CConstaterende datSchiedam
Koppel je AI →
Document · PDF

Begroting 2024 Schiedam

Gemeenteraad 9 november 2023, gemeente SchiedamBij agendapunt: Begroting 2024 Schiedam35.006 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Begroting 2024

80 80

grondexploitaties herzien, voorafgaand aan de vaststelling van de jaarrekening. De herzieningen maken deel uit van het Meerjaren Perspectief Grondexploitaties (MPG), waarin ook wordt gerapporteerd over de programma’s, de grondexploitaties in ontwikkeling en de overige ontwikkelingen. Een grondexploitatie moet tussentijds worden herzien als het saldo op contante waarde exclusief rente en inflatie-effecten meer afwijkt dan € 250.000. Naast de monitoring van het plansaldo per grondexploitatie wordt elke kwartaal een rapportage opgesteld waarin het cumulatieve effect van de actieve grondexploitaties wordt weergegeven. Indien de cumulatie van negatieve effecten de € 750.000 overschrijdt, zullen er maatregelen worden voorgesteld.

Risicomanagement De gemeente voert op alle grondexploitaties risicomanagement volgens een gestandaardiseerde methode. De begroting van een grondexploitatie in combinatie met een risicoanalyse geeft een compleet beeld van het te verwachten financiële resultaat. Het waarderen van een risico of kans gaat als volgt: Kans van optreden x financieel effect = risico/kans. Als de kans van optreden bij risico’s hoger is dan 50% wordt deze in de begroting van de grondexploitatie opgenomen. Kansen worden pas in de begroting opgenomen als deze zijn gerealiseerd. In het kader van het MPG wordt het totaal van de risico’s voor alle grondexploitaties gesaldeerd en afgedekt door de gemeentebrede risicoreserve. Met de bestuursrapportage of bij tussentijdse herzieningen wordt het saldo van de risico’s geactualiseerd.

§ Paragrafen € Financiële begroting 2024

Vennootschapsbelasting (Vpb) en de egalisatiereserve grondbedrijf

Actuele prognose van de te verwachten resultaten voor de grondexploitaties

Bij grondexploitaties met een voordelig saldo wordt winst genomen. Als de winstgevende grondexploitaties als een afzonderlijke activiteit zouden worden beschouwd, dan zou over de winst 25% vennootschapsbelasting moeten worden afgedragen, terwijl andere grondexploitaties afgesloten worden met een verlies. Bij verliezen hoeft de gemeente geen Vpb te betalen. In het kader van de invoering van de Vpb is het daarom van belang om alle grondexploitaties geclusterd te beschouwen als één activiteit. Om de financiële verwevenheid van de grondexploitaties te borgen in het kader van de Vpb is er een ‘egalisatiereserve grondbedrijf’. Behaalde winsten binnen het grondbedrijf worden in de egalisatiereserve gestort ter afdekking van nieuwe verlieslatende grondexploitaties en ter aanvulling van de voorziening dekking tekorten bouwgrondexploitaties.

Het tekort op de verlieslatende bouwgrondexploitaties bedraagt, per 1-1-2023, naar verwachting € 24,4 miljoen. Dit wordt voor een bedrag van € 21,9 miljoen afgedekt via de voorziening ‘Dekking tekorten bouwgrondexploitaties’. Het restant van het tekort á € 2,5 miljoen wordt afgedekt middels de voorziening ‘Surplus per grex’. Het saldo op de winstgevende exploitaties bedraagt per 1-1-2023 € 10,3 miljoen.

4. Grondexploitaties Momenteel zijn er twaalf grondexploitaties actief. Vijf grondexploitaties vallen onder Programma Economie (’s-Graveland Zuid/Midden/Noord en Spaanse polder, Wilhelminahaven Zuid) en zeven grondexploitaties vallen onder programma Ruimtelijke inrichting (Woonontwikkeling Schieveste, Schieveste fase 5, Stationsomgeving, Lange Achterweg, Toernooiveld, Deventerdriehoek Noord en Parkweg-Midden). Als nieuwe grondexploitaties wordt er gewerkt aan de Joppelaan en de Staatsliedenbuurt /Nieuwe Parels aan de Schie (aanvraag Volkshuisvestingsfonds is hiervoor toegekend). De gemeente is momenteel niet actief in deelnemingen. In een deelneming ontwikkelt de gemeente gezamenlijk met een andere partij risicodragend een gebied.

Verloop investeringen, opbrengsten en boekwaarde Op 4 juli 2023 heeft de gemeenteraad het MPG 2023 vastgesteld. Hierin zijn prognoses verwerkt voor de grondexploitaties. Alle grondexploitaties zijn doorgerekend op basis van prognoses voor zowel de investeringen als de opbrengsten die over meerdere jaarschijven verdeeld zijn. Van iedere grondexploitatie dient de jaarschijf 2024 als uitgangspunt voor de primaire begroting 2024. Momenteel is in 2024 aan investeringen een bedrag voorzien van € 36,9 miljoen en aan baten € 42,7 miljoen. Per 31-122023 wordt voor de huidige lopende grondexploitaties een totale boekwaarde voorzien van € 42,1 miljoen en per 31-122024 € 36,4 mln. Onderstaande tabel laat zien dat vanaf 2024 de baten naar verwachting hoger zullen zijn dan de investeringen. De boekwaarde van de grondexploitaties zal als gevolg hiervan dalen.

Begroting 2024

81 81

Grafiek 1: Verloop boekwaarde grondexploitaties € 45,00 € 40,00 € 35,00 € 30,00 € 25,00 € 20,00 € 15,00 € 10,00 € 5,00 € 0,00

2023

2024

2025

2026

2027 e.v.

Nota Bene: Het verloop van de boekwaarde x mln. per 1-1 is vanaf 2023 indicatief en gebaseerd op de begrotingen.

Een onderbouwing van de geraamde winstneming Winstneming wordt uitgevoerd volgens de daartoe voorgeschreven methode uit het BBV, de zogenoemde ‘percentage of completion’ methode. Waarbij met de vordering van het project winst wordt genomen. Voor 2023 wordt een winstneming verwacht voor de grondexploitaties Schieveste fase 5, ’s Gravenland Zuid, Midden en Noord, Spaanse Polder, Deventerdriehoek Noord, Wilhelminahaven Zuid en Lange Achterweg.

§ Paragrafen € Financiële begroting 2024

Begroting 2024

82 82

Paragraaf Lokale heffingen Inleiding In deze paragraaf wordt ingegaan op de lokale heffingen, de onderbouwing daarvan en het bijbehorend beleid. Algemene uitgangspunten voor Schiedam voor 2024 zijn: De algemene beleidsuitgangspunten voor de lokale lastenheffing zijn vastgelegd in de Kadernota financieel beleid. Een trendmatige verhoging is opgenomen (correctie voor loon- en prijsontwikkeling) conform het door het Centraal Plan Bureau afgegeven prijsindexcijfer in maart 2023 van 3,1% voor 2024. Het merendeel van de tarieven volgt de trendmatige verhoging. Voor diverse legestarieven geldt echter dat het Rijk deze tarieven bepaalt of maximeert, zodat verhoging met afwijkende percentages plaatsvindt. Naast de hierboven genoemde algemene uitgangspunten zijn er voor 2024 nog specifieke uitgangspunten: 1. Voor de afvalstoffenheffing worden overeenkomstig het bepaalde in de Kadernota financieel beleid inzake kostendekkende tarieven de kosten van beheer (o.a. inzameling, vervoer en verwerking) van huishoudelijke afvalstoffen omgeslagen over de huishoudens. Ook wordt rekening gehouden met opgave van de Regionale Belasting Groep voor aantallen huishoudens en leegstand. De kosten voor kwijtschelding worden zoals gebruikelijk niet doorberekend in de tarieven maar worden betaald uit het Armoedebeleid.

De tarieven zijn berekend op € 398,79 voor een huishouden bestaande uit meerdere personen en op € 337,66 voor een huishouden bestaande uit één persoon. Dit betekent een tariefstijging met 3,1% en leidt tot een kostendekkendheid van 89,5%.

§ Paragrafen € Financiële begroting 2024

2. De tarieven voor het Woonwagenrecht worden (overeenkomstig het beleidsplan Woonwagenzaken) bepaald op het niveau van de maximaal redelijke huurprijs van het Woningwaarderingssysteem (WWS) (volgens het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties). De tarieven stijgen met 10%. Voor de heffingen waarvan de kosten mogen worden doorberekend in de tarieven wordt in deze paragraaf inzichtelijk gemaakt dat de geraamde baten de geraamde lasten niet overschrijden. De directe kosten (loonkosten, materiaalkosten, perceptiekosten enz.) en indirecte kosten (overheadkosten) worden doorberekend. Het in de tarieven toegepaste percentage voor overhead is 8,59% (2023: 8,36%). Dit percentage is conform de formule van de VNG berekend door het saldo van de overhead te delen door de totale lasten van de programma’s (exclusief mutaties reserves en overhead). Het percentage is hoger doordat de totale lasten van de programma’s (exclusief reserves en overhead) minder sterk is toegenomen dan de lasten van de overhead.

Een overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen In dit hoofdstuk wordt naar onderscheid van de belastingen en de retributies een toelichting gegeven.

Belastingen De opbrengst van de belastingen is in beginsel niet gerelateerd aan de kosten, maar dat geldt niet voor de rioolheffing en de afvalstoffenheffing. De opbrengsten hiervan mogen alleen ingezet worden om de kosten te dekken die de gemeente voor het rioolstelsel of het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen maakt.

De totale belastingopbrengst van de gemeente Schiedam zoals opgenomen in de primaire begroting 2024 bedraagt € 49,5 miljoen (Primaire begroting 2023: € 47,5 miljoen). Hiervan is € 21,0 miljoen bestemd voor de algemene dekking. De overige belastingopbrengsten van € 28,5 miljoen betreffen rechten en leges die in rekening worden gebracht voor door de gemeente verstrekte diensten.

Begroting 2024

83 83

Overzicht tarieven en opbrengsten 2023-2024 Bedragen x € 1.000

Tarief 2023

Tarief 2024 Raming Verwachte Opbrengst 2023 Opbrengst 2024

OZB Eigenaren woningen

0,0754%

0,0756%

€

7.870

€

8.355

Eigenaren niet-woningen

0,3240%

0,3360%

€

4.917

€

5.240

Gebruikers niet woningen

0,2130%

0,2210%

€

2.924

€

3.185

€

15.711

€

16.780

Totaal OZB Rioolheffing

€

263,22

€ 268,48

€

10.629

€

10.927

1-persoonshuishouden

€

327,51

€ 337,66

€

4.552

€

4.558

Meerpersoonshuishouden

€

386,81

€ 398,79

€

9.013

€

9.252

€

13.565

€

13.810

19,91

€

131

€

67

diverse

€

159

€

164

Afvalstoffenheffing

Totaal Afvalstoffenheffing Overige belastingen Hondenbelasting

€

Precariobelasting

39,20

€

diverse

Logiesbelasting

€

2,86

€

2,94

€

350

€

350

BIZ Vijfsluizen

€

0,54

€

0,54

€

60

€

60

€

700

€

641

diverse

€

617

€

636

69,30

€

592

€

610

Totaal overige belastingen Parkeerbelastingen Parkeervergunningen Naheffingsaanslagen

diverse €

65,20

€

Straatparkeren

diverse

diverse

€

2.260

€

2.330

Parkeer-app

diverse

diverse

€

51

€

51

€

3.520

€

3.627

Totaal parkeerbelastingen

§ Paragrafen € Financiële begroting 2024

Begroting 2024

84 84

Voor de gemiddelde woonlasten (volgens CBS/COELO 2023) betekent dit het volgende:

Meerpersoonshuishouden/Eigen woning

Tarief 2023

Tarief 2024

OZB (eigendom)

€

266,77

€

274,97

Afvalstoffenheffing

€

386,81

€

Rioolheffing

€

263,22

€

Totaal lokale lasten

€ 916,80

Een nadere toelichting is opgenomen onder het hoofdstuk ‘Lokale lastendruk’.

Belastingen Toelichting per belasting op uitgangspunten en tarieven:

Onroerendezaakbelastingen (OZB) De volgende zaken spelen een rol bij de berekening van de OZB: 1. De inflatiecorrectie van 3,1% wordt voor de OZB (in afwijking van de andere heffingen) toegepast op de totale opbrengst van de OZB en niet op het tarief. Reden hiervoor is dat bij de berekening van de tarieven ook met de waardeontwikkeling van de onroerende zaken rekening moet worden gehouden. Dit is landelijk de gebruikelijke werkwijze. 2. Bij het bepalen van de opbrengst is ook rekening gehouden met de eenmalige verrekening van het resultaat 2021, een extra opbrengst als gevolg van nieuwbouw en met een verrekening van het resultaat 2022. Gebruikelijk is dat verrekening plaatsvindt vanuit de reserve Meeropbrengst OZB, overeenkomstig de bij de tariefberekening OZB van 2014 vastgestelde systematiek. (Zie raadsvoorstel VR 5/2014). 3. Bij de berekening van de tarieven OZB wordt tevens rekening gehouden met de verwachte

§ Paragrafen € Financiële begroting 2024

Verschil

Stijgings%

€

8,20

3,1%

398,79

€

11,98

3,1%

268,48

€

5,26

2,0%

€ 942,24

€

25,44

2,8%

waardeontwikkeling, dus de waardestijging of -daling van onroerende zaken ten opzichte van 2023. 4. De OZB wordt geheven naar de waarde in het economische verkeer, die op basis van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) wordt vastgesteld. Op grond van de Wet WOZ moeten alle onroerende zaken voor het jaar 2024 opnieuw getaxeerd worden naar het waardeniveau op 1 januari 2023 (de zogenoemde waardepeildatum). De ontwikkelingen op de vastgoedmarkt in Schiedam laten, ten opzichte van de vorige waardepeildatum 1 januari 2022, een stijging zien met ongeveer 2,8% voor woningen en 2,5 % voor nietwoningen. 5. Bij toepassing van deze consistente systematiek is per saldo het effect dat het gemiddeld te betalen bedrag OZB voor een eigenaar/bewoner van een woning stijgt met 3,6%. Aangezien 3,1% als kaderstellend in de Zomernota als stijgingspercentage is bepaald, wordt 3,1% stijging aangehouden. Dit heeft een financieel effect van € 44.000 lagere OZB opbrengsten. 6. Bij de berekening van de tarieven wordt ook rekening gehouden met de door de Regionale Belasting Groep begrote effecten van nieuwbouw/sloop, verminderingen op bezwaar, leegstand en oninbare aanslagen.

Per saldo is het effect dat het gemiddeld te betalen bedrag OZB voor een eigenaar/bewoner van een woning stijgt met 3,1%. Algemene toelichting op systematiek bij bijvoorbeeld stijging van de WOZ-waardes: Hogere WOZ-waardes betekenen bij gelijkblijvende opbrengst een lager belastingtarief. De reden hiervoor is dat de OZB-tarieven worden bepaald door de gewenste opbrengst te delen door de belastinggrondslag. Als de gewenste opbrengst gelijk blijft en de WOZ-waarde stijgt dan daalt het tarief. Wel wordt dit gecorrigeerd voor inflatie.

Hondenbelasting De hondenbelasting wordt verlaagd met 25% in verband met de definitieve afbouw van de hondenbelasting in 4 jaren van € 75,00 tot € 0,00 in 2025. Wel wordt het tarief volgens de Zomernota verhoogd met 3%. Hierdoor bedraagt het tarief voor de hondenbelasting in 2024 € 19,91 ((37,50 *1,031)-18,75 = 19,91). Per 2025 wordt er geen hondenbelasting meer geheven.

Rioolheffing Met de rioolheffing kunnen de kosten worden verhaald die de gemeente maakt voor de uitvoering van de zorgplichttaken voor afval-, hemel- en grondwater. Ook klimaatadaptieve maatregelen volgens uitvoeringsplan behorende bij vGRP 2019-2023 worden hierin meegenomen. Bijkomende kosten zijn verder een deel van de veegkosten, kosten voor btw, overhead en perceptiekosten die aan de rioolheffing worden toegerekend. In afwachting van het nieuwe Gemeentelijke Rioleringsplan wordt voor de tariefberekening uitgegaan van het verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Schiedam 2019-2023 (vGRP). Het nieuwe Gemeentelijke Rioleringsplan wordt uitgangspunt voor de rioolheffing per 2025.

Begroting 2024

85 85

Berekening kostendekkendheid van de afvalstoffenheffing

Toepassing van de inflatiecorrectie van 3,1% op huidige tarief van € 263,22 (2022) betekent voor 2024 een kostendekkendheid van meer dan 100%. In afwijking van het verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Schiedam 20192023 worden de tarieven daarom verhoogd met 2%. De rioolheffing is hiermee bijna 100% kostendekkend.

Het bovenstaande resulteert in de volgende tarieven voor 2024: - Tarief éénpersoonshuishouden: € 337,66 (2023: € 327,51) - Tarief meerpersoonshuishouden: € 398,79 (2023: € 386,81)

Bedragen x € 1.000 Kosten taakvelden inclusief (omslag)rente

12.317

Inkomsten taakveld(en)

Berekening kostendekkendheid van de rioolheffing

Netto kosten taakveld

-300

12.017

Parkeerbelastingen

Toe te rekenen kosten:

Bedragen x € 1.000 Kosten taakvelden inclusief (omslag)rente

8.576

Inkomsten taakveld(en)

Netto kosten taakveld

-

8.576

Toe te rekenen kosten: Overhead BTW

Overhead

1.032

BTW

2.374

Totale kosten

15.423

Opbrengst heffingen

13.810

Dekkingspercentage

89,5%

737 1.629

Totale kosten

10.942

Opbrengst heffingen

10.927

Dekkingspercentage

99,9%

In de kosten is ook de te betalen BTW van in totaal € 1,6 miljoen opgenomen. De BTW wordt niet begroot, maar mag wel als gevolg van de invoering van het BTW-compensatiefonds meegenomen worden als kostenpost. Ook is een bedrag van € 0,7 miljoen aan overhead meegenomen.

Bij de afvalstoffenheffing worden de kosten van afvalbeheer (o.a. inzameling, vervoer, verwerking en handhaving) van huishoudelijke afvalstoffen, een deel van de kosten voor straatreiniging (kosten als gevolg van het verkeerd aanbieden van afvalstoffen), de toerekenbare omzetbelasting en een deel van de gemeentelijke overhead doorberekend aan de burgers van Schiedam. Niet doorberekend worden de kosten van de kwijtschelding van afvalstoffenheffing, deze worden gedekt via het armoedebeleid. In de afvalbeheerskosten zijn de stijging van de kosten van Irado en in het kader van de versnelling Schone stad opgenomen.

Afvalstoffenheffing De gemeente heeft een wettelijke inzamelplicht voor het afval van huishoudens. Gemeenten mogen op grond van artikel 15.33 van de Wet milieubeheer voor de inzameling van het afval een afvalstoffenheffing invoeren. Deze mag maximaal kostendekkend zijn.

§ Paragrafen € Financiële begroting 2024

De tariefstijging van 3,1% leidt tot een kostendekkingspercentage van 89,5% (2023:88,9%).

De begroting van de afvalbeheerskosten 2024 is gebaseerd op de meest recente gerealiseerde afvalhoeveelheden, namelijk die van het jaar 2022.

Conform de kadernota Financieel Beleid wordt een prijscompensatie toegepast op de budgetten. Hiervoor wordt het prijsindexcijfer van het CPB (maart 2023) gebruikt. Om een gat in de begroting te voorkomen, worden de belastingopbrengsten ook verhoogd met deze inflatiecorrectie. Dit geldt dus ook voor de parkeeropbrengsten. Dit betekent dat de parkeertarieven jaarlijks met het prijsindexcijfer worden verhoogd. De tarieven voor de sectorgebonden parkeervergunningen voor respectievelijk bewoners, bedrijven en instellingen (zorg, maatschappelijk en onderwijs) en de naheffingsaanslag wordt verhoogd met de jaarlijkse indexatie. Het tarief voor de naheffingsaanslag van € 69,30 (2023: € 67,20) blijft hiermee binnen het voor 2024 ministerieel vastgestelde maximum tarief van € 76,70 (2023: € 72,90). De tarieven voor het parkeren op straat per uur volgen in beginsel de indexatie. De parkeerbelastingverordening bepaalt daarbij dat bij de parkeerautomaten in veelvouden van 10 eurocent moet worden betaald. Daarom wordt ervoor gekozen de indexatie toe te passen zodra de cumulatieve jaarlijkse indexering leidt tot een verhoging van de tarieven met (een veelvoud van) € 0,10. De straattarieven zijn per 2022 verhoogd. De indexering was 3% in 2023 en is 3,1% per 2024. Op grond van genoemde systematiek betekent dit een verhoging van € 0,10 per 2024.

Begroting 2024

86 86

De visiteparkeervergunningen zijn gerelateerd aan het parkeren op straat. De tarieven zijn per 2023 aangepast. Op grond van de genoemde systematiek bij het parkeren op straat per uur vindt per 2024 geen verhoging plaats.

Retributies Retributies zijn leges, gelden of rechten voor door de gemeente verrichte diensten of voor het gebruik van gemeentelijke bezittingen. Met retributies kan de gemeente de kosten, die gemaakt worden voor de dienstverlening of het gebruik van bezit, verhalen op degene die om de dienstverlening of het gebruik vraagt. Onder de retributies is de legesverordening de meest algemene verordening. Hieronder vallen onder meer de aanvragen voor paspoorten en rijbewijzen en het sluiten van een huwelijk. Met bijvoorbeeld de retributie marktgelden vraagt de gemeente een vergoeding voor het mogelijk maken van de markt in de stad. De gemeentewet vereist dat de begrote opbrengsten de begrote kosten van retributies niet overstijgen. Deze opbrengstlimiet geldt voor de verordening als geheel (en voor titel III van de tarieventabel per hoofdstuk). Dat houdt in dat binnen een verordening sommige tarieven meer dan 100% kostendekkend mogen zijn, terwijl andere minder dan 100% kostendekkend zijn. Dit wordt kruissubsidiëring genoemd. Kruissubsidiëring is voor titel III van de tarieventabel niet toegestaan.

§ Paragrafen € Financiële begroting 2024

Begroting 2024

87 87

Leges

Kostenonderbouwing t.b.v. legesverordening Titel Hfdst I

Soort leges Bedragen x 1.000

Kostendekkings % (1)

€

90

€

79

87%

2 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart (3)

€

1.039

€

1.049

101%

3 Rijbewijzen

€

203

€

209

103%

4 Verstrekkingen uit de Gemeentelijke Basisadministratie Persoonsgegevens

€

99

€

80

81%

6 Vastgoedinformatie

€

4

€

3

60%

7 Overige publiekszaken

€

11

€

10

96%

8 Gemeentelijk archief

€

13

€

9

68%

10 Leegstandswet

€

3

€

3

85%

13 Kansspelen

€

3

€

2

78%

14 Telecommunicatie en kabels en leidingen overig

€

193

€

141

73%

15 Verkeer en vervoer

€

87

€

38

44%

17 Wet open overheid (Woo) (4)

€

0

€

0

0%

18 Diversen

€

0

€

0

0%

€

1.745

€ 1.622

93%

Omgevingswet (5)

Totalen titel II Omgevingswet III

Opbrengst

1 Burgerlijke stand (2)

Totalen titel I Algemene dienstverlening II

Kosten heffing incl. overhead

€

1.613

€ 1.540

95%

1 Horeca

€

46

€

18

39%

2 Organiseren evenementen of markten

€

50

€

9

18%

3 Seksbedrijven

€

0

€

0

0%

4 Huisvestingswet

€

65

€

48

73%

6 Ventvergunningen

€

2

€

1

37%

7 Overig

€

1

€

0

9%

Totalen titel III Europese dienstenrichtlijn

€

165

€

75

46%

Totaal kostendekkendheid:

€

3.523

€ 3.237

92%

§ Paragrafen € Financiële begroting 2024

(1) In verband met afronding kunnen genoemde percentages afwijken van het rekenkundig resultaat. (2) In de leges burgerlijke stand zijn de kosten voor gratis huwelijken en van aktes burgerlijke stand (dit zijn geen leges meer) niet meegenomen. (3) De reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart (2) en rijbewijzen (3) blijven binnen het gestelde maximum van de totale legesverordening (4) De leges Wet open overheid (Woo) zijn bedoeld om eventueel een vergoeding te kunnen vragen voor kosten die de gemeente maakt in het kader van Woo-verzoeken. Vooralsnog worden geen kosten of opbrengsten geraamd. (5) Voor het toezicht zijn alleen het eerste vergunning gerichte toezicht toerekenbaar en meegenomen in de kosten.

Begroting 2024

88 88

Overige retributiestabel Overige retributies Bedragen x 1.000

Kosten

Opbrengsten

Kostendekkings % (1)

Marktgelden

€

170

€

62

36%

Woonschepenrecht

€

25

€

25

96%

Reinigingsrecht

€

350

€

329

94%

Woonwagenrecht

€

41

€

33

79%

Tarief 2024

Verschil

Stijgings%

Toelichting: • In verband met afronding kunnen genoemde percentages afwijken van het rekenkundig resultaat. • De kostendekkendheid van de marktgelden is gedaald van 44% in 2023 naar 36% door de veiligheidsmarge die genomen is ten aanzien van de kosten van elektrakosten.

Lokale lastendruk De ontwikkeling van de gemeentelijke woonlasten laat het volgende beeld zien voor een meerpersoonshuishouden met een eigen woning met een gemiddelde WOZ-waarde van € 363.711 (2,8% waardeontwikkeling ten opzichte van de gemiddelde waarde van een koopwoning in 2022 ad € 353.805 volgens CBS).

Meerpersoonshuishouden/Eigen woning

Tarief 2023

OZB (eigendom)

€

266,77

€

274,97

€

8,20

3,1%

Afvalstoffenheffing

€

386,81

€

398,79

€

11,98

3,1%

Rioolheffing

€

263,22

€

268,48

€

5,26

2,0%

Totaal lokale lasten

€

916,80

€

942,24

€

25,44

2,8%

§ Paragrafen € Financiële begroting 2024

Begroting 2024

89 89

In de tabel hiernaast staat een vergelijking van de woonlasten 2023 met omliggende gemeenten. De cijfers zijn overgenomen uit de Atlas lokale lasten 2023 van het Coelo. De gemiddelde woonlasten voor eigenaar-bewoners in Nederland bedragen in 2023 € 944. In Schiedam bedragen de woonlasten in 2023 afgerond € 917 (2022: 905). Schiedam staat hiermee op de 147e plaats en in het midden van de Coelo-lijst. Positie 352 in de COELO-lijst heeft de hoogste woonlasten voor eigenaar bewoners. Het gaat om de (bruto) woonlasten voor een meerpersoonshuishouden: onroerendezaakbelasting, rioolheffing en de afvalstoffenheffing.

Gemeente

Kwijtscheldingsbeleid

Per 2024 vervalt de beperking bij de afvalstoffenheffing dat maximaal 90% van het aanslagbedrag wordt kwijtscholden. Het gehele aanslagbedrag kan per 2024 voor kwijtschelding in aanmerking komen. Het genoemde maximum levert in de praktijk een drempel op in het tegengaan van problematische schulden. De RBG is actief met de implementatie van maatregelen in de reguliere invordering om problematische schulden te voorkomen. De verhoging tot 100% van het aanslagbedrag bij de afvalstoffenheffing kan daarbij dus behulpzaam zijn. Het proces rondom kwijtschelding door RBG wordt daarbij efficiënter als de beperkende bepaling voor kwijtschelding van Schiedam verdwijnt. Kwijtschelding van de onroerende-zaakbelasting komt incidenteel voor. Een eigen woning staat als vermogen kwijtschelding meestal in de weg.

Het tot nu gevoerde kwijtscheldingsbeleid wordt in 2024 verruimd voortgezet. Schiedammers, waaronder ook kleine zelfstandigen, met een inkomen op bijstandsniveau en nagenoeg geen vermogen of waardevolle bezittingen, kunnen kwijtschelding aanvragen voor gemeentelijke belastingen. De gemeentelijke regels voor kwijtschelding worden per 2024 opgenomen in de nieuw vast te stellen Kwijtscheldingsverordening gemeente Schiedam 2024. Deze verordening vervangt de betreffende losse besluiten die eerder genomen zijn. In de gemeente Schiedam kan kwijtschelding worden aangevraagd voor afvalstoffenheffing en onroerendezaakbelasting (eigenarenbelasting woningen). Een deel van de verzoeken wordt automatisch toegekend via de informatie van het Inlichtingenbureau. Dit bureau vergelijkt voor gemeenten en waterschappen de BSN’s van mensen die een kwijtscheldingsverzoek hebben ingediend met gegevens van het UWV, de Belastingdienst en de RDW.

§ Paragrafen € Financiële begroting 2024

Bruto woonlasten meerpersoonshuishouden

COELO-positie 2022

COELO-positie 2023

Capelle aan de Ijssel

€

734

9

7

Nissewaard

€

881

79

98

Schiedam

€

917

163

147

Rotterdam

€

918

137

148

Vlaardingen

€

956

210

188

Maassluis

€

1.026

269

268

Gouda

€

1.175

328

328

In de onderstaande tabel is het totaal aan kwijtschelding begroot.

Tabel raming kwijtscheldingen Heffing Bedragen in €

Raming kwijtschelding 2023

Raming kwijtschelding 2024

Afvalstoffenheffing

1.113.450

1.213.450

Onroerendezaakbelastingen

10.000

10.000

Begroting 2024

90 90

Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding De gemeente Schiedam is primair verantwoordelijke voor het beheer en onderhoud van de verschillende kapitaalgoederen van gemeente. Hieronder vallen onder andere de wegen, riolering en gebouwen. In deze paragraaf geven wij aan wat we doen voor dit beheer en onderhoud in 2024. De verplichte onderdelen volgens de (toelichting op de) BBV zijn in deze paragraaf verwerkt.

Openbare ruimte In de kadernota Beheer Openbare Ruimte 2017-2021 (hierna Kadernota BOR) wordt het kwaliteitsniveau voor het dagelijks beheer en onderhoud en het ambitieniveau voor het Integraal UitvoeringsProgramma Buitenruimte (hierna IUPB) weergegeven. Dit zijn de kaders zoals die door de raad zijn vastgesteld.

Het regulier en dagelijks onderhoud, de uitvoeringsprogramma’s en de grootschalige buitenruimteprojecten binnen het IUPB worden integraal opgepakt om een zo maximaal mogelijk resultaat voor de stad te bereiken.

1. Overzicht beheerplannen voor begrotingsjaar 2024 Onderstaand overzicht geeft de huidige beheerplannen voor de arealen in de openbare ruimte en het gemeentelijke vastgoed weer, in verband met extern toezicht. In het traject voor de vernieuwde Kadernota BOR is aangegeven dat de looptijd van de oude Kadernota BOR en de bijbehorende beheerplannen verlengd wordt tot het moment van vaststelling van de nieuwe documenten. Hierdoor is de aangegeven formele looptijd niet correct meer.

In december 2023 wordt de vernieuwde Kadernota BOR en het verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan (hierna vGRP) aan de gemeenteraad aangeboden ter vaststelling. Deze kaders zijn verder uitgewerkt in de beheerplannen voor de diverse beheerarealen. Hierin wordt de vertaalslag tussen beleid en beheer gemaakt. Op basis van de Kadernota BOR, het vGRP en de bijbehorende beheerplannen worden de beheer- en onderhoudsbudgetten aangevraagd in de voorliggende begroting.

§ Paragrafen € Financiële begroting 2024

Begroting 2024

91 91

Beheerplannen

Door het college vastgesteld

Looptijd t/m

Financiële vertaling in de begroting

Achterstallig onderhoud

Wegen

2017

2021

Ja

Nee

Kades

2017

2021

Ja

Nee

Bruggen en sluizen

2017

2021

Ja

Nee

Bomen en groen

2017

2021

Ja

Nee

Spelen

2017

2021

ja

Nee

Openbare verlichting

2017

2021

Ja

Nee

Stedelijk water

2017

2021

Ja

Nee

Reiniging

2017

2021

Ja

Nee

Straatmeubilair en markeringen

2017

2021

Ja

Nee

Oevers

2017

2021

Ja

Nee

Verkeersregelinstallaties, parkeersystemen en verwijsborden

2017

2021

Ja

Nee

Riolering

2019

2023

Ja

Nee

Ja

Ja

Gebouwen

Riolering en stedelijk water In 2020 is het huidige verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan 2019-2023 (hierna vGRP) voor de Gemeente Schiedam vastgesteld. Omdat de looptijd van het plan bijna verstrijkt, is het nodig om een nieuw plan vast te stellen. Gebruikelijk is het om dit voor een periode van vijf jaar te doen, echter nu is 4 jaar gekozen in verband met de integraliteit met de vernieuwde Kadernota BOR. Begin 2024 wordt naar verwachting de Omgevingswet van kracht. Daarmee vervalt de verplichting voor een vGRP. Wel blijft het belangrijk om de invulling van de zorgplichten vast te blijven stellen. Ondanks dat de verplichting van het GRP straks vervalt is het wenselijk dat we het kostendekkingsplan jaarlijks door blijven rekenen. Op die manier zorgen we ervoor dat de rioleringszorg ook op de

§ Paragrafen € Financiële begroting 2024

langer termijn kostendekkend blijft. Het vGRP 2024-2027 wordt ondergebracht in de instrumenten die voortkomen uit de omgevingswet en moet uiteindelijk worden vertaald in de omgevingsvisie, het omgevingsprogramma (water en riolering) en het omgevingsplan. Een vGRP dat voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt vastgesteld blijft geldig. In het nieuwe vGRP worden de volgende uitgangspunten meegenomen: • Ongewijzigd beleid t.a.v. de invulling van de wettelijke zorgplichten (afval-, grond-, hemelwater) • Doorontwikkeling reeds ingezette risico gestuurd beheer • Voortzetting beleid Klimaat adaptief behorende bij het vGRP

• Voortzetting en intensivering stimuleringsregeling Klimaatadaptatie.

Wegen Het areaal wegen wordt conform raadskaders onderhouden op de minimale technische ondergrens. Vanuit technische inspecties wordt de passende maatregel bepaald, waarna we deze integraal afwegen. Dit resulteert in verschillende uitvoeringsprogramma’s. Zo repareren we dagelijks schades, vervangen we buurtgericht verhardingen in integrale projecten binnen het IUPB en gaan we door met het plannen en uitvoeren van ophoogprojecten. Daarnaast krijgt de hoofdinfrastructuur, de asfaltwegen, de komende tijd meer aandacht.

Kades De gemeentelijke kademuren in openbaar gebied zijn voor een groot deel in orde. We verwachten dus geen grote vervangingsopgaven.

Bruggen en sluizen Het areaal bruggen is grotendeel op orde. De focus heeft de afgelopen jaren gezeten op de vervanging of renovatie van de belangrijke beweegbare bruggen. Dit grootschalige programma wordt de komende jaren doorgezet. Het onderhoud aan de kleinere fiets- en voetgangersbruggen pakken we projectmatig op. Reparaties van kleinere schades is ondergebracht in de dienstverleningsovereenkomst met Irado.

Openbaar groen Het groenonderhoud wordt uitgevoerd conform het vastgestelde beheerplan. Dit onderhoud wordt uitgevoerd door Irado. Het groenonderhoud wordt zowel op beeldkwaliteit als frequentie uitgevoerd. Maandelijks wordt er een schouw, beeldkwaliteitsmeting, georganiseerd. Uit deze schouwen komt naar voren dat het

Begroting 2024

92 92

beeldkwaliteit over het algemeen voldoet aan het vastgestelde beleid.

wordt het groen in Schiedam beter beschermd en hoe het te verwijderen groen gecompenseerd dient te worden.

In 2021 is de Groenvisie vastgesteld door de gemeenteraad. Om de ambities van de Groenvisie waar te kunnen maken, is het Uitvoeringsprogramma Groen (UPG) gerealiseerd. In het UPG zijn 35 projecten benoemd. Deze projecten verschillen in formaat en afrondingstijd. Zo worden enkele projecten het gehele UPG, tot 2025, door uitgevoerd. Alle projecten in het UPG zijn gefocust op het verbeteren van de leefomgeving van zowel mens als dier. Zo wordt er jaarlijks extra bomen aangeplant en zijn er concrete projecten om de biodiversiteit en het beeld in de buitenruimte te verbeteren. Ook worden er beheerplannen gerealiseerd voor de parken om het landschappelijke- en gebruikskwaliteit te waarborgen. Daarnaast zijn enkele projecten gefocust op het vergroten van de bewustwording en enthousiasmeren. Dit gaat om het vergroenen van privéterrein en het zelfbeheer op openbaar gebied. Een voorbeeld van één van deze projecten zijn de geveltuintjes.

Speelvoorzieningen

Klimaatverandering zorgt voor het toetreden van meer ziekten en plagen in Nederland en daarbij ook Schiedam. Deze relatief nieuwe ziekten en plagen vragen om monitoring en bestrijding. Door monitoring van ziekten en plagen wordt het makkelijker om de juiste bestrijdingswijze in te zetten. Sinds 2019 worden de vier bekendste boomziektes (Essentaksterfte, Kastanje bloeding ziekte, Massaria en Iepziekte) in Schiedam gemonitord. De komende jaren wordt deze monitoring voortgezet evenals de bestrijdingen ervan.

Alle speeltoestellen in Schiedam worden conform het vastgestelde beheerplan beheerd en onderhouden. Ze worden minimaal drie keer per jaar gecontroleerd op de veiligheid. De algehele kwaliteit van het areaal speeltoestellen is verminderd doordat er budgettair onvoldoende ruimte was voor vernieuwing. Volgend jaar wordt er extra ingezet op het vervangen van de verouderde speeltoestellen. Hierdoor wordt de kwaliteit van de speeltuinen verbeterd.

Oevers Het huidige beleid voor het beheer en onderhoud aan de oevers wordt doorgezet. Daarnaast wordt er onderzocht waar in Schiedam natuurvriendelijke oevers gerealiseerd kunnen worden. Natuurvriendelijke oevers dragen bij aan het verbeteren en versterken van de biodiversiteit en de water kwaliteit.

Straatmeubilair en markeringen, Openbare Verlichting, Verkeersregelinstallaties (VRI), parkeersystemen en verwijsborden Voor de overige arealen in de buitenruimte wordt het huidige beleid doorgezet. Hierbij worden de werkzaamheden zoveel mogelijk geïntegreerd in projecten of uitvoeringsprogramma’s.

Reiniging Momenteel wordt er gewerkt aan de realisatie van de groene kaart. De groene kaart weerspiegelt de groenstructuren en waardevol groen van Schiedam. Daarnaast vormt de groene kaart een belangrijke basis voor de te nieuwe op te stellen groenverordening. Door middel van deze groenverordening

§ Paragrafen € Financiële begroting 2024

De raad heeft in de Kadernota Beheer Openbare Ruimte ambities vastgesteld ten aanzien van de maximale hoeveelheid zwerfvuil. Uit maandelijkse metingen blijkt de buitenruimte aan deze ambities te voldoen. Kanttekening daarbij is echter dat de

beeldkwaliteitsmetingen op werkdagen worden uitgevoerd. Terwijl het vervuilingsprobleem zich met name in het weekend manifesteert. Door de beperkte inzet van Irado in het weekend nam de hoeveelheid vuil op straat in de loop van het weekend toe. In delen van de stad met een hoge vervuilingssnelheid resulteerde dit in teveel vuil op straat. Sinds 2023 zet Schiedam daarom met het ‘Uitvoeringsprogramma Schiedam Schoon’ extra in op vermindering van de hoeveelheid (zwerf-) afval in de openbare ruimte. Dit zetten we in 2024 door.

Beleidsnota’s Openbare ruimte: Kadernota (Beheer) Openbare Ruimte 2017-2021 met bijbehorende beheerplannen, Speelruimteplan, Groenvisie 2021 met bijbehorend uitvoeringsprogramma, Bomennota Schiedam, Gemeentelijk rioleringsplan Schiedam (GRP 2019-2023), Visie openbare ruimte Schiedam –structuur op stadsniveau- september 2009 + uitwerkingen, Groen Blauwe structuurvisie, Handboek Openbare Ruimte, Uitvoeringsprogramma Schiedam Schoon.

Gebouwen: Nota Vastgoedbeheer en –ontwikkeling Schiedam (VR462011), Verbeterplan Vastgoed (VR 121-2011)

Sportaccommodaties: Maatschappelijk geaccepteerde sportnormen van NOC*NSF en de VNG, Wet hygiëne en veiligheid badinrichtingen en zwemgelegenheden (Whvbz), het Besluit hygiëne en veiligheid badinrichtingen en zwemgelegenheden (Bhvdz), Waterleidingbesluit (beheersing van onder andere legionella), Meerjaren Onderhoudsplan (MOP).

Begroting 2024

93 93

2. Financieel overzicht begrotingsjaar 2024 (exclusief kapitaalslasten) In het IUPB wordt jaarlijks gemiddeld € 18,70 miljoen aan multidisciplinaire projecten uitgegeven. Dit zijn investeringen in- en groot onderhoud aan de buitenruimte van Schiedam. Per jaar wordt dit bedrag verdeeld over de diverse begrotingsproducten/arealen. In de tabel is in grote lijnen de verdeling aangegeven, zoals bepaald in de Kadernota BOR. Uitgangspunt voor de inzet en dus het benodigde budget is dat er geen structurele achteruitgang en onderhoudsachterstand opgelopen mag worden. Met het traject wat leidt tot de vaststelling van de nieuwe Kadernota BOR zullen we beschikbare budgetten herijken en indien nodig aanpassen.

Kapitaalgoederen Bedragen x € 1.000

Vastgoed Per peildatum juli 2023 heeft het team Vastgoed & Grondzaken van de gemeente Schiedam 139 panden in beheer.

Exploitatie GO

Investering

Totaal uitgaven

Wegen

1.007

7.578

8.585

Bruggen

92

927

1.019

Kades/binnenhavens

115

1237

1.352

Zeehavens

134

515

649

Openbare verlichting

382

Watergangen Riolering Klimaatadaptatieve maatregelen Verkeersregelinstallaties

110

Parkeersystemen

45

- Maatschappelijk (vastgoed voor doelgroepen) - Te behouden

36 9

Strategisch vastgoed

66

382

- Reguliere verkoop - Herontwikkelen/grondexploitatie

12 54

464

464

Gehuurd

3

4124

4.124

Eigen huisvesting

3

0

0

103

213

Overig

22

62

62

Totaal

139

1.373

1.373

Speelvoorziening

146

146

Straatmeubilair

55

55

Waterbeheer

276

276

§ Paragrafen € Financiële begroting 2024

3.308

Aantal

Kernvastgoed

Openbaar groen

Totaal beheer openbare ruimte

Vastgoedportefeuille naar categorie

15.392

18.700

Begroting 2024

94 94

Afstoten overtollig vastgoed De huidige opbouw van de portefeuille bevat meer vastgoed dan nodig is om aan de beleidsdoelstellingen van de gemeente Schiedam te voldoen. Het ‘overtollige’ vastgoed wordt afgestoten. Uiteindelijk zal er een vastgoedportefeuille ontstaan die aansluit bij de beleidsdoelstellingen van de gemeente Schiedam. De verkoop van overtollig vastgoed zorgt ervoor dat er naar huidig inzicht een vaste kern van vastgoed is. Deze bestaat uit circa 45 panden, in eigendom van de gemeente. In het Meerjarenperspectief Vastgoed (hierna MPV) wordt jaarlijks een planning opgenomen wat betreft de actuele planning van de verkopen.

Professionaliseringslag en beleidskaders Sinds 2012 is er een omslag ingezet naar professioneel vastgoedbeheer. Hiervoor zijn in 2011 de Nota Vastgoedbeheer en ontwikkeling Schiedam en de Spelregels Vastgoed vastgesteld. De Nota geeft de kaders weer voor het beheren van het vastgoed, de spelregels zijn een verdere uitwerking van de Nota Vastgoedbeheer en geeft concrete spelregels voor verbetermaatregelen zoals het maken van een huursomrekenmethodiek en het uitwerken van een Toetsingskader Huisvesting in gemeentelijk vastgoed, welk in januari 2017 door het college werd vastgesteld. In 2020 is er voor het eerst een Meerjarenperspectief Vastgoed opgesteld. Het MPV 2021-2022 was de tweede versie van de jaarlijks terugkerende rapportage waarin Vastgoed verantwoording aflegt over het in het komend jaar te voeren en in het lopend jaar gevoerde vastgoedbeleid en de financiële effecten daarvan. Het MPV wordt doorontwikkeld naar een meerjarig programma met een lange termijnvisie en begroting voor het gemeentelijk vastgoed. Het inhalen van het achterstallig onderhoud helpt om gaandeweg een structurele stroom financiën te creëren op basis van meerjarige planmatige onderhoudsplannen. Onderzocht wordt of deze voor meerdere jaren vastgesteld

§ Paragrafen € Financiële begroting 2024

kan worden door de raad en het college jaarlijks bijstuurt en informeert. Door inzetten van dit verbeterproces ontstaat meer rust in het proces en worden de (benodigde) financiën gelijkmatiger verdeeld.

Achterstallig onderhoud Met het MPV uit 2021 is een voorziening ‘achterstallig onderhoud gemeentelijk vastgoed’ verkregen voor de uitvoering van het achterstallig onderhoud. Het resterende budget ad € 1.977.810 wordt de komende jaren (2023-2027) gebruikt om het achterstallig onderhoud verder in te halen. Conform het BBV worden via een voorziening middelen beschikbaar gesteld voor het inhalen van achterstallig onderhoud. In onderstaande tabel is per categorie het resterende budget achterstallig onderhoud 2022-2025 inzichtelijk gemaakt. Het resterende budget wordt jaarlijks doorgeschoven op basis van actualisatie van het achterstallig onderhoud. Er is een algemene indexering voor prijsstijgingen doorgevoerd en op objectniveau zijn reeds bekende kostenstijgingen meegenomen.

Categorie

2023

2024

2025

2026

Kernbezit

€

1.373.286

€

-

€

-

€

-

Strategisch bezit

€

604.523

€

-

€

-

€

-

Totale portefeuille

€ 1.977.810

€

-

€

-

€

-

Begroting 2024

95 95

Budget planmatig onderhoud

de gebouwen verantwoordelijk voor het groot onderhoud aan de binnensportaccommodaties. De exploitanten en de gemeente dragen er in gezamenlijkheid zorg voor dat de accommodaties geschikt zijn voor (recreatieve) sportbeoefening en voldoen aan de door de sportbonden gestelde eisen.

Voor de uitvoering van het planmatig onderhoud 2023, op basis van de (D)MJOP’s, is een beheerbudget planmatig onderhoud gemeentelijk vastgoed begroot van € 2.535.999 exclusief de duurzaamheidsinvesteringen. Ook de verwachte bedragen voor 2024 en verder zijn opgenomen.

Categorie Planmatig onderhoud

2023 €

2.535.999

2024 €

2.351.613

Verduurzaming Voor de verduurzaming van het gemeentelijk vastgoed is een routekaart opgesteld. Deze schetst het strategisch kader voor de verduurzamingsopgave van de vastgoedportefeuille. Er wordt ingegaan op het afwegingskader voor het maken van keuzes in de verduurzamingsopgave. De 33 gebouwen binnen de scope van de routekaart, met een oppervlakte van circa 63.000 m2 BVO, stoten momenteel circa 4,2 miljoen kg CO2 per jaar uit. Dit betekent dat in de periode tot en met 2030 ongeveer 1,4 miljoen kg CO2 moet worden bespaard. De fasering en investering per jaar wordt komend jaar duidelijk bij het opstellen van het werkprogramma.

Sportaccommodaties Met het uitvoeren van onderhoud aan de sportaccommodaties wordt voldaan aan maatschappelijk geaccepteerde sportnormen van NOC*NSF en de VNG, Wet hygiëne en veiligheid badinrichtingen en zwemgelegenheden (Whvbz), het Besluit hygiëne en veiligheid badinrichtingen en zwemgelegenheden (Bhvdz), Drinkwaterbesluit (beheersing van onder andere legionella), Meerjaren Onderhoudsplan (MOP).

Buitensportaccommodaties De gemeente Schiedam kent vier sportparken: Harga, Thurlede, Bijdorp en Willem-Alexander.

§ Paragrafen € Financiële begroting 2024

2025 €

2.385.259

Voor 2023 wordt de vervanging van een van de hockeyvelden voorbereid. Dit zal in het jaar 2024 worden uitgevoerd. Op de overige sportparken is in 2024 alleen sprake van planmatig onderhoud aan zowel de velden als het randgroen. Op Sportpark Willem-Alexander is sprake van ernstige verzakkingen. Al sedert 2018 is de gemeente in gesprek met de aannemer om te komen tot een structurele oplossing. De Raad van Arbitrage heeft in juli 2023 een tussenvonnis gewezen, echter hiertegen is door de aannemer hoger beroep aangetekend. Dit betekent dat een structurele oplossing vooralsnog uit blijft. De eerstvolgende zitting bij de Raad van Arbitrage is gepland in november 2023.

Binnensportaccommodaties & zwemwater De gemeente Schiedam is eigenaar van twee zwembaden, drie sporthallen en twee sportzalen. De zwembaden, sporthallen en sportzalen worden geëxploiteerd door Optisport. Uitzondering hierbij is de sporthal op sportpark Willem-Alexander. Deze is in beheer van de beheersstichting van het sportpark. Stichting Primo is juridisch eigenaar van de 14 gymzalen en exploiteert en beheert deze. In aanloop naar en in de loop van 2024 werken we aan een nieuwe invulling van deze beheersopgave.De exploitanten zijn verantwoordelijk voor het dagelijks en klein onderhoud aan de accommodaties. De gemeente is als eigenaar van

Om veilig en verantwoord te kunnen blijven sporten en bewegen blijven we naast het reguliere groot onderhoud ook aandacht hebben voor de aanpak van het achterstallig onderhoud zoals omschreven in het Meerjaren Perspectief Vastgoed (MPV).

Bewegen in de openbare ruimte Bewegen en sporten in de openbare ruimte wordt steeds populairder. In navolging van het succes van de fitnesstoestellen op de Maasboulevard zijn nu ook in Schieveste fitnesstoestellen te vinden. In 2024 worden verschillende nieuwe beweegplekken ingericht. Hierbij gaat het onder andere om het park Vlaardingerdijk, waar niet alleen de Cruiff court terug zal keren maar ook andere beweegaanleidingen gepland staan.

Automatisering Voor de gemeentelijke automatisering heeft deze paragraaf vooral betrekking op investeringen met een economisch nut. Het betreft hier de investeringen in ICT-hardware, gefinancierd vanuit de Algemene dekkingsmiddelen. In 2022 en begin 2023 heeft een upgrade van de telefonie platform plaatsgevonden. Voor 2024 zijn investeringen gepand om onze infrastructuur veiliger te maken. Deze investering is geraamd op ca. € 50.000. Voor 2024 zijn ook een aantal andere vervangingsinvesteringen gepland die we op dit moment aan concretiseren zijn.

Begroting 2024

96 96

3. Investeringsplannen Naast een toelichting op het onderhoud van de kapitaalgoederen, worden met de begroting de nieuwe kredieten geaccordeerd. In deze uiteenzetting wordt afzonderlijk aandacht besteed aan de investeringen, onderscheiden in investeringen met een economisch nut en investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut (BBV art. 20, lid 2b).

of nog niet rijp zijn voor besluitvorming door de Raad, separaat worden voorgelegd aan de Raad. Zo’n voorstel aan de Raad dient te worden voorgelegd met een structureel sluitende begrotingswijziging, waarin de baten en lasten, voortvloeiende uit de investering, zijn opgenomen. Het College stelt voor om het totaal van de in de begroting 2024 te voteren investeringskredieten vast te stellen op een bedrag van € 15.392.000

Vigerend beleid Voor het opstellen van de investeringsplannen 2024 wordt het kader gevormd door de volgende regelgeving: • Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) gemeenten, artikelen 59 t/m 65. • De Financiële verordening gemeente Schiedam. • De Nota Investeren, waarderen en afschrijven. De investeringen en de programmabegroting 2024 Van onderstaande projecten (zie tabel investeringskredieten) zijn de kapitaallasten van de investeringsbedragen (kredieten) integraal opgenomen in de Begroting 2024 en meerjarig doorgerekend in de Meerjarenraming 20242027. In overeenstemming met de geldende regelgeving is voor de investeringsplannen in het overzicht ook een investeringsplanning gemaakt. Door de vaststelling van de begroting gaat de Raad akkoord met de in deze uiteenzetting opgenomen investeringen en de daaruit voortvloeiende lasten, die in de desbetreffende programma’s zijn opgenomen (zie kolom ‘te voteren 2024’ in de tabel). De Raad voteert het krediet meerjarig, de daadwerkelijke investeringsuitgaven kunnen gespreid over de jaren plaatsvinden. Na voteren door de Raad mag het College verplichtingen aangaan voor de desbetreffende kredieten. In de loop van het begrotingsjaar 2024 kunnen investeringsplannen, die thans nog niet voorzienbaar zijn

§ Paragrafen € Financiële begroting 2024

• Kredieten op het vlak van de volkshuisvesting (programma Ruimtelijke inrichting in samenhang); • Investeringen in ICT-hardware (Algemene dekkingsmiddelen). In de tabel is de liquiditeitsplanning aangegeven. Met andere woorden: de planning van de uitgaven, verdeeld over de jaren, waarbij gelijk duidelijk is in welk jaar een project gereedkomt. De kapitaallasten voor 2024 zijn in de begroting 2024 verwerkt.

Met de kapitaallasten van de jaarschijven na 2024 is meerjarig in de begroting reeds rekening gehouden. Echter, de kredietvotering zelf dient met het vaststellen van de begroting jaarlijks plaats te vinden. Omdat ervan wordt uitgegaan, dat eenmaal opgestarte projecten niet na één jaar kunnen worden stopgezet, wordt voorgesteld nieuwe kredieten te voteren voor het totale bedrag van de investering, ook als de uitgaven worden gespreid over meerdere jaren.

De investeringsplannen voor 2024 In dit overzicht zijn de nieuwe investeringen voor het jaar 2024 vermeld. Het gaat om de volgende investeringen: Investeringen met een meerjarig maatschappelijk nut in de openbare ruimte. • Investeringen, gerelateerd aan het Integraal Uitvoeringsprogramma Buitenruimte; • Investeringen in grote projecten in de infrastructuur. Beide behoren tot het programma Ruimtelijke inrichting in samenhang. Investeringen met een economisch nut: • Kredieten met betrekking tot onderwijshuisvesting (programma Mens en stad in beweging); • Kredieten in het kader van het functioneren van de Raad (programma Overheid in balans);

Begroting 2024

97 97

Tabel Investeringskredieten Omschrijving Bedragen x € 1.000

Totaal krediet

Reeds gevoteerd

Te voteren 2024

Liquiditeitsplanning 2025 2026

2024

Integraal huisvestingsprogramma onderwijs

24.081

24.081

0

0

0

0

0

Vervangende nieuwbouw De Peperklip

6.700

6.700

0

0

0

0

0

Sporthal De Peperklip

2.385

2.385

0

0

0

0

0

Vervanging toplaag Spirit Hockeyveld HCS

300

300

0

0

0

0

0

1e Inrichting SIC 3e basisschool

195

0

195

195

0

0

0

1 Inrichting de Wereldschool

103

0

103

103

0

0

0

Inventaris sporthal De Peperklip

40

40

40

40

0

0

0

Renovatie Zwembad Groenoord

8.800

100

100

100

5.733

2.867

0

42.604

33.606

438

438

5.733

2.867

0

Bulkkrediet openbare ruimte binnenhavens

4.949

0

1.237

1.237

1.237

1.237

1.237

Bulkkrediet openbare ruimte bruggen

3.712

0

928

928

928

928

928

247

0

62

62

62

62

62

Bulkkrediet openbare ruimte riolering noord van A20

8.248

0

2.062

2.062

2.062

2.062

2.062

Bulkkrediet openbare ruimte riolering zuid van A20

8.248

0

2.062

2.062

2.062

2.062

2.062

Bulkkrediet openbare ruimte verkeersregelinstallaties

412

0

103

103

103

103

103

Bulkkrediet openbare ruimte watergangen

1.856

0

464

464

464

464

464

Bulkkrediet openbare ruimte wegen

30.311

0

7.578

7.578

7.578

7.578

7.578

Bulkkrediet openbare ruimte zeehavens

2.062

0

516

516

516

516

516

763

0

191

191

191

191

191

2027

Programma Mens en stad in beweging

e

Totaal kredieten programma Mens en stad in beweging

Programma Ruimtelijke inrichting in samenhang Kredieten MBOP BOR

Bulkkrediet openbare ruimte parkeerautomaten

Bulkkrediet openbare verlichting armaturen

§ Paragrafen € Financiële begroting 2024

Begroting 2024

98 98

Omschrijving Bedragen x € 1.000

Totaal krediet

Reeds gevoteerd

Te voteren 2024

2024

763

0

191

191

191

191

191

61.571

0

15.393

15.393

15.393

15.393

15.393

1.075

1.075

0

0

0

0

0

3.250

3.250

0

0

0

0

0

Havenstraat groene inr. Betonnen steiger+voetpad

150

0

50

50

100

Metroplein vijfsluizen

400

0

50

50

250

100

3.700

3.700

-220

-220

-390

-735

0

70.147

8.025

15.273

15.273

15.353

14.758

15.393

0

0

0

0

0

0

0

447

0

447

447

0

0

0

170

0

170

170

0

0

0

Vervangen servers

0

0

0

0

0

0

0

Vervanging IP telefonie

0

0

0

0

0

0

0

Vervanging opslag- en back-up systeem (storage)

0

0

0

0

0

0

0

Totaal investeringen MBOP I&A

170

0

170

170

0

0

0

Totaal kredieten Algemene dekkingsmiddelen

617

0

617

617

0

0

0

113.368

41.631

16.328

16.328

21.086

17.624

15.393

Bulkkrediet openbare verlichting masten

Totaal kredieten MBOP BOR

Liquiditeitsplanning 2025 2026

2027

Krediet gemeentelijk vastgoed Projectbijdrage gemeentelijk vastgoed (NEVG)

Kredieten Projecten Klimaat adaptieve maatregelingen

Bedrijfswoningen Jan Evertsenweg

Totaal kredieten programma Ruimtelijke inrichting in samenhang

Programma Overheid in balans -

Totaal kredieten programma Overheid in balans

Algemene dekkingsmiddelen Renovatie toiletgroepen (stadserf 1)

Kredieten MBOP I&A Vervangen PC's, Laptops en Tablets

Totaal Investeringen (openstaande kredieten 2022 - 2025)

§ Paragrafen € Financiële begroting 2024

Begroting 2024

99 99

Paragraaf Verbonden partijen Inleiding

1. Wat zijn verbonden partijen?

2. Beleidsvoornemens/ontwikkelingen 2024

De definitie van verbonden partijen is volgens het BBV:

Het oprichten van of het deelnemen in verbonden partijen kan een manier zijn om bepaalde publieke taak uit te voeren. Bij samenwerking met andere organisaties kan de vorm waarin dat gebeurt verschillen. Bijvoorbeeld met andere gemeenten in een gemeenschappelijke regeling, zoals de DCMR, een vennootschap zoals N.V. IRADO of een stichting zoals Stichting CJG Rijnmond. Omdat de gemeente in genoemde stichting participeert, deze een gemeentelijke taak uitvoert en daarvoor een subsidie ontvangt, is deze in de tabel overige verbonden partijen opgenomen. Voor andere, in deze tabel vermelde, rechtspersonen gelden soortgelijke argumenten. Ook is samenwerking met andere organisaties mogelijk in de vorm van het uitbesteden van taken of een publiek-private samenwerking zoals met Stichting Woonplus. Ondanks het feit dat bij Woonplus sprake is van intensieve samenwerking en een financiële relatie bestaat via het Waarborgfonds Sociale Woningbouw, is hier geen sprake van een verbonden partij. Er is immers geen bestuurlijk belang en alleen een indirect financieel belang.

Gemeenschappelijke regelingen

“

 Een verbonden partij is een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarin de gemeente een bestuurlijk en financieel belang heeft.

In de Kadernota financieel beleid 2024 is deze omschrijving uitgebreid: ook als er alleen een bestuurlijke of financiële relatie is, kan er sprake zijn van een verbonden partij. Ter uitvoering van een voorschrift in het BBV staat in de programma’s vermeld op welke wijze verbonden partijen bijdragen aan het realiseren van gemeentelijke doelstellingen. De paragraaf is overeenkomstig het BBV opgesteld. Onderwerpen die aan de orde komen zijn: 1. wat zijn verbonden partijen; 2. realisatie van beleidsvoornemens/ontwikkelingen 2023; 3. risicomanagement verbonden partijen; 4. verbonden partijen gemeente Schiedam; 5. stedelijke samenwerking; 6. samenwerking in regionaal verband.

Voor inhoudelijke ontwikkelingen bij deze gemeenschappelijke regelingen en hun bijdrage aan de gemeentelijke doelstellingen, wordt verwezen naar de betreffende programma’s. Door de toename van het aantal gemeenschappelijke regelingen zijn de budgetten, die via die organisaties worden uitgegeven, ook toegenomen. De bijdrage van Schiedam aan gemeenschappelijke regelingen volgens de ontwerp begrotingen 2024 van deze regelingen is als volgt.

Naam Bedragen in € DCMR Milieudienst Rijnmond

1.782.579 Werkplan

ROGplus NWN

49.344.600

GGD Rotterdam-Rijnmond

841.668 Basistaken

Veiligheidsregio RotterdamRijnmond

7.312.066

Jeugdhulp Rijnmond

5.157.994

Metropoolregio Rotterdam Den Haag

239.474

Regionale Belasting Groep

1.383.000 Na verrekening BTW

Stroomopwaarts

70.730.000 Inclusief maatwerk

Totaal

§ Paragrafen € Financiële begroting 2024

Bijdrage 2024 Opmerking

136.791.381

Begroting 2024

100 100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13429750/2