CConstaterende datSchagen
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Bestemmingsplan Helmweg 10 te Groote Keeten vastgesteld

Gemeenteraad 29 juni 2021, gemeente SchagenBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Helmweg 10 te Groote Keeten16.778 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Volgens de globale inrichtingsschets zoals die nu voor het plangebied is opgesteld, lijkt een doodlopende, secundaire waterloop in het plangebied te worden gedempt. Het oppervlak van eventuele demping dient volledig te worden gecompenseerd door middel van het graven van extra oppervlakte water. Het HHNK treedt graag in overleg over de exacte invulling van de compenserende maatregelen, wanneer demping ook in de uitgewerkte plannen aan de orde blijkt. Het plangebied biedt voldoende ruimte om eventuele watercompensatie binnen het plangebied op te lossen. Uitgangspunt is echter de plannen dusdanig uit te werken dat er geen demping optreedt. Per mail d.d. 7 maart 2018 is aanvullend op het wateradvies zoals hier verwoord en in de bijlage opgenomen, aangegeven dat er geen verdere op- en/of aanmerkingen zijn. Conclusie Het planvoornemen is rekening houdend met bovenstaande, uitvoerbaar voor wat betreft het aspect water.

4.9

Milieu effectrapportage (MER)

De bij elk ruimtelijk plan uit te voeren m.e.r.-beoordeling houdt in dat nagegaan moet worden of er activiteiten plaatsvinden die negatieve effecten op het milieu kunnen hebben. De grondslag hiervoor is enerzijds het Besluit m.e.r. (Besluit milieueffectrapportage) en anderzijds de hiervoor beschreven onderzoeken. De activiteiten die in het plangebied worden beoogd, overschrijden geen drempelwaarden in de D-lijst van het Besluit m.e.r. Voor het bestemmingsplan geldt daarom geen plan-MER. Daarnaast zijn de milieueffecten in voorgaande paragrafen voldoende onderzocht. Op grond hiervan kan in alle redelijkheid worden aangenomen dat de toekomstige activiteiten in het plangebied geen onaanvaardbare gevolgen voor het milieu zullen hebben.

30

bestemmingsplan Helmweg 10 te Groote Keeten

4.10

Verkeer en parkeren

Voor een ruimtelijk plan geldt dat de verkeerseffecten die optreden als gevolg van een planvoornemen in het kader van een goede ruimtelijke ordening moeten worden onderbouwd. De nadruk ligt daarbij op de effecten van de ontwikkeling op de verkeersafwikkeling en parkeren (bereikbaarheid), de verkeersveiligheid en de verkeershinder (leefbaarheid). Verkeer In navolgende zijn de verkeerseffecten vanwege het planvoornemen in het plangebied in beeld gebracht. Hiertoe is gebruik gemaakt van publicatie nr. 317 "Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie" (2012) van CROW (het nationale kennisplatform voor infrastructuur, verkeer, vervoer en openbare ruimte). In deze publicatie zijn vuistregels en kengetallen aangereikt om verkeerseffecten bij ontwikkelingen te bepalen. Er zijn kencijfers omtrent de ritproductie voor woon-, werk- en voorzieningenfuncties per weekdagetmaal gegeven en ook parkeerkencijfers, met een minimale en maximale aan te houden bandbreedte. Bij gebruikmaking van deze publicatie is er van uitgegaan dat Schagen in 'weinig stedelijk gebied' ligt. In aansluiting op de Nota Parkeernomen Schagen 2016 is het plangebied aangemerkt als 'rest bebouwde kom'. Het planvoornemen heeft betrekking op de realisatie van een 4-sterrenhotel met 60 kamers.

Voor een 4-sterrenhotel wordt in deze situatie een bandbreedte gegeven van minimaal 20,2 tot maximaal 23,1 motorvoertuigbewegingen per 10 kamers. Omgerekend naar 60 kamers betekent dit een bandbreedte van 121,2 -138,6 motorvoertuigbewegingen per weekdagetmaal. Gemiddeld gaat het om 130 (129,9) motorvoertuigbewegingen. Uitgaande van een spits-uurintensiteit van 10% van de etmaalintensiteit leidt dit tot een toename van de spitsuurintensiteit van 13 motorvoertuigbewegingen bij een volledige uitvoering van het plan. Het hotel wordt direct ontsloten op de Helmweg, maar ook de Duinweg (N502) is, als doorgaande weg, belangrijk als het gaat om de ontsluiting van het hotel. Gezien de inrichting van beide wegen en de huidige verkeersintensiteit kan worden aangenomen dat de doorstroming op zowel de Helmweg als de Duinweg vanwege de verkeersgeneratie van het planvoornemen niet in het geding komt. Een goede verkeersafwikkeling blijft mogelijk. Parkeren De parkeerbehoefte in het plangebied neemt toe als gevolg van het planvoornemen. De realisatie van het hotel brengt een zekere vraag naar parkeervoorzieningen met zich mee. Om in deze parkeerbehoefte te voorzien is in de regels van dit bestemmingsplan vastgelegd dat een omgevingsvergunning alleen kan worden afgegeven wanneer de zekerheid bestaat dat voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd.

De normen die de gemeente hanteert om te beoordelen of sprake is van voldoende parkeergelegenheid zijn opgenomen in de 'Nota Parkeernormen Schagen 2016'. Deze toetsing vindt plaats op basis van deze nota, met inbegrip van eventuele wijzigingen van deze nota gedurende de planperiode. Zo wordt bij ontwikkeling altijd voorzien in de actuele parkeerbehoefte. In de Nota Parkeernormen Schagen 2016 zijn onder andere parkeernormen opgenomen voor horeca en (verblijfs-)recreatie. De hoogste hotelcategorie waarvoor parkeernormen staan genoemd is een 3-sterrenhotel. Hiervoor geldt in de rest bebouwde kom een parkeernorm van 5,2 parkeerplaatsen (pp) per 10 kamers. Voor het hotel met 60 kamers

31

bestemmingsplan Helmweg 10 te Groote Keeten

betekent dit dat er 31,2 pp. moeten worden gerealiseerd. In de eerder genoemde CROW-publicatie zijn wel parkeerkencijfers opgenomen voor een 4-sterrenhotel. In onderhavig geval gaat het om een bandbreedte van 7,0 - 8,0 pp. per 10 kamers. Omgerekend naar 60 kamers is dit 42 - 48 pp. voor het hotel. In de globale inrichtingstekening is rekening gehouden met 70 parkeerplaatsen. Dit betekent dat het erf voldoende ruimte biedt om op eigen terrein in de parkeerbehoefte te voorzien. Conclusie Het bestemmingplan kan ten aanzien van de aspecten verkeer en parkeren uitvoerbaar worden geacht.

4.11

Duurzaamheid

Duurzaamheid van een gebied of in relatie tot een ruimtelijke ontwikkeling kan tot uitdrukking komen in de thema's: kwaliteit van de leefomgeving, water, energie, mobiliteit, natuur/ecologie en milieu. Onder deze laatste kan onder meer het volgende worden verstaan: gezondheid, externe veiligheid, materiaalkeuze en hergebruik van materialen, duurzaam slopen, geluid, lucht en beheer/onderhoud van een gebied of gebouw. Er bestaat geen wettelijke verplichting om het thema duurzaamheid in bestemmingsplannen vast te leggen. Wel vormt het een belangrijk onderwerp in het sociaal-maatschappelijke debat en daarmee een belangrijk aandachtspunt in het overheidsbeleid. Gemeenten streven in dat Bestemmingsplannen kunnen energieaspecten te regelen.

kader naar een duurzame (gebouwde) omgeving. echter beperkt worden gehanteerd om duurzame

Voor vragen op het gebied van duurzaam (ver)bouwen, energiebesparing of energie opwekken kunnen inwoners en ondernemers van Noord-Holland Noord tegenwoordig bij het Duurzaam Bouwloket terecht. De gemeente Schagen participeert hierin.

32

bestemmingsplan Helmweg 10 te Groote Keeten

Hoofdstuk 5 5.1

Juridische toelichting

Algemeen

Bij het opstellen van dit bestemmingsplan zijn de Wet ruimtelijke ordening (Wro), het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) en de Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen 2012 (SVBP2012) toegepast. Dit houdt onder andere in dat in de nieuwe Wro de strafbepaling en de algemene gebruiksbepaling zijn neergelegd, zodat deze niet meer hoeven te worden opgenomen in de planregels. De SVBP2012 bepaalt in grote mate de vormgeving en inrichting van bestemmingsplannen. De SVBP2012 bevat bijvoorbeeld omschrijvingen van begrippen die letterlijk moeten worden overgenomen in elk bestemmingsplan. Daarnaast bevat het regels ten aanzien van de wijze waarop regels geformuleerd moeten worden. In het Bro is daarnaast een formulering opgenomen ten aanzien van de anti-dubbeltelregel en het overgangsrecht die letterlijk moeten worden overgenomen in de planregels. De regels zijn zo opgesteld dat ze gebruikt kunnen worden in een analoog alsook digitaal bestemmingsplan. Op basis van de Wro is het digitaal vastgestelde bestemmingsplan leidend. Als er verschil bestaat tussen het analoge en digitale bestemmingsplan, is het digitale bestemmingsplan bepalend.

5.2

Bestemmingsplanprocedure

In de Wro en het Bro zijn wettelijke regels voor de bestemmingsplanprocedure vastgelegd. Hierin zijn de volgende fasen te onderscheiden. Voorbereidingsfase De gemeente voert ten behoeve van de voorbereiding van een bestemmingsplan onderzoek uit naar de bestaande situatie en de mogelijke (ruimtelijke) ontwikkelingen in de gemeente. De gemeente stelt voor het overleg op grond van artikel 3.1.1 Bro haar voornemen beschikbaar aan de besturen en diensten van hogere overheden. De gemeente geeft een reactie op mogelijke overleg- en inspraakreacties en verwerkt deze indien nodig. Ontwerpfase Wanneer de voorbereidingsfase is afgerond, wordt een ontwerpbestemmingsplan opgesteld. Dit plan wordt na aankondiging in de Staatscourant en de website www.officielebekendmakingen.nl voor een periode van zes weken ter inzage gelegd op www.ruimtelijkeplannen.nl. In deze periode kan door iedereen een zienswijze op het ontwerpbestemmingsplan worden ingediend. Vaststellingsfase Na de periode van terinzagelegging worden, voor zover nodig, de zienswijzen verwerkt in het bestemmingsplan. Hierna stelt de gemeenteraad het bestemmingsplan binnen ten hoogste twaalf weken vast. Na de vaststelling van het bestemmingsplan maakt de gemeenteraad het vaststellingsbesluit bekend en wordt het vastgestelde bestemmingsplan wederom ter inzage gelegd.

Voor belanghebbenden bestaat gedurende een periode van zes weken na bekendmaking de gelegenheid om beroep in te stellen bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.

33

bestemmingsplan Helmweg 10 te Groote Keeten

5.3

Juridische vormgeving

De SVBP2012 voorziet in een standaardopbouw van een bestemmingsplan waarvan niet mag worden afgeweken. Bestemmingsplanregels zijn hierdoor altijd als volgt opgebouwd: Hoofdstuk 1: Inleidende regels Dit hoofdstuk bestaat uit twee artikelen: de begrippen en de wijze van meten. Dit houdt in dat belangrijke begrippen worden omschreven en nader wordt toegelicht hoe precies wordt gemeten. Hierdoor wordt verzekerd dat uiteenlopende interpretaties de naleving van de regels niet in de weg staan. Hoofdstuk 2: bestemmingsregels In dit hoofdstuk zijn de regels terug te vinden die gelden voor de verschillende bestemmingen. De verbeelding en regels van een bestemmingsplan vertellen in samenhang welke regels waar precies gelden. Hoofdstuk 3: algemene regels In dit onderdeel van de regels komen algemene regels aan de orde die gelden voor alle bestemmingen in het bestemmingsplan en worden om die reden in een apart hoofdstuk opgenomen. Hierbij wordt ingegaan op de anti-dubbeltelregel en de bouwregels, gebruiksregels en afwijkingsregels. Hoofdstuk 4: overgangs- en slotregels De regels van het bestemmingsplan sluiten altijd af met regels met betrekking tot het overgangsrecht en de slotregel. Het overgangsrecht wordt wettelijk voorgeschreven in artikel 3.2.1 en 3.2.2 van het Besluit ruimtelijke ordening en bevat daardoor altijd exact dezelfde formulering.

De slotregel vertelt hoe een bestemmingsplan mag worden geciteerd.

5.4

Planregels

Nu het juridische kader is geschetst, kan gekeken worden naar de regels die specifiek in dit gebied gelden. Hierbij wordt een toelichting gegeven op de regels binnen de bestemmingen 'Groen' en 'Horeca - Hotel', de dubbelbestemming 'Waterstaat - Waterkering' en de algemene regels. Groen De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn in hoofdzaak bestemd voor groenvoorzieningen, bermen en beplanting en waterlopen en waterpartijen. Gebouwen zijn niet toegestaan binnen deze bestemming. Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mogen worden gebouwd tot een bouwhoogte van 3,5 m. Horeca - Hotel De bestemming 'Horeca - Hotel' is in dit bestemmingsplan opgenomen voor de gronden waarop de realisatie van een hotel is beoogd. De bestemming is afgestemd op de specifieke karakteristieken van het planvoornemen. Het maximum aantal hotelkamers is begrensd tot 60 kamers. Zowel het maximum aantal kamers als de maximum goot- en bouwhoogte is geregeld door middel van aanduidingen op de verbeelding met koppelingen naar bepalingen in de regels. Door middel van een bouwvlak wordt aangegeven waar mag worden gebouwd.

34

bestemmingsplan Helmweg 10 te Groote Keeten

Gebruik van bouwwerken of gronden voor detailhandel en de huisvesting voor seizoensarbeiders is verboden. Waterstaat - Waterkering De dubbelbestemming 'Waterstaat - Waterkering' beschermt de waterkering en de waterbeheersing die in een klein gedeelte van het plangebied aanwezig is. Deze bescherming vindt voornamelijk plaats door middel van het omgevingsvergunningsstelsel dat is opgenomen. Hiermee wordt bewerkstelligd dat binnen het bestemmingsvlak gebouwen pas kunnen worden gebouwd wanneer advies is ingewonnen bij de verantwoordelijk waterbeheerder. Ook voor het verrichten van werken, geen bouwwerken zijnde die mogelijk gevolgen hebben voor de waterkering, zoals het afgraven of ophogen van gronden en het aanbrengen van beplanting dient een omgevingsvergunning te worden aangevraagd. De bestemming is primair ten opzichte van de overige aan deze gronden toegekende bestemmingen. Algemene regels In de algemene regels wordt onder andere het parkeren nader geregeld. Deze regeling is gekoppeld aan bouwactiviteiten in het plangebied en is afgestemd op de inhoud van het facetbestemmingsplan 'Parkeren'. De regeling houdt in dat enkel gebouwd mag worden voor zover is voorzien in voldoende parkeergelegenheid. Aan de hand van de meest recente parkeernota wordt beoordeeld of sprake is van voldoende parkeergelegenheid. Momenteel is dat de 'Nota Parkeernormen Schagen 2016'.

De planontwikkeling vindt plaats in gebied dat door de provincie Noord-Holland is aangewezen als weidevogelleefgebied. Zie ook paragraaf 3.2 waarin dit nader wordt toegelicht. In het voorliggende plan is hiermee rekening gehouden door de aanduiding 'overige zone - weidevogelleefgebied' op te nemen en hieraan een regeling te koppelen in de algemene aanduidingsregels. Deze regeling zorgt ervoor dat in het plangebied rekening wordt gehouden met de instandhouding van het leefgebied van weidevogels. In de regeling is een verbodsbepaling opgenomen ten aanzien van werkzaamheden die de functie als weidevogelleefgebied van de locatie mogelijk verstoren. Van de verbodsbepaling kan slechts worden afgeweken met een omgevingsvergunning. Wanneer deze omgevingsvergunning wordt aangevraagd, wordt getoetst of verlening van de vergunning er niet toe leidt dat de waarde van de gronden als broed- en fourageergebied voor weidevogels onevenredig wordt aangetast.

35

bestemmingsplan Helmweg 10 te Groote Keeten

Hoofdstuk 6 6.1

Uitvoerbaarheid

Economische uitvoerbaarheid

Grondexploitatie Op grond van artikel 6.12 Wro stelt de gemeenteraad een exploitatieplan vast voor gronden waarop een bouwplan is voorgenomen. Wat onder een bouwplan moet worden verstaan, is in artikel 6.2.1 Bro aangegeven. Dit bestemmingsplan ziet toe op de sloop van de bestaande agrarische bebouwing en herbouw van een nieuw hotel en betreft daarmee een bouwplan op grond van artikel 6.2.1 Bro onder b: "de bouw van één of meer andere hoofdgebouwen". Doel van een grondexploitatieregeling is het inzichtelijk maken van de financiële haalbaarheid en het bieden van meerdere mogelijkheden voor het kostenverhaal, waardoor er meer sturingsmogelijkheden zijn. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de publiekrechtelijke weg via een exploitatieplan en de privaatrechtelijke weg in de vorm van overeenkomsten. In het geval van een exploitatieplan kan de gemeente eisen en regels stellen voor de desbetreffende gronden. Onderzoeks- en plankosten De kosten voor het verrichten van de noodzakelijke onderzoeken ten behoeve van de planvorming vanwege dit bestemmingsplan worden door de ontwikkelende partij gedragen. De kosten voor de gemeente betreffen de gebruikelijke kosten voor de ambtelijke planbegeleiding. In de tussen partijen af te sluiten anterieure overeenkomst worden de kostenafspraken vastgelegd.

Realisatiekosten en financiële uitvoerbaarheid Initiatiefnemer van het planvoornemen van dit bestemmingsplan is een private partij. De kosten voor realisatie van het planvoornemen komen voor rekening van deze partij. De initiatiefnemer heeft een exploitatieberekening laten opstellen. Hieruit blijkt dat de beoogde hotelontwikkeling op deze locatie bedrijfseconomisch haalbaar is. In redelijkheid mag worden aangenomen dat de beoogde ontwikkeling binnen de planperiode van in beginsel 10 jaar wordt uitgevoerd. Planschade Door het opstellen van dit nieuwe bestemmingsplan voor de betreffende gronden is er de kans dat door eigenaren van gronden in de directe omgeving van het plangebied bij de gemeente op grond van artikel 6.1 Wro een verzoek tot tegemoetkoming in planschade wordt ingediend. Diegenen die schade lijden door de bestemmingsplanherziening, omdat hun onroerend goed in waarde vermindert, kunnen de schade verhalen (voor zover deze redelijkerwijs niet voor de aanvrager behoort te blijven) wanneer dit boven de 2% van de waarde van het onroerend goed uitkomt. Afspraken over de mogelijke kosten die samenhangen met deze tegemoetkoming in de planschade worden in de tussen initiatiefnemer en gemeente overeengekomen anterieure overeenkomst opgenomen.

Conclusie Het kostenverhaal, evenals de afwenteling van de planschade, zal worden geregeld in een tussen de gemeente en initiatiefnemer te ondertekenen afzonderlijke anterieure overeenkomst. Deze overeenkomst moet zijn getekend vóór vaststelling van het voorliggende bestemmingsplan. Op basis van deze overweging moet het planvoornemen

36

bestemmingsplan Helmweg 10 te Groote Keeten

van dit bestemmingsplan economisch uitvoerbaar worden geacht. De exploitatiekosten zijn derhalve anderszins verzekerd. Een exploitatieplan op grond van de Grondexploitatiewet is dan ook niet noodzakelijk. Voorgaande betekent dat dit bestemmingsplan niet door onvoldoende economische uitvoerbaarheid wordt belemmerd.

6.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Vooroverleg Het planvoornemen wordt verstuurd aan diverse partijen in verband met vooroverleg. Zij worden hiermee in de gelegenheid gesteld op het plan te reageren. Vanuit het vooroverleg is door de Provincie Noord Holland en het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier gereageerd. De provincie heeft positief gereageerd met daarbij de opmerking dat het plan mogelijk nog via de ARO voor advies gaat. De aanvullende reactie van het HHNK is instemmend (zie ook paragraaf 4.8). Tervisielegging Met het ter visie leggen van het ontwerpbestemmingsplan stelt de gemeente vervolgens een ieder in de gelegenheid om kennis te kunnen nemen van, alsmede te reageren op, de inhoud van het planvoornemen.

37

bestemmingsplan Helmweg 10 te Groote Keeten

38

bestemmingsplan Helmweg 10 te Groote Keeten

Bijlagen bij de toelichting

39

bestemmingsplan Helmweg 10 te Groote Keeten

40

bestemmingsplan Helmweg 10 te Groote Keeten

Bijlage 1 Haalbaarheidsonderzoek hotelontwikkeling

41

       

         

   

    

 

 

 

 

  

 

 

 

 

     

    

   

-

    

       

 

     

 

 

 

bestemmingsplan Helmweg 10 te Groote Keeten

Bijlage 2 Advies Natuurwaarden

73

A dvi es N at uu r w aa r de n Hel m weg 1 0 C a l la nts oog

A dvi es N at uu r w aa r de n Hel m weg 1 0 C a l la nts oog

Inhoud

Rapport en bijlagen

21 maart 2019 Projectnummer 218.26.00.02.00

I n h o u d s o p g a v e

1

Inleiding

5

2

Situatieschets en plannen

7

2.1

Ligging en huidige situatie

7

2.2

Voorgenomen plannen

9

Voortoets Natura 2000

11

3.1

Inleiding

11

3.2

Beschrijving Natura 2000-gebied

13

3.3

Effectbeoordeling

15

3.3.1

Verzuring en vermesting

15

3.3.2

Geluid

15

3.3.3

Licht

16

3.3.4

Trilling

16

3.3.5

Optische verstoring

17

3.3.6

Mechanische effecten

18

3.3.7

Landschappelijke waarden

18

3

3.4 4

6

19

Provinciaal natuurbeleid

21

4.1

Provinciaal ruimtelijk natuurbeleid

21

4.2

Inventarisatie

22

4.3

Toetsing

22

4.4 5

Conclusies

4.3.1

Natuurnetwerk Nederland

22

4.3.2

Weidevogelleefgebied

24

Conclusie

25

Soortenbescherming

27

5.1

Planten

28

5.2

Zoogdieren - vleermuizen

28

5.3

Zoogdieren – overige

29

5.4

Vogels

30

5.5

Amfibieën en vissen

31

5.6

Reptielen

32

5.7

Ongewervelden

32

Conclusie en consequenties

33

6.1

Beschermde gebieden

33

6.2

Beschermde soorten

33

6.3

Uitvoerbaarheid

34

218.26.00.02.00 Advies Natuurwaarden Helmweg 10 Callantsoog - 21 maart 2019

7

Bronnen

37

7.1

Veldbezoek

37

7.2

Media

37

7.3

Literatuur

37

Bijlagen

218.26.00.02.00

1

I n l e i d i n g

In verband met het plan voor de bouw van een hotel aan de Helmweg 10 in

AANLEIDING

Groote Keeten bij Callantsoog wordt een planologische procedure doorlopen. In dit kader is het noodzakelijk om een onderzoek uit te voeren naar effecten op de natuurwaarden (soortenbescherming en gebiedenbescherming). Het voorliggende rapport voorziet hierin. Voorliggend Advies Natuurwaarden behandelt de ecologische beoordeling van

DOEL VAN HET ADVIES

de genoemde plannen. De effecten op natuurwaarden worden beoordeeld in relatie tot de Wet natuurbescherming (Wnb)1 met de daaraan gekoppelde provinciale verordening en het provinciaal ruimtelijk natuurbeleid. De beschrijving van de relevante te beschermen natuurwaarden is gebaseerd

INFORMATIE

op: -

bestaande bronnen zoals databanken, verspreidingsatlassen, waarnemingsoverzichten, rapporten en websites;

-

verkennend veldbezoek waarbij vooral is gekeken naar kritische en/of beschermde soorten, zowel wat betreft aanwezigheid van als potenties voor deze soorten.

In hoofdstuk 2 wordt een beschrijving van het plangebied en de plannen weer-

OPZET VAN HET RAPPORT

gegeven. De mogelijke effecten van deze plannen op beschermde Natura 2000gebieden worden in hoofdstuk 3 beoordeeld in het kader van de Wet natuurbescherming. In hoofdstuk 4 worden potentiële effecten van de plannen op in het kader van het provinciale natuurbeleid beschermde natuurgebieden getoetst. Op basis van bekende verspreidingsgegevens en het veldbezoek worden de mogelijke effecten van de toekomstige plannen op in het kader van de Wet natuurbescherming beschermde flora en fauna getoetst (hoofdstuk 5). In hoofdstuk 6 ‘Conclusie en consequenties’ wordt tenslotte een samenvatting van de belangrijkste bevindingen van het onderzoek gegeven.

1

De Wet natuurbescherming is op 1 januari 2017 in werking getreden en betreft zowel soortenbescherming als bescherming van (Europese) natuurgebieden.

218.26.00.02.00 Advies Natuurwaarden Helmweg 10 Callantsoog

5

S i t u a t i e s c h e t s

2

e n

p l a n n e n 2.1

Ligging en huidige situatie Het plangebied ligt aan de Helmweg 10 te Groote Keeten ten noorden van Callantsoog. Het plangebied wordt aan de zuidzijde begrensd door de Helmweg. Ten westen en oosten van het plangebied liggen langs de Helmweg erven met bebouwing. Aan de noordzijde grenst het plangebied aan open akkergebied. In het plangebied zijn een woning en 3 grote schuren aanwezig. De vervallen woning is opgetrokken uit bakstenen muren en heeft een met dakpannen bedekt dak. De woning is aan de noordzijde verbonden met een grote schuur die eveneens is opgetrokken uit bakstenen muren. Het dak van de schuur bestaat uit een rieten dak met net boven de dakgoot enkele rijen dakpannen. De muren van de twee schuren andere schuren zijn eveneens opgetrokken uit bakstenen, maar hebben een golfplaten dak. Behalve deze grote schuren is nog een klein schuurtje met golfplaten dak en wanden die zijn opgebouwd uit planken. Om de gebouwen is grasland en verharding aanwezig. De verharding bestaat uit betonplaten, asfalt en bestrating. Verder zijn op het erf een aantal hagen en groenstroken aanwezig met jonge bomen, struiken en braamstruweel. Om het erf ligt een akker. Langs de Helmweg ligt een gedeeltelijk droogstaande greppel. Het plangebied wordt aan de overige zijden begrensd door vrij smalle kavelsloten met steile oevers die zijn verbonden met duikers.

De ligging van het plangebied wordt weergegeven in figuur 1.

Woning met geschakelde schuur binnen het plangebied (16 oktober 2017)

218.26.00.02.00 Advies Natuurwaarden Helmweg 10 Callantsoog

7

Figuur 1. Topografische kaart met ligging plangebied ( rood). (Bron kaartbeeld: Jan-Willem van Aalst, www.imergis.nl Bron webservice: Esri Nederland, www.esri.nl)

Schuur met golfplaten dak (16 oktober 2017)

Akker binnen het plangebied (16 oktober 2017)

218.26.00.02.00 Advies Natuurwaarden Helmweg 10 Callantsoog

8

2.2

Voorgenomen plannen Het plan bestaat uit de sloop van de bestaande gebouwen ten behoeve van de bouw van een hotel met circa 60 kamers. Bij het hotel worden ca 70 parkeerplaatsen gerealiseerd. Zowel het hotel als de parkeerplaatsen worden gerealiseerd aan de oostzijde van het plangebied, waar ook in de huidige situatie bebouwing en verharding aanwezig is. Het overige deel van het plangebied wordt ingericht als groen. Grenzend aan de bestaande hoge delen van het erf worden lage nollen aangelegd vergelijkbaar met de bestaande nollen en duinen ten westen van het plangebied. De lagere delen van het plangebied die nu zijn ingericht als akker worden vernat, zodat een plas-drassituatie ontstaat.

218.26.00.02.00 Advies Natuurwaarden Helmweg 10 Callantsoog

9

V o o r t o e t s

3

N a t u r a

2 0 0 0

3.1

Inleiding In de Wet natuurbescherming (Wnb) is de bescherming van specifieke natuur-

WET

gebieden geregeld. Het betreft de Natura 2000-gebieden, die een internationa-

NATUURBESCHERMING

le bescherming genieten. Plannen en projecten met negatieve effecten op deze gebieden zijn vergunningsplichtig. Relevant daarbij is dat de Wnb een externe werking kent. Van externe werking is sprake als activiteiten buiten een Natura 2000-gebied van invloed zijn op de natuurwaarden in een Natura 2000-gebied. De voorliggende rapportage is geschreven als voortoets in het kader van de

VOORTOETS

Wnb. Het begrip 'voortoets' komt niet als zodanig voor in de Wnb. Het begrip wordt in de praktijk echter veel gebruikt als naam voor een globale toetsing waarmee een indicatie wordt verkregen van de mogelijke negatieve gevolgen van een activiteit op in het kader van de Wnb beschermde Natura 2000gebieden. Door een voortoets uit te voeren, wordt de vraag beantwoord of er een kans bestaat dat de activiteit verslechtering en/of significante gevolgen met zich meebrengt. De provincie Noord-Holland is in voorliggende situatie in het kader van de Wnb het bevoegd gezag. De gronden van het plangebied zijn niet aangewezen als een in het kader van

INVENTARISATIE

de Wnb beschermd Natura 2000-gebied. Het dichtstbijzijnde Natura 2000gebied betreft Duinen Den Helder-Callantsoog op circa 190 meter ten westen van het plangebied. Het Natura 2000-gebied Noordzeekustzone ligt op circa 1 kilometer ten westen van het plangebied. De ligging van het plangebied ten opzichte van de Natura 2000-gebieden wordt weergegeven in figuur 2. Overige Natura 2000-gebieden liggen op meer dan 3 kilometer van het plangebied. Het plangebied heeft door de inrichting als intensief beheerde akker en erf geen belangrijke ecologische relaties met Natura 2000-gebied Duinen Den HelderCallantsoog. Op meer dan 3 kilometer afstand zijn, gezien de aard van het plan, hooguit

EFFECTBEOORDELING

effecten door stikstofdepositie mogelijk. Voor de overige effecten beperkt de effectbeoordeling zich tot de binnen 3 kilometer afstand gelegen Natura 2000gebieden Duinen Den Helder-Callantsoog en Noordzeekustzone. Voor het Natura 2000-gebied Duinen Den Helder-Callantsoog worden de effecten van de aanleg- en gebruiksfase behandeld. Bij de effectbeoordeling voor Natura 2000-gebied Noordzeekustzone wordt uitsluitend de gebruiksfase nader

218.26.00.02.00 Advies Natuurwaarden Helmweg 10 Callantsoog

11

getoetst. Dit Natura 2000-gebied ligt zo ver van het plangebied, dat negatieve effecten tijdens de aanlegfase gezien de aard van het plan niet op zullen treden. Voor de effectbeoordeling is de effectenindicator van het ministerie van Economische Zaken, Landbouw & Innovatie geraadpleegd2. In de effectenindicator wordt de gevoeligheid van aangewezen soorten en habitats per potentiële verstoringsfactor weergegeven. Een aantal storingsfactoren uit de effectenindicator zijn op voorhand uit te sluiten gezien de aard van het plan en de ligging van het plangebied ruim buiten Natura 2000-gebieden. Het gaat om oppervlakteverlies, versnippering, verzoeting, verzilting, verontreiniging, verdroging, vernatting, verandering stroomsnelheid en overstromingsfrequentie, verandering dynamiek substraat, verandering in populatiedynamiek en bewuste verandering soortensamenstelling. De overige factoren worden hieronder nader behandeld. Het gaat om verzuring en vermesting door stikstofdepositie, verstoring door geluid, licht en trilling, optische verstoring en verstoring door mechanische effecten.

Figuur 2. Ligging van het plangebied (rode belijning) ten opzichte van

Natura

2000-gebieden

Duinen

den

Helder-Callantsoog

Noordzeekustzone (Bron kaartbeeld: Jan-Willem van Aalst, www.imergis.nl Bron webservice: Esri Nederland, www.esri.nl)

2

http://www.synbiosys.alterra.nl/natura2000/effectenindicator.aspx

218.26.00.02.00 Advies Natuurwaarden Helmweg 10 Callantsoog

12

en

3.2

Beschrijving Natura 2000-gebied Hieronder volgt een beschrijving van de Natura 2000-gebieden Duinen Den Helder-Callantsoog en Noordzeekustzone. De gebiedsbeschrijvingen zijn gemaakt aan de hand van de aanwijzingsbesluiten en informatie van www.synbiosys.alterra.nl en omvatten een overzicht van de belangrijkste instandhoudingsdoelstellingen van het gebied. Natura 2000-gebied Duinen Den Helder-Callantsoog Natura 2000-gebied Duinen Den Helder-Callantsoog is in december 2004 aangewezen als habitatrichtlijngebied. In mei 2013 is het gebied definitief aangewezen als Natura 2000-gebied. Natura 2000-gebied Duinen Den Helder – Callantsoog maakt onderdeel uit van een gevarieerd en uitgestrekt duinlandschap dat reliëfrijk en landschappelijk zeer afwisselend is. Het Natura 2000-gebied bestaat van noord naar zuid uit de Grafelijkheidsduinen en de Donkere Duinen, de Noordduinen (de strook tussen Den Helder en Callantsoog) en enkele nollenterreintjes en het Kooibosch ten oosten van Callantsoog. Het noordelijk deel en de nollen zijn restanten van voormalige eilanden. In het noordelijk deel verandert het landschap van west naar oost van de zeereepduinen via een sterk geaccidenteerd landschap met valleicomplexen naar een bosrijke binnenduinrand. Over een groot deel van de duinen ontbreekt een binnenduinrand, hierdoor is een abrupte hoge steile overgang van duinen naar polders aanwezig.

Het gebied heeft goed ontwikkelde duingraslanden. In 1995 is in de Grafelijkheidsduinen een natte duinvallei hersteld en langs de randen uitgebreid. In de Noordduinen zijn in de afgesnoerde strandvlakte bij het Botgat vochtige duinvalleien aanwezig. De nollen behoren tot de Oude Duinen; hier zijn duingraslanden aanwezig. Het Kooibosch was in het verleden ingericht als eendenkooi. De instandhoudingsdoelstellingen van het Natura 2000-gebied Duinen Den Helder-Callantsoog zijn opgenomen in bijlage 3. De belangrijkste doelstellingen voor het Natura 2000 gebied zijn: 2.02

Uitbreiding en herstel kwaliteit van grijze duinen *H2130, ook als habitat van tapuit A277, velduil A222 en blauwe kiekendief A082, door tegengaan vergrassing en verstruweling.

2.05

Behoud oppervlakte en herstel kwaliteit van vochtige duinvalleien (kalkrijk) H2190_B. Behoud vochtige duinvalleien H2190 als habitat van roerdomp A021, lepelaar A034, blauwe kiekendief A082, velduil A222, noordse woelmuis *H1340, nauwe korfslak H1014 en groenknolorchis H1903 (vergroting oppervlakte is vrijwel overal gedaan). Op Terschelling en Schiermonnikoog meer ruimte voor duinbossen (vochtig) H2180_B.

2.06

Ontwikkeling heischrale graslanden *H6230, grijze duinen (heischraal) *H2130_C en blauwgraslanden H6410 op kansrijke locaties.

218.26.00.02.00 Advies Natuurwaarden Helmweg 10 Callantsoog

13

In algemene zin is voor dit gebied een opgave geformuleerd voor de landschappelijke waarden van het duingebied. Het gaat om het behoud of herstel van samenhangend landschap met een aantal gradiënten en mozaïeken door versterken van noord-zuid gradiënt en samenhang daarbinnen, herstel gradiënt van zeereep-binnenduinrand: droog-nat, meer of minder wind, meer of minder zout, jong-oud, behoud en herstel van mozaïeken: open-dicht, hoog-laag, behoud en herstel van rust en donker voor fauna en het versterken samenhang met Noordzee, Wadden en Delta en met Meren en Moerassen. Natura 2000-gebied Noordzeekustzone Natura 2000-gebied Noordzeekustzone is op 7 december 2004 aangewezen als habitatrichtlijngebied. Vogelrichtlijngebied en op 7 december 2004 aangemeld als Habitatrichtlijngebied en op 7 april 2005 ook als Vogelrichtlijngebied. Het gebied is op 26 februari 2009 door de minister van LNV (nu EZ) definitief aangewezen als Natura 2000-gebied. Het Natura 2000-gebied Noordzeekustzone bestaat uit de kustwateren van de Noordzee tussen Bergen Eems. De zeewaartse grens ligt op de doorgaande NAP -20 meter dieptelijn. Op de Waddeneilanden behoren de stranden tot aan de duinvoet tot de Noordzeekustzone. Hierdoor is de grens dynamisch: bij duinaangroei verplaatst de grens zich zeewaarts, bij duinafslag landinwaarts met de duinvoet mee.

De Noordzeekustzone is een gebied met ondiepe kustwateren, ondiepten, (permanent overstroomde) zandbanken en zandstranden waar wind en water zorgen voor veel dynamiek. Het gebied is hierdoor belangrijk voor verschillende vissen, zeezoogdieren en kust- en zeevogels. De instandhoudingsdoelstellingen van het Natura 2000-gebied Noordzeekustzone zijn opgenomen in bijlage 4. De belangrijkste doelstellingen voor het Natura 2000 gebied zijn: 1.01

Behoud zee-ecosysteem met permanent overstroomde zandbanken (Noordzee-kustzone) H110_B, als habitat voor zwarte zee-eend A065, roodkeelduiker A001, topper A062 en eider A063, met bodems van verschillende ouderdom en meer natuurlijke opbouw van vispopulaties.

1.02 Verbetering kwaliteit leefgebied zeezoogdieren. 1.11

Behoud slikken en platen voor rustende en foeragerende nietbroedvogels zoals voor bonte strandloper A149, rosse grutto A157, scholekster A130, kanoet A143, steenloper A169 en eider A063 en rustgebieden voor gewone zeehond H1365 en grijze zeehond H1364.

1.13

Behoud ongestoorde rustplaatsen en optimaal voortplantingshabitat (waaronder embryonale duinen H2110) voor bontbekplevier A137, strandplevier A138, kluut A132, grote stern A191 en dwergstern A195, visdief A193 en grijze zeehond H1364.

In algemene zin is er voor dit gebied een opgave voor landschappelijke samenhang en interne compleetheid (Noordzee, Waddenzee en Delta). Behoud of herstel ruimtelijke samenhang diep water, kreken, geulen, ondiep water, pla-

218.26.00.02.00 Advies Natuurwaarden Helmweg 10 Callantsoog

14

ten, kwelders of schorren, stranden en bijbehorende sedimentatie- en erosieprocessen. Behoud openheid, rust en donkerte. Voor vogels betekent dit voldoende

rust

en

ruimte

om

te

foerageren

en

voldoende

rustige

hoogwatervluchtplaatsen op korte afstand van foerageergebieden in het intergetijdengebied.

3.3

Effectbeoordeling 3 . 3 . 1

Verzuring en vermesting

In het kader van de plannen is een AERIUS-berekening uitgevoerd voor zowel de aanleg- als gebruiksfase. Uit de AERIUS-berekening blijkt dat de realisatie van een regulier hotel leidt tot een geringe toename van stikstofdepositie. De emissie blijft met 60 hotelkamers onder de depositie van 0,05 mol N/ha/jr. De maximale stikstofdepositie als gevolg van het hotel dat het bestemmingsplan mogelijk maakt is lager dan de grenswaarde van 0,05 mol N/ha/jaar die gehanteerd wordt in het PAS. Dit past bij de duurzaamheidsambitie waarop het planvoornemen stoelt. Significant negatieve effecten als gevolg van vermesting en verzuring zijn hierdoor uitgesloten. 3 . 3 . 2

Geluid

Hierbij gaat het om verstoring door onnatuurlijke geluidsbronnen, veroorzaakt door menselijke activiteiten. Met name zeezoogdieren, vogels en vissen zijn in meer of mindere mate gevoelig voor verstoring door geluid. In de aanlegfase wordt geluid geproduceerd, doordat de bouwwerkzaamheden

GELUID IN AANLEGFASE

in de buitenlucht plaatsvinden. De geluidsverstoring in de aanlegfase betreft een tijdelijk effect. In de gebruiksfase is geen sprake van hoge geluidsniveaus. Hooguit kan geluids-

GELUID IN GEBRUIKSFASE

verstoring optreden door hotelgasten die recreëren in het duingebied en het strand ten westen van het plangebied. Ten opzichte van de huidige situatie betekent dit geen grote verandering, aangezien ten westen van het plangebied ook in de huidige situatie veel gerecreëerd wordt. De habitattypen van Natura 2000-gebied Duinen Den Helder-Callantsoog zijn

EFFECTBEOORDELING

niet gevoelig voor verstoring door geluid (zie bijlage 5). De geluiden van werkzaamheden tijdens de aanlegfase zullen daarom geen effect hebben op de instandhoudingsdoelstellingen van het Natura 2000-gebied. Een aantal aangewezen soorten van Natura 2000-gebied Noordzeekustzone zijn wel gevoelig voor geluidsverstoring. Het gaat om zeezoogdieren, vissen en

218.26.00.02.00 Advies Natuurwaarden Helmweg 10 Callantsoog

15

enkele steltlopers (zie bijlage 6). Bij bruinvis, fint, rivierprik en zeeprik zijn met name de effecten van onderwatergeluid belangrijk. Onderwatergeluid treedt niet op als gevolg van het plan door de grote afstand tussen de bouwlocatie en de Noordzee (circa 1 kilometer). Gewone en grijze zeehond en de aangewezen steltlopersoorten zijn ook gevoelig voor andere geluiden dan onderwatergeluid. Hierbij zijn echter een aantal punten belangrijk. Ten eerste omvat Natura 2000-gebied Noordzeekustzone aan de NoordHollandse kust uitsluitend het open water. Op de Waddeneilanden zijn ook de droogvallende stranden onderdeel van het Natura 2000-gebied, zodat hier belangrijke rustgebieden van zeehonden en foerageer- en rustgebied van steltlopers binnen het Natura 2000-gebied vallen. De Noord-Hollandse kust heeft door deze begrenzing een minder belangrijke functie voor de instandhoudingsdoelen van gewone en grijze zeehond en de aangewezen steltlopers. Ten tweede vindt al in de huidige situatie veel recreatie op het strand ten westen van het plangebied plaats, zodat voor verstoring gevoelige soorten ontbreken of verder van de kust foerageren. De bouw van een hotel met circa 60 kamers zorgt niet voor een grote toename van het aantal recreanten en zal zeker niet leiden tot negatieve effecten op de aangewezen soorten.

Negatieve effecten door geluidsverstoringeffecten op de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000-gebied Duinen Den Helder-Callantsoog en Noordzeekustzone treden niet op. 3 . 3 . 3

Licht

Hierbij gaat het om verstoring door kunstmatige lichtbronnen. De habitattypen van Natura 2000-gebied Duinen Den Helder-Callantsoog zijn niet gevoelig voor verstoring door licht (zie bijlage 5). Door de grote afstand tussen het plangebied en Natura 2000-gebied Noordzeekustzone treden als gevolg van het plan ook geen negatieve effecten op de instandhoudingsdoelstellingen van dit gebied op. In de aanleg- en gebruiksfase treden geen negatieve effecten als gevolg van (kunst)licht op in de Natura 2000-gebieden Duinen Den Helder-Callantsoog en Noordzeekustzone. 3 . 3 . 4

Trilling

Hierbij gaat het om verstoring door trillingen in bodem en water die veroorzaakt worden door menselijke activiteiten. Als gevolg van het plan kan, gezien de aard van het plan en de afstand tot de Natura 2000-gebieden, hooguit sprake zijn van trilling door heiwerkzaamheden bij aanleg van het hotel. De habitattypen van Natura 2000-gebied Duinen Den

218.26.00.02.00 Advies Natuurwaarden Helmweg 10 Callantsoog

16

Helder-Callantsoog zijn niet gevoelig voor trilling (zie bijlage 5). Door de grote afstand tussen het plangebied en Natura 2000-gebied Noordzeekustzone van circa 1 kilometer zijn negatieve effecten door trillingen uitgesloten. Negatieve effecten op de instandhoudingsdoelstellingen van beide Natura 2000-gebieden als gevolg van verstoring door trillingen zijn dan ook niet aan de orde. 3 . 3 . 5

Optische verstoring

Optische verstoring betreft verstoring door de aanwezigheid en/of beweging van mensen dan wel voorwerpen die niet thuishoren in het natuurlijke systeem. De aangewezen habitattypen en een deel van de aangewezen soorten van Natura 2000-gebied Duinen Den Helder-Callantsoog en Noordzeekustzone zijn gevoelig voor optische verstoring (zie bijlage 5 en 6). Tussen het plangebied en het Natura 2000-gebied Duinen Den HelderCallantsoog ligt bebouwing en opgaande beplanting die zicht op de bouwplaats vanuit het Natura 2000-gebied grotendeels wegnemen. Langs de rand van het Natura 2000-gebied ligt bovendien de N502, waarvan in de huidige situatie al optische verstoring uitgaat. Negatieve effecten door optische verstoring treden niet op tijdens de aanlegfase gezien de inrichting van het gebied tussen het plangebied en het Natura 2000-gebied en de afstand tot het Natura 2000gebied. Tijdens de gebruiksfase kan sprake zijn van optische verstoring door hotelgasten die in of nabij de Natura 2000-gebieden recreëren. Het Natura 2000-gebied Duinen Terschelling is uitsluitend toegankelijk via bestaande paden, wegen en strandopslagen (Provincie Noord-Holland, 2017). De bestaande wegen en paden worden in de huidige situatie al intensief gebruikt.

Langs de Helmweg ligt het Sandepark met veel recreatiewoningen en een grote parkeerplaats en vanaf de Helmweg wordt het duingebied doorsneden door een strandopgang met een strandpaviljoen. Dit betekent dat de huidige optische verstoring al groot is, waardoor soorten die gevoelig zijn voor optische verstoring niet voorkomen in de omgeving van de wegen en paden ter hoogte van het plangebied. Bovendien zorgt het hotel met maximaal 60 kamers niet voor een grote toename van het aantal recreanten in het duingebied. In paragraaf 3.3.2 wordt aangegeven dat het strand geen onderdeel uitmaakt van Natura 2000-gebied Noordzeekustzone. Het water van de Noordzee heeft geen functie rustgebied van gewone en grijze zeehond en als foerageer- en rustgebied van aangewezen steltlopersoorten. Ten aanzien van watervogels en foeragerende zeehonden geldt dat aan het Noordzeestrand ter hoogte van het plangebied in de huidige situatie al veel optische verstoring plaatsvindt. Hierdoor is het water dichtbij het strand in de huidige situatie al ongeschikt als

218.26.00.02.00 Advies Natuurwaarden Helmweg 10 Callantsoog

17

foerageergebied voor verstoringsgevoelige soorten. Als gevolg van het plan treden dan ook geen negatieve effecten op. Het plan leidt niet tot negatieve effecten op de instandhoudingsdoelstellingen van de Natura 2000-gebieden als gevolg van optische verstoring in de aanlegfase en gebruiksfase. 3 . 3 . 6

Mechanische effecten

Hiervan is sprake wanneer als gevolg van mechanische activiteiten effecten negatieve effecten op soorten en/of habitats optreden. Hierbij kan gedacht worden aan betreding, luchtwervelingen of golfslag. De activiteiten tijdens de aanlegfase vinden plaats ver buiten Natura 2000gebieden, zodat mechanische effecten uitgesloten zijn. Tijdens de gebruiksfase kan betreding van Natura 2000-gebied Duinen Den Helder-Callantsoog plaatsvinden. Dit gebied is echter uitsluitend toegankelijk via de bestaande wegen en paden. Bovendien leidt het plan niet tot een grote toename van het aantal recreanten ten opzichte van de huidige situatie. Negatieve effecten op aangewezen soorten en/of habitats als gevolg van mechanische effecten zijn dan ook niet aan de orde als gevolg van het plan. 3 . 3 . 7

Landschappelijke waarden

Het hotel wordt ruim buiten de Natura 2000-gebieden Duinen Den HelderCallantsoog en Noordzeekustzone aangelegd. Bovendien heeft het plangebied geen belangrijke landschappelijke en ecologische relaties met het ten westen van het plangebied gelegen duingebied. In het plangebied en in tussen de Natura 2000-gebieden en het plangebied ligt bebouwing, opgaande beplanting en intensief beheerde akkers. De landschappelijke waarden van het duingebied met gradiënten in vegetatie en milieuomstandigheden worden niet aangetast. De landschappelijk inrichting zal in de nieuwe situatie zelfs beter aansluiten bij het Natura 2000-gebied Duinen Den Helder-Callantsoog, doordat de intensieve akker in een groot deel van het plangebied wordt omgezet naar groen. Voor beide Natura 2000-gebieden geldt ook een opgave voor het behoud van donkerte en rust. De beoogde locatie voor de bouw van het hotel ligt op ruime afstand van de Natura 2000-gebieden en zal zeker niet zorgen voor een toename van kunstlicht in het Natura 2000-gebied. Hierbij kan nog worden opgemerkt dat langs de N502 ten westen van het plangebied straatlantaarns aanwezig zijn net buiten de grens van het Natura 2000-gebied Duinen Den Helder-Callantsoog. De effecten van het plan op de rust in de Natura 2000-gebieden zijn al grotendeels behandeld onder geluid en optische verstoring (paragraaf 3.3.2 en 3.3.5).

218.26.00.02.00 Advies Natuurwaarden Helmweg 10 Callantsoog

18

Door de ligging van het plangebied ruim buiten de Natura 2000-gebieden, de huidige verstoring in beide Natura 2000-gebieden ten westen van het plangebied en de aard van het plan zal de rust in de Natura 2000-gebieden niet afnemen. Het plan tast de kenmerken van het landschap van de Natura 2000-gebieden Duinen Den Helder-Callantsoog en Noordzeekustzone niet aan.

3.4

Conclusies De stikstofdepositie als gevolg van het bestemmingsplan is niet hoger dan de grenswaarde van 0,05 mol N/ha/jaar die gehanteerd wordt in het PAS. Het plan leidt zowel tijdens de aanlegfase als in de gebruiksfase niet tot (significant) negatieve effecten op de instandhoudingsdoelen van de Natura 2000gebieden Duinen Den Helder-Callantsoog en Noordzeekustzone.

218.26.00.02.00 Advies Natuurwaarden Helmweg 10 Callantsoog

19

4

P r o v i n c i a a l

n a t u u r b e l e i d

4.1

Provinciaal ruimtelijk natuurbeleid Het NNN (voorheen ook wel Ecologische Hoofdstructuur genoemd) is een sa-

NATUURNETWERK

menhangend netwerk van bestaande en nog te ontwikkelen belangrijke na-

NEDERLAND

tuurgebieden in Nederland, dat voldoende robuust is voor een duurzame verbetering van de omstandigheden voor de wilde flora en fauna en voor natuurlijke leefgemeenschappen. Het NNN is als beleidsdoel opgenomen in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte. De begrenzing en ruimtelijke bescherming van de provinciale NNN is voor Noord-Holland uitgewerkt in de Structuurvisie Noord-Holland 2040 en de bijbehorende Provinciale Ruimtelijke Verordening. Vanuit het provinciaal ruimtelijk natuurbeleid wordt buiten de NNN-gebieden

WEIDEVOGELLEEFGEBIED

bij ruimtelijke plannen specifiek ingezet op de bescherming van weidevogelleefgebied. Hiertoe zijn specifieke gebieden aangewezen.

Figuur 3. Ligging van het plangebied (rode belijning) ten opzichte van het NNN (donkergroen) (Bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

218.26.00.02.00 Advies Natuurwaarden Helmweg 10 Callantsoog

21

4.2

Inventarisatie NATUURNETWERK

Het plangebied ligt niet op gronden die in het kader van het provinciaal ruim-

NEDERLAND

telijk natuurbeleid zijn aangewezen als NNN. Het dichtstbijzijnde gebied dat is aangewezen als NNN ligt op 100 meter ten westen van het plangebied en betreft het duingebied dat onderdeel is van Natura 2000-gebied Duinen Den Helder-Callantsoog (zie figuur 3).

Figuur 4. Ligging van het plangebied ( rode belijning) ten opzichte van weidevogelleefgebied (lichtgroen). (Bron: www.ruimtelijkeplannen.nl) WEIDEVOGELLEEFGEBIED

Het plangebied is onderdeel van weidevogelleefgebied net als het omringende gebied ten noorden van de Helmweg en ten oosten van de Duinweg (N502) (zie figuur 4). Het gaat voornamelijk om agrarische akkerpercelen. Het weidevogelleefgebied binnen het plangebied bestaat uit een intensief beheerde akker waar onder meer uien worden verbouwd. Ook om het plangebied liggen voornamelijk intensief beheerde akkerpercelen die veelal worden begrensd door kavelsloten met hoge en steile oevers.

4.3

Toetsing 4 . 3 . 1

Natuurnetwerk

Nederland

Een ruimtelijk plan mag op basis van de provinciale ruimtelijke verordening geen activiteiten of ontwikkelingen mogelijk maken die leiden tot: -

een belemmering van de omzetting naar een natuurfunctie;

218.26.00.02.00 Advies Natuurwaarden Helmweg 10 Callantsoog

22

-

een significante aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN.

Het plangebied betreft geen gronden die zijn aangewezen als NNN, zodat het

BELEMMERING OMZETTING

plan niet leidt tot een belemmering van de omzetting naar een natuurfunctie.

NATUURFUNCTIE

De wezenlijke kenmerken en waarden kunnen aan de hand van het natuurbe-

WEZENLIJKE KENMERKEN

heerplan bepaald worden. De om het plangebied gelegen NNN-gebieden vor-

EN WAARDEN

men in het Natuurbeheerplan onderdeel van deelgebied 18 en 19 die in het Natuurbeheerplan van de provincie Noord-Holland als volgt worden omschreven: 18 Noordduinen, Mariëndal & Botgat Duinen met goed en matig ontwikkelde droge graslanden en het is belangrijk broedgebied voor de tapuit. Bij het Botgat wordt gewerkt aan herstel en uitbreiding van de vochtige duinvalleivegetaties. Daarmee wordt de vergrassing en de aanwezigheid van exoten bestreden. Mariëndal is een natuurontwikkelingsgebied waar bollenland is omgevormd in binnenduingrasland met veel variatie: van voedselrijk naar voedselarm, nat naar droog en zoet tot zwak brak water. Kenmerkende vegetaties ontwikkelen zich voorspoedig. Verder een belangrijk broed- en pleistergebied voor watervogels en steltlopers. 19 Nollen van Abbestee en Zandpolder De Nollen bestaan uit oude lage stuifduincomplexen met schraal grasland en heide. Rond de Nollen zijn bollenpercelen verworven en ingericht voor de ontwikkeling van vochtige levensgemeenschappen met zowel zoete als brakke kwel. Belangrijk broed- en pleistergebied voor watervogels en steltlopers. Het plangebied zelf is geen onderdeel van het NNN, zodat directe aantasting van het NNN niet plaatsvindt. Ten aanzien van het NNN buiten het plangebied zijn een aantal zaken belangrijk.

Ten eerste is het hotel voorzien aan de oostzijde van het plangebied, waar in de huidige situatie al bebouwing en verharding aanwezig is. Bovendien wordt de rest van het plangebied ingericht als groen, waarbij zowel natte plasdrassituaties als nollen worden gecreëerd. Hierdoor ontstaan gradiënten van nat naar droog en van hoog naar laag. Het plangebied zal daardoor bijzonder goed aansluiten bij de wezenlijke kenmerken en waarden van NNN-gebieden in de omgeving. Het nieuw ingerichte plangebied zal gezien de inrichting ondersteuning bieden aan de doelstellingen voor deelgebied 18 en 19, onder andere door het creëren van broed- en pleisterplaatsen voor watervogels en steltlopers die in deze deelgebieden een belangrijke plaats innemen. Negatieve effecten op de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN als gevolg van het plan treden niet op.

218.26.00.02.00 Advies Natuurwaarden Helmweg 10 Callantsoog

23

4 . 3 . 2

Weidevogelleefgebied

Op basis van de provinciale ruimtelijke verordening gelden restricties voor bestemmingsplannen die betrekking hebben op weidevogelleefgebied. Het is niet toegestaan om de volgende ontwikkelingen mogelijk te maken: -

nieuwe bebouwing, anders dan binnen een bestaand bouwblok of een uitbreiding daarvan.

-

de aanleg van nieuwe infrastructuur

-

de aanleg van bossen of boomgaarden

-

verstorende activiteiten die weidevogelleefgebied verstoren, buiten de huidige agrarische activiteiten

-

werken die realisatie van nieuwe peilverlagingen mogelijk maken.

Ten aanzien van weidevogels is belangrijk dat geen nestplaatsen van akker- en weidevogels binnen het plangebied verwacht worden door de bestaande bebouwing in en om het plangebied. Binnen het plangebied is al bebouwing aanwezig en het plangebied wordt aan de noordwest-, zuidwest- en zuidzijde begrensd door bestaande bebouwing waarvan een verstorende werking uitgaat richting broedende weidevogels. Om bebouwing buiten de bebouwde kom is sprake van een verstoringszone voor weidevogels van 200 meter (Oosterveld et al., 2014). Het hele plangebied valt ruim binnen deze bestaande verstoringszone. Dit betekent dat het plangebied in de huidige situatie ongeschikt is als broedgebied voor weidevogels. De huidige intensief beheerde akker wordt omgezet in groen, waarbij de openheid van dit deel van het gebied gehandhaafd blijft. Ter plaatse van de intensief beheerde akker ontstaat bij uitvoering van het plan een plas-drassituatie waardoor hoogwaardig foerageer- en rustgebied ontstaat voor weidevogels uit de omgeving. Het plan zal dan ook niet leiden tot een afname van broed- en foerageergebied voor weidevogels in het plangebied. Het plan omvat niet de aanleg van nieuwe weginfrastructuur, bossen en/of boomgaarden en maakt geen werken mogelijk die realisatie van nieuwe peilverlagingen mogelijk maken.

Het hotel en de verharding worden aangelegd aan de oostzijde van het plangebied binnen het bestaande bouwblok. Op deze punten is het plan dan ook niet in strijd met de provinciale ruimtelijke verordening. Het plan maakt wel bouwwerkzaamheden mogelijk die in theorie kunnen leiden tot verstoring van weidevogels. Het plangebied en de omgeving valt echter binnen de huidige verstoringszone voor weidevogels om bebouwing. Hierdoor zal in de praktijk geen verstoring van weidevogels optreden tijdens de aanlegfase. Het weidevogelleefgebied buiten het bestaande erf wordt niet toegankelijk gemaakt in de gebruiksfase, zodat ook tijdens de gebruiksfase geen sprake zal zijn van verstoring van weidevogelleefgebied in en om het plangebied.

218.26.00.02.00 Advies Natuurwaarden Helmweg 10 Callantsoog

24

De activiteit is daarmee niet in strijd met het beleid ten aanzien van weidevogelleefgebieden in de provinciale ruimtelijke verordening van de provincie Noord-Holland.

4.4

Conclusie Het plan zorgt niet voor een belemmering van de omzetting van de gronden van het NNN naar een natuurfunctie en leidt niet tot negatieve effecten op de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN. Het plan maakt geen ontwikkelingen mogelijk die een negatief effect hebben op weidevogelleefgebied. De activiteit is op het punt van natuur niet in strijd met de Provinciale omgevingsverordening.

218.26.00.02.00 Advies Natuurwaarden Helmweg 10 Callantsoog

25

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10155624/1