Beantwoording aanvullende vragen VVD bocht Thorbeckestraat Langestraat
Tekst van het document
Aanvullende vragen VVD naar aanleiding van beantwoording artikel 43 vragen In de beantwoording van onze vragen (Zie: https://schagen.raadsinformatie.nl/document/16534097/1/Beantwoording%2Bartikel %2B43%2Braadsvraag%2BVVD%2Bsmalle%2Bfietsstrook%2BLangestraatThorbeckestraat?connection_type=17&connection_id=12904816) aangaande de geplaatste paaltjes bij de bocht Thorbeckestraat/Langestraat geeft de wethouder aan dat een aanvullende maatregel nodig is. 1.De maatregel is besproken tussen ambtenaren en een vertegenwoordiger van de Thorbeckestraat. Na een gesprek met de fietsersbond blijken aanvullende maatregelen nodig. Waarom is er vooraf geen informatie ingewonnen bij de Fietsersbond? ANTWOORD: De Fietsersbond wordt met name betrokken bij projecten met een grotere impact of een beleidsmatig karakter. Gezien de aard en schaal van deze ingreep is vooraf geen advies gevraagd aan de Fietsersbond. Het gesprek met de Fietsersbond achteraf heeft wel aanvullende inzichten opgeleverd, die worden betrokken bij de verdere uitwerking.
2.Bedoelt de wethouder met 'aanvullende maatregel' dat de inrichting wordt aangepast? Kan de wethouder aangeven op welke wijze de inrichting wordt aangepast? Komt er bijvoorbeeld meer ruimte voor fietsers en minder ruimte voor auto's en klein vrachtverkeer? Wordt de situatie er veiliger op en hoe heeft de wethouder dat in dit stadium beoordeeld? ANTWOORD: In lijn met het advies van de Fietsersbond wordt met de ruimte achter de bestaande afzetting zodanig ingericht dat fietsers daar comfortabel kunnen doorrijden. De beschikbare ruimte wordt hiervoor herverdeeld en de doorgang wordt logisch aangesloten op de route van en naar de Sweelinckstraat. Daarmee wordt de fietsroute duidelijker en gebruiksvriendelijker ingericht. Op basis van verkeerskundige beoordeling verwachten wij dat dit de overzichtelijkheid en verkeersveiligheid voor fietsers versterkt. 3.U geeft aan dat u weet dat paaltjes op fietsstroken het ongevalsrisico vergroten. Kunt u uitleggen waarom er dan paaltjes op een fietsstrook zijn geplaatst? En blijven die op de fietsstrook staan? ANTWOORD: Bij de inrichting van de openbare ruimte maken wij steeds een verkeerskundige afweging tussen verschillende belangen, waaronder veiligheid, doorstroming en handhaafbaarheid.
Hoewel het uitgangspunt is om paaltjes op fietsstroken zoveel mogelijk te vermijden, kan in specifieke situaties een fysieke maatregel noodzakelijk zijn om ongewenst en potentieel onveilig gedrag van gemotoriseerd verkeer te voorkomen. In dit geval zijn de paaltjes geplaatst om het afsnijden van de bocht en ongewenst gebruik door vrachtverkeer tegen te gaan. Zij zijn daarbij niet in de fietsstrook zelf
geplaatst, maar zodanig gepositioneerd dat de fietsruimte behouden blijft. 4. Kunt u aangeven hoe en wanneer de situatie wordt aangepast? ANTWOORD: De aanpassing van de situatie vindt plaats nadat er duidelijkheid is over het te nemen verkeersbesluit en de bijbehorende procedure is doorlopen. Na vaststelling van het verkeersbesluit worden de fysieke maatregelen ingepland en uitgevoerd. De exacte planning is afhankelijk van de doorlooptijd van de procedure en de uitvoeringsplanning. Nadat het verkeersbesluit is vastgesteld, passen we de situatie aan. 5. Hebben inwoners uit Schagen daar inspraak op? ANTWOORD: Inwoners kunnen hun zienswijze kenbaar maken via de formele procedure die hoort bij het verkeersbesluit. Dat besluit wordt gepubliceerd, waarna belanghebbenden de mogelijkheid hebben om bezwaar te maken. Daarnaast hebben wij naar aanleiding van eerdere aanpassingen signalen en meldingen uit de omgeving ontvangen. Deze reacties zijn betrokken bij de vormgeving van de aanvullende maatregel. De voorgestelde oplossing sluit aan bij de aandachtspunten die daarbij naar voren zijn gebracht. 6. Welke kosten gaan gepaard met deze aanpassing? ANTWOORD: De exacte kosten worden bepaald bij de nadere uitwerking en opdrachtverstrekking aan de aannemer.
Het betreft een beperkte aanpassing binnen de bestaande inrichting, waardoor de financiële impact naar verwachting gering is en past binnen de beschikbare uitvoeringsbudgetten.