commerciële partner VANAD, een grote belactie worden georganiseerd in de MVS-regio om zoveel mogelijk ondernemers te benaderen met onze mogelijkheden.
Te verwachten rendement maatregel
Wij verwachten in het 4e kwartaal een inhaalslag te kunnen maken maar verwachten niet het beoogde aantal detacheringen te kunnen realiseren. De begrote omzet zal niet gerealiseerd worden.
€ Financiële positie
Bijlage
27
Afwijking: Programma 3 Werkleerbedrijf Oorzaak van de afwijkingen
De toename van de lasten van € 1,2 mln. wordt veroorzaakt door: Kosten personeel en payroll (-0,55 mln.) Het wettelijk minimum loon (WML) is 10% gestegen. Dit is deels gecompenseerd door de gemeenten (extra 3%) maar is niet voldoende om het tekort te compenseren. Verder zijn de projecten uit 2022 die gefinancierd waren met de extra middelen uit het gemeentefonds (decembercirculaire 2020) niet per direct gedurende het jaar geleidelijk afgebouwd. Dat leidt ook tot extra omzet. LKS interne arbeidsparticipatie (-0,7 mln.) Door extra inzet op LKS middels de sluitende aanpak (het aanboren van nieuwe doelgroepen en extra opname in het doelgroepregister) en door de toename van Beschut werk (zie 3e begrotingswijzing) is er een overrealisatie t.a.v. loonkostensubsidie interne arbeidsparticipatie. Dit veroorzaakt een tekort van € 0,7 mln. t.o.v. de begroting. ESF Stroomopwaarts spant zich in om de reguliere activiteiten mede te dekken door het verwerven van externe inkomsten, daarmee kan de bijdrage van de gemeenten worden gematigd. Voorbeeld is de ESF (Europese subsidie). Om aan de subsidievoorwaarden te voldoen worden scherpe eisen gesteld, ten aanzien van verantwoording.
Stroomopwaarts vertegenwoordigt de MVS-gemeenten en kan aanspraak maken op maximaal € 1,9 miljoen voor de periode 2017-2019 en maximaal € 2,6 miljoen voor de periode 2020-2022, mits de dossiervorming voor 100 procent op orde is. De administratie en dossiers dienen volledig te voldoen aan de regels van ESF. Binnen de organisatie nam Stroomopwaarts maatregelen om dit te bereiken. Stand van zaken: ESF 2017-2019 De definitieve vaststelling van deze subsidie is nog steeds niet bekend. De controle over de eindverantwoording door het ministerie heeft vertraging opgelopen waardoor de definitieve vaststelling nu is doorgeschoven naar het eind van dit jaar. Dit heeft met diverse vertragingen te maken vanuit het Ministerie. ESF 2020-2022 De ESF-periode liep van 1-2-2020 t/m 1-7-2022. De verbeterpunten die zijn voort gekomen uit de ESF-evaluatie 2017-2019 zijn toegepast. De eerste audit is inmiddels afgerond en heeft geresulteerd dat we de maximale subsidie van € 2,6 mln. zullen ontvangen. De definitieve subsidiebeschikking verwachten wij eind 4e kwartaal 2023/ begin 1e kwartaal 2024.
Maatregelen
-
Te verwachten rendement maatregel
N.v.t.
€ Financiële positie
Bijlage
28
Afwijking: Programma 4 Inburgering Oorzaak van de afwijkingen
Lagere uitvoeringkosten (€ 0,291 mln.) De taakstelling voor de begeleiding van statushouders en gezinsmigranten is in 2023 verhoogd. De capaciteit wordt daarop conform de afgesproken normering aangepast, de invulling daarvan verloopt (mede door de krappe arbeidsmarkt) iets achter. SPUK middelen (€ 2,584 mln.) Betreft middelen specifieke uitkering (SPUK) ten behoeve van diverse mogelijke trajecten voor statushouders en gezinsmigranten (bijvoorbeeld taalonderwijs). Deze worden via de gemeenten op basis van realisatie afgerekend met het rijk. De gemeente Vlaardingen en Schiedam hebben de taakstelling t.a.v. de instroom en huisvesting voor statushouders niet gehaald. Verder heeft DUO een achterstand in het opleggen van de inburgeringsplicht bij mensen die gekoppeld zijn aan onze gemeenten. Door de verlate instroom komen de kosten later in het jaar c.q. volgend jaar.
Afwijking: Algemene dekkingsmiddelen Oorzaak van de afwijkingen
Betreft de afwijking van de bijdrage inkomensvoorziening, armoedevoorziening en loonkostensubsidie, en de openeinderegelingen die op basis van realisatie met de gemeenten worden verrekend.
Afwijking: Overig Oorzaak van de afwijkingen
Overhead: Doordat niet alle formatie bezet is, wordt niet het volledige budget benut (300k). Stroomopwaarts kan daardoor ook de kostenstijgingen van onder andere het WML (wettelijk minimumloon wat met name speelt in de cao’s WSW en Aan de Slag) en inflatie voorlopig opvangen. Daarnaast is er minder inhuur te verwachten binnen de overhead (200k), er wordt ingezet om de oplossing binnen de organisatie te vinden. Voor 2024 is Stroomopwaarts in gesprek met de gemeenten over de systematiek van de indexering van de gemeentelijke bijdragen. Deze is in 2022 en 2023 niet toereikend geweest, wat de organisatie niet blijvend kan opvangen.
€ Financiële positie
Bijlage
29
8. Financiële positie Het onderstaande verloop van de Algemene Reserve is een momentopname. Bij de jaarrekening zal de financiële positie weer in ogenschouw genomen worden. Onder de huidige omstandigheden hebben wij nog steeds te maken met veel risico’s en onzekerheden. Algemene reserve (bedragen x 1.000)
2022
2023
Stand per 1 januari
2.145
2.482
Resultaat voorgaand boekjaar
4.571
475
Afrekening resultaat voorgaand boekjaar
-514
2024
2025
2026
2.145
2.145
2.145
2.145
2.145
2.145
met gemeenten Vorming bestemmingsreserves
-3.998
Begrote storting
515
Begrote onttrekking
-238
Stand per 31 december
€ Financiële positie
2.482
Bijlage
-812
2.145
30
9. Bijlage bijdrage per gemeente (excl. algemene dienstverlening) Bijdrage per gemeente
Primaire begroting 2023
Begroting 2023
Prognose
Verschil begroot (t/m BW3)
(t/m BW3) Totaal
en prognose
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
45
-571
-526
45
-678
-633
127
-799
-672
82
-121
-39
-
-272
-272
-
-272
-272
-249
-249
-
24
24
Maassluis - Armoedevoorziening - Bewindvoering - Particpatie kinderen
-
-284
-284
-
-284
-284
- Inkomensvoorziening
260
-11.182
-10.922
260
-12.084
-11.824
- LKS
-
-606
-606
- Energietoeslag
-
-
- Opvang Oekrainië leefgeld
-
-
- Trajecten Wet Inburgering
-
-229
- Tozo *
-
-
- Maatwerk **
-
-84
305
-375
-375
-
-91
-91
230
-12.789
-12.559
-30
-705
-735
-628
-628
-
-22
-22
114
-2.248
-2.134
-
-
-
-
-606
-606
114
-2.248
-2.134
-
-
-244
-244
-122
-122
-
121
121
-229
-
-634
-634
-273
-273
-
361
361
-
-
-
-
-
-
-
-
-84
-
-473
-473
-473
-473
-
-
-
-13.229
-12.924
419
-17.523
-17.104
471
-17.957
-17.486
52
-434
-382
132
-1.308
-1.176
132
-1.556
-1.424
267
-1.659
-1.392
135
-103
33
-
-937
-937
-
-937
-937
-996
-996
-
-59
-59
(SPUK)
Subtotaal Maassluis Vlaardingen - Armoedevoorziening - Bewindvoering - Particpatie kinderen
-
-660
-660
-
-660
-660
- Inkomensvoorziening
810
-35.383
-34.573
810
-38.235
-37.425
- LKS
-
-1.189
-1.189
- Energietoeslag
-
-
- Opvang Oekrainië leefgeld
-
-
- Trajecten Wet Inburgering
-
-506
- Tozo *
-
-
- Maatwerk **
-
-496
942
-40.479
-
-1.189
-1.189
345
-6.553
-6.208
-
-
-1.215
-1.215
-506
-
-1.471
-1.471
-
-
-496
-
-2.258
-2.258
-39.537
1.287
-54.075
-52.788
730 345 -
-689
-689
-
-29
-29
-39.193
-38.463
-80
-958
-1.038
-1.130
-1.130
-
59
59
-6.553
-6.208
-
-
-
-743
-743
-
472
472
-382
-382
-
1.089
1.089
-
-
-
-
-
-3.340
-3.340
-
-1.082
-1.082
-54.686
-53.344
55
-611
-556
(SPUK)
Subtotaal Vlaardingen
€ Financiële positie
Bijlage
1.342