Beantwoording 4 augustus 2021 schriftelijke vragen DENK over het gebruik van de leefbaarometer
Tekst van het document
gemeente Schiedam
Burgemeester en Wethouders
‘
gemeente Schiedam team Concernstaf Stadskantoor, Stadserf 1 Postbus 1501
Aan de gemeenteraad van Schiedam
3100 EA Schiedam 14010
schiedam.nl
Uw kenmerk
Ons kenmerk
Datum
4 augustus 2021 Uw brief van
Doorkiesnummer
14010
contact@schiedam.nl
Onderwerp
Beantwoording vragen
Geachte leden van de gemeenteraad, Het lid van de gemeenteraad dhr. Ergin (DENK) heeft op i6 juni 2021 vragen gesteld over het gebruik van de Leefbaarometer van het min, van BZK door de gemeente.
Inleiding op de beantwoording De Leefbaarometer is een instrument van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrjksrelaties; het ministerie is er dan ook verantwoordelijk voor en niet de gemeente Schiedam. De ontwikkeling van de Leefbaarometer is in 2008 van start gegaan in een samenwerkingsverband van het toenmalige ministerie VROM, Atlas voor Gemeenten, RIGO en het CBS. De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrjksrelaties gebruikt de Leefbaarometer onder andere voor de monitoring van de leefbaarheidsontwikkelingen in Nederland en het informeren van de Tweede Kamer over deze ontwikkelingen. Daarmee komt het ministerie tegemoet aan de wens van de Kamer om tweejaarljks over de stand van zaken met de betrekking tot de leefbaarheid te worden geïnformeerd. 1.
Bent u bekend met het bericht: ‘Een algoritme is niet neutraal, ook een overheidsalgoritme niet’? Antwoord: Ja, het college heeft kennis genomen van het betreffende bericht. 2.
Hoe vaak en op welke momenten heeft gemeente Schiedam gebruik gemaakt van de Leefbarometer? Antwoord: De Leefbaarometer is een instrument van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrjksrelaties. De Leefbaarometer is in 2017, naast onze eigen gegevens, op verzoek van het ministerie gebruikt bij de aanvraag van de WBMGP-gebieden. Incidenteel werd de Leefbaarometer in het
verleden als één van de vele externe bronnen gebruikt om bevindingen te verifiëren. Beleidsbeslissingen neemt het college op basis van de gegevens van het Kenniscentrum. De Staat van de Stad is een belangrijk instrument voor leefbaarheidsvraagstukken. Hiermee kan tot op buurtniveau een beeld worden geschetst van de sociaal-economische omstandigheden (inkomen, uitkeringen, opleidingsniveau etc.) en van de situatie op het gebied van leefbaarheid & veiligheid en zorg & welzijn. 3. Hoelang maakt gemeente Schiedam gebruik van de Leefbarometer? Antwoord: Sinds het ontstaan van de Leefbaarometer in 2008 is de gemeente bekend met dit instrument. De Leefbaarometer is in 2017 op uitdrukkelijk verzoek van het ministerie van BZK gebruikt bij de beoordeling van de aanvraag van de Wet BMGP-gebieden door de Tweede Kamer. BZK heeft tevens op basis van de Leefbaarometer de i6 kwetsbare gebieden van Nederland aangewezen waar een integrale aanpak nodig is om de leefbaarheid te verbeteren. 4. Heeft u bij ingebruikname van de Leefbarometer kennisgenomen van de indicatoren? Geldt dit ook voor de indicator over niet westerse migratieachtergrond? Antwoord: Het was bekend dat één van de honderd indicatoren de niet-westerse migratieachtergrond betrof. Overigens worden beleidsuitgangspunten en -beslissingen op basis van onze eigen gegevens genomen (zie het antwoord bij vraag 2).
Daarin speelt migratieachtergrond geen rol. De Staat van de Stad is daarbij een van de belangrijkste bronnen. 5. Op welk moment realiseerde u zich dat het aandeel niet-westerse allochtonen (lees Marokkanen, Turken, Surinamers en Oost-Europeanen) een negatieve impact heeft op de score? Antwoord: Het wiskundig-model waarmee de 100 gebruikte variabelen met elkaar in verband worden gebracht en de manier waarop de scores worden berekend, is bij de gemeente Schiedam niet bekend. Overigens geeft het min, van BZK aan dat citaat “uit de Leefbaarometer op geen enkele manier kan worden afgeleid dat bewoners met een migratieachtergrond de oorzaak zijn van een mindere leefbaarheid in hun wijk (geen causaal verband). Het model geeft slechts aan dat bewoners met een migratieachtergrond, een laag inkomen en/of een lage opleiding vaker wonen in kwetsbare wijken met relatief lage huren (sociale woningbouw) waar veelal een opeenstapeling van problematiek is, waardoor de leefbaarheid minder is (volgens de oordelen van de bewoners zelf)” einde citaat. -
-
-
6. Welke inspanningen heeft u verricht nadat u dit feit onder ogen kreeg? Indien u niets heeft gedaan, waarom niet? Antwoord: De laatste rijd ontstond in allerlei gemeentelijke en landelijke gremia steeds meer discussie over het gebruik van het kenmerk migratieachtergrond. Inmiddels heeft het min, van BZK besloten dat in de nieuwe Leefbaarometer het kenmerk migratieachtergrond komt te ven-allen in de nieuwte publiceren Leefbarometer in het najaar van dit jaar.
7. Wat is het standpunt van het college van B&W als het gaat om het gebruik van migratieachtergronden als indicator voor een minder leefbare wijk? Antzvoord: Voor het college van B&W is migratieachtergrond geen indicator bij het bepalen van de leefbaarheid van wijken. 8. Is het college bereid om per direct te stoppen met het gebruik van de Leefbarometer in ieder geval totdat de tool wordt gevrijwaard van stigmatiserende elementen? Zo nee, waarom niet? Antwoord: Zoals hierboven aangegeven gebruikt het college eigen gegevens van het Kenniscentrum. 9. Is het college bereid om alle medewerkers van de gemeente te informeren over het feit dat de Leefbarometer wijken met een hoger aandeel niet westerse allochtonen een direct negatief effect heeft op score? Gaat u daarbij ook het gebruik van de Leefbarometer (totdat betreffende indicator wordt gewijzigd) afraden? Zo nee, waarom niet? Antwoord: Zoals hierboven aangegeven gebruikt het college de eigen gegevens van het Kenniscentrum. Medewerkers gebruiken voor beleidsvorming de Staat van de Stad en de diverse monitoren van het Kenniscentrum. 10.
Gaat u bij het Ministerie van BZK uw afkeuring over deze werkwijze kenbaar maken? Zo nee, hoe ruimt u dat met uw standpunt om ongelijkheid te voorkomen en te bestrijden (pag. 25, collegewerkprogramma)? Antwoord: De minister van BZK heeft reeds aangegeven de betreffende indicator niet meer te zullen gebruiken omdat “onjuiste interpretatie van de Leefbaarometer kan bijdragen aan stigmatisering van specifieke groepen in de bevolking”. In een brief aan de Eerste Kamer d.d. 30 april 2021 zegt minister Ollongren: “Gelet op deze overwegingen zeg ik u toe dat in de nieuwe Leefbaarometer 3.0 geen indicatoren meer zullen worden gebruikt die betrekking hebben op de migrafleachtergrond”. 11.
Welke rol speelt de Leefbarometer bij de Rotterdamwet (WBMGP)? Antwoord: Op uitdrukkelijk verzoek van het ministerie van BZK is de Leefbaarometer in 2017 betrokken geweest bij de aanvraag voor WBMGP-gebieden. Bij de Schiedamse evaluatie van de Wet BMGP eind dit jaar zal de Leefbaarometer niet worden gebruikt. Daarin worden slechts eigen gemeentelijke gegevens opgenomen. 12.
Zo ja, hoe ruimt u uw eerdere uitspraken dat bij de toepassing van de Rotterdamwet etniciteit/migratieachtergronden op geen enkele wijze wordt meegewogen? Antwoord: Zoals hierboven aangegeven gebruikt het college de eigen gegevens van het Kenniscentrum. Migratieachtergrond maakt geen deel uit bij het bepalen van het welk gemeentelijk heleidsterrein dan ook. Dat geldt ook voor de Wet BMGP.
Zo is hij deze wet gekozen voor het toepassen van artikel 9 (waarbij voorrang wordt verleend aan woningzoekenden die tot bepaalde beroepsgroepen behoren en studenten) en artikel 10 (waarbij op basis van polifiedossiers woningzoekenden worden gescreend op aan woonoverlast gerelateerde criminaliteit). Migratieachtergrond speelt hierbij geen rol. 13.
Kunt u uitsluiten dat bij geen enkele tool/dienst die door de gemeente wordt afgenomen/toegepast het hebben van een migratieachtergrond een negatieve connotatie en/of een direct/indirect negatief impact met zich meebrengt? Antwoord: Ja, dit kan het college uitsluiten. In geen enkele tool of dienst die door de gemeente wordt afgenomen brengt migratieachtergrond een negatieve connotatie en/of impact met zich mee. Wel speelt migratie-achtergrond een rol bij de uitvoering van en toekenning van middelen ten behoeve van bijvoorbeeld taalachterstanden- en onderwijsbeleid. 14.
Zo nee, bent u bereid om extern en onafhankelijk audit uit te laten voeren voor wat betreft het gebruik van migratieachtergronden in relatie tot negatieve connotatie en/of direct/indirect negatieve impact? Zo nee, waarom niet? Zo ja, binnen welk termijn bent u van plan om de audit uit te laten voeren? Antwoord: Zie het antwoord op vraag 13. 15.
Wat is uw boodschap aan Schiedammers die zich voor de zoveelste keer weggezet voelen door de overheid op basis van hun achtergrond/etniciteit? Antwoord: De gemeente Schiedam zet zich in voor alle inwoners, ongeacht godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras of geslacht. We streven er altijd naar elke Schiedammer gelijk te behandelen en te vertegenwoordigen. Als mensen dit onverhoopt niet op deze manier ervaren, gaan we hierover graag met hen in gesprek.
Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Schiedam, de secretaris, de burge
* t
C.E. Bos
r
ster,
C.H.J. Lamers