CConstaterende datSchagen
Koppel je AI →
Document · PDF

Ingekomen Zienswijze CVAH op de Marktverordening Schagen 2026

Gemeenteraad 23 juni 2026, gemeente SchagenBij agendapunt: Actualisatie Marktverordening2.456 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Geachte leden van de raad,

Tot mij wendden zich de ambulante ondernemers in uw gemeente met het verzoek hun belangen te behartigen in het kader van de voorgenomen actualisatie van de Marktverordening en de daarbij behorende instellingsplannen.

Namens deze ondernemers maak ik graag gebruik van de gelegenheid om mijn zienswijze onder uw aandacht te brengen. Ik verzoek u deze zienswijze te betrekken bij uw verdere besluitvorming.

De markt vervult een belangrijke economische, maatschappelijke en sociale functie binnen de gemeente. Zij draagt niet alleen bij aan een levendig en aantrekkelijk centrum, maar biedt tevens ruimte aan lokaal ondernemerschap, ontmoeting en een gevarieerd aanbod voor inwoners en bezoekers. Een zorgvuldige, evenwichtige en toekomstbestendige inrichting van de marktregelgeving is daarom van groot belang, zowel voor de gemeente als voor de ambulante ondernemers die dagelijks bijdragen aan de aantrekkingskracht, leefbaarheid en economische vitaliteit van uw gemeente.

Juist daarom acht ik het van belang dat de belangen, kennis en praktijkervaringen van de ondernemers die op uw markten actief zijn, worden meegewogen bij de vaststelling van het nieuwe beleid en de bijbehorende regelgeving.

Hieronder treft u mijn artikelsgewijze zienswijze en advies aan. Tevens treft u als bijlage onze Model Marktverordening en Model Marktreglement aan. Via de volgende link komt u bij het rapport; Schaarse vergunningen op de markt Een onderzoek naar de gevolgen, in opdracht van de CVAH Definitief-rapport-Schaarse-Vergunningen-op-de-Markt-CVAH.pdf

Ik adviseer de gemeente om onderwerpen als de vergunningsduur, de volgorde van toewijzing van vrijgekomen vaste standplaatsen, dagplaatsen en standwerkplaatsen, de overschrijving van vaste standplaatsvergunningen, bepalingen over het gebruik van de standplaats, afwezigheid wegens vakantie of bijzondere omstandigheden,

en het tijdstip van het innemen van de standplaats en de aan- en afvoer van goederen niet in de marktverordening op te nemen, maar in het marktreglement/inrichtingsplan of in nadere regels.

De reden daarvoor is praktisch en juridisch: wijzigingen in de verordening moeten in beginsel door de gemeenteraad worden vastgesteld, terwijl wijzigingen in het marktreglement of de nadere regels doorgaans door het college kunnen worden doorgevoerd. Daarmee is de procedure voor aanpassing sneller, korter en bestuurlijk flexibeler.

Mocht u naar aanleiding van mijn zienswijze nog vragen hebben, dan ben ik graag bereid deze nader schriftelijk of mondeling toe te lichten.

Marktverordening gemeente Schagen 2026

In de aanhef wordt verwezen naar een onjuiste wettelijke grondslag. In plaats van artikel 149 dient te worden verwezen naar: gelet op artikel 147, eerste lid, alsmede artikel 149 en artikel 160, eerste lid, aanhef en onder g van de Gemeentewet zijn.

Artikel 2 Definities -

-

-

Artikelgroepen of branchering ontbreekt onder definities. Dit komt wel terug in de inrichtingsplannen. U kunt bijvoorbeeld opnemen: artikelengroepen of branches: de door het college vastgestelde goederen die op de markt worden aangeboden. De definitie anciënniteit ontbreekt. U kunt bijvoorbeeld opnemen: anciënniteitlijst: de lijst waarop door het college in volgorde van de datum waarop zij voor het eerst een vaste standplaats hebben gekregen, de vergunninghouders van een vaste standplaats bijhoudt. Ook de definitie marktmeester, marktcommissie en selectiecommissie ontbreken. Wat betreft de marktcommissie: Advies is om de samenstelling en taken etc. van de marktcommissie apart op te nemen. Niet in de marktverordening of marktreglement. Zie bijvoorbeeld: Reglement marktcommissie gemeente Barendrecht 2025 Wat betreft de selectiecommissie: Wie of welke selectiecommissie doet de beoordeling voor de aanvragen van een vergunning en geeft de aantal punten? Dit zal vooraf in de nadere

regels moeten staan. Wie zijn dit in de gemeente Schagen, waaruit bestaat de commissie? De selectiecommissie moet door het college zijn ingesteld (leg ook ten aanzien van de commissie in nadere regels of beleid vast hoe de commissie functioneert en wordt samengesteld, waarbij het natuurlijk wenselijk is dat ook de marktondernemers in deze commissie zijn vertegenwoordigd). Artikel 8 Kennisgeving en verlening zonder verdeelprocedure In dit artikel mist de plaatsverbetering/plaatsverandering na beschikbaar komen vaste standplaats, deze behoort niet apart te worden opgenomen zie artikel 17. Zoals het nu is opgenomen, is niet duidelijk welk artikel voorrang heeft. Wat gaat vóór als er een standplaats vrijkomt?

De CVAH adviseert gemeenten om vaste plaatsen die vrijkomen op de markt te verdelen door middel van een selectiestelsel. Dat biedt gegadigden voldoende ruimte om mee te dingen naar plaatsen op de markt en geeft de beste mogelijkheden om de markt op een kwalitatief hoogstaand peil te houden. De procedure is als volgt. Als een plaats op de markt vrijkomt worden bestaande vergunninghouders van een vaste standplaats eerst in de gelegenheid gesteld om een andere plaats te kiezen (plaatsverbetering). Vervolgens worden de nog vrije plaatsen door de gemeente openbaar bekendgemaakt en worden gegadigden in de gelegenheid gesteld hun interesse voor de standplaats kenbaar te maken. Van belang is dat op voorhand en voor eenieder duidelijk is aan welke eisen een sollicitatie naar de vrijgekomen plaats dient te voldoen en welke termijn geldt voor binnenkomst van de sollicitatie. De CVAH adviseert om dat in nadere regels of beleid vast te leggen. De door het college ingestelde selectiecommissie (leg ook ten aanzien van de commissie in nadere regels of beleid vast hoe de commissie functioneert en wordt samengesteld, waarbij het natuurlijk wenselijk is dat ook de marktondernemers in deze commissie zijn vertegenwoordigd) selecteert vervolgens welke gegadigden actief zijn binnen de vrijgekomen branche. Dat is stap 1.

Stap 2 is dat aan de hand van de genoemde criteria punten aan de gegadigden worden toegewezen. Ook hier verdient het aanbeveling om deze criteria in nadere regels en/of beleid criteria uit te werken. Daarbij kan, als het gaat om assortiment, ook aandacht worden gegeven aan de eventuele behoefte aan diversiteit in kwaliteit A, B of Cproducten op de markt. De gegadigde met het hoogste aantal punten wordt door de selectiecommissie voorgedragen aan het college. Als sprake is van gegadigden met een gelijk hoogste aantal punten, vindt de uiteindelijke keuze plaats door middel van loting tussen deze gegadigden (stap 3).

Artikel 9 Verdeling vaste-standplaatsvergunning via selectie Onder 4.b. Nadere toelichting is noodzakelijk, aangezien de huidige formulering niet objectief toetsbaar is. Onder 4.e. Idem, zie mijn opmerking onder 4.b.

Artikel 13 Algemene bepalingen vaste-standplaatsvergunningen Lid 1 De sector bevindt zich in een periode van toenemende druk, mede door regelgeving rondom schaarse vergunningen en de verplichting tot zero-emissie. Deze eisen leggen een zeer zware financiële last op de ambulante ondernemers. Zij zijn wekelijks, vaak meerdere dagen per week, actief op standplaatsen, gemiddeld 100 tot 200 marktdagen per jaar binnen een zero-emissiezone. De kosten voor een elektrische vrachtwagen beginnen bij circa € 340.000. Voor ondernemers met een vergunning van slechts 12 jaar is het onmogelijk om deze investering verantwoord terug te verdienen. Banken verstrekken bovendien geen financiering meer op basis van zo’n korte looptijd. De markt voor tweedehands emissievrije bedrijfswagens is bovendien nagenoeg niet-bestaand. Wij willen benadrukken dat het herziene SEO-rapport is gebaseerd op gegevens uit 2023. Tegen die achtergrond is het van belang op te merken dat in het onderzoek geen aandacht lijkt te zijn besteed aan de daadwerkelijke aanschaf- en exploitatiekosten van een elektrische verkoopwagen, de vraag of financiële instellingen in de praktijk bereid zijn krediet te verstrekken aan ambulante ondernemers, en evenmin aan de kosten van ontheffingen en andere noodzakelijke bijkomende investeringen die met de transitie gepaard gaan.

Dit zijn essentiële factoren die rechtstreeks van invloed zijn op de financiële haalbaarheid en ondernemingskracht van de ambulante handel. Zonder een gedegen analyse van deze aspecten ontstaat het risico dat de gehanteerde terugverdientijd onvoldoende aansluit bij de economische realiteit waarmee ondernemers in de praktijk worden geconfronteerd. Juist daarom hadden deze factoren nadrukkelijk onderdeel moeten uitmaken van het onderzoek en de daarop gebaseerde terugverdientijdanalyse. Daarnaast zijn veel ambulante ondernemers op leeftijd en hebben zij meerdere standplaatsen buiten zero-emissiezones. Uit navraag blijkt dat meer dan de helft overweegt te stoppen als deze voorwaarden blijven bestaan. Hierdoor dreigt in 2030 slechts een zeer kleine markt over te blijven, met aanzienlijke gevolgen voor het stedelijk leefmilieu en het lokale voorzieningenniveau, ook voor winkeliers en horeca. Om deze

ontwikkelingen op te vangen, is een langere vergunningsduur noodzakelijk. Een termijn van 12 jaar achten wij ontoereikend. Een vergunningsduur van 15 jaar voor nieuw uit te geven vergunningen is in de huidige omstandigheden wél redelijk en toekomstbestendig. Gezien de onzekere toekomst en de omvang van de investeringen die de sector moet doen, met name op het gebied van emissievrije vrachtwagens zijn wij van oordeel dat een vergunningsduur van 15 jaar in de huidige situatie redelijk is, zoals ook gebruikelijk is in onder meer de gemeenten Utrecht (15 jaar), Altena (15 jaar), Ede (15 jaar), West Betuwe (18 jaar), Groningen (15 jaar), Waterland (20 jaar) en Nissewaard (15 jaar). Tot op heden is geen uitspraak of jurisprudentie bekend waaruit blijkt dat een vergunningsduur van 15 jaar in strijd zou zijn met de EU-Dienstenrichtlijn. Voor de bestaande standplaatshouders in uw gemeente, die beschikken over een onbepaalde tijd vergunning, is er geen sprake van mededingingsrechtelijke schaarste, en dient bij een eventuele omzetting van onbepaalde tijd naar bepaalde tijd een overgangsregeling te worden toegepast.

Ter onderbouwing verwijs ik u naar de uitspraak van de Raad van State van 21 juli 2021 (ECLI:NL:RVS:2021:1588), waarin onder meer wordt bevestigd dat bij bestaande rechten een overgangstermijn in acht moet worden genomen (wanneer bestaande rechten of gerechtvaardigde verwachtingen van ondernemers worden geraakt). Wij verzoeken de gemeente daarom: 

Nieuw uit te geven vergunningen: 15 jaar

Bestaande vergunninghouders (nu onbepaalde tijd): 20 jaar (15 jaar + 5 jaar overgangstermijn)

Artikel 14 Overschrijven vaste-standplaatsvergunning Lid 2 tenminste 2 jaar in loondienst; 2 jaar is te lang gezien de bepaalde duur van de vergunning ons advies is 1 jaar.

Artikel 16 Persoonlijk innemen vaste standplaats; vervanging Voor de CVAH geldt als uitgangspunt dat de vergunninghouder verplicht is de standplaats in te (laten) nemen, dat wil zeggen: de standplaats moet bezet zijn. De CVAH wil af van de verplichting dat de vergunninghouder in persoon op de standplaats aanwezig moet zijn. In de eerste plaats omdat deze verplichting naar het oordeel van de CVAH in strijd is met de eisen die de Dienstenrichtlijn in artikel 10 aan vergunningstelsels stelt. Wat is immers de dwingende reden van algemeen (niet economisch) belang om

van de vergunninghouder te eisen dat hij in persoon aanwezig is? Ten tweede is de CVAH van mening dat de eis van persoonlijke aanwezigheid niet meer past bij de moderne bedrijfsvoering van marktondernemers. De CVAH kiest daarom voor een ruime mogelijkheid voor de vergunninghouder om zich op de standplaats te laten vervangen, bijvoorbeeld door een bedrijfsleider. De vergunninghouder blijft volledig verantwoordelijk voor de standplaats, ook als hij zich laat vervangen. Hij/zij is gehouden de standplaats in te (laten) nemen en is ook aanspreekbaar op alles wat er op en om de standplaats gebeurt. Hieronder een voorbeeld hoe op te nemen in het beleid: Innemen standplaats; 1. De vergunninghouder is verplicht om de aan hem vergunde standplaats in te nemen. 2. Aan de vergunninghouder die zijn standplaats niet persoonlijk wenst in te nemen, verleent het college toestemming zich te laten vervangen door een met name genoemd persoon. 3. Ter verkrijging van toestemming om zich te laten vervangen dient de vergunninghouder een aanvraag in waaruit blijkt door wie de vergunninghouder wordt vervangen. 4. De vervanger treedt op namens de vergunninghouder en handelt namens de vergunninghouder. Het bepaalde in de APV en het standplaatsenbeleid gemeente Oss is van overeenkomstige toepassing op de vervanger.

Alle handelingen van de vervanger op de standplaats worden aan de vergunninghouder toegerekend. De vergunninghouder blijft, ook bij een vervanger, altijd verantwoordelijk voor het gebruik van de standplaats.

Artikel 17 Plaatsverandering na beschikbaar komen vaste standplaats Zie hiervoor mijn opmerking/advies bij artikel 8.

Inrichtingsplan weekmarkt Schagen Centrum 2026

In de aanhef wordt verwezen naar een onjuiste wettelijke grondslag. In plaats van onderdeel h van de Gemeentewet dient te worden verwezen naar artikel 160, eerste lid, onder g, van de Gemeentewet.

Artikel 1 Toepassingsgebied, dag, tijd en plaats.

Ik neem aan dat het lid 5 moet zijn (staat nu lid 1): Omdat een wijziging, verplaatsing of afgelasting van de markt schadelijk is voor de vergunninghouders op de markt dient deze bevoegdheid slechts in het uiterste geval en alleen bij een dringende reden van openbare orde te worden toegepast. De CVAH adviseert gemeenten om in overleg met de betrokken ondernemers, beleid te maken met betrekking tot de vraag wanneer deze bevoegdheid wordt toegepast, welke procedure daarbij wordt toegepast en welke voorwaarden bij toepassing van deze bevoegdheid gelden (inpassing van de markt, tijdig overleg, termijn van bekendmaking etc.).

Artikel 3 Marktplaatsverbetering/ plaatsverbetering Lid 6 Een dagplaatsvergunning betekent dat je een dagvergunning kunt krijgen wanneer er een standplaats beschikbaar is op de desbetreffende dag. Dit artikel is niet duidelijk, wat wordt hiermee bedoeld? Waarin/waarvoor krijgt de ondernemer met een dagvergunning voorrang? Artikel 5 Wachtlijst Lid 1 Wachtlijsten zijn, gelet op de regelgeving rondom schaarse vergunningen, niet langer toegestaan. Ik neem aan dat u met de genoemde wachtlijst feitelijk de anciënniteitslijst bedoelt (de datum waarop aan de vergunninghouder voor het eerst vergunning is verleend)?

Inrichtingsplan weekmarkt Warmenhuizen 2026

In de aanhef wordt verwezen naar een onjuiste wettelijke grondslag. In plaats van onderdeel h van de Gemeentewet dient te worden verwezen naar artikel 160, eerste lid, onder g, van de Gemeentewet. Artikel 4 Wachtlijst Lid 1 Wachtlijsten zijn, gelet op de regelgeving rondom schaarse vergunningen, niet langer toegestaan. Ik neem aan dat u met de genoemde wachtlijst feitelijk de anciënniteitslijst bedoelt (de datum waarop aan de vergunninghouder voor het eerst vergunning is verleend)?

Inrichtingsplan Westfriese markt 2026

Over de West-Friese markt vraag ik mij af of het een reguliere markt is of een evenement. Daar deze markt gedurende 10 dagen tijdens de West-Friese

folkloredagen wordt gehouden. Kan men dan nog spreken van een reguliere markt? Ik adviseer dit eerst uit te zoeken. Indien het als reguliere markt beschouwd kan worden dan wordt ook in deze aanhef verwezen naar een onjuiste wettelijke grondslag. In plaats van onderdeel h van de Gemeentewet dient te worden verwezen naar artikel 160, eerste lid, onder g, van de Gemeentewet.

Artikel 4 Voorrangsrechten en Artikel 5 Beoordeling van de aanvragen, selectiestelsel en in uiterste geval loting Ik betwijfel of de in artikel 4 en artikel 5 opgenomen voorrangsrechten verenigbaar zijn met de EU-Dienstenrichtlijn. Artikel 12, derde lid, van de Dienstenrichtlijn bepaalt dat bij de verdeling van schaarse vergunningen een selectieprocedure moet worden toegepast die alle potentiële gegadigden gelijke kansen biedt. Slechts onder bijzondere omstandigheden kan hiervan worden afgeweken, mits daarvoor een objectieve rechtvaardiging bestaat die is gebaseerd op dwingende redenen van algemeen belang. Het is mij niet duidelijk op welke dwingende redenen van algemeen belang de in artikel 4 en artikel 5 opgenomen voorrangsrechten zijn gebaseerd. Kunt u nader motiveren welke belangen met deze bepalingen worden beschermd en waarom deze afwijking van het uitgangspunt van gelijke mededingingskansen noodzakelijk en proportioneel wordt geacht?

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17112400/2