CConstaterende datSchagen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplan Parallelweg Schagen - toelichting en regels

Gemeenteraad 21 juni 2022, gemeente SchagenBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan 'Parallelweg Schagen'13.264 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

DNS Planvorming BV

22/42

of parkeerterreinen’. Echter, omdat de voorgenomen ontwikkeling wel valt onder de noemer van een ‘stedelijk ontwikkelingsproject’, is een vormvrije m.e.r.-beoordeling verplicht. De vormvrije m.e.r.-beoordeling is in feite een beknopte opsomming van de beoordeling van de ontwikkeling op verschillende milieuaspecten. In onderstaande tabel is hier invulling aan gegeven.

Projectnaam Kenmerken van de projecten Omvang van het project (relatie met drempel D lijst)

Cumulatie met andere projecten Gebruik natuurlijke hulpbronnen

Productie afvalstoffen Verontreiniging en hinder

Risico voor ongevallen Plaats van de projecten Bestaande grondgebruik Rijkdom aan en kwaliteit en regeneratievermogen natuurlijke hulpbronnen van het gebied Opnamevermogen milieu met aandacht voor wetlands, kustgebieden, berg- en bosgebieden, reservaten en natuurparken, H/V richtlijngebieden, gebieden waar milieunormen worden overschreden, gebieden met hoge bevolkingdichtheid, landschappelijk historisch cultureel of archeologische gebieden van belang. Kenmerken van het potentiële effect Bereik van het effect (geografisch en grootte getroffen bevolking) Grensoverschrijdend karakter Orde van grootte en complexiteit effect Waarschijnlijkheid effect Duur, frequentie en omkeerbaarheid effect CONCLUSIE

4.13

Parallelweg Schagen D 11.2 Mogelijkheid tot stedelijk ontwikkelingsproject (drempelwaarde: >100 ha of > 2000 woningen of bedrijfsvloeroppervlakte > 200.000 m²) Betreft een ontwikkeling van maximaal 19 nieuwbouwwoningen als totaal. Geen Voor de bouw van de woningen en voorzieningen worden reguliere natuurlijke hulpbronnen gebruikt als bouwmateriaal (beton, hout, grond). Enkel relevant tijdens de bouw Aanleg: enkel tijdens de bouw. Toename van geluid, verkeer en luchtkwaliteit leidt niet tot relevante milieu-effecten. Nee Braakliggend (gymzaal is rond 2000 afgebrand) Geen Geen verhoogde stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden en geen significant negatieve effecten op Natura 2000 gebieden of andere gevoelige gebieden.

Lokaal Nee Nee Geen Geen De bestemmingswijziging leidt niet tot relevante milieueffecten. Nadere analyse in een MER/m.e.r.-beoordelinq is niet noodzakelijk.

Conclusie milieu- en omgevingsaspecten

De effecten van de voorgenomen ontwikkeling op de in dit hoofdstuk genoemde milieu- en omgevingsfactoren vormen geen belemmering voor de uitvoering van het bestemmingsplan.

DNS Planvorming BV

23/42

5

Juridische planbeschrijving

5.1

Algemeen

In dit hoofdstuk wordt inzicht gegeven in de wijze waarop de gewenste ruimtelijke ontwikkeling juridisch is vertaald. Het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan bestaat uit de verbeelding en de regels. De regels bevatten het juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van deze gronden, regels omtrent de toegelaten bebouwing en regelingen betreffende het gebruik van op te richten bouwwerken. De verbeelding heeft een ondersteunende rol voor toepassing van de regels alsmede de functie van visualisering van de bestemmingen. De verbeelding vormt samen met de regels het voor de burgers bindende onderdeel van het bestemmingsplan. De toelichting heeft geen bindende werking, maar heeft wel een belangrijke functie bij de onderbouwing van het plan en geeft uitleg van bepaalde bestemmingen en regels. In dit hoofdstuk zal worden ingegaan op de systematiek en leeswijzer bij de verbeelding en regels en de handhaafbaarheid.

5.2

Planopzet en systematiek

In het voorliggende bestemmingsplan is de hoofdstructuur van de openbare ruimte vastgelegd. De groenstructuur voor het gebouw, aan de westzijde van het plangebied, heeft de bestemming ‘Groen’ gekregen. Voor de inritten, parkeerplaatsen en het terrein aan de noordzijde is de bestemming ‘Verkeer – Verblijfsgebied’ opgenomen. Voor de gronden waar het woongebouw is voorzien is de bestemming Wonen opgenomen. Er is sprake van redelijk gedetailleerde bestemmingen waarbij binnen de woonbestemming nog enige ruimte is voor de uitwerking en uitvoering van het plan. Door de keuze voor deze planvorm wordt voldoende rechtszekerheid geboden voor de omgeving.

5.3

Verbeelding

De verbeelding geeft de bestemmingen van de gronden aan. In de planregels is per bestemming en aanduiding vastgelegd wat de beperkingen en mogelijkheden van de gronden met de bestemming, zoals aangegeven op de verbeelding, zijn.

5.4

Planregels

In dit bestemmingsplan komen de volgende bestemmingen voor:  Groen  Verkeer – Verblijfsgebied  Wonen De regels bevatten het juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden, regels omtrent de toegelaten bebouwing en regelingen betreffende het gebruik van op te richten bouwwerken. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken. Per hoofdstuk zullen de diverse regels artikelsgewijs worden besproken.

DNS Planvorming BV

24/42

Hoofdstuk 1 Inleidende regels Dit zijn de inleidende bepalingen van de regels.  Artikel 1: Begrippen geeft de betekenis aan een aantal in de regels voorkomende begrippen. Hierdoor wordt de interpretatie van de begrippen vastgelegd, waardoor de duidelijkheid wordt vergroot.

 Artikel 2: Wijze van meten geeft aan hoe bepaalde maten dienen te worden berekend. Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels  Artikel 3: Groen De gronden ten westen van het te realiseren gebouw zijn als ‘Groen’ bestemd. Met uitzondering van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet binnen deze bestemming worden gebouwd.  Artikel 4: Verkeer Voor de inritten, parkeerplaatsen en het terrein aan de noordzijde is de bestemming ‘Verkeer – Verblijfsgebied’ opgenomen. Met uitzondering van bouwwerken, geen gebouwen zijnde en één fietsenberging, mag niet binnen deze bestemming worden gebouwd.  Artikel 5: Wonen Binnen de bestemming 'Wonen' worden de beoogde appartementen mogelijk gemaakt. Woningen zijn al dan niet in combinatie met een aan-huis-verbonden-beroep toegestaan. Het ruimtebeslag van dit aan huis verbonden beroep mag maximaal 30% van de totale bruto vloeroppervlakte van de woning zijn. Hoofdgebouwen dienen binnen een bouwvlak te worden gebouwd waarbij het aantal woningen beperkt is met een aanduiding 'maximum aantal wooneenheden'. Daarnaast is voor de te hanteren bouwhoogte de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' opgenomen. Hoofdstuk 3 Algemene regels

 Artikel 6: Antidubbeltelregel Op grond van de antidubbeltelregel is bepaald dat grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing blijft (artikel 3.2.4 Bro). Deze bepaling voorkomt dat er meer kan worden gebouwd dan wenselijk is indien een kavel wordt gesplitst en op grond daarvan een nieuw bouwperceel ontstaat. Elk bouwperceel heeft immers in principe recht op een bepaalde hoeveelheid bebouwing.  Artikel 7: Algemene bouwregels In dit artikel 7 zijn aanvullend op de bouwregels behorende bij de bestemmingen, algemene regels opgenomen. Tevens is in dit artikel als voorwaarde voor het kunnen verlenen van een omgevingsvergunning voor bouwen gesteld dat voorzien moet worden in voldoende parkeergelegenheid.  Artikel 8: Algemene gebruiksregels Dit artikel geeft een aantal gebruiksvormen die per definitie als strijdig gebruik van de gronden in het bestemmingsplangebied worden beschouwd.  Artikel 9: Algemene afwijkingsregels Met deze bepaling kan middels een omgevingsvergunning worden afgeweken van de regels ten aanzien van het bouwen van gebouwen ten behoeve van het overschrijden van bepalingen inzake goothoogte, hoogte, oppervlakte en inhoud van bouwwerken.

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Dit hoofdstuk bevat de laatste bepalingen van de bestemmingsregels. Hieronder worden de verschillende artikelen toegelicht.

DNS Planvorming BV

25/42

 Artikel 10: Overgangsregels Het overgangsrecht is tweeledig en heeft betrekking op bouwwerken en gebruik. In dit artikel staan de overgangsregels voor bestaande bouwwerken en bestaande gebruiksactiviteiten die afwijken van het bestemmingsplan.  Artikel 11: Slotregel Dit artikel geeft de naam en datum van het bestemmingsplan aan. 5.5

Handhaafbaarheid

Een van de uitgangspunten bij de ontwikkeling van een bestemmingsplan, dus ook bij de ontwikkeling van het onderhavige bestemmingsplan, is dat de in het plan opgenomen regels handhaafbaar dienen te zijn. Handhaving van het ruimtelijk beleid verdient meer aandacht omdat het een voorwaarde is voor het behoud en de ontwikkeling van de ruimtelijke kwaliteit in het plangebied. Bij de totstandkoming van dit bestemmingsplan is aandacht besteed aan de handhaafbaarheid van de in het plan opgenomen regels. Ten behoeve van een goede handhaving van de regels zijn de volgende factoren van belang:  voldoende kenbaarheid geven aan het plan;  voldoende draagvlak voor het beleid en de regelgeving in het plan;  inzichtelijke en realistische regeling;  handhavingsbeleid.

DNS Planvorming BV

26/42

6

Financiële uitvoerbaarheid

Ingevolge artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) dient er in het kader van het bestemmingsplan een onderzoek te worden gedaan naar de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het plan. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de financiële haalbaarheid van het plan. De maatschappelijke aspecten worden in hoofdstuk 7 toegelicht. In artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) is voorgeschreven dat de gemeenteraad een exploitatieplan vaststelt voor de gronden waarop een bouwplan is voorgenomen. In artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening is de definitie van bouwplan gegeven, waarbij het onderhavige plan als bouwplan kan worden aangemerkt. Met het tweede lid van artikel 6.12 Wro kan worden afgeweken van de plicht een exploitatieplan vast te stellen, mits het verhaal van kosten anderszins is verzekerd. De kosten voor het bouwplan alsmede de plankosten worden gedragen door de initiatiefnemer. Hetzelfde geldt voor eventuele kosten als gevolg van planschade. Hiervoor zal een overeenkomst tussen de initiatiefnemer (Paauw Projecten) en de gemeente gesloten. De ambtelijke kosten voor de realisatie van het plan zijn voor de gemeente anderszins verzekerd in deze overeenkomst. Om deze reden is een exploitatieplan niet nodig. De financiële uitvoerbaarheid van het plan is voldoende gewaarborgd.

DNS Planvorming BV | Klaprozenweg 75 C | 1033 NN Amsterdam | info@dnsplanvorming.nl

DNS Planvorming BV

27/42

7

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

7.1

Participatie en vooroverleg ex artikel 3.1.1 Bro

Bewoners in de directe omgeving van het plangebied, woonachtig aan De Loet en de Handelsstraat, zijn tijdens twee (digitale) informatieavonden op respectievelijk 16 december 2020 en 8 juni 2021 over het plan geïnformeerd. Tijdens de eerste avond is het plan gepresenteerd en zijn vragen beantwoord. Tevens zijn ideeën opgehaald voor de uitwerking van het plan. Tijdens de avond op 8 juni 2021 is het geactualiseerde plan gepresenteerd en zijn enkele vragen beantwoord. De verslagen zijn als bijlage bij dit bestemmingsplan opgenomen. Ingevolge artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening (Bro), dienen burgemeester en wethouders overleg te plegen met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met die diensten van provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. In dit kader is het bestemmingsplan naar de relevante overlegpartners gestuurd.

7.2

Procedure bestemmingsplan

Het ontwerpbestemmingsplan is op grond van artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening vanaf 14 januari 2022 gedurende 6 weken ter inzage gelegen, waarbij door een ieder zienswijzen bij de gemeenteraad konden worden ingediend. Er twee zienswijzen ingediend. In de ‘Nota van beantwoording zienswijzen’ zijn de zienswijzen samengevat en van een beantwoording voorzien. Als gevolg van de zienswijzen is de voorwaardelijke verplichting in artikel 5.5 van de bestemming Wonen uitgebreid en is bijlage 1 van de regels gewijzigd. Tot slot zijn de afbeeldingen in paragraaf 2.2 van de toelichting aangepast. Na een beroepstermijn van zes weken treedt het bestemmingsplan in werking, tenzij conform artikel 8.4 Wro een verzoek om voorlopige voorziening is gedaan bij de afdeling bestuursrechtspraak Raad van State.

DNS Planvorming BV | Klaprozenweg 75 C | 1033 NN Amsterdam | info@dnsplanvorming.nl

DNS Planvorming BV

28/42

REGELS

DNS Planvorming BV

29/42

Hoofdstuk 1 Inleidende regels

Artikel 1 1.1

Begrippen

plan

het bestemmingsplan ‘Parallelweg, Schagen’ met identificatienummer NL.IMRO.0441.BPPARALLELWEG-VA01 van de gemeente Schagen; 1.2

bestemmingsplan

de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen; 1.3

aanduiding

een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden; 1.4

aanduidingsgrens

de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft; 1.5

bebouwing

één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde; 1.6

beroeps- c.q. bedrijfsvloeroppervlakte

de totale vloeroppervlakte van de ruimte die wordt gebruikt voor een aan-huis-verbonden beroep c.q. een (dienstverlenend) bedrijf of een dienstverlenende instelling, inclusief opslag- en administratieruimten en dergelijke; 1.7

beroeps- of bedrijfsactiviteit aan huis

een beroeps- of bedrijfsmatige activiteit, genoemd in bijlage 1, dan wel een naar de aard of invloed op de omgeving daarmee gelijk te stellen activiteit, die in of bij een woonhuis wordt uitgeoefend op een zodanige wijze dat: a. het woonhuis in overwegende mate de woonfunctie behoudt; b. de ruimtelijke uitwerking of uitstraling van die activiteit met de woonfunctie in overeenstemming is, waarbij: 1. het uiterlijk van de betreffende woning niet wordt aangetast; 2. het beroep/bedrijf wordt uitgeoefend door in ieder geval één van de bewoners van de woning; 3. het niet gaat om vormen van detailhandel en/of horeca, behoudens webwinkels en posorderbedrijven, mits er geen opslag van goederen is; 4. er geen onevenredige parkeerdruk voor de omgeving optreedt; 1.8

bestaand

a. ten aanzien van de bij of krachtens de Woningwet of de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht aanwezige bouwwerken, en de werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden: 1. bestaand ten tijde van de eerste terinzagelegging van dit plan; b. ten aanzien van het overige gebruik: 1. bestaand ten tijde van het van kracht worden van dit plan.

DNS Planvorming BV

30/42

1.9

bestemmingsgrens

de grens van een bestemmingsvlak; 1.10

bestemmingsvlak

een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; 1.11

bouwen

het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, als mede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats; 1.12

bouwgrens

de grens van een bouwvlak; 1.13

bouwperceel

een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten; 1.14

bouwperceelgrens

de grens van een bouwperceel; 1.15

bouwvlak

een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten; 1.16

bouwwerk

een bouwkundige constructie van enige omvang die direct en duurzaam met de aarde is verbonden, of een constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren; 1.17

dak

iedere bovenbeëindiging van een gebouw; 1.18

detailhandel

het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen, die deze goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van beroeps- of bedrijfsactiviteit; 1.19

evenement

een voor het publiek toegankelijke verrichting van vermaak van een beperkte duur en zoals bedoeld in de Algemene Plaatselijke Verordening. Onder de duur van de activiteit wordt eveneens de periode verstaan die benodigd is voor het opbouwen en afbreken van de voor de activiteit benodigde voorzieningen; 1.20

gebouw

elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; 1.21

hoofdgebouw

een gebouw, dat op een bouwperceel door zijn constructie, afmetingen of functie als het belangrijkste bouwwerk valt aan te merken;

DNS Planvorming BV

31/42

1.22

huishouden

de bewoning van een woning door een persoon danwel door meerdere personen in de vorm van een samenlevingsverband, waarbij sprake is van continuïteit van samenstelling en onderlinge verbondenheid, niet zijnde kamerverhuur; 1.23

incidenteel evenement

een eenmalig, niet periodiek terugkerend evenement; 1.24

kap

een dakafdekking onder een hoek van meer dan 5° met het horizontale vlak; 1.25

overkapping

een bouwwerk, geen gebouw zijnde, dat een overdekte ruimte vormt zonder wanden dan wel met ten hoogste één wand; 1.26

peil

1. voor een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang; 2. voor een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter hoogte van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw; 1.27

prostitutie

het zich beschikbaar stellen voor het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding; 1.28

seksinrichting

de voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden; Onder een seksinrichting worden in elk geval verstaan: een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater, een parenclub of een prostitutiebedrijf waaronder tevens begrepen een erotische massagesalon, al dan niet in combinatie met elkaar; 1.29

voorgevel

de naar de weg (eventueel voetpad) gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw die door zijn aard, functie, constructie of uitstraling als belangrijkste gevel kan worden aangemerkt; 1.30

wonen

het bewonen van een woning, door niet meer dan één huishouden; 1.31

woning

een complex van ruimten in één gebouw, krachtens zijn indeling en inhoud geschikt en uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van een afzonderlijk huishouden; 1.32

woonhuis

een gebouw dat één woning omvat, dan wel twee of meer naast elkaar en/of geheel of gedeeltelijk boven elkaar gelegen woningen omvat en dat qua uiterlijke verschijningsvorm als een eenheid beschouwd kan worden.

DNS Planvorming BV

32/42

Artikel 2

Wijze van meten

Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1

de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens

tussen de (zijdelingse) grenzen van een bouwperceel en enig punt van het op dat bouwperceel voorkomend gebouw, waar die afstand het kortst is; 2.2

de bouwhoogte van een bouwwerk

vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen; 2.3

de dakhelling

langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak; 2.4

de goothoogte van een bouwwerk

vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 2.5

de oppervlakte van een bouwwerk

tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk;

DNS Planvorming BV

33/42

Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels

Artikel 3 3.1

Groen

Bestemmingsomschrijving

De voor ‘Groen’ aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e. f. g.

groenvoorzieningen; voet- en fietspaden; speelvoorzieningen; waterlopen en waterpartijen; openbare nutsvoorzieningen; incidentele evenementen; tuinen en erven;

met de daarbij bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 3.2

Bouwregels

3.2.1

Gebouwen en overkappingen

Op of in deze gronden mogen geen gebouwen en overkappingen worden gebouwd. 3.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag de bouwhoogte ten hoogste 5 m bedragen.

DNS Planvorming BV

34/42

Artikel 4 4.1

Verkeer - Verblijfsgebied

Bestemmingsomschrijving

De voor ‘Verkeer - Verblijfsgebied’ aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wegen met een functie voor de ontsluiting van aanliggende gronden en het doorgaande verkeer; b. parkeervoorzieningen en fietsenstallingen; c. uitsluitend ter plaatse van de specifieke bouwaanduiding ‘fietsenberging’ voor een gebouwde collectieve fietsenberging of individuele fietsenbergingen; d. groenvoorzieningen; e. openbare nutsvoorzieningen; f. speelvoorzieningen; g. incidentele evenementen; h. water. met de daarbij behorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 4.2

Bouwregels

4.2.1

Gebouwen en overkappingen

Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: a. op of in deze gronden mogen geen gebouwen en overkappingen worden gebouwd, met uitzondering van een fietsenberging ter plaatse van de specifieke bouwaanduiding ‘fietsenberging; b. de maximale bouwhoogte van een fietsenberging bedraagt 3 meter. 4.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, geldt de volgende regel: a. de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 5 m.

DNS Planvorming BV

35/42

Artikel 5 5.1

Wonen

Bestemmingsomschrijving

De voor ‘Wonen’ aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen in een woning door één huishouden al dan niet in combinatie met een beroeps- of bedrijfsactiviteit aan huis; b. entreeruimten en overige collectieve ruimten die ten dienste staan van het gebruik van het gebouw; c. openbare nutsvoorzieningen; d. groenvoorzieningen; e. water en waterhuishoudkundige voorzieningen; met de daarbij behorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde, tuinen en erven en verkeersen verblijfsvoorzieningen. 5.2

Bouwregels

5.2.1

Hoofdgebouwen

Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a. een hoofdgebouw mag uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd; b. het aantal woningen mag niet meer bedragen dan het aantal aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden'; c. de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan de aangegeven bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)'; d. het bouwen van een hoofdgebouw mag alleen plaatsvinden indien is voorzien in de aanleg van twee parkeerplaatsen op eigen terrein, beide bestemd voor het parkeren van deelauto’s die beschikbaar zijn voor de gebruikers van het hoofdgebouw. 5.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen vóór (het verlengde van) de voorgevel van het hoofdgebouw mag niet meer bedragen dan 1 m; b. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen achter (het verlengde van) de voorgevel van het hoofdgebouw mag niet meer bedragen dan 2 m; c. de bouwhoogte van vlaggenmasten mag niet meer bedragen dan 6 m; d. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouw zijnde, mag niet meer bedragen dan 3 m. 5.3

Specifieke gebruiksregels

Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend het gebruiken en/of laten gebruiken van woningen voor kamerverhuur. 5.4

Afwijken van de gebruiksregels

Burgemeester en wethouders kunnen in afwijking van het bepaalde in artikel 5.3 vergunning verlenen als de oppervlakte van de onzelfstandige woonruimte minimaal 12 m² bedraagt. 5.5

Voorwaardelijke verplichting

Het bouwen en gebruiken van gebouwen mag alleen plaatsvinden indien is voorzien in: a. de aanleg van twee parkeerplaatsen enkel bestemd voor het parkeren van deelauto’s op eigen terrein en deze in stand worden gehouden. De deelauto’s zijn enkel en alleen beschikbaar en te gebruiken door de gebruikers van het hoofdgebouw; b. het beplanten en instandhouden van een groenblijvende haag tot een hoogte van maximaal 1 meter langs de oostelijke erfgrens bij de noordelijke parkeerplaatsen; c. het aanbrengen en instandhouden van een (geluidwerende en ondoorzichtige) wand langs de galerij aan de oostzijde van het perceel met een minimale hoogte van 1 meter; één en ander zoals aangegeven op bijlage 1 van de planregels.

DNS Planvorming BV

36/42

Hoofdstuk 3 Algemene regels

Artikel 6

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

DNS Planvorming BV

37/42

Artikel 7 7.1

Algemene bouwregels

Bestaande maten

Voor een bouwwerk, dat krachtens een omgevingsvergunning op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden en dat in het plan ingevolge de bestemming is toegelaten, maar waarvan de bestaande afstands-, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen afwijken van de maatvoeringsbepalingen in de bouwregels van de betreffende bestemming, geldt dat: a. bestaande maten, die meer bedragen dan in de bouwregels is voorgeschreven, mogen als ten hoogste toelaatbaar worden aangehouden; b. bestaande maten, die minder bedragen dan in de bouwregels is voorgeschreven, mogen als ten minste toelaatbaar worden aangehouden. 7.2

Bouwen binnen bouwvlakken of bestemmingsvlakken

Bij toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen binnen bouwvlakken of bestemmingsvlakken worden ondergeschikte bouwdelen als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten en overstekende daken, alsmede erkers, ingangspartijen, luifels, balkons en galerijen buiten beschouwing gelaten, mits de bouwdan wel bestemmingsgrens met niet meer dan 1,50 m wordt overschreden. 7.3

Kelders

Onder woningen en daarbij behorende aan- en uitbouwen mogen kelders worden gebouwd, met dien verstande, dat: a. de kelder loodrecht onder de woning en/of daarbij behorende aan- en uitbouwen wordt gebouwd; b. de maximale diepte van de kelder, gemeten vanaf de onderkant van de begane grond, 4 meter bedraagt. 7.4

Maximale bouwhoogte van gebouwen

Bij toepassing van het bepaalde ten aanzien van de maximale bouwhoogte van gebouwen, worden plaatselijke verhogingen zoals schoorstenen, luchtkokers, liftkokers en lichtkappen, buiten beschouwing gelaten, mits: a. de oppervlakte per plaatselijke verhoging niet meer dan 10 m² bedraagt; b. de gezamenlijke oppervlakte van de verhogingen ten hoogste 50% van het dakvlak bedraagt; c. de verhoging leidt tot een hoogte welke ten hoogste 1,25 maal de maximale (bouw)hoogte van het betreffende gebouw bedraagt. 7.5

Parkeren

a. Een omgevingsvergunning voor het (ver)bouwen van een bouwwerk wordt slechts verleend indien in, op of onder het bouwwerk, danwel op of onder het onbebouwde terrein dat bij het bouwwerk behoort, in voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien. Of er sprake is van voldoende parkeergelegenheid, wordt bepaald aan de hand van de normen die zijn opgenomen in de 'Nota Parkeernormen Schagen 2016', met inbegrip van eventuele wijzigingen van deze nota gedurende de planperiode. b. Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 8.5 onder a. indien: 1. het voldoen aan deze regel door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; of, 2. op andere geschikte wijze in de nodige parkeergelegenheid wordt voorzien, onder de voorwaarde dat dit geen onevenredige afbreuk doet aan de parkeersituatie ter plaatse en met inachtneming van het bepaalde in de 'Nota Parkeernormen Schagen 2016', met inbegrip van eventuele wijzigingen van deze nota gedurende de periode dat de verordening geldt.

DNS Planvorming BV

38/42

Artikel 8

8.1

Algemene gebruiksregels

Toegestaan gebruik

8.1.1 Beroeps- of bedrijfsactiviteit aan huis Een woning en/of bedrijfswoning en de daarbij behorende aan-, en uitbouwen en bijgebouwen mogen worden gebruikt voor beroeps- of bedrijfsuitoefening aan huis, mits: a. de gezamenlijke vloeroppervlakte niet meer bedraagt dan 40% van het bruto vloeroppervlak van de betreffende woningen en de daarbij behorende aan-, en uitbouwen en bijgebouwen; b. het geen detailhandel of horeca betreft; c. het beroep/bedrijf wordt uitgeoefend door in ieder geval één van de bewoners van de woning; d. op de bij de betreffende woning behorende gronden geen buitenopslag van goederen ten behoeve van het aan huis gebonden beroep of bedrijf plaatsvindt; e. in de omgeving van de betreffende woning geen onevenredige vergroting van de verkeersen parkeerdruk optreedt; f. de activiteit geen afbreuk doet aan het woonkarakter en/of agrarische karakter van de omgeving. 8.2

Strijdig gebruik

Tot een gebruik, strijdig met de gegeven bestemmingen, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruiken of laten gebruiken als staan- of ligplaats voor onderkomens; b. het gebruiken of laten gebruiken als sport- of wedstrijdterreinen, parkeerterreinen, kampeerof caravanterreinen, woonwagen- of andere kampen, dagcampings en lig- of speelweiden, met uitzondering van - voor zover toegestaan - een kleinschalige camping; c. het aanwezig of opgeslagen hebben van één of meer aan hun gebruik onttrokken machines, voer-, vaar- of vliegtuigen, dan wel onderdelen daarvan en het opgeslagen hebben van ongerede en onklare machines, voer-, vaar-, of vliegtuigen; d. het gebruiken of laten gebruiken als opslagplaats, dan wel stort- of bergplaats van al dan niet afgedankte voorwerpen, stoffen of producten, behoudens indien en voor zover zulks noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte beheer van de gronden; e. de opslag van bagger en grondspecie behoudens indien en voor zover zulks noodzakelijk is in verband met de wettelijke onderhoudsplicht van naastgelegen waterpartijen; f. het gebruiken of laten gebruiken als volkstuin; g. het gebruiken of laten gebruiken als ligplaats voor woonschepen; h. het gebruiken of laten gebruiken van gronden, bouwwerken en woonschepen ten behoeve van een seksinrichting; i.

het gebruiken of laten gebruiken van gronden voor paardenbakken met uitzondering van paardenbakken gelegen ter plaatse van een agrarisch bouwvlak; j. het gebruiken of laten gebruiken van gronden en bouwwerken ten behoeve van risicovolle inrichtingen; k. het gebruiken of laten gebruiken van gronden en bouwwerken ten behoeve van geluidzoneringsplichtige inrichtingen; l. het gebruiken of laten gebruiken van gebouwen als groepsaccommodatie; m. het gebruiken of laten gebruiken van vaste kampeermiddelen, recreatiewoningen en zomerwoningen voor permanente bewoning; n. het gebruiken of laten gebruiken van bijgebouwen als zelfstandige of afhankelijke woonruimte.

DNS Planvorming BV

39/42

Artikel 9

Algemene afwijkingsregels

Indien niet op grond van een andere bepaling van deze regels kan worden afgeweken, kunnen burgemeester en wethouders met een omgevingsvergunning afwijken van de desbetreffende regels van het plan voor: a. de op de verbeelding aangeduide en/of in de regels gegeven maten, afmetingen en percentages (met uitzondering van de oppervlakte van gebouwen, bebouwing en bestemmingsvlakken) tot niet meer dan 10% van die maten, afmetingen en percentages; b. het bepaalde in het plan en toestaan dat bestemmings- of bouwgrenzen worden overschreden, indien een meetverschil daartoe aanleiding geeft. De onder a en b genoemde omgevingsvergunningen kunnen uitsluitend worden verleend, mits er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van:  de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden;  het landschaps- en bebouwingsbeeld;  de milieusituatie;  de verkeersveiligheid;  de archeologische en aardkundige waarden.

DNS Planvorming BV

40/42

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels

Artikel 10 10.1

Overgangsrecht

Overgangsrecht bouwwerken

a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. Burgemeester en wethouders kunnen eenmalig in afwijking van het bepaalde onder a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10%. c. Het bepaalde onder a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 10.2

Overgangsrecht gebruik

a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het bepaalde onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. Indien het gebruik, bedoeld in het bepaalde onder a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. Het bepaalde onder a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

DNS Planvorming BV

41/42

Artikel 11

Slotregel

Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan ‘Parallelweg, Schagen’.

DNS Planvorming BV

42/42

Bijlage 1

Visualisaties voorwaardelijke verplichtingen

DNS Planvorming BV

g lelwe Paral

2

ondergrondse afvalcontainer(s) plaatsen naast bestaande container - loopafstand <75m

bijstelling haag/voetpad

voetpad >2m

bomenreeks tbv privacy

fietsstraat 5m breed

halfverharding

fietspad 4m breed paaltje met versmalling

architecten

D SPA FIET

GeO

Parallelweg Schagen VoorOntwerp

3

Het volume van de nieuwbouw verhoudt zich tot de naastgelegen appartementengebouwen, terwijl de parcellering in de gevel weer aansluiting vindt op de bebouwing aan de Loet en Parallelweg. GeO

architecten

Parallelweg Schagen VoorOntwerp

4

Bestaande hagen en nieuw te plaatsen Hedera-hagen waarborgen de privacy op maaiveldniveau naar naastgelegen percelen. Deze privacy wordt versterkt door tegen de galerij gaashekwerken met begroeiing te plaatsen. GeO

architecten

Parallelweg Schagen VoorOntwerp

5

Bestaande hagen en nieuw te plaatsen Hedera-hagen waarborgen de privacy op maaiveldniveau naar naastgelegen percelen. Deze privacy wordt versterkt door tegen de galerij gaashekwerken met begroeiing te plaatsen. GeO

architecten

Parallelweg Schagen VoorOntwerp

6

Bijstelling van voetpad en smalle hagen achter op de parkeerplaats, langs de bestaande bebouwing. Parkeerplaatsen naast hagen verbreed conform richtlijnen ASVV2012. GeO

architecten

Parallelweg Schagen VoorOntwerp

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14675502/1