Bijlage 1 bp Woudweg 26
Tekst van het document
28
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
qua aard, plaats en inrichting bruikbaar en bereikbaar moeten zijn. De voorschriften uit het Handboek Openbare Ruimte vormen hierbij het uitgangspunt. Gelet op de locatie is in principe voldoende ruimte beschikbaar voor het realiseren van parkeergelegenheid. Het bestemmingsplan geeft de bestemmingslegging voor de bestaande situatie, en gaat niet uit van een ruimtelijke ontwikkeling. De regels kennen verder een aantal standaard afwijkingsbevoegdheden, waaronder regels omtrent het laden en lossen en fietsparkeren.
5.4.5 Algemene wijzigingsregels Het bestemmingsplan kent tot slot enkele wijzigingsregels die binnen Schiedam standaard van toepassing zijn.
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
29
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
30
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
Hoofdstuk 6
Economische uitvoerbaarheid
6.1 Economische uitvoerbaarheid Bij het opstellen van een nieuw bestemmingsplan dient op grond van artikel 3.1.6, lid 1, sub f van het Besluit ruimtelijke ordening onderzoek plaats te vinden naar de economische uitvoerbaarheid van het plan. Voorliggend bestemmingsplan heeft een overwegend conserverend karakter. Er is een passende bestemming opgenomen voor een bestaande functie, er is geen sprake van plankosten anders dan de kosten die verbonden zijn met het opstellen van het bestemmingsplan. Deze kosten worden door de gemeente gedekt uit de regulier beschikbare middelen voor actualisatie van bestemmingsplannen. De economische uitvoerbaarheid van dit plan is daarmee aangetoond.
6.2 Exploitatieplan Op grond van artikel 6.12, eerste lid van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en artikel 6.2.1 van het besluit ruimtelijke ordening (Bro) dient, indien sprake is van één van de in artikel 6.2.1 van het Bro genoemde bouwactiviteiten, een exploitatieplan te worden vastgesteld. Een exploitatieplan heeft onder meer tot doel om te komen tot een adequaat publiekrechtelijk kostenverhaal, het realiseren van een goede inrichting van de openbare ruimte door middel van het stellen van locatie-eisen en het bieden van een goede grondslag om de verdeling van woningbouwcategorieën te ondersteunen. De bouwplannen waarbij een exploitatieplan verplicht is, staan in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening. Indien een exploitatieplan vereist is moet de gemeenteraad het exploitatieplan tegelijk vaststellen met de planologische maatregel die het bouwen mogelijk maakt. Een gemeente behoeft geen exploitatieplan op te stellen indien het kostenverhaal al op een andere manier geregeld is ('anderszins verzekerd') en tevens locatie-eisen en regels voor woningbouwcategorieën niet nodig zijn. Het voorliggende bestemmingsplan ziet op het leggen van een maatwerkbestemming voor de bestaande bebouwing en functies binnen het plangebied.
Er is geen sprake van aangewezen bouwplan zoals bedoeld in artikel 6.2.1 Bro, evenmin is er sprake van een noodzaak tot het stellen van locatie-eisen of andere redenen om een exploitatieplan op te stellen.
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
31
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
32
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
Hoofdstuk 7 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Resu ltaten overleg ex artikel 3.1.1 Bro en inspraak De locatie Woudweg 26 was aanvankelijk opgenomen in het voorontwerp bestemmingsplan Verzamelherziening 2022. Het wettelijk vooroverleg op grond van artikel 3.1.1 Bro is beperkt gevoerd, gelet op de insteek en aard van het bestemmingsplan. Van het Hoogheemraadschap van Delfland is een overlegreactie ontvangen, deze had geen betrekking op de locatie Woudweg 26. Gelet op de aard en insteek van het bestemmingsplan wordt geen mogelijkheid geboden om op grond van de gemeentelijke inspraakverordening een reactie op het voorontwerp te geven. Een ieder is in de gelegenheid gesteld om een zienswijze op het ontwerp van het bestemmingsplan te geven. Zienswijzen Het bestemmingsplan heeft vanaf 25 november 2021 gedurende zes weken als ontwerp ter inzage gelegen. De locatie was opgenomen in het ontwerpbestemmingsplan Verzamelherziening 2022. Tijdens deze periode heeft een ieder de mogelijkheid gehad om zienswijzen tegen het plan in te dienen. Naar aanleiding hiervan is een zienswijze ontvangen. De ingediende zienswijze en de reactie hierop is opgenomen in de Nota zienswijzen die als bijlage bij het raadsbesluit is gevoegd.
De zienswijze is primair aanleiding geweest om de locatie Woudweg 26 uit het vastgestelde bestemmingsplan Verzamelherziening 2022 te halen, en voor de locatie het voorliggende postzegelbestemmingsplan vast te stellen.
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
33
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
34
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
Regels Hoofdstuk 1 Artikel 1
INLEIDENDE REGELS
Begrippen
1.1 plan: Het bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam NL.IMRO.0606.BP00106-0001 van de gemeente Schiedam.
met
identificatienummer
1.2 bestemmingsplan: De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.3 aan hu is gebonden beroep / (bedrijfs-)activiteiten: het door de bewoner in een woning of daarbij behorend bijgebouw uitoefenen van een beroep of het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, juridisch, medisch, therapeutisch, kunstzinnig, ontwerptechnisch of hiermee gelijk te stellen gebied, het uitoefenen van ambachtelijke bedrijvigheid (geheel of overwegend door middel van handwerk uit te oefenen) of het hebben van een bed & breakfast, met een ruimtelijke uitstraling welke in overeenstemming is met de woonfunctie. 1.4 aanbou w: een gebouw dat is gebouwd aan een hoofdgebouw en dat in bouwkundig opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw, maar daar functioneel wel onderdeel van kan uitmaken. 1.5 aandu iding: een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar, ingevolge de regels, regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.6 aandu idingsgrens: de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.7 achtergevel: de van de weg gekeerde gevel van een gebouw die parallel of nagenoeg parallel loopt aan de voorgevel.
1.8 agrarisch bedrijf: een volwaardig bedrijf dat gericht is op het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen en/of het houden van dieren. 1.9 agrarisch dienstverlenend bedrijf: een bedrijf waarbinnen uitsluitend of overwegend arbeid wordt verricht ter productie of levering van goederen of diensten ten behoeve van agrarische bedrijven. 1.10 antenne-installatie: installatie bestaande uit een antennestaaf, -spriet (al dan niet met dwarssprieten) of -schotel, een antennedrager, de bedrading en de al dan niet in één of meer techniekkasten opgenomen apparatuur, met de daarbij behorende bevestigingsconstructie.
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
35
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
1.11 antennedrager: antennemast of andere constructie bedoeld voor de bevestiging van een antenne. 1.12 archeologisch waardevol gebied: gronden waar archeologische waarden aanwezig of te verwachten zijn. 1.13 archeologische waarde: de aan een gebied toegekende waarde in verband met de in dat gebied voorkomende archeologische sporen en relicten. 1.14 bebou wing: één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde. 1.15 bedrijf: elke volwaardige onderneming waarbij het accent ligt op het vervaardigen, bewerken en installeren van goederen. 1.16 bedrijfs- of dienstwoning: een woning in of bij een gebouw of op een terrein, die slechts is bedoeld voor de huisvesting van (het huishouden van) een persoon wiens huisvesting daar, gelet op de bestemming van de grond ter plaatse van het gebouw of het terrein, noodzakelijk moet worden geacht. 1.17 bedrijfsgebou w: een gebouw dat noodzakelijk is voor de uitoefening van ter plaatse toegestane (bedrijfs-)activiteiten, hieronder wordt geen bedrijfs- of dienstwoning verstaan. 1.18 bedrijfsmatige activiteiten: bedrijfsmatige activiteiten – geen dienstverlening zijnde – en ambachtelijke verzorgende bedrijvigheden, geheel of overwegend door middel van handwerk. 1.19 begane grondlaag: de eerste op, of nagenoeg op, het maaiveld gelegen bouwlaag van een gebouw, niet zijnde een onderbouw.
1.20 beperkt kwetsbaar object: beperkt kwetsbare objecten als bedoeld in het Besluit externe veiligheid inrichtingen, waarbij een bedrijfsverzamelgebouw waar op grond van de regels beperkt kwetsbare objecten zijn toegelaten als één object wordt aangemerkt. 1.21 bestemmingsgrens: de grens van een bestemmingsvlak. 1.22 bestemmingsvlak: een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. 1.23 Bevi-inrichtingen: bedrijven zoals bedoeld in artikel 2, lid 1 van het Besluit externe veiligheid inrichtingen. 1.24 bijbeh orend bou wwerk uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk, met een dak.
36
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
1.25 bijgebou w: een vrijstaand gebouw, dat in functioneel en bouwkundig opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw. 1.26 bou wen: het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats. 1.27 bou wgrens: de grens van een bouwvlak. 1.28 bou wperceel: een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels, een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.29 bou wperceelgrens: de grens van een bouwperceel. 1.30 bou wvlak: een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels, bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten. 1.31 bou wwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect, met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond. 1.32 bru to vloeroppervlakte: totale oppervlakte van woningen, kantoren, winkels, horeca, bedrijven of maatschappelijke voorzieningen met inbegrip van de daartoe behorende inpandige ruimten, zoals gemeenschappelijke ruimten, etalages, magazijnen en dienstruimten (inclusief wanden).
1.33 cu ltu u rhistorische waarden: de aan een bouwwerk of een gebied toegekende waarden, gekenmerkt door het beeld dat is ontstaan door het gebruik dat de mens in de loop van de geschiedenis heeft gemaakt van dat bouwwerk of dat gebied. 1.34 dak: iedere bovenbeëindiging van een gebouw. 1.35 dakkapel: een constructie ter vergroting van een gebouw, die onder de nok van een hellend dakvlak is gelegen en waarbij de onderzijde van de constructie in het dakvlak is geplaatst waarbij het dakvlak als zodanig herkenbaar blijft, tenzij sprake is van een mansarde kap waarbij deze in de dakgoot geplaatst mag zijn. 1.36 dakopbou w: een constructie ter vergroting van een gebouw, die zich in of boven de oorspronkelijke dakgoot bevindt.
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
37
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
1.37 erf: het al dan niet bebouwde perceel, of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat hoofdgebouw. 1.38 erker: een ondergeschikte uitbouw in of aan de gevel van het hoofdgebouw, met een maximale horizontale diepte van 1,0 meter en een maximale breedte van 2/3 van de breedte van de gevel waaraan wordt gebouwd. 1.39 erotisch getinte vermaaksfu nctie: een vermaaksfunctie, welke gericht is op het doen plaatsvinden van voorstellingen en/of vertoningen van porno-erotische aard, waaronder begrepen een seksbioscoop, een seksclub en een seksautomatenhal. 1.40 extensieve recreatie: recreatief (mede)gebruik van gronden, zoals wandelen, fietsen, varen, zwemmen, vissen en daarmee gelijk te stellen activiteiten, dat geen specifiek beslag legt op de ruimte behoudens ruimtebeslag door voet-, fiets- en ruiterpaden en rust- en picknickplaatsen, en die in hoofdzaak gericht zijn op natuur- en landschapsbeleving. 1.41 gebou w: elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt niet zijnde een nutsvoorziening. 1.42 gelu idgevoelig object: woningen en andere geluidsgevoelige gebouwen en geluidsgevoelige terreinen, zoals bedoeld in artikel 1 van de Wet geluidhinder.
1.43 groepsrisico: de cumulatieve kansen per jaar dat ten minste 10, 100 of 1000 personen overlijden als rechtstreeks gevolg van een ongeval op een transportroute voor het vervoer van gevaarlijke stoffen of als rechtstreeks gevolg van hun aanwezigheid in het invloedsgebied van een inrichting en een ongewoon voorval binnen die inrichting waarbij een gevaarlijke stof of gevaarlijke afvalstof betrokken is. 1.44 h oofdgebou w: gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is. 1.45 h oreca: a. horeca 1 (lichte horeca): horecabedrijven die in beginsel alleen overdag en 's avonds behoeven te zijn geopend, hoofdzakelijk zijn gericht op het al dan niet ter plaatse consumeren van ter plaatse verstrekte etenswaren en maaltijden en daardoor slechts in beperkte mate hinder voor omwonenden veroorzaken, zoals een automatiek, broodjeszaak, cafetaria, shoarma/grillroom, croissanterie, koffiebar, lunchroom, ijssalon, snackbar, tearoom, traiteur, bistro en restaurant (met bezorg- en afhaalservice); b.
horeca 2 (middelzware horeca): horecabedrijven die in beginsel ook delen van de nacht geopend zijn en die daardoor aanzienlijke hinder voor omwonenden kunnen veroorzaken, zoals een bierhuis, biljartcentrum, café, proeflokaal en zalenverhuur (ten behoeve van feesten en muziek/dansevenementen);
38
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
c.
horeca 3 (zware horeca): horecabedrijven die voor een goed functioneren ook 's nachts geopend zijn en die tevens een groot aantal bezoekers aantrekken en daardoor grote hinder voor de omgeving met zich mee kunnen brengen, zoals een dancing, discotheek, nachtclub of partycentrum.
1.46 kampeermiddel: a. een tent, een tentwagen, een kampeerauto of een caravan; b. enig ander onderkomen of ander voertuig of gewezen voertuig of gedeelten daarvan, voor zover niet zijnde een bouwwerk waarvoor een omgevingsvergunning is vereist; één en ander voor zover de onder a en b bedoelde onderkomens of voertuigen geheel of gedeeltelijk blijvend zijn bestemd of ingericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf. 1.47 kwetsbaar object: kwetsbare objecten als bedoeld in het Besluit externe veiligheid inrichtingen, waarbij een bedrijfsverzamelgebouw waar op grond van de regels kwetsbare objecten zijn toegelaten als één object wordt aangemerkt. 1.48 landschappelijke waarde: de aan een gebied toegekende waarden in verband met de waarneembare verschijningsvorm van dat gebied. 1.49 lu ifel: een aan de gevel van een gebouw aangebracht, niet op de grond rustend of anderszins ondersteund (uitschuifbaar) afdak. 1.50 manege: een bedrijf dat gericht is op het lesgeven in paardrijden en daarvoor paarden houdt, in combinatie met één of meer van de volgende hiermee samenhangende activiteiten of voorzieningen: het in pension houden van paarden en/of pony's, ondersteunende horeca (kantine, foyer en dergelijke), verenigingsaccommodatie en het houden van wedstrijden of andere evenementen.
1.51 mansarde kap: een kap gelijk aan het zadeldak, maar dan met twee geknikte vlakken aan iedere langszijde. 1.52 mantelzorg: intensieve zorg of ondersteuning, die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt geboden aan een hulpbehoevende, ten behoeve van zelfredzaamheid of participatie, rechtstreeks voortvloeiend uit een tussen personen bestaande sociale relatie, die de gebruikelijke hulp van huisgenoten voor elkaar overstijgt, en waarvan de behoefte met een verklaring van een huisarts, wijkverpleegkundige of andere door de gemeente aangewezen sociaal-medisch adviseur kan worden aangetoond. 1.53 milieu hygiënische belemmeringen: Wettelijke belemmeringen op het terrein van geluid, lucht, water, flora/fauna, bodem en/of externe veiligheid. 1.54 natu u r(lijke) waarden: de aan een gebied toegekende waarden in verband met de geologische, geomorfologische, bodemkundige en biologische elementen, zowel afzonderlijk als in onderlinge samenhang, voorkomend in een gebied.
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
39
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
1.55 NEN: door de Stichting Nederlands Normalisatie-instituut uitgegeven norm, zoals deze luidde op het moment van vaststelling van het plan. 1.56 nu tsvoorziening: voorziening ten behoeve van het openbaar nut, zoals voorzieningen ten behoeve van de levering van elektriciteit, gas, drinkwater en telecommunicatienetwerken, alsmede ten behoeve van riolering en afvalinzameling. 1.57 onderbou w: een gedeelte van een gebouw dat wordt afgedekt door een vloer waarvan de bovenkant minder dan 1,2 meter boven het peil is gelegen. 1.58 ondersteu nende / ondergeschikte horeca: niet-zelfstandige horeca, uitsluitend zijnde horeca die wordt of is gerealiseerd binnen een andere hoofdfunctie en daar zowel functioneel als naar oppervlakte en ruimtelijke uitstraling ondergeschikt aan is. 1.59 openlu cht recreatie: ontspanning en vrije tijdsbesteding in de openlucht. 1.60 overbou wing: een met de gevel van een gebouw verbonden, boven de ondergrond uitstekende, open (balkon)constructie welke hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij indirect steun vindt in of op de grond. 1.61 overig bou wwerk: een bouwkundige constructie van enige omvang, geen pand zijnde, die direct en duurzaam met de aarde is verbonden. 1.62 overkapping: een overdekte constructie met maximaal drie wanden waarvan er maximaal twee tot de constructie behoren.
1.63 paardenhou derij: een agrarisch bedrijf waar uitsluitend of in hoofdzaak handeling aan en/of met paarden worden verricht die primair gericht zijn op het voortbrengen, africhten, trainen en verhandelen van paarden, zoals hengstenstations, opfokbedrijven, paarden- en ponyfokbedrijven, handelsstallen, africhtingsbedrijven en africhtings- en trainingsstallen. 1.64 pand: de kleinste bij de totstandkoming functioneel en bouwkundig-constructief zelfstandige eenheid die direct en duurzaam met de aarde is verbonden en betreedbaar en afsluitbaar is. 1.65 parkeervoorziening: een plek die geschikt is en ook gebruikt kan worden om bijvoorbeeld een auto, fiets, of invalidenvoertuig te parkeren en waar het tevens mogelijk is om bepaalde maatregelen te treffen om dat parkeren ook daadwerkelijk mogelijk te maken. 1.66 peil: a. voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang onmiddellijk aan een weg of pad grenst: de (ontwerp- of streef-)hoogte van die weg of dat pad ter plaatse van de hoofdtoegang;
40
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
b. voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het afgewerkte terrein of dak van een parkeervoorziening ter plaatse van de hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw; c. voor een bouwwerk welke wordt gebouwd op de landtunnel, de daaraan gebouwde luifels en/of de zettingsvrije plaat: de hoogte van het afgewerkte terrein op de landtunnel, de daaraan gebouwde luifels en de zettingsvrije plaat; d. indien in of op het water wordt gebouwd: het Normaal Amsterdams Peil. 1.67 plaatsgebonden risico: de kans per jaar dat een persoon die onafgebroken en onbeschermd op een bepaalde locatie buiten een inrichting of een transportroute voor het vervoer van gevaarlijke stoffen verblijft overlijdt als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval binnen die inrichting of op de transportroute waarbij een gevaarlijke (afval)stof betrokken is. 1.68 prostitu tie: het zich ten behoeve van een ander tegen vergoeding beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele diensten. 1.69 raamprostitu tie: het etaleren van prostituees achter vensters. 1.70 recreatief medegebru ik: een recreatief gebruik van gronden dat ondergeschikt is aan de functie van de bestemming waarbinnen dit recreatieve gebruik is toegelaten, niet zijnde verblijfsrecreatie. 1.71 recreatieve bewoning: de bewoning die plaatsvindt in het kader van de weekend- en/of verblijfsrecreatie.
1.72 recreatiewoning: een gebouw dat naar de aard en inrichting is bedoeld voor recreatieve bewoning en waarvan de gebruikers hun hoofdverblijf elders hebben. 1.73 risicovolle inrichting: a. een inrichting waarvoor ingevolge het Besluit externe veiligheid inrichtingen een grenswaarde, een richtwaarde voor het risico dan wel een risicoafstand moet worden aangehouden tot op grond van het bestemmingsplan toegelaten kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten als bedoeld in het Besluit externe veiligheid inrichtingen; b. een inrichting waarvoor regels gelden krachtens artikel 8.40 van de Wet milieubeheer. 1.74 seksinrichting: de voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in de omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch/pornografische aard plaatsvinden; onder seksinrichting wordt in ieder geval verstaan: een prostitutiebedrijf, alsmede een erotische massagesalon, een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater of parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar. 1.75 speelvoorziening: ontmoetingsplek waarbij wordt voorzien in de behoefte tot vermaak en ontspanning.
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
41
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
1.76 straatmeu bilair: de op of bij de weg behorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zoals: verkeerstekens, wegbebakeningen, bewegwijzeringen, verlichting, halte-aanduidingen, parkeerregulerende constructies, roadbarriers, afvalinzamelsystemen, brandkranen, informatie- en reclameobjecten, rijwielstandaards, papier- en plantenbakken, zitbanken, communicatievoorzieningen, beeldende kunst, gedenktekens, speelvoorzieningen, abri's e.d.. 1.77 straatprostitu tie: het zich op de openbare weg, in de openbare ruimte of in een zich op de openbare weg respectievelijk openbare ruimte bevindend voertuig door middel van handeling, houding, woord, gebaar of op een andere wijze beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding. 1.78 tu in: Gedeelte van het erf dat geheel of gedeeltelijk is ingericht met gazons, planten en/of bomen. 1.79 verblijfsrecreatie: recreatief nachtverblijf voor een korte aaneengesloten periode van maximaal 2 maanden, waarbij wordt overnacht in kampeermiddelen of recreatiewoningen, uitsluitend door diegenen die hun woonadres elders hebben.
1.80 voorgevel: de naar de weg of naar het openbaar gebied gekeerde gevel van een gebouw of, indien het een gebouw betreft met meer dan één naar de weg of het openbaar gebied gekeerde gevel, de gevel die door zijn aard, functie, constructie dan wel gelet op de uitstraling ervan als belangrijkste gevel kan worden aangemerkt. 1.81 voorgevelrooilijn: a. langs een wegzijde met een regelmatige of nagenoeg regelmatige ligging van de bestaande bebouwing: de evenwijdig aan de as van de weg gelegen lijn welke aansluit aan de ligging van de voorgevels van de bestaande hoofdgebouwen en een zo gelijkmatig beloop overeenkomstig de weg heeft; b. langs een wegzijde waarlangs geen bebouwing als bedoeld onder a aanwezig is: 1. bij een wegbreedte van tenminste 10,0 meter, de lijn gelegen op 15,0 meter uit de as van de weg; 2. bij een wegbreedte minder dan 10,0 meter de lijn gelegen op 10 meter uit de as van de weg. 1.82 werk: een werk, geen gebouw of bouwwerk zijnde. 1.83 woning: een (gedeelte van een) gebouw, dat dient voor de huisvesting van één of meerdere huishouden(s) of een niet als huishouden samenwonende groep van personen. 1.84 woonadres: a. het adres waar betrokkene woont, of indien betrokkene op meer dan één adres woont, het adres waar hij naar verwachting gedurende een half jaar de meeste malen zal overnachten; b.
het adres waar, bij het ontbreken van een adres als bedoeld onder a., betrokkene naar redelijke verwachtingen gedurende drie maanden minimaal tweederde van de tijd zal overnachten
42
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
1.85 woongebou w: een gebouw, dat meerdere naast elkaar en/of geheel of gedeeltelijk boven elkaar gelegen woningen omvat en dat qua uiterlijke verschijningsvorm als één eenheid beschouwd kan worden. 1.86 woonwagen: een voor bewoning bestemd gebouw dat is geplaatst op een woonwagenstandplaats en dat in zijn geheel of in delen kan worden verplaatst. 1.87 woonwagenstandplaats: een kavel, bestemd voor het plaatsen van een woonwagen, waarop voorzieningen aanwezig zijn die op het leidingnet van de openbare nutsbedrijven, andere instellingen of van gemeenten kunnen worden aangesloten.
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
43
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
Artikel 2
Wijze van meten
Bij de toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1 afstand: de afstand, loodrecht gemeten, tussen bouwwerken onderling alsmede de afstand van bouwwerken tot perceelsgrenzen worden daar gemeten waar deze afstanden het kleinst zijn. 2.2 bebou wd oppervlak van een bou wperceel: de oppervlakte van alle op een bouwperceel gelegen bouwwerken tezamen. 2.3 bebou wingspercentage: percentage van de oppervlakte van een bouwperceel of ander vlak, dat mag worden bebouwd. 2.4 (bou w)hoogte van een bou wwerk: vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een bouwwerk of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen zoals schoorstenen, zonnepanelen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.5 breedte, lengte en diepte van een bou wwerk: tussen (de lijnen getrokken door) de buitenzijde van de gevels of het hart van de scheidsmuren. 2.6 dakh elling: langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak. 2.7 gebru iksoppervlakte: de gebruiksoppervlakte volgens NEN2580. 2.8 gooth oogte van een bou wwerk: vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel.
2.9 h oogte van een bou wlaag: tussen de bovenzijde van de vloeren van geheel of gedeeltelijk onder elkaar gelegen bouwlagen; indien sprake is van één bouwlaag is de hoogte daarvan gelijk aan de goothoogte. 2.10 h oogte van een windtu rbine: vanaf het peil tot aan de (wieken)as van de turbine. 2.11 h oogte van een woonschip: vanaf het waterpeil tot aan het hoogste punt van het woonschip, met uitzondering van masten en ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antenne-installaties en naar de aard daarmee gelijk te stellen onderdelen. 2.12 inh ou d van een bou wwerk: tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.13 ondergeschikte bou wdelen: Bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden: a. ondergeschikte bouwdelen, zoals plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, luifels, erkers, balkons en overstekende daken, dan wel daarmee naar aard en omvang gelijk te stellen bouwonderdelen, buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van de bouw- en bestemmingsgrenzen, goot- en/of
44
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
bouwhoogte, niet meer bedraagt dan 1,0 meter; b. een liftschacht, liftkoker en (ondergeschikte dakopbouwen ten behoeve van) een technische installatie buiten beschouwing gelaten mits de overschrijding van de maximaal toegelaten hoogte niet meer bedraagt dan 3,0 meter. 2.14 oppervlakte van een bou wwerk: tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.15 oppervlakte van een overkapping: tussen de (neerwaarts geprojecteerde) buitenzijde van de afdekking van de overkapping. 2.16 verticale diepte van een gebou w: de diepte van een gebouw, gemeten vanaf de onderzijde van de begane grondvloer.
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
45
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
46
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
Hoofdstuk 2 Artikel 3
BESTEMMINGSREGELS
Agrarisch met Waarden - Natuur- en landschapsw aarden
3.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Agrarisch met Waarden - Natuur- en landschapswaarden' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. behoud, beheer en herstel van natuur- en landschapswaarden, inclusief agrarisch natuur- en landschapsbeheer; b. extensief recreatief medegebruik; c. hobbymatige agrarische activiteiten; alsmede ter plaatse van de aanduiding: d. 'voormalig agrarisch bedrijfscomplex': natuur- en landschapseducatie; met daarbij behorende: e. groenvoorzieningen; f. ontsluitingswegen, paden en verhardingen; g. parkeervoorzieningen; h. tuinen en erven; i. waterlopen, waterberging en waterhuishoudkundige voorzieningen. 3.2 Bouwregels Ter plaatse van de in deze bestemming bedoelde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van de bestemming, en voorts met inachtneming van de volgende regels: a. de gebouwen dienen binnen het bouwvlak te worden gebouwd; b. de goot- en bouwhoogte mag niet meer bedragen dan op de verbeelding is aangeduid; c. het bouwvlak mag volledig worden bebouwd; d. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten tot een hoogte van: 1. maximaal 2,0 meter voor erf- en terreinafscheidingen, tenzij deze zijn gelegen vóór de voorgevel of het verlengde daarvan, in welk geval de hoogte niet meer mag bedragen dan 1,0 meter; 2. maximaal 7 ,0 meter voor palen en masten; 3. maximaal 3,0 meter voor overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 3.3
Afwijken van de bouwregels
3.3.1 Omgevingsvergunning afwijken erf- en terreinafscheiding Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bepaalde in lid 3.2, onder d.1, voor erf- en terreinafscheidingen welke voor de voorgevel of het verlengde daarvan zijn gelegen tot een hoogte van 2,0 meter. 3.4 Specifieke gebruiksregels Met betrekking tot het gebruik gelden de volgende regels: a. agrarische bedrijven zijn niet toegestaan; b. maneges zijn niet toegestaan; c. verblijfsrecreatie is niet toegestaan; d. horeca is niet toegestaan; e. woningen, bedrijfs- of dienstwoningen, recreatiewoningen, mantelzorg en aan huis gebonden beroepen / (bedrijfs-)activiteiten zijn uitgesloten; f. het gezamenlijk oppervlak in gebruik voor de functie natuur- en landschapseducatie bedraagt niet meer dan 300m2 .
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
47
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
Artikel 4
Waarde - Archeologie
4.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Waarde - Archeologie' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de bescherming en het behoud van de op en/of in deze gronden voorkomende archeologische waarden. 4.2 Bouwregels In het belang van de archeologische monumentenzorg mogen, in afwijking van het bepaalde bij de andere met de bestemming 'Waarde - Archeologie' samenvallende bestemming(en), geen bouwwerken (waaronder begrepen het heien van heipalen en het slaan van damwanden) worden gebouwd: a. ter plaatse van de aanduiding 'Waarde - Archeologie 14', waarvan de gezamenlijke oppervlakte groter is dan 300 m² en die dieper reiken dan 3,0 meter beneden het maaiveld. 4.3 Afwijken van de bouwregels a. Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van de bouwregels, als bedoeld in lid 4.2, voor bouwwerken voor zover deze zijn toegelaten op grond van de regels van de andere bestemmingen waarmee de bestemming 'Waarde - Archeologie' samenvalt. b. Er kan slechts afgeweken worden van de bouwregels indien op basis van een archeologisch onderzoek kan worden aangetoond dat ter plaatse waar gebouwd gaat worden geen archeologische waarden als zodanig aanwezig zijn, dan wel dat er passende maatregelen zijn genomen om de aanwezige archeologische waarden veilig te stellen. c.
Aan de afwijking van de bouwregels kunnen in ieder geval de volgende voorwaarden worden verbonden: 1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische monumenten in de bodem kunnen worden behouden; 2. de verplichting tot het doen van opgravingen; 3. de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een archeologisch deskundige. 4.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 4.4.1 Algemeen Het is verboden zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van burgemeester en wethouders (omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden) de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. grondwerkzaamheden, waartoe ook wordt gerekend het ontginnen, verlagen, afgraven, diepploegen, woelen en mengen van gronden; b. het aanleggen, verdiepen, verbreden van sloten, watergangen en overige waterpartijen; c. het aanbrengen van diepwortelende beplantingen en/of bomen; d. het aanbrengen van ondergrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur dan wel het indrijven van enig ander voorwerp. 4.4.2 Toepassingsbereik Het in lid 4.4.1 bedoelde verbod geldt voor werken en werkzaamheden: a.
ter plaatse van de aanduiding 'Waarde - Archeologie 14', waarvan de gezamenlijke oppervlakte groter is dan 300 m² en die dieper reiken dan 3,0 meter beneden het maaiveld.. 4.4.3 Uitzondering Het in lid 4.4.1 bedoelde verbod is niet van toepassing op werken of werkzaamheden welke:
48
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
a. het normale onderhoud, gebruik en beheer betreffen; b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het bestemmingsplan; c. noodzakelijk zijn voor de uitvoering of realisatie van een bouwplan welke is toegelaten op grond van het bepaalde in artikel 4.2 of waarvoor op grond van artikel 4.3 wordt afgeweken van het bestemmingsplan. 4.4.4 Toetsingscriteria en voorwaarden a. De in lid 4.4.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend indien: 1. op basis van een archeologisch onderzoek kan worden aangetoond dat ter plaatse waar de werken en/of werkzaamheden plaatsvinden geen archeologische waarden als zodanig aanwezig zijn, dan wel dat er passende maatregelen zijn genomen om de aanwezige archeologische waarden veilig te stellen; 2. de werken en/of werkzaamheden zijn toegelaten op grond van de regels van de andere bestemmingen waarmee de bestemming 'Waarde - Archeologie' samenvalt. b. Aan de in lid 4.4.1 genoemde vergunning kunnen in ieder geval de volgende voorwaarden worden verbonden: 1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische monumenten in de bodem kunnen worden behouden; 2. de verplichting tot het doen van opgravingen; of 3. de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een archeologisch deskundige.
4.5 Wijzigingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders kunnen de bestemming 'Waarde - Archeologie' wijzigen door de betreffende bestemmingsaanduiding geheel of gedeeltelijk te verwijderen, indien ter plaatse, op basis van archeologisch onderzoek kan worden aangetoond dat geen archeologische waarden aanwezig zijn.
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
49
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
50
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
Hoofdstuk 3 Artikel 5
ALGEMENE REGELS
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
51
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
Artikel 6
Algemene aanduidingsregels
6.1 Veiligheidszone - leiding a. Binnen de 'Veiligheidszone - leiding' zijn geen kwetsbare objecten toegelaten. b. Burgemeester en wethouders kunnen het bestemmingsplan wijzigen door het geheel of gedeeltelijk verwijderen van de aanduiding 'Veiligheidszone - leiding' voor zover een verandering in de externe veiligheidsnormering- en waardering daartoe aanleiding geeft.
52
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
Artikel 7
Algemene afw ijkingsregels
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd af te wijken van de regels van het plan, voor: a. het oprichten van bouwwerken van algemeen nut, mits de oppervlakte van een gebouw niet meer bedraagt dan 20 m² en de bouwhoogte van de bouwwerken niet meer zal bedragen dan 3,5 meter; b. het overschrijden van in deze regels genoemde maten en percentages, zoals goothoogte, bouwhoogte en oppervlakte van gebouwen en bouwwerken en bebouwingspercentages, met niet meer dan 10%; c. het overschrijden van de regels inzake de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met niet meer dan 20%; d. beneden peil gelegen kelders alsmede erkers, balkons, galerijen, luifels, buitentrappen en soortgelijke onderdelen, waarbij de grenzen van het bouwvlak met niet meer dan 1,0 meter mogen worden overschreden; e. het in geringe mate, doch met niet meer dan 3,0 meter, afwijken van een bestemmingsgrens of het profiel van de weg, voor zover dit noodzakelijk is om het plan aan de bij uimeting blijkende werkelijke toestand van het terrein aan te passen. f. geluidwerende voorzieningen; mits de bouw- en gebruiksmogelijkheden van nabijgelegen percelen niet in onevenredige mate worden beperkt en de ter plaatse aanwezige waarden niet op onevenredige wijze worden of kunnen worden aangetast.
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
53
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
Artikel 8
Algemene bouw regels
8.1 Bestaande afwijkingen Een bestaand bouwwerk, waarvan op het tijdstip van terinzagelegging van het ontwerp van dit plan de feitelijk aanwezige hoogte, oppervlakte of afstand tot een ander gebouw of grenslijn in strijd is met een in dit plan voorgeschreven maximum dan wel minimum hoogte, oppervlakte of afstand, mag worden gehandhaafd, veranderd en/of vernieuwd, maar niet worden vergroot of anders gesitueerd. 8.2 Aangrenzende terreinen Het is verboden enig terrein of bouwperceel zodanig te bebouwen, dat daardoor op een aangrenzend terrein, bouwvlak of bouwperceel een toestand zou ontstaan, die aldaar niet meer met de regels van dit plan zou overeenstemmen, of voor zover er reeds aldaar een afwijking van de regels bestaat, zodanig te bebouwen, dat deze afwijking zou worden vergroot.
54
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
Artikel 9
Algemene gebruiksregels
9.1 Parkeren, laden, lossen en stallen 1. Het gebruik op grond van de regels in Hoofdstuk 2 (oprichting van een gebouw, verandering van een functie en uitbreiding of wijziging van bestaand gebruik) is slechts toegestaan indien op eigen terrein wordt voorzien in: a. voldoende parkeergelegenheid, met in achtneming van de als Bijlage 1 bij deze regels opgenomen Parkeernormen; b. voldoende ruimte voor het laden en lossen en/of het stallen van fietsen. 2. Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bepaalde in lid 1, onder a indien sprake is van uitwisselbaarheid van parkeervoorziening, bij de toepassing van andere mobiliteitsproblemen dan de auto. 3. Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bepaalde in lid 1, onder a indien het bepaalde in lid 3 en 4 niet van toepassing is en met de verwezenlijking van het plan een bijzonder gemeentelijk belang gemoeid is. 4. Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bepaalde in lid 1, onder b indien aantoonbaar op een andere wijze aan de vereiste te voorzien in ruimte voor laden en/of lossen en stallingsvoorziening voor fietsen wordt voldaan, of het gebruik geen aanleiding geeft tot het aanwezig zijn van dergelijke voorzieningen. 5. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen ten aanzien van de aard, plaats en inrichting van de lid 1 genoemde voorzieningen. 6.
Burgemeester en wethouders kunnen de bij de regels met betrekking tot het parkeren behorende bijlage Parkeernormen wijzigen indien deze parkeernormen of de bijbehorende gebiedsindeling worden herzien. 9.2 Vormen van verboden gebruik (onbebouwd) Het is verboden de gronden te gebruiken of te laten gebruiken op een wijze, of tot een doel, strijdig met het bestemmingsplan. Onder strijdig gebruik wordt in ieder geval verstaan het gebruik: a. als opslag-, stort-, lozings- of bergplaats van onbruikbare of althans aan hun oorspronkelijk gebruik onttrokken voorwerpen, stoffen of producten, behoudens voor zover dat noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de grond; b. als terrein voor het al dan niet voor de verkoop opslaan of opstellen van ongebruikte en/of gebruikte, dan wel geheel of gedeeltelijk uit gebruikte onderdelen samengestelde machines, voer-, vaar- of vliegtuigen c.q. onderdelen daarvan, die bruikbaar en niet aan hun oorspronkelijk gebruik onttrokken zijn, behoudens voor zover het betreft parkeren en voor zover dat noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de grond; c. als opslagplaats van hout en/of aannemersmaterialen, behoudens voor zover dat noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de grond, of ten behoeve van bouw of andere tijdelijke werkzaamheden; d.
voor opslag van zaken anders dan bedoeld onder b en c; e. voor het (doen) uitoefenen van straatprostitutie; f. als woonwagenstandplaats 9.3 Vormen van verboden gebruik (gebouwen) Het is verboden de gebouwen te gebruiken of te laten gebruiken op een wijze, of tot een doel, strijdig met het bestemmingsplan. Onder strijdig gebruik wordt in ieder geval verstaan het gebruik: a. van gebouwen voor het verkopen of ten verkoop aanbieden van goederen als detailhandel; b. van niet voor bewoning bestemde gebouwen of ruimten, daaronder begrepen kampeermiddelen en bijgebouwen, voor permanente bewoning; c. van gebouwen ten behoeve van het (doen) exploiteren van een seksinrichting of (het laten uitoefenen van) raamprostitutie.
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
55
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
9.4 Bestaande functies Een bestaand functie op de verdieping die op het tijdstip van terinzagelegging van het ontwerp van dit plan feitelijk met vergunning aanwezig was en in strijd is met een in dit plan voorgeschreven functie, mag worden gehandhaafd, maar niet worden vergroot of anders gesitueerd. 9.5 Entrees en toegangsportalen De begane grond van enig gebouw mag eveneens worden gebruikt ten behoeve van een inpandige entree of toegangsportaal ten behoeve van de vormen van gebruik welke blijkens de van toepassing zijnde regels zijn toegelaten op de verdiepingen van het betreffende gebouw. 9.6 Gebruik aanbouwen Het gebruik welke blijkens een aanduiding is toegelaten op de begane grondlaag van een hoofdgebouw is tevens toegelaten op de begane grondlaag van een bij het hoofdgebouw behorende aanbouw. 9.7 Gebruik kelder, onderbouw, tussenverdieping en onbebouwd erf Een kelder, onderbouw, op de begane grondlaag aansluitende tussenverdieping alsmede het bijbehorende onbebouwde erf mogen worden gebruikt ten dienste van alle vormen van gebruik welke blijkens de van toepassing zijnde regels toegelaten zijn op het perceel, mits dit geen zelfstandige functie betreft.
56
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
Artikel 10
Algemene w ijzigingsregels
10.1 Wijzigingsbevoegdheid voor geringe afwijkingen Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het plan te wijzigen voor het in geringe mate, doch met niet meer dan 10,0 meter, afwijken van een bestemmingsgrens of van het profiel van een weg, voor zover dit noodzakelijk is om het plan aan de bij uitmeting blijkende werkelijke toestand van het terrein aan te passen.
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
57
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
Artikel 11
Overige regels
11.1 Bevoegd gezag Indien op grond van het bepaalde in het Besluit omgevingsrecht Gedeputeerde Staten of de Minister is aangewezen als het bevoegd gezag bij het verlenen van een omgevingsvergunning, wordt waar op grond van dit bestemmingsplan burgemeester en wethouders bevoegd zijn om: 1. af te wijken van het bestemmingsplan; 2. een omgevingsvergunning te verlenen voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden; 3. een omgevingsvergunning te verlenen voor het slopen van een bouwwerk; in plaats van 'burgemeester en wethouders' gelezen 'Gedeputeerde Staten' dan wel 'de Minister'. 11.2 Verwijzing naar andere regelgeving Indien en voor zover in deze regels wordt verwezen naar een wet, een algemene maatregel van bestuur, een verordening, een richtlijn of een andere (wettelijke) regeling, dan geldt deze wet, algemene maatregel van bestuur, verordening, richtlijn of andere (wettelijke) regeling zoals die luidt dan wel van kracht is op het moment van de tervisielegging van het ontwerp van dit plan.
58
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
Hoofdstuk 4 OVERGANGSSLOTREGELS Artikel 12
EN
Overgangsrecht
12.1 Overgangsrecht bouwwerken a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een bouwvergunning, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de bouwvergunning wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. Burgemeester en wethouders kunnen eenmalig in afwijking van lid 12.1, onder a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10%. c. Lid 12.1, onder a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
59
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
Artikel 13
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: "Regels van het bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam van de gemeente Schiedam" Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Schiedam in de openbare vergadering van de griffier, de voorzitter,
60
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
BIJLAGEN
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
61
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam
Bijlage 1 Parkeernormen
62
bestemmingsplan Woudweg 26 Schiedam (vastgesteld)
Parkeernormen Functie
Parkeernormen Binnenstad
Per Schiedam ‘overig’
Schil gereguleerd parkeren
niet gereguleerd
Wonen Koop, vrijstaand
0,00
1,00
1,00
2,10
woning
Koop, twee-onder-één-kap
0,00
0,70
1,00
2,00
woning
Koop, tussen- of hoekwoning
0,00
0,70
1,00
1,80
woning
Koop, etage, duur (WOZ-waarde ≥ € 247.500)
0,00
0,70
1,00
1,90
woning
Koop, etage, midden (WOZ-waarde < € 247.500)
0,00
0,70
1,00
1,70
woning
Koop, etage, goedkoop (WOZ-waarde < € 142.000)
0,00
0,60
0,90
1,40
woning
Huurhuis, vrije sector
0,00
0,70
1,00
1,80
woning
Huurhuis, sociale huur
0,00
0,60
0,90
1,40
woning
Huur, etage, midden/duur (huur ≥ € 710,68 per maand)
0,00
0,70
1,00
1,70
woning
Huur, etage, goedkoop (huur < € 710,68 per maand)
0,00
0,40
0,70
1,20
woning
Kamerverhuur, zelfstandig, nietstudenten
0,00
0,30
0,50
0,65
kamer
Kamerverhuur, niet-zelfstandig, studenten
0,00
0,00
0,20
0,25
kamer
Aanleunwoning en serviceflat
0,00
0,00
0,20
1,05
woning
Kantoren zonder baliefunctie
0,00
0,90
0,90
1,35
100 m² bvo
Commerciële dienstverlening (kantoren met baliefunctie)
0,00
0,90
1,10
1,65
100 m² bvo
Arbeidsintensieve / bezoekersextensieve bedrijven
0,00
1,30
1,30
1,85
100 m² bvo
Arbeidsextensieve / bezoekersextensieve bedrijven
0,00
0,50
0,50
1,05
100 m² bvo
Bedrijfsverzamelgebouw
0,00
0,90
0,90
1,35
100 m² bvo
Buurtsupermarkt (kleiner dan 600 m² wvo)
0,00
0,20
1,00
2,60
100 m² bvo
Discountsupermarkt
1,60
2,90
2,90
5,20
100 m² bvo
Werkgelegenheid
Winkels
Nadere eis
Parkeernormen
Functie Binnenstad
Per Schiedam ‘overig’
Schil gereguleerd parkeren
niet gereguleerd
Nadere eis
Fullservice supermarkt (middel)laag prijsniveau
1,50
2,70
2,70
4,40
100 m² bvo
Fullservice supermarkt (middel)hoog prijsniveau
1,80
2,20
2,20
3,90
100 m² bvo
Grote supermarkt (groter dan 2.500 m² wvo)
4,10
4,80
4,80
6,60
100 m² bvo
-
4,40
4,40
5,50
100 m² bvo
0,00
-
-
-
100 m² bvo
Stadsdeelwinkelcentra
-
3,70
3,70
5,70
100 m² bvo
A
Wijkwinkelcentrum
-
2,90
2,90
4,60
100 m² bvo
B
Buurtwinkelcentrum
-
1,80
1,80
3,40
100 m² bvo
C
Kringloopwinkel
0,00
0,60
0,60
1,35
100 m² bvo
Woonwarenhuis / Woonwinkel
0,60
1,00
1,00
1,35
100 m² bvo
-
6,60
6,60
8,30
100 m² bvo
Bouwmarkt, tuincentra (incl. buitenruimte)
1,50
1,50
1,50
2,10
100 m² bvo
Bruin- en witgoedzaken (grootschalig)
0,00
3,80
3,80
6,20
100 m² bvo
Crèche / peuterspeelzaal / kinderdag verblijf
0,00
0,90
0,90
1,10
100 m² bvo
Basisonderwijs
0,00
0,50
0,50
0,75
leslokaal
Middelbare school
0,00
2,30
2,60
3,90
100 leerlingen
ROC
3,00
3,30
3,30
4,70
100 leerlingen
Hogeschool
3,80
6,10
6,10
8,60
100 leerlingen
Avondonderwijs
2,60
3,50
3,50
5,40
10 studenten
Praktijk huisarts / verloskundigen (altijd min. 3 parkeerplaatsen)
0,00
0,75
1,70
2,35
behandelkamer
Praktijk fysiotherapie
0,00
0,40
0,90
1,35
behandelkamer
Praktijk tandarts
0,00
0,75
1,40
1,95
behandelkamer
Apotheek
0,00
1,30
2,30
2,95
apotheek
Groothandel in levensmiddelen Binnenstad
Outletcentrum
Onderwijsvoorzieningen
Zorgvoorzieningen D
Functie
Parkeernormen Binnenstad
Per Schiedam ‘overig’
Schil gereguleerd parkeren
niet gereguleerd
Nadere eis
Consultatiebureau
0,00
0,50
1,00
1,45
behandelkamer
Consultatiebureau voor ouderen
0,00
0,90
1,40
1,90
behandelkamer
Gezondheidscentrum
1,00
1,20
1,20
1,75
behandelkamer
E
Ziekenhuis
1,10
1,20
1,20
1,50
100 m² bvo
E
Verpleeg- / verzorgingstehuis
0,50
0,50
0,50
0,60
wooneenheid
E
Begraafplaats / crematorium
0,00
26,60
26,60
30,60
plechtigheid (gelijktijdig)
Religiegebouw
0,00
0,10
0,10
0,15
zitplaats
Hotel 1-3*
0,00
0,60
2,60
4,70
10 kamers
Hotel 4-5*
0,00
2,40
6,80
10,10
10 kamers
Café / bar / cafetaria
0,00
0,40
4,00
5,00
100 m² bvo
Restaurant
0,00
1,60
8,00
12,00
100 m² bvo
Discotheek
0,00
5,20
5,20
10,70
100 m² bvo
Evenementenhal / beursgebouw / congresgebouw
3,00
4,00
4,00
7,50
100 m² bvo
Museum
0,00
0,05
0,50
0,95
100 m² bvo
Bibliotheek
0,00
0,05
0,40
0,85
100 m² bvo
Bioscoop
0,00
7,70
7,70
9,10
100 m² bvo
Filmtheater / filmhuis
0,00
3,00
3,00
6,00
100 m² bvo
Theater / schouwburg
0,00
5,70
5,70
8,90
100 m² bvo
Casino
0,00
5,20
5,20
6,10
100 m² bvo
Sociaal-cultureel centrum / wijkverenigingsgebouw
0,00
0,20
2,00
2,00
100 m² bvo
Gymlokaal / sportzaal
0,00
0,10
1,60
2,65
100 m² bvo
Sporthal (bij wedstrijdfunctie +0,15 per bezoekersplaats)
0,00
1,80
1,80
2,65
100 m² bvo
Sportveld buiten (excl. clubgebouw, trapveld e.d.)
0,00
13,00
13,00
20,00
ha netto terrein
Horeca
Sociaal-culturele voorziening
Sportvoorzieningen
Functie
Parkeernormen Binnenstad
Per Schiedam ‘overig’
Schil gereguleerd parkeren
niet gereguleerd
Dansstudio
0,00
0,20
2,50
4,20
100 m² bvo
Fitnessstudio / sportschool (kleiner dan 1.500 m² bvo)
0,00
0,30
2,10
3,70
100 m² bvo
Fitnesscentrum (groter dan 1.500 m² bvo)
1,30
2,90
2,90
4,80
100 m² bvo
Sauna / hammam
0,00
0,05
3,30
5,50
100 m² bvo
Wellnesscentrum
n.v.t.
8,30
8,30
8,80
100 m² bvo
Squashhal
0,00
0,35
2,20
2,60
100 m² bvo
Tennishal / Tennisbanen
0,00
0,05
0,30
0,40
100 m² bvo
Bowlingcentrum
0,00
0,15
1,20
2,20
baan
Biljart- / snookercentrum
0,00
0,10
0,60
1,05
tafel
Zwembad (overdekt)
8,80
8,80
8,80
10,60
100 m² opp. bassin
Zwembad (openlucht)
8,00
8,00
8,00
11,50
100 m² opp. bassin
Jachthaven
0,00
0,50
0,50
0,60
ligplaats
Manege
0,00
0,30
0,30
0,40
box
Indoorspeeltuin (kleiner dan 2.500 m² bvo)
0,40
1,20
1,20
4,40
100 m² bvo
Indoorspeeltuin (groter dan 2.500 m² bvo)
1,00
1,80
1,80
5,30
100 m² bvo
Volkstuin
-
0,90
0,90
1,15
Per 10 percelen
Kinderboerderij / stadsboerderij
-
18,80
18,80
22,50
boerderij
Overig
Nadere eisen: A. Norm alleen van toepassing bij uitbreiding bestaande winkeloppervlakte. Winkelcentra waarop van toepassing: Hof van Spaland. B. Norm alleen van toepassing bij uitbreiding bestaande winkeloppervlakte. Winkelcentra waarop van toepassing: Gorzen / Mgr. Nolensplein. C. Norm alleen van toepassing bij uitbreiding bestaande winkeloppervlakte. Winkelcentra waarop van toepassing: Malmö, Woudhoek, Borodinlaan, Contrabas, Parkweg, 's-Gravelandseweg, Liduinastraat, Rubensplein. D. Ongeacht de norm moet in alle gevallen voorzien worden in minimaal 2,0 parkeerplaatsen. E. Ongeacht de norm moet in alle gevallen voorzien worden in minimaal 3,0 parkeerplaatsen.
Nadere eis
Toelichting: In de tabel zijn de kencijfers parkeren gebruikt uit de CROW-publicatie ‘Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie’ (2012) van oktober 2012. Voor de voorzieningen in Schiedam zijn de kencijfers overgenomen uit de categorie ‘zeer sterk stedelijk’. Voor de binnenstad is uitgegaan van een parkeernorm van 0,0 tenzij sprake is van een functie met een grote verkeersaantrekkende werking. Voor de schil is uitgegaan van de lage parkeernorm, waarbij in gebieden met gereguleerd parkeren het gedeelte van de norm bestemd voor bezoekersparkeren buiten beschouwing is gelaten. Dit laatste geldt niet voor functies met een grote verkeersaantrekkende werking. Voor het overig gebied geldt de gemiddelde parkeernorm uit de CROW-publicatie. Indien de tabel niet voorzien in een parkeernorm voor een ruimtelijke ontwikkeling dan wordt teruggevallen op de gemiddelde norm uit de CROW-publicatie voor een ‘zeer sterk stedelijk’ gebied.
Gebiedsindeling parkeernormen
PLANGEBIED Grens plangebied
BESTEMMINGEN enkelbestemmingen AW-NLW
Agrarisch met waarden - Natuur- en landschapswaarden
dubbelbestemmingen WR-14
Waarde - Archeologie 14
AANDUIDINGEN gebiedsaanduidingen veiligheidszone - leiding
AANDUIDINGEN functieaanduidingen aanduidingsgrens (***)
R 38
3
(sa-vab)
specifieke vorm van agrarisch - voormalig agrarisch bedrijfscomplex
bouwvlakken
9
bouwvlak
AW-NLW
(sa-vab)
3
maatvoeringen
5
WR-A14 N 299
grens maatvoering 3 9
maximum goothoogte (m) maximum bouwhoogte (m)
VERKLARING Topografie uit de BGT
project:
projectnummer:
Bestemmingsplan Woudweg 26
22.467
onderwerp:
bladnummer: van 1
verbeelding
1
fase:
Identificatienummer:
vastgesteld
NL.IMRO.0606.BP00103-0001
opdrachtgever:
gemeente Schiedam datum : 12 april 2022
gewijzigd :
schaal : 1 : 500
stedenbouwkundig Puccinistraat 21 tel: 010 4139642
tekenbureau
2901 GL Capelle aan den IJssel
Frans van Kleef
email: FransvanKleef@planet.nl tel m: 06 24529187