Bijlage 1 Brief Stroomopwaarts mbt de zienswijze op de ontwerpbegroting 2025
Tekst van het document
gemeente Schiedam
Welzijn, Sport & Participatie Stadskantoor, Stadserf 1 Postbus 1501 3100 EA Schiedam
Stroomopwaarts MVS T.a.v. het Dagelijks Bestuur Postbus 205 3140 AE MAASSLUIS
Uw kenmerk
Uw brief van
14 010 schiedam.nl
Ons kenmerk
Datum
24UIT01542
5 juni 2024
Doorkiesnummer
4 april 2024 Onderwerp
Zienswijze op ontwerpbegroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028 Stroomopwaarts MVS
Geacht bestuur, Allereerst dank voor het toesturen van de ontwerpbegroting 2025 en meerjarenraming 20262028. Het stuk geeft inzicht op welke wijze u invulling wenst te geven aan uw opgave voor het jaar 2025 en verder, alsmede de middelen die daarvoor nodig zijn. Wij willen graag met deze zienswijze een aantal punten onder uw aandacht brengen. Speciale aandacht vragen wij voor het volgende. In de Voorjaarsnota 2024 is aangegeven dat vanaf 2026 de zogenoemde ‘opschalingskorting’ wordt geschrapt en dat hiermee het zogenoemde ‘ravijnjaar’ wordt voorkomen, maar dit betekent wel dat vanaf er vanaf 2025 minder geld in het gemeentefonds zit. Het financiële perspectief van de gemeente vertoont daarmee vanaf 2025 grote tekorten. Dat vraagt om ingrijpende maatregelen om de begroting structureel sluitend te krijgen. Onvermijdelijk is dat deze maatregelen ook effect hebben op de bijdragen aan de gemeenschappelijke regelingen. Wij vragen u daarom om nu al daarop te anticiperen, en op weg naar 2025 en verder zelf met initiatieven te komen die een bijdrage leveren aan de financiële opgave waarvoor de gemeente staat. Genoemde ontwikkelingen vragen dus om terughoudendheid in de uitgaven van Stroomopwaarts, maar ook om slimme en effectieve beleidskeuzes.
De punten die wij verder graag onder uw aandacht willen brengen zijn: Komst nieuw kabinet Ten tijde van het opstellen van uw ontwerpbegroting 2025 was nog niet duidelijk welke partijen plaats gaan nemen in het nieuwe kabinet of welk programma zij gaan uitvoeren. Een nieuw regeerakkoord kan impact krijgen op het rijksbeleid op het gebied van het sociaal domein. U geeft aan dat de ontwerpbegroting 2025 is samengesteld op basis van het bestaande rijksbeleid en dat mogelijke bijsturing zal plaatsvinden via bestuursrapportages, de beleidsontwikkeling en begrotingswijzigingen. Wij ontvangen graag tijdig eventuele bijsturingen, zodat wij indien van toepassing onze zienswijze kunnen geven daar waar volgens de Wet een zienswijze van de raad wordt gevraagd.
*24UIT01542*
Ontwikkeling aantal uitkeringen In de begroting 2024 geeft Stroomopwaarts aan dat het Centraal Planbureau (CPB) voorspelt dat voor 2024 rekening wordt gehouden met een stabilisatie van het aantal uitkeringen. In de ontwerpbegroting 2025 wordt aangegeven dat het CPB nu zowel in 2024 als in 2025 een lichte stijging van het aantal uitkeringen verwacht. Dit betekent dat het gemiddeld aantal uitkeringen in 2025 ten opzichte van 2024 met 1,39% stijgt van 2.151 naar 2.187 uitkeringen. Stroomopwaarts stelt in de ontwerpbegroting 2025 dat hen er alles aan gelegen is om, in tegenstelling tot de voorspelling van het CPB, in 2025 een daling te realiseren en de landelijke trend te ‘verslaan’ door onder andere in te zetten op een hogere effectiviteit ten aanzien van de uitstroom van uitkeringsgerechtigden naar werk. Een concrete doelstelling en aanpak worden hierbij echter niet benoemd. De blijvende economische groei in verschillende sectoren en de toenemende aandacht en inspanningen op maatschappelijk verantwoord ondernemen bieden Stroomopwaarts unieke kansen om de uitstroom te bevorderen en de landelijke trend te verslaan. De raad deelt dus deze ambitie, maar wil Stroomopwaarts wel verzoeken aan te geven welke middelen zij daarvoor wil inzetten en tot welke concrete resultaten dit leidt. De raad verzoekt u om deze uitkomsten via de bestuursrapportages met ons te delen.
U geeft verder aan dat Stroomopwaarts in het eerste halfjaar van 2024 aan de slag gaat met een herijking van het interne proces om genoemde ambitie en een hogere effectiviteit op de uitstroom te kunnen realiseren. Dit roept bij de raad de vraag op waarom het interne proces nog niet op orde is. In de begroting 2024 was namelijk al aangegeven dat de interne werkprocessen geoptimaliseerd zijn, dat er in de doorontwikkeling van de werkprocessen veel aandacht is gegeven aan het in beeld krijgen en houden van alle uitkeringsgerechtigden en dat dit leidt tot een adequatere aanpak. De raad verzoekt Stroomopwaarts daarom om aan te geven waarom het interne proces nog niet op orde is en wat nodig is om de werkprocessen te optimalieren teneinde het gewenste resultaat te bereiken. Daarnaast wil de raad Stroomopwaarts verzoeken om tijdig met een voorstel te komen indien de herijking in 2024 onverhoopt niet is voltooid. Doelgroep WSW, Beschut en doelgroepen PW In de ontwerpbegroting 2025 heeft u ambitieuze doelstellingen opgenomen ten aanzien van de externe (structurele) banen met loonkostensubsidie (A3) en beschut werk (B1). Ook geeft u aan dat het realiseren van groepsdetacheringen meer prioriteit krijgt (B2).
De raad is het eens met de lijn volgens de strategische visie Werk en Inkomen waarbij Stroomopwaarts sterk blijft inzetten op het realiseren van plaatsingen met loonkostensubsidies voor de meer kwetsbare groepen. Tegelijkertijd constateren we ook dat het aantal plaatsingen van mensen uit de doelgroep banenafspraak tot op heden achterblijft bij eerdere ambities. Wij verzoeken u dan ook om in 2024 met een gedegen plan te komen waarmee de groei van 100 extra plaatsingen per jaar (van 197 in 2023 naar 751 plaatsingen in 2028) kan worden gerealiseerd en de raad via de bestuursrapportages te informeren over de inzet en resultaten met betrekking tot deze ambitie. In dit plan zien wij ook graag het bevorderen van parttime werk opgenomen als mogelijk resultaat van de pilot Werkbonus met als uiteindelijk doel het uitstromen uit de uitkering. Met betrekking tot het aantal genoemde beschutte werkplekken (B1) constateert de raad ook dat dit hoger is dan het aantal beschutte werkplekken op basis van rijksbeleid. 24UIT01542
Pagina 2
Het gaat dan in 2025 in MVS-verband om 225 plekken ten opzichte van de taakstelling van 115 plekken. Het aantal beschutte werkplekken stijgt dan in 2028 verder naar 300 werkplekken, waarbij de werkleerbedrijven ook gebruikt gaan worden door andere en deels nieuwe doelgroepen. U geeft aan dat de stijging mede te maken met de verandering van WSW richting beschut werk, maar ook met het ambitieniveau van Stroomopwaarts. Deze ambitie zorgt er namelijk voor dat er geen wachtlijsten zijn (en daarmee iemand ook geen bijstandsuitkering hoeft te ontvangen). Ondanks dat iemand geen bijstandsuitkering ontvangt drukken de lasten van een beschutte werkplek wel op de begroting van Stroomopwaarts en daarmee op de gemeentelijke begroting. De huidige middelen vanuit het Rijk zijn al niet toereikend en dit betekent, zeker op de langere termijn, dat er een steeds groter tekort ontstaat. De raad verzoekt Stroomopwaarts daarom om de gevolgen van de stijging van beschutte werkplekken voor de begroting in samenspraak met de gemeenten Vlaardingen en Maassluis nauwlettend in de gaten te houden en indien nodig, andere beleidskeuzes te maken. Tot slot geeft u aan dat het demissionaire kabinet op 21 december 2023 een Kamerbrief heeft verzonden naar aanleiding van het rapport van Berenschot. Daarin wordt een aantal toekomstige maatregelen (met varianten) benoemd.
Eén van de maatregelen richt zich op het proces om een beschutte werkplek te verkrijgen te verbeteren en te versimpelen met de doelstelling om landelijk circa 30.000 beschutte banen te realiseren. Daarnaast zouden er op termijn landelijk 10.000 extra banen gerealiseerd voor andere groepen mensen die niet regulier aan het werk kunnen komen. Ook wordt de maatregel benoemd over het meer ambulant maken van beschut werk door bijvoorbeeld leerwerktrajecten onder te brengen bij bedrijven in de stad. De raad verzoekt u om mogelijke maatregelen die volgen uit het rapport van Berenschot in 2023 te volgen, maar vragen u wel om een eventuele ophoging van deze aantallen voor de MVS-gemeenten pas uit te voeren indien het beleid door het nieuwe kabinet is vastgesteld en de gemeente Schiedam daadwerkelijk de middelen van het Rijk hiervoor heeft ontvangen. Omzet werkleerbedrijf U geeft aan dat de omzet van het werkleerbedrijf onder druk staat. Dit is met name ten aanzien van het aantal (relatief) rendabele detacheringen van kwetsbare WSW-medewerkers. Om de doelgroep optimaal te ontwikkelen en het rendement te optimaliseren, wilt u werksoorten zonder toekomstperspectief zoveel mogelijk afbouwen waardoor er ruimte komt voor nieuwe, kansrijke werksoorten.
Verder wilt u ondernemers stimuleren om na te denken over vormen van strategische samenwerking, zoals het benutten van de infrastructuur en de mogelijkheden van het werkleerbedrijf door hun eigen productie(proces) onder te brengen of het uitbesteden van werk bij het werkleerbedrijf. Kortom, u heeft ambitieuze plannen ten aanzien van het werkleerbedrijf. De raad is positief gestemd over de genoemde ambitie, maar vindt de teruglopende omzet van de werkleerbedrijven een zorgelijke ontwikkeling. Mede omdat een deel van de kosten van (het groeiende aantal) beschutte werkplekken moet worden bekostigd vanuit de omzet van het werkleerbedrijf. Wij willen u daarom verzoeken om de orderportefeuille op peil te houden zodat er voor deze doelgroep voldoende geschikte werkzaamheden binnen het werkleerbedrijf te verrichten zijn. Daarnaast is een duurzame doorstroom van de doelgroep naar detachering en regulier werk van belang. 24UIT01542
Pagina 3
Via de bestuursrapportages en jaarstukken worden wij graag geïnformeerd over de activiteiten die u heeft ondernomen om de omzet van het werkleerbedrijf te verhogen, de doorstroom te bevorderen en met welk resultaat. Meer samenwerking met ondernemers Het werkgeversservicepunt van Stroomopwaarts investeert in een sterk netwerk van ondernemers en ketenpartners, die zich willen inzetten voor de sociale opgave. Schiedam heeft voor haar omvang een uitzonderlijk grote economische sector waarvan wij relatief weinig terugzien in de resultaten. Omdat Schiedamse ondernemers een belangrijke schakel vormen in het proces om inwoners (parttime) deel te laten nemen aan het arbeidsproces, verzoekt de raad u om jaarlijks een ambitie in de begroting op te nemen ten aanzien van het aantal actief samenwerkende ondernemers en ons in jaarstukken en bestuursrapportages te informeren over de wijze van samenwerking en behaalde resultaten ten aanzien van deze ambitie. Ten aanzien van de productieprocessen wil de raad Stroomopwaarts verzoeken terughoudend te zijn bij het onderbrengen van de productieprocessen bij het werkleerbedrijf, maar indien mogelijk de samenwerking met bedrijven te zoeken door mensen bij de bedrijven zelf te plaatsen. De verwachting is dat hiermee de uitstroom op een meer natuurlijke manier en meer duurzaam wordt bevorderd.
(Nieuwe) aanpak armoede en schulden U geeft aan dat in 2025 een nieuwe regionale visie Armoede en Schulden volgt waarbij de verwachting is dat de lijn van de armoede- en schuldenaanpak met volle kracht wordt doorgezet. Vanuit de landelijke begroting worden in 2024 bijvoorbeeld al extra middelen ingezet ten behoeve van vroegsignalering en schuldhulpverlening. De gemeenteraad ontvangt voor de nieuwe visie Armoede en Schulden 2025-2028 graag in 2024 een voorstel. Tijdens de raadsavond in november 2023 is afgesproken dat dit een voorstel met scenario’s is. Parallel aan de regionale visie ontwikkelt de gemeente Schiedam aanvullend lokaal armoedebeleid. De drie algemene beleidsdoelstellingen, namelijk het verstevigen van preventie, vroegsignalering en nazorg, activerend armoede en schuldenbeleid, met extra aandacht voor kinderen en jongeren en laagdrempelige en vindbare voorzieningen en dienstverlening worden door de raad nog steeds breed onderschreven. Het CPB voorspelt namelijk dat door het wegvallen van allerlei inkomensondersteunende maatregelen en stijgende zorgkosten, de armoede in vergelijking met voorgaande jaren, flink zal toenemen.
De raad vindt het daarbij belangrijk om bij de uitvoering van de visie meer actuele cijfers van Stroomopwaarts over onder meer het niet-gebruik van voorzieningen en cijfers van bereik te ontvangen, teneinde een gerichte gebieds- en/of doelgroepgerichte aanpak te formuleren (Evaluatie Regionale Visie Armoede en Schulden MVS 2020-2023, Movisie, mei 2023). Verder zijn de mogelijke financiële gevolgen van de nieuwe regionale visie en de uit te voeren activiteiten deels verwerkt in de ontwerpbegroting 2025. De raad verwacht voor de uitvoering en eventuele meerkosten van de visie vanaf 2025 en verder een SMART voorstel. SchuldenlabMVS Het Schuldenlab MVS is eind 2021 opgericht. Het zet in op innovatieve projecten voor het bestrijden en voorkomen van schulden. Vanuit de invalshoek van de schuldenproblematiek moet er binnen het Schuldenlab worden geëxperimenteerd met het aanpakken van domein overstijgende problematiek (Participatiewet, Wmo, Jeugdwet). De inzet door het Schuldenlab MVS is in aanvang voor een periode van 3 jaar gefinancierd. 24UIT01542
Pagina 4
De resultaten op basis van de huidige inzet door het SchuldenlabMVS vindt de raad niet volgens verwachting. Er is wel een breed netwerk opgezet met diverse (maatschappelijk) partners, de Doorbraakmethode is via het Schuldenlab doorontwikkeld en de Voorzieningenwijzer is in 2024 geïntroduceerd, maar resultaten op het gebied van domein overstijgende problematiek met inzet van partners, zijnde niet-gemeente, en echte innovaties blijven tot op heden uit. Wij willen Stroomopwaarts en het SchuldenlabMVS voor de komende periode opnieuw aanspreken op het innoverend vermogen en hen vragen om met een voorstel te komen voor een meer vernieuwende aanpak en projecten. Daarnaast willen wij u verzoeken om het SchuldenlabMVS eind 2024 weer te evalueren en de resultaten naar de raad te sturen waarna besluitvorming voor mogelijke structurele inzet 2025 en verder volgt. Inburgering Stroomopwaarts voert sinds 2022 de Wet Inburgering uit voor de gemeente Schiedam. Om de taken van de Wet inburgering te implementeren en uit te voeren krijgen de gemeenten financiële middelen van het Rijk. Een groot deel van deze middelen zijn in 2022 en 2023 door de gemeenten al overgemaakt naar Stroomopwaarts waardoor er op de post ‘vooruit ontvangen’ een bedrag van 2 mio in reserve staat (bron: concept Jaarstukken 2023 SOW).
Op basis van gegevens vanuit het Rijk wordt jaarlijks een meerjarenraming gemaakt van de verwachte instroom van statushouders en gezinsmigranten. Stroomopwaarts heeft voor de gemeente Schiedam voor 2025 een verwacht aantal van 361 statushouders en 210 gezinsmigranten in begeleiding. Hierbij verwacht Stroomopwaarts dat de ambtelijke inzet bij het team Inburgering in 2025 zal toenemen tot 20 fte omdat vanaf dat moment een piek wordt verwacht omdat de inburgeringstrajecten maximaal drie jaar lopen. In uw ontwerpbegroting geeft u aan dat de uiteindelijke afrekening met het Rijk gebeurt op basis van de werkelijke aantallen. Eventuele overschotten of tekorten op de begroting worden verrekend met het begrotingssaldo van het lopende jaar. Omdat een inburgeringstraject drie jaar loopt en een groot gedeelte van dit bedrag al eerder is overgemaakt en op de rekening van Stroomopwaarts staat, verzoeken wij u om eerst deze middelen van de post ‘vooruit ontvangen’ aan te spreken en de kosten voor inburgering daarmee nog niet door te berekenen in de voorschotten vanaf 2025 en verder. Wij verzoeken u verder om de ontwikkelingen op dit punt nauwlettend te volgen en ons zo nodig een voorstel te doen voor een bijstelling. Kritieke Prestatie Indicatoren (KPI’s) Stroomopwaarts is een beleidsrijke GR en voert het strategische beleid ook zelf uit.
We verwachten van u dat u dit op een efficiënte en doelmatige wijze doet. U werkt daarvoor met een aantal kritieke prestatie-indicatoren (KPI’s) passend bij de opdracht van Stroomopwaarts. Deze methode is nodig om doelstellingen meetbaar te maken en om te kunnen monitoren of doelstellingen worden bereikt. Per programma worden de benodigde budgetten aangegeven in combinatie met de daarmee te bereiken prestaties, de KPI’s. Deze worden regelmatig kritisch bekeken wat betreft relevantie en inzicht. In de begroting 2024 is al een aantal nieuwe KPI’s toegevoegd aan de bestaande set. Zo is bijvoorbeeld de KPI ten aanzien van de taaltrajecten voor cliënten met taalniveau A1 en A2 toegevoegd. In de ontwerpbegroting 2025 worden de KPI’s verder uitgebreid ten aanzien van de omvang van de groepen maatschappelijke en sociale activering binnen de bijstandspopulatie (afstand tot arbeidsmarkt, wegnemen problemen in leefsituatie), het bereik van de regionale en lokale armoederegelingen en Social Return on Investment (SROI). 24UIT01542
Pagina 5
De raad is blij met deze uitbreiding maar heeft nog wel vragen met betrekking tot een aantal bestaande KPI’s. De raad ontvangt graag meer toelichting op de effect-indicator ‘vroegsignalering schulden: vervolgtraject na eerste contact’. Sinds 1 januari 2021 geven de drinkwaterbedrijven, energieleveranciers, woningverhuurders en zorgverzekeraars namelijk signalen van betalingsachterstanden door aan gemeenten. De raad ziet dit als een belangrijk middel om schuldsituaties in een zo vroeg mogelijk stadium te signaleren en problematische schuldsituaties zoveel mogelijk te voorkomen. De Divosa Monitor Vroegsignalering Schulden laat zien dat in 2022 landelijk 78% van de signalen door gemeenten als melding is opgepakt. U geeft in de ontwerpbegroting 2025 aan dat de KPI kan worden aangescherpt naar >25% en dat maandelijks circa 400 huishoudens worden benaderd op basis van signalen. Het aantal huishoudens staat nu benoemd in de toelichting maar ziet de raad graag terug als extra effect-indicator ‘aantal huishoudens benaderd op basis van signalen’ inclusief het aantal ontvangen signalen. Verder is de KPI >25% is inderdaad een stijging ten opzichte van 2024 (>6%) maar blijft het achter bij het resultaat van 2023 (27%).
De raad verzoekt u aan te geven waarom de verwachting voor 2025 achterblijft bij het resultaat van 2023 en wat er nodig is om de vroegsignalering te verhogen naar het landelijke percentage van 78%. Deze toelichting zien we voor de gemeente Schiedam graag uitgewerkt in de bestuursrapportages. Daarnaast heeft de raad het verzoek om bij de prestatie-indicator ‘percentage statushouders dat een opleiding volgt of werk heeft, 3 jaren na de start van de uitkering’, de opleiding en uitstroom naar werk uit elkaar te halen. Hiermee ontstaat een KPI die enkel betrekking heeft op het aantal inburgeraars dat (duurzaam) uitstroomt naar werk. Dit naar aanleiding van een gedeelde visie dat werk een uitstekende én noodzakelijke basis vormt voor succesvolle inburgering. Wij willen daarom graag dat er sterker wordt ingezet op uitstroom naar een betaalde baan en zien dan ook graag in de bestuursrapportages en jaarrekening terug welke inspanningen u heeft geleverd om inburgeraars te begeleiden naar werk en met welk resultaat. Tot slot heeft de raad bij het besluit rond de overgang van mandaat naar delegatie op 30 mei 2023 de motie ‘Beleidsarm Stroomopwaarts’ ingediend. Met deze motie verzoekt de raad om duidelijk geformuleerde KPI’s vanuit de behoefte om haar controlerende taak beter te kunnen vervullen teneinde goed sturing te kunnen geven aan Stroomopwaarts.
Met de (voorlopige) toevoeging van 3 nieuwe KPI’s wordt aan deze behoefte niet voldaan. De raad wil Stroomopwaarts daarom verzoeken om met de gemeente Schiedam verder in gesprek te gaan om passende, gezamenlijke KPI’s te formuleren die recht doen aan de doelstellingen en ambities van de gemeente. Deze KPI’s dienen vervolgens, in samenspraak met de gemeenten Vlaardingen en Maassluis, opgenomen te worden in de toekomstige bestuursrapportages, jaarrekeningen en begrotingen van Stroomopwaarts. Financiën In hoofdstuk 4 ‘bijdrage gemeenten’, is de financiële bijdrage van de gemeente Schiedam voor de komende jaren inzichtelijk gemaakt. Als gevolg van de stijging van het aantal uitkeringen, hogere kosten inburgering, armoedevoorziening en loonkostensubsidie stijgt de bijdrage van gemeente Schiedam ten opzichte van 2024. Hierbij zal het nadeel als gevolg van de volume effecten hoogstwaarschijnlijk worden gedekt middels de stijging van de landelijke BUIGmiddelen. De stijging van onze bijdrage aan Stroomopwaarts (minus het terugbrengen van het budget inburgering vanaf 2025) wordt in de gemeente Schiedam meegenomen bij de behandeling van 24UIT01542
Pagina 6
de Zomernota 2025. Hierbij is het ook belangrijk aan te geven dat, in tegenstelling tot wat in de ontwerpbegroting 2025 over de voorgestelde indexering 2024 staat, Schiedam nog niet conform het ambtelijke voorstel heeft besloten. Voorstellen tot wijziging van de begroting van het lopende jaar moeten namelijk via het reguliere proces door middel van een begrotingswijziging worden ingediend. In oktober 2024 ontvangen we de voorlopige BUIG-beschikking 2025 en wordt duidelijk of de middelen voor 2025 toereikend zijn om de stijging van onze bijdrage aan Stroomopwaarts als gevolg van de volume-effecten volledig te dekken. Tot slot In het licht van de aangekondigde bezuinigingen, wordt er (nogmaals) een dringend beroep gedaan op Stroomopwaarts om de beschikbare middelen nog efficiënter en effectiever in te zetten. Dit alles met als doel zoveel mogelijk mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en degene die een steuntje in de rug in moeilijke tijden nodig hebben, aan het werk te kunnen helpen en te blijven ondersteunen. In de loop van 2024 vindt er verder bestuurlijk overleg plaats over de financiële vooruitzichten van de gemeente en de relatie met de financiering van gemeenschappelijke regelingen. U wordt daarover te zijner tijd geïnformeerd.
De gemeenteraad gaat ervan uit dat het Algemeen Bestuur van Stroomopwaarts de begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028 vaststelt met inachtneming van deze zienswijze. Wij worden door u graag geïnformeerd hoe hieraan tegemoet is gekomen.
Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Schiedam, de secretaris, {{esl:Signer1:capture:size(200,100)}}
de burgemeester, {{esl:Signer2:capture:size(200,100)}}
C.E. Bos
mr. H.M. Bergmann
24UIT01542
Pagina 7