CConstaterende datSchagen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage vragen PvdA uitgangspunten participatiebeleid-Beleidsnotitie uitgangspunten participatiebeleid Schagen versie 0.5

Gemeenteraad 15 februari 2022, gemeente SchagenBij agendapunt: Uitgangspunten participatiebeleid3.506 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Notitie Uitgangspunten Participatiebeleid Gemeente Schagen

Versie 0.5 d.d. 21 jan. 2022

24086.docx5

1

Inhoudsopgave 1.

Inhoudsopgave ................................................................................................................ 2

2.

Wettelijk kader ................................................................................................................ 3

3.

2.1.

VN-verdrag mensen met een handicap .................................................................3

2.2.

Participatiewet, Jeugdwet, Wmo ............................................................................ 4

2.3.

Onderwijshuisvesting ............................................................................................ 4

2.4.

Omgevingswet ...................................................................................................... 5

Niet-wettelijk kader ......................................................................................................... 5 3.1.

Dorpsraden en wijkverenigingen ........................................................................... 5

3.2.

SARS en KCARS ..................................................................................................... 5

4.

Huidig instrumentarium .................................................................................................. 6

5.

Ervaringen en dilemma’s uit de praktijk ..........................................................................6 5.1.

Onderzoek burger- en overheidsparticipatie...........................................................6

5.2.

Onderzoek Rekenkamercommissie ........................................................................7

5.3.

Uitvraag dorpsraden en wijkverenigingen .............................................................8

5.4.

Mogelijke dilemma’s .............................................................................................. 8

6.

Uitgangspunten voor participatiebeleid ...........................................................................9

7.

Vervolg ............................................................................................................................ 10

1.

Inleiding

24086.docx5

2

De gemeente Schagen hecht veel waarde aan de deelname van haar inwoners en ondernemers aan de samenleving en specifiek aan de ontwikkeling en uitvoering van het gemeentelijke beleid. Uitgangspunt daarbij is dat: Iedereen moet maximaal mee kunnen doen aan het maatschappelijk verkeer, moet daarbij zijn of haar eigen leven vorm kunnen geven en moet daarvoor invloed kunnen uitoefenen op zijn of haar leefomgeving In het meerjarenuitvoeringsprogramma is dit wat betreft participatie in gemeentelijk beleid op hoofdlijnen als volgt vertaald:  inwoners zijn actief betrokken bij de vormgeving van hun leefomgeving en betrokken bij alle belangrijke beslissingen:  het contact tussen inwoners en de gemeente is laagdrempelig en verbindend  we ondersteunen inwonersinitiatieven De afgelopen jaren hebben we verschillende ervaringen met participatie opgedaan. Sommige daarvan waren heel positief waaronder onder meer de totstandkoming van het beleid grondgebonden zon (zonneparken) en de lokale inclusie agenda. Andere waren minder succesvol dan wel hebben geleid tot ontevredenheid in de samenleving, bijvoorbeeld enkele projecten in de openbare ruimte. Elke keer komt er wel een belangrijke kernvraag naar boven.

En deze is: de zoektocht van de raad, wat de raad met participatie wenst, wat daarin de rol en positie van de raad is en, daarvan afgeleid, wat de rol en positie is van andere belanghebbenden. Zonder hierop duidelijkheid te verschaffen zullen we in de dagelijkse praktijk hier keer op keer tegenaan lopen. Met als gevolg dat processen niet transparant zijn, wij als overheid niet betrouwbaar en voorspelbaar zijn en dat hierdoor onduidelijkheid bestaat in de wederzijdse verwachtingen. En dat leidt tot frustraties, teleurstelling en ontevredenheid bij alle partijen. In maart 2021 heeft het presidium daarom een verzoek gedaan voor een beeldvormende vergadering over participatie. Tegelijkertijd werd vanuit het college een proces opgestart om te komen tot een herijking van het huidige participatiebeleid. Beide ontwikkelingen hebben we in elkaar geschoven. Samen met 5 leden uit de gemeenteraad van Schagen is door de portefeuillehouder en de organisatie een proces opgestart om tot nieuwe uitgangspunten voor participatiebeleid te komen. Hierbij hebben de 5 raadsleden procesmatig meegedacht. Deze notitie is de uitkomst van dit proces.

In deze notitie treft u achtereenvolgens het wettelijk en niet-wettelijk kader aan, geven we een korte schets van het huidig instrumentarium, gaan we in op ervaringen en dilemma’s uit de praktijk, komen we tot het formuleren van uitgangspunten en geven we kort het vervolg weer.

2.

Wettelijk Kader

2.1.

VN-verdrag (Verenigde Naties) mensen met een handicap

Nederland heeft het VN-verdrag mensen met een handicap geratificeerd. Dat is vertaald in de verplichting dat elke gemeente invulling moet geven aan dit verdrag. Kort gezegd betekent dat een gemeente:  moet waarborgen en bevorderen dat alle personen met een handicap zonder enige vorm van discriminatie op grond van hun handicap ten volle alle mensenrechten en fundamentele vrijheden kunnen uitoefenen  effectieve bewustwordingscampagnes moet initiëren en handhaven

24086.docx5

3

 

actief mensen uit de doelgroep (ongeacht hun leeftijd) moet betrekken bij ontwikkeling, implementatie en uitvoering inclusieve samenleving niet is toegestaan enig vorm van inperking of afwijking van bepalingen in het verdrag toe te passen

De gemeente Schagen heeft ter invulling van dit VN-verdrag op 15 december 2020 het raadsvoorstel “VN-verdrag rechten van mensen met een handicap” vastgesteld. Ter uitwerking van dit besluit is samen met de doelgroep en overige belanghebbenden en belangstellenden de lokale inclusie agenda opgesteld. De raad heeft op 1 september 2021 zijn zienswijze over de opgesteld lokale inclusie agenda gegeven en op basis daarvan heeft het college deze vastgesteld. Inmiddels is de uitvoering daarvan ter hand genomen.

2.2.

Participatiewet, Jeugdwet en Wmo

In de Participatiewet, jeugdwet en de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) zijn wettelijke regelingen opgenomen waaraan participatie op dit vlak tenminste aan moet voldoen. Sommige regelingen kom gelden voor alle drie de wetten, andere onderdelen voor een of twee van deze wetten. Dat ziet er als volgt uit. De volgende verplichtingen gelden in de Participatiewet, Jeugdwet en Wmo:  verplichting in verordening vast te leggen hoe cliënten c.q. hun vertegenwoordigers bij ontwikkeling, implementatie en uitvoering van de wet worden betrokken (incl. faciliteiten)  incl. daarin opgenomen de wijze waarop uitvoering zal worden geven aan VN-verdrag personen met een handicap Aanvullend geldt in de Jeugdwet en Wmo:  Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen van toepassing op aanbieders Maatschappelijke Opvang (MO), jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen (“cliëntenraad” met advies- en instemmingsrecht) Tot slot is in de Jeugdwet nog opgenomen:  verplichting Op Overeenstemming Gericht Overleg (OOGO) met samenwerkingsverband over plan jeugdzorg voor zover het afstemming en samenwerking met het onderwijs betref (J) Deze wettelijke kaders hebben wij onder meer voorgegeven via de Wmo en Jeugd Adviesraad Schagen (WJAS) en de Cliëntenraad Participatie (CP). Daarnaast werken we nauw samen met het onderwijs en de samenwerkingsverbanden.

Met hen en hebben wij daarvoor periodiek bestuurlijk overleg en het hierboven bedoelde OOGO verloopt via dit bestuurlijk overleg.

2.3.

Onderwijshuisvesting (onderdeel Wet op primair onderwijs)

In de Wet op het primair onderwijs is vastgelegd hoe de gemeente het onderwijs moet laten participeren in de totstandkoming en uitvoering van het gemeentelijk onderwijshuisvestingsbeleid. Het betreft de volgende verplichtingen:  verplichting OOGO te voeren over vast te stellen verordening waarin wordt geregeld op welke wijze invulling wordt gegeven aan onderwijshuisvesting incl. bekostiging daarvan  verplichting OOGO te voeren alvorens het jaarlijks programma onderwijshuisvesting vast te stellen

24086.docx5

4

We hebben dit OOGO vormgegeven door periodiek met de onderwijsbesturen te overleggen. Ook de jaarlijkse huisvestingsprogramma’s stemmen we met deze besturen af alvorens deze aan de raad ter besluitvorming voor te leggen.

2.4.

Omgevingswet

Participatie is verplicht bij het ontwikkelen van de omgevingsvisie, het omgevingsplan en eventuele programma’s. Door een motie van het lid Nooren c.s. is ook geregeld dat gemeenten van tevoren nadenken over de wijze waarop zij participatie willen uitvoeren en dat in beleid vastleggen en publiceren. Bij besluitvorming over instrumenten onder de Omgevingswet moet dan worden aangegeven hoe invulling is gegeven aan het toepasselijke beleid. Dit beleid wordt gebaseerd op deze uitgangspunten en naar verwachting in mei 2022 ter besluitvorming aan uw raad voorgelegd. In deze notitie gaan we hier verder niet op in.

3.

Niet-wettelijk kader

3.1.

Dorpsraden en wijkverenigingen

Binnen gemeente Schagen zijn er 16 georganiseerde dorpsraden en wijkverenigingen. De werkwijze van de dorpsraden en wijkverenigingen loopt sterk uiteen, al fungeren de meeste als gesprekspartner en betrokken adviesorgaan en zetten zich actief in voor de leefbaarheid en veiligheid van ‘hun’ dorp of wijk. In maart 2016 is op een bijeenkomst met de dorpsraden en wijkverenigingen de samenwerking tussen hen en de gemeente geëvalueerd. Naar aanleiding van deze evaluatie zijn er nieuwe afspraken gemaakt tussen de dorpsraden en wijkverenigingen enerzijds en de gemeente Schagen anderzijds. Deze afspraken zijn in een convenant opgenomen die een dorpsraad of wijkvereniging met de gemeente kan ondertekenen. Dat is echter geen verplichting. De volgende partijen hebben elk wel het convenant ondertekent, namelijk: Dorpsraad Tuitjenhorn, Dorpsraad ’t Zand, Dorpshuis Oudesluis, Dorpsraad Waarland en Wijkvereniging Hoep Zuid. Met degenen die niet hebben ondertekend wordt in de geest van het convenant samengewerkt. Met de dorpsraden en wijkverenigingen hebben we het volgende afgesproken:  het voltallige college bezoekt in een collegeperiode elk dorp en elke wijk tweemaal  we optimaliseren inwonerparticipatie dorps-of wijkbudgetten waarbij de dorpsraden en wijkverenigingen jaarlijks een eigen budget van twee euro per inwoner in hun dorp/wijk per jaar ontvangen.

3.2.

SARS en KCARS

De gemeente Schagen heeft naast de wettelijk verplichte adviesorganen ook twee niet verplichte adviesorganen ingesteld. De reden hiervoor is dat de gemeente het zeer wenselijk ook om op de terreinen sport en cultuur de diverse organisaties, belanghebbenden en belangstellenden te betrekken bij het gemeentelijk beleid. Op het vlak van sport is de Sport Advies Raad Schagen (SARS) ingesteld. De SARS is een vereniging waar de diverse sportverenigingen lid van zijn. Het bestuur van de SARS is namens deze verenigingen gesprekspartner van de gemeente voor beleidsontwikkeling en uitvoering. Vraagstukken die individuele verenigingen aangaan worden uiteraard met deze individuele

24086.docx5

5

verenigingen opgepakt. De relatie met de SARS is op een vergelijkbare wijze vormgegeven als die met de WJAS en de CP.

4.

Huidig instrumentarium

Op dit moment kunnen we bij trajecten of projecten gebruik maken van het onderstaande instrumentarium: • Participatieplatform Samen.Schagen.nl Op dit platform kunnen inwoners op elk moment meedenken over en meedoen aan plannen en projecten van de gemeente. Bijvoorbeeld door te stemmen op ideeën, te discussiëren met elkaar, enquêtes in te vullen en hun mening geven. Het participatieplatform is sinds 2020 actief en wordt steeds meer ingezet. • Participatietrechter De participatietrechter is een procesmodel waarmee initiatiefnemers de participatie kunnen organiseren van eerste idee, via een gedeelde ambitie en verschillende plannen, tot uiteindelijk een zichtbaar resultaat. De participatietrechter is nog niet gebruikt maar zal bij een geschikt project worden ingezet op basis van een pilot • Inwonerspanel Het inwonerspanel is een groep inwoners die zichzelf hebben aangemeld om schriftelijk deel te nemen aan enquêtes georganiseerd vanuit de gemeente.

Het inwonerspanel wordt met regelmaat ingezet voor diverse gemeente brede enquêtes • Dorpsraden en wijkverenigingen Dorpsraden en wijkverenigingen hebben een adviserende rol in participatietrajecten en kunnen in de verbinding bijdragen bij een actorenanalyse • Bijeenkomsten Bij georganiseerde inwonersbijeenkomsten worden belanghebbenden uitgenodigd om geïnformeerd te worden over de status van de planvorming en hierop hun inbreng te leveren. Bijeenkomsten worden voor projecten in de openbare ruimte en woningbouw veelvuldig ingezet. • Klankbordgroepen Bij klankbordgroepen worden belanghebbenden van projecten in een vroeg stadium betrokken bij het proces om input te leveren en aangesloten te blijven op het verloop van het proces. Klankbordgroepen worden vooral gebruikt bij grotere en/of complexere projecten. • Burgerberaad Bij burgerberaad doet een groep gelote burgers , op basis van uitgebreide informatie en overleg, aanbevelingen over het project en helpen hierbij de gemeenteraad om beslissingen te nemen. Burgerberaad is voor gemeente Schagen nog een nieuw instrument en de juiste inzet hiervan wordt momenteel nader onderzocht.

5.

Ervaringen en dilemma’s uit de praktijk

5.1.

Onderzoek burger- en overheidsparticipatie

Naast bovenstaande bestuurlijke en organisatorische ambities, zijn er ook maatschappelijke ontwikkelingen op het vlak van burger- en overheidsparticipatie. Actieve inwoners willen niet dat de overheid alles voor hen oplost met een standaardoplossing. Ze willen maatwerk en een overheid die met hen meedenkt. Zo ontstaat een nieuwe samenwerking tussen inwoners en overheid. Met nieuwe verhoudingen en werkwijzen tussen inwoners en overheid. Dit heet ook wel een doedemocratie. De Rijksoverheid wil de ontwikkeling van de doe-democratie stimuleren en ondersteunen.

24086.docx5

6

Naar aanleiding daarvan is door de gemeente een onderzoek gedaan of de methoden en de participatieniveaus die we op dit moment gebruiken de meest optimale zijn om onze ambities te behalen. Uit dit onderzoek zijn de volgende conclusies naar voren gekomen:  verschillende geïnterviewde groepen ervaren elkaar als belemmerende factor op het gebied van participatie, iedereen wijst naar elkaar, terwijl participatie van iedereen is  het gemiddelde participatieniveau ligt tussen raadplegen en adviseren  er is weinig variatie in de manier van participeren te zien  er is bewustheid omtrent de participatie-paradox  er zijn bij de geïnterviewde groepen geen concrete ideeën voor realiseren visie op participatie  inwoners geven aan graag invloed te hebben op plannen en projecten van de gemeente  meedoen en werken bij de uitvoering van plannen en projecten is niet populair onder de inwoners Naar aanleiding van het onderzoek en de geformuleerde conclusies zijn een achttal aanbevelingen gedaan. Deze zijn: Aanbevelingen: 1. Weet wie je voor je hebt: doe een actorenanalyse (“stakeholderanalyse”) en breng in kaart wie de stakeholders zijn met welke belangen, wie de sleutelfiguren zijn, welke sociale belangen een rol spelen en wat de participatiebehoeften zijn 2.

Weet wat er speelt: doe een omgevingsanalyse en breng in kaart wat de activiteitenkalender is, wat de visie in een dorp of wijk is, welke wettelijke kaders er zijn, welke besluitvorming reeds heeft plaatsgevonden, etc. 3. Maak digitaal participeren mogelijk: zorg ervoor dat er zowel voor burger- als overheidsparticipatie een geschikte, digitale manier is om te participeren 4. Neem de tijd: een participatietraject kost tijd en vraagt andere competenties om het gesprek met de omgeving aan te gaan. Mogelijk ontstaan hier andere functies 5. Blijf waarderend onderzoeken: er is sprake van een lage score op het contact met de gemeente inzake initiatieven. Verder onderzoek kan uitwijzen hoe we hierin kunnen verbeteren 6. Implementeer organisatievisie op participatie: neem een jaar de tijd om met elkaar tot een gezamenlijk standpunt te komen over politieke besluitvorming in participatief licht 7. Experimenteer: doe bijvoorbeeld een pilot participatie op basis van de participatietrechter 8. Heb aandacht voor specifieke groepen: maak tijd en geld vrijmaken om in specifieke doelgroepen te investeren

5.2.

Onderzoek Rekenkamercommissie

In het voorjaar van 2021 is de Rekenkamercommissie Schagen een onderzoek gestart over burgerparticipatie binnen de gemeente Schagen met als centrale onderzoeksvraag: “Op welke manier zet de gemeente Schagen burgerparticipatie in bij de totstandkoming en/of uitvoering van haar beleid en in hoeverre is deze inzet effectief?” Dit onderwerp is meerdere malen aangedragen om te onderzoeken, ook door de fractievoorzitters binnen de raad. Het is ook ingegeven door de gedachte dat de Rekenkamercommissie Schagen een onderwerp wil onderzoeken, waarbij de inwoners van Schagen een direct belang hebben. Voor burgerparticipatie geldt dat bij uitstek. De gemeente Schagen stelt belang te hechten aan het stimuleren van burgerparticipatie. In het meerjarenuitvoeringsprogramma wordt op meerdere plaatsen ingegaan op deze

24086.docx5

7

participatie. Toch bestond er medio 2020 nog geen duidelijk kader voor het inrichten van participatieprocessen. Wel is er toen een project opgestart om te komen tot dit kader. Vooronderzoek leerde ook dat er weinig contact is met de burgers over burgerparticipatie binnen de gemeente Schagen, en dat er een bepaalde mate van onduidelijkheid bestaat bij meerdere groepen burgers. (Rekenkamercommissie, april 2021) Het doel van dit onderzoek door de Rekenkamer Schagen is om inzicht te verschaffen in burgerparticipatie binnen Schagen en op basis daarvan aanbevelingen te doen voor mogelijke verbeteringen. Daarbij gaat het ook om vragen als:  Hoe is burgerparticipatie vormgegeven?  Hoe heeft het zich ontwikkeld?  Hoe wordt het uitgevoerd?  Is de inzet van de instrumenten voor burgerparticipatie effectief?  Hoe wordt burgerparticipatie beleefd door raadsleden, collegeleden en ambtelijke medewerkers en burgers? Het onderzoek van de Rekenkamercommissie Schagen loopt parallel en ongeveer gelijktijdig met dit traject voor uitgangspunten participatiebeleid. Hierdoor kunnen we (helaas) de resultaten en conclusies uit het onderzoek van de Rekenkamercommissie niet meenemen in deze beleidsnotitie. Uiteraard wordt dit wel meegenomen in het vervolgproces nadat de raad de beleidsnotitie uitgangspunten participatie in februari 2022 heeft vastgesteld.

5.3.

Uitvraag dorpsraden en wijkverenigingen

Tijdens het traject van deze beleidsnotitie is de rol van de dorpsraden en wijkverenigingen vaak ter sprake gekomen. Mede hierom en vanwege de steeds sneller veranderende samenleving hebben wij de dorpsraden en wijkverenigingen aan de hand van een aantal vragen gevraagd hoe zij hun rol zien. De volgende vragen zijn gesteld, met de rode draad van de antwoorden eronder. 1. Hoe ziet u de rol van de dorpsraad of wijkvereniging in de samenleving? De Dorpsraden zien vooral een verbindende en adviserende rol tussen de inwoners en de gemeente. 2. Hoe ziet u de samenwerking tussen dorpsraden/wijkverenigingen en de gemeentelijke organisatie op de langere termijn? De dorpsraden zien hun rol vooral hetzelfde, maar willen toch ook wat meer betrokken worden bij gemeentelijke projecten en processen 3. Wat is de invloed van de digitalisering van de samenleving op de rol van de dorpsraad of wijkvereniging? Hierin zien de dorpsraden vooral een begeleidende rol voor ouderen en mensen die minder goed digitaal onderlegt zijn. 4. Welke rol ziet u als dorpsraad of wijkvereniging in gemeentelijke participatietrajecten? Dorpsraden zien hierin veelal zelf een actieve rol voor zichzelf maar ook verbindend en adviserend 5.

Hoe kijkt u aan tegen digitalisering van participatietrajecten? De mening van dorpsraden is om niet alles helemaal en alleen maar digitaal te doen maar ook fysieke en schriftelijke participatie te behouden 6. Wat vindt u als dorpsraad of wijkvereniging minimale vereisten voor een goed participatietraject? Hierin wordt vooral heldere kaderstelling en communicatie belangrijk gevonden

24086.docx5

8

5.4.

Mogelijke dilemma’s

Zonder uitputtend te zijn kan er een aantal mogelijke dilemma’s worden genoemd. Dilemma’s die spelen bij het vormgeven en uitvoeren van participatie. Deze zijn:  uitkomst participatieve beleidsvorming: wat is dan rol en positie van de raad? o kaderstelling vooraf, toetsing proces tijdens en legitimering uitkomst achteraf?  alle inwoners laagdrempelig en toegankelijk betrekken: o hoe verhoudt zich dit tot uitgangspunt dorpsraad is vertegenwoordigend orgaan dorp? o hoe effectief omgaan met participatie-paradox en zorgdragen dat alle belangen worden gehoord en meegenomen  hoe omgaan met belangentegenstellingen tussen enerzijds inwoners en/of verenigingen en anderzijds dorpsraden en/of adviesraden  wat is meerwaarde/noodzaak van inspreekrecht op een dossier als op dat dossier een participatietraject is doorlopen (en helemaal als al een besluit is genomen) Deze dilemma’s gaan we in deze notitie niet een voor een bespreken. Wat we wel doen is bij het formuleren van de uitgangspunten voor participatie kijken of deze uitgangspunten een antwoord kunnen geven of geven op deze dilemma’s.

6.

Uitgangspunten voor participatiebeleid

Op basis van wat in de vorige hoofdstukken is besproken, hebben we voor de gemeente Schagen een aantal uitgangspunten voor participatiebeleid geformuleerd. Deze uitgangspunten vormen gezamenlijk de paraplu voor de wijze waarop de gemeente Schagen de participatie van inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden wil vormgeven. Het toepassen daarvan zal altijd maatwerk zijn. Elk vraagstuk is anders. En daarmee dus ook wie de betrokkenen zijn, wat hun belangen zijn en welke (participatie)instrumenten voor dat specifieke vraagstuk het beste daarbij kunnen bijdragen. Het beoogde effect van participatie in de ontwikkeling en uitvoering van gemeentelijk beleid is als volgt geformuleerd: Iedereen moet maximaal mee kunnen doen aan het maatschappelijk verkeer, moet daarbij zijn of haar eigen leven vorm kunnen geven en moet daarvoor invloed kunnen uitoefenen op zijn of haar leefomgeving. Daarmee dragen we zorg dat we in Schagen ieders stem een plek kunnen geven en dat de gemeente in staat is om op basis daarvan tot een kwalitatief goed en weloverwogen besluit te komen. We hebben ter invulling daarvan op de volgende uitgangspunten geformuleerd:  Participatie is maartwerk. Elk vraagstuk, elke ontwikkeling, elk project, etc., is uniek en specifiek. En dat vraag dat per keer vooraf het meest geëigende participatieproces als maatwerkproces wordt vormgegeven.

 Voor ontwikkeling van nieuw beleid en/of het evalueren van bestaand beleid wordt via een bestuursopdracht met de raad afgesproken op welke wijze participatie wordt toegepast. Daarbij worden vooraf de kaders en spelregels bepaald waarover men wel en niet kan participeren, hoe het proces verloopt en hoe de participatie door de gemeente wordt gewogen.  Voor uitvoering van beleid en/of projecten wordt de participatie als vast onderdeel in het proces en plan van aanpak opgenomen. Ook hier geldt dat vooraf de kaders en spelregels bepaald waarover men wel en niet kan participeren, hoe het proces verloopt en hoe de participatie door de gemeente wordt gewogen.

24086.docx5

9

Bij het opstellen van het participatieproces wordt altijd eerst een actoren- en omgevingsanalyse gedaan. Dit moet ertoe bijdragen dat: o alle stemmen en belangen gezien en gehoord worden en deze deel uitmaken van een advies waarbij we de dorpsraden en wijkverenigingen als een heel belangrijke partner namens hun dorp of wijk zijn maar niets als de partner o van toepassing zijnde wet- en regelgeving, landelijke richtlijnen en lokale kaders in beeld zijn en daarbij inzichtelijk welke ruimte deze geven binnen het participatietraject o de gezamenlijke uitgangspunten en doelstellingen bekend zijn o dat we participeren omdat het bijdraagt en niet omdat het moet o en ultimo de juiste vraagstelling aan de participanten wordt voorgelegd De uitkomst van het participatieproces is te allen tijde onderdeel van de besluitvorming waarbij voorafgaand aan de besluitvorming inzichtelijk wordt gemaakt wat met de inbreng van diverse partijen is gedaan. Dit noemen we de geëvalueerde participatie Uiteindelijk beslist de raad respectievelijk het college over een voorstel waarbij zij de geëvalueerde participatie in hun besluitvorming betrekken.

Elke keer als we een participatieproces gaan inzetten voor een specifiek vraagstuk toetsen we de opzet daarvan aan deze uitgangspunten. Wezenlijk daarbij is dat we in elke fase met alle betrokkenen blijven communiceren. Daarmee dragen we zorg dat we in Schagen ieders stem een plek kunnen geven en dat de gemeente in staat is om op basis daarvan tot een kwalitatief goed en weloverwogen besluit te komen. En dat laatste is in ieders belang.

7.

Vervolg

Na vaststelling door de gemeenteraad zullen de uitgangspunten in de gemeentelijke organisatie worden geïmplementeerd en worden opgenomen in besluitvorming en projectplannen. Jaarlijks wordt de voortgang gerapporteerd via de P&C cyclus.

24086.docx5

10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14657839/1