CConstaterende datSchagen
Koppel je AI →
Document · PDF

Een nieuw thuis-Stimuleren van doorstroming van senioren op de woningmarkt

Gemeenteraad 19 december 2023, gemeente SchagenBij agendapunt: Moties vreemd aan de orde van de dag23.262 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Een nieuw (t)huis

Stimuleren van doorstroming van senioren op de woningmarkt

Inhoud

Inleiding

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

Inhoud Inleiding 3 Portret: Anneke en Cees 6

1.

Samen naar beter 8

1.1 1.2 1.3 1.4 1.5

Waarom samenwerken? 9 Samenwerkingspartijen 13 Organiseren van de samenwerking 15 Bouwstenen voor een succesvolle samenwerking 16 Tips voor een effectieve samenwerking 20

3.

Portret: Kris 49

4. Portret: Karin en Huub 21

2. Zicht op de opgave en resultaten 23 2.1 Data, de heilige graal? 24 2.2 Zicht op de opgave 25 2.3 Inzet bepalen 28 2.4 Monitoren en evalueren 30 2.5 Tips voor betere monitoring en evaluatie 32 Portret: Henny 33

Een nieuw (t)huis / Inhoud

Een integrale aanpak 35

3.1 Tal van instrumenten 36 3.2 Betrekken van senioren 39 3.3 Stevig inzetten op communicatie 42 3.4 Combineren doorstroombeleid met nieuwbouwbeleid 44 3.5 Pilots en opschalen 46 3.6 Tips voor een integrale aanpak 48

Vergeet het gedrag niet 51

4.1 Van systeem naar leefwereld 52 4.2 Afscheid van de homo economicus 54 4.3 Enkele gedragsprincipes 55 4.5 Tips om rekening te houden met het gedrag van senioren 60 Portret: Wilma 61

Meer lezen? 63 Bijlage 1: Overzicht van deelnemers en dankbetuiging 64 Bijlage 2: Inzendingen Doorstroomchallenge Utrecht 65

2

Inhoud

Inleiding Een nieuw (t)huis / Inleiding

Inleiding

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

3

Inhoud

Inleiding

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

Inleiding Van senioren wordt verwacht dat zij langer zelfstandig thuis wonen. Niet elke woning is hiervoor geschikt. Vaak passen senioren hun huidige woning aan zodat zij hier kunnen blijven wonen wanneer gezondheidsproblemen optreden. Een alternatief is verhuizen naar een geschikte woning én woonomgeving: doorstroming. Deze laatste optie draagt bij aan het passender wonen van senioren én aan het verminderen van de woningmarktproblematiek. Het zorgt ervoor dat grote en onderbenutte eengezinswoningen vrijkomen voor gezinnen. Daarmee worden de verhuisketens verlengd. Dit lost de schaarste op de woningmarkt niet op, maar draagt wel bij aan een evenwichtigere verdeling. In de quickscan ‘Doorstroming stimuleren van senioren op de woningmarkt’ constateerden we dat integrale samenwerking, het gebruik van data en werken vanuit de leefwereld van senioren cruciaal zijn voor een effectieve aanpak. In deze publicatie werken we deze thema’s verder uit naar aanleiding van het experiment ‘Stimuleren doorstroming van senioren op de woningmarkt’.

Een nieuw (t)huis / Inleiding

Opzet experiment In 2021-2022 werkte Platform31 in het experiment ‘Stimuleren doorstroming van senioren op de woningmarkt’ met partijen uit de praktijk aan een gestructureerde aanpak van doorstroming. We organiseerden een aantal (online) bijeenkomsten waarin kennisuitwisseling en reflectie op elkaars praktijk centraal stond. De deelnemers en andere experts brachten hun aanpak en praktijkervaringen in en gingen daarover met elkaar in gesprek. In het experiment diepten we samen de volgende onderwerpen uit: – Samen naar beter: Hoe kom je samen tot integraal beleid, dat op elkaar aansluit en elkaars werkzaamheden versterkt? – Zicht op de opgave en resultaten: Welke indicatoren zijn relevant om te registeren, wie legt deze vast en hoe voer je gezamenlijk een analyse uit? Dit moet leiden tot een basale monitor op basis waarvan de deelnemers hun vorderingen kunnen meten en gericht interventies kunnen inzetten. – Een integrale aanpak: Welke instrumenten zetten de partijen in, hoe matchen deze met de opgave en welke vervolgstappen zijn dan nodig? – Vergeet het gedrag niet: Senioren verhuizen niet zomaar. Hoe kun je als partijen individueel en gezamenlijk rekening houden met het gedrag van mensen, zodat ingezette maatregelen ook effectief zijn. Naast kennis over gedrag gaan we ook in op het betrekken van senioren bij beleid en maatregelen gericht op doorstroming.

4

Inhoud

Inleiding

Deelnemers experiment Aan het experiment namen (in verschillende samenstellingen) samenwerkingsverbanden tussen gemeenten, woningcorporaties, zorgaanbieders, provincies en marktpartijen deel. Deze organisaties zijn allemaal al (wat) verder in hun samenwerking, het toepassen van nieuwe interventies, het gebruik van data rondom doorstroming en/of streven naar een aanpak die rekening houdt met het gedrag. Een overzicht van de deelnemers vindt u in bijlage 1.

Deze publicatie behandelt de vier thema’s uit het experiment door de opgedane kennis te delen en ter inspiratie praktijkvoorbeelden op te nemen. We sluiten ieder hoofdstuk af met een aantal tips gebaseerd op de praktijkervaringen van de experimentdeelnemers. Om te laten zien wat doorstroming voor senioren kan betekenen en wat zij in dat proces nodig hebben, zijn tussen de hoofdstukken interviews met senioren opgenomen die net verhuisd zijn.

Doorstroom? Terugstroom? In deze publicatie spreken wij van doorstroming wanneer een senior de huidige woning inruilt voor een andere, meer geschikte woning. De term ‘doorstroming’ verwijst echter normaal gesproken naar het verhuizen naar een andere, veelal grotere woning en wordt gebruikt voor alle leeftijdsgroepen. Omdat een deel van de senioren van een grotere naar een kleinere woning verhuist, kan ook wel gesproken worden van ‘terugstroom’: een stapje terug in de wooncarrière doordat iemand kleiner gaat wonen. Omdat dit niet voor alle senioren geldt, hanteren wij in deze publicatie de term ‘doorstroming’.

Een nieuw (t)huis / Inleiding

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

5

Inhoud

Inleiding

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

Het nieuwe appartement van Anneke en Cees bleek een schot in de roos Sinds oktober 2021 wonen Anneke en Cees vol enthousiasme en plezier in één van de leukste buurten van Breda. Na een druk leven kunnen ze eindelijk rust vinden in hun nieuwe woning en genieten ze volop van hun nieuwe plek en van elkaar. “Het is hier prachtig. We kunnen niks anders dan gelukkig zijn.” Anneke en Cees waren klaar voor een nieuwe stap. Cees merkte dat hij steeds meer moeite kreeg met traplopen. Ook het bijhouden van de tuin werd steeds vermoeiender voor het stel. Daarom besloten ze actie te ondernemen. “We konden dit zo niet blijven doen”, geeft Anneke aan. “Wat geweest is, is geweest. We moesten loslaten.” De coronapandemie speelde ook een belangrijke rol in deze beslissing: “We waren door de crisis al een beetje onthecht aan onze contacten. Je zag bijna niemand meer. De pandemie heeft ons een extra zetje gegeven om te verhuizen.”

Een vooruitziende blik Anneke en Cees dachten al langer na over de toekomst. Ze wilden graag goed voorbereid zijn, mocht er iets gebeuren met hun gezondheid. Daarom schreven ze zich twaalf jaar geleden al in bij verschillende corporaties: “We wilden zo onze kansen spreiden.” Daarnaast wilde het stel graag de regie over het verhuisproces behouden: “Nu kunnen we nog alles zelf regelen en hoeven we de kinderen niet op te zadelen met de zorg voor het huis.” Ook zag het stel nog een ander voordeel aan verhuizen: “Gezien de huidige markt loont het zeker om je huis te verkopen en te verhuizen naar een huurappartement. Dat was een bijkomende financiële meevaller.”

Een nieuw (t)huis / Portret: Anneke en Cees

Anneke (78 jaar) & Cees (80 jaar) – Gezinssamenstelling: Samenwonend (56 jaar gehuwd) – Vorige woonsituatie: Eengezinswoning met tuin in het centrum van BaarleNassau (koopwoning) – Huidige woonsituatie: Appartement met twee slaapkamers en balkon aan de rand van Breda (sociale huur)

6

Inhoud

Inleiding

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

Toen hun verhuisplannen een jaar geleden concreet werden, besloot het stel zich ook in te schrijven bij een woningcorporatie in Breda. “We dachten eigenlijk dat we nog wel een paar jaar moesten wachten op een nieuwe woning”, vertelt Anneke. Door een medische indicatiestelling van Cees kwam het stel echter al na vijf weken in aanmerking voor een appartement in Breda. Met het korte wensenlijstje van Anneke en Cees bleek deze woning al snel de ideale plek. “Het voelde als het winnen van de staatsloterij.”

de hele dag al met zijn tweeën. Dan is het lekker om een uurtje voor jezelf te hebben. Ik luister dan graag op Spotify naar muziek en doe de administratie, terwijl Cees sport kijkt. Daarna kom ik terug en zien we elkaar weer”, vertelt Anneke. Voor gezelligheid hoeven Anneke en Cees het complex eigenlijk niet uit. Er is namelijk een gezamenlijke koffiekamer aanwezig, waar Anneke en Cees geregeld te vinden zijn. “Het is vaak gezellig in de ontmoetingsruimte. Maar we vinden het ook heerlijk om op ons zelf te zijn.”

Soepel verhuisproces

De woonomgeving is voor het stel een ander groot pluspunt. “Er werd gezegd dat dit appartement gelegen is in het mooiste, groenste en netste gedeelte van Breda. Nu we hier een tijdje wonen, kan ik dit beeld alleen maar beamen. Alles is goed onderhouden en er is veel groen in de buurt.” Ook zijn er diverse voorzieningen binnen handbereik: “We doen vaak samen boodschappen in het winkelcentrum dicht bij ons huis. Dat vinden we gezellig.”

Nadat het stel in augustus 2021 de sleutel kreeg, ging het snel. Er werd een verhuiswagen besteld en alles werd in dozen ingepakt. Door de hulp van hun zonen en schoondochters, hoefden Anneke en Cees weinig zelf te doen. “We zijn de kinderen erg dankbaar.” Het goede contact met zowel de oude bewoners van hun nieuwe woning, van wie ze wat spullen overnamen, als met de nieuwe bewoners van hun vorige huis, versterkte bij het stel het gevoel dat ze de juiste beslissing hadden genomen. Anneke: “We weten dat onze vorige woning in goede handen is. De kopers hebben ons zelfs een kaart gestuurd waarin stond dat ze goed voor ons huisje zouden zorgen.” Ook het contact met de woningcorporatie verliep super. Anneke: “Het kon niet beter.” De verhuurmakelaar was altijd vriendelijk en netjes. Als er iets aan de hand was, werden Anneke en Cees snel geholpen. Zo werd een kapotte lamp snel gerepareerd en werd er binnen een dag een privéparkeerplaats voor het stel geregeld naast het complex.

Luxe woning Anneke en Cees zijn heel blij en dankbaar in hun nieuwe appartement. Ze voelen zich relaxt. Ze hebben een fijn balkon, waar ze kunnen genieten van het uitzicht. Anneke: “Mijn favoriete kamer in het huis is mijn kantoortje.” Het stel vindt het fijn om allebei hun eigen plekje in het huis te hebben. “We zijn

Een nieuw (t)huis / Portret: Anneke en Cees

Al met al kan het stel niet anders dan positief terugkijken op hun beslissing om te verhuizen naar een gelijkvloerse woning: “We durven wel te zeggen dat de verhuizing ons als stel dichterbij elkaar heeft gebracht.” Zo zijn Anneke en Cees lid geworden van een jeu de boules-vereniging en doen ze veel leuke dingen buitenshuis. “We genieten nu het nog kan en we gaan samen een mooie tijd tegemoet.”

Tip voor corporaties: Zorg voor een goede persoonlijke relatie met de cliënt en neem de tijd voor passend advies. Anneke: “Ik heb eigenlijk geen tips voor de woningcorporatie. Het contact verliep vlekkeloos en ik wens alle toekomstige huurders zo’n vriendelijke behandeling toe.” Tip voor senioren: Zorg voor een goede verhuisplanning. Anneke: “Het maken van een planning heeft mij erg geholpen in het verhuisproces. Het geeft overzicht en zo weet je gelijk welke zaken je nog moet regelen.”

7

Inhoud

1 Een nieuw (t)huis / 1. Samen naar beter

Inleiding

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

8

Inhoud

Inleiding

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

1. Samen naar beter Door samenwerking, met name tussen woningcorporaties en gemeenten, is meerwaarde te creëren bij de doorstroming van senioren op de woningmarkt. Geen van deze partijen kan het vraagstuk alleen oplossen, wel hebben zij daar allemaal invloed op. Maar hoe ontwikkel je samen een aanpak, die op elkaar aansluit en elkaars werkzaamheden versterkt? In dit hoofdstuk volgen handvatten, tips en voorbeelden hoe u de samenwerking succesvol vorm kunt geven.

een belangrijke speler op het gebied van doorstroming en bij ErinThuis dragen ook partijen, als notarissen en klussendiensten een belangrijke bijdrage. In het geval van Hengelo bleek het experiment de trigger om de samenwerking te starten tussen corporatie Welbions, zorgorganisatie Carint Reggeland en welzijnsorganisatie Wijkracht (zie ook paragraaf 3.5).

Praktijkvoorbeeld: Lokaal netwerk ErinThuis in Twente

1.1 Waarom samenwerken? Doorstroming wordt steeds vaker gezien als een gezamenlijke verantwoordelijkheid. De reden hiervan is dat er niet één interventie of één organisatie is die de doorstroming van senioren kan stimuleren. Het gaat om een integrale aanpak en lokaal maatwerk. We zien dat in de praktijk vaak en vooral wordt samengewerkt tussen gemeenten en woningcorporaties als het gaat om doorstroming. Aan het experiment nam bijvoorbeeld de regio Zaanstreek-Waterland deel dat in de zomer van 2021 een convenant afsloot om de samenwerking op het gebied van doorstroming te verbeteren. In 2021 verstevigden ook de gemeente Amersfoort, lokale woningcorporaties en huurdersorganisaties hun samenwerking en lieten de effecten van hun inzet onderzoeken (zie ook praktijkvoorbeeld ‘Gezamenlijk pakket van doorstroommaatregelen in Amersfoort’). Steeds vaker vindt uitbreiding van deze samenwerkingsverbanden plaats, doordat andersoortige partijen, zoals zorg- en welzijnsorganisaties, markt- en bouwpartijen en provincies toetreden en hun bijdrage leveren aan een integrale doorstroomaanpak. In Enschede is de thuiszorgorganisatie De Posten

Een nieuw (t)huis / 1. Samen naar beter

Bij ErinThuis staat de samenwerking met minder usual-suspects centraal, bijvoorbeeld notarissen, verhuiscoaches, makelaars en mantelzorgondersteuners. Door een groot lokaal netwerk van profit en non-profit organisaties, dat alle vier de pijlers (wonen, zorg, welzijn en financiën) vertegenwoordigt, kan ErinThuis senioren in de regio Twente breed informeren over alle mogelijkheden en de (nieuwe) producten/ diensten die voor de doelgroep senioren beschikbaar zijn. Ook kan ErinThuis doorverwijzen naar relevante partners binnen het netwerk, bijvoorbeeld een verhuisbedrijf. Daarnaast wisselen de netwerkpartners kennis met elkaar uit, zodat bijvoorbeeld de makelaar weet wat de thuiszorg doet, en dat de notaris weet wat een welzijnsorganisatie kan betekenen. Ook streeft ErinThuis ernaar om de signaleringsfunctie te versterken. Zodat alle professionals die bij een senior thuis komen, en een ‘slechte situatie’ tegenkomen, dit kunnen doorgeven aan de juiste partij (eventueel met ErinThuis als matchmaker).

9

Inhoud

Inleiding

Binnen gemeenten is ook interne samenwerking van belang. Samenwerking tussen het sociaal en fysieke domein binnen de gemeente draagt bij aan effectief doorstroombeleid en het verminderen van het aantal huisaanpassingen. Als senioren tijdig verhuizen, zal er geen of minder snel aanspraak worden gemaakt op het Wmo-budget voor bijvoorbeeld woningaanpassingen. Het is dan wel nodig om voldoende geschikte woningen voor senioren te hebben.

Voordelen van samenwerken Gemeenten, woningcorporaties, zorgaanbieders, marktpartijen en bewoners werken op verschillende manieren samen aan de doorstroming van senioren op de woningmarkt. Door samen op te trekken, is meerwaarde te creëren. En het biedt de mogelijkheid voor een efficiënter en effectiever proces. Concreet zijn een aantal voordelen van deze samenwerking te beschrijven: 1. Een samenhangende aanpak vanuit klantperspectief Door samenwerking tussen verschillende partijen kan een mogelijke verhuiswens eerder gesignaleerd worden. Denk bijvoorbeeld aan de samenwerking tussen een zorgpartij en een woningcorporatie. De zorgpartij komt vaak eerder achter de voordeur en kan een verhuiswens (of noodzaak) vroegtijdig signaleren en de senior in kwestie bewust maken van de situatie. De zorgpartij kan er dan bijvoorbeeld voor kiezen om de senior door te verwijzen naar de woningcorporatie. Op die manier kan voor (in ieder geval een deel van) senioren met een verhuiswens, deze gerealiseerd worden voordat het noodzaak wordt. We weten uit onderzoek dat de drempel voor senioren soms hoog kan zijn om te verhuizen. Door een zo makkelijk mogelijk proces in te richten, kan een deel van deze drempel worden weggenomen.

Een nieuw (t)huis / 1. Samen naar beter

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

Praktijkvoorbeeld: De Posten, ‘een buurt gericht op de toekomst’ in Enschede Op steeds meer plekken werken duo’s van professionals van de woningcorporatie en zorgpartij samen. Zoals in Enschede de consulent wijkbeheer van corporatie Domijn en de wijkverpleegkundige van zorgcentrum De Posten. Zij doen samen huisbezoeken en gaan het gesprek met senioren aan over wonen én leven. Zij beoordelen met elkaar wat passende oplossingen zijn voor zelfstandig wonen, al dan niet in combinatie met zorg. Op buurtniveau werken corporaties Domijn en Woonzorg Nederland, zorgcentrum De Posten en gemeente Enschede samen aan ‘onze buurt De Posten’ een buurt waarin met bewoners, partners en experts aan de buurt van de toekomst’ wordt gewerkt’. Met alle voorzieningen op het gebied van wonen, zorg, ontmoeten en activiteiten binnen handbereik. De belangrijkste succesfactor: ze doen het samen.

2. Woningaanbod vergroten Door samenwerking van verschillende betrokken partijen kan het aanbod aan mogelijkheden voor en tot doorstroming vergroot worden. Denk bijvoorbeeld aan een situatie waar een senior wil doorstromen naar een woning van een andere woningcorporatie dan waar hij of zij nu van huurt. Wanneer deze corporaties samenwerken, levert dit geen extra gedoe op dat het proces mogelijk vertraagt of de senior wellicht zelfs doet afzien van deze stap. Ook door de verbinding met koop worden de mogelijkheden voor senioren om door te stromen vergroot. Denk bijvoorbeeld aan aantrekkelijke woonconcepten van marktpartijen, zoals het Senior Smart Living concept van Blauwhoed.

10

Inhoud

Inleiding

Praktijkvoorbeeld: 65+ Verhuisvoordeel Zaanstreek-Waterland In Zaanstreek-Waterland wordt sinds juni 2021 geëxperimenteerd met een regionale samenwerking tussen zeven gemeenten, acht woningcorporaties en vijf huurdersorganisaties met financiële steun van de provincie Noord-Holland. Met als doelen: 1. Het makkelijker maken om naar meer passende woonruimte te verhuizen, zodat senioren langer zelfstandig en meer naar wens kunnen wonen; ​ 2. Via de daarmee vrijkomende woningen (vaak eengezinswoningen) de woningvoorraad beter te benutten; ​ 3. De woongerelateerde zorgkosten voor 65-plussers en gemeenten te verminderen. Om dit te bereiken, stellen de woningcorporaties samen 150 geschikte gelijkvloerse woningen beschikbaar waar 65-plussers met voorrang voor in aanmerking komen. De 65-plussers nemen de ‘oude’ huurprijs mee en ontvangen tevens een verhuisvergoeding van 1.000 euro. Deze regeling was voor een jaar. Na evaluatie is besloten de pilot met een jaar te verlengen. Uit de evaluatie blijkt dat er niet direct méér 65-plussers verhuizen, maar dat met de financiële prikkels wel een andere groep wordt bereikt. De voorwaarden worden wel iets strenger: het eerste jaar maakte het niet uit wat voor sociale huurwoning een 65-plusser achterliet.

In het tweede jaar geldt het huurbehoud alleen voor 65-plussers die een woning groter dan 70 vierkante meter of een ongelijkvloerse woning achterlaten. Er bleken namelijk ook diverse mensen van de ene naar de andere seniorgeschikte woning te verhuizen. Omdat sociale verhuisredenen, zoals dichter bij kinderen wonen, ook van belang zijn om prettig oud te worden, blijft de voorrang en de verhuissubsidie voor deze groep wel bestaan. De woningcorporaties bieden in het tweede jaar 100 tot 300 gelijkvloerse sociale huurwoningen aan voor 65+ Verhuisvoordeel.

Een nieuw (t)huis / 1. Samen naar beter

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

Het samenwerkingsverband ziet een aantal belangrijke voordelen voor deze samenwerking. Het is efficiënt voor de organisaties (menskracht) en duidelijk voor woningzoekenden om één regeling te hebben. Voorheen hanteerde elke woningcorporatie zijn eigen methode om doorstroming te stimuleren. Door samen op te trekken is het bovendien makkelijker om cofinanciering aan te vragen. Ook voor de 65-plussers is de samenwerking prettig: zij kunnen namelijk zonder problemen en met dezelfde voordelen verhuizen naar een andere gemeente binnen de regio (uit de evaluatie bleek dat drie van de tien 65-plussers verhuisde naar een andere gemeente) of naar een woning van een andere woningcorporatie.

De deelnemende gemeenten zijn: Beemster, Edam-Volendam, Landsmeer, Oostzaan, Purmerend, Waterland, Wormerland en Zaanstad De deelnemende corporaties zijn: Intermaris, Wooncompagnie, Rochdale, Eigen Haard, WormerWonen, Woonzorg Nederland, ZVH en Parteon De deelnemende huurdersorganisaties: Huurdersplatform Parteon, Bewonersraad ZVH, Interwhere, Bewonersraad Rochdale en Huurders voor Huurders

11

Inhoud

Inleiding

3. Middelen en mensen delen Samenwerking biedt de mogelijkheid om middelen en mensen te delen. Denk bijvoorbeeld aan een gemeente en woningcorporatie die samen een pakket van maatregelen aanbieden (zoals in gemeente Amersfoort, zie ook het praktijkvoorbeeld hieronder) of een regionaal actieve seniorenmakelaar (zoals de SVH in regio Haaglanden). Door mensen en middelen te delen, kan efficiënt worden omgegaan met deze vaak schaarse elementen. Daarnaast is er vaak meer mogelijk als vanuit verschillende partijen potjes geld en menskracht beschikbaar zijn. Denk bijvoorbeeld aan goede doorverwijzingen naar seniorenmakelaars door seniorenconsulenten die vanuit welzijn senioren bezoeken en met hen in gesprek gaan over hun leven en welke voorzieningen zij eventueel nodig hebben. Een aangepaste óf nieuwe woning kan daar een onderdeel van zijn. Fijn als er dan korte lijnen met seniorenmakelaars zijn. 4. Verhuisketens beter in beeld Om echt iets te zeggen over de effectiviteit van de maatregelen om senioren te laten doorstromen, is het belangrijk om de verhuisketens in beeld te krijgen (zie ook paragraaf 2.2). Wanneer een senior nu doorstroomt naar een woning buiten de gemeente, naar een woning van een andere woningcorporatie of van een koopwoning naar een huurwoning gaat, ‘stopt’ de verhuisketen vaak daar.

Door samenwerking en gezamenlijke monitoring kunnen de gegevens makkelijker gedeeld worden, en blijft de hele verhuisketen in beeld. Dat zegt dus nog niks over de effectiviteit van de individuele instrumenten, maar laat wel beter zien of de aanpak doorstroming teweeg brengt.

Een nieuw (t)huis / 1. Samen naar beter

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

Praktijkvoorbeeld: Gezamenlijk pakket van doorstroommaatregelen in Amersfoort In Amersfoort werken de drie woningcorporaties De Alliantie, Portaal en Omnia Wonen al langer samen op het gebied van doorstroming. Inmiddels is ook de gemeente een actieve samenwerkingspartner geworden. 1 juni 2021 lanceerden zij een gezamenlijk pakket van zeven maatregelen om doorstroming te bevorderen. Op het gebied van samenwerking hebben de gemeente en corporaties inmiddels veel geleerd. Zo bleken de gezamenlijk opgestelde doelen en uitgangspunten voor de uitwerking essentieel. In de voorbereiding en uitvoering bleek een krachtig duo in de trekkersrol namens de corporaties en gemeente goed te werken. Ook de korte lijntjes, de tijd nemen en goed naar elkaar luisteren in regelmatige overleggen waren van groot belang. Op die manier konden de partijen elkaar blijven betrekken bij de uitwerking en vragen waar medewerkers in de uitvoering tegenaan liepen. Het casusoverleg bevorderde een gezamenlijke en zorgvuldig afgewogen oplossingsrichting voor de ‘bijzondere gevallen’. Een andere (onverwachte en opvallende) uitkomst blijkt de impact die gezamenlijke communicatie (via verschillende media en kanalen) kan hebben. De samenwerking versterkt het imago van de betrokken organisaties en het vertrouwen in de nieuwe mogelijkheden.

De samenwerking in combinatie met de aanvullende doorstroommaatregelen lijkt er zelfs voor te zorgen dat er een nieuwe groep (meer hulp/zorgbehoevende) senioren is aangeboord. Dat de gemeente een duidelijke partner is, werkt wellicht extra stimulerend en komt de betrouwbaarheid ten goede.

12

Inhoud

Inleiding

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

1.2 Samenwerkingspartijen De Nationale Woon- en Bouwagenda Als we kijken naar de verschillende partijen die betrokken (kunnen) zijn bij een effectieve samenwerking is het handig om inzicht te hebben in de wettelijke taken per partij en de werkzaamheden die ze in de praktijk uitvoeren.

Partij

Wettelijke taak

Aanvullende werkzaamheden in de praktijk

Gemeente

Regierol t.b.v. realiseren woningen. Woningbouwprogrammering. Grondbeleid. Ondersteuning thuis vanuit de Wmo.

Inzetten van doorstroommaatregelen, zoals een verhuiskostenvergoeding.

Woningcorporatie

Huisvesten van mensen met een lager inkomen. Geschikte woningen bouwen voor de doelgroep.

Inzetten van doorstroommaatregelen. Huisbezoeken. Verbinding met zorgvraag.

Zorg- en welzijnsorganisatie

Signaleren van potentiële doorstroomkandidaten. Gesprek aangaan over langer thuis.

Marktpartij

Bedenken van nieuwe (voor senioren geschikte) woningconcepten.

Financier

Financieringsconstructies aanbieden die passend wonen mogelijk maken.

Provincie

Een nieuw (t)huis / 1. Samen naar beter

Toetst woningbouwprogrammering.

Aanjagende functie. Inzet van middelen en verzamelen van kennis. Dus vooral faciliterend d.m.v. subsidies en kennisontwikkeling.

In aanvulling op bovenstaand overzicht zijn in de Nationale Woon- en Bouwagenda een aantal punten opgenomen die van belang zijn voor de verschillende samenwerkingspartners. De Woningbouwimpuls helpt gemeenten bij het sneller realiseren van veelal betaalbare woningen. Daarnaast moeten gemeenten de behoefte aan wonen, zorg, ondersteuning en participatie in kaart brengen. Op basis daarvan worden bindende lokale prestatieafspraken gemaakt tussen onder meer gemeenten, woningcorporaties, zorg- en welzijnsorganisaties. In deze prestatieafspraken staat bijvoorbeeld hoeveel geclusterde woningvormen de woningcorporaties gaan realiseren en wat ze doen voor de betaalbaarheid en leefbaarheid. Met ingang van 2024 dienen gemeenten een verbrede woonzorgvisie te hebben, waarin zij uitwerken hoe zij invulling geven aan de verschillende behoeften van aandachtsgroepen. Dit stemmen ze regionaal af. Aanvullend stuurt het Rijk op voldoende passende en toekomstbestendige woningen, onder andere voor senioren. Hierbij wordt een planmatige aanpak gehanteerd die anticipeert op demografische ontwikkelingen. Naast reguliere woningen die aantrekkelijk zijn voor senioren zijn geclusterde woonvormen en nieuwe woonzorgvormen nodig waar zorg en ondersteuning kan worden opgeschaald als de kwetsbaarheid toeneemt. Hiertoe wordt onder meer de Regeling ontmoetingsruimtes in ouderenhuisvesting (SOO) ingezet.

Senioren die langer thuis willen én kunnen wonen, kunnen een deel van de waarde van het huis opnemen. Ook wordt het Expertteam Woningbouw ingezet om gemeenten te helpen bij woningbouwplannen die stagneren.

13

Inhoud

Inleiding

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

Lokale, gebiedsgerichte of regionale aanpak? Doorstroming van senioren wordt door het hele land ingezet om woningen vrij te spelen voor jonge gezinnen én om senioren in een prettige woning langer zelfstandig thuis te laten wonen. De lokale context verschilt echter: de woningmarkt ziet er niet overal hetzelfde uit, de mate van vergrijzing varieert, evenals de bestuurlijke wens om gezinnen te behouden. Daarmee verschilt ook de opgave per regio. Dat geldt ook voor de aanwezige organisaties: hoeveel partijen zijn actief op doorstromingsgebied? Hoe intensief werken zij (al) samen? De bijbehorende aanpak is daarom in de meeste gevallen ook per regio net iets anders, evenals de betrokken organisaties. Die variatie maakt het belangrijk goed na te denken over de ambitie en inzet van de eigen organisatie: ligt de focus buurt-/wijkniveau, gemeentelijk of regionaal. Het schaalniveau van de samenwerking is bepalend voor de inrichting van de aanpak en omgekeerd. Wil je dat senioren in de hele regio makkelijk een nieuwe woning kunnen betrekken, dan is een regionale aanpak én samenwerking belangrijk. Komt er een nieuwbouwlocatie aan, dan volstaat een lokale aanpak en samenwerking. Een organisatie kan ook tegelijkertijd bij verschillende samenwerkingsverbanden betrokken zijn, waarbij deze verbanden op verschillende niveaus actief zijn.

Lokale aanpak

Gebiedsgerichte aanpak

Regionale aanpak

– Buurt- of wijkgericht – Vaak kleinschalig – Lokale partijen

– Stedelijk niveau – Vaak een overkoepelend plan met meerdere interventies – Lokale partijen

– Regionaal niveau – Regionale samenwerking, dus vaak ook met de provincie

Een nieuw (t)huis / 1. Samen naar beter

Praktijkvoorbeeld: Regionale aanpak in provincie Gelderland De provincie Gelderland startte in 2021 met het Actieplan Wonen om de doorstroming van senioren in de provincie Gelderland te bevorderen. De provincie onderneemt diverse acties, maar de focus ligt op 1) de inzet van verhuiscoaches, 2) een verhuisvergoeding voor 55-plussers, die de stap maken om van een grote woning naar een kleinere passendere woning te verhuizen en 3) kennisdeling binnen de provincie Gelderland. De verhuiscoaches zijn inzetbaar in specifieke woonregio’s en provincie breed. Op dit moment zijn er vier woonregio’s waar de verhuiscoaches van de provincie actief zijn, deze worden begin 2023 uitgebreid naar nog eens 2-3 woonregio’s en dan komen er ook meer verhuiscoaches bij. In de woonregio’s wordt er samengewerkt met gemeente, woningcorporaties, welzijn en zorg. Samen houden zij zicht op de ingezette acties en de uitvoering daarvan. En ontwikkelen zij, op basis van de gesprekken die de verhuiscoaches voeren met huurders, nieuwe instrumenten die bijdragen aan de doorstroming. Kennisdeling vindt ook plaats via een klankbordgroep met vertegenwoordiging vanuit verschillende woningcorporaties, gemeenten en andere partners uit de provincie. In gesprek met hen worden de meer beleidsmatige zaken verkend en uitgewerkt.

Daarnaast is er een intervisiegroep gestart met verhuiscoaches van de provincie en verhuiscoaches (of soortgelijke functienamen) uit het netwerk om van elkaars dagelijkse praktijk te leren.

14

Inhoud

Inleiding

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

1.3 Organiseren van de samenwerking Praktijkvoorbeeld: Langer en Weer Thuis in Delft Het programma Langer en Weer Thuis in Delft zet zich in om Langer Thuis Wonen voor senioren (en voor mensen met een beperking) te bevorderen. Veertien partijen zetten zich hier gezamenlijk voor in, te weten: gemeente, woningcorporaties, zorgaanbieders, zorgkantoor en welzijnsorganisaties. Dit samenwerkingsconvenant richt zich op vier pijlers: 1) een geschikte woning, 2) een fijne woonomgeving die toegankelijk is met goede basisvoorzieningen, 3) goed samenwerkende informele en formele ondersteuning die bijdraagt aan welbevinden en 4) goede ondersteuning en zorg.

Het belang van samenwerking is helder, maar hoe komt de samenwerking tot stand? Rondom doorstroming kan dat, net als bij andere opgaven, op verschillende manieren. Bottum-up door als professional in afstemming met een manager gewoonweg te starten met de uitvoering. Maar zodra de ambities wat groter zijn, bijvoorbeeld een betere verdeling en benutting van de woningvoorraad, dan liggen hieraan vaak strategische overwegingen ten grondslag en is de organisatie op een hoger tactisch en bestuurlijk niveau georganiseerd, ook binnen de samenwerking.

Naast de realisatie van en vernieuwing tot écht aantrekkelijke woningen voor senioren werkt het samenwerkingsverband in de sociale huursector met seniorenmakelaars. De seniorenmakelaars hebben onder andere gewerkt aan een beter toegankelijke virtuele vitrine om de te verhuren seniorenwoningen in de hele regio beter voor het voetlicht te brengen. In het coalitieakkoord van het nieuwe college van B&W is aangegeven dat de seniorenmakelaars gecontinueerd gaan worden. Momenteel wordt de doelgroep zelfs verbreed naar senioren die een koopwoning achterlaten. Ook is de samenwerking tussen seniorenmakelaars en Wmo-consulenten versterkt.

Figuur 1: Samenwerking rondom doorstroming op verschillende niveaus organiseren

Tot slot wordt ingezet op de informatievoorziening voor senioren. Daarvoor is bijvoorbeeld een informatiemarkt georganiseerd in de meest vergrijsde wijk van Delft waar ook de film van de filmmak(k)ers werd vertoond om het gesprek op gang te brengen (zie ook paragraaf 3.2).

De uitdaging bij samenwerking is om deze niveaus niet op een hoop te gooien maar ‘passend’ te organiseren. Samenwerking kost namelijk een hoop energie en daarom is het altijd een uitdaging om deze efficiënt en effectief, slim, te organiseren. Dit vraagt dan ook om heldere afspraken per niveau, waarbij de niveaus onderling ook goed op elkaar zijn afgestemd.

Een nieuw (t)huis / 1. Samen naar beter

Bestuurlijk: sturen op beleid en keuzes

Tactisch: inzet personeel en budget, welk deel van de woningvoorraad, etc.

Operationeel: uitvoering

15

Inhoud

Inleiding

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

1.4 Bouwstenen voor een succesvolle samenwerking Praktijkvoorbeeld: Regionale aanpak in provincie Gelderland “Wij hebben vanaf de start veel tijd geïnvesteerd in persoonlijke kennismakingen met medewerkers van gemeenten en woningcorporaties. Wij bieden verschillende vormen aan waarop het netwerk kan aansluiten bij het project en voor kennisuitwisseling; deelnemen aan een klankbordgroep, een intervisiegroep, of op wat meer afstand door alleen stukken te ontvangen en/of periodieke bijpraatsessies. Vervolgens hebben wij onze contactpersonen gevraagd om anderen in het netwerk te mobiliseren. Dat heeft goed uitgepakt. Het is ons ook gelukt om in korte tijd zowel op strategisch, tactisch en operationeel niveau door te pakken. De bereidwilligheid is groot. We zien wel dat er veel aandacht nodig is om in samenwerkingsverband iedereen actief te houden. Dat vraagt ook om regie van gemeenten op strategisch, tactisch en soms zelfs operationeel niveau.”

Uitbreiding De samenwerking kan zo’n positieve uitstraling hebben naar andere organisaties, dat zij ook mee willen doen en onderdeel willen worden van het netwerk. Ook dat is weer een moment om de afspraken op de verschillende niveaus door te lichten: doen we nog steeds de goede dingen? Zijn de bestuurders nog goed aangehaakt? Is er commitment voor de inzet? Is er voldoende capaciteit voor de uitvoering? Ook de bouwstenen uit de volgende paragraaf zijn dan behulpzaam. Onderschrijft de nieuwe organisatie de doorstroom-ambitie, wat kan deze organisatie brengen, wat wil deze halen uit de samenwerking? Door een dergelijk gesprek expliciet te voeren, is de kans groter dat de verschillende organisaties op één lijn staan.

Een nieuw (t)huis / 1. Samen naar beter

Binnen samenwerkingsverbanden wordt veel gesproken, vaak over de inhoud. De samenwerking zelf komt vaak minder aan bod. Het is immers de inhoud, het vraagstuk, waarop de partijen elkaar vinden. Waar moet je aan denken als je een succesvolle samenwerking wilt vormgeven? Er zijn een aantal bouwstenen die daarbij kunnen helpen. Er is geen volgordelijkheid in deze bouwstenen, maar het is wel belangrijk om bij alle bouwstenen stil te staan. Ze leggen immers de basis voor een succesvolle samenwerking.

Evalueer, leer en verbeter

Ontwikkel het samenwerkingsmodel

Definieer de opgave

Formuleer het doel

Breng de belangen in beeld

Bepaal de gezamenlijke ambitie en visie

16

Inhoud

Inleiding

? 1. Definieer de opgave Het belangrijkste uitgangspunt van een succesvolle samenwerking is een gezamenlijk beeld van de opgave. Door gezamenlijk de opgave te definiëren kunnen partijen zich met het vraagstuk identificeren en creëren zij common ground. De opgave levert het bestaansrecht van de samenwerking. En door deze opgave centraal te stellen, vormt deze automatisch het vertrekpunt voor de inhoud, samenstelling en vormgeving van de samenwerking. Op een kleiner schaalniveau betekent dat ook dat de lokale woningbehoefte (hoeveel senioren wonen ongeschikt, wat is het woningtekort etc.) in kaart gebracht moet worden. Waar zitten de gaten en kansen? En daarnaast ook de doelgroep? Voor wie zet je je precies in? Zijn dat de doorstromende senioren, of ook de doorstromers die volgen in de verhuisketen? En zijn het alleen huurders van corporatiewoningen of ook senioren met een reguliere huur- of koopwoning?

2. Formuleer het doel Denk na over het doel van doorstroming, alleen dan kun je succes behalen. Doorstroming kan twee doelen dienen. Enerzijds is het een middel om senioren prettig en meer passend en levensloopbestendig te laten wonen. Anderzijds zorgt de doorstroming van senioren voor ruimte op de krappe woningmarkt, omdat zij (grote) woningen achterlaten voor (jonge) gezinnen (en andere doelgroepen). Het is van belang om te definiëren welk doel het zwaarste weegt.

Een nieuw (t)huis / 1. Samen naar beter

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

Formuleer daarnaast de doelen die je met de samenwerking wil bereiken. Bijvoorbeeld een x-aantal doorstroombewegingen op gang brengen, een specifiek doorstroominstrument uittesten of inzicht krijgen in verhuisketens.

3. Bepaal de gezamenlijke ambitie en visie Door een gedeelde ambitie en visie te formuleren die aansluit bij de wensen en belangen van de samenwerkingspartners, ontwikkel je gedeeld eigenaarschap. Het is dus belangrijk om vragen te stellen als: wat willen de partijen gezamenlijk en afzonderlijk bereiken in de samenwerking? Kies je voor een aanpak die gericht is op het op gang brengen van de doorstroming, voor het prettig en passend huisvesten van senioren of voor een combinatie van beiden. Een gedeelde visie op doorstroming is een goed uitgangspunt voor samenwerking, en voor het vasthouden aan- en monitoren van gezamenlijk geformuleerde doelen. We zien dat betrokken partijen vaak voor verschillende (beleids-)keuzes en dilemma’s staan. Het hebben van een duidelijk doel en heldere ambities, maakt het makkelijker om gegronde keuzes te maken. Dilemma’s waar je aan kunt denken zijn bijvoorbeeld: – Krijgen doorstromers voorrang op woningzoekenden met een urgentie? – Moeten senioren altijd een grote eengezinswoning achterlaten om in aanmerking te komen voor doorstroominterventies? – Faciliteren we verhuizingen van koop naar (sociale) huur?

17

Inhoud

Inleiding

4. Breng de belangen in beeld

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

6. Evalueer, leer en verbeter

Hiervoor gaven we de verschillende mogelijke samenwerkingspartijen al aan. Belangrijk om te bedenken is enerzijds welke partijen nodig zijn en anderzijds wat ieders rol en bijdrage is in deze samenwerking. Neem tijd om elkaar beter te leren en elkaars belangen te verkennen bij doorstroming. Door per partij te expliciteren welke belangen zij hebben – waarom is de samenwerking bij doorstroming belangrijk en waar zit voor hen het voordeel – ga je met de kaarten open op tafel de samenwerking in en kun je elkaar later in het proces het snelste vinden.

Door de samenwerking als leerproces te beschouwen, kan de samenwerking bij doorstroming gaandeweg steeds verder worden verbeterd. Zowel als het gaat om hoe de samenwerking wordt ingericht als om de manier waarop partijen elkaar weten te vinden. Daarom is het belangrijk om de samenwerking en het proces op gezette tijden te evalueren. Wat gaat er goed? Wat kan beter? Missen we partners in de samenwerking? Etc.

5. Ontwikkel het samenwerkingsmodel

Bouwstenen voor een effectieve meerpartijensamenwerking

In het samenwerkingsmodel leggen partijen vast hoe de samenwerking wordt georganiseerd. Er worden afspraken gemaakt over de werkwijze, verantwoordelijkheden en proces (bijvoorbeeld onderlinge afstemming). De invulling van het samenwerkingsmodel moet passen bij de taken, rollen en verantwoordelijkheden die in de samenwerking nodig zijn. Om een doorstroom-aanpak werkelijkheid te laten worden, is het belangrijk om afspraken te maken. Welke afspraken kun/moet je maken/waar moet je over nadenken voor zowel de huidige situatie, als om een pilot op een later moment op te schalen? – Bestuurlijk commitment – Financiën: wie betaalt wat? – Capaciteit: welke partij levert de capaciteit? – Herijking beleid – Doorwerking op andere doelgroepen

Een nieuw (t)huis / 1. Samen naar beter

Manon de Caluwé vertelt in deze video meer over de bouwstenen voor een effectieve meerpartijensamenwerking.

18

Inhoud

Inleiding

Praktijkvoorbeeld: Samenwerking in Tilburg De drie Tilburgse woningcorporaties TBV Wonen, WonenBreburg, Tiwos, de bewonersbelangenorganisatie SBOT en de gemeente Tilburg verwoorden samen in het Convenant Wonen 2020-2025 de ambitie om de doorstroming voor senioren uit (niet passende) huurwoningen naar een geschikte huurwoning te bevorderen. In mei 2021 startte de werkgroep Doorstroming, bestaande uit doorstroommakelaars en beleidsmedewerkers van de drie corporaties, om tot een eenduidig doorstroombeleid te komen. Dat resulteerde in de pilot ‘Van Groot Naar Beter’ die vanaf juni 2022 start en tot en met december 2022 duurt. In deze pilot worden onder andere alle vrijkomende gelijkvloerse of aanleunwoningen individueel gematcht met een oudere huurder die door wil stromen. Daarnaast gaan de drie doorstroommakelaars (van de 3 corporaties) intensiever samenwerken om ook verhuisbewegingen tussen bezit van de verschillende corporaties mogelijk te maken. De drie corporaties stellen daarvoor de noodzakelijk geachte tijd ter beschikking Het doel is om binnen zes maanden minimaal twintig ouderen te hebben verhuisd. Eind 2022 wordt de pilot geëvalueerd en wordt het vervolg bepaald.

Bij de evaluatie wordt onder meer gekeken naar: – Hoeveel ouderen zijn geholpen/verhuisd? – Welke prikkels zijn ingezet om de verhuizing te laten slagen (financieel en praktisch)? – Wat was de tijdsinvestering van de doorstroommakelaars? – Is de samenwerking goed verlopen of is het efficiënter dat we een andere organisatievorm kiezen (bijvoorbeeld een seniorenmakelaar die in opdracht van de drie corporaties werkt)?

Een nieuw (t)huis / 1. Samen naar beter

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

19

Inhoud

Inleiding

1.5 Tips voor een effectieve samenwerking Deze tips zijn gebaseerd op de praktijkervaringen die zijn gedeeld in het experiment.

1

Investeer tijd in persoonlijke contact en afstemming Door tijd te investeren in de relaties binnen het samenwerkingsverband ontstaat onderling vertrouwen. Dat biedt de basis voor een goed gesprek over bijvoorbeeld kansen, belemmeringen en kritische geluiden. Door bijvoorbeeld eens in de zoveel tijd met een afvaardiging bij elkaar te komen, te kijken hoe de doorstroomaanpak loopt en wat er kan worden bijgeschaafd, blijf je de vraag stellen of de uitvoering daadwerkelijk zo gaat als waar deze voor bedoeld is.

2

Stem af met ander organisaties in dezelfde woningmarktregio Wanneer je gebruik maakt van hetzelfde woonruimteverdeelsysteem is het fijn om op de hoogte te zijn van elkaars initiatieven en werkwijzen om (extra) doorstroming te realiseren en elkaar regelmatig op te zoeken.

3

Werk met een leidend duo Een krachtig duo, meestal van gemeente en woningcorporatie, blijkt vaak doorslaggevend in het vormgeven aan samenwerken in de dagelijkse dynamiek tussen partijen. Dit duo vervult een trekkersrol in het proces van samenwerken en afspraken maken. Het kost over het algemeen veel tijd en energie alle partijen op hetzelfde spoor te krijgen en te houden.

4

Betrek de huurders(organisatie) Veelal zijn dit zelf oudere mensen voor wie het onderwerp doorstroming leeft en interessant is. Het gaat ook om concrete, tot de verbeelding sprekende zaken. Voor een huurdersorganisatie weer eens wat anders dan taaie beleidsstukken.

Een nieuw (t)huis / 1. Samen naar beter

1. Samen naar beter

5

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

Vier (kleine) successen samen Werken aan doorstroming is vaak maatwerk. Elke geslaagde verhuizing is een succes, voor bewoners en professionals. Kijk ook naar de verhuisketen die volgt op een verhuizing. Hoe lang is die keten, welke verhuizingen zijn ontstaan en sluiten die aan bij de visie? De opgave is groot, maar elke geslaagde verhuizing draagt bij. Vier daarom successen en succesjes met elkaar. Zo houd je de energie en het enthousiasme in de samenwerking.

20

Inhoud

Inleiding

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

Karin en Huub verhuisden naar een appartement in hartje Delft: “We raken niet uitgekeken.” Drie maanden na het eerste contact met de seniorenmakelaar zitten Karin (60) en Huub (70) op de bank in hun zonovergoten, nieuwe appartement. Hun woning in het centrum van Delft was bij oplevering nagenoeg instap-klaar. Met een likje verf hier en daar en een nieuwe vloer kon het stel al vlot verhuizen. Karin: “We zijn zo blij met dit appartement. Het voelt alsof we de loterij hebben gewonnen.”

In sneltreinvaart Karin en Huub dachten al een langere tijd na over verhuizen. Toen de kinderen de deur uit gingen, werden deze gedachten concreter. “We hebben altijd gezegd: een eengezinswoning is voor een gezin en niet voor een stel.” Ook Huubs gezondheid speelde mee in deze overweging. “Het schoonmaken van het huis en het onderhouden van de tuin kostte mij steeds meer energie”, vertelt Huub. Een artikel in de plaatselijke krant over de seniorenmakelaar van woningcorporatie Vidomes wekte hun nieuwsgierigheid. Karin en Huub namen contact op. “We informeerden eerst naar de mogelijkheden.” De seniorenmakelaar beantwoordde al hun vragen en stelde hen gerust. “De gesprekken waren prettig en verhelderend. Ze stelde ons vanaf het eerste moment op ons gemak.” Tussen het eerste contact en de verhuizing zaten nog geen drie maanden. Het ging allemaal erg snel. “We hadden niet eens tijd om gordijnen te bestellen”, grapt Huub. “En we hebben veel spullen uit ons vorige huis weg moeten doen. We hebben daar namelijk 27 jaar lang spullen op zolder verzameld. Maar het ruimt wel lekker op zo.”

Een nieuw (t)huis / Portret: Karin (60) en Huub (70)

Karin en Huub Holthuizen (60 en 70 jaar) – Gezinssamenstelling: samenwonend stel – Vorige woonsituatie: Eengezinswoning met 4 kamers en tuin in Delft (sociale huur) – Huidige woonsituatie: Appartement met 3 kamers en balkon in Delft (sociale huur)

21

Inhoud

Inleiding

De seniorenmakelaar als de sleutel Karin en Huub hoorden via hun netwerk dat deze woning vrijkwam. Ze kenden de plek, omdat een vriendin van Karin ook in dit appartementencomplex woont. “We hebben toen meteen de seniorenmakelaar gebeld en haar verteld dat dit de woning is die we wilden hebben.” En met succes. Het stel stond al langere tijd ingeschreven bij WoonNet Haaglanden. “We wisten dat wanneer we actief opzoek gingen naar een appartement, we genoeg punten bij WoonNet Haaglanden zouden hebben gespaard.” Deze kans diende zich eerder aan dan verwacht. Karin werkt nog, waardoor hun gezamenlijke inkomen op dit moment net boven de sociale huurgrens uitkomt. Karin: “De seniorenmakelaar bleek te kunnen adviseren over middeling van mijn inkomen. Ik wil over een paar jaar ook met pensioen, waardoor ons inkomen zal dalen.” Door inkomensmiddeling kwam het stel voor het sociale huurappartement in aanmerking. “Zonder hulp van de seniorenmakelaar was dit niet mogelijk geweest.”

Alles binnen handbereik Alle faciliteiten zijn op loopafstand van hun nieuwe appartement. De supermarkt is zo´n 100 meter verderop, de huisarts zit onder het complex en eettentjes zijn binnen handbereik. “Het is een heerlijk idee dat je gewoon het centrum in kunt lopen om te gaan lunchen of voor een boodschap.” Ook het uitzicht van het appartement is prachtig. “Ik heb een zwak voor monumentale panden”, zegt Karin wijzend naar de oude faculteitspanden van de TU Delft. Voor gezelligheid hoeven Karin en Huub eigenlijk het complex niet uit: “Er is ook een activiteitenruimte in ons complex waar ze regelmatig leuke dingen voor bewoners organiseren. Daar gaan we binnenkort eens kijken.”

Toekomstbestendig en veilig De woning van het stel is bovendien toekomstbestendig. Het appartement is gelijkvloers en heeft een grote badkamer. Ook is de woning goed geïsoleerd en voorzien van een warmtepomp. Dat laatste vinden Karin en Huub erg

Een nieuw (t)huis / Portret: Karin (60) en Huub (70)

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

prettig, gezien de snel stijgende gasprijzen. “Ook vinden we het prettig dat er een extra slaapkamer aanwezig is. Zo kan onze kleindochter blijven logeren.” Karin en Huub vinden het daarnaast belangrijk dat hun woning en de locatie veilig aanvoelen. Huub vertelt: “Het zou zo kunnen zijn dat één van ons de ander in de woning moet achterlaten. Je hoopt natuurlijk niet dat dit gebeurt, maar we hebben hier wel rekening mee gehouden tijdens onze zoektocht.” Het stel wilde daarom graag een woning op een hogere etage. “Omdat het appartement op de vierde verdieping ligt, kan niemand vanaf de straat naar binnen kijken en dat geeft een veilig gevoel.” Datzelfde geldt voor de afgesloten garage beneden.

Tip voor corporaties: Geef meer bekendheid aan de seniorenmakelaar en diens bemiddelingsbevoegdheden, zowel via de corporatie als in de media. Huub: “Ik denk dat veel mensen niet weten wat de seniorenmakelaar kan doen.” Karin vult aan: “Wij waren in het begin wat sceptisch, omdat we het begrip seniorenmakelaar niet kenden. Maar we zijn aangenaam verrast. Ze was altijd bereikbaar voor vragen en deskundig advies. Ze luisterde naar ons en toonde empathie. Dat gun je toch iedereen?” Tip voor senioren: Schrijf je tijdig in bij een corporatie. Dit zou je eigenlijk moeten doen voordat je concrete verhuisplannen hebt. De wachttijden kunnen namelijk lang zijn.

22

Inhoud

2 Een nieuw (t)huis / 2. Zicht op de opgave en resultaten

Inleiding

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

23

Inhoud

Inleiding

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

2. Zicht op de opgave en resultaten Hoeveel senioren wonen ongeschikt? Als senioren willen verhuizen naar een geschikte woning, hoeveel keuze hebben zij dan? En hoeveel van hen stromen inderdaad door naar een geschikte woning? Welke instrumenten dragen effectief bij aan doorstroming? Dit zijn vragen die op basis van registratie en data beantwoord kunnen worden, maar waarop de antwoorden nog niet overal voorhanden zijn. Dit hoofdstuk behandelt de mogelijkheden om aan de hand van data te komen tot een gerichte aanpak van doorstroming van senioren op de woningmarkt.

2.1 Data, de heilige graal? Een goede analyse van data kan helpen om meer inzicht te krijgen in een vraagstuk, de onderliggende oorzaken en de manieren waarop deze kunnen worden verholpen. Ook kan het bijdragen aan beleid dat meer gestoeld is op de wensen, behoeften en het gedrag van mensen. In toenemende mate gebruiken overheden, woningcorporaties en marktpartijen dan ook data om hun beleid en aanbod te bepalen.

Nog winst te behalen Als het gaat om doorstroming van senioren op de woningmarkt dan is hier nog winst op te behalen. Er kan veel meer gebruik gemaakt worden van (kwantitatieve en kwalitatieve) data om zicht te krijgen op de verhuisketen, wie verhuiswensen heeft, wat het gewenste aanbod is en welke instrumenten helpen om de stap naar een nieuwe woning (eerder) te maken. Uit de quickscan ‘Doorstroming van senioren op de woningmarkt’ bleek dat met name gemeenten en woningcorporaties nog relatief weinig gebruik maken van data als het gaat om doorstroming. Met in sommige gevallen vervelende

Een nieuw (t)huis / 2. Zicht op de opgave en resultaten

situaties tot gevolg. Zoals een wachtlijst van senioren die willen doorstromen, maar voor wie er geen geschikt én aantrekkelijk woningaanbod is.

Toename van onderzoek Om dit soort situaties te voorkomen én te leren welke aanpakken effectief zijn, is het registeren en analyseren van data van belang. Het is dan ook een positieve ontwikkeling dat doorstroming steeds hoger op de (politieke) agenda is komen te staan. Daardoor neemt ook de vraag naar onderzoek naar doorstroming en doorstromingsbeleid toe. In de Monitor Ouderenhuisvesting is veel relevante data opgenomen, zoals de (on)geschiktheid van woningen en het verhuisgedrag. En ook onderzoeksbureaus voeren de laatste jaren tal van onderzoeken uit naar de mogelijkheden tot doorstroming en zaken die belemmerend werken. Dat levert ons steeds meer inzicht op in wat werkt en wat niet.

Ook aandacht voor kwalitatief onderzoek Naast kwantitatieve data-analyses worden ook kwalitatieve onderzoeken onder senioren uitgevoerd. Denk aan interviews met senioren over het verloop van het verhuisproces en wat hierin beter kon. Of wat de doorslag gaf om überhaupt te verhuizen. Deze informatie helpt bij het identificeren van mogelijk effectieve aanpakken, en kan ook inzicht verschaffen in trends en verschillende groepen senioren en hun wensen en behoeften. Dit alles helpt om gerichter interventies te kunnen ontwikkelen én implementeren en zo nog gerichter te sturen op doorstroming.

24

Inhoud

Inleiding

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

2.2 Zicht op de opgave

Opgave en/of doel?

We beginnen bij het inzichtelijk maken van de opgave. Dit helpt immers om een oplossing te ontwikkelen die past bij de opgave. Ook helpt een goede probleembeschrijving bij het zorgen dat de inzet en investeringen in verhouding staan tot de mogelijke effecten, de impact, ervan. Een stevige inzet op doorstroming van senioren kan tot wachtlijsten leiden, als er onvoldoende geschikt of aantrekkelijk aanbod beschikbaar is. Daar komt bij dat regio’s van elkaar verschillen en in iedere regio andere accenten in de aanpak nodig kunnen zijn. Om hier goed mee aan de slag te gaan, is het belangrijk de opgave en de lokale kansen in beeld te hebben.

Bij het in kaart brengen van de opgave gaat het om het vraagstuk dat de samenwerkende organisaties willen aanpakken. Willen zij bereiken dat senioren langer zelfstandig thuis kunnen blijven wonen, doordat zij in een geschikte woning wonen? Of ligt de focus op het intensiever benutten van de bestaande woningvoorraad en daarmee het stimuleren van senioren om kleiner te gaan wonen? Of beide? Meer inzicht in de opgave kan dan ook helpen om te prioriteren wat het meest urgent is. Is het grootste knelpunt het niet passend wonen van senioren of vooral de leegstaande vierkante meters, waar gezinnen baat bij zouden hebben? Het doel bepaalt welke indicatoren relevant zijn om te analyseren bij het in kaart brengen van de opgave.

Overzicht 1 Indicatoren om opgave inzichtelijk te maken

Dashboard Monitor Ouderenhuisvesting Doel

Indicatoren

Zelfstandig blijven wonen

– Aantal oudere huishoudens dat (on)geschikt woont – Aantal oudere huishoudens dat in een woning woont die aanpasbaar is – Aantal oudere huishoudens dat in een (on)geschikte omgeving woont – Aantal oudere huishoudens met een verhuiswens – Aantal oudere huishoudens dat verhuisd is – Verhuisbeweging: naar welk type woning (type, eigendom, prijsklasse) en eventueel afstand tussen oude en nieuwe woning – Aantal woningen dat (potentieel) geschikt is voor oudere huishoudens, aantrekkelijkheid van deze woningen

Intensiever benutten bestaande bouw

– Aantal woningen dat geschikt is om eventueel te splitsen – Aantal 1 en 2 persoonshuishoudens dat in een grote eengezinswoning woont – Aantal huishoudens dat ongeschikt woont in deze eengezinswoningen – Aantal aanvragen voor woningsplitsing en/of plaatsen mantelzorgwoning

Een nieuw (t)huis / 2. Zicht op de opgave en resultaten

Om de ontwikkelingen in de huisvesting van senioren te monitoren ontwikkelde ABF in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken de Monitor Ouderenhuisvesting. In 2020 kwam de monitor voor de eerste keer uit, in het najaar van 2022 volgt de tweede meting. Om onder meer gemeenten en woningcorporaties te ondersteunen, is per gemeente een lokale analyse beschikbaar gesteld, via het Dashboard Monitor Ouderenhuisvesting. Hiermee breng je de lokale situatie snel in beeld: hoeveel senioren wonen geschikt, hoeveel niet? Wonen zij in een koop- of huurwoning? En wat is de prognose van het aantal ouderen met een fysieke beperking? In dit dashboard staat informatie die relevant is voor het doorstromingsbeleid.

25

Inhoud

Inleiding

Praktijkvoorbeeld: WoonZorgwijzer Schiedam Onderzoek in opdracht van Woonplus en de gemeente Schiedam wees uit dat de doelgroep senioren tot 2040 stevig groeit. De bouwopgave bedraagt 2.000 extra seniorenwoningen, waarvan 800 geclusterde sociale huurwoningen in nabijheid van zorg. Een werkgroep onder leiding van de gemeente maakt met alle betrokken partijen afspraken over realisatie ervan in de komende jaren. Om de opgave goed vorm te geven, gaf de gemeente Schiedam opdracht voor de lokale WoonZorgwijzer. De WoonZorgwijzer maakt op een laag geografisch kaartniveau inzichtelijk waar mensen met een bepaalde aandoening wonen en welke beperkingen zij mogelijk ervaren. Aan deze kaartenset zijn extra kaarten toegevoegd over bijvoorbeeld locaties van woonzorgcomplexen, afstand tot voorzieningen en gebiedsontwikkelingen. Aan de hand hiervan heeft de werkgroep locaties beoordeeld en bepaald waar seniorenwoningen met en zonder zorg worden gerealiseerd. Woonplus voorziet dergelijke woningen op zowel nieuwe beschikbare locaties in de stad, als binnen herstructureringslocaties.

Verhuisketens In deze publicatie focussen we op het geschikt wonen van senioren. Maar gekeken naar de woningmarkt als geheel zijn er meer doelgroepen die een (passende) woning nodig hebben. In dat kader zijn verhuisketens van belang. Dit zijn een serie aaneengeschakelde verhuizingen, doordat een nieuwe

stap 1

Een nieuw (t)huis / 2. Zicht op de opgave en resultaten

stap 2

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

woning wordt gerealiseerd of doordat een bestaande woning vrijkomt, bijvoorbeeld door overlijden van de bewoners of een verhuizing. Een verhuisketen eindigt als er geen woning meer wordt achtergelaten, bijvoorbeeld in het geval van sloop van de woning, overlijden of een scheiding waarbij één van de partners in het huis blijft wonen. De schakels in een verhuisketen zijn de huishoudens die een woning betrekken en ook een woning vrijmaken. Het aantal schakels in dit proces is de lengte van de verhuisketen. Het doorstromen van senioren draagt bij aan het verlengen van de verhuisketen, wat ook een doel kan zijn van onder meer gemeenten.

Langere verhuisketens Vaak wordt ook gesproken van langere verhuisketens. Een lange verhuisketen zorgt voor een reeks aan verhuizingen waardoor meer mensen in een geschikte woning wonen. Onderzoeksbureau Springco heeft in een onderzoek naar verhuisketens laten zien dat dat de langste verhuisketen wordt veroorzaakt door het toevoegen van nieuwbouwwoningen specifiek voor empty nesters. Uit waarnemingen van projecten in IJsselstein en Nieuwegein blijkt dat de bouw van een klein koopappartement of kleine (koop-) eengezinswoning van minder dan 80 m² leidt tot 2,4 verhuizingen. Voor elke verhuizing van een empty nesters-huishouden naar een groot appartement van 120 m² gbo vinden maar liefst ruim 2,9 verhuizingen plaats in de gehele verhuisketen.

stap 3

26

Inhoud

Inleiding

1. Samen naar beter

2. Zicht op de opgave

3. Integrale aanpak

4. Het gedrag

Out of de box Bij het bepalen van de opgave kan het ook interessant zijn om eens vanuit een ander perspectief na te denken over wat de opgave is en wat er nodig is, zoals de Metropoolregio Amsterdam die nadacht over wat er zou gebeuren als alle empty nesters niet zouden doorstromen. Wat is de opgave dan? En welke

aanpak is dan nodig? Door als samenwerkende partijen over een dergelijke vraag een gesprek te voeren, kunnen nieuwe inzichten ontstaan die wellicht ook leiden tot andere keuzes. Of wellicht tot een stevigere onderbouwing van de al gemaakte keuzes.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14641181/2