CConstaterende datSchagen
Koppel je AI →
Document · PDF

Was-wordt lijst

Oordeelsvormende vergadering 4 maart 2025, gemeente SchagenBij agendapunt: RV Verordening tegemoetkoming kosten kinderopvang Schagen 20252.767 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Was Artikel 1: Definities Peuteropvang: het bedrijfsmatig of anders dan om niet verzorgen, opvoeden en bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen van 2 en 3 jaar gericht op het voorbereiden op de basisschool, anders dan gastouderopvang.

Wordt Artikel 1: Definities Peuteropvang: het bedrijfsmatig of anders dan om niet verzorgen, opvoeden en bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen van 2-4 jaar gericht op het voorbereiden op de basisschool, anders dan gastouderopvang.

VVE: Voor- en vroegschoolse educatie, waarbij Voorschoolse educatie volgens een VE- programma gegeven wordt aan kinderen van 2,5 en 3 jaar door een voorschoolse voorziening en vroegschoolse educatie is een voortzetting hiervan en wordt gegeven aan kinderen van 4 jaar tot zij naar groep 3 gaan door de basisschool.

VVE: Voor- en vroegschoolse educatie, waarbij Voorschoolse educatie volgens een VE- programma gegeven wordt aan kinderen van 2,5 tot 4 jaar door een voorschoolse voorziening en vroegschoolse educatie is een voortzetting hiervan en wordt gegeven aan kinderen tot zij naar groep 3 gaan in de basisschool.

Peuterplaats: peuteropvang van twee dagdelen van 3,5 uur per week gedurende 40 weken per jaar bij een voorschoolse voorziening. VE-Peuterplaats: peuteropvang met een VEprogramma van 12 uur verdeeld over ten minste 3 dagdelen per week gedurende 40 weken per jaar. LRKP: Landelijk Register Kinderopvang en Peuterspeelzalen. Register waarin kinderopvangvoorzieningen en peuterspeelzalen zijn opgenomen die voldoen aan de wettelijke kwaliteitseisen. Wko: Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen (2004) Tegemoetkoming kosten VE-peuterplaats: een financiële bijdrage van de gemeente aan de ouder(s)/verzorger(s) in de kosten van het 7e tot en met het 12euur van de VE-peuterplaats bij een voorschoolse voorziening.

Peuterplaats: peuteropvang van twee dagdelen van 4 uur per week gedurende 40 weken per jaar bij een voorschoolse voorziening. VE-Peuterplaats: peuteropvang met een VEprogramma van 16 uur verdeeld over ten minste 3 dagdelen per week gedurende 40 weken per jaar. LRK: het Landelijk Register Kinderopvang; het register zoals bedoeld in artikel 1.47b, eerste lid, van de Wet kinderopvang.

Wko: Wet kinderopvang (2023).

Tegemoetkoming kosten VE-peuterplaats: een financiële bijdrage van de gemeente aan de ouder(s)/verzorger(s) in de kosten van het 9e tot en met het 16e uur van de VE-peuterplaats bij een voorschoolse voorziening.

IB60 inkomensverklaring: Inkomensverklaring: (IB60 geschrapt). BSN-nummer: het burgerservicenummer is een uniek persoonsnummer dat iedereen krijgt die ingeschreven staat in de Gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (Gba).

BSN-nummer: het burgerservicenummer is een uniek persoonsnummer dat iedereen krijgt die ingeschreven staat in de Basisregistratie Personen (BRP).

Artikel 3: Te vergoeden activiteiten C: Het college verstrekt een financiële tegemoetkoming in de kosten van het 8e tot en met

Artikel 3: Te vergoeden activiteiten C: Het college verstrekt een volledige financiële tegemoetkoming in de kosten van het 9e tot en met

het 12e uur van één VE-peuterplaats per kind aan de ouders/verzorgers indien lid b niet van toepassing is.

D: Er wordt een VE-vergoeding verstrekt aan de voorschoolse voorziening voor elke ingevulde VEpeuterplaats. Deze is bedoeld als tegemoetkoming in de extra kosten die de instelling maakt voor een VEaanbod.

het 16e uur van één VE-peuterplaats per kind aan de ouders/verzorgers, ongeacht of zij recht hebben op kinderopvang toeslag vanuit de belastingdienst of niet. D: vervalt.

Artikel 7 bevoegdheden college 7. Het college stelt jaarlijks de VE-vergoeding vast die instellingen ontvangen voor een ingevulde VEpeuterplaats, als bedoeld in artikel 5

Artikel 7 bevoegdheden college 7. Het college stelt jaarlijks de VE-vergoeding vast die instellingen ontvangen per VE-peuter per uur, als bedoeld in artikel 5.

Artikel 10: Hoogte en duur van de tegemoetkoming

Artikel 10: Hoogte en duur van de tegemoetkoming

3) De tegemoetkoming wordt toegekend voor maximaal 6 maanden en kan daarna middels nieuwe aanvraag éénmaal worden verlengd.

3) De tegemoetkoming wordt toegekend voor maximaal 6 maanden. Indien nodig kan deze bij hoge uitzondering, middels een nieuwe aanvraag, eenmalig worden verlengd.

Artikel 11 Aanvraag tegemoetkomingen F: een plaatsingsovereenkomst van de voorschoolse voorziening die de opvang gaat verzorgen waarin in ieder geval wordt aangegeven: de naam en het adres van de instelling, de soort opvang, het aantal Verordening tegemoetkoming kosten kinderopvang Schagen Pagina 10 uren opvang per kind, de kostprijs per uur, de aanvangsdatum en (verwachte) einddatum van de opvang

Artikel 11 Aanvraag tegemoetkomingen F: een plaatsingsovereenkomst van de voorschoolse voorziening die de opvang gaat verzorgen waarin in ieder geval wordt aangegeven: de naam en het adres van de instelling, de soort opvang, het aantal uren opvang per kind, de kostprijs per uur, de aanvangsdatum en (verwachte) einddatum van de opvang

Nieuw: 7) De houder stelt in navolging van het bepaalde in lid 6, de in lid 4 en 5 genoemde gegevens, ten allen tijde (fysiek) beschikbaar en zichtbaar aan het college.

Artikel 12 Verlening van de tegemoetkoming 1. Het college geeft binnen twaalf weken na ontvangst van alle benodigde gegevens door de gemeente een beschikking over de aanvraag voor peuterplaatsen, VE-peuterplaatsen en VE-bijdragen.

Artikel 12 Verlening van de tegemoetkoming 1 Het college stelt de tegemoetkoming op declaratiebasis beschikbaar aan de houder. Daartoe factureert de houder periodiek bij de gemeente.

2. De beschikking tot verlening van de tegemoetkoming voor (VE)-peuterplaatsen bevat in ieder geval:

2 Bij het indienen van de declaratie dienen de volgende gegevens beschikbaar en raadpleegbaar te zijn voor de gemeente:

a) de soort opvang waarvoor de vergoeding wordt gegeven;

a) de soort opvang waarvoor de vergoeding wordt gegeven;

b) de periode waarvoor de vergoeding wordt gegeven;

b) de periode waarvoor de vergoeding wordt gegeven;

c) de vergoeding en het tarief per peuterplaats en/of VE-peuterplaats;

c) de vergoeding en het tarief per peuterplaats en/of VE-peuterplaats;

d) de voorwaarden en verplichtingen waaraan de aanvrager/houder moet voldoen;

d) de inkomenscategorie van de ouders;

e) de wijze waarop de vergoeding wordt betaald; f) de wijze waarop de vergoeding wordt vastgesteld.

e) de gegevens van het kind (leeftijd, aanwezigheid, (indien van toepassing) VVE indicatie; f) eventuele aanvullende gegevens die de gemeente noodzakelijk acht voor controle.

3. De beschikking houdende de verlening van de VEvergoeding aan de instelling bevat het aantal VEpeuterplaatsen waarvoor de vergoeding wordt verstrekt en de in het vorige lid bedoelde gegevens, met uitzondering van die genoemd in sub a en c.

3 De betaling van gefactureerde tegemoetkomingen vindt plaats onder voorbehoud van de uitkomsten van de controles zoals beschreven in artikel 13.

Artikel 13 Vaststelling van de tegemoetkoming en vergoeding

Artikel 13 Vaststelling van de tegemoetkoming en vergoeding

1. De vaststelling van de tegemoetkoming voor peuterplaatsen en/of VE-peuterplaatsen vindt plaats op grond van het aantal bezette peuterplaatsen en het door de Belastingdienst vastgestelde verzamelinkomen van de ouder(s) wiens/wier kind een peuterplaats heeft bezet.

1. De vaststelling van de tegemoetkoming voor peuterplaatsen en/of VE-peuterplaatsen vindt plaats op grond van het aantal bezette peuterplaatsen en het door de Belastingdienst vastgestelde verzamelinkomen van de ouder(s) wiens/wier kind een peuterplaats heeft bezet.

2. De vaststelling van de hoogte van de VEvergoeding vindt plaats op grond van het aantal bezette VE-peuterplaatsen.

2. De vaststelling van de hoogte van de VEvergoeding vindt plaats op grond van het aantal bezette VE-peuterplaatsen.

3. De houder dient uiterlijk binnen acht weken na afloop van het kalenderjaar waarvoor de tegemoetkomingen en vergoedingen zijn verleend een aanvraag tot vaststelling in bij het college en verstrekt hierbij een overzicht van het feitelijke aantal bezette peuterplaatsen en/of VE-peuterplaatsen over het voorbije kalenderjaar, de wijze waarop het Tarievenbesluit per peuterplaatsen en VEpeuterplaatsen is toegepast en de overige gegevens die het college nodig heeft om de hoogten vast te stellen.

3. Jaarlijks zullen er steekproefsgewijs fysieke rechtmatigheidscontroles plaatsvinden op locatie van de houder. De eerder genoemde gegevens ( artikel 11 en artikel 12) worden daarbij ter controle opgevraagd door een ambtenaar van de gemeente. De bevindingen van de steekproef en de juistheid van de gefactureerde gegevens zullen in een kort verslag worden vastgelegd, hetgeen invulling geeft aan de verantwoording van de tegemoetkoming en vergoeding.

4. Het college geeft binnen twaalf weken na ontvangst van de benodigde gegevens voor vaststelling van de tegemoetkomingen voor (VE)-peuterplaatsen en VEvergoedingen een beschikking. Het college stelt de houder hiervan schriftelijk in kennis.

4. Indien uit de controles blijkt dat onjuistheden zijn geconstateerd, behoudt de gemeente zich het recht voor om: a) betalingen aan te passen of terug te vorderen; b) verdere controles uit te voeren indien nodig.

5. De beschikking vermeldt het bedrag van de tegemoetkomingen / vergoeding en de wijze waarop verrekening van eventueel betaalde voorschotten plaatsvindt.

Artikel 19 Overgangsrecht Voor mensen met een lopende vergoeding in de kosten van SMI geldt, dat het reeds beschikte recht voortduurt tot en met uiterlijk 31 december 2014. Per 1 januari 2015 vervalt de oude regelgeving ook voor deze mensen.

Artikel 19 Overgangsrecht Geschrapt.

Artikel 2: Doel en toepassingsbereik Ten eerste is er een tegemoetkoming in de kosten voor de ouders, omdat de kinderen niet 7 uur maar 12 naar een voorschoolse voorziening moeten gaan om het volledige VE-programma aangeboden te krijgen. De eerste 7 uur worden opgevat als een reguliere situatie, met algemeen gebruikelijke kosten. Maar als het kind om het programma te volgen vaker naar de kinderopvang moet gaan, kan dat meer kosten met zich mee brengen. De gemeente vindt het niet wenselijke als deze extra kosten een drempel in het gebruik zouden vormen. Daarom draagt de gemeente de kosten van het 8de t/m 12de uur.

Artikel 2: Doel en toepassingsbereik Ten eerste is er een tegemoetkoming in de kosten voor de ouders, omdat de kinderen niet 8 uur maar 16 uur naar een voorschoolse voorziening moeten gaan om het volledige VE-programma aangeboden te krijgen. De eerste 8 uur worden opgevat als een reguliere situatie, met algemeen gebruikelijke kosten. Maar als het kind om het programma te volgen vaker naar de kinderopvang moet gaan, kan dat meer kosten met zich mee brengen. De gemeente vindt het niet wenselijke als deze extra kosten een drempel in het gebruik zouden vormen. Daarom draagt de gemeente de kosten van het 9de t/m 16de uur.

Artikel 3 Te vergoeden activiteiten Een VE-peuterplaats heeft een duur van 12 uur per week. Twee maal zo veel als een reguliere peuterplaats. De kosten verbonden aan de eerste 6 uur ziet de gemeente als algemeen gebruikelijk. De kosten verbonden aan de tweede 6 uur zijn meerkosten. De gemeente vindt het niet wenselijk als het gebruik van de VE-peuterplaats belemmerd wordt door financiële beperkingen. Daarom ontvangen ouders/verzorgers met een inkomen onder een bepaalde inkomensgrens een vergoeding van de meerkosten ten opzicht van een reguliere situatie. Dat wil zeggen, dat ouders de eerste 7 uur volgens de reguliere situatie moeten betalen en compenseren. Deze compensatie kan bestaan uit de kinderopvangtoeslag of de tegemoetkoming van de gemeente. Voor de extra uren die nodig zijn om het VE-programma te kunnen geven, namelijk het 8etot en met het 12euur verstrekt het college een hogere vergoeding. Het college kan daarvoor een inkomensgrens instellen.

Artikel 3 Te vergoeden activiteiten Een VE-peuterplaats heeft een duur van 16 uur per week. Twee maal zo veel als een reguliere peuterplaats. De kosten verbonden aan de eerste 8 uur ziet de gemeente als algemeen gebruikelijk. De kosten verbonden aan de tweede 8 uur zijn meerkosten. Deze meerkosten komen voort uit het opgepluste uurtarief (tegemoetkoming aan de houder) waarvanuit de inzet van een pedagogisch beleidsmedewerker op hbo niveau in de voorschoolse voorziening, wordt bekostigd. De gemeente vindt het niet wenselijk als het gebruik van de VE-peuterplaats belemmerd wordt door financiële beperkingen. Daarom ontvangen ouders/verzorgers met een inkomen onder een bepaalde inkomensgrens een vergoeding van de meerkosten ten opzicht van een reguliere situatie. Dat wil zeggen, dat ouders de eerste 8 uur volgens de reguliere situatie moeten betalen en compenseren. Deze compensatie kan bestaan uit de kinderopvangtoeslag of de tegemoetkoming van de gemeente. Voor de extra uren die nodig zijn om het VE-programma te kunnen geven, namelijk het 9e tot en met het 16e uur verstrekt het college een hogere vergoeding. Het college kan daarvoor een inkomensgrens instellen.

Als er op een moment een ontwikkelingsachterstand bij het kind geconstateerd wordt en de ouders hebben al met een kinderopvang een contract voor 12 uur verdeeld over 3 dagdelen hoeft er niets te wijzigen. Het kind gaat voldoende uren naar een kinderopvang om een VE programma te volgen. Ook de financiële situatie blijft voor de ouders ongewijzigd. Alle uren blijven betaald door de ouders en worden

Als er op een moment een ontwikkelingsachterstand bij het kind geconstateerd wordt en de ouders hebben al met een kinderopvang een contract voor 16 uur verdeeld over 3 dagdelen hoeft er niets te wijzigen. Het kind gaat voldoende uren naar een kinderopvang om een VE programma te volgen. Ook de financiële situatie blijft voor de ouders ongewijzigd. Alle uren blijven betaald door de ouders en worden gecompenseerd door een tegemoetkoming van de

gecompenseerd door een tegemoetkoming van de belastingdienst. De ouders hadden immers deze kosten ook gemaakt als er geen ontwikkelingsachterstand bij het kind was geconstateerd. Deze situatie was voor deze ouders/verzorgers algemeen gebruikelijk (regulier). De houder krijgt echter wel een VE-vergoeding, want zij zullen extra inspanningen moeten verrichten om de peuter VE-programma te laten verlopen.

belastingdienst. De ouders hadden immers deze kosten ook gemaakt als er geen ontwikkelingsachterstand bij het kind was geconstateerd. Deze situatie was voor deze ouders/verzorgers algemeen gebruikelijk (regulier). De houder krijgt echter wel een VE-vergoeding, want zij zullen extra inspanningen moeten verrichten om de peuter VE-programma te laten verlopen. Het college stelt in het Tarievenbesluit vast hoe hoog de vergoeding van de meerkosten is.

Artikel 6 Voorwaarden tegemoetkoming (VE)peuterplaats en VE-vergoeding

Artikel 6 Voorwaarden tegemoetkoming (VE)peuterplaats en VE-vergoeding

De houders van een voorschoolse voorziening zijn verplicht de locatie te laten registreren in het Landelijk Register Kinderopvang. De opvang dient te voldoen aan de eisen van de Wet kinderopvang en de hieruit voortvloeiende regelgeving. De opvanglocatie waar VE plaatsvindt moet ook voldoen ook aan de vereisten uit het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voor- en vroegschoolse educatie. De gemeente heeft echter bij wijze van eigen beleid, de organisaties tot augustus 2015 de tijd gegeven, hun opleidingstraject voor VE-leidsters af te ronden (artikel 23).

De houders van een voorschoolse voorziening zijn verplicht de locatie te laten registreren in het Landelijk Register Kinderopvang. De opvang dient te voldoen aan de eisen van de Wet kinderopvang en de hieruit voortvloeiende regelgeving. De opvanglocatie waar VE plaatsvindt moet ook voldoen ook aan de vereisten uit het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voor- en vroegschoolse educatie.

Artikel 7 Bevoegdheden college Het college heeft de bevoegdheid om in aanvulling op deze verordening nadere regels te stellen aan onder meer de uitvoering en kwaliteit van peuterplaatsen en VE-peuterplaatsen. Ook kan het college bepalen, dat het werkproces vereenvoudigd wordt, door de subsidieverlening en vaststelling gelijktijdig te laten plaatsvinden. Bijvoorbeeld door de tegemoetkomingen pas achteraf op basis van werkelijke declaraties uit te betalen.

Artikel 7 Bevoegdheden college Het college heeft de bevoegdheid om in aanvulling op deze verordening nadere regels te stellen aan onder meer de uitvoering en kwaliteit van peuterplaatsen en VE-peuterplaatsen. Ook kan het college bepalen, dat het werkproces vereenvoudigd wordt, door de subsidieverlening en vaststelling gelijktijdig te laten plaatsvinden. Bijvoorbeeld door de tegemoetkomingen pas achteraf op basis van werkelijke declaraties uit te betalen. Daarnaast is het college bevoegd om conform het bepaalde in artikel 13 lid 6, fysiek op locatie de gegevens uit artikel 11 in te zien ten behoeve van een rechtmatigheidscontrole, welke uitgevoerd wordt door een ambtenaar.

Artikel 11Aanvraag tegemoetkoming De VE-vergoeding wordt maximaal tot het einde van het lopende kalenderjaar verstrekt aan de houder die de vergoeding heeft aangevraagd, met daarbij de door de gemeente gevraagde onderbouwing. De VEvergoeding is een jaarlijkse vergoeding die de instelling ontvangt voor de extra kosten van een ingevulde VE-plaats. Voor elke maand dat een VE-

Artikel 11 Aanvraag tegemoetkoming De VE-vergoeding wordt maximaal tot het einde van het lopende kalenderjaar verstrekt aan de houder die de vergoeding heeft aangevraagd, met daarbij de door de gemeente gevraagde onderbouwing. De VEvergoeding is een jaarlijkse vergoeding die de instelling ontvangt voor de extra kosten van een ingevulde VE-plaats.

plaats is ingevuld ontvangt de houder een twaalfde deel van de VE-vergoeding.

Artikel 18 Overgangsrecht Belanghebbenden met een lopende vergoeding voor kinderopvang op basis van SMI, mogen van deze beschikking gebruik blijven maken tot en met 31 december 2014. Daarna vervalt de oude regeling ook voor hen. Indien de nieuwe regeling gunstiger is voor belanghebbenden, kunnen de belanghebbenden de oude beschikking in laten trekken en een nieuwe aanvraag indienen.

Artikel 18 Overgangsrecht Geschrapt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15134218/1