CConstaterende datSchagen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlagen bij toelichting deel 1

Gemeenteraad 20 september 2022, gemeente SchagenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan 'Midgard'15.993 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Bijlagenboek Bestemmingsplan Midgard

Gemeente Schagen 25 mei 2022 Vastgesteld

Gemeente Bestemmingsplan Voorontwerp

Gemeente Schagen Bijlagenboek bij de toelichting van het Bestemmingsplan Midgard Vastgesteld

Plannummer: NL.IMRO.0441.BPTJHNMIDGARD-ON01 Vastgesteld door de gemeenteraad op ..-..-…. Plan onherroepelijk per ..-..-….

adres

Arnhemseweg 6 3817 CH Amersfoort telefoon

033 2851685 e-mail

info@vp.nl website

www.vp.nl

Bijlagen bij de toelichting Bijlage 1

Marktonderzoek Raphaëlstichting Noord-Holland, People and Bricks, september 2020

Bijlage 2

Ruimtelijke visie locatie Midgard, Vollmer & Partners, 10 december 2020

Bijlage 3

Watertoets, Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, 22 oktober 2020

Bijlage 4

Quickscan flora en fauna Midgard Tuitjenhorn, Aveco de Bondt, 18 februari 2019

Bijlage 5

Berekening stikstofdepositie Midgard, Tritium Advies, 26 november 2020

Bijlage 6

Historisch bodemonderzoek, Aveco de Bondt, 3 april 2019

Bijlage 7

Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek (verkennende fase), BAAC, maart 2019

Bijlage 8

Akoestisch onderzoek Midgard-terrein te Tuitjenhorn, Aveco de Bondt, 7 maart 2019

Bijlage 9

Reactienota vooroverleg, gemeente Schagen, maart 2021

Bijlage 1 Marktonderzoek Raphaëlstichting Noord-Holland, People and Bricks, september 2020

MARKTONDERZOEKNOORD-HOLLAND

COLOFON DIT ONDERZOEK IS UITGEVOERD DOOR

AUTEURS

T. de Groot (People and Bricks) M. Nieuwendorp (People and Bricks)

EINDREDACTIE

T. de Groot (People and Bricks)

CONTACTGEGEVENS

Verlengde Kerkweg 25 2985 AZ Ridderkerk +31630177909 www.peopleandbricks.nl

2

Indeling Indeling ......................................................................................................................... 3 Management letter ......................................................................................................... 4 Zorggebied .................................................................................................................... 6 Zorgkantoren Noord-Holland ......................................................................................... 7 Noord-Holland Noord (VGZ) ....................................................................................... 7 Zaanstreek/Waterland (Zilveren Kruis) ........................................................................ 8 Amsterdam (Zilveren Kruis)......................................................................................... 9 Kennemerland (Zilveren Kruis) .................................................................................... 9 Amstelland en de Meerlanden (en Zuid-Holland Noord) (Zorg en Zekerheid) ............. 10 Aanbodzijde: andere organisaties ................................................................................ 13 Wie zit waar? ............................................................................................................

22 6 concurrenten in beeld ............................................................................................ 23 Vraagzijde ................................................................................................................... 28 Vraagzijde: Ontwikkelingen op de markt .................................................................. 28 Juridische ontwikkelingen...................................................................................... 28 Demografische ontwikkelingen.............................................................................. 30 Vraagzijde: (potentiële) cliënten................................................................................ 32 Definiëring zorg........................................................................................................... 37 Leveringsvormen ...................................................................................................... 37 Antroposofie ............................................................................................................ 39 Conclusies ................................................................................................................... 46 Algemene conclusie en aanbeveling .............................................................................

50 Bijlage 1: capaciteit per plaats per locatie .............................................................. 52 Bijlage 2: VG-indicaties per leeftijd per zorgkantoorregio...................................... 57 Bijlage 3: VG-indicaties per gemeente in 2016, 2017, 2018 .................................. 59 Bijlage 4: Antroposofische organisaties Nederland ................................................ 60

3

Management letter Dit document bevat een onderzoek naar de ontwikkelingen binnen de markt voor verstandelijk gehandicaptenzorg in Noord-Holland, die is uitgevoerd in opdracht van de Raphaëlstichting. Allereerst wordt het zorggebied voor dit onderzoek afgebakend tot de provincie NoordHolland. In deel 1 worden daarom alle zorgkantoren die werkzaam zijn in de zorgkantoorregio’s waar Noord-Holland uit bestaat, onder de loep genomen door hun beleid en langetermijnvisies uiteen te zetten. Hierna worden in deel 2 de vraag- en aanbodzijde van de zorg aan verstandelijk gehandicapten in de zorgregio van Raphaëlstichting geanalyseerd door het zorgaanbod, de capaciteit en de speerpunten van de concurrerende instellingen in kaart te brengen. De vraagzijde wordt binnen deze markt gevormd door de cliënten die recht hebben op zorg en hun indicaties al dan niet verzilverd hebben. De vraagzijde wordt in deel 3 geanalyseerd, waarna in deel 4 alle 3 de delen samenkomen en waarin aanbevelingen worden gedaan, op basis van de conclusies die getrokken kunnen worden naar aanleiding van deel 1 tot en met 3. Voor de Raphaëlstichting zijn door middel van dit onderzoek de volgende inzichten verkregen

aangaande

de

marktontwikkelingen

binnen

het

eigen

zorggebied:

Demografisch gezien ontwikkelt Noord-Holland zich synchroon met Nederland. Er is sprake van een verwachte totale groei van de bevolking, waarbij een urbaniserende trend zichtbaar wordt en de gebieden in en om de steden steeds dichter bevolkt zullen worden. Met betrekking tot de ontwikkeling van de zorgvraag kan het volgende gesteld worden: De meest voorkomende VG-indicaties zijn VG3 en VG6. Het totale aantal VG1 en VG2 indicaties neemt af, maar het aantal VG3-VG8 indicaties neemt toe. Dit houdt in dat de zorgvraag complexer wordt. In zorgkantoorregio Noord-Holland Noord is sprake van een verwachte afname van de bevolking en is tevens een vergrijzingstrend zichtbaar. Dit betekent dat de totale vraag afneemt, de cliënt ouder wordt en de zorgvraag complexer. In de zorgkantoorregio’s Zaanstreek/Waterland en Kennemerland wordt daarentegen wel bevolkingsgroei verwacht. Zilveren Kruis wil in regio Zaanstreek/Waterland en Kennemerland meer intramurale zorg realiseren. Ook in deze regio’s neemt de complexiteit van de zorgvraag toe. In regio Amsterdam is de vraag naar antroposofische zorg groot, maar wordt er ‘dichtbij huis’ vrijwel geen antroposofische VG-zorg geboden. Ook in deze zorgkantoorregio is er sprake van een verwachte groei van de bevolking. De regio

wordt

gekenmerkt

door

een

groeiende

vraag

naar

niet-Westerse

logeervoorzieningen.

4

Deel 1: zorggebied

5

Zorggebied Raphaëlstichting

opereert

met

name

in

Noord-Holland. In deze provincie zijn in principe alle cliënten van Raphaëlstichting woonachtig, behalve een deel van de tachtig cliënten die in locatie Den Haag verblijven. Het aantal cliënten dat in andere provincies woont, is minimaal. Deze gehele provincie wordt daarom als uitgangspunt genomen om het zorggebied te definiëren. De provincie Noord-Holland is opgedeeld in de vijf zorgkantoorregio’s

die

in

bron

1

zijn

afgebeeld. De bijbehorende zorgkantoren zijn: o

Noord-Holland Noord (VGZ)

o

Zaanstreek/Waterland (Zilveren Kruis)

o

Kennemerland (Zilveren Kruis)

o

Amsterdam (Zilveren Kruis)

o

Amstelland en de Meerlanden

Afbeelding 1: Zorgkantoorregio's Noord-Holland

(Zorg en zekerheid) Raphaëlstichting

heeft

in

drie

van

deze

regio’s

locaties

voor

verstandelijk

gehandicaptenzorg: in Noord-Holland Noord (Broek op Langedijk, Tuitjehorn, Schoorl, Wieringerwerf, Alkmaar), in Zaanstreek/Waterland (Middenbeemster), in Kennemerland (Haarlem). Enkelen hiervan zijn de overkoepelende locatie van een aantal kleinere locaties. Raphaëlstichting heeft door deze situering te maken met de zorgkantoren VGZ en Zilveren Kruis. De locatie te Den Haag is gelegen in zorgkantoorregio Zuid-Holland Noord (Zorg en Zekerheid). Van deze zorginstellingen worden de marktanalyses ten behoeve van de zorginkoop geraadpleegd om de ontwikkelingen en lange termijn doelen per zorgkantoorregio in kaart te brengen. Alle zorgkantoren zetten in hun beleidsplannen de behoeftes van de regio uiteen en hun daarop gebaseerde voornemens voor de komende jaren. In de volgende paragraaf wordt op al deze vijf regio’s afzonderlijk ingezoomd, teneinde te kunnen vaststellen hoe Raphaëlstichting het best kan inspelen op de wensen en voornemens van de zorgkantoren.

6

Zorgkantoren Noord-Holland Noord-Holland Noord (VGZ)

Gemeenten: Andijk, Drechterland, Enkhuizen, Hoorn, Medemblik, Opmeer, Stede Broec, Wervershoof, Koggenland, Anna Paulowna, Harenkarspel, Den Helder, Niedorp, Schagen, Texel, Wieringen, Wieringermeer, Zijpe, Alkmaar, Bergen, Graft-de Rijp, Heerhugowaard, Heiloo, Langedijk, Schermer In het inkoopplan Wlz 2017 stelt VGZ dat de belangrijkste doelen voor hun regio’s zijn om voldoende zorg te realiseren, die voldoet aan de in Nederland gestelde eisen en waarbij de cliënt uit meerdere zorgaanbieders en vormen (MPT, VPT, ZZP, PGB) kan kiezen. De VGZ formuleert een aantal uitdagingen in het inkoopplan, waarop bewust moet worden ingespeeld. Allereerst vraagt de oudere cliënt (50+) om verbeteringen in de zorg, op lichamelijk (problemen met de visus, verlies van kracht en coördinatie etc.), cognitief (dementie) en sociaal emotioneel gebied (meer behoefte aan rust, moeite met veranderende netwerken etc.) vlak en betere begeleiding in de laatste levensfase. Specifiek voor LVB’ers wil VGZ meer aandacht voor het netwerk van de cliënt en de behandelduur verkorten en doorstroom

naar

vervolgzorg

te

bevorderen.

Kwaliteit

van

de

(alternatieve)

arrangementen moet van VGZ middels certificering getoetst worden. Voor ernstiger gehandicapten wil VGZ ruime woonomgevingen creëren en meer belevingsgerichte dagbestedingen met mogelijkheid tot rustmomenten. Het zorgkantoor wil hieromtrent nieuwe kleinschalige initiatieven stimuleren die inspelen op deze vraag. Zorgaanbieders moeten zelf aangeven op welke wijze zij inzicht krijgen in de wens van hun cliënten. VGZ wil de geloofsovertuiging van de cliënt een belangrijke rol laten spelen in het bepalen van het zorgaanbod. Specifiek voor regio NHN wil VGZ de mogelijkheid creëren voor jongeren met EMB om met leeftijdsgenoten naar school te gaan. Ook zal de instroom vanuit orthopedagogische behandelcentra worden teruggedrongen in samenwerking met de gemeente.

7

Zaanstreek/Waterland (Zilveren Kruis)

Gemeenten: Beemster, Edam-Volendam, Landsmeer, Oostzaan, Purmerend, Waterland, Wormerland, Zaanstad, Zeevang Zorgregio

Zaanstreek/Waterland

ziet

een

aantal

algemene

trends

binnen

de

Gehandicaptenzorg: het vinden van passende zorg voor cliënten met een complexe zorgvraag (LG, VG, LVG) wordt moeilijker. De oorzaak van deze ontwikkeling ligt in toename van complexiteit van de zorgvraag en het feit dat deze groep (VG6 en VG7) behoefte heeft aan zelfstandige, beschermde woonruimte, terwijl de huisvesting meestal op groepswonen is gericht. De nieuwe instroom wordt ook gekenmerkt door een verjongingstrend, die een belemmering vormt voor de aansluiting. Ook is het personeel onvoldoende toegerust om op deze complexiteit in te spelen. Het aantal cliënten met indicatie VG6 en VG7 neemt toe. Deze ontwikkelingen vragen investering in bijscholen en opleiden van het personeel en ander personeelsmanagement om uitputting van zorgverleners te voorkomen. De regio wil intensiever samenwerken met de GGZ, ten behoeve van de toename in het aantal cliënten met dubbele diagnose. Er komen dus steeds jongere cliënten bij, terwijl er ook een vergrijzingstrend zichtbaar is. De levensverwachting neemt toe, wat vraagt om anticipatie van zorgaanbieders op nieuwe zorgvragen en meer verpleegkundige expertise. Zorgregio Zaanstreek/Waterland schrijft een gering aantal actief wachtende cliënten te hebben, maar vraagt wel landelijke aandacht voor het in kaart brengen van het aantal cliënten dat wacht op beter passende zorg of een meer gewenste plek.

De knelpunten worden concluderend beschreven als volgt: met name het vinden van geschikte huisvesting blijkt lastig evenals het aanpassen van verouderde intramurale capaciteit. Hier gaat de regio voornamelijk mee aan de slag. In de regio ZaanstreekWaterland is het aandeel indicaties gemiddeld. Lokaal loopt dit op in bijvoorbeeld Purmerend en Midden-Beemster, omdat dat daar veel mensen met een verstandelijke beperking verblijven. Het aandeel klanten dat intramuraal verkoos boven MTP, VPT en PGB ligt aanzienlijk lager in deze regio dan in de andere regio’s van Zilveren Kruis.

8

Amsterdam (Zilveren Kruis)

Gemeenten: Amsterdam, Diemen De algemene regioanalyse die Zilveren Kruis heeft uitgevoerd in Zaanstreek/Waterland is tevens toe te passen op de trends en ontwikkelingen in regio Amsterdam (Amsterdam en Diemen). Kenmerkend voor de regio is het hoge aandeel allochtonen, dat boven de 50% ligt en het hoge aantal inwoners dat een lage sociaaleconomische status heeft (35% ten opzichte van 20% in o.a. regio Zaanstreek/ Waterland). Het aandeel inwoners met een hoge sociaaleconomische status ligt daarentegen ook iets hoger dan in de andere regio’s. Dit betekent dat er sprake is van een (groeiende) sociaaleconomische kloof in de bevolking. Het aandeel cliënten met een MPT daalt sterk ten opzichte van de andere regio’s, maar het aantal klanten met VPT blijft vrijwel ongewijzigd in de gehele regio van Zilveren Kruis. In regio Amsterdam is er sprake van twee grote uitdagingen: allereerst het realiseren van logeervoorzieningen waarbij er specifiek aandacht komt voor de niet-westerse doelgroep en ten tweede wil het zorgkantoor dat er binnen de regio wordt onderzocht welke vraag naar langdurig verblijf met een lage begeleidingsintensiteit er is onder klanten met een VG-indicatie, waar ook GGZ-problematiek en forse gedragsproblemen een rol spelen.

Kennemerland (Zilveren Kruis)

Gemeenten:

Beverwijk,

Bloemendaal,

Castricum,

Haarlem,

Haarlemmerliede

en

Spaarnwoude, Heemskerk, Heemstede, Uitgeest, Velsen, Zandvoort De algemene regioanalyse die Zilveren Kruis heeft uitgevoerd in Zaanstreek/Waterland is tevens toe te passen op de trends en ontwikkelingen in regio Kennemerland. Regio Kennemerland wordt gekenmerkt door een relatief hoog aantal inwoners met een hoge SES (sociaaleconomische status) en een laag aantal inwoners met een lage SES. Tevens wonen er meer autochtonen en minder inwoners van niet-westerse afkomst. Qua indicaties met inwoner scoort Kennemerland gemiddeld, behalve in de gemeenten met instellingsterreinen (Heemstede en Heemskerk voor VG-zorg). In deze regio is tevens de grootste instelling gesitueerd op het gebied van gespecialiseerde epilepsiezorg. Er is sprake van een goede spreiding van zorg, behalve wat betreft intramuraal aanbod voor mensen met een zintuigelijke beperking en wat betreft SGLVG-plaatsen. Hier gaat het zorgkantoor niet actief mee aan de slag, omdat deze zorg wordt aangeboden door zorgaanbieders in andere regio’s.

9

Amstelland en de Meerlanden (en Zuid-Holland Noord) (Zorg en Zekerheid)

Gemeenten: Aalsmeer, Amstelveen, Haarlemmermeer, Ouder-Amstel, Uithoorn (en Alphen aan den Rijn, Hillegom, Kaag en Braassem, Katwijk, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop,

Noordwijk,

Noordwijkerhout,

Oegstgeest,

Teylingen,

Voorschoten,

Zoeterwoude) Demografisch

vertonen

deze

regio’s

veel

overeenkomsten

met

de

landelijke

demografische gegevens. Het grootste gedeelte van de Wlz-populatie bestaat uit vrouwelijke cliënten in de leeftijd van 80-90 jaar oud. Er is sprake van vergrijzing, wat inhoudt dat deze groep zal blijven groeien, naarmate de gemiddelde leeftijd toeneemt. De uiteindelijke vraag per regio wordt bepaald door het aantal cliënten dat een geldige, door CIZ afgegeven indicatie verzilvert in de desbetreffende regio. Deze cliënten kunnen ook uit andere regio’s dan de afgifteregio komen. Dit bemoeilijkt het inschatten van de vraagontwikkeling. De vraag ontwikkelt zich volgens het landelijke beeld: relatief grote afname van vraag naar lage zorgzwaarte en relatief kleine toename van hoge zorgzwaarte, waardoor de totale vraag afneemt, maar het aantal VG-cliënten neemt toe. De instroom van de hoge ZZP’s is lager dan de uitstroom van de lage ZZP’s, maar deze instroom zal naar verwachting toenemen, waardoor geen leegstand zal ontstaan. Het aanbod in beide regio’s is voldoende, op basis van het minimale aantal actief wachtenden. Het zorgkantoor is voornemens na te gaan waarom het aantal geldige indicaties vrijwel overeenkomt met het aantal cliënten in zorg, aangezien niet elke cliënt zijn indicatie verzilvert. Er is mogelijk sprake van bovenregionale cliënten.

Het MPT, dat sinds drie jaar de nieuwe leveringsvorm voor extramurale zorg is, is een veelgevraagde vorm van alternatieve zorg in beide regio’s (2016: AM:35%, ZHN:42%). Het MPT wordt met name gevraagd ter overbrugging tot er een intramurale plaats beschikbaar komt voor de cliënt. Concluderend kan er gesteld worden dat de sector GZ stabiel is, hoewel het aantal cliënten licht afneemt en het aantal geldige indicaties toeneemt. Er is voldoende zorg ingekocht, maar onvoldoende zorg beschikbaar die aansluit bij de wens van de cliënt. Voorgenomen beleidsplannen zijn dan ook voornamelijk het verschuiven van de zorg op basis van de wens per cliënt. Tevens is het zorgkantoor voornemens de mogelijkheid voor het afnemen van een VPT te stimuleren in de regio AM, waar deze sterk afneemt ten opzichte van de regio ZHN, waar zelfs een toename te zien is.

10

11

Deel 2: Aanbodzijde

12

Aanbodzijde: andere organisaties Om een adequaat beeld te krijgen van de ontwikkelingen op de markt voor verstandelijk gehandicaptenzorg in Noord-Holland, is het noodzakelijk om de vraag- en aanbodkant binnen deze provincie te analyseren. De wensen en voornemens van de zorgkantoren zijn bekend, maar hoe worden deze wensen en voornemens uiteindelijk in de praktijk vormgegeven door de zorginstellingen die in de regio’s actief zijn? In deze paragraaf worden de speerpunten, capaciteit en verblijfsmogelijkheid van de concurrerende organisaties in kaart gebracht. In tabel 1 is de capaciteit van alle verstandelijk gehandicapten zorginstellingen in Noord-Holland afgebeeld. In bijlage 1 is de uitgebreidere versie van deze tabel te vinden, waarin de capaciteit van afzonderlijke locaties per organisatie vermeld staat. De informatie die in deze tabel wordt weergegeven is de basis voor het gehele marktonderzoek en is verkregen via het CIBG, dat de lijst heeft opgesteld op basis van de gegevens van 2017. Dit houdt in dat alle instellingen WTZi-toegelaten zijn. In de regio is een aantal instellingen actief dat niet op deze lijst stond. Deze instellingen bieden branchevreemd VG-zorg aan in de regio, dus worden in het verloop van dit onderzoek buiten beschouwing gelaten. Binnen deze categorie vallen o.a. Stichting Omega, De Waggelmannetjes,

Stichting

Dimar.

Een

aantal

organisaties

dat

branchevreemd

gehandicaptenzorg aanbiedt, is wel te vinden via Zorgkaart Nederland, maar wordt in dit onderzoek niet meegenomen.

Aanbieders 's Heeren Loo Zorggroep Abrona Anja Kramer Ascencio Zorg B.V. Axon Zorg B.V. Bea B.V. Bronx Hulp en Ondersteuning op maat B.V. Flex Zorg B.V. Gezinshuis Zwaagdijk, De Bedstee Jong-en-Aut LeekerweideGroep Multi Plus Zorg B.V. Prinsenstichting Raphaelstichting Raphaelstichting voor Sociale Heilpedagogie Sentinel Zorg Stichting Accuraat Begeleid Wonen Stichting AMSTA Stichting Bronx Begeleid Wonen Stichting BuitenGewoon

Capaciteit organisatie 828 22 5 61 0 19 13 3 7 4 506 23 534 304 134 18 3 256 3 6

13

Stichting Cordaan Stichting D.W.R.P. Stichting De Driestroom Stichting De Hartekamp Groep Stichting De Linde Stichting De Praktijk Stichting de vier jaargetijden Stichting De Waerden Stichting Esdégé-Reigersdaal Stichting Heliomare Stichting Leger des Heils Welzijns- en Gezondheidszorg Stichting Lijn 5 Stichting Lijn5 Stichting Maatwerk in Zorg Stichting Mies Stichting Odion Stichting Ons Huis Heemskerk, Respijt Zorg Stichting Ons Tweede Thuis Stichting Ons Verlangen Stichting PARLAN Stichting Philadelphia Zorg Stichting Philadelphia Zorg Amsterdam Stichting SIG, organisatie voor ondersteuning van mensen met een beperking Stichting Simetri Stichting Zonnehuizen Unal Zorg B.V. William Schrikker Stichting Zorg & Wonen Woon-Zorgboerderij de Elsenburg Zorgboerderij De Steenuil Zorginstelling Het Groene Erf B.V. Eindtotaal

1136 10 15 834 17 14 7 230 821 21 74 139 61 4 20 319 6 1551 11 14 621 195 238 2 14 6 4 9 4 14 9160

Tabel 1: Totale capaciteit VG-instellingen Noord-Holland (Bron: CIBG)

In tabel 2 zijn de 12 grootste concurrenten geselecteerd uit de lijst van tabel 1. De overige instellingen zullen hierna worden gecategoriseerd als ‘overig’. De 12 grootste concurrenten

die

in

dit

onderzoek

worden

geanalyseerd

zijn

de

volgende

zorginstellingen, de overige instellingen hebben een totale capaciteit van 653. In de tabel op de volgende pagina is de capaciteit en het marktaandeel in het zorggebied (afgerond) berekend.

14

VG-zorginstelling

Capaciteit

Marktaandeel N-H (afgerond)

828

9%

506

6%

534

6%

256

3%

1136

12%

834

9%

Stichting De Waerden Stichting Esdégé-Reigersdaal

230

3%

821

9%

Stichting Odion Stichting Ons Tweede Thuis Stichting Philadelphia Zorg Stichting SIG Subtotaal Raphaëlstichting (Noord-Holland)

319

3%

1551

17%

816

9%

238

3%

’s Heeren Loo Leekerweide Groep Prinsenstichting Stichting AMSTA Stichting Cordaan Stichting De Hartekamp Groep

Overig TOTAAL

8069

438

5%

653

7%

9160

100% Tabel 2: Marktaandeel per VG-instelling in Noord-Holland (Bron: CIBG)

Uit de tabel kan worden opgemaakt dat Ons Tweede Thuis in Noord-Holland de grootste capaciteit aanbiedt, de Raphaëlstichting op de 9e plaats staat en dat stichting De Waerden de kleinste concurrent is wat capaciteit betreft. Dit is ook te zien in de staafdiagram die op basis van tabel 2 is gemaakt (zie tabel 3). De organisaties die kleiner zijn dan De Waerden zijn niet meegenomen in dit onderzoek. Capaciteit aanbieders VG-zorg Noord-Holland 1800 1600 1400 1200 1000 800 600 400 200

dé Lo gé o -R ei ge g rs Ph da ila al de lp hi a Zo rg Pr in se ns tic Ra Le ht ph ek in aë er g w ls ei tic de ht in G ro g ep (N oo rd -H ol la nd St ic ) ht in g O di on St ic ht in g AM ST A St ic h St tin ic ht g SI in G g D e W ae rd en

ee re n

S

St ic ht in

Es g

m p ar te ka

H

H

Gr oe p

St ic ht in

rd a Co

g

St ic ht in

D e

St ic ht in

g

O

ns

Tw

ee de

Th ui

an

s

0

Tabel 3: VG-zorginstellingen Noord-Holland

15

De onderstaande cirkeldiagram geeft de marktaandelen weer zoals die in percentages zijn aangegeven in tabel 1. Uit deze tabel blijkt dat Stichting Ons Tweede Thuis, Stichting Cordaan, ’s Heeren Loo en Philadelphia Zorg iets minder dan de helft van de capaciteit van heel Noord-Holland realiseren. Het marktaandeel van de overige organisaties (7%) is in deze tabel namelijk niet meegenomen. Grafische weergave marktaandeel concurrenten

3%

3%

3%

18%

3%

Stichting Ons Tweede Thuis Stichting Cordaan

5%

De Hartekamp Groep s Heeren Loo Stichting Esdégé-Reigersdaal

6%

Stichting Philadelphia Zorg 13%

Prinsenstichting Leekerweide Groep

6%

Raphaëlstichting (Noord-Holland) Stichting Odion Stichting AMSTA 10%

10%

Stichting SIG Stichting De Waerden

10%

10%

Tabel 4: Marktaandeel per organisatie in Noord-Holland

In tabel 5 zijn de speerpunten en capaciteit van de 12 grootste concurrenten verwerkt,

Om inzichtelijk te maken welke soorten zorg er door de concurrent aangeboden worden in de regio en op welke speerpunten het beleid van de concurrent gebaseerd is. De Raphaëlstichting is niet meegenomen in deze lijst. Zij staan geregistreerd bij het CIBG als een organisatie die in 2017 een capaciteit van 438 had. Dit cijfer komt niet overeen met het totale aantal verstandelijke gehandicapten waar De Raphaëlstichting zorg aanbiedt, omdat ongeveer veertig van hen de indicatie VV (Verzorging en Verpleging) of LG (Lichamelijk Gehandicapt) hebben. Dit kan bij andere organisaties ook het geval zijn. Daarnaast heeft de locatie van De Raphaëlstichting te Den Haag ook nog tachtig cliënten. De cijfers in dit rapport zijn gebaseerd op het aantal VG-indicaties dat bekend is bij de WTZi en het aantal bedden dat de organisaties officieel beschikbaar hebben. Het aantal cliënten kan in de praktijk enigszins afwijken, zoals bij De Raphaëlstichting het geval is.

16

Naam

Capaciteit (2017)

Speerpunten

’s Heeren Loo

Capaciteit: 828

’s Heeren Loo begeleidt kinderen in

’s Heeren Loo biedt meer dan

de ontwikkeling, volwassenen in het

begeleiding, ondersteuning en

door middel van trainingen en biedt

125 jaar in het hele land zorg, behandeling aan mensen met een verstandelijke beperking

in alle leeftijden en voorziet in

Leekerweide Groep

behouden van hun zelfstandigheid

senioren een woonplaats, hulp aan huis of dagbesteding

woon- en werkplaatsen. Capaciteit: 506

Het doel is de cliënt in de

Leekerweide biedt therapie,

maatschappij te laten meedraaien.

dagbesteding, onderzoek,

werk of aan huis. Leekerweide biedt

woonbegeleiding,

behandeling voor jong en oud. Leekerweide is uitsluitend

actief in de provincie NoordHolland.

Prinsenstichting Capaciteit: 534

De Prinsenstichting maakt deel

Daarom biedt Leekerweide hulp op naast VPT en MPT ook intramurale Zorg in Natura aan en wil haar

bewoners in een rustige en veilige omgeving onderbrengen.

De Prinsenstichting begeleidt

mensen in alle leeftijden met een

uit van de Stichting De

verstandelijke (of meervoudige)

provincies Noord-Holland,

een groot aantal zorginhoudelijke

Opbouw, die actief is in de Utrecht en Gelderland.

beperking. De Prinsenstichting heeft specialisten in huis, zoals

psychologen, pedagogen,

logopedisten, fysiotherapeuten en meerdere gespecialiseerde artsen

Stichting AMSTA

verstandelijk gehandicapten (AVG). Capaciteit: 256

AMSTA (Amsta Karaad) biedt

verspreid door Amsterdam.

maat aan verstandelijk

AMSTA heeft 13 woonlocaties

ondersteuning en begeleiding op gehandicapten. De ondersteuning

varieert van 24-uurs begeleiding tot

Stichting Cordaan

ondersteuning op verzoek. Capaciteit:1136

‘Bij Cordaan helpen we iedereen,

Diemen), verstandelijk

tijd verpleging, verzorging,

35 locaties in Amsterdam (1 in

van jong tot oud, die korte of lange

gehandicaptenzorg is klein

begeleiding en/of ondersteuning

dagbesteding. Voorziet verder

op verzorging en verpleging, als u

onderdeel en bestaat alleen uit ook in ouderen- en palliatieve zorg etc.

nodig heeft. Als u bent aangewezen een verstandelijke beperking heeft of als u met chronische psychische problemen kampt. Zodat u zo lang mogelijk zelfstandig kunt blijven.

17

Liefst thuis, in uw eigen omgeving. En als dat niet kan, in een omgeving waar u zich veilig voelt.’ Cordaan streeft ernaar mensen zolang

mogelijk zelfstandig te laten wonen.

Stichting De Hartekamp Groep

De begeleiding is hierop gericht. Capaciteit: 834

Hartekamp Groep ondersteunt

Haarlem bestaat uit 50 locaties

leeftijden. Zij bieden diverse

Stichting De Hartekamp Groep die allemaal gesitueerd zijn in Noord-Holland.

Stichting De Waerden

begeleidingsvormen aan, van begeleiding op school tot

tandheelkundige en medische zorg en (begeleid) wonen.

Capaciteit: 230

Ondersteuning bieden aan kinderen,

Stichting De Waerden bestaat

volwassen, ouderen en gezinnen

verstandelijk gehandicapten

verstandelijke beperking, stoornis in

uit 20 locaties waar

(begeleid) zelfstandig wonen,

Stichting EsdégéReigersdaal

mensen met een beperking in alle

waarvan één of beide ouders een

het autistisch spectrum heeft of bij

24-uurs ondersteuning of een

wie een dubbele diagnose is

Capaciteit: 821

Het belangrijkste voor deze

21 locaties in Den Helder en

beperking aan zinvolle

zinvolle dagbesteding krijgen.

Esdégé-Reigersdaal bestaat uit omgeving.

vastgesteld.

organisatie is hun cliënten met een dagbesteding helpen en

ondersteuning te bieden bij

opvoeding en school. Op de website is een plattegrond gepubliceerd van de winkellocaties waar cliënten

Stichting Odion

producten en diensten verzorgen. Capaciteit: 319

Streven naar een dermate

deze organisatie, waar cliënten

afhankelijkheid van hun omgeving

blijvende zorgvraag met

mogelijk ervaren wordt. Dit probeert

Er vallen 35 locaties onder in alle leeftijden met een

betrekking tot een lichamelijke of verstandelijke beperking worden ondersteund.

Stichting Ons Tweede Thuis

ondersteuning dat de

door de cliënten zo minimaal

Odion met name te bewerkstelligen door intensieve pedagogische begeleiding voor gezinnen en

dagbesteding voor volwassenen.

Capaciteit: 1551

Kernbegrip is zelfbewustzijn: zelf

Meer dan 70 locaties in

wijst op uniciteit, bewust wil zeggen

Amsterdam, Haarlem,

omgeving je je bevindt en zijn heeft

Aalsmeer, Amstelveen,

Haarlemmermeer, Ouder-

dat je je realiseert in welke

betrekking op het bestaan en

18

Amstel, Uithoorn en in de

zelfkennis. Het doel is samenwerken

regio Zuid- en Midden-

aan een leven voor kinderen en

Kennemerland.

volwassenen met een beperking

waarin zij zichzelf kunnen zijn in

Stichting Capaciteit: 816 Philadelphia Philadelphia biedt al meer dan Zorg 50 jaar op 600 locaties door

heel Nederland zorg aan (licht) verstandelijk beperkten,

een omgeving die bekend is. Mensen met een beperking

ondersteunen en een zo prettig

mogelijk leven bieden vanuit het perspectief van naastenliefde.

Naastenliefde uiten zoals in het

ernstig meervoudig beperkten,

Bijbelverhaal van de barmhartige

mensen met moeilijk

belangrijkste speerpunt van

ouderen, jeugd en gezin en verstaanbaar gedrag.

Samaritaan uiteengezet wordt, is het Philadelphia.

Philadelphia heeft in

Amsterdam e.o. 41 locaties.

Stichting SIG Capaciteit: 238

SIG bestaat uit acht locaties in de regio Haarlem.

SIG is een kleinschalige HKZ-

gecertificeerde organisatie voor mensen met een verstandelijke

beperking en/of stoornis in het autistisch spectrum.

Tabel 5: 12 grootste instellingen in Noord-Holland (capaciteit en speerpunten)

Om het beeld van het soort cliënten dat deze organisaties onder hun hoede hebben te verduidelijken, wordt in de onderstaande afbeeldingen (tabel 6 en 7) de productie van de 12 grote organisaties weergegeven aan de hand van de geldstromen die zij ontvangen. Deze gegevens zijn afkomstig uit de eigen jaarverslagen van de organisaties. Wlz

Jeugdwet

Wmo

Overig

6,4%

0,7%

0%

2,4%

2,5%

4,7%

13,7%

2,7%

7,4%

1,5%

2,8%

6%

0,5%

4,4%

5,6%

1,7%

13,8%

21%

2,8%

1,3%

0%

84,3%

5,2%

10,5%

0%

82,3%

3,5%

8,2%

6%

85,8%

4%

7,1%

3,1%

91,4%

3,5%

5,1%

0%

1,2%

1,3%

2,1%

6,5%

10,1%

1%

’s Heeren Loo 92,9%

Leekerweide Groep 90,4% Prinsenstichting 76,2% Raphaëlstichting 89,7%

Stichting Amsta 89,5% Stichting Cordaan 63,5% Stichting De Hartekamp Groep 95,9% Stichting De Waerden Stichting Esdégé-Reigersdaal Stichting Odion Stichting Ons Tweede Thuis

Stichting Philadelphia Zorg 95,4% Stichting SIG 82,4%

Tabel 6: Verdeling productie grote aanbieders (Bron: https://www.desan.nl/net/DoSearch/Search.aspx)

19

Verdeling productie grote instellingen Noord-Holland 120,00% 100,00% 80,00% 60,00% 40,00% 20,00%

’s H ee Le re ek n er Lo w o ei de Pr G ro in se ep ns t Ra ic ht ph in aë g ls tic St ht ic in ht St g i n ic g St ht A i ch in m g tin st D a g e C H o ar rd te aa ka St n m ic St ht p ic ht G in ro g in ep g D e Es W dé ae gé rd -R en ei ge St ic rs St ht da ic in ht al g i n O g St ns O ic di Tw ht on in e ed g Ph e Th ila de ui s lp hi a Zo St rg ic ht in g SI G

0,00%

Wlz

Jeugdwet

Wmo

Overig Tabel 7: Grafische weergave productie (tabel 6)

Nu bekend is welke WTZi-toegelaten instellingen nog meer zorg bieden aan verstandelijk gehandicapten in Noord-Holland, wat hun marktaandeel, capaciteit, beleid en speerpunten zijn en met welk geld zij hun zorg financieren, is de aanbodzijde van de markt op grond van diverse vereisten gedefinieerd. Op afbeelding 2 zijn de grote organisaties letterlijk in kaart gebracht, omdat elk bolletje een locatie met een hogere capaciteit dan 25 weergeeft. Dit geeft de spreiding van de organisaties aan binnen NoordHolland. Om hier adequate conclusies uit te kunnen trekken, is demografische kennis van het gebied vereist. Hier wordt later op teruggekomen. Na de afbeelding die de spreiding vertoont, wordt op de zes grootste concurrenten nogmaals ingezoomd en gekeken naar hoe zij zich onderscheiden binnen de regio.

20

Wie zit waar?

Afbeelding 2: Spreiding grootste concurrenten Noord-Holland

21

6 concurrenten in beeld Ons Tweede Thuis heeft meer dan 70 locaties binnen het zorggebied van de

Raphaëlstichting,

namelijk

in

Aalsmeer,

Haarlemmermeer,

Ouder-Amstel,

Uithoorn

Amstelveen, en

in

de

Amsterdam,

regio

Zuid-

en

Haarlem, Midden-

Kennemerland. Ons Tweede Thuis is met een capaciteit van meer dan 1500 plaatsen de grootste concurrent in het zorggebied. Ons Tweede Thuis biedt zorg aan cliënten met een verstandelijke beperking, autisme en niet-aangeboren hersenletsel. Dit doen zij door middel van ondersteuning thuis, zoals gespecialiseerde oppas, praktische pedagogische gezinsbehandeling en psychosociale hulpverlening voor ouders, ondersteuning op school, zoals speciale buitenschoolse en vakantieopvang, begeleiding leerplichtige thuiszitters en integratiebegeleiding etc. Ook biedt Ons Tweede Thuis zorg in woonvoorzieningen, een adviespunt, een polikliniek, aan mensen met niet-aangeboren hersenletsel, mensen met autisme en heeft Ons Tweede Thuis een eigen academie. De medewerkers zijn gespecialiseerd in bijkomende problematiek binnen de doelgroep, zoals criminaliteit, verslavingen etc. Ons Tweede Thuis is tevens gespecialiseerd in complexere zorg, zij biedt bijvoorbeeld trainingen aan over doelgroepen van mensen met een ernstige meervoudige beperking en mensen met een licht verstandelijke beperking en moeilijk verstaanbaar gedrag. Ook wordt Ons Tweede Thuis gekenmerkt door deskundigheid op het gebied van therapieën, zoals EMDR. Ons Tweede Thuis wil door middel van begeleiding in samenwerking met de familie de vraag naar intensievere zorg proberen te voorkomen. Dit is hun belangrijkste speerpunt.

Hartekamp Groep bestaat 65 jaar en heeft 50 locaties en een totale capaciteit van meer

dan 800 plaatsen in het zorggebied van de Raphaëlstichting. Deze locaties zijn gecategoriseerd in 4 soorten: wonen, werken, leren, ondersteunen. Hartekamp Groep wil een zo goed mogelijk leven in een veilige omgeving creëren voor mensen met een beperking in alle leeftijden. Zij bieden diverse zorgvormen aan, van begeleiding op school tot tandheelkundige en medische zorg en (begeleid) wonen. Hartekamp Groep streeft ernaar om de cliënten te onderwijzen, omdat ook mensen met een beperking nooit uitgeleerd zijn. Ouders wordt de mogelijkheid geboden de zorg periodiek uit handen te geven, waarvoor Hartekamp samenwerkt met stichting de Wielewaal voor logeren, zaterdag- en vakantiedagopvang. Voor kinderen met VG-indicatie 5-8 is er een speciaal logeeraanbod. Er worden diverse woonmogelijkheden aangeboden: beschermd wonen met passende ondersteuning, wonen in een woonwijk of zelfstandig met hulp. Om de ontwikkeling van de cliënten te stimuleren worden er cursussen aangeboden in het

22

Cursuscentrum en voor de oudere cliënten heeft de Hartekamp Groep een gespecialiseerd uitzendbureau: Het Loopbaancentrum, waar mensen met een (verstandelijke) beperking aan een baan worden geholpen. Hartekamp Groep biedt ook deskundige zorg aan cliënten met ernstig meervoudige beperking en/of moeilijk verstaanbaar gedrag. Het belangrijkste doel van Hartekamp Groep is de cliënt stimuleren het beste uit zichzelf te halen door te blijven ontwikkelen en eigen keuzes te blijven maken (Corporate folder de Hartekamp Groep). Esdégé-Reigersdaal opereert in Noord-Holland. Zij ondersteunen mensen met een

verstandelijke en/of lichamelijke beperking of niet-aangeboren hersenletsen in de regio Noord-Holland Noord. Esdégé-Reigersdaal probeert onder andere door cliënten producten of diensten te laten leveren in 41 winkellocaties om de participatie in de maatschappij te stimuleren. Esdégé-Reigersdaal zet bewust in op het aanbieden van (para)medische voorzieningen voor mensen met een beperking, zoals een afasiecentrum, diëtisten,

fysiotherapeuren,

huisartsen,

speltherapeuten,

ergotherapeuten,

gedragsdeskundigen, logopedisten en tandartsen. Zij zijn op de hoogte van specifieke problemen die samenhangen met diverse aandoeningen en syndromen. Esdégé biedt hulp bij

opvoeding,

schoolgaan,

logeren,

wonen

en

verzorgt

dagbestedingen

en

vrijetijdsactiviteiten en begeleidt bijvoorbeeld op kleinschalig niveau ouders in het verzorgen van kinderen met moeilijk verstaanbaar gedrag en/of die ernstig meervoudige gehandicapt zijn. Philadelphia Zorg Amsterdam e.o. is onderdeel van Philadelphia, een christelijke

zorgorganisatie die al meer dan 50 jaar op 500 locaties door heel Nederland zorg aan 7500 mensen die (licht) verstandelijk of (ernstig) meervoudig beperkt zijn en/of mensen die moeilijk verstaanbaar gedrag vertonen. Ook biedt Philadelphia deskundige zorg aan mensen met autisme en menen met auditieve beperkingen. In Amsterdam en omstreken heeft Philadelphia 41 locaties, waar ambulante zorg, wonen, dagbesteding en logeren worden aangeboden. Kenmerkend voor Philadelphia is dat zij een christelijke organisatie zijn en vanuit het perspectief van de christelijke invulling van naastenliefde hun zorg vormgeven. Philadelphia beschikt over eigen gedragsdeskundigen, fysiotherapeuten, logopedisten en ergotherapeuten. De locaties zijn kleinschalig om maatwerk toe te kunnen passen. Philadelphia wil de mens zijn eigen regie laten behouden door hem of haar te ondersteunen en door zo min mogelijk regels te laten belemmeren. Met De

Bedoeling heeft Philadelphia een regelarme manier van werken, waarmee zij op termijn zelforganisatie willen realiseren, waarbij teams meer handelsruimte krijgen. Philadelphia neemt deel aan het Kwaliteitskader en Stichting ‘Mijn Geld en Zo’.

23

Cordaan opereert alleen in Amsterdam met een capaciteit van meer dan 1000 plaatsen.

De organisatie biedt uitsluitend zorg, begeleiding en behandeling aan verstandelijk gehandicapten in alle leeftijden, van licht tot zeer ernstig verstandelijk beperkt, met of zonder bijkomende beperkingen. Cordaan heeft een team behandeling en expertise met Artsen voor Verstandelijk Gehandicapten (AVG), gedragsdeskundigen, fysio-, oefen-, ergo-, hydro-, of muziektherapeuten en logopedisten. Cordaan wijst op het feit dat Amsterdam een groeiende minderheden-stad is en dat er wel degelijk sprake is van verschil tussen gezondheid en de zorgvraag van ouderen met een westerse en ouderen met een niet-westerse achtergrond. Deze groei in de vraag naar zorg, heeft tot gevolg dat de vraag naar woningen het aanbod overstijgt. Ouders hebben meer behoefte aan mogelijkheden voor logeren en/of deeltijd wonen en steeds meer jongeren met een licht verstandelijk beperking komen in aanraking met de politie, waardoor de soort zorg ook verandert. Om (potentiële) cliënten op een toegankelijke manier mee te laten denken en te betrekken bij de ontwikkelingen van de organisatie geeft Cordaan vier keer per jaar het blad Corso uit. Dit blad voldoet voor zover mogelijk aan de Europese Richtlijnen voor eenvoudige en leesbare teksten voor mensen met een verstandelijke beperking. Ook neemt Cordaan veel deel aan de Green Deal en Milieuthermometer Zorg.

’s Heeren Loo biedt voornamelijk hulp aan (gezinnen van) verstandelijk gehandicapten in

de vorm van hulp bij opvoeding, hulp thuis, beschermd of begeleid wonen, dagopvang, leren, werk en dagbesteding en hulp bij vrijetijdsinvulling. ’s Heeren Loo biedt deskundige zorg aan mensen met autisme, doofblindheid, (licht) verstandelijke of ernstig meervoudige beperkingen, niet-aangeboren hersenletstel, foetaal alcoholsyndroom etc. ’s Heeren Loo heeft een eigen expertisecentrum, Advisium, waar specialistisch onderzoek wordt uitgevoerd en waar medicijnen, hulpmiddelen en therapie op maat worden verstrekt. ’s Heeren Loo wil mensen met een beperking helpen om hun leven in te vullen zoals zij dat zelf willen. Daarom

bieden

ze

hulp

die

varieert

van

lichte

ondersteuning aan huis tot intensieve 24-uurs opvang op woonlocaties. ’s Heeren Loo is van oorsprong een christelijke

organisatie

en

hecht

vanuit

het

rentmeesterschapsperspectief veel waarde aan de zorg voor het milieu. De cliënt wordt betrokken in dit proces, want ’s Heeren Loo en de academie voor Zelfstandigheid hebben samen een educatiepakket ontwikkeld: ‘Het milieu

en

ik’.

Cliënten

kunnen

door

middel

van

opdrachtkaarten in dit programma op zoek gaan naar wat milieu en duurzaamheid is en wat zij zelf kunnen doen.

Afbeelding 3: Voorbeeld cliëntspelkaart 'Milieu'

24

25

Deel 3: Vraagzijde

26

Vraagzijde Vraagzijde: Ontwikkelingen op de markt

Om de vraagzijde in beeld te krijgen, is er een antwoord vereist op de volgende vragen: wie stelt de (zorg)vraag en hoe wordt deze vraag beïnvloed door externe factoren? De cliënt met een VG-indicatie, woonachtig in Noord-Holland, stelt de zorgvraag en de markt rondom deze vraag wordt beïnvloed door juridische en demografische ontwikkelingen. In deze paragraaf wordt dit antwoord verder uitgewerkt en wordt er een duidelijk beeld geschetst van de (potentiële) cliënt van De Raphaëlstichting.

Juridische ontwikkelingen In Nederland neemt de totale productie van gehandicaptenzorg toe. Er zijn een aantal ontwikkelingen die deze groei beïnvloeden. Allereerst de verandering van AWBZ naar Wlz. Het doel van de hervorming van de AWBZ was de cliënt zo lang mogelijk thuis te laten wonen. Ten tweede zijn de ZZP/VG 01 en 02 geëxtramuraliseerd ten gevolge van deze juridische wijziging, wat inhoudt dat deze cliënten langer thuis moeten blijven wonen en geen aanspraak kunnen maken op intramurale zorg. Voor cliënten die voor 2013 een indicatie voor AWBZ-verblijf hebben gekregen op basis van VG1 of VG2, blijven hier recht op hebben. Het belangrijkste gevolg van deze juridische verandering is de zichtbare afname van de indicaties (ZZP) VG1 en VG2 en een toename in de vraag naar complexere zorg, zoals in de onderstaande tabellen (CIZ) zichtbaar is. Er is zowel op landelijk als op provinciaal niveau een toename zichtbaar in het aantal indicaties, vanaf VG3. De indicaties VG3 en VG6 worden het meest afgegeven.

ONTWIKKELING VG-INDICATIES NEDERLAND 1 januari 2018

6550 8325 8350

10310 12880 13250

665 615 600

5285 4780 4590

12875 15480 16050

12605 13335 13980

22450 25000 25670

1 januari 2017

22715 24145 24475

1 januari 2016

1VG

2VG

3VG

4VG

5VG

6VG

7VG

8VG

Tabel 8: Bron Rijksoverheid, Ministerie VWS

27

ONTWIKKELING VG-INDICATIES NOORD-HOLLAND 1 januari 2018

795 1045 1030

1205 1565 1605

180 165 160

815 750 730

1435 1530 1615

2820 3095 3145

1 januari 2017

1565 1920 1995

3040 3230 3240

1 januari 2016

1VG

2VG

3VG

4VG

5VG

6VG

7VG

8VG

Tabel 9: Bron Rijksoverheid, Ministerie VWS

Het totale aantal VG-indicaties in Noord-Holland is toegenomen van 11860 in 2016 naar 13525 in 2018. Hierin is een afname zichtbaar van VG1 en VG2 en een toename van de andere indicaties. In totaal kunnen de WTZi-toegelaten zorginstellingen in Noord-Holland 9160 VG-cliënten onderbrengen (CIBG, 2017). Dat betekent dat de capaciteit intramurale zorg in 9160/12395 indicaties is dat er gesteld kan worden dat 74% van de indicaties gedekt kan worden met de huidige capaciteit en dat in ieder geval 26% van de mensen hun indicatie (nog) niet of extramuraal verzilverd hebben, bijvoorbeeld door middel van een persoonsgebonden budget, of dat zij zorg afnemen bij een organisatie die branchevreemd opereert in het zorggebied. De tweede ontwikkeling die de vraagzijde van de markt beïnvloedt, is de demografische ontwikkeling van Noord-Holland. In het tweede deel wordt deze ontwikkeling vergeleken met de landelijke demografische ontwikkeling en worden eventuele effecten op de zorgvraag uitgewerkt.

28

Demografische ontwikkelingen De totale bevolking in Noord-Holland was in 2017 verdeeld per regio zoals in afbeelding 4 af te lezen is. In de prognose bevolking

totaal

per

verwachte

toename

regio

is

een

zichtbaar

in

alle

regio’s, behalve Holland, zoals inzichtelijk is gemaakt in afbeelding 5, waar de prognose per 5 jaar van 2020-2040 is weergegeven.

Deze

gegevens

zijn

afkomstig van data.noord-holland.nl. Noord-Holland wordt gekenmerkt door een hoge bevolkingsgroei. In de prognose is een verwachte toename zichtbaar van 2,8 miljoen inwoners in 2017 naar bijna 3,2 miljoen inwoners in 2040. Deze toename is te verklaren aan de hand van de

relatief

jonge

bevolking

in

het

zuidelijke deel van de provincie en de stijgende

werkgelegenheid

rond

metropoolregio Amsterdam, die tevens

Afbeelding 4: Totale bevolking NH 2017

samengaat met een hoog buitenlands migratiesaldo. De verwachte groei in het noordelijke deel van de provincie is lager dan in de afgelopen decennia. Na 2030 compenseert migratie niet langer het sterfteoverschot

ten

gevolge

van

de

vergrijzing. Ondanks de jonge instroom is er een vergrijzingstrend zichtbaar in de bevolkingssamenstelling

in,

zie

Afbeelding 5: Prognose bevolking NH per regio

afbeelding 6 en 7. Deze vergrijzings-

trend heeft invloed op de zorgvraag: naar

verwachting

dementerende aantal

zal

cliënten,

cliënten

dat

het

aantal

evenals

het

afname

van

mobiliteit en vitaliteit ervaart, groeien.

Afbeelding 6: Prognose bevolking NH per leeftijd

29

Wanneer deze gegevens naast de landelijke demografische

ontwikkelingen

worden

gelegd, is zichtbaar in de tabel hiernaast dat de bevolking landelijk niet meer zal groeien na 2050, omdat de natuurlijke aanwas negatief zal worden na 2037 door een toename van sterfgevallen. Hierdoor zal de vergrijzing afnemen. Wel is er landelijk gezien sprake van toename van de levensverwachting: van 1950-2060 ligt

Afbeelding 3: Prognose bevolking Nederland

deze toename rond de 20 jaar per persoon. In de afbeelding 7 en 8 is de bevolkingsgroei van Nederland in kaart gebracht. De verwachte bevolkingsgroei in Noord-Holland is aan de hand van deze ontwikkelingen te verklaren. De drie factoren die deze groei bepalen zijn natuurlijke aanwas en buiten- en binnenlandse migratie. Er kan gesteld worden dat er sprake is van een verwachte toename van de bevolking in de Randstadregio en een afname van de bevolking in de overige provincies. Deze conclusie verklaart de groei van de bevolking in Noord-Holland ten opzichte van de totale bevolkingskrimp van Nederland, evenals de groei van de bevolking in het midden en zuiden van de provincie, ten opzichte van de afname van de bevolking in Noord-Holland Noord.

Afbeelding 8: BRON PBL, verwachte groei per gemeente, geraadpleegd via URL: [HTTP://WWW.PBL.NL/INFOGRAPHIC/BEVOLKINGSGROEI-2015-2030]

30

Vraagzijde: (potentiële) cliënten

Totaal aantal VGindicaties Noord-Holland

Totaal aantal VGindicaties Nederland

14000 13500 13000 12500 12000 11500 11000

110000 105000 100000 95000 90000 85000 01-jan-16

01-jan-17

01-jan-18

01-jan-16

Tabel 10: Groei totaalaantal VG-indicaties Nederland

01-jan-17

01-jan-18

Tabel 11: Groei totaalaantal VG-indicaties Nederland

De ontwikkelingen binnen de markt zijn nu in kaart gebracht, maar de uiteindelijke vraagzijde van de markt wordt bepaald door de cliënt die een zorgvraag heeft. In dit onderzoek betreft dat het aantal cliënten dat een geldige, door CIZ afgegeven Wlzindicatie op VG-grondslag verzilvert. In Noord-Holland bestaat dit aantal in 2018 uit 13525 mensen. Tabel 10 geeft het totale aantal VG-indicaties in Noord-Holland weer en in tabel 11 wordt dit aantal gecategoriseerd in VG-indicatie 1 tot en met 8 en wordt weergegeven hoeveel indicaties er per VG per gemeente in Noord-Holland zijn. De demografische ontwikkelingen die in de vorige paragraaf aan bod zijn gekomen, zijn terug te zien in de VG-indicaties per zorgkantoorregio in Noord-Holland per leeftijd (2016: CBS). Deze tabellen zijn te vinden onder Bijlage 3 en zijn hieronder samengevat in het aantal VG-indicaties per leeftijd in Noord-Holland als geheel. Deze cijfers zijn in 2017 vastgesteld over het jaar 2016. De indicaties VG3 en VG6 worden veruit het meest toegewezen. In deze tabel is iedereen opgenomen met een indicatie ZMV (zorg met verblijf). In Noord-Holland hebben in 2016 totaal 12380 personen een VG-indicatie voor ZMV gekregen volgens het CBS. Door andere afrondingen is hier een verschil met de 11860 indicaties die volgens de CIZ zijn toegekend. totaal

<18

18-35

35-50

50-65

65-70

70-75

75-80

80-85

85-90

90>

VG1

175

0

65

55

35

10

5

5

0

0

0

VG2

780

0

420

195

120

35

10

0

0

0

0

VG3

3075

0

1475

740

610

135

80

25

10

0

0

VG4

1700

185

560

320

365

125

65

40

35

5

0

VG5

1350

200

315

235

340

100

60

45

35

20

0

VG6

2870

295

1220

585

575

95

50

35

15

0

0

VG7

1525

95

535

425

355

60

30

10

15

0

0

VG8

905

155

235

150

205

50

40

20

25

15

10

Tabel 12: Bron CBS

31

De vijf zorgkantoren zijn er verantwoordelijk voor dat de personen de zorg krijgen die bij hun VG-indicatie past. De onderstaande tabel (tabel 13) is gebaseerd op bijlage 2 en toont dat in iedere regio de meeste personen een VG3 of VG6 indicatie hebben. In regio NoordHolland Noord wonen de meeste personen met een indicatie en in regio Amstelland en de Meerlanden de minste. Op basis van deze gegevens kan het marktaandeel per regio worden berekend, zoals grafisch is weergegeven in de cirkeldiagram (tabel 14).

VG1 VG2 VG3 VG4 VG5 VG6 VG7 VG8

Totaal

Noord-

Zaanstreek/

Amstelland

Holland Noord

Waterland

en de Meerlanden

Kennemerland

Amsterdam

60

25

5

25

60

265

100

90

125

210

840

455

350

495

925

565

240

225

315

355

470

175

225

210

280

1070

395

310

410

685

585

210

150

250

340

320

110

130

170

170

4175

1710

1485

2000

3025

Tabel 13: VG-indicaties per zorgkantoorregio

In het cirkeldiagram is het marktpercentage per zorgkantoorregio weergegeven. Er is te zien dat Noord-Holland Noord de grootste regio is wat betreft het aantal cliënten met een VG-indicatie (34%). Dit zou betekenen dat de VGZ de grootste zorgaanbieder is in NoordHolland, maar zoals eerder is aangegeven, vallen zowel Zaanstreek/Waterland als Amsterdam en Kennemerland onder Zilveren Kruis, wat betekent dat Zilveren Kruis in Noord-Holland met 54% (Zaanstreek/Waterland; 14% + Kennemerland; 16% + Amsterdam; 24%) veruit de grootste aandeelhouder in de provincie Noord-Holland. Zorg en Zekerheid heeft een totaal marktaandeel van 12%. MARKTAANDEEL ZORGKANTOREN O.B.V. VG-INDICATIES PER ZORGKANTOORREGIO

Amsterdam 24%

Noord-Holland Noord 34%

Kennemerland 16%

Amstelland en de Meerlanden 12%

Zaanstreek/Waterland 14% Tabel 14: Marktaandeel Zorgkantoren Noord-Holland

32

Zorgkantoorregio Toelating VG

Raphaëlstichting

Marktaandeel

Amstelland en de Meerlanden

1485

0

0%

Amsterdam

3025

0

0%

Kennemerland

2000

28

1,40%

Zaanstreek/Waterland

1710

106

6,20%

Noord-Holland Noord

4175

304

7,28%

Tabel 15: Marktaandeel Raphaëlstichting per zorgkantoorregio

Het marktaandeel van Raphaëlstichting wordt per regio weergegeven in de bovenstaande tabel. Wanneer de 438 plaatsen van Raphaëlstichting naast het totale aantal VG-indicaties (12395 in 2017) wordt gelegd, heeft Raphaël dus een productieaandeel van 3,5%. Dit ten opzichte van de 5% van de totale capaciteit in Noord-Holland (9160). In de tabel in bijlage 3 is het aantal VG-indicaties per gemeente weergegeven. Deze getallen zijn gebaseerd op de jaren 2016, 2017 en 2018. Op de indicaties VG1 en VG2 na, is een toename zichtbaar in alle VG-indicaties in Noord-Holland. Dit klopt met de gegevens van afbeeldingen 8, 10 en 11, waar eveneens een afname in het aantal VG1 en VG2 indicaties te zien is. Wanneer de provinciale gegevens van Noord-Holland worden vergeleken met de landelijke gegevens van Nederland, kan geconcludeerd worden dat dezelfde trend zichtbaar is: een afname van indicaties VG1 en VG2 en een toename in het aantal indicaties VG3-VG8. In deze tabel goed zichtbaar hoeveel personen er per VGindicatie in elke gemeente wonen. De volgende gemeentes vallen direct op: Amsterdam, Den Helder, Haarlemmermeer, Haarlem, Zaanstad, Purmerend. Ook de steden Hilversum, Hoorn een Heerhugowaard scoren hoog. Deze steden zijn verdeeld over de gehele provincie en daarmee over alle vijf de zorgkantoorregio’s.

Hieruit kan geconcludeerd worden dat in de grote steden de meeste VG-geïndiceerde personen wonen. Dit hangt samen met de hogere bevolkingsdichtheid in de grote steden en de situering van de zorginstellingen (zie afbeelding 2). Aangaande de cliënt in Noord-Holland zijn de volgende conclusies te trekken. Allereerst zijn de VG-indicaties VG3 en VG6 het meest voorkomend. Ten tweede neemt het aantal personen met een VG1 en VG2 indicatie af, maar het aantal personen met een VG3-VG6 neemt toe. Veruit de meeste cliënten in Noord-Holland zijn aangesloten bij zorgkantoorregio Noord-Holland Noord (4000>) en Amsterdam (3000>) en zijn voornamelijk woonachtig in de grote steden in deze regio’s. Kenmerkend voor de regio Noord-Holland Noord is een zichtbare vergrijzingstrend, vraagt de cliënt om meer begeleiding tijdens de laatste levensfase en neemt de kans op dementie en afname van vitaliteit en mobiliteit voor de cliënt toe. Kenmerkend voor de regio Amsterdam is de toename van diversiteit onder de cliënten.

33

34

Deel 4: Definiëring zorg

35

Definiëring zorg Volgens Vereniging Gehandicapten Nederland (VGN) zijn er in Nederland ongeveer 142.000 mensen met een verstandelijke beperking. VGN definieert deze groep als mensen met een IQ onder de 70.

Het

ministerie van VWS (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) definieert VG-zorg als een subgroep binnen de gehandicaptenzorg, die uiteenvalt in drie subgroepen: verstandelijk

gehandicapten

(IQ

<70,

blijvende

beperkingen wat betreft sociale redzaamheid), licht verstandelijk gehandicapten (LVG, IQ 50-85) en sterk gedragsgestoord licht verstandelijk gehandicapten (SGLVG, naast een lichte verstandelijke handicap een ernstige

psychiatrische

aandoening

of

gedragsproblemen)). Met VG-zorg wordt de zorg aan verstandelijk gehandicapten met een IQ <50 bedoeld

Afbeelding 9: Landelijke groei Wlz-indicaties

(Ministerie VWS, Monitor Langdurige Zorg). Wanneer een persoon een indicatie voor langdurige zorg aanvraagt bij het Centrum indicatiestelling zorg (CIZ), zijn er twee keuzemogelijkheden in zorg: PBG en ZiN (intramuraal, in een instelling of extramuraal, via VPT of MPT). In deze paragraaf worden deze leveringsvormen kort toegelicht op basis van de definities die het ministerie van VWS toeschrijft aan de leveringsvormen en wordt de afname van deze leveringsvormen in kaart gebracht per zorgkantoorregio, die de zorg levert. Deze cijfers zijn afkomstig uit de jaarverslagen van de zorgkantoren. Leveringsvormen

Het PGB (persoonsgebonden budget) is een budget dat naar eigen behoefte aan zorg kan worden besteed. Personen die een PGB ontvangen, kopen hun eigen zorg in bij de zorgverleners en begeleiders die zij zelf kiezen. Het is noodzakelijk dat de gemeente een indicatiestelling doet, waarbij bepaald wordt wat de aanvrager wel en niet zelf kan. Een PGB wordt alleen uitgekeerd indien de aanvrager ondersteuning kan inroepen van familie of vrienden (mantelzorg). Het doel van PGB is de cliënt zoveel mogelijk zelfbeschikking te geven in de zorg die hij/zij aanvraagt. PGB is verkrijgbaar ten behoeve van vier verschillende soorten zorg: jeugdhulp, Wmo, Wlz, wijkverpleging. Cliënten met een VGindicatie vallen onder de Wlz en kunnen met een PGB zelf bepalen wie voor hen (of hun kind) zorgt. Het PGB zelf moet worden aangevraagd bij het zorgkantoor. De Sociale Verzekeringsbank (SVB) beheert het budget. Indien de cliënt diverse soorten zorg nodig heeft en de wens heeft om het PGB te combineren met ZiN, dan is dit in sommige gevallen ook mogelijk.

36

Wanneer een cliënt niet in staat is om zelf deze keuzes te maken, kan er gekozen worden voor ZiN (Zorg in Natura). Zorg in Natura past bij cliënten die het zelf moeilijk vinden om een geschikte zorgaanbieder te vinden, hun geld goed te besteden of administratie bij te houden. ZiN is de meest voorkomende leveringsvorm en bestaat uit drie soorten: zorg in een zorginstelling (intramuraal op basis van ZZP), Volledig Pakket Thuis (VPT) en Modulair Pakket Thuis (MPT). Het VPT en MPT zijn vormen van extramurale zorg. ZiN is dus eigenlijk het tegenovergestelde van PBG, maar kan hiermee wel gecombineerd worden indien er behoefte is aan meerdere soorten zorg. Wanneer hiervoor wordt gekozen, krijgt de cliënt zorg via een instelling of leverancier die een contract heeft met de gemeente waar de cliënt woont. Wanneer wordt gekozen voor zorg in een instelling (ZiN, intramuraal) wordt op basis van het ZZP (Zorgprofiel) bepaald welke soort zorg de cliënt nodig heeft. Dit profiel wordt vastgesteld aan de hand van de VG-indicatie. Het VPT (volledig pakket thuis) is een leveringsvorm voor mensen met een indicatie voor de Wet langdurige zorg (Wlz). Bij deze indicatie hoort een zorgprofiel, waarin staat op welke zorg de cliënt recht heeft. Wanneer de cliënt aangeeft dat hij prefereert om thuis te blijven wonen, wordt de cliënt de mogelijk van het VPT geboden.

Dit houdt in dat de cliënt thuis de zorg en dienstverlening krijgt die hij of zij anders in een instelling zou krijgen, dus inclusief huishoudelijke hulp en voorziening in maaltijden. Deze zorg wordt via 1 zorgaanbieder geregeld. Dit is bij het MPT niet het geval. De cliënt bespreekt met het zorgkantoor en de persoonlijke zorgaanbieder(s) hoe deze vorm van zorg precies zal worden ingevuld. De cliënt is zelf verantwoordelijk voor de huisvestingskosten. Het MPT (modulair pakket thuis) is ook een leveringsvorm voor mensen met een indicatie voor de Wet langdurige zorg (Wlz). Op basis van het zorgprofiel dat de cliënt bij de indicatie wordt toegewezen, wordt duidelijk op welke zorg de cliënt recht heeft. De cliënt kan aangeven thuis te willen blijven wonen en wanneer het zorgkantoor heeft beoordeeld dat de situatie daarvoor geschikt is, kan voor het MPT worden gekozen. Dit houdt in dat de cliënt niet alle zorg uit het zorgprofiel nodig heeft en kan kiezen voor bepaalde onderdelen te verzilveren van het zorgpakket dat bij het profiel hoort. Deze zorg wordt dan in natura bij de cliënt geleverd. Het MPT bestaat uit een combinatie van verschillende onderdelen, zoals verpleging, verzorging, begeleiding en dagbesteding. Maaltijden e.d. vallen niet onder het MPT, dus het pakket is iets minder uitgebreid dan het VPT. Het MPT is alleen mogelijk als de cliënt toegang heeft tot mantelzorg.

Het MPT kan worden gecombineerd met het PGB (persoonsgebonden budget), waarmee de cliënt in overleg met het zorgkantoor een budgetplan voor moet maken. Hiermee kan bijvoorbeeld de mantelzorg worden gefinancierd.

37

Antroposofie Antroposofische zorg is gebaseerd op een holistisch mensbeeld, dat inhoudt dat de mens

als wezen de geestelijke en fysieke wereld met elkaar verbindt. In het geval van ziekte is er dus sprake van een verstoorde balans in de integratie van deze twee dimensies in het menselijk wezen, maar ziekte biedt wel kans voor persoonlijke groei. Organisaties op antroposofische grondslag proberen daarom de zelfregie van de cliënt zoveel mogelijk te waarborgen. Rudolf Steiner, de grondlegger van de antroposofische benadering zag vrijheid van denken, eigen waarneming op fysiek en geestelijk gebied en zelfstandig oordelen als onmisbare voorwaarden in de benadering van de samenwerking van geest en fysica in het menselijk bestaan. In Nederland werken ongeveer 135 antroposofische (huis)artsen en specialisten vanuit deze benadering. Mensen die kiezen voor deze vorm van zorg kunnen bij de antroposofische gezondheidsvereniging Antroposana voor belangenbehartiging. Hieronder volgt een grafische weergave van de antroposofische organisaties in Nederland: (rood is directe concurrent, locaties zie overzicht in bijlage 4). Deze landkaart laat alle instellingen zien die antroposofische zorg verlenen in Nederland. De meeste bolletjes geven slechts 1 locatie aan, behalve De Seizoenen (7 locaties verdeeld over vier provincies: Limburg, Noord-Brabant, Gelderland, Overijssel). Voor Lievegoed zijn ook drie bolletjes geplaatst: in Amsterdam, Rotterdam, Den Haag.

De overige organisaties hebben maar 1 locatie of meerdere locaties in dezelfde regio. Raphaëlstichting is veruit de grootste antroposofische zorgaanbieder in Nederland. Op de kaart is te zien dat er veel meer instellingen zijn die zorg op antroposofische grondslag aanbieden in de provincies Noord- en Zuid-Holland, dan in de overige Nederlandse provincies (blauwe bolletjes). In de tabel in bijlage 4 staat om welke organisaties het gaat. De dikgedrukte organisaties bevinden zich in het zorggebied van Raphaëlstichting en zijn dus directe concurrenten (op het kaartje aangegeven in rode bolletjes). Voor deze kaart is Zuid-Holland ook meegenomen als zorggebied van De Raphaëlstichting, om de locatie in Den Haag.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14679105/1