Was-wordt schema erfgoedverordening
Tekst van het document
Was-wordt schema erfgoedverordening Was
Wordt
Erfgoedverordening Schagen 2013
Erfgoedverordening Schagen 2024
Erfgoedcommissie
Gemeentelijke Adviescommissie
n.v.t.
Artikel 3. Aanwijzing als gemeentelijk beschermd cultuurgoed of gemeentelijk beschermde verzameling 1. Burgemeester en wethouders kunnen besluiten een cultuurgoed dat van bijzondere cultuurhistorische of wetenschappelijke betekenis of uitzonderlijke schoonheid is en dat als onvervangbaar en onmisbaar behoort te worden behouden voor het gemeentelijk cultuurbezit en dat in eigendom is van de gemeente of dat aan de zorg van de gemeente is toevertrouwd aan te wijzen als gemeentelijk beschermd cultuurgoed.
Artikel 3. De aanwijzing tot gemeentelijk
Artikel 5. Aanwijzing als gemeentelijk
monument
monument of beeldbepalend pand
1.Het college kan, al dan niet op aanvraag van
1. Burgemeester en wethouders kunnen
een belanghebbende, een monument aanwijzen
besluiten een (archeologische) zaak, object
als gemeentelijk monument.
(onroerende zaak) of terrein, of een deel ervan, dat van bijzonder belang is voor de gemeente vanwege zijn schoonheid, betekenis voor de wetenschap, cultuurhistorische waarde of architectuurhistorische waarde aan te wijzen als gemeentelijk monument of beeldbepalend pand.
Artikel 7. Registratie op de gemeentelijke
Artikel 10. Bekendmaking aanwijzingsbesluit
monumentenlijst
aan rechthebbenden en inschrijving
1.Het college registreert het gemeentelijk
2. Burgemeester en wethouders verwerken de
monument op de gemeentelijke
aanwijzing in het gemeentelijk erfgoedregister.
monumentenlijst. n.v.t.
Artikel 18. Aanwijzing als gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht 1. De gemeenteraad kan, op voorstel van burgemeester en wethouders, stads- of dorpsgezichten aanwijzen als gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht.
n.v.t.
Artikel 24 Vangnet cultuurhistorische waarden 1. Het is verboden de bodem te verstoren in een gebied waar cultuurhistorische waarden aanwezig zijn of worden verwacht, tenzij:
a.
b.
voor de activiteit een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.12, eerste of tweede lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of artikel 5.1, eerste lid, onder a, van de Omgevingswet is verleend en; er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan cultuurhistorische en ruimtelijke waarden, en; (…)