4 Collegebrief 28 maart 2024 Beantwoording motie Kostendelersnorm naar 35 jaar!
Tekst van het document
gemeente Schiedam
Welzijn, Sport & Participatie Stadskantoor, Stadserf 1 Postbus 1501
Aan de gemeenteraad van Schiedam
3100 EA Schiedam 14 010 schiedam.nl
uw kenmerk
uw brief van
ons kenmerk
datum
24UIT01152
28 maart 2024
doorkiesnummer
contact@schiedam.nl onderwerp
Beantwoording motie Kostendelersnorm naar 35 jaar!
Geachte leden van de gemeenteraad, Aanleiding In uw raadsvergadering van 7 november 2023 heeft u de motie 'Kostendelersnorm naar 35 jaar!' aangenomen. Met deze motie verzoekt u het college om: te onderzoeken of het mogelijk is de kostendelersnorm voor thuiswonende kinderen tot 35 jaar niet meer toe te passen; als dit mogelijk blijkt, om (uiterlijk) in Q2 2024 met een voorstel te komen om deze verruiming toe te passen. We willen u graag met deze brief informeren over de uitkomsten van het onderzoek. In de brief worden de argumenten en overwegingen van het college van Schiedam benoemd om niet over te gaan tot het ophogen van de leeftijdsgrens van de kostendelersnorm voor thuiswonende kinderen tot 35 jaar. Kostendelersnorm in de Participatiewet, IOAW en IOAZ Stroomopwaarts MVS is namens de gemeente Schiedam bevoegd om landelijke wetgeving, zoals het toepassen van de kostendelersnorm in de Participatiewet, IOAW en IOAZ, uit te voeren. Dit houdt in dat als er meer volwassen personen op één woonadres wonen, de bijstandsuitkering per persoon omlaag gaat. De wetgever heeft met de kostendelersnorm beoogd dat als er meerdere volwassen personen op één adres wonen, de woonkosten met elkaar gedeeld worden en er minder bijstand voor levensonderhoud noodzakelijk is. Op 11 januari 2024 zijn er in de gemeente Schiedam 220 bijstandsuitkeringen met de kostendelersnorm geregistreerd.
Onderzoek en overwegingen Een belangrijke overweging voor het college is dat er geen buitenwettelijk beleid nodig is om in dringende gevallen af te zien van een strikte toepassing van de kostendelersnorm. Een tweede overweging is dat de kostendelersnorm niet alleen in de Participatiewet, IOAW en IOAZ wordt toegepast, maar ook bij de Aanvullende inkomensvoorziening ouderen, Algemene Nabestaanden Wet (Aoi en ANW bij de SVB) en de Toeslagenwet (TW bij het UWV). In deze wetten wordt nu dezelfde leeftijd gehanteerd. Met het ophogen van de leeftijd naar 35 jaar ontstaat een ongelijke behandeling van personen met Aoi, ANW en Toeslagenwet ten opzichte
*24UIT01152*
van personen in de Participatiewet, IOAZ en IOAW. Dit wordt door het college als onwenselijk beschouwd. Verder onderzoek toont aan dat de leeftijd van de kostendelende medebewoner uitdrukkelijk is vastgelegd in artikel 19a van de Participatiewet. Een andere leeftijd vastleggen in beleid is zogenoemd buitenwettelijk beleid. Bovendien is de leeftijd per 1 januari 2023 reeds verhoogd van 21 jaar naar 27 jaar. De wetgever heeft daarbij geen noodzaak gezien om de leeftijd nog verder te verhogen. Ook niet voor thuiswonende kinderen. In de aankomende wetswijziging “Participatiewet in Balans” zijn hier tot op heden ook geen plannen voor aangekondigd. Bovendien wordt het voeren van buitenwettelijk beleid door de accountant aangemerkt als financiële fout in de SiSa-verantwoording. Dit heeft als consequentie dat het bedrag dat onrechtmatig is verstrekt, bij de gemeente wordt teruggevorderd. Hoe hoog deze fout precies is, is nu niet te voorspellen omdat bij de verwerking van kostendelers in het systeem van Stroomopwaarts de leeftijd en relatie tot de andere bewoners niet wordt geregistreerd. Als een financiële fout niet te isoleren valt, kan deze uiteindelijk behoorlijk oplopen omdat de fout maandelijks terugkomt. Het financieel risico en het voeren van buitenwettelijk beleid beschouwt het college ook als onwenselijk.
Tot slot wordt het voeren van buitenwettelijk beleid door het Rijk ook aangemerkt als inkomenspolitiek. Uit het stelsel van de wet volgt dat een gemeente geen inkomenspolitiek mag bedrijven. Met het voorschrijven van de bijstandsnormen en de hoogte daarvan heeft de wetgever namelijk beoogd een exclusief stelsel in het leven te roepen waarmee rekening wordt gehouden met de financiële middelen van de aanvrager of belanghebbende van een bijstandsuitkering. Buiten deze bepalingen heeft een gemeente geen ruimte om inkomens- of vermogensbeleid te voeren. Inkomenspolitiek heeft in het verleden bij andere gemeenten ook geleid tot waarschuwingen en aanwijzingen vanuit het Ministerie. Het bedrijven van inkomenspolitiek acht het college van Schiedam daarom onwenselijk. Conclusie Het verzoek van de gemeenteraad heeft voor het college wegens bovengenoemde overwegingen niet geleid tot een voorstel tot een ophoging van de leeftijd van de kostendelersnorm naar 35 jaar. De motie ‘Kostendelersnorm naar 35 jaar!’ wordt met deze brief dan ook als afgehandeld beschouwd.
Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Schiedam, de secretaris,
de burgemeester,
C.E. Bos
mr. H.M. Bergmann