Toelichting mondelinge vragen Samen Speelbeleid
Tekst van het document
Beantwoording mondelinge vragen tbv Samen Speelbeleid Schagen 2025-2035 Wat is het verschil tussen scenario A en B? 1. Inhoudelijk verschil • •
Scenario A: omvorming van 17 bestaande speelplekken en aanleg van 3 nieuwe plekken Scenario B: omvorming van 11 bestaande speelplekken en aanleg van 3 nieuwe plekken
2. Financiële vergelijking scenario A en B Het verschil tussen scenario A en B betreft 6 omvormingen. Daarvan zijn de financiële consequenties hieronder inzichtelijk gemaakt. Investeringen (totaal/eenmalig) De weergegeven investeringen zijn totaalbedragen en niet uitgewerkt per jaar. Dit geeft een indicatief maar representatief beeld van de totale financiële impact. Component Totaal investering Rentelasten
Scenario A €510.000 € 41.000
Totaal verschil A t.o.v. B
Scenario B €330.000 € 26.000
Verschil A - B + €180.000 + € 15.000 €195.000
In scenario A wordt €180.000 extra geïnvesteerd voor de omvorming van zes speelplekken à €30.000 per plek. Deze investeringen worden gefaseerd uitgevoerd op natuurlijke vervangingsmomenten, dat wil zeggen: op het moment dat een speelvoorziening het einde van haar levensduur bereikt. Die levensduur bedraagt gemiddeld 15 jaar, zoals vastgelegd in de Nota Rente, Activa en Afschrijvingsbeleid. De bijbehorende kapitaallasten (rente en afschrijving) gaan telkens één jaar na realisatie in en lopen door gedurende 15 jaar. Dit is de reden dat het verschil in lasten over de eerste vijf jaar aanzienlijk kleiner is dan het totale verschil. In het beleidsplan en het raadsvoorstel is gewerkt met een doorkijk van vijf jaar, conform de wettelijke begrotingssystematiek. Omdat investeringen pas ingaan op het moment van vervanging en vervolgens over 15 jaar worden afgeschreven, zijn veel lasten binnen de eerste vijf jaar nog niet zichtbaar. Het verschil op lange termijn is dus groter (€195.00) dan uit de korte termijnbegroting (€11.000) blijkt. Exploitatielasten (jaarlijks terugkerend) Elke omgevormde speelplek brengt een jaarlijkse structurele verhoging van de onderhoudskosten met zich mee van circa € 1.450. Doordat scenario A zes extra
omvormingen omvat ten opzichte van scenario B, betekent dit een uiteindelijke jaarlijkse meeruitgave van € 8.700 aan onderhoud. Dit zijn totaalbedragen en niet uitgewerkt per jaar. Dit geeft een indicatief maar representatief beeld van de totale financiële impact. Component Exploitatielasten Jaarlijks
Scenario A € 24.650
Scenario B € 15.950
Verschil A - B + 8.700