09 Artikel 43 vragen D66 padelbanen Lage Dijk
Tekst van het document
Schagen Onderwerp: Vragen raadsvoorstel voor de gemeenteraad van 14 mei betreffende de vestiging van padelbanen op het bedrijventerrein Lage Dijk. Datum: 29 april 2024
Afgelopen weekend ontvingen de raadsleden zienswijze van de directeur van Airspiralo. In deze brief wordt nadrukkelijk aandracht gevraagd voor een aantal zaken in relatie tot de mogelijke vestiging van padelbanen (of meer in het algemeen sportfacilteiten) op een industrieterrein. Naar aanleiding van deze zienswijze heeft de fractie van D66 nogmaals indringend naar dit raadsvoorstel gekeken en heeft de volgende vragen. Gevraagd wordt de vragen ruim voor de raadsvergadering van 14 mei te beantwoorden zodat eventueel de gelegenheid bestaat een motie of amendement in te dienen
Vooropgesteld. De fractie van D66 is een groot voorstander van meer sportfaciliteiten in de gehele gemeente Schagen. Laat daar geen misverstand over bestaan.
Er is een aanvraag ingediend voor de aanleg van overdekte padelbanen in een industrieel gebouw op het industrieterrein De Lage Dijk in Schagen. Dit gebied heeft nu de bestemming zwaardere detailhandel. Vraag 1. Is het college het met de fractie van D66 eens dat hier sprake is van een aanvraag tot wijziging van de bestemming van het gebied? Zo nee, kan het college dit nader onderbouwen? Het college doet het voorkomen alsof deze aanvraag behandeld moet worden onder het nieuwe regime van de omgevingswet, immers er wordt verwezen naar het door de gemeenteraad vastgestelde adviesrecht. D66 gaat er van uit dat hier wordt verwezen, zoals gesteld, naar het raadsbesluit in de gemeenteraad van 19 december 2023. Voor zover de fractie van D66 kan zien is de aanvraag voor padelbanen ruim voor 1 september 2023, immers dit blijkt uit de brief van de indieners gedateerd 25 augustus 2023 (zie de gevoegde stukken). Als vervolg hierop zijn er in december 2023 gesprekken gevoerd met de OFS en de SARS. Vraag 2.
Is het college het met de fractie van D66 eens dat de aanvraag hiermee valt onder het oude regime (voor het van kracht worden van de omgevingswet) en daarmee de raad het bevoegde orgaan is om over de wijziging van een bestemming te besluiten en niet het college? Zo nee, op grond waarvan is het college van oordeel dat deze aanvraag (ingediend voor het van kracht worden van de omgevingswet) valt onder het nieuwe regime?
Tijdens de oordeelsvormende vergadering van 16 april jl is tevens de economische agenda Schagen als agendapunt behandeld. In deze agenda wordt onder andere gesteld dat de ontwikkeling van bedrijfsterreinen in regionaal verband moet worden onderzocht. Er moet overleg plaatsvinden met de omliggende gemeentes over de uitbreiding van bestaande bedrijfsterreinen of ontwikkeling van nieuwe terreinen. Dit vraagt om afstemming met de regio en de provincie. Vraag 3. De fractie van D66 vraagt aan het college om de uitkomst van dit nadere overleg voordat een besluit kan worden genomen over de wijziging van een bestemming, immers anders wordt al een voorschot genomen op de uitkomst van het verdere overleg met de regio en de provincie? Het ondernemingsplan. Tijdens de oordeelsvormende vergadering van 16 april jl is bleek dat op 11 april het college een omgevingsvergunning heeft verleend voor de uitbreiding van een hal, onder andere voor de aanleg van padelbanen. Door de initiatiefnemers is een ondernemingsplan ingediend. De kern hiervan is dat het een uniek concept betreft. De verkeersactiviteiten vinden in de avonduren plaats. Het padelcomplex richt zich ook op: - gezinnen; - jonge ouders met kinderen; - senioren en - scholieren van het nabijgelegen Regiuscollege.
Op vragen van Groen Links geeft het college aan dat: - een turnhal door meerdere doelgroepen wordt gebruikt; - het dubbelgebruik op een industrieterrein is veel lastiger vanwege de grotere afstanden naar woongebieden; - verkeerstromen zich overdag overdag en dit kan tot gevaarlijke situaties leiden voor kwetsbare verkeersdeelnemers Vraag 4. Is het college het met de fractie van D66 eens dat: - het padelcomplex door meerdere doelgroepen wordt gebruikt - er sprake is van dubbelgebruik; - er ook overdag de nodige verkeersstromen zullen zijn met kwetsbare verkeersdeelnemers? Zo nee kan het college dit nader motiveren? Vraag 5. Het college wekt in de beantwoording op de vragen van Groen Links de indruk dat de bedrijvigheid op de Lage Dijk afneemt in de namiddag en dat dit een feit van algemene bekendheid is. Uit de ingezonden zienwijze van 26 april jl van een ter plekke gevestigde ondernemer blijkt een ander beeld. Ook in de namiddag vinden er activiteiten plaats en wordt er geopereerd met grote vrachtwagens. Het hoeft geen betoog dat deze vervoersmiddelen een potentieel gevaar vormen voor zwakkere verkeersdeelnemers, denk alleen maar aan de “dodehoek”. Vraag 6. Heeft het college onderzoek gedaan naar de verkeersstromen op het industriegebied De Lage Dijk of is daar nadere gedetailleerde informatie overbekend?
Zo nee, op grond waarvan kan het college dan in antwoord op vragen van Groen Links aangeven dat de bedrijvigheid in de namiddag, vooravond en avond afneemt? Vraag 7. Is het college het met de fractie van D66 eens dat de infrastructuur van het industrieterrein de Lage Dijk niet is ingericht voor kwetsbare verkeersdeelnemers? Zo nee waarom niet? Als laatste, ter zijde. Bij het ondernemingsplan is een financieel overzicht gevoegd (hoofdstuk 6). Hoewel dit uiteraard geen onderdeel uitmaakt van het verzoek van het college aan de raad, immers dit gaat om de principiële vraag of de raad akkoord gaat met de vestiging van een sportfaciliteit op een terrein voor zwaardere detailhandel, roept dit wel vragen op. Als het college van oordeel is dat de raad een adviesrecht heeft dan rijst de vraag of de raad over voldoende informatie beschikt. Immers als de raad instemt met de wijziging van een bestemming wordt hiermee het verdere overleg met de regio en de provincie over de toekomst van industrieterreinen beïnvloed. Een gedegen financieel plan geeft meer zekerheid over de realiteitszin van het plan.
D66 neemt hierbij nadrukkelijk in ogenschouw het feit dat er door het college van B&W op 11 april 2024 een omgevingsvergunningi is verleend aan Skaga venture voor het uitbreiden van een hal (kartbaan/padelbanen) waarmee de “unieke” positie van het onderhavige plan danig op losse schroeven komt te staan. Vraag 8. Is het college het met de fractie van D66 eens dat een gedegen financiële onderbouwing voor dit plan ontbreekt en dat de raad derhalve geen advies kan geven over de wijziging van de bestemming omdat hiermee mogelijk verdere discussie met de regio en provincie oneigenlijk wordt beïnvloed?
De fractie van D66 Schagen F.N.J. Jansen Fractievoorzitter Verleende omgevingsvergunning voor het uitbreiden van een hal (kartbaan/padelbanen) en het verplaatsen van een inrit op de locatie Witte Paal 3K, 1742 NL in Schagen, zaaknummer: Z2023-00002911. Besluitdatum: 11 april 2024 i