21 02 28 Brief mevr. Paauw-Bremer inzake zienswijze op ontwerpbestemmingsplan Nes 32 te Schagen (21.405076)
Tekst van het document
liiiiiiaiiiiniiiiiiiiiii
GEMEFNTE SCHAGEN
Stuknummer: 21.405076 M. Paauw-Bremer xxxxxxx Nes 34 xxxxxxxx 1741 NH Schagen xxxxxxxx 0224-296553 xxxxxxxxxxxx xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx martpaauw@hotmail.com
0 2 'ĽD 202.1
Gemeente Schagen T.a.v. Gemeenteraad van Schagen Postbus 8 1740 AA Schagen
datum: 29-01-2021 betreft: Zienswijze ontwerpbestemmingsplan "Nes 32 te Schagen"
Hierbij ontvang u mijn zienswijze op het ontwerpbestemmingsplan "Nes 32 te Schagen". Ik ben op Nes xx 34 direct aanwonend tegen het plangebied. xx Bijzonder teleurgesteld ben ik nu ik dit plan pas in de vijfde week van de tervisielegging door een oplettende buurman verderop in de straat gemeld kreeg en niet eerder door de buren zelf. xx Ik ben geboren hier op Nes xx 34, heb met mijn man tot 6 jaar geleden zelf het agrarisch bedrijf Nes 32 gehad en xx ben daarna weer op Nes XX 34 gaan wonen. Van de agrarische bedrijfsvoering ervaar ik dan zelf ook geen hinder. In het plangebied zie ik met dit bestemmingsplan een grote verandering ontstaan. Daarbij zie ik meteen ook een grote verandering voor het gehele gebied ontstaan omdat de huidige boerderij hier eigenlijk ook de laatste is waar de bedrijfsvoering niet al gestaakt of afbouwend is. Het plan resulteert niet alleen in saneren van een boerenerf, maar daarmee ook met geheel veranderen van de gebiedsinvulling. Waar al bedrijven verdwenen zijn zie je het weidegebied veranderen in kool- en maïsvelden en daarmee samenhangend een verschraling van de flora en fauna. De impact van dit plan is helaas groter dan alleen het kader van het nu voorliggende bestemmingsplan. Puntsgewijs benoem ik hieronder een aantal aandachtspunten. 1 participatie
Waar ik dacht een goede band met mijn buren van het direct aangrenzende agrarisch bedrijf te hebben ben ik nu zeer onaangenaam verrast doordat ik pas in de vijfde week van de tervisielegging bij toeval op de hoogte ben gebracht van het plan bij Nes 32 te Schagen. Ik ben zeer ontstemd om dan ook nog in de toelichting (9.2) te lezen dat het plan zou zijn voorbesproken. Niemand anders zit dichter aan deze locatie dan ik en niemand heeft meer historie aan deze locatie dan ik. Dat geeft mij reden om toch kritisch deze ontwikkeling te beoordelen. Zonder informeren niet waarderen. 2: manipuleren beeldvorming
Ik stel het om te beginnen als misleiding om in de ruimtelijke onderbouwing en toelichting geen recente foto's te gebruiken, maar foto's van voor het al enige járen geleden vernieuwen van de verharding op het erf en foto's met rommel wat al lang geleden verwijderd is. Hiermee wordt de bestaande situatie onjuist voorgespiegeld.
1/4
vervolg zienswijze 29-01-2021 3: planologische waardering
Vanuit een burgerlijk perspectief lijkt de boerderij misschien niet passend in de omgeving, maar dat is dan gebaseerd op een onjuiste beeldvorming. In werkelijkheid (gerechtelijk vastgesteld) is er geen sprake van een daadwerkelijk buurschap en lintbebouwing, maar van een straat met afwisselende en onderbroken bebouwing in een gebied met primair agrarische functie en ter plaatse een perceel met agrarische bestemming. Met de daarbij gegeven bouwmogelijkheden én een welstandelijk goedgekeurde bebouwing is dit niet anders dan precies wat hier nu planologisch juist bedoeld is. Met het mestbassin en de voeropslag verdekt in de binnenhoek van de Nes is indertijd ook een zo zorgvuldig mogelijke landschappelijke inpassing bereikt. Dit boerenerf en de bebouwing wijkt in omvang, inrichting, aanzicht en korrelgrootte op geen enkele wijze af ten opzichte van andere volwaardige melkveebedrijven. Het is dan ook onjuist om in de formele stukken de huidige situatie te beoordelen als afwijkend. De bestaande situatie kan daarmee ook niet als argument gebruikt worden voor bedrijfsverplaatsing. De huidige situatie kan pas als landschapsontsierend bestempeld worden nadat de bestemming gewijzigd en/of de bedrijfsvoering is gestaakt, niet er voor al. Door deze verdraaiing van feiten bij zijn de ruimtelijke onderbouwing en het landschapsplan direct al niet echt serieus te nemen.
4: nut en noodzaak zijn onvoldoende onderbouwd.
De opmerking dat de melkveehouderij geen toekomst meer heeft (T 3.1.1) is nergens op gebaseerd. De bedrijfsvoering past in de huidige bestemming, de afstanden tussen bedrijf en omliggende woningen is ruim voldoende, het bestemmingplan geeft mogelijkheden voor uitbreiding en doordat de omliggende melkveehouders bij gebrek aan opvolging al gestopt zijn of al afbouwen is er in principe in het gebied voldoende ruimte voor ontwikkeling. Er is geen enkel plan voor uitbreiding van het bedrijf afgewezen, niet eens aangevraagd. Agrarisch gezien is deze bedrijfsverplaatsing op dit moment niet logisch, dit doet sterk vermoeden dat het plan niet op zichzelf staat. Daarmee is ook niet duidelijk of het voorgestelde compensatieplan werkelijk in deze omvang nodig is. Nut en noodzaak zijn onvoldoende onderbouwd. 5: bebouwing sleufsilo's
De oppervlakte bebouwing sleufsilo's is onjuist opgegeven, het betreft overwegend slechts kuilvoerplaten in de vorm van een (herbruikbare) stelconplatenverharding. 6: omvang van de stolp
De bestaande stolp is enorm groot, hoe reëel is het om met de hiervoor beschikbare optie van woningsplitsing, nadrukkelijk in dit plan zelf opgenomen ondanks dat die mogelijkheid al een plaats heeft in het paraplu omgevingsplan, er vanuit te gaan dat hierin maar één woning gerealiseerd zal worden? 7: parkeren stolp
Waar vindt parkeren plaats als er meerdere woningen in de stolp gerealiseerd gaan worden?
2/4
vervolg zienswijze 29-01-2021 8: ontsluiting woningen
De meeste woningen in het plan zijn al als tweedelijns bebouwing bedacht, maar dan ook nog met een omweg ontsluiten kan ik geen stedenbouwkundige kwaliteit vinden. Daarbij is die ontsluiting dan ook nog pal langs mijn tuin en slaapkamer bedacht. Bij het huidig gebruik zijn er slechts incidenteel verkeersbewegingen in de vroege ochtend, avond of nacht. Bij woongebruik ontstaan die juist wel. Naast dan verkeerslawaai zullen koplampen bij het indraaien van de ontsluiting ook direct door mijn woning gaan schijnen. Ik ben niet akkoord met deze ontsluiting en het daarmee onnodig veroorzaken van hinder in een bestaande situatie, er is ruimte zat aan de westzijde van de stolp om dan recht vanuit centrale erf op een van de twee daar bestaande uitritten te ontsluiten. 9: borging
Er is geen borging opgenomen ter voorkoming van (toekomstige) uitbreiding van percelen buiten het plangebied. Hoe wordt voorkomen dat de percelen zich mogelijk door verdere grondaankoop toch kunnen uitbreiden in, met name de oostelijke hoek en daar in plaats van de doorkijk mogelijk schuren, hoge beplanting of zelfs een paardenbak met lichtmasten gerealiseerd kunnen worden. Het plan heeft borging nodig van de omliggende gronden. 10: ontsluiting weiland
Hoe wordt in de toegang naar het achtergelegen weiland voorzien als dit niet meer over het erf loopt. Dit ter voorkoming van een situatie zoals te zien is tussen Nes 26 en Nes 28 en daaruitvolgend door modder op de weg gevaarlijke situatie. Door westelijke verbreding van het plangebied blijft er slechts een smalle, dan niet anders dan alleen als uitrit te gebruikten strook over. Als dit dan ook nog een bende wordt blijft er weinig over van het juist bedoelde fraaie doorzicht. 11: bestemming groen
Het beeldkwaliteitsplan zet bij de landchappelijke inpassing hoog in op vergroening; een robuuste houtsingel, een fruitboomgaard, handhaven van bestaand groen en voor zicht op de stolp open gazons langs de Nes. Met het daaraan verbonden belang horen deze groenstroken dan ter voorkoming van latere eigen invulling van de eigenaren als ook behoud van een groene afscheiding tussen mijn erf en het plangebied niet in de bestemmingen verkeer en wonen thuis maar in een eigen bestemming groen. 12: beleidskader
Het ontwerpbestemmingsplan in strijd met zowel de Provinciale Omgevingsverordening NH 2020 als de Structuurvisie 2025 van de gemeente Schagen en voldoet niet aan de randvoorwaarden van de Uitvoeringsregeling ruimte voor ruimte 2015 van de provincie Noord-Holland. 13: financiële onderbouwing
De opbrengst van zeven nieuwe bouwkavels en één of meer woningen in de bestaande stolp lijkt niet in verhouding met de kosten voor het verwijderen van de agrarische bebouwing en losse bestrating. De ruimte-voor -ruimte regeling vereist een financiële onderbouwing; deze onderbouwing ontbreekt in het plan. 14: geluid
In de toelichting/ruimtelijke onderbouwing 5.1.2 is ontbreekt toetsing van het wegverkeerslawaai van de nieuwe toegangsweg op mijn daarnaast gelegen woning. Er ontstaat met de nieuwe bestemming verkeer-plattelandswegen een nieuwe, hinderlijke, geluidsbron naast mijn slaapkamer.
3/4
vervolg zienswijze 29-01-2021 15: lichthinder
In de ruimtelijke onderbouwing ontbreekt verantwoording van lichthinder van de nieuwe toegangsweg op mijn woning. Bij indraaien van de toegangsweg zullen koplampen direct door mijn woning gaan schijnen. 16: soortenbescherming
Dat een vaste rust- of voortplantingsplaats voor vleermuizen in het plangebied ontbreekt (T 5.7.2) kan niet anders dan zijn gebaseerd op met de ogen dicht kijken in een niet representatief jaargetijde. Er verblijven er juist veel door een goede voedselvoorziening (vliegen) en vele goede verblijfsmogelijkheden in de kap van de stolp en achter boeidelen van alle gebouwen en wel bestaande spouwmuren, (let wel, ik heb daar meer dan 40 jaar zelf gewoond) 17: waterhuishouding
Dat de waterhuishouding (T6.2) niet nader is uitgewerkt is onacceptabel. In de nieuwe situatie zou het geen boerenerf meer zijn dat water afvoert via de eigen landerijen, maar een nieuwe wooncluster dat afvoert in een bestaand kwetsbaar gebied. Ik maak mij zorgen om dan eventueel lozing in de smalle sloot achter mijn woning, deze heeft geen doorstroming en zal dood vallen. De eenvoudige opmerking (T6.2.3) dat er vuilwaterriolering onder de ontsluitingsweg aangelegd zal worden biedt geen oplossing, er is geen gemeenteriool om op aan te sluiten.
Afsluitend
Als er goede kansen gezien worden voor verdere verbetering van de agrarische bedrijfsvoering van Houtenbos op een andere locatie, ben ik niet de persoon om dat in de weg te gaan staan. Ik zie er de noodzaak nog niet van in, maar in beginsel ben ik niet tegen sanering en herontwikkeling van Nes 32 om dat mogelijk te maken. Maar in samenhang met het niet zelf voorafgaand aan de tervisielegging aan mij kenbaar danwel bespreekbaar maken van de plannen, ben ik niet van plan zomaar in een nieuwe situatie te belanden die mij hinder gaat opleveren. Met de te op oneigenlijk doel geschreven en onvolledige ruimtelijke onderbouwing blijven op dit moment ook nog te veel onduidelijkheden bestaan. Ik vertrouw er op dat als de ontwikkelende partijen ook op mijn medewerking hopen dat zij alsnog ook rekening gaan houden met de omwonenden.
Hoogachtend,
M. Paau
4/4