Annotatie delegatie bestuursleden Noordkop 3 juni 2021
Tekst van het document
Annotatie regiobijeenkomst 2 juni 2021 Aan Datum vergadering Auteur Onderwerp
: AB-leden vertegenwoordiging regio Noordkop : 02-06-2021 : Q. Foppe/ D. van der Kolk : regionale raadsledenbijeenkomst Noordkop
Op 2 juni vindt vanaf 19.30 uur de digitale regionale raadsledenbijeenkomst Noordkop plaats. In de aanloop naar deze vergadering zijn enkele vragen gesteld die met deze annotatie beantwoord worden. Het betreft een viertal vragen aangeleverd door de griffier en een uitgebreide vraag gesteld door de heer Vriend uit de CDA/ Hollands Kroon. Agendapunt 9 Voorstel tot het vaststellen van een zienswijze op de Jaarstukken 2020 en de begroting 2022 van de Omgevingsdienst (OD) Noord-Holland Noord De RRN adviseert de raden kennis te nemen van de jaarrekening en begroting van de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord (OD NHN) en de bijgaande (gezamenlijke) zienswijze af te geven op de jaarrekening en begroting, met daarin samengevat de volgende punten: Op de jaarrekening 2020 en begroting 2022 van de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord via de RRN de volgende zienswijze (zoals verwoord in de bijlage) in te dienen: Vraag 1 a) de raad ziet dat de OD NHN er financieel goed voor staat maar dat over een aantal bedragen en getallen nog onduidelijkheid is Beantwoording ODNHN De Omgevingsdienst Noord-Holland Noord verneemt graag over welke bedragen en getallen precies onduidelijkheid bestaat en of dit de Jaarstukken 2020 of de begroting van 2022 betreft.
vraag 2 b) de raad constateert dat de tekst van de afdeling regulering qua structuur en inhoud significant afwijkt van de andere afdelingen en dat delen in de paragraaf ketentoezicht geen inzicht verschaffen over de mate van doelbereiking (met name inzake het onderhouden en formaliseren van samenwerkingen); Beantwoording ODNHN De ODNHN dankt de raad voor de gemaakte opmerkingen en neemt deze mee voor toekomstige publicaties. vraag 3 c) de raad verlangt een toelichting over de effecten van COVID-19; Beantwoording ODNHN De ODNHN heeft het afgelopen jaar, en nog, te maken met de consequenties die verband houden met de maatregelen als gevolg van het Covid-19 virus. Het afgelopen jaar heeft de ODNHN de bestuursleden middels periodieken/ brieven en live tijdens de digitale bestuursvergaderingen regelmatig op de hoogte gesteld over (tijdelijke) wijzigingen in de bedrijfsvoering. Deze wijzigingen betreffen het beperken van de werkzaamheden die gepaard gaan met het fysieke contact. In
Pagina 1 van 4
Adviserende regionale raads- en commissieledenbijeenkomst Noordkop
gelijke tred met de overheidsmaatregelen, draait de ODNHN nu ook langzamerhand maatregelen terug. Er zijn diverse stromingen op te merken ten aanzien van de effecten van Covid-19. Enerzijds hebben alle vormen van overleg: ambtelijk, bestuurlijk, met bedrijven en burgers digitaal plaatsgevonden. Intern heeft dit bijvoorbeeld tot consequentie gehad dat collega’s meer op afstand van elkaar zijn komen te staan. Enkele collega’s hebben deze afstand als moeizaam en lastig ervaren, anderen konden hier goed mee overweg. Burgers en bedrijven is daar waar mogelijk om medewerking gevraagd in de digitalisering en zijn documenten voorafgaand aan overlegsituaties via de mail gedeeld. Toezicht en Handhaving hebben hiervan meer ‘last’ ervaren dan andere afdelingen. Zo is bijvoorbeeld vanaf maart besloten de zwaarste categorie bedrijven weer fysiek te bezoeken, met inachtneming van de RIVM-richtlijnen. Met name het stilleggen van de evenementensector heeft gevolgen gehad voor toezicht en handhaving. Door de coronaproblematiek konden in 2020 diverse werkzaamheden niet worden uitgevoerd. De horecabedrijven (geluidmetingen overlast horecabedrijven) waren gesloten en de evenementen (geluidcontroles) waren afgelast. Tevens kon het project transportcontroles afval geen doorgang vinden ivm het niet beschikbaar zijn van de ketenpartners (coronaproblematiek).
Besloten is de budgetten die voor de uitvoering van deze taken waren gereserveerd aan de opdrachtgevers te restitueren (€ 221.546,- voor alle 17 opdrachtgevers). Daarnaast heeft de OD NHN de gemeenten aangeboden te ondersteunen bij controles op de naleving van de coronaregels in de openbare ruimten. De gemeenten Den Helder en Texel hebben van dit aanbod gebruik gemaakt.
vraag 4 d) de raad verzoekt de OD NHN om onderzoek te doen naar de mogelijkheid een structurele besparing te realiseren op de begroting. Beantwoording ODNHN Sinds de oprichting van de organisatie in 2013 is ingrijpend op de in opbouw zijnde organisatie bezuinigd. Bij de overdracht van budgetten in 2013 was direct sprake van een taakstellende bezuiniging van 10% met daarbij een negatieve bruidsschat in 2014 van € 400.000,-. In de jaren 2014 – 2016 is de nullijn gehanteerd, waarna in 2018 wederom sprake was van een taakstellende bezuiniging van 5%. In die jaren zijn ook de oprichtingskosten ter hoogte van € 900.000,terugbetaald aan de eigenaren. Daarnaast heeft de OD NHN vanaf 1 januari 2022 de uitdaging om een structurele taakstellende bezuiniging te realiseren van € 820.000 in het kader van het Masterplan ICT. Zowel in kwalitatief - als kwantitatief opzicht heeft de Omgevingsdienst richting de toekomst een aantal uitdagingen die zijn oorsprong kent in de opdracht van eigenaren, nieuwe wetgeving en de leeftijdsopbouw van het huidige personeelsbestand. Dit betreft onder meer de VTH Strategie 2021 – 2023, de inwerkingtreding van de uitgestelde Omgevingswet en de uitstroom van (schaars) personeel in de komende jaren wegens pensionering. In 2020 en 2021 sorteerde de Omgevingsdienst hierop voor, vooralsnog zonder aanvullende financiering.
Voor de nabije toekomst voorziet de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord bovendien interessante kansen om de opgebouwde databases voor de gemeentelijke deelnemers actief uit te nutten. Hier zal dan wel aanvullende financiering voor nodig zijn.
Via de mail binnengekomen bij Q. Foppe op 31 mei – vragen dhr. Vriend CDA Hollands Kroon Wijziging GR Omgevingsdienst Een eerdere -ingetrokken- versie van de wijziging heeft aanleiding gegeven voor veel vragen van de zijde van onze fractie (november 2019). Uiteraard zal door mij ons college gevraagd worden op welke wijze met die vragen is omgegaan. Een snelle bestudering van de stukken voor de RRN geeft echter aanleiding -met het oog op de behandeling in de RRN- de volgende vragen te stellen.
Pagina 2 van 4
Adviserende regionale raads- en commissieledenbijeenkomst Noordkop
In de brief van het AB wordt aangegeven dat toestemming van de gemeenteraden nodig is op grond van artikel 1 Wgr. Nu de provincie ook deelnemer is, moet dit toch een toestemming zijn op basis van artikel 51 Wgr. Waarom wordt opnieuw artikel 1 genoemd? Op grond van artikel 5 kan een deelnemer extra taken opdragen aan de GR. Dit naast het basispakket op grond van artikel 4. Vermindering van taken wordt gelijkgesteld aan een gedeeltelijke uittreding. Onduidelijk is in de tekst van artikel 5 of het verzoek tot vermindering taken, als bedoeld in artikel 5 ook kan zien op de basistaken (artikel 4) of dat dit beperkt blijft tot de extra taken. Dit laatste is het meest logisch omdat elke deelnemer in ieder geval op grond van artikel 4 de basistaken moet afnemen, alleen artikel 5 is daarover niet duidelijk. De tekst in artikel 5 zou daarover meer duidelijkheid moeten geven. Artikel 35 is ook van toepassing als er sprake is van een verzoek vermindering taken. Dit betekent dat een verzoek vermindering taken alleen kan na toestemming van de betreffende gemeenteraad of PS. Waarom is deze toestemming niet vereist als er meer taken, als bedoeld in artikel 5 worden opgedragen aan de GR gelet op de mogelijke financiële gevolgen voor de gemeente? In artikel 5 is het toestemmingsvereiste niet opgenomen.
Artikel 35 is niet duidelijk als het gaat over de wijze waarop de schadevergoeding bij uittreding wordt berekend. Gelet op het budgetrecht van de gemeenteraad, maar ook de rechtszekerheid zou dat duidelijker in de GR moeten zijn omschreven. De beleidsregels genoemd in lid 6 gelden hier niet, begrijp ik. Overigens is dit voor vermindering van taken ook niet duidelijk. In artikel 35, lid 6 wordt terzake verwezen naar beleidsregels. Ten eerste zitten deze niet bij de stukken, maar door de verwijzing maken ze wel deel uit van de GR. En van wanneer zijn deze beleidsregels? Want het kan niet zo zijn dat de beleidsregels door het AB worden gewijzigd zonder instemming van de deelnemers. Een wijziging van de beleidsregels door het AB zou namelijk een wijziging van de GR betekenen, nu in de GR daarnaar wordt verwezen, en dat kan niet zonder besluiten van de deelnemers en de toestemmingen van de diverse vertegenwoordigende lichamen. De formulering nu maakt niet duidelijk van wanneer de beleidsregels zijn en dus welke van toepassing zijn. En wanneer krijgen we die? Van het vorige voorstel tot wijziging van de GR weet ik nog dat in de beleidsregels stond dat de vergoeding drie maanden na vaststelling door het AB moet worden betaald. Dat is een verplichting voor deelnemers en hoort dus niet thuis in de beleidsregels, maar in de regeling zelf.
Ik heb een bepaling met die strekking niet kunnen vinden. Is dat nog actueel? In de beleidsregels stond destijds ook dat een verzoek vermindering taken voor 1 mei moest worden ingediend. Dat is ook een verplichting die in de GR thuishoort nu deze is gericht tot de deelnemers. Is dat nog actueel? Graag ontvang ik de antwoorden voor de behandeling a.s. woensdag.
Beantwoording ODNHN De Gemeenschappelijke Regeling en de beleidsregels betreffen een diversiteit aan wetten en afspraken. Wij kunnen deze vragen daarom helaas niet binnen enkele dagen beantwoorden en hebben schriftelijke afhandeling voorgesteld. Dit heeft de ODNHN op 31 mei met de heer J. Hagens gecommuniceerd. In zijn algemeenheid kan wel gezegd worden dat de Omgevingsdienst een verlengstuk is van het openbaar bestuur, te weten de 17 gemeenten en de provincie. De organisatie is daarbij werkgever en biedt werkgelegenheid aan ruim 200 mensen, al dan niet gespecialiseerd, van administratie tot jurist en van bodem tot geluid, circulaire economie en Omgevingswet. Bij wijzigingen in het takenpakket en de opdrachten van haar eigenaren moet hierop worden geanticipeerd. In die zin is de ODNHN naast opdrachtnemer ook werkgever en een verlengstuk van alle eigenaren. De Wijziging Gemeenschappelijke Regeling is uitgebreid en zorgvuldig voorbereid met en door juristen van diverse deelnemers.
Pagina 3 van 4
Adviserende regionale raads- en commissieledenbijeenkomst Noordkop
Pagina 4 van 4