Bijlage 2 bij zienswijze CVAH model martkreglement 2026
Tekst van het document
CVAH MODEL MARKTREGLEMENT 2026 officiële titel
Nadere regels voor de warenmarkt in de gemeente … 2026
citeertitel
Marktreglement gemeente … 2026
wettelijke grondslag
artikel 160 Gemeentewet; artikel 4 Marktverordening gemeente … 2026; Algemene wet bestuursrecht
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente …; gelet op artikel 160, eerste lid sub g, Gemeentewet, artikel 4 van de Marktverordening gemeente … en de Algemene wet bestuursrecht; overwegende dat het wenselijk is nadere regels vast te stellen met betrekking tot uitvoering van de marktverordening 2026 en een ordelijk verloop van de markt(en); B E S L U I T: vast te stellen de volgende Marktreglement gemeente … 2026 HOOFDSTUK 1. ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1. Begripsomschrijvingen De in artikel 1 van de Marktverordening gemeente … 2026 weergegeven begripsomschrijvingen zijn tevens van toepassing op deze nadere regels. HOOFDSTUK 2. BEPALINGEN OVER VERGUNNINGEN Artikel 2. Inhoud vaste standplaatsvergunning 1. Een vaste standplaatsvergunning vermeldt in ieder geval: a. de naam en voornamen, de geboortedatum en -plaats, het adres en de woonplaats van de vergunninghouder; b. een duidelijke omschrijving van de toegewezen vaste standplaats met vermelding van het nummer en de afmetingen daarvan; c. de kraam of andere verkoopmaterialen die de vergunninghouder bij het innemen van de standplaats mag gebruiken; d. het soort artikelen dat de vergunninghouder mag verhandelen of de branche waartoe de vergunninghouder behoort; e.
dat de vergunninghouder (daar waar gebruikelijk) zelf zorgdraagt voor de inzameling en afvoer van zijn afval en dat hij zijn standplaats schoon oplevert; f. de wijze waarop de vergunninghouder zijn elektriciteit betrekt; g. welke geluidsapparatuur op de standplaats is toegestaan; h. welke kook-, bak- en verwarmingsapparatuur zijn toegestaan; i. de vergunningsduur; j. de datum waarop aan de vergunninghouder voor het eerst vergunning is verleend en zijn volgnummer op de anciënniteitlijst. 2. Aan de vergunning wordt een middel ter identificatie gehecht. 1
Artikel 3. Vergunningsduur Een vaste standplaatsvergunning wordt verleend voor de bepaalde tijd van 20 jaar. Artikel 4. Volgorde toewijzing vrijgekomen vaste standplaatsen 1. Als er een vaste standplaats op de markt vrijkomt, worden de vergunninghouders van een vaste standplaats door het college in de gelegenheid gesteld hun interesse voor de vrijgekomen standplaats kenbaar te maken en wordt de vrijgekomen standplaats toegewezen aan de vergunninghouders die hun interesse kenbaar hebben gemaakt, in volgorde van hun plaatsing op de anciënniteitlijst; 2. Als er, na toepassing van de procedure van lid 1 van dit artikel, nog vaste plaatsen op de markt vrij zijn, wordt dit door het college openbaar bekend gemaakt en worden gegadigden voor de vrijgekomen vaste standplaats uitgenodigd om hun interesse in de vrijgekomen standplaats schriftelijk kenbaar te maken; 3. De selectiecommissie selecteert uit alle gegadigden die schriftelijk hun belangstelling voor de vrijgekomen vaste standplaats kenbaar hebben gemaakt, een gegadigde en draagt deze gegadigde voor aan het college voor verlening van een vergunning. 4. Selectie van een gegadigde door de selectiecommissie vindt plaats aan de hand van de branche waarin de gegadigden actief zijn. Deze branche moet dezelfde zijn als de branche van de vrijgekomen standplaats.
Selectie vindt vervolgens plaats door toekenning van maximaal honderd punten aan iedere aanvraag die is overgebleven na selectie op basis van de branchering. De gegadigde met het hoogst aantal punten wordt aan het college voorgedragen voor verlening van de vergunning. 5. De selectiecommissie kent de punten toe aan de hand van de volgende criteria; a. De sollicitatiebrief en de motivering van de aanvraag: maximaal 10 punten; b. Het assortiment vormt een toevoeging aan het aanbod van de markt: maximaal 40 punten; c. Referenties: de aanvrager heeft geen problemen met andere gemeentes of marktorganisatoren, bijvoorbeeld betalingsachterstanden of disciplinaire problemen: maximaal 10 punten; d. De ondernemer houdt zich bezig met duurzaamheidsaspecten: maximaal 40 punten. 6. Indien sprake is van gegadigden met een gelijk hoogste aantal punten wordt geloot tussen deze gegadigden. De ingelote gegadigde wordt aan het college voorgedragen voor verlening van de vergunning. Artikel 5: Volgorde toewijzing standplaatsen bij wijziging opstelling en indeling Bij wijziging van de opstelling en indeling van de markt worden de standplaatsen op de markt eerst toegewezen aan de vergunninghouders van een vaste standplaats, in volgorde van plaatsing van de vergunninghouders op de anciënniteitlijst.
Toewijzing van de vergunningen voor de standplaatsen die daarna nog vrij zijn, vindt plaats volgens de procedure zoals beschreven in lid 2 tot en met 6 van artikel 4. Artikel 6. Overschrijving vaste standplaatsvergunning 1. Wenst de houder van een vergunning voor een vaste standplaats niet langer zelf gebruik te maken van de vergunning, is de vergunninghouder overleden, in staat van faillissement of onder curatele gesteld, dan kan het college op aanvraag van de vergunninghouder, erven of curator de vergunning overschrijven op naam van zijn echtgenoot, geregistreerde partner of andere persoon met wie hij duurzaam samenwoonde, of zijn kind; 2. De vergunning kan door het college op aanvraag van de vergunninghouder, erven of curator ook worden overgeschreven op een medewerker van de vergunninghouder of 2
mede-eigenaar van het bedrijf van vergunninghouder; 3. Overschrijving van de vergunning vindt plaats voor de resterende duur van de bepaalde tijd waarvoor de vergunning volgens artikel 3 is verleend. Artikel 7. Toewijzing dagplaats 1. Toewijzing van een dagplaats geschiedt door afgifte van een vergunning door het college op het moment dat de standplaats niet als vaste standplaats wordt ingenomen; 2. De dagplaats wordt toegewezen aan gegadigden die zich daarvoor op de marktdag voor [tijdstip] bij de marktmeester hebben gemeld. Toewijzing vindt plaats aan achtereenvolgens gegadigden die actief zijn in dezelfde branche als de branche van de dagplaats, daarna aan gegadigden die actief zijn in een branche die nog niet op de markt vertegenwoordigd is en vervolgens aan gegadigden die niet actief zijn in dezelfde branche als de branche van de dagplaats, voor zover dit in overeenstemming is met het vastgestelde branchepatroon en geen sprake is van overschrijding van de aantal vastgestelde branches. Bij meerdere gegadigden die bij toepassing van deze procedure in aanmerking komen voor de dagplaats, wordt de dagplaats toegewezen door middel van loting door de marktmeester. Artikel 8. Toewijzing standwerkersplaats 1. Een vergunning voor een standwerkersplaats kan door het college worden verleend voor die plaatsen die zijn aangewezen voor standwerken; 2.
Een vergunning voor een standwerkersplaats wordt verleend door middel van loting; 3. De loting vindt plaats door de marktmeester op de marktdag om [tijdstip?]; 4. Indien een standwerker zich wil doen bijstaan, meldt hij dit vooraf aan de marktmeester onder vermelding van de naam van degene die hem zal bijstaan. Degene die hem zal bijstaan, mag niet op eigen naam deelnemen aan de loting; 5. Een vergunning voor een standwerkersplaats geldt voor de in de vergunning vermelde dag en plaats en voor het in de vergunning omschreven artikel. HOOFDSTUK 3. BEPALINGEN OVER HET GEBRUIK VAN DE STANDPLAATS Artikel 9. Innemen standplaats; 1. De vergunninghouder is verplicht om de aan hem vergunde standplaats in te nemen, of te laten innemen; 2. Aan de vergunninghouder die zijn standplaats niet persoonlijk wenst in te nemen, verleent het college toestemming zich te laten vervangen door een met name genoemd persoon; 3. Ter verkrijging van toestemming om zich te laten vervangen dient de vergunninghouder een aanvraag in waaruit blijkt door wie de vergunninghouder wordt vervangen en dat deze vervanger aan de eisen van artikel 8 Marktverordening gemeente … 2026 voldoet; 4. De vervanger treedt op namens de vergunninghouder en handelt namens de vergunninghouder. Het bepaalde in de Marktverordening gemeente … en dit Marktreglement is van overeenkomstige toepassing op de vervanger.
Alle handelingen van de vervanger op de markt worden aan de vergunninghouder toegerekend. De vergunninghouder blijft, ook bij een vervanger, altijd verantwoordelijk voor het gebruik van de standplaats.
3
Artikel 10. Afwezigheid wegens vakantie of bijzondere omstandigheden 1. De vergunninghouder van een vaste standplaats die wegens vakantie of bijzondere omstandigheden niet kan voldoen aan de verplichting zijn vaste standplaats in te nemen, meldt dit tijdig en schriftelijk aan het college; 2. Plotselinge verhindering wordt mondeling of telefonisch aan de marktmeester gemeld; 3. Een vergunninghouder mag maximaal 6 weken per jaar niet voldoen aan de verplichting om zijn vaste standplaats in te nemen; 4. Indien de vergunninghouder vanwege bijzonder omstandigheden langer dan 6 weken zijn standplaats niet kan innemen, kan het college op aanvraag van de vergunninghouder ontheffing verlenen van de verplichting om de standplaats in te nemen. Deze ontheffing geldt voor een periode van maximaal twee jaar. Artikel 11. Tijdstip innemen standplaats/aan- en afvoer goederen 1. Het is verboden voor vergunninghouders op het marktterrein meer dan... uur voor aanvang en meer dan... uur na afloop van de markt met een voertuig, goederen of anderszins ruimte in te nemen of goederen aan of af te voeren; 2. De vergunninghouder is verplicht zijn standplaats tot de sluitingstijd van de markt te blijven innemen. Het college kan hiervan op aanvraag van de vergunninghouder ontheffing verlenen; 3. Indien de vergunninghouder zijn vaste standplaats niet uiterlijk om...
uur heeft ingenomen, wordt de desbetreffende standplaats voor die dag als dagplaats aangemerkt, tenzij de marktmeester de standplaats op tijdig verzoek van de vergunninghouder voor hem beschikbaar houdt. Artikel 12. Gebruik van eigen materiaal 1. Het is de vergunninghouder toegestaan het in zijn aanvraag aangegeven eigen verkoopmateriaal op de standplaats te gebruiken, mits dit materiaal past binnen de afmetingen van de toegewezen standplaats en voldoet aan de voor het materiaal geldende reguliere constructieve en veiligheidseisen; 2. Alleen op standplaatsen die daarvoor door het college zijn aangewezen (bakplaatsen) mag door de vergunninghouder worden gebakken en gebraden. Artikel 13. Markt schoonhouden 1. Een vergunninghouder is verplicht afval, waaronder begrepen verpakkingsmateriaal, op zijn standplaats op een zodanige wijze te bewaren dat zwerfaval wordt voorkomen en het niet door onbevoegden kan worden weggehaald. De vergunninghouder dient zelf en onmiddellijk na afloop van de markt voor afvoer van het afval zorg te dragen; 2. Een vergunninghouder is verplicht de door hem ingenomen standplaats en de naaste omgeving van zijn standplaats bezemschoon achter te laten en verontreiniging van het marktterrein te voorkomen. Artikel 14. Legitimatie Degene die een standplaats op de markt inneemt of wenst in te nemen moet zich kunnen legitimeren.
4
HOOFDSTUK 4. SLOTBEPALINGEN Artikel 15. Intrekken oude regeling Het Marktreglement …, laatstelijk gewijzigd bij besluit van …, wordt ingetrokken. Artikel 16. Inwerkingtreding Dit reglement treedt in werking de dag nadat de Marktverordening gemeente … 2026 in werking is getreden. Artikel 17. Citeertitel Dit reglement wordt aangehaald als: Marktreglement gemeente … 2026 …… [plaatsnaam], …… [datum] Het college van …… [naam gemeente] de secretaris de burgemeester
5
TOELICHTING BIJ HET MODEL MARKTREGLEMENT 2026 VAN DE CVAH In artikel 4 van de Model marktverordening van de CVAH is vastgelegd, dat het college de bevoegdheid heeft om nadere regels te stellen met betrekking tot hetgeen in de marktverordening is bepaald. Met dit Model marktreglement wordt daar invulling aan gegeven en worden uitvoeringsregels vastgesteld, die de gemeenten kunnen gebruiken. Daarbij is rekening gehouden met nieuwe ontwikkelingen sinds het Model marktreglement van de CVAH van 2024. Die nieuwe ontwikkelingen betreffen met name de problematiek van de schaarse vergunningen en de toepassing van de Dienstenrichtlijn en Dienstenwet. De gemeente kunnen dit model gebruiken. Deze toelichting is een hulpmiddel bij het gebruik. Inhoud Hoofdstuk 1 van het Marktreglement bevat de algemene bepalingen. Hoofdstuk 2 bevat bepalingen over de vergunningen. In hoofdstuk 3 zijn bepalingen opgenomen over het gebruik van de standplaats op de markt. In hoofdstuk 4 zijn enkele slotbepalingen opgenomen. Artikelsgewijze toelichting Artikel 1 Begripsomschrijvingen In dit artikel wordt verwezen naar de begrippen die in de verordening wordt gehanteerd. Deze begrippen en de invulling daarvan gelden ook bij de toepassing van het Marktreglement. Artikel 2 Inhoud vaste standplaatsvergunning In het eerste lid is een uitgebreide inhoudsopgave gegeven van een vaste standplaatsvergunning.
In onderdeel a is expliciet opgenomen dat de vergunning naam én voornamen van de vergunninghouder in de vergunning worden opgenomen. Dit vergemakkelijkt de identificatie van de vergunninghouder. Onder een duidelijke omschrijving, bedoeld in het eerste lid, onder b, wordt bij voorkeur gedacht aan een tekening of plattegrond waarop de afmetingen van de standplaatsen en de nummering daarvan zijn aangegeven. Ingevolge het vermelde onder c worden in de vergunning de verkoopmaterialen (kramen, tafels, wagens en dergelijke) opgesomd die de vergunninghouder bij het innemen van de standplaats mag gebruiken. Het verdient aanbeveling beleidsregels vast te stellen waarin de constructieve en veiligheidseisen worden vastgelegd waaraan het verkoopmateriaal moet voldoen. Het tweede lid bepaalt dat er een middel ter identificatie aan de vergunning wordt gehecht. In verband hiermee kan de vergunninghouder worden verzocht twee pasfoto’s te overleggen die dienen ter identificatie; de ene op de vergunning en de ander voor het archief. Artikel 3 Vergunningsduur Uit de rechtspraak blijkt dat de Europese Dienstenrichtlijn ook van toepassing is op detailhandel aan consumenten. De verkoop van goederen op de markt valt daar onder.
Daarmee is sprake van een ‘dienst’ in de zin van de Dienstenrichtlijn en is de Dienstenrichtlijn, die in Nederland zijn vertaling heeft gekregen in de Dienstenwet, van toepassing op de
6
vergunningen die voor een standplaats op de markt worden verleend en het vergunningstelsel dat op (de verlening van) deze vergunningen van toepassing is. Als de uitgifte van vergunningen om beleidsmatige redenen beperkt is, is sprake van schaarse vergunningen. Uit de Dienstenrichtlijn en rechtspraak volgt dat deze vergunningen niet voor onbepaalde tijd mogen worden verleend, maar voor een passende beperkte duur. Achtergrond daarvan is dat bij de verdeling van schaarse vergunningen door de overheid op enigerlei wijze aan (potentiële) gegadigden ruimte moet worden geboden om naar de beschikbare vergunningen mee te dingen. Vervolgens is de vraag aan de orde wat een passende beperkte duur is. In de rechtspraak is bij de beantwoording van deze vraag aansluiting gezocht bij de terugverdientijd van de door vergunninghouders noodzakelijk gedane investeringen. Daarbij geldt dat die terugverdiend per branche dient te worden bepaald. De CVAH is van oordeel dat een vergunningstermijn van minimaal 20 jaar een passende beperkte duur is. Kortlopende vergunningen bieden voor de marktondernemers veel onzekerheid en bieden hen onvoldoende tijd om hun investeringen terug te verdienen.
Verwezen zijn naar rapport, “schaarse vergunningen op de markt een onderzoek naar de gevolgen”, dat in augustus 2019 op verzoek van de CVAH is uitgebracht en het rapport van SEO Economisch Onderzoek “Schaarse vergunningen en terugverdientijd in de ambulante handel” uit 2021, die in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat tot stand is gekomen. De rapporten van de CVAH en SEO Economisch Onderzoek zijn inmiddels gedateerd. Door allerlei ontwikkelingen, met name op het gebied van duurzaamheden en ‘zero-emissie’ wordt de branche met veel hogere investeringen geconfronteerd. De CVAH adviseert om vergunningen voor 20 jaar te verlenen. Wanneer gemeenten er voor kiezen om van vergunningen voor onbepaalde tijd over te stappen naar vergunningen voor bepaalde tijd, adviseert te CVAH uit te gaan van vergunningen voor minimaal 20 jaar. Bij omzetting van de onbepaalde tijd vergunningen naar vergunningen voor bepaalde tijd dient voor bestaande vaste vergunninghouders een ruime overgangsregeling te gelden waarbij hun vergunningen automatisch en zonder aanvraag naar vergunningen met een bepaalde tijd van 20 jaar worden omgezet. Artikel 4 Volgorde toewijzing vrijgekomen vaste standplaatsen De CVAH adviseert gemeenten om vaste plaatsen die vrijkomen op de markt te verdelen door middel van een selectiestelsel.
Dat biedt gegadigden voldoende ruimte om mee te dingen naar plaatsen op de markt en geeft de beste mogelijkheden om de markt op een kwalitatief hoogstaand peil te houden. De procedure is als volgt. Als een plaats op de markt vrijkomt worden bestaande vergunninghouders van een vaste standplaats eerst in de gelegenheid gesteld om een andere plaats te kiezen (plaatsverbetering). Vervolgens worden de nog vrije plaatsen door de gemeente openbaar bekendgemaakt en worden gegadigden in de gelegenheid gesteld hun interesse voor de standplaats kenbaar te maken. Van belang is dat op voorhand en voor een ieder duidelijk is aan welke eisen een sollicitatie naar de vrijgekomen plaats dient te voldoen en welke termijn geldt voor binnenkomst van de sollicitatie. De CVAH adviseert om dat in nadere regels of beleid vast te leggen. De door het college ingestelde selectiecommissie (leg ook ten aanzien van de commissie in nadere regels of beleid vast hoe de commissie functioneert en wordt samengesteld, waarbij het natuurlijk wenselijk is dat ook de marktondernemers in deze commissie zijn vertegenwoordigd) selecteert vervolgens welke gegadigden actief zijn binnen de vrijgekomen branche. Dat is stap 1. Stap 2 is dat aan de hand van de genoemde criteria punten aan de gegadigden worden toegewezen. Ook hier verdient het aanbeveling om deze criteria in nadere regels en/of beleid criteria uit te werken.
Daarbij kan, als het gaat om assortiment, ook aandacht worden gegeven aan het eventuele behoefte 7
aan diversiteit in kwaliteit A, B of C-producten op de markt. De gegadigde met het hoogste aantal punten wordt door de selectiecommissie voorgedragen aan het college. Als sprake is van gegadigden met een gelijk hoogste aantal punten, vindt de uiteindelijke keuze plaats door middel van loting tussen deze gegadigden (stap 3). Artikel 5 Volgorde toewijzing standplaatsen bij wijziging opstelling en indeling In de praktijk bleek onduidelijk op welke wijze de plaatsen moeten worden toegewezen bij een wijziging van de opstelling en indeling van de markt. Van belang is dat dit op een zorgvuldige wijze en niet willekeurig plaatsvindt. De CVAH adviseert om in deze gevallen de procedure toe te passen die in artikel 5 is vastgelegd: eerst kiezen de bestaande vergunninghouders van een vaste plaats een plaats op de gewijzigde markt in volgorde van hun anciënniteit. De plaatsen die daarna nog vrij zijn, worden vervolgens uitgegeven door toepassing van de selectieprocedure van artikel 4. Artikel 6 Overschrijving vaste standplaatsvergunning De CVAH wil de mogelijkheden om de vergunning over te schrijven vergemakkelijken. In het geval de vergunninghouder niet langer van zijn vaste standplaats gebruik wenst te maken of niet langer van zijn standplaats gebruik kan maken, moet het mogelijk zijn dat de vergunning wordt overgeschreven zonder al te veel voorwaarden.
Dat sprake is van schaarse vergunningen staat daaraan niet in de weg. Een vergunning voor bepaalde tijd wordt overgeschreven voor de resterende duur van de bepaalde tijd. Daarna moet de vergunning opnieuw worden uitgegeven volgens de selectieprocedure van artikel 4. Artikel 7 Toewijzing dagplaats Dit artikel betreft de toewijzing van dagplaatsen en geeft een procedure daarvoor. Artikel 8 Toewijzing standwerkersplaats In dit artikel is de toewijzing van standwerkersplaatsen geregeld. Artikel 9 Innemen standplaats Voor de CVAH geldt als uitgangspunt dat de vergunninghouder verplicht is de standplaats in te (laten) nemen, dat wil zeggen: de standplaats moet bezet zijn. De CVAH wil af van de verplichting dat de vergunninghouder in persoon op de standplaats aanwezig moet zijn. In de eerste plaats omdat deze verplichting naar het oordeel van de CVAH in strijd is met de eisen die de Dienstenrichtlijn in artikel 10 aan vergunningstelsels stelt. Wat is immers de dwingende reden van algemeen (niet economisch) belang om van de vergunninghouder te eisen dat hij in persoon aanwezig is? Ten tweede is de CVAH van mening dat de eis van persoonlijke aanwezigheid niet meer past bij de moderne bedrijfsvoering van marktondernemers. De CVAH kiest daarom voor een ruime mogelijkheid voor de vergunninghouder om zich op de standplaats te laten vervangen, bijvoorbeeld door een bedrijfsleider.
De vergunninghouder blijft volledig verantwoordelijk voor de standplaats, ook als hij zich laat vervangen. Hij is gehouden de standplaats in te (laten) nemen en is ook aanspreekbaar op alles wat er op en om de standplaats gebeurt. Artikel 10 Afwezigheid wegens vakantie of bijzondere omstandigheden Dit artikel geeft regels voor de situatie dat de vergunninghouder niet in staat is om zijn standplaats op de markt niet in te (laten) nemen. De standplaats blijft in dat geval leeg en wordt een dagplaats. De CVAH vindt het voor de continuïteit en kwaliteit van de markt van belang
8
dat de standplaatsen ingenomen worden en lege plekken op de markt zoveel mogelijk worden voorkomen. Artikel 11. Tijdstip innemen standplaats/aan- en afvoer goederen Dit artikel geeft regels voor de tijd dat een vergunninghouder op het marktterrein aanwezig mag zijn en spreekt voor zich. Het marktterrein behoort tot de openbare weg. Teneinde het marktterrein tijdens de markt vrij te maken van alle verkeer, dient het college een verkeersbesluit te nemen. Ten onrechte geparkeerde auto’s kunnen met toepassing van bestuursdwang, op kosten van de eigenaars, van het marktterrein worden verwijderd nog vóór de eigenlijke opbouw van de markt. Voorwaarde is wel dat de tijden waarop het terrein beschikbaar moet zijn ten behoeve van de markt, duidelijk worden medegedeeld. Het tweede lid maakt duidelijk dat het in het algemeen, in het belang van de orde op de markt, de vergunninghouder niet kan worden toegestaan de markt op willekeurige, vóór de sluitingstijd gelegen, momenten te verlaten. Op grond van het derde lid is het mogelijk dat over een vaste standplaats beschikt kan worden ten gunste van een andere koopman, indien de vergunninghouder de markt op een bepaalde dag niet bezoekt. Daartoe is bepaald dat de vaste standplaats voor een bepaalde tijd ingenomen moet zijn. Indien bekend is dat de rechthebbende later op de markt verschijnt, zal de standplaats uiteraard open moeten blijven.
Artikel 12 Gebruik van eigen materiaal De CVAH vindt het van belang dat marktondernemers de vrijheid hebben om op de markt van hun eigen verkoopmateriaal gebruik te maken. Mede in het kader van de eisen die de Dienstenrichtlijn stelt. Volgens vaste rechtspraak geldt dat gemeenten dit niet ter bescherming van de belangen van kramenverhuurders mogen beperken. Wel mogen gemeenten in het kader van de veiligheid eisen stellen aan de constructie en veiligheid van het materiaal. Dit materiaal moet natuurlijk aan de geldende veiligheidseisen voldoen. Om die reden is in lid 1 van dit artikel bepaalt dat het eigen materiaal in de aanvraag van de vergunning moet zijn genoemd. Verder is in lid 2 vastgelegd dat het college mag bepalen dat uitsluitend op bepaalde plaatsen mag worden gebakken en gebraden. Dit in verband met de brandveiligheidseisen. Artikel 13 Markt schoonhouden De CVAH is een voorstander van een schone markt. Om die reden is dit artikel toegevoegd. Artikel 14 Legitimatie Dit artikel spreekt voor zich. Artikel 15, 16 en 17 Intrekken oude regeling, inwerkingtreding en citeertitel Deze artikelen zijn van formele aard en spreken voor zich.
9