Bijlage Jurisch advies
Tekst van het document
Hoi Sjoerd, De Omgevingsverordening van de provincie heeft dit aangemerkt als zijnde Landelijk gebied. Dit betekent dat bij de verplichte toetsing aan de Omgevingsverordening je te maken hebt met artikel 6.4 en verder. Hierin zie ik niet zo snel een oplossing. Ik heb van jou begrepen dat je hier uitgebreid naar hebt gekeken en ook besproken met de provincie en dat jullie ook niet tot een oplossing zijn gekomen. Wel biedt artikel 6.10, eerste en tweede lid de mogelijkheid om kleinschalige woningbouw te realiseren indien dit gelegen is aan kernen in of aan dorpslinten. Hierover kun je een discussie hebben aangezien er wel een dorpslint aanwezig lijkt te zijn en later in de tijd, met de ontwikkeling van de strook van 40 meter gelegen rechts naast 5b, ook aan een kern. Jij hebt aangegeven dat in de toekomst, na verplaatsing van de kern, de provincie hier ook aan wil meewerken. Wellicht kan nog besproken worden of hier nu niet sprake is van een dorpslint. Ik ken het gebied niet goed genoeg om dat te bepalen. Wellicht is dit al besproken met de provincie. Ten aanzien van je uitvraag, is het eerste toetsingskader de Omgevingsverordening en die bepaalt dus ook waar het landelijk gebied ligt, waar de regels naar verwijzen. Ten aanzien van het verschil tussen BSG en het Landelijk gebied heeft de provincie dit in de nota van beantwoording verduidelijkt.
Onder 1.7 geeft de provincie het volgende aan: De kaart Landelijk gebied is nieuw. Hiermee geven we duidelijkheid over waar onze regels voor verstedelijking, landschappelijke inpassing en zonne-energie van toepassing zijn. De kaart gaat uit van onze afweging van de waarde van onderdelen voor het landelijk gebied en de impact van ontwikkelingen op het omringende landschap. Om die reden is de begrenzing een andere dan de invulling die op basis van jurisprudentie over bestaand stedelijk gebied (BSG) is ontstaan. Met andere woorden: de kaart landelijk gebied is niet de contramal van BSG. (…) In de praktijk kan het voorkomen dat een locatie of gebied onder de werkingssfeer van het provinciale Landelijk gebied valt en volgens de definitiebepaling uit het Besluit ruimtelijke ordening en de daarbij behorende jurisprudentie gelijktijdig als Bestaand stedelijk gebied (BSG) aangemerkt is. Voor deze locaties gelden dus vanaf inwerkingtreding van de Omgevingsverordening andere en meer regels dan voorheen. De verhouding tussen BSG en Landelijk gebied heeft de provincie zelf al aangegeven. In jouw geval kan mogelijk gesproken worden van een situatie als omschreven in bovenstaande alinea. Of bij een exceptieve toetsing van de Omgevingsverordening dit ons gaat helpen weet ik niet, ik neig er naar dat we dit punt niet gaan winnen aangezien de provincie een bepaalde beleidsvrijheid toekomt.
Met vriendelijk groet, Jelger Moraal