CConstaterende datSchagen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 8 vooronderzoek conventionele explosieven

Gemeenteraad 24 mei 2022, gemeente SchagenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Stolperbrug36.738 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

Vooronderzoek Conventionele Explosieven

Rapportage Projectnummer:

GPR8712

Onderzoeksgebied: Stolperbasculebrug te Schagerbrug, gemeente Schagen T&A Survey B.V. Dynamostraat 48 1014 BK Amsterdam 020-6651368 info@ta-survey.nl www.ta-survey.nl

Inhoudsopgave Managementsamenvatting en leeswijzer ................................................................... 4 1

Het onderzoek ................................................................................................. 7 1.1 Achtergrond ............................................................................................... 7 1.2 Projectdoel ................................................................................................ 7 1.3 Opzet van het onderzoek ............................................................................. 7

2

Het onderzoeksgebied ...................................................................................... 8 2.1 Gegevens onderzoeksgebied ........................................................................ 8 2.2 Informatie van opdrachtgever ...................................................................... 9 2.3 Reeds uitgevoerde onderzoeken ................................................................... 9

3

Fase 1: Inventarisatie van het bronnenmateriaal ................................................10 3.1 Literatuurstudie.........................................................................................12 3.2 Archiefonderzoek .......................................................................................16 3.2.1 Gemeentelijk en provinciaal archief ........................................................17 3.2.2 Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie .......................................25 3.2.3 Nederlands Instituut voor Militaire Historie ..............................................27 3.2.4 Nationaal Archief Den Haag ...................................................................35 3.2.5 Semistatische archiefdiensten van Ministerie Defensie te Rijswijk ...............38 3.2.6 Archief van de EOD ..............................................................................39 3.2.7 Historische verenigingen en heemkundekringen .......................................41 3.2.8 Defence Overprintkaarten .....................................................................42 3.2.9 Overige Nederlandse archieven..............................................................43 3.2.9.1 Nationaal Brandweer Documentatie Centrum (Brandweerarchief) .........43 3.2.10 Getuigenverklaringen .......................................................................44

3.2.11 Buitenlandse archieven .....................................................................45 3.2.11.1 The National Archives te Londen .....................................................45 3.2.11.2 Library and Archives Canada...........................................................48 3.2.11.3 The National Archives and Records Administration te College Park .......49 3.2.11.4 Bundesarchiv-Militärarchiv te Freiburg .............................................50 3.2.11.5 Wardocs (Hans Nauta) ...................................................................53 3.2.11.6 Service Historique de la Défense, Château de Vincennes (Frankrijk) ....56 3.2.12 Informatie van internet .....................................................................57 3.3 Luchtfoto interpretatie ...............................................................................59

4

Fase 2: Analyse bronnenmateriaal ....................................................................62

5

Fase 3: Verkorte risicoanalyse (geplande) werkzaamheden ..................................65 5.1 Geplande werkzaamheden ..........................................................................65 5.2 Verkorte risicoanalyse ................................................................................65

6

Conclusie .......................................................................................................67

7

Aanbevelingen ................................................................................................68

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

2 van 93

8

T&A en kwaliteit..............................................................................................70 Bijlage 1: CE bodembelastingkaart met onderzoeksgebied ...................................71 Bijlage 2: Toelichting gebruik tabellen - in bijlage 3 en hoofdstuk 6 .......................72 Bijlage 3: Chronologische lijst gebeurtenissen ....................................................75 Bijlage 4: Overzichtskaart probleeminventarisatie ...............................................76 Bijlage 5: Overeenkomst en afspraken opdracht .................................................77 Bijlage 6: Algemene evaluatie van de risico’s van explosieven ..............................83 Bijlage 7: Wetgeving en subsidiemogelijkheden voor explosievenonderzoek ...........86 Bijlage 8: WSCS-OCE richtlijnen horizontale afbakening verdacht gebied ...............88 Bijlage 9: Distributielijst ..................................................................................93

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

3 van 93

MANAGEMENTSAMENVATTING EN LEESWIJZER Ter plaatse van de Stolperbasculebrug te Schagerbrug gaan grondroerende werkzaamheden uitgevoerd worden. Aangezien eventueel aanwezige, niet gesprongen conventionele explosieven (verder “explosieven” of “CE”) een risico vormen voor de uit te voeren werkzaamheden, is het van belang dat de kans op het aantreffen van explosieven in het onderzoeksgebied onderzocht wordt. In verband daarmee is onderhavig Vooronderzoek CE uitgevoerd.

Opzet van het onderzoek. Het onderzoek is uitgevoerd conform de meest recente richtlijnen van het Werkveldspecifiek certificatieschema voor het systeemcertificaat Opsporen Conventionele Explosieven (verder “WSCS-OCE”), namelijk het wijzigingsvoorstel van 2016. Tevens wordt al zo veel mogelijk voldaan aan het vrijwillige certificatieschema voor het “Procescertificaat Vooronderzoek CE en Risicoanalyse CE” (verder “Procescertificaat”) dat in 2020 van kracht zal worden. In bijlage 5 zijn de onderzoeksopzet, de gebruikte methodiek en de uitgesloten bronnen omschreven. Tevens zijn daar de deskundigen die het onderzoek hebben uitgevoerd, vermeld.

Conclusie van het onderzoek De inventarisatie heeft feiten opgeleverd die de aanwezigheid van explosieven doet vermoeden. Analyse van dit feitmateriaal heeft tot de conclusie geleid dat er explosieven binnen het onderzoeksgebied te verwachten zijn. Het onderzoeksgebied is daarmee (deels) verdacht gebied. Zie onderstaande uitsnede uit de CE Bodembelastingkaart.

Uitsnede uit bijlage 1 (de CE Bodembelastingkaart). De blauwe contour geeft de grens van het onderzoeksgebied weer. De verdachte delen zijn middels rode en roze arcering gemarkeerd. Groen geeft aan dat het gebied onverdacht is. In bijlage 1 is de kaart in hoge resolutie weergegeven.

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

4 van 93

Op basis van het feitenmateriaal kunnen de volgende soorten explosieven verwacht worden in verdacht gebied: -

Verschoten geschutmunitie van boordwapens met een kaliber van 20 mm geallieerd, vanaf maaiveld tot een diepte van 0.3 m-mv;

Voor een nadere uiteenzetting van de conclusies, zie hoofdstuk 6 en kaartbijlage 1. In bijlage is de CE Bodembelastingkaart weergegeven. De verdachte gebieden hierin zijn voorzien van een label met het nummer van het deelgebied. Van elk verdacht deelgebied kunnen de details in hoofdstuk 6 worden teruggevonden.

Aanbevelingen verdacht gebied Daar waar grondroerende werkzaamheden gepland zijn in een verdacht deelgebied, zijn in de regel verdere veiligheidsmaatregelen noodzakelijk in verband met de geplande werkzaamheden en het toekomstige gebruik. Er wordt aanbevolen een opsporingsonderzoek te laten uitvoeren. Dit kan voor aanvang van, of tijdens de reguliere werkzaamheden in verdacht gebied (zie rode gebieden op de kaarten in bijlage 1). Dit wordt geadviseerd voor de delen waar grondroerende werkzaamheden binnen verdacht gebied gepland zijn. Opsporingsonderzoek vindt plaats in meerdere fases (zie nadere toelichting in hoofdstuk 7). Er dient rekening mee gehouden te worden dat de voorbereiding in de regel één à twee weken kost. De opsporing zelf zal naar verwachting in de orde van 1 à 2 weken in beslag nemen, waarna het gebied vrijgegeven kan worden. Daarna kunnen de geplande werkzaamheden regulier uitgevoerd worden.

Leeswijzer In onderhavige rapportage is informatie op de volgende plekken terug te vinden: Achtergrond van het onderzoek In hoofdstuk 1 zijn achtergrond en het projectdoel van het onderzoek omschreven. Onderzoeksgebied In hoofdstuk 2 is het onderzoeksgebied omschreven. Hiertoe behoren een omschrijving en een weergave ervan in een kleine topografische kaart. In bijlage 1 is een topografische kaart met het onderzoeksgebied weergegeven in hoge resolutie. Aanbevelingen De samenvatting van de aanbevelingen op basis van het onderzoek zijn verwoord in bovenstaande managementsamenvatting. In hoofdstuk 7 staat het een en ander van de aanbeveling nader toegelicht en uitgewerkt. Deze zijn gebaseerd op de verkorte risicoanalyse in hoofdstuk 5. Conclusies De conclusies van het onderzoek zijn samengevat in bovenstaande managementsamenvatting en weergegeven in de CE Bodembelastingkaart in bijlage 1. In kaartbijlage 1 zijn de onverdachte gebieden weergegeven in groen en de verdachte gebieden weergegeven in rood, voorzien van een label met het nummer van het ver-

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

5 van 93

dachte deelgebied. Van elk verdacht deelgebied kan in hoofdstuk 6 worden teruggevonden tot welke diepte en op welk soort explosieven het gebied verdacht is. In hoofdstuk 4 is een nadere toelichting hierop terug te vinden. Tevens is per achterhaalde gebeurtenis/oorlogshandeling de conclusie in de tabellen in bijlage 3 vermeld. Achterhaalde feitenmateriaal en analyse Het achterhaalde relevante feitenmateriaal, waarop de conclusies zijn gebaseerd, is in tabellen in bijlage 3 weergegeven. Per gebeurtenis/oorlogshandeling is daarbij een analyse verwoord met bijbehorende conclusies. Geraadpleegde bronnen De geraadpleegde bronnen zijn in hoofdstuk 3 vermeld. Hierbij is van elke bron een omschrijving weergegeven, de betrouwbaarheid ervan en zijn de geraadpleegde stukken vermeld. Indien er relevante informatie is aangetroffen, is die in de chronologische tabel in bijlage 3 uitgewerkt.

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

6 van 93

1

HET ONDERZOEK

Witteveen + Bos (“opdrachtgever”) heeft T&A Survey (“T&A”) op 9 september 2020 schriftelijk opdracht verleend voor het uitvoeren van het vooronderzoek naar de aanwezigheid van explosieven ter plaatse van de Stolperbasculebrug te Schagerbrug, gemeente Schagen. Op 28 januari 2021 is opdracht ontvangen de eerste versie van de rapportage te actualiseren met aanvullende informatie over de naoorlogse werkzaamheden aan de N9 en de N248.

1.1

ACHTERGROND

Ter plaatse zullen grondverzetwerkzaamheden worden uitgevoerd in verband met de aanleg van een nieuwe brug en de sloop van een oude brug. In het kader van deze werkzaamheden dient er een vooronderzoek naar de aanwezigheid van conventionele explosieven te worden uitgevoerd. De opdrachtgever wil inzicht verkrijgen in de mogelijke aanwezigheid van niet gesprongen conventionele explosieven. Het mogelijk voorkomen van explosieven in de ondergrond houdt over het algemeen in Nederland verband met oorlogshandelingen gedurende de Tweede Wereldoorlog (verder “WOII”). Voorbeelden hiervan zijn bombardementen (zowel geallieerde als Duitse), gevechten (meidagen 1940, bevrijding 1944-1945), verdedigingswerken (mijnenvelden) en dumpingen (verborgen voor vijand, achterlaten van munitie bij overgave of terugtrekking). Aangezien eventueel aanwezige, niet gesprongen explosieven een risico vormen voor de uit te voeren werkzaamheden, is het van belang dat de kans op het aantreffen van explosieven in het onderzoeksgebied onderzocht wordt.

1.2

PROJECTDOEL

Het vooronderzoek Conventionele Explosieven (verder “vooronderzoek”) heeft tot doel om te beoordelen of er indicaties zijn dat binnen het onderzoeksgebied explosieven aanwezig zijn, en zo ja, om het verdachte gebied af te bakenen. Dit gebeurt op basis van verzameld en geanalyseerd (historisch) feitenmateriaal.

1.3

OPZET VAN HET ONDERZOEK

Deze rapportage is uitgevoerd conform de meest recente richtlijnen van het Werkveldspecifiek certificatieschema voor het systeemcertificaat Opsporen Conventionele Explosieven (verder “WSCS-OCE”), namelijk het wijzigingsvoorstel van 2016. Tevens wordt al zo veel mogelijk voldaan aan het vrijwillige certificatieschema voor het “Procescertificaat Vooronderzoek CE en Risicoanalyse CE” (verder “Procescertificaat”) dat in 2020 van kracht zal worden. In bijlage 5 zijn de onderzoeksopzet, de gebruikte methodiek en de uitgesloten bronnen omschreven. Tevens zijn daar de deskundigen die het onderzoek hebben uitgevoerd, vermeld.

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

7 van 93

2

HET ONDERZOEKSGEBIED

2.1

GEGEVENS ONDERZOEKSGEBIED

Geografische ligging en grootte Het onderzoeksgebied betreft de Stolperbasculebrug en omgeving te Schagerbrug, gemeente Schagen.

Figuur 2.1-I. Overzichtskaart van het onderzoeksgebied (in blauwe contour weergegeven).

Bodemopbouw Voor gegevens over de bodemopbouw is de informatie van opdrachtgever gebruikt. De boringen en sonderingen tonen een grondprofiel voornamelijk bestaande uit cohesieve lagen tot NAP -9 m. Het betreft hoofdzakelijk klei met plaatselijk veeninsluitingen. Onder de cohesieve lagen bevindt zich matig gepakte zandlaag tot ongeveer NAP -11 a 13 m.

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

8 van 93

2.2

INFORMATIE VAN OPDRACHTGEVER

Opdrachtgever heeft onderstaande informatie geleverd aan T&A. Kaartmateriaal Opdrachtgever heeft T&A een digitale topografische kaart met RD-coördinaten (AutoCAD dwg) ter beschikking gesteld. Hierop staat het onderzoeksgebied aangegeven. Aanwezige informatie over de bodemgesteldheid Opdrachtgever heeft informatie beschikbaar gesteld over de bodemopbouw in het onderzoeksgebied. In §2.1 is deze informatie verwerkt. Naoorlogse werkzaamheden Opdrachtgever heeft informatie beschikbaar gesteld over naoorlogse werkzaamheden binnen het onderzoeksgebied. Voor de aangetroffen relevante naoorlogse werkzaamheden wordt verwezen naar de chronologische tabel in bijlage 3.

2.3

REEDS UITGEVOERDE ONDERZOEKEN

In onderstaande tabel is aangegeven bij welke instanties navraag gedaan is of er in het verleden reeds onderzoek uitgevoerd is naar de aanwezigheid van explosieven. In de kolom “bronverwijzing” staat de afkorting die in de chronologische lijst van gebeurtenissen in bijlage 3 gebruikt is om naar het betreffende rapport te verwijzen. Opgemerkt wordt dat de reeds eerder door T&A uitgevoerde onderzoeken niet vermeld worden in onderstaande tabel, maar wel gebruikt zijn bij de uitvoering van onderhavig onderzoek. Opdrachtgever – dhr. B. Goselink per e-mail d.d. 09-10-2020 Geen onderzoeken derden geleverd. Gemeente Schagen – mevr. E. Bakker per e-mail d.d. 15-10-2020 Geen onderzoeken derden geleverd.

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

Bronverwijzing N.v.t. N.v.t.

9 van 93

3

FASE 1: INVENTARISATIE VAN HET BRONNENMATERIAAL

Het bronnenmateriaal (literatuur, archiefstukken etc.) wordt bestudeerd op relevante feiten en aanwijzingen die onder meer worden gebruikt voor een goede keuze uit de beschikbare luchtfoto’s. Alle betrouwbare bronnen met toegevoegde waarde zijn van belang voor verdere analyse, conclusies en afbakening van (on)verdachte gebieden. In de volgende paragrafen is een overzicht gegeven van de diverse bronnen, die geraadpleegd (kunnen) worden voor een vooronderzoek. Per paragraaf is de betreffende bron omschreven, met daarin: • • •

• •

Algemene informatie van de bronnen met een vermelding in hoeverre de bron verplicht of aanvullend is conform het WSCS-OCE; Een toelichting op de betrouwbaarheid van de bron; Een overzicht van wat voor onderhavig onderzoek is geraadpleegd, met nadere vermelding van de inventarissen, toegangsnummers e.d. op basis waarvan de bronnen herleidbaar zijn; Indien een bron niet is geraadpleegd, of er zijn leemtes in kennis, dan staat dit vermeld; De in de bron aangetroffen relevante gebeurtenissen zijn niet uitgewerkt in betreffende paragraaf, maar in één chronologische overzichtstabel in bijlage 3.

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

10 van 93

Betrouwbaarheid van de bronnen Conform de richtlijnen in het WSCS-OCE, paragraaf 6.5.2, dient gerapporteerd te worden hoe de betrouwbaarheid van de gebruikte bronnen is ingeschat. De standaard richtlijnen bij T&A staan vermeld per soort bron in de betreffende paragraaf in onderhavig hoofdstuk. Waar in de rapportage afgeweken wordt van deze interne richtlijn, zal dit in de rapportage vermeld en onderbouwd zijn bij de analyse van het bronnenmateriaal in bijlage 3. Tevens geldt dat gebeurtenissen uit bronnen die T&A betrouwbaar acht, geen bevestiging van een tweede bron nodig hebben ter bevestiging van de gebeurtenis. In de regel zal T&A wel - waar mogelijk - een tweede bron raadplegen, omdat dit kan leiden tot een betere afbakening van een verdacht gebied.

Uitwerking van de bronnen Op basis van de geraadpleegde bronnen is in bijlage 3 een chronologische overzichtstabel opgesteld van de relevante gebeurtenissen in (de omgeving van) het onderzoeksgebied gedurende en na WOII. In de betreffende tabel is elke gebeurtenis voorzien van een uniek markeringsnummer en de bronverwijzing. De kolom ‘markering’ verwijst naar het markeringsnummer, de kolom ‘archief’ naar het archief waar de informatie vandaan komt, terwijl de kolom ‘bronverwijzing’ verwijst naar de herkomst van de informatie binnen het gegeven archief.

Markeringsnummers Elke relevante oorlogshandeling is voorzien van een markeringsnummer die is weergegeven in de overzichtstabel in bijlage 3 en in de inventarisatiekaart in bijlage 4. De toevoeging ‘indicatief’ bij het markeringsnummer geeft weer dat de melding niet nauwkeurig geplaatst kan worden en dus indicatief in de inventarisatiekaart is ingetekend. Een indicatief markeringsnummer kan ook als tekstvlak in de kaart staan. Geen toevoeging geeft aan dat de melding (redelijk) nauwkeurig ingetekend kon worden. In sommige gevallen blijkt dat een melding zich buiten het onderzoeksgebied bevindt, maar dat één of meerdere bronnen impliceren dat de gebeurtenis wel degelijk in of nabij het onderzoeksgebied plaatsgevonden had of kon hebben. Deze meldingen staan wel in de tabel in bijlage 3, inclusief analyse, maar niet in kaartbijlage 4.

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

11 van 93

3.1

LITERATUURSTUDIE

De eerste – conform WSCS-OCE verplichte - stap in een vooronderzoek is in de regel het raadplegen van de literatuur. Middels de literatuurstudie is een beeld te verkrijgen van algemene oorlogshandelingen in een gebied, meestal met data van deze gebeurtenissen en soms met zeer relevante details die niet in andere bronnen te vinden zijn. Deze studie levert zodoende een overzicht op van gebeurtenissen op basis waarvan gericht gezocht kan worden in diverse nationale en internationale archiefinstellingen. Voor de literatuurstudie bestaat een aantal standaardwerken dat geraadpleegd wordt, aangevuld met regionale en plaatselijke literatuur. Deze literatuur is deels in bezit van T&A en wordt aangevuld met literatuur uit de Koninklijke Bibliotheek (“KB”), het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (“NIOD”), het gemeentearchief en/of plaatselijke bibliotheken en historische verenigingen.

Betrouwbaarheid van de bron Literatuur voor vooronderzoek loopt in betrouwbaarheid uiteen van weinig betrouwbaar tot zeer betrouwbaar. Dit komt doordat boeken geschreven kunnen zijn door auteurs met zeer uiteenlopende achtergronden in opleiding, ervaring en motivatie voor het schrijven van het stuk en ook sterk uiteenlopende bronnen gebruikt kunnen hebben. T&A hanteert de volgende richtlijnen om de betrouwbaarheid in te schatten.

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

12 van 93

Primaire bron van een boek betreft archiefstukken Voor sommige boeken is uitvoerig archiefonderzoek uitgevoerd en in de betere boeken zijn archiefstukken geciteerd of zijn afdrukken ervan opgenomen. In de regel zijn deze archiefstukken ook ingezien tijdens het archiefonderzoek, maar soms zijn ze niet te achterhalen (zoals de zogenaamde ‘gele briefjes’ waar in “het spoorwegbedrijf in oorlogstijd” van C. Huurman naar verwezen wordt). Indien T&A de primaire documenten heeft achterhaald, geldt voor de betrouwbaarheid de richtlijn zoals bij de betreffende archiefinstelling omschreven. Als dat niet mogelijk bleek, is beoordeeld wat de betrouwbaarheid is van de primaire bron en hoe deskundig de auteur van het boek is om dat juist te interpreteren en verwoorden in zijn werk. Voorbeelden van werken waarvoor veel archiefstukken zijn gebruikt, zijn het boek van Huurman en het veel gebruikte werk “En nooit was het stil” van G.J. Zwanenburg, dat gebruik heeft gemaakt van de operationele aanvalsgegevens van de RAF en USAAF en stukken uit diverse andere archiefinstellingen. Geschiedenisboeken van (lokale) amateurs versus gerenommeerde geschiedkundigen Een van de grote verschillen in betrouwbaarheid van literatuur wordt veroorzaakt door de achtergrond van de betreffende auteur. Boeken van gerenommeerde auteurs als V.E. Nierstrasz, L. de Jong, H. Amersfoort, E.H. Brongers en C.

Klep worden als betrouwbaar gezien. Deze boeken zijn gebaseerd op uitvoerig onderzoek in archieven en naslagwerken, interviews met getuigen en een brede kennis van de gebeurtenissen in WOII.1 De inhoud van boeken van amateurhistorici loopt echter sterk uiteen wat betreft de kwaliteit en betrouwbaarheid. De onderzoeken kunnen nogal summier zijn, bronverwijzingen ontbreken vaak en bij nadere bestudering blijken diverse aspecten van gebeurtenissen door elkaar gehaald. In de regel dienen dergelijke bronnen in de literatuur middels een andere bron bevestigd te worden. Dagboeken uit WOII Meldingen in dagboeken uit WOII worden in de regel als betrouwbaar voor een gebeurtenis gezien, maar niet voor de details omtrent de betreffende gebeurtenis. Hierbij moet rekening gehouden worden met de specifieke melding van het gebeurde, of de auteur van het dagboek dit zelf meemaakte of uit tweede hand vernam en de leeftijd en functie van de auteur. De opgeschreven eigen ervaringen zijn betrouwbaar, omdat ze kort na een gebeurtenis zijn genoteerd. Vaak bevatten ze ook details die in andere bronnen niet vermeld zouden worden. Anderzijds zijn omschreven gebeurtenissen in dagboeken in de regel vaak overdreven en zijn de auteurs vrijwel uitsluitend leken op het gebied van explosieven. Aantallen en soorten explosieven zullen daardoor middels een andere bron bevestigd moeten worden.

Wat in dagboeken genoteerd is uit tweede hand is vaak matig betrouwbaar en dient middels tweede bron bevestigd te worden.

Hierbij moet wel altijd in ogenschouw genomen worden, wanneer de boeken geschreven zijn en wat de bronnen waren, zeker wat betreft de meidagen 1940. Door diverse auteurs zijn voor hun boeken over de meidagen verslagen van de Nederlandse officieren en troepen gebruikt (dit betreft de stukken uit collectie 409 van het NIMH). Hoewel de meesten ervan vlak na de strijd zijn geschreven, is er ook een aantal dat in de jaren na WOII pas geschreven is en daarmee minder nauwkeurig zal zijn. Bovendien zullen de verslagen van de Nederlandse troepen – bewust of onbewust – overdreven zijn in de gebeurtenissen. Dit blijkt uit zaken zoals meldingen van Duitse pantserwagens bij de Grebbeberg (die daar nooit geweest zijn in mei 1940) en uit tegenstrijdigheden die soms optreden tussen het verslag van een verantwoordelijke officier en dat van een soldaat die ook aanwezig was. Veel boeken die net na WOII geschreven zijn, hebben (soms sterk) de neiging de handelingen van het Nederlandse leger en de omvang en kracht van het Duitse leger te overdrijven. Neemt niet weg dat dit soort werken van gerenommeerde auteurs vaak de beste bronnen zijn voor oorlogshandelingen in mei 1940 en bij de bevrijdingsgevechten in 1944/1945. 1

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

13 van 93

Het werk van Eversteijn In de branche wordt regelmatig het werk “Bombardementen en verongelukte vliegtuigen in de periode 10 mei 1940 – 5 mei 1945” van T. Eversteijn gebruikt. Dit is een niet gepubliceerd werk uit 1990, zonder bronvermelding van de erin opgenomen oorlogshandelingen. Van een aantal gebeurtenissen is de achterliggende bron vrij goed te achterhalen. Dat betreffen bronnen, die T&A standaard raadpleegt, waardoor het werk van Eversteijn hier geen enkele toegevoegde waarde heeft m.b.t. deze meldingen. Sterker nog, enkele van die oorspronkelijke bronnen komen regelmatig met correcties en aanvullende informatie, die in Eversteijn dus ontbreken. Van andere meldingen is de bron onduidelijk en wordt de melding in de regel in andere literatuur of archiefstukken aangetroffen. Gevolg is dat het betreffende werk geen toegevoegde waarde heeft, omdat de melding soms gedateerd is, meestal middels de oorspronkelijke bron al geraadpleegd is voor het onderzoek en in andere gevallen onduidelijk is wat de oorspronkelijke bron was, waardoor de betrouwbaarheid sterk in twijfel getrokken moet worden. T&A raadpleegt deze bron daarom niet.

Overzichtslijst gebruikte literatuur Voor de literatuurstudie zijn de onderstaande boeken geraadpleegd. In de kolom “bronverwijzing” staat de afkorting die in de chronologische lijst van gebeurtenissen in bijlage 3 gebruikt is om naar het betreffende boek te verwijzen. Auteur

Titel

Uitgegeven

Bronverwijzing

Amersfoort, H. e.a.,

Mei 1940, de strijd op Nederlands grondgebied De Zijpe / Dl. III, 1920-1997. Inventarisatie uit diverse bronnen van in de meidagen van 1940 Tijdens of door de strijd in Nederland neergeschoten, vernielde Of door vuur beschadigde Duitse vliegtuigen, weergegeven per Provincie of gebied Petten 1940-1945

Den Haag 2005

Amersfoort (2005)

De bevrijding van Nederland 1944-1945, oorlog op de flank Schagen en omstreken van mobilisatie tot bevrijding Luchtgevaar, luchtaanvallen op Nederland 1940-1945 Alis Nocturnis : op de vleugels van de nacht. De luchtverdediging in de meidagen 1940 (2 delen) NFLA-Recovery list De strijd op Nederlands grondgebied tijdens Wereldoorlog II, diverse delen De Grote Atlas van Nederland 1930-1950

Den Haag 1995

Commissie Petten (1995) Klep (1995)

Hulst, 1993

Kooij (1993)

Amsterdam 1984

Korthals Altes (1984) Lunsen (2009) Molenaar (1970)

Bremer, J.T. Brongers, E.H.,

Commissie Petten 1940-1945. Klep, C. (red.), Kooij, I., ea. Korthals Altes, A., Lunsen, D. van Molenaar, F.J. NFLA Nierstrasz, V.E., e.a. Pater, de B.C., Schoenmaker, B., e.a. Rijnhout, B.,

Studiegroep luchtoorlog 1939-1945 Timmer, F. Veenstra, S.L.,

Schoorl, 1997 Bremer (1997) Wijnandsrade 2008 Brongers (2008)

Petten, 1995

Callantsoog, 2009 ’s-Gravenhage 1970 2003 ‘s-Gravenhage Utrecht 2011

De verloren strijd: een fotografisch overzicht Breda 1982 van de massale Duitse luchtinvasie in de meidagen van 1940 Verliesregister Canon van Schagen : de geschiedenis van Alkmaar, 2013 Schagen In de schaduw van de glorie: overzicht van Zutphen 1992 vliegtuigbergingen in Nederland: 1960-1977

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

NFLA (2003) Nierstrasz Pater (2011) Rijnhout (1982)

Verliesregister NIMH Timmer (2013) Veenstra (1992)

14 van 93

Auteur

Titel

Uitgegeven

Zwanenburg, G.J.,

En nooit was het stil… Kroniek van een z.p., z.j. luchtoorlog – delen I en II

Bronverwijzing Zwanenburg (z.j.)

Leemte in kennis: • Geen.

Uitwerking van de literatuur Voor de aangetroffen relevante gebeurtenissen wordt verwezen naar de chronologische tabel in bijlage 3.

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

15 van 93

3.2

ARCHIEFONDERZOEK

Archiefstukken zijn de meest belangrijke informatiebron voor een vooronderzoek. Ze hebben doorgaans de meest accurate en betrouwbare gegevens die voor een onderzoek nodig zijn, omdat het vaak primaire bronnen betreffen waarvoor de informatie is vastgelegd korte tijd nadat een gebeurtenis plaatsvond. De stukken bestaan onder meer uit processen-verbaal en dagrapporten, maar soms ook uit foto’s van oorlogsvoorvallen en militaire verslagen waarin planning en uitvoering alsmede resultaten en gebruikte explosieven zijn vastgelegd. Archiefstukken voor vooronderzoek liggen in verschillende archieven in Nederland en in enkele buitenlandse archiefinstellingen. Aan hand van de richtlijnen in het WSCSOCE en door de onderzoeker is bepaald welke archieven geraadpleegd dienen te worden voor het onderzoek en of de aangetroffen informatie relevant is of niet. Per archief is een inventarisatie opgemaakt van de dossiers waarin relevante informatie verwacht mag worden. Deze dossiers zijn ingezien en de inhoud is beoordeeld op relevantie. In bijlage 5 is meer specifiek per archief aangegeven op welke wijze deze is geraadpleegd. Een stuk is niet relevant indien het geen indicaties of contra-indicaties voor de mogelijke aanwezigheid van explosieven in het onderzoeksgebied of de directe nabijheid ervan bevat.

De geraadpleegde inventarissen, toegangsnummers en stukken zijn per archief in overzichtstabellen weergegeven in de volgende paragrafen bij de betreffende archiefinstelling. Voor al deze archieven geldt, dat in de laatste kolom van de tabel van de inventarisatie is aangegeven of een inventaris als relevant is beschouwd. Indien de stukken niet als relevant werden beschouwd, dan is middels een nummer aangeduid waarom een inventaris niet relevant is bevonden. De vermelde nummers in de kolom ‘relevant’ van de tabel van de inventarisatie van elk archief staan voor het volgende: 1. De in de stukken gemelde gebeurtenissen zijn te ver van het onderzoeksgebied om relevant te zijn; 2. De stukken melden geen (aan) explosieven (gerelateerde gebeurtenissen); 3. De stukken melden geen relevante naoorlogse werkzaamheden; 4. De stukken missen in het archief. De relevante stukken zijn verder uitgewerkt en geanalyseerd in het chronologische overzicht in bijlage 3.

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

16 van 93

3.2.1 Gemeentelijk en provinciaal archief Archiefstukken uit gemeentearchieven bevatten in de regel de meest gedetailleerde en betrouwbare informatie voor oorlogshandelingen in de gemeente, getroffen locaties, afhandelingen betreffende het zoeken en/of ruimen van explosieven en naoorlogse werkzaamheden. Meestal zijn deze stukken in een lokaal gemeentearchief terug te vinden, maar in andere gevallen liggen dergelijke stukken in provinciale of regionale archieven. Bij het raadplegen van het gemeentelijk en provinciaal archief worden conform het WSCS-OCE ten minste stukken van de luchtbeschermingsdienst, de stukken over aangetroffen/geruimde CE en oorlogsschaderapporten geraadpleegd. Bij het provinciaal archief worden aanvullend de relevante archieven van het Militair Gezag geraadpleegd. Tevens is bij de gemeente nagevraagd of er in het verleden reeds onderzoeken zijn uitgevoerd naar de aanwezigheid van explosieven. Met opdrachtgever is overeengekomen dat een onderzoek naar relevante naoorlogse ontwikkelingen in deze archieven geen deel uitmaakt van het onderzoek.

Betrouwbaarheid van de bron Archiefstukken uit het gemeentearchief of provinciaal archief zijn in de regel betrouwbaar, hoewel dit iets kan verschillen per soort archiefstuk. Processen-verbaal van de Luchtbeschermingsdienst (LBD), politie en brandweer Processen-verbaal van de LBD, politie en brandweer zijn betrouwbare weergaven van de situatie zoals waargenomen tijdens en/of na een gebeurtenis. Ze zijn meestal opgesteld kort na een gebeurtenis en op basis van waarnemingen van de verbalisant of directe medewerkers en betreffen in de regel objectieve constateringen, zonder overdrijving van feiten in eigen belang. Deze stukken worden betrouwbaar geacht betreffende het plaatsvinden van een gebeurtenis, de betroffen locatie(s), de afhandeling van de gebeurtenis door de autoriteiten en andere zaken die betrouwbaar vanuit de positie van de verbalisant konden worden bepaald. Hieronder valt dus bijvoorbeeld wel het aantal bommen dat ontplofte, maar meestal niet het aantal afgeworpen bommen, aangezien dit zelden betrouwbaar waargenomen kon worden.

Stukken betreffende aangetroffen/geruimde explosieven Deze stukken worden als betrouwbaar gezien aangezien deze stukken meestal zijn opgesteld kort na het aantreffen/ruimen van de explosieven en op basis van waarnemingen van de verbalisant of directe medewerkers en betreffen in de regel objectieve constateringen, zonder overdrijving van feiten in eigen belang. Oorlogsschaderapporten De betrouwbaarheid van oorlogsschaderapporten is wisselend, maar over het algemeen redelijk betrouwbaar. De ervaring leert dat bij schaderapporten twee belangrijke factoren meespelen voor de betrouwbaarheid van de melding. Ten eerste de melder van de schade. Indien de schade is geconstateerd door de LBD, politie of brandweer, kan gesteld worden dat het een betrouwbare melding betreft. Bij een schadeclaim van de eigenaar bestaat de kans echter dat er sprake is van fraude. Een tweede factor die meespeelt is de datum van de melding ten opzichte van de datum van de gebeurtenis. Meldingen van maanden of jaren na de gebeurtenis melden vaak de verkeerde datum en/of oorzaak van de schade. Indien schademelding door de eigenaar is gedaan en/of van lang na de gebeurtenis is, dient de melding bij voorkeur door een tweede bron bevestigd te worden, of wordt onderbouwd waarom de melding als (on)betrouwbaar wordt gezien.

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

17 van 93

Overzichtslijst geraadpleegde gemeentearchieven en inventarissen Archief (voormalige) gemeente Zijpe De archiefstukken van deze gemeente liggen in het Regionaal Archief in Alkmaar. Hiervan zijn de volgende archieven geraadpleegd: NL-AmrRAA-75.2.1.006 Inventaris van het archief van de gemeente Zijpe, (1933) 1939-1989 (1994) Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) Relevant 6 Melding van bombardementen, gewichtige gebeurtenissen, neerkomen vijandelijke Ja vliegtuigen e.d. 1940-1945. 134 Huisnummering. 1964-1989. Ja 134 1964-1979 135 Huisnummering. 1964-1989. Nee, 2 135 1981-1989 185 Aangespoelde lijken van militairen tijdens de oorlogsperiode; correspondentie. Nee, 2 1940-1949. 188 AlgemeNee, 2 ne Begraafplaats Petten. Uitbreiding, gedeeltelijke sluiting, urnmonumenten; herstel voegwerk muur en geallieerde oorlogsgraven. 1941-1982. 556 Luchtbeschermingsdienst: Dienstrapporten. 1940-1942. Nee, 1 556 1940 - 1941 mei 557 Luchtbeschermingsdienst: Dienstrapporten. 1940-1942. Nee, 1 557 1941 jun - dec 1941 jun 558 Luchtbeschermingsdienst: Dienstrapporten. 1940-1942. Nee, 1 558 1942 571 Opsporingsaktie explosieven op land fam. Dignum a.d. Belkmerweg.1986. Ja 572 Onderzoek munitieresten C.N. de Boer, grote Sloot 390. 1988. Nee, 1 587 Openbare veiligheid. Brandrapporten en jaarverslagen brandweer Zijpe. 1939-1963 Nee, 1 978 Correspondentie met het Plaatselijk comité oorlogsmonumenten.

1947-1949. Nee, 2 1146 Het slopen van woningen. 1942-1949. Nee, 1 1147 Slopen van woningen te Petten. 1943-1949. Nee, 2 1147 Schattingsrapporten en vorderingsbewijzen 1943 1148 Slopen van woningen te Petten. 1943-1949. Nee, 2 1148 Schattingsrapporten en vorderingsbewijzen 1943 pak 1149 Slopen van woningen te Petten. 1943-1949 Nee, 1 1149 Schattingsrapporten en vorderingsbewijzen omslag 1943 pak 1150 Slopen van woningen te Petten. 1943-1949 Nee, 2 Slopen van woningen. Betreft 1943-1949. Ontbreekt 1943-1949 1151 Circulaires en stukken betreffende het uitvoeren van regelgeving inzake oorlogsbuit Ja en het slopen van verdedigingswerken. 19451953. 1166 Processen-verbaal en politierapporten. 1941-1955. Nee, 1 1175 Stukken betreffende onder meer de vaststelling van de gemeentegrenzen, recrea- Nee, 2 tie, woningbouw en algemene gegevens. 1951-1966. 1176 De oorlogsjaren in de gemeente Zijpe, o.m. maatregelen tegen Joden en fusillering Nee, 2 te Zijpersluis. 1940-1945 1206 Straatnaamgeving. 1947-1989. Nee, 2 1206 1947-1984 1207 Straatnaamgeving. 1947-1989. Nee, 2 1207 1985-1989 1285 CircuNee, 2 laire en stukken betreffende de uitvoering van de onteigening van puin van percele n, die tussen 1 september 1944 en 5 mei 1945 door oorlogsgeweld zijn verwoest. 1945-1946. 1335 Eind-afrekening herbouw Petten. Met overzichtsplattegronden. 1954.

Nee, 2 1336 CorrespondenNee, 1 tie betreffende de aangifte van door de oorlog geleden schade aan gebouwen in de gemeente. 1943-1951.

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

18 van 93

NL-AmrRAA-75.2.1.006 Inventaris van het archief van de gemeente Zijpe, (1933) 1939-1989 (1994) 1337 Kasboeken ter registratie van de oorlogs- en bezettingsschade. 19401945. Nee, 2 1338 Stukken betreffende de inventarisatie van de omvang en de afwikkeling van de ten Nee, 1 gevolge van de oorlog geleden schade. 1941945. 1399 StukNee, 2 ken betreffende de handhaving van gemeentelijke commissies gedurende de bezetti ng. 1941-1942. 1716 StukNee, 2 ken betreffende de organisatie van de brandweer gedurende de bezettingsjaren. 1940-1943. 1770 Stukken betreffende de registratie van gevallen van bezettingsschade. 1941-1945. Nee, 2 1791 Stukken betreffende de afwikkeling van de door het oorlogsgeweld ontstane schade Nee, 1 in het kader van de wederopbouw. 1942-1961.

Bij de gemeente is navraag gedaan m.b.t. de beschikbaarheid van reeds uitgevoerde explosievenonderzoeken. Zie §2.3 voor de resultaten hiervan. Leemte in kennis gemeentearchief • De stukken betreffende de luchtbeschermingsdienst zijn beperkt tot de periode van mei 1940 t/m 1942. Er zijn geen stukken aangetroffen van de periode erna.

Uitwerking van de aangetroffen relevante stukken Voor de aangetroffen relevante gebeurtenissen wordt verwezen naar de chronologische tabel in bijlage 3.

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

19 van 93

Overzichtslijst geraadpleegde provinciale archieven en inventarissen Provinciaal archief Noord-Holland De archiefstukken van provincie Noord-Holland bevinden zich in het Noord-Hollands Archief in Haarlem. Hiervan zijn de volgende archieven geraadpleegd: 18 - Provinciaal Bestuur van Noord-Holland Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 1792 Stukken betreffende brand-, molest- en stormschadeverzekeringen van provinciale eigendommen van de griffie, met inventaris, en van diensten en bedrijven, 19181943 1798 Stukken betreffende vordering van provinciale eigendommen door de Duitse autoriteiten en defensie- en oorlogsschade en schade als gevolg van evacuatie, in het bijzonder bij het PEN, het PWN en het Provinciaal Ziekenhuis Duinenbosch te Bakkum, 1939-1943 1883 Ingekomen stukken bij en minuten van uitgaande stukken van mr. G.A. van der Brugghen, administrateur 3e afdeling B, leider beschermingsdienst van de griffie, G.J.A. van Asch, hoofdcommies idem en de griffier inzake luchtbescherming, schuilplaatsen, verduistering, legitimatie, deelneming brandploegen en bestellingen in verband daarmee, met reclamefolders, monsters en documentatie. 1938-1943 1995 Stukken betreffende branden en brandgevaar en schade door militaire maatregelen in provinciale duinterreinen.

1940-1943 2074 Stukken betreffende de luchtbescherming bij de provinciale ziekenhuizen, in het bijzonder bij het Provinciaal Ziekenhuis te Medemblik, 1937-1944 3739 Stukken betreffende aanvragen om toekenning van bijdragen van het Rijk ten behoeve van de wederopbouw en het herstel van door oorlogsgeweld beschadigd eigendommen van waterschappen, veenschappen en veenpolders. 1941-1943 4354 Stukken betreffende het verlenen bij K.B. van vergunningen op basis van de Hinderwet aan de ministeries van Oorlog en Marine, vanaf september 1928 van Defensie voor onder andere munitieopslagplaatsen en kustlichttorens, 1902-1940 4481 Stukken betreffende de onteigening van percelen met het ook op sanering van de buurt het Rozenprieel te Haarlem, die op 3 oktober 1940 door een bombardement was getroffen. 1941-1942 4484 Stukken betreffende de organisatie van de brandweer in de gemeenten en de goedkeuring van raadsbesluiten tot het aangaan door gemeentebesturen van gemeenschappelijke regelingen tot hulpverlening bij brand, 1931-1943 4494 Stukken betreffende de behandeling van een verzoek van de Aetsveldsche polder om tussenkomst wegens het opruimen van de in die polder aanwezige veldversterkingen. 1942 4857 Stukken betreffende de betaling uit de provinciale kas van leveringen en werkzaamheden, ingevolge de wet van 4 april 1940 (Stbl.

520), ten behoeve van het droogmalen van de door oorlogsgeweld ondergelopen Gemeenschapspolder, 19401941 4927 Stukken betreffende de afrekening met aannemers van provinciale werken wegens door hen geleden schade door oorlogsgevaar en oorlog. 1941 4941 Stukken betreffende de verstrekking van een opgave van vernielde bruggen en van veren aan de secretaris-generaal, waarnemend hoofd van het departement van Waterstaat. 1940 5961 Stukken betreffende het treffen van maatregelen door Rijkswaterstaat bij de eventuele vernieling van de sluiswerken te IJmuiden doorbombardementen, 1940 6028 Stukken betreffende de vaststelling van voorschriften en aanwijzingen voor de scheepvaart in tijd van oorlog of oorlogsgevaar, 1939-1941 6606 Stukken betreffende het beschikbaar stellen van een bijdrage voor het herstel van door bommen aan Artis toegebrachte schade. 1941 6901 Stukken betreffende het geven van richtlijnen voor het voeren van de administratie en in het bijzonder inzake de houding van burgerlijke bestuursorganen en ambtenaren in tijden van oorlog, 1893-1921, 1938-1940, 1942-1943 7037 Stukken betreffende het nemen van maatregelen tegen luchtaanvallen, vooral in de gemeenten, en de oprichting van luchtbeschermingsdiensten, 1927-1941 7038 Ingekomen stukken van de Rijksinspectie voor de bescherming van de bevolking tegen luchtaanvallen, houdende de maandoverzichten van de ongevallen ten

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

Relevant Nee, 2

Nee, 1

Nee, 2

Nee, 2 Nee, 2 Nee, 1

Nee, 2

Nee, 1

Nee, 2

Nee, 2

Nee, 1

Nee, 2 Nee, 2

Nee, 2 Nee, 2 Nee, 1 Nee, 2

Nee, 2 Nee, 1

20 van 93

18 - Provinciaal Bestuur van Noord-Holland gevolge van het gebruik van luchtstrijdkrachten voor Nederland in het algemeen en Noord-Holland in het bijzonder. 1940-1941 7039 Stukken betreffende het vervoer van ontplofbare stoffen en het Korps Geleiders van Ontplofbare Stoffen, alsmede stukken betreffende de veiligheidsmaatregelen waaraan springstoffabrieken moeten voldoen, 1888-1892, 1914, 1921-1942 7237 Stukken betreffende het voorzien van een merkteken van een vliegtuigwrak in de Westeinderplassen door de Provinciale Waterstaat. 1942 7247 Stukken betreffende de doorzending van circulaires van de ministeries van Waterstaat en Binnenlandse Zaken aan de gemeentebesturen inzake noodlandingen van burgerlijke luchtvaartuigen, nationaliteitskenmerken van buitenlandse vliegtuigen en bouwen in de omgeving van luchtvaartterreinen, 1930, 19401941 7299 Stukken betreffende de medewerking aan de nationale collecte voor de door de oorlog getroffen gebieden, alsmede stukken betreffende de opgave door de Noord-Hollandse gemeenten van de opbrengst van deze inzameling en van de geleden oorlogsschade, 1940 7300 Ingekomen opgaven van geleden oorlogsschade door Noord-Hollandse burgemeesters aan de secretaris van de Commissie Oorlogsschade te 's-Gravenhage.

1940 7301 Stukken betreffende de instelling van oorlogsschadecommissies, de aanwijzing van twee van de drie leden in die commissies in de rayons Amsterdam en Den Helder en de voorziening in een vacature in de schade-enquêtecommissie in het rayon Amsterdam, 1940-1942 7304 Stukken betreffende de instelling door de secretaris-generaal van Binnenlandse Zaken van zogenaamde "vliegveldcommissies" tot registratie van de schade ten gevolge van de vordering door de Duitse weermacht van gronden, bedrijfsgebouwen en woningen voor de aanleg en/of uitbreiding van vliegvelden, 1941-1942 7721 Ingekomen processen-verbaal inzake oorlogshandelingen, zoals bominslagen in Aalsmeer, Den Helder, Haarlem, Haarlemmermeer, Heemstede en Twisk, 1941

Nee, 2

Nee, 1 Nee, 2

Nee, 2

Nee, 1 Nee, 2

Nee, 2

Nee, 1

228 - Rijkswaterstaat Directie Noord-Holland te Haarlem, 1931-1951: inv.nrs. 102 & 456 Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) Relevant 80 De opruiming van vaartuigen door of in verband met de oorlog in rijkswateren Nee, 2 gezonken 81 De melding van verkeersstremmingen ten gevolge van oorlogsdaden of beschadi- Nee, 2 ging van rijkswaterstaatswerken 84 Wederopbouw van beschadigde of vernielde gebouwen, gelegen langs rijkswegen Nee, 1 en - kanalen 102 De toestand van de bruggen voor gewoon verkeer, de beschikbaarstelling van Nee, 1 hulpbruggen en de opruiming van mijnen 203 Het maken en opruimen van tijdelijke werken op rijksweg 4 bij Schiphol door het Nee, 2 Ministerie van Oorlog 205 Het opruimen van militaire werken op rijksweg 4 onder de gemeenten Amsterdam Nee, 2 en Haarlemmermeer 270 De vergoeding van de herstelkosten van de oorlogsschade, ontstaan aan de Nee, 2 Meerlaan te Nederhorst den Berg 341 De opruiming van het in de mond van de buitenhaven te IJmuiden liggende wrak Nee, 1 van het stoomschip "J.P.

Coen", alsmede bergings- en opruimingswerkzaamheden van kleinere vaartuigen in of nabij de haven van Ijmuiden 345 Het opruimen van bunkers op de koppen van de havenhoofden te Ijmuiden Nee, 2 346 Het herstel van de Noordersluis en de Spuisluis te Ijmuiden Nee, 2 437 Het opruimen van voormalige Duitse verdedigingswerken in de zeereep en op Nee, 2 Texel, alsmede het herstellen van duinbeplanting 455 Het gebruik door de Marine van twee voormalige Duitse verdedigingswerken Nee, 2 (betonopstellingen) aan de Heldersche zeewering en de overdracht in materieel beheer van deze werken aan het Ministerie van Verkeer en Waterstaat 456 Het verzoek van het hoogheemraadschap Noordhollands Noorderkwartier aan de Nee, 1 minister van Marine tot het opruimen van mijnen in verband met de bestorting van de hoofden van de Hondsbossche zeewering 457 De vergoeding van oorlogsschade aan de provinciale strandhoofden bij Camper- Nee, 1 duin, de loswal te Hargen en het werkspoor Hargen-Noordzeekust 473 e vergoeding van de kosten van het herstel van oorlogsschade aan de haven van Nee, 2

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

21 van 93

228 - Rijkswaterstaat Directie Noord-Holland te Haarlem, 1931-1951: inv.nrs. 102 & 456 Volendam 489 De kustverdediging van de zuidoostkust van Texel Nee, 2 551 De aanleg van vliegvelden en het voorgenomen herstel van het vliegveld Bergen en Nee, 2 de uitbreiding daarvan tot militair oefenvliegveld 332 Noordzeekanaal en (tot 1934) Vidsershaven IJmuiden, 1940-1941 Nee, 1 333 Noordzeekanaal en (tot 1934) Vidsershaven IJmuiden, 1942-19431 Nee, 1 420 Rijkszee- en havenwerken te Petten, Medemblik en Nieuwdiep het herstel van Nee, 1 oorlogsschade, 1941-1942 421 Rijkszee- en havenwerken te Petten, Medemblik en Nieuwdiep het herstel van Nee, 1 oorlogsschade, 1943-1945 245 - Militair Gezag in Noord-Holland, 1945-1946 Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 14-108 P.M.C. Noord-Holland: Bruggen en mijnopruiming - algemene correspondentie 19-149 P.M.C. Noord-Holland: Algemene correspondentie. Mijnen in de kuststrook gelegde en geruimde mijnen - opgaven 28-200 P.M.C. Noord-Holland: Springladingen, mijnen en munitie - opgaven van en correspondentie over 47-37 D.M.C. Alkmaar: Politionele rapporten 73-83 D.M.C. Amsterdam: Politionele rapporten 73-94a D.M.C. Amsterdam: Kopieën geleide biljatten vervoer springstoffen 73-94b D.M.C. Amsterdam: Rapporten Bureau Inlichtingen benevens fotokopieën van verdedigingswerken gezonden naar Engeland 91-51 D.M.C.

Haarlem: Processen-verbaal en rapporten van ongevallen, diefstal 91-52 D.M.C. Haarlem: Processen-verbaal en rapporten van een ontploffing in een munitiebergplaats in Beverwijk op 9 juli 1945 92-62 D.M.C. Haarlem: Politionele rapporten 93-64 D.M.C. Haarlem: Weekrapporten 96-96 D.M.C. Haarlem: Mijnenvelden en versperringen - opgave van en correspondentie inzake opruiming van 112-1 D.M.C. Den Helder: Ingekomen correspondentie - door de Militaire Commissie behandelde - betreffende o.a. oorlogsgraven, teruggave schepen, vordering voertuigen, mijnenvelden, enz. mei 1945 112-2 D.M.C. Den Helder: Ingekomen correspondentie - door de Militaire Commissie behandelde - betreffende o.a. oorlogsgraven, teruggave schepen, vordering voertuigen, mijnenvelden, enz. juni 1945 112-3 D.M.C. Den Helder: Ingekomen correspondentie - door de Militaire Commissie behandelde - betreffende o.a. oorlogsgraven, teruggave schepen, vordering voertuigen, mijnenvelden, enz. juli 1946 112-4 D.M.C. Den Helder: Ingekomen correspondentie - door de Militaire Commissie behandelde - betreffende o.a. oorlogsgraven, teruggave schepen, vordering voertuigen, mijnenvelden, enz. aug. 1947 113-9 D.M.C. Den Helder: Oorlogsgraven - ingezonden brieven en opgaven betreffende 138-9 D.M.C. Hoorn: Graven gesneuvelde geallieerde militairen - circulaires en correspondentie betreffende 140-41 D.M.C.

Hoorn: Mijnen - opgaven van mijnenvelden, bommen, enz. correspondentie inzake de opruiming van mijnen enz. en het vrijgeven van wegenterreinen na opruiming 150-33 D.M.C. Zaandam: Politionele rapporten diverse gemeenten 150-34 D.M.C. Zaandam: Politionele rapporten diverse gemeenten 150-39 D.M.C. Zaandam: Mijnenvelden, circulaires en ingekomen brief

Relevant Nee, 1 Nee, 1 Nee, 1 Nee, 2 Nee, 2 Nee, 3 Ja Nee, 2 Nee, 1 Nee, 2 Nee, 2 Nee, 1 Nee, 1

Nee, 1

Nee, 1

Nee, 2

Nee, 1 Nee, 1 Nee, 1

Nee, 2 Nee, 2 Nee, 2

354 - Rijkswaterstaat Directie Noord-Holland te Haarlem Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) Geen relevante inventarissen

Relevant

388.5 - Garnizoenscommando Haarlem Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 7 Instructies betreffende opberging van munitie en bewaking van munitiemagazijnen, 1948

Relevant Nee, 1

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

22 van 93

456 - Kabinet van de Commissaris van de Koningin in de provincie Noord-Holland te Haarlem Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) Relevant 320 Rapporten van de waarnemend-burgemeesters over de situatie in hun gemeente Nee, 1 tijdens en na de Duitse bezetting, 1945 255 Rapport van de waarnemend-burgemeester van Ursem over de toestand in zijn Nee, 2 gemeente tijdens de oorlog en tijdens de periode van de bevrijding, 1945 222 Stukken betreffende bewaking van mijnenvelden op het grondgebied van de Nee, 1 kustgemeenten, 1945-1947 493 - Provinciale Griffie te Haarlem betreffende toezicht op de Nutsbedrijven, 1943-1989 Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) Relevant 474 Herstel van de schade door oorlogshandelingen, branden en munitie-opruiming ten Nee, 1 behoeve van de openstelling van het provinciale duinterrein voor het publiek 542 - Provinciaal Bestuur, milieu en bijbehorende commissies Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) Geen relevante inventarissen

Relevant

553 - Provinciale Waterstaat van Noord-Holland te Haarlem, 1911-1942 Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) Geen relevante inventarissen

Relevant

554 - Stichting Het Nationale Park De Kennemerduinen te Haarlem Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 80 Opruiming van explosieven uit de Tweede Wereldoorlog

Relevant Nee, 1

589 - Provinciaal Bestuur, Openbare orde en Veiligheid, Gezondheid en Welzijn te Haarlem Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) Relevant 12 Bemiddeling door het provinciaal bestuur bij de geleden schade door een ontplof- Nee, 1 fing op het terrein van een springstoffenfabriek in de Gemeente Muiden 115 Berichten van burgemeesters aan de Commissaris der Provincie over uitgaven die, Nee, 2 zijn ontstaan, door de vordering van huisvesting voor de Duitse Wehrmacht 589 Bemiddeling door het provinciaal bestuur bij de geleden schade door een ontplof- Nee, 2 fing op het terrein van een springstoffenfabriek in de Gemeente Muiden 595 - Provinciaal Bestuur, Organisatie, Personeel en bijbehorende commissies, 1943-1989 Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) Relevant 150 PWS, 1944 - 1951 Nee, 1 154 Provinciaal ziekenhuis Duin en Bosch, 1945 - 1955 Nee, 1 155 Provinciale duinen en bossen, 1947 - 1965 Nee, 1 157 Provinciaal ziekenhuis Santpoort, 1948 - 1958 Nee, 1 158 Strandhoofden bezuiden Camperduin, 1951 - 1966 Nee, 1 159 PWS, 1952 - 1959 Nee, 1 160 Hoogreservoir te Wijk aan Zee, 1952 - 1963 Nee, 2 616 - Provinciale Waterstaat, 1943-1989 Inv. Nr.

Omschrijving archiefstuk(ken) 192 Opgave van munitie-opslagplaatsen in of nabij waterkeringen, 1945-1946 783 Bestek met tekeningen voor het verrichten van sloopwerken van drie bunkers en een geschutsterp op het provinciaal opslagterrein te Weesp, 1986

Relevant Nee, 1 Nee, 1

639 - Provinciaal Bestuur, Wegen, Verkeer en Waterstaat en bijbehorende commissies Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) Relevant Geen relevante inventarissen 641 - Provinciaal Bestuur, Provinciale Staten en Gedeputeerde Staten Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) Geen relevante inventarissen

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

Relevant

23 van 93

Leemte in kennis provinciaal archief • Geen

Uitwerking van de aangetroffen relevante stukken Voor de aangetroffen relevante gebeurtenissen wordt verwezen naar de chronologische tabel in bijlage 3.

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

24 van 93

3.2.2 Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie Het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (“NIOD”) is een kennis- en informatiecentrum over oorlog en bevat diverse (dag)boeken en archiefstukken over WOII. Conform het WSCS-OCE dienen hiervan de volgende collecties geraadpleegd te worden: • •

Collectie 216K - Departement van Justitie Collectie 077 - Generalkommissariat für das Sicherheitswesen - Höhere SS- und Polizeiführer Nord-West

Betrouwbaarheid van de bron Archiefstukken uit collectie 216K betreffen in de regel vergelijkbare stukken als die uit het gemeentearchief. Indien dit het geval is en de verbalisant van het archiefstuk iemand betrof die op locatie is geweest of een directe medewerker betrof van degene die op locatie is geweest, dan geldt hetzelfde als gesteld is voor de betrouwbaarheid van de archiefstukken uit het gemeentearchief. Voor collectie 077 is dit echter niet het geval; deze collectie bevat samenvattende rapporten, die gebaseerd zijn op de originele rapporten, telegrammen of een telefoonbericht. Hierbij bestaat de kans op fouten bij het overnemen en samenvatten van informatie. Deze archiefstukken rapporteren dus niet uit eerste hand en daarom worden de details (aantallen explosieven, exacte locaties, e.d.) als minder betrouwbaar gezien, maar de gebeurtenis zelf wel als betrouwbaar. Het verdient de voorkeur om bevestiging van de details middels een tweede bron te verkrijgen.

Overzichtslijst geraadpleegde collecties en inventarissen van het NIOD Toegangsnummer 077 - Collectie Generalkommissariat für das Sicherheitswesen - Höhere SS- und Polizeiführer Nord-West Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) Relevant 518 Verslagen van de Befehlshaber der Ordnungspolizei betreffende de luchtaanvallen Nee, 1 op Nederlands grondgebied van 21 tot en met 27 augustus 1940 993 Verslagen betreffende geallieerde luchtaanvallen op bewapeningsbedrijven in Nee, 1 Hengelo en de gasfabriek in Rotterdam, 1942-1943 1328 Dagberichten van de Befehlshaber der Ordnungspolizei Den Haag betreffende Ja vijandelijke luchtaanvallen, 1940-1941 1332 Stukken betreffende vijandelijke luchtaanvallen, landingen van vijandelijke Nee, 1 vliegeniers, het vinden van versperringsballons, het werpen van springstoffen en het gebruik van sabotagematerialen, 1940-1943 1759 Berichtgevingen betreffende neergekomen vliegtuigen, 1943 Nee, 1 1855 Telegrammen van de marechaussee regio Rotterdam aan het 3. Polizeibataillon Nee, 1 over bominslagen en delicten, 27-30 november 1944 Toegangsnummer 216K - Collectie Departement van Justitie Inv. Nr.

Omschrijving archiefstuk(ken) 179 Ingekomen en minuten van uitgegane stukken, 16-12-1942 – 21-11-1944 180 Rapporten van de plaatselijke luchtbeschermingsdiensten, politiekorpsen en de Marechaussee inzake het geven van het sein luchtalarm, het neerstorten van vliegtuigen en vliegtuigonderdelen en de vondst van niet-ontplofte explosieven, 23 juni 1943 - 28 april 1944 181 Processen-verbaal van de plaatselijke luchtbeschermingsdiensten, politie en Marechaussee met betrekking tot vijandelijke vliegtuigen, bomaanvallen en ontploffingen in verschillende gemeenten: Aalsmeer-Apeldoorn

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

Relevant Nee, 1 Nee, 1

Nee, 1

25 van 93

Toegangsnummer 216K - Collectie Departement van Justitie Inv. Nr. Omschrijving archiefstuk(ken) 182 Processen-verbaal van de plaatselijke luchtbeschermingsdiensten, politie en Marechaussee met betrekking tot vijandelijke vliegtuigen, bomaanvallen en ontploffingen in verschillende gemeenten: Arcen-Arnhem 183 Processen-verbaal van de plaatselijke luchtbeschermingsdiensten, politie en Marechaussee met betrekking tot vijandelijke vliegtuigen, bomaanvallen en ontploffingen in verschillende gemeenten: Baarn-Burgh 184 Processen-verbaal van de plaatselijke luchtbeschermingsdiensten, politie en Marechaussee met betrekking tot vijandelijke vliegtuigen, bomaanvallen en ontploffingen in verschillende gemeenten: Capelle a/d Ijssel - Dwingeloo 185 Processen-verbaal van de plaatselijke luchtbeschermingsdiensten, politie en Marechaussee met betrekking tot vijandelijke vliegtuigen, bomaanvallen en ontploffingen in verschillende gemeenten: Echt-Zwolle 186 Meldingen van verschillende gemeenten betreffende ongevallen, beschietingen, bombardementen en het afwerpen van (lege) benzinetanks door vliegtuigen 188 Meldingen van luchtalarm in de provincies Gelderland en Overijssel, 18 september 1944 - 16 januari 1945 844 Rapport van de Marechaussee Clinge aan de hoofdinspecteur van de Luchtbescherming inzake het neerstorten van een vliegtuig, 3-5 januari 1944

Relevant Nee, 1

Nee, 1

Nee, 1

Nee, 1

Nee, 1 Nee, 1 Nee, 1

Uitwerking van de aangetroffen relevante stukken Voor de aangetroffen relevante gebeurtenissen wordt verwezen naar de chronologische tabel in bijlage 3.

Vooronderzoek CE – Stolperbasculebrug te Schagerbrug

26 van 93

3.2.3 Nederlands Instituut voor Militaire Historie Het Nederlands Instituut voor Militaire Historie (“NIMH”) is een gespecialiseerd kennisen onderzoekscentrum op het gebied van de Nederlandse militaire geschiedenis en beschikt onder andere over de volgende collecties: • • • • •

Collectie 409 “Gevechtsverslagen en rapporten mei 1940” Collectie 575 “Duitse verdedigingswerken in Nederland en rapporten van het Bureau Inlichtingen te Londen (1940-1945)” Collectie 708 “Luchtoorlog 1940-1945” Collectie 709 “Collectie De Bruin” Collectie 801 “Bergingen”

Collectie 409 Deze collectie bevat gevechtsverslagen en rapporten van de Nederlandse strijdkrachten van de meidagen van 1940. Deze verslagen zijn grotendeels korte tijd na de gevechten in mei 1940 opgesteld aan hand van betrokkenen bij de strijd. Voor oorlogshandelingen in de meidagen van 1940 zijn deze verslagen de meest betrouwbare bron. Tevens is deze bron uitvoerig gebruikt in de literatuur over de strijd in mei 1940: o.a. de werken van V.E. Nierstrasz, L. de Jong, H. Amersfoort en E.H. Brongers zijn hierop gebaseerd. Conform het WSCS-OCE dient collectie 409 geraadpleegd te worden indien uit andere bronnen blijkt dat er indicaties zijn dat grondgevechten hebben plaatsgevonden in de periode mei 1940. Collectie 575 Deze collectie bevat door het verzet opgestelde rapporten en kaarten van Duitse verdedigingswerken in Nederland en rapporten van het Bureau Inlichtingen te Londen. De collectie dient altijd geraadpleegd te worden indien uit andere bronnen blijkt dat er een indicatie is dat er Duitse militaire werken in het onderzoeksgebied aanwezig waren ten tijde van WOII. Collectie 708 De collectie Luchtoorlog 1940-1945 kent zijn oorsprong binnen de gerubriceerde documentatiecollecties van de voormalige Sectie Luchtmacht Historie (SLH) die nu een onderdeel vormen van het NIMH.

De collectie bestaat onder andere uit verslagen, rapporten, publicaties, oorlogsdagboeken en verlieslijsten aangaande de militaire luchtvaart aan zowel de Duitse als de Geallieerde zijde ten tijde van de Tweede Wereldoorlog. Collectie 709 De inhoud van deze collectie bestaat in hoofdzaak uit kopieën van allerlei onderwerpen, veelal afkomstig uit The National Archives in Londen. Daarnaast maken ook boeken, tekeningen, correspondentie, krantenknipsels, (wandel)kaarten en foto's deel uit van de collectie. Collectie 801 Deze collectie bevat informatie over de berging van diverse toestellen, voornamelijk uitgevoerd in de jaren 70. Sommige van deze meldingen bevatten uitvoerige omschrijvingen van de geborgen delen van het toestel en kan daarom een zeer goede bron voor contra-indicaties m.b.t. vliegtuigwrakken zijn.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14660402/1