19 20250127 NIVE ingezonden brief - gemeente Schiedam
Tekst van het document
(geanonimiseerd) Datum:
27
Ons
kenmerk:
Uw
kenmerk:
januari 2025 gemeente (geanonimiseerd) EN —
Onderwerp:
Periodieke
Schiedam
canonherziening erfpacht
(geanonimiseerd) U heeft
mij verzocht om de gemeentelijke aanbieding voor de periodieke canonherziening na 25 jaar, van 7 oktober 2024 met kenmer (geanonimiseerd) te beoordelen alsmede het voor het onderliggende taxatierapport bepalen van de grondwaarde, van 16 augustus 2024 door zacateue casus
de
als voorbeeld
gemeente
MNaanbiedingen
(geanonimiseerd) cover: NVM voor
hebben
de
Makelaars). In deze notitie dient uw die andere erfpachters vrijwel gelijktijdig van
ontvangen.
Erfpachtsituatie Het tijdelijke recht van erfpacht (erfpachtrecht 1) is gevestigd met ingang van 15 februari 1974 (Hyp4 deel 4820 nummer 87 reeks ROTTERDAM) voor de periode van 75 jaar, eindigend op 14 februari 2049; Erfpachtrecht 1 is gevestigd op het perceel met de kadastrale aanduiding Schiedam Q 2771 (156 m2). Het perceel is bebouwd met een woning (201 m2 GBO). Op erfpachtrecht 1 zijn de Algemene Voorwaarden uitgifte van gronden der gemeente Schiedam 1926 (herdruk 1980) van toepassing (AV1926); Met ingang van 1 mei 2016 heeft er een aanvullende uitgifte in erfpacht (erfpachtrecht 2) plaatsgevonden (Hyp4 deel 68450 nummer 194); Erfpachtrecht 2 is gevestigd op het perceel met de kadastrale aanduiding Schiedam Q 8778 (17 m2); Op erfpachtrecht 2 zijn de Algemene erfpachtvoorwaarden Schiedam 2004, gewijzigd 2020, van toepassing (AV2004); Inde akte van uitgifte van erfpachtrecht 1, en onder verwijzing naar de ‘algemene akte’ (Hyp4 dl 4738 nr 76 reeks ROTTERDAM) zijn, voor zover hier relevant, in de bijzondere bepalingen de volgende wijzigingen aangebracht op de AV1926: o Erisgeen recht op verlenging met wederom 75 jaar bij einde looptijd (art. 2 lid 3) De herzieningsbepaling (art. 3 lid 3) is als volgt gewijzigd: o 1.
Bij eerste uitgifte, evenals bij tussentijdse herziening van de canon, wordt de erfpachtscanon berekend naar een percentage, dat in de regel eenmaal per jaar door burgemeester en wethouders wordt vastgesteld; dit percentage zal nimmer minder dan vijf bedragen; —
—
—
—
—
—
—
Nederlands instituut
voor
Erfpacht B.V. | www.mijnerfpacht.nl | Gerrit van der Veenstraat 95 | 1077 DT Amsterdam | KvK 53893778 | BTW NL 851062143 | IBAN: NL82 INGB 0005 7666 49
tel. 06 21521358
VBO
“soan
makelaars
en en
taxateurs
–
Nederlands instituut voor Erfpacht
2.
-
-
-
-
-
-
-
De erfpachtscanon wordt bepaald op de vijf en zeventigjarige annuïteit van de grondwaarde naar het ingevolge vorenstaande alinea genoemde door burgemeester en wethouders vastgestelde percentage; 3. herziening van de canon vindt plaats telkens na een periode van vijf en twintig jaren , een en ander gerekend vanaf de ingangsdatum van het erfpachtsrecht , echter met inachtneming van het gestelde bij punt 4 van het Raadsbesluit van uitgifte. Bij herziening kan de canon niet dalen beneden het bedrag , dat bij toepassing van het gemiddelde rentepercentage van het financieringsfonds van de gemeente , zoals aangehouden in de begroting voor het lopende jaar , op de prijs , zoals die in de akte van uitgifte is genoemd , wordt verkregen.
Bij herziening zal rekening gehouden worden met een grondprijs , waarin alle factoren , welke op het moment der herziening van invloed zijn op de vaststelling van een redelijke prijs , zijn verdisconteerd; indien partijen geen overeenstemming kunnen bereiken over de nieuwe erfpachtscanon , kunnen alle samenstellende delen van de canon aan het oordeel van deskundigen worden onderworpen; Artikel 26 wordt gewijzigd en gelezen als volgt: o Telkens wanneer volgens deze overeenkomst deskundigen moeten optreden , kunnen partijen of kan de meest gerede partij de president van arrondissementsrechtbank te Rotterdam verzoeken deze deskundigen , ten getale van drie , te benoemen. De canon m. b. t. erfpachtrecht 1 is herzien per 15 februari 1999 (Hyp4 deel 20279 nummer 8 reeks ROTTERDAM). De herziene canon bedraagt € 1.43349 , (Hfl 3.159-), gebaseerd grondwaarde en is op een van € 26.44614 , (Hfl 58.500-) , en een canonpercentage van 54%; , De aanvullende canon m. b. t. erfpachtrecht 2 bedraagt € 7013 , en is gebaseerd op grondwaarde rentepercentage een van € 1.275-, en een van 55%; , De totale canon bedraagt derhalve thans € 1.50362 per jaar; , Tevens is in aanvulling op de hiervoor genoemde wijziging van art.
3 lid 3 van de AV1926 , die in de uitbreidingsakte van erfpachtrecht 2 is herhaald , het volgende overeengekomen: Gelet op voorgaande zal per 15-02-2024 zowel de erfpachtcanon ten aanzien o van de onderhavige , nog te vestigen erfpacht als de erfpachtcanon van de bestaande erfpacht worden herzien conform bovenomschreven methodiek. De peildatum voor de periodieke 25-jaarlijkse herziening van de canon voor de erfpachtrechten is 15 februari 2024; De gemeente heeft op 7 oktober 2024 een aanbieding gedaan (met kenmerk per jaar. Deze herziene canon is 24UIT05088) voor de nieuwe canon van € 5.76598 , gebaseerd op een grondwaarde van € 112.350-, en een annuïtaire berekening van de Ook kan de canon met een looptijd van 75 jaar en een rentepercentage van 50%. , blote eigendom van de percelen gekocht worden voor € 97.23805 k. k. ; , Tegen de aanbieding van de gemeente heeft de erfpachter op 12 december 2024 bewaar gemaakt; Naar aanleiding van het bezwaar en de vergelijkbare aanbiedingen die de gemeente in de buurt vrijwel gelijktijdig heeft gedaan , is er op 17 december 2024 een overleg geweest tussen een vertegenwoordiging van erfpachters en de gemeente;
Pagina 2 van 12 Nederlands instituut voor Erfpacht B. V. | www. mijnerfpacht. nl | Gerrit van der Veenstraat 95 | 1077 DT Amsterdam tel. 06 21521358 | KvK 53893778 | BTW NL 851062143 | IBAN: NL82 INGB 0005 7666 49
NivE —
De
heeft
gemeente
Nederlands 19 december
(geanonimiseerd) kenmerk.
(met
afgewezen De
—
en
op
instituut 2024
Hierin wordt
Erfpacht
voor
reactie op het bezwaarschrift gegeven het bezwaar met zoveel woorden
een
procedurevoorstel gedaan als tegemoetkoming
een
voor
een
vervolg.
antwoordt:
gemeente ‘Het is een
logisch feit dat een canon die voor het laatst 25 jaar geleden is vastgesteld, bij herziening een sprong in het niveau ondergaat. Dat is een contractueel resultaat, dat wordt gematigd door de aangeboden mogelijkheid om over te stappen op een cyclus van 10 jaar. Afwijken hiervan is niet mogelijk en is strijdig met beleid. Uw
bezwaren tegen de getaxeerde grondwaarden zijn
verdiepen uitgevoerde zorgvuldige overwegingen zijn wij van mening om
in de
te
ons
taxaties.
Na
voor
een
reden
ons
extra
geweest
controle
dat de taxaties in
onze
en
ogen
zijn.”
correct
En
‘Niettemin
begrijpen wij dat de getaxeerde waarden, met name de verschillen nabij gelegen adressen, vragen oproepen. En, dat u mogelijk daarom twijfelt aan de juistheid van de geleverde taxaties. tussen
—
Op
Om
u
van
een
tweede
januari
2025
10
daarin
de gemeente
op
tegemoet taxatie. is er,
komen,
te
bieden
De gemeente
namens
het voorstel
voor
12
wij voor
adres de
mogelijkheid (…)’
zal de kosten hiervoor dragen.
erfpachters,
een
uw
tweede
eerste
een
taxatie,
reactie verstuurd
aan
constateren
dat
waarin
zij
het voorstel op verschillende aspecten tekortschiet.
Beoordeling De aanbieding
voor
canonpercentage
en
de herziene de
canon
bestaat uit twee
samengestelde delen, het
grondwaarde.
Canonpercentage 5,13% gehanteerd, op basis van een 75-jarige annuïteit en een rentepercentage van 5,0%. In de aanbiedingsbrief wordt de overeengekomen wijziging van artikel 3 lid 3 AV2016 slechts gedeeltelijk geciteerd. Dit
In de
aanbieding is, de facto, het canonpercentage
van
is misleidend.
gewijzigde bepaling van artikel 3 lid 3 AV2016 blijkt dat het rentepercentage van 5,0% slechts van toepassing was bij de eerste uitgifte in 1974. Dit percentage is opgenomen in sub 1 van de gewijzigde bepaling. Sub 3 van de gewijzigde bepaling heeft betrekking op de 25-jaarlijkse herziening. Hierin wordt expliciet verwezen naar toepassing van “het gemiddelde rentepercentage van het financieringsfonds van de gemeente, zoals aangehouden in de begroting voor het lopende Uit de
jaar”. Ook in de
originele tekst van artikel 3 lid 3 wordt toepassing van het actuele rentepercentage voorgeschreven: “Ook het percentage, als bedoeld in lid 2, wordt alsdan herzien, door het in overeenstemming te brengen met het rentetype der laatstelijk door de gemeente Schiedam gesloten leening. De erfpachtsom wordt dan gevonden door
Pagina
3 van
Nederlands instituut voor Erfpacht B.V. | www.mijnerfpacht.nl | Gerrit van der Veenstraat 95 | 1077 DT Amsterdam tel. 06 21521358 | KvK 53893778 | BTW NL 851062143 | IBAN: NL82 INGB 0005 7666 49
12
NivE toepassing
Nederlands
—
het nieuwe
van
instituut
voor
vastgestelde
percentage op de opnieuw
financieringsparagraaf (p. 76):
In de
de
van
Begroting
Erfpacht
2024 gemeente
waarde
van
de
grond
Schiedam! is opgenomen
Kaders 2024
Treasury is aan
diverse
regels gebonden.
zijn vastgelegd
Deze
in verschillende wetten
(bijvoorbeeld de Wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO) en de Wet Overheidsfinanciën (Schatkistbankieren). Schiedam heeft ook verdere regels vastgelegd in het Treasurystatuut 2022. De kaders voor 2024 zijn als volgt: e rentepercentage van 3,5% voor nieuw aan te trekken langlopende leningen; e rentepercentage van 2,5% voor de omslagrente; e rentepercentage van 2,5% voor de bespaarde rente op eigen vermogen en vooruitontvangen erfpachtsommen; e rentepercentage van 1,7% toe te rekenen aan grondexploitaties;
Houdbare
Dit betekent dat het canonpercentage van 1,7% van toepassing is op de canonherziening. Bij de herziening in 1999 is er geen annuiïtaire berekening gemaakt?, waardoor objectief uit de akte
volgt dat de subleden
1 en 2 uit het
betrekking
hadden op de
uitgifte
Geconcludeerd
€
worden
moet
canonberekening
annuïtaire
herziene
De
eerste
1.909,95
op basis jaar hebben
canon
per
dat in de
en
gewijzigde artikel
aanbieding
onrechte is uitgegaan
ten
en
een
rentepercentage
van
van
een
canonpercentage
van
moeten
3 lid 3 AV1926
alleen
25-jaarlijkse canonherziening.
niet op de
5,0%. 1,7%,
ceterus
van
een
paribus,
zou
dan
zijn.
Grondwaarde
aanbieding
In de
herziene
canon
is als
grondwaarde
is gebaseerd
€
112.350,- gehanteerd.
op het taxatierapport
van
Deze
grondslag
de
voor
16 augustus 2024 door taxateur
(Voorberg NVM Makelaars). (geanonimiseerd) | Het
taxatierapport
is
een
zogenaamde marktwaarde
taxatie die is
uitgevoerd als
Professionele Taxatie Dienst
overeenkomstig de reglementen van het NRVT. In het taxatierapport staat ‘Deze taxatie betreft een: Volledige taxatie’ (p.4). Het taxatierapport voldoet echter niet aan de eisen die hieraan gesteld worden. Ik noem hierna, niet uitputtend, de negen opmerkelijkste tekortkomingen. 1.
‘Het doel
de taxatie
van
Ten behoeve
van
Dit taxatiedoel
van
grondwaarde
ten
behoeve
van:
eigen grond.’ (p. 4)
de conversie
naar
onjuist.
de orde is de
Aan
de
periodieke herziening van de canon 25 jaar. Zie in verband hiermee ook hierna bij punt 4. 2.
is
is het vaststellen
na
‘Naast de marktwaarde onder
bijzonder uitgangspunt is de taxateur verplicht op basis van praktijkhandboek (NRVT) om tevens een marktwaarde af te geven zonder
+
https://schiedam.notubiz.nl/document/13429750/2/Begroting+2024+Schiedam+%28gewijzigd+3%29
2
€
26.446,14 (Hfl 58.500,-) x 5,4%
=
€
1.433,49 (Hfl 3.159,-)
Pagina
4 van
Nederlands instituut voor Erfpacht B.V. | www.mijnerfpacht.nl | Gerrit van der Veenstraat 95 | 1077 DT Amsterdam tel. 06 21521358 | KvK 53893778 | BTW NL 851062143 | IBAN: NL82 INGB 0005 7666 49
12
–
Nederlands instituut voor Erfpacht
het bijzondere uitgangspunt. Gezien het doel van de taxatie acht taxateur dit echter niet noodzakelijk. ’ (p. 5) Dit taxatiestandpunt is onbegrijpelijk en onjuist. De grond onder een bestaande woning heeft geen zelfstandige marktwaarde. Deze voldoet immers niet aan het marktwaarde begrip omdat de grond niet zelfstandig (zonder de bestaande opstal en zonder de belasting met het recht van erfpacht) verhandelbaar is en voor het taxatiedoel van canonherziening , en ook bij conversie naar eigen grond , het tevens een transactie tussen twee specifieke en gebonden partijen betreft. In het gewijzigde artikel 3 lid 3 sub 3 AV1926 is opgenomen “Bij herziening zal rekening gehouden worden met een grondprijs , waarin alle factoren , welke op het moment der herziening van invloed zijn op de vaststelling van een redelijke prijs , zijn verdisconteerd”. In het oorspronkelijke artikel 3 lid 3 sub 3 AV1926 is opgenomen “De vermeerdering of vermindering der waarde wordt niet in aanmerking genomen , zoover die geacht moet worden te zijn van meer oogenblikkelijken en niet min of meer duurzamen aard. ” Bij het vaststellen van de redelijke grondprijs dient door de taxateur dus uitgegaan te worden van een zogenaamde Voorzichtig Conservatieve Waardering
(VoCoWa).3 Bovendien blijkt uit artikel 25 AV1926 dat bij herziening door de taxateur expliciet aandacht moet worden besteed aan het schematisch waardeverband tussen het grondaandeel en het opstalaandeel in de totale waarde van de woning. Aangezien er een courante markt is voor erfpachtwoningen , had een redelijk handelend en vakbekwaam taxateur op basis van referentietransacties van erfpachtwoningen (erfpachtrechten) ook de marktwaarde van de opstal opgenomen in het taxatierapport. Hiermee had de taxateur dan als eindtoets kunnen vaststellen of de getaxeerde grondwaarde voldoet aan het schematisch waardeverband: waarde erfpachtrecht = waarde volle eigendom minus grondwaarde (waarde blote
eigendom). In het taxatierapport wordt niet expliciet aangegeven dat voor de getaxeerde grondwaarde het marktwaardebegrip is toegepast. Echter volgt dit uit het feit dat een volledige marktwaarde taxatie (PTD) op basis van de NRVT reglementen is uitgevoerd. Zoals hiervoor aangegeven is dit taxatie uitgangspunt onjuist. Een redelijk handelend en vakbekwaam taxateur had , voor het doel van taxatie ten behoeve van de periodieke canonherziening , voor de allocatie van de marktwaarde met bijzonder uitgangspunt de woning in volle eigendom aan de grondcomponent , het waardebegrip ‘evenwichtswaarde’ (IVS 104 (2022) 50) of het equivalent ‘reële waarde’ (EVS 2 (2020) 4. 1. 1)4 gehanteerd.
3 Zie https://www. vbomakelaar. nl/blogs/financieren-op-basis-van-modelwaarde-verleden-tijd/ 4 “De prijs die ontvangen zou worden bij de verkoop van een vastgoedobject of betaald zou moeten worden
bij het overdragen van een passief in een ordelijke transactie tussen geïdentificeerde bereidwillige marktpartijen met volledige kennis van alle relevante feiten , die hun beslissing nemen in overeenstemming met hun respectievelijke doelen. ”
Pagina 5 van 12 Nederlands instituut voor Erfpacht B. V. | www. mijnerfpacht. nl | Gerrit van der Veenstraat 95 | 1077 DT Amsterdam tel. 06 21521358 | KvK 53893778 | BTW NL 851062143 | IBAN: NL82 INGB 0005 7666 49
–
3.
Nederlands instituut voor Erfpacht
‘Bij deze waardering is niet afgeweken van de opdrachtbrief d. d. 17-06-2024’ (p. 6) De opdrachtbrief van 17 juli 2024 is niet bij het taxatierapport gevoegd. De opdrachtbrief dient alsnog verstrekt te worden door de gemeente.
4.
‘Ten behoeve van deze waardering is geen rekening gehouden met de bijzonderheden van de erfpacht aangezien het doel van de waardering is het vaststellen van de grondwaarde (vol eigendom)’ (p. 9). De periodieke canonherziening dient niet plaats te vinden op basis van de waarde van de volle eigendom van de grond. In de erfpachtbepalingen (gewijzigde artikel 3 lid 3 sub 3 AV1926)) is opgenomen: ‘Bij herziening zal rekening gehouden worden met een grondprijs , waarin alle factoren , welke op het moment der herziening van invloed zijn op de vaststelling van een redelijke prijs , zijn verdisconteerd;’ Niet in de erfpachtbepalingen is opgenomen dat geen rekening moet worden gehouden met de bestaande erfpachtsituatie. Sterker , uit een objectieve lezing van artikel 25 lid 3 AV1926 volgt dat het juist de bedoeling van de gemeente is geweest dat verkopen van bloot eigendommen (‘de courante verkoopwaarde van den grond’) en verkopen van erfpachtrechten (‘de courante verkoopwaarde van den opstal’) ten grondslag moeten liggen aan de waardebepaling. Om tot een redelijke prijs te komen dient dus rekening gehouden te worden met de bebouwde staat , de bestaande erfpachtsituatie , de gebondenheid van partijen en de beperkingen in de erfpachtbepalingen. Een belangrijke beperking in het genot voor de erfpachters in Schiedam is de tijdelijke duur van de erfpacht zonder het recht van verlenging.
De gemeente Den Haag deprecieert bijvoorbeeld de grondwaarde bij tijdelijke erfpachtrecht met 45% , waarbij erfpachters , anders dan in Schiedam , recht hebben op conversie/heruitgifte in eeuwigdurende erfpacht. In een advies van Pels Reijcken aan de gemeente Utrecht 5 uit 2024 wordt uitgebreid het nut en de noodzaak van depreciatie van de grondwaarde op een rij gezet (antwoord op vraag 3 aldaar). Bij punt 31 (p. 17) concludeert Pels Reijcken:
“Gelet op de hiervoor genoemde rechtspraak , literatuur en gemeentelijk beleid vind ik het standpunt van de gemeente om geen depreciatie toe te passen op de grondwaarde (zowel bij het vaststellen van de canon als bij afkoop) juridisch kwetsbaar. Feit is en blijft dat (ook) bij het einde van het tijdvak sprake is van contractuele gebondenheid tussen de gemeente en de erfpachter. Een vastgoeddeskundige kan het beste vaststellen of en zo ja wat het depreciatie percentage zou moeten zijn in dit geval. (…)”
5 https://utrecht. bestuurlijkeinformatie. nl/Agenda/Document/710cc802-4e44-4c64-945a-46fbff06fb79?documentId=cde9bdd3-4f82-490d-
ad14-f420eaa20640&agendaItemId=40b3b2fb-102f-4d10-82c6-a1bd4caf01cb en zie ook het advies van Colliers International aan de gemeente Utrecht , paragraaf 2. 4 https://utrecht. bestuurlijkeinformatie. nl/Agenda/Document/710cc802-4e44-4c64-945a46fbff06fb79?documentId=e05df024-0e65-46b9-8a94-bb3a9ecad3de&agendaItemId=40b3b2fb-102f-4d10-82c6-a1bd4caf01cb
Pagina 6 van 12 Nederlands instituut voor Erfpacht B. V. | www. mijnerfpacht. nl | Gerrit van der Veenstraat 95 | 1077 DT Amsterdam tel. 06 21521358 | KvK 53893778 | BTW NL 851062143 | IBAN: NL82 INGB 0005 7666 49
–
Nederlands instituut voor Erfpacht
De kwalificatie ‘juridisch kwetsbaar’ dient in een openbaar gemaakt advies van een gemeenteadvocaat gelezen te worden als ‘juridisch onhoudbaar’. Het door de taxateur gekozen taxatie uitgangspunt is dus onbegrijpelijk en onjuist. De getaxeerde grondwaarde had gedeprecieerd moeten worden , waarbij de taxateur de gehanteerde forfaitaire afslag motiveert. Opmerkelijk is dat de gemeente bij de berekening van de koopsom voor de blote eigendom , de grondwaarde wél gedeprecieerd wordt in verband met de bebouwde staat. Deze depreciatie bedraagt 08% van de grondwaarde voor ieder , gedurende de looptijd met jaar , een maximum van 40%. Deze is nu , na 50 jaar , dus 40%. Een redelijk handelend en vakbekwaam taxateur had , voor het taxatiedoel van canonherziening , de grondwaarde gedeprecieerd om in de gegeven situatie te komen tot een redelijke waarde. Gelet op bovenstaande is een depreciatie met ten minste 40% redelijk. 5.
‘De onderhavige waardering is mede gebaseerd op: Inkomstenbenadering (DCF , BAR , NAR) en/of comparatieve methode Toegepaste rekentechniek(en): Residuele grondwaardeberekening’ (p. 13) De taxateur geeft een verkeerde voorstelling van zaken , waardoor de gebruiker van het taxatierapport op het verkeerde been wordt gezet. Uitsluitend de residuele methode is gebruikt met referentietransacties als input variabele voor de waarde van de woning in volle eigendom. De residuele methode is een kostenbenadering.
6.
‘Ten behoeve van deze waardering is het uitgangspunt dat de gehanteerde herbouwkosten inclusief BTW zijn en dat er bij de getaxeerde grondwaarde sprake is van een met overdrachtsbelasting belaste levering. ’ (p. 10) Het gevolg hiervan is dat de grondwaarde 21% te hoog is getaxeerd. Uitgangspunt van een residuele grondwaardeberekening is dat de grondwaarde moet worden berekend exclusief btw. Uit de residuele berekening van de grondwaarde in paragraaf K van het taxatierapport vloeit voort dat de “Marktwaarde vol eigendom” ter hoogte van € 645.000-, inclusief btw is , de zogenaamde “vrij op naam” prijs. Ten onrechte staat echter “kosten koper” vermeld. Indien dat het geval zou zijn , is onbegrijpelijk hoe de getaxeerde waarde vol eigendom volgt uit de gehanteerde marktreferenties. Immers zou dan zijn uitgegaan van een v. o. n. waarde van € 645.000-, x (1 + 21%) = € 780.450-, Ten onrechte is bij de residuele allocatie van deze waarde aan de verschillende componenten , het hierin begrepen bedrag aan btw ten bedrage van € 111.942-, niet volledig in mindering gebracht. Ter toelichting geldt het volgende.
Pagina 7 van 12 Nederlands instituut voor Erfpacht B. V. | www. mijnerfpacht. nl | Gerrit van der Veenstraat 95 | 1077 DT Amsterdam tel. 06 21521358 | KvK 53893778 | BTW NL 851062143 | IBAN: NL82 INGB 0005 7666 49
–
Nederlands instituut voor Erfpacht
In het standaardwerk ‘Taxatieleer vastgoed 1’ van P. C. van Arnhem , T. M. Berkhout en G. G. M ten Have , Wolters Noordhoff 2013 , zesde druk , p 325 e.v. , tabel 8. 108.12 , is vermeld dat bij toepassing van de residuele methode de btw als eerste van de prijs v. o. n. moet worden afgetrokken , zodat de uiteindelijke residuele grondwaarde exclusief BTW wordt bepaald. In een onderzoek van de Stec Groep in opdracht van de VNG uit augustus 2020 6 is eveneens vermeld dat bij de residuele methode ook de BTW uit de grondwaarde dient te worden verwijderd. Daarin is de volgende figuur opgenomen:
Uit een recent onderzoek van de commissie Van Gool , Nelisse en Middleton in opdracht van de gemeente Den Haag van 13 september 2024 7 blijkt ook evident dat bij de residuele methode , ook als deze gebruikt wordt bij allocatie van de marktwaarde in vol eigendom ten behoeve van heruitgifte in erfpacht , de BTW uit de grondwaarde dient te worden verwijdert. Daarin is onder andere de volgende tabel op p 31 opgenomen:
6 ‘Wat is grond
waard? Onderzoek naar gemeentelijk grondprijzenbeleid’ , https://vng. nl/sites/default/files/2020-08/19. 430-stec-groep-wat-is-grond-waard. pdf 7 ‘Integrale beschrijving van gehanteerde taxatiemethoden voor geselecteerde objecten door deskundigencommissie Bezuidenhout’ , https://erfpachtindenhaag. nl/wp-content/uploads/2024/09/RIS319946_Bijlage-2-Integrale-beschrijving-van-gehanteerdetaxatiemethoden. pdf
Pagina 8 van 12 Nederlands instituut voor Erfpacht B. V. | www. mijnerfpacht. nl | Gerrit van der Veenstraat 95 | 1077 DT Amsterdam tel. 06 21521358 | KvK 53893778 | BTW NL 851062143 | IBAN: NL82 INGB 0005 7666 49
–
Nederlands instituut voor Erfpacht
In de taxatiestandaard EVS 1 (2020 , p 18 , onderstreping KdL) is opgenomen:
“4. 11. 3. Transactiekosten en belastingen - De marktwaarde hoort de geschatte waarde van een object te zijn en sluit daarmee de aanvullende kosten die eventueel met de koop of verkoop samenhangen alsmede eventueel over de transactie geheven belastingen uit. De marktwaarde geeft het effect weer van alle factoren die van invloed zijn op marktdeelnemers en geeft daarmee ook invloeden weer die transactiekosten en belastingen mogelijk uitoefenen maar , als deze moeten worden geïdentificeerd , dient dit te zijn als bedrag boven op de marktwaarde. Deze factoren kunnen de waarde weliswaar beïnvloeden maar maken er geen deel van uit. 4. 11. 4. De marktwaarde is in het bijzonder de waarde vóór alle belastingen die van toepassing kunnen zijn op een daadwerkelijke transactie met betrekking tot het te taxeren vastgoed. Transactiebelastingen of belasting toegevoegde waarde (btw) zullen , gezien ze van invloed kunnen zijn op sommige of alle potentiële partijen , deel uitmaken van het bredere marktkader en beïnvloeden dus , samen met andere factoren , de waarde , hoewel de vanwege een transactie geheven specifieke belasting boven op de marktwaarde komt. ” Bij een ingrijpende constructieve wijziging van de opstal hanteert de belastingdienst het ‘in wezen nieuwbouw criterium’ voor het in rekening brengen van BTW over de grondwaarde.
In een recent (overzichts-)vonnis van het hof Amsterdam van 18 juni 2024 8 wordt dit criterium , dat al eerder door de HR is bekrachtigd , nader uitgewerkt en geoordeeld dat sprake is van ‘in wezen nieuwbouw’ indien de constructie van de opstal ingrijpend wordt gewijzigd. In het taxatierapport gaat de taxateur door de residuele methode toe te passen uit van de fictie van een ingrijpende wijziging in de constructie van de opstal , namelijk de gehele verwijdering en nieuwbouw ervan. In deze situatie is 21% btw over de grondwaarde verschuldigd , die betaald dient te worden door de erfpachter. Uitgangspunt van de Wet op de omzetbelasting is dat de vestiging van een erfpachtrecht op een bouwterrein geldt als een van rechtswege met btw belaste levering van de onroerende zaak waarop het erfpachtrecht wordt gevestigd. Met ingang van 1 januari 2015 is de heffingsgrondslag gelijk aan de waarde in het economisch verkeer van de zaak waarop het recht betrekking heeft.9 Indien de grondwaarde inclusief BTW wordt vastgesteld vindt er een dubbeltelling plaats , doordat de erfpachter in de residuele grondwaarde berekening van rechtswege btw moet afdragen over de grondwaarde en tevens de canon een btwcomponent bevat omdat de grondslag voor de canon niet gecorrigeerd is voor de btw.
8 https://uitspraken. rechtspraak. nl/details?id=ECLI:NL:GHAMS:2024:1771 9 Staatsblad nr. 579 van 17 december 2014 artikel IX sub B.
Pagina 9 van 12 Nederlands instituut voor Erfpacht B. V. | www. mijnerfpacht. nl | Gerrit van der Veenstraat 95 | 1077 DT Amsterdam tel. 06 21521358 | KvK 53893778 | BTW NL 851062143 | IBAN: NL82 INGB 0005 7666 49
–
Nederlands instituut voor Erfpacht
Uit de akte van uitgifte (Hyp4 deel 4820 nummer 87 reeks ROTTERDAM) blijkt dat de erfpachter omzetbelasting over de grondwaarde heeft betaald. In de akte is opgenomen: ‘Op de onderhavige overeenkomst is van toepassing de Wet Omzetbelasting negentienhonderd acht en zestig , zodat zij is vrijgesteld van overdrachtsbelasting’. De betaalde btw over de grondwaarde is dus een investering van de erfpachter geweest. Uit het voorgaande , mede in samenhang gelezen , volgt dat de taxateur in het taxatierapport in strijd met de geldende taxatienormen en -regelgeving de grondwaarde heeft bepaald inclusief 21% btw. Als gevolg hiervan is de grondwaarde te hoog vastgesteld , met als gevolg dat de herziene canon ook te hoog vastgesteld zal worden. Ten onrechte is dan ook in het taxatierapport bij K vermeld: “Marktwaarde volle eigendom € 645.000-, k. k. ” Het betreft hier , voor de toegepaste residuele berekening , de marktwaarde “vrij op naam”. Anders is de residuele berekening inconsistent toegepast , doordat hierin uitgegaan wordt van de marktwaarde in volle eigendom van € 645.000-, en hier vervolgens de herbouwkosten inclusief btw van worden afgetrokken. Een juiste allocatie van de Marktwaarde (met bijzonder uitgangspunt de volle eigendom) , ceteris paribus , zou dan zijn: Marktwaarde in volle eigendom v. o. n.
(a) -/- 21% BTW (b) -/- (her)bouwwaarde opstal (c) Grondwaarde (d = a – b - c) Depreciatie (e) Erfpachtgrondwaarde (f = d x (1 – e)) Marktwaarde erfpachtrecht (g = a - f) 7.
€ 645.000-, (cf taxatierapport) € 111.942-, € 440.207-, (€ 532.650-, / 121) , € 93.000-, (afgerond) 40% € 56.000-, (afgerond) € 589.000-,
‘Herbouwkosten met bijkomende kosten incl . BTW’ (p. 18) Onduidelijk is welke herbouwkosten zijn gehanteerd en hoeveel bijkomende kosten hierbij zijn opgeteld. Ook is de taxateur uitgegaan van kosten per m2 gebruiksoppervlakte (GBO) , terwijl herbouwkosten referenties in de regel worden uitgedrukt per m2 bruto vloer oppervlakte (BVO). Onduidelijk is ook welke vormfactor de taxateur heeft gehanteerd om van m2 BVO te komen tot m2 GBO. Uit de vergelijking die de erfpachters hebben gemaakt tussen de verschillende taxatierapporten blijkt dat de taxateur onvoldoende rekening heeft gehouden met verschillen in bouwkosten tussen de verschillende typologieën van woningen (standaard eengezinswoning , split-level eengezinswoning). Onduidelijk is ook of in de herbouwkosten bijvoorbeeld de verwervingskosten voor het recht om te bouwen op het perceel van erfpachtrecht 1 is opgenomen. De erfpachter bezit dit bouwrecht en aangenomen moet worden dat een
Pagina 10 van 12 Nederlands instituut voor Erfpacht B. V. | www. mijnerfpacht. nl | Gerrit van der Veenstraat 95 | 1077 DT Amsterdam tel. 06 21521358 | KvK 53893778 | BTW NL 851062143 | IBAN: NL82 INGB 0005 7666 49
–
Nederlands instituut voor Erfpacht
maaterfpachter dit bouwrecht op de waardepeildatum alleen aan de gemeente zal overdragen tegen betaling van de marktwaarde hiervan. Dit geldt zeker indien ‘de courante verkoopwaarde van den opstal’ wordt overgedragen aan een derde. De historische meerwaarde van de woning komt zodoende grotendeels de erfpachter toe. Ook is onduidelijk of in de herbouwkosten rekening is gehouden met een redelijke ontwikkelwinst en financieringskosten. In de standaard bouwkostentabellen zijn deze kosten niet opgenomen. In artikel 25 lid 2 AV1926 is opgenomen: ‘Waar in deze verordening gesproken wordt van de waarde den opstal , wordt daarvoor genomen de courante verkoopwaarde van den opstal daaronder niet begrepen de waarde van den grond. ’ Het toepassen door de taxateur van de normatief residuele methode staat op gespannen voet met deze erfpachtbepaling. Ook het niet uitvoeren van de interne inspectie wreekt zich hier. De uitbreiding van de kelder is niet meegenomen in het aantal m2 GBO. Het aantal m2 GBO is 232 m2 10 in plaats van de 201 m2 GBO die is opgenomen in het taxatierapport. In de genormeerd residuele berekening in het taxatierapport zijn de herbouwkosten dan ook € 82.150-, te laag voorgesteld 11 , waardoor de berekende grondwaarde op € 30.200-, uitkomt.
Hieruit volgt dat de gebruikte referentietransacties voor de volle eigendomswaarde ook niet aansluiten bij de werkelijke situatie van het object. Het taxatierapport rammelt aan alle kanten. Iedere uitbreiding moet volgens de erfpachtbepalingen niet leiden tot een meerwaarde van de grond. In de door de taxateur gekozen residuele methode is dit echter wel het geval. Extra m2 GBO leiden tot een hogere marktwaarde in volle eigendom van € 3.209-, per m2 GBO en hogere herbouwkosten van € 2.650-, per m2 GBO. Dit resulteert derhalve in een hogere grondwaarde van € 599-, per m2 GBO uitbreiding. Dit is onjuist. 8.
De taxateur heeft geen recherche uitgevoerd op het vigerende publiekrecht. Erfpachtrecht 1 betreft een perceel met de bestemming WONEN-3. Erfpachtrecht 2 betreft een perceel met de bestemming GROEN. In het taxatierapport wordt hier geen onderscheid in gemaakt. Dit heeft tot gevolg dat de grondwaarde voor de restgroenstrook van erfpachtrecht 2 is getaxeerd op € 11.040-, 12 . Een exorbitant bedrag , mede gezien de grondwaarde bij uitgifte in 2016 van € 1.275-. ,
10 Het aantal m2 GBO is inmiddels ook aangepast in de BAG. 11 € 2. 650 herbouwkosten per m2 GBO x 31 m2 GBO = € 82. 150 12 € 112.350-, / 173 m2 kavel = € 64942 , per m2 kavel. € 64942 , x 17 m2 kavel = € 11.040-,
Pagina 11 van 12 Nederlands instituut voor Erfpacht B. V. | www. mijnerfpacht. nl | Gerrit van der Veenstraat 95 | 1077 DT Amsterdam tel. 06 21521358 | KvK 53893778 | BTW NL 851062143 | IBAN: NL82 INGB 0005 7666 49
NivE
—
Nederlands instituut
Erfpacht
voor
https://omgevingswet.overheid.nl/regels-op-de-kaart/
9.
In het
taxatierapport
getaxeerde op
basis
eindtoets als bedoeld in de EVS 2020
is geen
gealloceerde waarden toegepast.
en
de schematische
van
a.
waarde
EP
=
b.
waarde
BE
=
waarde VE
De
op
de
eindtoets, hier toepasselijk,
is
waardeverbanden: —
CW“(Canon)
waarde BE +
HW"“(Grond
einde
erfpacht)
=
Erfpachtgrondwaarde *
Contante Waarde;
Geconcludeerd
**
Huidige Waarde
dat het taxatierapport niet voldoet aan de eisen die hieraan De grondslag voor de canonherziening in de aanbieding van de
moet
worden
gesteld worden. gemeente, de grondwaarde,
is als
gevolg hiervan onredelijk hoog.
Conclusie Zowel het canonpercentage als de grondwaarde zijn onjuist vastgesteld in de aanbieding van de gemeente. Geadviseerd wordt om de taxatie opnieuw te laten uitvoeren, rekening houdend
met
bovenstaande
erfpachtgrondwaarde, erfpachtbepalingen en
bevindingen (o.a. de reële waarde als waardebegrip voor de en overeenkomstig de
de BTW, herbouwkosten en depreciatie) de begroting 2014 het canonpercentage
van
1,7%
aan
te
houden.
inspectie heeft plaats gevonden wreekt zich hier, doordat de kelder uitbreiding nu niet is opgenomen in het taxatierapport. Dit feit alleen al zorgt ervoor dat de taxatie opnieuw uitgevoerd moet worden. Het is van belang dat de gemeente de Dat
er
geen
interne
opdrachtbrief
aan
de
taxateur
Daarbij dienen de marktwaarde erfpachtrecht (EP) onderbouwd
van
17
juli 2024 verstrekt aan de erfpachter.
in volle te
eigendom
worden
met
eindtoets de schematische waardeverbanden Ten
slotte, het
(VE) en de marktwaarde
worden
vastgesteld.
‘Na
extra
en
gemeente
een
controle
van
het
dient als
zorgvuldige overwegingen’ van mening is dat de taxaties in hun ogen correct zijn. Bovenstaande analyse geeft aan dat dit evident niet het geval is. De aanbieding voor de 25-jarige canonherziening is niet zorgvuldig tot stand gekomen en dient mijns inziens overnieuw worden gedaan. Hoogachtend,
is onbegrijpelijk dat de
te
v.o.n.
referentietransacties
en
te
(geanonimiseerd)
(geanonimiseerd) 3
EVS paragraaf 1.4 (2020): “De ultieme toets voor de marktwaarde, hoe die ook wordt bepaald, is of de partijen op de markt in de praktijk daadwerkelijk kunnen worden geacht de berekende waarde te betalen. Daarom is het zo belangrijk om waar dat voorhanden is
hoogwaardig vergelijkingsmateriaal aan een degelijke analyse te onderwerpen. Een taxatie die wordt bereikt op zuiver theoretische basis moet deze eindtoets ondergaan. Dit geldt vooral voor taxaties van vastgoed, gezien de gebruikelijke individuele aard van de betrokken activa en markten, in het bijzonder wanneer die volop in beweging zijn.”
Pagina
12 van
Nederlands instituut voor Erfpacht B.V. | www.mijnerfpacht.nl | Gerrit van der Veenstraat 95 | 1077 DT Amsterdam tel. 06 21521358 | KvK 53893778 | BTW NL 851062143 | IBAN: NL82 INGB 0005 7666 49
12