Bijlage 2 Ontwerpbegroting 2026 SOW
Tekst van het document
Begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029 SAMEN STERK DOOR WERK
WERKPLEIN
Begroting 2026 Voorwoord en leeswijzer
Stroomopwaarts in beeld
Ambities en ontwikkelingen
Programmaplan
Inkomen
Werk >
>
Werkleerbedrijf
Inburgering >
>
Overhead,
Algemene
vennootschapsbelasting
dekkingsmiddelen
en onvoorzien
>
>
Navigatie informatie
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
2
Voorwoord en leeswijzer 2026 zal in het teken staan van structurele bezuinigingen als gevolg van het Ravijnjaar waar de MVS-gemeenten mee geconfronteerd worden. Ondanks dat de gemeenten voor de taken die bij Stroomopwaarts zijn belegd tot op heden voldoende rijksmiddelen krijgen, ontkomen we er niet aan om keuzes te maken. Stroomopwaarts doet belangrijk werk voor kwetsbare inwoners in de MVS-regio. De gemeenten kiezen ervoor de meest kwetsbare inwoners te ontzien en daarom het armoedebeleid niet te betrekken in de bezuinigingsopgave. Daarnaast voert Stroomopwaarts wettelijke taken uit en is werkgever van SW’ers en medewerkers Beschut werk. Ook hierop wordt niet bezuinigd. Dat gezegd hebbende is er een stevig pakket ter waarde van 2,6 miljoen euro aan structurele beheersmaatregelen (dit is 5% van de uitvoeringskosten), waarvan de gevolgen in de dienstverlening en de organisatie gevoeld zullen worden. Desalniettemin staat Stroomopwaarts voor het realiteitsgehalte van dit bedrag. De verwachting is dat de Nederlandse economie ook in 2026 groeit. De spanning op de arbeidsmarkt zal in 2026 iets afnemen, maar het blijft krap. Met name in de zorg, onderwijs, ICT en techniek is een groot personeelstekort. We sluiten met onze leerlijnen aan op de krapte op de arbeidsmarkt.
We benaderen werkgevers per sector, waardoor er een specialisatie per sector ontstaat en we goed kunnen blijven inspelen op de vragen van werkgevers. Maar ook andersom, door met werkgevers in gesprek te gaan, creëren we mogelijkheden voor onze klanten1 om bepaalde taken
1
binnen een vacatures uit te voeren. Onze klanten sluiten niet altijd 100% aan bij de vacature, maar doorgaans zijn wij wel in staat een deel van de vacature uit te voeren (taakready i.p.v. jobready). Zo kan een win-win situatie ontstaan voor alle partijen, de werkgever vult een (gedeelte van een) vacature in en een klant kan uitstromen naar betaald werk. Het inzetten van loonkostensubsidie kan hierbij ondersteunen. Ook in 2026 is het inzetten van loonkostensubsidie een speerpunt voor Stroomopwaarts. De plaatsing via een loonkostensubsidie is beter voor de inwoner (werk) en zowel qua lasten als qua baten financieel aantrekkelijker voor de gemeenten dan het verstrekken van een uitkering. LKS heeft een gunstig effect op de rijksvergoeding, die wordt mede gebaseerd op de feitelijke realisatie: hoe meer plaatsingen, hoe meer compensatie in het volgende jaar. Hierin speelt ook invulling van SROI-contracten in samenwerking met gemeenten een belangrijke rol. De ingangsdatum van de Participatiewet in Balans is beoogd per 1 januari 2026. Het uitgangspunt van de Participatiewet, iedereen die kan werken moet werken, blijft onveranderd. De behandeling van deze wetswijzigingen moet nog plaats vinden in de Tweede en Eerste Kamer.
De 20 maatregelen vanuit deze wetswijziging worden vermoedelijk trapsgewijs ingevoerd tot en met 2028 in verband met de tijd die de ICT-bedrijven nodig hebben om de software aan te passen. Ook de ingangsdatum van de nieuwe wet Handhaving Sociale Zekerheid is nog niet duidelijk en is nu beoogd per 1 januari 2026. We houden dit nauwlettend in de gaten om te zorgen dat beide wetten binnen onze organisatie op goede wijze worden geïmplementeerd.
Controleren op voorliggende voorzieningen zoals werk of het recht op een ander type uitkering.
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
3
In 2025 wordt de Strategische Visie Werk en Inkomen vernieuwd, waarschijnlijk onder de naam Strategische Nota Werk en Inkomen. Hierbij wordt aangesloten bij de Nota Samen Doen (gemeente Maassluis), de Visie transformatie Sociaal Domein Samen Veranderen (gemeente Vlaardingen) en de Kadernota Sociaal Domein (gemeente Schiedam) en. Een belangrijk onderdeel is het toekomstbestendig maken van het sociaal ontwikkelbedrijf door de infrastructuur te optimaliseren. Hiervoor zijn impulsmiddelen vanuit het Rijk beschikbaar om tot een zo gezond mogelijk ontwikkelbedrijf te komen, zodat ook in de toekomst inwoners met een arbeidsbeperking, naar eigen vermogen, mee kunnen blijven doen in de maatschappij. Daarnaast wordt voor de komende 4 jaar (2026 t/m 2029) vastgelegd op welke (hoofd) ambities en doelen Stroomopwaarts zich gaat richten. Op het moment van schrijven van deze begroting is een start gemaakt met het vernieuwen van de huidige visie. Deze zal naar verwachting worden vastgesteld aan het eind van de looptijd van de huidige visie (december 2025). Daar waar er gevolgen zijn voor de begroting van 2026 wordt dit middels begrotingswijzigingsvoorstellen aan de gemeenten voorgelegd. De samenwerking met (sociale) partners is belangrijk voor de brede maatschappelijke taak, die Stroomopwaarts heeft.
Het gaat niet alleen om het verstrekken van een inkomensvoorziening en begeleiding naar werk, maar ook het in beeld hebben en houden van cliënten. We blijven dan ook inzetten op het spreken van cliënten en daar waar nodig doorverwijzen naar wijkteams, zorginstellingen, etc. Er kunnen trajecten worden ingezet om cliënten weer deel te laten nemen aan de maatschappij, bijvoorbeeld door het doen van vrijwilligerswerk.
2026 wordt een jaar waarin veel veranderingen moeten worden geborgd en gemonitord om alle ontwikkelingen van het voorgaande jaar goed te implementeren. We blijven ons focussen op het leveren van goede dienstverlening en blijven ons continue ontwikkelen, reflecteren en (indien nodig) passen we onze dienstverlening aan. Wij gaan ons inzetten om de kwaliteit van dienstverlening ook in 2026 op een hoog niveau te houden!
Hoogachtend, Het dagelijks bestuur van Stroomopwaarts MVS De secretaris de voorzitter
N.C. van der Wekken
Leeswijzer De bedragen in de begroting zijn
Stroomopwaarts is verantwoordelijk voor het uitvoeren van een aantal taken en bevoegdheden
weergegeven in € 1.000, tenzij anders
van de gemeenten Maassluis, Vlaardingen
aangegeven. Baten worden positief
en Schiedam binnen het sociaal domein.
weergegeven en lasten worden voorafgegaan door een minteken (-). Door afrondingen kunnen kleine verschillen ontstaan.
Bijdrage gemeente
S.B. Kuiper
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
Het gaat om de taken op het gebied van de Participatiewet, de wetten inkomensvoorziening, de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, de Wet Inburgering en de Wet kinderopvang.
4
Ambities en ontwikkelingen De inzet van de MVS-gemeenten en Stroomopwaarts sluit aan op de bedoeling van de Participatiewet: iedereen doet mee naar vermogen. Daar waar nodig helpen wij inwoners om zoveel als mogelijk zelfredzaam te worden op het gebied van werk en inkomen en maatschappelijke participatie. Dit doen wij door het bieden van hulp bij werk en de weg daar naartoe, door het bieden van een vangnet en ondersteuning als die zelfredzaamheid er nog niet is. Overeenkomstig de in 2021 door de MVS-gemeenteraden vastgestelde strategische visie op werk en inkomen worden hiervoor de onderstaande leidende principes gebruikt. Deze principes dienen als vuistregels en zijn richtinggevend voor het beleid en de uitvoering: 1. De cliënt en de bedoeling staan altijd voorop en het aanbod is realistisch 2. Zorgen dat het voor elkaar komt, maar niet overnemen 3. Wij zijn betrouwbaar en transparant 4. We werken met lef, anticiperend en preventief In 2025 is gestart met het herijken van de huidige strategische visie werk en inkomen, waarin met name een toekomstbestendige infrastructuur voor het sociaal ontwikkelbedrijf een centrale rol speelt.
Wetswijzigingen Zover nu bekend gaan de wetswijzigingen vanuit de Participatiewet in Balans per 1 januari 2026 trapsgewijs in. De uitgangspunten van de Participatiewet in Balans zijn:
Bijdrage gemeente
• Vereenvoudiging en een toereikend bestaansminimum. • Ondersteuning om mee te doen als dit niet via werk kan, met andere vormen van participatie. • Rechten en plichten die zinvol en begrijpelijk zijn en nageleefd kunnen worden door iedere uitkeringsgerechtigde en aansluiten op het doe vermogen van mensen. Wanneer de situatie daarom vraagt, kan proportioneel gesanctioneerd worden. • Bijstand blijft een laatste vangnet en overstijgt niet het niveau van de voorliggende voorzieningen of het wettelijk minimumloon dat iemand zelf kan verdienen. Ook het complementariteitsbeginsel (eerst voorliggende voorzieningen of eigen middelen voor er recht op bijstand ontstaat) blijft gehandhaafd. Wel wordt gekeken hoe dit doelmatiger kan worden. Inhoudelijk is door Minister van Hijum niet veel veranderd in het wetsvoorstel. De taaleis wordt niet verwijderd, maar er wordt gekeken of deze aangepast kan worden. De minister geeft aan dat iedereen die kan werken, (moet) gaan werken. In onze uitvoeringspraktijk zien we echter dat veel cliënten die een bijstandsuitkering ontvangen, niet op korte termijn kunnen werken en langdurig op de bijstand blijven aangewezen. Werken wordt in de nieuwe wet gestimuleerd door het invoeren van een bufferbudget bij wisselende inkomsten en het aanpassen van de inkomstenvrijlating.
De Wet handhaving Sociale Zekerheid is een nieuwe wet, die vermoedelijk ook per 1 januari 2026 in zal gaan. Deze nieuwe wet bepaalt dat er bij handhaving meer moet worden uitgegaan van vertrouwen. De wet biedt de mogelijkheid om passend te reageren op een overtreding door een waarschuwing, een al dan niet voorwaardelijke boete of afzien van een straf. Het bekendste uit deze wet is de uitspraak: “Iemand moet een foutje kunnen maken”. De Regionale Koers Handhaving wordt op basis van deze nieuwe wet herzien, zodat deze in 2026 wordt geïmplementeerd.
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
5
In de kamerbrief van het ministerie van SZW van 15 oktober 20242 zijn de extra middelen voor infrastructuur sociaal ontwikkelbedrijven en voor banen voor mensen uit het doelgroepenregister bevestigd. Daarnaast is er een tienjarig impulsbudget als ondersteuning voor de veranderopgave naar toekomstbestendige sociaal ontwikkelbedrijven. Door SZW worden oplossingen verkend, om de verdeling van middelen voor beschut werk te verbeteren: op basis van het aantal gerealiseerde banen per gemeente in plaats van de prognose uit 2013 (taakstelling). Het streven is om deze oplossingen per 2026 te implementeren. Een eventuele aanpassing van de systematiek wordt naar verwachting in de meicirculaire van 2025 aangekondigd. Dit zou voor de MVSgemeenten een toename van het budget voor beschut werk betekenen boven op de stijging van de begeleidingsvergoeding die vanaf 2024 is ingegaan.
overheid in kansrijke sectoren; • Participeren in de brede wijkaanpak; • De maatschappelijke effecten van participatie worden inzichtelijk gemaakt en participatie wordt vergroot; • De voorwaarden worden gecreëerd voor een toekomstbestendig Werkleerbedrijf en duurzame huisvesting voor de ambtelijke organisatie; • Er wordt regie gevoerd op een succesvolle inburgering van statushouders en gezinsmigranten; • Het evalueren en waar nodig vernieuwen van het dienstverleningsconcept; we professionaliseren verder, ontwikkelen kwaliteit, en brengen rust en focus in de organisatie;
In 2025 wordt de Wet vereenvoudiging banenafspraak vastgesteld. Met dit wetsvoorstel zijn de regels voor de Quotumregeling aangepast. Er wordt geen onderscheid meer gemaakt tussen bedrijfsleven en overheid. De heffing wordt opgeheven en in plaats daarvan wordt gewerkt met een bonus voor een werkgever, die een medewerker met een arbeidsbeperking langer dan een jaar in dienst heeft voor minimaal 25,5 uur per week. Deze bonus van ongeveer € 5.000 wordt verrekend via het loonkostenvoordeel.
De ambities zijn opgenomen in de uitvoerende programma’s Inkomen, Werk, Werkleerbedrijf en Inburgering. De ambities ten aanzien van de bedrijfsvoering worden toegelicht in de paragraaf Bedrijfsvoering. Als blijkt dat de hoofdambities van 2025 veel afwijken van de nieuw op te stellen hoofdambities, dan wordt dit aangepast en toegevoegd in de 1e Berap 2026. In 2026 staan de dan doorgevoerde beheersmaatregelen centraal. Het uitgangspunt is dat de dienstverlening van Stroomopwaarts op peil blijft. Om dit goed en transparant in beeld te hebben, worden (mede op verzoek van de gemeenten) de KPI’s uitgebreid. Hierdoor ontstaat er steeds meer inzicht in de resultaten van Stroomopwaarts. In Berap’s worden de resultaten van de kpi’s in beeld gebracht en kunnen acties ondernomen of bijgestuurd worden, als blijkt dat resultaten niet worden gehaald.
Hoofdambities Stroomopwaarts voor 2026 De hoofdambities voor Stroomopwaarts worden op dit moment uitgewerkt in een nieuwe strategische visie werk en inkomen (of Regionale Nota) 2026-2029. De hoofdambities voor 2026 zijn tijdens het schrijven van deze begroting nog niet vastgesteld. Zodoende gaan we vooralsnog uit van de hoofdambities in 2025, te weten: • We presteren beter dan de landelijke trend op het gebied van de uitkeringsontwikkeling; • Er is inzicht voor iedere cliënt én ín iedere cliënt; • Er is sprake van een integrale ieuwende aanpak armoede en schulden; • Er is sprake van een sluitende aanpak met ondernemers, onderwijs en
2
Kamerbrief SZW, Voortgang infrastructuur sociaal ontwikkelbedrijven en beschut werk, 15 oktober 2024.
Bijdrage gemeente
Beter presteren dan de landelijke trend op het gebied van de uitkeringsontwikkeling We volgen ten aanzien van de verwachte ontwikkeling van het aantal bijstandsuitkeringen in beginsel de landelijke trend zoals voorspeld door het Centraal Planbureau (CPB). De verwachting is dat de stijging van het aantal uitkering in 2024 wordt doorgezet in 2025 en 2026. We blijven ons echter inzetten om het beter te doen dan de landelijke trend. De klantreis van de klant staat hierbij centraal evenals de erkenning dat de doelgroep van Stroomopwaarts de afgelopen jaren is veranderd en om een andere benadering vraagt. De basis is het goed in beeld hebben van de
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
6
verschillende leefgebieden en de (on)mogelijkheden van klanten. Door goede onderlinge samenwerking wordt gezamenlijk ingezet op het goed begeleiden van klanten op weg naar werk. Hierbij staat het uitgangspunt van de Participatiewet, ‘iedereen doet mee naar vermogen’, centraal. Waar nodig passen wij onze interne organisatie aan om aan onze doelstellingen te voldoen.
Inzicht voor en in de uitkeringsgerechtigde Stroomopwaarts beoogt met een laagdrempelig en gebruiksvriendelijk aanvraagproces te bereiken dat mensen meer eigen regie ervaren tijdens het digitale aanvraagproces. Daarnaast blijft het mogelijk om op een fysieke locatie een aanvraag in te dienen, wanneer de aanvrager dit prettiger vindt en daarbij meer ondersteuning nodig heeft of digitaal minder vaardig is. Net als voorgaande jaren blijven we werken met een brede uitvraag op alle levensgebieden om zo een goed beeld van cliënten te krijgen. Bij een groot deel van de inwoners die nu in de bijstand instromen, blijkt er sprake te zijn van (multi)problematiek. Zo mogelijk schakelen wij hierbij onze ketenpartners in voor een goede doorverwijzing voor hulpverlening of begeleiding. Maar ook de huidige cliënten in ons bestand, waarvan de afstand tot de arbeidsmarkt ver(der) weg is, worden uitgenodigd voor gesprekken om ook hun leefgebieden goed in beeld te houden en na te gaan hoe we onze dienstverlening op deze groep cliënten kunnen aanpassen. Op deze manier blijven we goed zicht houden op onze cliënten.
Integrale aanpak armoede en schulden In 2025 is de nieuwe Regionale Nota Armoede en Schulden 2025 – 2028 vastgesteld. In deze nota is opgenomen hoe binnen de regio de komende 4 jaar, dus ook in 2026, inwoners worden ondersteund bij het verzachten van armoede en het voorkomen en/of oplossen van schulden. Het bestrijden van armoede en schulden vraagt om een integrale aanpak van de landelijke en lokale overheid in samenwerking met maatschappelijke organisaties. Kinderarmoede, preventie en vroeg signalering en inwoners met schulden ondersteunen bij het financieel zelfredzaam maken zijn belangrijke onderwerpen in de Nota. Belangrijke speerpunten in het onderliggende activiteitenplan zijn bestrijden van kinderarmoede, vroeg signalering
Bijdrage gemeente
en preventie van schulden en het vergroten van financiële zelfstandigheid van inwoners door het inzetten van regelingen, ontheffingen, trainingen en voorlichting.
Sluitende aanpak met ondernemers, onderwijs en overheid in kansrijke sectoren De sectorale aanpak is een regionale samenwerking tussen ondernemers, onderwijs en overheid. Deze aanpak is de basis om onze klanten zoveel mogelijk kansen op de arbeidsmarkt te bieden. Binnen Stroomopwaarts zijn leerlijnen aanwezig, die aansluiten bij de vraag op de arbeidsmarkt/ sectorale aanpak, zoals de zorg & dienstverlening, energietransitiemarkt, facilitaire dienstverlening en techniek. Scholen ondersteunen hierbij met het bieden van onderwijs. Door de sectorale aanpak sluiten de leerlijnen binnen Stroomopwaarts goed aan op de vraag van de arbeidsmarkt. Als er veranderingen plaatsvinden in de vraag van de arbeidsmarkt, dan is Stroomopwaarts door deze aanpak hier al in een vroeg stadium van op de hoogte en kan de interne organisatie daar eventueel op worden aangepast door bijvoorbeeld het aanbieden van nieuwe leerlijnen.
Participeren in de brede wijkaanpak In aansluiting bij het Nationaal Programma Leefbaarheid & Veiligheid, hebben Schiedam (de wijken Nieuwland en Oost) en Vlaardingen (de Westwijk) een integrale programmatische wijkaanpak. De gebiedsgerichte aanpak richt zich op wijken, waar sprake is van cumulatie van problemen. Stroomopwaarts werkt samen met andere partijen ten behoeve van de inwoners aan verbeteringen op de verschillende leefgebieden. De opgedane kennis en ervaring wordt ook ingezet in de overige wijken in Schiedam, Vlaardingen én Maassluis. De extra activiteiten die Stroomopwaarts in dit kader ontwikkelt, worden extern gefinancierd buiten de reguliere begroting om (bijvoorbeeld via subsidies).
De maatschappelijke effecten van participatie worden inzichtelijk gemaakt en participatie wordt vergroot De afgelopen jaren is sterk ingezet op het in beeld brengen van onze cliënten, waardoor meer inzicht is verkregen in wat nodig is om te kunnen participeren. Hierdoor zijn steeds meer handvatten beschikbaar om nog
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
7
meer mogelijkheden te creëren voor mensen met een grote afstand van de arbeidsmarkt om toch te kunnen participeren in de maatschappij naar hun vermogen. Afhankelijk van de behoefte en omstandigheden worden diverse trajecten of trainingen ingezet en het contact geïntensiveerd of juist niet. Ook warm doorverwijzen naar sociale partners in de keten wordt actief ingezet. De aansluiting op de wijkaanpak en integrale samenwerking met partners binnen en buiten het Sociale Domein is hiervoor belangrijk.
We investeren in een toekomstbestendig Werkleerbedrijf In het Werkleerbedrijf zijn niet alleen WSW-medewerkers en medewerkers Nieuw-Beschut aan het werk. Ook klanten met een grote(re) afstand tot de arbeidsmarkt zetten hier vaak de eerste stappen in de ontwikkeling naar werk door middel van tijdelijke dienstbetrekkingen aan klanten uit de banenafspraak. Het Werkleerbedrijf is daarmee het centrum van Stroomopwaarts waar dagelijks veel medewerkers en klanten aan het werk zijn. We blijven dan ook continue investeren in het vergroten en verbeteren van de productielijnen in het Werkleerbedrijf. Een toekomstbestendig Werkleerbedrijf is een belangrijk onderdeel van de nieuwe Strategische Nota Werk en Inkomen 2026 - 2029.
We professionaliseren verder, ontwikkelen kwaliteit en brengen rust en focus brengen in de organisatie Het realiseren van de hoofdambities en het werken vanuit de bedoeling van de Participatiewet en de cliënt vooropstellen, slaagt alleen wanneer de organisatie mee ontwikkelt. De bedrijfsvoering levert een forse bijdrage aan de bezuinigingsopgave van Stroomopwaarts in 2026. Tegelijkertijd is het investeren in Bedrijfsvoering (bijvoorbeeld opleiding & scholing, ICT en managementinformatie) ook een voorwaarde om efficiënt te werken. We zullen daar in 2026 een balans in moeten vinden. Het onderzoek van BMC in 2025 naar de hosting3 geeft bedrijfsvoering aanknopingspunten om deze dienstverlening verder te ontwikkelen. Dit onderzoek geeft niet alleen inzicht in de financiële kant van de overdracht van de hosting, maar neemt ook de inrichting en het huidig functioneren van bedrijfsvoering mee en geeft een doorkijk naar toekomstige ontwikkelingen. In 2026 gaan we verder met de aanknopingspunten die uit dit onderzoek volgen.
Er wordt regie gevoerd op een succesvolle inburgering van statushouders en gezinsmigranten Een duaal traject, waarbij zowel aandacht is voor scholing als het opdoen van werkervaring, is een verplichting voor inburgering. Participatie is een belangrijk onderdeel van een succesvol inburgeringstraject. Om dit effectief en efficiënt in te zetten binnen het traject van Inburgering, werkt team Inburgering nauw samen met team Ontwikkeling en team Werkgeversdienstverlening. Hierdoor is een goed lopend proces van overdracht opgebouwd.
3
De hosting is sinds 1 januari 2022 overgedragen vanuit de gemeenten naar Stroomopwaarts en wordt in 2025 geëvalueerd.
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
8
Financieel overzicht met baten en lasten per programma Programma Totaal
Realisatie 2024
(in € x 1 miljoen)
1e begrotingswijziging 2025
Begroting 2026
Verschil Saldo 2026-2025
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo Ombuigingen
Inkomen
7,9
-125,4
-117,5
8,5
-135,9
-127,4
7,7
-141,8
-134,1
Werk
2,6
-13,4
-10,7
2,2
-14,2
-12,0
2,3
-15,9
-13,6
Werkleerbedrijf
7,2
-28,8
-21,5
7,1
-31,8
-24,6
7,2
-33,1
-
-1,3
-1,3
-
-5,3
-5,3
-
-5,4
Bedrijfsvoering/Overhead
0,4
-20,5
-20,1
-
-19,8
-19,8
-
Vennootschapsbelasting
-
-
-
-
-
-
-
Onvoorzien
-
-
-
-
-0,2
-0,2
-
172,9
-
172,9
188,7
-
188,7
-
-
-
-
-0,4
-0,4
191,0
-189,3
1,7
206,5
-207,6
0,3
-
0,3
3,1
-1,9
191,3
-189,3
2,1
209,6
-209,6
Inburgering
Dekkingsmiddelen Implementatie ombuigingen Totaal baten en lasten Reservemutaties Totaal na mutatie reserves
De totale lasten stijgen van 209 miljoen in 2025 naar 217 miljoen in 2026. Hierdoor stijgen de gemeentelijke dekkingsmiddelen met 9,5 miljoen van 188,7 miljoen naar 198,2 miljoen. De gemeentelijke bijdragen voor maatwerk worden direct op de programma’s geboekt. De gemeentelijke bijdrage voor verstrekkingen en voor de uitvoeringskosten worden in het programma dekkingsmiddelen verrekend. Het saldo per programma geeft de netto lasten per programma weer: baten minus de lasten. De verschillen tussen het saldo in 2026 en in 2025 wordt in de laatste drie kolommen toegelicht. Het verschil wordt hier uitgesplitst in de impact van ombuigingen, het volume-effect en het prijseffect.
Volume
Prijs
1,1
-2,9
-4,9
0,6
-1,7
-0,4
-25,9
-
-0,2
-1,0
-5,4
0,1
-
-0,1
-19,3
-19,3
0,9
-
-0,4
-
-
-
-
-
-0,2
-0,2
-
-
-
198,2
-
198,2
-2,6
5,3
6,8
-
-1,2
-1,2
-
-0,7
-
-1,2
215,3
-216,8
-1,4
-
-0,3
0,0
1,2
1,8
-0,3
1,4
-
0,3
-
0,0
217,1
-217,1
0,0
-
0,0
0,0
Het totale prijseffect leidt tot 6,8 miljoen hogere gemeentelijke bedragen. De gemeenten worden hiervoor naar verwachting door het Rijk gecompenseerd. Het volume effect vanuit de programma’s bedraagt 5,3 miljoen (2,9 miljoen Inkomen, 1,7 miljoen Werk en 0,2 miljoen Werkleerbedrijf). De volume effecten (zoals het aantal uitkeringen) wordt per programma toegelicht. De impact van de incidentele implementatiekosten, de ombuigingen en de 1,6 miljoen bestemmingsreserve (eenmalige gemeentelijke bijdrage in 2025) zijn in de tabel opgenomen als een positief “volume” effect. CPB MEV (september 2024)
De ombuigingen per programma leiden tot een totale besparing in de dekkingsmiddelen van 2,6 miljoen ten opzichte van 2025. De besparing voor het Schuldenlab (0,1 miljoen) wordt vanaf 2025 gerealiseerd.
Bijdrage gemeente
Prijsstijging (%) Gemiddelde prijsinflatie uitvoeringskosten Prijsoverheidsconsumptie, beloning werknemers (%)
80%
Overige lasten consumenten prijsindex (CPI)
20%
2026
2027
Prognose
Prijsniveau
2,2
-
2,0
-
3,0
-
Bruto Wettelijk minimumloon (WML)
3,8
-
Netto minimumuitkering
4,1
-
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
9
Zoals aangegeven in de kaderbrief zijn de landelijke cijfers gebruikt voor de volume- en prijsontwikkelingen. De lonen en prijzen worden geïndexeerd op basis van de gegevens uit de Macro-economische verkenningen van het Centraal Planbureau (september 2024). Deze komen overeen met de aankondiging van de percentages voor indexering voor MVS GR’en vanuit de MVS-gemeenten (2,2%). Daarbij wordt er een onderscheid gemaakt tussen de uitvoeringskosten Stroomopwaarts, kosten van de uitkeringen (netto minimumuitkering) en kosten van doelgroep medewerkers op basis van het wettelijk minimumloon. De beschikbare rijksmiddelen voor Participatie stijgen naar verwachting in 2026 met 11,5 miljoen op basis van de huidige landelijke prognoses. Op basis van dezelfde prognoses stijgen de lasten van Stroomopwaarts met 9,1 miljoen. 2025>2026 Ontwikkeling SOW begroting ten opzichte van Rijksmiddelen Participatie MVS-gemeenten in € x 1 miljoen
+11,5
250 Rijksmiddelen 2025 194,7
Buig & LKS 9,2
AU/GF P-wet 2,1
IU Wsw & Beschut 0,1
200
11,0
8,6 186,1
150
Rijksmiddelen 2026 206,2
195,2
Begroting SOW +9,1 mln
100
50
0
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
10
Begroting 2026
Gemiddeld aantal uitkeringen
839
2.455
2.308
Aantal lopende schuldregelingen
60
275
225
75% Geslaagd tot stand gekomen schuldregelingen*
Instroom
132
478
475
70% Terugbellen binnen 24 uur
Uitstroom
148
488
416
10% Daling aantal klachten
LKS-baan banenafspraak
100
183
258
LKS Beschut werk
27
65
75
25% Bezwaarschriften ambtelijk herzien of gegrond verklaard
STROOMOPWAARTS GEMEENTEN OVERIG
70% VIC 1e meting is goed
KWALITEIT DIENSTVERLENING
SAMEN STERK VOOR WERK
12%
WERKLEERBEDRIJF
WERKSOORTEN
DEELTIJDARBEID
33%
DEKKINGSGRAAD UIT OMZET WERKLEERBEDRIJF
Catering
Bedrijvenregister
Verpakken
Metaal/montage
Post
Personenvervoer
Grijs/groenvoorziening
Digitalisering
Schoonmaak
Werken op locatie
BEGROTING 2026
80% Afhandeling termijn binnen vier weken
MAASSLUIS VLAARDINGEN SCHIEDAM
Stroomopwaarts in beeld CLIENTÈLE UIT PARTICIPATIEWET EN SOCIALE WERKVOORZIENING
INKOMENSONDERSTEUNING Aantal aanvragen armoedevoorziening 6.241
18%
25%
Bedragen x € 1.000,-
Werk Werkleerbedrijf Inburgering Overige onderwerpen
21%
Armoede lokaal
23%
285 LKS-baan banenafspraak 265 Beschut 152 SW detachering/BW 247 SW productie 213 SW diensten 0 Werkleertrajecten
13%
ziekteverzuim SW < 16%
-€ 134.077
Inkomen
Subtotaal Dekkingsmiddelen Reservemutaties
-€ 13.600 -€ 25.894 -€ 5.372 -€ 20.670 -€ 199.612 DEKKINGSMIDDELEN: € 198.168 -1.444
Totaal baten en lasten
0
Aantal aanvragen kindregelingen 19.050
AANTAL UITKERINGSGERECHTIGDEN <5.602
90%
42
snel een baan
aantal FTE 404 ziekteverzuim <7,9%
Tijdelijk Geen
langdurig thuis
94
10.191 5 . 3 72
20
. 67
0
58 4.5 8 3.3 4 8 .9 97
leeftijd
110.276
4
Langdurig
Inkomensvoorziening Participatie Dienstverlening Ontwikkeling Werkleerbedrijf Werkgeversdienstverlening Inburgering Overig Reservemutaties Aanvraag Schuldhulpverlening Armoedevoorziening
44
6
.8
-1 .
7% 3%
25
1 .0
94
AMBTELIJKE ORGANISATIE
5.8 5 3.4 6 09
ARBEIDSONTHEFFING
12
Procesbeschrijving
VOOR WIE?
WAT DOEN WE?
HOE DOEN WE HET?
ARBEIDSPARTICIPATIE
Ontwikkelen naar werk, Directe bemiddeling
Assessment, trainingen, competentieontwikkeling, opleidingshuis
Begeleid & Beschut werken
Assemblage, verpakken, Groen & grijs schoonmaak
Activering & vrijwilligerswerk
Toeleiding naar zorg Begeleiding naar PGB
Inburgering
Brede intake, financiële ontzorging Toeleiding inburgeringsexamen
Financieel vangnet
Aanvraag en inkomensbeheer Armoedevoorzieningen Terugvordering en invordering Bijzondere controle
SCHULDEN
Preventie, signaleren & saneren
Preventiebijeenkomsten Vroegsignalering, crisisinterventie Schuldregelingen, nazorg
WERKGEVERS/ WERKLEERBEDRIJF
Sociaal ondernemen, werk uitbesteden & vacaturevervulling
Social return, detachering Accountmanagement
MAATSCHAPPELIJKE PARTICIPATIE
INKOMENSONDERSTEUNING Bijzondere control
Programma Inkomen
Baten €
7.666
Lasten -€ 141.803
Stroomopwaarts biedt een inkomensvangnet vanuit de Participatiewet. Als inwoners (tijdelijk) niet zelfstandig in hun levensonderhoud kunnen voorzien, dan kunnen zij financiële ondersteuning aanvragen bij Stroomopwaarts. Het streven is om deze aanvragen snel en goed af te handelen voor de inwoner. We streven naar financiële zelfredzaamheid van inwoners en het voorkomen van (problematische) schulden. Daartoe blijven wij continu innoveren.
Saldo -€ 134.137
Ambitie 2026 Inkomen uit werk is de beste inkomensvoorziening. Bij de brede intake worden alle leefgebieden besproken met de cliënt om te zien of er belemmeringen zijn op bepaalde leefgebieden. Tevens wordt nagegaan of de cliënt recht heeft op minimaregelingen. Als blijkt dat er financiële problemen zijn, wordt doorverwezen naar schuldhulpverlening. Waar nodig wordt contact gelegd met (externe) partners zoals wijkteams, zorgaanbieders en woningcorporaties, om belemmeringen op te lossen. Wanneer werk niet gelijk mogelijk is, wordt een traject richting maatschappelijke participatie ingezet. Ook bij inkomen staat de weg naar werk centraal en is het doel om een cliënt financieel zelfstandig te maken.
Stroomopwaarts wil dat zoveel mogelijk kinderen gebruikmaken van de regelingen voor sport en cultuur en van de leermiddelen. Door inzet van vroeg signalering bereiken we inwoners met een kwetsbare financiële positie eerder. Dit zorgt voor een positieve toename van inzet op preventieve instrumenten, zoals budget coaching en budgettraining. Ook bereiken we meer mensen om deel te nemen aan een schuldhulpverleningstraject door vereenvoudiging van de toegang tot de schuldhulpverlening.
Programma Inkomen Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
Programma
14
Wat wil Stroomopwaarts bereiken? Effectindicator
Jaarrekening BGW 2025-1 2024
Begroting
Presentatie indicator
Jaarrekening BGW 2025-1
2026
2024
Gemiddeld aantal uitkeringen Participatiewet
5.300
5.469
5.602
Resultaat iedere cliënt in beeld gericht op werk
Aandeel cliënten langer dan twee jaar in uitkering
71%
<69%
<69%
Resultaat iedere cliënt in beeld gericht op zorg, taal,
(zonder onderbreking)
2.027
Begroting 2026
500
500
500
500
83%
80%
80%
215
300
300
Aantal intakegesprekken schuldhulpverlening
500
500
Aantal gestarte trajecten schuldhulpverlening
350
350
Inclusief Wsnp (wet schuldsanering natuurlijke
85
85
120
120
vrijwilligerswerk
Vroeg signalering schulden: vervolgtraject na
27%
>6%
>6%
eerste contact
Doorlooptijd aanvraag uitkering binnen 4 weken, excl. hersteltermijn
Voor 2026 gaan wij uit van een gemiddeld aantal uitkeringen MVS-breed van 5.602. Gezien de stijging van het aantal cliënten in de uitkering in 2024 ten opzichte van de herijkte begroting 2025 is de verwachting dat in 2026 het aantal cliënten, zoals ook voorspelt door het CPB, in de uitkering zal stijgen. Ontwikkeling gemiddeld aantal uitkeringen Maassluis Vlaardingen
Schiedam
SOW
Gemiddeld aantal 2025
819
2.397
2.253
5.469
Gemiddeld aantal 2026
839
2.455
2.308
5.602
Mutatie
20
58
55
133
Verschil*
Verschil*
Gemiddeld aantal
2024
2025
2026
bijstands uitkeringen Realisatie Kaderbrief26 Kaderbrief26 2025-2024 2026-2025
Schuldhulpverlenging geslaagd = schone lei en/of uitbetaalde saneringskredieten (150 langlopend, 150 kortlopend)
personen), wanneer minnelijke schuldregeling niet mogelijk is Overig: adviesgesprek, budgetcoaching, cursus omgaan met geld (OMG)
(inclusief IOAW, IOZ, BBZ) Maassluis
790
819
839
3,70%
2,42%
Vlaardingen
2.318
2.397
2.455
3,41%
2,42%
Schiedam
2.192
2.253
2.308
2,80%
2,42%
5.300
5.469
5.602
3,20%
2,42%
Totaal
* Conform BUIG model september 2024.
Programma Inkomen Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
Programma
15
Bereik regionale en lokale armoedevoorzieningen in 2025
Totaal
Percentage van huishoudens met laag inkomen langer dan 4 jaar dat
46%
individuele inkomenstoeslag ontvangt is >=50% Percentage van meldingen vroegsignalering dat leidt tot succesvol contact
19%
Landelijk is dat
20%
Percentage hiervan dat leidt tot hulpacceptatie >=25%
27%
Aantal geslaagde SHV-trajecten ("Schone lei")
264
Bereik kindpakket schoolactiviteiten Stichting Leergeld 95%/jaar
107%
Bereik kindpakket buitenschoolse activiteiten Jeugdfonds Sport en Cultuur
52%
>=52% Aantal intakegesprekken SHV >= 500/jr
504
Aantal partners aangesloten bi Convenant samen-werking
50%
beschermingsbewind >=65% in 2028
Wanneer werk niet direct mogelijk is, kunnen dit trajecten zijn gericht op maatschappelijke zorg, taal of vrijwilligerswerk. De motivatie voor de stap naar werk wordt bevorderd door aandacht te hebben voor persoonlijk talent en kennismaking met diverse werkvormen. Hiervoor werken we samen met vrijwilligersorganisaties en organisaties gespecialiseerd in zorgtrajecten gecombineerd met participatie in de samenleving. Participatie De afgelopen jaren is gebleken dat de grootste groep cliënten van Stroomopwaarts (ongeveer 2/3) een grote afstand tot de arbeidsmarkt hebben. Dit betekent dat vaak eerst een participatietraject wordt ingezet alvorens een traject richting werk gestart kan worden. Dit heeft gevolgen voor de duur van de uitstroom van cliënten uit de uitkering. Het doel van participatietrajecten is om cliënten voor te bereiden op een vervolgtraject richting werk. Hierbij staat het uitgangspunt van de Participatiewet centraal: iedereen doet mee naar vermogen. Het vinden van geschikte trajecten om ook deze groep een participatietraject aan te kunnen bieden, heeft in 2026 wederom aandacht.
Bron: Activiteitenplan 25-28
Wat gaat Stroomopwaarts daarvoor doen? Inwoners die zich melden voor een uitkering krijgen binnen een week een breed intakegesprek. Multi-problematiek wordt hierbij in beeld gebracht en waar nodig wordt contact gezocht met onze ketenpartners, zoals het wijkteam voor zorgondersteuning. Vanuit de poortwachtersrol wordt tijdens het intakegesprek ook gekeken of een cliënt gebruik kan maken van een voorliggende voorziening om instroom in de uitkering te voorkomen. Aansluitend op de inkomensintake volgt een werkgesprek, waar alle mogelijkheden besproken worden om weer terug te keren naar de arbeidsmarkt. Hiermee bereiden we iedereen voor op de eerste stappen naar werk. Met de cliënt wordt een vervolgtraject gemaakt, gericht op de kortste weg naar werk of participatie.
Handhaving De verwachting is dat de wet Handhaving Sociale Zekerheid per 1 januari 2026 ingaat. Deze wet gaat uit van maatwerk. Medewerkers moeten, nog meer dan nu het geval is, iedere situatie inhoudelijk beoordelen en onderbouwen wat de juiste werkwijze is. Dit vraagt meer tijd dan nu het geval is. De individuele afweging bij een overtreding geeft de verwachting dat er een toename in het aantal zaken waarin beroep en bezwaar wordt ingediend komt. Maar ook zal deze wet gevolgen hebben voor de incassoquote. Er zal eerder en vaker afgezien kunnen worden van terugvordering als de situatie daar aanleiding toe geeft. Tevens wordt in 2026 de Regionale Koers handhaving aangepast. In afwachting van de nieuwe wet is de huidige koers met 2 jaar verlengd, zodat de wijzigingen en gevolgen vanuit deze wet meegenomen kunnen worden.
Programma Inkomen Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
Programma
16
Kindregelingen Bestrijding van armoede onder kinderen is en blijft een speerpunt. We blijven aandacht vragen voor de armoedevoorzieningen in het algemeen, maar specifiek voor de kindregelingen. In de Regionale Nota Armoede en Schulden 2025 – 2028 en het bijbehorend activiteitenplan zijn de kindregelingen uitgewerkt. Schuldhulpverlening Preventie en intensivering van de inzet op vroeg signalering beperkt bestaande schulden of het ontstaan van nieuwe financiële problemen van cliënten. Inwoners die een achterstand hebben in betaling van ziektekostenpremie, water, energie en huur benaderen we actief. Doordat we vanuit de vroeg signalering inwoners met een kwetsbare financiële positie eerder bereiken, kunnen we vaker kortdurende trajecten inzetten. We blijven dan ook inzetten op het vergroten van het aantal partners dat aansluit bij vroegsignalering. Het aantal kortdurende schuldhulpverleningstrajecten met gebruikmaking van saneringskredieten blijft toenemen. De terugbetalingstermijn van schuldregelingen en saneringskredieten is verkort naar 18 maanden, waardoor nazorg een nog nadrukkelijker eis is om recidive te voorkomen. Nazorgtrajecten hebben een doorlooptijd van 3 jaar. De doelgroep jongeren met schulden blijft onze aandacht houden. Binnen Schuldhulpverlening is dan ook een speciale jongerenconsulent om jongeren te begeleiden.
Vanaf 2026 wordt gebruik gemaakt van DDAS als benchmark voor Schuldhulpverlening. Het softwarepakket waar Schuldhulpverlening mee werkt sluit aan bij DDAS, waardoor de benodigde informatie automatisch aangeleverd kan worden. Alle regionale activiteiten voor het bestrijden van armoede en schulden worden opgenomen in het activiteitenplan armoede en schulden 2025 – 2028.
Team Dienstverlening Inwoners die ondersteuning nodig hebben bij het (digitaal) aanvragen van regelingen voor inkomen, armoede en Schuldhulpverlening kunnen hiervoor terecht bij de Formulierenbrigade. De Formulierenbrigade is op diverse locaties aanwezig in de wijken in de drie gemeenten. De formulierenbrigade heeft ook training gehad om de VoorzieningenWijzer met cliënten in te vullen. De VoorzieningenWijzer is een door Zorgweb ontwikkeld instrument (www.datgeldtvoormij.nl) dat mensen met inkomens tot modaal helpt bij het kiezen en aanvragen van allerlei voorzieningen, die in belangrijke mate de koopkracht kunnen verbeteren. Daarmee verminderen de risico’s van armoede en problematische schulden. Snelheid en kwaliteit zijn uitgangspunten bij telefonische dienstverlening. Hierbij wordt gewerkt met servicenormen, zodat het voor cliënten duidelijk is wat zij kunnen verwachten. Betrouwbare en duidelijke communicatie is hierbij essentieel. Wij communiceren dan ook met de cliënt op A2 niveau4. Projecten Wanneer de noodzaak daar is, voert Stroomopwaarts namens Maassluis, Vlaardingen en Schiedam landelijke regelingen uit ten behoeve van inwoners van de MVS-gemeenten. De afgelopen jaren waren dit de energietoeslag, het leefgeld Oekraïners en het Meldpunt Toeslagen. Deze laatste loopt naar verwachting nog door in 2026 en ook daarna.
Het leefgeld Oekraïne voeren we in 2025 alleen uit voor de gemeente Maassluis en de gemeente Schiedam. De gemeente Vlaardingen (waar de grootste groep Oekraïners met leefgeld verblijven) verstrekt deze vanaf 1 februari 2025 zelf. Ook het leefgeld Oekraïners loopt in 2026 door en wordt naar verwachting in 2027 beëindigd.
Programma Inkomen Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
Programma
17
Wat heeft het programma Inkomen gekost? Programma Inkomen
Realisatie 2024
Bedragen in € x 1.000
1e begrotingswijziging 2025
Begroting 2026
Verschil Saldo 2026-2025
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo Ombuigingen
-
-4.389
-4.389
-
-4.509
-4.509
-
-4.558
-4.558
129
-2.956
-2.828
255
-3.878
-3.623
102
-3.449
-
-397
-397
-
-643
-643
-
-653
SHV Trajecten
22
-2.453
-2.431
71
-3.051
-2.980
32
Jongerenperspectieffonds
106
-106
0
184
-184
-
70
3.704
-11.787
-8.083
5.504
-14.302
-8.799
743
-4.228
-3.485
777
-4.689
-
-1.719
-1.719
-
-1.838
Aanvraag Schuldhulpverlening Preventie en vroegsignalering
Armoedevoorziening Armoedevoorziening verstrekkingen
*
Maatschappelijke participatie kinderen* Bewindvoering
Volume
Prijs
150
-100
-99
-3.348
350
-
-75
-653
-
-
-9
-2.727
-2.695
350
-
-66
-70
-
-
-
5.226
-14.283
-9.057
50
-50
-258
-3.912
800
-4.779
-3.979
50
-
-117
-1.838
-
-1.893
-1.893
-
-
-55
-
-2.169
-2.169
-
-2.407
-2.407
-
-2.479
-2.479
-
-
-72
45
-814
-768
113
-624
-512
62
-635
-573
-
-50
-11
Meldpunt Kinderopvang Toeslag
4.510
-4.227
283
4.270
-4.400
-130
4.364
-4.497
-133
-
-
-3
Energietoeslag 2023*
-1.595
1.369
-226
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
345
-345
-
-
-
-
-
-
-
Inkomensvoorziening
3.985
-100.348
-96.364
2.714
-106.205
-103.491
2.339
-112.615
-110.276
70
-2.557
-4.298
Inkomensvoorziening
2.122
-96.570
-94.448
2.199
-103.636
-101.437
2.339
-110.502
-108.164
-
-2.467
-4.260
147
-1.926
-1.779
153
-1.900
-1.747
-
-1.805
-1.805
70
-90
-38
1.539
-1.539
0
322
-322
-
-
-
-
-
-
-
172
-172
0
40
-40
-
-
-
-
-
-
-
*
Armoedevoorziening uitvoeringskosten
Eenverdienersproblematiek
*
Inkomensvoorziening uitvoeringskosten Leefgeld Oekraïners Leefgeld Oekraïners uitvoeringskosten TOZO
5
-5
0
-
-
-
-
-
-
-
-
-
TOZO uitvoeringskosten
-
-136
-136
-
-307
-307
-
-307
-307
-
-
-
Dienstverlening
-
-697
-697
-
-1.020
-1.020
-
-1.042
-1.042
-
-
-22
80
-5.190
-5.110
-
-5.997
-5.997
-
-5.856
-5.856
470
-200
-129
Totaal baten en lasten
7.898
-125.369
-117.471
8.474
-135.912
-127.438
7.666
-141.803
-134.137
1.090
-2.907
-4.883
Reservemutaties
291
-
291
592
-
592
592
-
592
-
-
-
Saldo programma
8.189
-125.369
-117.180
9.066
-135.912
-126.846
8.258
-141.803
-133.545
1.090
-2.907
-4.883
*
Participatie
*
Betreft openeinde regelingen die op basis van realisatie met de gemeente wordt verrekend.
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Programma Inkomen Bijlagen
Programma
18
Op programma Inkomen wordt in 2026 een ombuiging van 1,1 miljoen gerealiseerd. Om dit te kunnen doen zonder dat dit gevolgen heeft voor de dienstverlening aan de kwetsbare burgers, moeten een aantal mogelijke maatregelen worden bewerkstelligd. Denk hierbij aan o.a. afbouwen van werkconsulenten aan de poort, de schuldhulpverlening uit de wijkteams, minder medische keuringen bij cliënten Participatiewet, participatieconsulenten in de wijkteams normale workload geven en sociale incasso sneller afboeken. De volumestijging van het aantal uitkeringen van 2,43% in 2026 is tevens de landelijke trend. De huidige prognose van het Rijk is dat de BUIG-middelen ook stijgen met 2,43%. De lasten per uitkering stijgen gemiddeld met 4,1%, conform prognose CPB.
Programma Inkomen Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
Programma
19
Programma Werk
Baten €
Lasten -€ 15.583
De afgelopen jaren is de doelgroep van Stroomopwaarts veranderd. De inwoners, die een beroep moeten doen op de bijstand, hebben veelal een grote(re) afstand tot de arbeidsmarkt en er is vaak sprake van multi-problematiek. Je zou kunnen zeggen dat iedereen die nu direct kan werken ook werkt. Dat maakt dat de huidige doelgroep niet meer paste binnen de tot dan toe gehanteerde werkwijze.
In de afgelopen jaren heeft SOW het de werkwijze om klanten aan het werk te brengen aangescherpt. Zo zijn onder meer de vereisten om naar werk te kunnen ontwikkelen meer aangepast. Doel is om alle drempels weg te halen in hun persoonlijke weg naar werk, bijvoorbeeld door het aanbieden van de mogelijkheid om een ‘snuffelstage’ te lopen bij een leerlijn of stages bij bedrijven. De mogelijkheid van het opbouwen van uren, van 1 uur per week naar het maximaal haalbare, is geïntroduceerd. Niet alle leefgebieden van onze klanten hoeven op orde te zijn om te starten met een traject. Het verbeteren/beheersbaar maken van deze leefgebieden gaat samen met het ontwikkelen naar werk. Dit wordt gedaan in nauwe samenwerking met de teams van inkomen, schuldhulpverlening en participatie. Werkervaringsplaatsen worden meer ingezet om werkgevers en klanten aan elkaar te laten wennen. Hiermee is de doorlooptijd om trajecten af te ronden niet meer haalbaar in 3 tot 6 maanden, maar duren trajecten minimaal 6 maanden, maar vaak gemiddeld 9-12 maanden, om een positief resultaat te kunnen behalen. De doorstroom van ontwikkeling naar werk is intensiever geworden door klanten al in een eerder stadium in contact te brengen met de
2.262
Saldo -€ 13.590
matchmakers. Hierdoor is de (vertrouwens)band tussen de klantklant en de matchmaker groter en leren beiden elkaar beter kennen. Maar niet alleen de werkwijze is aangescherpt, ook de fysieke inrichting van het Werkplein en het werkleerbedrijf in Vlaardingen zijn verder aangepast. Zo is de aankleding op het Werkplein veranderd en zijn er werkplekken gecreëerd voor matchmakers en consulenten, zodat zij makkelijk en direct benaderbaar zijn voor klanten. Binnen het Werkleerbedrijf is een werkfitafdeling Ritme met werkplekken, waar ook matchmakers en consulenten kunnen werken. Op deze afdeling ligt de focus onder meer op het verbeteren van het werkritme, zodat deze meer overeen komt met de reguliere arbeidsmarkt. Daarnaast is de werkfitafdeling Vaardigheden gecreëerd, waar zowel productiewerkzaamheden als simulatiewerkzaamheden kunnen worden uitgevoerd. De focus ligt bij deze afdeling op het ontwikkelen van (werknemers)vaardigheden met als doel dat deze beter aansluiten op de snelheid van werken bij het bedrijfsleven, waardoor de slagingskans op duurzame uitstroom vergroot.
Programma Werk Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
Programma
20
Ambitie 2026
Indicator
Zowel voor de inwoner als voor de economie is langdurige afhankelijkheid van een bijstandsuitkering een groot probleem. Stroomopwaarts gelooft erin dat iedereen (daar waar mogelijk) erbij gebaat is om in zijn eigen levensonderhoud te kunnen voorzien. De maatschappelijke baten van arbeidsparticipatie zijn groot, daarom investeert Stroomopwaarts in de ontwikkeling en zelfredzaamheid van klanten. Iedere klant heeft daarin zijn eigen traject te bewandelen, met zijn eigen snelheid en eindstation. De ontwikkeling en mogelijkheden van de klant en de kansen op de arbeidsmarkt staan hierin centraal.
2024
2025 BGW
2025
Realisatie
2025-1
Begroting
Totaal gem. aantal banen voor doelgroepen
1.086
1.136
1.242
Waarvan banen met loonkostensubsidie (LKS)
392
500
650
Banen voor doelgroepen bij werkgevers
300
342
437
Waarvan dienstverbanden bij werkgevers
171
213
306
- Banen met LKS extern (Banenafspraak)
146
190
285
- Banen Wsw (Begeleid Werken)
25
23
21
Detacheringen bij werkgevers
129
129
131
voor doelgroepen
(in dienst bij SOW) - Banen detachering WSW
of Effect Relatief aandeel uitkeringsgerechtigden met
BGW Begroting
2024 2025-1
2026
E
0%
12%
12%
E
20%
25%
25%
P
496
275
275
P
125
E
86%
85%
85%
Aantal afgeronde werkleertrajecten
P
290
600
600
Aantal succesvol afgeronde werkleertrajecten
P
149
420
420
Aandeel cliënten dat "job ready", direct
P
51%
70%
70%
P
100
100
P
70%
70%
E
>20%
>20%
inkomsten uit deeltijdarbeid Nieuwe instroom bijstand is binnen 1 jaar aan het werk Nieuwe plaatsingen Aantal matching banen vanuit werkgevers servicepunt (WSP)
Wat wil Stroomopwaarts bereiken? Gemiddeld aantal banen
Prestatie Jaarrekening
119
111
- Banen detachering Nieuw Beschut
129
5
10
- Banen detachering LKS-BIJ
5
10
Totaal aantal nieuwe banen met loonkostensubsidie (intern & extern) Aandeel duurzame uitstroom (> 6mnd aaneengesloten) in geval van uitstroom naar werk of zelfstandig ondernemerschap Werkleertrajecten en Taaltrajecten
bemiddelbaar is na werkleertraject Aantal personen in taaltrajecten met taalniveau A1 en A2 Nederlands % met aantoonbare stijging van het taalniveau (afgeronde trajecten) Uitstroom (gedeeltelijk) naar werk
Programma Werk Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
Programma
21
Indicator
Prestatie Jaarrekening of Effect
BGW Begroting
2024 2025-1
2026
Samenwerking met ondernemers Aantal actief samenwerkende ondernemers.
P
Hiermee bedoelen wij ondernemer die via het werkgeversservicepunt van Stroomopwaarts mensen inzetten die eenuitkeringsbijstand ontvangen (+WLB) Aantal keurmerkhouders werkpact
E
% SROI-realisatie MVS en SOW (aantal vervulde
E
zijn dit jaar nieuw in de begroting. De eerste resultaten worden in 2026 zichtbaar. • % SROI realisatie MVS en SOW. • De KPI ten aanzien van de taaltrajecten voor cliëntklanten met taalniveau A1 en A2 is toegevoegd ten opzichte van 2023. Deze KPI is ook zeer relevant voor het programma Inburgering. Maar omdat het gaat om een bredere groep dan alleen statushouders en gezinsmigranten, is ervoor gekozen de KPI onder te brengen bij het programma Werk. Betrouwbare historische gegevens zijn nog onvoldoende voorhanden. Gestructureerde vastlegging moet worden opgezet en ingevuld in 2023.
Wat gaat Stroomopwaarts daarvoor doen?
realisaties t.o.v. de totale SROI verplichting)
Nadere toelichting: • Door (te) optimistische doelstellingen neer te leggen, is de prestatieafspraak en het bij behoorde budget voor de LKS in 2025 aangepast naar de realistischere aantallen van 500 banen. Met een stijging van 108 banen in 2025 en nog eens extra 150 banen in 2026, ligt er een nieuw ambitieus plan. • Door de groei van 95 extra LKS-banen in 2026 te realiseren wordt er in 2025 ingezet op interne LKS banen voor mensen uit het doelgroepregister. Zo wordt de infrastructuur van de werkleerbedrijven gebruikt om mensen in tijdelijke dienstverbanden beter voor te bereiden op uitstroom naar reguliere werkgevers. • Nieuwe instroom binnen 1 jaar aan het werk. Het gaat hier om de groep die daadwerkelijk in de uitkering komt. Voor de meer kansrijke groep instromers wordt de werkstroom ingezet en in dat kader een Reintegratie Werk Overeenkomst (RWO) gesloten. Voor de groep met grotere problematiek en een grotere afstand tot de arbeidsmarkt, worden in 2026 de interne werkprocessen verder afgestemd op deze doelgroep. De ambitie van 25% blijft om dit percentage te behalen. • Totaal aantal nieuwe banen is in 2026 toegevoegde deze gaan we in 2026 monitoren. • De kpi’s voor de samenwerking van de ondernemers
Via de aangescherpte methodische werkwijzen kunnen klanten kiezen in welke leerlijn zij zich willen ontwikkelen. Zij kunnen kiezen uit 10 leerlijnen in verschillende sectoren, namelijk Groen, Gastvrijheid, Magazijn, Zorg, Administratie, Voedsel verpakken, Klantcontact, Schoonmaak en Personenvervoer. Binnen een leerlijn krijgen klanten de kans om een MBO (deel-) praktijkcertificaat te behalen, waardoor de kansen op een baan aanzienlijk toenemen. Aan een leerlijn zijn werkgevers gekoppeld, zodat klanten na het succesvol afronden van een leerlijn, door kunnen stromen naar een baan bij werkgever. Vanaf 2025 zijn accountmanagers aan sectoren gekoppeld, op deze manier borgen we meer kennisoverdracht en samenwerking tussen een sector en een leerlijn. De klant staat in onze werkwijze centraal. We werken aanbod gedreven, waarbij de accountmanager borgt dat er voldoende baanopeningen zijn (of gecreëerd worden) bij werkgevers. Matchmakers zorgen voor de match tussen vraag en aanbod en jobcoaches borgen de duurzame uitstroom. Werkgevers worden nu sectoraal benaderd, zodat gericht kan worden geadviseerd en ondersteund op de specifieke behoeften, die leven binnen een sector. Dit betekent dat de leerwerklijnen binnen Stroomopwaarts beter aansluiten bij de vraag vanuit de verschillende sectoren als zorg, techniek, groen.
Deze werkwijze wordt jaarlijks geëvalueerd en aangepast naar de marktvraag.
Programma Werk Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
Programma
22
Hiermee kan de veranderde doelgroep, welke steeds kwetsbaarder wordt en een grote(re) ondersteuningsbehoefte heeft, gerichter ondersteund worden bij het vinden van werk. Klanten zijn vaak wel ‘taak ready’, maar (nog) niet ‘job ready’. Werkgevers worden nu ook actief benaderd om vacatures in te vullen op basis van taken (jobcarving). Accountmanagers worden getraind om dit gesprek op de juiste manier te faciliteren. Hiermee kunnen werknemers met een arbeidsbeperking (gaan) deelnemen aan het reguliere arbeidsleven, maar kunnen ook werkgevers meer vacatures invullen. De inzet van jobcoaches wordt gesplitst tussen een interne jobcoach en een externe jobcoach. De interne jobcoach zal zich actief richten op het naar buiten ontwikkelen van de interne banenafspraak klanten en/of SW-Beschut welke ook buiten het Werkleerbedrijf een toekomst hebben. De externe jobcoach heeft een belangrijke rol in de duurzaamheid van de plaatsingen en kunnen aansluiten bij de ondersteuningsbehoefte van klanten in een bepaalde sector. Bij grote werkgevers zijn vaste jobcoaches aanwezig om zowel de werkgever als de werknemers te ondersteunen. Het blijft een speerpunt om de inzet van loonkostensubsidie te verhogen. De plaatsing via een loonkostensubsidie is beter voor de inwoner (werk) en zowel qua lasten als qua baten financieel aantrekkelijker voor de gemeenten dan het verstrekken van een uitkering.
Het heeft ook een gunstig effect op de rijksvergoeding, die wordt mede gebaseerd op de feitelijke realisatie van loonkostensubsidies: hoe meer plaatsingen, hoe meer compensatie in het volgende jaar. Hierin speelt ook invulling van SROI-contracten in samenwerking met gemeenten een belangrijke rol. Banen met loonkostensubsidie bij reguliere werkgevers Als onderdeel van de landelijke ambitie wordt voor de MVS-regio uitgegaan van een ambitieuze ontwikkeling van het aantal plaatsingen met loonkostensubsidie (LKS) bij reguliere werkgevers van klanten die (nog) niet in staat zijn zelfstandig het wettelijk minimumloon te verdienen. De aantallen per gemeenten zijn opgenomen in de bijlage 6.1.
Het voldoende beheersen van de Nederlandse taal vergroot de kans op het krijgen van een baan aanzienlijk. Binnen Stroomopwaarts gaan in het Project Anderstaligen klanten op locatie van het werkleerbedrijf Maassluis aan het werk (voornamelijk inpakwerkzaamheden). Aanvullend op de werkzaamheden vindt er individueel of in groepsverband taalbegeleiding plaats van een gediplomeerd docent Nederlands. Daarnaast is de werkomgeving taalrijk gemaakt (o.a. ‘door het inzetten van ‘taalmiddelen’ zoals posters en naametiketten). Klanten kunnen verwezen worden naar gemeentelijke taaltrajecten, die in het kader van de Wet Educatie en Beroepsonderwijs (WEB) beschikbaar worden gesteld. Stroomopwaarts voert de Wet Inburgering uit namens de MVS-gemeenten. Voor statushouders wordt, indien mogelijk, ingezet op duale trajecten. Hierbij wordt het leren van de taal gecombineerd met het opdoen van werkervaring en sociale contacten. Voor de inburgeraars die hier qua taalniveau aan toe zijn, wordt ingezet op bemiddeling naar (parttime)werk. Naast statushouders is er ook een grote groep laag- en ongeletterden binnen het reguliere uitkeringsbestand. Ook voor deze doelgroep is het voldoende machtig zijn van de Nederlandse taal, in woord en geschrift, van groot belang. Zowel binnen Stroomopwaarts als bij externe samenwerkingspartners worden taaltrainingen aangeboden.
De arbeidsmarktpositie en het toekomstperspectief van jongeren wordt waar mogelijk versterkt door jongeren zoveel mogelijk te stimuleren terug te gaan naar school. Het behalen van een startkwalificatie is daarbij het eerste doel. Hierbij wordt intensief samengewerkt met ondersteunende organisaties op dit gebied. De jeugdwerkeloosheid in de MVS-regio is, relatief gezien, lager dan bij de overige gemeenten uit onze arbeidsmarktregio. De inzet van ons speciale jongerengilde is al jaren succesvol. Om werkeloosheid onder jongeren verder tegen te gaan is er een project Jeugdwerkgelegenheid gestart. Dit project wordt volledig gefinancierd uit middelen van de arbeidsmarktregio. In dit project streven wij ernaar om jongeren te activeren en, waar mogelijk, terug naar school of werk te begeleiden. De samenwerking met het doorstroompunt Leerrecht is een van redenen van het succes van onze
Programma Werk Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
Programma
23
jongerenaanpak. Vooruitlopend op de nieuwe wet Van School naar Duurzaam Werk (inwerkingtreding v1 januari 2026) wordt ook de samenwerking met het onderwijs verder uitgebreid.
Wat gaat het programma Werk kosten? Programma Werk
Realisatie 2024
Bedragen in € x 1.000
1e begrotingswijziging 2025
Begroting 2026
Verschil 2026-2025
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo Ombuigingen
586
-3.559
-2.973
300
-3.625
-3.325
307
-3.715
-3.409
2.020
-9.792
-7.772
1.869
-10.571
-8.702
1.956
-12.137
Accountmanagement & Matchmakers
-
-1.121
-1.121
-
-1.053
-1.053
-
Externe arbeidsparticipatie uitvoering
-
-1.558
-1.558
-
-1.876
-1.876
-
2.020
-5.400
-3.380
1.869
-5.161
-3.292
1.956
-
-1.712
-1.712
-
-2.481
-2.481
-
Totaal baten en lasten
2.606
-13.351
-10.745
2.169
-14.197
-12.028
Reservemutaties
-
-
-
-
-
Saldo programma
2.606
-13.351
-10.745
2.169
-14.197
Ontwikkeling Werkgeversdienstverlening
Lasten Doelgroepen Loonkostensubsidie (LKS)*
Volume
Prijs
190
-200
-73
-10.182
360
-1.536
-303
-872
-872
290
-90
-19
-1.968
-1.968
70
-120
-42
-5.370
-3.414
-
-23
-99
-3.927
-3.927
-
-1.302
-144
2.262
-15.853
-13.590
550
-1.736
-377
-
-
-
-
-
-
-
-12.028
2.262
-15.853
-13.590
550
-1.736
-377
Voor de bezuinigingsopdracht die er ligt voor 2026 zal er 550K aan ombuigingen worden gerealiseerd. Er is een volume effect van 1.736K, wat voornamelijk wordt veroorzaakt door de toename van 95 banen bij werkgevers met loonkostensubsidie. Naast de bezuinigingen op basis van gelijkblijvend volume is hiervoor ook een stijging van de begeleiding van 120K opgenomen. Deze extra middelen zijn ook voorzien voor 2026 in de algemene uitkering van het gemeentefonds voor Participatie. De 386K voor de prijscompensatie heeft voornamelijk betrekking op de 3.8% verwachte stijging van het wettelijke minimumloon (WML) voor de doelgroepen (195K) en voor loonkostensubsidie (144K).
Programma Werk Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
Programma
24
Programma Werkleerbedrijf
Baten €
Lasten -€ 33.061
Stroomopwaarts fungeert als werkgever voor medewerkers met een kwetsbare arbeidsmarktpositie. De omvang van het aantal werknemers bij de Sociale Werkvoorziening (WSW’ers) neemt in de komende jaren door rijksbeleid af. Het aantal nieuw beschut medewerkers neemt jaarlijks toe, maar in veel mindere mate dan WSW’ers uitstromen (ongeveer 1:3).
De infrastructuur van het werkleerbedrijf (zoals de productiehallen) wordt echter ook in de komende jaren intensief gebruikt voor andere en deels nieuwe doelgroepen. Werknemers, die werken in het werkleerbedrijf, zijn kwetsbaar, vaak langdurig aan Stroomopwaarts verbonden en hebben vaak geen keuze om elders te werken. Dit geldt in het bijzonder voor werknemers met een beperking en een indicatie banenafspraak, maar ook voor klanten met een uitkering. De omgeving waarin zij werken moet voldoen aan de eisen van gezond, veilig en goed werkgeverschap. De arbeidsontwikkeling van al deze doelgroepen kan alleen optimaal worden vormgegeven dankzij de intensieve samenwerking met ondernemers en andere ketenpartners. Deze samenwerking moet enerzijds leiden tot concrete productie opdrachten voor het Werkleerbedrijf en anderzijds tot arbeidsplaatsen/ vacatures voor onze klanten bij deze partners. Hierbij wordt altijd uitgegaan van iemands kansen en mogelijkheden in plaats van zijn beperkingen. Stroomopwaarts is daarin een betrouwbare partner, heeft een uitgebreid instrumentarium op dit gebied en vervult zo de rol van spil tussen publiek en privaat.
7.158
Saldo -€ 25.903
Ambitie 2026 Stroomopwaarts biedt een veilige werk- en arbeidsontwikkelomgeving voor medewerkers met een arbeidsbeperking. Niet alleen in het kader van de Wet Sociale Werkvoorziening en Beschut Werk, maar voor iedereen. Stroomopwaarts streeft naar duurzame doorstroom naar reguliere werkgevers. In de eerste plaats door het realiseren van meer externe detacheringen. Het mes snijdt daarbij aan twee kanten. Enerzijds is detachering economisch gezien aantrekkelijker voor Stroomopwaarts, anderzijds is het de hoogst haalbare vorm van maatschappelijke participatie voor een medewerker. Omzet is hierbij niet leidend; een gezonde mix tussen omzet en arbeidsontwikkeling van werknemers en klanten met een arbeidsbeperking wel.
Programma Werkleerbedrijf Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
Programma
25
Wat wil Stroomopwaarts bereiken? Gemiddeld aantal banen
kpi hiervoor kunnen toevoegen. Op dit moment krijgen meer inwoners een indicatie Beschut Werk dan er middelen beschikbaar komen vanuit het Rijk.
2024
2025 BGW
2026
Realisatie
2025-1
Begroting
Banen bij het Werkleerbedrijf voor doelgroepen
786
794
805
Wat gaat Stroomopwaarts daarvoor doen?
Banen Wsw (intern)
537
494
460
Banen nieuw beschut met LKS
202
235
265
Banen met LKS extern (Banenafspraak)
47
65
80
Banen voor re-integratietrajecten
18
-
-
Het is belangrijk om een toekomstbestendig werkleerbedrijf te hebben om inwoners met een arbeidsbeperking te kunnen (blijven) ondersteunen om zelfstandig een inkomen te verwerven5. In de nieuwe Strategische Nota werk en inkomen 2026 – 2029 wordt onder meer opgenomen hoe het Werkleerbedrijf kan worden ontwikkeld tot een dynamisch en modern bedrijf.
voor doelgroepen
*A antallen Kaderbrief 2025 uitgedrukt in fte en daarom
1,0%
lastig te vergelijken.
Indicator
Prestatie Jaarrekening
BGW Begroting
of Effect
2024
2025-1
2026
Ziekteverzuim WSW en Beschut
E
13%
<16%
<16%
WSW en Beschut gemiddelde dekking
P
32%
33%
33%
loonkosten door opbrengsten Wachtlijst Nieuw Beschut Gemiddeld aantal mensen met indicatie
E
Rapportage
Volgt
E
in 2025
in 2026