Bijlage 2 Begroting 2023 en meerjarenraming 2024 - 2026
Tekst van het document
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
35
Bijdrage gemeente Bijdrage gemeente begroting 2023
2023
2024
2025
2026
Verdeelsleutel
9.792
9.839
9.724
9.677
Specifiek
12.840
13.009
13.179
13.215
10.922
10.952
10.952
10.818
Maassluis
Uitkeringen Loonkostensubsidie
606
768
938
1.108
Armoedevoorziening
1.083
1.092
1.092
1.092
Inburgering
229
197
197
197
Maassluis totaal
22.632
22.848
22.903
22.891
Verdeelsleutel
23.808
23.921
23.641
23.525
Specifiek
39.041
39.368
39.732
39.634
Uitkeringen
34.573
34.619
34.665
34.249
Vlaardingen
Loonkostensubsidie
1.189
1.514
1.832
2.150
Armoedevoorziening
2.772
2.800
2.800
2.800
Inburgering
506
435
435
435
Vlaardingen totaal
62.848
63.289
63.373
63.159
Verdeelsleutel
26.491
26.617
26.305
26.177
Specifiek
38.111
38.531
38.997
39.046
Uitkeringen
32.958
32.988
33.017
32.631
Schiedam
Loonkostensubsidie
1.588
2.024
2.460
2.896
Armoedevoorziening
3.020
3.050
3.050
3.050
Inburgering
545
469
469
469
Schiedam totaal
64.602
65.147
65.302
65.223
Totaal dekkingsmiddelen
150.083
151.285
151.577
151.273
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
36
Overzicht van de bijdrage maatwerk, gespecificeerd per gemeente. Maatwerk
2023
2024
2025
2026
Garantievoorwaarden
75
75
75
75
Sociale kredieten
9
9
9
9
84
84
84
84
Garantievoorwaarden
310
310
310
310
Sociale kredieten
49
49
49
49
Consulent maats.ontw.
77
77
77
77
Briefadressen
60
60
60
60
496
496
496
496
Garantievoorwaarden
40
40
40
40
Sociale kredieten
26
26
26
26
ID-banen
244
244
244
244
Peuterspeelzaal
12
12
12
12
Extra inzet armoedebeleid
30
30
30
30
353
353
353
353
Maassluis
Maassluis totaal Vlaardingen
Vlaardingen totaal: Schiedam
Schiedam totaal:
Overzicht van de totale bijdrage per gemeente per jaar Bijdrage gemeente inclusief maatwerk Totaal
Bijdrage gemeente
2023
2024
2025
2026
151.016
152.218
152.510
152.206
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
37
Paragrafen In de financiële verordening Stroomopwaarts MVS 2022 is aangegeven dat de volgende paragrafen moeten worden opgenomen:
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Bijdrage gemeente
Financiering
Bedrijfsvoering
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
Onderhoud kapitaalgoederen
38
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Deze paragraaf geeft een overzicht van de belangrijkste risico’s voor het primaire proces van Stroomopwaarts. Per risico worden de beheersmaatregelen benoemd en toegepast. Daardoor moet de impactscore van risico’s lager worden. Vervolgens wordt het weerstandsvermogen van Stroomopwaarts behandeld in relatie tot de genoemde risico’s. Tenslotte volgt een korte samenvatting van de financiële positie. Risico’s van materieel belang In het tweede deel van deze paragraaf zijn de risico’s geïnventariseerd en benoemd. De risico’s zijn beoordeeld aan de hand van een risicotabel. Daarbij is een score 1 tot en met maximaal 10 toegekend voor de kans dat een risico zich voordoet en voor de impact van het risico. Het totaal aan risico’s wordt gecalculeerd op € 1,4 miljoen voor de algemene dienstverlening en € 0,5 miljoen voor de individuele dienstverlening. Onderaan de tabel zijn de totaalbedragen gesplitst naar de gemeenten. Op basis van de gehanteerde normen is een vrije Algemene Reserve van circa € 1,96 mln noodzakelijk (€ 1,4 mln x 1,4). Dat kwalificeert als “voldoende”.
Risicomanagement Een belangrijk punt is het risicobewustzijn in de organisatie van Stroomopwaarts. Het managen van risico’s is een integrale verantwoordelijkheid van het management. Om goed vinger aan de pols te houden, maken de benoemde risico’s onderdeel uit van de interne en externe rapportages van Stroomopwaarts. Zo wordt verzekerd dat er continu aandacht voor is. Ook is het hierdoor mogelijk (dreigende) risico’s tijdig te melden en bij te sturen.
Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is het vermogen om niet-structurele financiële risico’s en tegenvallers op te vangen, zonder dat het uitvoeren van taken en de continuïteit van Stroomopwaarts in gevaar komen. Het weerstandsvermogen wordt bepaald door de relatie te berekenen tussen de weerstandscapaciteit (algemene reserve) en de bekende risico’s waarvoor geen afdoende stuur- en beheersmaatregelen kunnen worden getroffen of waarvoor geen voorzieningen bestaan. Bestemmingsreserves worden in deze berekening buiten beschouwing gelaten. Deze hebben een specifieke bestemming en worden in principe niet ingezet om risico’s op te vangen. In 2020 is de Nota reserves, voorzieningen en weerstandsvermogen vastgesteld. Daarin worden het beleid en de uitgangspunten geformuleerd voor de vorming, omvang en het gebruik van reserves en voorzieningen. Ook het onderwerp ‘weerstandsvermogen’ wordt hierin meegenomen. Naast het weerstandsvermogen is in de begroting 2023 en volgende jaren per jaar een post onvoorzien opgenomen van € 200.
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
39
De stand en het verloop van de algemene reserve is als volgt begroot: Algemene reserve Bedragen x € 1.000
2021
2022
2023
2024
2025
2026
Stand per 1 januari
2.761
2.145
1.967
1.967
1.967
1.967
Resultaat voorgaand boekjaar
1.693
4.571
Afrekening resultaat voorgaand boekjaar met gemeenten
-1.372
-514
Vorming bestemmingsreserves
-
-3.998
-
-
-
-
Begrote storting
-
-
-
-
-
-
-938
-238
2.145
1.967
1.967
1.967
1.967
1.967
Begrote onttrekking Stand per 31 december
De omvang van de Algemene Reserve per eind 2023 is conform de vastgestelde nota Reserves en Voorzieningen gelijk aan 1,4x het risicoprofiel voor Stroomopwaarts. Voor het debiteurenrisico op dubieuze handelsdebiteuren en inkomensdebiteuren is een voorziening opgenomen. In de voorziening voor inkomensdebiteuren zijn een storting en een realisatie geraamd. Voor de voorziening handelsdebiteuren bepalen de uitkomsten van het incassobeleid de hoogte van de voorziening. Door actief debiteurenbeheer blijft betalingsachterstand door debiteuren beperkt. Wanneer betaling uitblijft, wordt uiterlijk dertig dagen na het verstrijken van de betalingstermijn een incassobureau ingeschakeld.
Financiële positie Het BBV (Besluit begroting en verantwoording) schrijft voor dat in de begroting bepaalde kengetallen dienen te worden gepresenteerd. Deze kengetallen geven, samen met de duiding die eraan gegeven wordt, inzicht in de financiële positie. Het kengetal ‘netto schuldquote’, de netto schuld als percentage van de inkomsten, geeft een indicatie van de financiële vermogenspositie van Stroomopwaarts. Met deze indicator wordt namelijk de netto schuld, zoals zichtbaar op de balans, uitgedrukt als een percentage van de inkomsten (exploitatie). Als de netto schuldquote boven de 130 procent uitkomt, is er sprake van een hoge schuld. Daardoor komen mogelijk de uitgaven aan noodzakelijke publieke voorzieningen in gevaar. Als de begrotingsomvang daalt, loopt deze indicator ook bij een gelijkblijvende schuld op. Hiervan is bij Stroomopwaarts echter geen sprake. De ‘solvabiliteitsratio’ geeft inzicht in de mate waarin Stroomopwaarts in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Deze ratio is een pure balansindicator. Het eigen vermogen wordt namelijk uitgedrukt in het balanstotaal. Hoe hoger de solvabiliteitsratio,
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
40
hoe groter de weerbaarheid. De VNG adviseert een minimale ratio van 20 procent. Stroomopwaarts voldoet in 2023 en verder aan deze norm. De ‘structurele exploitatieruimte’ is een indicator die gebaseerd is op de exploitatie (baten en lasten). Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte Stroomopwaarts heeft om de eigen lasten te dragen. Voor de beoordeling van het materieel evenwicht van de begroting, wordt onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. Een begroting waarvan de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten, is flexibeler dan een begroting waarbij structurele baten en lasten in evenwicht zijn. In de begroting 2022 zijn geen incidentele baten of lasten opgenomen. Financiële kengetallen begroting Kengetal
2022
2023
2024
2025
Netto schuldquote
-2,09%
-1,80%
-1,55%
-1,31%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen
-2,09%
-1,80%
-1,55%
-1,31%
Solvabiliteitsratio
33,36%
30,57%
27,38%
23,89%
Grondexploitatie
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
Structurele exploitatieruimte
0,00%
0,00%
0,00%
0,00%
Belastingcapaciteit
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
Op basis van bovenstaande kengetallen kan geconstateerd worden dat de schuldpositie onverminderd laag blijft en dat de solvabiliteit de komende jaren ongeveer gelijk blijft.
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
41
Risico’s bij Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing (bedrag x € 1.000) A. Algemene dienstverlening Risico
Kans Impact Score Toelichting
Realiseren van de toegevoegde
3
2
6
Beheersmaatregelen
In de begroting wordt uitgegaan van een gemiddelde
• Intensieve werkgeversbenadering
waarde die gebaseerd is op de
loonwaarde. Realisatie hangt af van niveau van de
• Tijdige loonwaardemeting
loonwaarde
instroom, afspraken met klanten en beschikbaarheid
• Begeleiding
van werk en diensten. Genoemd bedrag is gebaseerd
• Ontwikkelen werksoorten die aansluiten op ontwikkeling
op achterblijven verwachte opbrengsten werksoorten
doelgroep en arbeidsmarkt
participatie, beschut en WSW met 10%.
• Juiste, volledige en tijdige inrichting en registratie in drie
Bedrag € 193
systemen: Civision, Navision en HRM Beroep op Schuldhulpverlening
2
3
6
De verwachting is, dat de corona-crisis zal leiden tot
• Beschikbaar stellen extra middelen
een toename van problematische schulden. Het is de
• Procesoptimalisatie
verwachting, dat het beroep op de Schuldhulpverlening
• Samenwerking met maatschappelijke partners
€ 24
aanmerkelijk zal toenemen. De wet Gemeentelijke Schuldhulpverlening legt bovendien een taak bij gemeenten om invulling te geven aan vroegsignalering. De wijziging geeft gemeenten de mogelijkheid om gegevens van burgers met betalingsachterstanden in een vroeg stadium uit te wisselen met woningcorporaties, energie- en drinkwaterbedrijven en zorgverzekeraars. Hierdoor krijgen gemeenten mensen met schulden tijdig in beeld en kunnen zij schuldhulpverlening aanbieden. De formatieve sterkte van Stroomopwaarts is niet ingericht op een dergelijke ontwikkeling. Beschikbare capaciteit voor
3
3
9
Het ambtelijke ziekteverzuim over 2021 was 5,73% en
• Professionaliseren managementinformatie verzuim, verlof
kwalitatieve dienstverlening
heeft zich positief ontwikkeld. De werkdruk was ook in
en analyse
(ziekteverzuim, werkdruk)
2021 hoog. Om de kwaliteit van de dienstverlening te
• Aanpak ziekteverzuim
kunnen verbeteren (doorontwikkeling) is er voldoende
• Samenwerking met arbodienst
capaciteit nodig. Zo nodig moet er worden ingehuurd.
• Procesmanagement
Hier is uitgegaan van 1% extra inhuur.
• Flexibele schil
€ 97
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
42
Risico
Kans Impact Score Toelichting
Harmonisatie beleid en uitvoering
3
2
6
Beheersmaatregelen
Stroomopwaarts heeft de opgave om efficiënt en
Gezamenlijke verantwoording van Stroomopwaarts
effectief te werken. Hierbij is harmonisatie van beleid
en gemeenten:
en uitvoering voor de drie gemeenten essentieel.
• Opvolging aanbevelingen Berenschotrapport
Vertragingen en intensiviteit van overleg om te komen
• Regie op beleidsontwikkeling
tot harmonisatie van beleid, geven extra druk op
• Kwaliteit personeel verhogen
de organisatie. Daardoor is er minder ruimte voor
• Professionele samenwerking
Bedrag € 23
innovaties en ontwikkelingen en de noodzaak tot een hogere inzet van beleidscapaciteit. Ontwikkeling gemiddelde
4
3
10
salarissen en sociale premies
Er is geen zekerheid over de ontwikkeling van de
• Tijdige actualisatie begroting
€ 108
• Tijdige actualisatie begroting
€ 16
• Evaluatie overdracht bedrijfsvoering na twee jaar
€ 320
gemiddelde salarissen van het ambtelijk personeel. Voor de WSW is er wel een cao tot en met 2025. Ook is er ingaande juli 2021 een cao Participatiewet (Aan de Slag) voor mensen met loonkostensubsidie en beschut. Dit zal een kostenverhogend effect hebben, wat nu nog niet geraamd is.
Subsidieregeling Lage Inkomens
1
1
1
Voordeel LIV
Het lage-inkomensvoordeel (LIV) is een regeling die is ingegaan op 1 januari 2017. Deze regeling is onderdeel van de Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl). Het LIV is een jaarlijkse tegemoetkoming voor werkgevers die werknemers in dienst hebben met een laag loon. Hierdoor dalen de loonkosten voor de werkgever. De kans op werk voor deze werknemers neemt dan toe. Het risico bestaat, dat deze regeling wordt afgeschaft of afgebouwd.
Tijdig optimaliseren en vernieuwen
3
4
systemen
10
Per 2022 is de bedrijfsvoering overgebracht naar Stroomopwaarts. Een echt inzicht in de feitelijke kosten van deze bedrijfsvoeringstaken ontbrak, deze werden bij de gemeenten vaak niet geregistreerd en er heeft in de afgelopen jaren geen nacalculatie plaatsgevonden. Het externe advies van BMC gaf aan, dat de overgedragen budgetten naar verwachting circa € 0,8 mln te laag zijn om de taken op een voldoende niveau te kunnen uitvoeren.
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
43
Risico
Kans Impact Score Toelichting
Cyberaanval
1
5
5
Beheersmaatregelen
Steeds vaker worden organisatie geconfronteerd met
• Voldoen aan door overheid gestelde normen ICT-veiligheid
cyber aanvallen (ransomware, DDos-aanvallen). Dat
(Baseline Informatiebeveiliging Overheid)
leidt tot uitval van de systemen en het stilvallen van de
• Uitvoeren jaarlijkse IT-audits en testen
dienstverlening. Er zijn dan maatregelen nodig om deze
• Up-to-date houden software
Bedrag € 50
weer te herstellen. Externe inkomsten
2
2
4
Stroomopwaarts spant zich in om de reguliere
• Op orde brengen en houden van administratieve
activiteiten mede te dekken door het verwerven van
organisatie ten aanzien van subsidieaanvraag en
externe inkomsten, daarmee kan de bijdrage van de
-verantwoording
€ 45
gemeenten worden gematigd. Voorbeeld is de ESF (Europese subsidie). Om aan de subsidievoorwaarden te voldoen worden scherpe eisen gesteld, ten aanzien van verantwoording en cofinanciering, waardoor het niet altijd zeker is dat de inkomsten daadwerkelijk kunnen worden gerealiseerd. Achterstallig onderhoud panden
3
3
9
Werkleerbedrijf
Bij het Werkleerbedrijf zijn in alle drie de
• Inventarisatie onderhoudstoestand panden
gemeenten panden in gebruik ten behoeve van
• Beschikbaar stellen voldoende middelen voor planmatig
productiewerkzaamheden en het opzetten van leerlijnen
en groot onderhoud
voor werkzoekenden. Het onderhoud van de betreffende
• Op sterkte brengen capaciteit gebouwenbeheer
€ 350
panden is een punt van zorg. Het risico bestaat, dat door de onvoldoende staat van onderhoud productieverlies plaatsvindt of leerlijnen en re-integratie activiteiten (tijdelijk) dienen te worden stilgelegd. Totaal Algemene dienstverlening
(M 228, V 555, S 618)
€ 1.401
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
44
B. Individuele dienstverlening Risico
Kans Impact Score Toelichting
Inkomensvoorziening
3
3
9
(uitkeringen)
In de begroting 2022 wordt uitgegaan van een daling
Beheersmaatregelen • Actieve werkgeversbenadering voor het creëren en/of
van het uitkeringenbestand met 1,3%, met een
faciliteren van nieuwe plaatsingen
stabilisatie in de jaren daarna. Realisatie hiervan is
• Vernieuwende/innovatieve training voor ontwikkeling
mede afhankelijk van economische omstandigheden.
Bedrag € 368
doelgroep • Handhaving/maatregelen • Experimenten vanuit middelen gemeentefonds 2020 • Sluitende aanpak, in samenwerking met onderwijs • Aanpak statushouders gericht op werk • Inzet voorliggende voorzieningen • Flexibiliteit in bemiddeling naar werk (parttime inkomsten die verrekend worden met de uitkering) • Werkleertrajecten (ook in samenwerking met het UWV)
Inkomensvoorziening
1
3
3
(dubieuze uitkeringsdebiteuren)
De voorziening dubieuze uitkeringsdebiteuren was niet
• Inrichten sturingsproces op het incassoproces, mijlpaal
voldoende op peil om in de debiteurenvordering te
inbouwen om de methodiek te herzien
voorzien. De incassoquote lag lager dan de vordering
• Beoordelen impact van de gewijzigde BBZ-regelgeving op
onder aftrek van de voorziening. In 2020 en 2021 zijn er
de voorziening
maatregelen genomen om de incassoquote te verbeteren.
• Verminderen terugvorderingen door tijdige signalering
€ 60
• Inzet op handhaving SPUK-inburgering
3
2
6
Ingaande 2022 voert Stroomopwaarts de
• Monitoren gebruik voorzieningen, tijdig bijsturen
€ 30
inburgeringstaken uit voor de MVS-gemeenten. Het is nog onzeker of de middelen die het Rijk hiervoor ter beschikking stelt voldoende zijn (met name aanbieden B1-route, Z-route, maatschappelijke begeleiding). Daarnaast loopt er nog een aanbesteding voor taaltrajecten. Dat zal impact hebben op de gemiddelde kosten per inburgeringstraject.
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
45
Risico Armoede-voorzieningen
Kans Impact Score Toelichting 2
2
4
Beheersmaatregelen
Begin 2020 hebben de gemeenten nieuw beleid
• Monitoren gebruik voorzieningen
vastgesteld. Hierin is geen volledige harmonisatie
• Aanpassen proces op verschillende regelgeving
bereikt. De beperkte harmonisatie levert een
per gemeente
Bedrag € 45
risico op voor de kwaliteit. Het karakter van een openeinderegeling levert een financieel risico op. Met name op de onderdelen bewindvoering. Totaal Individuele dienstverlening
(M 82, V 199, S 221)
€ 502
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
46
Paragraaf Financiering Het doel van de treasuryfunctie van Stroomopwaarts kan worden geformuleerd als het: • sturen op, • beheersen van, • verantwoorden over en • toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, geldstromen en financiële posities en de hieraan verbonden risico’s. Stroomopwaarts doet dit op zodanige wijze dat risico’s geminimaliseerd en opbrengsten geoptimaliseerd worden. In het Treasurystatuut Stroomopwaarts MVS is bovenstaand doel in concretere doelstellingen vertaald. De doelstellingen komen in het kort neer op betrouwbare toegang tot financiële markten, minimalisering van de kosten, optimalisering van het renteresultaat en het waarborgen van taken en verantwoordelijkheden.
Liquiditeitenoverzicht De treasuryfunctie waarborgt dat Stroomopwaarts te allen tijde aan haar betalingsverplichtingen kan voldoen. Dit betekent dat er voorafgaand aan de begrotingsperiode een liquiditeitsprognose wordt opgesteld en dat deze prognose regelmatig getoetst zal worden aan de daadwerkelijke geldstromen. De prognose is gebaseerd op de begroting waaruit de kasstromen worden geconstrueerd. De prognose bevat dus aannames, waardoor regelmatige toetsing belangrijk is. Elk jaar wordt bij de begroting een actuele prognose gepresenteerd. Het verbeteren van de incassoquote bij inkomensdebiteuren en het aanscherpen van het beheer van de handelsdebiteuren, moeten bijdragen aan een meer positieve cashflow. Financieringsbehoefte
2023
2024
2025
2026
Per 1 januari
-1,5
-1,5
-1,5
-1,5
Verwachte cashflow o.b.v. begroting 2023-2026
0,0
0,0
0,0
0,0
Investeringen
-
-
-
-
Aflossingen
-
-
-
-
-1,5
-1,5
-1,5
-1,5
Per 31 december
In bovenstaande tabel betekent een positief bedrag een behoefte (= aflossen/sparen), een negatief bedrag betekent een tekort (= lenen).
Paragraaf Financiering Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
47
Omdat de uitgaven en inkomsten in tijd niet synchroon lopen, is er doorlopend sprake van een tijdelijk tekort of overschot aan financiële middelen. Uit de verwachte cashflow blijkt dat Stroomopwaarts binnen de kasgeldnorm blijft. Dit betekent dat met kortlopende financiering kan worden volstaan. Zolang de kortlopende lening rentebaten oplevert, is het niet kosteneffectief om een langlopende lening af te sluiten. Als onverhoopt toch een hogere financieringsbehoefte ontstaat, waardoor het aantrekken van langlopende financiering (looptijd >1 jaar) noodzakelijk wordt, dan wordt dit gemeld via de bestuursrapportage en/of in de jaarstukken.
Optimalisering renteresultaat Voor de te betalen of te ontvangen rente in 2023 wordt uitgegaan van het volgende percentage: - Te lenen geld <1 jaar: 0,00 procent (begroot is € 0) - Uitgezet geld <1 jaar: 0,00 procent (begroot is € 0 - schatkistbankieren). Door bij het aantrekken van leningen gelijktijdig bij zoveel mogelijk partijen offertes op te vragen, bevordert Stroomopwaarts de concurrentie tussen die partijen. Op basis van de notitie Rente 2017 van de BBV-commissie is de rentetoerekening gewijzigd. Stroomopwaarts hanteert geen rente-omslagpercentage, omdat sprake is van project-, of taakspecifieke financiering en heel beperkt van investeringen. Begrote rentelasten worden dan ook volgens de nieuwe voorschriften toegerekend aan het taakveld waar de financiering betrekking op heeft. In 2022 wordt onderzocht welke gevolgen de toevoeging van onderdelen zoals ICT en facilitair op de financieringsbehoefte en de rentetoerekening hebben. De liquiditeitsbehoefte ontstaat door het (voor-)financieren van werkkapitaal (vooral door het ontstaan van debiteuren). De kosten voor financiering beslaan dus in overgrote mate het taakveld inkomensregelingen. Dit is dan ook de reden dat Stroomopwaarts vooralsnog uitgaat van projectfinanciering voor dat taakveld. Het verwachte renteresultaat voor 2023 is daarom nul.
Paragraaf Financiering Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
48
Renteschema 2023 (bedragen x € 1.000)
Bedrag
a.
De externe rentelasten over de korte en lange financiering
b.
De externe rentebaten
0 -/-
Saldo rentelasten en rentebaten:
0
c1
De rente die aan grondexploitatie moet worden doorberekend
-/-
-
c2.
De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend
-/-
0
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente:
-
d1
Rente over eigen vermogen
+/+
-
d2
Rente over voorzieningen
+/+
-
Totaal aan taakvelden toe te rekenen (in én externe rente)
-
De aan taakvelden toegerekende rente via rente-omslag
-
Resultaat op het taakveld treasury voor de rente
-
In de latere jaren wordt een lichte stijging van het rentepercentage verwacht.
Wettelijke kaders Uiteraard zullen de wettelijke kaders bewaakt worden. De meest relevante hiervan zijn de kasgeldnorm - die stelt dat Stroomopwaarts maximaal 8,2 procent van haar begroting aan kortlopende financiering heeft - en het voorschrift dat een eventueel overschot aan liquide middelen in ’s Rijks Schatkist wordt aangehouden. Stroomopwaarts heeft op dit moment geen langlopende leningen die afgelost dienen te worden. Daardoor wordt aan de renterisiconorm van 20 procent voldaan. Limiet
Kasgeld limiet
Doellimiet
Bijzonderheden
Maximalisering financiering met kortlopende leningen (tot één jaar) Overschrijding norm is toegestaan (maximaal
Norm in % van
Bedrag in
begrotingstotaal
€ miljoen
8,2%
13,6
20,0%
33,1
twee achtereenvolgende kwartalen) Renterisico norm
Beheersing renterisico bij (her)financieringen (vanaf één jaar) door
Geen
spreiding van de financieringsmomenten
Paragraaf Financiering Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
49
Waarborgen taken en verantwoordelijkheden In het Treasurystatuut is de doelstelling opgenomen, dat gewaarborgd wordt dat taken en verantwoordelijkheden binnen de treasury duidelijk worden geregeld. De eerste belangrijke stappen zijn al gezet met de Financiële Verordening Stroomopwaarts en het Treasurystatuut Stroomopwaarts. Meer op het uitvoerende niveau wordt het treasuryproces beschreven en worden taken en verantwoordelijkheden vastgelegd om toetsing op deze doelstelling mogelijk te maken.
Paragraaf Financiering Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
50
Paragraaf Bedrijfsvoering Stroomopwaarts heeft begin 2022, met de beëindiging van het hostingsmodel, een zeer grote stap gezet ten aanzien van een belangrijk deel van de bedrijfsvoering. Stroomopwaarts kan nu zelf haar bedrijfsvoeringsfunctie vorm geven. Deze wordt sober en doelmatig ingericht. De ambitie voor bedrijfsvoering blijft echter onverminderd van kracht. Deze is gericht op een optimale dienstverlening en efficiënte ondersteuning van de werkprocessen, die nodig is om de primaire afdelingen hun ambities te laten waarmaken. De unit Bedrijfsvoering is dus een volwaardige businesspartner van de lijnorganisatie. Cliënt- en ondernemersperspectief staan daarbij voorop. De bedrijfsvoering van Stroomopwaarts streeft naar zichtbare resultaten. Door digitalisering worden processen verkort en kunnen cliënten beter ondersteund worden in hun ambities voor werk en inkomen. De kwaliteit van de dienstverlening is hoog. De manier van werken wordt getoetst bij inwoners, opdrachtgevers, partners en het bedrijfsleven. Van de medewerkers van Stroomopwaarts wordt verwacht dat zij gemotiveerd en deskundig zijn. Zij worden in hun ambities ondersteund door de Strategische Personeelsplanning, die in speelt op de in de toekomst gevraagde kwantitatieve en kwalitatieve bezetting van de organisatie en krijgen ontwikkelingsmogelijkheden aangeboden.
De verantwoordelijkheid wordt steeds zo laag mogelijk in de organisatie gelegd. Als alles volgens plan verloopt, wordt in 2022 door de gemeenten een besluit genomen over een toekomstige (efficiënte en effectieve) huisvesting voor Stroomopwaarts.
Wat wil Stroomopwaarts bereiken? Om de kwaliteit van de dienstverlening te kunnen meten, wordt gekeken naar de volgende prestatie-indicatoren:
Paragraaf Bedrijfsvoering Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
51
Effect-indicator
Jaarrekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Cliënttevredenheid (KTO) onder cliënten van de Participatiewet (tweejaarlijks gemeten door BMC)
7,4
7,3
7,5
Klanttevredenheid commerciële klanten
8,2
7,9
8
Het ziekteverzuim van het ambtelijk personeel ligt onder het landelijk gemiddelde voor vergelijkbare organisaties
5,73%
< 7,0%
< 5,4%
Absoluut aantal bezwaarschriften
1.017
Het percentage bezwaarschriften dat (ambtelijk of anderszins) gegrond wordt verklaard
29,3%
< 35%
< 25%
Bij het KCC wordt een telefoongesprek direct afgehandeld
48,7%
60%
60%
970
Wat gaat Stroomopwaarts daarvoor doen? In 2023 heeft Stroomopwaarts inmiddels een jaar de tijd gehad om de overname van de hosting een plek te geven in de staande Stroomopwaarts organisatie. Uit regelmatige evaluatie en bijsturing moet blijken of Stroomopwaarts die bedrijfsvoering ontvangen heeft, die nodig is om alle ambities van de organisatie waar te maken. We zijn nog volop in beweging om de systemen en methodieken aan te passen en te door ontwikkelen, zodat deze aansluiten bij op de werkprocessen en beleidskeuzes binnen Stroomopwaarts. Na twee jaar (begin 2024) wordt er conform de afspraken tussen de betrokken gemeenten en Stroomopwaarts een formele evaluatie gedaan ten aanzien van de vraag of Stroomopwaarts over voldoende middelen beschikt om de bedrijfsvoeringsfunctie goed en doelmatig in te richten.
Dit vraagt veel aandacht van de bedrijfsvoering en zal plaatsvinden op basis van vijf aandachtpunten: - Efficiency (werken tegen reële kosten, kwalitatieve capaciteit en uniforme, korte en slimme (LEAN) werkprocessen); - Effectiviteit (werken met SMART (beleids)doelstellingen en conform de plan/do/check/act-cyclus); - Rechtmatigheid (voldoen aan de relevante wet- en regelgeving rekening houdend met de menselijke maat, mandateringsafspraken en vastgestelde beleidsregels, hierop controleren en bijsturen); - Checks and balances (data in de vorm van managementinformatie, onafhankelijke kritische toetsing van beleid en processen); - Kernwaarden Verbinden, Innovatief en Toonaangevend (communicatiemix, houding en gedrag, inzetten op het uitdragen van onze kernwaarden en hierin herkend en erkend worden door onze stakeholders). Stroomopwaarts gaat 2023 gebruiken om de puntjes op de i te zetten. Stroomopwaarts heeft een strategische visie op Informatiemanagement ontwikkeld waarlangs naar een meer digitale dienstverlening gegaan wordt om daarmee de inwoners van de drie gemeenten beter te faciliteren. Dit houdt niet in dat we andere kanalen niet meer gaan gebruiken. We houden iedereen aan boord op het niveau wat men aankan. Dit houdt ook in dat digitalisering niet altijd goedkoper is, omdat onze klanten en cliënten diverse wijzen van communiceren verlangen van onze organisatie.
De kwaliteit van de organisatie zal onder permanente aandacht blijven staan, om het dienstverleningsconcept verder te verbeteren en actueel te houden voor wat betreft de wensen van de cliënt, commerciële klanten en overige contacten/belanghebbenden.
Paragraaf Bedrijfsvoering Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
52
Stroomopwaarts investeert in opleidingen en ontwikkeling met het oog op een optimale dienstverlening. Medewerkers krijgen kansen om zich te ontwikkelen en breed inzetbaar te zijn voor de organisatie. Goed werkgeverschap staat voorop bij Stroomopwaarts, zowel voor ambtelijke medewerkers als voor kwetsbare groepen. Medewerkers voelen zich thuis en worden uitgedaagd in hun werk. Ook de medewerkerstevredenheid wordt gemeten en de ambitie is om hoger dan een 7 te scoren. Ten aanzien van ziekteverzuim wil Stroomopwaarts het beter doen dan de landelijke benchmark. De discussie over en de uitwerking van een passende en doelmatige huisvesting staat op de agenda voor 2022. Er wordt naar gestreefd om een centrale locatie te verwezenlijken voor de ondersteunende werkzaamheden en in elke gemeente een werkleerbedrijf. De stuurgroep huisvesting, ondersteund door meerdere werkgroepen, is bezig om de visie vast te leggen en daarna uitvoering te geven aan de ontwikkeling hiervan. Dat is naar verwachting een traject van meerdere jaren. Voorshands wordt de bedrijfsvoering ingevuld op basis van de huidige, verre van optimale, huisvestingssituatie.
Paragraaf Bedrijfsvoering Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
53
Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen Deze paragraaf geeft inzicht in het beheer en onderhoud van de verschillende kapitaalgoederen van Stroomopwaarts. Grote bezittingen heeft Stroomopwaarts niet. Gebouwen en vaste installaties zijn eigendom en in beheer van de gemeenten. Stroomopwaarts bezit voornamelijk voertuigen, mobiele machines en ICT-apparatuur. De omvang van deze kapitaalgoederen is beperkt. Er vinden op kleine schaal vervangingsinvesteringen plaats. Stroomopwaarts stelt daarom geen aparte beleidsnota onderhoud kapitaalgoederen op. De richtlijnen van de commissie BBV zijn leidend. Beheer en onderhoud Het Werkleerbedrijf beheert het wagenpark van Stroomopwaarts. Het gehele wagenpark bestond per 31 december 2021 uit 90 objecten. Het administratief beheer van de middelen en voertuigen vindt plaats in het ERP-systeem. Hierin zijn de stamgegevens vastgelegd. Ook wordt hierin bijgehouden of en wanneer keuring, onderhoud, en dergelijke, dienen plaats te vinden en wanneer dit is gebeurd. Verder worden de verzekeringspolissen, tankpassen en de gegevens van de Track-& Trace-module vastgelegd. Het Bedrijfsbureau voert het administratief beheer uit. Het geeft tijdig door aan de operationele managers en/of technische dienst wanneer keuringen en dergelijke dienen te worden uitgevoerd. Ook legt het Bedrijfsbureau onderhoudscontracten vast.
Voor het onderhoud van middelen heeft het Werkleerbedrijf te maken met wettelijke eisen volgens de Arbowetgeving. Ieder jaar voeren de eigen Arboen ISO-coördinator en preventiemedewerkers reguliere controles en audits uit. Zij hebben oog voor de staat van het onderhoud. Voor het uitvoeren van onderhoud zijn in de begroting van Stroomopwaarts de benodigde financiële middelen voorzien. De ramingen zijn gebaseerd op regulier (jaarlijks terugkerend) onderhoud. Voor de hoogstnoodzakelijke aanpassingen en kleinschalige vervanging zijn middelen voorzien in de begroting.
Investeringen Het kan om verschillende redenen nodig zijn machines, vervoermiddelen of andere productiemiddelen te vervangen. Bijvoorbeeld door slijtage, het streven naar een efficiënter productieproces en door veranderingen van geldende normen. Na het beschikbaar komen van een krediet worden bij elke investering drie offertes opgevraagd (meervoudig onderhands), of worden ervaringscijfers gebruikt. Wanneer investering de beste optie blijkt, wordt met in achtneming van de geldende aanbestedingsregels zorgvuldig overwogen bij welke leverancier het productiemiddel wordt aangeschaft. Voor 2023 worden in 2022 vervangingsplannen opgesteld. Investeringen leggen meerjarig beslag op de financiële middelen van een organisatie. Binnen Stroomopwaarts wordt op kleine schaal geïnvesteerd, waardoor het effect beperkt is.
Lopende kredieten Op 1 januari 2022 zijn er geen lopende kredieten. Voor vervanging van kleine inventaris is een budget in de begroting opgenomen.
Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
54
Financiële begroting 2023 en meerjarenraming 2024-2026 Overzicht van baten en lasten per programma
Balans
Meerjarenraming
Incidentele baten en lasten
Reserves en voorzieningen
EMU-saldo
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
Meerjarige balans
55
Overzicht van baten en lasten 2023 per programma Programma
Jaarstukken 2021
Begroting 2022 na 2e wijziging
Begroting 2023
(bedragen x 1.000)
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Inkomen
6.723
-115.552
-108.829
2.912
-102.683
-99.771
2.515
-102.096
-99.581
Werk
2.770
-11.274
-8.504
3.853
-12.778
-8.925
3.065
-14.280
-11.215
Werkleerbedrijf
8.085
-27.396
-19.311
8.408
-28.091
-19.684
8.495
-27.475
-18.980
Inburgering Dekkingsmiddelen Overhead
70
-368
-298
112
-2.454
-2.342
-
-1.878
-1.878
150.072
-25
150.048
149.862
-
149.862
150.383
-
150.383
1.419
-11.750
-10.330
717
-20.144
-19.428
5
-19.457
-19.452
Vennootschapsbelasting
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Onvoorzien
-
-
-
-
-200
-200
-
-200
-200
169.140
-166.365
2.775
165.863
-166.351
-487
164.463
-165.387
-924
123
-
123
123
-
123
838
-
838
Werk
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Werkleerbedrijf
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Totale baten en lasten: Inkomen
Inburgering
-
-
-
-
-
-
-
-
-
2.459
-1.087
1.372
-
-
-
-
-
-
301
-
301
365
-
365
86
-
86
2.883
-1.087
1.796
488
-
488
924
-
924
Inkomen
6.846
-115.552
-108.706
3.035
-102.683
-99.648
3.354
-102.096
-98.743
Werk
2.770
-11.274
-8.504
3.853
-12.778
-8.925
3.065
-14.280
-11.215
Werkleerbedrijf
8.085
-27.396
-19.311
8.408
-28.091
-19.684
8.495
-27.475
-18.980
Dekkingsmiddelen Overhead Totaal reservemutaties:
Inburgering Dekkingsmiddelen Overhead
70
-368
-298
112
-2.454
-2.342
-
-1.878
-1.878
152.531
-1.112
151.420
149.862
-
149.862
150.383
-
150.383
1.720
-11.750
-10.029
1.081
-20.144
-19.063
91
-19.457
-19.366
Vennootschapsbelasting
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Onvoorzien
-
-
-
-
-200
-200
-
-200
-200
172.023
-167.452
4.571
166.351
-166.351
0
165.387
-165.387
0
Geraamd resultaat
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
56
Balans 2023 Balans Gemeenschappelijke regeling Stroomopwaarts MVS ACTIVA (bedragen x 1.000)
31-12-2023
PASSIVA (bedragen x 1.000)
VASTE ACTIVA
31-12-2023
VASTE PASSIVA
Materiële vaste activa
417
- Investeringen met economisch nut
417
Eigen vermogen
3.905
- Algemene reserve
1.967
- Bestemmingsreserves
1.939
- Gerealiseerd resultaat
0
Financiële vaste activa
Voorzieningen
0
- N.v.t.
- Voorzieningen voor verplichtingen en verliezen
0
en risico's - Voorziening ter egalisatie van kosten
0
Vaste schuld
0
- N.v.t. Totaal vaste activa
417
VLOTTENDE ACTIVA
Totaal vaste passiva
3.905
VLOTTENDE PASSIVA
Voorraden
50
- Grond- en hulpstoffen
10.000
dan 1 jaar
- Overige kasgeldleningen
1.000
- Overige schulden
4.500
Overlopende passiva - Vooruit ontvangen bijdragen overige overheid
- Vorderingen op openbare lichamen
2.500
- Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een
3.000
- Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn
2.300 0 2.500
opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar
rentetypische looptijd korter dan één jaar - Overige vorderingen
5.500
looptijd korter dan 1 jaar
50
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter
Netto vlottende schulden met een rentetypische
tot betaling komen. 4.500
- De van Europese en Nederlandse
0
overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen Liquide middelen (kas, banksaldi)
538
met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren
Overlopende activa
700
- De van Europese en Nederlandse overheidslichamen
- Overige vooruitontvangen bedragen
50
300
nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel -Overige overlopende activa
Bijdrage gemeente
400 Totaal vlottende activa
11.288
Totaal vlottende passiva
7.800
TOTAAL-GENERAAL
11.705
TOTAAL-GENERAAL
11.705
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
57
Meerjarenraming 2024-2026 Programma
Meerjarenraming 2024
Meerjarenraming 2025
Meerjarenraming 2026
(bedragen x 1.000)
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Inkomen
2.515
-101.745
-99.230
2.515
-101.781
-99.266
2.515
-100.844
-98.329
Werk
3.380
-15.759
-12.379
3.182
-16.063
-12.881
2.956
-16.354
-13.398
Werkleerbedrijf
8.436
-27.041
-18.606
8.398
-26.745
-18.347
8.323
-26.792
-18.469
Inburgering
-
-1.726
-1.726
-
-1.702
-1.702
-
-1.702
-1.702
151.585
-
151.585
151.877
-
151.877
151.573
-
151.573
Overhead
5
-19.987
-19.982
5
-19.969
-19.964
5
-19.963
-19.958
Vennootschapsbelasting
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Onvoorzien
-
-200
-200
-
-200
-200
-
-200
-200
165.920
-166.458
-538
165.977
-166.460
-484
165.372
-165.856
-484
484
-
484
444
-
444
444
-
444
Werk
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Werkleerbedrijf
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Inburgering
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Dekkingsmiddelen
-
-
-
-
-
-
-
-
-
54
-
54
40
-
40
40
-
40
538
-
538
484
-
484
484
-
484
Inkomen
2.999
-101.745
-98.746
2.959
-101.781
-98.822
2.959
-100.844
-97.886
Werk
3.380
-15.759
-12.379
3.182
-16.063
-12.881
2.956
-16.354
-13.398
Werkleerbedrijf
8.436
-27.041
-18.606
8.398
-26.745
-18.347
8.323
-26.792
-18.469
Dekkingsmiddelen
Totale baten en lasten: Inkomen
Overhead Totaal reservemutaties:
Inburgering Dekkingsmiddelen Overhead
-
-1.726
-1.726
-
-1.702
-1.702
-
-1.702
-1.702
151.585
-
151.585
151.877
-
151.877
151.573
-
151.573
59
-19.987
-19.928
45
-19.969
-19.924
45
-19.963
-19.918
Vennootschapsbelasting
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Onvoorzien
-
-200
-200
-
-200
-200
-
-200
-200
166.458
-166.458
0
166.460
-166.460
0
165.856
-165.856
0
Geraamd resultaat
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
58
Meerjarige balans 2024-2026 Balans Gemeenschappelijke regeling Stroomopwaarts MVS ACTIVA
31-12-2024
31-12-2025
31-12-2026
(bedragen x 1.000)
PASSIVA
31-12-2024
31-12-2025
31-12-2026
3.368
2.884
2.401
(bedragen x 1.000)
VASTE ACTIVA
VASTE PASSIVA
Materiële vaste activa
339
- Investeringen met
339
261 261
183 183
economisch nut
Eigen vermogen - Algemene reserve
1.967
1.967
1.967
- Bestemmingsreserves
1.401
918
434
- Gerealiseerd resultaat
-
-
-
Financiële vaste activa
Voorzieningen
- N.v.t.
- Voorzieningen voor verplichtingen
-
-
-
-
-
-
-
-
-
en verliezen en risico's - Voorziening ter egalisatie van kosten Vaste schuld
-
-
-
3.368
2.884
2.401
5.500
5.500
5.500
- N.v.t. Totaal vaste activa
339
261
183
50
50
50
VLOTTENDE ACTIVA
Totaal vaste passiva VLOTTENDE PASSIVA
Voorraden - Grond- en hulpstoffen
50
Uitzettingen met een
50 9.500
rentetypische looptijd korter dan
50 9.250
9.000
rentetypische looptijd korter dan 1 jaar - Vorderingen op
2.500
2.500
Netto vlottende schulden met een 1 jaar - Overige kasgeldleningen
1.000
1.000
1.000
- Overige schulden
4.500
4.500
4.500
Overlopende passiva
2.500
openbare lichamen
- Vooruit ontvangen bijdragen
- Uitzettingen in ’s Rijks schatkist
2.500
2.250
2.000
2.150
2.150
2.150
-
-
-
2.100
2.100
2.100
-
-
-
50
50
50
overige overheid
met een rentetypische looptijd
-V erplichtingen die in het
korter dan één jaar
begrotingsjaar zijn opgebouwd en
- Overige vorderingen
4.500
Liquide middelen
4.500
4.500
die in een volgend begrotingsjaar
789
782
718
340
192
100
(kas, banksaldi)
tot betaling komen - De van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen
Overlopende activa -De van Europese en Nederlandse
-
-
-
voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek
overheidslichamen nog te
bestedingsdoel, die dienen ter
ontvangen voorschotbedragen die
dekking van lasten van volgende
ontstaan door voorfinanciering
begrotingsjaren
op uitkeringen met een specifiek
- Overige vooruitontvangen
bestedingsdoel
bedragen
-Overige overlopende activa
340
192
100
Totaal vlottende activa
10.679
10.274
9.868
Totaal vlottende passiva
7.650
7.650
7.650
TOTAAL-GENERAAL
11.018
10.534
10.051
TOTAAL-GENERAAL
11.018
10.534
10.051
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
59
Incidentele baten en lasten Meerjaren overzicht incidentele baten en lasten Stroomopwaarts, begroting 2023, meerjarenraming 2024 -2026 Omschrijving
Incidentele Baten
Bedragen x 1.000
2023
2024
Incidentele Lasten
2025
2026
2023
2024
2025
2026
Programma Inkomen
-
-
-
-
838
484
444
444
Programma Werk
-
-
-
-
-
-
-
-
Programma Werkleerbedrijf
-
-
-
-
-
-
-
-
Programma Inburgering
-
-
-
-
-
-
-
-
Dekkingsmiddelen
-
-
-
-
-
-
-
-
Overhead
-
-
-
-
86
54
40
40
Onvoorzien
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
924
538
484
484
838
484
444
444
-
-
-
-
Programma Werk
-
-
-
-
-
-
-
-
Programma Werkleerbedrijf
-
-
-
-
-
-
-
-
Programma Inburgering
-
-
-
-
-
-
-
-
Dekkingsmiddelen
-
-
-
-
-
-
-
-
86
54
40
40
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Totaal Incidentele baten reserves
924
538
484
484
-
-
-
-
Totaal Incidentele baten
924
538
484
484
924
538
484
484
Totaal Incidentele baten programma Mutatie reserves Programma Inkomen
Overhead Begrotingssaldo t.l.v. algemene reserve
Voor de uitvoering van de werkzaamheden Meldpunt Kinderopvangtoeslag en de Tozo zijn bestemmingsreserves gevormd. In de jaren waar werkzaamheden worden verwacht, is een reservebate opgenomen binnen programma Inkomen. Dat geldt ook voor de resterende middelen voor Armoede en Schulden uit de decembercirculaire 2020. Deze middelen worden ingezet voor vroegsignalering (tot en met 2024) en collectief schuldregelen (tot en met 2026). De incidentele baten en lasten in overhead hebben betrekking op de benutting van de bestemmingsreserve thuiswerkvoorzieningen en in 2023 en 2024 op vroegsignalering. Meerjarig is sprake van materieel evenwicht.
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
60
Reserves en voorzieningen Onderstaand een overzicht van de standen en mutaties van de reserves en voorzieningen 2023-2026. De mutaties in de reserve betreffen incidentele mutaties. Daarom is geen apart overzicht met structurele vermeerderingen en verminderingen opgenomen.
Reserves Algemene reserve Bedragen x € 1.000
2021
2022
2023
2024
2025
2026
Stand per 1 januari
2.761
2.145
1.967
1.967
1.967
1.967
Resultaat voorgaand boekjaar
1.693
4.571
Afrekening resultaat voorgaand boekjaar met gemeenten
-1.372
-514
Vorming bestemmingsreserves
-
-3.998
-
-
-
-
Begrote storting
-
-
-
-
-
-
-938
-238
2.145
1.967
1.967
1.967
1.967
1.967
2021
2022
2023
2024
2025
2026
-
115
-
-
-
-
Begrote storting
250
250
-
-
-
-
Begrote onttrekking
-135
-365
115
-
-
-
-
-
Begrote onttrekking Stand per 31 december
Reserve Doorontwikkeling bedragen x € 1.000 Stand per 1 januari
Stand per 31 december
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
61
Reserve Zaaksysteem 2021
2022
2023
2024
2025
2026
-
150
-
-
-
-
150
-
-
-
-
-
-
-150
150
-
-
-
-
-
2021
2022
2023
2024
2025
2026
Stand per 1 januari
-
-
797
543
334
178
Begrote storting
-
1.227
-
-
-
-
Begrote onttrekking
-
-430
-254
-209
-155
-155
-
797
543
334
178
23
2021
2022
2023
2024
2025
2026
Stand per 1 januari
-
-
-
-
-
-
Begrote storting
-
196
-
-
-
-
Begrote onttrekking
-
-196
-
-
-
-
-
-
bedragen x € 1.000 Stand per 1 januari Begrote storting Begrote onttrekking Stand per 31 december
Reserve Middelen Decembercirculaire 2020 bedragen x € 1.000
Stand per 31 december
Reserve Transitie bedrijfsvoering bedragen x € 1.000
Stand per 31 december
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
62
Reserve Thuiswerkvoorzieningen 2021
2022
2023
2024
2025
2026
-
248
160
120
80
40
Begrote storting
300
-
-
-
-
-
Begrote onttrekking
-52
-88
-40
-40
-40
-40
248
160
120
80
40
-
2021
2022
2023
2024
2025
2026
Stand per 1 januari
-
-
1.564
1.276
988
699
Begrote storting
-
2.058
-
-
-
-
Begrote onttrekking
-
-494
-288
-288
-288
-288
-
1.564
1.276
988
699
411
2021
2022
2023
2024
2025
2026
Stand per 1 januari
-
-
342
-
-
-
Begrote storting
-
1.064
-
-
-
-
Begrote onttrekking
-
-722
-342
-
342
-
-
-
-
bedragen x € 1.000 Stand per 1 januari
Stand per 31 december
Reserve Uitvoeringskosten Tozo bedragen x € 1.000
Stand per 31 december
Reserve Uitvoeringskosten kinderopvangtoeslagaffaire bedragen x € 1.000
Stand per 31 december
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
63
Reserves totaal bedragen x € 1.000
2021
2022
2023
2024
2025
2026
Stand per 1 januari
2.761
2.658
4.830
3.905
3.368
2.884
Resultaat voorgaand boekjaar
1.693
4.571
-
-
-
-
Uitkering aan gemeenten
-1.372
-514
700
4.795
-
-
-
-
-1.124
-6.681
-924
-538
-484
-484
2.658
4.830
3.905
3.368
2.884
2.401
Begrote stortingen Begrote onttrekkingen Stand per 31 december
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
64
Voorzieningen Voorziening dubieuze debiteuren 2023 2022
Bedragen x € 1.000 Dubieuze handelsdebiteuren Dubieuze inkomensdebiteuren Stand per 31 december
Toevoeging
10
Aanwending
2024
2025
2026
2027
-
10
10
10
10
12.560
900
900
12.560
12.560
12.560
12.560
12.570
900
900
12.570
12.570
12.570
12.570
De voorzieningen dubieuze debiteuren wordt aan de actiefzijde van de balans verwerkt, omdat er sprake is van een correctie op de balanswaarde. Deze voorziening wordt in mindering gebracht op de waarde van de post debiteuren onder de balanspost Overige vorderingen.
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
65
EMU-saldo Stroomopwaarts dient in de begroting een berekening op te nemen van het zogenoemde EMU-saldo voor een periode van drie jaar: een raming voor het begrotingsjaar zelf (2022), een prognose voor het vorige begrotingsjaar (2020) en een raming voor het jaar volgend op het begrotingsjaar (2023). Omschrijving
Begroting 2022
(bedragen x € 1.000)
Begroting Meerjarenraming 2024 2023
(uit de begroting 2023)
1
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)
0
0
0
2
Afschrijvingen ten laste van de exploitatie
78
78
78
3
Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie
0
0
0
4
Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden geactiveerd
0
0
0
5
Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en overige, die niet op de exploitatie zijn
0
0
0
0
0
0
0
0
0
verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4 6
Desinvesteringen in (im)materiële vaste activa: Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs), voor zover niet op exploitatie verantwoord
7
Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d. (alleen transacties met derden die niet op de exploitatie staan)
8
Baten bouwgrondexploitatie: Baten voor zover transacties niet op exploitatie verantwoord
0
0
0
9
Lasten op balanspost Voorzieningen voor zover deze transacties met derden betreffen
0
0
0
10
Lasten i.v.m. transacties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar
0
0
0
nee
nee
nee
0
0
0
78
78
78
rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen en dergelijke) worden gebracht en die nog niet vallen onder één van bovenstaande posten 11
Verkoop van effecten: a Gaat u effecten verkopen? (ja/nee) b Zo ja wat is bij verkoop de verwachte boekwinst op de exploitatie? Berekend EMU-saldo (1+2+3-4+5+6+7+8-9-10-11)
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
66
Bijlagen
Ontwikkeling uitkeringsgerechtigden
Overzicht geraamde baten en lasten per taakveld
Begrippenlijst
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
67
Ontwikkeling uitkeringen in aantal en bedragen per gemeente Prognose aantal uitkeringen Maassluis Prijs
Vlaardingen
2023
2024
2025
2026
2027
aantal
aantal
aantal
aantal
aantal
PW
€ 14.901
698
700
700
692
692
IOAW
€ 14.901
32
32
32
32
32
IOAZ
€ 14.901
2
2
2
2
2
BBZ
€ 14.901
1
1
1
1
1
733
735
735
726
726
Aantal uitkeringen Banen met LKS
€ 7.388
57
75
94
113
113
(banenafspraak) extern Banen met LKS
€ 7.388
6
6
6
6
6
€ 7.388
19
23
27
31
31
815
839
862
876
876
(banenafspraak) intern Beschut Totaal
2023
2024
2025
2026
2027
Prijs
aantal
aantal
aantal
aantal
aantal
PW
€ 15.416
2.148
2150,52
2.153
2.128
2.128
IOAW
€ 15.416
98
98,13
98
97
97
IOAZ
€ 15.416
5
5,01
5
5
5
BBZ
€ 15.416
3
3,34
3
3
3
2.254
2257,00
2.260
2.233
2.233
€ 7.388
100
134
167
200
200
€ 7.388
16
16
16
16
16
€ 7.388
45
55
65
75
75
2.415
2.462
2.508
2.524
2.524
Aantal uitkeringen Banen met LKS (banenafspraak) extern Banen met LKS (banenafspraak) intern Beschut Totaal
Schiedam
2023
2024
2025
2026
2027
Prijs
aantal
aantal
aantal
aantal
aantal
PW
€ 14.866
2.112
2114,31
2116
2091
2091
IOAW
€ 14.866
96
96,48
97
95
95
IOAZ
€ 14.866
5
4,93
5
5
5
BBZ
€ 14.866
3
3,28
3
3
3
2.217
2219,00
2.221
2.195
2.195
€ 7.388
144
192
240
288
288
€ 7.388
18
18
18
18
18
€ 7.388
53
64
75
86
86
2.432
2.493
2.554
2.587
2.587
Aantal uitkeringen Banen met LKS (banenafspraak) extern Banen met LKS (banenafspraak) intern Beschut Totaal
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
68
Begroting Maassluis
2023
2024
2025
2026
2027
Bedragen in € PW
Vlaardingen
2023
2024
2025
2026
2027
Bedragen in € 10.407.129
10.435.525
10.435.525
10.307.743
10.307.743
PW
33.108.320
33.152.386
33.196.452
32.799.857
32.799.857
IOAW
474.888
476.184
476.184
470.353
470.353
IOAW
1.510.768
1.512.779
1.514.790
1.496.693
1.496.693
IOAZ
24.250
24.316
24.316
24.018
24.018
IOAZ
77.146
77.248
77.351
76.427
76.427
BBZ
16.166
16.211
16.211
16.012
16.012
BBZ
51.430
51.499
51.567
50.951
50.951
Netto (lasten-/-baten) 10.922.433
10.952.235
10.952.235
10.818.126
10.818.126
Netto (lasten-/-baten) 34.747.664
34.793.912
34.840.160
34.423.928
34.423.928
554.081
694.449
834.816
834.816
738.775
989.959
1.233.754
1.477.550
1.477.550
€118.204
118.204
118.204
€118.204
€118.204
332.449
406.326
480.204
554.081
554.081
35.937.092
36.308.401
36.672.322
36.573.763
36.573.763
2023
2024
2025
2026
2027
PW
31.403.015
31.431.345
31.459.674
31.091.393
31.091.393
IOAW
1.432.953
1.434.246
1.435.539
1.418.733
1.418.733
IOAZ
73.172
73.238
73.304
72.446
72.446
BBZ
48.781
48.825
48.869
48.297
48.297
Netto (lasten-/-baten) 32.957.922
32.987.654
33.017.386
32.630.870
32.630.870
1.063.836
1.418.448
1.773.060
2.127.672
2.127.672
132.980
132.980
132.980
132.980
132.980
391.551
472.816
554.081
635.347
635.347
34.546.288
35.011.898
35.477.507
35.526.868
35.526.868
Banen met LKS
421.102
(banenafspraak)
Banen met LKS (banenafspraak)
extern
extern
Banen met LKS
44.327
44.327
44.327
44.327
44.327
Banen met LKS
(banenafspraak)
(banenafspraak)
intern
intern
Beschut Totaal
140.367
169.918
199.469
229.020
229.020
11.528.229
11.720.561
11.890.479
11.926.289
11.926.289
Beschut Totaal
Schiedam Bedragen in €
Banen met LKS (banenafspraak) extern Banen met LKS (banenafspraak) intern Beschut Totaal
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
69
Overzicht geraamde baten en lasten per taakveld Baten en lasten
Begroting 2023
per taakveld
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
924
-
924
538
-
538
484
-
484
484
-
484
0.4 Overhead
5
-19.457
-19.452
5
-19.987
-19.982
5
-19.969
-19.964
5
-19.963
-19.958
0.5 Treasury
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
150.383
-200
150.183
151.585
-200
151.385
151.877
-200
151.677
151.573
-200
151.373
0.9 Vennootschapsbelasting (Vpb)
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
-
-1.878
-1.878
-
-1.726
-1.726
-
-1.702
-1.702
-
-1.702
-1.702
6.2 Wijkteams
-
-393
-393
-
-313
-313
-
-273
-273
-
-273
-273
6.3 Inkomensregelingen
2.431
-90.367
-87.937
2.431
-90.870
-88.439
2.431
-91.685
-89.254
2.431
-91.487
-89.056
6.4 Begeleide participatie
8.739
-28.185
-19.445
8.680
-27.751
-19.071
8.642
-27.454
-18.812
8.567
-27.501
-18.934
6.5 Arbeidsparticipatie
2.821
-20.533
-17.712
3.136
-21.273
-18.137
2.938
-20.838
-17.900
2.712
-20.390
-17.679
84
-4.374
-4.290
84
-4.339
-4.255
84
-4.339
-4.255
84
-4.339
-4.255
165.387
-165.387
0
166.458
-166.458
0
166.460
-166.460
0
165.856
-165.856
0
0.10 Mutatie Reserves
0.8 Overige baten en lasten
6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ Totaal baten en lasten:
In de notitie ‘Verbonden partijen van oktober 2016’ schreef de BBV-commissie onder andere regels (stellige uitspraken) voor hoe de bijdragen van de gemeenten aan een gemeenschappelijke regeling dienen te worden verwerkt. Deze regels gelden zowel voor verwerking van de bijdrage in de gemeentelijke administratie, als in de administratie van Stroomopwaarts. Dit houdt onder andere in dat Stroomopwaarts de kosten per taakveld apart verantwoordt, waaronder ook de overhead. De gemeenten verantwoorden de bijdrage aan Stroomopwaarts verdeeld over de diverse taakvelden, waarbij de overhead aan de taakvelden wordt toegerekend.
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
70
Begrippenlijst (Arbeidsmatige) dagbesteding Bij Arbeidsmatige dagbesteding krijgen mensen veel begeleiding tijdens het werken. Arbeidsmatige dagbesteding biedt structuur en invulling van de dag. Er is geen werkdruk en er zijn geen deadlines. Banen met loonkostensubsidie als gevolg van Wet banenafspraak In het Sociaal Akkoord is afgesproken dat overheid en bedrijfsleven vóór 2025 samen 125.000 extra banen creëren voor mensen met een arbeidsbeperking. Dit is de zogenoemde banenafspraak. Hierbij nemen bedrijven 100.000 banen voor hun rekening. In de begroting zijn ze terug te vinden als banen met loonkostensubsidie. B1 Route statushouders Een route voor taal en (vrijwilligers)werk. Inburgeringsplichtigen spreken en schrijven binnen maximaal 3 jaar de Nederlandse taal op niveau B1. Tegelijk kunnen zij participeren door (vrijwilligers)werk. Beschut werk Beschut werk is bestemd voor inwoners die door hun lichamelijke, verstandelijke of psychische beperking een hoge mate van (structurele) begeleiding of aanpassing van de werkplek nodig hebben. Van een werkgever mag daardoor niet worden verwacht dat hij hen in dienst neemt. Ook niet met extra voorzieningen van gemeente of UWV. Cliënt Iemand die gebruik maakt van dienstverlening op het gebied van armoedevoorziening, inkomensvoorziening of schuldhulpverlening.
Uitzonderingen op het gebruik van deze term zijn klantcontact, klantreis en klantbeeld die betrekking hebben op cliënten. Inburgering integratie van nieuwkomers in de Nederlandse samenleving. Hierbij wordt gestreefd nieuwkomers door een intensief programma zo snel mogelijk een zo groot mogelijke mate van zelfredzaamheid te laten bereiken. Klant Wanneer er sprake is van de bedrijfsmatige activiteiten zoals detachering en productie of diensten in het Werkleerbedrijf, wordt de term klant gebruikt. Zie de genoemde uitzondering onder cliënt. Kwetsbare inwoners Inwoners die (tijdelijk) niet in staat zijn de regie over hun eigen leven te voeren.
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
71
Loonkostensubsidie De loonkostensubsidie vergoedt het verschil tussen loonwaarde en minimumloon. Het is bedoeld voor werknemers die vallen onder de doelgroep van de banenafspraak. Multiproblematiek Er is sprake van multiproblematiek bij gezinnen en personen wanneer deze langdurig te maken hebben met twee of meer samenhangende en elkaar mogelijk versterkende problemen én de betrokkene(n) niet in staat is/zijn tot het ontwikkelen en voeren van een adequate regie ten aanzien van de beheersing of oplossing van het complex aan problemen, waardoor deelname aan de samenleving en de arbeidsmarkt problematisch is. Onderwijsroute statushouders Voorbereiding op het volgen van een opleiding op MBO-, HBO of WO-niveau. Participatie Participatie staat voor meedoen aan het maatschappelijke leven. Het kan bijvoorbeeld gaan om meedoen aan sport, onderwijs, vrijwilligerswerk of betaalde arbeid. Preventiequote Het percentage inwoners dat zich bij Stroomopwaarts meldt voor een uitkering maar hier door preventie geen gebruik van hoeft te maken, ten opzichte van het totale aantal inwoners dat zich bij Stroomopwaarts meldt voor een uitkering. Re-integratie Bij re-integratie gaan inwoners weer aan het werk. Inwoners met een bijstandsuitkering en gedeeltelijk arbeidsgeschikten vinden vaak moeilijk werk. De overheid helpt hen daarbij.
SchuldenlabNL SchuldenlabNL is een onafhankelijke stichting met als missie Nederland schuldenzorgvrij te maken. Het is een stichting die zich inzet voor de landelijke opschaling van succesvolle initiatieven om zo versnippering in het hulpaanbod tegen te gaan. Eind 2021 is in de MVS regio het SchuldenlabMVS van start gegaan. Schuldhulpverlening Schuldhulpverlening is gericht op het aflossen van schulden, met aandacht voor de omstandigheden waardoor deze zijn ontstaan. Er zijn twee soorten trajecten: het minnelijke en het wettelijke schuldhulpverleningstraject. Het minnelijke traject kan bestaan uit schuldbemiddeling of schuldsanering. Het wettelijke traject kan leiden tot een persoonlijk faillissement en/of een traject binnen de Wet schuldsanering natuurlijke personen (Wsnp). Sociale onderneming Een onderneming die zich zowel richt op bedrijfseconomische continuïteit en/of winstgevendheid, als op het creëren van plekken voor arbeidsmatige dagbesteding en/of werk voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
72
Statushouders Statushouders zijn vluchtelingen met een (tijdelijke) verblijfsvergunning. De gemeenten krijgen van de Rijksoverheid de opdracht om statushouders te huisvesten. Werkleertraject Een traject waarin de kandidaat zichzelf door training en het opdoen van werkervaring in het Werkleerbedrijf ontwikkelt. Doel is dat de kandidaat aan het einde van het traject klaar is om de arbeidsmarkt op te gaan. Z Route De Z-Route (zelfredzaamheidsroute) is er voor inburgeraars met een lage leerbaarheid. Het is een intensief traject van zo’n 2 jaar, gericht op het zelfstandig kunnen meedraaien in de maatschappij.
Bijdrage gemeente
§ Paragrafen € Financiële begroting
Bijlagen
73