CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

9 Inwoner Verzoek tot starten nieuwe verkoopprocedure voor de sporthal De Vijfsprong (geanonimiseerd)

commissie Maatschappelijke Aangelegenheden 27 januari 2026, gemeente RucphenBij agendapunt: Ingekomen stukken2.372 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verzoek tot starten nieuwe verkoopprocedure Sporthal De Vijfsprong te Rucphen Aan: de gemeenteraad van de gemeente Rucphen, t.a.v. de Raadgriffier dhr. J. Lahaije en de raadsgriffie, Adres: Binnentuin 1, 4715 RW Rucphen. Van: [naam], Adres: [adres] Rucphen, E-mailadres: [mailadres], Tel: [nummer]. Rucphen, 3 januari 2026 Betreft: Verzoek ex artikel 147 a Gemeentewet om een nieuwe verkoopprocedure Sporthal De Vijfsprong te Rucphen. Geachte voorzitter en leden van de gemeenteraad, Als inwoner/burger van de gemeente Rucphen verzoek ik u -op basis van artikel 147a van de Gemeentewet- een nieuwe verkoopprocedure te starten voor de sporthal De Vijfsprong, gelegen aan de Kozijnenhoek 21, 4715 RE Rucphen. Als inwoner heb ik het recht dit initiatiefvoorstel te doen. Ik kies ervoor dit verzoek op persoonlijk titel in te dienen. Kennelijk stelt het gemeentebestuur zich (plotseling) op het standpunt dat ons burgerinitiatief Vrienden Vijfsprong een rechtspersoon met statuten zou moeten zijn om als belanghebbende in procedures te worden aangemerkt. Zulks naar onze mening ten onrechte. Zoals u bekend is, is/was de sporthal (in het verleden) een belangrijk centrum voor binnensportverenigingen en overige (culturele) organisaties in onze gemeente.

De voorgenomen sloop van de bovengenoemde sporthal zou een desastreus effect hebben op deze verenigingen en overige organisaties, die geen alternatieve accommodaties hebben. Dit zou onder meer leiden tot het definitief verdwijnen van alle binnensportverenigingen (zoals bijvoorbeeld Hv. Orion) binnen de gemeente Rucphen en daarmee een groot verlies betekenen voor onze gemeente. Belangrijk is om hier meteen vast te stellen dat uitvoering van het besluit tot sloop van de enige aanwezige sporthal een flagrante schending van het gelijkheidsbeginsel, zoals vastgelegd in artikel 1 van de Grondwet en artikel 14 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM)), zou opleveren. Er is dan immers onder meer sprake van een definitieve discriminatie van de gehele binnensportbranche binnen de gemeente Rucphen. Het gelijkheidsbeginsel houdt in dat iedereen gelijk is voor de wet en dat er geen ongerechtvaardigde discriminatie mag plaatsvinden om welke reden dan ook. In dit geval kan worden gesteld dat de sloop van de sporthal een onevenredige impact heeft op de binnensporters, die geen mogelijkheid meer hebben om hun sport in competitieverband te beoefenen binnen de gemeente. Dit kan worden gezien als discriminatie ten opzichte van de buitensporters, die wel nog steeds kunnen sporten op de beschikbare buitenvelden. 1

De gemeenteraad kan een nieuwe verkoopprocedure starten op basis van artikel 151a van de Gemeentewet. Artikel 151a van de Gemeentewet bepaalt dat de gemeenteraad de bevoegdheid heeft om besluiten te nemen over de bestemming en het gebruik van gemeentelijke eigendommen, zoals de sporthal. De gemeenteraad kan op basis van dit artikel een besluit nemen om de sporthal te verkopen en een nieuwe verkoopprocedure te starten. Daarnaast kan de gemeenteraad ook gebruik maken van artikel 160 van de Gemeentewet, dat bepaalt dat de gemeenteraad de bevoegdheid heeft om besluiten te nemen over de uitvoering van het gemeentelijk beleid. In dit geval kan de gemeenteraad een besluit nemen om een nieuwe verkoopprocedure te starten als onderdeel van het gemeentelijk beleid om de sporthal te verkopen. Het is echter belangrijk om te noteren dat de gemeenteraad bij het nemen van een besluit om een nieuwe verkoopprocedure te starten, moet voldoen aan de eisen van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en de Gemeentewet, zoals de eis van een goede motivering en de eis van een openbare procedure. Namens het Burgerinitiatief Vriend Vijfsprong is eerder bezwaar aangetekend tegen het verloop en de beslissing van 1 oktober 2025 van het College van B&W definitief te stoppen met de eerdere verkoopprocedure. Op dit bezwaarschrift d.d. 22 oktober 2025 is nog niet definitief beslist. Zie bijlage bij dit verzoek.

Dat bezwaar richt zich niet alleen tegen bovengenoemde beslissing van 1 oktober 2025 maar ook tegen de wijze waarop uw College heeft uitvoering gegeven aan het door uw gemeenteraad aangenomen amendement van 26 maart 2025. De belangrijkste reden van uw raad luidt immers: “dat een amendement is aangenomen om alvorens tot sloop over te gaan, partijen en verenigingen eerst de gelegenheid te bieden complex De Vijfsprong in zijn huidige vorm aan te kopen, zodat de sporthal indien gewenst behouden kan blijven voor verenigingen en (culturele) activiteiten.” Dit amendement was een direct gevolg van de door ons geïnitieerde inspraakprocedure (de inspraaknotitie bij Raadscommissie ABM 13 maart 2025 en de inspraaknotitie gemeenteraadsvergadering d.d. 26 maart 2025) tegen uw eerdere voorstel aan uw Raad om direct over te gaan tot sloop voorafgaande aan de -te starten- verkoopprocedure. Deze inspraakprocedure was ook het enige moment dat wij als burgers de gelegenheid hadden om onze mening te uiten over de eerdere besluiten van uw gemeenteraad van juni 2024. Dit bezwaar tegen dit eerdere voorstel loopt wat ons betreft nog steeds. Hierop zal dus nog beslist moeten worden. Voor het overige worden wij -als burgers/inwoners-sinds de start van deze besluitvorming begin 2024 tot op heden door het gemeentebestuur niet geïnformeerd en voelen ons daardoor niet serieus genomen.

Ook uit uw eigen Raadsinformatiebrief m.b.t. het afstoten van De Vijfsprong d.d. 27 juni 2024 blijkt dat -afgezien van uw gemeenteraad- niemand bij uw besluitvorming en de latere 2

besluitvorming van de gemeenteraad is betrokken. Toen wij er wetenschap van kregen, was de termijn voor het indienen van bezwaar al verstreken. Door zo te handelen heeft uw College (en de Gemeenteraad) de belangen van direct belanghebbenden/inwoners volstrekt genegeerd. De wijze waarop het College van B&W vervolgens uitvoering heeft gegeven aan bovengenoemd amendement getuigd naar onze mening van een bij het College van B&W bestaande politieke onwil om sporthal De Vijfsprong te behouden voor de bewoners van de gemeente Rucphen in het algemeen en voor de sportverenigingen, waaronder HV Orion, in het bijzonder. Wij hebben tijdens de gemeenteraadsvergadering van 26 maart 2025 al betoogd, dat u zich bij uw besluiten sinds eind juni/begin juli 2024- in hoofdzaak heeft laten leiden door een beoogd financieel belang. Ik verwijs hier graag naar de inhoud van de inspraaknotities (met bijlagen) van 13 en 26 maart 2025, welke reeds in uw bezit zijn. Wij handhaven het daarin gestelde en verzoeken deze in het kader van deze bezwarenprocedures- als hier herhaald en ingelast te beschouwen. Zie bijlage brief van 9 april 2025. Op ons verzoek aan uw college van 9 april 2025, inclusief 5 (vijf) bijlagen, heeft de burgemeester (namens het gemeentebestuur) pas bij brief van 3 december 2025 gereageerd. Pas na een brief van onze kant d.d. 27 november 2025.

Deze brief bleek rechtstreeks aan mij persoonlijk gericht te zijn. Ook tegen de beslissingen in deze brief is inmiddels door ons bezwaar gemaakt bij bezwaarschrift d.d. 12 december 2025. Na het indienen van dit bezwaarschrift hebben we namens de gemeente nog geen reactie mogen ontvangen. Na de gemeenteraadsvergadering van 26 maart 2025 is in onze richting niets gecommuniceerd. Hoe de voor de onderhavige verkoopleidraad en deelnamevoorwaarden tot stand zijn gekomen onttrekt zich volstrekt aan onze waarneming. Of uw gemeenteraad, voorafgaand aan de vaststelling over de inhoud van deze verkoopleidraad en deelnamevoorwaarden is geïnformeerd, weten wij ook niet. Het resultaat was in elk geval een verkoopleidraad met een voor een geïnteresseerde kandidaatkoper zeer zware verkoopvoorwaarden, welke een kandidaat-koper eerder afschrikken dan enthousiasmeert om tot aankoop over te gaan. Het bevreemdt ons ook dat kennelijk twee inschrijvers zijn toegelaten tot de procedure terwijl zij volstrekt geen bedoeling hebben/hadden een sporthal te exploiteren. De gemeenteraad had ervoor kunnen zorgen dat het amendement op de door gemeenteraad beoogde wijze werd uitgevoerd door: 1. Duidelijke formulering: Het amendement duidelijk en specifiek te formuleren, zodat de doelstellingen en de gewenste uitkomst duidelijk waren/zijn. 2.

Concrete instructies: Concrete instructies te geven aan het College van B&W over hoe het amendement moet/moest worden uitgevoerd. 3. Tijdpad en deadlines: Een tijdpad en deadlines te stellen voor de uitvoering van het amendement, 4. Toezicht en controle: Regelmatig en controle op de uitvoering van het amendement. 5. Communicatie: Regelmatig te communiceren met het College van B&W en andere betrokkenen over de voortgang van de uitvoering van het amendement. Er bestaan bij verzoeker grote twijfels of de gemeenteraad op een correcte wijze gebruik heeft gemaakt van bovengenoemde wettelijke bevoegdheden. Dit is wellicht (mede )de reden waarom de eerdere verkoopprocedure volledig is mislukt.

3

In brief van het College aan de inschrijvers van 9 oktober 2025 beroept uw college zich -zakelijk weergegeven- op een ‘’overeengekomen’’ recht om de procedure en de verkoopprocedure definitief te stoppen ‘’zonder opgave van reden’’. Hierbij verwijst het college naar de verkoopleidraad en de door inschrijvers ondertekende deelnamevoorwaarden. Indien de inschrijvers deze voorwaarden niet hadden ondertekend, zouden zij echter niet toegelaten zijn tot deze verkoopprocedure. Wij zijn van mening, dat de onderhavige clausule in strijd is met de -op een bestuursorgaan, zoals het College van B&W- rustende motiveringsverplichting. Kort gezegd is er sprake van strijd met de beginselen van behoorlijk bestuur, t.w. het motiveringsbeginsel. Het “zonder opgave van reden” nemen van de onderhavige beslissing kan gewoon niet. Het College van B&W schoffeert met deze beslissing: • • •

•

de betrokken indieners, zij blijven beslist met een schadepost zitten, te weten: de kosten in het kader van de voorbereiding van hun inschrijving; de gemeenteraad, aan hun amendement wordt onvoldoende uitvoering gegeven; en ook alle inwoners van de gemeente Rucphen, zij hebben immers recht op transparant beleid. Zij zijn bij het nemen van deze -wat betreft voorzieningen- ingrijpende beslissingen al jarenlang volstrekt niet betrokken. Dit is in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel. De overheid moet besluiten zorgvuldig voorbereiden en nemen, waarbij feiten en belangen correct worden afgewogen. Daarbij hoort ook het actief betrekken van de inwoners.

Het College van B&W heeft waarschijnlijk gehoopt om nooit gebruik te hoeven maken van deze clausule. Toen de verkoopprocedure zich “in de gunningsfase” ontwikkelde in de richting van een niet door het College gewenst resultaat, heeft het College het toch gedaan. U zult begrijpen dat dit voor ons ook een enorme teleurstelling is. Wij hadden immers “een stille hoop” dat door eerdergenoemd amendement de sloop van de sporthal zou kunnen worden voorkomen en dat deze weer beschikbaar zou kunnen komen voor o.m. sportverenigingen, zoals bijvoorbeeld HV. Orion. Zie bovengenoemde reden voor het amendement. Juridisch gezien heeft het College van B&W hiermee bereikt, dat de gehele besluitvormingsprocedure zich weer bevindt in de fase van voor het indienen van het amendement. Precies datgene wat uw College kennelijk steeds wenste c.q. beoogde. Ik merk nog op dat ik op 2 januari 2026 een verzoek ex artikel 160 Gemeentewet heb ingediend bij de gemeenteraad tot het instellen van een onderzoek naar het besluitvormingsproces binnen de gemeente voorafgaande aan het besluit tot sloop en verkoop van de enige aanwezige sporthal binnen de gemeente, alsmede het besluit om in de toekomst geen nieuwe sporthal te bouwen. De ontvangst van dat verzoekschrift is inmiddels namens de gemeente schriftelijk bevestigd.

Ik overweeg ook een soortgelijk verzoek in te dienen naar -kortgezegd- de wijze waarop uitvoering is gegeven aan het amendement van 26 maart 2025 de redenen waarom de verkoopprocedure is mislukt. Met als resultaat de definitieve stopzetting van deze verkoopprocedure. Daarmee zijn ook alle kansen voor behoud van de sporthal verloren gegaan. Verzoek: Ik verzoek u om onze bezwaarschriften (alsnog) in behandeling te nemen en de onderhavige beslissingen (waartegen bezwaar) te heroverwegen. Indien de gemeente Rucphen destijds in de 4

verkoopvoorwaarden expliciet had opgenomen dat de geïnteresseerde koper van de sporthal gehouden was om deze als sporthal te blijven exploiteren of soortgelijke verplichting, had dit geleid tot het door gemeenteraad (en de inwoners/binnensporters) van Rucphen gewenste resultaat. Hoe eenvoudig had het kunnen zijn? Ik zie niet in waarom dit niet alsnog zou kunnen. Het College had zich overigens ook vooraf kunnen/moeten realiseren dat biedingen door kandidaat-kopers -zonder de verplichting tot behoud sporthalfunctie- waarschijnlijk veel hoger zouden uitvallen dan die van een kandidaat-koper die deze verplichting wel op zich nam! Het College wist c.q. kon weten dat er binnen de gemeente Rucphen een kandidaat-koper was die bereid was deze verplichting wel op zich te nemen. Ik verzoek u tevens al door de Gemeente Rucphen geplande sloopwerkzaamheden respectievelijk voorbereidingen hiervan, met onmiddellijke ingang te stoppen tot op deze bezwaarschriften en de onderhavige verzoeken definitief in rechte is beslist. Ik ben verder van mening dat in de verkoopprocedure, die is gevolgd, niet voldoende rekening is gehouden met de belangen van de binnensportverenigingen en de inwoners van onze gemeente. Ik verzoek u daarom om een nieuwe verkoopprocedure te starten die wel rekening houdt met deze belangen.

Ik stel hierbij voor dat de nieuwe verkoopprocedure in elk geval de volgende elementen bevat: - Een openbare aanbesteding waarbij alle geïnteresseerden kunnen bieden op de sporthal; - Een nadrukkelijke eis/verplichting dat “een geïnteresseerde kandidaat-koper de sporthal in stand houdt en (mede) gebruikt voor sportdoeleinden”. Ik verzoek u om dit verzoek te behandelen en een gemotiveerd besluit te nemen over een nieuwe verkoopprocedure. Ik ben ervan overtuigd dat deze -te starten- nieuwe verkoopprocedure wel een grote kans van slagen heeft met het door uw gemeenteraad en door de belanghebbende inwoners, sportverenigingen en organisaties gewenste/beoogde resultaat. Ik vertrouw erop dat uw gemeenteraad thans wel de regie neemt wat betreft de nieuw te starten verkoopprocedure en dat uw gemeenteraad dit keer de verkoopleidraad laat opstellen met de verplichting/eis in de bovengenoemde beoogde zin. Slechts op deze wijze kan correct uitvoering gegeven worden aan uw eigen amendement d.d. 26 maart 2025. Graag ontvang een ontvangstbevestiging van dit verzoek, en ook een bevestiging dat dit verzoek in behandeling is genomen. Bij voorbaat dank voor uw aandacht. Met vriendelijke groet, w.g. [naam].

5

Bijlagen: De brief van 9 april 2025, met 5 (vijf) bijlagen (reeds in uw beziet); Het amendement d.d. 26 maart 202r (reeds in uw bezit); De brief van 9 oktober 2025 van het College van B&W aan de inschrijvers (reeds in uw bezit); Het bezwaarschrift d.d. 22 oktober 2025 (reeds in uw bezit: Onze brief d.d. 27 november 2025 (reeds in uw bezit); Uw brief d.d. 3 december 2025 (reeds in uw bezit); Het bezwaarschrift d.d. 12 december 2025 (reeds in uw bezit); Het verzoek d.d. 2 januari 2026 tot instellen onderzoek ex artikel 160 Gemeentewet (reeds in uw bezit).

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16486876/1