Technische vraag RVP + antwoord (Perspectievennota 2027)
Tekst van het document
TECHNISCHE VRAAG ABM
vraag gesteld door:
Akyra Matthijssen / RVP
datum vergadering:
25 juni 2026
betreft:
Agendapunt 6: Raadsvoorstel Perspectievennota 2027
VRAAG: 1. Wat betekent de voorgestelde stijging concreet voor woningen in verschillende WOZ-klassen, voor mkb-bedrijven en voor maatschappelijke instellingen. 2. Welke alternatieven zijn serieus onderzocht naast OZB: toeristenbelasting, ruimtelijke inkomsten, efficiency, heroverweging van investering, versobering van beleid? 3. Wat wordt bedoeld met passende voorzieningen?
ANTWOORD:
Antwoord op vraag 1 In onderstaande tabellen is het indicatieve verschil tussen de aanslag 2026 en 2027 voor woningeigenaren woningen en eigenaren en gebruikers van niet-woningen weergegeven. Dit is indicatief, omdat de uiteindelijk aanslag ook afhankelijk is van de waardeontwikkeling van de individuele woning/ nietwoning. Hiervoor geldt dat wanneer de waardeontwikkeling hoger/lager is dan gemiddeld voor de hele gemeente het effect groter/kleiner is voor die specifieke woning of niet-woning. Er wordt in de onroerendezaakbelastingen (ozb) geen onderscheid gemaakt tussen niet-woningen. Mkbbedrijven en maatschappelijke instellingen krijgen dezelfde aanslag. Hierbij is het goed om te vermelden dat sportverenigingen en sociaal culturele instellingen o.b.v. door uw raad vastgestelde regelingen 1de ozb volledig krijgen gecompenseerd. Impact eigenaar woning bij ozb omzet stijging van 2.25 mln. WOZ-waarde
100.000
200.000
300.000
400.000
500.000
600.000
700.000
800.000
900.000
aanslag 2026
69
139
208
278
347
416
486
555
625
1.000.000 694
aanslag 2027
105
210
316
421
526
631
737
842
947
1.052
verschil
36
72
108
143
179
215
251
287
323
358
WOZ-waarde
100.000
200.000
300.000
400.000
500.000
600.000
700.000
800.000
900.000
1.000.000
aanslag 2026
149
297
446
594
743
891
1.040
1.188
1.337
1.485
aanslag 2027
225
450
676
901
1.126
1.351
1.576
1.801
2.027
2.252
verschil
77
153
230
307
383
460
537
613
690
767
Impact eigenaar niet-woning bij ozb omzet stijging van 2.25 mln.
Compensatieregeling sportverenigingen Rucphen 2019 (12 december 2018), Compensatieregeling sociaal culturele instellingen Rucphen 2021 (16 december 2020) 1
2 Impact gebruiker niet-woning bij ozb omzet stijging van 2.25 mln. WOZ-waarde
100.000
200.000
300.000
400.000
500.000
600.000
700.000
800.000
900.000
1.000.000
aanslag 2026
120
240
361
481
601
721
841
962
1.082
1.202
aanslag 2027
182
365
547
729
911
1.094
1.276
1.458
1.640
1.823
verschil
62
124
186
248
310
372
434
497
559
621
Antwoord op vraag 2 In de beeldvormende raadsbijeenkomst van 16 juni hebben wij uw raad een aantal sturingsmogelijkheden voorgelegd die kunnen worden samengevat als het verhogen van structurele inkomsten en het verlagen van structurele uitgaven. De mogelijkheden met betrekking tot het verhogen van onze structurele inkomsten zijn in de presentatie en Perpectievennota 2027 uiteengezet. Hieruit blijk dat alleen de ozb substantieel en beïnvloedbaar is. Met betrekking tot het verlagen van onze structurele uitgaven hebben we aangegeven dat we in 2025 en 2026 cumlatief € 1.5 mln. aan besparingen hebben doorgevoerd, aangevuld met een aantal financieel technische maatregelen van ongeveer € 300.0000,00. Dit hebben we kunnen realiseren zonder maatschappelijke impact en zonder onze beleidsdoelen in gevaar te brengen. Voordat we onze uitgaven verder structureel kunnen verlagen hebben we eerst richting nodig vanuit uw raad over welke beleidsdoelen moeten worden bijgesteld, uitgesteld, getemporiseerd of zelf helemaal worden geschrapt. Het is voor ons niet doelmatig om bezuinigingen te onderzoeken of voor te stellen zonder uw raad hierover te raadplegen. Antwoord op vraag 3 Dit zijn voorzieningen die nodig zijn om snel door te pakken bij een casus die vastloopt in het reguliere traject. Bij het niet door kunnen pakken zal de casus vastlopen of escaleren.
Snelle inzet door middel van casusregie, praktische afspraken met andere afdelingen over snelle ondersteuning, budget en mandaten zoals bij het ondersteuningsfonds en de mogelijkheid tot het bieden van begeleiding, dagbesteding en gepaste huisvesting zijn hierbij cruciaal.
-3-